Regionale Energie Strategie Arnhem - Nijmegen 2024
Tekst van het document
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Regionale Energie Strategie Arnhem - Nijmegen 2024 Verrijking RES 1.0
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
1
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
2
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Inhoudsopgave Voorwoord 1.
2.
3.
5
4.
Warmte
35
4.1. Doelstellingen, bod en afspraken RES 1.0
35 36
Inleiding
6
4.2. De rol van gemeenten
1.1.
6
4.3. Waar staan we nu in de regionale warmtetransitie?
37
1.2. Waarom een verrijking van de RES 1.0?
Wat ging vooraf: RES 1.0
6
4.4. De maatschappelijk gewenste warmteoplossing
39
1.3. PlanMER
7
4.5. Regionale synergie door samenwerking
39
1.4. Participatie
8
4.6. Warmtebronnen in regio
41
1.5. Vaststelling RES 2024
8
4.7. Het perspectief voor collectieve warmte
45
1.6. Leeswijzer
9
4.8. Knelpunten bij de gemeentelijke aanpak
46
4.9. Voorstellen voor gezamenlijke actie
48
Introductie energiesysteem
10
2.1. Het energiesysteem verandert fundamenteel
10
2.2. Wat betekenen de veranderingen voor de regio en de RES?
13
Integraal programmeren en netcongestie
51
5.1. Waar staan we nu met het energiesysteem?
51
5.2. Integraal programmeren
52
15
5.3. Voor welke uitdagingen en knelpunten staan we?
54
3.1. Doelstellingen, bod en afspraken RES 1.0
15
5.4. Wat is onze strategie?
55
3.2. Waar staan nu we in de energietransitie?
16
Draagvlak
61
23
6.1. Bestuurlijke en ambtelijke samenwerking
61
6.2. Kennisdeling en samenwerking
62
27
6.3. Maatschappelijk draagvlak
63
Elektriciteit
6.
3.3. Voor welke uitdagingen en knelpunten
staan we bij zon en wind op land?
3.4. Voor welke uitdagingen en knelpunten
staan we bij zon op dak?
5.
3.5. Onze aanpak
28
3.6. Welke acties ondernemen we?
30
Bijlage A Overzicht afspraken RES 1.0
67
Bijlage B Monitoring
73
Colofon
76
Verklarende afkortingen- en definitielijst
77
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
3
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
4
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Voorwoord De opdracht om te bouwen aan een schone, betrouwbare en lokale
Met deze verrijking van onze bestaande Regionale Energie Strategie laten
energievoorziening wordt steeds belangrijker. Belangrijker omdat het
we als regio zien waar we staan en hoe we vooruit willen. Een plan om
wetenschappelijk onderzoek naar klimaat en energie ons laat zien dat
samen voldoende duurzame energie op te wekken, een analyse van het
klimaatverandering sneller gaat dan verwacht. Belangrijker omdat de
energiesysteem van en voor de regio en een perspectief op een schoon,
snelle, plotselinge stijging van de gasprijzen de afgelopen jaren veel
duurzaam en betrouwbaar warmtesysteem. Van, voor én met onze
inwoners voor onmogelijke keuzes stelde: een warme douche of een warme
inwoners.
maaltijd. En belangrijker vanwege internationale spanningen; we willen
Want alleen in samenwerking, als regio, kunnen
niet afhankelijk zijn van dictatoriale regimes voor zoiets belangrijks als
we deze klus klaren. Daarom bedank ik iedereen
onze energievoorziening.
die erbij betrokken was: collega-bestuurders, betrokken medewerkers en meedenkers uit het
Maar de opdracht om te bouwen aan een schone, betrouwbare en lokale
maatschappelijk veld, netbeheerders en adviseurs.
energievoorziening is ook steeds ingewikkelder. Ingewikkelder omdat
Ik nodig iedereen van harte uit ook de volgende
het bestaande systeem piept en kraakt nu we veel meer elektriciteit
stappen samen te zetten.
nodig hebben dan we kunnen transporteren over een verouderd net. Ingewikkelder omdat het geen kwestie meer is van kiezen tussen
Moedig voorwaarts!
verschillende bronnen van warmte en energie. We hebben alles tegelijk nodig in een nieuw energiesysteem. En ingewikkelder omdat oude regels
Maarten van den Bos
en gewoonten soms nog voorschrijven dat we alle energie op hetzelfde
Voorzitter RES Groene Metropoolregio
landelijke net brengen in plaats van het lokaal te gebruiken.
Arnhem-Nijmegen
Aan deze even urgente als ingewikkelde opdracht werken in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen zestien gemeenten, de provincie, netbeheerders en waterschappen samen aan een strategie voor een duurzame toekomst. Deze strategie gaat over veel meer dan een minimum aantal windmolens en zonnevelden alleen. Het gaat over het energiesysteem van de toekomst, over lokale en duurzame opwek van elektriciteit en over de overgang van gas verstoken naar duurzame warmte maken.
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
5
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
1. Inleiding 1.1. Wat ging vooraf: RES 1.0
daken. Ook zijn afspraken gemaakt over de
staat aangegeven hoe de afspraken uit RES
warmtetransitie in de gebouwde omgeving
1.0 uitwerking krijgen. Tegelijkertijd is er de
In Nederland hebben we in het Klimaatakkoord
en over de benodigde opslag en energie-
afgelopen jaren veel veranderd:
(2019) afgesproken hoe we de internationale
infrastructuur. De zestien deelnemende
E r is een milieueffectrapportage (Plan-MER)
klimaatafspraken van Parijs uit 2015 gaan
gemeenten, provincie Gelderland en de
opgesteld op basis van de RES 1.0;
uitwerken. In Gelderland hebben we ook het
waterschappen stelden in het voorjaar van
D e provincie Gelderland heeft (op basis van
Gelders Energieakkoord (GEA) dat aangeeft hoe
2021 de RES 1.0 van de Groene Metropoolregio
bestuursafspraken) een restrictiever beleid
we met elkaar de CO2-uitstoot in 2030 met 55%
Arnhem-Nijmegen vast.
vastgesteld voor de ontwikkeling van zonne-
verminderen ten opzichte van 1990.
energie op natuur- en landbouwgronden; Verschillende gemeenten en de provincie
S trengere landelijke windnormen en de invloed
We werken in Nederland op veel verschillende
hebben voor de uitwerking naar RES 2.0
van de wespendief leiden tot een beperking van
manieren aan de klimaatdoelen. De RES is er
aandachtspunten meegegeven in moties en
de mogelijkheden voor windenergie;
daar één van en richt zich specifiek op:
amendementen. Ze vragen aandacht voor
P roblemen met netcongestie zorgen voor
D e opwekking van duurzame elektriciteit via
landschappelijke en ecologische inpassing
beperkingen op het elektriciteitsnet. Deze
windturbines, zonnevelden en zon op grote
van duurzame opwek, lokale autonomie, de
netcongestie heeft grote invloed op zowel
daken (>15 kWP);
verhouding tussen zon- en wind opwek en
toelevering op het elektriciteitsnet als op
De warmtetransitie in de gebouwde omgeving;
alternatieve duurzame opwek zoals waterkracht.
afname van het elektriciteitsnet;
De benodigde opslag en energie-infrastructuur.
Dit is meegenomen in het proces naar de verrijkte
G emeenten stelden na de RES 1.0
RES.
Transitievisies Warmte (TVW) op.
In de Regionale Energiestrategie Arnhem-
Mede hierdoor groeide het inzicht in de
Nijmegen hebben overheden (provincie,
warmtetransitie.
gemeenten, waterschappen) en de netbeheerder
1.2. Waarom een verrijking van de RES 1.0?
(Liander) in samenwerking met het bedrijfsleven,
Het Nationaal Programma Regionale Energie
maatschappelijke organisaties en inwoners,
In het Uitvoeringsplan (april 2023) voor de RES
Strategie (NPRES) schreef voor dat er elke twee
afspraken gemaakt over het opwekken
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen was
jaar een nieuwe RES vastgesteld moest worden.
van duurzame elektriciteit in de regio via
de ontwikkeling van RES 2.0 als opvolging van
Dit beleid is losgelaten en het is aan de regio’s om
windturbines, zonnevelden en zon op grote
RES 1.0 het uitgangspunt. In het Uitvoeringsplan
de RES 1.0 te herijken en te voorzien van nieuwe kaders in een RES 2.0.
6
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
De voortgang van het RES-bod wordt
afspraken nader uitgewerkt, meer in samenhang
het milieueffectonderzoek afgerond en is de
tweejaarlijks, nog steeds conform afspraak,
bekeken en geoperationaliseerd.
planMER opgeleverd.
in een voortgangsrapportage ingeleverd bij
We benaderen deze RES vanuit het
Op 2 november 2023 bracht de Commissie m.e.r.
NPRES. Kwantitatief wordt de voortgang jaarlijks
energiesysteem, ofwel de combinatie van
haar advies uit op de planMER. Daarin stelt de
aangeleverd. Door bovenstaande ontwikkelingen
systemen waarmee we in onze energiebehoefte
commissie twee adviezen centraal:
en de afspraken uit het Uitvoeringsplan, ligt er
voorzien (gas, elektriciteit en warmte) met als
D e commissie miste een uitwerking op
nu een verrijking van de RES 1.0 en geen RES 2.0.
pijlers duurzame opwek en warmte. De indeling
gebiedsniveau: waarom is een gebied qua
Met deze verrijkte Regionale Energie Strategie
van deze verrijkte RES is daarom anders dan die
natuur en landschap beter geschikt voor de
zetten we de inzichten en vorderingen van de
van de RES 1.0.
opwekking van duurzame elektriciteit of
afgelopen jaren op een rij.
Doelen van de RES:
warmte dan een ander gebied?
I nzicht geven in en richting geven aan de
O ok vroeg de Commissie bij de gemeenten
Bod en RES-kader blijven het uitgangspunt
stand van zaken en nadere uitwerking van de
aandacht voor het bewaken van de
Voor de verdere uitwerking van de afspraken
duurzame energie opwek in de regio;
samenhang tussen gebieden voor duurzame
uit de RES 1.0 is het niet nodig om het kader van
I nzicht geven in en richting geven aan het
energieproductie. Dit is belangrijk om
de RES 1.0 aan te passen. Op 1 januari 2024 is de
regionale warmtetransitiepad;
bijvoorbeeld onbedoelde opeenstapeling van
Omgevingswet in werking getreden. Wanneer
S amenhang brengen en richting geven aan het
negatieve milieueffecten te voorkomen.
er een RES 2.0 vastgesteld wordt, valt deze onder
energiesysteem.
de Omgevingswet. Onder deze wet is de RES
Een nadere uitwerking op gebiedsniveau vindt
een vormvrij, vrijwillig programma en is een
lokaal plaats. Enkele gemeenten kiezen naar
milieueffectrapportage verplicht.
1.3. PlanMER
aanleiding van de planMER resultaten, één of
Omdat de kaders van de RES 1.0 in deze verrijkte
meerdere windlocaties. Aan het advies van
versie gelijk blijven, vindt er geen herijking
Ter voorbereiding op de milieueffectrapportage
de Commissie m.e.r om de samenhang tussen
plaats in de zin van de Omgevingsverordening
(planMER) voor de RES is de Notitie
gebieden te bewaken, geven we gehoor door
van de provincie en is de RES ook geen
Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld.
nieuwe RES-projecten altijd eerst op de regionale
programma onder de Omgevingswet. Dus: de
Hierbij is een participatieproces doorlopen
tafel te bespreken. Ook wordt die samenhang
gemaakte afspraken en het bod van 1,62 TWh
met regionaal georganiseerde partijen (zie
geadresseerd in het op te stellen programma
duurzame elektriciteitsopwek binnen de regio,
paragraaf 1.4. Participatie). Medio 2023 is
Realisatiekracht.
blijven onveranderd. Wél hebben we de RES-
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
7
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Op basis van de uitkomsten van de PlanMER
energiecoöperaties waren betrokken bij het
Regionale Adviestafel
werken gemeenten aan eigen plannen om
vormgeven van het planMER onderzoek. De
De regionaal belanghebbenden zijn tussentijds
windlocaties ruimtelijk te borgen. Dit proces
NRD is ter inzage gelegd zodat inwoners en
geïnformeerd over het proces van de verrijking
loopt parallel aan deze rapportage. De gewijzigde
georganiseerde partijen hun zienswijze konden
van de Regionale Energie Strategie tijdens
zoekgebieden worden in de RES 2.0 vastgesteld.
geven op de uitgangspunten van de planMER.
diverse overleggen. Op 6 maart 2024 is in het
Daarbij zijn de zestien regionale gemeenteraden
BPCR besloten om de samenwerking met de
expliciet gevraagd om een zienswijze. Er vonden
regionaal belanghebbenden een structureel
drie online informatiebijeenkomsten plaats
karakter te geven in de vorm van de Regionale
voor raadsleden en anderen geïnteresseerden
Adviestafel. Op 11 april 2024 is de Regionale
Participatie richt zich in de RES zowel op de
om uitleg te geven over de inhoud en keuzes
Adviestafel voor het eerst samengekomen.
planvorming als op de uitvoering en realisatie
in de NRD. In totaal zijn 43 zienswijzen met
Zij hebben een toelichting gekregen op de
van projecten. In deze paragraaf komt
311 vragen en opmerkingen ingediend. Al deze
conceptversie van de RES, om daarna een
participatie tijdens de planvorming aan bod.
punten hebben we beantwoord en verwerkt in
inhoudelijke reactie voor te bereiden.
Specifiek de stappen die genomen zijn in het
de definitieve NRD als basis voor de MER. Alle
betrekken van bestuurders, partners en regionaal
informatie over het participatieproces is terug te
belanghebbenden vanaf de RES 1.0 tot en met
vinden op de website van de GMR.
1.5. Vaststelling RES 2024
De planMER is medio 2023 afgerond en
De colleges van de 16 RES gemeenten leggen
Participatie NRD en planMER
gepubliceerd op de website. Het rapport is gedeeld
deze RES 2024 ter consultatie voor aan hun
In vier omgevingsdialogen gaven regionaal
met de colleges, gemeenteraden, provincie en
gemeenteraden en stellen deze vervolgens
georganiseerde partijen input voor de NRD:
waterschappen. Gemeenten kunnen de planMER
vast. Het college van Gedeputeerde Staten
welke milieueffecten willen we onderzoeken
gebruiken als basis en als verwijzing bij het
van de provincie stelt de RES 2024 vast. De
en hoe diepgaand? Een belangrijk thema voor
nemen van hun ruimtelijke besluiten over
Waterschappen stellen de RES 2024 vast in hun
participatie omdat de milieueffectrapportage
elektriciteitsopwek en warmte.
dagelijkse bestuur.
ook aanleiding is voor deze verrijking.
Tijdens een online bijeenkomst in augustus
Partijen zoals LTO, GGD, brandweer, Natuur
2023 zijn de uitkomsten van de onderzoeken
en Milieu Gelderland, Natuurmonumenten,
gepresenteerd aan de regionaal belanghebbenden
tegenwindpartijen, windontwikkelaars en
die gedurende het proces hebben meegedacht.
1.4. Participatie
deze verrijking.
8
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
1.6. Leeswijzer Het volgende hoofdstuk start met een overzicht
Hoofdstuk 5 gaat specifiek in op de netcongestie
van het energiesysteem in de regio: waar
en de invloed daarvan op ons regionale
hebben we het over bij elektriciteit en warmte
energiesysteem. Faseren en prioriteren worden
en hoe grijpen beiden op elkaar in? Hoe ziet
daarin belangrijker op zowel de korte als
het energiesysteem in onze regio eruit, hoeveel
lange termijn. Voor de termijn na 2030 geven
energie verbruikt een gemiddelde woning qua
we een procesoverzicht over het integraal
gas en elektra en welke invloed heeft de transitie
programmeren: de keuze welke functies we waar
van het aardgas op ons energiesysteem?
binnen de regio willen ontwikkelen.
In hoofdstuk 3 werken we het onderdeel
Tenslotte staan we in hoofdstuk 6 stil
elektriciteit nader uit. Hoever zijn we in de
bij de borging van draagvlak en
realisatie van de 1,62 TWh opwek duurzame
participatie. Met aandacht voor
elektriciteit? Wat zijn de knelpunten, hoe
bestuurlijke en ambtelijke
vergroten we het aandeel windenergie
samenwerking, kennisdeling,
in de duurzame elektriciteitsmix en op
samenwerking en
welke manier geven we uitvoering aan de
maatschappelijk draagvlak.
Figuur 1: D e 16 RES-gemeenten in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
solidariteitsafspraken van de RES? In hoofdstuk 4 volgt de uitwerking van de warmtetransitie. We staan stil bij zowel de individuele als collectieve aanpak, bij de rol van de gemeenten en de uitdagingen waarvoor zij staan. We geven een update van de ontwikkeling van de warmteclusters in de regio. En geven het belang en de mogelijkheden voor samenwerking in de regio aan.
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
9
INHOUDS 1 2 3 4
2. Introductie energiesysteem
OPGAVE
Doelstellingen Nationaal Klimaatakkoord en nationale Klimaatwet
2.1. H et energiesysteem verandert fundamenteel
In 2050:
De genoemde doelstellingen hebben een
7 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen van het aardgas af
grote impact op de inrichting van het
N ederland is klimaatneutraal (netto nul CO2-uitstoot) (nationale Klimaatwet)
energiesysteem. Daaronder verstaan we drie verschillende deelsystemen waarmee we in onze
In 2030:
energiebehoefte voorzien: gas, elektriciteit en
CO2-reductie van 55% (t.o.v. 1990) (nationale Klimaatwet)
warmte.
1,5 miljoen woningen en gebouwen aardgasvrij J aarlijks 35 TWh duurzame elektriciteit opwek op land
Het gassysteem in Nederland bestaat uit een transport- en distributienetwerk en buffers,
Bod RES1.0
en is vooral gericht op aardgas. Ook het
1,62 TWh duurzame elektriciteitsopwek
elektriciteitssysteem bestaat uit een nationaal
H et bod van RES1.0 is een bijdrage aan het aanvankelijke doel uit het Klimaatakkoord van
transportsysteem en distributienetten. Deze
49% CO2-reductie (inmiddels bijgesteld naar 55%). De bijdrage van dit bod is echter niet
worden gevoed door elektriciteitscentrales (op
voldoende om deze doelstelling in 2030 te halen. Daarvoor zou de regionale doelstelling
aardgas, kolen, biomassa en kernenergie) en door
aanzienlijk omhoog moeten, maar dat is met name vanwege netcongestie op dit moment
duurzame opwek van zonne- en windenergie.
niet haalbaar.
Het warmtesysteem heeft vanwege de beperkte transporteerbaarheid van warmte meestal
Afspraken RES 1.0
een lokaal of regionaal karakter. Voeding van
Een overzicht met de afspraken uit de RES1.0 en de stand van zaken zijn opgenomen in bijlage A.
het warmtesysteem komt vanuit restwarmte van energie-intensieve bedrijven, geothermie, aquathermie en bodemenergie waarbij ook elektriciteit wordt ingezet voor warmtepompen.
10
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Overschakeling naar duurzame bronnen
Gezien de toename van elektrisch vervoer, de
Het huidige energiesysteem is nog grotendeels
elektrificatie van industriële processen en de
afhankelijk van fossiele brandstoffen. Dat
toename van het aantal warmtepompen in
verandert door de energietransitie fundamenteel:
woningen, stijgt het elektriciteitsverbruik de
het wordt gedecarboniseerd¹. Dat begint binnen
komende jaren sterk.
de deelenergiesystemen met de overschakeling naar duurzame warmte- en elektriciteitsbronnen
Knelpunten
en duurzame gassen. De nationale
Bij de fundamentele verandering in het
elektriciteitsmix wordt steeds duurzamer en
energiesysteem komen knelpunten naar boven.
meer decentraal. Dat komt met name door
De vervanging van fossiele opwek door duurzame
de toenemende ontwikkeling van zonne- en
bronnen zoals wind en zon, levert een minder
windenergie. In 2023 bestond de elektriciteitsmix
voorspelbare productie op. Dat betekent dat het
voor zo’n 48% uit duurzame bronnen: 37,1% zon,
noodzakelijk is om aan de vraagzijde flexibeler
30,5% wind-op-land, 20,1% wind-op-zee, 12,2%
om te gaan met deze variabele productie. Het
biomassa en 0,1% waterkracht².
vraagt om investeringen in opslagcapaciteit én
De warmtevoorziening van woningen is
om het beter afstemmen van energievraag- en
veel moeilijker te verduurzamen dan de
aanbod. Deze keuzes benoemt NPRES in het
elektriciteitsmix. In de praktijk zijn er meerdere
principe van ‘de Wereld van B’. In de wereld van
CO2 reductie sporen (decarbonisatiesporen):
B gaan we meer lokaal energie produceren en
V erminderen van de vraag: isolatie;
verbruiken. Het energiesysteem met bijbehorende
D e overstap van aardgas op een warmtenet dat
infrastructuur is niet meer gecentraliseerd, maar
wordt gevoed met duurzame warmtebronnen;
meer gedistribueerd. Er is lokale balans in het
D e elektrificatie van de warmtevoorziening via
systeem door meer flexibele vraag en opslag
een (elektrische) warmtepomp;
en conversie van energie. Hiermee worden de
D e overstap van aardgas op een duurzaam
momenten van energievraag beter afgestemd met
geproduceerd gas zoals waterstof of biogas.
de momenten waarop er veel productie is van wind en zon.
1 Decarbonisatie is het terugdringen van de uitstoot van koolstofdioxine (CO2). 2 CBS - Bijna helft elektriciteitsproductie komt uit hernieuwbare bronnen, 7 maart 2024
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
11
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Verschuivingen tussen systemen
Het Rijk en de provincie pakken
De veranderingen in het energiesysteem
regie bij de energievoorziening
veroorzaken ook belangrijke verschuivingen
via het Nationaal Plan
tussen de drie deelsystemen. Denk aan het
Energiesysteem (NPE) en
vervangen van brandstoffen door elektriciteit
de provinciale energievisie.
in het mobiliteitsdomein en aan bedrijven die
Het NPE stuurt op vijf
hun fossiele energieverbruik elektrificeren.
richtinggevende keuzes:
Ook het vervangen van de centrale
h et maximaliseren van
verwarmingsinstallaties op aardgas door all-
duurzame energie en
electric warmtepompen en/of warmtenetten in
infrastructuur;
de gebouwde omgeving, is een voorbeeld van zo’n
energiebesparing;
verschuiving.
d e verdeling van
Deze verschuivingen vragen een snelle
transportschaarste;
en drastische uitbreiding van zowel de
m eer samenwerking over
elektriciteitsinfrastructuur als de warmte-
grenzen heen;
infrastructuur. Op dit moment zien we al dat
m eer samen sturen op
het elektriciteitssysteem deze snel stijgende
de maatschappelijke en
vraag niet aan kan. De benodigde uitbreidingen
economische omslag die
zijn groot en kosten veel tijd. De snelgroeiende
nodig is.
Gebouwde omgeving
Industrie
Energieinfrastructuur, opslag & conversie (elektriciteit, warmte, gassen, etc.)
Mobiliteit
Landbouw
Figuur 2: Overzicht van energiesystemen en sectoren
vraag, is dan ook niet bij te benen. Balanceren is hierbij van groot belang; het elektriciteitssysteem waar mogelijk ontzien met elektriciteitsluwe oplossingen zoals warmtenetten en seizoensopslag (elektriciteit en warmte).
12
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
Opwek
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
2.2. W at betekenen de veranderingen voor de regio en de RES? Uit zowel de klimaatdoelstellingen als de
V oor zowel elektriciteit als warmte is het
veranderingen in het energiesysteem komt de
energiesysteem en de benodigde infrastructuur
urgentie naar voren om meer in te zetten op
essentieel. Daarom wordt in deze verrijking
duurzame energie en om het energiesysteem
ingegaan op het energiesysteem op lange
anders in te richten. Het energiesysteem vormt
termijn volgens de wereld van B principes.
daarom de basis voor deze RES (2024). De
Daarnaast worden korte termijn acties over
volgende hoofdstukken bieden een verdieping op
hoe om te gaan met transportschaarste en
de verschillende onderdelen:
netcongestie beschreven (hoofdstuk 5).
I n het energiesysteem is het noodzakelijk om het aandeel van duurzame opwek te vergroten, de energievraag/aanbod beter te combineren en om de verhouding tussen het totale vermogen van wind en zon te verbeteren (hoofdstuk 3); N a-isolatie van woningen en collectieve warmtesystemen reduceren CO2 uitstoot en kunnen helpen bij de ontlasting van de elektriciteitsinfrastructuur. Deze oplossingen zouden met name daar ingezet moeten worden, waar dit maatschappelijk gezien gewenst is (hoofdstuk 4);
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
13
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
14
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
3. Elektriciteit 3.1. Doelstellingen, bod en afspraken RES 1.0 Doelstellingen
W e realiseren het bod van 1,62 TWh en streven naar een betere verdeling tussen zon en wind. V oor een goed functionerend elektriciteitsnet vergroten we het aandeel windenergie, zoals afgesproken in de RES 1.0. L okaal wordt de RES verankerd in het omgevingsbeleid. Daarbij streven we naar minimaal 50% lokaal eigendom. We geven inzicht in de voortgang en bereikte resultaten via monitoring en verantwoording.
Bod RES 1.0 W ind op land 0,47 TWh Z on op land 0,66 TWh Z on op Dak 0,49 TWh In opgesteld vermogen (berekend in megawatts: MW), gaat het om 89% zon en 11% windenergie. Deze verhouding is echter niet inpasbaar op het elektriciteitsnet. Daarom geven we in deze RES 2024 uitvoering aan afspraak 18 uit RES 1.0: streven naar een 50% - 50% verhouding tussen zon en wind per elektriciteitsstation in de regio. Voor de opwek op land zijn zoekgebieden in de regio aangewezen. Daarnaast zijn circa 100 wind- en zonprojecten door de 16 gemeenten aangeleverd. Voor zon op dak wordt 25% van het maximale potentieel als reëel verondersteld in 2030. Het potentieel is bepaald met behulp van het zon-op-dak dasboard van de provincie Gelderland: ZON-OP-DAK (arcgis.com). In de RES streven we een regionaal bod na en om dit te behalen is het uitgangspunt dat gemiddeld genomen elke gemeente 25% van deze bovengenoemde maximale potentie voor zon op dak realiseert.
Afspraken RES 1.0 Een overzicht met de afspraken uit de RES1.0 en de stand van zaken zijn opgenomen in bijlage A.
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
15
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
3.2. W aar staan nu we in de energietransitie?
haalbaar zijn vanuit wet- en regelgeving is gedurende 2022 en 2023 een
TIJDLIJN - ELEKTRICITEIT
milieueffectrapport opgesteld: de planMER RES GMR. Ook zijn we in 2022 Vanaf de vaststelling van de RES 1.0 in 2021 werken we aan de uitvoering
gestart met periodieke monitoring en coördineren we het traject rond
ervan. Om te beoordelen of de afspraken, projecten en zoekgebieden
integraal programmeren vanuit de RES.
Verkenningsfase • RES 1.0 vastgesteld (bod van 1,62 TWh)
2020
•C oncept RES vastgesteld
2021
Planfase (huidig)
Projectfase
•P lanMER opgesteld en gemeenten stellen lokaal windgebieden vast • I ngegraal programmeren: fase 1 inzicht verkrijgen afgerond •S tart Regionaal Expertise Energie (REE) •O pleveren RES 2024
2022
2023 2024
•N RD opgesteld •B egrippenkader NPRES ingevoerd
•N etcongestie TenneT/Liander naar verwachting opgelost in 2029 •S tart Programma Realisatiekracht
2025
2027
• Deadline vergunnen wind
2030
• Deadline voor RES doelen
Monitoring Integraal programma en netcongestie
Borging omgevingsbeleid (tot en met 2024)
16
Figuur 3: Tijdlijn elektriciteit
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Om invulling te geven aan de afspraak voor de opwek van 1,62 TWh duurzame elektriciteit in 2030, zijn binnen de regio 22 zoekgebieden vastgesteld voor het opwekken van zonne-energie en 7 zoekgebieden voor windenergie. In praktijk valt een aantal zoekgebieden voor zon en wind samen en loopt een aantal zoekgebieden in elkaar over.
Figuur 4: Zoekgebieden voor zon- en windenergie RES 1.0
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
17
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Tabel 1: Onderstations in de regio en voorkeur energietechniek
Veel zonne-energie en te weinig windenergie voor het elektriciteitsnet
Naam onderstation
Verwachte groei zon op dak [MVA]
Voorkeur energietechniek
OS ANGERLO 50 kV
30
zeer sterke voorkeur wind
De afgelopen jaren is het aantal zonnepanelen in
OS ARNHEM 10 kV
24
voorkeur wind
de regio enorm gegroeid. Deels door een flinke
OS BEMMEL 50 kV
62
zeer sterke voorkeur wind
groei aan zonnepanelen op woningen, maar
OS DODEWAARD 150 kV
77
zeer sterke voorkeur wind
vooral doordat het aantal zonnevelden sterk is
OS DRUTEN 10 kV
50
zeer sterke voorkeur wind
toegenomen. Het gevolg is dat we op zonnige
OS DUKENBURG 10 kV
19
zeer sterke voorkeur wind
dagen en in de zomermaanden enorm veel
OS EERBEEK 150 kV
42
zeer sterke voorkeur wind
vragen van onze elektriciteitsnetten.
OS ELST 150 kV
85
zeer sterke voorkeur wind
Het overaanbod van zonne-energie zorgt voor
OS KATTENBERG 10 kV
30
zeer sterke voorkeur wind
een toenemende onbalans op het regionale
OS NIJMEGEN 150 kV
163
zeer sterke voorkeur wind
elektriciteitsnet. Om die onbalans op te lossen
OS OOSTERBEEK 10 kV
18
voorkeur wind
is aanzienlijk meer windenergie nodig. Ook in
OS PRESIKHAAF 10 kV
40
voorkeur wind
de afspraken van de RES 1.0 was de onbalans
OS RENKUM 10 kV
39
voorkeur wind
in vermogen (MW) tussen zon (89%) en wind
OS SINT ANNAMOLEN 10 kV
15
zeer sterke voorkeur wind
(11%) erg groot. De regio heeft zichzelf daarom de
OS TEERSDIJK 150 kV
111
zeer sterke voorkeur wind
opdracht gegeven de verhouding tussen wind- en
OS WINSELINGSEWEG 50kV
67
zeer sterke voorkeur wind
zonne-energie sterk te verbeteren.
OS ZEVENAAR 150 kV
125
zeer sterke voorkeur wind
Nieuw: OS DUIVEN
-
zeer sterke voorkeur wind
In de Notitie Energiesysteem van mei 2023 gaf
Nieuw: OS OOSTERHOUT
-
voorkeur wind
netbeheerder Liander, voor ieder onderstation
Nieuw: OS WYLERBERGMEER
-
zeer sterke voorkeur wind
in de regio aan, een (zeer sterke) voorkeur
Nieuw: OS BEUNINGEN
-
voorkeur wind
te hebben voor extra windenergie. Dit om
Milieueffectonderzoek: vooral kansen voor windenergie langs grote doorgaande wegen
te doen naar extra zoekgebieden voor
betrouwbaar en betaalbaar te houden. De uitdaging is dan ook om nieuwe zoekgebieden
Vanwege de onbalans tussen zonne- en
milieueffectonderzoek uitgevoerd met de gehele
voor windenergie te identificeren en hier met
windenergie, hebben gemeenten en provincie
regio als onderzoeksgebied. Daarin is gekeken
gemeenten afspraken over te maken.
in de RES 1.0 afgesproken om onderzoek
naar de volle breedte van de RES, namelijk de
het elektriciteitsnet richting de toekomst
18
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
windenergie. Het afgelopen jaar is een
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
mogelijkheden voor windenergie, zonne-energie
is. Voor windenergie liggen er mogelijke gebieden
buitengebieden die niet zijn aangemerkt als
en warmtebronnen. Onze hoofdvraag:
langs grote doorgaande wegen en in een aantal
cultuurhistorische plek of natuurgebied.
Welke gebieden zijn vanuit milieueffecten geschikt, geschikt te maken of ongeschikt voor de ontwikkeling van ten minste 1,62 TWh duurzame elektriciteitsambitie en regionale warmtebronnen in de Groene Metropoolregio. En hoe kan dit - naast de referentie RES 1.0 - worden ingevuld aan de hand van drie thematische alternatieven? Deze vraag is in drie stappen beantwoord: 1. D oor ongeschikte gebieden op basis van weten regelgeving uit te sluiten en op de kaart onderscheid te maken tussen geschikte- en geschikt te maken gebieden; 2. Door vanuit de RES en de thema’s natuur, landschap en leefomgeving de geschikte- en geschikt te maken gebieden te beschouwen; 3. D oor vanuit milieueffecten te komen tot mogelijke zoekgebieden in de geschikte- en geschikt te maken gebieden; 4. D aarbij is geconcludeerd dat de zoekgebieden voor windturbines in de RES 1.0 vanuit milieuperspectief goed onderbouwd zijn. Uit het onderzoek bleek bovendien dat zonneenergie qua milieuaspecten bijna overal mogelijk Figuur 5: Geschiktheidskaart voor windturbines met een lage geluidsemissie
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
19
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Figuur 5 geeft een van de drie samenvattende
Gemeente
Actuele informatie windenergie
kaarten uit het milieueffectonderzoek weer. De
Arnhem
• D e gemeente Arnhem heeft de ontwikkeling van het windproject Koningspleij-Noord
kaart laat zien welke gebieden geschikt zijn, of
gefaciliteerd.
geschikt te maken zijn voor de ontwikkeling van twee of meer windturbines met een lage
• Dit windproject is in 2022 gerealiseerd en sinds dat jaar operationeel. Beuningen
geluidsemissie. De kaart is gemodelleerd op een
• D e gemeente Beuningen faciliteert de ontwikkeling van de windzoekgebieden W.9 en W.10 uit de RES via het Windpark Beuningen.
referentieturbine met een ashoogte van 120 meter
• V oor Windpark Beuningen zijn lokale windnormen opgesteld en is in 2021 een
(een Nordex N117). Voor de milieutechnische
vergunning afgegeven.
mogelijkheden is de windturbinehoogte of
• D e doorgang van Windpark Beuningen wacht inmiddels meer dan twee jaar op een
-omvang niet zo relevant, de geluidsemissie is
uitspraak van de Raad van State. De uitspraak van de Raad van State wordt nog in
leidend. Met andere woorden: een aanzienlijk
2024 verwacht.
hogere of grotere windturbine met eenzelfde
Berg en Dal
lage geluidsemissie, biedt vergelijkbare
• D e gemeente Berg en Dal faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden.
milieutechnische mogelijkheden.
• W el is de gemeente gestart met een proces waarbij opnieuw gekeken wordt naar de huidige energiemix.
De drie samenvattende milieubeoordelings-
Doesburg
kaarten zijn in hoge resolutie te vinden op de
• D e gemeente Doesburg faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden.
planMER website.
• O ok werkt de gemeente op dit moment niet aan een proces om dit in de toekomst mogelijk te maken.
Het gaat om de volgende kaarten: M ilieubeoordeling voor de ontwikkeling van zonnevelden;
Druten
• D e gemeente Druten heeft een aantal geschikte- en geschikt te maken gebieden voor windenergie in het regionale milieueffectonderzoek. • D e gemeente onderkent de uitkomsten van het regionale milieueffectonderzoek
M ilieubeoordeling voor de ontwikkeling van windturbines met een lage geluidsemissie; M ilieubeoordeling voor de ontwikkeling van windturbines met een hoge geluidsemissie.
en geeft aan gemeentelijk verdere stappen te zetten op de ontwikkeling van windenergie. • Z o wordt binnen de gemeente gekeken naar de mogelijkheid om een wind- en zonnevisie op te stellen.
Tabel 2: Overzicht stand van zaken windenergie per gemeente
20
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Windenergie per gemeente
Duiven
In een aantal gemeenten zijn goede kansen
windenergie in het bestaande RES-zoekgebied W.5
voor windenergie om het doel 1,62 TWh
• D e gemeente doet dit bij voorkeur in een gemeente-overstijgend gebiedsproces
grootschalige duurzame elektriciteitsopwek in 2030 te behalen. Met name in de gemeenten
• D e gemeente Duiven streeft naar maximale benutting van de potenties voor
samen met ontwikkelende partijen. Heumen
Beuningen, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard,
• D e gemeente Heumen stelt op dit moment een windvisie op. • H eumen kent een aantal geschikte- en geschikt te maken gebieden voor
Overbetuwe, Wijchen en Zevenaar. Op basis
windenergie in het regionale milieueffectonderzoek.
van het milieueffectonderzoek hebben deze
• D eze gebieden vormen de basis voor een multi-criteria analyse (MCA). Op basis
gemeenten aangegeven stappen te zetten voor de
van de MCA-uitkomsten kiest de gemeente welke gebieden ze aanwijst voor de
ontwikkeling van windenergie. Wat die stappen
ontwikkeling van windenergie.
zijn, verschilt per gemeente en hangt af van de
Lingewaard
lokale situatie.
• D e gemeente Lingewaard faciliteert de ontwikkeling van twee windprojecten: Caprice en A15/Betuweroute. • V oor Windpark Caprice zijn lokale windnormen opgesteld en is in 2022 een vergunning afgegeven. • D e doorgang van Windpark Caprice wacht inmiddels anderhalf jaar op een uitspraak van de Raad van State. • V oor het gebied A15/Betuweroute wordt op dit moment een energie-gebiedsvisie opgesteld waarin de ontwikkeling van drie tot vier windturbines is voorzien.
Nijmegen
• D e gemeente Nijmegen heeft de ontwikkeling van de windprojecten Nijmegen Betuwe en Groene Delta gefaciliteerd. • Windpark Nijmegen Betuwe is in 2016 gerealiseerd en sinds dat jaar operationeel. • Windpark Groene Delta is in 2021 gerealiseerd en sinds 2022 operationeel.
Overbetuwe
• D e gemeente Overbetuwe faciliteert de ontwikkeling van het gecombineerde wind-zonzoekgebied WZ.8 uit de RES. Windparken Park 15 en Midden-Betuwe zijn initiatieven binnen dit zoekgebied. • V oor Windpark Park15 wordt een vergunningsaanvraag voorbereid.
Tabel 2: Overzicht stand van zaken windenergie per gemeente
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
21
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Vervolg Overbetuwe
• I n het project Park15 wordt (conform de Routekaart Duurzaam Overbetuwe) gekeken naar de p raktische toepassing van procesparticipatie, lokale participatie en (mogelijk) sociale grondvergoedingen. Daarna volgt de stap naar een methodiek voor de gehele gemeente. • V oor zoekgebied Midden-Betuwe is het actualisatieproces van de ‘Omgevingsvisie Overbetuwe 2040’ relevant, inclusief wijziging van de zoekzones in het onderdeel ‘Energielandschap’.
• De ligging in de 1-8 kilometerzone rondom de Veluwe maakt de mogelijkheden hier, mede afhankelijk van het provinciale beleid ‘Windenergie Veluwe’ en onderhevig aan een stilstandvoorziening. En in de toekomst wellicht andere mitigerende maatregelen. Renkum
• D e gemeente Renkum faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden. • O ok werkt de gemeente op dit moment niet aan een proces om dit in de toekomst mogelijk te maken.
Rheden
• D e gemeente Rheden faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden. • O ok werkt de gemeente op dit moment niet aan een proces om dit in de toekomst mogelijk te maken.
Rozendaal
• D e gemeente Rozendaal faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden. • V anuit milieuaspecten is de ontwikkeling van de windenergie in de gehele gemeente op dit moment ook niet mogelijk.
Westervoort
• D e gemeente Westervoort faciliteert op dit moment geen ontwikkeling van windprojecten of windzoekgebieden. • O ok werkt de gemeente op dit moment niet aan een proces om dit in de toekomst mogelijk te maken.
Wijchen
• De gemeente Wijchen faciliteert de ontwikkeling van windpark Bijsterhuizen. • De gemeente heeft de ‘Visie op wind- en zonne-energie gemeente Wijchen: Op weg naar 2035’ vastgesteld. • I n de visie heeft de gemeente op basis van een multicriteria-analyse gekozen tussen de kansrijke gebieden uit het regionale milieueffectonderzoek. • D e gemeente Wijchen start een tender voor één windpark in één van de gekozen kansrijke gebieden en besluit als helder is waar een nieuw TenneT hoogspanningsstation komt.
Zevenaar
• In de gemeente Zevenaar is windpark Bijvanck gerealiseerd en operationeel. • Daarnaast stelt de gemeente op dit moment haar omgevingsvisie op. • Z evenaar kent een aantal geschikte- en geschikt te maken gebieden voor windenergie in het regionale milieueffectonderzoek. • D eze gebieden worden in samenhang beschouwd met overige functies en opgaven binnen de gemeente. Zevenaar maakt in haar omgevingsvisie de keuzes over welke gebieden ze aanwijst voor de ontwikkeling van windenergie.
Tabel 2: Overzicht stand van zaken windenergie per gemeente
22
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
De voortgang in cijfers
De realisatie van het zon-op-dak bod is in
beperkt de realisatie van windprojecten na de
In deze alinea wordt inzicht gegeven in de
april 2024 0.20 TWh. Hiermee is 41% van
inwerkingtreding op 1 juli 2025;
voortgang en bereikte resultaten van de RES via
het zon-op-dak aandeel in het bod, vervuld.
monitoring en verantwoording. Deze monitor
Daarbovenop zitten projecten in de pijplijn (fase
en uitgebreid onderzoek gedaan naar de
is opgenomen in bijlage B. De belangrijkste
subsidiebeschikking en bouwfase). Wanneer deze
gezondheidseffecten van windturbines. Toch
conclusies worden hieronder toegelicht.
projecten volledig gerealiseerd zijn, betekent dit
blijft er argwaan, twijfel en maatschappelijke
een additionele opbrengst van 0,12 TWh (24% van
discussie die het draagvlak voor windturbines
3. Discussie gezondheidseffecten: er is veel
Het bod van de RES 1.0 wordt steeds verder
het zon-op-dak bod). Deze cijfers zien er op het
ingevuld met concrete projecten. Dit betekent dat
eerste gezicht positief uit, echter is de verwachte
ondergraaft;
het aantal projecten in de ambitiesfase daalt en
groei van zon op dak beperkt. Het laaghangend
rondom de Veluwe zijn geen windprojecten
dat steeds meer projecten in de pijplijn zitten. De
fruit is nu benut en netcongestie zorgt tot 2030
meer mogelijk en in een 1 – 8 km omtrek
realisatie van duurzaam opgewekte elektriciteit
voor een knelpunt. De ambitie is nog steeds 0,17
rondom de Veluwe is de realisatie van
is gestegen naar 0,62 TWh in april 2024. De
TWh (35% van het zon-op-dak bod).
windprojecten (tijdelijk) alleen mogelijk met
projecten in de pijplijn tellen op tot 0,45 TWh. En nog 0,56 TWh van het bod bestaat uit initiatieven in de ambitiefase of openstaande ambitie zonder initiatieven.
4. Wespendief: in een omtrek van 1 km
een stilstandsvoorziening;
3.3. Voor welke uitdagingen en knelpunten staan we bij zon en wind op land?
5. Zonneladder: de provincie Gelderland stelt een restrictiever zonbeleid vast in haar omgevingsverordening. Voor zonprojecten geldt dat ze niet langer
De daadwerkelijke realisatie van projecten is nu
Bij de realisatie van het RES bod komen we
(monofunctioneel) gerealiseerd mogen worden
circa 38% en is ongeveer gelijk voor wind op land
voor zon op land en wind op land, zes externe
op natuur- en landbouwgrond, tenzij er een
en zon op land (31-33%). Een groot deel van de
knelpunten tegen:
uitzonderingsgrond geldt zoals beschreven in
projecten in de pijplijn is vergevorderd en zit in de
de verordening;
fase vergunningsverlening (33% van pijplijn) of in
1. Netcongestie: een flink aantal zonne- en
de bouwfase (43% van pijplijn). Dat zijn met name
windprojecten kan niet voor 2030 worden
wordt bezwaar en beroep aangetekend tot aan
de zon op land projecten die ver ontwikkeld zijn.
aangesloten op het elektriciteitsnet;
de Raad van State. De wachttijd bij de Raad
Veel windprojecten zitten in het voortraject.
6. Raad van State: tegen veel energieprojecten
2. Nieuwe windnormen: het voorgenomen
Enkele windprojecten zijn al verder gevorderd
besluit met een afstandsnorm en strengere
maar wachten op vergunningverlening en/of een
wetgeving voor wind op bedrijventerreinen,
van State is meer dan twee jaar en loopt verder op.
uitspraak van de Raad van State.
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
23
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Effect netcongestie op RES bod
Zon en wind op land
Zon op dak (grootschalig)
Totaal RES bod
Voor alle projecten uit RES 1.0 is de impact van netcongestie geanalyseerd. Hieruit blijkt
Bod
1,13 TWh
0,49 TWh
1,62 TWh
netcongestie. Maar dit betekent niet dat al deze
Gerealiseerd/
0,67 TWh
0,25 TWh
0,92 TWh
projecten onmogelijk zijn. In paragraaf 3.5.
toegezegde capaciteit 0,46 TWh
0,24 TWh
0,70 TWh
dat 44% van het bod geraakt wordt door
wordt ingegaan op de mogelijkheden en het handelingsperspectief voor dit knelpunt.
Openstaand
In de analyse is, in samenwerking met
(geen toegezegde
Liander, voor elk project gekeken wat de
capaciteit)
status van de netaansluiting is: gerealiseerde aansluiting, aangevraagde aansluiting met toegezegde netcapaciteit, aangevraagde
Tabel 3: Effect netcongestie op het RES-bod met uitsplitsing in projecten met en zonder toegezegde transportcapaciteit bij Liander
aansluiting zonder toegezegde capaciteit of geen aanvraag voor netcapaciteit. De projecten met gerealiseerde aansluitingen en met toegezegde transportcapaciteit zijn samengenomen en tellen op tot 0,92 TWh. Hierbij is aangenomen dat de projecten in de pijplijn volledig gerealiseerd worden tot 2030. De resterende projecten zonder toegezegde netcapaciteit in 2030 tellen nog op tot 0,70 TWh.
24
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
Effect nieuwe windnormen op RES bod
Voormalige windturbinenormen³
Windturbinenormen vanaf 1 juli 2025
• 47 dB Lden en 41 dB Lnight
• 45 dB Lden en 39 dB Lnight
• Of lokaal maatwerk
• O f lokaal maatwerk tot 47 dB Lden
Voor windturbines komen er nieuwe landelijke milieunormen aan. Het gaat om nieuwe regels
Geluid
voor geluid, veiligheid, slagschaduw en afstand van windturbines. Deze regels zijn op 12 oktober
en 41 dB Lnight
2023 in concept gepubliceerd. In de loop van 2024 volgt een besluit en dan zijn de regels op 1 juli
Slagschaduw
2025 van kracht. De belangrijkste (voorgenomen)
Maximaal 6 uur per jaar en
Maximaal 6 uur per jaar
20 minuten per dag
en 20 minuten per dag
wijzigingen zijn: E en strengere geluidsnorm;
Externe
Beperkt kwetsbare objecten:
Beperkt kwetsbare objecten:
E en strengere externe veiligheidsnorm voor
veiligheid
PR = 1 x 10
PR = 1 x 10-6 (lokaal zijn afwijkingen
beperkt kwetsbare objecten;
D e introductie van een afstandsnorm.
-5
mogelijk tot 10-5)
Kwetsbare objecten:
Kwetsbare objecten:
PR = 1 x 10
PR = 1 x 10-6
-6
In alle gevallen gaat het om strengere normen en daarmee een beperking van de
Afstandsnorm
--
Minimaal 2x de tiphoogte
inpassingsmogelijkheden van windenergie. De invloed van deze strengere normen op de
Tabel 4 Vergelijking tussen de voormalige en voorgenomen windnormen
realisatie van ons regionale bod is moeilijk in cijfers te vatten. Met name de invloed van de
vijf windprojecten op of om bedrijventerreinen in
zijn hierop gebaseerd. Zo zijn de voorgestelde
afstandsnorm en strengere geluidsnorm vraagt
voorbereiding, 7,3% van het totale RES bod.
geluidsnormen één-op-één overgenomen van de
om een analyse op projectniveau.
Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Ook komt
betrekking op beperkt kwetsbare objecten,
Effect twijfel over gezondheidseffecten windturbines
Doel is om hinderlijke tonaliteit, vrijwel altijd
zoals bedrijven. In de praktijk wordt daardoor
Er is uitgebreid onderzoek gedaan naar de
het gevolg van een defect of ontwerpfout aan
een beperkend effect voor windprojecten op
gezondheidseffecten van windturbines. De
de windturbine, te voorkomen. Het onderzoek
bedrijventerreinen verwacht. In onze regio zijn er
voorgestelde nieuwe nationale windnormen
naar gezondheidseffecten van windturbines
De strengere externe veiligheidsnorm heeft
er een toeslag van 5 dB Lden voor tonaal geluid.
3 Het gaat om de windturbinenormen voor drie of meer windturbines die golden tot de rechterlijke uitspraak van 30 juni 2021 inzake windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding.
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
25
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
blijft ondertussen doorgaan. Het expertisepunt
te houden. In combinatie met twijfel en
het project doorgang had gevonden, dan was
windenergie en gezondheid (RIVM en GGD’en)
desinformatie beïnvloeden ze omwonenden
daarmee circa 3% van het RES bod ingevuld. In de
publiceert elk kwartaal een overzicht van alle
en de lokale politiek.
1 tot 8 kilometerzone zijn meerdere windprojecten
onderzoeken die verschenen zijn.
in voorbereiding. Deze windprojecten kunnen Het gevolg is een groot gevoel van twijfel
beperkt doorgang vinden op basis van een
Waarom dan toch de twijfel, de argwaan en de
en weerstand bij omwonenden van
stilstandsvoorziening. Ook vinden op de Veluwe
maatschappelijke discussie? In onze regio zien
windturbineprojecten. Dat zorgt ook voor
twee onderzoeken plaats. Eén om wespendieven
we hiervoor vier verschillende redenen:
twijfels bij lokale politici en gemeenteraden
te herkennen via cameradetectie en een ander
L ange tijd lag er geen milieubeoordeling onder
die beslissingen over windenergie voor zich
onderzoek om wespendieven individueel
de nationale windnormen en -wetgeving. In
uitschuiven of ervan afzien.
te volgen via een zender. Als een of beide
2021 heeft de Raad van State dan ook bepaald
26
onderzoeken gunstige resultaten opleveren,
dat de windturbinebepalingen onvoldoende
Effect wespendief op RES bod
worden in de 1 tot 8 kilometerzone meer
onderbouwd tot stand zijn gekomen en
De provincie Gelderland beschermt diersoorten
windprojecten mogelijk met minder stilstand.
daarmee niet kunnen worden gebruikt voor
in het kader van de Wet natuurbeheer (Wnb).
besluitvorming.
Een van die diersoorten is de wespendief, een
Effect voorkeursvolgorde zon op RES bod
T oonaangevende instituten die de afgelopen
roofvogel die op de Veluwe broedt. Daarom
De provincie Gelderland werkt aan de
jaren veel onderzoek hebben gepubliceerd over
besloten Gedeputeerde Staten eind 2022 dat er
aanscherping van het zonbeleid via de
de gezondheidseffecten van windturbines,
geen windturbines mogen komen op de Veluwe
provinciale omgevingsverordeningen⁴. Dit is in
zoals de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO),
en in een zone van 1 kilometer daaromheen. In
lijn met de bestuursafspraken die Rijk, IPO, VNG
GGD’en en RIVM, worden door verschillende
een cirkel van 1 tot 8 kilometer om de Veluwe
en UvW eind 2023 maakten. Deze verordening
groepen in de samenleving gewantrouwd. Hun
zijn (tijdelijk) beperkt windturbines toegestaan
stelt aangescherpte eisen aan zonprojecten, in
onderzoeken en onderzoeksresultaten worden
met een stilstandsvoorziening tijdens de
lijn met de eerder vastgestelde zonneladder en
hierdoor niet door iedereen op waarde geschat.
zomermaanden.
voorkeursvolgorde zon. Ontwikkelaars moeten
T egenstanders van windturbines grijpen
In de 1 kilometerzone rondom de Veluwe was in
in de projectopzet rekening houden met deze
het uitvergroten van zorgen over lokale
onze regio één windproject in voorbereiding. Dit
afspraken. De afspraken hebben geen betrekking
gezondheidseffecten aan voor hun doel om
project bevond zich in de idee-fase en is daarom
op zon op waterprojecten.
de ontwikkeling van windenergie tegen
voor 0% meegerekend in de RES 1.0. Stel dat
4 Kamerbrief 2023-0000629635 - Aangescherpte voorkeursvolgorde zon – 26 oktober 2023
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
De aanscherping van het zonbeleid heeft effect op nieuwe en lopende projecten van de RES. Het
3.4. Voor welke uitdagingen en knelpunten staan we bij zon op dak?
doel van de zonneladder benadrukt nog eens dat
op momenten dat er weinig vraag of direct verbruik is; I n sommige gevallen is de dakconstructie
in eerste instantie zoveel mogelijk zon op daken
De ontwikkeling van zon op dak kent veel
niet geschikt voor het gewicht van de
wordt benut. Belangrijk om aandacht te houden
uitdagingen die lastiger op te lossen zijn dan
zonnepanelen. Dit vergt extra kosten om het
op dit onderdeel van het RES bod. Het effect van
voor zon op land projecten. Een belangrijk
dak te versterken. Dit knelpunt is wel steeds
deze ladder is nog niet in detail helder, maar dit
verschil met zon op land is dat het om relatief
minder relevant vanwege de innovaties in
kan tot maximaal 8% van het RES bod raken.
kleine oppervlaktes van daken gaat, met lagere
zonnepanelen, waarbij ook lichtere panelen en
In de praktijk kan dit percentage lager liggen
opbrengsten. En daar komt bij dat met veel
hele dunne zonnefilms mogelijk zijn;
doordat zon op land projecten al vergevorderd
verschillende partijen naar oplossingen wordt
D e eigendomssituatie is een complex punt. Het
zijn. Dit vraagt nog om een extra verdieping op
gezocht. Het vergt dan ook veel capaciteit
gaat hierbij vaak om de huurder-verhuurder
individueel projectniveau. De zonneladder en
van gemeenten om dit actief te stimuleren.
relatie waarbij afspraken nodig zijn over de
uitzonderingsronden worden verder toegelicht in
Tegelijkertijd is het belangrijk om in te zetten
verdeling van de kosten en baten. Ook kan
de volgende paragraaf.
op zon op dak vanwege de aangescherpte
het zijn dat eigenaren van daken of huurders
zonneladder.
van bedrijfspanden weinig motivatie hebben
Effect procedures Raad van State
om met zon op dak aan de slag te gaan en bij
De procedures bij de Raad van State hebben
Ontwikkelaars en bedrijven hebben te maken
kleine tegenslagen al snel stoppen met de
veel invloed op de doorlooptijden van de RES
met knelpunten in projecten. En ook gemeenten
projecten;
projecten. De doorlooptijd van de procedure is
hebben te maken met belemmeringen in de
De business case van zon op daken is
op dit moment minimaal een jaar, maar loopt
uitvoering van de zon op dak ambitie. Veel
ook een veelvoorkomend knelpunt. Voor
ook op tot meerdere jaren zoals bij windparken
voorkomende knelpunten zijn:
grootschalig zon op dak projecten (met
Beuningse veld (Beuningen) en Caprice (Lingewaard).
vermogen van >15kWp) geldt dat deze N etcongestie is het grootste knelpunt. Veel
vaak op grootverbruiksaansluitingen zijn
projecten kunnen niet doorgaan omdat er geen
aangesloten. De zeer grote daken, van meer
transportcapaciteit is om de geproduceerde
dan 5.000 vierkante meter, hebben een flinke
stroom terug te leveren aan het net. Met name
markttractie. Er vallen goede marges te
zon draagt in grote mate bij aan netcongestie
draaien, dat trekt ontwikkelaars aan. Maar
door de hoge productiepiek op zonnige dagen,
dat laaghangend fruit is deels al geplukt. Voor
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
27
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
middelgrote daken van 100 tot 5.000 vierkante
3.5. Onze aanpak
dat de volledige realisatie van de duurzame
meter ligt het anders. Hierbij speelt onder
opwekprojecten tot 2030, niet haalbaar is. Er is
andere dat eigenaren niet hun investeringen
Hoe gaan we in de periode tot 2030 om met
echter geen sprake van afstel, maar slechts van
willen vastleggen in zonnepanelen, maar
de uitdagingen en knelpunten? Wat is onze
uitstel.
liever investeren in hun bedrijfsactiviteiten.
aanpak op weg naar het realiseren van de RES-
Ook speelt opportunistisch gedrag een rol:
doelstellingen?
Totdat de netcongestie is opgelost, zijn er andere
bedrijven wachten af over een betere waarde
mogelijkheden om opwek aan te sluiten op het
Aanpak ontwikkelen duurzame opwek bij netcongestie
net. Het toepassen van cablepooling (combineren
D e verzekerbaarheid van daken met zonnepanelen is in sommige gevallen
Naar verwachting is netcongestie voor het
kansrijke oplossing. De pieken in de productie
een knelpunt. Landelijk is al veel actie
terug leveren van duurzame opwek tot 2030
van wind en zonne-energie liggen bijna nooit
ondernomen om de brandrisico’s inzichtelijk
een knelpunt. Maar dit betekent niet dat
op hetzelfde moment in de tijd. Daarmee vullen
te maken en te verkleinen. Ook zijn er veel
ontwikkeling van duurzame opwekprojecten
deze beide bronnen elkaar heel goed aan en
kwaliteitskeurmerken voor gecertificeerde
onmogelijk is. Veel projecten hebben een lange
kunnen ze van dezelfde aansluiting op het net
installatie en inspectie. Dit lijkt een
doorlooptijd. Het is daarom belangrijk om deze
gebruikmaken.
overkomelijk knelpunt te zijn op termijn;
projecten te blijven ontwikkelen zodat deze, op
Andere oplossingen zijn het toepassen van
D e aanwezigheid van asbest kan bij het
een later moment klaar zijn om aan te sluiten.
batterij-opslag of het combineren van duurzame
verwijderen voor hoge kosten zorgen;
De verwachting is dat tussen 2027 en 2029 meer
opwek met de vraag naar energie op bijvoorbeeld
Het knelpunt van de dakvormen of dakramen
ruimte komt op het net van TenneT. En dan
bedrijventerreinen of energiehubs. In de
zorgen voor minder potentie van zon op
kunnen de netbeheerders een eindsprint maken
huidige situatie met netcongestie gelden echter
daken. Ook andere installaties op het dak
met het aansluiten van projecten.
strenge voorwaarden voor het terugleveren van
in de toekomst;
van wind en zon op één aansluiting) is de meest
maken daken minder geschikt, zoals
28
elektriciteit naar het net. In principe is er geen
luchtbehandelingssystemen, buizen en
Tegelijkertijd moet Liander aan de slag om
teruglevering mogelijk. Dat betekent dat we de
afvoerpijpen. Het effect van dit knelpunt op
de capaciteit op het middenspanningsnet te
volledige productie op elk moment van de dag
het RES bod voor grootschalig zon op dak
verhogen. Op deze regionale stations treedt nu
direct moeten gebruiken of opslaan.
is beperkt, aangezien er voldoende daken
netcongestie op waardoor sommige projecten ook
geschikt zijn (op basis van de totale potentie).
na het oplossen van de TenneT congestie, nog in
Tot slot kan op termijn het toepassen van slimme
de wachtrij staan. Mede hierdoor wordt verwacht
contractvormen een uitkomst bieden voor het
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
aansluiten van opwek. Een Capaciteitsbeperkend
Zoals de website van Helpdesk Wind op Land
voorkeursvolgorde zon. Projecten moeten de
contract (CBC) maakt teruglevering mogelijk
stelt over de ontwikkeling van windenergie:
zonneladder volgen en bij voorkeur zon inzetten
op een beperkt aantal momenten op de dag
‘Er is al veel goede en relevante kennis
op daken en gevels (trede 1). Of op onbenutte
(buiten de piekmomenten). Op dit moment
voorhanden, die een uitstekende onderbouwing
terreinen en langs infrastructuur (trede 2/3). Als
is het toepassen van deze CBC’s bij Liander
biedt voor het opstellen van normen. De
ontwikkeling in trede 1-3 niet mogelijk is, dan is
niet mogelijk vanwege de netcongestie op
gezondheidsonderzoeken van Nivel en het
zon op landbouwgrond alleen onder voorwaarden
het hoogspanningsnet van TenneT. Het is
RIVM dragen bij aan het actualiseren, en
mogelijk.
nog onduidelijk wanneer deze maatregel wel
waar nodig aanvullen, van de bestaande
mogelijk is. Dit is afhankelijk van de ruimte die
kennis met betrekking tot windturbines en
Wanneer het gaat om zon op landbouwgrond
TenneT nog heeft tot 2030. Deze CBC’s bieden met
gezondheidsrisico’s.’
(trede 4) gelden drie uitzonderingsgronden:
name voor windprojecten een uitkomst, omdat
P rojecten met multifunctioneel ruimtegebruik
de business case beter overeind blijft dan bij
Inzetten op innovaties in wespendiefgebied
van natuur- en landbouwgrond met
zonprojecten.
Zoals aangegeven kunnen windprojecten in
substantiële agrarische functie in de vorm van
de 1 tot 8 kilometerzone rondom de Veluwe
Agri-PV;
Laatste inzichten zijn leidend qua gezondheidseffecten
in de toekomst doorgaan op basis van een
P rojecten op landbouwgronden die op basis van
stilstandsvoorziening. Ook vindt op de Veluwe
bestuurlijk bindende afspraken in transitie zijn;
De voorgestelde nieuwe nationale windnormen
een onderzoek plaats om Wespendieven te
P rojecten die betekenisvol bijdragen aan het
zijn gebaseerd op de meest recente inzichten
herkennen via cameradetectie. Als dit onderzoek
verminderen van netcongestie of het vergroten
qua gezondheidseffecten. Daar sluiten we als
goede resultaten oplevert, zijn windprojecten
van een efficiënt netwerk.
regio bij aan. We volgen de maatschappelijke
in de 1 tot 8 kilometerzone mogelijk met een
discussie en passen de werkwijze in de toekomst
cameradetectiesysteem en wellicht zonder
Het uitgangspunt is dat zon op land zoveel
waar nodig aan. De Helpdesk Wind op Land is
stilstandsvoorziening.
mogelijk via de eerste drie treden ontwikkeld
daarin leidend. De Helpdesk Wind op Land is een
wordt. Het is daarom belangrijk om in te
Hanteren van zonneladder en benutten overgangsregime vergevorderde projecten
zetten op zon op dak (trede 1). Tegelijkertijd
voor Ondernemend Nederland (RVO), Nationaal Programma RES (NP RES), Interprovinciaal
De omgevingsverordening van de provincie
belangrijk voor het behalen van het RES
Overleg (IPO), Vereniging Nederlandse Gemeenten
stelt aangescherpte eisen aan zonprojecten in
bod. Daarom is het voor zonprojecten op
(VNG), Unie van Waterschappen en Netbeheer NL.
lijn met de eerder vastgestelde zonneladder en
landbouw- en natuurgronden (trede 4) die al
samenwerking tussen ministeries, Rijksdienst
Regionale Energie S trategie A rnhem - Nijmegen 20 24
zijn de bestaande zonprojecten op land ook
-
V e r r i j k i n g R E S 1. 0
29
INHOUDS 1 2 3 4
OPGAVE
vergevorderd zijn, toch mogelijk om onder
3.6. Welke acties ondernemen we?
Netcongestie
voorwaarden door te gaan. De provincie geeft
Netcongestie maakt zon op dak projecten lastiger
aan dat de initiatiefnemer moet aantonen
Speerpunten zon op dak
te realiseren, maar niet onmogelijk. Onder de
dat het project voldoet aan één van de drie
Vanuit gemeenten zijn een aantal speerpunten
volgende voorwaarden is het mogelijk om wél
uitzonderingsgronden of aan de eisen die gesteld
genoemd voor zon op grote daken:
zon op dak te realiseren:
zijn in het overgangsregime voor projecten in een
1. Mogelijkheden netcongestie benutten;
O p een kleinverbruik aansluiting (t/m max.
vergevorderd stadium. Toetsing hiervan vindt
2. Uitvoeringscapaciteit vergroten bij gemeenten;
3x80A mag je nog terug leveren) binnen de
plaats door het bevoegd gezag.
3. Monitoren van zon op dak projecten via
Er geldt een overgangsregime voor projecten die al in een vergevorderd stadium zijn en waar
4. Inzicht in potentie en verbruiksgegevens
al communicatie- en participatietrajecten voor
bedrijven (koppelen vraag en aanbod);
lopen. De provincie Gelderland interpreteert een ‘vergevorderd stadium’ als volgt:
technische capaciteit van je aansluiting;
regionale samenwerking;
O p een grootverbruik aansluiting mag je geen (extra) teruglevering contracteren, dus zijn de enige opties:
5. Haalbare business case opstellen (propositie/ aanbod richting dakeigenaren);
P rojecten die onderdeel vormen van de afspraken uit de RES 1.0 (doelstelling of
gecontracteerd vermogen voor terug levering;