CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B3 Nota van zienswijzen (anonieme versie).pdf

beeldvormende raad 12 maart 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G17.565 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Nota van zienswijzen Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G

Gemeente Doetinchem, team Leefomgeving Datum: 12 februari 2026

Inhoud Korte omschrijving wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G .............. 3 Gevolgde procedure ...................................................................................................................... 3 Ontvangen zienswijzen ................................................................................................................. 3 Samenvatting van en reactie op de zienswijzen ............................................................................. 6 Planonderdeel Akkerhof, Gaanderen .......................................................................................... 6 Zienswijze 1 .................................................................................................................................... 6 Zienswijze 2 .................................................................................................................................... 7 Zienswijze 3 .................................................................................................................................... 9 Zienswijze 4 .................................................................................................................................. 12 Zienswijze 5 ..................................................................................................................................

14 Zienswijze 6 .................................................................................................................................. 17 Zienswijze 6.1 aanvulling op zienswijze 6 ................................................................................. 20 Zienswijze 7 .................................................................................................................................. 22 Zienswijze 8 .................................................................................................................................. 23 Zienswijze 9 .................................................................................................................................. 24 Zienswijze 10 ................................................................................................................................ 26 Planonderdeel Ribesstraat 4, Gaanderen ................................................................................... 30 Zienswijze 1 t/m 38 ...................................................................................................................... 30 Planonderdeel Kilderseweg naast 39, Doetinchem................................................................... 34 Zienswijze 1 ..................................................................................................................................

34 Zienswijze 2 .................................................................................................................................. 38 Zienswijze 3 .................................................................................................................................. 40 Planonderdeel Heijendaalseweg 3, Wehl .................................................................................. 41 Zienswijze 1 .................................................................................................................................. 41

Korte omschrijving wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G Het (ontwerp) wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G heeft betrekking op 13 planonderdelen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen: • de planonderdelen die op verzoek van derden onderdeel zijn van de wijziging; • de planonderdelen die op initiatief van de gemeente onderdeel zijn van de wijziging. Onderdelen op verzoek van derden Hieronder zijn de locaties opgenomen die op verzoek van derden onderdeel zijn van het wijzigingsbesluit 2025-2G: 1. Oude Terborgseweg 313, Doetinchem; 2. Akkerhof, Gaanderen; 3. Heijendaalseweg 3, Wehl; 4. Notenstraatje 1, Wehl; 5. Ribesstraat 4, Gaanderen; 6. Rijksweg 288, Gaanderen; 7. Kempsestraat 1 – 3, Wehl; 8. Kilderseweg naast 39, Doetinchem. Onderdelen op initiatief van de gemeente Hieronder zijn de locaties/onderwerpen opgenomen die op initiatief van de gemeente onderdeel zijn van het wijzigingsbesluit 2025-2G: 9. Laborijnlocatie, Doetinchem; 10. Cultuur en ontspanning; 11. Evenemententerreinen; 12. Percelen nabij Wrangelaan en Akkermansbeek/Hertelerweg, buitengebied Doetinchem; 13. Wonen landelijk gebied. Gevolgde procedure Het ontwerp wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen, namelijk van donderdag 27 november 2025 tot en met woensdag 7 januari 2026.

Gedurende deze periode kon iedereen een zienswijze naar voren brengen. Er zijn 52 zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen hebben betrekking op de volgende vier planonderdelen: • Akkerhof, Gaanderen; • Ribesstraat 4, Gaanderen; • Kilderseweg naast 39, Doetinchem; • Heijendaalseweg 3, Wehl. Tegen de overige planonderdelen zijn geen zienswijzen ingediend. Ontvangen zienswijzen Deze nota geeft een samenvatting van de ontvangen zienswijzen en de gemeentelijke reactie daarop. De zienswijzen zijn in deze nota puntsgewijs samengevat. Per punt is een kader aangebracht en deze is voorzien van een reactie van de gemeente. In de reactie op de zienswijze worden de briefschrijvers niet met de naam aangehaald, maar als ‘briefschrijver’.

Hieronder worden de ingekomen zienswijzen per planonderdeel opgesomd. Planonderdeel Akkerhof, Gaanderen Met betrekking tot dit planonderdeel zijn de volgende zienswijzen ingediend: 1. ,,, gedateerd en ontvangen op 15 december 2025, zaaknummer 1998000; 2. ,,, gedateerd op 19 december 2025, ontvangen op 23 december 2025, zaaknummer 1999750; 3. ,,, gedateerd en ontvangen op 23 december 2025, zaaknummer 1999825; 4. ,,, gedateerd en ontvangen op 30 december 2025, zaaknummer 2000576. 5. ,,, gedateerd en ontvangen op 27 december 2025, zaaknummer 2000201. 6. ,,, gedateerd en ontvangen op 30 december 2025, en aangevuld op 5 januari 2026, zaaknummer 2000942. 7. ,,, gedateerd en ontvangen op 4 januari 2026, zaaknummer 2000944. 8. ,,, gedateerd en ontvangen op 3 januari 2026, zaaknummer 2000945. 9. ,,, gedateerd 2 januari 2026 en ontvangen op 4 januari 2026, zaaknummer 2000946. 10. ,,, gedateerd en ontvangen op 6 januari 2026, zaaknummer 2001677. Planonderdeel Ribesstraat 4, Gaanderen Met betrekking tot dit planonderdeel zijn de volgende zienswijzen ingediend: 1. ,,, zaaknummer 2000470; 2. ,,, zaaknummer 2000470; 3. ,,, zaaknummer 2000470; 4. ,,, zaaknummer 2000470; 5. ,,, zaaknummer 2000470; 6. ,,, zaaknummer 2000470; 7. ,,, zaaknummer 2000470; 8. ,,, zaaknummer 2000470; 9. ,,, zaaknummer 2000470; 10. ,,, zaaknummer 2000470; 11. ,,, zaaknummer 2000470; 12. ,,, zaaknummer 2000470; 13.

,,, zaaknummer 2000470; 14. ,,, zaaknummer 2000470; 15. ,,, zaaknummer 2000470; 16. ,,, zaaknummer 2000470; 17. ,,, zaaknummer 2000470; 18. ,,, zaaknummer 2000470; 19. ,,, zaaknummer 2000470; 20. ,,, zaaknummer 2000470; 21. ,,, zaaknummer 2000470; 22. ,,, zaaknummer 2000470; 23. ,,, zaaknummer 2000470; 24. ,,, zaaknummer 2000470; 25. ,,, zaaknummer 2000470; 26. ,,, zaaknummer 2000470; 27. ,,, zaaknummer 2000470; 28. ,,, zaaknummer 2000470; 29. ,,, zaaknummer 2000470; 30. ,,, zaaknummer 2000470; 31. ,,, zaaknummer 2000470; 32. ,,, zaaknummer 2000470; 33. ,,, zaaknummer 2000470; 34. ,,, zaaknummer 2000470; 35. ,,, zaaknummer 2000470; 36. ,,, zaaknummer 2000470;

37. ,,, zaaknummer 2000470; 38. ,,, zaaknummer 2000470. Planonderdeel Kilderseweg naast 39, Doetinchem Met betrekking tot dit planonderdeel zijn de volgende zienswijzen ingediend: 1. ,,, gedateerd en ontvangen op 7 januari 2026, zaaknummer 2001733; 2. ,,, gedateerd op 5 januari 2026, ontvangen op 7 januari 2026, zaaknummer 2001738; 3. ,,, gedateerd en ontvangen op 24 december 2025, zaaknummer 2000096. Planonderdeel Heijendaalseweg 3, Wehl Met betrekking tot dit planonderdeel is de volgende zienswijze ingediend: 1. ,,, gedateerd en ontvangen op 6 januari 2026 , zaaknummer 2001709.

Samenvatting van en reactie op de zienswijzen Planonderdeel Akkerhof, Gaanderen Zienswijze 1 1-1. Briefschrijver stelt dat het aantal verkeersbewegingen over een te smalle, te lange in/uitrit zorgen voor een onveilige, onduidelijke en onprettige verkeerssituatie van alle huidige en toekomstige bewoners. Hiertoe worden een aantal punten opgesomd, te weten: (1) er worden 18 huizen gebouwd op een perceel met 1 in-/uitrit in de Akkerstraat; (2) dit zal leiden tot meer dan 139 extra verkeersbewegingen; (3) door de in- uitrit kunnen geen twee auto’s naast elkaar rijden; (4) de in- uitrit is langer dan 15 meter, waardoor bij gelijktijdig inrijden aan beide zijden het noodzakelijk is voor een bestuurder achteruit te rijden; (5) er worden geen trottoir aangelegd waardoor de in- uitrit situatie onveilig is voor voetgangers; (6) in de Akkerstraat en Akkerhof wonen kleine kinderen en kwetsbare mensen; (7) uitrijdende auto’s na zonsondergang zorgen voor hinderlijk licht van autolampen in de woonkamers van de woningen tegenover de in- uitrit.

(8) de in- uitrit is nabij een spoorwegovergang gelegen; (9) het is onduidelijk hoe de voorrangssituatie is geregeld ten aanzien van de in- uitrit; (10) beide zijden van de in- uitrit wordt van een groenstrook voorzien; (11) de onderzoeken en uitwerking van de ruimtelijke onderbouwing geven slechts een conclusie dat dit alles niet leidt tot grote belemmeringen ten aanzien van mobiliteit, parkeren en verkeersveiligheid. Antwoord gemeente De 18 nieuwe woningen van het plan Akkerhof worden ontsloten via de Akkerstraat. Dit wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising met een “punaise”, waarbij rechts voorrang heeft. Deze nieuwe aansluiting ligt minimaal 40 meter van de spoorwegovergang. De toegangsweg naar de woningen wordt 4,8 meter breed met aan weerszijden een lage groenstrook. De Akkerstraat is een erftoegangsweg welke ligt in een 30 km/uur-zone. De weg heeft een trottoir en heeft snelheid remmende maatregelen. In de onderbouwing is berekend dat de voorgenomen ontwikkeling zal leiden tot een toename van 139 verkeersbewegingen. De berekening van de verkeersbewegingen is gebaseerd op cijfers van het CROW (bron: publicatie: 381, Parkeren en parkeerkencijfers 2024, verschijningsvorm 22-07-2024, ISBN: 978 90 6628 714 3). Deze cijfers zijn ook opgenomen in het (parkeer)beleid van de gemeente Doetinchem.

In de huidige situatie (model 2020) rijden er zo’n 600 motorvoertuigen per etmaal over de Akkerstraat. In 2030 rijden er volgens berekeningen circa 1000 motorvoertuigen per etmaal op de Akkerstraat (bron: “model 2030H Mvt/Etm Doetinchem”). De vormgeving van de Akkerstraat kan een paar duizend motorvoertuigen per etmaal verwerken. De extra verkeersbewegingen (139) als gevolg van het planvoornemen vallen ruim binnen de marge van de capaciteit van wat de Akkerstraat aan kan. Deze toename van het aantal verkeersbewegingen op de Akkerstraat voldoet aan deze normen en heeft geen negatief effect op de verkeersveiligheid. Het ontwerp dat ter inzage lag voor het planonderdeel Akkerhof was gebaseerd op het doortrekken van de 30 km per uur zone voor het nieuwe binnengebied. Naar aanleiding van de zienswijzen hebben de gemeente, verkeerskundige en de initiatiefnemer de situatie nader beschouwd en ervoor gekozen om de openbare ruimte van het planonderdeel Akkerhof in te richten als een erf. Voor een erf geldt een maximale rijsnelheid van 15 km/uur, zijn trottoirs niet nodig en zijn er geen hoogteverschillen in de openbare ruimte. Parkeren mag binnen een erf alleen in de parkeervakken welke voorzien van de letter P. In de onderbouwing is aangepast dat er een erf wordt gerealiseerd in plaats van een 30 km/uur zone.

De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising met een “punaise”, waarbij rechts voorrang heeft. In de onderbouwing stond aangegeven dat de Akkerhof zal worden aangesloten met een inritconstructie op de Akkerstraat. In de onderbouwing is tekstueel aangepast dat er een gelijkwaardige kruising komt en geen inritconstructie. Ook is er een aangepaste inrichtingstekening opgenomen. De aansluiting van het plangebied met de Akkerstraat ligt meer dan 40 meter van de spoorwegovergang. Tot 25 meter zouden extra maatregelen nog zijn. Een afstand van 40 meter is voldoende voor een goede verkeersveilige aansluiting. De toegangsweg naar de woningen is 4,80 meter breed. Hiermee voldoet de breedte aan de minimale maat (4,80 meter) die de ASVV (Aanbevelingen voor Verkeersvoorzieningen Binnen de Bebouwde Kom) voorschrijft voor erftoegangswegen. De breedte van de toegangsweg is voldoende om twee auto’s elkaar te laten passeren, dus achteruitrijden is niet noodzakelijk. Daarbij is met 139 motorvoertuigen per etmaal de kans gering dat twee auto’s elkaar gelijktijdig tegenkomen. Beide zijden van de toegangsweg worden voorzien van een (lage) groenstrook. Dit is voortgekomen uit het participatietraject.

Voor wat betreft de mogelijke lichthinder als gevolg van de nieuwe toegangsweg is de initiatiefnemer bereid om samen met de bewoners (die dit mogelijk betreft) de mogelijkheden te verkennen om eventuele lichthinder te voorkomen bijvoorbeeld door de inpassing van groen of door de aanleg van een groene haag. Dit heeft geen (inhoudelijke) gevolgen voor plan Akkerhof. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie. De onderbouwing is hierop aangepast. Zienswijze 2 2-1. Briefschrijver stelt dat de geplande speelruimte (“ruimte met natuurlijke speelaanleidingen”) naast het spoor onveilig is, doordat verkeer geen zicht heeft op spelende kinderen. Er wordt verzocht de speelplek te verplaatsen of zo in te richten dat spelen daar wordt ontmoedigd. Antwoord gemeente In het groen naast het spoor komen geen speelplekken. Deze speelplekken komen in het grote groene binnen gebied.

Het plangebied wordt ingericht als een “erf”, waardoor er een snelheidsregime geldt van 15 km/uur. Door de snelheidsbeperking en de inrichting van het middenterrein is er voldoende zicht op deze locatie voor het verkeer. Dit biedt een veilige situatie voor spelende kinderen. Daarnaast wordt langs het spoor in het plangebied een hekwerk aangelegd dat voldoet aan de eisen en de normen van ProRail. Het nu al aanwezige paadje naast de projectlocatie (tussen hekwerk en spoor) blijft ongewijzigd eigendom van ProRail. 2-2. Briefschrijver stelt dat de ontsluiting op de Akkerstraat onveilig is en dat onderzoek op dit punt ontbreekt. Ten aanzien hiervan wordt gevraagd om onderzoek vanuit de veiligheidsregio en een onafhankelijk verkeerskundig onderzoek.

Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1. Ter aanvulling: In de onderbouwing paragraaf 6.5 zijn de aspecten verkeer en parkeren beschreven/onderzocht. De verkeerskundige van de gemeente heeft deze verkeersonderzoeken beoordeeld en goedgekeurd. Op basis van de uitkomsten is het niet noodzakelijk om een extra onafhankelijk verkeerskundig onderzoek uit te laten voeren. Het plan Akkerhof is ook beoordeeld door de VNOG (veiligheidsregio Noord-, Oost Gelderland) in samenspraak met de GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio). De adviseur veilige leefomgeving heeft daarbij gekeken naar omgevingsveiligheid, bereikbaarheid, bluswater, klimaat, energietransitie en gezondheid. Het plan voldoet volgens de VNOG en de GHOR. Zo is bijvoorbeeld de minimale verharde doorgang voor hulpverleningsvoertuigen vastgesteld op 3,5 meter. Met 4,8 meter voldoet het plan hieraan. Ook zijn er een aantal aandachtspunten meegegeven voor de verdere uitwerking, zoals bijvoorbeeld het plaatsen van een AED. 2-3. Briefschrijver stelt dat de nieuwe wandel- en fietsontsluiting richting de Kerststraat via een zandweg onveilig is voor het beoogde gebruik. Hiertoe worden een aantal punten aangedragen: (1) de weg is niet berekend op de toename van verkeersbewegingen van nietgemotoriseerd verkeer; (2) de weg is te smal; (3) de weg is onverlicht.

Antwoord gemeente In de huidige situatie is het voor wandelaars reeds mogelijk om langs het spoor te lopen. Het plan Akkerhof voorziet niet in een nieuwe ontsluiting richting de Kerkstraat, ook niet voor langzaam verkeer. Wij vinden het wel belangrijk dat bewoners een ommetje kunnen wandelen in hun directe woonomgeving. In het inrichtingsplan is daarom in de hoek rechtsonder een informeel (gemaaid) pad voorzien voor voetgangers. Mochten er maatregelen nodig zijn om doorrijden met de fiets te voorkomen, dan kunnen we maatregelen treffen door bijvoorbeeld het plaatsen van zwerfkeien of palen. 2-4. Briefschrijver vraagt zich af of ProRail op de hoogte is van de nieuwe wandel- en fietsontsluiting en of is onderzocht of de veiligheidshekken langs het spoor en de zandweg moeten worden verlengd. Antwoord gemeente Zie beantwoording 2-3. Ter aanvulling: Tijdens de planontwikkeling heeft er overleg plaatsgevonden met ProRail. ProRail heeft aangegeven dat de verkoop van de zandweg aan de initiatiefnemer geen optie is. Deze zandweg behoort dus niet tot de projectlocatie. Hierdoor is het niet mogelijk om het initiatief te ontsluiten richting de Kerkstraat. Langs het spoor in het plangebied wordt door de initiatiefnemer een nieuw hekwerk aangelegd, conform de specificaties van ProRail.

Het nu aanwezige paadje naast de projectlocatie (tussen hekwerk en spoor) en de zandweg blijven ongewijzigd eigendom van ProRail.

2-5. Briefschrijver attendeert de gemeente op de woningbehoefte van (oud)inwoners van Gaanderen en vraagt de gemeente deze specifieke groep een voorkeursbehandeling te geven opdat zij meer kans maken op een woning. Antwoord gemeente Er zijn mogelijkheden om bij de verkoop van de woningen voorrang te geven aan (oud)inwoners van Gaanderen. Initiatiefnemer zou het mooi vinden om het plan op deze manier in de markt te gaan zetten. Met betrekking tot de verkoopprocedure zou volgens de initiatiefnemer vermeld kunnen worden dat bij de inschrijvingen na de officiële start van verkoop, tot 14 dagen na start verkoop exclusief voorrang verleend wordt voor de (oud)inwoners van Gaanderen. Dit voorstel wordt in het verdere proces verder uitgewerkt. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie. De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast. • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing is hierop aangepast Zienswijze 3 3-1.

Briefschrijver geeft aan zich zorgen te maken over de ontsluiting van Akkerhof via de Akkerstraat. Briefschrijver stelt dat de toegangsweg te smal en te lang is voor een veilige ontsluiting. Er wordt gevraagd een veiligheidstest uit te laten voeren door de veiligheidsregio en/of brandweer en een verkeerskundig onderzoek door een gespecialiseerd bureau. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1 en 2-2. 3-2. Briefschrijver stelt dat de nieuwe wandel- en fietsontsluiting richting de Kerkstraat via een zandweg onveilig is voor het beoogde gebruik. Hiertoe worden een aantal punten aangedragen: (1) de nieuwe route zou leiden tot gevaarlijke in- en uitvoegbewegingen op de Kerkstraat; (2) de weg is te smal; (3) de weg is onverlicht. Antwoord gemeente Zie beantwoording 2-3. 3-3. Briefschrijver vraagt zich af of er een toetsing heeft plaatsgevonden omtrent de noodzakelijkheid voor veiligheidshekken langs het spoortracé en de zandweg. Ook wordt gevraagd of ProRail hiervan op de hoogte is en hier akkoord mee gaat. Antwoord gemeente Zie beantwoording 2-3 en 2-4. Ter aanvulling: Ja, er heeft overleg plaatsgevonden met ProRail. De huidige zandweg krijgt geen nieuwe of uitgebreidere functie, daarom hoeven er geen aanpassingen te worden gedaan aan het

bestaande hekwerk langs de zandweg. In het plangebied wordt langs het spoor wel een nieuw hekwerk geplaatst. 3-4. Briefschrijver stelt dat onvoldoende rekening is gehouden met de gevolgen van het plan ten aanzien van geluidsoverlast (o.a. warmtepompen), trillingen en lichtvervuiling op omliggende bestaande woningen. Antwoord gemeente In de onderbouwing is onderzocht en beschreven op welke wijze bij de ontwikkeling rekening is gehouden met diverse aspecten van de fysieke leefomgeving. Hierbij is in paragraaf 6.1 onderzocht wat de gevolgen zijn van de nieuwe ontwikkeling op het aspect geluid en in paragraaf 6.8 is gekeken naar trillingshinder. In algemene zin is er geen relevante geluidsoverlast te verwachten vanuit het woningbouwplan naar de omgeving. Het woningbouwplan kent geen geluidsintensieve functies zoals industrie en het verkeersaanbod is laag en bestaat uit langzaam rijdend personenvervoer. Er is sprake van normale woonactiviteiten waarbij er geen aanleiding is om geluidsproblemen naar de omgeving te verwachten. De toename van het verkeer als gevolg van het woningbouwplan is dermate laag, dat dit als akoestisch niet relevant wordt beschouwd. Er is daarmee geen sprake van hoorbare geluidstoename of geluidhinder als gevolg van de verkeersgroei. De nieuwe woningen in het projectgebied voldoen aan de minimale eisen van het BBL en de BENG.

Dit betekent dat de woningen gasloos worden gebouwd, voorzien worden van een warmtepomp en er zonnepanelen worden geplaatst. De exacte plaatsing van de warmtepompen bij de woningen is nog een aandachtspunt in de verdere uitwerking van het plan Bij de nadere uitwerking wordt geborgd dat de warmtepompen zodanig worden geplaatst dat wordt voldaan aan de geldende wet- en regelgeving, te weten de artikelen 4.107 en 4.108 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, ten aanzien van geluid naar de omgeving. Indien noodzakelijk worden om de warmtepompen geluidswerende kasten geplaatst. De realisatie van de warmtepompen leidt daarmee niet tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving. Het plan betreft een relatief kleine woonbouwplan, zonder functies die doorgaans een substantiële lichtbron vormen (zoals sportvelden, bedrijven, winkels of hoge mastverlichting). Hierdoor is de totale hoeveelheid kunstlicht die wordt toegevoegd aan het gebied zeer gering. Daarbij zal gebruik gemaakt worden van moderne, afgeschermde verlichting met LEDarmaturen in de openbare ruimte. Hierdoor treedt nauwelijks lichtverspreiding op naar de omgeving of naar boven. Het woningbouwplan veroorzaakt geen relevante trillingen voor de omgeving.

Na realisatie zijn er geen bronnen, zoals zwaar verkeer of industriële machines, aanwezig die merkbare of hinderlijke trillingsniveaus kunnen genereren. De verkeersintensiteit als gevolg van het plan is laag, evenals de voertuiggewichten en de rijsnelheden. Daarom is er geen aanleiding om trillingshinder te verwachten voor de bestaande woningen. Geconcludeerd wordt dat er vanuit het aspect trillingshinder geen belemmeringen bestaan ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling in het projectgebied. Ook ten aanzien van geluid kan worden geconcludeerd dat er geen belemmeringen bestaan ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling in het projectgebied. Wel moet bij de aanvraag van een 'Omgevingsvergunning bouwen' (voormalige bouwvergunning) door middel van een aanvullend bouwakoestisch onderzoek worden aangetoond dat de binnenwaarde van 33 dB uit het Bbl wordt gegarandeerd/gehaald.

3-5. Briefschrijver stelt het plangebied een uniek stuk natuur met grote biodiversiteit betreft. Het plan om hier woningen te bouwen strookt volgens briefschrijver daardoor niet met de Coalitie-agenda 2022-2026 van het college van B&W van Gemeente Doetinchem. Daarin worden een groene leefomgeving en het bevorderen van biodiversiteit benoemd. Antwoord gemeente In de huidige situatie is het plangebied een weilandje, dat extensief gebruikt wordt. Binnen het te realiseren plan worden veel verschillende vormen van groen toegevoegd, denk aan bomen, struiken en bloeiende planten. Juist met het toevoegen van dit groen zijn er veel meer kansen voor een hoge biodiversiteit. 3-6. Briefschrijver stelt dat de grootte van voorliggend plan (18 woningen) niet noodzakelijk is om de doelstellingen omtrent woningbouw van de gemeente tot 2030 te behalen, aangezien er genoeg bouwplannen in de pijplijn zitten voor Gaanderen. Een kleiner aantal woningen (4) zou passender zijn in dit gebied. Antwoord gemeente Uit woningbehoefteonderzoek blijkt een brede vraag naar woningen in Gaanderen. Zowel in het betaalbare segment als in het dure segment. Het is van belang dat deze gericht worden op verschillende doelgroepen ter bevordering van doorstroming. Het plan voorziet hierin.

De locatie is in de woonvisie van de gemeente Doetinchem aangewezen als kansrijke herontwikkelingslocatie; het voorgestelde aantal van 18 woningen met bijbehorend programma past binnen dit kader. Een ontwikkeling van vier woningen op deze plek biedt geen kans en ruimte voor een divers programma en draagt daarmee onvoldoende bij aan de woningbehoefte. Er ligt landelijk een grote woningbouwopgave, zo ook voor de gemeente Doetinchem. Door het bouwen van nieuwe woningen komt er ruimte vrij voor starters op de woningmarkt en kan er een doorstroming op gang worden gebracht, iets wat in Gaanderen ook noodzakelijk is. Binnen Gaanderen zijn er niet veel geschikte locaties om in te breiden, dit heeft meerdere redenen. Deze locatie aan de Akkerstraat achten wij geschikt als inbreidingslocatie. Dit komt mede omdat het al een ‘achterkantsituatie’ is; de naastgelegen percelen grenzen alleen met hun achtertuinen aan het plangebied. Ook gaat er weinig aan natuurwaarde verloren. Er staan geen waardevolle bomen en het is een monotoon grasland. Het is een locatie die grotendeels aan het zicht onttrokken is waardoor de ruimtelijke impact op de omgeving ook minimaal is. Mede vanwege de bovenstaande redenen is het plangebied ook aangewezen als ‘’kansrijke herontwikkelingslocatie woongebieden’’ in de vastgestelde woonvisie van 2023. Hier is zorgvuldig naar gekeken.

Het woningaantal in het voorgestelde plan valt binnen de gestelde kaders van de gemeente en voldoet daarom ook in de huidige vorm. 3-7. Briefschrijver stelt dat de omvang van het plan het dorpse karakter van Gaanderen aantast. Antwoord gemeente Bij de planuitwerking is nadrukkelijk gekeken naar de aansluiting op het dorpse karakter van Gaanderen. De schaal van de bebouwing en de situering van de woningen zijn afgestemd op de omgeving. Daarnaast is bij de beoordeling aandacht besteed aan de belangen van direct aangrenzende woningen. Er geldt onder andere een beperkte maximale bouwhoogte van 8 meter in plaats van 11 meter voor een aantal woningen. Hierdoor kunnen deze woningen enkel worden gebouwd door 1 laag met een kap in plaats van 2 lagen met een kap. Dit geldt voor de aaneengesloten woningen langs het spoor en de vrijstaande woning in het noorden van het plangebied.

3-8. Briefschrijver stelt dat de bewoners van Kerkstraat 278 door het plan worden benadeeld. Nabij de woning worden 14 nieuwe woningen geprojecteerd. Van die woningen worden de warmtepompen aan de achterkant gesitueerd, waardoor de bewoners van Kerkstraat 278 hier overlast van ondervinden. Antwoord gemeente Zie beantwoording 3-4 en de beantwoording onder zienswijze 10. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie. De onderbouwing is hierop aangepast. Zienswijze 4 4-1 Briefschrijver richt de zienswijze vooral tegen de omvang van het plan, de locatiekeuze (weinig ruimte) en de manier waarop de ontsluiting en de inpassing in de bestaande woonomgeving zijn vormgegeven. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 3-6, 3,7.

Ter aanvulling: De gemeente begrijpt dat een woningbouwontwikkeling in de directe nabijheid van bestaande woningen invloed kan hebben op de beleving van de woonomgeving. Bij de beoordeling van het plan is hier nadrukkelijk aandacht aan besteed. De locatie aan de Akkerstraat is in de gemeentelijke Woonvisie expliciet aangemerkt als kansrijke inbreidingslocatie voor woningbouw. Het benutten van dergelijke locaties past binnen het gemeentelijk en regionaal beleid om zorgvuldig om te gaan met de beschikbare ruimte. Wat betreft de inpassing in de bestaande woonomgeving is in het ontwerp rekening gehouden met de ligging van de omliggende woningen. Door situering van de bebouwing en de inrichting van de openbare ruimte wordt beoogd om hinder zoveel mogelijk te beperken. Zo is voor een aantal woningen de maximale bouwhoogte van het hoofdgebouw beperkt tot 8 meter in plaats van 11 meter. Hierdoor kunnen deze woningen enkel worden gebouwd in 1 laag met een kap in plaats van 2 lagen met een kap. Dit geldt voor de aaneengesloten woningen langs het spoor en de vrijstaande woning in het noorden van het plangebied. 4-2 Briefschrijver stelt dat het plan de leefbaarheid, veiligheid en woonkwaliteit aantast. Briefschrijver geeft aan te vrezen voor o.a. lichtoverlast van voertuigen (koplampen in de woonkamer), extra verkeer en een onoverzichtelijke ontsluiting.

Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1. Ter aanvulling: Voor de betreffende ontwikkeling is geen afzonderlijk leefbaarheidsonderzoek uitgevoerd. Een dergelijk onderzoek is planologisch niet verplicht. De effecten op de leefbaarheid zijn beoordeeld aan de hand van de onderbouwing en de bijbehorende onderzoeken. Op basis van

deze integrale beoordeling is de gemeente van oordeel dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voor wat betreft de mogelijke lichthinder als gevolg van de nieuwe toegangsweg is de initiatiefnemer bereid om samen met de briefschrijver de mogelijkheden te verkennen om eventuele lichthinder door uitrijdende voertuigen te voorkomen bijvoorbeeld door de inpassing van groen of door de aanleg van een groene haag. Intentie van de initiatiefnemer is om op dit punt waar nodig actie te ondernemen. Dit heeft geen (inhoudelijke) gevolgen voor plan Akkerhof. 4-3 Briefschrijver geeft aan het participatietraject als ongelijkwaardig te ervaren; zorgen zijn niet serieus genomen en nauwelijks verwerkt. Antwoord gemeente Het participatietraject is door de initiatiefnemer zo breed mogelijk opgezet met diverse communicatiekanalen en participatiemomenten. Het betrekken van meerdere belanghebbende partijen (omwonenden, dorpsraad en dorpsverbinder, algemeen belangstellenden en gemeente Doetinchem) stond hierbij centraal. De inbreng van diverse thema’s (waaronder zorgen van omwonenden) zijn serieus genomen in het vervolg van de verdere uitwerking van de planontwikkeling en zijn verwerkt in het eindverslag van het participatietraject (zie bijlage 10 van de onderbouwing).

In het eindverslag van het participatietraject (zie bijlage 10 in de onderbouwing) zijn bij het kopje “Verwerking van de inbreng” de concrete belangen van omwonenden aantoonbaar meegenomen en vastgelegd. Bij het kopje “Resultaten en afspraken” wordt benoemd op welke wijze er met de inbreng van omwonenden kan worden omgegaan in de verdere uitwerking van de planontwikkeling. De belangrijkste ingebrachte thema’s hierbij waren: • Privacy en optioneel poort achter woningen; • Verkeersveiligheid; • Geluid- en lichtoverlast toegangsweg; • Wadi/groen; • Woningtype/ ligging; • Afstand tot bebouwing; • Persriool/ zandpad; • Bouwverkeer/ trillingen; • Communicatie. 4-4 Briefschrijver geeft aan dat de optie voor eenrichtingsverkeer niet is onderzocht. Antwoord gemeente Zie beantwoording 2-4. Ter aanvulling: Door de initiatiefnemer is de optie voor één-richtingsverkeer onderzocht, dus inrijden via de Akkerstraat en uitrijden via de zandweg/Kerkstraat of andersom. Op de vraag of de initiatiefnemer de zandweg kon aankopen, om daar een ontsluiting te realiseren voor het project richting de Kerkstraat, is door ProRail aan de initiatiefnemer bevestigd dat dit geen optie is (ProRail verkoopt deze zandweg niet). 4-5 Briefschrijver stelt dat een verkeerskundige onderbouwing ontbreekt, net als oplossingen voor licht- en geluidsoverlast op bestaande woningen en verkeersproblemen.

Dit ook in relatie tot de drempel die wordt gerealiseerd bij de Akkerstraat.

Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 2-2 en 3-4. Ter aanvulling: De toegangsweg van de ontwikkeling sluit aan op de Akkerstraat. Deze aansluiting zal zo worden vormgegeven dat er een gelijkwaardige kruising ontstaat waar rechts voorrang heeft. Dit zal worden benadrukt met een punaise en niet door een drempel. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie. De onderbouwing is hierop aangepast. Zienswijze 5 5-1 Briefschrijver stelt dat het plan zal leiden tot een aanzienlijke aantasting van hun woon- en leefklimaat. Hiertoe worden een aantal punten aangedragen: (1) verlies van privacy; (2) toename van geluidsoverlast en verminderde rust; (3) lichtvervuiling en verstoring van lichtinval door passerende voertuigen. Antwoord gemeente Zie beantwoording 3-4. Ter aanvulling: De zijdelingse perceelsgrens van briefschrijver grenst gedeeltelijk aan het plangebied.

Het achterste gedeelte van het perceel grenst in de nieuwe situatie aan een groenstrook inclusief hek en daarvoor gedeeltelijk aan een nieuwe bouwkavel. Op deze bouwkavel is een vrijstaande woning voorzien bestaande uit één bouwlaag met een kap. Het bouwvlak ligt op minimaal 4 meter vanaf de perceelsgrens en de inrit van de nieuwe woning komt aan de andere zijde.

Ten aanzien van het aspect privacy is de wetgeving uit het Burgerlijk Wetboek leidend (art. 5:50 Burgerlijk Wetboek). Die geeft aan dat ramen, deuren of balkons die binnen 2 meter van de grenslijn van het erf van de buren worden geplaatst en die recht naar voren uitzicht geven op dit erf niet zijn toegestaan. Wanneer ramen, deuren of balkons slechts zijdelings (niet rechtstreeks dus) uitzicht geven op het erf van de buren, dan is dit wel toegestaan.

In het plan ligt het bouwvlak van de nieuwe vrijstaande woning op minimaal 4 meter van het perceel per adres Akkerstraat 60. Hiermee voldoet het plan wat betreft het aspect privacy aan artikel 5.50 uit het Burgerlijk Wetboek. Bovendien geldt dat, naast de norm uit het Burgerlijk Wetboek, bij de beoordeling ook is gekeken naar de ruimtelijke aanvaardbaarheid van mogelijke privacy-effecten in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarbij is van belang dat niet alleen de afstand, maar ook andere aspecten, zoals de situering en de bouwhoogte zijn betrokken. Uit de onderbouwing blijkt dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Om de privacy te waarborgen is er bij de stedenbouwkundige uitwerking van het plan voor gekozen om op deze kavel, grenzend aan de Akkerstraat 60, een vrijstaande bungalow bestaande uit één bouwlaag met een kap te realiseren. De eerder voorgestelde twee-onder-éénkapwoning met twee bouwlagen en een kap op deze locatie is komen te vervallen in verband met de situering met het naastgelegen woonperceel waardoor er nu ook meer afstand is tussen de woning en de erfgrens. Het achterste gedeelte van het perceel grenst aan een groenstrook inclusief hek. Er wordt rekening mee gehouden dat er geen lantaarnpaal aan die zijde van de projectlocatie wordt gesitueerd.

Door de afstand zal er geen overlast zijn van lichthinder. 5-2 Briefschrijver stelt dat het plan zal zorgen voor extra verkeersbewegingen in de directe omgeving, onveilige situaties en extra geluidsoverlast. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1 en 3-4. 5-3 Briefschrijver verwacht een negatieve invloed op de waarde van het perceel en de woning. Antwoord gemeente Ten aanzien van dit aspect merkt de gemeente op dat in het kader van de uitvoerbaarheid van het plan een risicoanalyse nadeelcompensatie is uitgevoerd. Indien de wijziging van het omgevingsplan leidt tot een aantoonbaar en onevenredig financieel nadeel, kan een belanghebbende, nadat het wijzigingsbesluit in werking is getreden, een verzoek om nadeelcompensatie indienen bij de gemeente. 5-4 Briefschrijver stelt dat onvoldoende rekening is gehouden met de huidige ruimtelijke en landschappelijke situatie en belangen van omwonenden. Antwoord gemeente Zie beantwoording 3-6, 3-7 en 4-1. 5-5 Briefschrijver geeft aan dat het plan leidt tot afname van groen en de biodiversiteit schaadt. Meer bebouwing zorgt voor extra hittestress wat haaks staat op de duurzaamheidsdoelen. Antwoord gemeente De hoeveelheid groen zal inderdaad afnemen. Echter de variatie en de kwaliteit van het groen zal toenemen en juist deze vormen de basis voor biodiversiteit.

Hoe gevarieerder het groen, bomen, struiken en bloeiende planten, des te groter de biodiversiteit. Meer bebouwing leidt niet direct tot meer hittestress, dat ligt sterk aan de inrichting van de omgeving en met name de aanwezigheid van bomen. In het voorgestelde plan is voldoende groen, inclusief bomen opgenomen. Van hittestress zal op deze locatie in de nieuwe situatie dan ook geen sprake zijn.

De volgende maatregelen dragen bij aan het tegengaan van hittestress in en direct om het projectgebied: • Alle parkeervakken bestaan uit halfverharding (grasbeton). • Er blijft veel ruimte voor groen en dit groen zal ook veelzijdiger zijn dan de huidige situatie. • Extra bomen zullen in de toekomstige situatie zorgen voor meer schaduw en verkoeling dan in de huidige situatie het geval is. 5-6 Briefschrijver vreest schade aan woning, kelder en zwembad door bouw en hogere grondwaterstand door de wadi. Eventuele schade wordt volledig op de ontwikkelaar verhaald. Antwoord gemeente Zie beantwoording 5-3. Ter aanvulling: Een wadi zorgt niet voor hogere grondwaterstanden, maar juist voor tijdelijke waterberging en geleidelijke infiltratie bij grote regenbuien. Ook in de huidige situatie infiltreert al het regenwater in de grond. In de toekomstige situatie zorgt de wadi ervoor dat de neerslag dat terechtkomt op het bijgekomen verharde oppervlak (huizen, straten, terrassen, stoepen) ook in de grond infiltreert. Het water verdwijnt daardoor niet in het riool, waardoor het ook niet bij zal dragen aan verdroging en wateroverlast stroomafwaarts.

Omdat in het projectgebied de grondwaterstanden laag zijn (meer dan 2,5 meter onder het maaiveld) en water goed kan infiltreren in het type ondergrond hier (stuifzandduin), zal er zowel bovengronds als ondergronds geen extra wateroverlast plaatsvinden door het aanleggen van de wadi. Voor de voorgenomen ontwikkeling heeft de initiatiefnemer een quickscan water laten uitvoeren voor de projectlocatie. De rapportage hiervan is opgenomen als Bijlage 18 bij de onderbouwing. Hierdoor is er voor de projectlocatie een nulmeting uitgevoerd op het gebied van de waterhuishouding, dus ook t.a.v. de grondwaterstand. Ter plaatse van de wadi kan de grondwaterstand tijdelijk (tijdens of net na een bui) wel hoger zijn. Echter zal deze grondwaterstand snel weer uitzakken tot het normale niveau en de verhoging van de grondwaterstand zal enkel plaatsvinden in de directe omgeving van de wadi op de projectlocatie. Gezien de locatie van de wadi, de hoeveelheid (on)verhard oppervlak, de doorlatendheid van de bodem, het leeglopen van de wadi en het verspreiden van het water op de projectlocatie, worden er geen negatieve gevolgen verwacht voor de waterhuishouding ter plaatse (en daarmee ook de nabije omgeving). Uitgangspunt is ook dat de wadi in 24 uur weer droog moet zijn. 5-7 Briefschrijver stelt dat de locatie ongeschikt is voor zoveel woningen. De toegangsweg is te smal en veroorzaakt overlast.

Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1 en 3-6.

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie. De onderbouwing is hierop aangepast. Zienswijze 6 6-1 Briefschrijver richt de zienswijze vooral tegen de omvang, de locatiekeuze en de manier waarop de ontsluiting en de inpassing in de bestaande woonomgeving zijn vormgegeven. Zij vrezen aantasting van leefbaarheid, veiligheid en woonkwaliteit. Hierbij horen de volgende vragen: - Hoe is de directe belanghebbendheid expliciet meegewogen in de belangenafwegen? - Welke criteria hanteert de gemeente om te bepalen wanneer een plan ‘onevenredige gevolgen’ heeft voor omwonenden? Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 3-6, 3-7 en 4-1. 6-2 Briefschrijver stelt dat de participatie bij de ontwikkelaar lag en de gemeente geen actieve rol nam. Dit staat haaks op de Omgevingswet, waarin gezamenlijke verantwoordelijkheid centraal staat.

Het traject is als ongelijkwaardig ervaren en belangrijke ingebrachte punten zoals de ligging van de in- en uitrit, de verkeerskundige opzet en het aantal woningen zijn niet aangepast. 1. Waarom heeft de gemeente ervoor gekozen zelf geen actieve participatierol te vervullen in deze fase? 2. Op welke wijze is getoetst of het participatietraject zorgvuldig en evenwichtig is verlopen? 3. Welke concrete belangen van omwonenden zijn aantoonbaar meegenomen en waar is dit vastgelegd? Antwoord gemeente Artikel 10.2 van het Omgevingsbesluit bepaalt dat bij de vaststelling van een omgevingsplan wordt gemotiveerd hoe inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties bij de voorbereiding zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. Daarvoor is geen vast toetsingskader: de manier van participatie is vormvrij. Bij ontwikkelingen door derden ligt de verantwoordelijkheid voor de participatie bij de initiatiefnemer. De gemeente adviseert, ondersteunt, stimuleert en denkt mee met de initiatiefnemer ten aanzien van participatie en beoordeelt of daaraan is voldaan. Dit gebeurt onder andere door informatie en tips op de website van de gemeente (Participatie | Gemeente Doetinchem). Op 9 oktober 2024 heeft de initiatiefnemer een eerste informatiebrief verstuurd naar omwonenden van het projectgebied.

In die brief zijn omwonenden op de hoogte gesteld van het principebesluit van de gemeente Doetinchem ten aanzien van het woningbouwplan. De brief is bijgevoegd als bijlage 5 bij de onderbouwing. Daarnaast is door de initiatiefnemer in overleg met de gemeente Doetinchem een participatieplan opgesteld, zie hiervoor bijlage 6 bij de onderbouwing. De gemeente heeft daarin een adviserende/ondersteunende rol gehad. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij de initiatiefnemer. Het participatieplan beschrijft een aanpak en strategie om de betrokkenheid van alle belanghebbenden te waarborgen gedurende het gehele ontwikkelingsproces.

Ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling is de projectsite (www.dorpswoneningaanderen.nl) het voornaamste communicatiemiddel. Hierop is de meeste informatie verstrekt aan betrokkenen en geïnteresseerden. Vooraf is het traject van de planontwikkeling besproken met de dorpsraad van Gaanderen, de dorpsverbinder en adviseurs van de gemeente Doetinchem (zie Bijlage 7 bij de onderbouwing). Daarnaast is door de initiatiefnemer op 10 februari 2025 een inloopavond georganiseerd in Sport- en Cultuurcentrum De Pol, waarbij de (direct) omwonenden zijn geïnformeerd. Gedurende de avond was er voor omwonenden ruimte om het gesprek aan te gaan met de initiatiefnemer en/of gemeente, om vragen te stellen en opmerkingen te plaatsen. Van deze inloopavond is verslag opgemaakt inclusief een Q&A, waarbij gestelde vragen en de bijbehorende reactie inzichtelijk zijn gemaakt (zie bijlage 8 bij de onderbouwing). Naar aanleiding van de inloopavond zijn vervolgens zeven één op één gesprekken gevoerd met direct omwonenden. Van elk gesprek is een verslag opgesteld, waarin de gestelde vragen en de daarop gegeven reacties zijn vastgelegd (zie Bijlage 9 bij de onderbouwing).

Van het gehele participatietraject is een eindverslag opgemaakt (zie bijlage 10 bij de onderbouwing), waarin het overzicht van het participatieproces, wensen en zorgen van omwonenden, verwerking van de inbreng, resultaten, afspraken en reflectie op het proces is samengevat. De belangrijkste ingebrachte thema’s tijdens het participatietraject waren: • Privacy en optioneel poort achter woningen; • Verkeersveiligheid; • Geluid- en lichtoverlast toegangsweg; • Wadi/ groen; • Woningtype/ ligging; • Afstand tot bebouwing; • Persriool/ zandpad; • Bouwverkeer/ trillingen; • Communicatie; Op basis van het participatieplan, de verslagen en het eindverslag is voor de gemeente voldoende gemotiveerd dat belanghebbenden, inwoners en maatschappelijke organisaties zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. 6-3 Briefschrijver constateert dat vooral getoetst is aan de Woonvisie gemeente Doetinchem 2023-2026. zij missen de toets aan gemeentelijk groenbeleid, biodiversiteitsdoelstellingen, klimaatadaptatie en hittestress, waterhuishouding tijdens extreme neerslag, gezondheid en leefkwaliteit (gezonde leefomgeving) en mobiliteits- en verkeersveiligheidsbeleid.

Welke beleidsdocumenten zijn integraal betrokken? ls er een klimaatadaptieve stresstest uitgevoerd voor deze locatie en zo ja, waar is deze inzichtelijk gemaakt? Hoe wordt geborgd dat de ontwikkeling niet leidt tot verslechtering van het microklimaat in de bestaande buurt? Antwoord gemeente Zie beantwoording 3-5, 5-5. Ter aanvulling: Er is een quickscan klimaatadaptatie uitgevoerd door Buro Ontwerp & Omgeving (bijlage 17 bij de onderbouwing). In de onderbouwing is in hoofdstuk 5 het relevante rijks-, provinciaal-, regionaal- en gemeentelijk beleid beschreven en is het initiatief getoetst aan het beschreven beleid. In De conclusie is dat de ontwikkeling past binnen de doelstellingen en het beleid van het rijk, de provincie, de regio en de gemeente.

In hoofdstuk 6 van de onderbouwing wordt inzicht gegeven in diverse planologische en milieuaspecten die relevant zijn voor de fysieke leefomgeving. Er is onderzocht wat de gevolgen van de nieuwe ontwikkeling zijn op diverse omgevingsaspecten zoals geluid, luchtkwaliteit, geur, bodemkwaliteit, mobiliteit en parkeren, omgevingsveiligheid, natuur, trilllingshinder, ontplofbare oorlogsresten, cultureel erfgoed, duurzaamheid en gezondheid. Geconcludeerd wordt dat er vanuit de diverse aspecten geen belemmeringen bestaan ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling in het projectgebied. De gemeente is van oordeel dat het ontwerp wijzigingsbesluit niet uitsluitend is gebaseerd op de Woonvisie, maar tot stand is gekomen na een integrale toetsing aan gemeentelijk, regionaal, provinciaal en wettelijk beleid. De genoemde thema’s zijn inhoudelijk beoordeeld en vormen gezamenlijk de conclusie dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 6-4 Briefschrijver geeft aan dat het gemeentelijk beleid (inbreiden voor uitbreiden) niet consistent lijkt met plannen voor mogelijke industriële uitbreiding elders. De dorpsraad pleit voor één integraal masterplan wonen om samenhang, draagvlak en duidelijkheid te creëren.

Briefschrijver vraagt hoe dit project past binnen andere ruimtelijke ambities en waarom geen dorpsbreed masterplan is opgesteld of is onderzocht of deze locatie wel de beste keuze is. Antwoord gemeente De gemeente merkt op dat het uitgangspunt inbreiden voor uitbreiden betrekking heeft op woningbouw, en is gericht op het zorgvuldig benutten van bestaand stedelijk gebied. De betreffende locatie is in de Woonvisie expliciet aangemerkt als een kansrijke inbreidingslocatie en past daarmee binnen het gemeentelijk beleid. Mogelijke industriële ontwikkelingen elders betreffen een andere ruimtelijke opgave en staan los van de afweging voor woningbouwlocaties. 6-5 Briefschrijver stelt dat de effecten op het dorpse karakter, privacy, rust, uitzicht en verkeersveiligheid onvoldoende zijn onderzocht. Briefschrijver vraagt of een leefbaarheidsonderzoek is gedaan en hoe de impact op direct aangrenzende woningen is beoordeeld. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 3-7, 4-1 en 5-1. Ter aanvulling: Bij de planuitwerking is nadrukkelijk gekeken naar de aansluiting op het dorpse karakter van Gaanderen. De schaal van de bebouwing en de situering van de woningen zijn afgestemd op de omgeving. Daarnaast is bij de beoordeling aandacht besteed aan de belangen van direct aangrenzende woningen. Voor de betreffende ontwikkeling is geen afzonderlijk leefbaarheidsonderzoek uitgevoerd.

Een dergelijk onderzoek is planologisch niet verplicht. De effecten op de leefbaarheid zijn beoordeeld aan de hand van de onderbouwing en de bijbehorende onderzoeken. Op basis van deze integrale beoordeling is de gemeente van oordeel dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 6-6 Briefschrijf uit zorgen over de aantasting leefcomfort, toename van verkeer en extra geluid van de spoorwegovergang. Het alternatief via de Kerkstraat is zonder onderbouwing afgewezen; er is geen verkeerskundige analyse of variantenafweging uitgevoerd. Ook andere opties, zoals eenrichtingsverkeer, lijken niet echt onderzocht. Daarnaast is onduidelijk of de technische infrastructuur (riool, elektriciteit, geluid) voldoende is doorgelicht. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 3-4 en 4-4.

Ter aanvulling: De ondergrondse infrastructuur (riolering, kabels en leidingen) zijn onderdeel van de verdere planuitwerking. 6-7 Briefschrijver verwacht grote hinder tijdens de bouw en risico’s, zoals vrachtverkeer in een smalle straat, beperkte manoeuvreerruimte, kans op schade en verminderde bereikbaarheid van woningen. Gevraagd wordt om een bouwverkeersplan, duidelijkheid over schadepreventie en garanties voor bereikbaarheid. Antwoord gemeente Nadat een omgevingsvergunning is verleend door de gemeente Doetinchem stelt de initiatiefnemer een bouwveiligheidsplan op, waarin diverse maatregelen en voorschriften vermeld staan (kleine bouwvoertuigen, plaatsing machines, bereikbaarheid enzovoort). Het opstellen van een bouwveiligheidsplan is verplicht en hier zal de initiatiefnemer aan voldoen. Voorafgaande aan de bouw van de nieuwe woningen wordt op de projectlocatie door de initiatiefnemer een algehele nulmeting uitgevoerd, waardoor dit ten goede komt aan eventuele schadepreventie in een later stadium. Zienswijze 6.1 aanvulling op zienswijze 6 6-8 Briefschrijver geeft aan dat duidelijker moet worden aangetoond waarom Gaanderen extra woningen nodig heeft, terwijl er al veel plannen zijn en de lokale behoefte nog niet is onderzocht. Antwoord gemeente Er is sprake van een landelijke woningbouwopgave die onverminderd voor de gemeente Doetinchem geldt.

Uit woningbehoefteonderzoek blijkt dat er in Gaanderen behoefte is aan betaalbare woningen maar ook aan duurdere woningen. Het is van belang dat er aanbod voor verschillende doelgroepen wordt gerealiseerd om doorstroming te bevorderen. De feitelijke woningtoevoeging in Gaanderen is de afgelopen jaren zeer beperkt geweest. Hierdoor kan de indruk ontstaan dat er al veel plannen zijn. Dit is echter verhoudingsgewijs niet anders als in de rest van de gemeente. 6-9 Briefschrijver geeft aan dat vooral naar de regionale behoefte aan woningen is gekeken, maar niet specifiek naar wat Gaanderen zelf nodig heeft. Terwijl er al veel bouwplannen zijn die mogelijk genoeg zijn. Volgens de Ladder-toets moet duidelijk aangetoond worden waarom juist op deze plek extra woningen nodig zijn. Hierbij moeten ook bestaande plannen in Gaanderen meegenomen worden om over programmering te voorkomen. De lokale behoefte is niet voldoende onderzocht. Antwoord gemeente Er is een woningbehoefteonderzoek uitgevoerd specifiek voor de gemeente Doetinchem. Hieruit blijkt een brede vraag naar woningen in Gaanderen. Het is van belang dat er woningen voor verschillende doelgroepen worden gerealiseerd in verschillende huur- en koopprijs categorieën om aan de vraag te voldoen en te zorgen voor doorstroming op de woningmarkt.

Bij de beoordeling van nieuwe initiatieven wordt nadrukkelijk rekening gehouden met bestaande en geplande woningbouw. De woningbouwprogrammering wordt continue gemonitord zodat een evenwichtige en passende woningmix wordt gewaarborgd. 6-10 Briefschrijver stelt dat de geplande inrit/ontsluiting voor de nieuwe woningen niet binnen het huidige bestemmingsplan past, omdat de inrit alleen gebruikt mag worden door de bestaande woningen. In de ruimtelijke onderbouwing is ten onrechte aangenomen dat de nieuwe inrit/ontsluitingsweg wél al was toegestaan onder het geldende planologische regime.

Antwoord gemeente In het geldende omgevingsplan heeft de huidige ontsluitingsweg de functies “wonen”, “tuin” en “groen”. Met dit wijzigingsbesluit wordt de functie van de ontsluitingsweg gewijzigd in de functie “verkeer”. In de onderbouwing staat: Een gedeelte van de geplande inrit is al wel reeds toegestaan binnen de bestemming 'Groen'. Dit is juist, omdat de voor “groen” aangewezen gronden zijn onder andere zijn bestemd voor bestaande inritten. 6-11 Briefschrijver geeft aan dat de gevolgen vanuit verkeer en ontsluiting niet voldoende zijn onderzocht. Hiervoor worden de volgende punten omschreven: (1) de toename van 139 verkeersbewegingen per dag is onvoldoende is onderzocht (2) er is geen verkeersonderzoek gedaan naar de capaciteit, veiligheid, geluid en lichthinder op de Akkerstraat en bij hun woning. (3) Andere ontwikkelingen in de buurt zijn ook niet meegenomen. (4) er is niet bekeken of de inrit breed genoeg is voor (zwaar) verkeer en welke gevolgen dat heeft voor doorstroming en veiligheid. (5) onderzoek naar geluids- en lichthinder voor omwonenden ontbreekt, terwijl de inrit recht op de woning gericht is. (6) Enkel de geluidsbelasting op de nieuwe woningen is onderzocht. Hierdoor is volgens briefschrijver niet goed onderbouwd dat de verkeerssituatie aanvaardbaar en uitvoerbaar is. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 2-2 en 3-4.

Ter aanvulling: De ontsluitingsweg kan in de huidige situatie ook vracht verkeer verwerken, dus dat verandert niet. Voor wat betreft de mogelijke lichthinder als gevolg van de nieuwe toegangsweg is de initiatiefnemer bereid om samen met de briefschrijver de mogelijkheden te verkennen om eventuele lichthinder door uitrijdende voertuigen te voorkomen bijvoorbeeld door de inpassing van groen of door de aanleg van een groene haag. Intentie van de initiatiefnemer is om op dit punt waar nodig actie te ondernemen. Dit heeft geen (inhoudelijke) gevolgen voor plan Akkerhof. 6-12 Briefschrijver stelt dat de financiële haalbaarheid niet is onderbouwd, omdat mogelijke nadeelcompensatie niet is onderzocht. Antwoord gemeente Zie beantwoording 5-3. In paragraaf 8.1 van de onderbouwing is de economische uitvoerbaarheid beschreven. Daarbij is aangegeven dat een risicoanalyse nadeelcompensatie is uitgevoerd door de initiatiefnemer. Dit is ook verplicht gesteld door de gemeente Doetinchem. Uit de risicoanalyse nadeelcompensatie is naar voren gekomen dat de risico's niet aanzienlijk zijn c.q. de initiatiefnemer deze kan dragen. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: • De aansluiting met de Akkerstraat wordt vormgegeven door een gelijkwaardige kruising, waarbij rechts voorrang heeft. Er komt geen inrit constructie.

De onderbouwing en het inrichtingsplan zijn hierop aangepast. • De openbare ruimte van het initiatief Akkerhof wordt vormgegeven als een “erf” in plaats van een 30km/uur zone. Op een erf geldt een snelheidsregime van 15 km/uur, komen geen trottoirs en worden parkeervakken voorzien van een “P”. De onderbouwing is hierop aangepast

Zienswijze 7 7-1 Briefschrijver stelt dat het plan Akkerhof niet aansluit bij de woonvisie en woonbehoefte van Gaanderen: er is vooral behoefte aan kleine, betaalbare woningen, terwijl de geplande woningen te duur zijn en niet passen bij het dorpse, landschappelijke karakter. Antwoord gemeente Het plan voldoet aan de uitgangspunten van de woonvisie Doetinchem 2023-2036, waarin voor Gaanderen wordt ingezet op een gedifferentieerd woningaanbod voor verschillende doelgroepen. Het initiatief bestaat voor de helft uit woningen in het betaalbare segment. Ook worden er levensloopbestendige woningen en duurdere woningen toegevoegd wat mede helpt om treintjes op gang te krijgen en dus de doorstroming bevordert. Hierdoor zullen er ook weer bestaande kleinere/goedkope woningen beschikbaar komen. 7-2 Briefschrijver wijst op grote problemen met bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Hiertoe worden een aantal punten aangedragen: (1) te smalle ontsluiting (passeren niet mogelijk, gevaar bij calamiteiten); (2) verkeersveiligheid Akkerstraat (spoorwegovergang dichtbij); (3) onoverzichtelijke verkeerssituatie; (4) eenrichtingsverkeer over Kerkstraat gevaarlijk, onacceptabel, grote toename verkeersbewegingen. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1 en 2-3. 7-3 Briefschrijver geeft aan dat het plan een te hoge bouwdichtheid heeft.

Dit leidt tot verlies van groen en verdere achteruitgang van biodiversiteit. Antwoord gemeente Zie beantwoording 3-5, 3-6 en 5-5. Ter aanvulling: De gemeente is van mening dat het voorgestelde plan geen hoge bebouwingsdichtheid heeft. De bebouwingsdichtheid is passend voor de locatie en passend bij het dorpse karakter van de omgeving. 7-4 Briefschrijver geeft aan dat het plan leidt tot geluidsoverlast, lichtvervuiling, trillingen, een enorme toename van verkeer en beperking van de leefbaarheid voor met name de bewoners van 278 (en 280). Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1, 3-4 en 6-5. 7-5 Omdat er in Gaanderen al voldoende andere woningbouwprojecten in voorbereiding zijn, concludeert briefschrijver dat het plan Akkerhof overbodig is en niet nodig om aan de gemeentelijke woningbouwopgave te voldoen. Antwoord gemeente Er is sprake van een landelijke woningbouwopgave die onverminderd voor de gemeente Doetinchem geldt. De feitelijke woningtoevoeging in Gaanderen is de afgelopen jaren zeer beperkt geweest. Hierdoor kan de indruk ontstaan dat er al veel plannen zijn. Dit is echter verhoudingsgewijs niet anders als in de rest van de gemeente. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geen gevolgen voor het plan.

Zienswijze 8 8-1 Briefschrijver stelt dat het plan Akkerhof niet aansluit bij de woonvisie en woonbehoefte van Gaanderen: er is vooral behoefte aan kleine, betaalbare woningen, terwijl de geplande woningen te duur zijn en niet passen bij het dorpse, landschappelijke karakter. Antwoord gemeente Het plan voldoet aan de uitgangspunten van de woonvisie Doetinchem 2023-2036, waarin voor Gaanderen wordt ingezet op een gedifferentieerd woningaanbod voor verschillende doelgroepen. Het woningbehoefteonderzoek wat specifiek voor de gemeente Doetinchem is uitgevoerd onderschrijft deze brede vraag naar woningen in Gaanderen. Het initiatief bestaat voor de helft uit woningen in het betaalbare segment. Ook worden er levensloopbestendige woningen en duurdere woningen toegevoegd wat mede helpt om treintjes op gang te krijgen en dus de doorstroming bevordert. Hierdoor zullen er ook weer bestaande kleinere/goedkope woningen beschikbaar komen. 8-2 Briefschrijver wijst op grote problemen met bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Hiertoe worden een aantal punten aangedragen: (1) te smalle ontsluiting (passeren niet mogelijk, gevaar bij calamiteiten); (2) verkeersveiligheid Akkerstraat en Kerkstraat; (3) sluiproute fietsverkeer Akkerstraat-Akkerhof-Kerkstraat is onwenselijk, gevaarlijk en leidt tot drukke fietsroute over het zandpad. Antwoord gemeente Zie beantwoording 1-1 en 2-3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8364/documents/51555