CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

12-09-2022 Beantwoording vragen GroenLinks, Bijlage Advies omgevingsvergunning activiteit milieu koningsweg 5 wehl.pdf

gemeenteraad 29 september 2022, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 6: Tijdelijk elektrisch crossen aan de Koningsweg 5 in Wehl8.789 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADVIES volgens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

Datum: 15 juni 2022

Gemeente: Doetinchem

Zaaknummer ODA: 2021WU0396

ADVIES ACTIVITEIT MILIEU Onderwerp Op 12 augustus 2021 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor onder andere het oprichten en het in werking hebben van een outdoor centrum op het adres Koningsweg 5 in Wehl voor de activiteiten: paintball, lasergame, airsoft, zeskamp en crossen met elektrische crossmotoren voor een termijn van maximaal 10 jaar. De aanvraag is geregistreerd met de volgende kenmerken: • OLO-nummer: 6307253; • zaaknummer Omgevingsdienst Achterhoek: 2021WU0396. De aanvraag heeft betrekking op de volgende activiteiten: • het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor een termijn van maximaal 10 jaar (artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, sub 1 en 3 van de Wabo); • handelen in strijd met ruimtelijke ordening voor het tijdelijk afwijken van de regels van het geldende bestemmingsplan Buitengebied 2002 Wehl voor een termijn van maximaal 10 jaar (artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo). Het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem heeft de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA) gevraagd om advies uit te brengen over de activiteit milieu. Advies Wij adviseren om, gelet op de overwegingen die zijn genomen in dit advies en gelet op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de Wet milieubeheer, te besluiten: 1.

De aangevraagde omgevingsvergunning te verlenen voor de volgende activiteit: het oprichten en in werking hebben van een inrichting (activiteit milieu) op grond van artikel 2.1, lid 1, aanhef en onder e, sub 1 en 3, van de Wabo, voor een termijn van maximaal 10 jaar na de datum van onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning; 2. Aan de omgevingsvergunning voorschriften te verbinden die zijn opgenomen in bijlage 1 - voorschriften milieu; 3. De volgende delen van de aanvraag onderdeel uit te laten maken van de omgevingsvergunning: • aanvraagformulier (OLO-nummer: 6307253), datum: 12 augustus 2021, documentnaam: 6307253_1631258137180_papierenformulier; • besluit op aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling, datum: 4 december 2019, kenmerk: 2019MER0040, documentnaam: 6307253_1628768848145_Besluit_m.e.r.-beoordeling_4-12-2019; • toelichting aanvraag omgevingsvergunning (milieu, oprichting), opgesteld door adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 12 augustus 2021, documentnaam: 6307253_1628769010497_Toelichting_aanvraag_Teamgamez; • plattegrondtekening met terreinindeling en riolering, datum: augustus 2019, documentnaam: 6307253_1628768988974_Terreinindeling_Teamgamez_en_riolering; • plattegrondtekening ontvangstgebouw, datum: 18 april 2019, documentnaam:

2021WU0396

1 van 24

6307253_1628768919858_Plattegrond_ontvangstgebouw; paintball Material Safety Data Sheet, datum: 1 januari 2017, documentnaam: 6307253_1628768894758_paintballs_samenstelling; • brief toelichting berekening stikstofdepositie, opgesteld door adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 8 maart 2021 2019, kenmerk: 19713-3, documentnaam: 6307253_1628768864479_Briefrapport_Aerius_19713-3_8-3-2021; • berekening stikstofdepositie in aanlegfase, datum 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RR5eQG7Qzpd2, documentnaam: 6307253_1628768821044_AERIUS_bijlage_20210308080923_RR5eQG7Qzpd2; • berekening aanlegfase op eigen rekenpunt D, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RevJyDknGKkd, documentnaam: 6307253_1628768800839_Aanlegfase_op_eigen_rekenpunten_D; • berekening stikstofdepositie in gebruiksfase, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RigdJWqcXAup, documentnaam: 6307253_1628768834847_AERIUS_bijlage_20210308085452_RigdJWqcXAup; • berekening gebruiksfase op eigen rekenpunt D, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RkdHn7KFQjES, documentnaam: 6307253_1628768879503_Gebruiksase_op_eigen_rekenpunten_D; • rapport geluidsonderzoek, opgesteld door adviesbureau Het geluidBuro, datum: 16 juni 2021, kenmerk: 7031 GS - 5 W0006 16-06-2021 V3.0, documentnaam: 6307253_1628768747365_Akoestisch_onderzoek_16-06-2021_V3.0; • bijlage ‘Ruimtelijke onderbouwing tijdelijke afwijkend gebruik tbv elektrisch motorcrossen’, datum:

14 maart 2022, documentnaam: 6307253_1628768772673_Ruimtelijke_onderbouwing; • brief wijzigen aanvraag omgevingsvergunning, opgesteld door Adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 16 maart 2022, kenmerk: 22510, documentnaam: Brief_wijziging_22510. 4. Op grond van artikel 8.42, van de Wet Milieubeheer en artikel 3.131, lid 5 en artikel 2.2, lid 4, van het Activiteitenbesluit milieubeheer (hierna: Activiteitenbesluit) voor de inrichting op het adres Koningsweg 5 in Wehl maatwerkvoorschriften op te leggen voor de ontheffing van een vetafscheider. Deze voorschriften zijn opgenomen in het onderdeel “A. Maatwerkvoorschriften Activiteitenbesluit milieubeheer afvalwater”. 5. Op grond van artikel 8.42 van de Wet Milieubeheer en artikel 2.7, lid 2 van het Activiteitenbesluit voor de inrichting op het adres Koningsweg 5 in Wehl maatwerkvoorschriften op te leggen voor de diffuse emissie van stof. De voorschriften zijn opgenomen in het onderdeel “B. Maatwerkvoorschriften Activiteitenbesluit milieubeheer diffuse emissie van stof”; 6. Om voor de maatwerkvoorschriften de Uniforme openbare voorbereidingsprocedure van Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) te volgen. •

De voorschriften voor het aspect milieu zijn opgenomen in ‘bijlage 1 – voorschriften milieu’. De algemene overwegingen zijn opgenomen in ‘bijlage 2 – overwegingen algemeen’. De inhoudelijke overwegingen zijn opgenomen in ‘bijlage 3 – overwegingen milieu’. De begrippenlijst is opgenomen in ‘bijlage 4 – begrippenlijst’.

2021WU0396

2 van 24

BIJLAGE 1 – VOORSCHRIFTEN MILIEU

1

ALGMENE VOORSCHRIFTEN

1.1

Terrein van de inrichting en toegankelijkheid

1.1.1

Binnen de inrichting moet een overzichtelijke en actuele plattegrond, zoals de plattegrondtekening die onderdeel uitmaakt van deze aanvraag, aanwezig zijn. Op deze plattegrond moeten ten minste de volgende aspecten zijn aangegeven: a. alle gebouwen en de installaties met hun functies; b. alle opslagen van stoffen welke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen veroorzaken met vermelding van aard en maximale hoeveelheid.

1.1.2

Op het terrein van de inrichting moet een zodanige afscheiding aanwezig zijn dat de toegang tot de inrichting voor onbevoegden redelijkerwijs niet mogelijk is.

1.1.3

De inrichting moet schoon worden gehouden en in goede staat van onderhoud verkeren.

1.1.4

Gebouwen, installaties en opslagvoorzieningen moeten altijd goed bereikbaar zijn voor alle voertuigen die in geval van calamiteiten toegang tot de inrichting/installatie moeten hebben. Binnen of nabij de installaties mogen geen andere goederen of stoffen worden opgeslagen dan die welke voor het proces nodig zijn of daardoor zijn verkregen, met uitzondering van brandbestrijdingsmiddelen.

1.1.5

De openingstijden van inrichting zijn dagelijks van 10:00 tot 22:00 uur.

1.1.6

Er geldt per dag een maximaal aantal bezoekers van: • 110 personen in de dagperiode, van 10:00 uur tot 19.00 uur; • 50 personen in de avondperiode van 19.00 tot 22.00 uur.

1.1.7

Van het maximaal aantal bezoekers per activiteit per dag- en avondperiode moet een (digitale) registratie worden bijgehouden.

1.1.8

Op het terras mogen maximaal 50 zitplaatsen aanwezig zijn.

1.1.9

Alle voertuigen van personeelsleden en bezoekers van de inrichting moeten geparkeerd worden op het daarvoor bestemde parkeerterrein, zoals aangegeven op de plattegrondtekening met ‘terreinindeling, Stille Wald, Koningsweg 5 Wehl’, datum: augustus 2019.

1.2

Instructies

1.2.1

De vergunninghouder moet de binnen de inrichting (tijdelijk) werkzame personen instrueren over de voor hen van toepassing zijnde voorschriften van deze vergunning en de van toepassing zijnde veiligheidsmaatregelen. Tijdens het in bedrijf zijn van installaties die in geval van storingen of onregelmatigheden kunnen leiden tot nadelige gevolgen voor het milieu, moet steeds voldoende, kundig personeel of een alarmeringssysteem aanwezig zijn om in voorkomende gevallen te kunnen ingrijpen.

2021WU0396

3 van 24

1.2.2

De vergunninghouder moet één of meer personen aanwijzen die in het bijzonder belast zijn met de zorg voor de naleving van de in deze vergunning opgenomen voorschriften.

1.3

Meldingen

1.3.1

De vergunninghouder moet direct nadat de vergunning in werking is getreden schriftelijk naam en telefoonnummer opgeven aan het bevoegd gezag van degene (en van diens plaatsvervanger) met wie in spoedeisende gevallen, ook buiten normale werktijden, contact kan worden opgenomen. Als deze gegevens wijzigen moet dit vooraf onder vermelding van de wijzigingsdatum schriftelijk worden gemeld aan het bevoegd gezag.

1.3.2

Onderhoudswerkzaamheden, waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen, dat deze buiten de inrichting nadelige gevolgen voor het milieu kunnen veroorzaken, dan wel dat hiervan in de omgeving meer nadelige gevolgen voor het milieu worden ondervonden dan uit de normale bedrijfsvoering voortvloeit moeten ten minste 5 dagen voor de aanvang van de uitvoering aan het bevoegd gezag worden gemeld.

1.4

Registratie

1.4.1

Binnen de inrichting is een exemplaar van deze vergunning (inclusief aanvraag) met bijbehorende voorschriften aanwezig. Verder zijn binnen de inrichting de volgende documenten aanwezig: a. alle overige voor de inrichting geldende milieuvergunningen en meldingen voor de activiteit milieu; b. de veiligheidsinformatiebladen die behoren bij de in de inrichting aanwezige gevaarlijke stoffen; c. de bewijzen, resultaten en/of bevindingen van de in deze vergunning voorgeschreven inspecties, afgifte van afvalstoffen, onderzoeken, keuringen, onderhoudsbeurten en/of metingen; d. de registratie (logboek) van de datum, begin- en eindtijd en het maximaal aantal deelnemers per activiteit per dag- en avondperiode; e. de registratie van het jaarlijks elektriciteitsverbruik.

1.4.2

De documenten genoemd in het vorige voorschrift moeten ten minste vijf jaar worden bewaard. Deze documenten mogen digitaal aanwezig zijn.

1.4.3

Klachten van derden en de actie die door de vergunninghouder is ondernomen om de bron van de klachten te onderzoeken en eventueel weg te nemen, moeten worden geregistreerd.

2021WU0396

4 van 24

2

AFVALSTOFFEN

2.1

Afvalscheiding

2.1.1

Vergunninghouder is verplicht de volgende afvalstromen te scheiden, gescheiden te houden en gescheiden aan te bieden dan wel zelf af te voeren: • papier en karton; • restafval.

2.2

Opslag van afvalstoffen

2.2.1

De op- en overslag en het transport van afvalstoffen moeten zodanig plaatsvinden dat zich geen afval in of buiten de grens van de inrichting kan verspreiden.

2.2.2

Er mogen geen afvalstoffen, als gevolg van de activiteiten binnen inrichting of van de bezoekers van de inrichting, buiten de grens van de inrichting komen.

2.2.3

Dagelijks worden er visuele inspecties uitgevoerd om te zien of er afvalstoffen buiten de grens van de inrichting aanwezig zijn.

2.2.4

Indien bij de dagelijkse inspectie geconstateerd wordt dat er afvalstoffen buiten de grens van de inrichting aanwezig zijn, worden deze direct verwijderd.

2.3

Afgifte afvalstoffen

2.3.1

Afvalstoffen moeten zo vaak als nodig uit de inrichting worden afgevoerd naar een daartoe erkende inzamelaar.

2.3.2

Het bewijs van afgifte van afvalstoffen moet gedurende ten minste vijf jaar binnen de inrichting worden bewaard en aan de daartoe bevoegde personen op aanvraag ter inzage worden gegeven.

2021WU0396

5 van 24

3

GELUID

3.1

Meten en berekenen conform handleiding

3.1.1

Het meten en berekenen van de geluidsniveaus en het beoordelen van de meetresultaten moet plaatsvinden overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai, uitgave 1999.

3.2

Representatieve bedrijfssituatie

3.2.1

Het langtijdgemiddeld geluidniveau (LAr,LT) en het maximale geluidsniveau (LAmax) veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige toestellen en installaties, door de in de inrichting verrichte werkzaamheden of activiteiten, alsmede door het transportverkeer binnen de grenzen van de inrichting, mogen op onderstaande beoordelingspunten niet meer bedragen dan:

berekende geluidniveaus in dB(A) Toetspunt Koningsweg 1 (*) Koningsweg 1A (*) Koningsweg 3 (*) Koningsweg 3A (*) Koningsweg 7 noordgevel (**) Koningsweg 7 oostgevel (**) Koningsweg 7 westgevel (**)

Avondperiode Dagperiode 19.00-23.00 uur 7.00-19.00 uur h=1,5 (*) of 4,5m h=1,5 m (**) LAr,LT LAmax LAr,LT LAmax 40 50 35 45 40 50 35 45 40 50 35 45 40 50 35 45 45 64 40 60 45 63 40 58 45 62 40 50

Nachtperiode 23.00-7.00 uur h=1,5 (*) of 4,5m (**) LAr,LT LAmax 30 40 30 40 30 40 30 40 35 45 35 45 35 45

(*)

Deze woning heeft geen verdieping, er geldt daarom een meethoogte van 1,5 m in de avond- en nachtperiode. (**) Deze woning heeft een verdieping, er geldt daarom een meethoogte van 4,5 m in de avond- en nachtperiode.

3.2.2

Er mag geen muziekgeluid ten gehore worden gebracht binnen de inrichting.

4

ELEKTRISCH CROSSEN

4.1

Algemeen

4.1.1

Er mag met maximaal 10 elektrisch aangedreven crossmotoren gelijktijdig in de crossbaan gereden worden.

4.1.2

Er mag met elektrisch aangedreven crossmotoren uitsluitend in de crossbaan gereden worden.

4.1.3

Er mag binnen de inrichting met elektrisch aangedreven crossmotoren in de crossbaan gereden worden: • in de dagperiode, tussen 10:00-19:00 uur, door 4 groepen van 10 personen, 2 runs x 4 groepen x 12 minuten = 96 minuten; • in de avondperiode, tussen 19:00 en 22:00 uur, door 2 groepen van 10 personen, 2 runs x 2 groepen x 12 minuten = 48 minuten.

2021WU0396

6 van 24

5

PAINTBALL EN AIRSOFT

5.1

Algemeen

5.1.1

Om overlast naar de omgeving te voorkomen instrueert de drijver van de inrichting de deelnemers voorafgaand aan het paintball- en airsoftspel over de volgende punten: a. schreeuwen binnen de inrichting is niet toegestaan; b. er wordt uitsluitend in horizontale richting geschoten met paintball- en airsoftwapens; c. er wordt niet vanaf een verhoging in het speelveld geschoten met paintball- en airsoftwapens; d. de deelnemers begeven zich niet buiten het daarvoor bestemde terrein (zie plattegrondtekening bij aanvraag voor grenzen van het paintball- en airsoftterrein).

5.1.2

Het paintball- en airsoftspel wordt uitsluitend uitgeoefend in de dagperiode tijdens de openingstijden tussen 10:00 uur en 19:00 uur.

5.1.3

Het paintball- en airsoftspel wordt met maximaal 10 personen per groep uitgeoefend waarbij maximaal 5 groepen per dag mogen spelen. Elke groep heeft 2 teams van 5 personen die 4 games van maximaal 15 minuten spelen.

5.1.4

Binnen de inrichting worden uitsluitend paintball- of airsoftwapens op gasdruk gebruikt.

5.1.5

Er worden uitsluitend airsoftwapens gebruikt die zijn afgesteld op maximaal 1,2 joule.

5.1.6

Er wordt uitsluitend in horizontale richting geschoten met paintball- en airsoftwapens.

5.1.7

Er wordt niet vanaf een verhoging in het speelveld geschoten met paintball- en airsoftwapens.

5.1.8

Er worden uitsluitend verf- en airsoftballetjes gebruikt die biologisch afbreekbaar zijn.

5.1.9

Er worden uitsluitend airsoftballetjes met een maximaal gewicht van 0,25 gram gebruikt.

5.1.10 Verf- en airsoftballetjes mogen niet buiten de grens van inrichting terechtkomen.

6

REGISTRATIE ACTIVITEITEN

6.1

Algemeen

6.1.1

Van de activiteit(en) genoemd in de voorschriften 4.3.1 en 5.1.3 moet binnen een (digitale) registratie worden bijgehouden waarin wordt vermeld: • de datum waarop de activiteit plaatsvindt; • de begin- en eindtijd per activiteit; • het aantal deelnemers per activiteit.

2021WU0396

7 van 24

7

ENERGIEBESPARING

7.1

Algemeen

7.1.1

Ten einde inzicht te krijgen in het elektriciteitsverbruik en de variatie daarin om daarmee onnodig verbruik te voorkomen, moet in de inrichting een jaarlijkse registratie worden bijgehouden van het elektriciteitsverbruik in kWh.

8

NAZORG

8.1

Algemeen

8.1.1

Zodra de vergunninghouder, die de inrichting of een deel hiervan overdraagt aan een ander natuurlijk of rechtspersoon, moet dit direct aan het bevoegd gezag worden gemeld.

8.1.2

Uiterlijk 3 maanden voordat de activiteiten van de inrichting worden beëindigd moet hiervan schriftelijk melding worden gedaan aan het bevoegd gezag. Bij deze melding moeten tevens de volgende gegevens worden overgelegd: • de wijze waarop de in de inrichting aanwezige grond-, hulp- en afvalstoffen en de overige milieuschadelijke stoffen zullen worden verwijderd; • de toekomstige bestemming en gebruik van de gebouwen en het terrein van de inrichting, voor zover dit bij de vergunninghouder bekend is; • Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen ten aanzien van het buiten gebruik stellen van de inrichting.

8.1.3

Bij het geheel of gedeeltelijk beëindigen van de activiteiten binnen de inrichting moeten alle aanwezige stoffen en materialen, die uitsluitend aanwezig zijn vanwege de - te beëindigen - activiteiten, door of namens vergunninghouder op milieu hygiënisch verantwoorde wijze in overleg met het bevoegd gezag worden verwijderd.

8.1.4

Van het structureel buiten werking stellen van (delen van) installaties en/of beëindigen van (een van de) activiteiten moet het bevoegd gezag binnen 5 dagen schriftelijk of via email op de hoogte worden gesteld. Installaties of delen van installaties die structureel buiten werking zijn gesteld en nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben, moeten in overleg met het bevoegd gezag worden verwijderd tenzij de (delen van de) installaties in een zodanige staat van onderhoud worden gehouden dat de nadelige gevolgen niet kunnen optreden.

2021WU0396

8 van 24

A. MAATWERKVOORSCHRIFTEN ACTIVITEITENBESLUIT MILIEUBEHEER AFVALWATER 1. In afwijking van artikel 3.131, lid 4 van het Activiteitenbesluit hoeft het vethoudende afvalwater afkomstig uit de ruimte waar voedingsmiddelen worden bereid, niet door een vetafscheider en slibvangput te worden geleid, mits er wordt voldaan aan artikel 3.131, lid 2 van het Activiteitenbesluit. 2. Op grond van artikel 2.2, lid 4 van het Activiteitenbesluit mag het te lozen afvalwater afkomstig uit de kantine alleen in het gemeentelijk vuilwaterriool worden gebracht indien: a. er wegwerpservies wordt gebruikt; b. het wegwerpservies direct na gebruik wordt gedeponeerd in de vuilcontainer; c. de frituurinstallatie met keukenpapier schoon wordt gemaakt. B. MAATWERKVOORSCHRIFTEN ACTIVITEITENBESLUIT MILIEUBEHEER EMISSIE VAN DIFFUSE BRONNEN 1. 2.

3. 4.

5.

Activiteiten binnen de inrichting moeten op zodanige wijze plaatsvinden dat als gevolg daarvan op 2 meter van de grens van de inrichting geen stofvorming visueel waarneembaar is. Om aan voorschrift B.1 te voldoen moet de crossbaan, indien deze voor het crossen met elektrische motoren gebruikt wordt, bij dagen zonder neerslag door besproeiing vochtig worden gehouden. De besproeiing dient, zo vaak als nodig, maar minstens tussen elke groepswissel, te gebeuren. Om aan voorschrift B.1 te voldoen moet de parkeerplaats, indien de inrichting geopend is, bij dagen zonder neerslag door besproeiing vochtig worden gehouden. De besproeiing dient zo vaak als nodig te gebeuren. Er wordt uitsluitend gebruik gemaakt van water voor het besproeien van de crossbaan en de parkeerplaats. Indien er een andere vloeistof wordt gebruikt dan water mag er uitsluitend gebruik gemaakt worden van een vloeistof die geen stankhinder, luchtvervuiling of bodemverontreiniging veroorzaakt. Besproeien met een andere vloeistof dan water moet vooraf aan het bevoegd gezag ter goedkeuring worden voorgelegd. Dagelijks worden er elk dagdeel visuele inspecties uitgevoerd om te zien of zich stofemissies voordoen en om te controleren of de preventieve maatregelen goed werken. De bevindingen van deze visuele inspecties, en de ondernomen acties worden bijgehouden in een logboek.

Het logboek dient ten minste vijf jaar te worden bewaard.

2021WU0396

9 van 24

BIJLLAGE 2 – OVERWEGINGEN ALGEMEEN 1

PROCEDURELE ASPECTEN

1.1

Gegevens aanvrager

Op 12 augustus 2021 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het voor het oprichten en het in werking hebben van een crossbaan voor elektrische crossmotoren en een outdoor activiteitenbedrijf op het adres Koningsweg 5 in Wehl voor een termijn van maximaal 10 jaar. Binnen de inrichting worden naast het crossen met elektrische crossmotoren ook outdoor activiteiten uitgevoerd, zoals paintball, airsoft, lasergame en zeskamp. Op 14 en 16 maart 2022 is de aanvraag via het OLO aangevuld met de volgende documenten: • bijlage ‘Ruimtelijke onderbouwing tijdelijke afwijkend gebruik tbv elektrisch motorcrossen’, datum: 14 maart 2022, documentnaam: 6307253_1628768772673_Ruimtelijke_onderbouwing.pdf; • brief wijzigen aanvraag omgevingsvergunning, opgesteld door Adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 16 maart 2022, kenmerk: 22510. Bij de aanvraag is tevens een verzoek om maatwerk ingediend voor de ontheffing van het plaatsen van een vetafscheider. Dit kan volgens het Activiteitenbesluit (artikel 3.131, lid 5). Er moet wel rekening worden gehouden met de rechtszekerheid van het bedrijf. De maatwerkvoorschriften mogen geen beperking vormen, maar moeten aansluiten bij de bedrijfsactiviteiten. Maatwerkvoorschriften komen in de plaats van of zijn een aanvulling op de voorschriften van het Activiteitenbesluit en/of de Activiteitenregeling. 1.2

Projectbeschrijving

Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven: het oprichten en in werking hebben van een outdoor centrum op het adres Koningsweg 5 in Wehl voor de buitenactiviteiten: paintball, lasergame, airsoft, zeskamp en crossen met elektrische crossmotoren. Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in paragraaf 2.3 van het rapport “Akoestisch onderzoek V2.1, naar de geluidemissie van: Teamgamez (elektrische motorcrosslasergame-paintball-airsoft)” opgesteld door adviesbureau Het GeluidBuro, datum: 6 oktober 2020, kenmerk: 7031 GS – 5 W005 06-10-2020 V2.1. Gelet op bovenstaande omschrijving wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven activiteiten: •

1.3

het oprichten en in werking hebben van een inrichting (artikel 2.1, eerste lid, onder e, sub 1 en 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)). Omschrijving van de aanvraag

De aanvraag bestaat uit de volgende delen: • aanvraagformulier (OLO-nummer: 6307253), datum: 12 augustus 2021, documentnaam: 6307253_1631258137180_papierenformulier; • besluit op aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling, datum: 4 december 2019, kenmerk: 2019MER0040, documentnaam: 6307253_1628768848145_Besluit_m.e.r.-beoordeling_4-12-2019; • toelichting aanvraag omgevingsvergunning (milieu, oprichting), opgesteld door adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 12 augustus 2021, documentnaam: 6307253_1628769010497_Toelichting_aanvraag_Teamgamez; • plattegrondtekening met terreinindeling en riolering, datum: augustus 2019, documentnaam: 6307253_1628768988974_Terreinindeling_Teamgamez_en_riolering; • plattegrondtekening ontvangstgebouw, datum: 18 april 2019, documentnaam:

2021WU0396

10 van 24

• • • • • • • • •

1.4

6307253_1628768919858_Plattegrond_ontvangstgebouw; paintball Material Safety Data Sheet, datum: 1 januari 2017, documentnaam: 6307253_1628768894758_paintballs_samenstelling; brief toelichting berekening stikstofdepositie, opgesteld door adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 8 maart 2021 2019, kenmerk: 19713-3, documentnaam: 6307253_1628768864479_Briefrapport_Aerius_19713-3_8-3-2021; berekening stikstofdepositie in aanlegfase, datum 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RR5eQG7Qzpd2, documentnaam: 6307253_1628768821044_AERIUS_bijlage_20210308080923_RR5eQG7Qzpd2; berekening aanlegfase op eigen rekenpunt D, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RevJyDknGKkd, documentnaam: 6307253_1628768800839_Aanlegfase_op_eigen_rekenpunten_D; berekening stikstofdepositie in gebruiksfase, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RigdJWqcXAup, documentnaam: 6307253_1628768834847_AERIUS_bijlage_20210308085452_RigdJWqcXAup; berekening gebruiksfase op eigen rekenpunt D, datum: 8 maart 2021, Aerius kenmerk: RkdHn7KFQjES, documentnaam: 6307253_1628768879503_Gebruiksase_op_eigen_rekenpunten_D; rapport geluidsonderzoek, opgesteld door adviesbureau Het geluidBuro, datum: 16 juni 2021, kenmerk: 7031 GS - 5 W0006 16-06-2021 V3.0, documentnaam: 6307253_1628768747365_Akoestisch_onderzoek_16-06-2021_V3.0; bijlage ‘Ruimtelijke onderbouwing tijdelijke afwijkend gebruik tbv elektrisch motorcrossen’, datum: 14 maart 2022,

documentnaam: 6307253_1628768772673_Ruimtelijke_onderbouwing; brief wijzigen aanvraag omgevingsvergunning, opgesteld door Adviesbureau Witjes Milieuadvies, datum: 16 maart 2022, kenmerk: 22510. Huidige melding-/vergunningsituatie

Voor de inrichting is de onderstaande melding gedaan: Wettelijke basis Soort melding/ Datum vergunning Wet milieubeheer Melding Activitei4 juli 2019 tenbesluit 1.5

Kenmerk TeamGameZ 2019

Bevoegd gezag Gemeente Doetinchem

Bevoegd gezag

De aanvraag heeft op grond van artikel 2.1 van het Besluit omgevingsrecht, in samenhang met onderdeel C van bijlage 1 bij het Besluit omgevingsrecht (Bor), betrekking op een vergunningplichtige inrichting, vanwege de volgende categorie van onderdeel C van bijlage 1 bij het Bor: • het gebruiken van bromfietsen, motorvoertuigen of andere gemotoriseerde voertuigen of vaartuigen in wedstrijdverbanden of voor recreatieve doeleinden in de open lucht (categorie 19.4 Bor). Burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem zijn bevoegd gezag om te beslissen op de aanvraag om een omgevingsvergunning en voor het opleggen van maatwerkvoorschriften. Dit volgt uit artikel 2.4, lid 1, van de Wabo en artikel 1.2 van het Activiteitenbesluit. 1.6

Volledigheid van de aanvraag

Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook in behandeling genomen.

2021WU0396

11 van 24

2

SAMENHANG MET OVERIGE WET- EN REGELGEVING

2.1

Activiteitenbesluit

In artikel 2 van het Activiteitenbesluit is geregeld dat de artikelen in hoofdstuk 2 van toepassing zijn voor type C-bedrijven voor die activiteiten, waarop ook hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit van toepassing is. In artikel 3 van het Activiteitenbesluit is geregeld dat de artikelen in hoofdstuk 3, met uitzondering van artikelen 3.113 tot en met 3.121, van toepassing zijn op type C inrichtingen. In deze vergunning zijn daarom alleen voorschriften voor aspecten en activiteiten opgenomen die niet zijn geregeld in hoofdstuk 2 en 3 van het Activiteitenbesluit en de bijbehorende ministeriële regeling. Binnen de inrichting vinden de volgende activiteiten plaats die vallen onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit: • het uitwendig wassen en stallen van motorvoertuigen; • het bereiden van voedingsmiddelen; • het bieden van gelegenheid voor het beoefenen van sport in de buitenlucht. Voor de aangevraagde activiteiten houdt dit in dat - voor zover deze betrekking hebben op de genoemde (deel)activiteiten - moet worden voldaan aan de volgende paragrafen/delen uit het Activiteitenbesluit en de bijbehorende Activiteitenregeling: • 3.3.2: Uitwendig wassen en stallen van motorvoertuigen, werktuigen of spoorvoertuigen; • 3.6.1: Bereiden van voedingsmiddelen; • 3.7.3: Bieden van gelegenheid voor het beoefenen van sport in de buitenlucht.

De aanvraag voor een omgevingsvergunning is voor deze activiteiten aangemerkt als een melding op grond van het Activiteitenbesluit. Bij de overwegingen milieu is nader ingegaan op de concrete inhoud van de paragrafen/delen uit het Activiteitenbesluit die van toepassing zijn. Door de rechtstreekse werking van het Activiteitenbesluit kunnen uitsluitend aanvullende maatwerkvoorschriften worden vastgesteld ten aanzien van deze activiteiten. Er worden in dit geval aanvullende maatwerkvoorschriften vastgesteld voor de activiteit ‘bereiden van voedingsmiddelen’. De voorschriften uit het Activiteitenbesluit voldoen voor de activiteiten: uitwendig wassen en stallen van motorvoertuigen, werktuigen of spoorvoertuigen en het bieden van gelegenheid voor het beoefenen van sport in de buitenlucht. 2.2

Milieueffectrapportage en de RIE

Bij vergunningverlening moet worden voorkomen dat er strijd ontstaat met de bepalingen uit de Europese MER- en de Richtlijn Industriële Emissies (RIE, de voormalige IPPC-richtlijn). De RIE omvat een integratie van de IPPC-richtlijn met de Richtlijn grote stookinstallaties, de Afvalverbrandingsrichtlijn, de Oplosmiddelenrichtlijn en drie Richtlijnen voor de titaandioxide-industrie. 2.2.1 Besluit milieueffectrapportage en Omgevingsvergunning beperkte milieutoets (Obm) De voorgenomen activiteit is genoemd in kolom 1, onder categorie 43 van onderdeel D van het Besluit m.e.r. De inrichting is vergunningplichtig vanwege het crossen met elektrische crossmotoren. Op 4 december 2019 is er een m.e.r.-beoordelingsbesluit genomen ter voorbereiding op de aanvraag omgevingsvergunning. Het besluit is dat er geen milieueffectrapportage opgesteld hoeft te worden. 2.2.2 Richtlijn Industriële Emissies (RIE) De activiteiten van de inrichting worden niet genoemd in bijlage 1 van de Europese Richtlijn industriële emissies (RIE). Daarom is de RIE niet op de inrichting van toepassing.

2021WU0396

12 van 24

BIJLAGE 3 – OVERWEGINGEN MILIEU 1

TOETSINGSKADER MILIEU

1.1

Inleiding

De aanvraag heeft betrekking op het oprichten en in werking hebben van een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, sub 1 en 3 van de Wabo. 1.2

Toetsing oprichten, veranderen of revisie

Bij onze beslissing op de aanvraag hebben wij: • de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo betrokken; • met de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wabo rekening gehouden; • de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo in acht genomen. In de onderstaande hoofdstukken lichten wij dit nader toe, waarbij wij ons beperken tot die onderdelen van het toetsingskader die ook daadwerkelijk op onze beslissing van invloed zijn of kunnen zijn. 2

BESTE BESCHIKBARE TECHNIEKEN

In het belang van het bereiken van een hoog niveau van bescherming van het milieu moeten aan de vergunning voorschriften worden verbonden, die nodig zijn om de nadelige gevolgen die de inrichting voor het milieu kan veroorzaken, te voorkomen of, indien dat niet mogelijk is, zoveel mogelijk – bij voorkeur bij de bron – te beperken en ongedaan te maken. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat in de inrichting ten minste de voor de inrichting in aanmerking komende beste beschikbare technieken (BBT) worden toegepast. In de bijlage behorende bij artikel 9.2 van de Regeling omgevingsrecht genoemde documenten zijn niet van toepassing op de activiteiten van de inrichting. In de inrichting worden activiteiten uitgevoerd waarop het Activiteitenbesluit van toepassing is. Het Activiteitenbesluit kan voor deze Activiteiten worden beschouwd als BBT. 3

AFVALSTOFFEN

3.1

Algemeen

Binnen de inrichting ontstaan de volgende afvalstoffen: • papier- en karton; • restafval. 3.2

Beoordeling en conclusie

Gezien de aard en omvang van de ontstane afvalstoffen concluderen wij dat preventie niet relevant is. Wij hebben daarom in deze vergunning geen aandacht besteed aan de preventie van afvalstoffen. In deel B3 van het LAP is het beleid uitgewerkt voor afvalscheiding, waarbij paragraaf B3.5 specifiek ingaat op afvalscheiding door bedrijven. Voor bedrijfsafval is het niet goed mogelijk een limitatieve opsomming te maken van afvalstoffen die door alle bedrijven gescheiden moet worden gehouden. Bedrijven verschillen van aard en omvang veel van elkaar en er bestaat een groot aantal bedrijfsspecifieke afvalstoffen. Uitgangspunt is dat bedrijven verplicht zijn

2021WU0396

13 van 24

alle afvalstoffen te scheiden, gescheiden te houden en gescheiden af te geven, tenzij dat redelijkerwijs niet van hen kan worden gevergd. Wij hebben voorschriften opgenomen dat een aantal afvalstromen gescheiden moeten worden opgeslagen en afgevoerd. 4

GELUID

4.1

Beoordelingskader

De gemeente Doetinchem heeft geen geluidbeleid. De gemeente past de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening toe voor de vergunningverlening en het bepalen van een goed woon- en leefklimaat in het kader van de ruimtelijke ordening. Voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) gelden de richtwaarden uit onderstaande tabel. De woningen op de adressen Koningsweg 1, 1A, 3 en 3A liggen in de woonomgeving “Landelijke omgeving”. Voor de beoordeling van de woonomgeving van de woning op het adres Koningsweg 7 is het verkeersgeluid van de nabijgelegen snelweg A18 van belang. Voor verkeersgeluid wordt het achtergrondniveau bepaald door de geluidbelasting van het verkeerslawaai – 10 dB. Aan de hand van de verkeersgegevens van de snelweg A18 zijn de volgende referentieniveaus berekend. - westgevel Koningsweg 7 : 55 dB dag en 54 dB avond; - oostgevel Koningsweg 7 : 53 dB dag en 52 dB avond; - noordgevel Koningsweg 7 : 37 dB dag en 30 dB avond. Deze gevel is geluidluw ten opzichte van de A18. De Handreiking stelt dat bij de vergunningverlening in het bestuurlijk afwegingsproces het bestaande referentieniveau van het omgevingsgeluid een belangrijke rol speelt bij beoordelen van het geluid bij het verlenen van de omgevingsvergunning. Als maximum geluidniveau geldt de "etmaalwaarde" van 50 dB(A) op de gevel van woningen of het referentieniveau van het omgevingsgeluid.

De woning op het adres Koningsweg 7 wordt vanwege het verkeersgeluid van de nabijgelegen snelweg A18 beoordeeld als een woning in een woonomgeving vergelijkbaar met een “Rustige woonwijk, weinig verkeer”. De woonomgeving “Landelijk gebied” wordt vanwege de nabijheid van de snelweg A18 als niet passend beschouwd. De woonomgeving “Rustige woonwijk, weinig verkeer” wordt als passend beschouwd. Aanbevolen richtwaarden LAr,LT in de woonomgeving in dB(A) van de Handreiking. Dag Avond Nacht Aard van de woonomgeving 7:00-19:00 19:00-23:00 23:00-7:00 Landelijke omgeving 40 35 30 Rustige woonwijk, weinig verkeer 45 40 35 Woonwijk in de stad 50 45 40 Bedrijventerrein 55 50 45 Deze richtwaarden mogen na bestuurlijke afweging maximaal worden opgerekt tot 50 dB(A) of tot het referentieniveau van het omgevingsgeluid. Voor de maximale geluidniveaus (LAmax) gelden de waarden uit onderstaande tabel.

2021WU0396

14 van 24

Aanbevolen waarden LAmax in de woonomgeving in dB(A) van de Handreiking. Aard van de woonomgeving Landelijke omgeving Rustige woonwijk, weinig verkeer Woonwijk in de stad Bedrijventerrein

Dag

Avond

Nacht

7:00-19:00

19:00-23:00

23:00-7:00

voorkeur

grens

voorkeur

grens

voorkeur

grens

50 55 60 65

70 70 70 70

45 50 55 60

65 65 65 65

40 45 50 55

60 60 60 60

De voorkeurswaarde van de maximale geluidsniveaus ligt 10 dB(A) boven de richtwaarde. Het geluid van wegverkeer van en naar het bedrijf moet afzonderlijk van de activiteiten binnen de grenzen van het bedrijf worden beoordeeld als indirecte hinder. De beoordeling vindt plaats overeenkomstig de ‘Circulaire inzake geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting - Beoordeling in het kader van de Wet milieubeheer’ van 29 februari 1996 ofwel de zogenaamde Schrikkelcirculaire. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning van 12 augustus 2021 is het rapport “Akoestisch onderzoek V3.0”, opgesteld door adviesbureau Het GeluidBuro, datum: 16 juni 2021, kenmerk: 7031 GS – 5 W006 16-06-2021 V3.0 aangeleverd. Het akoestisch onderzoek is uitgevoerd om te bepalen welke geluidniveaus als gevolg van de recreatieve activiteiten van het bedrijf TeamgameZ in de omgeving optreden. Het gaat hierbij om het gebruik van de aangelegde crossbaan voor elektrische motoren en het gebruik van de velden ten behoeve van lasergame, paintball, airsoft. Tevens is op de locatie een ontvangst, kleedruimte met lockers en wapenbalie en een terras voor horeca-activiteiten gerealiseerd. Het rapport is door ons beoordeeld en akkoord bevonden. 4.2

Representatieve bedrijfssituatie RBS

Het rapport geluidsonderzoek is uitgevoerd om te bepalen welke geluidniveaus als gevolg van de recreatieve activiteiten van het bedrijf Teamgamez in de omgeving optreden. Het gaat hierbij om het gebruik van de aangelegde crossbaan voor elektrische motoren en het gebruik van de velden ten behoeve van lasergame, paintball, airsoft. Tevens is op de locatie een ontvangst, kleedruimte met lockers en wapenbalie en een terras voor horeca-activiteiten gerealiseerd. Uit het rapport geluidsonderzoek blijkt dat de geluidemissie in de (reguliere) representatieve bedrijfssituatie in hoofdzaak bepaald wordt door de volgende beschreven activiteiten. 4.2.1 Elektrisch motorcrossen: • De crossbaan is tussen de 700 en 800 meter lang en heeft hoogteverschillen. Er is geen start- en eindsignaal; met een handgebaar wordt er aangegeven dat er gestart kan worden en met behulp van afvlaggen wordt het eind aangegeven. De rijders starten in verband met de onervarenheid één voor één en rijden om de 20 seconden weg. Ook volgen de onervaren crossers tijdens het rijden de glooiingen in het terrein. De hele crossbaan ligt verdiept, waarbij de eventuele glooiingen verdisconteerd kunnen worden met het verdiept liggen van de rechte stukken. • De crossactiviteiten vinden in de dag- en avondperiode plaats (tussen 10:00 en 22:00 uur). De locatie wordt in het weekend vaker geboekt.

Daarom wordt een weekenddag als uitgangspunt genomen voor de representatieve bedrijfssituatie. • Er is ervan uitgegaan dat op een weekenddag in totaal 60 personen komen voor het elektrisch motorcrossen, waarvan 40 in de dagperiode komen (tussen 10:00 en 19:00 uur) en 20 in de periode 19:00 tot 22:00 uur (avondperiode). Hiermee wordt een worst-case scenario inzichtelijk gemaakt.

2021WU0396

15 van 24

•

Dit in verband met de beschikbare tijd in relatie tot het aantal runs dat mogelijk is en de beschikbare crossmotoren. Er zullen maximaal 10 elektrische crossmotoren (KTM FREERIDE E-XC) op de baan rijden, zodat elke groep bestaat uit maximaal 10 personen. Een run zal 12 minuten gaan duren en elke wedstrijd zal uit 2 runs bestaan met ertussen een pauze van 10 minuten. - In de dagperiode (10.00-19.00 uur) zal door maximaal 4 groepen van 10 personen, 2 runs van 12 minuten gecrost worden, 2 x 4 x 12= 96 minuten gecrost worden. - In de avondperiode (19.00-22.00 uur) zal door maximaal 2 groepen van 10 personen, 2 runs van 12 minuten gecrost worden, 2 x 2x 12= 48 minuten gecrost worden.

4.2.2 Paintballen: • Er is ervan uitgegaan dat op een weekenddag in totaal 45 personen komen om te gaan paintballen, (tussen 10:00 en 19:00 uur). Hiermee wordt een worst-case scenario inzichtelijk gemaakt. • In de dagperiode komen maximaal 5 groepen van maximaal 10 personen (45 - 50 spelers). Elke groep – opgedeeld in 2 teams van 5 personen - speelt 4 games van een kwartier en verbruikt daarbij 200 bullets per persoon. Een groep verbruikt voor de gehele speelduur van een uur maximaal 2000 bullets (10 x 200). Vijf groepen verbruiken gedurende de dagperiode 10.000 bullets (5 x 2.000). In de berekening is voor de totale periode dat er wordt geschoten, uitgaande van het afvuren van 1 bullet per seconde, rekening gehouden met 2,8 uur effectieve speeltijd in de dagperiode (10.000 / 3600) gelijkmatig over het gehele speelveld. • In het veld zijn obstakels, zoals regentonnen, pallets en schermen opgesteld, zodat de spelers hierachter kunnen schuilen. Voor de inslag van bullets op obstakels (zoals regentonnen) in het speelveld is rekening gehouden met een inslagtijd van 7 minuten per obstakel uitgaande van circa 15 obstakels in het gehele speelveld. Dit komt overeen met 1 uur inslag op obstakels, circa 30 % van de effectieve speeltijd. 4.2.3 Onderhoud: • Op de locatie wordt het gras op en rondom het speelveld gemaaid met een bosmaaier.

In het akoestisch onderzoek is ervan uitgegaan dat op een dag de bosmaaier 0,5 uur wordt gebruikt. Deze activiteit is met behulp van een lijnbron nabij de speelvelden gemodelleerd. De crossbaan wordt onderhouden met behulp van een shovel. In het akoestisch onderzoek is uitgegaan dat op een dag de shovel 0,5 uur wordt gebruikt. Dit is gemodelleerd met behulp van een lijnbron rondom de crossbaan. Tijdens de activiteiten op de speelvelden en de crossbaan vindt er nooit groot onderhoud plaats. Dit groot onderhoud vindt alleen plaats als er geen outdoor activiteiten op de speelvelden zijn. 4.2.4 Kantine: • Aan de oostgevel van het tijdelijk gebouw zit een afzuiging. Deze wordt minimaal gebruikt en wordt gezien de locatie als akoestisch niet relevant beschouwd. 4.2.5 Terras: • Op de locatie ligt vóór de ontvangst- en kleedruimte, een terras. De openingstijden zijn van 10:00 tot 22:00 uur en maximaal zitten er 50 personen. Gemiddeld zal 50% van deze personen spreken (mix van rustig en luid praten). Voor het terras is het uitgangspunt dat er muziekgeluid ten gehore wordt gebracht. 4.2.6 Verkeer: • Uitgaande van in totaal 160 bezoekers, waarvan 110 bezoekers in de dagperiode en 50 in de avondperiode, wordt gesteld dat hiervoor respectievelijk 35 en 15 voertuigbewegingen (indirecte hinder) nodig zijn (drie tot vier personen per auto).

Deze voertuigen parkeren op het daarvoor bestemde parkeerterrein zuidoostelijk van het bedrijf. Deze aantallen zijn aan de hoge kant aangehouden, want er komt ook een aantal bezoekers met de fiets. De

2021WU0396

16 van 24

• 4.3 •

•

•

•

• •

inrichting heeft tevens een haal- en brengservice. Dit gebeurt met ouderwetse jeeps, welke goedgekeurd zijn voor de openbare weg. Hierdoor nemen de vervoersbewegingen van en naar de inrichting af. De worstcase situatie is onderzocht. Één keer per week wordt door een vrachtwagen drank en dergelijke geleverd. Dit is alleen meegenomen in de indirecte hinder. In de directe hinder is dit niet relevant. Bronniveaus Er hebben geluidmetingen op een andere locatie van TeamgameZ plaatsgevonden ter vaststelling van de geluidniveaus van de paintballwapens. In de verschillende meetperiodes van 10 seconden werden met de recreatieve marker (BT-4 Combat) 10 schoten afgevuurd. Op deze wijze zijn het gemiddeld bronvermogen en de optredende maximale geluidniveaus vastgesteld. Bronniveau Paintballwapen (Tippmann 98) L Ar,LT 98 dB(A) en LAmax 108 dB(A). Voor het vaststellen van de optredende gemiddelde bronvermogens en het bijbehorende maximale geluidniveau ten tijde van de inslag van bullets op obstakels (regentonnen en luchtkussens) zijn tevens geluidmetingen verricht. De obstakels zijn hoofdzakelijk bedoeld als schuilplaats voor de spelers. Bronniveau inslag bullets op obstakels (bv regentonnen) LAr,LT 90 dB(A) en LAmax 102 dB(A). Op locatie zijn geluidmetingen gedaan om het bronvermogen te bepalen van de elektrische crossmotoren (KTM FREERIDE E-XC).

Er is gemeten conform de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’, Ministerie van VROM, 1999 (HMRI) met behulp van de geconcentreerde bronmethode. De uitwerking en de resultaten van de metingen zijn te vinden in de bijlagen van het akoestisch onderzoek. Voor het akoestisch onderzoek is uitgegaan van het bepaalde bronvermogen van 85 dB(A) als één elektrische crossmotor in de baan rijdt. Op het terras zijn de stemgeluiden van bezoekers de relevante geluidbron. Hierbij gaat het om het gemiddelde stemgeluid van met elkaar pratende mensen alsmede om de piekgeluiden die kunnen ontstaan als mensen naar elkaar roepen. Het gemiddelde stemgeluid van met elkaar pratende mensen bedraagt 68 dB(A) als zijnde een combinatie van rustig pratende mensen (65 dB(A)) en luid pratende mensen (70 dB(A)). Het piekbronvermogen van luid roepen is 90 dB(A). Stemgeluid is ook meegenomen op het speelveld en op de parkeerplaatsen. Op de crossbaan wordt in verband met de helmen niet gepraat. Tevens is de verwachting dat nagenoeg geen publiek langs de zijkant staat, maar meer vanaf het terras kijkt. Zowel voor het speelveld, als op de parkeerplaatsen is uitgegaan van een groep van maximaal 10 personen, waarvan de helft praten. Het piekbronvermogen van enthousiaste bezoekers die schreeuwen op het speelveld en op de parkeerplaatsen is 100 dB(A).

Hierbij is rekening gehouden met het huisreglement, waarin staat dat onnodig schreeuwen niet gewenst is. Tevens zijn instructeurs aanwezig die ingrijpen als het buiten proportioneel gaat. In het huisreglement is ook opgenomen dat de bezoekers op het terrein rekening dienen te houden met de landelijke omgeving en de buren van het outdoorcentrum. Voor de bosmaaier is uitgegaan van LAr,LT 106 dB(A) en voor de shovel van LAr,LT 102 dB(A). Bedrijfsduur 30 minuten per dag. Voor de personenauto’s van bezoekers is uitgegaan van LAr,LT 85 dB(A) en LAmax 97 dB(A) vanwege dichtslaande portieren. In de dagperiode komen en gaan 35 auto’s en in de avondperiode komen en gaan 15 auto’s.

2021WU0396

17 van 24

4.4

Berekening

In akoestische onderzoeken worden de schoten van het paintballen verdeeld over het terrein waar gepaintballd wordt. Dat geldt ook voor het crossen en stemgeluid op het terras. 4.5

Rekenresultaten

Berekend worden de volgende geluidniveaus:

berekende geluidniveaus in dB(A) Toetspunt Koningsweg 1 (**) Koningsweg 1A (**) Koningsweg 3-3A (**) richtwaarde en streef-grenswaarde Koningsweg 7 noordgevel (***) Koningsweg 7 oostgevel (***) Koningsweg 7 westgevel (***) richtwaarde en streef-grenswaarde

Dagperiode h=1,5 m LAr,LT LAmax 28 36 27 37 33 41 40 50-70 44 64 (*) 43 65 (*) 35 63 (*) 45 55-70

Avondperiode h=1,5 (**) of 4,5m (***) LAr,LT LAmax 29 36 28 37 34 41 35 45-65 34 49 34 43 32 51 40 50-65

(*)

De berekende geluidniveaus zijn met 3 dB(A) verhoogd vanwege de kans op 2 samenvallende schoten tegelijk. (**) Deze woning heft geen verdieping, er geldt daarom een meethoogte van 1,5 m in de avondperiode. (***) Deze woning heeft een verdieping, er geldt daarom een meethoogte van 4,5 m in de avondperiode. Uit de rekenresultaten in het rapport blijkt dat: • Het langtijdgemiddelde geluidniveau LAr,LT en het maximale geluidniveau LAmax voldoen bij de woningen op de adressen Koningsweg 1, 1A, 3-3A aan de richtwaarden en streefwaarden. • Het langtijdgemiddelde geluidniveau LAr,LT voldoet bij de woning Koningsweg 7 aan de richtwaarden. Het maximale geluidniveau LAmax voldoet bij de woning op het adres Koningsweg 7 niet aan de streefwaarde, maar wel aan de grenswaarde. 4.6

Indirecte hinder

Voor indirecte hinder is een gevelbelasting van hooguit 25 dB(A) berekend. Aan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) wordt voldaan. 4.7

Overwegingen

Gebaseerd op de uitgangspunten van het adviesbureau met de aanvulling dat in de avondperiode paintball en airsoft niet plaatsvindt kunnen voor het langtijdgemiddelde geluidniveau de richtwaarden in de voorschriften worden opgenomen. Voor het maximale geluidniveau kunnen voor de woningen de streefwaarden worden opgenomen, behalve voor de woning op het adres Koningsweg 7 waar de berekende waarden met correctie kunnen worden opgenomen wanneer deze waarde hogere is dan de streefwaarde, maar wel voldoet aan de grenswaarde voor het maximale geluidsniveau.

2021WU0396

18 van 24

5

PAINTBALL EN AIRSOFT

5.1

Toetsingskader

Binnen de inrichting worden activiteiten zoals paintball en airsoft beoefend. Dit zijn activiteiten die niet specifiek worden genoemd in het Activiteitenbesluit. Omdat er geen activiteiten uit hoofdstuk 3 zijn die betrekking hebben op paintball of airsoft, zijn de algemene zorgplicht en bodemregels uit hoofdstuk 2 niet van toepassing. Hierdoor zijn de algemene regels van toepassing en kunnen er voorschriften worden opgenomen in de omgevingsvergunning. 5.2

Beoordeling en conclusie

Als gevolg van hiervoor genoemde worden er in deze omgevingsvergunning voorschriften opgenomen voor het uitvoeren van deze activiteiten ter bescherming van de bodem en om overlast in de omgeving van de inrichting te voorkomen, dan wel zoveel mogelijk te beperken. 6

ENERGIEBESPARING

6.1

Toetsingskader

Paragraaf 5.2.1 van het Bor stelt regels met betrekking tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften. Artikel 5.4 geeft aan dat het bevoegd gezag bij het bepalen van BBT rekening moet houden met BBT-conclusies en Nederlandse informatiedocument over BBT die staan aangewezen in de tabel in de bijlage van de Regeling omgevingsrecht. Het onderwerp energie-efficiëntie is onderdeel van de BBT afweging. Daarnaast geeft artikel 5.7 Bor aan dat aan de omgevingsvergunning in ieder geval voorschriften moeten worden verbonden met betrekking tot (o.a.) een doelmatig gebruik van energie. 6.2

Beoordeling en conclusie

Uit de aanvraag wordt het jaarlijks energieverbruik binnen de inrichting geschat op 50.000 kWh per jaar. Er wordt geen aardgas gebruikt in de aangevraagde bedrijfssituatie. In het landelijke beleid zoals vastgesteld in het Activiteitenbesluit worden inrichtingen met een jaarlijks elektriciteitsverbruik van 50.000 kWh elektriciteit als energierelevant aangemerkt. De ondernemer dient het energieverbruik te registeren en binnen de inrichting te bewaren. 7

AFVALWATER

7.1

Toetsingskader

Voor wat betreft het aspect afvalwater valt het bedrijf onder het Activiteitenbesluit. Het betreft de volgende activiteiten die in hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit zijn opgenomen: • het uitwendig wassen van motorvoertuigen of werktuigen; • het bereiden van voedingsmiddelen. 7.1.1 Uitwendig wassen van elektrische motoren De elektrische motoren worden met enige regelmaat afgespoten maar omdat de motor niet is voorzien van een verbrandingsmotor of een brandstoftank komt hierbij geen olie of vet vrij. Er is geen gevaar voor bodemverontreiniging als gevolg van het schoonspuiten van de e-motoren. De elektrische motoren worden niet op een wasplaats schoongespoten. Het waswater dat vrijkomt van het afspuiten van de motoren bevat zand/stof. Dit waswater wordt op de bodem geloosd.

2021WU0396

19 van 24

7.1.2 Bereiden van voedingsmiddelen In de aangevraagde bedrijfssituatie worden op kleine schaal snacks bereidt met een frituurpan. De snacks zelf worden uitgeserveerd in een plastic- of papieren bakje. Omdat er geen serviesgoed of andere zaken worden afgewassen en/of op een andere manier vet in de riolering kan komen, heeft de aanvrager verzocht om een maatwerkvoorschrift voor het bedrijf op te stellen met een ontheffing voor het plaatsen van een vetafscheider. Voor onze overwegingen met betrekking tot het verzoek om een maatwerkvoorschriften verwijzen wij naar ‘A. Maatwerkvoorschriften Activiteitenbesluit afvalwater’ in dit advies. 8

BODEM

8.1

Toetsingskader

Voor wat betreft het aspect bodembescherming valt het bedrijf volledig onder het Activiteitenbesluit. In het kader van deze vergunning hoeft daarom geen nadere beoordeling plaats te vinden. Op grond van het Activiteitenbesluit moeten alle bedrijfsactiviteiten worden verricht met voorzieningen en maatregelen die leiden tot een verwaarloosbaar bodemrisico. Uit de aanvraag omgevingsvergunning en bijbehorende bijlagen blijkt dat er geen bodembedreigende activiteiten plaatsvinden in de aangevraagde bedrijfssituatie. Er worden geen milieugevaarlijke stoffen opgeslagen en uitsluitend droge accu’s gebruikt in de elektrische crossmotoren. De elektrische motoren worden wel met enige regelmaat afgespoten maar omdat de crossmotor niet is voorzien van een verbrandingsmotor of een brandstoftank komt hierbij geen olie of vet vrij. Er is geen gevaar voor bodemverontreiniging als gevolg van het schoonspuiten van de e-motoren. Verder is een productbeschrijving van paintballs als bijlage ingediend. Uit dit document blijkt dat de paintballs gemaakt zijn van niet gevaarlijke en biologisch afbreekbare grondstoffen die geschikt is voor recreatief gebruik.

9

CONCLUSIE

Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op het oprichten van de inrichting en het in werking hebben van de inrichting zijn er geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren. In deze beschikking zijn de relevante voorschriften opgenomen.

2021WU0396

20 van 24

OVERWEGINGEN MAATWERKVOORSCHRIFT ACTIVITEITENBESLUIT A.

MAATWERKVOORSCHRIFTEN ACTIVITEITENBESLUIT AFVALWATER

Toetsingskader

In de kantine van de inrichting worden voedingsmiddelen bereid voor de directe consumptie van bezoekers. Deze activiteit valt onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit (paragraaf 3.6.1). Conform artikel 3.131, lid 4 van het Activiteitenbesluit is het verplicht om het vethoudend afvalwater voorafgaand aan vermenging met ander niet-vethoudend afvalwater te leiden via een vetafscheider en slibvangput. Het bevoegd gezag kan via artikel 3.131, lid 5 van het Activiteitenbesluit afwijken van het vierde lid van dit artikel. Maatwerkvoorschriften komen in de plaats van of zijn een aanvulling op de voorschriften van het Activiteitenbesluit en/of de Activiteitenregeling. In de voorschriften van deze vergunning zijn maatwerkvoorschriften opgesteld voor het aspect afvalwater. De redenen voor ons plan om maatwerkvoorschriften op te stellen zijn de volgende: • Artikel 3.131, lid 4 schrijft voor dat vethoudend afvalwater door een vetafscheider geleid dient te worden, voordat er vermenging met ander afvalwater plaatsvindt; • Op grond van artikel 8.42 van de Wet milieubeheer en artikel 3.131 lid 5 van het Activiteitenbesluit kan het bevoegd gezag afwijken van artikel 3.131, lid 4 van het Activiteitenbesluit middels een maatwerkvoorschrift; • De inrichting heeft een kleinschalige kantine waarbij enkel snacks worden verkocht.

Conform artikel 2.2, vierde lid van het Activiteitenbesluit kan er bij maatwerkvoorschrift als bedoeld in het derde lid voorwaarden worden gesteld met betrekking tot de te treffen maatregelen. Op grond van artikel 2.2, lid 4 van het Activiteitenbesluit worden snacks geserveerd op plastic borden, waardoor er geen afwas plaatsvindt en er geen/nauwelijks vethoudend afvalwater ontstaat. Conclusie

Er zijn voorschriften over het reinigen van vethoudende apparatuur en het gebruik van wegwerp servies opgenomen om te voorkomen dat er een nadelig effect op de openbare riolering plaatsvindt. Met deze maatregelen heeft het lozen van afvalwater zonder dat dit door een vetafscheider en slibvangput wordt geleid, geen nadelige gevolgen voor de doelmatige werking van de voorzieningen voor het beheer van afvalwater. B.

MAATWERKVOORSCHRIFTEN ACTIVITEITENBESLUIT MILIEBEHEER EMISSIE VAN DIFFUSE BRONNEN

Toetsingskader

Op grond van artikel 2.7, lid 2 kan het bevoegd gezag bij maatwerkvoorschriften voor de stofcategoriën S, sO, sA, gO en gA eisen stellen aan de emissies van diffuse bronnen. Maatwerkvoorschriften worden opgesteld voor de diffuse emissies behorend tot de crossbaan, zoals opstuivend zand. Om er voor te zorgen dat er zo min mogelijk nadelige gevolgen voor de omgeving en de gezondheid van de mens plaatsvindt door de verspreiding van stof worden er op grond van artikel 2.7, lid 2 maatwerkvoorschriften opgesteld. In deze vergunning zijn maatwerkvoorschriften opgesteld voor het aspect diffuse emissie van stof dat vrijkomt bij het crossen.

2021WU0396

21 van 24

Conclusie

Voor de inrichting worden op grond van opgestelde maatwerkvoorschriften nadere eisen gesteld met betrekking tot het voorkomen van de verspreiding van stof. De voorschriften hebben betrekking op het besproeien van de crossbaan en de parkeerplaats bij droogte om te voorkomen dat stof zich buiten de grenzen van de inrichting verspreidt. Met deze voorschriften wordt de diffuse emissie van stof in voldoende mate beperkt.

2021WU0396

22 van 24

BIJLAGE 4 – BEGRIPPEN BEDRIJFSRIOLERING Een stelsel van buizen, verbindingstukken en elementen zoals straat- en trottoirkolken, gootelementen, verzamelputten en installaties, zoals slibvangputten, olie-waterscheider en controleputten voor de opvang en afvoer van bedrijfsafvalwater. AFVALSTOFFEN: Alle stoffen, preparaten of voorwerpen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen. AFVALWATER: Alle water waarvan de houder zich, met het oog op de verwijdering daarvan, ontdoet, voornemens is zich te ontdoen, of moet ontdoen. BODEMBESCHERMENDE MAATREGEL Op de gebezigde stoffen en gebruikte bodembeschermende voorziening toegesneden handeling gericht op reparatie, schoonmaak, onderhoud, actie bij incidenten, bedrijfsinterne controle, inspectie of toezicht ter voorkoming van bodemverontreiniging waarvan de uitvoering is gewaarborgd. BODEMBESCHERMENDE VOORZIENING Een vloeistofkerende voorziening, een vloeistofdichte vloer of verharding of een andere doelmatige fysieke voorziening, ter voorkoming van immissies in de bodem. EQUIVALENT GELUIDSNIVEAU (LAeq) Het A-gewogen gemiddelde van de afwisselende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode, optredende geluid, vastgesteld overeenkomstig de "Handleiding meten en rekenen industrielawaai" 1999, uitgegeven door het Ministerie van VROM.

GELUIDSGEVOELIGE BESTEMMINGEN Gebouwen of objecten, aangewezen in het Besluit geluidhinder krachtens de artikelen 49 en 68 van de Wet geluidhinder (Stb. 1982, 465). GELUIDSNIVEAU IN dB(A) Het niveau van het ter plaatse optredende geluid, uitgedrukt in dB(A), overeenkomstig de door de Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC) terzake opgestelde regels, zoals neergelegd in de IEC-publicatie no. 651, uitgave 1989. LANGTIJDGEMIDDELD BEOORDELINGSNIVEAU (LAr,LT) Het A-gewogen gemiddelde van de afwisselende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode optredende geluid en zo nodig gecorrigeerd voor de aanwezigheid van impulsachtig geluid, tonaal geluid of muziekgeluid, vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999. MAXIMALE GELUIDNIVEAU (LAmax) Het hoogste A-gewogen geluidsniveau, afgelezen in de meterstand 'fast', verminderd met de meteocorrectieterm Cm. De meterstand 'fast' komt overeen met een tijdconstante van 125 ms. RIE Richtlijn Industriële Emissies (2010/75/EU)

2021WU0396

23 van 24

VERKEERSBEWEGING Het aan- of afrijden met een persoon-, bestel- of vrachtwagen. VLOEISTOFDICHTE VOORZIENING Effectgerichte voorziening die waarborgt dat - onder voorwaarde van doelmatig onderhoud en adequate inspectie en/of bewaking - geen vloeistof aan de niet met vloeistof belaste zijde van die voorziening kan komen. WONING Gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening, of, indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet. STOFCATEGORIËN S: zwevende deeltjes, uitgedrukt als totaal stof sO: stofvormige organische stoffen sA: stofvormige anorganische stoffen gA: gas- of dampvormige anorganische stoffen gO: gas- of dampvormige organische stoffen KLEIN CHEMISCH AFVAL Verzamelnaam voor allerlei soorten gevaarlijk afval. Huishoudelijk afval waar chemische stoffen in zitten die schadelijk zijn voor de gezondheid en voor het milieu. Het afval bevat bijvoorbeeld lood, kwik, cadmium, chroom of organische oplosmiddelen.

2021WU0396

24 van 24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7734/documents/41086