CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B07.05 Bijlage 5 onderbouwing - Quick scan mba

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G3.394 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 / 16 Quick scan activiteiten en milieuzonering aan: Stichting Beelaerts van Blokland Hagen van: SAB adviseurs projectnummer: 240256 datum: 27 november 2025 betreft: Activiteiten en milieuzonering Landschapspark Hagen Inleiding In Doetinchem bestaat het voornemen om tussen de Prins Alexanderstraat, de Prins Mauritsstraat en de 2e Loolaan een landschapspark met enkele woningen te realiseren. Om de herontwikkeling mogelijk te kunnen maken, moet het (tijdelijke) omgevingsplan worden gewijzigd. In het kader van de te doorlopen planologische procedure moet worden aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling in lijn is met een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL)’. Om deze afweging te maken, dat hier sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, dienen de invloed van alle activiteiten in de omgeving op de ontwikkeling en de invloed van de te ontwikkelen functie naar de omgeving toe te worden beschouwd. Voorliggende memo voorziet in deze afweging. Evenwichtige toedeling van functies aan locaties De gemeente moet ervoor zorgen dat de regels in het omgevingsplan leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit is opgenomen in artikel 4.2, eerste lid, Omgevingswet (inwerkingtreding 1 januari 2024). Het Rijk heeft hiertoe Instructieregels opgesteld.

Binnen deze Instructieregels heeft de gemeente de afwegingsruimte om te bepalen hoeveel gebruiksruimte iedere functie met bijbehorende activiteiten krijgt. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft met de publicatie ‘Handreiking Activiteiten en milieuzonering’ een invulling gegeven aan de afwegingsruimte onder de Omgevingswet. 2 / 16 In de VNG-publicatie Handreiking Activiteiten en milieuzonering wordt gebruiksruimte per functie gedefinieerd door expliciete milieuwaarden in plaats van een vaste richtafstand. Zo wordt er een bewuste afweging van toedeling van functies aan locaties gemaakt en wordt er specifiek per functie gekeken hoeveel ruimte die functie in beslag neemt. Daarmee wordt er veel doelmatiger met beschikbare ruimte om gegaan en worden ruimte en milieu geïntegreerd. Het reguleren van de gebruiksruimte voor geluid en geur per bedrijf staat centraal in de nieuwe systematiek voor milieuzonering. Ook in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) onder de Omgevingswet is gebruiksruimte een belangrijk begrip. Het is aan het bevoegd gezag om per gebied een ambitieniveau vast te stellen. Er wordt onderscheid gemaakt in vijf gebieden: - Bedrijventerreinen; - Andere werkterreinen; - Gemengd gebied met wonen; - Rustig woongebied; - Buitengebied.

Bedrijventerreinen Het doel van bedrijventerreinen is het bieden van fysieke ruimte aan milieuhinderlijke (bedrijfs-)activiteiten die substantiële milieuhinder kunnen veroorzaken. De bedrijven op een bedrijventerrein moeten milieuhinder buiten het bedrijventerrein beperken, zeker wanneer nabij het bedrijventerrein (geprojecteerde) milieugevoelige functies aanwezig zijn. Andere werkterreinen Deze terreinen zijn in hoofdzaak gericht op de toelating van publieksgerichte activiteiten. Het gaat dan bijvoorbeeld om kantorenlocaties, perifere locaties met detailhandel zoals woonwinkels, bouwmarkten en autoshowrooms en ook sportterreinen. Ook op andere werkterreinen (dan bedrijventerreinen) zijn doorgaans milieuhinderlijke activiteiten toegelaten. Over het algemeen zijn dat de lichtere, minder milieuhinderlijke activiteiten. Net als bedrijventerreinen zijn deze andere werkterreinen in de basis niet bedoeld en ingericht voor milieugevoelige functies. Wel kunnen op deze terreinen op maat combinaties van wonen en werken toegelaten worden. 3 / 16 Gemengd gebied met wonen In deze gebieden wordt het wonen (of ander milieugevoelig gebruik) toegelaten, samen met activiteiten die geschikt zijn om te mengen met wonen, zoals detailhandel, horeca, onderwijs, zorg, dienstverlening, cultuur en lichte bedrijvigheid.

Het zijn vaak levendige gebieden, zoals een centrumgebied met horeca en detailhandel op de begane grond en woningen op de verdiepingen. Of randen van gebieden die ‘verkleuren’ van winkelgebied naar vooral woongebied. Het kan ook een voormalig bedrijventerrein zijn, dat tot gemengd woon-werkgebied is of word getransformeerd. Onder een gemengd gebied met wonen kan tenslotte ook lintbebouwing in het buitengebied en woongebieden direct langs de hoofdinfrastructuur worden verstaan. Rustig woongebied Met een rustig woongebied wordt de gebruikelijke woonwijk en woonbuurt bedoeld. Binnen deze gebieden staat een prettig, rustig woongenot als doel centraal. Binnen een rustig woongebied komen incidenteel ook niet- woonactiviteiten voor, zoals een buurtsuper en een school. De vestiging van niet- woonactiviteiten blijft in rustig woongebied veelal beperkt tot het toestaan van beroepen en bedrijven aan huis. Buitengebied In het buitengebied komen ook activiteit voor met gebruiksruimte voor geluid en geur waarvoor de systematiek van de Handreiking kan worden toegepast, met uitzondering voor agrarisch geur. De Handreiking activiteiten en milieuzonering is niet van toepassing op: - Industrieterreinen; - Milieuhinderlijke activiteiten binnen rustig woongebied; - Alle overige milieuthema’s anders dan geluid en niet-agrarisch geur; - Zware activiteiten die niet direct worden toegelaten.

Afhankelijk van het type zone worden globaal de volgende overeenkomstige gebruiksruimten voor milieuhinderlijke activiteiten bepaald: - Zone basis > gebruiksruimte op 50 meter afstand of tot grens van het woongebied; - Zone beperkt > gebruiksruimte met extra bescherming voor het woongebied; - Zone verruimd > gebruiksruimte op 100 meter afstand met extra ruimte voor zwaardere bedrijven. 4 / 16 Voor een volwaardige toepassing van en toetsing aan de Handreiking dienen de voornoemde gebieden en zones te zijn opgenomen in het omgevingsplan. Op het moment van schrijven is dit voor de gemeente Doetinchem echter nog niet het geval. Ter toetsing in de tijdelijke situatie kan worden teruggevallen op de voormalige VNG-tabellen 2009 met de richtafstanden die in de Handreiking zijn omgezet conform onderstaande werkwijze. Op basis hiervan kan worden bepaald of op voorhand zou kunnen worden voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties of dat een nader akoestisch en/of geuronderzoek benodigd is. Beoordeeld wordt de onderlinge ligging van milieugevoelige activiteiten (bv. woonactiviteiten) en milieuhinderlijke activiteiten (bv. bedrijfsactivit eiten).

Voormalige richtafstand Positie Zones geluid Zones geur Tabel VNG-2009 Tabel VNG-2024 Rustig woongebied Gemengd gebied met wonen 0 – 10 m FM - - - 30 m 1 Beperkt Basis Basis 50 m 2 Beperkt Basis Basis 100 m 3 Basis Basis Verruimd 200 m 4 Verruimd Verruimd Maatwerk 300 m en hoger IT - - - Functiemenging (FM) heeft de kleinste zone met de minste gebruiksruimte met betrekking tot geur en geluid. Na functiemenging gelden zones 1 tot en met 4, waarbij zone 1 het kleinst is met de minste gebruiksruimte en zone 4 het grootst met de meeste gebruiksruimte. Als laatste is er nog de zone Industrieterrein (IT). Omdat Gemeente Doetinchem nog geen zones in haar omgevingsplan heeft vastgesteld zal ten opzichte van functies buiten het besluitgebied op basis van de oude VNG-publicatie worden getoetst. De richtafstand volgens de ‘oude stijl’ wordt gemeten vanaf de grens van het bedrijfsperceel tot de gevel van het gevoelige object. Navolgende tabel (op de volgende pagina) maakt inzichtelijk wat de richtafstanden zijn voor de verschillende milieucategorieën, zowel voor ‘rustige woonwijken’ of ‘rustige buitengebieden’ als voor ‘gemengde gebieden’. In het geval dat er sprake is van gemengd gebied kan er een richtafstand van één milieucategorie lager worden gehanteerd dan de functie in feite is omdat er in gemengd gebied een hogere acceptatie van hinder op geluidgevoelige gebouwen bestaat.

Er wordt dan in de richtafstand een zogenaamde “stap terug” gebruikt. Dit wil zeggen dat een functie die bijvoorbeeld onder milieucategorie 3.1 valt in een rustig gebied een richtafstand van 50 meter heeft. In gemengd gebied kan een stap terug worden genomen waardoor dan een richtafstand van 30 meter wordt gehanteerd. In het vervolg zal in het geval van gemengd gebied de richtafstand met een ‘stap terug’ worden gehanteerd. Het is echter niet mogelijk ten aanzien van het aspect gevaar. Richtafstanden en omgevingstype (Bron: VNG, 2009) Milieucategorie | Richtafstand tot 'rustige woonwijk’ | Richtafstand tot een of 'rustig buitengebied' | 'gemengd gebied' 1 | 10 meter | 0 meter 2 | 30 meter | 10 meter 3.1 | 50 meter | 30 meter 3.2 | 100 meter | 50 meter 4.1 | 200 meter | 100 meter 4.2 | 300 meter | 200 meter 5.1 | 500 meter | 300 meter Situatie ontwikkellocatie De ontwikkellocatie ligt aan de noordwestelijke stadsrand van Doetinchem. In de directe omgeving van de ontwikkellocatie is juridisch-planologisch gezien sprake van een menging van functies. Er bestaan naast de functies wonen, tuin en natuur ook de functies agrarisch, maatschappelijk en gemengd. Op grotere afstand liggen ook de functies bedrijf en bedrijventerrein. Echter, feitelijk gezien is de invulling voor al deze functies betrekkelijk rustig, met hobbymatig dierhouden, een woonzorgcentrum en voornamelijk kantoren.

In dit kader, en omdat het plan planologisch gezien in het landelijk gebied ligt, kan de locatie dan ook worst-case getypeerd worden als ‘rustig buitengebied’. Als houvast wordt in navolgende beschouwing teruggevallen op de omzetting van de voormalige VNG-tabellen 2009. De voorgenomen ontwikkeling omvat de realisatie van een park (natuur) en een aantal woonerven (wonen). Aan de noordelijke rand komt daarnaast een biologische wijngaard (agrarisch). Dit betreft zowel milieugevoelige als milieuhinderlijke activiteiten. Er wordt echter alleen mogelijke hinder verwacht van de agrarische functie, die op dit moment op basis van het bestemmingsplan in het tijdelijk omgevingsplan reeds mogelijk is. Dit betreft dus geen nieuwe functie, en 5 / 16 6 / 16 daarom hoeft deze niet naar buiten toe getoetst te worden. Onderstaande afbeelding toont het voorlopige ontwerp van de ontwikkeling. Tekening van inrichting terrein in de beoogde situatie (Bron: Giessen Architectuur) De afbeeldingen op de volgende pagina tonen de omliggende functies binnen de bestaande bestemmingsplannen ‘Landelijk gebied - 2020, reparatie 2022’, ‘Stedelijk gebied - 2021’ en ‘Groot Hagen 6 – 2023’ zoals opgenomen in het tijdelijk omgevingsplan van gemeente Doetinchem. De ontwikkellocatie is aangegeven in een rood kader.

7 / 16 Ligging functies omgeving op basis van geldende bestemmingsplannen en ligging ontwikkeling (in rood) (bron: ruimtelijkeplannen.nl en atlas leefomgeving, bewerking: SAB). Hinder als gevolg van onderhavige ontwikkeling De voorgenomen ontwikkeling betreft voornamelijk de realisatie van de functies wonen, natuur en agrarisch. ‘Wonen’ en ‘natuur’ betreffen geen hinderveroorzakende functies. ‘Agrarisch’ kan dit wel zijn, maar is reeds toegestaan in het huidige bestemmingsplan. Daarom wordt aangenomen dat omliggende gevoelige functies reeds op voldoende afstand liggen. Er wordt wel

8 / 16 intern binnen het plan zelf op de nieuwe woningen getoetst, in de volgende paragraaf. Hinder van bestaande bedrijvigheid op de ontwikkeling Naast de hinder die een ontwikkeling zelf kan veroorzaken, dient ook onderzocht te worden of de beoogde ontwikkeling zelf hinder kan ondervinden van hinderveroorzakende functies uit de omgeving. Woningen moeten worden aangeduid als milieuhindergevoelig. Aangezien er in de omgeving van de ontwikkellocatie op grond van de voorheen geldende bestemmingsplannen diverse hinderveroorzakende functies mogelijk zijn en feitelijk gezien zijn gevestigd, zijn deze geïnventariseerd. De navolgende afbeelding geeft de omliggende percelen met hinderveroorzakende functies globaal weer, waarna deze nader worden beschreven en getoetst aan de richtafstanden uit de VNG-publicatie. De omliggende functies voor wonen, natuur en water zijn hierbij buiten beschouwing gelaten. Deze betreffen immers geen hinderveroorzakende functie. Ligging functies omgeving op basis van geldende bestemmingsplannen en functies binnen ontwikkeling (voorlopige verbeelding in rode lijn) (bron: atlas leefomgeving, bewerking: SAB). 1. agrarisch 2. gemengd 3. maatschappelijk 4. bedrijventerrein 5. kantoor 6. bedrijf - nutsvoorziening 1a 2 4a 3a 3c 5 1c 1b 6 4b 3b 3d 1.

Agrarisch Gronden direct ten noord- en zuidwesten van het besluitgebied en verder ten oosten van het besluitgebied hebben een agrarische bestemming. Deze gronden zijn bestemd voor agrarische bedrijvigheid, en nevenactiviteiten zoals extensieve dagrecreatie. De maximale toepasbare milieucategorie is 4.1, voor het fokken en houden van varkens. Deze milieucategorie heeft een afstand van | 200 meter in rustige gebieden. Voor het agrarische gebied binnen het plan wordt een wijngaard voorzien. Akkerbouw en fruitteelt valt in categorie 2, met een afstand van 30 meter in rustige gebieden, gemeten vanaf de bedrijfsgebouwen (‘schuurtje’ in tekening terreininrichting). Maximale toegestane | Maximale Bestemming | milieucategorie | richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) 1a Agrarisch | 4.1 | 200 | ±7 meter 1b Agrarisch | 4.1 | 200 | ±70 meter 1c Agrarisch | 4.1 | 200 | ±150 meter Agrarisch binnen plan | 2 | 30 | ±50 meter Daarmee wordt niet voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie met betrekking tot de afstand tot aan de omliggende agrarische percelen. Nadere beschouwing is noodzakelijk. Er wordt wel op voorhand voldaan aan de afstand tussen de agrarische activiteit en de beoogde woningen binnen het plan.

Feitelijke situatie – agrarisch gebied 1a Ten aanzien van het agrarisch gebied als 1a op de kaart aangeduid, zijn de gronden aangewezen voor landschappelijke waarden met een ammoniakbuffergebied, waardoor er geen uitbreiding of hervestiging van een veehouderijbedrijf is toegestaan, om het Gelders natuurwetwerk te beschermen. Indien een agrarisch bedrijf reeds aanwezig is, is dat dus de maximale invulling. De bestaande bedrijvigheid kan dan niet (met een bedrijf uit dezelfde of hogere milieucategorie) uitgebreid worden. Er zijn geen agrarische bedrijven in registers of op kaarten te vinden op deze percelen, enkel een hondenkapsalon, aannemersbedrijf en zonnepanelen- 9 / 16 10 / 16 installateur. Deze zijn hoogstens milieucategorie 1 of 2. Uit lucht- en straatfoto’s blijkt daarnaast dat er op de percelen grenzend aan de ontwikkeling voornamelijk natuur (dun bos en struweel) bestaat, dit gebied is grotendeels niet (agrarisch) ontgonnen. Waar wel ontginning zichtbaar is, worden alleen hobbymatig paarden gehouden in paddocks en weides. Zelfs indien het een bedrijfsmatige pensionstal betreft, betreffen het geen landbouwhuisdieren en bestaat hier geen VNG- milieucategorie voor. Deze zijn enkel op paardenfokkerijen en maneges van toepassing. Er zijn geen aanwijzingen dat deze hier aanwezig zijn.

Daarnaast is er op basis van de luchtfoto’s niet genoeg ruimte om meer dan 5 paarden te houden op beide terreinen. Binnen het plangebied bestaat wel manege “Sam’s Stal”, maar deze wordt niet in het plan behouden, hier zijn een woning en uitbreiding van de bosrand voorzien. Omdat het aannemelijk is dat hier hobbymatig paarden worden gehouden, niet bedrijfsmatig, zijn de VNG-milieucategorieën niet van toepassing. Luchtfoto percelen agrarisch met waarden, direct ten noorden van ontwikkellocatie (bron: PDOK) Straatfoto vanaf Groot Hagen nabij Prins Alexanderstraat 116, weides aan linkerkant op luchtfoto (bron: Google Maps)

Functie | Milieucategorie | Richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) diverse kleine bedrijven | 2 | 30 | ±50 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de feitelijke situatie of is deze niet van toepassing. Vervolgonderzoek is niet benodigd. Feitelijke situatie – agrarisch gebied 1b Het perceel als 1b aangeduid op de kaart betreft tevens grasvelden met het hobbymatige houden van paarden en pony’s. Omdat er geen bouwvlak bestaat is het bouwen van een stal voor het bedrijfsmatig houden van dieren daarnaast niet mogelijk. Een (outdoor) manege is derhalve aangehouden als worstcasescenario voor de afstanden. Functie | Milieucategorie | Richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) Manege | 2 | 50 | ±70 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de feitelijke situatie. Vervolgonderzoek is niet benodigd. Feitelijke situatie – agrarisch gebied 1c Ten aanzien van het agrarisch gebied als 1c op de kaart aangeduid, zijn de gronden aangewezen voor landschappelijke waarden met een ammoniakbuffergebied, waardoor er geen uitbreiding of hervestiging van een veehouderijbedrijf is toegestaan, om het Gelders natuurwetwerk te beschermen. Daarnaast is ook een aanduiding aanwezig om groene zones te ontwikkelen. Er kan akkerbouw plaatsvinden op deze percelen. Daarom wordt getoetst aan akkerbouw en milieucategorie 2.

Functie | Milieucategorie | Richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) Akkerbouw | 2 | 30 | ±150 meter 11 / 16 12 / 16 Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de feitelijke situatie. Vervolgonderzoek is niet benodigd. 2. Gemengd Ten westen van het besluitgebied bestaat een perceel met een gemengde functie, met deels de functieaanduidingen ‘zorginstelling’ en ‘parkeergarage’ . Deze functies zijn hier maximaal mogelijk, waarbij de parkeergarage niet publiek toegankelijk is en dus niet in de bedrijvenlijst valt. Deze is enkel bedoeld voor bewoners. Deze functie valt daardoor onder verpleeghuizen, met milieucategorie 2. Deze milieucategorie heeft een afstand van 30 meter in rustige gebieden. Bestemming Maximale milieucategorie Maximale richtafstand rustig gebied (in meters) Gemeten afstand Gemengd 2 30 ±45 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie. Nadere beschouwing is niet benodigd. 3. Maatschappelijk Direct ten zuidwesten van het besluitgebied en verder naar het westen bestaan een aantal percelen met een maatschappelijke functie. Perceel 3c heeft de functieaanduiding ‘begraafplaats’, de andere percelen hebben geen nadere aanduiding.

Deze gronden zijn bestemd voor maatschappelijke voorzieningen, waarbij door het gebrek aan functieaanduiding de volgende functies zijn uitgesloten: zorgplekken voor dak- of thuislozen, kantoren, sporthallen, detailhandel, paardrij- en scoutingverenigingen, garageboxen, kringloopwinkels, horeca, en begraafplaatsen op perceel 3a, 3b en 3d. De maximale toepasbare milieucategorie is daardoor 2, voor bijvoorbeeld een ziekenhuis of kinderopvang1. Deze milieucategorie heeft een afstand van 30 meter in rustige gebieden. 1 Gebruikelijk wordt een brandweerkazerne (cat. 3.1) gehanteerd voor de maximale invulling van een maatschappelijke bestemming, maar in dit bestemmingsplan valt deze onder ‘bedrijf’. Maximale toegestane | Maximale Bestemming | milieucategorie | richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) 3a Maatschappelijk | 2 | 30 | ±35 meter 3b Maatschappelijk | 2 | 30 | ±400 meter 3c Maatschappelijk | 2 | 30 | ±370 meter 3d Maatschappelijk | 2 | 30 | ±250 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie. Nadere beschouwing is niet benodigd. 4. Bedrijventerrein Ten zuidwesten van het besluitgebied bestaat een aantal percelen bestemd voor een bedrijventerrein. Hierbinnen is met functieaanduidingen aangegeven in welke categorie bedrijven mogen vallen.

Voor de relevante percelen geldt dat de maximale planologische milieucategorie 3.2 betreft voor perceel 4a en categorie 2 voor 4b. Deze milieucategorieën hebben een afstand van 100 resp. 30 meter in rustige gebieden. Maximale toegestane | Maximale Bestemming | milieucategorie | richtafstand rustig | Gemeten afstand gebied (in meters) 4a Bedrijventerrein | 3.2 | 100 | ±200 meter 4b Bedrijventerrein | 2 | 30 | ±200 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie. Nadere beschouwing is niet benodigd. 5. Kantoor Ten zuiden van het besluitgebied bestaat een perceel bestemd voor kantoren, met daaraan ondersteunend horeca, detailhandel en bedrijfswoningen. Deze functie kan onder verschillende soorten bedrijven met kantoren vallen, allen met 13 / 16 14 / 16 milieucategorie 1. Deze milieucategorie kent een afstand van 10 meter in rustige gebieden. Bestemming Maximale toegestane milieucategorie Maximale richtafstand rustig gebied (in meters) Gemeten afstand Kantoor 1 10 ±200 meter Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie. Nadere beschouwing is niet benodigd. 6.

Bedrijf - nutsvoorziening Ten zuiden van het besluitgebied bestaat een perceel bestemd voor het uitvoeren van bedrijfsmatige activiteiten voor openbaar nut, oftewel nutsvoorzieningen, waaronder gasdruk-, meet- en regelstations, transformatoren en gelijksoortige voorzieningen. Uit de functieaanduiding blijkt dat de maximale planologische mogelijkheid milieucategorie 4.2 betreft. Deze milieucategorie heeft een afstand van 300 meter in rustige gebieden. Bestemming Maximale toegestane milieucategorie Maximale richtafstand rustig gebied (in meters) Gemeten afstand Bedrijf 4.2 300 ±230 meter Daarmee kan niet op voorhand worden voldaan aan de richtafstand voor de maximaal planologische situatie dit perceel. Er is een nadere beschouwing van de feitelijke aanwezige bedrijven benodigd. 15 / 16 Feitelijke situatie Er is hier een transformatorstation ten behoeve van het bedrijventerrein gevestigd, wat door Tennet wordt beheerd en benoemd is als Hoogspanningsstation Doetinchem 150. Er zijn hier aansluitingen van 10, 20 en 150 kV met een netstroom van 3x80 A voor de omliggende bedrijven.2 Geluid is hier de bepalende factor voor de richtafstand. Het bedrijventerrein Keppelseweg-De Huet betreft echter een gezoneerd industrieterrein, waaraan dit bedrijf door middel van het vastleggen van zijn maximaal toegestane activiteiten in zijn milieuvergunning dient te voldoen.

Onderstaande figuur toont de geluidzone, hierbuiten kan geen hinder worden verwacht. Het besluitgebied ligt hier ruim buiten. Bestemmingsplan Stedelijk gebied – 2021, grens geluidzone in rood. (bron: ruimtelijke plannen, bewerking: SAB) Daarmee wordt voldaan voor de feitelijke situatie. Vervolgonderzoek is niet benodigd. 2 HoogspanningsNet, https://webkaart.hoogspanningsnet.com/index2.php#16/51.9735/6.2764

16 / 16 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling omvat de realisatie van een park en een aantal woonerven. Aan de noordelijke rand komt daarnaast een biologische wijngaard. Hiermee worden (hoofdzakelijk) de functies wonen, natuur en agrarisch mogelijk gemaakt op een locatie waar nu nog slechts sprake is van een agrarische functie. In deze quickscan milieubelastende activiteiten is op basis van de Handreiking Activiteiten en milieuzonering en de VNG-publicatie 2009 getoetst of er sprake zal zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hierbij is uitgegaan van de richtafstanden voor een rustig buitengebied. Hinder ten gevolge van de ontwikkeling op de omgeving ‘Wonen’ en ‘natuur’ betreffen geen hinderveroorzakende functies. ‘Agrarisch’ is wel mogelijk een hinderveroorzakende functie, maar deze is hier reeds sinds tenminste 2004 in het bestemmingsplan toegestaan. Daarom wordt aangenomen dat reeds sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hinder ten gevolge van de omgeving op de ontwikkeling Er wordt voldaan aan de richtafstanden voor het merendeel van de omliggende percelen bij toetsing aan de maximale planologische situatie. Echter is de situatie voor de omliggende agrarische gronden en de percelen bedrijf- nutsvoorziening ten zuidwesten nader beschouwd.

Bij de beschouwing van de feitelijke situatie blijkt dat er wordt voldaan aan de richtafstanden of dat het besluitgebied buiten de geluidzone van het bedrijventerrein ligt. Er bestaat voldoende afstand tussen de nieuwe hindergevoelige gebouwen en de hinderveroorzakende activiteiten in de omgeving en binnen het plan, waardoor sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Er is geen nader onderzoek benodigd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/52963