Bijlage 7. Begrotingsrichtlijnen regio Nijmegen BRN 2025 - BRN - vs 07-11-2023
Tekst van het document
BRN 2025
Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN) 2025
Gemeente Nijmegen Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen November 2023
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
1 van 17
BRN 2025
Inhoudsopgave Samenvatting .................................................................................................................................................................................. 3 Algemeen ......................................................................................................................................................................................... 3 Opdrachtgever ................................................................................................................................................................................. 4 Procedure ........................................................................................................................................................................................ 4 1.
Indexering gemeentelijke bijdrage........................................................................................................................................ 5
2.
Uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2025 ................................................................................................. 8 2.1
Procedure aanbieden en vaststellen van de begroting ................................................................................................... 8
2.2
Financiële begrotingsuitgangspunten ............................................................................................................................. 8
2.3
Indexering van de gemeentelijke bijdrage ....................................................................................................................... 8
2.4
Financiering ....................................................................................................................................................................... 9
3.
Jaarrekening 2023 ............................................................................................................................................................... 12 3.1
Algemeen ......................................................................................................................................................................... 12
3.2
Resultaatbestemming ..................................................................................................................................................... 12
3.3 BTW compensatiefonds ...................................................................................................................................................... 12 3.4 WGR voorgeschreven termijnen ......................................................................................................................................... 12 3.5 Planning besluitvorming jaarrekeningen 2023 & begroting 2025...................................................................................... 13 4. Financiële en beleidsmatige kaders 2025................................................................................................................................. 13 5.
Begrotingswijzigingen 2023 en 2024 ................................................................................................................................... 13
6.
Managementrapportages .................................................................................................................................................... 13
7.
Begroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 ............................................................................................................ 15 7.1
Algemeen ......................................................................................................................................................................... 15
7.2
BTW compensatiefonds .................................................................................................................................................. 15
7.3
Risico’s ............................................................................................................................................................................. 15
7.4
WGR en termijnen............................................................................................................................................................ 15
7.5
Planning besluitvorming GR-jaarrekening 2023 en GR-begroting 2025 ........................................................................ 16
7.6
Toelichting GR-en op kaderbrieven. ............................................................................................................................... 16
Bijlage 1 Inwonersaantallen. ........................................................................................................................................................ 17 Inwoneraantallen .......................................................................................................................................................................... 17
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
2 van 17
BRN 2025
Samenvatting In de onderstaande tabellen geven we een overzicht van de indexeringspercentages en de vaste verhouding tussen de loonkosten en de materiele kosten op grond waarvan de indexeringspercentages zijn berekend. In het PFO van 28 november 2022 is deze afspraak om deze vaste verhouding tussen de loonkosten en de materiele kosten te hanteren, als onderdeel van de maatwerkafspraken voor deze instellingen, voor de komende 4 jaar gemaakt. Voor de MGR en de MARN geldt het BRN-indexeringspercentage zoals we in deze richtlijn hebben berekend. Deze bedraagt voor het jaar 2025 6,54%. Voor de MGR geldt de algemene afspraak dat de gemeenten het volledige Participatiebudget één op één overhevelen naar de MGR. Enkele onderdelen van het Participatiebudget zijn vanaf het jaar 2023 overgeheveld naar de algemene uitkering en zijn niet meer als zodanig herkenbaar. In de jaren 2023 en 2024 hanteren we regionaal de afspraak van het laatste bekende Participatiebudget en indexeren we dit over te dragen budget. Op dit moment is regionale besluitvorming over de bepaling van het over te hevelen Participatiebudget vanaf 2025 nog niet afgerond. Voorstel aan de raden in de regio is om vanaf 2025 het Participatiebudget te bepalen op basis van de Rijkscirculaires in combinatie met een landelijk ontwikkelde rekentool van Bureau Berenschot.
In januari en februari 2024 verwachten we hierover besluitvorming van de raden in de regio. Zie voor de verdere afspraken en de werkwijze hetgeen is opgeschreven in paragraaf 2.4 bij de MGR. Voor de verschilende GR-en worden de volgende indexeringspercentages voor het opstellen van de begroting 2025 gehanteerd:
Indexering 2025
GGD
VRGZ
ODRN
Rekenmethodiek
GGD
VRGZ
ODRN
Weginsfactor loon
0,78
0,70
0,84
Weginsfactor materieel
0,22
0,30
0,16
Totaal
1,00
1,00
1,00
Factor
GGD
Factor
VRGZ
Factor
ODRN
Loonindex
Voorcalculatie 2025 5,40%
0,78
4,21%
0,70
3,78%
0,84
4,54%
Materiële index
2,80%
0,22
0,62%
0,30
0,84%
0,16
Totaal voorcalc. 2025
4,83%
Nacalculatie 2023
0,45%
4,62%
4,98%
Factor
GGD
Factor
VRGZ
Loonindex
9,92%
0,78
7,74%
11,76%
0,70
8,23%
9,06%
0,84
7,61%
Opgenomen in B2023 (BRN 2023)
2,00%
0,78
-1,56%
2,00%
0,70
-1,40%
2,00%
0,84
-1,68%
Opgenomen in B2024 over 2023 (bijgesteld)
7,92%
0,78
-6,18%
9,76%
0,70
-6,83%
7,31%
0,84
-6,14%
Materiële index
geen nacalculatie
geen nacalculatie
Factor
ODRN
geen nacalculatie
Totaal nacalc. 2023
0,00%
0,00%
-0,21%
Index begroting 2025
4,83%
4,62%
4,77%
Algemeen De gemeenten in de Regio Nijmegen (vanaf 1-1-2016: Nijmegen, Wijchen, Beuningen, Heumen, Mook en Middelaar, West Maas en Waal, Berg en Dal, Druten) hebben besloten dat vanaf 1 juli 2005 de begroting- en verantwoordingsproducten van een aantal Gemeenschappelijke Regelingen (GR-en) worden beoordeeld door de AGR (adviesfunctie GR-en), hierna ook te
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
3 van 17
BRN 2025
noemen de adviesfunctie. De AGR is gepositioneerd bij de afdeling Financiën van de Gemeente Nijmegen. Inmiddels leveren verschillende regiogemeenten ondersteuning aan de gemeente Nijmegen bij het beoordelen van de stukken van de GR-en. De Adviesfunctie adviseert primair de deelnemende gemeenten en in het verlengde hiervan ook het Algemeen Bestuur (AB). De begrotingen en jaarrekeningen van de GR-en worden door de Adviesfunctie getoetst aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN). Deze richtlijnen worden in de verschillende colleges vastgesteld. Daarbij worden de financiële meerjarenposities en de risico´s van de GR-en beoordeeld. De BRN bevatten de planning en de uitgangspunten die de GR-en kunnen hanteren bij het opstellen van de jaarrekening 2023 en de begroting 2025. Het betreft de volgende GR-en: o GGD-GZ (Gemeentelijke Gezondheidsdienst Gelderland Zuid) o VRGZ (Veiligheidsregio Gelderland-Zuid) o MARN (Milieusamenwerking Afvalverwerking Regio Nijmegen) o ODRN (Omgevingsdienst Regio Nijmegen) o MGR (Modulaire Gemeenschappelijke Regeling) o DRAN (Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen, nemen alleen BRN over, maar wordt niet beoordeeld) Ook de planning qua besluitvorming voor de GR-en ten aanzien van een eventuele kaderbrief 2025, jaarrekening 2023 en de begroting 2025 is opgenomen in deze richtlijnen. Zie § 7.5.
De in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) opgenomen kaders voor de begroting en jaarrekening en de wetgeving inzake Gemeenschappelijke Regelingen zijn vanzelfsprekend van toepassing voor de GR-en.
Opdrachtgever De opdrachtgever voor de samenstelling van de begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen is het Portefeuillehouders Financiën Overleg (PFO) regio Nijmegen. De Gemeenschappelijke regelingen GGD-GZ, de VRGZ, de ODRN en de DRAN kennen een bredere kring belanghebbenden dan alleen de regio Nijmegen. In de GGD-GZ en de VRGZ zijn naast de gemeenten uit de regio Nijmegen ook de gemeenten uit het Rivierenland opgenomen. Hierdoor is afgesproken dat de BRN ter beschikking worden gesteld aan de gemeenten in Rivierenland. Het PFO regio Nijmegen hecht eraan dat de gemeenten in Rivierenland kennisnemen van deze richtlijnen en zou het praktisch vinden wanneer de gemeenten in Rivierenland deze richtlijnen overnemen. Bereidheid tot nadere toelichting is altijd aanwezig (e-mail: gr-adviesfunctie@nijmegen.nl). Door het vaststellen van de GR-begroting en GR-jaarrekening in het AB van elke GR worden de uitgangspunten van deze BRN al dan niet verzilverd.
Procedure De BRN 2025 wordt als volgt vastgesteld:
Stap
Actie
Concept BRN voor toets naar gemeenschappelijke regeling BRN bespreken in ambtelijk vooroverleg hoofden financiën
Eind oktober 2023; afgerond begin november en eventuele op/aanmerkingen verwerkt 23 november 2023
Akkoord geven BRN in regio PFO financiën
4 december 2023
Vaststellen BRN in Colleges BRN definitief beschikbaar voor GR
Vóór eind december 2023 1 januari 2024
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
4 van 17
BRN 2025
1. Indexering gemeentelijke bijdrage In 2017 (BRN 2019) is een nieuwe indexeringssystematiek vastgesteld. Door rekening te houden met de overheidskenmerken van een GR en, door afhankelijk daarvan, deze systematiek te evalueren en te actualiseren is de systematiek toekomstproef ingesteld. Een kleine wijziging t.o.v. de vastgestelde systematiek is: het Centraal Plan Bureau (CPB) publiceert bij de Macro Economische Verkenningen (MEV) in september geen doorkijk op langere termijn (meer). Deze doorkijk wordt alleen bij het Centraal Economisch Plan (CEP) in maart gepubliceerd. Daarom is voor de BRN het CEP maatgevend geworden voor de begrotingen (doorkijk op langere termijn). De MEV (september) wordt gebruikt voor de eenmalige actualisatie van de indexering. Wij handhaven ook voor de BRN 2025 dezelfde methodiek. Overheidskenmerken De gemeenschappelijke regelingen kennen aan de inkomstenkant een aantal geldstromen zoals de gemeentelijke bijdragen en eventuele andere inkomstenbronnen. Deze geldstromen dekken de personeelskosten (ongeveer 70% van de begrote lasten) en de materiele lasten (ongeveer 30%). Een deel van deze lasten is moeilijk te beinvloeden. De prijscomponent van de personele kosten wordt bepaald door effecten van cao-onderhandelingen, pensioenpremies en andere externe factoren.
Voor de indexering van personele kosten is gekozen voor de prijsindex beloning werknemers overheid, zoals opgenomen in het CEP (maart) en is terug te vinden in de bijlage Middelen en bestedingen bij het CEP (kolom bestedingen). Voor de indexering van de materiële lasten worden verschillende percentages gepubliceerd. Gekozen is voor de prijsmutatie Bruto Binnenlands product (BBP). Toekomstproof Qua systematiek kan deze wijze van indexeren van de geldstromen van de de Gemeenschappelijke Regelingtoekomstproof genoemd worden, aangezien hier rekening wordt gehouden met reële loonkosten en materiële lastenstijgingen van de GRen. Een eventueel (nadelig) effect van deze keuze ligt echter bij gemeenten. Lagere vergoedingen in het gemeentefonds voor loon- en prijsstijgingen, dan wel andere effecten van de normeringssystematiek van het Rijk (bekend als 'samen de trap op, samen de trap af') worden bij deze indexeringsmethodiek niet doorberekend aan de Gemeenschappelijke Regelingen. Mochten er in enig jaar zodanige maatregelen van rijkswege getroffen worden dat gemeenten zelf materiële bezuinigingsopdrachten door moeten voeren, zal beoordeeld worden of ook aan de GR-en een bezuinigingstaakstelling moet worden opgelegd. Deze afweging is echter van een andere orde dan een te lage indexvergoeding meegeven.
Actualisatie versus nacalculatie Het PFO heeft afgezien van een systeem van nacalculatie. Per GR wordt de begroting in een vroeg stadium opgesteld, waardoor zich tussen het moment van opstellen van de begroting en de realisatie in het betreffende begrotingsjaar mutaties op kunnen treden (bijvoorbeeld: het ingaan van een nieuwe cao is met een jaar opgeschoven). Zo is gekozen om de index te actualiseren in het volgende begrotingsjaar. Deze actualisatie wordt dan beperkt tot één jaar en verwerkt in de nieuwe BRN-index. Dit wil zeggen dat bepalen van indexering in september 2022 (publicatie CEP mrt 2022, index 2024), ten behoeve van de begroting 2024, geactualiseerd wordt in september 2023 (publicatie MEV september 2023, index 2024). Deze actualisatie uit zich dan als correctie op de BRN-norm 2024 in de BRN 2025.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
5 van 17
BRN 2025
Ondanks dat de huidige inflatiecijfers niet overeenkomen met de BRN-norm is er gekozen om de huidige systematiek te handhaven. Deze systematiek sluit aan op de indexering systematiek die het Rijk toepast. Met het handhaven van de systematiek wordt de loon- en prijscompensatie vanuit het Rijk evenredig doorgesluisd naar de verbonden partijen. Aanpassing van de systematiek betekent dat gemeenten impliciet minder eigen keuzevrijheid hebben. Wij adviseren het verschil tussen de werkelijke loon- en prijsontwikkeling en de compensatie hiervoor door toepassing van de BRN expliciet te maken en onderdeel te maken van de begroting. Hierdoor kan er expliciet over worden besloten. Maatwerk Bezien is in hoeverre maatwerk per gemeenschappelijke regeling nodig of wenselijk is. Geconstateerd is dat niet alle gemeenschappelijke regelingen dezelfde manier van financiering kennen. Om die reden wordt in de BRN ook opgenomen welke financieringsbronnen er per GR zijn en wat gefinancierd wordt door een gemeentelijke bijdrage. Dit wijzigt niet in de nieuwe indexeringssystematiek. Verder is ook bezien of er grote afwijkingen zijn in de verhouding tussen lonen en materiële lasten per GR. Omwille van de eenvoud en duidelijkheid is ervoor gekozen om met deze verhouding 70% - 30% te gaan werken.
Opgemerkt wordt dat de GGD-GZ, VRGZ en ODRN hiervan afwijken en een andere verhouding hebben vastgesteld in het AB. Deze GR-en actualiseren niet op grond van de MEV september 2 jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, maar nemen de werkelijke loonkostenstijgingen van januari van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar mee. Normering voor de VRGZ en GGD GZ volgens besluitvorming AB luidt als volgt: Voorcalculatie: index is gelijk aan de index volgens de BRN-norm ; voor 2025 is dit 6,54%; Nacalculatie: in het begrotingsjaar (2024 in dit voorbeeld) wordt het verschil tussen werkelijkheid en raming t.l.v. de algemene reserve gebracht; Het verschil tussen de voorcalculatie 2024 en de werkelijkheid is in januari 2025 over 2024 bekend en wordt in de eerstvolgende begroting 2026 via de nacalculatie gewijzigd.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
6 van 17
BRN 2025
De normering voor 2025 De BRN-indexering op de gemeentelijke bijdragen wordt bepaald op de in de mei- en september circulaire gepubliceerde indexcijfers, welke gebaseerd zijn op het CEP (Centraal Economisch Plan, meicirculaire) ) en de MEV (Macro Econonische Verkenningen, septembercirculaire): 1. Het gaat om de volgende indexcijfers; a. de prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers; b. Prijs Bruto Binnenlands Product (PBBP) als indexering voor de materiële lasten. 2. Deze indexering wordt met een weging van 70% voor loon en 30% voor materieel berekend tot één BRN-index voor de gemeentelijke bijdragen. 3. Er wordt één jaar geactualiseerd, gebaseerd op de gegevens uit de MEV (septemberpublicatie 2023). Deze actualisatie is verwerkt in de BRN-index 2025. De BRN-norm voor 2025 is 6,54%
Publicatie CEP-maart 2022: index 2024 is Publicatie CEP-maart 2023: index 2025 is Publicatie MEV-september 2023: index 2024 is
3,48% (loon 3,9%, materieel 2,5%) 4,62% (loon 5,4%, materieel 2,8%) 5,40% (loon 6,3%, materieel 3,3%)
[1] [2] [3] [3]
Publicatie CEP maart 2022 Index 2024 BRN 2024 Publicatie CEP- maart / MEV-september Index 2025 (CEP-maart 2023) Actueel index 2024 (MEV-sept. 2023) Meegenomen index 2024 (CEP- maart 2022) Actualisatie/correctie index 2024 BRN 2025
3,48% 4,94%
4,62% 5,40% 3,48% 1,92% 6,54%
[2] [3] [1] [3]-[1]
Berekening De GGD, ODRN en de VRGZ hebben een afwijkende indexering en zullen dan ook hun eigen berekening volgen. Volgens info van GGD, VRGZ en ODRN zal de voorcalculatorische index 2025 4,83% voor de GGD, 4,62% voor de VRGZ en 4,98% voor de ODRN zijn (in verband met weging personeel/materieel). De nacalculatie over 2023 (loonindex) is daadwerkelijk vertaald in de gewijzigde begroting 2023 en de begroting 2024 voor de GGD en voor de VRGZ . Daarom is er voor nu geen nacalculatie over 2023. Aangezien de ODRN bij de gewijzigde begroting 2023 en de begroting 2024, de CAO-index voor het jaar 2023 heeft doorberekend op basis van aannames van dat moment, corrigeren we nu op basis van werkelijke cijfers. Daardoor valt de nacalculatie iets lager uit dan die van de GGD en de VRGZ. Voor de ODRN bedraagt deze -0,21%. Per saldo stijgt de indexering van de ODRN met 4,77 %.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
7 van 17
BRN 2025
De totaal index van de begroting 2025 bestaat uit voorcalculatie 2025 en de nacalculatie 2023. Totaal index begroting 2025: GGD: 4,83% = 4,83%+0,00% VRGZ: 4,62% = 4,62%+0,00% ODRN: 4,77 % = 4,98% -0,21%.
2. Uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2025 2.1 Procedure aanbieden en vaststellen van de begroting Uitgangspunt bij de (financiële) opstelling van de Begroting 2025 is de door het Algemeen bestuur (AB) van de GR vastgestelde begroting 2024, inclusief eventuele vastgestelde begrotingswijzigingen 2024. De gemeenten geven geen nadere richtlijnen ten aanzien van de hoogte of de samenstelling van de kosten in de begroting. In het verlengde hiervan worden ook geen voorschriften ten aanzien van het aantal toegestane FTE’s verstrekt. Het is aan de directie van de betreffende GR een keuze te maken in de samenstelling van de productiemiddelen, dus ook ten aanzien van de keuze voor eigen personeel, inhuur dan wel uitbesteding. Van het dagelijks bestuur (DB) van de GR wordt verwacht, dat zij een (structureel) financieel sluitende begroting aanbiedt aan de deelnemende gemeenten. De hierbij door de GR gehanteerde begrotingsuitgangspunten dienen in de begroting van de GR inzichtelijk te worden weergegeven. De deelnemende gemeenten geven vervolgens hun zienswijze aan het DB van de GR over de door de GR aangeboden begroting 2025, de hierbij voorgestelde inhoudelijke koers, de gevraagde gemeentelijke bijdragen c.a. Tenslotte wordt de begroting 2025 in het Algemeen Bestuur van de desbetreffende GR behandeld en vastgesteld.
Het DB zendt de begroting 2025 binnen 2 weken na vaststelling, doch uiterlijk 15 september 2024 naar GS of ministerie.
2.2 Financiële begrotingsuitgangspunten De Portefeuillehouders Financiën uit de regio Rijk van Nijmegen hebben in het PFO van 4 december 2023 de indexering van de voorliggende BRN goedgekeurd en geven het dringende advies af om de deze BRN-richtlijn 2025 vast te stellen in de betreffende colleges. Daarmee zijn de financiële uitgangspunten voor de begrotingssamenstelling vastgesteld. Deze richtlijnen schrijven voor dat: o o o o o o o o
de GR een reële begroting op dient te stellen; de GR een (structureel) sluitende begroting moet presenteren; de indexering van de gemeentelijke bijdrage voor wettelijke taken 6,54 % is en de gemeentelijke bijdrage taakstellend is; de nieuwe taken vanuit het Rijk moeten plaatsvinden binnen het verkregen rijksbudget; er regels gelden voor overige financiering; de individueel met gemeenten gemaakte afspraken hun eigen spelregels kennen; externe opdrachten eveneens hun eigen indexering en normering kennen.
2.3 Indexering van de gemeentelijke bijdrage De toe te passen indexering heeft betrekking op de gemeentelijke bijdragen. Het vaststellen van een algemeen indexpercentage heeft dus betrekking op de algemene gemeentelijke bijdragen voor de uitvoering van wettelijke taken. Voor deze gemeentelijke bijdragen hebben de Portefeuillehouders Financiën uit de regio in het PFO van 4 december 2023, besloten om: De GR-en rekening te laten houden met een indexering van de gemeentelijke bijdragen voor de begroting 2025, zoals in de samenvatting van deze BRN opgenomen percentages.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
8 van 17
BRN 2025
2.4 Financiering Naast de financiering door gemeentelijke bijdragen op grond van wettelijke, uniforme taken, kennen de GR-en andere inkomstenbronnen. De in deze BRN genoemde gemeentelijke bijdragen worden niet verstrekt voor maatwerk of facultatieve afspraken. Hiervoor sluit de GR zelf op maat gesneden overeenkomsten met de desbetreffende gemeenten. Wij gaan ervan uit dat deze overeenkomsten kostendekkend worden afgesloten en dat mogelijke hierbij spelende financiële risico´s in deze overeenkomsten worden verdisconteerd dan wel op een andere wijze door de GR zelf worden opgevangen. Onderstaand worden enkele bijzonderheden per GR aangegeven. MARN De MARN kent, in tegenstelling tot de andere gemeenschappelijke regelingen, (nog) geen gemeentelijke bijdrage. De exploitatie van de MARN wordt vooralsnog gedekt met rente die de GR MARN ontvangt uit de annuïtaire geldlening aan ARN B.V. In de nabije toekomst zal dit ontoereikend zijn en is een gemeentelijke bijdrage (wellicht) noodzakelijk. In het AB wordt binnenkort gesproken over een mogelijke wijziging van de duurzame financiering van de MARN. MGR Onderdeel Werkbedrijf De re-integratiemiddelen ‘’klassiek’, Wajong en het reguliere begeleidingsbudget maken sinds 2023 onderdeel uit van de algemene uitkering (onderdeel cluster participatie). Dit betekent dat deze middelen niet meer ‘zichtbaar’ zijn voor gemeenten.
De afdracht van het participatiebudget aan het WerkBedrijf is derhalve op de overeengekomen en vastgelegde wijze niet meer mogelijk. In het PFO W&I is er begin september 2023 overeenstemming bereikt om vanaf 2025 de door Berenschot ontwikkelde ‘rekentool’ te hanteren. Met deze rekentool is het participatiebudget uit de algemene uitkering te herleiden. De rekentool van Berenschot hanteert hiervoor gegevens die rechtstreeks te herleiden zijn uit de circulaires van het Rijk (mei- en septembercirculaire). Door het hanteren van de rekentool is per gemeente het participatiebudget inzichtelijk te maken en kan de afdracht aan de MGR/WerkBedrijf per gemeente bepaald worden. Periodiek zal, op basis van de Rijkcirculaires, de hoogte en de afdracht van het participatiebudget aan het WerkBedrijf herijkt worden. De Rijksmiddelen ‘nieuw beschut’ blijven onderdeel uitmaken van de integratie-uitkering Participatie. Deze middelen maken tevens onderdeel uit van het budget dat afgedragen wordt aan het WerkBedrijf. De tijdelijke compensatie van de gemeente Nijmegen aan de regiogemeenten in 2025 en 2026 én de taakstellende bezuiniging (naar verwachting vanaf 2027) voor het WerkBedrijf, zijn in onderstaand financiële overzicht per gemeente buiten beschouwing gelaten. Uitkeringsjaar 2025
Gemeente Aandeel werkbedrijf 2025 Berg en Dal € 1.922.392 Beuningen € 1.069.773 Druten € 843.000 Heumen € 649.045 Nijmegen € 15.421.758 Mook en Middelaar € 239.051 Wijchen € 1.994.605 Totaal € 22.139.624 Onderdeel SW Ten aanzien van de financiering van SW-activiteiten wordt aan de gemeenten door de MGR het aantal werkelijke SE per gemeente tegen een kostendekkend tarief in rekening gebracht. Bij dit kostendekkend tarief wordt rekening gehouden met werkelijke salarisstijgingen (cao SW en voor ambtelijk personeel Cao-ambtenaren), werkelijke uitstroom
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
9 van 17
BRN 2025
pensioengerechtigden per gemeente en een aanname overige uitstroom SW en verder de te generen opbrengsten naar reële verwachtingen. Als kader wordt hierbij gesteld dat: o De kostprijs SW zich per SE zal ontwikkelen binnen de bandbreedte van de BRN-norm o De toegevoegde waarde per fte zal zich tevens ontwikkelen binnen de bandbreedte van de BRN-norm. De door gemeente ontvangen WSW-subsidie, onderdeel van het participatiebudget, blijft als dekking bij de gemeenten. Het optredende tekort voor gemeenten (verschil kostprijs maal SE minus WSW-budget) wordt inzichtelijk gemaakt in de begroting van de MGR, zodat gemeenten hun eigen raming hierop aan kunnen passen. Hierbij kan uitgegaan worden van de WSW bijdragen volgens de bijlage septembercirculaire 2023. Voor de bedragen voor de oplading voor de begroting 2025 gaan we uit van de volgende opstelling.
Gemeente Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Nijmegen Mook en Middelaar West Maas en Waal Wijchen Totaal
Begeleiding Beschut € 182.933 € 127.857 € 86.549 € 68.846 € 1.729.013 € 33.439 € €
228.175 2.456.812
WSW 2025 € 3.387.388 € 2.656.454 € 1.920.903 € 1.145.595 € 20.233.651 € 1.037.102 € 3.677.614 € 34.058.707
Totaal € 3.570.321 € 2.784.311 € 2.007.452 € 1.214.441 € 21.962.664 € 33.439 € 1.037.102 € 3.905.789 € 36.515.519
Voor de Loonkostensubsidie wordt uitgegaan van de laatst bekende bedragen voor het jaar 2024 (bron: voorlopig Buig budget 2024). Deze bedragen worden ook voor het jaar 2025 opgenomen .
Gemeente Loonkostensubsidie Berg en Dal € 708.376 Beuningen € 661.323 Druten € 447.873 Heumen € 182.927 Nijmegen € 4.849.466 Mook en Middelaar € 153.455 Wijchen € 898.576 Totaal € 7.901.996
Onderdeel IRVN en bestuursondersteuning Voor IRVN en bestuursondersteuning geldt eveneens de BRN-norm 2025. Vastgoed Voor de panden in eigendom van de MGR (de panden van voorheen Breed) wordt een afzonderlijke exploitatie opgesteld. Overhead De norm voor overhead overeenkomstig de BBV-voorschriften is bepaald op maximaal 25%.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
10 van 17
BRN 2025
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
11 van 17
BRN 2025
VRGZ De VeiligheidsRegio Gelderland Zuid, heeft naast de bijdragen van gemeenten en de bijdrage Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) ten behoeve van de crisis- en rampenbestrijding een geldstroom afkomstig van zorgverzekeraars ten behoeve van de Regionale Ambulance Voorziening. De hiermee samenhangende uitgaven en bijdragen kennen een eigen normering. GGD-Gelderland Zuid Bij de GGD Gelderland-Zuid zijn de bijdragen van gemeenten voor wettelijke taken een belangrijke financieringsbron. Voor deze taken wordt de standaard index aangehouden. Daarnaast heeft de GGD Gelderland-Zuid ook diverse niet wettelijke taken waarvoor zij subsidies van overheden en derden ontvangen. Deze financieringsbronnen kennen hun eigen normeringen en indexeringen. Wanneer er rijksmiddelen beschikbaar worden gesteld voor wettelijke taken, zal binnen dat betreffende rijksbudget gewerkt moeten worden. Bijvoorbeeld coronavaccinaties. Het budget Veilig Thuis kent nog zijn eigen dynamiek.
3. Jaarrekening 2023 3.1 Algemeen De jaarrekeningen 2023 worden door de GR-en met de volgende documenten opgeleverd: o Accountantsverklaringen o Accountantsrapport
3.2 Resultaatbestemming 4.
De jaarrekening bevat een afzonderlijk, onderbouwd voorstel tot resultaatbestemming.
3.3 BTW compensatiefonds Met de invoering van het gewijzigde BTW-regime voor gemeenten, kunnen gemeenten de BTW, welke door gemeenschappelijke regelingen niet kan worden teruggevorderd, terugvorderen bij de Inspecteur van de Omzetbelasting op grond van het BTW Compensatiefonds (BCF). Gemeenschappelijke Regelingen dienen hiervoor direct na het verstrijken van het boekjaar - vóór 15 januari - de noodzakelijke informatie te verschaffen.
3.4 WGR voorgeschreven termijnen De Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna: Wgr) is gewijzigd per 1 juli 2022 met als doel de versterking van de politieke controle en democratische legitimiteit. Met de Wijzigingswet verandert ook de planning- en control-cyclus, met name de begrotingscyclus. Dit geldt bij alle rechtsvormen waarbij de Wet gemeenschappelijke regelingen verplicht een eigen begroting en jaarrekening voorschrijft, te weten gemeenschappelijke openbare lichamen, gemeenschappelijke organen en bedrijfsvoeringorganisaties. In de Wgr zijn voor de begroting, de voorlopige jaarrekening, de vastgestelde jaarrekening de termijnen en vereisten voorgeschreven.
Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoering organisatie of het gemeenschappelijk orgaan zendt vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten (artikel 34b Wgr) Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoering organisatie of het gemeenschappelijk orgaan zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
12 van 17
BRN 2025
15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan gedeputeerde staten (artikel 34 lid 4 Wgr) Het algemeen bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoering organisatie of het gemeenschappelijk orgaan stelt de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft (artikel 34 lid 3 Wgr)
Afspraak PFO Ëén van de wijzigingen betreft de verruiming van de begrotingscyclus. Ondanks dat de wet een verruiming biedt bij het aanleveren van de jaarstukken en de conceptbegrotingen is in het PFO-overleg van Financiën in de regio besloten om vast te houden aan de besluitvorming voor de zomer. De oorzaak hiervan zijn de vele afstemmingen in de regio en de vakanties die in het proces voor de aanlevering van de zienswijze aan de Raden vallen. Volgens de wet mag altijd eerder aangeleverd worden. Echter de voorgestane datum die in de wet is opgenomen, mag niet overschreden worden. De VRGZ, MARN, MGR, BVO DRAN en GMR zijn hiervan op de hoogte gesteld door de griffie en afgesproken is dat de planning voor het aanleveren van de jaarstukken en de conceptbegrotingen zoals voorheen (rondom 1 april) blijft staan. Met de GR-en zijn in dezelfde trend afspraken gemaakt over de data van aanlevering van de stukken betreffende jaarrekening 2023 en begroting 2025.
3.5 Planning besluitvorming jaarrekeningen 2023 & begroting 2025 Aangezien de processen jaarrekening 2023 en begroting 2025 samenlopen, is de planning van beide documenten samengevoegd en éénmaal opgenomen. Wel wordt nog even gewezen op de verplichting tot tijdig aanleveren aan het CBS van de SISA-gegevens.
4. Financiële en beleidsmatige kaders 2025 Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan zendt vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten. Dit staat in artikel 34b van de WGR. Dat betekent dat voor 30 april 2024 de voorlopige jaarrekening 2023 alsmede de algemene financiële en beleidsmatige kaders bij de raden van de deelnemende gemeenten moet zijn ontvangen. In overleg met de verschillende GR-en wijken we van deze planning af en trekken we de planning wat naar voren, zodat de afwikkeling van de zienswijze op zowel rekening als begroting van de 5 GR-en nog het zomerreces 2024 plaats kan vinden.
5. Begrotingswijzigingen 2023 en 2024 Aangezien de wettelijke termijnen ervoor zorgen dat de tijd tussen begrotingssamenstelling en uitvoeringsjaar vrij groot is (kaders over begroting 2025 in november 2023) is de begroting nog steeds een financieel kader waar de nadere invulling in een later stadium plaats zal vinden. Wanneer moet de begroting gewijzigd worden? Een begroting wordt gewijzigd wanneer er majeure beleidswijzigingen zijn en/of er aanleiding is om de bijdragen van gemeenten te wijzigen (zowel positief als negatief). Een begrotingswijziging volgt hetzelfde besluitvormingstraject als de begroting: opstellen door DB, aanbieden aan raden, zienswijze door raden, vaststellen door AB en doorzenden naar de provincie. Indien de begrotingswijziging daar aanleiding voor geeft, zal deze worden voorzien van een advies van de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen.
6. Managementrapportages De financiële verordening van ieder GR bevat bepalingen over de managementrapportages welke jaarlijks van de GR verwacht worden, samen met regels over het toelichten van eventuele afwijkingen. De rapportages worden over het
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
13 van 17
BRN 2025
algemeen door het DB aan het AB aangeboden en vastgesteld. De gemeenten kunnen hun inbreng geven op de inhoud van de managementrapportages bij het AB waarin ze vertegenwoordigd zijn.
Planning managementrapportages volgens de financiële verordeningen GR VRGZ
Over periode Jan t/m april Jan t/m augustus
Jan t/m april GGD GZ
Jan t/m augustus
MGR
Jan t/m maart Jan t/m juni
ODRN MARN
Jan t/m maart Jan t/m juli Geen termijnen opgenomen
Bijzonderheden Afwijkingen worden toegelicht en zo nodig wordt een begrotingswijziging gemaakt. De planning kan afhankelijk van de AB-vergaderdata per periode met 1 maand plus of min aangepast worden. Over afwijkingen wordt gerapporteerd en zo nodig wordt begrotingswijziging aangeboden. De planning kan afhankelijk van de AB-vergaderdata per periode met plus of min 1 maand aangepast worden.
Binnen een maand na kwartaal worden deze aangeboden aan AB, gaat in op de relevante afwijkingen. Naar AB Afwijkingen worden toegelicht. Afwijkingen worden toegelicht.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
14 van 17
BRN 2025
7. Begroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 7.1 Algemeen De begroting 2025 wordt gebaseerd op: o Indien van toepassing de vastgestelde kaderbrief 2025; o De goedgekeurde begroting 2024 (inclusief tussentijdse wijzigingen); o De BRN en de financieringsregels zoals opgenomen in hoofdstuk 2 en 3 van dit document. De meerjarenraming wordt gebruikt voor de beoordeling van het structureel sluitend zijn van de begroting en een beoordeling van de financiële positie.
7.2 BTW compensatiefonds Met de invoering van het gewijzigde BTW-regime voor gemeenten , kunnen gemeenten de BTW, welke door gemeenschappelijke regelingen niet kan worden teruggevorderd, terugvorderen bij de Inspecteur van de Omzetbelasting op grond van het BTW Compensatiefonds (BCF). Gemeenschappelijke Regelingen geven in de begroting de verwachte BTWteruggave aan.
7.3 Risico’s In de begroting (en jaarrekening) wordt een risicoparagraaf opgenomen. Deze risico’s moeten vertaald worden naar een risicoprofiel, zodat gemeenten in hun eigen paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ook de risico’s van de gemeenschappelijke regeling op kunnen nemen.
7.4 WGR en termijnen In de WGR artikel 35 zijn voor de begroting (en begrotingswijzigingen) onderstaande termijnen en vereisten genoemd: 1. Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan zendt de ontwerpbegroting twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, onderscheidenlijk twaalf weken voordat zij door het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan wordt vastgesteld, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten. 2. De ontwerp-begroting wordt door de zorg van de besturen van de deelnemende gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. 3. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen bij het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie onderscheidenlijk het gemeenschappelijk orgaan hun zienswijze over de ontwerp-begroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 4.
Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie onderscheidenlijk het gemeenschappelijk orgaan stelt de raden van de deelnemende gemeenten voorafgaande aan het vaststellen van de begroting schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. 5. Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie onderscheidenlijk het gemeenschappelijk orgaan, zo nodig, de begroting aan de raden van de deelnemende gemeenten, die ter zake bij gedeputeerde staten hun zienswijze naar voren kunnen brengen.
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
15 van 17
BRN 2025
6. Het eerste, derde en vierde lid zijn van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting. In de gemeenschappelijke regeling kan worden bepaald ten aanzien van welke categorieën begrotingswijzigingen hiervan kan worden afgeweken. 7. De artikelen 186 tot en met 213 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan bij of krachtens deze wet niet is afgeweken.
7.5 Planning besluitvorming GR-jaarrekening 2023 en GR-begroting 2025 Per GR is de planning van de besluitingvorming in 2023 rondom de jaarrekeningen 2022 en de begroting 2024 als volgt:
GR
DB*
Afstemming GR & Adviesfunctie
Adviesfunctie
Gemeenten(raad)
AB
VRGZ
21 maart 2024
19 april 2024
26 april 2024
juni 2024
4 juli 2024
GGD GZ
21 maart 2024
19 april 2024
26 april 2024
juni 2024
MGR
28 maart 2024
19 april 2024
26 april 2024
juni 2024
ODRN
11 april 2024 (29 maart ontvangen we conc.stukken)
19 april 2024
26 april 2024
juni 2024
MARN
14 maart 2024
19 april 2024
26 april 2024
juni 2024
4 juli 2024 (jaarr.) & 5 sept. 2024 (begr.)
3 juli 2024
11 juli 2024 (jaar.) & 29 augustus 2024 (begr.)
4 juli 2024
* DB betreft de vergaderdatum van het DB. Toezenden naar gemeenten volgt z.s.m. maar heeft over het algemeen een doorlooptijd van enkele dagen. Aan de GR-en wordt gevraagd hun documenten eerder al in conceptvorm aan de adviesfunctie aan te bieden, zodat eerder gestart kan worden met het beoordelen van de stukken (dit in verband met de zeer krappe doorlooptijd en gelijktijdigheid van de adviezen).
7.6 Toelichting GR-en op kaderbrieven. Door de aanlevering van de de kaderbrieven voor het begrotingsjaar 2025 is het volgende afgesproken. Op 11 december 2023 vindt er een regionale bijeenkomst plaats voor de raden, waarin de GR-en zelf de kaderbrieven komen toelichten. De bespreking in de Raad vindt dan plaats in de vergadercyclus van januari 2024 (in Nijmegen: gespreksrondes 17 januari 2024 en besluitvorming op 31 januari 2024).
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
16 van 17
BRN 2025
Bijlage 1 Inwonersaantallen.
Inwoneraantallen Gemeenten (deelname AGR) Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Mook en Middelaar Nijmegen West Maas en Waal Wijchen Totaal Overzicht aantal inwoners gemeenten Regio Rivierenland Buren Culemborg West Betuwe: * Geldermalsen * Lingewaal * Neerijnen Maasdriel Neder-Betuwe Tiel Zaltbommel Subtotaal Druten West Maas en Waal Subtotaal Totaal Rivierenland
BegrotingsRichtlijnen regio Nijmegen 2025
1-1-2024 35.920 26.673 19.700 16.930 8.134 185.750 20.250 42.303 355.600
27.798 29.924 52.910
26.153 25.574 42.900 30.650 235.909 19.700 20.250 39.950 275.888
17 van 17