Bijlage 4b DocksNLD Posad Maxwan
Tekst van het document
Bijlage 1:
Landschappelijke analyse mogelijke uitbreidingslocaties DocksNLD
Inhoudsopgave Context
4
1
Analyse
6
2
3D analyse
16
3
Conclusies
32
3D Beelden
36
Context
DocksNLD ligt in de gemeente Montferland, aan de
niet compact, XXL-bedrijvenpark. De verstoring van het
gepresenteerd om tot een definitief oordeel te komen.
grens met Duitsland. Het huidige DocksNLD terrein
zicht over het omringende open landschap is daardoor
De gevolgen van uitbreiding van het bestaande areaal
ligt aan de Meilandsedijk (N816). Volgens ‘Vraag en
relatief groot (totale lengte meer dan 2 km).
in twee richtingen, de oost-variant en de noord-variant,
aanbod XXL-logistiek’ is DocksNLD, op één kavel van 3,9
worden onderzocht. Eerst wordt een beschrijving van
hectare na, uitgegeven (peildatum 1 mei 2020). Er zijn
Kavel C komt in de analyse naar voren als meer compacte
de ontstaansgeschiedenis van het gebied gegeven van
plannen voor uitbreiding van DocksNLD. Hiervoor zijn
uitbreiding van DocksNLD en heeft daarom de voorkeur
waaruit de landschappelijke karakteristieken worden
drie mogelijke ontwikkelrichtingen onderzocht in het
gekregen boven de ontwikkeling van kavels A en B.
geduid. Ook worden nieuwe ontwikkelingen rondom
hoofdrapport behorende bij deze bijlage: de oost-variant
duurzame energie in beeld gebracht om te analyseren of
(kavel A+B), de noord-variant (kavel C) en de variant op
Door Royal HaskoningDHV (aug ’16) is een
deze een landschappelijke impact hebben die een relatie
Duits grondgebied (kavel D). Kavel D zien we als meest
landschappelijke beoordeling gegeven over de benutting
heeft met de ontwikkelingen van DocksNLD.Daarnaast
compacte uitbreiding. Ondanks de minder efficiënte,
van de verschillende kavels. De achtergrond van de
is middels een 3D model van de actuele situatie een
gebogen afbakening aan de zuidzijde verdient dit kavel
voorkeur is helder omschreven in een uitgebreide en
impactstudie gemaakt om de verschillende varianten te
de voorkeur boven de andere kavels. Voor benutting
zorgvuldige studie. In deze beoordeling wordt aangegeven
kunnen beoordelen. De beelden worden in een kleine
is de medewerking van Duitse autoriteiten nodig - de
dat benutting van kavels A, B of C de voor het landschap
versie naast elkaar gepresenteerd maar zijn aan het einde
bereidheid om hier vaart achter te zetten lijkt gering.
kenmerkende openheid aantast. RHDHV concludeert dat
van het rapport ook in het groot zichtbaar gemaakt om zo
het moeilijk is een voorkeur aan te geven voor A+B óf C.
goed de impact te kunnen beoordelen.
Met deze kennis zijn, in het licht van zorgvuldig ruimtelijk
Ze besluiten met een lichte voorkeur voor A+B op basis
handelen, ook de noord-variant en de oost-variant in
van de zichtbaarheid van de stuwwal. De advisering van
afweging genomen. Hierbij concluderen we dat met de
RHDHV en onze advisering verschillen op dit punt.
ontwikkeling van kavels A en B een ‘verlenging’ van het bestaande DocksNLD ontstaat. Door de uitbreiding aan
Om tot een definitief oordeel te komen wordt in deze
één zijde van de Meilandsedijk ontstaat een langgerekt,
rapportage aanvullend analyse- en beeldmateriaal
4
Mogelijke uitbreidingslocaties DocksNLD
C 39 HA
D 72 HA
A 20 HA
B 48 HA
5
01
Analyse
1.1 Natuurlijke ontstaansgeschiedenis
Om de impact op het landschap te kunnen begrijpen
In de koudere periodes na de laatste ijstijd zijn uit de
is het van belang om de ontstaansgeschiedenis en
zanderige riviervlaktes op grote schaal rivierduinen
de historie van het landschap te doorgronden. Het
opgestoven. Deze rivierduinen zorgen lokaal voor reliëf.
huidige landschap rondom het onderzoeksgebied is in de loop der eeuwen in grote mate gevormd door
De vormingsprocessen onder invloed van gletsjers en
natuurlijke processen. Een belangrijk moment in deze
rivieren hebben in grote mate geresulteerd in het huidige
ontstaansgeschiedenis is de vorming van de stuwwallen,
landschap. Het lokale, oorspronkelijke landschap is
die nog steeds een belangrijk visueel ankerpunt in de
van groot belang geweest bij de locatiekeuze en het
omgeving vormen. De gelaagde stuwwalen van de Veluwe,
landgebruik van de mens. Relatieve hoogteligging en
het rijk van Nijmegen en het Monferland in het Gelderse
-verschillen zijn bepalen namelijk of en hoe een gebied
landschap zijn in deze voorlaatste ijstijd door gletsjers
geschikt is voor menselijke bewoning en ontwikkeling.
opgestuwd.
De ontginningsgeschiedenis is dus in sterke mate gerelateerd aan de natuurlijke ontstaansgeschiedenis.
In de laatste ijstijd rijkte het landijs minder ver dan in de voorlaatste ijstijd. De stuwwallen werden onder invloed van allerlei erosie- en afzettingsprocessen verder gevormd naar de vormen die meer lijken op hoe we ze nu kunnen waarnemen. De stuwwal van het Montferland werd gescheiden van de Stuwwal van Kleef en in de steeds groter wordende openingen tussen de stuwwallen ontstond ruimte voor de rivieren.
8
IJssel
IJssel
Beweegrichting gletsjers
Arnhem
Oude IJssel
Oude IJssel Waal
Waal
DocksNLD
‘s-Heerenberg DocksNLD
DocksNLD Nijmegen Maas
Stroomrichting rivieren
Maas
Kleef
Stroomrichting rivieren
1. Voorlaatste ijstijd (Saaliën)
2. Laatste ijstijd (Saaliën)
3. Eindperiode vanaf laatste ijstijd en daarna
200.000 - 130.000 v.Chr.
110.000 - 10.000 v.Chr.
vanaf 10.000 v.Chr.
Ontstaan stuwwallen door het opstuwen van grond als
Ontstaan Rijndal en doorbraak Gelderse Poort onder
Vorming dekzanden en vestiging mens aan de randen van
gevolg van het voortbewegen van de gletsjers
invloed van de rivieren
de stuwwallen
9
1.2 Historische ontwikkeling Op de historische kaart op de volgende bladzijde zijn veel van de natuurlijke invloeden op het landschap nog zichtbaar. Ook is duidelijk waar te nemen hoe de mens het landschap in gebruik heeft genomen. De historische kaart laat goed het verschil in landgebruik en kavelgrootte zien dat bij de verschillende
C
landschapstypen past. Daarbij zijn ook de kenmerkende
C
stuwwal en de IJsselvallei duidelijk te herkennen. Deze twee landschappelijke eenheden bepalen in grote mate het karakter van het gebied. De verschillende landschapstypen die hieraan gekoppeld kunnen worden, zullen op de volgende pagina’s kort worden toegelicht. Topografische kaart 1880
Luchtfoto 2019
Wanneer de topografische kaart van 1880 wordt vergeleken met de meest recente luchtfoto’s van het gebied, dan blijkt dat op beide mogelijke ontwikkellocaties nog elementen van de oorspronkelijke verkavelingsstrcutuur te herkennen zijn. Er zijn echter ook op beide locaties een groot aantal sporen uit het verleden verdwenen door ruilverkaveling.Op basis van deze gegevens is er geen voorkeur uit te spreken voor een
A
B
A
B
van de ontwikkellocaties met betrekking tot het behoud van historische waarden.
Topografische kaart 1880
Luchtfoto 2019
10
Historische kaart (1937)
C D
A
B
1.3 Landschapstypen Het studiegebied kan op basis van de ontstaans-
en Zeddam liggen tegen de voet van de stuwwal, dichtbij
uitbreidingslocaties van DocksNL liggen in een gebied
en ontginningsgeschiedenis grofweg in twee
de akkercomplexen.
dat als broekontginning kan worden aangeduid.
IJsselvallei
Kampenlandschap
Rivierweidelandschap
De langgerekte dekzandruggen in de lage delen van
Rivierweidelandschap
Langs de Oude IJssel komen gebieden voor die
de IJsselvallei zijn in de laatste ijstijd ontstaan door
Boslandschap
vergelijkbaar zijn met de uiterwaarden, alleen zijn ze vaak
opstuivend zand. Op deze hogere plekken in een
De droge en schrale zandgronden boven op de stuwwal
onbedijkt. Dit wordt ook wel het rivierweidenlandschap
overwegend lage en natte vallei is een kampenlandschap
zijn minder geschikt als landbouwgrond en hebben zich
genoemd. Kenmerkend voor dit landschap is de
ontstaan: kleinschalige individuele akkers van
ontwikkeld tot een boslandschap. De naaldbossen,
grootschaligheid en het ontbreken van bebouwing.
boerenbedrijven met een gemengde bedrijfsvoering. Om
ooit aangeplant voor de houtoogst, worden nu op veel
Bij de ontginning is meestal een blokverkaveling
de gewassen te beschermen tegen wildvraat en wind,
plekken langzaam omgevormd tot loofbossen middels
toegepast en de kavels zijn vervolgens als grasland in
worden ze omgeven met houtwallen en houtsingels.
beheersmaatregelen. Hier krijgen inheemse boomsoorten
gebruik genomen. Beplanting bestaat veelal uit solitaire
Wegen volgden de hogere delen in het landschap en
zoals de eik en de beuk meer ruimte.
bomen, niet uit lijnbeplanting. De waterloop zorgt voor
hebben hierdoor vaak een bochtig verloop.
landschapseenheden opgesplitst worden Beide zijn onder te verdelen in verschillende landschapstypen.
een slingerend patroon wat zich ook vertaald in het Esssenlandschap
wegenpatroon.
In de voorlaatste ijstijd vond er een overgang plaats van de gevormde hoge stuwwalen naar nattere gronden. Aan
Broekontginning
de voet hiervan liggen de essen (in sommige delen van
Het broeklandschap ligt in de lage zones van de
het land ook enken of engen genaamd). De essen zijn
IJsselvallei en was daarom voor de landbouw vaak minder
open akkercomplexen, hebben vaak geen beplanting en
geschikt. Door een verbeterde manier van afwatering,
soms een bolle ligging. Aan de randen van de akkers zijn
konden de gronden in de loop van de 19e eeuw
vaak houtwallen aangelegd ter bescherming tegen wild
ontgonnen worden en werden deze vervolgends ingezet
en oprukkende stuifzanden. Het wegenpatroon is een
als weides voor het vee. Het huidige broeklandschap
mix van traditioneel rechte en slingerende wegen. De
wordt gekenmerkt door de grote mate van openheid;
bebouwing is geconcentreerd aan de rand van de akker.
het is een landschap met weinig en ver verspreide
Rondom de stuwwal van het Montferland zijn de essen
bebouwing en beplanting. Alle te onderzoeken
nog volop te vinden. Dorpen als Stokkum, ’s-Heerenberg
12
Achterhoek Boslandschap
Rivierweidelandschap
Kampenlandschap
Montferland
IJsselvallei
Essenlandschap
C D
Duitsland Rijnvallei
A
B
Broekontginningslandschap
1.4 Energietransitie De energietransitie gaat het landschap in Nederland
In de gemeente Oude IJsselstreek is in 2018 het windpark
mogelijk. Voor zonnevelden geeft de gemeente twee keer
op vele plaatsen veranderen. Ook in de gemeente
Den Tol onherroepelijk vergund. In het plan is ruimte
een tranche van 30 ha vrij voor ontwikkeling. In 2019 is in
Montferland en de buurgemeente Oude IJsselstreek
gevonden voor negen windturbines op een afstand van
totaal voor 36 hectares vergund waarvan één project (De
wordt deze transitie vormgegeven. Mede door het traject
ruim 1,7km van het bestaande DocksNLD terrein. De
Zonnewilg, 10 ha) in het gebied ten oosten van DocksNLD
van Regionale Energie Strategieën (RES) wordt op
negen turbines, in twee lijnopstellingen, veranderen
ligt, op ruim 2,5km. De openheid rondom DocksNLD
gemeentelijk en regionaal niveau nagedacht over locaties
de aanblik van het landschap maar hebben een eigen
wordt hiermee niet aangetast.
voor de opwek van hernieuwbare energie. Concreet
schaal, maat en logica en relateren zich niet tot de
wordt gezocht naar plekken voor nieuwe windturbines en
bebouwing van DocksNLD. Ook hebben de windturbines
De huidige ontwikkelingen omtrent de opwek van
zonnepanelen. Omdat de impact van deze ontwikkelingen
slechts beperkt impact op de mate van openheid van het
hernieuwbare energie in de directe omgeving van
op het landschap in sommige gevallen dermate groot
landschap.
DocksNLD geven in onze ogen geen aanleiding om een van de ontwikkellocaties boven de andere te prefereren.
is, worden de mogelijke ontwikkelingen hier in kaart gebracht. Daarna wordt de afweging gemaakt of dit van
Zonne-energie
invloed is op de keuze voor uitbreidingsrichting van
Ook over de mogelijke locaties voor grootschalige
DocksNLD.
zonnevelden >=2,5 ha doet het afwegingskader van de gemeente Montferland uitspraken. De gemeente
Windenergie
werkt met een restrictieve ‘zonneladder’ waarbij
Het afwegingskader ‘Ruimte voor duurzame energie’
ontwikkelingen van zonneparken in het buitengebied
van de gemeente Montferland (apr ’20) geeft aan
op de derde en laatste plaats staan. Daarnaast wordt
waar en onder welke voorwaarden zonnepanelen en
een fasering gehanteerd op basis van de draagkracht
windturbines een plek kunnen krijgen in de gemeente.
van verschillende landschapstypen waarbij het
Voor windenergie is een ontwikkelgebied opengesteld
broekontginningenlandschap rondom DocksNLD niet als
waarbinnen initiatieven gerealiseerd kunnen worden.
productielandschap wordt aangemerkt. Hierdoor is de
Zowel de oostelijke als de noordelijke ontwikkellocatie
kans dat hier zonnevelden gerealiseerd worden beperkt.
van DocksNLD valt binnen dit gebied. De gemeente Oude IJsselstreek heeft het gebied grondgebied ten westen van DocksNLD aangemerkt als ‘kansgebied’ voor de opwek van duurzame energie. Initiatieven zijn hier onder bepaalde voorwaarden
14
ORANJE waardevol landschap – grootschalige opwek van duurzame energie is niet mogelijk, en kleinschalige opwek van duurzame energie is alleen onder zeer beperkte voorwaarde mogelijk. GROEN kansgebied – grootschalige opwek van duurzame energie is onder bepaalde voorwaarden mogelijk. BLAUW kansgebied met een waarde uit het bestemmingsplan buitengebied – er geldt hetzelfde als in het kansgebied alleen dient er bij de inpassing extra rekening te worden gehouden met de betreffende waarde(n) voor dat gebied, mits nog zichtbaar in het landschap. Voorkomende waarden zijn zandwegen, houtwal, reliëf, vegetatie en openheid PAARS (toekomstige) bedrijventerreinen – mogelijkheden zijn bepaald door type Vergunde voorkeursvariant Windpark Den Tol (boven: plankaart; onder: visualisatie) (www.windparkdentol.nl)
Inpassingskaart duurzame energie gemeente Oude IJsselstreek (Okt ‘20)
en schaalgrootte van de toegepaste techniek.
15
02
3D analyse
2.1 Uitgangspunten
Het 3D model is gegenereerd op basis van de meest
mogelijk bij de volumes te blijven die in de rapportage
waarneembaar. De impact van de ontwikkelingen op het
recente GIS-data uit de Basisregistratie Grootschalige
van RHDHV zijn ingetekend om zo de vergelijkbaarheid
beeld vanaf de omgeving wordt beoordeeld vanuit vijf
Topografie (BGT) van het Kadaster (peildatum 6 okt ‘20).
te vergroten tussen beide rapporten te vergroten. De
standpunten (4, 5, 6, 7 en 8). De beelden zijn ook in een
De data uit de BGT is tot op 20 centimeter nauwkeurig
gehanteerde invulling is in de afbeelding op de volgende
grote versie aan het einde van deze bijlage toegevoegd.
en bevat gegevens over de aanwezigheid van onder meer
bladzijde zichtbaar.
bomen, wegen en gebouwen. Voor een nauwkeurig model zijn de gegevens verkregen uit de BGT geverifieerd met
De geplande nieuwe ontwikkelingen voor het bestaande
gegevens van het Actueel Hoogtebestand Nederland
DocksNLD terein zijn in het model in de ‘huidige’ situatie
(AHN). Daarnaast zijn middels een locatiebezoek de
opgenomen. Er wordt namelijk met redelijke zekerheid
gegevens gecontroleerd en aangevuld met locatie-
verwacht dat deze binnen de komende twee jaar gebouwd
specifieke kenmerken die niet in de BGT zijn opgenomen.
zijn.
Voor de mogelijke invulling van de onderzochte
Afbeeldingen uit het 3D model worden met een virtuele
ontwikkellocaties zijn bouwvolumes met een hoogte van
camera met een 50mm lens gegenereerd. Dit is om
14m en 20m gemodelleerd. Hiervoor is gekozen omdat
vergroting of verkleining te voorkomen ten opzichte van
logistieke hallen in de praktijk vaak niet hoger dan 14
de de echte situatie die wordt gezien met het menselijk
meter mogen zijn vanwege de brandveiligheidseisen. Het
oog.
bestemmingsplan biedt echter de mogelijkheid om tot 20m hoogte te bouwen.
De zichtbaarheid van de stuwwal vanaf de N816 wordt beoordeeld aan de hand van drie standpunten (1, 2 en 3).
De ontwikkelkavels zijn voor tweederde gevuld met
De standpunten zijn representatief voor het gehele beeld
bouwvolumes. Qua vorm is gekozen om zo dicht als
vanaf de N816. De stuwwal is op elk van de standpunten
18
Overzicht standpunten
5 6
C
3
D
4
A
2
1 7
B
8
19
2.2 Zichtbaarheid stuwwal vanaf de N816
Getoonde 3D beelden zijn vanaf pagina 36 in groot formaat te zien
Standpunt 1 Vanuit standpunt 1 is de stuwwal goed te ervaren kijkend in noordwestelijke richting. Ontwikkelingen op kavel C doen geen afbreuk aan dit beeld. In meer westelijke richting blokkeren bestaande bebouwing en een bomengroep voor kavel C het zicht op de stuwwal. Het toevoegen van bebouwing op kavel C zal hier dus geen verdere impact hebben op de zichtbaarheid van de stuwwal.
Stuwwal zichtbaar kijkend in noordwestelijke richting
1
Zichtbaarheidsanalyse stuwwal huidige situatie
Huidige situatie
Zicht blokkerend element Deels zicht blokkerend element
20
Ontwikkeling kavel C (14m hoog)
Ontwikkeling kavel C (20m hoog)
21
Standpunt 2 Vanuit standpunt 2 is de stuwwal in twee kijkrichtingen te zien. De beste ervaring is in de meest noordelijke kijkrichting. Ontwikkelingen op kavel C hebben geen invloed op dit beeld. In de meer westelijke kijkrichting wordt het zicht grotendeels weggenomen door de boerderij en verschillende bomenrijen. De -al zeer beperkte- zichtbaarheid van de stuwwal wordt door de ontwikkeling op kavel C weggenomen.
Zicht op de stuwwal grotendeels weggenomen door bomenrijen.
Stuwwal zichtbaar kijkend in noordwestelijke richting.
2
Zichtbaarheidsanalyse stuwwal huidige situatie
Huidige situatie
Zicht blokkerend element Deels zicht blokkerend element
22
Ontwikkeling kavel C (14m hoog)
Ontwikkeling kavel C 2(0m hoog)
23
Standpunt 3 Vanuit standpunt 3 is de stuwwal voor een klein deel zichtbaar. De zichtbaarheid wordt voor een groot deel beperkt door bestaande bomenrijen. Ontwikkelingen op kavel C zullen dit zicht wegnemen. Hierbij moet worden opgemerkt dat het zicht dat op de stuwwal vanuit standpunt 3 slechts korte
Zicht op de stuwwal
tijd te zien is als vanuit oostelijke richting naar het westen wordt gereden.
Stuwwal zichtbaar kijkend
grotendeels weggenomen
in noordwestelijke richting.
door bomenrijen.
3
Zichtbaarheidsanalyse stuwwal huidige situatie
Huidige situatie
Zicht blokkerend element Deels zicht blokkerend element
24
Ontwikkeling kavel C (14m hoog)
Ontwikkeling kavel C 2(0m hoog)
25
2.3 Beleving vanaf N816
Getoonde 3D beelden zijn vanaf pagina 36 in groot formaat te zien
Standpunt 4 Vanuit standpunt 4 is te zien dat een ontwikkeling van kavels A en B een ‘verlenging’ van het bestaande DocksNLD betekent. Door de uitbreiding aan één zijde van de Meilandsedijk ontstaat een langgerekt, niet compact, XXL-bedrijvenpark. De verstoring van het zicht over het omringende landschap is daardoor relatief groot (totale lengte meer dan 2 km). Daarnaast is te zien dat de ontwikkeling van kavel C binnen de bestaande ‘kamer’ valt en voor een groot deel uit het zicht wordt genomen door de bestaande zoombeplanting.
Huidige situatie
26
Ontwikkeling kavel C (14m hoog)
Ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
Ontwikkeling kavel C (20m hoog)
Ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
27
2.4 Impact zicht op de omgeving Getoonde 3D beelden zijn vanaf pagina 36 in groot formaat te zien
Standpunt 5, 6 en 7 Vanuit standpunten 5, 6 en 7 kan vanaf dezelfde plek zowel het zicht op de stuwwal, als de mogelijke ontwikkeling van kavel A + B en kavel C worden beoordeeld.
Standpunt 5
Het hoogste punt van
Kavel C ligt achter de bomenrij. Het
de stuwwal is vanaf hier
zicht op de stuwwal wordt door deze
Belangrijk voor de beleving van
onbelemmerd zichtbaar
bomenrij grotendeels ontnomen.
inwoners van Netterden en Azewijn.
Standpunt 6
Open zicht van noord naar zuid.
Standpunt 7
28
Standpunt 5, 6 en 7 Het zicht op de stuwwal wordt door beide ontwikkelingen niet belemmerd in standpunt 5. Bij standpunt 6 wordt het doorzicht belemmerd door bestaande bebouwing en de bestaande bomenrijen. Ontwikkeling van kavel C draagt hier gering aan bij. In standpunt 7, vanuit Azewijn kijkend richting zuid, wordt een nieuw deel van het open zicht in de noord-zuid richting belemmerd door de ontwikkeling op kavel A + B.
Standpunt 5: Huidige situatie
29
Standpunt 6
Standpunt 6: Huidige situatie
Standpunt 7
Standpunt 7: Huidige situatie
Standpunt 6: Ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
Standpunt 6: Ontwikkeling kavel C (14m hoog)
Standpunt 6: Ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
Standpunt 6: Ontwikkeling kavel C (20m hoog)
Standpunt 7: Ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
Standpunt 7: Ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
30
Standpunt 8 Op de beelden van standpunt 8 is zichtbaar dat ontwikkelingen op kavel A+B het zicht op de stuwwal ontneemt vanuit Netterden. Ook is in beeld gebracht wat het betekend als kavel B slechts deels (tot de Netterdseweg) wordt ontwikkeld. Hiermee ontstaat welliswaar een beter inpasbaar bedrijfsterrein en zal de Netterdseweg minder aan karakter verliezen. Het blijft echter een niet compacte uitbreiding van DocksNLD en is daarmee minder wenselijk.
A
B
A
B
Stuwwal zichtbaar kijkend in noordwestelijke richting.
Standpunt 8: Huidige situatie
Standpunt 8: Ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
Standpunt 8: Ontwikkeling kavel A+ deel B (14m hoog)
Standpunt 8: Ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
Standpunt 8: Ontwikkeling kavel A+ deel B (20m hoog)
03
Conclusies
3.1 Conclusies
De analyse en de getoonde beelden in deze bijlage (die
weggenomen door de verschillende bomenrijen.
RHDHV maakt in hun rapportage de ervaring van de
vanaf pagina 36 in grote versie te zien zijn) ondersteunen
Ontwikkelingen op kavel C hebben slechts in
stuwwal vanaf de N816, in westelijke richting rijdend,
beperkte mate invloed op dit zicht.
tot uitgangspunt van hun visuele studie en advies.
Vanuit standpunt 3 is de stuwwal voor een klein deel
Opgemerkt moet worden dat dit overwegend een ervaring
en resulteren in een compacter bedrijventerrein dan de
zichtbaar maar wordt deze zichtbaarheid grotendeels
is vanuit het gezichtspunt van de automobilist, door de
ontwikkeling van kavel A+B.
beperkt door bestaande bomenrijen. Ontwikkelingen
voorruit, terwijl het wegbeeld (verkeer, verkeersborden,
op kavel C zullen dit zicht wegnemen.
rijbaan met bochten) de meeste aandacht opeist. Wij
de conclusie uit het hoofdrapport. Een ontwikkeling op kavel C zal leiden tot minder impact op het landschap
•
Impact zicht op de stuwwal vanaf de Meilandsedijk
zijn van mening dat de ervaring vanaf andere plekken,
(N816)
Hieruit kan geconcludeerd worden dat de ontwikkelingen
weg van de hoofd-autoroute, al lopend of fietsend in de
Om de beleving van de stuwwal vanaf de N816 te
op kavel C slechts in zeer geringe mate afbreuk doen aan
omgeving van minstens zoveel, zo niet grotere waarde is.
onderzoeken zijn beelden gemaakt vanuit drie
het zicht op de stuwwal vanaf de N816. Een belangrijk
verschillende standpunten. In alle drie de standpunten is
deel van de zichtlijnen op de stuwwal wordt in de
In het winterbeeld zullen de bomen en struiken die
de stuwwal in meer of mindere mate zichtbaar:
bestaande situatie al geblokkeerd door de bestaande
het zicht op de stuwwal ontnemen minder aanwezig
•
•
logistieke hallen en de bestaande bomenrijen en
zijn. Hierdoor zijn gebouwen beter zichtbaar en meer
Vanuit standpunt 1 is de stuwwal goed te ervaren
haagstructuren. De beste overgebleven zichtlijnen
dominant. Dit is echter geen doorslaggevend argument
kijkend in noordwestelijke richting. Ontwikkelingen
worden door ontwikkelingen op kavel C niet belemmerd.
voor het advies. De meeste wandel- en fietsbewegingen
op kavel C doen geen afbreuk aan dit beeld.
Indien rondom Azewijn wordt geinvesteerd in een zoom
zullen in de ‘groene’ maanden plaatsvinden
Vanuit standpunt 2 is de stuwwal in twee
met beplanting van oude bouwlanden en rijke erven,
kijkrichtingen te ervaren. De beste ervaring is in
zoals door RHDHV wordt geadviseerd zal het zicht op de
Landschappelijke afweging
de meest noordelijke kijkrichting. Ontwikkelingen
stuwwal nog verder beperkt worden. Door het versterken
Beide ontwikkelopties zijn gelegen in wat getypeerd kan
op kavel C hebben geen invloed op dit beeld. In de
van de kamerstructuur, wordt het bedrijventerrein op
worden als een broekontginningslandschap. Het betreft
westelijke kijkrichting wordt het zicht grotendeels
kavel C een minder dominant element.
een van origine relatief open landschap met verspreide
34
bebouwing. Op beide locaties zijn elementen van de
Energietransitie
ontwikkelingen op kavel C is beperkt tot een klein
oorspronkelijke verkavelingsstructuur te zien, maar
De huidige ontwikkelingen omtrent de opwek van
aantal doorzichten die in grote mate door bestaande
zijn door ruilverkaveling ook een groot aantal sporen
hernieuwbare energie in de directe omgeving van
bomenrijen en houtwallen worden belemmerd. De
uit het verleden verdwenen. Rondom kavel C vormen
DocksNLD geven in onze ogen geen aanleiding om een
impact is hiermee in onze ogen dermate gering dat dit
de smalle wegen met bomenrijen en onderbegroeiing
van de ontwikkellocaties boven de andere te prefereren.
niet als bezwaar wordt gezien voor ontwikkeling van
een kamerstructuur waarbinnen ontwikkelingen
kavel C.
grotendeels uit het zicht ontnomen worden. Hierdoor
Conclusie
is een ontwikkeling op kavel C beter inpasbaar en
In beide ontwikkelrichtingen, oost én noord, zal een
doet een ontwikkeling hier minder afbreuk aan de
uitbreiding van DocksNLD een impact hebben op
openheid van het landschap. Het verder herstellen
de beleving van het landschap en de omgeving. Een
van deze boomstructuren, iets wat ook door RHDHV
ontwikkeling op kavel C zou in onze ogen beter kunnen
wordt geadviseerd zal deze kamerstructuur versterken.
uitpakken (minder ingrijpend voor het landschap, een
Een ontwikkeling op kavel A + B strekt zich over de
meer compact bedrijventerrein) gezien dit een meer
Netterdseweg, de historische verbinding tussen
compacte keuze is dan de uitbreiding op kavels A + B.
Netterden en Azewijn. Een ontwikkeling hier zal op een
Kavels A + B zijn een ‘verlenging’ van het bestaande
zorgvuldige manier ingepast moeten worden om het
DocksNLD waardoor aan één zijde van de Meilandsedijk
karakter van deze verbinding zo min mogelijk verstoren.
een langgerekt, niet compact, XXL-bedrijvenpark ontstaat. De verstoring van het zicht over het omringende landschap is daardoor relatief groot (totale lengte meer dan 2 km). Ook is de ontwikkeling op kavels A + B beter waarneembaar vanuit de dorpen Azewijn en Netterden. De impact op de zichtbaarheid van de stuwwal door
35
Standpunt 1: huidige situatie
36
Standpunt 1: ontwikkeling kavel C (14m hoog)
37
Standpunt 1: ontwikkeling kavel C (20m hoog)
38
Standpunt 2: huidige situatie
39
Standpunt 2: ontwikkeling kavel C (14m hoog)
40
Standpunt 2: ontwikkeling kavel C (20m hoog)
41
Standpunt 3: huidige situatie
42
Standpunt 3: ontwikkeling kavel C (14m hoog)
43
Standpunt 3: ontwikkeling kavel C (20m hoog)
44
Standpunt 4: huidige situatie
45
Standpunt 4: ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
46
Standpunt 4: ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
47
Standpunt 4: ontwikkeling kavel C (14m hoog)
48
Standpunt 4: ontwikkeling kavel C (20m hoog)
49
Standpunt 5: huidige situatie
50
Standpunt 6: huidige situatie
51
Standpunt 6: ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
52
Standpunt 6: ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
53
Standpunt 6: ontwikkeling kavel C (14m hoog)
54
Standpunt 6: ontwikkeling kavel C (20m hoog)
55
Standpunt 7: huidige situatie
56
Standpunt 7: ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
57
Standpunt 7: ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
58
Standpunt 8: huidige situatie
59
Standpunt 8: ontwikkeling kavel A+B (14m hoog)
60
Standpunt 8: ontwikkeling kavel A+ deel B (14m hoog)
61
Standpunt 8: ontwikkeling kavel A+B (20m hoog)
62
Standpunt 8: ontwikkeling kavel A+ deel B (20m hoog)
63
Colofon Deze studie is uitgevoerd door PosadMaxwan in opdracht van de regio Arnhem Nijmegen.
Posad Maxwan: Rients Dijkstra, Vincent Peters, Emma de Haan
Posad Maxwan Binckhorstlaan 36 2516 BE Den Haag tel: 070 322 2869
oktober 2020
64
65