CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindversie Uitvoeringsprogramma warmtetransitie 2025-2030.

Gecombineerde commissie 13 november 2024, gemeente DoesburgBij agendapunt: (VROM) Uitvoeringsprogramma warmtetransitie 2025 - 2030 (Informatienota)9.040 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitvoeringsprogramma warmtetransitie 2025-2030 Gemeente Doesburg

Eindversie september 2024

Participatie.............................................................................. 17

Inhoud 1.

Inleiding .................................................................................... 3 1.1.

Van visie naar uitvoering .................................................... 3

1.2.

Scope en focus ................................................................. 3

1.3.

Beperkende factoren ......................................................... 3

4.

Planning .................................................................................. 19

5.

Organisatie en financiën .......................................................... 20 5.1 Capaciteit ambtelijke organisatie ........................................... 20 5.2 Inzet middelen ...................................................................... 20 5.3 Samenwerking met partners .................................................. 21

Capaciteit en middelen ............................................................. 4 Krapte op de arbeidsmarkt ......................................................... 4 Netcongestie............................................................................. 4

2.

3.

Afschrijving gasnet ............................................................ 5

1.5.

Rol gemeente.................................................................... 6 Opgave op hoofdlijnen ...................................................... 7

2.2.

Vertaling naar uitvoeringsprogramma................................. 7

7.

Bijlagen ................................................................................... 22 Nationaal ................................................................................ 22 Regionaal ................................................................................ 22 Gemeente ............................................................................... 22

Doelen ...................................................................................... 7 2.1.

Monitoring ............................................................................... 21 Bijlage 1: Kaders ......................................................................... 22

Soortenmanagementplan .......................................................... 5 1.4.

6.

Bijlage 2: Uitkomsten stakeholdergesprekken .............................. 24 Bijlage 3: Uitkomsten warmteateliers ........................................... 26 Woningeigenaren..................................................................... 26

Opbouw Uitvoeringsprogramma ................................................ 8

Woningcorporatie .................................................................... 31

3.2 Doelgroepenaanpak ................................................................ 8

Particuliere verhuurders........................................................... 32

3.2.1 Doelgroep 1: Eigenaar-bewoners ....................................... 9

Gemeentelijk vastgoed ............................................................ 33

3.2.2 Doelgroep 2: Verhuurders ................................................ 12

Ondernemers .......................................................................... 34

3.2.3 Doelgroep 3: Ondernemers ............................................. 14

Bijlage 4: Analyse ........................................................................ 36

3.2.4 Doelgroep 4: Gemeentelijk vastgoed................................ 14

Bijlage 5: Financieringsmogelijkheden woningeigenaren ............... 37

3.3 Wijkgerichte aanpak De Ooi ................................................... 16

Bijlage 6: Infographic subsidiemogelijkheden De Ooi .................... 38

3.4 Communicatie en participatie................................................ 17 Communicatie ........................................................................ 17 1

2

1. Inleiding

de warmtevraag én de overstap naar aardgasvrij te maken. We moeten het stap voor stap aanpakken.

1.1. Van visie naar uitvoering

Tot 2030 leggen we daarom de focus op het beperken van de warmtevraag door isolatiemaatregelen. We pakken hiermee de warmtetransitie gefaseerd aan. In fase 1 richten we ons met name op het treffen van isolatiemaatregelen om de warmtevraag te beperken en gebouwen gereed te maken voor de overstap naar aardgasvrij. In de tweede fase (na 2030) richten we ons op de overstap naar aardgasvrij verwarmen. Hiermee blijft de transitie behapbaar en financierbaar voor inwoners.

In oktober 2021 heeft de gemeenteraad de Transitievisie Warmte ‘Doesburg aardgasvrij’ vastgesteld. Hiermee is de basis gelegd voor de warmtetransitie in Doesburg. Het doel is om, in navolging van het landelijke Klimaatakkoord, in 2050 een volledig aardgasvrije gebouwde omgeving1 te hebben. Dit betekent dat gebouwen op een andere, duurzame manier moeten worden verwarmd. Hoewel er al stappen in de goede richting worden gezet om dit te realiseren, ontbreekt er nog een uitvoeringsprogramma met concrete actielijnen om de warmtetransitie in de gebouwde omgeving te realiseren. In het voorliggende uitvoeringsprogramma beschrijven we hoe we in de periode 2024-2030 concrete stappen gaan zetten om de warmtetransitie in de gebouwde omgeving te realiseren. Hierbij bouwen we voort op de bestaande aanpakken en activiteiten.

De gemeente Doesburg heeft een beperkte omvang en bestaat uit slechts één CBS-wijk. Daarom is het niet logisch om uitvoeringsplannen per wijk op te stellen. In plaats daarvan richt dit uitvoeringsprogramma zich op de gebouwde omgeving in de gehele gemeente. We maken binnen het uitvoeringsprogramma wel onderscheid tussen verschillende doelgroepen binnen de gemeente (zie paragraaf 3.2).

1.2. Scope en focus

1.3. Beperkende factoren

Sinds 2021 is het een en ander veranderd. Door de energiecrisis zijn de energieprijzen sterk gestegen. Hierdoor is landelijk de aandacht voor energiebesparing en het bestrijden van energiearmoede toegenomen. Daarnaast bleek een warmtenet in De Ooi niet haalbaar te zijn (zie ook paragraaf 3.3). In De Ooi hebben we geleerd dat het niet behapbaar is voor inwoners wanneer we tegelijkertijd inzetten op het beperken van

Er zijn enkele beperkende factoren voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma warmte waar we op voorhand rekening mee moeten houden.

Gebouwde omgeving: alle woningen en utiliteitsgebouwen. Utiliteitsgebouwen zijn gebouwen waarin aardgas voornamelijk gebruikt wordt voor de verwarming van de gebouwen. Denk aan scholen, kantoren, gemeenschapscentra, winkels, etc. De

industrie en landbouw vallen buiten de scope. In deze sectoren wordt aardgas voornamelijk gebruikt in de bedrijfsprocessen.

1

3

Capaciteit en middelen

Netcongestie

Als gemeente hebben we een beperkte capaciteit en middelen. De ambtelijke capaciteit voor energietransitie is slechts 1,5 fte2. Hierdoor kunnen we niet alles tegelijk oppakken en moeten we prioriteren. Het Rijk heeft middelen vrijgemaakt om de lokale uitvoeringsorganisatie te versterken. Daarnaast heeft het Rijk uitvoeringsbudget beschikbaar gesteld voor de aanpak van energiearmoede en het verduurzamen van woningen met een slecht label. Met uitzondering van de middelen voor de aanpak van energiearmoede zijn door het Rijk toezeggingen gedaan over het beschikbaar stellen van nieuwe middelen voor de periode van 2026 tot 2030. Ambtelijke capaciteit blijft echter een grote belemmering voor de uitvoering van dit programma. In hoofdstuk 5 gaat we dieper in op de verdeling van capaciteit en middelen.

Met netcapaciteit of transportcapaciteit geven we aan hoeveel elektriciteit er over het elektriciteitsnet getransporteerd kan worden. Op verschillende plekken in Nederland is inmiddels onvoldoende netcapaciteit beschikbaar om aan de toenemende vraag naar elektriciteit en de teruglevering van duurzaam opgewekte elektriciteit te kunnen voldoen. Het netwerk is overbelast. Er is sprake van ‘netcongestie’. Nieuwe bedrijven die een grootverbruikersaansluiting willen, komen op een wachtlijst terecht en grootschalige teruglevering van elektriciteit aan het net is niet mogelijk. In eerste instantie is het oplossen van de problematiek een opgave voor de netbeheerders, die hierbij zijn gebonden aan strenge regels. TenneT richt zich op het hoogspanningsnet in Nederland en regionale netbeheerders, zoals Liander, zijn verantwoordelijk voor de andere netvlakken. De netbeheerders werken aan het uitbreiden en versterken van het netwerk, maar dit kost veel tijd. De gemeente speelt vooral een indirecte rol bij het oplossen van de problematiek.

Krapte op de arbeidsmarkt Om alle aanpassingen te realiseren die nodig zijn om de landelijke klimaatdoelen te halen zijn er veel extra handen nodig. De krapte op de arbeidsmarkt en het tekort aan technisch geschoold personeel kunnen dan ook beperkende factoren zijn voor de uitvoering van dit uitvoeringsprogramma. Bijvoorbeeld in het isoleren van woningen en in het uitbreiden van het elektriciteitsnet. Via een landelijk actieplan wordt momenteel wel gewerkt aan maatregelen om de krapte op de arbeidsmarkt in sectoren die belangrijk zijn voor de klimaat- en energietransitie aan te pakken.

De duurzame warmtevoorziening die wordt gekozen voor een gebied is van grote invloed op de opgave voor versterking en uitbreiding van het netwerk. Ter vergelijking, wanneer in Doesburg een all-electric warmteoplossing wordt gekozen moeten 11 middenspanningsruimtes (MSR) worden verzwaard en 44 worden bijgeplaatst. Bij een hogetemperatuur warmtenet moeten er 11 MSR’s worden verzwaard en 35 worden bijgeplaatst.

In een studie van de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) uit 2020 is de verwachte benodigde capaciteit voor de uitvoering van het klimaatakkoord voor kleine gemeenten geraamd op 8-9 extra fte. Een recente studie laat zien dat de

uitvoeringskosten voor de uitvoering van het klimaatakkoord (incl. benodigde fte’s) waarschijnlijk nog hoger liggen.

2

4

termijn overgaan op een duurzame warmtebron is het van belang om bij het vervangen van het gasnet rekening te houden met deze planning.

Soortenmanagementplan De Wet natuurbescherming schrijft voor dat voorafgaand aan isolatiewerkzaamheden die negatieve gevolgen kunnen hebben voor beschermde diersoorten ecologisch onderzoek moet worden uitgevoerd en in veel gevallen maatregelen moeten worden getroffen ter bescherming van die diersoorten. Omdat een ecologisch onderzoek per individuele woning tijdrovend en kostbaar is, wordt ingezet op een soortenmanagementplan (SMP). Dat is een ecologisch onderzoek naar soorten op gebiedsniveau (gehele gemeente of deel van de gemeente) inclusief maatregelen voor de instandhouding van soorten. De gemeente Doesburg is in april 2024 gestart met het veldonderzoek voor het SMP. Op basis van het SMP kan de gemeente een omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit aanvragen voor de gehele gemeente. Naar verwachting zal dit eind 2025 gereed zijn. In juli 2024 is de landelijke aanpak Natuurvriendelijk Isoleren (NVI) van start is gegaan. Hiermee kan onder voorwaarden3 in drie jaar maximaal 6% van de woningen per buurt natuurvriendelijk worden geïsoleerd zonder ecologisch onderzoek. Hier zijn echter wel voorwaarden aan verbonden.

In Doesburg liggen twee typen leidingen van kwetsbare materialen, namelijk grijs gietijzer (oranje in figuur 1) en nodulair gietijzer (groen in figuur 1). De grijze gietijzeren leidingen moeten voor eind 2032 worden vervangen. De nodulair gietijzeren leidingen moeten mogelijk worden vervangen wanneer de grond wordt geroerd. Overige gasleidingen hebben een economische levensduur van ca. 40 jaar. Dit betekent echter niet dat deze leidingen vervangen hoeven te worden. Technisch gezien kunnen de leidingen namelijk vaak veel langer mee. Naar verwachting hoeven in Doesburg de komende jaren geen overige gasleidingen te worden vervangen.

1.4. Vervanging gasnet Naar verwachting zal de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) januari 2025 in werking treden, mits de Eerste Kamer ermee instemt. Hiermee krijgen gemeenten een aanwijsbevoegdheid. Dit is de mogelijkheid om gebieden aan te wijzen die voor een bepaalde datum overgaan op een duurzame warmtebron. Hieraan is een termijn van minimaal 8 jaar verbonden. Om te voorkomen dat gasleidingen worden vervangen in gebieden die op korte Verspreid over 3 jaar tijd mag maximaal 6% van de woningen in een buurt worden geïsoleerd volgens de landelijke aanpak NVI. Zie de website van

Volkshuisvesting Nederland voor meer informatie over de voorwaarden voor de landelijke aanpak NVI.

3

5

• • • • •

Figuur 1. Grijze gietijzeren (oranje) en nodulaire gietijzeren (groen) gasleidingen Doesburg.

1.5. Rol gemeente Gemeenten hebben de regierol gekregen binnen de warmtetransitie. Zoals opgenomen in de Transitievisie Warmte betekent dit dat de gemeente moet schakelen en verbinden: tussen overheden, bewoners en bedrijven, tussen individuele en collectieve mogelijkheden en tussen schaalniveaus van regio tot woning. Meer concreet heeft de gemeente een aantal taken:

6

Informeren, stimuleren en ontzorgen van inwoners en ondernemers (via het Energieloket Achterhoek); Financiële ondersteuning via een lokaal subsidieaanbod (o.b.v. Rijksmiddelen); Afspraken maken en samenwerken met partners; Goede voorbeeld geven door de verduurzaming van het gemeentelijke vastgoed; Monitoren van de voortgang en bijstellen waar nodig.

het terugbrengen van de warmtevraag, waar dit uitvoeringsprogramma betrekking op heeft.

2. Doelen 2.1. Opgave op hoofdlijnen

2.2. Vertaling naar uitvoeringsprogramma Zoals in het vorige hoofdstuk al beschreven zijn er enkele beperkende factoren waar we in de uitvoering van dit programma rekening mee moeten houden. Een bepalende beperkende factor is de ambtelijke capaciteit. In de aanpak die we in het volgende hoofdstuk beschrijven hebben we rekening gehouden met deze beperkte capaciteit. Met de aanpak zoals in dit uitvoeringsprogramma wordt beschreven is de verwachting dat in 2030 een besparing op de aardgasvraag in de gebouwde omgeving van tussen de 40 en 60 TJ kan worden bereikt4. Daarmee levert de gebouwde omgeving een grote bijdrage aan de gemeentelijke doelstelling om in 2030 een totale energiebesparing van 88 TJ te realiseren. Niettemin zal ook binnen andere domeinen een energiebesparing moeten worden gerealiseerd om de doelen uit de routekaart te behalen. Zeker gezien de verwachte toename in elektriciteitsgebruik door elektrificatie van de warmtevoorziening en mobiliteit.

Figuur 2. Doelen routekaart Energieneutraal Doesburg 2050.

In onze Transitievisie Warmte (TVW) hebben we vastgelegd om, in navolging van het landelijke Klimaatakkoord, in 2050 een volledig aardgasvrije gebouwde omgeving te hebben. Voor de gemeente Doesburg betekent dit dat circa 6.200 woningequivalenten aardgasvrij moeten worden. Hiervoor moet een groot deel van de gebouwen eerst voldoende worden geïsoleerd. Tevens hebben we in de Routekaart Energieneutraal Doesburg 2050 de ambitie opgenomen om in 2050 energieneutraal te zijn. Hierbij zijn ook tussendoelen benoemd voor 2022, 2030 en 2040 (zie ook figuur 1). Voor 2030 is als tussendoel opgenomen om 13% (88 TJ) te besparen op het energiegebruik ten opzichte van 2018. Deze opgave is breder dan alleen

Deze inschatting is gemaakt op basis van diverse aannames en rekening houdend met een grote mate van onzekerheid over toekomstige ontwikkelingen. 4

7

Energieloket Achterhoek

3. Opbouw Uitvoeringsprogramma

Inwoners hebben behoefte aan betrouwbare informatievoorziening en ontzorging. In Doesburg kunnen inwoners terecht bij het Energieloket Achterhoek voor informatie, ondersteuning en ontzorging. Het Energieloket biedt diverse adviesdiensten aan zoals een informatiegesprek, bezoek aan huis en een woningverbeterplan. Tevens kunnen inwoners voor advies langs bij het Loket op Locatie van Energieloket Achterhoek dat regelmatig in Doesburg aanwezig is.

Om onze doelen te behalen zetten we de komende periode in op een concrete aanpak met stappen tot 2030. Onze aanpak bestaat uit de bouwblokken ‘Doelgroepenaanpak’ en ‘Wijkgerichte aanpak De Ooi’. Communicatie en participatie zijn ondersteunend aan deze bouwblokken. Gezamenlijk dragen deze onderdelen bij aan het bereiken van onze doelen.

Doelgroepenaanpak

3.2 Doelgroepenaanpak

Wijkgerichte aanpak De Ooi

Een belangrijke bouwsteen voor onze aanpak tot 2030 is de doelgroepenaanpak. De isolatieopgave voor de gebouwde omgeving in Doesburg kan worden uitgesplitst in een aantal doelgroepen met onderscheidende kenmerken die een specifieke aanpak vragen.

Communicatie en participatie

De hoofddoelgroepen die we onderscheiden zijn: Tabel 1. Doelgroepen.

Financiële ondersteuning Er zijn momenteel diverse vormen van financiële ondersteuning aan gebouweigenaren voor verduurzamingsmaatregelen beschikbaar. Het gaat daarbij zowel om subsidies als om mogelijkheden om (tegen een lage rente) geld te lenen voor verduurzamingsmaatregelen. Een deel van deze financieringsmogelijkheden kan tegelijk worden ingezet (“gestapeld”), zodat voor veel woningen en andere gebouwen een aantrekkelijk pakket kan worden samengesteld. Zie bijlage 5 voor meer informatie over de beschikbare financieringsmogelijkheden.

5

Doelgroep 1 2 3 4

Eigenaar-bewoners Verhuurders Ondernemers Gemeentelijk vastgoed

Aandeel adressen

Aandeel CO2-uitstoot door gasverbruik gebouwde omgeving5

54% 41% 5% <1%

49% 26% 22% 2%

Er kunnen diverse instrumenten ingezet worden om de doelgroepen ertoe te bewegen om isolerende maatregelen te treffen. In dit hoofdstuk beschrijven we per doelgroep de specifieke kenmerken en waar we de komende jaren op in gaan zetten.

Betreft alleen de CO2-uitstoot voor ruimteverwarming en warm tapwater.

8

Het merendeel (91%) van de adressen binnen deze doelgroep beschikt over een energielabel F of G8. De CO2-uitstoot door gasverbruik van monumenten is dan ook relatief hoog (zie tabel 2).

3.2.1 Doelgroep 1: Eigenaar-bewoners De focus voor de komende periode ligt met name op eigenaarbewoners. De doelgroep eigenaar-bewoners verdelen we onder in drie: Tabel 2. Subdoelgroepen eigenaar-bewoners.

Subdoelgroep

1a 1b

1c

Monumenteneigenaren6 Woningen met een energielabel D en lager en een lage WOZ-waarde7 Overige eigenaar-bewoners

Aandeel adressen 11% 23%

Aandeel CO2-uitstoot door gasverbruik gebouwde omgeving 16% 23%

66%

61%

Deze monumenten en karakteristieke panden vragen een specifieke aanpak. Het verduurzamen van panden met een monumentale status vraagt specialistische kennis. Enerzijds vanwege de historische bouw en anderzijds omdat bouwdelen vanwege de beschermde status niet zomaar mogen worden aangepast (denk aan kozijnen, gevels, daken en constructie). Standaard isolatiemaatregelen zijn niet altijd mogelijk bij monumenten en voor bepaalde maatregelen moeten monumenteneigenaren een vergunning aanvragen. Dit maakt het te doorlopen traject voor monumenteneigenaren complex9.

Voor VvE’s zetten we de komende periode geen aanvullende acties op. Hoewel deze groep eigenaar-bewoners tegen specifieke obstakels aanloopt en om een andere aanpak vraagt dan andere eigenaarbewoners is het aandeel VvE’s relatief laag in Doesburg. Vanwege de beperkte capaciteit (zie ook hoofdstuk 5) kiezen we ervoor om hiervoor voorlopig geen specifieke aanpak op te stellen. Doelgroep 1a: Monumenteneigenaren Kenmerken Doesburg kent, als historische Hanzestad, een relatief groot aantal panden met een monumentale status. De monumenten bevinden zich grotendeels in het stadscentrum, zoals te zien is op de kaart rechts.

Lopende projecten en initiatieven In Doesburg is de Monumentenvereniging actief. Deze vereniging zet zich in voor behoud en waar nodig herstel van het cultuurhistorisch erfgoed van de stad Doesburg en haar omgeving. Leden van de

Dit betreft eigenaren van Rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en karakteristieke panden met een woonfunctie. 7 een WOZ-waarde van de woning lager dan de landelijke gemiddelde WOZ-waarde van € 429.300.

Vastgestelde en ingeschatte labels. Zie ook het onderzoeksrapport Belemmeringen bij het verduurzamen van monumenten Ecorys, 2020.

6

8 9

9

vereniging kunnen een individueel verduurzamingsadvies voor hun monument aanvragen.

De kern van de aanpak ligt in de verbindende en regie rol van de gemeente op het gebied van ontzorging, kennisuitwisseling en samenwerking met partners.

In juni 2023 is in samenwerking met de Monumentenvereniging en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed een expositie georganiseerd over het verduurzamen van monumenten. Hierbij is ook het magazine ‘Uw monument verduurzamen gepubliceerd’ waar monumenteneigenaren informatie kunnen vinden over energiebesparing en de verduurzaming van monumenten.

Concreet gaan we de komende periode aan de slag met: • •

In navolging van de subsidieregeling in De Ooi (zie ook paragraaf 3.3) kunnen alle eigenaar-bewoners in Doesburg buiten De Ooi vanaf het najaar 2024 Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij-klaar (SAAK) aanvragen. Deze subsidie is gebaseerd op de subsidie zoals geldt voor De Ooi. De subsidie geldt voor isolatiemaatregelen aan de gevel en het aanpassen van installaties zodat woningen aardgasvrij of aardgasvrijklaar worden gemaakt.

•

Voorgestelde aanpak Om monumenteneigenaren ertoe te bewegen om isolatiemaatregelen te nemen is het van belang om te zorgen voor begrijpelijke en betrouwbare informatievoorziening. Daarnaast hebben monumenteneigenaren goede begeleiding en/of ontzorging nodig door een specialist.

Het aanbieden van specialistisch verduurzamingsadvies en ontzorging door een in te huren adviseur. Het organiseren van toegankelijke informatievoorziening, kennisuitwisseling en het delen van goede voorbeelden via diverse kanalen in samenwerking met partners (denk aan een kennisbank, informatiebijeenkomsten en ‘gluren bij de buren’). Waar mogelijk aansluiten bij bestaande projecten, initiatieven en/of evenementen van partners zoals de Monumentenvereniging, gespecialiseerde lokale bouwbedrijven, buurgemeenten, de Provincie, Monumentenwacht Gelderland en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Doelgroep 1b: Woningen met een energielabel D en lager en een lage WOZ-waarde Kenmerken Vanuit het Rijk is het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) opgezet om woningen versneld te isoleren. Daarbij ligt de nadruk op de slechtst geïsoleerde woningen. Een onderdeel van dit programma is een lokale aanpak van gemeenten om koopwoningen met de slechtste energielabels en een relatief lage WOZ-waarde te verbeteren.

Het verduurzamen van monumenten is vaak maatwerk, daarom lijkt het streven naar gezamenlijke inkoop van isolatiemaatregelen niet erg vruchtbaar. Ook het opzetten van aanvullende financieringsmogelijkheden lijkt minder relevant. Er zijn reeds diverse lokale en landelijke financieringsmogelijkheden waar monumenteneigenaren gebruik van kunnen maken.

De criteria hiervoor zijn: •

10

een particuliere koopwoning waarvan de eigenaar ook bewoner is;

• • •

inwoner energiebesparende producten bestelt en installeert. Daarnaast kunnen deze inwoners gebruik maken van een witgoedregeling om een huishoudelijk apparaat in te ruilen voor een nieuw, zuinig apparaat.

een (geschat) energielabel D,E,F of G; een WOZ-waarde van de woning lager dan de landelijke gemiddelde WOZ-waarde van € 429.300; een bouwjaar van 1995 of ouder.

Doesburg heeft op basis van onze analyse van de woningvoorraad (zie bijlage 4) in totaal bijna 800 adressen die aan de criteria voor deze lokale isolatieaanpak voldoen.

Voor de periode tot en met 2027 heeft het Energieloket Achterhoek een plan van aanpak opgesteld voor het benaderen en begeleiden van woningeigenaren die binnen deze doelgroep vallen. Deze woningeigenaren kunnen gebruik maken van een lokaal subsidieaanbod dat beschikbaar is gesteld op basis van middelen vanuit het Nationaal Isolatie Programma. Daarnaast kunnen inwoners gebruik maken van andere landelijke financieringsmogelijkheden (zie bijlage 5).

De verdeling van deze specifieke groep woningen over de gemeente is weergegeven in de figuur rechts. Een deel van deze woningen bevindt zich in de wijk ‘De Ooi’, waar een wijkgerichte aanpak is opgezet (zie paragraaf 3.3).

De huidige isolatieaanpak die wordt uitgevoerd door het Energieloket Achterhoek bestaat uit drie onderdelen: 1. De doe-het-zelf-aanpak 2. De ‘isolatietrein’ (met verschillende maatregelen) 3. De ontzorgaanpak (maatwerk)

gevelisolerende

Voortzetting aanpak Op dit moment is er gestart met de isolatieaanpak in de gehele gemeente. De komende jaren gaan we deze aanpak voortzetten en verder uitbreiden. We stemmen regelmatig af met het Energieloket Achterhoek en stellen indien nodig de aanpak bij. We zetten in samenwerking met het Energieloket Achterhoek blijvend in op communicatie en het activeren van inwoners (zie ook paragraaf 3.4). Naast de isolatieaanpak kunnen woningeigenaren die binnen deze doelgroep vallen ook gebruik maken van de Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij-klaar (SAAK) die ook geldt voor installaties.

In woningen met een slecht label is nog een grote energiebesparing te halen. Behalve dat dit leidt tot een lagere energievraag wordt ook de energierekening bij inwoners direct lager. Binnen deze doelgroep bevinden zich ook inwoners met een risico op energiearmoede. Lopende projecten en initiatieven Inwoners die in 2022 recht hadden op de energietoeslag kunnen via het Energieloket aanspraak maken op een bespaarhulp aan huis die persoonlijke bespaartips en -adviezen kan geven en samen met de 11

Doelgroep 1c: Overige eigenaar-bewoners

ambassadeurs(woningen) om inwoners te stimuleren zelf ook maatregelen te treffen. We ondersteunen en faciliteren daarnaast ook initiatieven van inwoners(groepen) zoals collectieve inkoopacties.

Kenmerken De particuliere woningeigenaren die geen monumenteneigenaar zijn en niet binnen de criteria ‘energielabel D en lager en een lage WOZwaarde’ vallen benoemen we als ‘overige eigenaar-bewoners’. Het gaat dan om ongeveer 2.000 adressen.

3.2.2 Doelgroep 2: Verhuurders Tabel 3. Subdoelgroepen verhuurders.

Subdoelgroep

De groep overige eigenaar-bewoners is relatief divers. Wat opvalt is dat het aantal ‘slechte’ energielabels (D en lager) relatief laag is gezien woningen met deze labels grotendeels onder de eerder genoemde subgroepen vallen.

2a 2b

Lopende projecten en initiatieven Zoals eerder benoemd kunnen alle inwoners van Doesburg terecht bij het Energieloket Achterhoek en het Loket op Locatie voor diverse adviesdiensten. De doelgroep ‘overige eigenaar-bewoners’ kan tevens, naast landelijke financieringsmogelijkheden, vanaf najaar 2024 gebruik maken van de Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij-klaar (SAAK) voor het treffen van isolatiemaatregelen en het aanpassen van installaties om de woning aardgasvrij of aardgasvrij-klaar te maken.

Woningcorporatie WIJ Particuliere verhuurders

Aandeel adressen

88% 12%

Aandeel CO2uitstoot door gasverbruik gebouwde omgeving 86% 14%

Doelgroep 2a: Woningcorporatie Woonservice IJsselland Kenmerken Woningcorporatie Woonservice IJsselland heeft met ruim 2.000 woningen relatief veel bezit in Doesburg. De verdeling van deze woningen over de gemeente is in figuur op de volgende pagina weergegeven. Een groot deel van het bezit is al verduurzaamd door de woningcorporatie. Het aandeel ‘goede’ labels (label A en label B) is relatief groot (56%) en het aandeel ‘slechte’ labels (D en lager) relatief klein (12%).

Voorgestelde aanpak Gezien de omvang van deze doelgroep en het aandeel in de CO2uitstoot is het belangrijk om ook deze groep woningeigenaren te stimuleren tot het treffen van isolatiemaatregelen. Belangrijk is een uitgebreide communicatie over de mogelijkheden en makkelijke toegankelijkheid tot objectieve en betrouwbare informatie over die mogelijkheden. We zetten onze huidige communicatie en informatievoorziening via het Energieloket Achterhoek voort en stellen deze bij indien nodig. Het delen van ervaringen van stads- en buurtgenoten blijkt in de praktijk goed te werken. We zoeken daarom 12

aan het aardgasvrij maken van woningen. Zoals eerder genoemd blijkt een warmtenet niet haalbaar en is de focus van het project verlegd naar het aardgasvrij(-gereed) maken van woningen. Voorgestelde aanpak In 2023 zijn meerjarige prestatieafspraken gemaakt tussen Woonservice IJsselland en de gemeente voor de periode 2024-2030. Hierin zijn onder andere afspraken gemaakt over het verduurzamen van de woningvoorraad van Woonservice IJsselland en de bijbehorende acties. De komende periode worden deze acties uitgevoerd. Naast het uitvoeren van de bestaande afspraken is het van belang dat de woningcorporatie en de gemeente samen optrekken en elkaar versterken in hun aanpakken. Binnen de wijkgerichte aanpak in De Ooi en het lokaal isolatieprogramma zijn mogelijk kansen voor een gespikkeld bezit10 aanpak waarop de gemeente en de woningcorporatie samenwerken. Om samenwerkingskansen zoveel mogelijk te benutten wordt een regulier overleg georganiseerd tussen Woonservice IJsselland, het Energieloket Achterhoek en de gemeente. Lopende projecten en initiatieven

Doelgroep 2b: Particuliere verhuurders

Woonservice IJsselland heeft op basis van landelijke prestatieafspraken en prestatieafspraken met de gemeente de afgelopen jaren geïnvesteerd in het verduurzamen, isoleren en ‘toekomstklaar’ maken van haar woningvoorraad.

In Doesburg worden ruim 300 Woningen verhuurd door particuliere verhuurders. Bij verhuur is de ‘split incentive’ een belangrijk knelpunt in de verduurzaming van woningen. De verhuurder investeert namelijk, terwijl de huurder daardoor minder energie gebruikt en dus profiteert. Hierdoor is het voor een verhuurder minder aantrekkelijk om te investeren. Vanaf 2030 mogen particuliere verhuurders geen woningen meer verhuren met een energielabel E, F of G (m.u.v.

In het project de proeftuin aardgasvrije wijk De Ooi werken de gemeente, de woningcorporatie en andere partners sinds 2020 samen Bij gespikkeld bezit staat particuliere koop- en sociale huurwoningen door elkaar in appartementencomplexen of rijtjeswoningen. 10

13

monumenten). Wegens gebrek aan personele capaciteit en het relatief kleine aandeel particuliere verhuurde woningen in Doesburg wordt hier geen aparte aanpak voor opgesteld.

•

3.2.3 Doelgroep 3: Ondernemers Kenmerken Onder de doelgroep ondernemers vallen 265 adressen in Doesburg. Deze zijn zeer divers qua functie, gebouwtype, eigendom en omvang. Het gaat van kleine winkels in de binnenstad tot grote bedrijfspanden op de bedrijventerreinen. In het kader van dit uitvoeringsprogramma wordt alleen gekeken naar het aardgasverbruik voor de ruimteverwarming en warm tapwater in een gebouw. Het gebruik van aardgas in het productieproces is buiten beschouwing gelaten gezien dit een andere aanpak behoeft.

•

De gemeente is het bevoegde gezag als het gaat om de naleving van de energieregelgeving. De uitvoering van de handhaving heeft de gemeente neergelegd bij de Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA).

Lopende projecten en initiatieven Er zijn tot nu toe weinig initiatieven ontplooid specifiek gericht op het isoleren van bedrijfspanden. Wel is het zo dat er, veel meer dan bij woningen, verplichtingen zijn voor bedrijven om te verduurzamen, waarvan de onderstaande betrekking hebben op bedrijfsgebouwen: •

•

aanvullend de verplichting tot het opstellen van een energieonderzoek. EED-auditplicht Voor de bedrijven met meer dan 250 fte in dienst bij alle vestigingen en een jaaromzet van meer dan € 50 miljoen en meer dan €43 miljoen balanstotaal geldt een EED-auditplicht voor alle vestigingen. Uiterlijk 1 dec 2024 moet de EED-audit zijn ingediend. Energielabel C Per 1 januari 2023 dienen kantoorgebouwen met een vloeroppervlakte groter dan 100 m2 minimaal te voldoen aan energielabel C (m.u.v. monumenten).

Voor ondernemers zijn tevens diverse financieringsmogelijkheden beschikbaar (zie bijlage 5). Voorgestelde aanpak De gemeente zet de komende periode de samenwerking met de ODRA op het gebied van de naleving van energieverplichtingen voort. Op basis van beschikbare verbruiksgegevens brengen we de stand van zaken bij bedrijven in Doesburg beter in beeld. Vanwege beperkte personele capaciteit is het niet haalbaar om meer in te zetten op het stimuleren van ondernemers.

Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Voor bedrijven die meer verbruiken dan 50.000 kWh of 25.000 m3 gas (equivalent) per jaar, geldt dat alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder moeten worden uitgevoerd. Daarnaast is er een verplichting om 1 x per 4 jaar te rapporteren over de voortgang van het uitvoeren van de energiebesparende maatregelen (Informatieplicht). Energieonderzoekplicht Voor bedrijven die meer verbruiken dan 10.000.000 kWh elektriciteit of 170.000 m3 gas (equivalent) per jaar, geldt

3.2.4 Doelgroep 4: Gemeentelijk vastgoed Kenmerken De gemeente Doesburg is zelf ook eigenaar van een aantal gebouwen. Op dit moment gaat het om 13 adressen. Het aandeel in de CO2-uitstoot 14

van deze gebouwen is relatief hoog (2%) in vergelijking met het aandeel adressen (<1%). Dit komt onder andere doordat enkele gebouwen monumentaal zijn en de oppervlakte en de inhoud van de gebouwen relatief groot is. Lopende projecten en initiatieven De gemeente heeft als gebouweigenaar dezelfde verplichtingen op het gebied van energieregelgeving als bedrijven (zie paragraaf 3.2.3). Als gemeente vervullen we met ons eigen vastgoed ook een voorbeeldrol. Inmiddels hebben we voor alle gemeentelijke gebouwen een Duurzaam Meerjaren Onderhoudsplan (DMJOP). Hierin worden naast het reguliere onderhoud ook duurzaamheidsmaatregelen opgenomen. Dit jaar is gestart met de uitvoering hiervan. Tevens zijn er een tweetal gebouwen die we gaan afstoten waarin geen onderhouds- of duurzaamheidsmaatregelen meer worden getroffen. Voortzetting aanpak De komende periode gaan we inzetten op het verduurzamen van onze gemeentelijke gebouwen via de DMJOPs.

15

van de binneninstallatie en het plaatsen van (hybride) warmtepompen. Het Energieloket Achterhoek voert de aanpak voor De Ooi uit. Het Energieloket Achterhoek heeft hiervoor een plan met de ‘Aanpak en activiteiten voor woningeigenaren in De Ooi’ opgesteld. Hierbij wordt ingezet op communicatie, ontzorging en financiële ondersteuning. Naast een bewonersadviseur vanuit het energieloket is er ook een bewonersadviseur vanuit de gemeente aanwezig in De Ooi.

3.3 Wijkgerichte aanpak De Ooi Kenmerken De Ooi is een jaren ’60 wijk met ruim 900 woningen. Zo’n 60 procent van de woningen zijn corporatiewoningen van Woonservice IJsselland. De overige woningen zijn met name particuliere koopwoningen en een klein aandeel particuliere verhuur (2 procent). Iets meer dan de helft (54%) van de particuliere woningen in De Ooi heeft een energielabel D of lager11.

Eigenaar-bewoners in De Ooi kunnen gebruik maken van een subsidieregeling12. Aanvullend kunnen eigenaar-bewoners die hiervoor in aanmerking komen (energielabel D of lager en lage WOZ-waarde) gebruik maken van het lokale subsidieaanbod op basis van de middelen vanuit het Nationaal Isolatie Programma. Bovenop deze lokale regelingen kunnen eigenaar-bewoners gebruik maken van landelijke financieringsmogelijkheden (zie bijlage 5). Ook verhuurders, VVE’s en bedrijven in De Ooi kunnen gebruik maken van de PAW subsidie (zie bijlage 6).

Lopende projecten en initiatieven In 2020 heeft de gemeente Doesburg een aanvraag ingediend voor de wijk De Ooi om deel te nemen als proeftuin aan het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW). De gemeente heeft op basis hiervan een subsidie ontvangen vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken voor het aardgasvrij maken van de wijk. Het plan was om de woningen en gebouwen te verwarmen met een warmtenet op basis van warmte uit de Oude IJssel (aquathermie). Na uitgebreid onderzoek bleek dit echter financieel niet haalbaar.

In het project werken we ook veel samen met de woningcorporatie. Zij zetten, mede met de voor hen beschikbare subsidie vanuit de PAW extra stappen in de verduurzaming van hun bezit in De Ooi.

Inmiddels heeft het ministerie ingestemd met het verzoek van de gemeente om de besteding van de subsidie te wijzigen. De subsidie wordt nu ingezet om de warmtevraag zoveel mogelijk te beperken (isolatie) en stapsgewijs naar een all-electric aardgasvrij De Ooi te gaan. Het streven is de wijk in 2028 grotendeels aardgasvrij-gereed te hebben.

Voortzetting aanpak Momenteel zijn de aanpak en de bijbehorende activiteiten voor woningeigenaren in De Ooi al gestart. De komende jaren wordt deze aanpak voortgezet. De gemeente is regievoerder over deze aanpak en stemt regelmatig af met belangrijke samenwerkingspartners zoals het Energieloket Achterhoek, woningcorporatie WIJ, netbeheerder Liander en het ministerie van Binnenlandse Zaken. Waar nodig stellen we onze aanpak in samenwerking met onze partners bij.

Het project richt zich op het ondersteunen van zowel verhuurders als particulieren bij het verduurzamen van de woningen. Hierbij gaat het om (grootschalige) isolatie, kieren dichten, ventilatie, het verbeteren 11

Vastgestelde en ingeschatte labels.

12

16

30% van de kosten voor aardgasvrij(-gereed), max. €4.500 per woning

zoals de wijkgerichte aanpak in De Ooi, Bespaarhulp aan Huis/witgoedregeling en de isolatie aanpak vanuit het NIP. Binnen de uitvoering blijft het Energieloket ook het centrale informatiepunt waar inwoners terecht kunnen voor meer informatie, ondersteuning en ontzorging rondom energiebesparing en de warmtetransitie binnen Doesburg. De communicatie en informatievoorziening van het loket ontwikkelt zich blijvend door in afstemming met de deelnemende gemeenten.

3.4 Communicatie en participatie Communicatie en participatie zijn een fundamentele succesfactor in en ondersteunend aan de doelgroepenaanpak en de wijkgerichte aanpak De Ooi.

Communicatie Om verschillende doelgroepen te bereiken wordt er ingezet op effectieve communicatie. Er lopen al verschillende communicatielijnen binnen projecten en activiteiten. In samenwerking met Energieloket Achterhoek en betrokkenheid vanuit andere stakeholders zoals de monumentenvereniging wordt er een overkoepelend communicatieplan gemaakt. Naast dat deze stakeholders waardevolle kennis en ervaring brengen is het belangrijk dat er samen overzicht is van de activiteiten en middelen die gemeentebreed en per doelgroep lopen om te borgen dat deze elkaar versterken en niet in de weg lopen. In de nadere uitwerking van dit overkoepelende plan worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:

Doelgroepgericht De communicatie moet doelgroepgericht zijn en aansluiten op de specifieke behoeftes van de doelgroep en de initiatieven die per doelgroep worden ingezet. Doordat er verschillende projecten lopen, soms ook doelgroep overstijgend, vergt dit een goede afstemming met betrokken partijen zoals Energieloket Achterhoek. In de communicatiemiddelen die wordt ingezet wordt er rekening gehouden met anderstalige en moeilijk te bereiken sociale groepen. Daarin wordt er ook gekeken naar samenwerking met sleutelfiguren binnen de gemeenschap.

Voortbouwen op wat er al is Tot heden is de communicatie rondom de warmtetransitie met name gericht op de projecten die lopen in De Ooi en de isolatieaanpak vanuit het National Isolatieprogramma (NIP). Binnen deze projecten zijn er al verschillende communicatiemiddelen ontwikkeld en is er kennis opgedaan over wat wel en niet werkt. Binnen deze aanpak willen we duurzaam omgaan met de middelen en capaciteit die beschikbaar is door gebruik te maken van bestaande kennis en lopende initiatieven en deze verder uit te breiden.

Participatie Naast effectieve communicatie is participatie van belang voor een geslaagde aanpak. Daarin gaan we uit van onze bestaande participatiewijzers: we ondersteunen initiatieven die door bewoners worden opgestart en werken nauw samen met lokale stakeholders. De aanpak is er voornamelijk op gericht om gebouweigenaren en bewoners te activeren en ondersteunen om zelf aan te slag te gaan met de verduurzaming van hun gebouw of woning. Daarom wordt er ingezet op concrete en fysieke acties op straat- en buurtniveau. Daarin willen we opschalen en voortbouwen op de succesvolle acties die ook in het

Energieloket Achterhoek als centraal informatiepunt Het Energieloket Achterhoek is een belangrijke strategische partner die al betrokken is in de uitvoering en communicatie rondom projecten 17

verleden zijn georganiseerd. Welke acties wanneer worden ingezet bepalen we gedurende het proces. Voorbeelden van acties zijn: • • • •

•

Een winterwandeling organiseren met een infraroodcamera; Woningscans aanbieden of verloten onder bewoners; Een voorbeeldwoning inrichten waar isolatiematerialen ook tastbaar zijn; ‘Gluren bij de buren’ organiseren waar bewoners in gesprek kunnen gaan met buurtbewoners die ervaringsdeskundigen zijn in het verduurzamen van hun woning; Laagdrempelige bijeenkomsten organiseren zoals een warmtecafé.

18

4. Planning Jaar nr Project Opstellen Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij-klaar (SAAK) 1 Monumenteneigenaren 1.1 Inzetten externe adviseur voor specialistisch verduurzamingsadvies 1.2

Organiseren toegangkelijke informatievoorziening, kennisuitwisseling en delen van goede voorbeelden

1.3 Aansluiten bij bestaande projecten, initiatieven en evenementen partners 2 Woningen met een energielabel D en lager en een lage WOZ-waarde 2.1 Voortzetting Isolatieaanpak Energieloket Achterhoek 3 Overige eigenaar-bewoners 3.1 Voortzetting adviesdienst Energieloket Achterhoek 3.2 Werven ambassadeurs(woningen) 3.3 Ondersteunen bewonersinitiatieven 4 Woningcorporatie (WIJ) 4.1 Naleving meerjarige prestatieafspraken 4.2 Verkennen mogelijkheden aanpak gespikkeld bezit 5 Ondernemers 5.1 Naleving energieverplichtingen via ODRA 6 Gemeentelijke vastgoed 6.1 Verduurzaming gemeentelijke gebouwen via DMJOPs 7 Wijkgerichte aanpak de Ooi 7.1 Uitvoering PAW De Ooi

2027- 20282024 2025 2026 2028 2030 X

Rol gemeente Trekker

Betrokken partners

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Regievoerder

Energieloket Achterhoek

X

X X X

X

X

X

X X X

X

X

Regievoerder Samenwerkingspartner Samenwerkingspartner

Energieloket Achterhoek n.t.b. n.t.b.

X

X

X

X

X

Samenwerkingspartner

X

X

X

Woonservice IJsselland Woonservice IJsselland; Energieloket Achterhoek

X

X

X

X

X

Regievoerder

X

X

X

X

X

Trekker

X

X

X

X

Trekker

n.t.b. Monumentenvereniging; provincie Gelderland; Samenwerkingspartner Monumentenwacht Gelderland; Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed; n.t.b. Monumentenvereniging; provincie Gelderland; Samenwerkingspartner Monumentenwacht Gelderland; Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed; n.t.b.

Samenwerkingspartner

ODRA

Regievoerder

Energieloket Achterhoek; Woonservice IJsselland, Liander; Ministerie van Binnenlandse Zaken

Trekker

Energieloket Achterhoek; Monumentenvereniging; n.t.b.

8 Communicatie en participatie 8.1 Overkoepelend communicatieplan opstellen

X

19

de jaren 2026, 2027 en 2028 zullen worden ingezet voor de uitvoering van de energietransitie. Inmiddels is ook afgesproken dat gemeenten het bedrag dat zij in 2023 hebben ontvangen, mogen opnemen als structurele baat in de begroting voor de jaren 2024 – 2027. Deze middelen worden in het kader van de warmtetransitie ingezet voor de beleidsmedewerker energietransitie, een deel van de fte voor communicatie, de uitvoering door het Energieloket Achterhoek, onderzoeken en opdrachten door externen.

5. Organisatie en financiën De warmtetransitie zoals in dit uitvoeringsprogramma beschreven, vraagt om voldoende capaciteit en werkbudget. In de onderstaande paragrafen wordt dit verder uitgewerkt.

5.1 Capaciteit ambtelijke organisatie De energietransitie vraagt veel van de samenleving, ook van de gemeentelijke organisatie. De Raad voor het Openbaar bestuur (ROB) heeft in 2021 berekend hoeveel capaciteit er nodig is om op een adequate manier invulling te geven aan lokaal klimaat- en energiebeleid (rapport ‘Van Parijs naar praktijk’). Voor een kleine gemeente (< 40.000 inwoners) gaat het om een extra inzet van 8-9 fte.

5.2 Inzet middelen Naast de CDOKE-middelen die worden ingezet voor uitvoerende capaciteit, is uitvoeringsbudget beschikbaar. Daarbij gaat het om: • • • • •

Bij de gemeente Doesburg is structureel 1,5 fte beschikbaar op het gebied van duurzaamheid. Inmiddels heeft het Rijk via de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden Klimaat- en Energiebeleid (CDOKE) middelen vrijgemaakt om de lokale uitvoeringsorganisatie te versterken. Voor de gemeente Doesburg gaat het om: • • •

SPUK aanpak energiearmoede; SPUK Nationaal Isolatieprogramma (NIP); Subsidie PAW De Ooi; Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij Klaar (SAAK); Gemeentelijk duurzaamheidsbudget.

De SPUK aanpak energiearmoede wordt ingezet voor de bespaarhulp aan huis via het energieloket en de witgoedregeling voor inwoners die in 2022 recht hadden op de energietoeslag. De SPUK NIP wordt ingezet voor de uitvoering van de isolatieaanpak voor doelgroep 1b (woningen met een energielabel D en lager en een lage WOZ-waarde). Voor de aanpak in de Ooi wordt de subsidie voor PAW De Ooi ingezet. Daarnaast is er tot 2028 €355.000 gereserveerd voor de Subsidie Aardgasvrij en Aardgasvrij-klaar (SAAK). Voor de uitvoering van dit uitvoeringsprogramma warmte zijn geen aanvullende middelen.

€ 245.862 voor 2023 € 248.092 voor 2024 € 250.322 voor 2025

Naar verwachting worden voor de periode vanaf 2026 nieuwe middelen beschikbaar gesteld13. Door het Rijk is toegezegd dat de regeling zal worden vervangen door een wet, waardoor er meer zekerheid komt voor de langere termijn. De CDOKE-middelen die beschikbaar komen voor

Het is vooralsnog niet duidelijk of het aanstaande kabinet hier verandering in gaat brengen. 13

20

5.3 Samenwerking met partners Naast de inzet van de gemeente zelf werken we ook veel samen met onze partners. We werken nauw samen met het Energieloket Achterhoek, die een groot deel van de uitvoering van de aanpak verzorgt. Daarnaast trekken we ook samen op met woningcorporatie Woonservice IJsselland, met name binnen de wijkgerichte aanpak in De Ooi en het lokale isolatieprogramma zijn er samenwerkingskansen. Ook andere partners zoals de Monumentenvereniging spelen een belangrijke rol in de warmtetransitie. Waar mogelijk sluiten we aan bij projecten en initiatieven van partners. Daarnaast zijn we aangesloten bij de Groene Metropool Regio en werken we daarmee samen.

6. Monitoring Om de doelen te bereiken is het noodzakelijk om de voortgang van de projecten binnen de aanpak te monitoren en bewaken. Voor de monitoring hiervan wordt er gebruik gemaakt van het dashboard van het Energieloket Achterhoek. Dit is ook gekoppeld aan een bewonersportaal waar inwoners gebruik van kunnen maken en waar de gemeente kan inzien hoeveel inwoners deelnemen aan initiatieven en projecten, en welke concrete acties, zoals isolatiemaatregelen, er zijn genomen. Indien de voortgang tegenvalt dan kan hier op bijgestuurd worden. Tegelijkertijd, als er bepaalde acties zijn waarvan veel gebruik wordt gemaakt en die ook veel besparing opleveren dan kan hier verder op worden ingezet.

21

Regionaal

7. Bijlagen

Regionale Energie Strategie (RES) & Regionale Structuur Warmte (RSW)

Bijlage 1: Kaders

De uitwerking van het landelijke Klimaatakkoord vindt voor een groot deel op regionaal en lokaal niveau plaats. Om de regionale uitwerking vorm te geven, is Nederland opgedeeld in 30 energie-regio’s waarin gemeenten, provincies en waterschappen samenwerken aan een Regionale Energie Strategie (RES). De gemeente Doesburg werkt binnen de RES-regio Groene Metropoolregio samen met 15 andere gemeenten, provincie Gelderland, 3 waterschappen, netbeheerder Liander. De verplichte scope van de RES richt zich op grootschalige opwek van elektriciteit en de gebouwde omgeving (dus ook warmte). De RES 1.0 is vastgesteld door de raad.

Nationaal In 2015 ondertekende Nederland het Klimaatakkoord van Parijs. Daarmee beloofde Nederland zich in te zetten voor het beperken van de opwarming van de aarde tot maximaal 2 graden met het streven om de opwarming te beperken tot 1,5 graad. De Nederlandse klimaatambities, gebaseerd op de internationale afspraken, zijn vastgelegd in de Klimaatwet. De afspraken die hieruit voortvloeien (met o.a. gemeenten, het bedrijfsleven, natuur- en milieuorganisaties en energiebedrijven) zijn verankerd in het landelijke Klimaatakkoord. Daarin is opgenomen dat vóór 2030 de uitstoot van broeikasgassen met 49% verminderd moet worden ten opzichte van 1990. In 2050 moet de uitstoot met (minimaal) 95% zijn teruggebracht. Inmiddels is besloten dat een versnelling van de reductie noodzakelijk is (naar 55% in 2030).

Het onderdeel Warmte is binnen de RES uitgewerkt in de vorm van een Regionale Structuur Warmte (RSW). De RSW verschaft op regionaal niveau inzicht in de totale (toekomstige) warmtevraag binnen de regio, de beschikbare duurzame warmtebronnen en de bestaande en geplande infrastructuur. In de RSW is op hoofdlijnen en op regionaal vastgelegd hoe in de nabije toekomst wordt omgegaan met de beschikbare bronnen, ruimte en infrastructuur ten aanzien van warmte. De RSW is door gemeenten op lokaal niveau vertaald naar een Transitievisie Warmte.

Een belangrijke manier om de doelstellingen te behalen is het stoppen met het gebruik van aardgas in woningen en utiliteitsbouw. Aardgas de belangrijkste warmtebron voor ruimteverwarming in ons land. Het is echter een fossiele brandstof en bij het verstoken van aardgas komt CO2 vrij. In 2050 moeten alle woningen en gebouwen in Nederland aardgasvrij zijn. Om dit te bereiken moeten in 2030 1,5 miljoen woningen en gebouwen aardgasvrij zijn. Dit is ongeveer 20% van de huidige woningvoorraad. Sinds juli 2018 is het al niet meer toegestaan om nieuwbouwwoningen op aardgas aan te sluiten, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om dit wel te doen.

Gemeente Toekomstvisie 2040 De Toekomstvisie ‘Doesburg Duidelijk Duurzaam Door’ 2040 is in 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. In deze visie worden drie hoofdkeuzes beschreven die als leidraad richting kan geven aan beleid. Deze hoofkeuzes worden nog nader uitgewerkt. 22

Routekaart Energieneutraal

Daarnaast staat op hoofdlijnen beschreven welke route kan worden genomen; welke technische mogelijkheden zijn er? Welk termijn is haalbaar? Tot 2030 is de focus gelegd op De Ooi als startbuurt waar er stappen worden gezet richting aardgasvrij.

In 2018 is de Routekaart Energieneutraal vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin is de ambitie opgenomen om in 2050 energieneutraal te zijn. In de routekaart zijn tussenhaltes benoemd voor 2022, 2030 en 2040 (zie figuur 1) voor de verschillende sectoren. In de routekaart wordt gewerkt volgens de werklijnen: • • • • • •

PAW De Ooi In 2018 is het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) opgestart door het Rijk. Het doel van dit programma was om middels verschillende proeftuinen onderzoek naar en ervaring op te doen over de transitie naar aardgasvrij. In totaal werden er landelijk 66 proeftuinen opgestart, waarvan één binnen Doesburg: PAW De Ooi.

Bewustzijn en eigenaarschap Energiebesparing Energieopwekking Duurzame warmte Duurzame mobiliteit Regionale samenwerking

Binnen dit project werd er onderzoek gedaan naar een warmtenet, maar er bleken te weinig kansen te zijn. Daarnaast waren de maatschappelijke kosten aanzienlijk hoger dan bij alternatieven en bleek het financieel niet rendabel, zowel voor de gemeente als voor inwoners.

Actualisatie Uitvoeringsagenda 2023-2026 Begin 2023 is de actualisatie van de Uitvoeringsagenda Energieneutraal Doesburg 2050 vastgesteld door het college. Deze uitvoeringsagenda heeft betrekking op de periode 2023-2026. Er wordt vastgehouden aan de ambities en werklijnen zoals in de Routekaart Energieneutraal zijn opgenomen, maar er wordt een focus aangebracht op de werklijnen Bewustzijn en eigenaarschap, Energiebesparing en Duurzame warmte.

In 2023 heeft het college daarom een verzoek ingediend bij het ministerie om de ontvangen PAW gelden in te zetten om woningen binnen De Ooi te verduurzamen richting aardgasvrij en aardgasvrij-klaar middels isolatiemaatregelen en duurzame installaties. Dit verzoek is goedgekeurd, waarna het vernieuwde project is opgestart.

Transitievisie Warmte Zoals eerder benoemd hebben gemeenten de regisserende rol gekregen in de warmtetransitie om de landelijke doelstelling van aardgasvrij in 2050 te behalen. In 2021 heeft de gemeenteraad de Transitievisie Warmte (TVW) van Doesburg vastgesteld. In de TVW is in kaart gebracht hoe groot de opgave is voor Doesburg om is in 2050 aardgasvrij te zijn: circa. 6.200 woningequivalenten aardgasvrij te maken, waarvan 5.200 woningen. 23

Bijlage 2: Uitkomsten stakeholdergesprekken Om een goed beeld te krijgen van de verschillende externe stakeholders zijn deze bevraagd in de stakeholdersgesprekken. Tijdens deze interviews zijn vragen gesteld over verschillende onderwerpen: • • • • • •

Rol van de organisatie; Betrokkenheid bij de warmtetransitie; Concrete projecten m.b.t. de warmtetransitie; Contact met inwoners/ondernemers; Mogelijke betrokkenheid/rol binnen de warmtetransitie; Tips voor de gemeente.

In de onderstaande tabel is per stakeholder weergegeven wie zij zijn, hoe ze nu betrokken zijn bij de warmtetransitie, welke mogelijke rol zij kunnen/willen spelen in de toekomst en overige zaken die ter sprake zijn gekomen tijdens het interview. Externe Stakeholder Beschrijving stakeholder Monumentenvereni • Rond de 250 leden; ging • Focus werkzaamheden op verduurzaming.

Energieloket Achterhoek

• •

Energieloket voor en door Achterhoekse gemeenten; Vooral gericht op energiebesparing (niet

Betrokkenheid warmtetransitie • Beschikken over specifieke kennis over de verduurzaming van monumenten; • Geven verduurzamings- en renovatieadviezen voor historische monumenten (van maatregelen tot subsidies en leveranciers); • Organiseren informatieavonden. • De energieloket van Doesburg waar inwoners informatie kunnen krijgen over energie besparen, subsidies en leningen;

24

Mogelijke rol • Alleen gericht op historische panden; • Delen van goede voorbeelden en technieken onder aansturing van gemeente.

•

Actieve rol blijven spelen in de uitvoering en particuliere woningeigenaren

Overige • Vergunningaanvraag duurt lang.

•

Gaan een aanpak ontwikkelen om eigenaren van monumenten te ondersteunen bij het

Lindus

• •

Woonservice IJsselland

• •

Energiecoöperatie Doeswatt

• •

Liander

• •

per se warmte) richting aardgasvrij-ready.

•

Ondernemersverenigin g voor ondernemers in de Liemers; In totaal 250 leden in de Liemers, in Doesburg maar een beperkt aantal leden op de industrieterrein. Grootste woningcorporatie in Doesburg; Ca. 2000 woningen.

•

Lokale energiecoöperatie; Focus op een energieneutraal Doesburg (vooral duurzame opwek). Netbeheerder; Verantwoordelijk voor het onderhoud en uitbreiding van het elektriciteitsnet in Doesburg.

Actief bezig met verschillende projecten waaronder in De Ooi, het NIP, Bespaarhulp aan Huis.

•

Beperkte betrokkenheid op die moment; Kijkt en denkt wel mee met leden rondom (nieuwe) duurzaamheid en milieu regelgeving

•

Al bezig met verduurzamen, isoleren en toekomst klaar maken (geschikt voor verwarming op 50 graden) van hun woningbezit.

•

•

Niet betrokken.

•

•

Actief bezig om de elektriciteitsnet uit te breiden en aan te passen.

•

•

•

25

•

•

helpen in verduurzamen; Meedenken in het ontwikkelen van plannen. Sparringspartner bij het opstellen van plannen; Verbindende rol naar de lokale ondernemers die lid zijn.

besparen van energie.

•

Ze hebben een bestuurslid die gefocust is op duurzaamheid.

Verduurzamen van eigen bezit; Afstemmen over planning van infrastructuur met de gemeente. Alleen geïnformeerd blijven.

•

Vanuit huurders is er veel draagvlak voor toekomstbestendig isoleren.

Aangehaakt zijn en op de hoogte blijven van ontwikkelingen rondom warmte oplossingen.

•

•

Bijlage 3: Uitkomsten warmteateliers Woningeigenaren Onderwerp

Subgroep

Input

Te betrekken stakeholders Algemeen Liander Particuliere eigenaren/verhuurders Energieloket Achterhoek Monumenteneigenaren Monumentenvereniging andere gemeenten met monumenten adviseurs en verenigingen gespecialiseerde bouwbedrijven (Claus in Doesburg en De Vries in Hummelo) RCE (rijksdienst cultureel erfgoed) Provincie Nationaal Restauratie Fonds De Ooi Woningcorporatie Bewonersadviseurs vanuit gemeente Gespikkeld bezit --> sparren met WIJ en AEL en gemeente Inwoners en koplopers NIP Energiecoach NIP loket Maatschappelijke partijen Overige Vereniging Eigen Huis Energie coaches mbt besparing 26

Aanbieders en aannemers van warmtepompen etc. Makelaars Installateurs

Kansen & risico's Algemeen Onoverzichtelijk en veranderlijk (welke subsidies, maatregelen, etc.) Overbezet netwerk Goede communicatie Vergrijzing Tijd en capaciteit Monumenteneigenaren Voorlichting en best-practises Bezien in combinatie met woningsplitsingen Regionale en nationale benadering samenwerking monumenten Verduurzamen bij verbouwen Isoleren schil / subsidies ondeskundig isoleren vochtprobleem oudere eigenaren geven geen prioriteit kosten/baten wet en regelgeving aanknopingspunten in Woonzorgwelzijnsvisie Ontzorging door specialisten Oud glas vs. HR++ glas Geen prioriteit voor WIJ De Ooi Geld is beschikbaar Stapelen en naast elkaar gebruik subsidie --> groot deel van de kosten financierbaar Gespikkeld bezit moeilijk 27

Participatie en veel subsidie intensive benadering Lage inkomens, energiearmoede Project uitbreiden naar de andere wijken en binnenstad NIP Onverschilligheid Laag inkomen, geen investeringsmogelijkheden Onbekendheid Andere "zorgen" Inzicht in kosten en partijen die isoleren Stapelen subsidie --> groot deel van de kosten financierbaar Overige Hybride warmtepomp vanaf label B Er is nu subsidie om te investeren Er is gezamenlijke winst mogelijk (eigenaar en gemeente) betrekken bij plannen aardgasvrij voorbeeldrol participatie wijk/buurt niet pushen dat ze van het gas af moeten meeliften met projecten van WIJ (bij gespikkeld bezit) Verder met verduurzamen en blijven stimuleren Gebruik maken van momentum bij woningeigenaar

Hoe benader je de doelgroep? (communicatie & participatie) Algemeen Ouderen moeilijker om mee te krijgen --> focus op wooncomfort Monumenteneigenaren Via monumentenvereniging Doesburg voorbeelden communiceren van andere verduurzaamde monumenten 28

Specifieke aanpak voor monumenten per woningeigenaar en daarna breder; persoonlijk bieden van maatwerk en betrekken in samenwerking Bijeenkomsten en lezingen De Ooi Maatwerk 1 op 1 Begrijpelijkheid voor bewoners NU subsidie, straks zelf betalen Ambassadeurs, bewoners die al verduurzaamd hebben voordelen laten uitdragen, mond-tot-mond reclame Momenteel gebeurd dit al via de gemeente en via bewonersadviseurs NIP Promotieaanpak via diverse kanalen: brieven, video's bijeenkomsten, ambassadeurs Veel en vaak communiceren --> herhalen! Wet natuur bescherming --> hoe leg je dat uit? Monitor publieke Overige Media Samenwerken met Energieloket Achterhoek Inzet buurtgenoten die al verduurzaamd hebben (ambassadeursrol?) Gericht per doelgroep benaderen Herhalen, herhalen en herhalen op verschillende manieren Per buurt of woningtype Laagdrempelig en redelijk vrijblijvend Verbinding creëren door aandacht en rolgeving van wantrouwen naar vertrouwen (consistentie)

Mogelijke acties Monumenten eigenaren 29

Koppelen aan bestaande evenementen zoals open monumenten dag Quick Wins formuleren Samenwerking ODRA en gemeente 1) inventarisatie mogelijkheden en behoeften 2) breder trekken met betrokken partijen 3) plan van aanpak 4) uitvoeren en evalueren Ontzorging door specialist met begeleiding offerte aanvraag en subsidie kennisbank en voorlichting De Ooi Bijeenkomsten Huiskamergesprekken Intensief ondersteunen Koppelen acties Voorbeelden laten zien bv. hoe gasloos (kan ook woco woning zijn) NIP Continue publiciteitscampagne (markten, regiobode, infopunten) AEL is al actief bezig met het NIP Overige Langjarig subsidietraject met ondersteuning Publicatie over aantal huizen verduurzaamd Woonlastenbenadering (expertise inhuren) Hybride warmtepomp 'verstrekken' Buurtgenoten ervaringen laten delen Hulp bij uitruimen wanneer ook in de woning wat moet gebeuren benaderen via bijeenkomst mee laten doen met huidige plannen acties zoals een warmtewandeling

30

Woningcorporatie Onderwerp

Input

Te betrekken stakeholders Netbeheerder Huurders en huurdersvereniging Wijkraden WIJ Energieloket Achterhoek voor gespikkeld bezit

Kansen & risico's Samen optrekken met particuliere eigenaren Meer woningen toevoegen met nog betere labels Energieloket Achterhoek kan coach langs laten gaan over invloed gedrag (vergroot betrokkenheid huurders) Structurele aanpak energiearmoede

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=92cd918e-b966-470f-bdb9-b7cd30dfc49f