B13.06 Bijlage 6 onderbouwing - verkennend bodemonderzoek Woongemeenschap
Tekst van het document
Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Verkennend bodemonderzoek Hamburgerboeklaan 22 te Doetinchem Definitief datum 21 mei 2025 projectnummer 250444 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Aveco | de | Bondt | BV Rapport - | - | - | - Holten | Amstelveen | Breda | Eindhoven | Nieuwegein Burgemeester | van der Borchstraat | 2, 7451 | CH Holten T+3188 | 00482 | 12 info@avecodebondt.nl avecodebondt.nl Verkennend | bodemonderzoek Hamburgerboeklaan | 22 | te | Doetinchem project | Bodemadvies | Hamburgerbroeklaan | 22 te Doetinchem | datum | 21 mei | 2025 projectnummer | 250444 | referentie | 250444 | AdB_RAP_ | 0001 | v3.0 projectleider | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) opdrachtgever | Sité Woondiensten adres | Postbus | 172 7000 | AD | Doetinchem contactpersoon | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) auteur | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) paraaf _i gecontroleerd | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Inhoudsopgave 1 Inleiding 1 2 Vooronderzoek 2. 1 Locatiegegevens 2. 2 Bodemopbouw en geohydrologie 2. 3 Verwachting over de bodemkwaliteit 2. 3. 1 Uitgevoerde bodemonderzoeken 2. 3. 2 Geval van ernstige bodemverontreiniging 2. 3. 3 Bodemkwaliteit o. b. v. bodemkwaliteitskaart 2. 3.
4 Omgevingsplan Gebruik en beïnvloeding van de locatie , verdachte situaties , activiteiten , ongewoon voorval 2. 4 2. 4. 1 Terreingebruik 2. 4. 2 Verdenking op voorkomen van asbest in de bodem Conclusie vooronderzoek 2 2 4 6 6 8 8 10 10 10 11 11 2. 5 3 Opzet onderzoek 12 4 Uitvoering onderzoek 4. 1 Terreinverkenning 4. 2 Veldwerkzaamheden 4. 3 Veldresultaten 4. 3. 1 Lokale bodemopbouw 4. 3. 2 Zintuiglijke waarnemingen 4. 3. 3 Meetgegevens grondwater Monsterselectie en analyses 14 14 14 14 14 14 15 15 4. 4 5 Resultaten milieuhygiënisch bodemonderzoek 5. 1 Toetsingskader 5. 2 Resultaten 5. 2. 1 Grond 5. 2. 2 PFAS 5. 2. 3 Asbest 5. 2. 4 Grondwater Onderzoeksresultaten 18 18 19 19 19 20 21 21 5. 3 6 Conclusie(s) en aanbevelingen 23 datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Locatietekening Foto’s Profielbeschrijvingen Analysecertificaten milieuhygiënisch bodemonderzoek Toelichting toetsingskader(s) Toetsingsresultaten Ow Toetsingsresultaten Bbk Kwaliteitsborging Omgevingsrapportage datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3.
0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 1 Inleiding In opdracht van Sité Woondiensten is door Aveco de Bondt een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie gelegen aan de Hamburgerbroeklaan 22 te Doetinchem. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de beoogde aankoop van het perceel , de voorgenomen aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en de voorgenomen aanvraag van een omgevingsvergunning voor het aspect bouwen. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem om te beoordelen of deze vanuit milieuhygiënisch oogpunt een belemmering vormt voor de afgifte van een wijziging van het omgevingsplan en de afgifte van een omgevingsvergunning voor bouwen. datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 P 1/24 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 2 Vooronderzoek Voorafgaand aan een bodemonderzoek volgens de NEN 5740 dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm (NEN) 5725 (Nederlandse Normalisatie- instituut , oktober 2023). Het doel van het vooronderzoek is inzicht te krijgen in voormalige en/of huidige activiteiten die eventueel tot bodemverontreiniging hebben kunnen leiden.
Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek is informatie verzameld over diverse relevante aspecten. Bij het uitvoeren van het vooronderzoek in het kader van onderhavig onderzoek geldt conform de NEN 5725 , aanleiding A: ‘’uitvoeren van bodemonderzoek , saneren van een milieubelastende activiteit en/of realiseren van een gebouw op een bodemgevoelige locatie’’. De onderzoeksaspecten waarvoor informatie verzameld is , zijn weergegeven in tabel 2. 1. In het dit hoofdstuk worden de onderzoeksaspecten behandeld. Tabel 2. 1: Onderzoeksaspecten conform de NEN 5725 in relatie tot de aanleiding van het vooronderzoek Onderzoeksaspecten 1. Locatiegegevens Eigendomssituatie Hoogteligging Bodemopbouw Antropogene lagen in de bodem of bijzondere bestanddelen in grond Geohydrologie 3. Verwachting over de bodemkwaliteit Geval van ernstige bodemverontreiniging Bodemkwaliteit o. b. v. bodemkwaliteitskaart O. b. v. uitgevoerde bodemonderzoeken Voormalig Huidig Toekomst Asbestverdenking 2. Bodemopbouw en geohydrologie 4. Gebruik en beïnvloeding van de locatie , verdachte situatie , activiteiten , ongewoon voorval Een terreinverkenning maakt ook onderdeel uit van het vooronderzoek. De terreinverkenning in het kader van dit vooronderzoek is direct voorafgaand aan het veldwerk uitgevoerd. De resultaten van de terreinverkenning zijn verwerkt in paragraaf 4. 1. 2.
1 Locatiegegevens Eigendomssituatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de Hamburgerbroeklaan 22 te Doetinchem. Kadastraal staat de locatie bekend als gemeente Ambt-Doetinchem , sectie L , perceelnummer 5185. In het kader van onderhavig onderzoek omvat de onderzoekslocatie het gehele kadastrale perceel. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 7. 700 m². Een luchtfoto met de ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in figuur 2. 1. datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Figuur 2. 1: Luchtfoto met globale ligging onderzoekslocatie (Bron: kadastralekaart. nl) Hoogteligging Uit de AHN 4 blijkt dat de terreinhoogte circa + 1250 meter ten opzichte van NAP bedraagt , zie figuur 2. 2. , Figuur 2. 2: Hoogteligging ter plaatse van onderzoekslocatie (Bron: AHN4) , globale ligging onderzoekslocatie weergegeven met oranje contour datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 2. 2 Bodemopbouw en geohydrologie In figuur 2. 3 is de regionale bodemopbouw weergegeven. De regionale bodemopbouw is ontleend aan het DINO-loket: https://www. dinoloket. nl/ondergrondmodellen/kaart). De bodemopbouw ter plaatse en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie bestaat tot 05 , m-mv uit een complexe eenheid (holocene afzettingen).
Daaronder bevinden zich tot een diepte van circa 11 m-mv de zandige eenheden van de formaties van Boxtel en Kreftenheye. Van circa 11 m-mv tot 20 m-mv is de eerste kleiige eenheid behorend tot de formatie van Kreftenheye aanwezig. Figuur 2. 3: regionale bodemopbouw (bron: DINO-loket) De grondwatergegevens zijn ontleend aan Grondwatertools (https://www. grondwatertools. nl/gsinbeeld/ ). Het isohypsenpatroon van het ondiepe grondwater is weergegeven in figuur 2. 4. Op basis van de isohypsenkaart is voor de onderzoekslocatie geen duidelijke/ eenduidige stromingsrichting van het grondwater in het ondiepe pakket te bepalen. Op basis van de maaiveldhoogte (NAP + 125) en de situering van de locatie wordt het , grondwater verwacht op een diepte van circa 25 , m-mv. Figuur 2. 4: Isohypsenkaart rondom onderzoekslocatie (Rode stip). datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Zoals | te | zien | in figuur | 2. 5 is de | onderzoekslocatie | niet | gelegen | in een | waterwingebied | , grondwaterbeschermingsgebied | en/of | een | intrekgebied. | Het | dichtstbijzijnde | intrekgebied | ligt op | een | afstand | van circa | 25 , | kilometer | ten | zuidoosten | van | de | onderzoekslocatie. Figuur | 2.
5: Ligging | onderzoekslocatie | (rode | stip) ten | opzichte | van | waterwingebied | (Bron: | Kaarten | | Atlas | Leefomgeving) Op | de | onderzoekslocatie | vindt | geen | grondwateronttrekking | plaats | (zie | figuur | 2. 6). | Ten | noordoosten | van | de onderzoekslocatie | (op | een | afstand | van | circa | 200 | meter) | vindt | op | een | diepte | van | 3 | – 5 m-mv | een | bronbemaling plaats | (± 11. | 000 | m³/jaar). | Op | circa | 450 | meter | ten | noorden | van | de | onderzoekslocatie | is op | een | diepte | van | circa 24 | m-mv | sprake | van | een | industriële | grondwateronttrekking | (±12 , | miljoen | m³/jaar). Figuur | 2. 6: Grondwateronttrekkingen | (bron: | https://gisviewer.odachterhoek.nl/? | @Openbaar). Op | een | afstand | van | circa | 300 | meter | ten | westen | van | de | onderzoekslocatie | ligt | de | Oude | IJssel. | Het | is niet | bekend welke | invloed | de | Oude | IJssel | heeft | op | de | grondwaterstroming | ter | plaatse | van | de | onderzoekslocatie. datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 2. 3 | Verwachting | over | de | bodemkwaliteit 2. 3.
1 | Uitgevoerde | bodemonderzoeken Gezien | de | hoeveelheid | bekende | rapporten | die | aanwezig | zijn | bij de relevante | bodemlocaties | zijn in het | kader | van dit onderzoek | de | meest | recente | rapporten | nader | bestudeerd. | Hiermee | wordt | voldoende | inzicht | verkregen | in de huidige | milieuhygienische | situatie | ter plaatse | van | de | onderzoekslocatie | uit het | betreffende | bodemonderzoek. Uit de | omgevingsrapportage | module | van | de | omgevingsdienst | Gelderland | (zie | bijlage | 9) blijkt | dat | in de | direct omgeving | van | de | onderzoekslocatie | de | volgende | bodemonderzoeken | zijn uitgevoerd: 1. | Verkennend | bodemonderzoek | Hamburgerlaan | ong. | te Doetinchem | , Lycens | , 2020-0017-016 | , d. d. 5 oktober | 2020 | ; 2. | Saneringsevaluatie | Broekweg | 29 te | Doetinchem | , Acorius | Advies | B.V | , kenmerk | 01225908 | , d. d. 18 | oktober | 2011 | ; 3. | Milieuhygiënisch | bodemonderzoek | Havenstraat | 2 te Doetinchem | , Bk ingenieurs | , kenmerk | 138226 | , d. d. 14 | oktober | 2015. 4. | Nader | bodemonderzoek | NS | emplacement | Doetinchem | , Tebodin | , 3315001 | , d. d. 29 | april | 2003 5. | Raamsaneringsplan | NS | emplacement | te Doetinchem | , Tebodin | B.V. , kenmerk | 3315001 | , d. d. 29 | april | 2003.
Voor | zover | relevant | voor | dit | onderzoek | zijn de | gegevens | samengevat | weergegeven | in dit hoofdstuk. | Tenzij anders | vermeld | betreft | de | samenvatting | uitsluitend | een | weergave | van | de | inhoud | van | het | rapport | en | is geen inhoudelijke | beoordeling | uitgevoerd. | Voor | de | volledige | gegevens | wordt | verwezen | naar | de | desbetreffende rapportages. | De | bodemlocaties | die | wel | in de | omgevingsrapportage | zijn opgenomen | en | niet | in de | huidige rapportage | zijn na | nadere | bestudering | niet | in de | directe | omgeving | aangetoond. [1] Hamburgerbroeklaan | ong. De | aanleiding | van | het | bodemonderzoek | is de | aankoop | van | de | onderzoekslocatie. | Uit het | boorplan | blijkt | dat de onderzochte | locatie | overeenkomt | met | de | onderzoekslocatie | in het | kader | van | onderhavig | onderzoek. | Het | blijkt dat | in de | ondergrond | met | bijmengingen | aan | kolengruis | een | interventiewaarde | overschrijding | is aangetoond | met arseen. | Verder | zijn in de | boven- | en ondergrond | licht | verhoogde | gehalten | zware | metalen | , PAK | en PCB aangetoond. | De | interventiewaarde | overschrijding | met | arseen | wordt | als | een | van | nature | aanwezig | gehalte | arseen gezien.
| Uit | de | analyseresultaten | voor | asbest | blijkt | dat | op | het | zuidelijk | deel | van | de | onderzoekslocatie | een (indicatief) | gehalte | asbest | van | 04 , mg/kg | d. s is aangetoond. | In de | overige | monsters | is geen | asbest | aangetoond. [2] Saneringsevaluatie | Broekweg | 29 | te Doetinchem De | aanleiding | tot de | saneringswerkzaamheden | is de | voorgenomen | herinrichting | van | het | terrein. | Ter | plaatse | van de | Broekweg | 29 | is een | bodemsanering | (gefaseerd) | uitgevoerd. | Onder | een | gedeelte | van | het | terrein | bevind | zich de | voormalige | bedding | van | de | Oude | IJssel. | Hiervan | is bekend | dat | door | de firma | Vredestein | diverse | afvalstoffen | in de | vorm | van | rubberafval | , halffabricaten | , asbesthoudend | plaatmateriaal | en glas | in de bodem | zijn gebracht. Daarnaast | is een | onverhard | terreindeel | in gebruik | geweest | als | stortplaats | voor | autobanden. De | verontreinigingssituatie | ter plaatse | van | het | terrein | is in kaart | gebracht | , zie figuur | 2. 7 en | figuur | 2. 8. De verontreinigingen | zijn | succesvol | gesaneerd. | Het | gevolg | hiervan | is dat | de | bodemlaag | van | 00 , tot | 10 , m-mv | bij de bodemfunctie | industrie | geen | gebruiksbeperkingen | bevat.
| Ter | plaatse | van | de | voormalige | bandendepot | en IJsselloop | is vanaf | 10 , m-mv | restverontreiniging | aanwezig | met | achtereenvolgens | zink | en | (oliehoudend) stortmateriaal. | Ter | plaatse | van | een | van | de | monitoringspeilbuizen | van | deellocatie | 2 | is sprake | van | een | beperkte verontreiniging | met | olie | en | vluchtige | aromaten. datum | 21 mei 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Figuur 2. 7: Kenmerken verontreinigingssituatie Broekweg 29 te Doetinchem Figuur 2. 8: Overzicht aanwezige verontreinigingen datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D [3] | Milieuhygiënisch | bodemonderzoek | Havenstraat | 2 te | Doetinchem Het | bodemonderzoek | is uitgevoerd | in het | kader | van | het | voorgenomen | grondverzet | ten | behoeve | van werkzaamheden | aan | de | kabels | en | leidingen | (elektra | c. q. gas) | van | de | opdrachtgever. | In de | grond | in het betreffende | tracé | zijn licht | tot | sterk | verhoogde | gehaltes | met | zink | en | arseen | en licht | verhoogde | gehaltes | met cadmium | , lood | , PAK | en | PCB | aangetoond. | In de | grond | zijn zwakke | tot | sterke | bijmengingen | met | kool | en | zwakke bijmengingen | met | baksteen | waargenomen.
| Gezien | het | historisch | gebruik | van | de | locatie | en | de | aard | van | de bijmengingen | heeft | de | opdrachtgever | geen | opdracht | verleend | voor | analytisch | onderzoek | op | asbest. | Tijdens | het veldonderzoek | zijn visueel | geen | asbesthoudende | fragmenten | waargenomen. | Op | basis | van | de resultaten | wordt geconcludeerd | dat | de | aangetroffen | verontreiniging | op | een | deel | van | het | tracé | een | (onderdeel | van | een) | geval | van ernstige | bodemverontreiniging | vormt. | De | grond | in (een | deel | van) | het | tracé | voldoet | niet | aan | de bodemkwaliteitsklasse | ‘Industrie’. [4] | en | [5] Nader | bodemonderzoek | en | raamsaneringsplan | NS | Emplacement | te | Doetinchem Het | nader | bodemonderzoek | is uitgevoerd | in verband | met | de | in voorgaande | bodemonderzoeken | aangetoonde gevallen | van | bodemverontreinigingen. | Uit het | onderzoek | zijn heterogeen | verspreide | verontreinigingen | met zware | metalen | en | PAK | en | verontreinigingen | met | minerale | olie | in zowel | grond | als grondwater | aangetoond. Het | doel | van | het | raamsaneringsplan | is het | uitwerken | van | de | te nemen | saneringsmaatregelen | in opdracht | van | de Stichting | Bodemsanering | NS.
| De | sanering | bestaat | uit het | ontgraven | van | de | verontreiniging | met | zware | metalen en | PAK | , waarbij | gesaneerd | wordt | naar | het | gebruiksdoel | (groen | perken | , openbare | ruimte | , parkeerplaats). Daarnaast | is een | grond- | en | grondwaterverontreiniging | met | minerale | olie | gesaneerd. | De | saneringen | hebben plaatsgevonden | ten | noorden | van | de | huidige | onderzoekslocatie. | Door | het | ontbreken | van | de | saneringsevaluatie | is niet | bekend | wat | de | status | van | de | verontreinigingssituatie | was | ten | tijde | van | het | afronden | van | de sanering. 2. 3. 2 | Geval | van | ernstige | bodemverontreiniging Uit | de | beoordeling | van | het | in 2. 3. 1 beschreven | bodemonderzoeken | komt | naar | voren | dat | op | de onderzoekslocatie | weliswaar | een | sterk | verhoogd | gehalte | arseen | is aangetoond | maar | geconcludeerd | is dat | dit een | van | nature | verhoogd | gehalte | betreft. | Verder | zijn op | de | onderzoekslocatie | geen | sterk | verhoogde | gehalten/ concentraties | aangetoond. | Op | percelen | in de | omgeving | van | de | onderzoekslocatie | zijn | in de | uitgevoerde onderzoeken | ook | gehalten/concentraties | boven | de | interventiewaarde | aangetoond.
| Deze | zijn | gesaneerd | of hebben | volgens | ons | geen | negatieve | invloed | op | de | milieuhygienische | bodemkwaliteit | ter | plaatse | van | de | huidige onderzoekslocatie. | Op | basis | van | de | beoordeelde | rapportages | is niet | te | verwachten | dat | in de | bodem | op | de onderzoekslocatie | (boven- | en | ondergrond) | sprake | is van | een | geval | ernstige | bodemverontreiniging. 2. 3. 3 | Bodemkwaliteit | o. b. v. | bodemkwaliteitskaart In de | Regio | Achterhoek | is een | gemeenschappelijke | nota | bodembeheer | , bodemfunctieklassenkaart | en bodemkwaliteitskaart | opgesteld. | De | documenten | hebben | betrekking | op | de | gemeenten | Aalten | , Berkelland | , Bronckhorst | , Doetinchem | , Lochem | , Montferland | , Oost | Gelre | , Oude | IJsselstreek | , Winterswijk | en | Zutphen. • | Nota | bodembeheer | Regio | Achterhoek | , Lievense | Milieu | B.V. , SOB011396.RAP002 | , d. d. december | 2020 | ; In figuur | 2. 9 tot | en met | figuur | 2. 13 | zijn de | uitsneden | van | de | bodemkwaliteitskaart | weergegeven. | In tabel | 2. 2 zijn de | gegevens | van | de | bodemkwaliteitskaart | ter | plaatse | van | de | onderzoekslocatie | samengevat. Tabel | 2.
2: Samenvatting | gegevens | Bodemkwaliteitskaart Bodemkwaliteitskaart Bodemfunctieklasse | Klasse | industrie Kwaliteit | bovengrond | (00 , - 05 , m-mv) | Landbouw/natuur Kwaliteit | tussenlaag | (05 , - 10 , m-mv) | Landbouw/natuur Kwaliteit | ondergrond | ( > 10 , m-mv) | Landbouw/natuur datum | 21 | mei 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Op | basis | van | de | bodemkwaliteitskaart | wordt | voor | de | onderzoekslocatie | verwacht | dat | de | milieuhygiënische kwaliteit | van | de | grond | voldoet | aan | de | klasse | landbouw/natuur. Figuur | 2. 9: Bodemfunctieklasse Figuur | 2. 10: | Ontgravingskaart | bovengrond | (0-05 , m-mv) | Figuur | 2. 11: Ontgravingskaart | tussenlaag | (05-10 , , | m-mv) en ondergrond | (10 , – 20 , m-mv) Figuur | 2. 12: | Toepassingskaart | bovengrond | (0-05 , | m-mv) Figuur | 2. 13: | Toepassingskaart | tussenlaag | (05-10 , , m-mv) | en ondergrond | (10 , – | 20 , m-mv) datum | 21 mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3.
| 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D PFAS Op | basis | van | de | ontgravingskaart | blijkt | dat | de | 80-percentielwaarden | van | PFAS-verbindingen | in de | bodemlaag van | 00 , – 10 , m-mv | lager | zijn vastgesteld | dan | de | voorlopige | landelijke | achtergrondwaarden | , maar | voor | een aantal | PFAS-verbindingen | liggen | deze | boven | de | bepalingsgrens. Op | basis | van | de | toepassingskaart | blijkt | dat | bij toepassing | van | grond | de | gehalten | aan | PFAS-verbindingen | moeten voldoen | aan | de | generieke | toepassingswaarden | die | zijn benoemd | in het | handelingskader | hergebruik | PFAS- houdende | grond | en | bagger. | Voor | grond | van | buiten | de | regio | Achterhoek | moeten | de | PFAS-verbindingen | altijd voldoen | aan | de | landelijke | achtergrondwaarden. 2. 3. 4 | Omgevingsplan Het | omgevingsplan | bevat | de | gemeentelijke | regels | voor | de fysieke | leefomgeving. | Het | omgevingsplan | van | de gemeente | Doetinchem | is vastgelegd | in Omgevingsplan | Gemeente | Doetinchem | , /akn/nl/act/gm0222/2020/omgevingsplan | , 13-11-2024. De | normen | voor | de | toelaatbare | bodemkwaliteit | zijn | vastgelegd | in het | omgevingsplan. | De | gemeente | Doetinchem heeft | in het | omgevingsplan | de | normen | uit de | zogenoemde | ‘bruidsschat’ | overgenomen.
| In de | bruidsschat | is opgenomen | dat | de | toelaatbare | kwaliteit | voor | de bouw | van | een | bodemgevoelig | gebouw | wordt | overschreden | als in meer | 25 | m³ | bodemvolume | de | interventiewaarde | bodemkwaliteit | voor | één | of meer | stoffen | wordt overschreden. | Voor | asbest | geldt | geen | omvangscriterium. | De | interventiewaarden | bodemkwaliteit | zijn opgenomen | in bijlage | IIA bij het | Besluit | activiteiten | leefomgeving | (Bal). 2. 4 | Gebruik | en | beïnvloeding | van | de | locatie | , verdachte | situaties | , activiteiten | , ongewoon voorval 2. 4. 1 | Terreingebruik Huidig | en | toekomstig | gebruik In de | huidige | situatie | is de locatie | braakliggend | met | een | maatschappelijke | bestemming | volgens | het gemeentelijke | bestemmingsplan. | De | toekomstige | bestemming | van | de | onderzoekslocatie | betreft | beoogde ontwikkeling. | Op | de | locatie | zijn voor | zover | bekend | geen | verhardingen | aanwezig. Direct | ten | noorden | van | de | onderzoekslocatie | is een | spoorlijn | aanwezig. | Deze | spoorlijn | is reeds | aanwezig | vanaf het | eind | van | de | 19e | eeuw. | De | begrenzing | aan | de | zuidzijde | bestaat | uit de | openbare | weg | (Hamburgerbroeklaan).
De | percelen | aan | de | oost- | en westzijde | van | de onderzoekslocatie | waren | in het | verleden | (deels) | bebouwd | maar zijn in de huidige | situatie | braakliggend. Voormalig | gebruik Op | basis | van | de | historische | kaarten | (beschikbaar | via | topotijdreis. | nl) blijkt dat | op de | onderzoekslocatie | een fabriek | voor | de | productie | van | fietsbanden | heeft | gestaan. | Deze | fabriek | is aanwezig | geweest | vanaf | circa | 1930 | tot 2005 | , waarbij | in de tussenliggende | periode | meerdere | malen | een | uitbreiding | van | de | fabriek | heeft plaatsgevonden. | In 2002 | is de | productie | in de | fabriek | gestaakt. | De | situatie | rond | 1999 | is weergegeven | in figuur | 2.14 | , waarbij | de | fabriek | is weergegeven | als het | grijze | gebouw. Het | terrein | van | de | fietsbandenfabriek | is daarvoor | in gebruik | geweest | van | een | elektromotorenfabriek. | Verder | is ook | andere | bebouwing | aanwezig | geweest | ter plaatse | van | de | onderzoekslocatie. | Waarschijnlijk | betrof | dit een kantoorgebouw/ander | fabrieksgebouw. | In de omgevingsrapportage | staan | aanvullende | verschillende bedrijfsactiviteiten | , diverse | brandstoftanks | , opslag | chemische | stoffen | en | een | motorcrossterrein | geregistreerd. datum | 21 mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3.
| 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Demping Met betrekking tot dempingen , ophogingen , bijmengingen met puin is bekend dat ter plaatse van de onderzoekslocatie een waterlichaam aanwezig is geweest (zie figuur 2.14) , deze is echter in de huidige situatie gedempt. Met welk materiaal de demping heeft plaatsgevonden is niet bekend. Figuur 2. 14: Topografische kaart van de onderzoekslocatie (roze stippel lijn) uit 1999 (bron TopoTijdReis. nl) 2. 4. 2 Verdenking op voorkomen van asbest in de bodem In de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn op en rondom het terrein van de voorheen aanwezige fietsbandenfabriek verschillende verontreinigingen met asbest aangetoond. Ook in het in 2020 uitgevoerde bodemonderzoek [1] op de huidige onderzoekslocatie is asbest aangetoond. Het asbest is slechts aangetoond in één van de vier geanalyseerde grondmonsters en aangetoond in een dusdanig laag gehalte dat geen aanvullend onderzoek en/of sanerende maatregelen noodzakelijk waren. 2. 5 Conclusie vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek wordt met betrekking tot het uit te voeren bodemonderzoek het volgende geconcludeerd. De onderzoekslocatie wordt als “verdacht” beschouwd. Op basis van het vooronderzoek wordt verwacht dat de grond en/of het grondwater diffuus verontreinigd is met zware metalen , PAK , PCB en/of asbest.
De locatie wordt onverdacht beschouwd voor de aanwezigheid van PFAS. datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 3 | Opzet | onderzoek Het | verkennend | bodemonderzoek | wordt | uitgevoerd | conform | de | NEN | 5740 | (november | 2024). | Op | basis | van | het vooronderzoek | worden | in | de | grond | diffuus | verhoogde | gehalten | verwacht | met | zware | metalen | , PAK | en/of | PCB. Vanwege | het | diffuse | karakter | kan | de | aanwezigheid | van | deze | verontreinigingen | afdoende | worden | vastgesteld door | middel | van | de | strategie | voor | een | onverdachte | , niet | lijnvormige | locatie | (ONV-NL). PFAS In | verband | met | de | mogelijke | afvoer | van | vrijkomende | grond | wordt | de | grond | aanvullend | onderzocht | op | PFAS. Voor | het | aanvullende | onderzoek | naar | PFAS | wordt | aangesloten | bij de | strategie | voor | het | onderzoek | van | een onverdachte | locatie | uit de | NEN | 5740 | (strategie | ONV-NL) | waarbij | zowel | de | boven- | als ondergrond | tot | maximaal 10 , | m-mv | geanalyseerd. Asbest: In | eerdere | bodemonderzoeken | in de | directe | omgeving | van | en | op | de | huidige | onderzoekslocatie | is asbest aangetoond.
| Op | basis | daarvan | wordt | de | locatie | vooralsnog | beschouwd | als verdacht | voor | de | aanwezigheid | van asbest. | Ook | in het | meest | recente | onderzoek | op | de | onderzoekslocatie | is onderzocht | op | asbest | waarbij | een onderzoeksstrategie | voor | een | verdachte | locatie | is aangehouden. | Middels | dit onderzoek | is de | milieuhygiënische bodemkwaliteit | met | betrekking | tot asbest | voldoende | vastgesteld. Op | verzoek | van | de | opdrachtgever | wordt | asbest | ook | in onderhavig | onderzoek | meegenomen. | Het | gaat | daarbij niet | zozeer | om | de | aan-/afwezigheid | van | asbest | in de | bodem | vast | te stellen | (dit is al bekend) | maar | meer | om | een actualisatie/ | verificatie | van | de | eerder | vastgestelde | resultaten. | Aangezien | het | om | een | actualisatie/verificatie | gaat en | de | locatie | reeds | eerder | conform | een | verdachte | strategie | is onderzocht | wordt | voor | asbest | in het | kader | van | dit onderzoek | aangesloten | bij de | onverdachte | strategie | van | het | verkennend | bodemonderzoek. Het | onderzoek | wordt | uitgevoerd | volgens | de | normen | en | onderzoeksstrategieën | zoals | vermeld | in tabel | 3. 1. De onderzoeksstrategie | en | de | bijbehorende | uit te voeren | veldwerkzaamheden | en | (chemische) | analyses | zijn weergegeven | in tabel | 3. 2. Tabel | 3.
1: Onderzoeksstrategie | bodemonderzoek. Onderzoek | Norm | Strategie Verkennend | onderzoek | NEN | 5740 | november | 2024 | ONV-NL Verklaring | strategieën: NEN5740 ONV-NL | : | onderzoeksstrategie | voor een onverdachte | , niet lijnvormige. locatie datum | 21 mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Tabel | 3. 2: Veldwerkzaamheden | en | analyses. Afmeting | Strategie | 1) | Veldwerkzaamheden | (Chemische) | analyses | 2) Grond | Grondwater 7. 700 | m 2 | ONV-NL | 13 | x inspectiegat | tot | 05 , m-mv | Bovengrond: | 2 x STAP-gw 4 x inspectiegat | tot | 05 , m-mv | , | 3 x STAP-g | + PFAS inclusief | boring | tot 20 , m-mv | 3 x asbest-g 2 x inspectiegat | met | peilbuis | Ondergrond: 2 x STAP-g | + PFAS Opmerkingen | bij de tabel: 1) | Verklaring | strategie: ONV-NLL | : onderzoeksstrategie | voor | een onverdachte | locatie , niet lijnvormig. 2) | Verklaring | analyses: STAP-g | : standaard | analysepakket | voor grond | (organische | stof en lutum , 9 metalen | , PAK , PCB en minerale | olie). STAP-gw | : standaard | analysepakket | voor grondwater | (9 metalen | , vluchtige | aromatische | koolwaterstoffen | en naftaleen | , vluchtige | gechloreerde | koolwaterstoffen | en | minerale | olie). PFAS | : advieslijst Bodem+ | d. d.
12 juli 2019 (30 stoffen , exclusief GenX) De | analyses | worden | door | een | geaccrediteerd | laboratorium | uitgevoerd. | De | grond- | en | grondwatermonsters worden | conform | AS3000 | voorbewerkt. datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 4 | Uitvoering | onderzoek De | veldwerkzaamheden | voor | het milieuhygiënische | onderzoek | van | de bodem | (zoals | het | verrichten | van grondboringen, | het | plaatsen | van | peilbuizen | en | het nemen | van | grondwatermonsters) | zijn verricht | conform | het procescertificaat | van Aveco | de | Bondt | op | basis | van de | BRL | SIKB | 2000. | Voor | meer | informatie | met | betrekking | tot de kwaliteitsborging | wordt | verwezen | naar | bijlage | 8. 41 | Terreinverkenning De | terreinverkenning | is voorafgaand | aan | het veldwerk | uitgevoerd | door | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd)op . Hierbij is gecontroleerd of | de gegevens | in hoofdstuk | 2 van | dit rapport | overeenkwamen | met | de situatie | in het | veld. Ten | tijde van | het | vooronderzoek | is door | de opdrachtgever | aangegeven | dat meerdere | gronddepots | aanwezig | zijn ter plaatse | van | de onderzoekslocatie. | Uit de | terreinverkenning | is gebleken | dat | geen | gronddepots | aanwezig | zijn ter plaatse | van | de onderzoekslocatie.
| Wel | zijn ter | plaatse | van | perceel | gemeente | Ambt-Doetinchem, | sectie | L, perceelnummer | 4642 | gronddepots | waargenomen. | Het | perceel | is direct | ten | westen | van | de | huidige onderzoekslocatie | gesitueerd. | Foto's | met | de situatie | ten | tijde van | de terreinverkenning | en | de uitvoering | van | de veldwerkzaamheden | zijn opgenomen | in bijlage | 2. De | resultaten | van | de terreinverkenning | hebben | geen | aanleiding | gegeven | om | de onderzoeksstrategie | aan | te passen. 42 | Veldwerkzaamheden In bijlage | 8 is een | overzicht | opgenomen | van | monsternemers | die de | veldwerkzaamheden | hebben | uitgevoerd. | De plaats | van | de | boringen, | inspectiegaten | en | peilbuizen | zijn weergegeven | op | de locatietekening | in bijlage | 1. Tijdens de uitvoering | van | de veldwerkzaamheden | hebben | zich | geen | bijzonderheden | of afwijkingen | voorgedaan. 4.3 | Veldresultaten 4.3.1 | Lokale | bodemopbouw De | profielbeschrijvingen | zijn weergegeven | in bijlage | 3. Voor | de | lokale | bodemopbouw | wordt | hiernaar | verwezen. Tijdens | het uitvoeren | van | de | grondboringen | is het grondwater | aangetroffen | op een | diepte | van | circa 2,50 | m-mv. 4.3.2 | Zintuiglijke | waarnemingen De | bij de | inspectiegaten | en | boringen | vrijkomende | grond | is in het | veld zintuiglijk | beoordeeld.
| Hierbij | zijn de | in tabel | 4.1 weergegeven | afwijkingen | waargenomen | die duiden | op een | mogelijke | bodemverontreiniging. | Tevens zijn in bijlage | 2 foto's | opgenomen | die de | aarde | en de | mate | van | de aangetroffen | bijmengingen | laten zien. Tabel 4.1: Overzicht | zintuiglijke waarnemingen. Boring | Einddiepte | Traject | Grondsoort | Bijzondere | bestanddelen [m-mv] | [m-mv] - 01 | 1,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Zwak | puinhoudend - 02 | 2,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Matig | puinhoudend - 03 | 1,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Zwak | puinhoudend - 04 | 4,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Zwak | puinhoudend - 05 | 1,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Zwak | puinhoudend - 06 | 1,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Matig | puinhoudend - 07 | 1,00 | 0,00 | 0,50 | Zan | Zwak | puinhoudend - 0,50 | 1,00 | Zan | Zwak | baksteenhoudend datum | 21 mei | 2025 referentie | 250444 | AdB_RAP | 0001 | v3.0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Boring | Einddiepte | Traject | Grondsoort | Bijzondere | bestanddelen [m-mv] | [m-mv] 08 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Zwak | puinhoudend | , matig | slakhoudend 09 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Zwak | puinhoudend 10 | 200 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | puinhoudend 11 | 200 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | puinhoudend 12 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | slakhoudend | , matig | puinhoudend 13 | 100 , | 000 , - 050 , |
Zand | Zwak | puinhoudend 14 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Zwak | puinhoudend | , matig | slakhoudend 15 | 400 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | puinhoudend | , matig | slakhoudend 16 | 200 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | puinhoudend 17 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | slakhoudend | , matig | puinhoudend 18 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | puinhoudend 19 | 100 , | 000 , - 050 , | Zand | Matig | slakhoudend | , matig | puinhoudend 4. 3. 3 | Meetgegevens | grondwater De | peilbuisgegevens | en | de | grondwaterstand | zijn | weergegeven | in tabel | 4. 2. | Het | grondwater | uit | de | geplaatste peilbuizen | is twee | keer | bemonsterd. | De | eerste | bemonstering | is uitgevoerd | in | het | kader | van | het | verkennend bodemonderzoek. | Naar | aanleiding | van | de | resultaten | voor | PFAS | in de | grond | is besloten | om | ook | het | grondwater op | PFAS | te | analyseren. | Hiervoor | is het | grondwater | uit de | peilbuizen | nogmaals | bemonsterd. Tabel | 4. 2: Peilbuisgegevens | en grondwaterstand.
Meetpunt | Datum | Filterdiepte | Grondwater- | pH | EC | Troebel- | Filter | Belvorming [cm-mv] | stand | [µS-cm] | heid | belucht [cm-mv] | [NTU] 04 | 11-04-2025 | 300-400 | 175 | 746 , | 540 | 38 | Nee | Nee 04 | 24-04-2025 | 300-400 | 185 | 77 , | 136 | 3 | Nee | Nee 15 | 11-04-2025 | 300-400 | 192 | 799 , | 770 | 9 | Nee | Nee 15 | 24-04-2025 | 300-400 | 195 | 72 , | 210 | 7 | Nee | Nee De | in de | bovenstaande | tabel | opgenomen | waarden | voor | de | pH | (zuurgraad) | , EC | (elektrische | geleidbaarheid) | en troebelheid | zijn | in | het | veld | gemeten. | De | gemeten | pH | en | EC | waarden | kunnen | als normaal | worden | beschouwd. | De bovengenoemde | grondwaterstand | betreft | de | gemeten | stijghoogte. | De | in de | boorprofielen | aangegeven grondwaterstanden | betreft | de | inschatting | van | de | grondwaterstand | tijdens | de | boorwerkzaamheden. De | troebelheid | van | het | genomen | grondwatermonster | uit peilbuis | 04 | is hoger | dan | 10 | NTU. | Voor | de | interpretatie van | de | analyseresultaten | van | deze | peilbuizen | is in | paragraaf | 5. 3 beoordeeld | wat | de | invloed | van | de | troebelheid op | de | analyseresultaten | kan | zijn. Bij de | bemonstering | van | het | grondwater | zijn zintuiglijk | geen | bijzonderheden | waargenomen | die | kunnen | wijzen | op de | aanwezigheid | van | een | bodemverontreiniging. 4.
4 | Monsterselectie | en | analyses Alle | monsters | zijn | voor | de | analyse | overgedragen | aan | het | laboratorium | van | SGS | Environmental | Analytics | B. V. te Rotterdam-Hoogvliet. | Het | laboratorium | is geaccrediteerd | volgens | NEN-EN-ISO/IEC | 17025:2018 | en | erkend | voor ‘Laboratoriumanalyses | voor | grond- | , waterbodem- | en | grondwateronderzoek’ | (AS3000). datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D De | monsters | zijn | volgens | tabel | 4.3 | , | tabel | 4. 4 | en | tabel | 4. | 5 | geanalyseerd. | De | resultaten | met | betrekking | tot | PFAS voor | de | mengmonsters | BG01 | en | OG01 | hebben | aanleiding | gegeven | tot | uitsplitsing | op | de | parameters | PFAS | (30). Vanwege | de | aangetoonde | gehalten | PFAS | in | de | ondergrond | is | het | grondwater | uit | de | peilbuizen | aanvullend bemonsterd | en | geanalyseerd | op | PFAS. Tabel | 4. 3: | Monstersamenstelling | en | uitgevoerde | analyses | grond.
Monster | Traject | Deelmonsters | Grond- | Bijzondere | bestanddelen | Analyses [m-mv] | soort BG01 | 000 , | - 050 , | 05 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | STAP-g | , PFAS 06 | (000 , | - 050) , 07 | (000 , | - 050) , 09 | (000 , | - 050) , BG02 | 000 , | - 050 , | 08 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , matig | STAP-g | , PFAS 12 | (000 , | - 050) , | slakhoudend 13 | (000 , | - 050) , 15 | (000 , | - 050) , BG03 | 000 , | - 050 , | 14 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , matig | STAP-g | , PFAS 17 | (000 , | - 050) , | slakhoudend 19 | (000 , | - 050) , BG04 | 2) | 000 , | - 050 , | 05 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , matig | STAP-g | , PFAS 08 | (000 , | - 050) , | slakhoudend 12 | (000 , | - 050) , 15 | (000 , | - 050) , OG01 | 050 , | - 100 , | 02 | (050 , | - 100) , | Zand | - | STAP-g | , PFAS 10 | (050 , | - 100) , 11 | (050 , | - 100) , 16 | (050 , | - 100) , Uitsplitsing 05-1 | 000 , | - 050 , | 05 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | puinhoudend | PFAS 06-1 | 000 , | - 050 , | 06 | (000 , | - 050) , | Zand | Matig | puinhoudend | PFAS 07-1 | 000 , | - 050 , | 07 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | puinhoudend | PFAS 09-1 | 000 , | - 050 , | 09 | (000 , | - 050) , | Zand | Zwak | puinhoudend | PFAS 02-2 | 050 , | - 100 , | 02 | (050 , | - 100) , |
Zand | - | PFAS 10-2 | 050 , | - 100 , | 10 | (050 , | - 100) , | Zand | - | PFAS 11-2 | 050 , | - 100 , | 11 | (050 , | - 100) , | Zand | - | PFAS 16-2 | 050 , | - 100 , | 16 | (050 , | - 100) , | Zand | - | PFAS Opmerkingen | bij | de | tabel: 1) | Verklaring | analyses: STAP-g | : | standaard | analysepakket | voor | grond | (organische | stof | en | lutum | , 9 | metalen | , PAK | , PCB | en | minerale | olie). PFAS | : | Analyse | op | perfluoralkylstoffen | (30) 2) | Verklaring | monster | : | Het | monster | staat | op | de | analysecertificaten | aangeduid | als | OG02 Tabel | 4. 4: | Asbestanalyses. Monster- | Traject | 1) | Deelmonsters | Analyses | 2) | Toelichting code | (m-mv) ASB01 | 000 , | - 050 , | 01 | (000 , | - 050) , | , 02 | (000 , | - 050) , | Asb-g | Zwak | puinhoudend 03 | (000 , | - 050) , | , 04 | (000 , | - 050) , 05 | (000 , | - 050) , | , 06 | (000 , | - 050) , 07 | (000 , | - 050) , datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3.
| 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Monster- | Traject | 1) | Deelmonsters | Analyses | 2) | Toelichting code | (m-mv) ASB02 | 000 , | - 050 , | 08 | (000 , | - 050) , | , 09 | (000 , | - 050) , | Asb-g | Zwak | puinhoudend 10 | (000 , | - 050) , | , 11 | (000 , | - 050) , 12 | (000 , | - 050) , | , 13 | (000 , | - 050) , 14 | (000 , | - 050) , ASB03 | 000 , | - 050 , | 15 | (000 , | - 050) , | , 16 | (000 , | - 050) , | Asb-g | Matig | slakhoudend | , matig 17 | (000 , | - 050) , | , 18 | (000 , | - 050) , | puinhoudend 19 | (000 , | - 050) , Opmerkingen | bij de | tabel: 1) | In geval | er sprake | is van | een | monster | dat | samengesteld | is uit deelmonsters | , betreft | het | aangegeven | traject | de | minimale | en | maximale | diepte | van | de deelmonsters | in het | betreffende | mengmonster. | Voor | het | traject | per | deelmonster | wordt | verwezen | naar | het | analysecertificaat | ; 2) | Verklaring | analyses: Asb-g | : | asbest | in grond | NEN | 5898 | (fractie | < 20 | mm) | ; Tabel | 4. 5: | Overzicht | uitgevoerde | grondwateranalyses.
Monster | Filterdiepte | Analyses [m-mv] 04-1-1 | 300 , | - 400 , | STAP-gw 15-1-1 | 300 , | - 400 , | STAP-gw Aanvullende | analyses | PFAS 04-1-2 | 300 , | - 400 , | PFAS 15-1-2 | 300 , | - 400 , | PFAS Opmerkingen | bij de | tabel: 1) | Verklaring | analyses: STAP-gw | : | standaard | analysepakket | voor | grondwater | (9 metalen | , vluchtige | aromatische | koolwaterstoffen | en | naftaleen | , vluchtige | gechloreerde | koolwaterstoffen | en | minerale | olie). datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 5 | Resultaten | milieuhygiënisch | bodemonderzoek 5. 1 | Toetsingskader De | analyseresultaten | in dit rapport | zijn | getoetst | aan | de | normen | in de | Omgevingswet | en | het | Besluit bodemkwaliteit. | De | resultaten | van | PFAS-analyses | zijn | getoetst | aan | het | handelingskader | PFAS. | Een | nadere toelichting | op | het | toetsingskader | is weergegeven | in bijlage | 5. PFAS | (grondwater) Voor | PFAS | zijn | nog | geen | interventiewaarden | vastgesteld. | De | Staatssecretaris | van | I&W | heeft | in haar | brief | van 2 | mei | 2022 | 1 aangegeven | de | eerder | in juli 2021 | vastgestelde | Risicogrenswaarden | 2 te willen | gaan | gebruiken | voor het | vaststellen | van | interventiewaarden.
| Tot | die | tijd kunnen | de | in juli 2021 | vastgestelde | waarden | worden gehanteerd | als | INEV’s | (Indicatieve | Niveaus | van | Ernstige | Verontreiniging). | Gesteld | kan | worden | dat | bij het | niet overschrijden | van | de | INEV’s | geen | sprake | is van | onacceptabele | risico’s. De | door | RIVM | in juli 2021 | vastgestelde | INEV’s | worden | gehanteerd | als | toetsingskader | en | zijn | weergegeven | in figuur | 5. 1 en | figuur | 5. 2 (rood | omkaderd). | Voor | grondwater | wordt | daarbij | onderscheid | gemaakt | tussen grondwater | dat | wordt | gebruikt | voor | consumptie | en | grondwater | dat | niet | wordt | gebruikt | voor | drinkwater. | Voor onderhavige | locatie | worden | de | meetwaarden | getoetst | aan | de | norm | ‘exclusief | consumptie’. Figuur | 5. 1: Risicogrenswaarden | grond | , uit RIVM | , juli 2021 Figuur | 5. 2: Risicogrenswaarden | grondwater | , uit RIVM | , juli 2021 1 Verzamelbrief | bodem | en ondergrond | , Ministerie | van Infrastructuur | en | Waterstaat | , kenmerk: | IENW/BSK-2022/49580 | , d. d. 2 mei 2022 2 Memo | Risicogrenzen | t. b. v. de vaststelling | van | Interventiewaarden | voor | PFOS | , PFOA | en | GenX | , RIVM | , kenmerk | - , versie 1.1. , d. d. 20 juli 2021 datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 5.
| 2 | Resultaten De | analysecertificaten | zijn | weergegeven | in bijlage | 4. | De | toetsingstabellen | voor | de | Omgevingswet | (Ow) | en | het Besluit | bodemkwaliteit | (Bbk) | zijn | weergegeven | in | bijlage | 6 | respectievelijk | bijlage | 7. 5. | 2. 1 | Grond De | toetsingsresultaten | voor | grond | zijn | weergegeven | in | tabel | 5. 1. Tabel | 5. 1: Overschrijdingstabel | grond Monster | Traject | Grond- | Bijzondere | bestanddelen | Toetsing | BBK | monster- [m-mv] | soort | interventiewaarde | conclusie bodemkwaliteit | voor | (indicatief) grond BG01 | 000 , | - 050 , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | Voldoet | Klasse landbouw/natuur BG02 | 000 , | - 050 , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , | Voldoet | Klasse | industrie matig | slakhoudend BG03 | 000 , | - 050 , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , | Voldoet | Klasse | industrie matig | slakhoudend BG04 | 000 , | - 050 , | Zand | Zwak | tot | matig | puinhoudend | , | Voldoet | Klasse | industrie matig | slakhoudend OG01 | 050 , | - 100 , | Zand | - | Voldoet | Klasse landbouw/natuur 5. | 2. 2 | PFAS De | PFAS | resultaten | zijn | weergegeven | in | tabel | 5. 2. Tabel | 5. 2: Samenvatting | toetsresultaten | PFAS. Monstercode | Traject | 1) | Gehalte | Monsterconclusie (m-mv) | (in | μg/kg | d. s.
) | (voldoet | aan | de | toepassingseis | voor toepassing | op | landbodem | , categorie: | 4. 1) BG01 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (02) , | Niet | toepasbaar | (INEV < | waarden) Som | PFOS | (07) , Overige | PFAS | (PFDA: | 34) , BG02 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (01) , | Landbouw/natuur | , m. u. v. Som | PFOS | (05) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) BG03 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (01) , | Landbouw/natuur | , m. u. v. Som | PFOS | (04) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) BG04 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (02) , | Wonen/industrie | , m. u. v. Som | PFOS | (03) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (PFDA: | 17) , OG01 | 050 , | - 100 , | Som | PFOA | (03) , | Niet | toepasbaar | (INEV < | waarden) Som | PFOS | (13) , Overige | PFAS | (PFDA: | 57) , Uitsplitsing 05-1 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (01) , | Niet | toepasbaar | (INEV < | waarden) Som | PFOS | (02) , Overige | PFAS | (PFDA: | 35) , datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Monstercode | Traject | 1) | Gehalte | Monsterconclusie (m-mv) | (in | μg/kg | d. s. ) | (voldoet | aan | de | toepassingseis | voor toepassing | op | landbodem | , categorie: | 4. 1) 06-1 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (01) , | Klasse | landbouw/natuur | , m. u. v.
Som | PFOS | (02) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) 07-1 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (03) , | Wonen/industrie | , m. | u. v. Som | PFOS | (05) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (PFDA: | 15) , 09-1 | 000 , | - 050 , | Som | PFOA | (06) , | Wonen/industrie | , m. | u. v. Som | PFOS | (17) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (PFDA: | 03) , 02-2 | 050 , | - 100 , | Som | PFOA | (04) , | Klasse | landbouw/natuur | , m. u. v. Som | PFOS | (06) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) 10-2 | 050 , | - 100 , | Som | PFOA | (06) , | Niet | toepasbaar | (INEV < | waarden) Som | PFOS | (02) , Overige | PFAS | (PFDA: | 25) 11-2 | 050 , | - 100 , | Som | PFOA | (01) , | Klasse | landbouw/natuur | , m. u. v. Som | PFOS | (01) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) 16-2 | 050 , | - 100 , | Som | PFOA | (01) , | Wonen/industrie | , m. | u. v. Som | PFOS | (30) , | grondwaterbeschermingsgebieden Overige | PFAS | (-) Opmerking | bij tabel: INEV | waarden | : | Indicatieve | Niveaus | voor | Ernstige | Verontreinigingen 5. | 2. 3 | Asbest De | asbest | resultaten | zijn | weergegeven | in | tabel | 5. 3. Tabel | 5. 3: Berekening | gewogen | gehalte. Monster | Traject | Omschrijving | Gehalte | asbest | (mg/kg | d. s.
) (m-mv) | fractie | fractie | totaal < 20 | mm | 1) | > 20 | mm | 2) | gewogen | 3) ASB01 | 000 , | - 050 , | Zwak | puinhoudend | < 2 | n. a. | < 2 ASB02 | 000 , | - 050 , | Zwak | puinhoudend | < 2 | n. a. | < 2 ASB03 | 000 , | - 050 , | Matig | slakhoudend | , matig | < 2 | n. a. | < 2 puinhoudend Opmerkingen | bij de | tabel: 1) | Gehalte | asbest | volgens | het | analysecertificaat | , van | het | grond- | of puinmonster | (fractie | < 20 mm). 2) | Gehalte | asbest | berekend | uit het | gehalte | in het materiaal | (fractie | > 20 | mm) | en | het | bemonsterde | bodemvolume. 3) | Dit gehalte | is bepaald | op | basis | van | een | verkennend | onderzoek | en | betreft | derhalve | een | indicatief | gehalte. n. a. : | niet aangetoond datum | 21 | mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign | Envelope | ID: | 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 5. 2. 4 | Grondwater De | grondwater | resultaten | zijn weergegeven | in tabel | 5. 4. Tabel | 5. 4: Overschrijdingstabel | grondwater Monster | Filter | GWS | > Signaleringsparameter | PFAS | concentratie | (in | ng/l) [m-mv] | [cm-mv] 04-1-1 | 300 , - 400 , | 175 | - | n. v. t. 15-1-1 | 300 , - 400 , | 192 | - | n. v. t. Aanvullend | onderzoek | PFAS 04-1-2 | 300 , - 400 , | 185 | n. v. t. | PFOA | (22) PFOS | (30) Overige | PFAS | (PFBA | 86) , 15-1-2 | 300 , - 400 , | 195 | n. v. t.
| PFOA | (1) < PFOS | (23) , Overige | PFAS | (PFHxS | linear | 92) , 5. 3 | Onderzoeksresultaten Heterogeen | verspreidt | over | de | gehele | onderzoekslocatie | zijn in de | bovengrond | (0 – 05 , m-mv) | bodemvreemde bijmengingen | aangetroffen. | Het | gaat | daarbij | om | bodemvreemde | bijmengingen | met | puin | , baksteen | en | slakken. De | bodemvreemde | bijmengingen | met | puin | worden | aangetroffen | over | de | gehele | locatie | voorkomen. | Voor | de bijmengingen | met | baksteen | en | slakken | geldt | dat | deze | , weliswaar | over | de | gehele | locatie | , meer | plaatselijk | worden waargenomen. | De | mate | waarin | de | bijmengingen | zijn | aangetroffen | varieert | van | zwak | tot | matig. | Zintuigelijk | is geen | asbest | waargenomen. Verkennend | bodemonderzoek Uit | de | analyseresultaten | blijkt | dat | dat | zowel | in de | bovengrond | (met | bodemvreemde | bijmengingen) | als ondergrond | (zonder | bodemvreemde | bijmengingen) | geen | gehalten | boven | de | interventiewaarden | zijn aangetoond | voor | de | componenten | uit | het | standaardpakket | grond.
Op | basis | van | de | indicatieve | toetsing | aan | het | Besluit | bodemkwaliteit | blijkt | dat | de | grond | met | daarin bodemvreemde | bijmengingen | met | slakken | voldoet | aan | de | klasse | ‘industrie’ | voor | toepassing | van | de | grond | op | een andere | locatie | zijnde | landbodem. | De | bovengrond | met | alleen | bodemvreemde | bijmengingen | puin | en | de ondergrond | zonder | bodemvreemde | bijmengingen | voldoet | op | basis | van | de | indicatieve | toetsing | aan | het | Besluit bodemkwaliteit | aan | de | klasse | ‘landbouw/natuur’ | voor | toepassing | van | de | grond | op | een | andere | locatie | zijnde landbodem. Op | basis | van | de | analyseresultaten | komt | naar | voren | dat | in het | grondwater | voor | de | componenten | uit het standaardpakket | grondwater | geen | concentraties | boven | de | signaleringsparameters | zijn | aangetoond. | In het grondwater | is een | verhoogde | troebelheid | waargenomen. | Analytisch | zijn | geen | concentraties | groter | dan | de signaleringsparameters | aangetoond. | Omdat | geen | concentraties | organische | parameters | groter | dan | de signaleringsparameters | zijn aangetoond | , kan | geconcludeerd | worden | dat | de | verhoogde | troebelheid | geen | invloed heeft | gehad | op | de | uitkomst | van | de | grondwaterresultaten.
Asbest Op | basis | van | de | analyseresultaten | blijkt | dat | in de | bovengrond | met | bodemvreemde | bijmengingen | analystisch geen | asbest | is aangetroffen. datum | 21 mei | 2025 referentie | 250444_AdB_RAP_0001_v3. | 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D PFAS Uit de analyseresultaten blijkt dat de gehalten aan PFAS in zowel de mengmonsters als in de individuele grondmonsters de INEV-waarden niet overschrijden. Op basis daarvan kan worden gesteld dat geen sprake is van onaanvaardbare risico’s. Op basis van de toetsing aan het handelingskader voor hergebruik van grond blijkt dat één mengmonster uit de bovengrond en één mengmonster uit de ondergrond in de klasse ‘niet toepasbaar’ vallen. De overschrijdende parameter is bij beide mengmonsters is PFDA. Uit de toetsing van de overige mengmonsters uit de bovengrond blijkt dat deze vallen in de klasse ‘wonen/industrie’ of ‘landbouw/natuur’. Omdat de grond van twee mengmonsters in de klasse ‘niet toepasbaar’ valt zijn de mengmonsters uitgesplitst en de separate grondmonsters zijn geanalyseerd op PFAS. Op basis van de toetsing aan het handelingskader voor hergebruik van grond blijkt dat één mengmonster van de bovengrond en één monster van de ondergrond in de klasse ‘niet toepasbaar’ vallen. De overschrijdende parameter hierbij is PFDA. Voor PFDA is geen INEV waarde opgesteld.
Aan de hand van de relatieve potentie factor (RPF) , vastgesteld door het RIVM op 10 , kan het gehalte PFDA uitgedrukt worden in een gehalte PFOA. Met de RPF meegenomen in de interpretatie van de resultaten voldoen de aangetoonde gehalten aan de INEV van PFOA. Uit de toetsing van de overige monsters uit de boven- en ondergrond blijkt dat deze vallen in de klasse ‘wonen/industrie’ of ‘landbouw/natuur’. In de PFAS analyses van het grondwater zijn geen overschrijdingen van de INEV waarden aangetoond. Daarnaast zijn geen concentraties PFDA groter dan de detectiewaarden aangetoond. datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D 6 Conclusie(s) en aanbevelingen In opdracht van Sité Woondiensten is door Aveco de Bondt een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie gelegen aan de Hamburgerbroeklaan 22 te Doetinchem. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de beoogde aankoop van het perceel , de voorgenomen aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en de voorgenomen aanvraag van een omgevingsvergunning voor het aspect bouwen.
Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem om te beoordelen of deze vanuit milieuhygiënisch oogpunt een belemmering vormt voor de afgifte van een wijziging van het omgevingsplan en de afgifte van een omgevingsvergunning voor bouwen. Onderzoeksresultaten Heterogeen verspreidt over de gehele onderzoekslocatie zijn in de bovengrond (0 – 05 m-mv) bodemvreemde , bijmengingen aangetroffen. Het gaat daarbij om bodemvreemde bijmengingen met puin , baksteen en slakken. De bodemvreemde bijmengingen met puin worden aangetroffen over de gehele locatie voorkomen. Voor de bijmengingen met baksteen en slakken geldt dat deze , weliswaar over de gehele locatie , meer plaatselijk worden waargenomen. De mate waarin de bijmengingen zijn aangetroffen varieert van zwak tot matig. Zintuigelijk is geen asbest waargenomen. Verkennend bodemonderzoek Zowel in de bovengrond (met bodemvreemde bijmengingen) als in de ondergrond (zonder bodemvreemde bijmengingen) zijn geen gehalten boven de interventiewaarden aangetoond. In het grondwater zijn geen concentraties boven de signaleringsparameters aangetoond. De grond met daarin bodemvreemde bijmengingen met slakken voldoet indicatief aan de hergebruiksklasse ‘industrie'.
De grond met bodemvreemde bijmengingen met puin of zonder bodemvreemde bijmengingen voldoet indicatief aan de hergebruiksklasse ‘landbouw/natuur’. Asbest Op basis van onderzoek blijkt dat zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetroffen in de grond. PFAS Zowel in de mengmonsters , de individuele grondmonsters als in het grondwater worden de INEV-waarden voor PFAS niet overschrijden. Op basis daarvan kan worden gesteld dat geen sprake is van onaanvaardbare risico’s. Eén grondmonster uit de bovengrond en één grondmonsters uit de ondergrond vallen in de hergebruiksklasse ‘niet toepasbaar’. De overschrijdende parameter is bij beide mengmonsters is PFDA. De overige grondmonsters vallen in de hergebruiksklasse ‘wonen/industrie’ of ‘landbouw/natuur’. Conclusie Middels het uitgevoerde onderzoek is de milieuhygiënische bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie voldoende vastgesteld. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen aankoop van het perceel en de aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen in verband met de voorgenomen ontwikkeling. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat de milieuhygiënische kwaliteit van de grond voldoet aan de toelaatbare kwaliteit voor een bodemgevoelige locatie. De milieuhygiënische kwaliteit van het grondwater voldoet aan de datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3.
0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D signaleringsparameters zoals opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Er zijn derhalve , vanuit milieuhygienisch oogpunt geen belemmeringen voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen. Advies Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd , dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing , die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. Op basis van de aangetoonde gehalten PFAS valt de grond op bepaalde delen van de locatie in de hergebruiksklasse ‘niet toepasbaar’. datum referentie 21 mei 2025 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Bijlage 1 Locatietekening datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hamburgerweg te Doetinchem project projectnummer 250444 Boorpuntenkaart titel referentie getekend datum blad 1 van 1 schaal 1:500 formaat A3 250444_AdB_TEK_0001 GAN 23-4-2025 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Bijlage 2 Foto’s datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3.
0 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D foto 1 foto 3 foto 2 foto 4 P 1/3 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D foto 5 foto 7 foto 6 foto 8 P 2/3 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D foto 9 foto 10 P 3/3 Docusign Envelope ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Bijlage 3 Profielbeschrijvingen datum 21 mei 2025 referentie 250444_AdB_RAP_0001_v3. 0 Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D Boorbeschrijving classificatie: | NEN | 5104, | eenheid | verticaal: | (meter) Boring: | 01 | Boring: | 02 datum: | 3-4-2025 | datum: | 3-4-2025 veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) | veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) referentievlak: | maaiveld | 12.
484m+NAP | referentievlak: | maaiveld | 12.669m+NAP X/Y-coördinaat: | 217159,52 | / | 441484,51 | X/Y-coördinaat: | 217204,75 | / | 441475,88 1248 | braak | z2e7 | braak aes | 1 | _ Zand | zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig | 'Zand zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig A | grindig, zwak puinhoudend, | matig kiezelhoudend, | 1 | A | grindig, matig puinhoudend, | matig Slik | neutraal, Edelmanboor | kiezelhoudend, | neutraal grijsbruin, Edelmanboor 1e | 1247 G | U deo Zand | matig fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, | Zand | zeer fijn, matig siltig, matig grindig, el | Edelmanboor | 2 | neutraal grijsbruin, Edelmanboor 100 | IE 3 u U Zand | zeer fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, 4 | Edelmanboor U | zoer Boring: | 03 | Boring: | 04 datum: | 3-4-2025 | datum: | 3-4-2025 veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) | veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) referentievlak: | maaiveld | 12.
572m+NAP | referentievlak: | maaiveld | 12,.271m+NAP X/Y-coördinaat: | 217183,82 | / | 441481,50 | X/Y-coördinaat: | 217169,04 | / | 441465,80 1257 | braak | 1227 | braak es | 0.00 Zand | zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig | Zand | zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, sterk 1 | A | grindig, zwak puinhoudend, | matig kiezelhoudend, | grindig, sterk kiezelhoudend, zwak puinhoudend, neutraal, Edelmanboor | neutraal grijsbruin, Edelmanboor m | 1207 | 17 jo Zand | matig fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, | Zand | matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbruin, 2 | Edelmanboor | Edelmanboor Ed oo 2.00 | 1027 Zand | matig fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Zuigerboor 227 3.00 Zand | matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbruin, Zuigerboor 3.50 Zand | matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs, Zuigerboor 227 Projectcode: | 250444 | ; Verkennend | asbest | en | bodemonderzoek | Doetinchem Docusign | Envelope | ID: 7D2AD89B-4B63-4215-AC40-3F2BDCCD292D ving | Aveco” classificatie: | NEN | 5104, | eenheid | verticaal: | (meter) | de | Bondt Boring: | 05 | Boring: | 06 datum: | 3-4-2025 | datum: | 3-4-2025 veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) | veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) referentievlak: | maaiveld | 12.727m+NAP | referentievlak: | maaiveld | 13.091m+NAP X/Y-coördinaat: | 217212,56 | / | 441456,19 | X/Y-coördinaat: | 217152,90 | / | 441468,61
1273 | braak | 1309 | braak 0.00 | 0.00 | _ Zand zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig | Zand zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig je A | grindig, zwak puinhoudend, | matig kiezelhoudend, | Ld | grindig, matig kiezelhoudend, | matig Slik | neutraal, Edelmanboor | puinhoudend, | neutraal, Edelmanboor 1223 | 1259 G deo Zand matig fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, | Zand matig fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin, el | Edelmanboor | Nn | Edelmanboor 100 | HEA | 100 | 1209 Boring: | 07 | Boring: | 08 datum: | 3-4-2025 | datum: | 3-4-2025 veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) | veldwerker: | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) referentievlak: | maaiveld | 12.649m+NAP | referentievlak: | maaiveld | 12.655m+NAP X/Y-coördinaat: | 217189,29 | / | 441462,04 | X/Y-coördinaat: | 217221,91 | / | 441437,08 1265 | braak | 4265 | braak as | _ Zand zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig | Zand zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, matig 1 | A | grindig, zwak puinhoudend, | matig kiezelhoudend, | bÀ | A | grindig, matig kiezelhoudend, zwak | puinhoudend, neutraal, Edelmanboor | matig slakhoudend, | neutraal, Edelmanboor 125 | 1215 050 Zand matig fijn, matig siltig, zwak | Zand matig fijn, matig stig, neutraal grijsbruin, 2 | A | baksteenhoudend, | neutraal grijsbruin, | 5 | Edelmanboor Edelmanboor Li | wss | 100 | wss Boring: | 09 | Boring: | 10 datum: |