Kadernota 2025
Tekst van het document
Kadernota 2025
Pagina 1 van 24
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................2 1. Voorwoord ...........................................................................................................................................2 2. Inleiding ...............................................................................................................................................3 3. Plaats kadernota in de P&C cyclus .....................................................................................................4 4. Beslispunten ........................................................................................................................................5 5. Overzicht begrotingsvoorstellen 2025-2028 ........................................................................................5 6. Financieel perspectief 2025-2028 .....................................................................................................13 7. Algemene reserve .............................................................................................................................16 8. Algemene technische uitgangspunten...............................................................................................17 9.
Bijlagen ..............................................................................................................................................19 9.1 Basisgegevens algemene uitkering gemeentefonds ...................................................................20 9.2 Initieel ingediende voorstellen......................................................................................................23
Pagina 2 van 24
1. Voorwoord Voorwoord Geachte leden van de gemeenteraad, Voor u ligt de kadernota 2025. De afgelopen maanden bent u al meermaals gewaarschuwd door het college van B&W, dat onze financiële vooruitzichten niet rooskleurig zijn. Het zogenaamde "ravijnjaar" komt steeds dichter bij, de kosten in met name de zorg nemen enorm toe en compensatie van Rijk komt zeer beperkt. Doesburg staat voor belangrijke strategische keuzes. Om die reden hebben we met u afgesproken dat we een beleidsarme kadernota aanbieden. In deze kadernota vindt u alleen de budget vragende voorstellen, die onvermijdelijk en onuitstelbaar zijn. De komende periode gaan we met u verkennen hoe de toekomst van Doesburg er uit moet komen te zien en dan zullen we voor de begroting van 2025 beleidsinhoudelijke keuzes maken, die passen bij het toekomstperspectief. Wij wensen u veel wijsheid toe in deze heftige tijden. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doesburg, de secretaris,
de burgemeester
Peter Werkman
Loes van der Meijs
Pagina 3 van 24
2. Inleiding Inleiding Algemeen Op grond van artikel 4 van de door uw raad vastgestelde financiële verordening dient het college uw raad jaarlijks voor 15 juni een kadernota aan te bieden met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. In deze nota treft u een uiteenzetting aan van: •
de in de komende begroting 2025-2028 op te nemen begrotingsvoorstellen;
•
ons actuele financiële perspectief;
•
de actuele stand van de algemene reserve;
•
de te hanteren algemene technische uitgangspunten voor de begroting 2025-2028 en de algemene uitkering uit het gemeentefonds, onze belangrijkste inkomstenbron.
3. Plaats kadernota in de P&C cyclus Plaats in de P&C cyclus De kadernota 2025 is het startdocument voor de P&C cyclus 2025.
Nadat de kadernota is vastgesteld door de raad vindt de uitwerking ervan plaats in de begroting, waarin de zogenaamde 3W-vragen centraal staan: •
Wat willen we bereiken? Dit betreft de doelen die zijn opgenomen in het collegeprogramma.
•
Wat gaan we daarvoor doen? Dit zijn de maatregelen die gekoppeld zijn aan de doelen uit het collegeprogramma.
Pagina 4 van 24
•
Wat mag het kosten? De raad heeft het budgetrecht.
Via de integrale voortgangsrapportage (IVR) wordt real time o.a. de (actuele) stand van zaken gerapporteerd omtrent de uitvoering van de lopende begroting rondom de bovenstaande 3W-vragen. Een keer per jaar is er de gelegenheid om de lopende budgetten bij te stellen, namelijk via de integrale begrotingsbijstelling (IBB). De cyclus wordt afgesloten met de jaarstukken (eindverantwoording). Tussen de kadernota 2025 en de uiteindelijke jaarstukken 2025 zit een tijdsbestek van ongeveer 2 jaar: •
Vaststelling kadernota 2025: 4 juli 2024
•
Vaststelling begroting 2025-2028: 7 november 2024
•
IVR 2025: continu gedurende 2025
•
Vaststelling IBB 2025: december 2025
•
Vaststelling jaarstukken 2025: juni 2026
4. Beslispunten Beslispunten kadernota 2025 De beslispunten voor de raad zijn: De kadernota 2025 vast te stellen en daarmee: •
Kennis te nemen van het actuele financiële perspectief 2025-2028 en de actuele stand van de algemene reserve;
•
De algemene technische uitgangspunten voor de begroting 2025-2028 conform vast te stellen (het gaat hierbij dan o.a. om het beoogde percentage waarmee onze belastingtarieven worden verhoogd);
•
De omvang van de post onvoorzien vast te stellen op € 15.000 (zie ook artikel 4 lid 2 van de financiële verordening);
•
De begrotingsvoorstellen 2025-2028 van het college te accorderen (deze worden dan conform uitgewerkt in de komende begroting 2025-2028).
5. Overzicht begrotingsvoorstellen 2025-2028 Overzicht begrotingsvoorstellen 2025-2028 De kadernota is het enige moment, waarop begrotingsvoorstellen kunnen worden ingediend. Dit doet recht aan het principe van integrale afweging.
Pagina 5 van 24
Andere momenten zijn niet mogelijk, tenzij sprake is van de zogenaamde 3 O's: 1. Onvoorzien 2. Onvermijdelijk 3. Onuitstelbaar Gelet op de discussie rondom ons (bestuurlijke) toekomstperspectief is besloten de kadernota 2025 beleidsarm in te steken. In deze kadernota zijn daarom uitsluitend de begrotingsvoorstellen opgenomen met een onvermijdelijk en onuitstelbaar karakter. Alle overige begrotingsvoorstellen worden betrokken bij de aanstaande begroting 2025-2028. Het gaat hierbij indachtig ons financiële perspectief dan vooral om mogelijke bezuinigingsmaatregelen. Begrotingsvoorstellen integrale afweging KN 2025-2028 Nr.
Onderwerp
Prg
Pfh i/s
2025
2026
2027
2028
A1.1 Regionale brandweer VGGM
1
LvdM s
71.189
71.189
71.189
71.189
A1.2 Dierenwelzijn en dierenambulance
1
BvV
s
14.070
14.070
14.070
14.070
A1.3 Gebouw De Linie 4
1
BvV
s
140.000
140.000
140.000
140.000
A1.4 Invoering meldpunt "Problemen met verhuurders"
1
BvV
s
7.000
7.000
7.000
7.000
A1.5 ODRA
1
BvV
s
30.000
30.000
30.000
30.000
A1.6 Beheer buitenruimte
1
BvV
s
150.000
150.000
150.000
150.000
A2.1 Openbare gezondheidszorg (VGGM/GGD)
2
BE
s
33.000
33.000
33.000
33.000
A2.2 Jeugdhulp en Wmo
2
BE
s
2.293.000
2.293.000
2.293.000
2.293.000
A3.1 Toeristische drie-eenheid en uitvoering
3
SH
i
60.000
70.000
80.000
A4.1 ICT
4
LvdM s
45.000
45.000
45.000
45.000
A4.2 SALD
4
LvdM s
28.000
28.000
28.000
28.000
A4.2 SALD
4
LvdM
i
23.000
A4.3 Verschuiving / correcties personele budgetten
4
LvdM s
190.000
190.000
190.000
190.000
3.084.259
3.071.259
3.081.259
3.001.259
A. BUDGETVRAGENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
TOTAAL BUDGETVRAGENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
B. BUDGETVERRUIMENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN B90.1 Voorjaarsnota 2024 kabinet (effect gemeentefonds)
AD
BvV
s
-198.000
758.000
735.000
724.000
B90.2 Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
AD
BvV
s
383.000
276.000
185.000
532.000
185.000
1.034.000
920.000
1.256.000
TOTAAL BUDGETVERRUIMENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
Saldo
-2.899.259 -2.037.259 -2.161.259 -1.745.259
i
incidenteel
s
structureel
Pagina 6 van 24
Toelichting begrotingsvoorstellen 2025-2028 > A. BUDGET VRAGENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN A1.1 Regionale brandweer (VGGM) Betreft de kosten voor de gemeenschappelijke regeling met de VGGM, onderdeel brandweer. De kosten voor deze gemeenschappelijke regeling gaan omhoog. Dit heeft bijvoorbeeld te maken met de gestegen loonkosten en een hogere bijdrage als gevolg van de herverdeling van het gemeentefonds. De bijdragen aan de VGGM voor de brandweertaken worden verdeeld op basis het aandeel van het cluster openbare orde en veiligheid in het gemeentefonds. Dit werkt voor Doesburg nadelig uit. De definitieve begroting voor 2025 wordt naar verwachting in september 2024 vastgesteld. Voorafgaand worden de colleges en raden van de inliggende gemeenten in de gelegenheid gesteld om hun wensen en bedenkingen van de ontwerpbegroting 2025 aan het dagelijks bestuur mee te geven (zienswijzeprocedure). De bijstelling is dus nu gebaseerd op de ontwerpbegroting. A1.2 Dierenwelzijn en dierenambulance Als gevolg van het nieuwe contract tussen het college van burgemeester en wethouders en het Dierentehuis Arnhem e.o., dat op 1 januari 2024 in werking is getreden, zijn er belangrijke veranderingen opgetreden met betrekking tot de financiële behoeften van het dierenasiel. De nieuwbouwlocatie voor het Dierentehuis Arnhem e.o.
is een cruciale stap voorwaarts om de kwaliteit van onze dierenopvang te verbeteren. Echter, zoals geconstateerd tijdens de voorbereidingen en uitvoering van het nieuwe contract, zijn de kosten aanzienlijk gestegen ten opzichte van de initiële ramingen. Het huidige budget van € 10.030 blijkt niet toereikend te zijn om de benodigde uitgaven te dekken voor de komende jaren. Om de continuïteit van de dienstverlening van het Dierentehuis Arnhem e.o. te waarborgen is het essentieel dat het budget wordt herzien en verhoogd. Wij stellen daarom voor om het budget te verhogen met een bedrag van € 14.070 voor de jaren 2025, 2026, 2027 en 2028. Deze verhoging zal helpen bij het bekostigen van de operationele kosten, onderhoud van de nieuwe faciliteiten, en andere onvoorziene uitgaven die zich kunnen voordoen tijdens de implementatie van het nieuwe contract en de nieuwbouw. A1.3 Gebouw De Linie 4 Het was de bedoeling om het pand in 2024 af te stoten, omdat wij het niet meer nodig hebben voor gemeentelijke taken. Echter de huurovereenkomst die wij hebben met WIJ loopt nog door tot 2034. WIJ houdt ons aan deze overeenkomst. Vanaf 2025 zijn er geen bedragen gereserveerd voor de exploitatie van het pand. De gemeente heeft verplichtingen het pand te blijven exploiteren. De exploitatielasten bestaan uit verschillende kostensoorten, zowel inkomsten als uitgaven vallen hieronder.
Totaal is een budget van 140k nodig voor de totale exploitatie. De exploitatiekosten bestaan uit: • Belastingen • Waterschapslasten • Huren inkomsten en uitgaven • Energie, water en elektra • Onderhoud • Schoonmaak • Doorbelasting kosten (servicekosten) • Contractonderhoud • Overige kosten Pagina 7 van 24
Noot: Hierbij is geen rekening gehouden met het vinden van een andere invulling/bestemming voor het gedeelte van het pand dat leeg staat. Commerciële verhuur of anderszins levert een ander resultaat op. Plannen hiervoor worden medio 2024 nader uitgewerkt. A1.4 Invoering meldpunt “Problemen met verhuurders” Bij wet is bepaald dat gemeenten een taak krijgen in goed verhuurderschap. Klachten over particuliere verhuurders (niet woningcorporaties) moeten burgers vanaf 1-1-2024 bij gemeentes kunnen melden. Afhankelijk van de aard van de klacht dienen gemeentes huurders bij te staan in de afhandeling van deze klachten. Voor het inrichten van een meldpunt “Problemen met verhuurders” ontvangen gemeenten van het Rijk vanaf 2023 structureel geld in het kader van de in 2023 ingevoerde Wet Goed verhuurderschap. De middelen voor 2023 en 2024 zijn niet geoormerkt. Voorstel is om vanaf 2025 deze rijksmiddelen aan te wenden voor het afhandelen van klachten. In 2023 en 2024 heeft de gemeente hiervoor € 6.975 ontvangen. Er mag van worden uitgegaan dat deze bijdrage jaarlijks wordt geïndexeerd. A1.5 ODRA Het budget moet met structureel € 30.000 verhoogd. De grootste stijging wordt veroorzaakt door de verandering van het uurtarief, deze gaat van €99 in 2024 naar €104 in 2025. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de ontwikkelingen in personele kosten.
Er is een CAO verandering geweest waardoor de lonen zijn gestegen en er extra verlofdagen zijn toegevoegd. Ook is de CPB index vastgesteld op 4% voor de lonen. Daarnaast zijn er vanuit het IBP robuustheidscriteria opgenomen voor innovatie (1% van budget), opleidingen (3% van loonsom) en een weerstandsratio van 0,8. Ook zorgt de implementatie van de Omgevingswet voor extra structurele kosten die niet onder het incidentele budget vallen. A1.6 Beheer buitenruimte In de afgelopen jaren is er een tekort ontstaan op het budget voor groenbeheer. Met dit budget worden de werkzaamheden van Circulus Buitenruimte voor het groenbeheer betaald. Dit tekort had verschillende oorzaken, waaronder het toerekenen van algemene kosten van de dienstovereenkomst met Circulus en forse indexering van de inflatie. Het budget is tussentijds enkele keren incidenteel verhoogd, om te zoeken naar dekking. In de afgelopen jaren is deel B van de dienstverleningsovereenkomst met Circulus tegen het licht gehouden. Hierdoor hebben we beter op een rij welke werkzaamheden we willen afnemen en welke kosten daarbij horen en is de verdeling van de kosten over de verschillende budgetten gewijzigd. In het geval de tekorten niet worden aangevuld, zullen we flink moeten bezuinigen. Hiervoor zullen ondermeer de volgende maatregelen genomen moeten worden: •
stoppen met hanging baskets; gaat ten koste van zeer gewaarde inrichting binnenstad (15.000)
•
beeldkwaliteit vegen en onkruidbeheersing in centrum van A naar B; hierdoor is toeristische plek minder schoon (bedrag nog onbekend)
•
beeldkwaliteit vegen en onkruidbeheersing op verharding in overige wijken van B naar C; dit zorgt voor kapitaalvernietiging van de wegen, meer water op straat door verstopte goten en kolken, ziet er minder netjes uit (bedrag nog onbekend)
•
geen vegen na evenementen; hierdoor blijven straten langer vies op toeristische plek (bedrag nog onbekend) Pagina 8 van 24
•
geen bladruimen op gazon; het gazon wordt drassiger in natte tijden en zal daardoor minder vaak gemaaid kunnen worden (bedrag nog onbekend)
•
schapenbegrazing omzetten naar extensief maaibeheer (bedrag nog onbekend)
•
restant wat qua tekort niet gehaald kan worden, wordt uit boombeheer gehaald wat ten koste gaat van herplant bomen; stoppen of verminderen van herplant levert een enorme inbreuk op de leefbaarheid van de stad (bedrag onbekend)
A2.1 Openbare gezondheidszorg Op basis van besluitvorming van het Algemeen Bestuur leiden de voorstellen voor de versterking van de GGD-taken en de organisatieversterking (Toekomstbestendige GGD) tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. A2.2 Jeugdhulp en Wmo De contractering van deze zorgvormen is regionaal belegd bij de BC Inkoop. De BC Inkoop heeft op 7 juli 2023 besloten tot uitvoering van een tarievenonderzoek voor Jeugd en Wmo. De aanleiding voor het tarievenonderzoek waren frequente signalen van aanbieders in de afgelopen twee jaar over het niet kostendekkend zijn van de tarieven waaraan autonome ontwikkelingen zoals de stijging binnen de CAO’s Zorg, krapte op de arbeidsmarkt, stijgende energielasten en de stijgende inflatie ten grondslag liggen. Daarnaast zijn gemeenten/regio’s bij het inkopen van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gehouden aan het betalen van een reële prijs. In het kader van de Wmo 2015 is deze verplichting vastgelegd in de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Reële Prijs. Voor jeugdhulp volgt deze verplichting nu nog uit jurisprudentie, maar zit de AMvB Reële prijs er ook aan te komen (verwachting 2024).
Dit betekent dat gemeenten/regio’s moeten kunnen onderbouwen en uitleggen hoe tarieven zijn opgebouwd, hoe deze tarieven kostendekkend worden geacht voor de gemiddelde aanbieder in de specifieke regio en hoe meermaals afstemming met de markt heeft plaatsgevonden. Duidelijk is geworden dat de tarievenonderzoeken onvermijdelijk gaan leiden tot tariefstijgingen en dus ook tot hogere uitgaven voor deze zorgvormen. Voor Verblijf Jeugd zijn de nieuwe tarieven in de BC Inkoop van 26 januari 2024 vastgesteld ten behoeve van de nieuwe aanbesteding (ingangsdatum 1 juli 2024). Voor Ambulant Jeugd en Wmo zijn de nieuwe tarieven in de BC Inkoop van 8 maart 2024 vastgesteld (ingangsdatum 1 april 2024). Naast de effecten vanuit de tarievenonderzoeken hebben we vanaf 1 januari 2024 ook te maken met de invoering van door het Rijk en VNG overeengekomen landelijke tarieven voor jeugdbescherming en jeugdreclassering in het kader van de caseloadverlaging voor deze dienstverlening. Bij gelijkblijvend gebruik leidt dit eveneens tot hogere lasten dan voorzien, omdat deze tariefwijziging slechts deels structureel gecompenseerd wordt door een hogere uitkering vanuit het Gemeentefonds. We blijven ons actief inzetten om (via de VNG) te pleiten voor passende financiering vanuit het Rijk.
A3.1 Toeristische drie-eenheid en uitvoering In het coalitieakkoord 2022 – 2026 wordt benoemd dat er geïnvesteerd moet worden in kwaliteitstoerisme vanuit een nieuwe toeristische visie voor de komende jaren. “Kwaliteitstoerisme en toegankelijke natuurrecreatie” is één van de drie pijlers van gemeente Doesburg. Gemeente Doesburg heeft in 2023 in samenwerking met een externe partij een Visie Toerisme 2023 – 2030 opgesteld. Deze visie is op 28 september 2023 aangenomen door de gemeenteraad. Deze visie sluit nauw aan op deze pijler en de Toekomstvisie van gemeente Doesburg. Om deze pijler op te bouwen en te verstevigen zijn financiële middelen nodig. Momenteel is er enkel budget beschikbaar voor een aantal vaste kostenposten. Het uitblijven van budget voor het opbouwen en verstevigen van de pijler zou het instorten van één van de pijlers van gemeente Doesburg kunnen betekenen, wat niet in lijn is met de Toekomstvisie van de gemeente. Pagina 9 van 24
•
In de Toeristische Visie wordt benoemd dat de drie-eenheid van de stadspromotor (Achterhoek Toerisme), VVV en de stadscoördinator de ondersteunende eenheid is voor toerisme en onontbeerlijk is voor Doesburg. Deze drie-eenheid vormt een cruciale kern om de (toeristische) basis op orde te krijgen en te houden.
•
Daarnaast wordt in de Toeristische Visie benoemd dat het belangrijk is om de uitvoerende capaciteit van deze drie-eenheid te borgen. Door voldoende financiële middelen beschikbaar te stellen kan deze capaciteit geborgd worden en kunnen deze functies hun taken efficiënt blijven uitvoeren en daarmee een belangrijke bijdrage leveren aan de leefbaarheid en levendigheid van Doesburg.
•
Niet alleen het borgen van de capaciteit van deze drie-eenheid is van belang, maar ook het beschikbaar stellen van een uitvoeringsbudget is cruciaal voor het versterken van een bruisende binnenstad.
•
Een aantal zaken uit het uitvoeringsprogramma: onderzoek verrichten naar hoe toeristen mee kunnen betalen, activiteiten ter verbinding van de Hanzesteden, gastvrijheid cursussen aanbieden voor de vele toeristische vrijwilligers, burgerparticipatie voor wat betreft toeristisch aanbod, passantenhaven versterken en aanbodontwikkeling voor jongere inwoners van Doesburg.
•
De drie-eenheid (met uitvoeringsprogramma) kan gerelateerd worden aan het budget ‘Toeristische subsidies en stimuleringsbijdragen’ en levert een belangrijke bijdrage aan zowel de Toekomstvisie als de uitvoering van het Collegeprogramma 2022-2026.
•
Het omvallen van de drie-eenheid en het daarbij horende uitvoeringsprogramma heeft verstrekkende gevolgen voor toeristisch Doesburg. Zo zou het kunnen dat de grote evenementen niet meer door kunnen gaan door het wegvallen van subsidies, de VVV wellicht gedwongen haar deuren moet sluiten, en Doesburg verdwijnt van de toeristische kaart.
•
Als uw gemeenteraad een uitvoeringsprogramma in werking wil zien zoals omschreven in de Visie Toerisme, dan is het toekennen van deze Kadernota aanvraag noodzakelijk.
Doel: Het structureel behouden en versterken van het (jaarrond) aanbod (o.a. een aantrekkelijke binnenstad) door de capaciteit van de toeristische drie-eenheid te borgen en hier een uitvoeringsprogramma aan te verbinden middels voldoende financiële middelen. A4.1 ICT De indexatie van softwarekosten is gemiddeld 6% en dus 3,8% hoger dan de in 2025 toe te passen algemene inflatie-correctie (zie technische uitgangspunten). Daarnaast is extra geld nodig voor een onvermijdelijke uitbreiding van de HR applicatie. A4.2 SALD In de concept meerjarenbegroting van het SALD wordt aan de gemeente Doesburg een hogere jaarlijkse bijdrage voor deelname aan deze GR gevraagd. In onze eigen begroting is voor de jaren 2025 – 2028 jaarlijks een bedrag opgenomen van € 76.000. Het gaat om een structurele verhoging van € 28.000 per jaar én incidenteel van € 23.000 voor 2025. De belangrijkste reden voor de grote stijging van de kosten in 2025 en de daaropvolgende jaren, zit in het opzetten van een e-depot. Om te voldoen aan wet- en regelgeving en duurzame bewaring van digitale informatie te realiseren, is dit e-depot nodig. In de concept meerjarenbegroting zijn onderstaande aspecten voor het realiseren van een e-depot voorziening beschreven en begroot: Pagina 10 van 24
1. Inhuur projectleider e-depot. 2. Aansluiting e-depot, dat is gebruik van software en ondersteuning door ECAL. 3. Collectieportaal-systeem. 4. Aanstellen beheerder e-depot / digitaal archiefinspecteur. A4.3 Verschuiving / correcties personele budgetten Er zijn vrijgevallen salarislasten die nog moeten worden overgeheveld naar de uitbestedingsbudgetten ODRA en het BOA team Rheden. Dit wordt nu geëffectueerd. Daarnaast dient er nog een personele correctie plaats te vinden ten laste van het Woo budget en een abusievelijk dubbel geraamde onkostenvergoeding van de raad.
Pagina 11 van 24
> B. BUDGET VERRUIMENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN B90.1 Voorjaarsnota 2024 kabinet (effect gemeentefonds) In het voorjaar stelt zoals te doen gebruikelijk het ministerie van Financiën de Voorjaarsnota op. De Voorjaarsnota 2024 is maandag 15 april 2024 gepubliceerd en geeft een vooruitblik op de rijksbegroting voor de komende jaren. Over de gevolgen worden de gemeenten geïnformeerd via de mei circulaire 2024. Op basis van de voorjaarsnota 2024 en stukken van onze adviseur gemeentefonds worden nu vooruitlopend op de mei circulaire 2024 de in de bovenstaande tabel opgenomen effecten meegenomen. Het gaat hierbij o.a. om de effecten van het voornemen van het demissionaire kabinet de al jaren bestreden opschalingskorting (macro € 675 miljoen) te schrappen per 2026. B90.2 September circulaire 2023 gemeentefonds De ramingen van de algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn in de lopende begroting gebaseerd op de mei circulaire 2023. Door de effecten van de september circulaire 2023 kunnen de ramingen positief worden bijgesteld.
Grafiek
Pagina 12 van 24
Pagina 13 van 24
6. Financieel perspectief 2025-2028 Financieel perspectief Onderstaand treft u op basis van de huidige inzichten een overzicht aan van het begrotingsperspectief 2025-2028 met daarin verwerkt de financiële consequenties van de begrotingsvoorstellen 2025-2028: Financieel perspectief tot de kadernota: Begrotingsresultaat tot de kadernota 2025
2025
2026
2027
2028
-111.854
-2.111.815
-2.132.046
-2.132.046
Geraamde incidentele baten en lasten tot de kadernota 2025: Energietransitie
100.000
Koersnota toerisme
40.000
Stadsfotograaf
3.000
Vrij budget per lijn
40.000
Structureel resultaat tot de kadernota 2025
71.146
-2.071.815
-2.132.046
-2.132.046
Begrotingsresultaat tot en met de kadernota:
2025
2026
2027
2028
Begrotingsresultaat tot de kadernota 2025
40.000
-111.854
-2.111.815
-2.132.046
-2.132.046
Saldo alle begrotingsvoorstellen kadernota 2025:
-2.899.259
-2.037.259
-2.161.259
-1.745.259
Begrotingsresultaat tot en met de kadernota 2025
-3.011.113
-4.149.074
-4.293.305
-3.877.305
Structureel resultaat tot en met de kadernota:
2025
2026
2027
2028
Structureel resultaat tot de kadernota 2025
71.146
-2.071.815
-2.132.046
-2.132.046
Structurele begrotingsvoorstellen kadernota 2025
-2.816.259
-1.967.259
-2.081.259
-1.745.259
Structureel resultaat tot en met de kadernota 2025
-2.745.113
-4.039.074
-4.213.305
-3.877.305
-247
-364
-380
-349
Per inwoner
Grafiek
Pagina 14 van 24
Toelichting Algemeen Het structurele begrotingsresultaat bevat uitsluitend de structurele baten en lasten. In het totale begrotingsresultaat zijn naast de structurele baten en lasten ook de incidentele baten en lasten meegerekend. Het structurele begrotingsresultaat geeft aan in hoeverre de gemeente in staat is om de structurele lasten te dekken met structurele baten. Een sluitend c.q. positief structureel begrotingsresultaat is voor de provincie Gelderland een belangrijke voorwaarde om in aanmerking te komen voor repressief toezicht. Repressief toezicht houdt in dat de begroting en begrotingswijzigingen direct uitgevoerd kunnen worden (rechtskracht krijgen), zonder afhankelijk te zijn van een voorafgaande goedkeuring van het college van Gedeputeerde Staten. Ingeval van preventief toezicht is die voorafgaande goedkeuring wel nodig. Er is altijd sprake van repressief toezicht als aan de volgende voorwaarden is voldaan: •
De begroting is structureel en reëel in evenwicht. De structurele baten dekken ieder jaar de structurele lasten en de ramingen zijn realistisch. Als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is, dan moet aannemelijk zijn dat dit evenwicht uiterlijk in het laatste jaar van de meerjarenraming tot stand wordt gebracht.
•
De jaarrekening en begroting zijn op tijd ingezonden. De jaarrekening vóór 15 juli van het jaar volgend op het verslagjaar en de begroting vóór 15 november van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar.
Effecten mei circulaire Op het moment van het opstellen van de kadernota 2025 was de mei circulaire gemeentefonds 2024 nog niet verschenen. Wel is voorshands al rekening gehouden met de effecten van de voorjaarsnota 2024 van het kabinet (zie begrotingsvoorstellen). Uiteraard worden de (aanvullende) financiële effecten van de mei circulaire 2024 conform de algemene technische uitgangspunten wel in de komende begroting 2025-2028 verwerkt. Indien blijkt dat de effecten van de mei circulaire van significante betekenis zijn voor ons financieel perspectief 2025-2028, zoals uiteengezet in deze kadernota, zullen we uw raad daarover tijdig informeren. Meerjarenperspectief Het actuele meerjarenperspectief kleurt op dit moment "donkerrood". Naast de nadelige financiële effecten van het zogenaamde ravijnjaar, waarvan de effecten ondanks het voornemen tot het schrappen van de opschalingskorting nog steeds fors nadelig zijn, spelen nu ook de fors gestegen kosten in het sociaal domein een belangrijke rol. Opmaat naar de begroting 2025 Het college streeft naar een structureel sluitende begroting 2025.
De komende periode gaat het college mede op basis van de uitkomsten van de besluitvorming rondom ons bestuurlijke toekomstperspectief op zoek naar mogelijk in te zetten maatregelen, waarmee het structurele evenwicht van onze begroting in ieder geval in 2025 kan worden hersteld, opdat deze tijdig betrokken kunnen worden bij de aanstaande begroting 2025-2028.
Pagina 15 van 24
7. Algemene reserve Algemene reserve De algemene reserve heeft een bufferfunctie en is primair ingesteld om (onvoorziene) incidentele tegenvallers op te vangen die niet binnen de lopende begroting c.q. exploitatie kunnen worden opgevangen. De omvang van onze risico's is gekwalificeerd met een bedrag van € 1,7 miljoen. De meerjarige begrote stand van onze algemene reserve met daarin verwerkt de mutaties vanuit de desbetreffende daartoe strekkende raadsbesluiten en de nu in beeld zijnde begrotingsresultaten inclusief de bijgestelde prognose van het begrotingsresultaat 2024 en het voorlopige resultaat van de jaarrekening 2023 is als volgt: Stand algemene reserve
2024
2025
Beginstand 1-1
5.754.158
5.533.407
Resultaat jaarrekening 2023 (voorlopig)
1.400.000
Begrotingsresultaat 2024-2028 tot en met de kadernota 2025 *)
-1.620.751 -3.011.113 -4.149.074 -4.293.305 -3.877.305
Eindstand 31-12
5.533.407
Per inwoner
499
2026
2027
2028
2.522.294 -1.626.780 -5.920.085
2.522.294 -1.626.780 -5.920.085 -9.797.390
227
-147
-533
-883
*) Begrotingsresultaat 2024 is een prognose: Primitief begrotingsresultaat 2024 Zorgkosten sociaal domein (hogere tarieven)
-438.110 -1.542.000
ODRA
-165.000
Toezicht en hadhaving
-135.000
Septembercirculaire 2023 effect 2024
383.359
Voorjaarsnota 2024 kabinet effect 2024
76.000
MGR (gewijzigde begroting 2024)
90.000
Correctie onkostenvergoeding raad
40.000
Correctie Woo budget
70.000
Prognose resultaat 2024
-1.620.751
Pagina 16 van 24
Ontwikkeling algemene reserve vanaf 2018 De ontwikkeling van de stand van de algemene reserve vanaf 2018 is als volgt:
8. Algemene technische uitgangspunten Algemene technische uitgangspunten Wij stellen voor bij de samenstelling van de programmabegroting 2025-2028 de navolgende algemene uitgangspunten te hanteren: > IJkpunt De programmabegroting 2025-2028 wordt opgesteld op basis van het tot en met de kadernota 2025 vastgestelde beleid en dus inclusief de bij de kadernota 2025 gehonoreerde begrotingsvoorstellen 2025-2028. > Materieel sluitende begroting Het uitgangspunt is een structureel sluitende meerjarenbegroting. > Onvoorzien De post onvoorzien wordt evenals voorgaande jaren gesteld op een vast bedrag van € 15.000. > Rentepercentages In de begroting 2025 worden mede op basis van de actuele rentetarieven van de BNG (27 maart 2024) de navolgende rentepercentages gehanteerd: •
Financieringstekort (debetrente BNG) 5%
•
Financieringsoverschot (rente rekening courant schatkist stand 27 maart 2024) 3,9%
•
Rente eigen financieringsmiddelen (bespaarde rente) 0%
•
Rente lang geld (lineair 25 jaar) 3,33% Pagina 17 van 24
> Algemene uitkering uit het gemeentefonds De algemene uitkering uit het gemeentefonds wordt in de begroting 2025-2028 geraamd op basis van de mei circulaire 2024 en de aantallen maatstaven, zoals hierna opgenomen onder de bijlage "Basisgegevens algemene uitkering gemeentefonds". > Algemene prijsstijgingen Voor de in de begroting 2025 op te nemen ramingen wordt ten opzichte van de actuele ramingen 2024 op basis van het Centraal Economisch Plan (CEP 2024 raming februari 2024 prijs materiële overheidsconsumptie IMOC) van het Centraal Plan Bureau (CBP) uitgegaan van een algemene prijsstijging van 2,2% om daarmee onze koopkracht in stand te kunnen houden. > Verbonden partijen De bijdragen aan verbonden partijen worden gebaseerd op de meest recente beschikbare begrotingen van deze partijen. > Salarislasten eigen personeel De salarislasten worden in de begroting 2025 gebaseerd op het salarispeil 2024 verhoogd met een percentage van 4,4% op basis van het CEP 2024 van het CPB (geraamde loonstijging in 2025 t.o.v. 2024 raming februari 2024 loonvoet sector overheid). > Opbrengsten belastingen, heffingen en leges Bij de raming van de opbrengst van de gemeentelijke heffingen/belastingen/leges wordt, m.u.v. de rioolheffing en de afvalstoffenheffing, rekening gehouden met een algemene tariefstijging van 3,3%.
Dit is een gewogen gemiddelde van de prijsstijgingen (gewicht 50%) en de salarisstijgingen (gewicht 50%). Ook de tarieven voor de toeristenbelasting en de parkeerheffingen worden op dit percentage gebaseerd. De tarieven voor de rioolrechten worden gebaseerd op het Watertakenplan Olburgen 2023-2027 en de tarieven voor de afvalstoffenheffing worden gebaseerd op een 100% kostendekkingspercentage. > Constante prijzen De meerjarenramingen 2025-2028 worden gebaseerd op basis van het prijspeil per 1 januari 2025 en opgesteld in constante prijzen. > Kapitaallasten nieuwe investeringen Bij de berekening van de kapitaallasten van nieuwe investeringen wordt voor wat betreft de rentecomponent uitgegaan van de begrote marktrente van lang geld te weten 3,33%. De afschrijvingslast wordt op basis van artikel 12 van de vigerende financiële verordening bepaald en begroot met ingang van het dienstjaar volgend op het jaar waarin de investering gerealiseerd wordt. > Subsidies en inkomensoverdrachten De subsidies en inkomensoverdrachten voor 2025 worden geraamd op basis van het niveau van 2024, vermeerderd met het inflatiepercentage van 2,2%. > Stortingen in voorzieningen De stortingen in de voorzieningen worden gebaseerd op de meest actuele beheerplannen.
> Saldering reserves De dotatie en onttrekking van enkele bestemmingsreserves gebeurt op begrotingsbasis budgettair neutraal (dotatie gelijk aan onttrekking) of op basis van een realistische planning Pagina 18 van 24
(bestemmingsreserve kapitaallasten). Op rekeningbasis wordt op basis van het werkelijke saldo gedoteerd, dan wel onttrokken. Het gaat hierbij om de volgende bestemmingsreserves: •
bestemmingsreserve kapitaallasten.
•
bestemmingsreserve rehabilitatie wegen.
•
bestemmingsreserve groot onderhoud kapitaalgoederen.
> Toerekening apparaatslasten Apparaatslasten worden toegekend aan taakvelden en aan te activeren investeringen op basis van de meest actuele urenplanningen. > Dividend Het dividend wordt geraamd op basis van het gemiddelde gerealiseerde dividend over de afgelopen jaren.
Pagina 19 van 24
9. Bijlagen
9.1 Basisgegevens algemene uitkering gemeentefonds Maatstaven AU De algemene uitkering uit het gemeentefonds is met een omvang van bijna € 28 miljoen (2024) de belangrijkste inkomstenbron van de gemeente. Het gaat hierbij om zo'n 66% van de totale omvang van onze inkomstenbronnen. Bij de berekening van de algemene uitkering in de komende begroting 2025-2028 worden vanuit de mei circulaire 2024 de navolgende basisgegevens gehanteerd.
Pagina 20 van 24
Te hanteren basisgegevens berekening algemene uitkering 2025-2028
Geraamde aantallen 2025-2028 Naam basisgegeven
Berekende aantallen 2024 (MC)
2025
2026
2027
2028
1g-2 WOZ niet-woningen eigenaren (na factor 0,7)
99.400.000
99.400.000
99.400.000
99.400.000
99.400.000
1h-2 WOZ niet-woningen gebruikers (na factor 0,7)
92.400.000
92.400.000
92.400.000
92.400.000
92.400.000
1a Waarde woningen eigenaren (na factor 0,8) 8a-3 Bijstandsontvangers
1.245.000.000 1.249.800.000 1.254.600.000 1.259.400.000 1.264.200.000 251
255
261
265
269
2 Inwoners
11.100
11.100
11.100
11.100
11.100
7c-4 Huishoudens met laag inkomen boven drempel
1.273
1.283
1.293
1.303
1.312
12b-2 Inwoners met een migratieachtergrond
1.215
1.215
1.215
1.215
1.215
3c Eenpersoonshuishoudens
1.993
2.013
2.033
2.053
2.073
24
24
24
24
24
4a Inwoners: jongeren jonger dan 18 jaar (vanaf uitkeringsjaar 2019)
1.690
1.690
1.690
1.690
1.690
8f-2 Doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep
105
105
105
105
105
5d-2 Inwoners 75+ met drempel
660
684
706
727
749
8b Loonkostensubsidie
7m-2 Laag opleidingsniveau met drempel
1.558
1.560
1.558
1.558
1.558
14a-2 Lokale centrumfunctie (max 20km)
11.630
11.630
11.630
11.630
11.630
14b-2 Regionale centrumfunctie (max 60km)
5.280
5.280
5.280
5.280
5.280
14c-2 Landelijke centrumfunctie
3.440
3.440
3.440
3.440
3.440
15h-3 Onderwijsachterstand
534
534
534
534
534
38 Bedrijfsvestigingen
1.275
1.346
1.411
1.484
1.561
30 Historische woningen in bewoonde kernen
1.178
1.178
1.178
1.178
1.178
29 Historische woningen in bewoonde oorden 1930
1.178
1.178
1.178
1.178
1.178
27a Oppervlak historische kernen basisbedrag
18
18
18
18
18
36 Kernen
2
2
2
2
2
36a Kernen met 500 of meer adressen
2
2
2
2
2
34 Oeverlengte * bodemfactor gemeente
605
605
605
605
605
35a Oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor
5.156
5.156
5.156
5.156
5.156
32b-2 Omgevingsadressendichtheid (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016)
4.372
4.388
4.405
4.421
4.437
23 Oppervlakte bebouwing buitengebied * bodemfactor buitengebied
10
10
10
10
10
22 Oppervlakte bebouwing woonkernen * bodemfactor woonkernen
54
54
55
55
56
23a Oppervlakte bebouwing buitengebied
10
10
10
10
10
22a Oppervlakte bebouwing woonkern
54
54
55
55
56
19 Oppervlakte binnenwater
137
137
137
137
137
16 Oppervlakte land
1.158
1.158
1.158
1.158
1.158
18 Oppervlakte land * bodemfactor gemeente
1.158
1.158
1.158
1.158
1.158
24b-2 Woonruimten (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016)
5.420
5.435
5.460
5.500
5.640
25b-2 Woonruimten (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016) * bodemfactor woonkernen
5.420
5.440
5.460
5.480
5.500
1
1
1
1
1
39 Vast bedrag
Pagina 21 van 24
Inkomstenbronnen
Pagina 22 van 24
9.2 Initieel ingediende voorstellen Initieel ingediende voorstellen Begrotingsvoorstellen integrale afweging KN 2025-2028 Nr. Onderwerp
Prg
Pfh
i/s
2025
2026
2027
2028
Regionale brandweer VGGM
1
LvdM s
71.189
71.189
71.189
71.189
Dierenwelzijn en dierenambulance
1
BvV
s
14.070
14.070
14.070
14.070
Gebouw De Linie 4
1
BvV
s
140.000
140.000
140.000
140.000
Invoering meldpunt "Problemen met verhuurders"
1
BvV
s
7.000
7.000
7.000
7.000
ODRA
1
BvV
s
30.000
30.000
30.000
30.000
Beheer buitenruimte
1
BvV
s
150.000
150.000
150.000
150.000
Openbare gezondheidszorg (VGGM/GGD)
2
BE
s
33.000
33.000
33.000
33.000
Jeugdhulp en Wmo
2
BE
s
2.293.000 2.293.000 2.293.000
2.293.000
Toeristische drie-eenheid en uitvoering
3
SH
i
60.000
70.000
80.000
ICT
4
LvdM s
45.000
45.000
45.000
45.000
SALD
4
LvdM s
28.000
28.000
28.000
28.000
SALD
4
LvdM
i
23.000
Verschuiving / correcties personele budgetten
4
LvdM s
190.000
190.000
190.000
190.000
3.084.259 3.071.259 3.081.259
3.001.259
A. BUDGETVRAGENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
TOTAAL BUDGETVRAGENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
B. BUDGETVERRUIMENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN Voorjaarsnota 2024 kabinet (effect gemeentefonds)
AD
BvV
s
-198.000
758.000
735.000
724.000
Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
AD
BvV
s
383.000
276.000
185.000
532.000
185.000 1.034.000
920.000
1.256.000
TOTAAL BUDGETVERRUIMENDE BEGROTINGSVOORSTELLEN
Saldo
-2.899.259 -2.037.259 -2.161.259 -1.745.259
i
incidenteel
s
structureel
Pagina 23 van 24