CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B08.05 Bijlage 5 onderbouwing - Onderzoek Molenbiotoop (versie V)

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G1.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies Molenbiotoop Bernadette Molen, Kerkhofweg 10A Nieuw-Wehl 3 juli 2026 1 1. Inleiding & planbeschrijving Op de loca*e aan de Hoekhorsterweg in Nieuw-Wehl is het voornemen om een nieuwe woonbuurt te realiseren met in totaal 38 woningen (zie a@eelding 1). Een deel van deze loca*e ligt binnen de molenbiotoop van de BernadeFe-molen aan de Kerkhofweg in Nieuw- Wehl. Omdat een deel van het plangebied binnen de 100–400 meter zone rond de molen ligt, is toetsing aan de molenbiotoop nodig. A"eelding 1: het beoogde plan 2. De molenbiotoop t.o.v. het plan De molenbiotoop dient ter bescherming van zowel de windvang als de landschappelijke herkenbaarheid van de molen als werktuig. Op onderstaande a@eelding is een uitsnede van het plangebied weergegeven met de beoogde bebouwing en op een tweede a@eelding is de molenbiotoop aangegeven t.o.v. het plangebied.

2 A"eelding 2: molenbiotoop dat over plangebied is geprojecteerd met rode lijn. Rode vlak is bestaande bebouwing werkplaats. Zoals te zien op a@eelding 2 zijn er twee ‘deelgebieden’ in het plangebied gelegen die een mogelijk effect hebben op de molenbiotoop: • Deelgebied A – Hoekhorsterweg 8: vervangende nieuwbouw van een voormalige bedrijfsbebouwing naar twee-onder-een-kapwoningen. • Deelgebied B – Nieuwe wooncluster: éénlaagse woningen met kap (waaronder seniorenwoningen), gelegen achter bestaande woonbebouwing. 3. De molen Bernadette Naam: BernadeFe Adres: Kerkhofweg 10a, Nieuw-Wehl Type: Ronde stenen grondzeiler Func*e: Korenmolen Vlucht (wieklengte): ca. 21,50 meter Askophoogte (Z): ca. 11,25 meter Molenpeil: ca. +14,60 m NAP De molen heea een cultuurhistorische waarde en een func*onele waarde als werktuig. De windvang moet vrij blijven van belemmerende bebouwing. 4. Juridisch kader vrijwaringszone molenbiotoop Binnen de zone van 100–400 meter van de molen geldt: 𝐻=𝑋/𝑁+0,2𝑍

3 Waarbij: H = toegestane bouwhoogte (m) t.o.v. molenpeil X = afstand tussen bebouwing en molen (m) N = gebiedsfactor: 140 = open gebied 75 = ruw gebied 50 = besloten gebied Z = askophoogte (m) Daarnaast moet, indien het bouwpeil verschilt van het molenpeil, een peilcorrec*e worden toegepast. 5. Gebiedstype en afscherming Tussen de BernadeFemolen en het plangebied bevinden zich bestaande woningen, voormalige bedrijfsbebouwing en er@eplan*ng. Deze elementen vormen gezamenlijk een substan*ële windbreker, waardoor voor deelgebied A geen sprake is van een open gebied. Voor de beoordeling van de molenbiotoop wordt daarom uitgegaan van ruw gebied (N = 75). Voor deelgebied B blijven de woningen volledig achter de bestaande bebouwingsstructuur liggen. Hiervoor blija het gebiedstype besloten gebied (N = 50) van toepassing. Deelgebied Situa-e Gebiedstype (N) Mo-vering A. Hoekhorsterweg 8 (twee-onder-een-kap) Aan straatzijde, deels beschut maar niet volledig afgeschermd Ruw (N = 75) Bestaande lintbebouwing en werkplaats vormen windbreker B. Rijwoningencluster Volledig achter bestaande woningen en erfstructuren Besloten (N = 50) Windvang vanaf molen al gebroken vóór de planloca*e 6.

Toetsing en berekeningen per deelgebied 6.1 Deelgebied A – Twee-onder-een-kap (N = 75) Voor deelgebied A is, gelet op de aanwezige lintbebouwing, voormalige bedrijfsbebouwing en erfbeplanting tussen de molen en het plangebied, uitgegaan van het gebiedstype ruw gebied (N = 75). De maximaal toelaatbare bouwhoogte wordt bepaald aan de hand van de formule: H = X/N + 0,2Z Gegeven: 4 • X = 351,6 m • N = 75 (ruw gebied) • Z = 11,25 m • 0,2 × 11,25 = 2,25 m Berekening: 351,6 / 75 = 4,688 H = 4,688 + 2,25 = 6,938 m (ten opzichte van het molenpeil) Correctie naar het planbouwpeil: H = 6,938 + 1,15 = 8,088 m Maximaal toelaatbare bouwhoogte ten opzichte van het bouwpeil: ≈ 8,09 meter De maximale bouwhoogte die voor de twee-onder-een-kapwoningen in het omgevingsplan is opgenomen bedraagt 8,00 meter. Daarmee blijft de planologisch toegestane bouwhoogte volledig binnen de maximaal toelaatbare bouwhoogte volgens de molenbiotoop. De molenbiotoop vormt voor deze woningen daarom geen aanvullende beperking. De berekende maximale bouwhoogte van circa 8,09 meter ligt iets boven de in het omgevingsplan toegestane maximale bouwhoogte van 8,00 meter. Daarmee is de maximale bouwhoogte uit het omgevingsplan maatgevend voor de ontwikkeling. De bescherming van de molenbiotoop leidt in dit geval niet tot aanvullende bouwhoogtebeperkingen.

6.2 Deelgebied B – Nieuwe woningen (N = 50) Afstand tot de molen (X): 375,6 m De maximaal toelaatbare bouwhoogte wordt berekend met dezelfde formule: H = X/N + 0,2Z Berekening ten opzichte van het molenpeil: H = 375,6 / 50 + 2,25 H = 7,512 + 2,25 = 9,762 m Correctie naar het planbouwpeil: H = 9,762 + 1,15 = 10,91 m Maximaal toelaatbare bouwhoogte ten opzichte van het bouwpeil: ≈ 10,9 meter De voorgenomen woningen worden naar verwachting uitgevoerd als: 5 • woningen bestaande uit één bouwlaag met een kap. Bij een beukmaat van circa 5 meter bedraagt de verwachte nokhoogte ongeveer 6,0 tot 7,5 meter; • woningen bestaande uit twee bouwlagen met een kap. Door de beperkte beukmaat blij] de verwachte nokhoogte circa 9,0 tot maximaal 10,0 meter. Beide woningtypen blijven ruim onder de maximaal toelaatbare bouwhoogte van 10,9 meter. 7. Windwerking en functioneren van de molen De beoordeling van de molenbiotoop hee] betrekking op zowel de windvang als de landschappelijke herkenbaarheid van de Bernade^emolen. Voor deelgebied A is uitgegaan van het gebiedstype ruw gebied (N = 75). De aanwezige lintbebouwing, voormalige bedrijfsbebouwing en er_eplan‘ng zorgen ervoor dat de windvang rich‘ng het plangebied reeds gedeeltelijk wordt onderbroken.

De voorgenomen twee-onder-een- kapwoningen blijven met een maximale bouwhoogte van 8,00 meter binnen de volgens de molenbiotoop berekende maximaal toelaatbare bouwhoogte van circa 8,09 meter . De woningen in deelgebied B worden gerealiseerd achter de bestaande woonbebouwing en erfstructuren. Hierdoor bevindt de ontwikkeling zich in een reeds beschu^e situa‘e, waardoor de windvang van de molen niet verder wordt beperkt dan op grond van de bestaande dorpsstructuur reeds het geval is. De beoogde bouwhoogten blijven bovendien ruim onder de maximaal toelaatbare bouwhoogte van circa 10,9 meter . Gelet op de situering van de bebouwing, de bestaande ruimtelijke structuur en de uitkomsten van de berekeningen wordt geconcludeerd dat: • de voorgenomen bebouwing voldoet aan de uitgangspunten van de molenbiotoop; • geen onevenredige aanvullende beperking van de windvang van de Bernadettemolen optreedt; • de landschappelijke herkenbaarheid van de molen behouden blijft; en • het functioneren van de Bernadettemolen als werktuig niet onevenredig wordt aangetast. 8. Conclusie Het bouwplan is getoetst aan de uitgangspunten van de molenbiotoop voor de Bernade^emolen. Voor deelgebied A is, gelet op de aanwezige bebouwing en er_eplan‘ng tussen de molen en het plangebied, uitgegaan van het gebiedstype ruw gebied (N = 75).

Op basis van de molenbiotoopformule bedraagt de maximaal toelaatbare bouwhoogte circa 8,09 meter ten opzichte van het planbouwpeil. De in het omgevingsplan opgenomen maximale bouwhoogte van 8,00 meter blij] hierbinnen. De molenbiotoop vormt voor de twee-onder-een-kapwoningen daarom geen aanvullende beperking. Voor deelgebied B is uitgegaan van het gebiedstype besloten gebied (N = 50). De maximaal toelaatbare bouwhoogte bedraagt circa 10,9 meter ten opzichte van het planbouwpeil. De beoogde woningen blijven ruim onder deze hoogte en zijn gesitueerd achter de bestaande bebouwingsstructuur . In het omgevingsplan wordt hiervoor een bouwhoogte van maximaal 10,5 m opgenomen. 6 De berekende bouwhoogten zijn gebaseerd op een planbouwpeil van +13,45 m NAP. Indien het planbouwpeil wijzigt, dient de maximaal toelaatbare bouwhoogte overeenkoms‘g te worden herberekend. Op basis van de uitgevoerde berekeningen en de feitelijke situa‘e ter plaatse wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling voldoet aan de uitgangspunten van de molenbiotoop. De windvang en de landschappelijke herkenbaarheid van de Bernade^emolen worden niet onevenredig aangetast. Het bouwplan is daarmee vanuit het oogpunt van de bescherming van de molenbiotoop ruimtelijk aanvaardbaar .

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/53111