CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B08.13 Bijlage 13 onderbouwing - Advies spuitzones

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G643 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviesnota spuitzones Hoekhorsterweg , Nieuw Wehl 16 december 2025 Wat is de vraag? Vastgoedcombina0e Doe0nchem B. V. werkt aan een wijziging van het omgevingsplan ten behoeve van de realisa0e van 38 woningen aan de Hoekhorsterweg in Nieuw-Wehl. Het plan voorziet in de herontwikkeling van een voormalig bedrijfsterrein en een aangrenzend agrarisch weiland naar een woongebied aan de rand van het dorp , grenzend aan het natuur- en recrea0egebied De Tuut. Tijdens het par0cipa0eproces en in de voorbereiding van de planologische procedure is door een omwonende aandacht gevraagd voor het thema spuitzones in rela0e tot de nabijgelegen agrarische gronden. In deze memo wordt ingegaan op dit onderwerp en wordt gemo0veerd waarom het plan vanuit het oogpunt van een evenwich0ge toedeling van func0es aan loca0es aanvaardbaar is. Wat is het antwoord op die vraag? Bij het thema spuitzones gaat het om de mogelijke spanning tussen het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen bij agrarisch grondgebruik enerzijds en de gezondheid en het woon- en leeHlimaat van (toekoms0ge) bewoners anderzijds. De kernvraag is of de realisa0e van woningen leidt tot een onevenredige beperking van agrarische gebruiksmogelijkheden , dan wel tot een onaanvaardbaar woon- en leeHlimaat.

De gemeente dient in dit kader een zorgvuldige belangenafweging te maken tussen de belangen van de eigenaren en gebruikers van omliggende agrarische gronden en de belangen van toekoms0ge bewoners van de nieuwe woningen. Juridisch kader Zowel onder het oude recht als onder de Omgevingswet bestaat geen weMelijke norm voor spuitzones. De afweging vindt plaats op basis van jurispruden0e van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In deze jurispruden0e is een beoordelingskader ontwikkeld waarin: • een richtafstand van 50 meter wordt gehanteerd bij intensieve teelten waarbij veel gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt (zoals fruitteelt , bloembollen en sierteelt) ; gemotiveerd kan worden afgeweken van deze afstand op basis van locatie-specifieke omstandigheden ; doorslaggevend is of sprake is van een goede ruimtelijke ordening / evenwichtige toedeling van functies. • • Feitelijk gebruik van omliggende agrarische gronden Om te beoordelen of het plan leidt tot een onevenredige beperking van agrarische belangen , is gekeken naar het feitelijke gebruik van de omliggende agrarische percelen in de afgelopen jaren. Daarbij is gebruikgemaakt van: • • historische luchtfoto’s (Topotijdreis) ; de digitale kaart ‘Gewaspercelen historie’ (ArcGIS). Uit deze analyse blijkt dat de direct aangrenzende agrarische gronden in de afgelopen jaren overwegend als grasland zijn gebruikt.

Incidenteel is sprake geweest van maïsteelt of aardappelteelt. Er zijn geen intensieve teelten (zoals fruit , bloembollen of sierteelt) aangetroffen in de relevante periode. Gelet op: de aard van het agrarisch gebruik in dit gebied ; • 1 • • • • de bedrijfsstructuur ter plaatse ; en de nabijheid van bestaande woonbebouwing , is het niet aannemelijk dat deze gronden op korte of middellange termijn zullen worden gebruikt voor intensieve teelten waarbij spuitzones een relevant knelpunt vormen. Afstand en ruimtelijke inrichting Binnen het plan zijn ruime afstanden opgenomen tussen de nieuwe woningen en de omliggende agrarische gronden. Daarnaast is voorzien in: groene randzones en landschappelijke overgangen ; een zachte dorpsrand richting het buitengebied ; situering van woningen op de hoger gelegen delen van het plangebied. • • • Zelfs indien theore0sch zou worden uitgegaan van een richtafstand van 50 meter , zou dit hooguit betekenen dat bepaalde intensieve teelten in een beperkte strook langs de dorpsrand minder goed mogelijk zijn. Gezien het feitelijke gebruik als grasland vormt dit geen onevenredige beperking van de agrarische bedrijfsvoering.

Conclusie Geconcludeerd wordt dat: er geen wettelijke norm voor spuitzones bestaat ; het feitelijke agrarische gebruik rondom het plangebied hoofdzakelijk extensief is ; intensieve teelten , waarvoor spuitzones relevant zijn , hier niet voorkomen en ook niet aannemelijk zijn ; het plan voorziet in voldoende afstand , groen en ruimtelijke buffering ; de belangen van agrariërs niet onevenredig worden geschaad ; en sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor toekomstige bewoners. • • • • • • Daarmee is het plan ruimtelijk aanvaardbaar en is sprake van een evenwich0ge toedeling van func0es aan loca0es zoals bedoeld in de Omgevingswet. 2 Gewaspercelenhistorie | ArcGis 2010 | tot | en | met | 2016 2016 | tot | en | met | 2017 2017 | tot | en | met | 2023 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/53119