CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8b Programmabegroting 2026-2029 Duiven

Gemeenteraad 2 juli 2026, gemeente DoesburgBij agendapunt: Initiatiefvoorstel Stadspartij Doesburg: De Liemers-Coalitie39.215 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

4 alinea's met “breed”: 64 143 150 166

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

71

• Financieel kapitaal • Geproduceerd kapitaal • Intellectueel kapitaal • Menselijk kapitaal • Sociaal relationeel kapitaal • Natuurlijk kapitaal In 2050 moet de grond -weg en waterbouw circulair zijn. Binnen programma duurzaamheid zijn lijnen uitgezet om dit doel te bereiken. Circulariteit en duurzaamheid worden daarom nu al meegenomen in aanbestedingen. Wegen Beleidskader Binnen het beleidskader IBOR is het onderhoudsniveau voor wegen vastgesteld op niveau B conform de CROW systematiek (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Wateren Wegenbouw en de Verkeerstechniek). Bij de bezuinigingen in 2024 heeft de gemeenteraad besloten om de elementverharding op onderhoudsniveau C te gaan onderhouden. In het centrum blijft het onderhoudsniveau B. In de gemeentebegroting zijn gelden beschikbaar gesteld voor wegen en civiele kunstwerken, waaronder een ‘voorziening onderhoud wegen’. Het groot onderhoud voor wegen en civiele kunstwerken wordt hieruit gedekt. Een voorziening mag volgens de regels de eerstvolgende 10 jaar niet negatief worden. Uitvoering wegonderhoud Onderhoud wordt uitgevoerd als de kwaliteit onder het minimale niveau is gekomen. Om het jaar wordt daarvoor een weginspectie uitgevoerd op alle verhardingen. De laatste weginspectie is in 2025 uitgevoerd. De geïnspecteerde verhardingen worden in beheersysteem BrutIS bijgehouden en verwerkt.

Het groot onderhoud wordt, na toetsing en afstemming, uitgevoerd in het jaar dat daarvoor is aangegeven. Klein onderhoud dat tijdens reguliere inspecties wordt geconstateerd, wordt in principe binnen hetzelfde kalenderjaar opgepakt. Meldingen via Fixi, het Klant Contact Centrum (KCC) of door eigen waarneming worden waar mogelijk en noodzakelijk ook zo snel mogelijk opgepakt. Naast het uitvoeren van klein en groot onderhoud zal er een verschuiving optreden naar vervanging. Dit komt vooral voort uit ouderdom en onvoldoende kwaliteit.Groot onderhoud wordt integraal afgestemd met de andere disciplines als groen, riool, verkeer en ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de energietransitie, de aanleg van glasvezel en de woningbouwopgave. Vervangingen worden aan de gemeenteraad aangedragen en vastgesteld in de gemeentelijke begroting cyclus. In 2026 starten we met de uitvoering van een nieuw contract voor meerjarenonderhoud van de elmentenverharding. Eind 2025 is de aanbesteding daarvan. De betrouwbaarheid van de gegevens die uit het beheersysteem BrutIS komen staat onder druk. Daarom is eind 2025 gestart met de aanbesteding van een nieuw beheerpakket. In het voorjaar van 2026 kunnen we op basis van de uitkomsten van het nieuwe beheerpakket uitvoering geven aan het groot onderhoud van de verhardingen en nieuw prognoses maken voor de komende jaren.

Na de laatste inspectie en het lagere onderhoudsniveau als uitgangspunt, is de naderende onderhoudsgolf opgeschoven en lager maar grilliger geworden. Dit blijft een punt van aandacht. In verband met de financiering vanuit een voorziening die niet negatief mag worden is het belangrijk hier goed sturing aan te geven. Onder gelijkblijvend beleid is dit voor de komende 10 jaar geen probleem.

72

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

De inspectie en schouw van de kunstwerken gaat volgens een inspectieplan. Een houten brug wordt afwisselend om het jaar geschouwd of geïnspecteerd. Voor beton, staal en overige is dit 1 keer per 3 jaar. De inspectie of schouw van het begrotingsjaar bepaalt het noodzakelijke onderhoud voor de jaren tot de volgende inspectie, en dat wordt ook uitgevoerd. Voor de latere jaren is het onderhoud berekend. Bij de inspectie wordt per hoofdonderdeel de schade in beeld gebracht. Per schade wordt een herstel advies gegeven. Dit kan ook een renovatie of vervanging zijn als daar aanleiding toe is. Indien nodig volgt nader onderzoek. Kwaliteitsniveau verhardingen en kunstwerken Bij de inspectie in 2025 is een lichte verbetering geconstateerd in de kwaliteit van het asfalt. Het benodigde onderhoud aan verhardingen die aangelegd zijn in de groeikernperiode neemt wel toe. Daarnaast zorgen de afwisselende periodes van lang aanhoudende droogte en erge natte periodes voor beweging in de klei ondergrond. Hierdoor treedt schade op aan de asfaltwegen (scheuren). Het is belangrijk asfalt op redelijk niveau (B) te houden om kapitaalvernietiging te voorkomen. De kwaliteit van de elementen verharding is iets gedaald ten opzichte van de vorige inspectie. Dat is in lijn met het gedaalde onderhoudsniveau C.

Uitdaging hierbij is om te voorkomen dat door het opschuiven van onderhoud, in de nabije toekomst een grote onderhoudsopgave ontstaat die lastig te plannen en uit te voeren is. Het aangetroffen kwaliteitsniveau van de civiele kunstwerken kwaliteitsniveau voldoet aan de verwachtingen en de leeftijd van het areaal. Voorziening onderhoud wegen Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2026 13.724 2.214 861 15.077

2027 15.077 2.241 985 16.332

2028 16.332 2.250 975 17.607

2029 17.607 2.295 5.008 14.894

Bedragen x € 1.000

Riolering, gemalen en randvoorzieningen, water Riolering, gemalen en randvoorzieningen, water Beleidskader De gemeenteraad heeft in 2022 het Watertakenplan 2022–2026 vastgesteld. Dit plan vormt het centrale beleidsdocument voor het beheer en onderhoud van zowel het riolering- als watersysteem. Het bevat beleidsdoelen, uitvoeringsrichtlijnen en een financiële onderbouwing. Het Watertakenplan is tevens ingebed in het bredere beleidskader van het Integraal Beleid Openbare Ruimte (IBOR). Naast het Watertakenplan zijn in 2022 ook de volgende beleidsstukken vastgesteld: • Het uitvoeringsprogramma DPRA (Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie), • De rioolaansluitverordening, • De hemelwaterverordening. Deze documenten zijn opgesteld in samenwerking met de Liemerse gemeenten en het Waterschap Rijn en IJssel. De bekostiging van het uitvoeringsprogramma DPRA is opgenomen in het Watertakenplan.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

73

In 2026 starten we met het opstellen van een nieuw Watertakenplan. We zijn voornemens om hierin ook het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie op te nemen. Naar verwachting wordt dit nieuwe plan in 2027 ter vaststelling aan de raad aangeboden Uitvoering Riolering, gemalen en randvoorzieningen; In 2025 zijn er nieuwe beheerscontracten opgesteld omtrent het reinigen en inspecteren van vrijvervalriolen, kolken en lijngoten. Uit het onderzoek naar de kwaliteit van de zuiverende voorzieningen uit 2025 is gebleken dat alle voorzieningen voldoende goed zijn waardoor grote maatregelen niet nodig zijn Water: Om de gevolgen van droogte structureel aan te pakken, zijn in 2023 een feitenrelaas en een handelingsperspectief opgesteld. Deze vormen de basis voor concrete maatregelen. De uitwerking hiervan is gestart in 2024 en zal ook in 2026 grotendeels worden voortgezet. • Het feitenrelaas beschrijft de huidige situatie rondom droogte, inclusief oorzaken, gevolgen en trends. • Het handelingsperspectief biedt handelingsopties en maatregelen, inclusief verantwoordelijkheden, kosten en prioriteiten. Voorziening Riolering artikel 44 lid 2 BBV Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2026

2027

2028

2029

12.682 0 40 12.641

12.641 0 17 12.624

12.624 0 50 12.574

12.574 0 50 12.524

2026 124 124

2027 136 136

2028 195 195

2029 200 200

Bedragen x € 1.000 water Voorcalculaties Totaal Bedragen x € 1.000

Onderhoud groen Beleidskader Binnen het beleidskader IBOR is het onderhoudsniveau voor groen vastgesteld op niveau B conform de CROW systematiek. Op de A-locaties, zoals het centrum en de begraafplaats is dit niveau A voor reiniging en groenonderhoud. In 2025 heeft de Raad met de maatregelen een taakstellende bezuiniging van € 100.000 voor groen en groen gerelateerde taken zoals vegen en onkruidbestrijding vastgesteld. Om deze bezuiniging te halen wordt vanaf 2026 het kwaliteitsniveau op met name het onderdeel groen naar beneden bijgesteld. Het uitvoeringskader voor de kap van bomen staat los van het IBOR. De kapvergunning is in 2012 afgeschaft. Bomen mogen dus zonder vergunning op eigen terrein worden gekapt. Voor de gemeentelijke bomen hanteren we als uitgangspunt dat we gezonde bomen niet kappen. Dit staat op gespannen voet met individuele wensen van inwoners die overlast ervaren. Invasieve soorten; Binnen de gemeentegrenzen zijn zowel de Japanse duizendknoop als de reuzenberenklauw aangetroffen. Naar aanleiding van EU verordening ‘Invasieve Uitheemse Soorten’ 1143/2014 is de gemeente wettelijk verplicht gesteld in te grijpen bij het aantreffen van invasieve exoten om verdere verspreiding te voorkomen.

74

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

Wet Natuurbescherming; We werken conform de wet Natuurbescherming (Wnb). Deze wet beschermt de dieren en planten in Nederland en hun leefgebied. Uitvoering Naast het creëren van een veilige aantrekkelijke en groene leefomgeving ligt het zwaartepunt bij het groenbeheer steeds meer op de maatschappelijke opgaven die we hebben in relatie tot vergroenen, klimaatadaptatie, ecosysteemdiensten en biodiversiteit. Groen; De prijzen in de groenbranche zijn fors gestegen door onder andere gebrek aan personeel bij de aannemers en het groeizame weer van de afgelopen jaren. In de VJN is deze prijsstijging aangegeven. Zowel deze prijsstijging als de bezuiniging van €100.000 uit de voorjaarsnota 2025 zijn doorgevoerd in de begroting. In 2025 is het onderhoud nog op het vastgestelde kwaliteitsniveau uit het IBOR uitgevoerd. De bezuiniging wordt vanaf 2026 vooral zichtbaar door meer onkruid in de openbare ruimte, zowel in de plantvakken als rondom obstakels. Door de bijdrage in het kader van de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid van Single Use Plastics, worden de prijsstijgingen gecompenseerd en hoeven we niet te bezuinigen op werkzaamheden omtrent zwerfvuil. In verband met de oplevering van het laatste deel van de wijken Westreenen, Hof van Welleveld (Duiven) en de wijk Onder de Toren (Groessen), is het areaal openbaar groen verder uitgebreid. De extra beheerkosten hiervoor zijn begroot op € 27.500.

In 2024 is een kwaliteitsschouw uitgevoerd. Hieruit blijkt dat de plantvakken niet overal voldoen aan het vastgestelde kwaliteitsniveau B. Door de bezuinigingen is echter het kwaliteitsniveau ook op onderdelen naar beneden bijgesteld waardoor er minder snel gerenoveerd hoeft te worden. De kwaliteit van zowel het onderhoud als van het plantvak zelf wordt dus minder. Bij eventuele renovaties wordt gezocht naar integraliteit met overige vakgebieden in de openbare ruimte. De invasieve soorten in onze gemeente worden beheerst conform het opgestelde plan van aanpak. De bestrijdingsmethode wordt afgestemd op de omvang van de exoten. We maken geen gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Jaarlijks wordt de voortgang gemonitord. Vooralsnog is er geen sprake van grootschalige uitbreiding van invasieve exoten, zoals Duizendknoop en Reuzenberenklauw.. Bomen; Voor het beheer van bomen wordt het Handboek Bomen van het Norminstituut Bomen gehanteerd. Dit handboek bevat kwaliteitseisen, richtlijnen en normen die van toepassing zijn op de uitvoering van werkzaamheden aan bomen. Jaarlijks wordt één derde van het boomareaal geïnspecteerd op veiligheid en gebreken. Het boomareaal veroudert, wat leidt tot stijgende onderhoudskosten, vooral bij bomen in woonstraten.

Het behoud van met name grote bomen blijft essentieel vanwege hun waardevolle bijdrage aan verkoeling, biodiversiteit en andere ecosysteemdiensten. Het in stand houden van deze bomen brengt regelmatig extra kosten met zich mee, zoals voor specialistisch onderzoek, het toevoegen van voedingsstoffen en het treffen van maatregelen tegen wortelopdruk. Daarnaast is het aantal bomen toegenomen door klimaatadaptieve maatregelen. Het is de verwachting dat de kosten de komende jaren gaan stijgen. Bermen en sloten; Het maaien van bermen en het korven van de sloten is begin 2023 aanbesteed waarbij ingezet is op het creëren van meer biodiversiteit. Er wordt verschraald door te maaien en zuigen. En ook is de frequentie teruggebracht. In 2024 is ook het overige deel van het areaal opnieuw aanbesteed. Dit deel werd voorheen in eigen beheer gemaaid. Mede door meer biodivers maaibeheer en de prijsstijgingen zijn de kosten hoger geworden. In de maand mei maait de gemeente alleen daar waar nodig in verband met de verkeersveiligheid. In deze maand is een bloeiende berm extra belangrijk voor de insecten.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

75

Buitensportterreinen; Voor het onderhoud van de buitensportvelden is vanaf 2027 een taakstellende bezuiniging van 10% opgenomen. Dit betekent dat verenigingen meer onderhoudswerkzaamheden zelf moeten uitvoeren. In 2026 gaat de gemeente samen met de verenigingen aan de slag om deze bezuiniging vorm te geven, ondanks de specialistische aard van het werk en het afnemende aantal beschikbare vrijwilligers. Eind 2025 wordt het onderhoud van de sportvelden opnieuw aanbesteed. De verwachte kostenstijging is opgenomen in de Voorjaarsnota (VJN) en verwerkt in de begroting. Daarnaast wordt een mogelijke samenwerking door de oprichting van een Liemers sportbedrijf verkend. Speelterreinen; De afgelopen jaren is een achterstand ontstaan in het beheer en vervanging van de speeltuinen. Vervanging werd alleen opgepakt als daar een initiatief vanuit de samenleving voor kwam. De werkwijze kwam voort uit een besluit uit 2018 dat inwoners meer 'in de lead' wilde zetten. Om het speelaanbod te borgen is een andere werkwijze noodzakelijk. De vernieuwde werkwijze staat omschreven het strategische beheerplan spelen dat naar verwachting eind 2025 door het college wordt vastgesteld. Onderdeel hiervan is ook een financiële vertaling. Op dit moment ligt de focus met name op het veilig houden van de speeltoestellen. Indien noodzakelijk worden er speeltoestellen verwijderd. onderhoud groen Voorcalculaties Totaal

2026 2.102 2.102

2027 2.086 2.086

2028 2.191 2.191

2029 2.301 2.301

Bedragen x € 1.000

Onderhoud gebouwen Beleidskader Op het moment dat deze begroting wordt gemaakt wordt ook gewerkt aan de Nota Vastgoedbeleid Maatschappelijk Vastgoed 2026 - 2040. Enkele speerpunten worden hierna opgenomen. Missie Met eigen, gehuurd, verhuurd of verpacht maatschappelijk vastgoed en gronden geeft de gemeente vanuit 1Stroom professioneel en efficiënt invulling aan huisvestingsvraagstukken met een (sterk) maatschappelijk karakter en vanuit het algemeen belang voor de gemeente Duiven. Waar in verzamelgebouwen commercieel vastgoed aanwezig is wordt deze ook commercieel benaderd en weggezet. Visie Het vastgoed waarvan 1Stroom voor de gemeente Duiven het vastgoedmanagement verzorgt past precies bij de behoefte van de gebruikers. Iedereen is welkom en daarom zorgt de gemeente voor toegankelijke gebouwen, daarbij is de functionele en technische kwaliteit van het vastgoed op orde, gaat de gemeente voor veilige en energiezuinige gebouwen en waar mogelijk invulling aan klimaatadaptatie en circulariteit. Doelstellingen De beschikbaarheid van vastgoed, of dat nu is door eigenaarschap of bijvoorbeeld via huur, is altijd faciliterend van karakter en is noodzakelijk om taken van de gemeente uit te voeren of om beleid effectief en/of efficiënt te kunnen realiseren. Het hebben van vastgoed dient dus bij te dragen aan taken en doelstellingen van de gemeente waar de markt dit niet oppakt.

We onderkennen hieronder gecategoriseerd 4 doelstellingen: • Dat kan zijn om de eigen organisatie huisvesting te bieden of om de buitendienst onder te brengen (vastgoed voor eigen huisvesting).

76

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

• Het kan ook betreffen voorzieningen in het maatschappelijk domein zoals buurthuizen, scholen voor het primair en voortgezet onderwijs inclusief integrale kindcentra (IKC’s), multifunctionele accommodaties (MFA’s) of sportaccommodaties (maatschappelijk vastgoed). • Een andere categorie wordt gevormd door objecten met een strategische ligging voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen of waar tijdelijk gebruik plaatsvindt in afwachting van definitieve invulling (herontwikkelingsvastgoed). • Tot slot is er een restcategorie, waaronder begraafplaatsen en gebouwde voorzieningen in de openbare ruimte (overig vastgoed). Deze gezamenlijke 4 categorieën van beleidsondersteunend vastgoed vormen de kernportefeuille en hebben een functie in de realisatie van gemeentelijk beleid. Met het nieuwe beleid legt de gemeente vast hoe we de maatschappelijke vraag (vanuit de verschillende beleidsvelden) beantwoorden en met welke juridische en financiële randvoorwaarden. Omdat de paragraaf kapitaalgoederen de enige plek is waarover we over de gehele portefeuille kunnen schrijven benoemen we hier het onderhoud en ook de investeringen die gevoteerd zijn. Meerjarig onderhoudsplan (MJOP) bestaand vastgoed Voor het MJOP (beheerplan) stelt de gemeente voor om te werken met de NEN 2767 normen in combinatie met de RVB BOEI methodiek.

Daarbij sturen we op sober en doelmatig onderhoud waarbij het uitgangspunt is Conditie 3, een Redelijke Onderhoudsconditie waarbij ernstige en serieuze gebreken zijn uitgesloten en waarbij ook vanuit een Aspect Prioriteiten matrix wordt gewerkt waarin Veiligheid, Gezondheid en Bruikbaarheid meewegen in de risicobenadering. In het onderhoudsplan wordt 10 jaar vooruit gekeken. Huisvestingsplannen en investeringen In het vastgoedbeleid schrijven we ook op dat het wenselijk is te werken met strategische huisvestingsplannen waarvoor beter zicht nodig is op herinvestering en renovatie momenten. Het is ook nodig dat er voor renovatie na bijvoorbeeld 25 jaar geld wordt gereserveerd. Met renovatie geeft de gemeente een kwaliteitsverbetering en met onderhoud houden we in stand tot het moment van renovatie. Voor strategische huisvestingsplannen wordt momenteel het integraal huisvestingsplan (IHP) onderwijshuisvesting en het integraal accommodatiebeleid (IAB) opgestart. Voor nu beperken zich de investeringen op het energetisch verduurzamen van het vastgoed zodat deze voldoet aan de energie-bespaarplicht en ook omdat het minder energielasten oplevert. Ook benoemt de gemeente de stand van zaken met betrekking tot het lopende IHPonderwijshuisvesting. Duurzaamheidsmaatregelen Erkende maatregelen zijn maatregelen die de gemeente Duiven moet nemen vanuit het activiteitenbesluit wet milieubeheer.

Hierna de lijst, enkele voorbeelden: • Na-isolatie gevel en dak • Vervangen dubbel glas voor HR++ glas • Isoleren leidingen installaties • Realiseren warmteterugwinning • Optimalisatie fases elektriciteit o.a. plaatsing een condensatorbatterij(en) om blindstroom te elimineren Bij de vaststelling van de meerjarenbegroting 2025-2028 zijn de kredieten voor voornoemde maatregelen per pand gevoteerd. De projecten worden momenteel uitgevoerd. Projecten uit het IHP Onderwijshuisvesting Vanuit het IHP Onderwijshuisvesting 2018 zijn de laatste projecten in afronding of afgerond. Denk aan IKC Remigius en het project Frisse Scholen.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 3 Onderhoud Kapitaalgoederen

77

In het najaar van 2024 is er gestart met een actualisatieproces van het IHP om in 2025 weer een nieuw ijkpunt te kunnen vaststellen. De verwachting is dat het herijkte IHP eerste helft van 2026 ter besluitvorming in de Raad komt. Het gaat daarbij om zowel een IHP Basisonderwijs als een regionaal IHP Voortgezet Onderwijs Uitvoering onderhoud Uitvoeringsprogramma MJOP 2026-2029 Onderstaande voorzieningen volgen op basis van de eerder genoemde NEN2767 inspectie om de gebouwen op conditie 3 (sober en doelmatig onderhoudsniveau) te houden. Uit de inspecties volgde een actueel beeld op benodigde middelen voor onderhoud. Onderhoud voorkomt ook kapitaalverlies. Voorziening onderhoud gebouwen Algemene accommodaties 2026 378.174 103.865 64.354 417.685

Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2027 417.685 103.865 318.362 203.188

2028 203.188 103.865 96.370 210.683

2028 210.683 103.865 113.043 201.505

2027 717.911 89.802 216.057 591.656

2028 591.656 89.802 41.188 640.270

2029 640.270 89.802 40.451 689.622

2027 1.628.614 139.210 309.986 1.457.838

2028 1.457.838 139.210 316.920 1.284.408

2029 1.284.408 139.210 7.087 1.416.531

2027 258.933 182.000 99.403 341.530

2028 341.530 182.000 99.610 423.920

2029 423.920 182.000 318.282 287.638

Voorziening onderhoud gebouwen Culturele accommodaties 2026 739.690 89.802 111.581 717.911

Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

Voorziening onderhoud gebouwen Sportaccommodaties

Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2026 1.658.724 139.210 169.320 1.628.614

Voorziening onderhoud gebouwen pand VCD

Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2026 152.014 182.000 75.081 258.933

Paragraaf 4 Financiering Inleiding Het streven is naar de optimale financiering van de inkomsten en uitgaven van de gemeente Duiven op korte en lange termijn. Om deze treasuryfunctie goed uit te voeren, wordt er gekeken

78

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 4 Financiering

naar de meerjarige liquiditeitsontwikkeling van de gemeente en de renteontwikkelingen op de gelden kapitaalmarkt in Nederland. De treasuryfunctie wordt uitgevoerd binnen de normen van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden), de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën) en het treasurystatuut van de gemeente Duiven vastgesteld in 2016. Doelstellingen Bij de begroting wordt afgewogen welke investeringen er op korte en lange termijn moeten plaatsvinden. Het is vervolgens de taak om deze investeringen conform de kaders te financieren. We beperken ons tot de publieke taak en hanteren hierbij de volgende doelstellingen: • Er is voldoende financiering op de korte en lange termijn; zodoende is er altijd geld om aan onze betaalverplichting te voldoen. • De risico’s die aan financiële transacties verbonden zijn worden beheerst en beperkt; het betreft het renterisico, het koersrisico en het debiteuren-/crediteurenrisico. • De rentekosten van de leningen worden zoveel mogelijk beperkt. • De interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities worden zoveel mogelijk beperkt. Rentevisie De verwachting is dat de rente in 2026 nog langzaam zal gaan dalen als gevolg van afnemende inflatie in Europa en verdere renteverlagingen door de ECB. Ook speelt de stabilisatie van de economische groei na de recessieperiode 2024-2025 hierbij een rol.

Vanaf 2027 is het onzeker over de ontwikkeling van de rente vanwege o.a. De import heffingen Verenigde Staten en de verdere ontwikkelingen in de wereld.

Renterisico’s De specifieke risico’s die samenhangen met de uitvoering van de treasuryfunctie bestaan voornamelijk uit renterisico’s, die worden getoetst aan twee normen. Dit zijn: • De kasgeldlimiet. Deze geeft het maximale bedrag aan dat een gemeente aan vlottende financieringsmiddelen (looptijd korter dan een jaar) mag opnemen.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 4 Financiering

79

• De renterisiconorm. Hiermee wordt het renterisico op de vaste schuld in beeld gebracht (looptijd vanaf een jaar). Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een bovengrens aan de toegestane omvang van de kortlopende schuld (looptijd korter dan een jaar). Reden hiervoor is dat een korte schuldpositie een potentieel renterisico in zich bergt, omdat rentestijgingen direct doorwerken in de rentelasten. Het is dan ook van belang dat de grote fluctuaties van de rentelasten op de korte financiering gedurende het begrotingsjaar beheerst worden. Hiervoor is een goede liquiditeitsprognose voor de korte en lange termijn noodzakelijk. Voor structurele liquiditeitstekorten is financiering met geldleningen met een looptijd langer dan een jaar de aangewezen oplossing. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van de jaarbegroting (8,5%) en geldt voor het gehele begrotingsjaar. Berekening kasgeldlimiet Omvang begroting (x € 1.000) Toegestane kasgeldlimiet in % Toegestane kasgeldlimiet in € 1.000

2026 87.500 8,5 7.4

2027 82.480 8,5 7.0

2028 81.389 8,5 6.9

2029 81.486 8,5 6.9

De berekende kasgeldlimiet wordt periodiek getoetst aan de werkelijke omvang van het kasgeld. Op basis van de liquiditeitsprognoses wordt bepaald of er kort of lang geld aangetrokken moet worden voor een bepaalde looptijd, rekening houdend met de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Voor de gemeente Duiven betekent dit dat er gemiddeld in 2025 in een kwartaal voor € 7.437.000 geleend mag worden met kort geld. Kort geld is geld geleend voor een periode van een jaar of korter. Het is financieel vaak gunstiger om zoveel mogelijk van kortgeld gebruik te maken. Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente voor de rentelasten. Aanpassing van de rentepercentages doet zich voor bij herfinancieren en renteherziening. Dit gebeurt door het aanbrengen van spreiding in de looptijden van de leningen. Hiermee wordt voorkomen dat een groot deel van de leningen tegelijkertijd opnieuw moet worden afgesloten, met het risico van snel oplopende rentelasten. De renterisiconorm wordt ook berekend door een percentage van 20 te nemen van de jaarbegroting. Berekening renterisiconorm Omvang begroting (x € 1.000) Renterisiconorm in % Renterisiconorm in € 1.000

2026 87.500 20 17.5

2027 82.480 20 16.5

2028 81.389 20 16.3

2029 81.486 20 16.3

Uit dit overzicht blijkt dat de gemeente in 2026 tot € 16.427.000 opnieuw aan leningen mogen afsluiten zonder de renterisiconorm te passeren. De liquiditeitsprognose 2026-2029 geeft aan dat de gemeente Duiven in de jaren 2025 tot en met 2028 geen extra geld nodig heeft. Wet Schatkistbankieren Medio december 2013 heeft de Eerste Kamer de Wet Schatkistbankieren aangenomen. De wet verplicht decentrale overheden om overtollige middelen onder te brengen in ’s Rijks schatkist. Vanaf 1-7-2021 is het drempelbedrag verhoogd naar 2% van de begroting, met een minimumbedrag van € 1 miljoen. Voor Duiven gaat het om een drempelbedrag van € 1.755.000 voor 2026. 2% van € 87.500.000.

80

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 4 Financiering

Renteschema 2026 a. b.

c1. c2. c3.

d1. d2. e. f.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rente baten van hypotheken De externe rente baten van Schatkistbankieren Saldo rentelasten en rentebaten Rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend (Voorgezet onderwijs Candea) De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Saldo Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag 0,00%) Rente resultaat

354.895 -60.000 0 294.895 0 -596.442 0

-301.547 0 302.145 --598 0 -598

Het negatieve bedrag geeft aan dat het een voordeel is als resultaat op de rente 2025 Kredietrisico Garantiestellingen Naast bovengenoemd renterisico wordt door de gemeente ook kredietrisico gelopen op de uitgeleende gelden en de aan plaatselijke verenigingen en instellingen in het kader van de publieke taak gegarandeerde geldleningen. Het kredietrisico betreft het risico dat de leningen niet worden terugbetaald. In totaal heeft de gemeente aan leningen gegarandeerd met een schuldrest per 1 januari 2025 van € 24.282.304. Voor € 47.936.000 is gegarandeerd aan de Woonstichting Vivare, Stichting Vestia en de Woonzorg Nederland. Hier kan de gemeente Duiven voor maximaal 50% aangesproken worden omdat deze via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw lopen. Voor het restant van € 314.304 staat de gemeente Duiven garant voor leningen aan sport en culturele verenigingen in Duiven. Verstrekte leningen De gemeente Duiven loopt risico op de verstrekte geldleningen. Op 1 januari 2025 was het saldo van de verstrekte hypotheken aan ambtenaren € 2.049.320. Het saldo van de lening aan de Kredietbank Leeuwarden bedraagt per 1-1-2024 € 350.000 en de verstrekte lening voor starters op de woningmarkt aan het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting € 107.970. Het saldo van de kapitaalverstrekking aan Alliander bedraagt per 1-1-2025 nog steeds € 670.870.

Interne financiering Per 1-1-2025 is het totaal aan reserves en voorzieningen € 78,7 miljoen. Dit is inclusief het saldo van 2024 van € 449.687 Alleen aan de voorzieningen GOG en Raweb wordt nog 2% rente toegerekend. Voor 2024 gaat er om een totaal bedrag aan rente van € 280.163. Liquiditeit Om te komen tot een goede en effectieve financiering voor de gemeente Duiven voor de korte en lange termijn is een goede en volledige liquiditeitsprognose noodzakelijk. Daarvoor moet rekening worden gehouden met: beginstanden banken, inkomsten en uitgaven grondexploitatie, aflossingen van geldleningen, planning investeringen en de inkomsten en uitgaven uit de reserves en voorzieningen. Hieronder staat de liquiditeitsprognose voor de komende periode 2026-2029 weergegeven.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 4 Financiering

81

Cumulatieve liquiditeitsprognose Totaal Saldo voorgaand jaar Cumulatief te verwachten overschot aan financierings middelen:

2025 2026 -4.252 -16.853 -4.252 -4.252 12.601

2027 -1.508 12.601 11.093

2028 --4.243 11.093 6.850

2029 -1.494 -6.850 5.355

Bedragen in € 1.000

Zoals de tabel aangeeft is er in 2025-2029 alleen behoefte aan extra financieringsmiddelen eind 2025. In 2026 is de verwachting dat er veel grond verkocht wordt op Centerpoort Noord 2 en Innofase. Debiteuren-/crediteurenbeheer De organisatie is erop gericht dat vorderingen tijdig, dus uiterlijk op de vervaldatum, worden geïnd. Wanneer dit niet wordt gerealiseerd, worden kort na de vervaldatum volgens een vaste procedure de nodige invorderingsmaatregelen genomen. Zogenaamde dubieuze debiteuren worden op basis van een kosten/baten-analyse en op juridische haalbaarheid beoordeeld waarna óf invordering via de gerechtsdeurwaarder plaatsvindt óf de vordering oninbaar wordt verklaard. Paragraaf 5 Bedrijfsvoering Inleiding De gemeente levert een scala aan producten. Om de levering van deze producten te garanderen, heeft de gemeente haar werk op een bepaalde wijze georganiseerd; de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering heeft betrekking op de totale gemeentelijke organisatie: zowel de ‘ambtelijke’ als de ‘bestuurlijke’. Onder bedrijfsvoering rekent de gemeente de inzet van (productie-)middelen en de toepassing van processen bij de totstandkoming van producten. De bedrijfsvoering is met ingang van 2018 ondergebracht in de werkorganisatie 1Stroom (een ambtelijk samenwerkingsverband van de gemeenten Duiven en Westervoort).

De bedrijfsvoeringsaspecten inzake ICT en Inkoop zijn ondergebracht in Samenwerking de Liemers (een ambtelijk samenwerkingsverband van de gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar).

82

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 5 Bedrijfsvoering

Financiën, doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid De interne regels met betrekking tot de financiële beheersing van de organisatie met de daarbij behorende verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn neergelegd in de verordeningen ex artikel 212, 213 en 213a van de Gemeentewet. De relevante instrumentaria behorende bij de planning en control zijn hierop afgestemd. Sedert het boekjaar 2023 dient het college een rechtmatigheidsverantwoording op te stellen. Het college legt met dit nieuwe instrument verantwoording af aan de Raad inzake naleving van wet- en regelgeving. Doel is met een bepaalde mate van zekerheid vast te stellen dat de financiële handelingen hebben plaatsgevonden binnen de kaders van wet- en regelgeving. De accountant geeft een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening. Daarmee geeft hij ook een oordeel over de getrouwheid van de rechtmatigheidsverklaring van het college. Hij doet dus ook onderzoek waar het college deze rechtmatigheidsverantwoording op heeft gebaseerd, Onderdeel van de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording zijn de uitkomsten van de interne controles die binnen de gemeente uitgevoerd worden om vast te stellen of wet- en regelgeving zijn nageleefd. Dit betekent dat de organisatie zelfstandig vaststelt of wordt voldaan aan het normenkader waarin relevante wet- en regelgeving is opgenomen.

Over de uitkomsten van de interne controles wordt gerapporteerd in de planning en control cyclus. Informatiebeleid Informatisering en de digitale samenleving Diverse wet- & regelgeving, zoals de "Wet open overheid", de “Wet modernisering elektronisch bestuur”, de “Wet digitale overheid” en het “Besluit digitale toegankelijkheid” nopen tot het voortdurend uitbreiden en vernieuwen van de digitale mogelijkheden en toepassingen voor inwoners. Het is niet de vraag of maar hoe de gemeente daarin moet meebewegen. Het beveiligen van informatie is essentieel voor het functioneren en de betrouwbaarheid van de gemeente. In de zomer van 2025 is heeft het openbaar Ministerie noodgedwongen de digitale infrastructuur offline moeten zetten. Dit was weer een voorbeeld van de kwetsbaarheid van de digitale infrastructuur. Het grootste risico voor de gemeente speelt met name rondom ransomware en trojan horses. Om goed in te kunnen blijven spelen op alle ontwikkelingen, uitdagingen en bedreigingen in relatie tot de toenemende afhankelijkheid van ICT-middelen is het te verwachten dat er structureel beduidend meer financiële middelen nodig blijven. In het licht van de financiële mogelijkheden is er gekozen voor het minimale scenario van de I&A-visie. Dit betekent dat met name op het vlak van innovatie geen investeringen mogelijk zijn en dat de ontwikkelingen op basisniveau liggen.

De ambities op de diverse beleidsterreinen zijn echter in de praktijk hoger. Wet Open Overheid (Woo) De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo is op 1 mei 2022 in werking getreden. Daarmee is de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervallen. Het grote verschil met de Wob is dat de Woo verplicht dat documenten in elf informatiecategorieën gefaseerd (5 jaar) actief openbaar worden gemaakt. In 2025 zal de implementatie van de Woo voortgang hebben, waarbij naast het actief publiceren van nieuwe informatiecategorieën, het op orde brengen van de informatiehuishouding, training en bewustwording van de medewerkers en bestuurders en tenslotte het verder optimaliseren van het afhandelen van Woo-verzoeken belangrijke doelstellingen zijn. Vervolg Toekomstvisie RID De RID is een verbetertraject gestart om klaar te zijn voor de toekomst. Dit naar aanleiding van de strategische sessies in 2022 en het rapport Toekomstvisie RID van M&I uit 2023. De daaruit volgende I&A-Visie en consequenties zijn in de gemeenteraad van april 2024 behandeld.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 5 Bedrijfsvoering

83

De I&A-Visie is goedgekeurd en de gemeenteraad heeft in de voorjaarsnota financiële middelen beschikbaar gesteld voor de basisvariant. Dit vormt nu het strategisch uitgangspunt van waaruit de gemeente de komende jaren verder zal werken. De invulling van de opdrachtgevende rol van de gemeente is in het integrale beeld meegenomen. In 2025 zal er in samenwerking met de gemeente Zevenaar per domein een informatiemanager worden aangesteld. Artificial Intelligence (AI) De komende jaren komt er vanuit de Digital Decade veel nieuwe Europese wet- en regelgeving op gemeenten af. Inmiddels is er een Europese AI-verordening van kracht die voor gemeenten verantwoordelijkheden meebrengt op het gebied van AI-gebruik. De gemeente volgt hierbij de handreikingen vanuit de VNG. Het ontbreken van voldoende aandacht en capaciteit op dit thema is niet meer houdbaar. In 2025 is een start gemaakt met AI-bewustzijn binnen de organisatie. Dit zal in 2026 een vervolg krijgen. AI zal – als we dit goed weten uit te rollen en in ons voordeel weten in te zetten – ons op termijn ook helpen om onze processen, werkzaamheden en dienstverlening efficiënter in te richten en een bijdrage leveren aan de oplossing ten aanzien van de toenemende krapte op de arbeidsmarkt. Datagedreven werken De gemeente ziet veel kansen in het verbeteren van inzichten in op basis van data.

We staan nog in de beginfase van het gebruik van data om resultaten, werkprocessen en maatschappelijke ontwikkelingen inzichtelijk te maken. Met de tijdelijk extra middelen zetten we in op het neerzetten van een datagedreven organisatie– zowel in plannen als infrastructuur – en aan concrete projecten van dashboards en sturingsinformatie. De eerste resultaten zijn al zichtbaar in de organisatie. Zo is de wachttijd voor een gehandicaptenparkeerkaart drastisch teruggebracht door verbeteringen in het proces aan te brengen op basis van een analyse van de in het proces beschikbare data. Ook passen we dataanalyses toe op de Fixi meldingen. E-depot De gemeente werkt steeds meer digitaal, wat leidt tot een groeiend aantal digitale archiefbescheiden. Net als voor fysieke bescheiden is de overheid verantwoordelijk om digitale permanent te bewaren bescheiden volgens de Archiefwet in “goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren”. Om aan de wet te voldoen heeft het Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg (SALD) samen met de gemeenten Westervoort, Duiven, Doesburg en Zevenaar het project e-depot gestart. Waar permanent te bewaren archiefbescheiden in analoge vorm worden overgedragen aan de archiefbewaarplaats, worden permanent te bewaren digitale archiefbescheiden overgedragen aan een zgn. e-depot. Het project e-depot wordt geleid door een externe projectleider.

Deze werkt niet alleen aan een helder proces rondom overbrenging van permanent te bewaren bescheiden, maar ziet ook kansen rondom uitplaatsing van tijdelijk te bewaren bescheiden. Dit wordt voor de gemeente uitgebreid onderzocht. Daarnaast is er een collectiebeheersysteem aangeschaft om de digitale bescheiden toegankelijk te maken voor iedereen. Informatiebeveiliging en Privacybescherming De gemeente beschikt over veel waardevolle, vertrouwelijke en (privacy)gevoelige gegevens. Het is belangrijk dat we deze gegevens goed beschermen. Onze bedrijfsvoering en dienstverlening is voor een zeer belangrijk deel afhankelijk van de beschikbaarheid van onze ICT-systemen en ICTinfrastructuur. Voor het bepalen van de prioritering van de maatregelen om blijvend te voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en de richtlijn Network and Information Security

84

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 5 Bedrijfsvoering

(NIS2) hanteren we naast het Dreigingsbeeld Informatiebeveiliging van de Nederlandse Gemeenten, het Cybersecuritybeeld Nederland van het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) en de aanbevelingen naar aanleiding van de cyberaanvallen op de gemeenten Lochem, Hof van Twente en Buren. Cybercrime is een internationaal probleem. Dit vraagstuk kunnen we dus niet op lokaal niveau oplossen. Waar we wel voortdurend aan werken, is het organiseren en verbeteren van de basismaatregelen om een cyberaanval, met ransomware als grootste dreiging, tegen te gaan en de mogelijke effecten van een cyberaanval te verminderen. Het is belangrijk om een goede combinatie te realiseren tussen preventie, detectie en respons. Maatregelingen (zowel technisch als organisatorisch) voor wat betreft de onderwerpen informatiebeveiliging en privacy zullen zich met name concentreren op de volgende onderwerpen: • Bewustwording (Awareness): Digitale veiligheid raakt ons allemaal. Daarom is het belangrijk dat zowel de bestuurders als de medewerkers structureel en periodiek geïnformeerd worden over de mogelijke risico’s over informatiebeveiliging en privacy. • Risicomanagement: Onze organisatie zal extra aandacht moeten besteden aan de informatiesystemen die cruciaal zijn voor het functioneren van de gemeentelijke- en maatschappelijke processen.

Door risico’s vroegtijdig te onderkennen en beheersmaatregelen te treffen, kunnen we onze weerbaarheid vergroten, beter inspelen op veranderingen en de kans op verstoringen of schade verkleinen. • Leveranciersmanagement en opdrachtgeverschap: Om onze organisatie weerbaar te houden verschuift het technisch complexe werk steeds meer richting leveranciers van ICT-diensten. We zijn verantwoordelijk voor de digitale risico’s ook bij onze leveranciers (ketenrisico’s). Dat vraagt een extra focus op het opdrachtgeverschap. • Bedrijfscontinuïteitsbeheer (BCM): Inrichting van het proces waarmee onze organisatie zich voorbereidt op verstoringen, zodat belangrijke bedrijfsactiviteiten kunnen doorgaan tijdens en na een crisis. Denk aan maatregelen bij stroomuitval, cyberaanvallen of pandemieën • Samen organiseren: Onze organisatie werkt voortdurend aan de versterking van de digitale weerbaarheid. We worden daarbij ondersteund voor de Informatiebeveiligingsdienst voor gemeenten, de IBD. De IBD heeft ook een coördinerende rol bij incidenten en is het expertisecentrum op het gebied van de digitale veiligheid voor gemeenten. • Oefenen: Onze organisatie moet voorbereid zijn op digitale incidenten en -crises. Deze reiken vaak verder dan alleen de gemeentelijke bedrijfsvoering.

Oefenen is daarom belangrijk, zodat onze organisatie in voorkomende gevallen veerkrachtig en daadkrachtig kan optreden in samenwerking met de ketenpartners. • Netwerksegmentering: Het netwerk wordt in meerdere zones verdeeld die apart beveiligd zijn om de gevolgen voor een aanval te beperken. Met Fase 2 van het project wordt gestart. • Monitoring en response: Het systeem voor monitoring en response wordt verder uitgebreid met SIEM/SOC, zodat de focus op detectie en actieve preventie van incidenten versterkt wordt. Paragraaf 6 Verbonden partijen Inleiding Verbonden partijen zijn gemeenschappelijke regelingen, stichtingen, verenigingen en vennootschappen waarin de gemeente Duiven een bestuurlijk en financieel belang heeft. Bestuurlijk belang Betreft zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Financieel belang Betreft een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat onderscheidelijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

85

de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bij deelname in een vennootschap betreft het financiële belang het bezit van aandelen en het ontvangen van bijbehorend dividend. De gemeente Duiven maakt binnen de verbonden partijen onderscheid tussen gemeenschappelijke regelingen en deelnemingen. De gemeenschappelijke regelingen bestaan uit publieke partijen die samenwerken, vaak op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) of Wgr-plus. In het algemeen geldt dat voor een gemeenschappelijke regeling wordt gekozen als een gemeente het voorgestane beleid niet zelf wenst uit te voeren, maar in samenwerking met andere gemeenten of instellingen. Bij deelnemingen heeft de gemeente een pakket van aandelen van een vennootschap in bezit. De deelname in het aandelenkapitaal vloeit vaak voort uit de van oudsher aanwezige maatschappelijke belangen, die door de vennootschappen werden of worden nagestreefd. In onderstaand overzicht wordt een overzicht van de verbonden partijen voor de gemeente Duiven weergegeven, inclusief het financiële belang betreffende de jaarrekening 2024, de begroting 2025 en de begroting 2026. Dit geeft inzicht in de risico's die de gemeente Duiven loopt door de betrokkenheid aan de verbonden partij. Vervolgens wordt elke verbonden partij nader toegelicht. Inhoudelijke beleidsinformatie over de verbonden partijen is opgenomen in de relevante programma's.

Verbonden partij Gemeenschappelijke regelingen Samenwerking De Liemers (SDL) Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM) Gemeenschappelijke Regeling Huisvesting Voortgezet Onderwijs in de Liemers (GRHVOL) Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg (SALD) Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Euregio Rijn-Waal Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen 1Stroom Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Centraal Gelderland Deelnemingen (dividend) N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Alliander N.V. Vitens N.V.

Rekening 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

€ 3.954.246 € 2.456.490

€ 4.255.160 € 2.445.330

€ 4. 299.614 € 2.733.000

€ 1.021.022

€ 1.033.113

€ 1.033.123

€ 72.724 € 478.041 € 224.713 € 6.700 € 570.299

€ 85.215 € 482.000 € 249.932 € 6.500 € 738.307

€ 89.812 € 486.000 € 241.889 € 6.500 € 672.327

€ 20.360.000 € 2.340.878

€ 21.787.465 € 2.406.037

€ 22.353.000 € 2.375.884

€ 7.582 € 192.311 €0

€ 8.000 € 108.000 €0

€ 8.000 € 108.000 €0

Gemeenschappelijke regelingen Samenwerking De Liemers (Programma 1) Partijen Bestuurlijk belang

De gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar. Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling bestaat uit de colleges van de drie deelnemende gemeenten. Elke gemeente heeft in het bestuur een stem.

86

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen Risico's

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Op basis van de afgesproken verdeelsleutels worden de kosten van de samenwerkingsorganisatie aan de drie gemeenten doorbelast. Voor de gemeente Duiven is de bijdrage voor het jaar 2025 vastgesteld op een bedrag van € 4.255.160. € 75.070 € 50.070 € 5.692.174 € 3.174.930 €0 Niet van toepassing De exploitatielasten incl. eventueel niet begrote kosten worden volledig door de drie deelnemende gemeenten gedragen. Er wordt jaarlijks een begroting opgesteld die via twee tussenrapportages wordt gemonitord. Afwijkingen ten opzichte van de begroting worden dan voorgelegd aan het bestuur en aan het bestuur van de deelnemende gemeenten.

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (Alle programma's, zie programma 1) Partijen

Bestuurlijk belang

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026

De gemeenten Arnhem, Barneveld, Doesburg, Duiven, Ede, Lingewaard, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Scherpenzeel, Wageningen, Westervoort en Zevenaar. VGGM kent een dagelijks en een algemeen bestuur. Elke gemeente heeft in het algemeen bestuur een stem. De gemeente Duiven levert twee van de 30 leden van het Algemeen Bestuur. De bijdrage van de gemeente Duiven bestaat voor een deel uit de brandweer/bevolkingszorg en een deel voor publieke gezondheid (GGD, Rijksvaccinatieprogramma en zorg 0-4 jarigen). Voor 2026 is de bijdrage voor brandweer en bevolkingszorg € 1.560.000 en € 30.000 = totaal € 1.590.000. De bijdrage voor publieke gezondheid bedraagt € 1.143.000. Dat bedrag is als volgt opgebouwd: € 690.000 voor de GGD, € 385.000 voor de Jeugdgezondheidszorg en € 68.000 voor het Rijksvaccinatieprogramma. € 9.354.000 € 8.885.000 € 56.930.000 € 57.768.000 €0

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Ontwikkelingen

87

Samen met VGGM zorgen voor een goede uitvoering van de brandweer- en gezondheidstaken in onze gemeente. En voor een goede voorbereiding op mogelijke crisissituaties. Daarbij is over 2025 en 2026 wel een besparing van 2% op de gemeentelijke bijdrage afgesproken. Eind 2025 zal de discussie over structurele besparingen bij VGGM worden afgerond. De versterking van de interne bedrijfsvoering bij VGGM wordt in 2026 voortgezet. Dit komt de gehele organisatie ten goede.

Risico's

Bij de GGD worden de Jeugdgezondheidszorg en de Algemene Gezondheidszorg toekomstbestendig gemaakt. De hiervoor beschreven ontwikkeling vormt een risico. Er is een regionaal controllersoverleg actief dat regelmatig overlegt met de VGGM over de financiële positie.

Gemeenschappelijke Regeling Huisvesting Voortgezet Onderwijs in de Liemers (Programma 2) Partijen Bestuurlijk belang Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

De gemeenten Duiven, Montferland en Zevenaar. De gemeente Duiven levert een van de drie leden van het Algemeen Bestuur. De bijdrage van de gemeente Duiven is voor het jaar 2026 € 1.033.123. Dit bedrag is bepaald op basis van het aantal leerlingen van de scholen voor voortgezet onderwijs in De Liemers. Niet van toepassing Niet van toepassing Niet van toepassing Niet van toepassing Niet van toepassing De GR onderzoekt de haalbaarheid van nieuwbouw voor het Liemerscollege in Zevenaar. Het college en de raad worden hier in de tweede helft van 2024 over geïnformeerd. Zevenaar financiert de onderzoekskosten, ter verrekenen in het huisvestingbesluit. De GRHVOL heeft geen rechtspersoonlijkheid en neemt geen eigen besluiten. Dit mandaat ligt bij de individuele gemeenten. De gemeentelijke bijdrage kan wel jaarlijks verschillen, aangezien het aantal leerlingen wijzigt. De investeringen in huisvesting houden we nauwlettend in de gaten.

Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg (Programma 2) Partijen

Bestuurlijk belang

De gemeenten Duiven, Doesburg, Westervoort en Zevenaar. Daarnaast zijn de RID en RSD ook betrokken bij het Streekarchivariaat. Het Streekarchivariaat heeft een Dagelijks Bestuur en een Algemeen Bestuur. De gemeente Duiven levert een van de vier leden van het Algemeen Bestuur.

88

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

De financiële bijdrage voor Duiven 2025 bedraagt € 85.215. Deze bijdrage wordt bepaald op basis van het inwonersaantal en het aantal werkuren. €0 €0 € 54.000 € 54.000 €0 Streven is om meer aandacht te besteden aan de primaire taken. Ook zal de voorbereiding voor het opzetten van een e-depot de aandacht krijgen. Eventuele tekorten worden verhaald op de deelnemende gemeenten. De financiële omvang van de regeling is echter relatief klein en het risico wordt op nihil geschat.

Omgevingsdienst Regio Arnhem (Programma 3) Partijen Bestuurlijk belang Financieel belang Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

De Provincie Gelderland en 10 gemeenten. De wethouder is lid van het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur. De bijdrage is € 486.000 en deze is gebaseerd op het werkpakket/ werkprogramma dat aan de ODRA is overgedragen. € 871.000 € 872.000 € 7.144.000 € 7.179.000 € 1.000 De bezuiniging die in 2025 incidenteel doorgevoerd zijn, zijn dit jaar teniet gedaan. De ODRA voert de basistaken milieu voor de gemeente uit. In 2026 zal de fusie tussen ODRA-ODRN vorm gegeven worden. Dit zal extra inzet vragen die hoofdzakelijk uit externe financiering zal plaatsvinden. De reguliere werkzaamheden worden naast de fusieactiviteiten gewoon doorgezet. Het werkpakket 2026 is geconsolideerd ten opzichte van 2025. De toename in de bijdrage is met name door CAO-wijzigingen en indexatie. De bovengenoemde ontwikkelingen brengt een aantal financiële onzekerheden met zich mee, die op dit moment nog moeilijk zijn te kwantificeren.

Groene Metropoolregio Arnhem- Nijmegen (Programma 3) Partijen

De deelnemende gemeenten zijn Arnhem, Beuningen, Berg en Dal, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Mook en Middelaar, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen en Zevenaar.

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Bestuurlijk belang Financieel belang

89

De gemeente Duiven levert een van de 18 leden van het Algemeen Bestuur. De bijdrage 2026 € 241.889 is gebaseerd op het inwoneraantal van 24.937. De inwonerbijdrage bestaat uit 3 componenten: bijdrage regiobureau 24.937 à € 2,83 per inwoner) = € 70.572 bijdrage The Economic Board 24.937 à € 1,07 per inwoner = € 26.683

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

bijdrage voor de vijf opgaven verbonden regio (€ 37.904) productieve regio (€ 22.443), circulaire regio (€ 37.655), ontspannen regio (€ 21.695) en groene groei regio (€ 24.937). € 100.000 (exclusief bestemmingsreserves) € 100.000 (exclusief bestemmingsreserves) € 8.028.000 € 8.017.000 €0 De inwonerbijdrage voor 2026 voor het regiobureau en de vijf opgaven is verlaagt. Het is gelukt om zodanig het budget te korten dat de hoofdopgaven doorgang kunnen vinden. De activiteiten binnen de opgaven blijven gelijk, met dien verstande dat door het AB is verzocht om voor 2026 gelet op het ravijn jaar 2026 waarmee de gemeenten geconfronteerd worden, voorstellen voor besparingen op te nemen. De voorstellen, op 27 november 2024 door het DB aan het AB gepresenteerd, zijn in deze begroting verwerkt en leiden tot een lagere inwonerbijdrage. Niet van toepassing.

Euregio (Programma 1) Partijen

Bestuurlijk belang Financieel belang Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025

61 gemeenten en andere publiekrechtelijke lichamen in het werkgebied Arnhem-Nijmegen, West-Veluwe, Zuid-West-Gelderland, delen van Noordoost-Brabant, het noordelijke deel van de provincie Limburg, de Kreis Kleve, de Kreis Wesel en de steden Duisburg en Düsseldorf. In dit werkgebied wonen 4,2 miljoen mensen. De gemeente Duiven levert twee leden in het Algemeen Bestuur. De bijdrage van de gemeente Duiven is € 6.500 en is berekend op basis van het inwoneraantal. Meest bekende stand € 2.610.268 Meest bekende stand € 2.610.268 Meest bekende stand € 30.290.956 (2023)

90

Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Meest bekende stand € 29.942.644(2024) Meest bekend geraamd resultaat € 53.592 De gemeente blijft lid van deze gemeenschappelijke regeling. Waar mogelijk doet de gemeente mee in projecten en benutten we subsidiekansen. Het risico is beperkt tot de gemeentelijke bijdrage.

Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen (Programma 2) Partijen Bestuurlijk belang Financieel belang Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen Risico's

Alle gemeenten van de regio Arnhem en Nijmegen en Druten. Dit zijn in totaal 19 gemeenten. De gemeente Duiven levert een lid in het Algemeen Bestuur. De financiële bijdrage voor 2025 bedraagt € 672.327 €0 €0 € 12.000.000 € 13.000.000 €0 Niet van toepassing. Het risico voor de gemeente Duiven is van financiële aard, als de beoogde efficiencyvoordelen niet worden behaald of als meerdere gemeenten uit deze regio vervoersstromen gaan onttrekken aan deze regeling.

1Stroom (Alle programma's, zie programma 1) Partijen Bestuurlijk belang

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026

De gemeenten Duiven en Westervoort vormen samen 1Stroom. Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling bestaat uit de colleges van de twee deelnemende gemeenten. Elke gemeente heeft in het bestuur een stem. De kosten van de fusieorganisatie minus de kosten voor de grondexploitaties en het afvalaanbiedstation van Duiven worden voor 61% ten laste gebracht van Duiven en voor 39% ten laste gebracht van Westervoort. Voor de gemeente Duiven is de bijdrage voor het jaar 2026 vastgesteld op een bedrag van € 21.787.465. €0 €0 € 4.343.000 € 4.461.000 €0

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Ontwikkelingen

Risico's

91

Binnen 1Stroom is een organisatieontwikkelingstraject gestart waarin de professional centraal staat. De organisatie wil toe naar een organisatie waarin er meer aandacht uit kan gaan naar de medewerkers, en ook naar een klimaat waarin eigenaarschap, resultaatsturing en duidelijkheid belangrijke uitgangspunten zijn. Het invulling geven aan deze begrippen draagt bij aan een slagvaardige organisatie waarin het fijn werken is. Om deze uitgangspunten vorm te geven wordt de management- en teamstructuur gewijzigd per 1 januari 2026. De nieuwe organisatiestructuur bestaat uit drie domeinen. Binnen de domeinen werken in totaal 13 teams. Daarnaast wordt geïnvesteerd in het geraamte van de organisatie. Specifiek geldt dit voor de thema’s ‘sociale veiligheid & integriteit’ en het versterken van de financiële functie. Niet van toepassing.

Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Regio Centraal Gelderland Partijen Bestuurlijk belang

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

Een elftal gemeenten in de regio Arnhem. Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling bestaat uit een collegelid van deelnemende gemeenten. Elke gemeente heeft in het bestuur een stem. De MGR maakt deelbegrotingen voor de verschillende modules. Wanneer een gemeente er voor kiest deze module af te nemen deelt zij ook in de kosten. De kosten van de basistaken worden op inwonertal verdeeld. Voor de verdeling van de specifieke kosten per module is per module een verdeelsleutel bepaald. € 560.000 € 560.000 € 2.162.000 € 2.022.000 €0 Voor de primaire begroting 2026 is op dit moment onvoldoende in te schatten welke extra regionale opdrachten er bij de MGR worden ondergebracht. We houden in de begroting 2026 rekening met de volgende ontwikkelingen: Vanaf 2026 worden de doorstroompuntenactiviteiten bij het Regionaal Bureau Leerplicht op een andere wijze gefinancierd door het rijk. Hoewel nog niet zeker is welke inhoudelijke wijzigingen dit met zich meebrengt in de dienstverlening en financiering, is al wel rekening gehouden met een verschuiving in de financiering. Niet van toepassing.

Deelnemingen N.V. Bank Nederlandse Gemeenten Partijen Bestuurlijk belang

De Nederlandse staat, gemeenten, provincies en één hoogheemraadschap. Gemeente Duiven heeft 0,0063% van het aandelenkapitaal en overeenkomstig stemrecht in de algemene ledenvergadering.

92

Financieel belang

Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

Programmabegroting Duiven 2026-2029 - Paragraaf 6 Verbonden partijen

Gemeente Duiven heeft 3.510 aandelen met een waarde van € 2,50 nominaal. Het totale belang is € 8.775. Jaarlijks wordt hierover dividend ontvangen. Meest recente stand bekend per ultimo 2023 € 4.721.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2024 € 4.777.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2023 € 110.819.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2024 € 123.164.000.000 Meest recente resultaat is € 294.000.000 over 2024. De hoogte van de nettowinst is met onzekerheden omgeven, omdat de bank geen voorspelling kan doen over de ontwikkeling van de ongerealiseerde marktwaardeveranderingen. Een betrouwbare schatting van de nettowinst voor 2026 kan de bank daarom niet maken. Doordat de BNG als sectorbank actief is binnen de publieke sector loopt zij minder risico dan commerciële banken. Daarnaast is het financiële risico beperkt tot het ingelegde bedrag.

Alliander N.V. Partijen Bestuurlijk belang

Financieel belang Omvang eigen vermogen ultimo 2025 Omvang eigen vermogen ultimo 2026 Omvang vreemd vermogen ultimo 2025 Omvang vreemd vermogen ultimo 2026 Resultaat 2026 Ontwikkelingen

Risico's

Provincies en gemeenten. De gemeente Duiven heeft 0,111 % van de aandelenkapitaal en overeenkomstig stemrecht in de algemene ledenvergadering. Dit betreft 151.801 aandelen. De burgemeester is lid van de commissie van aandeelhouders. De gemeente Duiven heeft 151.801 aandelen waarover Alliander dividend uitkeert. Meest recente stand bekend per ultimo 2024 € 4.749.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2025 € 6.038.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2024 € 6.897.000.000 Meest recente stand bekend per ultimo 2025 € 6.918.000.000 Meest recente resultaat bekend betreft € 976.000.000 over 2024 De energietransitie vraagt om grote aanpassingen van het energiesysteem en vergt grootschalige investeringen. Om de benodigde investeringen te kunnen financieren is een verzoek gedaan aan de aandeelhouders tot versterking van de kapitaalstructuur. Duiven heeft besloten om deel te nemen in de reverse converteerbare hybride obligatielening. Het risico beperkt zich tot het ingelegde bedrag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=a1e0f848-f9eb-415e-9ac7-b3721deecd9e