CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Meerjarenbegroting 2023-2026 MGR

Gemeenteraad 25 mei 2022, gemeente DoesburgBij agendapunt: MGR Jaarstukken 2021 en begroting 2022 e.v.16.029 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

 In 2022 en 2023 gaan we aan de slag uit het plan van aanpak dat de modules maken op basis van de uitkomsten van het Preventief Medisch Onderzoek naar psychosociale arbeidsbelasting bij medewerkers.  We vinden inclusiviteit van groot belang en zetten extra in op werkplekken voor medewerkers via de banenafspraak. Bedrijfsvoering De MGR benut kennis en expertise van deelnemende gemeenten en GR-en op het terrein van ICT, HR en financiële dienstverlening. Daarnaast heeft zij een basisbezetting om de bedrijfsvoering adequaat uit te voeren. De nieuwe manager bedrijfsvoering kijkt of alle processen, beleidsadvisering en uitvoering goed geborgd zijn en herijkt zo nodig de afspraken met de uitvoerende partijen. In 2022 moeten de afspraken op terrein van HR- en salarisadministratie voor SW-medewerkers aanbesteed worden in het kader van de verlenging van het aanwijzingsbesluit van gemeenten.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

Dit zal tot aanpassingen van de betreffende DVO leiden. Het interne controleplan leidt tot de basis voor het Dagelijks Bestuur om een rechtmatigheidsverklaring af te kunnen geven. Dit wordt in 2022 voor het eerst uitgevoerd. Om te kunnen voldoen aan alle nieuwe wet- en regelgeving op het terrein van privacy, informatieveiligheid, digitale toegankelijkheid, open overheid, informatievoorziening en archivering wordt extra ingezet op de adequate uitvoering hiervan. Dit wordt mede ingegeven door de afspraken die met gemeenten gemaakt zijn in de DVO over de archivering van gemandateerde taken. We zullen ook met andere gemeenschappelijke regelingen in de regio kijken of het mogelijk is gezamenlijk expertise en uitvoeringscapaciteit te bundelen om te komen tot een soort regionale service-center bij deze bedrijfsvoeringstaken die ieder om eigen expertise vragen. In 2022 worden de volgende activiteiten opgepakt.

 Aanbesteding HR- en salarisadministratie voor SW-dienstverbanden en aanpassing DVO;  Rechtmatigheidstoets door het dagelijks bestuur op basis van rapportage interne controleplan;  Afronding selectie nieuwe accountant;  Externe audit Wet politiegegevens bij RBL;  Invoeren van de Wet Open Overheid (WOO);  Implementatie ISMS voor informatiebeveiliging en privacy (samen met partners in De Liemers);  Formalisering Archiefconvenant met gemeenten voor gemandateerde taken;  Actualisering beleidsplannen informatiebeheer, archief en informatiebeveiliging.  Afstemming met andere GR-en wat gezamenlijk opgepakt kan worden. In 2023 komt daar het doorvoeren van benodigde wijzigingen op grond van de nieuwe Archiefwet bij. d.

28

Wat gaat het kosten?

Personele bezetting De bezetting bij de MGR beheer bestaat uit 2,83 fte. Daarin zit extra formatie voor werkzaamheden op het terrein van DIV en uitvoering archiefwerkzaamheden.

Lasten en baten Programma

€ x1.000

Beheer Onvoorzien Programmalasten Deelnemende gemeenten Overige baten Regionale bijdrage Buitengemeenten Baten Saldo Onttrekking aan reserve Dotatie aan reserve Resultaat Programma

Realisatie 2021

A B Primaire Gewijzigde begroting begroting 2022 2022

C B-A Primaire begroting Verschil 2023 2022

€ 321 € 32 € 353 € 367 €5

€ 352 € 32 € 384 € 384

€ 387 € 32 € 419 € 384

€ 445 € 33 € 478 € 478

€ 372 € 19

€ 384 €0

€ 478 €0

€ 19 €0

€ 384 -€ 35 € 35

€0

€0

€0

€ 35 €0 € 35 €0 €0 €0 €0 €0 -€ 35 € 35 €0 €0

C-B Verschil 2023-2022 € 58 €0 € 58 € 93 €0 €0 €0 € 93 € 35 -€ 35 €0 €0

Toelichting De begroting van de module Beheer neemt in 2022 met € 35.000 toe in verband met langdurig ziekteverzuim. Deze aanvullende lasten worden conform afspraken gedekt uit de bestemmingsreserve. Vanaf 2023 worden opleidingskosten niet langer bij de individuele modules begroot, maar wordt er één budget voor opleiding opgenomen in de begroting van de module beheer. Uitzondering hierop zijn de wettelijk verplichte opleiding voor leerplichtambtenaren, deze blijven bij de module Onderwijs begroot worden. Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

3.5

Het overzicht van de kosten van overhead

Conform de uitgangspunten is de MGR 'lean en mean' ingericht. De meeste ondersteunende functies worden afgenomen bij externe dienstverleners. Het gaat om de volgende ondersteunende taken bij 1Stroom. 6: • Financiële administratie; • Salaris- en personeelsadministratie; • Een deel van de P&O advisering; Andere ondersteunende taken op het terrein van ICT worden afgenomen door de RID (Inkoop, WSP, WG SW en beheer) of De Connectie (Onderwijszaken). De MGR kent een Privacy Officer met ondersteunende taken op het brede terrein van privacy, informatiebeleid en archief en informatiebeveiliging voor de MGR en haar modules. We gaan in 2022 bepalen of deze taken door één functionaris kunnen worden uitgevoerd of op andere wijze georganiseerd moet worden. Het totale pakket aan werkzaamheden op terrein van privacy, informatiebeheer, informatieveiligheid en archiefwerkzaamheden leidt tot een uitbreiding van de benodigde formatie. Dit is in de begroting van 2022 verwerkt. De Functionaris Gegevens bescherming is ingehuurd via de gemeente Arnhem. Op het terrein van CISO vindt ondersteuning plaats via de RID. Andere expertise op deze terreinen wordt zo nodig ingehuurd. De MGR wil zelf als werkgever invulling blijven geven aan de banenafspraak. De invulling hiervan wordt gezamenlijk opgepakt en met name gericht op module overstijgende werkzaamheden.

Huisvesting en duurzaamheid De MGR is met haar vier modules gehuisvest op 3 locaties, te weten: 29

Gemeentehuis Westervoort – Modules inkoop, WgSw en beheer – in 2020 energielabel D met verwarming via stadsverwarming, ledverlichting, stroom via Groene Stroomfabriek, mede afkomstig van zonnepanelen dat gemeentehuis en bibliotheek. Stadskantoor Arnhem – module onderwijszaken – in 2020 energielabel A. Daarbij wordt gebruik gemaakt van een warmtepomp die kan koelen en verwarmen. Voor verwarmen in koude periodes is de warmtepomp aangesloten op het warmtenet. Ook daar wordt groene stroom van de Groene stroomfabriek gebruikt. Bedrijfsverzamelgebouw Gelderse Poort – module WSP – Het pand heeft energielabel A, is goed geïsoleerd en heeft goede klimaatbeheersing.

Op de locaties is sprake van gescheiden afvalverwerking voor papier en overige. De mate van scheiden verschilt per locatie. Er wordt door medewerkers gebruik gemaakt van elektrische fietsen voor dienstreizen. Met mobiliteitsregeling wordt fietsen en gebruik OV gestimuleerd, o.a. via gebruik businesscard voor OV, leenauto en leenfietsen. Dat geldt ook voor de IKB regeling met uitruil voor de fiets. Op het gebied van duurzame inzetbaarheid van medewerkers wordt ingezet op het inzetten van de eigen talenten en vergroten van ontwikkelmogelijkheden, verlagen van werkdruk, opnemen van verlof, inzet preventiemedewerkers, aandacht voor goede werkhouding ter verhoging van het werkplezier en beperken van verzuim. We gaan ook kijken naar de situatie na Covid-19 kijken als het

1Stroom is een gemeenschappelijke regeling waarin de ambtelijke organisaties van de gemeente Westervoort en de gemeente Duiven zijn gefuseerd. 6

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

gaat om de balans tussen op kantoor werken en thuiswerken om te zien wat bijdraagt aan de duurzame inzetbaarheid van medewerkers. De overheadkosten worden in de onderstaande tabel zowel per kostengroep als per module gepresenteerd. Het bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting De overheadkosten worden in de onderstaande tabel zowel per kostengroep als per module gepresenteerd. Overzicht Overhead € x 1.000 Kosten Groep

Classificatie

Realisatie 2021

Personeelskosten Huisvestingskosten ICT kosten P&O & FA kosten Overige kosten Totaal Overheadlasten Module Inkoop Onderwijs WSP WgSW CMI Beheer Totaal Overhead lasten

€ 958 € 215 € 238 € 314 € 248 € 1.973 € 278 € 603 € 535 € 204 € 353 € 1.973

Primaire Gewijzigde Begroting 2023 begroting Begroting 2022 2022 € 1.050 € 1.069 € 1.114 € 220 € 221 € 223 € 197 € 190 € 190 € 324 € 323 € 330 € 290 € 326 € 305 € 2.081 € 2.130 € 2.162 € 321 € 336 € 355 € 666 € 693 € 672 € 528 € 508 € 506 € 181 € 154 € 133 € 19 € 19 € 384 € 419 € 476 € 2.081 € 2.130 € 2.162

Verschil 2022

Verschil 2023

€ 19 €1 -€ 7 -€ 1 € 36 € 49 € 15 € 27 -€ 20 -€ 27 € 19 € 35 € 49

€ 45 €2 €0 €7 -€ 22 € 32 € 19 -€ 21 -€ 2 -€ 21 €0 € 57 € 32

Toelichting 30

Personeelskosten nemen in 2023 toe omdat het opleidingsbudget integraal onder de module beheer wordt begroot (met uitzondering van de verplichte opleidingen bij het RBL).

3.6

Het bedrag voor onvoorzien.

3.7

Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen

Er is een bedrag opgenomen van € 32.000 voor onvoorziene uitgaven in de overhead (module Beheer).

n.v.t. voor de MGR.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

3.8

De beleidsindicatoren bestuur en organisatie

De beleidsindicatoren voor bestuur en organisatie geven een beeld van de ontwikkeling van de formatie en de verhouding tussen vaste bezetting en externe inhuur. De ontwikkeling van de kengetallen over meer jaren geeft een goed inzicht in verbetering van de structuur van de organisatie. Het aantal SW dienstverbanden is in onderstaande tabel niet opgenomen. Deze zijn apart benoemd bij de module WgSW. Formatie & indicatoren Bestuur en organisatie 1. Formatie (fte) (formatieplan)

2021 Realisatie

Beheer Inkoop Onderwijs WSP WgSW CMI

Totale formatie 2. Bezette formatie Beheer (fte) Inkoop Onderwijs WSP WgSW CMI Totaal bezette formatie 3. Indicatoren Externe inhuur % Overhead % Apparaatskosten per inwoner Formatie Fte per 1.000 inwoners Bezette vaste formatie fte per 1.000 inwoners

31

€

2022 2022 2023 Primaire Gewijzigde Primaire Begroting Begroting Begroting 2,1 3,1 3,1 3,1 12,8 12,8 12,8 12,8 30,3 30,3 30,3 30,3 16,9 16,2 16,2 16,2 1,2 1,2 0,3 0,3 0,6 0,6 63,3 63,6 63,6 63,6 2,8 2,6 2,8 3,1 13,6 11,9 13,6 13,6 30,0 28,6 30,4 30,4 18,1 16,1 16,7 16,7 0,3 0,2 0,3 0,3 0,6 0,6 64,4 59,5 59,5 59,5 9% 7% 7% 7% 3% 3% 3% 3% 14,23 € 14,23 € 14,23 € 14,23 0,13 0,14 0,14 0,14 0,14 0,13 0,13 0,13

In 2022 en 2023 begroten we de externe inhuur respectievelijk op 7% van de totale loonsom. Dit leidt tot een geplande stabiele organisatie met een werkbare flexibele schil.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

4

De paragrafen

Deze verplichten onderdelen van de begroting zijn voor de MGR niet allemaal van toepassing.

4.1

Lokale heffingen

4.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

a.

Beschikbare weerstandscapaciteit

Dit is voor de MGR niet van toepassing.

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover MGR beschikt om niet begrote kosten te dekken en alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre de MGR in staat is om financiële en budgettaire tegenvallers op te vangen.

De MGR beschikt niet over algemene reserves die kunnen worden ingezet ter dekking van risico’s.

32

In 2019 is er voor de module WgSW een specifieke bestemmingsreserve opgenomen voor het opvangen van negatieve fluctuaties in de personeelslasten van SW dienstverbanden. Voor de overige modules is er een mogelijkheid om een beperkte bestemmingsreserve op te bouwen bij een positief resultaat van maximaal € 50.000. In totaal zijn er eind 2021 5 bestemmingsreserves met in totaal € 699.000 (zie paragraaf 5.4). De bestemmingsreserves mogen alleen voor de specifieke module worden ingezet. De module beheer beschikt over een begrotingspost voor onvoorziene uitgaven van € 32.000. Dit is slechts 0,05% van de totale begroting. Voor de MGR is een ‘open einde’ systematiek afgesproken. In de regeling is opgenomen dat in de jaarrekening de kosten per module na aftrek van de inkomsten, worden verdeeld over de deelnemende gemeenten volgens de in de regeling vastgestelde kostenverdeelsleutel. Alle resterende risico’s vallen daarmee ten laste van de deelnemende gemeenten.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

b.

Inventarisatie van de risico’s

Als onderdeel van het risicomanagement zijn de volgende belangrijkste risico’s geïnventariseerd en beheersmaatregelen vastgesteld:

33

Risico

Kans

Reputatie/ maatsch. Impact

1

Incident/hack ICT beveiliging/ AVG / ICT systeem niet beschikbaar

Laag

Hoog

2

Loonkosten stijging SW > Begroting

40%

3

Onrechtmatigheid of fraude

Laag

4

Specifieke uitvoeringsrisico's Medium modules leiden er toe dat maatschappelijke doelstellingen niet worden gehaald.

5

Wegvallen van deel financiering Laag van gemeenten, door uitreden van een of meer modules.

6

Geen passend personeel met expertise kunnen vinden voor het uitvoeren van de opdrachten

Medium

medium

50k

1. Een betrouwbare, zorgvuldige en interessante werkgever zijn waar mensen graag willen werken. 2. Goede contacten onderhouden met bureaus om snel mensen in te kunnen huren. Kosten worden dan wel hoger.

7

Niet voldoen aan wet en regelgeving voor gemeenten

Laag

Hoog

50K

8

Kostenstijging door inflatie en stijging WML

Hoog

Medium

1 miljoen

1. Monitoring door manager bedrijfsvoering en privacyofficer. 2. Voortdurende afweging wat van toepassing is op een kleine GR met beperkte taken. 3. Afweging maken tussen inhuren of in dienst nemen. Financiële ontwikkelingen volgen. Uitgangspunt is dat aanvullende kosten worden gecompenseerd in de participatie uitkering en gemeentefonds. Indien noodzakelijk wordt een begrotingswijziging voorgesteld.

Beheersmaatregelen

200k en 20k per dag

DVO's RID De Liemers & De Connectie; Informatiebeveiliging beleid en beveiligde mobiele telefoons.

500k (1%)

Bestemmingsreserve & additionele rijksbijdrage voor gemeenten op basis van LPO

Hoog

<50k

Intern controle plan; betalingen door 4 mensen goedgekeurd.

Medium/ Hoog

Indirect

Planning & control cyclus: actualiseren van uitvoeringsprogramma, periodiek overleg ambtelijke & bestuurlijke overleggen en prestatieverantwoording. Inzet op kwaliteit en motivatie van medewerkers.

500k (10% structuur)

Goede lange termijnplanning. Bescherming in regeling waarbij reorganisatiekosten bij uittreders worden gelegd.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

Financiële impact

c.

het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's

In de Planning & Control cyclus wordt er aan het Dagelijks Bestuur op kwartaalbasis gerapporteerd m.b.t. de gerealiseerde en geprognotiseerde uitgaven tot jaareinde. De bestuurscommissies van de modules krijgen twee keer per jaar een financiële rapportage. Het algemeen bestuur krijgt 2 keer per jaar een geconsolideerde financiële rapportage met adviezen van de bestuurscommissie en het DB hoe er bij eventuele overschrijdingen gehandeld kan worden. De bovengenoemde beheersmaatregelen in samenhang met de bestemmingsreserves voor de grootste risico’s (loonkosten SW en overschrijdingen modules) leidt tot een beheerste situatie. d.

Kengetallen

Met de bestemmingsreserves is er een beperkt eigen vermogen. Dit is beperkt ten opzichte van de totale baten. De voorfinanciering door gemeenten leidt tot een negatieve schuldquote. Er zijn geen externe leningen. Financiële kengetallen Euro x 1.000 Eigen vermogen Balanstotaal netto schuldquote solvabiliteitsratio (A/B) structurele exploitatieruimte

e. 34

2021 Realisatie 699.247 5.061.265 -0,03 0,14 0%

2022 Gewijzigde Begroting 587 4.113 -0,02 0,14 0%

2023 Begroting 548 3.719 -0,02 0,15 0%

De beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie.

De solvabiliteitsratio is goed en blijft de komende jaren stabiel. Het eigen vermogen (bestemmingsreserves) en voorzieningen worden langzaam afgebouwd, en enig resultaat wordt altijd geretourneerd aan de deelnemende gemeenten. De structurele exploitatieruimte blijft daarmee op nul staan doordat er geen sprake is vrij besteedbare middelen vanuit algemene reserves. Structurele lasten en baten zijn meerjarig in evenwicht. Er wordt immers jaarlijks afgerekend zoals hierboven is aangegeven. Er is dus sprake van een stabiele ontwikkeling zonder opbouw van structurele exploitatieruimte bij de MGR. Er is nadrukkelijk niet gekozen om een algemene reserve aan te houden. De weerstandscapaciteit, gevormd door de module specifieke bestemmingsreserves. Hiermee kan een groot deel van de risico’s in eerste instantie worden opgevangen. Het weerstandsvermogen daarmee is op korte termijn redelijk in balans. Daarnaast wordt er sterk ingezet op de beheersmaatregelen inclusief de tijdige rapportage in de P&C-cyclus.

4.3

Onderhoud Kapitaalgoederen

4.4

Financiering

Dit is voor de MGR niet van toepasing.

De financiering van de activiteiten van de MGR gebeurt door voorfinanciering op kwartaalbasis door de deelnemende gemeenten gebaseerd de begroting. De financiering van de verloning van de SW medewerkers gebeurt maandelijks voor de 15e kalendermaand. De verlegde BTW wordt per halfjaar achteraf verrekend. Op basis van deze begrotingscijfers met gezonde solvabiliteit is er geen externe financiering voor werkkapitaal nodig. Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

Omzetbelasting

De MGR kan de btw op de kosten van de beheersorganisatie en de modules doorschuiven naar de deelnemende gemeenten, zodat deze btw door de deelnemende gemeenten kan worden gecompenseerd. Dit betekent dat de begroting van de MGR voor de beheerstaken en de respectievelijke modules exclusief btw wordt opgesteld. Na afloop van het jaar wordt een opgave van de btw aan iedere deelnemer verstrekt. Gemeenten kunnen de verschuldigde btw bij het btwcompensatiefonds declareren. Alleen de administratieve activiteiten met betrekking tot de verloning van SW dienstverbanden is BTW plichtig. Dit wordt apart doorbelast.

Vennootschapsbelasting

Het kabinet heeft eind 2014 wetgeving vastgesteld, die erop is gericht dat overheidsbedrijven, die economische activiteiten uitoefenen, op dezelfde wijze als private bedrijven aan vennootschapsbelasting zullen worden onderworpen. Deze wetswijziging is per 1 januari 2016 in werking getreden. Aangezien de MGR geen winstoogmerk heeft en in de GR is bepaald dat positieve rekeningresultaten aan de deelnemers worden terugbetaald is MGR geen vennootschapsbelasting verschuldigd.

4.5

Bedrijfsvoering

Bedrijfsvoering betreft de sturing en beheersing van de primaire en ondersteunende processen om het voorgenomen beleid en de daarmee samenhangende doelstellingen van de MGR te realiseren. In 2022 is de financiële administratie en interne controle zodanig ingericht dat het Dagelijks Bestuur vanaf 2022 de rechtmatigheidstoets kan uitvoeren. In 2021 is hiermee proef gedraaid. 35

De planning & control cyclus start met de begroting en uitvoeringsprogramma waarin de afspraken over het te voeren beleid per module worden vastgelegd. Aan de partners wordt per module gerapporteerd. De rapportages worden halfjaarlijks opgesteld. Het jaar wordt afgesloten met de jaarrekening waarin verantwoording, per module, wordt afgelegd over het afgesloten jaar. De administratieve organisatie is zodanig opgesteld dat de dagelijkse gang van zaken erop ingericht is dat de financiële verordening, de controleverordening en het mandaat van de treasury nageleefd worden. Daarbij moet er opgemerkt worden dat MGR de financiële en personeelsadministratie uitbesteed heeft een externe dienstverlener: 1Stroom. De salarisadministratie voor de verloning van de SW-dienstverbanden en de administratie van SW-gerelateerde betaling is bij Scalabor belegd. Voor 2023 worden deze diensten voor verloning van SW-dienstverbanden aanbesteed in verband met nieuwe periode aanwijzingsbesluit gemeenten.

4.6

Verbonden partijen

4.7

Grondbeleid

De MGR heeft geen verbonden partijen.

Dit is voor de MGR niet van toepassing.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

DEEL 3 5

DE FINANCIËLE BEGROTING

Het overzicht van baten en lasten en de toelichting

In het overzicht van baten en lasten worden de verschillende onderdelen van het programmaplan (hoofdstuk 3) samengevoegd.

5.1

Het overzicht baten en lasten

De baten van de programma’s zijn bestemd voor de dekking van de directe programmakosten en de overheadkosten van de module. Hierdoor ontstaat er in eerste instantie een positief saldo voor de programma’s. De dekking voor MGR beheer leidt tot directe baten voor de overheadstructuur. Overzicht baten en lasten

2021 Realisatie

2022 Primaire Begroting

2022 Gewijzigde Begroting

2023 Begroting

2022 Verschil

2023 Verschil

€ 108 € 73 -€ 35 € 50 € 15 €0 € 74 € 101 € 27 €0 € 27 €0 € 170 € 154 -€ 16 -€ 4 -€ 20 € 166 € 147 -€ 19 €0 -€ 8 -€ 27 € 51 € 69 € 18 €0 € 18 -€ 4 €0 € 49 €0 -€ 49 €0 € 35 -€ 14 €0 € 618 € 545 -€ 73 €0 € 73 -

€ 22 € 91 € 69 -€ 50 € 19 €0 -€ 49 -€ 70 -€ 21 €0 -€ 21 €0 -€ 124 -€ 126 -€ 2 €0 -€ 2 -€ 1.969 -€ 2.002 -€ 33 €0 € 12 -€ 21 €1 €1 €0 €0 €0 -€ 26 €0 € 32 € 92 € 60 €0 -€ 35 € 25 €0 -€ 2.086 -€ 2.013 € 73 €0 -€ 73 -

Programma

36

Inkoop

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat Inkoop

€ 1.325 € 1.603 € 278 €0 € 278

€ 1.273 € 1.595 € 321 €0 € 321

€ 1.381 € 1.668 € 286 € 50 € 336

€ 1.404 € 1.759 € 355 €0 € 355

Onderwijs

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Resultaat Onderwijs

€ 2.128 € 2.731 € 603 €0 € 603

€ 2.197 € 2.862 € 666 €0 € 666

€ 2.271 € 2.964 € 693 €0 € 693

€ 2.222 € 2.894 € 672 €0 € 672

WSP

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WSP Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WgSW Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat CMI Resultaat Programma's

€ 1.247 € 1.775 € 531 €6 € 529 € 55.563 € 55.730 € 167 €0 € 37 € 204

€ 1.101 € 1.616 € 515 € 13 € 528 € 53.989 € 54.144 € 155 €0 € 26 € 181

€ 1.620

€ 1.696

€ 1.271 € 1.771 € 500 €9 € 508 € 54.155 € 54.291 € 136 €0 € 18 € 154 € 51 € 69 € 18 €0 € 18 € 1.692

€ 1.147 € 1.645 € 497 €9 € 506 € 52.186 € 52.289 € 103 €0 € 30 € 133 € 52 € 71 € 19 €0 € 19 € 1.666

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat Overhead A+B Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve

€ 1.973 € 372 -€ 1.601 € 19 €0 -€ 1.620

€ 2.081 € 384 -€ 1.697 €0

€ 2.162 € 476 -€ 1.685 €0

-€ 1.697

€ 2.130 € 384 -€ 1.745 €0 € 35 -€ 1.710

€ 62.236 € 62.212 -€ 25 € 19 € 43 -

€ 60.641 € 60.602 -€ 39

€ 61.259 € 61.147 -€ 112

€ 59.172 € 59.134 -€ 39

€ 39 -

€ 112 -

€ 39 -

WgSW

CMI

A Overhead

B Eindresultaat Totaal

Eindresultaat

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

-€ 1.685

5.2

De toelichting op het overzicht van baten en lasten

De belangrijkste afwijkingen in de ontwikkelingen in de baten en lasten door nieuw beleid wordt hier toegelicht. De uitgangspunten van de ramingen voor bestaand beleid zijn reeds toegelicht in paragraaf 2.2. Per programma zijn de cijfers toegelicht in hoofdstuk 3. De impact van incidentele baten en lasten wordt in een aparte tabel aan het einde van deze paragraaf toegelicht. Toelichting 1. De module Inkoop onttrekt in 2022 € 50.000 aan de bestemmingsreserve voor het verkrijgen van stuurgegevens (ZorgLokaal) om onder andere kwaliteits- en rechtmatigheidsonderzoeken uit te voren. 2. De modules Onderwijs en WSP voeren extra activiteiten uit voor het regionale RMT en VSV programma: deze zijn als overige lasten en baten (€ 230.000 vanuit regionale middelen) opgenomen in de begroting 2022. 3. Bij de module WgSW liggen de kosten iets hoger dan in de primaire begroting. 4. De module Beheer onttrekt € 35.000 aan de bestemmingsreserve voor ondersteuning van management en directie. 5. De baten en lasten zijn in evenwicht.

37

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

Het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten Incidentele baten en lasten Programma

2022 Primaire Begroting

2022 Gewijzigde Begroting

2023 Begroting

Inkoop

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat Inkoop

€ 79 € 32 € 47 €0 € 47

€0 €0 €0 €0 €0

€0 €0 €0 € 50 € 50

€0 €0 €0 €0 €0

Onderwijs

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Resultaat Onderwijs

-€ 48 € 41 € 81 €0 € 61

€ 43 € 43 €0 €0 €0

€ 60 € 60 €0 €0 €0

€ 60 € 60 €0 €0 €0

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WSP Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WgSW Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat CMI A Resultaat Programma's

€ 175 € 195 € 20 €0 € 20 €0 € 305 € 305 €0 €0 € 305

€ 25 € 12 -€ 13 € 13 €0 €0 -€ 26 -€ 26

€ 433

€0

€ 144 € 135 €0 €9 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 € 50

€9 €0 €0 €9 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0

€0 €0 €0 € 19 €0 € 19

€ 32 € 32 €0 €0

€0 €0 €0 €0

€0

€ 35 €0 -€ 35 €0 € 35 €0

€0

€ 206 € 573 € 367 € 19 €0 -

€ 100 € 61 -€ 39

€ 239 € 195 -€ 44

€ 69 € 60 -€ 9

€ 39 -

€ 94 -

-

WSP

WgSW

38

2021 Realisatie

CMI

Overhead

Eindresultaat Totaal

Eindresultaat

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve B Resultaat Overhead A+B Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve

€ 26 €0

€9

Toelichting •

Voor 2022 en 2023 zijn de incidentele lasten en baten in evenwicht en zijn gerelateerd aan extra activiteiten met extra dekking (WSP & Onderwijs) alsmede de geplande onttrekkingen aan de bestemmingsreserve WSP.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

5.3

De uiteenzetting van de financiële positie

5.4

Financiële gevolgen van het bestaande en nieuw beleid

De jaarlijkse lasten bestaan grotendeels uit personeelskosten. Deze zijn stabiel, met incidentele lasten voor extra opdrachten. De kosten van de SW dienstverbanden neemt stapsgewijs af. Er zijn beperkte bestemmingsreserves voor het opvangen van risico’s zoals toegelicht in paragraaf 4.2. De voorzieningen voor boventalligen wordt afgebouwd totdat de voormalig medewerkers van Presikhaaf Bedrijven de pensioengerechtigde leeftijd bereiken. De waardering van niet opgenomen vakantiedagen en niet uitbetaald vakantiegeld SW dienstverbanden is niet op de balans opgenomen. Deze posten nemen af met de afname van het aantal SW dienstverbanden. In het volgende overzicht is een raming van de financiële gevolgen van het bestaande en nieuw beleid opgenomen. Ontwikkeling financiële positie

Jaarlijkse lasten

Eindstand per balansdatum

A1 A2 A3 B C D1 D2 D3 D4 D5 E1 E2 F1 F2 F3

Omschrijving Euro x 1.000 Loonsom (vast) Externe inhuur SW dienstverbanden Investeringen ICT Externe financiering Bestemmingreserve WgSW Bestemmingsreserve WSP Bestemmingreserve Inkoop Bestemmingsreserve Onderwijs Bestemmingreserve Beheer Voorziening boventalligen Voorziening latente verplichtingen PHB Niet opgenomen vakantiedagen ambtelijk Niet opgenomen vakantiedagen SW dienstverbanden Niet uitbetaald vakantiegeld SW dienstverbanden

2021 Realisatie 4.775.482 371.015 53.505.590 0 0 518 31 50 50 50 930 135 210 5.200 1.900

2022 2022 2023 Primaire Gewijzigde Primaire Begroting begroting Begroting 4.876.080 5.073.454 5.063.443 350.784 331.741 338.566 51.826.381 51.977.181 49.975.298 0 0 0 0 0 0 470 492 500 12 22 13 50 0 0 50 50 50 31 15 15 700 555 338 0 135 135 210 210 210 4.108 4.900 4.606 1.961 1.805 1.697

39 Toelichting A. De jaarlijks terugkerende arbeidskosten kunnen worden verdeeld in de loonsom voor vaste dienstverbanden, externe inhuur en de loonkosten voor SW dienstverbanden. B. Na de ICT investeringen in 2020 voor de WSP module, zijn er geen nieuwe investeringen (van meer dan € 25.000) gepland. C. Er is geen behoefte aan externe financiering doordat er wordt gewerkt met voorschotfacturen aan gemeente. Ook is er vanaf 2020 een financiële buffer met de opgebouwde bestemmingsreserves en de overgenomen voorziening Presikhaaf Bedrijven. D. Er zijn onttrekkingen voorzien aan de bestemmingsreserve WgSW, deze voorziening mag maximaal 1% bedragen van de totale loonsom, en neemt daarmee net als het aantal SW dienstverbanden jaarlijks af. E. De beoogde ontwikkeling verplichting op balansdatum voor niet opgenomen vakantiedagen en niet uitbetaald vakantiegeld laat een langzame daling zien door het gecombineerde effect van de uitstroom SW-dienstverbanden en de begrote salarisstijgingen in 2002 en 2021. De uitbetaalde vakantiedagen bij uitdiensttreding worden deels vergoed door Scalabor die verantwoordelijk is voor de tijdig afbouw van dit saldo.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

5.5

De geprognotiseerde eindbalans 2021 en 2022

Het balanstotaal is in 2020 gestegen tot € 8 miljoen door het incidentele positieve resultaat van € 2,5 miljoen dat in 2021 wordt gecrediteerd aan gemeenten. Ook zijn de twee voorzieningen voor latente verplichtingen van Presikhaaf bedrijven overgedragen aan de MGR. ACTIVA (Euro x1.000) Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Vlottende activa

31-12-2021 31-12-2022 31-12-2023 PASSIVA 18 9 Vaste passiva Eigen vermogen 18 9 Bestemmingsreserves 5.043 4.141 3.756 Totaal eigen vermogen

Uitzettingen (looptijd<1 jaar) Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Overige vorderingen

1.213 2.879 207

500 2.841 100

500 2.506 100

Totaal uitzettingen

4.299

3.441

3.106

-

-

-

Liquide middelen (kas- en banksaldi)

Voorzieningen Vaste schulden Vlottende passiva Netto-vlottende schulden (looptijd <1 jaar) Overige schulden Overige Kasgeldleningen

31-12-2021 31-12-2022 31-12-2023 1.774 1.277 1.021 699

587

548

699

587

548

1.075 3.325

690 2.873

473 2.736

1.588

1.309

1.250

32

-

-

1.704

1.564

1.486

1.736

1.564

1.486

5.099

4.150

3.756

Overige vlottende schulden Overlopende activa Nog te ontvangen bijdragen van overige Nederlandse overheidslichamen

644

600

Overige overlopende activa

100

100

Totaal overlopende activa

744

700

5.061

4.150

Totaal Activa

5.6

Overlopende passiva Voorschotten van overige Nederlandse 550 overheidslichamen Overige Overlopende 100 passiva Totaal Overlopende 650 passiva 3.756 Totaal Passiva

De ontwikkeling van het EMU saldo

Het EMU-saldo of vorderingensaldo is het financieringssaldo waarin het exploitatie resultaat wordt gecorrigeerd voor baten en lasten die geen financiële uitgaven of inkomsten zijn. 40

Berekening EMU-saldo Omschrijving Euro x 1.000 1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves 2 Mutatie (im)materiële vaste activa Mutatie voorzieningen (dotatie - onttrekkingen) 3 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 4 5 Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo

Vorige pagina

2022 2022 Primaire Gewijzigde Begroting begroting

2023 Primaire Begroting

-2 2 -981

-39 -13 -510

-111 -9 -375

-39 -9 -217

9 -972

-562

-495

-265

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

2021 Realisatie

5.7

Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld

Conform de BBV worden de baten en lasten verdeeld over de taakvelden. Voor de baten is dit grotendeels in lijn met de verdeling per module (Onderwijs, WgSW en WSP). De lasten zijn verdeeld tussen programmataakvelden en overhead taakvelden zoals opgenomen in het programmaplan (hoofdstuk 3). Voor de modules beheer en Inkoop zijn zowel de baten als de lasten onder overhead geclassificeerd. Overzicht Taakvelden € x 1.000 Lasten

Totaal Lasten Baten

Totaal Baten

Taakveld 4.3 Onderwijsbeleid en leerlin 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves 4.3 Onderwijsbeleid en leerlin 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves

2021 Realisatie € 2.128 € 55.563 € 1.247 € 3.266 € 32 € 19 € 62.255 € 2.731 € 55.730 € 1.775 € 1.943 € 32 € 43 € 62.255

2022 Primaire begroting € 2.197 € 53.989 € 1.101 € 3.322 € 32 €0 € 60.641 € 2.862 € 54.144 € 1.616 € 1.947 € 32 € 39 € 60.641

2022 Gewijzigde begroting € 2.271 € 54.155 € 1.271 € 3.530 € 32 €0 € 61.259 € 2.964 € 54.291 € 1.771 € 2.089 € 32 € 112 € 61.259

2023 Begroting € 2.222 € 52.186 € 1.147 € 3.585 € 32 €0 € 59.172 € 2.894 € 52.289 € 1.645 € 2.274 € 32 € 39 € 59.172

Een korte toelichting voor de administratieve verwerking:

41

“Bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen moeten als directe lasten op de taakvelden worden geboekt. De bijdragen worden aan de lastenkant bij gemeenten en batenkant bij gemeenschappelijke regelingen verwerkt zonder afsplitsing van de overhead naar het taakveld Overhead. Aan de lastenkant bij de gemeenschappelijke regelingen vindt de afsplitsing van de overhead op het taakveld Overhead wel plaats.” “Wanneer de gemeenschappelijke regeling overheadtaken van de gemeente uitvoert, dan wordt de bijdrage voor deze gemeentelijke overheadtaken aan de lastenkant bij gemeenten en batenkant bij gemeenschappelijke regelingen wel op het taakveld Overhead begroot en verantwoord.”

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

DEEL 4

DE MEERJARENRAMING

De meerjarenraming bevat voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar een geprognosticeerde begin- en eindbalans en een raming van de financiële gevolgen, waaronder de baten en de lasten van het bestaande en het nieuwe beleid dat in de programma's is opgenomen.

6

De meerjarenraming 2023-2026

6.1

De geprognotiseerde balans

De geprognotiseerde balans laat een geleidelijke daling zien als gevolg van een daling in de voorziening (boventalligen). De impact van het teruglopen van het SW personeelsbestand komt terug in lagere overlopende activa en overlopende passiva. ACTIVA (Euro x1.000) Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Vlottende activa

31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025 31-12-2026 PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Bestemmingsreserves 3.756 3.519 3.322 3.130 Totaal eigen vermogen

Uitzettingen (looptijd<1 jaar) Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Overige vorderingen

500 2.506 100

500 2.319 100

500 2.172 100

500 2.030 100

Totaal uitzettingen

3.106

2.919

2.772

2.630

-

-

-

-

Liquide middelen (kas- en banksaldi)

Voorzieningen Vaste schulden Vlottende passiva Netto-vlottende schulden (looptijd <1 jaar) Overige schulden Overige Kasgeldleningen

31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025 31-12-2026 1.021 908 831 756 548

520

493

468

548

520

493

468

473 2.736

388 2.611

338 2.491

288 2.374

1.250

1.200

1.150

1.100

-

-

-

-

1.486

1.411

1.341

1.274

Overige vlottende schulden Overlopende activa

42

Nog te ontvangen bijdragen van overige Nederlandse overheidslichamen

550

500

450

Overige overlopende activa

100

100

100

Totaal overlopende activa Totaal Activa

6.2

650

600

550

3.756

3.519

3.322

Overlopende passiva Voorschotten van 400 overige Nederlandse overheidslichamen Overige Overlopende 100 passiva Totaal Overlopende 500 passiva 3.130 Totaal Passiva

1.486

1.411

1.341

1.274

3.756

3.519

3.322

3.130

De uiteenzetting van de financiële positie

De begrote baten en lasten vanaf 2023 zijn zonder indexatie berekend. De financiële positie wijzigt wel door minder SW dienstverbanden en afname van de voorziening boventalligen en niet uit de balans blijkende verplichtingen zoals niet opgenomen vakantie dagen en niet uitbetaald vakantiegeld van SW medewerkers. Er is geen externe financieringsbehoefte en er zijn geen investeringen gepland. Ontwikkeling financiële positie

Jaarlijkse lasten

Eindstand per balansdatum

A1 A2 A3 B C D1 D2 D3 D4 D5 E1 E2 F1 F2 F3

2023 2024 2025 2026 Primaire Meerjaren Meerjaren Meerjaren Omschrijving Begroting raming Euro x 1.000 raming raming Loonsom (vast) 5.063.443 5.063.443 5.063.443 5.063.443 Externe inhuur 338.566 338.566 338.566 338.566 SW dienstverbanden 49.975.298 46.976.780 44.158.173 41.508.683 Investeringen ICT 0 0 0 0 Externe financiering 0 0 0 0 Bestemmingreserve WgSW 470 442 415 390 Bestemmingsreserve WSP 13 13 13 13 Bestemmingreserve Inkoop 0 0 0 0 Bestemmingsreserve Onderwijs 50 50 50 50 Bestemmingreserve Beheer 15 15 15 15 Voorziening boventalligen 338 253 203 153 Voorziening latente verplichtingen PHB 135 135 135 135 Niet opgenomen vakantiedagen ambtelijk 210 210 210 210 Niet opgenomen vakantiedagen SW dienstverba 4.606 4.330 4.070 3.826 Niet uitbetaald vakantiegeld SW dienstverbande 1.697 1.595 1.499 1.409

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

6.3

De baten en lasten van het bestaande en nieuwe beleid

Overzicht baten en lasten

2023 2024 2025 2026 Begroting Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming

Programma Inkoop

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat Inkoop

€ 1.404 € 1.759 € 355 €0 € 355

Onderwijs

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Resultaat Onderwijs

€ 2.222 € 2.894 € 672 €0 € 672

WSP

Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WSP Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat WgSW Lasten Baten Saldo Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat CMI Resultaat Programma's

€ 1.147 € 1.645 € 497 €9 € 506 € 52.186 € 52.289 € 103 €0 € 30 € 133 € 52 € 71 € 19 €0 € 19 € 1.666

Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat Overhead A+B Lasten Baten Saldo Dotatie bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve

€ 2.162 € 476 -€ 1.685 €0

WgSW

CMI

43

A Overhead

B Eindresultaat Totaal

Eindresultaat

€ 1.404 € 1.759 € 355 €0 € 355 €0 € 2.222 € 2.894 € 672 €0 € 672 €0 € 1.147 € 1.645 € 497

€ 1.404 € 1.759 € 355 €0 € 355 €0 € 2.222 € 2.894 € 672 €0 € 672 €0 € 1.147 € 1.645 € 497

€ 1.404 € 1.759 € 355 €0 € 355 €0 € 2.222 € 2.894 € 672 €0 € 672 €0 € 1.147 € 1.645 € 497

€ 59.172 € 59.134 -€ 39

€ 497 € 49.055 € 49.151 € 97 €0 € 28 € 125 € 52 € 71 € 19 €0 € 19 € 1.649 €0 € 2.162 € 476 -€ 1.685 €0 €0 -€ 1.685 €0 € 56.041 € 56.013 -€ 28

€ 497 € 46.111 € 46.202 € 91 €0 € 26 € 117 € 52 € 71 € 19 €0 € 19 € 1.642 €0 € 2.162 € 476 -€ 1.685 €0 €0 -€ 1.685 €0 € 53.098 € 53.071 -€ 26

€ 497 € 43.345 € 43.430 € 85 €0 € 25 € 110 € 52 € 71 € 19 €0 € 19 € 1.635 €0 € 2.162 € 476 -€ 1.685 €0 €0 -€ 1.685 €0 € 50.331 € 50.306 -€ 25

€ 39

€ 28

€ 26

€ 25

-

-

-

-

-€ 1.685

Toelichting De belangrijkste uitgangspunten voor de meerjarenraming zijn: a. b.

c. d.

Er is geen indexatie in de meerjarenraming meegenomen zodat de ontwikkeling in lasten enkel de verwachte wijzigingen in de hoeveelheid mensen en middelen weergeeft. De jaarlijkse verlaging van het aantal SW dienstverbanden leidt tot lagere salariskosten en tot lagere uitvoeringskosten voor de Module WgSW. Bij de andere modules zijn er geen wijzigingen in de bezetting opgenomen. Er zijn geen incidentele baten en lasten geraamd voor deze periode. Er wordt in principe jaarlijks afgerekend met de deelnemende gemeenten. Hierdoor is er geen sprake van structurele toevoegingen of onttrekkingen aan de reserves.

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

De geprognotiseerde meerjaren-ontwikkeling van het EMU-saldo is als volgt: Berekening EMU-saldo Omschrijving Euro x 1.000 1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves 2 Mutatie (im)materiële vaste activa 3 Mutatie voorzieningen (dotatie - onttrekkingen) 4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 5 Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo

2023 2024 2025 2026 Primaire Meerjaren Meerjaren Meerjaren Begroting raming raming raming -39 -9

-28

-27

-25

-217

-85

-50

-50

-265

-113

-77

-75

44

Vorige pagina

Volgende pagina Naar inhoudsopgave

Meerjarenbegroting 2022-2026 en Uitvoeringsprogramma 2023

BIJLAGE

BIJDRAGEN PER GEMEENTE

Module Inkoop Gemeentelijke bijdrage

2022

2022

Programma Inkoop

Primaire begroting

Prognose

Euro x 1 Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem Gemeente Doesburg Gemeente Duiven Gemeente Lingewaard Gemeente Overbetuwe Gemeente Renkum Gemeente Rheden Gemeente Rozendaal Gemeente Wageningen Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Totaal gemeenten

2023 Begroting

2022 verschil

€ 579.326 € € 39.773 € € 90.216 € € 132.996 € € 152.182 € € 112.812 € € 157.127 € € 6.117 € € 113.211 € € 53.753 € € 157.087 € € 1.594.600 €

624.023 € 42.842 € 97.177 € 143.257 € 163.923 € 121.516 € 169.250 € 6.589 € 121.946 € 57.900 € 169.207 € 1.667.629 €

2022 Primaire begroting

2022 Prognose

44.697 3.069 6.961 10.261 11.741 8.704 12.123 472 8.735 4.147 12.120 73.029

€ 640.944 € € 43.660 € € 98.913 € € 146.856 € € 168.325 € € 123.975 € € 171.755 € € 6.811 € € 124.335 € € 59.247 € € 174.008 € € 1.758.829 €

2023 verschil

16.921 818 1.737 3.599 4.402 2.459 2.505 222 2.389 1.347 4.801 91.199

Module Onderwijs 45

Gemeentelijke bijdrage Programma Onderwijs Euro x 1 Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem Gemeente Doesburg Gemeente Duiven Gemeente Lingewaard Gemeente Overbetuwe Gemeente Renkum Gemeente Rheden Gemeente Rozendaal Gemeente Wageningen Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Totaal Leerplicht VSV Gemeente Arnhem Totaal gemeenten Regionale bijdrage RMC Kwalificatieplicht RMC VSV RMC Jeugdwerkloosheid Programma Schakelpunt Programma Sluitende Keten Programma Verzuim 18+ Totaal regionale bijdrage

€ € € € € € € € € € € € € €

728.000 € € 84.100 € 147.000 € 168.800 € 91.900 € 151.800 € 4.900 € € 55.400 € 136.000 € 1.567.800 € 149.500 € 1.717.300 €

€ €

387.800 € 337.600 € € 193.900 € 20.300 € 162.400 € 1.102.000 €

€ € € €

Verschil 2022

740.463 € € 85.540 € 149.517 € 171.690 € 93.473 € 154.399 € 4.984 € € 56.348 € 138.328 € 1.594.641 € 149.500 € 1.744.141 € € 387.800 € 337.600 € 60.000 € 191.000 € 20.000 € 160.000 € 1.156.400 €

Meerjarenbegroting 2021-2025 en Uitvoeringsprogramma 2022

2023 Begroting

12.463 € € 1.440 € 2.517 € 2.890 € 1.573 € 2.599 € 84 € € 948 € 2.328 € 26.841 € € 26.841 € € € 60.000 € -2.900 € -300 € -2.400 € 54.400 €

Verschil 2023

712.346 € € 82.316 € 143.838 € 165.207 € 89.915 € 148.508 € 4.810 € € 54.184 € 133.035 € 1.534.158 € 149.500 € 1.683.658 € € 393.617 € 342.664 € 60.000 € 191.000 € 20.000 € 160.000 € 1.167.281 €

-28.117 -3.224 -5.678 -6.483 -3.559 -5.891 -174 -2.164 -5.294 -60.483 -60.483 5.817 5.064 10.881

Module WSP Gemeentelijke bijdrage Programma WSP Euro x 1 Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem Gemeente Doesburg Gemeente Duiven Gemeente Lingewaard Gemeente Overbetuwe Gemeente Renkum Gemeente Rheden Gemeente Rozendaal Gemeente Wageningen Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Totaal gemeenten

2022 2022 Prognose Primaire begroting

2023 Verschil 2022 Begroting

€ 653.300 € 666.114 € 44.800 € 45.679 € 101.700 € 103.695 € 188.600 € 192.299 € 193.900 € 197.703 € € € 177.100 € 180.574 € 6.900 € 7.035 € € € 60.600 € 61.789 € 177.100 € 180.574 € 1.604.000 € 1.635.462

€ € € € € € € € € € € €

12.814 879 1.995 3.699 3.803 3.474 135 1.189 3.474 31.462

€ € € € € € € € € €

Verschil 2023

669.657 € 45.974 € 104.283 € 193.412 € 198.828 € € 181.625 € 7.072 € € 62.135 € 181.579 € 1.644.566 €

3.542 295 588 1.113 1.125 1.051 37 347 1.006 9.104

Module WgSW

46

De verdeling van de gemeentelijke bijdrage is conform de regeling aangepast voor de gewijzigde begroting op basis van het aantal arbeidsjaren per gemeente op 30/10/2021. Voor 2022 wordt gerekend met dezelfde verdeling op basis van een gelijkmatige uitstroom voor alle gemeenten. De bijdrage van medewerkers woonachtig in buitengemeenten verloopt via gemeente Arnhem. Gemeentelijke bijdrage

2022

2022

Programma WgSW

Primaire begroting

Prognose

2023 Verschil 2022

Euro x 1

Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem Gemeente Doesburg Gemeente Duiven Gemeente Lingewaard Gemeente Overbetuwe Gemeente Renkum Gemeente Rheden Gemeente Rozendaal Gemeente Wageningen Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Totaal gemeenten Buitengemeenten

€ 27.344.600 € € 1.726.500 € € 1.857.500 € € 4.375.800 € € 3.682.200 € € € € 6.221.400 € € 50.600 € € € € 2.485.600 € € 4.637.800 € € 52.382.000 € € 1.415.700 €

27.571.392 € 1.482.589 € 1.954.742 € 4.226.899 € 3.577.523 € € 6.257.358 € 57.201 € € 2.555.184 € 4.781.052 € 52.445.920 € 1.511.526 €

226.792 -243.911 97.242 -148.901 -104.677 35.958 6.601 69.584 143.252 63.920 95.826

Meerjarenbegroting 2021-2025 en Uitvoeringsprogramma 2022

Primaire begroting

Arbeidsjaren Arbeidsjaren primaire wijziging Verschil 2023 begroting begroting 2022 2022 Primaire begroting 2023

€ 26.561.094 € -1.010.298 € 1.428.262 € -54.326 € 1.883.115 € -71.628 € 4.072.013 € -154.886 € 3.446.432 € -131.091 € € € 6.028.070 € -229.288 € 55.105 € -2.096 € € € 2.461.555 € -93.630 € 4.605.860 € -175.192 € 50.511.519 € -1.934.401 € 1.455.946 € -55.580

918,60 58,00 62,37 147,04 123,74 208,98 1,73 83,51 155,83 1.759,79 53,73

833,88 44,84 59,12 127,84 108,20 189,25 1,73 77,28 144,60 1.586,74 50,73

Module Contractmanagement Inburgeringstrajecten

Gemeentelijke bijdrage

2022

2022

2023

Contractmanagement Inburgeringstrajecten

Primaire begroting

Prognose

Begroting

€ € € € € € € € € € € €

€ € € € €

Euro x 1 Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem Gemeente Doesburg Gemeente Duiven Gemeente Lingewaard Gemeente Overbetuwe Gemeente Renkum Gemeente Rheden Gemeente Rozendaal Gemeente Wageningen Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Totaal gemeenten

28.366 1.932 4.378 8.177 8.420 7.601 301 2.622 7.701 69.500

€ € € € €

Verschil 2023

28.968 € 1.973 € 4.471 € 8.351 € 8.599 € € 7.763 € 308 € € 2.678 € 7.865 € 70.975 €

602 41 93 174 179 161 6 55 163 1.475

Module Beheer 47

Gemeentelijke b Beheer d

2022

2022

Primaire begroting

Prognose

Euro x 1 Deelnemende gemeenten Gemeente Arnhem € Gemeente Doesbu € Gemeente Duiven € Gemeente Lingewa € Gemeente Overbet € Gemeente Renkum € Gemeente Rheden € Gemeente Rozenda€ Gemeente Wageni € Gemeente Westerv € Gemeente Zevenaa € Totaal gemeenten €

132.650 € 132.650 9.107 € 9.107 20.657 € 20.657 38.312 € 38.312 39.385 € 39.385 25.831 € 25.831 35.977 € 35.977 1.401 € 1.401 32.609 € 32.609 12.308 € 12.308 35.968 € 35.968 384.205 € 384.205

2023 Verschil 2022

Begroting

€ € € € € € € € € € € €

€ € € € € € € € € € € €

-

Verschil 2023

164.997 € 11.239 € 25.463 € 47.564 € 48.978 € 31.915 € 44.215 € 1.753 € 40.263 € 15.252 € 44.795 € 476.434 €

32.348 2.133 4.806 9.252 9.593 6.084 8.237 352 7.654 2.944 8.826 92.229

Meerjarenraming 2022-2024 In de meerjarenraming is geen indexatie meegenomen. Daarom blijven de gemeentelijke bijdragen gelijk aan die van 2022. Voor de module is WgSW is er een reductie van 6% per jaar geraamd (zonder indexatie).

Meerjarenbegroting 2021-2025 en Uitvoeringsprogramma 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=4604d971-5556-4b8d-b113-dc990ffc2ad4