05-12-2023 Beantwoording technische vragen VVD over spoorzone.pdf
Tekst van het document
Beantwoording vragen VVD 1. Hoeveel bedrijven bevinden zich nu in het plangebied spoorzone? Er zijn op dit moment ongeveer 128 bedrijven, inclusief kantoren en winkels gevestigd in de spoorzone. 2. Hoe is de onderverdeling in diverse milieucategorieën van deze bedrijven? Op basis van het nu geldende bestemmingsplan zijn planologische milieucategorieën gekoppeld aan de bedrijven. Bedrijven hebben een feitelijke milieugebruiksruimte, die vastgelegd is met een vergunning of melding Activiteitenbesluit. Deze kan afwijken van de planologische milieucategorieën. Er is nog geen uitgebreid onderzoek gedaan naar de huidige milieugebruiksruimte van de bedrijven. Grofweg is duidelijk dat de bedrijven die gevestigd zijn binnen het plangebied een lagere milieugebruiksruimte hebben dan planologisch mogelijk is. Exacte aantallen zijn niet te noemen. 3. Hoe luiden de huidige landelijke en gemeentelijk regels met betrekking tot het ontwikkelen van nieuwe woningbouwlocaties in gebieden waar zich nu bedrijven bevinden? Wat zijn bijvoorbeeld de afstandsbeperkingen of de beperkingen qua geluidshinder? Vanwege de schaarse ruimte in Nederland en ook in Doetinchem wordt vaak binnenstedelijk herontwikkeld. Er vinden in tal van andere steden vergelijkbare gebiedsontwikkelingen plaats. Bij gebiedsontwikkeling wordt nu de VNG Publicatie ‘Bedrijven en Milieuzonering’ toegepast.
Deze handreiking bepaalt dat er richtafstanden aangehouden moeten worden tussen milieugevoelige functies en omliggende bedrijven. Bij milieugevoelige functies gaat het bijvoorbeeld om woningen en scholen. De VNG-publicatie hanteert een indeling van bedrijven op basis van te verwachten milieuhinder per milieuonderdeel (geur, geluid, stof en externe veiligheid). Hieruit volgt een standaard richtafstand tussen bedrijven en milieugevoelige functies. Deze standaard richtafstanden zijn via de bedrijfscategorieën ook vastgelegd in het huidige bestemmingsplan. Zie ook het antwoord bij vraag 2. De gebiedsontwikkeling spoorzone krijgt met de regelgeving onder de Omgevingswet te maken. De VNG-publicatie komt te vervallen. Onder de Omgevingswet is meer flexibiliteit en maatwerk mogelijk, waarbij per bedrijf gekeken wordt naar de milieugebruiksruimte en er dus flexibeler wordt omgegaan met de standaard richtafstanden ten opzichte van gevoelige functies. 4. Wordt daarbij nog onderscheid gemaakt tussen diverse milieucategorieën van bedrijven ? Zie antwoord op vraag 3. 5.
Op welke wijze wordt bij de ontwikkeling van de plannen met betrekking tot de spoorzone rekening gehouden met de regelgeving sub 3 en de bedrijven in verschillende milieucategorieën sub 4? Met de gebiedsontwikkeling spoorzone willen we de ambitie waarmaken om wonen, werken, leren en mobiliteit op een goede manier te combineren. Bij de gebiedsontwikkeling is het uitgangspunt dat er enerzijds sprake moet zijn van een goed woon- en leefklimaat voor gevoelige functies en anderzijds moeten bedrijven niet belemmerd worden in hun bestaande bedrijfsvoering. Zie ook het antwoord bij vraag 3.
6. Welk perspectief hebben de bedrijven die zich nu in de spoorzone bevinden? Kunnen zij nog bijvoorbeeld uitbreiden? Kunnen zij financieel verantwoord lange-termijn investeringen blijven doen? Bij de beantwoording daarvan graag ook specifiek in gaan op de positie van bedrijven in milieucategorieën 3 en 4. Het is een feit dat de fysieke leefomgeving aan verandering onderhevig is. Zo ook in de spoorzone. Zoals hiervoor beschreven behelst het voorstel dat het een gebied wordt met functiemenging. De structuurschets zegt niets over functies en locaties. In de volgende stap ‘masterplan en ontwikkelstrategie’ wordt onderzocht waar welke functie zou kunnen landen. Hierbij wordt ook de bestaande situatie, waaronder de bestaande bedrijvigheid, meegenomen. Per locatie zijn de omstandigheden verschillend en hierbij is maatwerk per situatie nodig. Een bedrijf met bij voorbeeld een bedrijfscategorie 3 of 4 kan de bedrijfsactiviteiten uitbreiden zonder de milieugebruiksruimte te vergroten. Een van de mogelijkheden hierbij is om best beschikbare technieken (BBT) toe te passen. 7. Blijven de bedrijven in de spoorzone op dezelfde wijze bereikbaar als nu? Qua bereikbaarheid van bedrijven in de spoorzone in het algemeen blijft het niet bij hetzelfde. Wel zullen alle bedrijven uiteraard goed bereikbaar blijven. Ten zuiden van het station zal er niet heel veel veranderen.
Ten noorden van het station verandert er meer. Dit ook als gevolg van de wens om het centrum van Doetinchem meer autoluw te maken. In de spoorzone wordt ook ingezet op de fietser en de voetganger. De bereikbaarheid van bedrijven voor deze vervoersgroepen zal verbeteren. Voor de verdere ambities rondom mobiliteit verwijzen we naar het mobiliteitsplan dat nu ter inzage ligt. 8. Kunt u indicaties geven van het aantal bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 die belangstelling hebben om zich in de spoorzone willen vestigen? Op dit moment is het niet duidelijk hoeveel bedrijven van deze categorie zich in de spoorzone willen gaan vestigen. Als gemeente faciliteren wij bedrijven om zich vitaal te blijven ontwikkelen. Uitbreiden en groei hoort daar ook bij. Dit gaat verder dan alleen de spoorzone. Het onderzoek naar inen uitbreiding van bedrijventerreinen is bijna afgerond. Het rapport met aanbevelingen leggen wij in het voorjaar van 2024 aan de gemeenteraad voor. We zien hierbij voldoende kansen voor het creëren van schuifruimte voor bedrijven. Dit kan enerzijds betekenen dat bedrijven met een bedrijfscategorie 1 of 2 zich gaan vestigen in de spoorzone en anderzijds dat bedrijven met een hogere bedrijfscategorie zich buiten de spoorzone gaan vestigen.