CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-26 Bijlage 1 Oplegger bij onderzoeksrapport dak- en thuisloze.pdf

informatieve raadsbijeenkomst 4 april 2024, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Toekomstbestendige huisvesting dak- en thuisloze mensen1.347 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Oplegger bij:

Onderzoek aantal dak- en thuislozen in de regio Achterhoek Aanleiding

De gemeente Doetinchem is centrumgemeente voor de voorzieningen rond Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang in de regio Achterhoek. De regio bestaat uit acht gemeenten: Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk. Door middel van een bestuursopdracht (24 april 2023) is opdracht gegeven om een impuls te geven aan de ontwikkeling van toekomstbestendige huisvesting voor dak- en thuislozen. Een belangrijke eerste stap daarbij betreft het nauwkeurig in beeld brengen van het actuele aantal dak- en thuislozen in de regio. Om hierop effectief beleid te formuleren, is het van belang om de omvang van het aantal dak- en thuislozen en de aard van de problematiek in kaart te brengen. Door te onderzoeken om hoeveel personen het gaat en welke profielen deze mensen bezitten ontstaat er meer inzicht. Dit is dan ook het doel van de onderzoek, namelijk om in de regio de Achterhoek het aantal dak- en thuislozen in de regio Achterhoek in beeld te brengen. De telling heeft plaatsgevonden in de week van 30 oktober 2023 tot en met 3 november 2023. Er hebben 23 organisaties meegeteld, waaronder de 8 gemeenten, zorgorganisaties, maatschappelijke organisaties, etc. Om de diversiteit van de doelgroep in beeld te brengen is aan de respondenten gevraagd om de dakCategorie

Aantal

1.

In de openbare ruimte

13

2.

In de (nood)opvang

15

3.

In een opvang voor thuislozen of tijdelijke verblijf

62

4.

In een instelling

21

Subtotaal

111

5.

In een niet-conventionele ruimte

52

6.

Bij familie, vrienden of kennissen

75

7.

In een woning met dreigende uithuiszetting

18

Onbekend

8

Totaal

264

Briefadres Het gaat om betrekkelijk grote aantallen, maar hierbij moet wel de nuancering worden geplaatst, dat het niet zo is dat de centrumgemeente voor elke van deze inwoners een (wettelijke) taak heeft om deze inwoners aan een passende woonplek te helpen.

verantwoordelijkheid, welke zijn vastgelegd in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Het gaat daarbij om inwoners die vallen onder categorie 1 tot en met 3. Deze drie landelijk geldende definitie van de maatschappelijke opvang, waar de centrumgemeente HE/24/0133/tddoe | 30 januari 2024 |

Bureau HHM | pagina 1

verantwoordelijkheid voor draagt. Het gaat daarbij om . Voor categorie 4 geldt dat de centrumgemeente voor een deel van deze groep verantwoordelijk is. Het gaat daarbij om die inwoners die uitstromen vanuit een instelling voor Beschermd Wonen die valt onder de Wmo of vanuit een instelling die valt onder de Jeugdwet op het moment dat deze persoon 18 jaar wordt. Het is de verantwoordelijkheid van gemeenten om zorg te dragen voor een passende woonplek op het moment dat desbetreffende persoon uitstroomt. Naar verwachting is dit een verantwoordelijkheid die ook wettelijk wordt verankerd op het moment dat het Wetsvoorstel Versterking Regie op de Volkshuisvesting zijn intrede doet.

redenen waardoor mensen in deze situaties belanden erg divers zijn. Zo lijkt een deel van de groep er zelf (bewust) voor te kiezen om in een niet-conventionele woonruimte te verblijven. Ook is er een groep waar op het eerste gezicht alleen een woonbehoefte speelt en geen ondersteuningsbehoefte. Voor de categorie waar een uithuiszetting dreigt speelt de vraag mee in hoeverre uithuiszetting niet voorkomen moet worden, zodat van dak-

r is.

Voor de inwoners met een briefadres geldt dat het vaak niet duidelijk is waar deze inwoners daadwerkelijk verblijven. Ook is vaak niet duidelijk wat de aanleiding is geweest om een briefadres aan te vragen.

dak- of thuisloos geraken en verantwoordelijkheid die de centrumgemeente heeft om deze inwoners al dan niet te ondersteunen is het belangrijk om zorgvuldig om te gaan met de onderzoeksresultaten. Desalniettemin gaat het om een feitelijk telling en kunnen de uitkomsten niet worden genegeerd. Vanuit dat oogpunt is het belangrijk dat de centrumgemeente in haar aanpak om te komen tot toekomstbestendige huisvesting voor dak- en thuislozen nadrukkelijk onderscheid maakt tussen de

met 7). Ten aanzien van de eerste groep (categorie 1 tot en met 4) wordt geadviseerd om samen met de voor de planvorming om te komen tot toekomstbestendige huisvesting voor dak- en thuislozen in de regio Achterhoek. Hierbij is het ook belangrijk om te kijken naar de situatie van 19 minderjarigen die ook binnen deze groep worden meegeteld en hierbij actief naar passende oplossingen te zoeken. Ten aanzien van de tweede groep (categorie 5 tot en met 7) wordt geadviseerd om verdiepend onderzoek te doen naar aard en oorzaak van de ontstane situatie en daar in overleg met de regiogemeenten passend beleid op te ontwikkelen. Hierbij is het belangrijk om goed in beeld te brengen of naast er naast de woonbehoefte van deze personen er ook sprake is van een zorg- of

HE/24/0133/tddoe | 30 januari 2024 |

Bureau HHM | pagina 2

ondersteuningsbehoefte en zo ja, hoe deze eruit ziet. Dit is namelijk niet altijd het geval, zo blijkt uit een eerste verdieping. Met betrekking tot de briefadressen is het aan te raden om nader uit te zoeken in hoeveel gevallen er hierbij ook sprake is van een zorg- of ondersteuningsbehoefte en zo ja, hoe deze eruit ziet. Tot slot moet ten aanzien van de spreiding van de verschillende groepen over de regio worden opgemerkt dat in het onderzoek wel in kaart is gebracht in welke gemeente desbetreffende personen in de week van de telling verbleven, maar dat niet in kaart is gebracht wat de herkomstgemeente van deze personen is. Ook verschillen de inspanningen die de verschillende gemeenten hebben geleverd ten tijde van het onderzoek. Dit heeft tot gevolg dat in de ene gemeente actiever en grondiger is geteld, dan in de andere. Vanuit dat oogpunt wordt geadviseerd om terughoudend te zijn in het verbinden van conclusies over de spreiding van de populatie over de regio en wat dit betekent voor de bijdrage die individuele gemeenten hieraan moeten bijdragen. De cijfers kunnen echter wel helpend zijn om het gesprek hierover op gang te brengen en om nader te verkennen hoe de gemeenten, al dan niet in gezamenlijkheid en vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid, met de geconstateerde opgave aan de slag gaan. Dit vanuit het oogpunt van fair-share en solidariteit. Vervolgproces

Op basis van de uitkomsten van het onderzoek wordt voorgesteld om de volgende vervolgstappen te zetten. 1. het plan om te komen tot toekomstbestendige huisvesting voor dak- en thuislozen. 2.

De regio doet verdiepend onderzoek naar categorie 5 tot en met 7 om te verkennen in hoeverre gemeenten een rol hebben om deze groep inwoners actief te huisvesten.

3.

De regio doet nader onderzoek naar briefadressen en brengt in beeld hoe groot de groep is waarbij ook sprake is van een zorg- of ondersteuningsvraag.

4.

De regio gebruikt de inzichten uit het onderzoek om intergemeentelijk het gesprek te voeren over de spreiding van de huisvestingsopgave en de bijdrage die elke gemeenten hieraan kan leveren.

Bijlagen

1.

Onderzoek aantal dak- en thuislozen in de regio Achterhoek

HE/24/0133/tddoe | 30 januari 2024 |

Bureau HHM | pagina 3

Bijlage voorbeelden (alleen voor intern gebruik) Voorbeelden van inwoners waar wel een woonvraag, maar geen zorgvraag aan de orde is: Persoon is aan het rondtrekken in een camper maar wil wellicht emigreren naar het buitenland Persoon heeft op diverse plakken in intramurale instellingen gewoond met tussen periodes van opname. Nu uit nood na ontslag thuis komen te wonen bij familie. Gezin werkt op de kermis, zijn ook opgegroeid in een woonwagen. Willen ook niet in een woning. Hebben wel gewoon een adres (op de camping) Persoon is werkzaam als ZZP in de bouw. heeft enorme schulden en kan de camping niet meer betalen. Zal binnenkort in auto gaan wonen. Voorbeelden van inwoners met een briefadres: Sliep bij aanvraag van briefadres in niet-conventionele ruimte: op de grond in haar kapsalon Persoon zegt schipper te zijn en woont dus waarschijnlijk op zijn boot. Persoon woonde met partner voor de aanvraag van briefadres (2021) op een camping. Vanaf 2022 wonen ze op een woonboot totdat ze een huis hebben. Persoon zei bij aanvraag briefadres bij verschillende vrienden te slapen, sliep soms ook in zijn auto of op zijn werk

HE/24/0133/tddoe | 30 januari 2024 |

Bureau HHM | pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7980/documents/46450