Informatiebrief CO2 monitoring
Tekst van het document
Vergadering
BPCR 1 oktober 2025
Onderwerp
CO2-monitor GMR 2025
Doel
Informeren
Portefeuillehouder
L. Kaper
Opsteller
A. Pronk
INLEIDING De Groene Metropoolregio (GMR) houdt bij welke voortgang er geboekt wordt op diverse onderwerpen. We monitoren dit voor economie, duurzaam opgewekte energie, wonen, mobiliteit etc. Sinds 2024 houdt de GMR ook de uitstoot van CO2 bij, die veroorzaakt wordt door inwoners, overheden en bedrijven in onze regio. Dit actiepunt staat opgenomen in de agenda 2025-2028 van de GMR, te weten ‘we zorgen voor jaarlijks inzicht in hoe onze regio ervoor staat bij het verminderen van de CO2-uitstoot’1. Dit document geeft een samenvatting van de data van CO2-uitstoot van 2023, bezien vanuit energieverbruik, met behulp van de bestaande data uit de Klimaatmonitor. De opbouw is als volgt: het doel van de rapportage en een samenvatting, kaders en uitgangspunten en de belangrijkste conclusies voor diverse prestatie indicatoren. In bijlage genaamd 2 is het totale overzicht aan data opgenomen.
1
Zie Regionale Agenda 2025-2028 pagina 51
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
0/17
DOEL Het doel van deze rapportage is het informeren van de bestuurders van de gemeenten binnen de GMR. In 2024 is dit voor het eerst gebeurd, toen betrof het de data uit 2022. Nu gaat deze jaarrapportage over de CO2-uitstoot van 2023. SAMENVATTING De CO2-uitstoot van de gemeenten in de GMR volgt de landelijke trend. De CO2 uitstoot daalt; in 2023 stootten we ongeveer 37% minder CO2 uit dan in 2010. In 2022 was dat 32%. Het gaat in deze monitor, net als vorig jaar, alleen om emissies vanuit energieverbruik. De daling is mede veroorzaakt door de besparingen in de gebouwde omgeving. De CO2-uitstoot voor gebouwde omgeving is gedaald met circa 50% ten opzichte van 2010. In de opbouw van de cijfers spelen generieke factoren een fors grotere rol dan lokale of regionale factoren. In 2022 is de oorlog in Oekraïne uitgebroken. Dat heeft een behoorlijke impact gehad op de energieprijzen. Er is ook veel maatschappelijke discussie over geweest. De prijzen werken door in de energie-gerelateerde uitstoot van CO2, vooral in het gebruik van aardgas. De daling van de CO2-uitstoot is in 2022 en 2023 vergelijkbaar. Beide jaren waren onder invloed van relatief extreme omstandigheden (Corona en oorlog Oekraïne). Het is daarmee geen garantie dat de daling van CO2-uitstoot zich op deze wijze voortzet in de cijfers van 2024.
Er is een benchmark gemaakt met twee vergelijkbare regio’s: Stedendriehoek en Zuidoost-Noord-Brabant (een korte beschrijving vindt u achteraan dit document, in bijlage 1). In die vergelijking scoort de GMR goed, dit is mede gelegen in het feit dat wij minder zware industrie hebben dan zij. Wij hebben relatief meer woningen op alternatieve warmtebronnen dan aardgas (bijvoorbeeld stadswarmte) dan de andere twee regio’s. De daling van CO2-uitstoot van de drie regio’s is vergelijkbaar. De GMR levert jaarlijks een rapportage als deze op. Bestuurders kunnen op deze manier bezien of we de landelijke trend volgen. Deze regio stimuleert ‘gezonde, groene groei’ en is circulaire topregio. Wanneer er nieuwe of meer bedrijvigheid in deze regio komt, is het stimuleren van groene bedrijvigheid aan te bevelen. UITGANGSPUNTEN We hebben de landelijke Klimaatmonitor is gebruikt als databron. Dat is vorig jaar ook zo gedaan. De Klimaatmonitor heeft als doel het monitoren van de decentrale energietransitie, door decentrale overheden te voorzien van monitoringsinformatie. Daardoor kunnen overheden de beleidsdoelen volgen die ze hebben gesteld en indien nodig hun beleid evalueren en bijsturen2. Klimaatmonitor gebruikt openbare data uit tientallen reeds bestaande bronnen, zoals CBS en RVO.
Ter illustratie: CBS-statistieken, subsidieregelingen, sectorrapportages en gegevens van individuele instellingen en bedrijven. De Klimaatmonitor maakt hieruit nieuwe indicatoren, die een beeld geven van de voortgang van de decentrale energietransitie.
2
Bron: Doel en geschiedenis (databank.nl) geraadpleegd op 31 juli 2024
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
1/17
De Klimaatmonitor gebruikt kwaliteitseisen voor de data die ze verwerken, voor meer informatie, zie de link in de voetnoot 3. Samengevat zijn dit de belangrijkste uitgangspunten: - De meeste decentrale data tellen op tot een nationaal totaal; dat betekent dat bepaalde lokale invloeden niet uit deze landelijke dataset te halen zijn. Daarom hebben we de data geanalyseerd en lokale effecten opgenomen in de tekst per indicator. - Idealiter zijn de data opgebouwd uit gegevens uit lokale bronnen. Als er geen lokale bronnen beschikbaar zijn (bijvoorbeeld op gemeenteniveau) worden regionale totalen verdeeld op basis van verdeelsleutels. - De gebruikte cijfers zijn uit 2023. De Klimaatmonitor rapporteert deze gegevens uitsluitend op jaarbasis. Meestal zit er een vertraging op van 1 à 1,5 jaar, na afsluiting van het jaar. - Er is voor warmteverbruik van woningen gecorrigeerd op weersomstandigheden. Dus als er in een bepaald jaar een warme winter was, is dit effect eruit gehaald. Zo zijn de jaren onderling te vergelijken. - De cijfers voor hernieuwbare elektriciteitsproductie waren nog niet allemaal bekend bij het opleveren van de data op 28 mei 2025. De data van duurzame opwek gebruiken we vanuit Ninox, het monitoringsysteem van de Regionale Energie Strategie. De meest recente data zijn uit 2024. De CO2-data in deze monitor zijn op basis van energieverbruik.
Hier is voor gekozen, omdat daar meer onderliggende gegevens beschikbaar voor zijn. Er zijn echter nog meer bronnen die de klimaatverandering beïnvloeden, ook door andere broeikasgassen bijvoorbeeld in de landbouw door methaan uit koeienmest. Vorig jaar waren deze cijfers niet opgenomen, dit jaar hebben we daar wel een staatje van toegevoegd, op pagina 14. Grofweg betreft dat 1/6 deel van de CO2-uitstoot. 5/6 deel is dus energie-gerelateerd. In de data zijn 17 gemeenten meegenomen. In de RES regio vallen 16 gemeenten. Mook-Middelaar is dus de extra gemeente die is meegenomen. De benchmark is gedaan met vergelijkbare regio's aan de GMR, te weten Stedendriehoek en Zuidoost-Noord-Brabant. Kenmerken van de drie regio’s zijn beknopt opgenomen in bijlage 1.
3
Bron: Kwaliteit en actualiteit (databank.nl) geraadpleegd op 31 juli 2024
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
2/17
CONCLUSIES CO2-UITSTOOT PER INDICATOR TOTAALOVERZICHT CO2-UITSTOOT GMR
In deze grafiek is de CO2-uitstoot per thema weergegeven voor deze regio, in kiloton. Hier is de dalende trend zichtbaar: we stoten steeds minder CO2 uit. In 2023 stoten we bijna 37% minder CO2 uit dan in 2010. Verkeer en vervoer en Gebouwde omgeving nemen het grootste deel van de uitstoot voor de rekening. Het gebruik van fossiele brandstoffen neemt af bij ‘Gebouwde omgeving’. Ook zorgt isolatie van woningen voor minder CO2-uitstoot. De gebouwde omgeving stoot circa 50% minder CO2 uit dan in 2010. Dat is een afname van ongeveer 10% ten opzichte van 2022. Vorig jaar was er een afname in de categorie ‘Industrie, energie, afval en water’, nu is er een toename van 4%. De afname van afgelopen jaar lijkt te zijn gestagneerd t.o.v. het jaar ervoor. Elektrisch rijden is niet te zien bij ‘Verkeer en vervoer’, maar maakt onderdeel uit van 'Gebouwde omgeving' want daar wordt immers de energie gebruikt voor het laden van elektrische voertuigen. De emissies van verkeer en vervoer betreft uitsluitend het fossiele brandstoffengebruik. De uitstoot door mobiliteit is stabiel over de laatste dertien jaar. ‘Landbouw, bosbouw en visserij’ heeft een klein aandeel in de uitstoot, en in vergelijking met 2022 is de uitstoot min of meer gelijk gebleven.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
3/17
CO2-UITSTOOT GMR IRT DOELSTELLING In deze grafiek is de landelijke doelstelling voor CO2 visueel weergegeven met de groene lijn en de GMR uitstoot in kton CO2 is weergegeven met de blauwe staven. De CO2-uitstoot van de GMR volgt de landelijke trend en er is nog meer inzet nodig om de doelstellingen te halen. Op zichzelf ziet de hellinghoek van de laatste jaren er best gunstig uit. Echter speelt hierbij de energiecrisis een rol en is het de vraag of deze daling op hetzelfde tempo aanhoudt. Het verschil tussen de landelijk doellijn en de regionale uitstoot verkleint. Maar als we deze ‘hellinghoek’ aanhouden, halen we de doellijn niet in 2030. De vergelijking is overigens niet gemakkelijk te maken, aangezien we geen data hebben over de CO2-uitstoot van 1990 van GMR. Dit is belangrijk om een goede inschatting te maken voor de zogeheten ‘fitfor-55 target’ in 2030 (55% CO2-reductie t.o.v. 1990). In de grafiek hebben we dus geen daadwerkelijke weergave opgenomen, of de GMR het klimaatdoel fit-for-55 behaalt, maar er staat een schatting in op basis van nationale gegevens. Voor een werkelijke evaluatie is data nodig van de CO2-uitstoot in 1990 in de verschillende GMR-gemeenten. Recent onderzoek wijst erop dat de aarde minder CO2 opneemt dan gedacht4. Het is weliswaar te vroeg voor harde conclusies. Er zijn wereldwijd wetenschappers bezig dit te onderzoeken.
Maar de eerste voortekenen wijzen erop dat de natuur minder goed in staat lijkt CO2 op te nemen, dan gedacht.
4
Zie Zorgwekkende toename CO2, vooral doordat natuur minder lijkt op te nemen, bezocht op 16 juli 2025
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
4/17
OVERZICHT PRESTATIE INDICATOREN GMR
Bovenstaande tabel geeft de prestatie indicatoren weer, deze staan genoemd in de rijen. In de kolommen is de ontwikkeling per eenheid te zien voor de jaren 2010 tot en met 2023. 2017 is als referentiejaar genomen. De percentages zijn dus te lezen ten opzichte van dit referentiejaar. Op de volgende pagina’s staat de samenvatting per prestatie indicator opgenomen. De vermelde prestatie indicatoren zijn: gebouwde omgeving, verkeer en vervoer, industrie en hernieuwbare energieproductie. Voor die laatste gebruiken we de gegevens vanuit Ninox, zoals hierboven reeds vermeld.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
5/17
TOTAALOVERZICHT BENCHMARK
Hierboven is het resultaat van de benchmark te zien. Het Nederlands gemiddelde is weergegeven met grijs, de cijfers van de GMR met lichtgroen, de Stedendriehoek met rood en regio Zuidoost-Noord-Brabant met blauw. De GMR heeft de laagste CO2-uitstoot per inwoner. Deze regio heeft relatief ook weinig zware industrie, ofwel: weinig industrie per inwoner. De GMR en de Stedendriehoek hebben weinig CO2-uitstoot per inwoner voor ‘Landbouw, veeteelt en visserij’ in vergelijking met het Nederlands gemiddelde en Zuidoost-Noord-Brabant. Dit zijn immers relatief verstedelijkte regio’s.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
6/17
GEBOUWDE OMGEVING
De grafiek laat zien welk type gebouwen, welke hoeveelheid CO2 uitstoten. Woningen gaan minder aardgas gebruiken en de CO2-uitstoot van elektriciteit gaat omlaag omdat de energiemix in Nederland groener wordt. In 2022 en 2023 stegen de energieprijzen, dat effect is ook zichtbaar in bovenstaande grafiek. Inspanningen gemeentes eigen verbruik Ook de publieke dienstverlening is minder CO2 gaan uitstoten. De gemeentes in de GMR hebben als sinds enkele jaren ambitieuze doelen gesteld voor het terugdringen van hun eigen uitstoot. De inkoop van energie voor de eigen gebouwen is vergroend in de afgelopen jaren. Individuele afspraken van partijen over afname groen gas of duurzame stroom zijn niet terug te zien in de emissiecijfers, omdat deze door nationale gemiddelden worden bepaald. De gemeentes hebben contractueel afspraken gemaakt dat de stroom die zij zelf gebruiken (voor gemeentehuizen, sporthallen, openbare verlichting, rioolgemalen, etc) voor 100% uit regionale hernieuwbare bronnen moet komen. Hiermee is die CO2-uitstoot voor stroomverbruik teruggebracht met 40,3 Kton CO2. Voor gasverbruik hebben de GMR-gemeentes afgesproken in 2030 een besparing van 55% te realiseren (zie onderstaande grafiek) op hun verbruik én de resterende 45% in 2030 volledig als Groen Gas in te kopen. Op dit moment verbruiken de gemeentes zelf al 14% minder gas dan in 2020
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
7/17
wat zorgt voor een CO2-besparing van 1,4 Kton per jaar. Daarnaast kopen de gemeentes steeds meer ‘Groen Gas’ in wat voor een verdere daling van de CO2-uitstoot zorgt van ca 0,9 Kton. De inspanningen van onze gemeenten hebben dus bijgedragen bijna 42,6 Kton aan de totale CO2-besparing binnen ‘Gebouwde Omgeving – Publieke Dienstverlening’ in de GMR in 20245. In 2024 is er door de regionale gemeentes in totaal ca 4,3 miljoen kuub gas (4.348.472 m3) verbruikt 6. In onderstaande figuur is te zien hoe het verbruik van de regio zich verhoudt tot de afgesproken besparingsdoelstellingen. Het verbruik van 2024 is in lijn met de daling van het verbruik in de afgelopen jaren, weergegeven door de rode lijn in bovenstaande grafiek. NB 2021 is buiten beschouwing gelaten omdat in dat jaar er extra geventileerd moest worden ivm Covid maatregelen en dit geleid heeft tot een bovengemiddeld verbruik. De groene lijn in de grafiek laat de afgesproken besparingsopgave zien. De figuur laat ook zien dat het huidige besparingstempo de gemeentelijke doelstellingen voor 2030 niet gehaald gaan worden.
Door groene stroom te gebruiken, minder gas te verbruiken én door geleidelijk over te gaan op groen gas zorgt de regio er voor dat minder broeikasgas wordt uitgestoten. Door besparingen hebben gemeenten in 2024 1,3 Kton minder CO2 uitgestoten dan in 2023. Door het gebruik van duurzame(re) energiebronnen als zon, wind en groen gas hebben gemeenten in 2024 de uitstoot van 41,3 Kton CO2 weten te vermijden. 5 6
Deze cijfers komen niet uit de Klimaatmonitor en zijn dus al voorhanden over het jaar 2024. Zie rapportage Regionale Inkoop Duurzame Energie over 2024, d.d. 11 juni 2024
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
8/17
De gemeenten in de regio willen de CO2 omlaag brengen omdat de uitstoot van CO2 in de toekomst tot klimaatschade zal leiden. Op basis van calculaties van de Umweltbundesamt rekenen we met een prijs van 890 euro/ ton CO2. Door 42,6 Kton CO2 minder uit te stoten hebben de gemeentes bijna 38 miljoen euro aan toekomstige klimaatschade voorkomen. De GMR werkt aan CO2-beprijzing als partner binnen het Europese CO2-beprijzingsproject DeCarb Pro. Woningen
Deze grafiek geeft het totale elektriciteitsverbruik per woning weer, ‘achter de meter’, voor de verschillende regio’s en het Nederlands gemiddelde. Er is een dalende trend zichtbaar sinds het piek-jaar 2021. De redenen daarvoor zijn onveranderd ten opzichte van de rapportage van de CO2-uitstoot van vorig jaar. Een mogelijke reden is namelijk het energie-efficiënter worden van apparaten. Het elektriciteitsverbruik per woning in de GMR stijgt vanaf 2018. Nieuwbouw mag sindsdien niet meer verwarmd worden met gas. Daardoor zijn er onder andere meer hybride warmtepompen in gebruik genomen. Dat is één van de verklaringen van het stijgende elektriciteitsgebruik per woning. In 2022 en
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
9/17
2023 daalt het verbruik, dat heeft te maken met het stijgen van de energieprijs.
Hierboven is te zien dat er steeds meer woningen op een andere manier verwarmd worden dan door aardgas. De GMR scoort het hoogst in vergelijking met zowel Nederlands gemiddelde als de benchmark-regio’s, op het percentage woningen met een andere hoofdverwarmingsbron dan aardgas. Dat komt doordat er meer ‘all-electric’ huizen zijn gerealiseerd.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
10/17
VERKEER EN VERVOER
Bovenstaande grafiek geeft de uitstoot van CO2 voor Verkeer en vervoer weer, per voertuigtype. In 2020 is het effect van Corona zichtbaar. In 2022 zijn de vervoersbewegingen van personenauto’s nog steeds minder in de GMR dan in 2019. Efficiëntere motoren en elektrificering van voertuigen dragen ook bij aan lagere uitstoot binnen dit Verkeer en vervoer. Onze regio heeft belangrijke verkeersaders. Dit telt dus ook mee in onze CO2-cijfers en is te zien in deze grafiek.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
11/17
INDUSTRIE
De uitstoot voor zowel aardgas als elektriciteit is wat toegenomen van 2022 naar 2023 in de categorie ‘Industrie’. Het is interessant te zien dat er relatief iets meer elektriciteit gebruikt is. Verder lijkt de daling nu gestagneerd. Dit in tegenstelling tot de rest van Nederland. Ook hier geldt dat sommige gegevens geïnterpoleerd zijn en dat er dus niet veel te zeggen is over de trend van 2023. Het emissieplafond (vanuit EU-ETS) voor grote uitstoters daalt per jaar. Dat betekent dat er EU breed steeds minder rechten beschikbaar zijn, waardoor bedrijven energie gaan besparen. De verwachting is dat hierdoor in 2030 62% daling bereikt zou moeten worden t.o.v. 2005. Dit geldt ook voor industrie in onze regio. Gezien de opbouw van de data van de Klimaatmonitor is het lastig te zien wat er bij bedrijven in deze regio precies gebeurt.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
12/17
HERNIEUWBARE ENERGIEPRODUCTIE
De productie van hernieuwbare elektriciteit neemt toe in onze regio. Deze grafiek geeft een uitsplitsing per type bron. Hier is te zien dat zowel energie opgewekt uit wind en uit zon fors is gestegen afgelopen jaar. De GMR rapporteert jaarlijks voor de Regionale Energie Strategie (RES) hoeveel hernieuwbare energie er is opgewekt. De laatste gegevens van de RES zijn uit 2024. In de Regionale Energie Strategie wordt gemonitord op zonnestroom (systemen groter dan 15 kW) en op wind op land. Deze cijfers worden 2x per jaar bijgewerkt. In de regio zijn nu 710 GWh gerealiseerde projecten en er zitten nog 410 GWh in de pijplijn (cijfers april 2025, let op in de Klimaatmonitor (bovenstaande grafiek) staan minder recente cijfers opgenomen). De meest recente RES-monitor (Voortgangsrapportage NPRES 04-2025 – monitor RES) is opgenomen in bijlage 3. De RES levert cijfers aan voor het Nationaal Programma RES en die input wordt gebruikt voor de Klimaatmonitor.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
13/17
CO2UITSTOOT NIET VANUIT ENERGIEGEBRUIK AFKOMSTIG
De CO2-uitstoot niet energie-gerelateerd, wordt jaarlijks gemeten vanaf 2019. Deze uitstoot is min of meer gelijk gebleven in de jaren waarin het is gemeten, al kan er een heel lichte daling in gezien worden. Het aandeel van de landbouw stijgt iets, wellicht is dat gerelateerd aan tuinders, maar dat is vanuit deze data niet te zeggen. In de categorie ‘gebouwde omgeving’ zijn niet-energiegerelateerde emissies afkomstig van koelinstallaties (uitstoot Fgassen) en eventueel uitstoot van methaan en lachgas bij gebruik verbranding biomassa. In de categorie ‘industrie’ is de uitstoot afkomstig van het proces bij sommige productieprocessen, zoals productie van grondstoffen, maar het kan bijvoorbeeld ook om koelinstallaties gaan. Zoals eerder genoemd is de CO2-uitstoot die niet-energie gerelateerd is circa 1/6 deel van de totale CO2-uitstoot. De energie-gerelateerd CO2-uitstoot betreft dus het leeuwendeel met circa 5/6 deel.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
14/17
BIJLAGE 1 Kenmerken van de drie gebenchmarkte regio’s: Groene Metropoolregio: 1.020 km2 Omvat de steden Arnhem en Nijmegen Rond de 765.000 inwoners, 17 gemeenten vanaf 1 januari 2025 Landelijk èn stedelijk gebied
Stedendriehoek: 1.180 km2 Omvat de driehoek Deventer, Apeldoorn en Zutphen Rond de 450.000 inwoners, 8 gemeenten Belangrijke vaarverbindingen – IJssel en het Twentekanaal Landelijke omgeving (Veluwe, IJsselvallei en het coulisselandschap)
Zuidoost-Noord-Brabant: 1.440 km2 Omvat de steden Eindhoven en Helmond Rond de 800.000 inwoners, 21 gemeenten Industrie en werkgelegenheid
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
15/17
BIJLAGE 2 Is meegestuurd als aparte bijlage, genaamd ‘Bijlage 2 - Overzicht CO2-emissies GMR tm 2023’.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
16/17
BIJLAGE 3 Is meegestuurd als aparte bijlage, genaamd ‘Bijlage 3 - Voortgangsrapportage NPRES 04-2025 – monitor RES’.
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ● CO2 monitor GMR 2025
17/17