Bijlage 2: Notitie cameratoezicht
Tekst van het document
Notitie cameratoezicht in Doesburg Vraagstelling
Kan cameratoezicht op specifieke risicoplekken bijdragen aan preventie en opsporing?
1. Effectiviteit van cameratoezicht
Onderzoek van het CCV (Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid) wijst uit dat cameratoezicht niet voor alle problemen bewezen effectief is. Belangrijke bevindingen: • Preventieve werking: Cameratoezicht heeft een beperkte preventieve werking. Het kan het aantal niet-impulsieve delicten (zoals vermogensdelicten) enigszins terugdringen, maar impulsieve delicten (zoals geweld) worden niet significant verminderd. • Opsporing en snelle interventie: Het grootste nut ligt in het mogelijk maken van snel ingrijpen en het opsporen van daders. • Veiligheidsgevoel: Er is geen wetenschappelijk bewijs dat cameratoezicht het veiligheidsgevoel van burgers verhoogt. • Live toezicht: Bij impulsieve delicten is live monitoring en de-escalatie cruciaal om effect te bereiken. De motie ‘Samen voor veiligheid en respect’ gaat vooral over geweldsdelicten in de openbare ruimte van Doesburg. Over het algemeen liggen de criminaliteitscijfers in Doesburg de afgelopen jaren lager dan het landelijk gemiddelde, wat wijst op een relatief veilige leefomgeving. Uitzonderingen zijn de meldingen van overlast door jeugd en verwarde personen. Die liggen in Doesburg hoger dan het landelijk gemiddelde. Om deze overlast te beperken is vooral live-toezicht en de-escalatie effectief. De preventieve werking van cameratoezicht is beperkt en kent ook de nodige bezwaren en risico’s (zie ook punt 3).
2. Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Volgens artikel 151c van de Gemeentewet, artikel 2:77 van de APV en de AVG (privacywetgeving) gelden de volgende voorwaarden voor publiek cameratoezicht: • •
• • • • • •
Doelbinding: Cameratoezicht mag alleen worden ingezet voor handhaving van de openbare orde, verkeersveiligheid of opsporing van strafbare feiten. Noodzaak en proportionaliteit: Er moet sprake zijn van een concrete aanleiding (bijv. overlast, criminaliteit) en cameratoezicht moet proportioneel zijn ten opzichte van het probleem. Subsidiariteit: Eerst moeten andere maatregelen geprobeerd zijn (buurtcoaches, verlichting, extra toezicht). Besluitvorming: De burgemeester moet formeel besluiten tot het plaatsen van camera’s. Dit besluit moet worden gepubliceerd. Tijdelijkheid: Cameratoezicht is vaak tijdelijk en moet regelmatig worden geëvalueerd. Informatieplicht: Burgers moeten duidelijk geïnformeerd worden over het cameratoezicht (bijv. via borden). Privacybescherming: Beelden mogen alleen worden bekeken door bevoegde personen (zoals politie) en moeten binnen een wettelijke termijn worden verwijderd. Technische en organisatorische maatregelen: Camera’s moeten veilig zijn geplaatst en beelden goed worden beveiligd tegen misbruik.
Vooralsnog is er geen juridische grondslag voor publiek cameratoezicht in Doesburg. De criminaliteit neemt de laatste jaren juist af en er worden geen frequente geweldsdelicten
gemeld in Doesburg. Voor de toenemende overlast van jeugd en verwarde personen is live toezicht en de-escalatie effectiever.
3. Bezwaren en risico’s • • • • • • •
Privacy inbreuk: Burgers kunnen zich bespied voelen, wat leidt tot een gevoel van controle en beperking van vrijheid. Schijnveiligheid: Camera’s voorkomen geen incidenten, ze registreren ze slechts. Preventieve werking is beperkt. Kosten: Aanschaf, installatie, onderhoud en beheer van camera’s zijn kostbaar. Beperkte effectiviteit: Criminaliteit kan zich verplaatsen naar plekken zonder toezicht. Juridische risico’s: Onzorgvuldige omgang met beelden kan leiden tot schending van de AVG en juridische claims. Maatschappelijke weerstand: Sommige bewoners of organisaties kunnen bezwaar maken tegen het toezicht. Beperkte capaciteit voor opvolging: Camerabeelden zijn nutteloos als er geen capaciteit is om ze te monitoren of op te volgen.
Bovenstaande argumenten maken ook duidelijk dat het invoeren van cameratoezicht zorgvuldig moet worden afgewogen. Het is niet zonder risico’s, kostbaar en vraagt veel capaciteit.
4. Aanbeveling voor Doesburg
Cameratoezicht kan bijdragen aan opsporing en snelle interventie, vooral bij niet-impulsieve delicten. Het is echter geen preventief middel voor impulsieve delicten en heeft geen bewezen effect op het veiligheidsgevoel van mensen. De toenemende overlast door jeugd en verwarde personen is wel een zorg en vraagt nog meer aandacht. We zetten vooral in op frequenter toezicht, de-escalatie, voorlichting en bewustwording. Ook gaan we aan de slag met de resultaten uit de buurtschouw op 28 januari 2026 om de sociale veiligheid op straat te verhogen. Vooralsnog adviseert het college nog geen publiek cameratoezicht in te voeren om bovengenoemde argumenten.