11.2 ECAL, 04-04-2024, conceptraadsvoorstel wijziging GR ECAL.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel wijziging Gemeenschappelijke Regeling Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers Onderwerp: Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers in verband met gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen Voorstel: de raad wordt voorgesteld de Gemeenschappelijke Regeling Erfgoedcentrum Achterhoek en
Liemers te wijzigen conform bijgaand ontwerpbesluit.
Aan de gemeenteraad
Inleiding De Gemeenschappelijke Regeling Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (hierna: GR ECAL) is op 1 juli 2011 in werking getreden. Met deze regeling is een openbaar lichaam opgericht, genaamd
"Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers".
Doelstelling van de regeling Volgens artikel 3 van de regeling heeft het Erfgoedcentrum de volgende doelen: o.
het overeenkomstig de Archiefwet 1995 beheren, toegankelijk maken en beschikbaar stellen van archiefbescheiden van de deelnemende en andere overheidslichamen;
b.
het toezicht door de streekarchivaris op het beheer van de niet naar de centrale archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden van de deelnemers en andere
overheidslichamen als hiervoor genoemd onder a.; c.
het in stand houden en bevorderen van het cultureel erfgoed in het gebied van de Achterhoek en de Liemers in de ruimste zin van het woord;
d.
het binnen en in het verlengde van de onder a. tot en met c. omschreven doelstellingen, ontplooien van activiteiten die direct en aanwijsbaar de financieel-economische positie van het
Erfgoedcentrum ten goede komen.
Betrokken bestuursorganen De regeling is tot stand gekomen door eensluidende besluiten van de gemeenteraden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem,
Montferland, Oost Geire, Oude IJsselstreek en Winterswijk.
Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen Op 1 juli 2022 is de wijzigingswet Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. Doel van deze wetswijziging is het versterken van de democratische legitimatie van
gemeenschappelijke regelingen enerzijds en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden anderzijds. Bestaande regelingen moeten uiterlijk 1 juli 2024 zijn aangepast aan de gewijzigde Wgr.
Wijzigingen Waar komen de wijzigingen op neer? Hieronder een overzicht.
a. bepalingen die direct per 1 juli 2022 werken: 1.
Bij het treffen^ van een GR door het college krijgt de raad 8 weken voor het geven van een zienswijze over het ontwerp van de regeling. Dat is nieuw. De raad had op dit vlak
Onder treffen wordt ook verstaan: wijzigen, toetreden en uittreden.
alleen de mogelijkheid om toestemming te onthouden wegens strijd met het recht of met
2.
3.
4.
5.
het algemeen belang. Opgemerkt wordt dat dit niet van toepassing is op de GR Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (hierna: GR ECAL) Gemeenteraden van deelnemende gemeenten kunnen besluiten tot het uitvoeren van een gemeenschappelijk raadsonderzoek naar door een orgaan van een GR gevoerd bestuur. Als de gezamenlijke raden daartoe een voorstel doen, is het algemeen bestuur van een GR verplicht een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. Deze commissie wordt bemenst door leden van de betreffende gemeenteraden. Die adviescommissie kan het algemeen bestuur van advies voorzien, de besluitvorming van de raden van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de regeling voorbereiden en die raden van advies voorzien. Rekenkamers hadden al de bevoegdheid tot het verrichten van onderzoek binnen een GR, inlichtingen in te winnen, documenten te vorderen en indien nodig een onderzoek in te stellen. De wetswijziging verduidelijkt dat de rekenkamer daarnaast onderzoek kan doen naar gevoerd bestuur binnen een GR. Jaarlijks vóór 30 april moeten de raden van de deelnemende gemeenten van het DB van het openbaar lichaam dat bij GR is ingesteld een kaderbrief met het oog op de ontwerpbegroting van het volgende jaar. Tenminste 12 weken voordat het DB van een GR de ontwerpbegroting naar het AB stuurt moet deze ontwerpbegroting naar de raden van de deelnemende gemeenten worden gestuurd.
Deze hebben vervolgens gelegenheid hun zienswijze over de ontwerpbegroting aan het DB kenbaar te maken. Voordat het AB de begroting vaststelt, is het DB verplicht de raden schriftelijk en gemotiveerd in kennis te brengen van zijn oordeel over de ingediende zienswijzen en welke conclusies hij daar eventueel aan verbindt.
b. bepalingen die (pas) in werking treden na aanpassing van bestaande GRen. 6. In de regeling moet worden vastgelegd voor welke besluiten van het bestuur van de GR vooraf een zienswijze aan de raden van de deelnemende gemeenten moet worden gevraagd. Alvorens het betreffende orgaan van de GR een besluit mag nemen, moet over de beoordeling van een dergelijke zienswijze schriftelijk en gemotiveerd worden gecommuniceerd naar de betreffende raden. Daarbij wordt eventueel vermeld welke conclusies daaraan worden verbonden. Elke GR moet bepalingen bevatten over wijziging, opheffing, toetreding, de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden en de gevolgen hiervan. Ook moet elke regeling bepalingen bevatten over vereffening van het vermogen na ontbinding van de regeling. 8. In de regeling moet worden opgenomen of, en zo ja op welke wijze, burgers de mogelijkheid krijgen tot inspraak over bepaalde onderwerpen die de GR tot zijn takenpakket rekent. 9. In de regeling moet worden opgenomen op welke wijze het bestuur van de GR invulling moet geven aan de bij hem rustende actieve informatieplicht (Overigens bevat de Wgr al een direct werkende passieve informatieplicht richting gemeenteraden.) 10. In de regeling moet worden bepaald op welke wijze de regeling wordt geëvalueerd. 11.
In de regeling moet worden vastgelegd op welke manier een gemeente uit de regeling kan treden en hoe moet worden omgegaan met de gevolgen daarvan, met inbegrip van de gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon. Bij dit laatste moet worden gedacht aan zaken als personeel, contracten, huisvesting en investeringen. 7.
Procedure van totstandkoming aanpassing GR ECAL Zoals hierboven opgemerkt, is de GR ECAL aangegaan door eensluidende besluiten van raden én
colleges van de deelnemende gemeenten. Voor de door te voeren aanpassing in de tekst van de
bestaande regeling is dit gegeven van belang: de door te voeren aanpassingen komen tot stand na
enkelvoudige besluitvorming van de colleges en gemeenteraden. Er hoeft dus geen ontwerpwijziging voor een zienswijze aan de raden te worden voorgelegd zoals bedoeld in artikel 1, lid 2, Wgr. Ook
ontbreekt het moment waarop de raden de toestemming als bedoeld in artikel 1, lid 4, Wgr moeten geven. Er is met andere woorden geen tijdrovende procedure nodig om te komen tot aanpassing van de GR
ECAL.
Verwerking in bestaande gemeenschappeiijke regeiing In de artikelen 18 en 19 van de bestaande GR ECAL is al volledig voorzien in zowel de actieve als de
passieve inlichtingenplicht. Hiermee is dus al voldaan aan hetgeen in de opsomming hierboven onder punt 9 is genoemd.
Voorgesteld wordt om een nieuw hoofdstuk 5a op te nemen, en daarin op te nemen bepalingen over het bieden van de mogelijkheid aan de raden tot het geven van een zienswijze, participatie en
evaluatie. Verder is het voorstel om het bestaande artikel 31 herzien waarmee wordt tegemoet gekomen aan de wettelijke eis om in detail te omschrijven op welke wijze uittreding kan plaatsvinden.
(Naam vestigingsplaats gemeente) (Datum),
Het college voornoemd.
, secretaris
, burgemeester