CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

7.2 Poelman van den Broek, 26-02-2026, bijlage memo.pdf

gemeenteraad 26 februari 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 6: Ingekomen brieven1.320 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Aan: Van: Inzake: Datum:

Edwin Ten Brinke R.J.H. Minkhorst Amphionstraat 3 Doetinchem 3 februari 2026

Beste Edwin, Je hebt ons gevraagd of ter plaatse van de Amphionstraat 3, naast een woningbouwproject van jullie, een Dak- en thuislozen opvang is toegestaan. De omschrijving van wat dit precies in zal gaan houden wordt door de gemeente en Iriszorg (de aanbieder) net wat anders omschreven. In deze memo ga ik uit van de uitleg van Iriszorg. Uitgaande van de uitleg van Iriszorg betreft het een opvanglocatie voor dak- en thuislozen veelal met verslavingsproblematiek. Er is permanent toezicht en begeleiding en veel dak- en thuislozen zijn dagelijks of met grote regelmaat in de nachtopvang aanwezig. Het is voorts de bedoeling dat er ruimten voor dagbesteding en een gezamenlijke buitenruimte komt om zwerven te voorkomen. De vraag is of dit binnen de bestemming gemengd-4 van het bestemmingsplan ‘Stedelijk gebied – 2021’ is toegestaan. Conclusie: Ik zie aanknopingspunten om te betogen dat het door Iriszorg beoogde concept niet is toegestaan, maar ik acht de kans (net iets) groter dat een rechter op basis van een letterlijke uitleg concludeert dat sprake is van een toegestaan gebruik, tenzij letterlijk sprake is van 24-uurs begeleidwonen voorziening met zorgplekken voor dak- en thuislozen met verslavingsproblematiek of een justitieel verleden. Ik vermoed wel dat Iriszorg (en de gemeente) er ook niet geheel gerust op zullen zijn.

Toelichting: Op grond van artikel 14.1 zijn de volgende functies, voor zover relevant toegestaan: a. b. c.

Dienstverlening Kantoren, … Maatschappelijke voorzieningen, met uitzondering van voorzieningen voor een 24-uurs begeleidwonenvoorziening met zorgplekken voor dak- of thuislozen met een verslavingsproblematiek of justitieel verleden

In artikel 1.76 is maatschappelijke voorzieningen gedefinieerd als: “educatieve, sociale, medische en levensbeschouwelijke voorzieningen evenals voorzieningen voor openbare dienstverlening, of een combinatie daarvan, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen” In artikel 1.85 is openbare dienstverlening gedefinieerd als: “dienstverlening door een overheids- of semi-overheidsinstelling” Aldus is duidelijk dat wonen niet is toegestaan. Helaas is het begrip ’24-uurs begeleidwonenvoorziening met zorgplekken voor dak- of thuislozen niet gedefinieerd. Wel is nog van belang dat in artikel 8 (Centrum), om precies te zijn in artikel 8.1 onder d dezelfde bepaling is opgenomen als in artikel 14.1 sub c. In artikel 8.5.3 is ook nog eens expliciet opgenomen dat onder een verboden gebruik wordt verstaan het gebruik als voorziening voor 24

uurs begeleidwonen met zorgplekken voor dak- of thuislozen met een verslavingsproblematiek of justitieel verleden. In artikel 8.6.1 is ook een afwijkingsregel opgenomen die luidt: 8.6 Afwijken van de gebruiksregels 8.6.1 Dak- en thuislozenvoorziening Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het in lid 8.5.3 genoemde gebruiksverbod voor de realisatie van een 24 uurs begeleidwonenvoorziening voor dak- of thuislozen met een verslavingsproblematiek of justitieel verleden onder voorwaarden dat: a.

het voornemen om een dergelijke voorziening te realiseren passend is binnen de regiovisie 'Opvang en Bescherming in de Achterhoek', zoals vastgesteld bij raadsbesluit van 6 december 2017 (Bijlage 10), met dien verstande dat wanneer deze visie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging; b. een veiligheidsanalyse voor het bewuste gebruik is uitgevoerd; c. een beheersplan voor het bewuste gebruik is opgesteld; d. een convenant inzake het beheersplan tussen exploitant / eigenaar en gemeente is opgesteld en overeengekomen; e. uit voorgaande documenten blijkt dat het beoogde gebruik qua aard en schaal passend is in de omgeving; f. parkeren op eigen terrein plaatsvindt; g. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken niet onevenredig worden aangetast; h. de ruimtelijke uitwerking van de afwijking aanvaardbaar is. Aldus is op grond van de planregels niet geheel duidelijk wat wel en niet aan opvang is toegestaan. In de toelichting (paragraaf 5.2.2.6, die ziet op de bestemming centrum, is nog geschreven): “Met een afwijking is een nieuwe woning of een dak- en thuislozenvoorziening mogelijk. Dit kan alleen als aan specifieke voorwaarden wordt voldaan.

…… Bij de afwijking voor een dak- en thuislozenvoorziening moet aan de voorwaarde worden voldaan dat de voorziening past in het beleidsplan van de openbare geestelijke gezondheidszorg (oggz).” Allereerst is de vraag of een dak- en thuislozen opvang een maatschappelijke voorziening is. In definitie van maatschappelijke voorziening is onder andere bepaald dat sociale en medische voorzieningen alsmede een combinatie daarvan zijn toegestaan. Deze begrippen zijn niet gedefinieerd. Gelet op bijv. een uitspraak van de Rb overijssel van 29 oktober 2021, ECLI:NL:RBOVE:2021:4042, r.o. 14 is vereist dat dan sprake is van medische handelingen waarvoor een opleiding vereist is. Het toedienen van medicijnen, het geven van sondevoeding en het vervangen van een stoma kwalificeren niet als zodanig. Ook is van belang waar de medische eindverantwoordelijkheid ligt. De vraag is derhalve welke mate van medische zorg verstrekt wordt of dit maakt dat het medisch is. Het begrip ‘sociaal’ is in het bestemmingsplan als gezegd ook niet gedefinieerd. In Van Dale wordt dit als volgt gedefinieerd: “sociaal: betrekking hebbend op de menselijke samenleving, de menselijke maatschappij en de verhoudingen, het gezamenlijk leven, de vormen en toestanden daarin.” Een zeer ruime omschrijving waarvan gesteld zou kunnen worden dat opvang daaronder valt.

Daarnaast zou ook gesteld kunnen worden dat Iriszorg een semi-overheidsinstelling die openbare diensten verleend. Dat zou ook al maken dat zij onder het begrip maatschappelijke voorzieningen valt. Gelet op het bovenstaande ben ik dan ook van mening dat de kans reëel is dat een rechter zal oordelen dat dak- en thuislozen opvang een maatschappelijke voorziening is in de zin van het bestemmingsplan. Het feit dat een specifieke vorm van dak- en thuislozenopvang wordt uitgezonderd, duidt daar ook op.

2 van 3

Vervolgens is dan de vraag of de voorziening valt onder de uitzondering (“uitgezonderd 24-uurs begeleidwonenvoorziening met zorgplekken voor dak- en thuislozen met een verslavingsproblematiek of justitieel verleden). Helaas bevat het bestemmingsplan geen definitie. Uitgangspunt blijkens de jurisprudentie is een letterlijke lezing, in verband met de rechtszekerheid. Met de gemeente (en vermoedelijk Hekkelman) ben ik van mening dat 24-uurs begeleidwonenvoorziening duidt op een permanent verblijf, voortdurende begeleiding en toezicht en ondersteuning. Aldus kan gesteld wordt dat een kortere opvang hier niet onder valt. Hier valt tegen in te brengen dat het bestemmingsplan en de toelichting ook duidelijke aanknopingspunten bieden om te betogen dat simpelweg alle dak- en thuislozen opvang bedoeld is uit te sluiten en louter via een afwijkingsmogelijkheid in de bestemming ‘centrum’ mogelijk te maken. Het kopje van artikel 8.6.1 (hoewel dat niet bepalend is) duidt daar op en ook in de toelichting wordt in algemene zin gesproken over dak- en thuislozen opvang. Hier komt nog bij dat de strikte lezing maakt dat een onderscheid gemaakt wordt, dat ruimtelijk niet relevant is.

Waarom namelijk de ene persoon met achterliggende problematiek wel en de andere persoon niet opgevangen zou mogen worden is op voorhand (en iedere motivering ontbreekt) niet te volgen (zie ook kopje exceptieve toetsing). Dit pleit derhalve ook voor een ruimere uitleg. Ik acht dit standpunt zeker verdedigbaar en mijns inziens lopen de gemeente en Iriszorg een niet te verwaarlozen risico als zij besluiten het pand in gebruik te nemen voor de beoogde opvang. Exceptieve toetsing Tot slot merk ik nog op dat dat uitzondering (uitgezonder 24-uurs begeleidwonenvoorziening met zorgplekken voor dak- en thuislozen met verslavingsproblematiek of een justitieel verleden), als deze zo strikt gelezen moet worden, dermate specifiek is dat de vraag is of dit in het kader van een exceptieve toetsing stand houdt. In het kader van de exceptieve toetsing zal een rechter beoordelen of deze bepaling evident in strijd is met hogere regelgeving (o.a. artikel 3.1 Wro, ABBB). Aangenomen dat een rechter inderdaad van oordeel is dat een ongeoorloofd onderscheid is gemaakt – wat ik verwacht -, zou dit kunnen betekenen dat de gehele functie ‘maatschappelijke voorzieningen’ buiten toepassing blijft. Kortom: het is zeker geen uitgemaakte zaak dat ter plaatse de beoogde opvang is toegestaan. Rudi Minkhorst

3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8375/documents/51714