CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Jaarstukken VGGM 2025

Gemeenteraad 2 juli 2026, gemeente DoesburgBij agendapunt: Ontwerpbegroting 2027 en jaarstukken 2025 VGGM31.116 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

2 alinea's met “vreemd”: 2446 2461

Door deze ontwikkelingen ligt de nadruk binnen ICT-beheer steeds meer op regievoering en het bewaken van de kwaliteit en continuïteit van de dienstverlening. Hierbij zien we dat investeringskosten afnemen en structurele licentie- en gebruikskosten toenemen. Ontwikkeling Artificial Intelligence (AI) In 2025 hebben we als organisatie stappen gezet in de adoptie van AI. We hebben gewerkt aan bewustwording door informatieve presentaties en interactieve workshops en er is een eerste richtlijn/handreiking gepubliceerd. We herkennen dat AI een vlucht neemt en dat dit zowel kansen als uitdagingen met zich meebrengt. Om deze kansen optimaal te benutten en tegelijkertijd oog te houden voor risico’s en ethische dilemma’s, is een heldere visie over de inzet van AI essentieel. In 2026 werken we verder aan de ontwikkeling van beleidskaders rondom verantwoord gebruik van AI binnen onze organisatie en krijgt dit meer verdieping door middel van onder andere pilots. Informatiebeveiliging en privacy In 2025 is het bewustwordingsprogramma verder uitgerold. Bewustwordingstrainingen worden in de organisatie ingezet, zodat alle medewerkers van VGGM vanaf het voorjaar van 2026 de verplichte trainingen voor informatiebeveiliging en privacy volgen. De digitale leeromgeving hiervoor is aanbesteed. Naast de factor mens, is er ook veel aandacht voor de techniek.

VGGM heeft monitoring en detectie ingericht om afwijkingen in de ICTvoorzieningen vroegtijdig te kunnen signaleren. Zo worden cyberincidenten veelal voorkomen en indien nodig de mogelijke impact ervan beperkt. Op verschillende plekken in de organisatie zijn stappen gezet om risicomanagement en continue aandacht voor informatiebeveiliging en privacy structureel te borgen. Dit is mede door eigen audits en interventies ondersteund. In lijn met de aanstaande Cyberbeveiligingswet heeft VGGM haar ambitie om haar informatiebeveiliging ‘aantoonbaar op orde’ te brengen concreet gemaakt. Dit is onderschreven in het in 2025 geactualiseerde informatiebeveiligingsbeleid. Deze ambitie vraagt om hoge betrokkenheid van alle afdelingen. Hiervoor is een overlegstructuur ingericht om monitoring en sturing decentraal te verankeren. Daarnaast vereist de ambitie dat controls verder worden ingericht en onafhankelijke audits worden uitgevoerd. Hier wordt in 2026 verder aan gewerkt.

Versie april 2026

Pagina 53

Informatiebeheer In 2025 is gewerkt aan de overkoepelende ‘kapstok’ van beleidsstukken (principes, kaders en richtlijnen). Zo zijn de Archiefverordening en de beheerregeling informatiekwaliteit vastgesteld en gepubliceerd en is er een kwaliteitssysteem opgezet om de kwaliteit van het informatiebeheer cyclisch te monitoren. Ook is het instellingsbesluit Strategisch informatieoverleg genomen. Daarnaast zijn enkele instrumenten opgesteld die bijdragen aan de uniformiteit van werkprocessen en het borgen van de betrouwbaarheid, volledigheid en toegankelijkheid van informatie. Dit omvat o.a. het protocol voor migratie- en conversie, de ADTI (Afspraken duurzaam toegankelijk informatiebeheer), de RIK (Risicoanalyse informatiekwaliteit) en de MIK (Maatregelen informatiekwaliteit). De implementatie van de Wet open overheid (Woo), die in 2023 inwerking is getreden, is verdeeld in 4 tranches. In 2025 is door de projectgroep Woo geconstateerd dat de organisatie voldoet aan de eerste tranche. Daarnaast zijn er voorbereidingen getroffen om ook aan de (nog niet verplichte) tranche 2 te gaan voldoen in 2026. Vanwege knelpunten in de bezetting en werken met tijdelijke inhuur lag de nadruk op gebied van informatiebeheer met name op de continuïteit van de dienstverlening en de lopende projecten.

Met als hoofdfocus het uitvoering geven aan de verbeterpunten in het plan van aanpak naar aanleiding van het toezichthoudersverslag van het Gelders Archief. In nauw overleg met het Gelders Archief is een kwaliteitssysteem opgesteld en is samen met de organisatieonderdelen het documentair structuurplan gevuld. Hieruit is inzicht verkregen in de meest urgente verbeterpunten voor het duurzaam toegankelijk houden van alle informatie. Het beheren, implementeren en borgen van dit documentair structuurplan is nog onvoldoende van de grond gekomen, hier wordt in 2026 verder aan gewerkt waarbij afdoende bezetting van het team Informatiebeheer randvoorwaardelijk is. Arbeidsmarktstrategie- en communicatie Het beleidsvoornemen rondom arbeidsmarkt strategie was een continue doorontwikkeling van de arbeidsmarktstrategie- en communicatie om openstaande functies zo goed mogelijk in te kunnen vullen. Door het aanstellen van een corporate recruiter is in 2025 extra capaciteit en expertise toegevoegd om de werving van moeilijk invulbare vacatures te versterken. Tegelijkertijd is gewerkt aan de verdere doorontwikkeling en professionalisering van onze wervings- en selectieinstrumenten. Denk hierbij aan de ontwikkeling van een recruitmenttoolkit, aansluiting bij diverse netwerken en meer doelgroepspecifiek werven.

Daarnaast is een eerste stap gezet naar een integraal plan van aanpak voor de arbeidsmarktstrategie, met nadruk op het versterken van onze werkgeverspositie (employer branding), het verder verbeteren van werving en selectie en het optimaliseren van onboarding. Duurzaamheid Op gebied van duurzaamheid was het voornemen om in 2025 gezamenlijk ambitie te bepalen op het thema duurzaamheid en de CO2 prestatieladder in te richting om doelstellingen meetbaar te kunnen maken. Mede als gevolg van prioritering van de inzet van de capaciteit is het inrichten van de CO2 prestatieladder en het stellen van doelen en monitoren hiervan nog niet gestart. Wel zijn diverse initiatieven op gebied van duurzaamheid uitgevoerd. We hebben geprioriteerd op wettelijke verplichtingen en daarnaast zijn diverse operationele acties op gebied van duurzaamheid opgepakt. Er is tot op heden geen bestuurlijk gesprek gestart over de aanvullende ambitie.

Versie april 2026

Pagina 54

Harmoniseren huisvestingsafspraken Bij de herziening van de verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor brandweer en crisisbeheersing in 2020 bleek het beheer en de bekostiging van kazernes nog steeds per gemeente geregeld te zijn. Dat leidt tot uiteenlopende afspraken en onduidelijkheid, vooral bij (ver)bouw. Vanwege de regionale spreiding en financiering is dit aanleiding geweest om een project te starten om nieuwe, gezamenlijke afspraken te maken. In 2025 is het project en de bestuurlijke afstemming hierover opgestart. Integraal huisvestingsplan Op gebied van het integraal huisvestingsplan is aangegeven dat we bezig zouden gaan met het uitwerken van het integraal huisvestingsplan voor de functies die gehuisvest zijn in een aantal gebouwen in Arnhem-Centrum waarvan het huurcontract afloopt. In 2025 is een verkenning gedaan op een aantal scenario’s ten behoeve van vervanging of verlenging van aflopende huurcontracten. Voor de meest urgente locatie, de Beekstraat, is verder gewerkt aan het programma van eisen. Ook zijn gesprekken gevoerd met diverse partners. Deze verkenning en besluitvorming over mogelijke verhuizing van een aantal functies loopt door in 2026.

Doelenboom Wat willen we bereiken

Wat hebben we bereikt

Wat is het beoogd

Strategisch doel

Prestaties 2025

maatschappelijk

Operationeel doel

effect • Verdere vereenvoudigen en

Doelmatige,

Stroomlijnen en

Betaalbare

doeltreffende en

digitaliseren

digitalisering van werkprocessen en

overheid met een

verantwoorde

registratieve en

procedures waardoor de

verantwoorde

organisatie

administratieve

administratieve organisatie is

bedrijfsvoering en

processen voor betere

verbeterd.

gewenste

en snellere

dienstverlening op

informatievoorziening

adequaat niveau

Meer voor minder

• Het nieuwe inkoopbeleid is vastgesteld. Hierbij zijn inkooppakketten bepaald op basis waarvan slimmer ingekocht kan worden. • P2P en contractbeheer zijn geïmplementeerd en doorontwikkeld (Afas) waarmee we meer grip krijgen op de contracten. • Er is actief gezocht naar mogelijkheden om samen met andere VR’s aan te besteden. Denk aan de aanbesteding energie of de inkoop van voertuigen.

Versie april 2026

Pagina 55

Duurzaam ondernemen

• Bij vervangingsvragen is actief ingezet op duurzame oplossingen. Ook in de gesprekken met de gemeentes over de kazernes is de staat van onderhoud en verduurzaming van locaties een terugkerend onderwerp. • Verduurzaming van het wagenpark • Duurzaamheid/MVO aspecten worden in aanbestedingen actief meegewogen. • Stimuleren van duurzaam gedrag en bewustwording bij medewerkers. • Beschikbare gelden zijn ingezet voor

Verantwoorde

en transparant

het realiseren van de geplande

besteding van

verantwoorden

doelen.

gemeenschapsgeld

Gezonde

Adequaat budgetteren

financiële huishouding

Realiseren van voldoende financiële weerstand

• Vaststellen van de beleidsnota reserves & voorzieningen. • Verhogen van de algemene reserve naar 3 miljoen euro. • Jaarlijkse dotatie aan de algemene reserve wordt voorgesteld bij een positief resultaat om minimaal 3% van het begrotingstotaal exclusief Ambulancezorg als algemene reserve aan te houden. Dit is de afgesproken ambitie. • Jaarlijks actualiseren van het risicoprofiel in relatie tot het vastgestelde weerstandsvermogen beleid. • Het Documentair structuurplan

Kwaliteit van de

Voldoen aan de

externe

archiefwetgeving voor

(DSP) is volledig ingevuld waardoor

transparante

(bestuurlijke)

digitalisering

de organisatie beschikt over een

besturing van de

informatie en

gestructureerd overzicht van alle

organisatie en het

communicatie

informatiecategorieën en processen.

in verbinding zijn

verhogen

Dit overzicht ondersteunt zowel het

met de relaties van

duurzaam beheer als de betere

de organisatie

vindbaarheid van informatie.

(gemeenten,

• In 2025 is gestart met het traject

ketenpartners,

Tevredenheid

Een goede en

bestuursorganen/

digitale toegankelijkheid,

burgers, bedrijven)

raden over de

voortkomend uit de Web Content

door middel van

opgeleverde informatie

Accessibility Guidelines (WCAG). De

Versie april 2026

Pagina 56

analysefase heeft inzicht gegeven in

informatie-

de omvang van het vraagstuk, het

uitwisseling

ambitieniveau, benodigde stappen en capaciteit en de impact die dit heeft op de bestaande en toekomstige content van de externe digitale kanalen van VGGM. De uitvoering start in 2026. • In 2025 is de eerste Netwerkdag VGGM (met als thema weerbaarheid) georganiseerd met als doel de verschillende actoren in de regio bij elkaar te brengen ter versterking van het regionale netwerk en kennisdeling op belangrijke regionale thema's. • In 2025 is gestart met het stroomlijnen van het besluitvormingsproces. Formats voor nota's voor dit proces zijn opgeleverd en er zijn schrijftrainingen georganiseerd voor beleidsadviseurs. Tijdige, rechtmatige en

• Informatie wordt beschikbaar

juiste informatie delen

gesteld volgens de standaard voor

met ketenpartners en

veiligheidsregio’s (Veiligheidsregio

burgers

Referentie Architectuur) • Planmatig realiseren van een samenhangend informatiestelsel (met elkaar verbinden van registraties) • Implementatie CRM voor de JGZ en analyse ten behoeve van organisatiebrede implementatie.

Goed

Realiseren duurzaam

• De eerste stap is gezet naar een

Een organisatie die

werkgeverschap

inzetbaar personeel en

integraal plan van aanpak voor

een afspiegeling

een inclusief en divers

Strategische Personeelsplanning,

vormt van de

medewerkersbestand

waarmee inzicht wordt verkregen in

maatschappij, met

de aanwezige talenten binnen de

medewerkers die

organisatie en de duurzame

vakbekwaam zijn

inzetbaarheid van medewerkers.

én blijven waarbij

• In vacatureteksten wordt standaard aandacht besteed aan diversiteit en

continu geanticipeerd

inclusie.

Versie april 2026

Pagina 57

• Binnen programma’s rondom veilig

wordt op ontwikkelingen

werkklimaat en arbeidsmarkt krijgt diversiteit en inclusie een plek. • De eerste stap is gezet naar een

Aantrekkelijk werkgever zijn nu en in

integraal plan van aanpak voor de

de toekomst (borgen

arbeidsmarkt-strategie met nadruk

continuïteit van de

op het versterken van onze

organisatie)

werkgeverspositie (employer branding), het verbeteren van werving en selectie en het optimaliseren van onboarding.

6.2

Wat heeft programma bedrijfsvoering gekost?

Overzicht baten en lasten Bedragen x € 1.000 Overhead

Realisatie 2024

Begroting

2025

2e Gew. Begr. 2025

Realisatie

2025

Bedrijfsvoering

26.188

27.611

27.397

27.683

Lasten

26.188

27.611

27.397

27.683

56

56

58

58

Overige baten

1.086

673

748

769

Baten

1.142

729

806

827

Doorbelasting

26.127

26.682

26.391

26.423

Resultaat voor bestemming

1.081

-200

-200

-433

Mutatie reserves

412

200

200

199

Resultaat na bestemming

1.493

0

0

-234

Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

1.493

0

0

-234

Overhead Rijksbijdragen

Resultaat na belasting

Het financiële resultaat van het programma Bedrijfsvoering is circa € 200.000 nadeliger dan begroot. Dit is een afwijking van <1% op de totale begrotingsomvang van het programma.

Het resultaat op de Centrale Bedrijfsvoering inclusief het programma Samen Beter Bedrijfsvoeren is € 300.000 voordelig, waarin opgenomen het incidentele positieve resultaat van € 400.000 op de vrijgevallen wwverplichting medewerkers voormalige Project Organisatie Covid (POC). Het Treasuryresultaat (rente) is € 400.000 nadelig.

Door niet of vertraagde invulling van vacatures op de krappe arbeidsmarkt is een nadeel ontstaan van € 800.000. Dit nadeel is het saldo van het resultaat externe inhuur en vacatureruimte. Ten opzichte van vorig jaar is de vacatureruimte aanzienlijk geslonken.

Versie april 2026

Pagina 58

Nieuwe verplichtingen voor niet-actief personeel leiden tot een nadeel van € 200.000. Daar staat tegenover dat een deel van de WW-verplichting is vrijgevallen, van medewerkers die in 2023 zijn afgevloeid bij de projectorganisatie COVID-19 (POC). Hiermee is een voordeel ontstaan van € 400.000. Het later realiseren van een aantal projecten met name bij ICT leidt tot een voordeel van € 300.000. Daarnaast is een aantal van de geplande investeringen uitgesteld tot 2026; dit leidt ook tot een voordeel van € 300.000. Het resultaat op de rente is € 400.000 nadelig. Dit is in lijn met wat in de bestuursrapportage is gerapporteerd. In het kader van de 2% technische besparingen voor 2025 en 2026 is op jaarbasis € 600.000 meer renteinkomsten begroot dan in voorgaande jaren. Hier school een risico in, dat ten nadele is uitgepakt. Tot slot zijn er nog wat diverse voordelen op de baten, personeel, materieel en interne doorbelasting die tezamen optellen tot € 200.000. De reservemutaties hebben betrekking op groot onderhoud voor de brandweerposten. Samen.Beter.Bedrijfsvoeren De kosten van de versterking Samen.Beter.Bedrijfsvoeren (S.B.B.) vormen integraal onderdeel van de programmaverantwoording bedrijfsvoering en hebben met name betrekking op externe inhuur. Gezien het belang van de versterking bedrijfsvoering is specifieke toelichting van de gemaakte kosten opgenomen.

De kosten van de versterking Samen Beter Bedrijfsvoeren (S.B.B.) vormen integraal onderdeel van de programmaverantwoording bedrijfsvoering. In 2025 is € 1.500.000 beschikbaar gesteld om de bedrijfsvoering meer toekomstbestendig vorm te geven, de basis op orde te brengen en om de gesignaleerde risico’s op diverse bedrijfsvoeringsdimensies te mitigeren. Middelen voor deze bestuursopdracht zien toe op te maken ontwikkelkosten voor de verschillende projectsporen van het programma en benodigde versterking vanwege de geconstateerde onderbezetting. Vanuit zorgverzekeraars is € 300.000 vrijgemaakt en € 100.000 is gedekt door te sturen binnen het programma bedrijfsvoering. De kosten voor de noodzakelijke versterking bedroegen in 2025 € 1.900.000 en zijn hoofdzakelijk te kenmerken als ontwikkelkosten. Daarvan is € 1.300.000 ingezet voor de implementatie van AFAS voor de bedrijfsvoeringsdimensies Inkoop, Contractbeheer, CRM, Financiën en HR. Bestaande uit vaste kosten voor licenties, koppelingen en ontwikkelkosten (projectkosten, externe expertise, opleiding). De resterende € 600.000 van de middelen is besteed aan de programmaorganisatie en uitgaven op de projectsporen Management & Organisatie, Mensen & Cultuur, Data & Systemen en Processen en Procedures. Voor een aanvullende toelichting wordt verwezen naar de verdiepende bestuursrapportage SBB.

Versie april 2026

Pagina 59

7. Paragrafen 7.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het weerstandsvermogen is het vermogen van de organisatie om omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat aanpassing van het beleid nodig is. Het weerstandsvermogen dient de continuïteit van de organisatie te waarborgen. De weerstandscapaciteit bestaat uit de beschikbare middelen om risico’s op te vangen als deze zich voordoen. Voor zover VGGM daar niet toe in staat is, is wettelijk geregeld dat de deelnemende Gemeenten aanspreekbaar zijn voor tekorten. Het algemeen bestuur kiest ervoor om onderscheid te maken tussen majeure en beperkte risico’s op tekorten en heeft in haar beleid ‘Weerstandsvermogen & Risicobeheersing’ dit nader uitgewerkt. Het beleid over weerstandsvermogen en risicobeheersing staat in de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen & Risicobeheersing’ vastgesteld voor de periode 2024-2027. Dit zijn de hoofdlijnen van dit beleid: • De belangrijkste risico’s en risico’s die mogelijk op termijn impact hebben op de begroting staan overzichtelijk in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ gesplitst naar VGGM en Ambulancezorg. Dit is vanwege de wettelijke verplichting voor het aanhouden van de reserve ‘Aanvaardbare Kosten’. • In de VGGM-begroting houden we geen structurele weerstandscapaciteit aan voor risico’s (lees: structurele begrotingsruimte). • De algemene reserve betreft enkel een egalisatiereserve voor het resultaat.

De hoogte van deze reserve bepalen we op basis van het begrotingstotaal. De ondergrens bedraagt 2% van het begrotingstotaal en de bovengrens 5%. Er wordt geen aparte post ‘onvoorzien’ opgenomen. • Het algemeen bestuur houdt per 2024 de Algemene Reserve aan op € 3,0 miljoen waarbij deze jaarlijks herzien kan worden. • Risicomanagement is een regulier onderdeel van onze planning en control cyclus. • Geïdentificeerde risico’s ondervangen we waar mogelijk door beheersmaatregelen. Inventarisatie van de risico’s De belangrijkste risico’s voor VGGM zijn geïdentificeerd in de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen & Risicobeheersing’. Deze zijn voor VGGM en voor de Ambulancezorg specifiek in onderstaande tabellen opgenomen:

Versie april 2026

Pagina 60

VGGM Nr.

Risico

1.

Hogere loon- en prijsstijgingen dan de indexatie opgenomen in de begroting

2.

Risico op negatief renteresultaat

3.

Organisatie en maatschappij in verandering in relatie tot druk op gemeentelijke budgetten

4.

Financiële schade datalekken

5.

Tegenpartij risico: Afhankelijkheid bedrijf kritische applicaties, materieel en leveranciers

6.

Klimaatveranderingsrisico's in de operatie inclusief nieuwe (brand)risico's

7.

Versnelde vervanging materieel VGGM in het kader van verduurzaming

8.

Uitval ICT-voorzieningen met bedrijf ontregelende gevolgen

9.

Huisvestingsproblematiek VGGM

10.

Ontwikkelingen samenleving leidend tot langdurige crises/ inzet: Geopolitieke dreiging, weerbare samenleving en polarisatie

11.

Continuïteit en variëteit in GGD-dienstverlening op het wettelijke niveau inclusief reactie op crises. Wegvallen van tijdelijke financieringsconstructen ten behoeve van maatschappelijke opgaven

Ambulancezorg Nr.

Risico

1.

Incidentele tekorten budgetten NZA

2.

Personeelsbestand vergrijzing: Onvoldoende personeelsbezetting

3.

De kosten Persoonlijk Levensfasebudget (PLB), Verlofsparen of overige arbeidsvoorwaarden overschrijden voorzieningen

4.

Klachten afhandeling middels claims + juridische kosten

5.

Ziektegolf leidend tot meer verzuim dus externe inhuur

6.

Uitvallen langere periode ziekenhuizen in de omgeving waardoor aanrijroutes wijzigen

7.

Meldkamer/ZCC migratie leidend tot frictiekosten en investeringen materieel

Daarnaast identificeren we risico’s die een structureel effect op de begroting kunnen hebben waarbij de incidentele impact is opgenomen in de weerstandscapaciteit: • Financiering van de overgang van de CAO VVT naar CAR-UWO Veiligheidsregio’s voor personeel beloond naar de huidige CAO VVT. • Effecten van decentralisatie Specifieke Uitkeringen (SPUK’s) naar het Gemeentefonds inclusief een korting op de totale financiering van specifieke taken. • Het verduurzamen van gebouwen en materieel in het kader van de energietransitie en het bereiken van de Europese doelstellingen (akkoord van Parijs) met een kortere levensduur van bestaand materieel tot gevolg. • Toename verloop van vrijwilligers en vakbekwaam brandweerpersoneel wat leidt tot mogelijk grotere werving en opleidingskosten. • Rijksbezuinigingen in de Publieke Gezondheidszorg waarvoor het kader voor de te versoberen taken bepaald moet worden. • Financieel risico voor de mogelijke sanering van vervuilde (oefen)locaties en gezondheidsschade bij medewerkers door het legale gebruik van PFAS-houdend blusschuim.

Versie april 2026

Pagina 61

Weerstandsvermogen Aan de hand van de zogenaamde “kans x effect”-methode wordt minimaal vierjaarlijks een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijke risico’s en een kwantificering daarvan. Bij benadering is de weerstandscapaciteit bepaald voor bovenstaande risico’s (€ 6,0 miljoen per 2024). Het weerstandsvermogen is de ratio van de vrije reserves (algemene reserve) versus de vereiste weerstandscapaciteit. Het eigen vermogen van VGGM is beperkt. Het algemeen bestuur houdt de algemene reserve minimaal aan op € 3,0 miljoen met de mogelijkheid om de overschotten van komende jaren te gebruiken voor het verder ophogen van algemene reserve. De stand van de algemene reserve voor en na resultaatbestemming per 31 december 2025 bedraagt € 3,0 miljoen wat leidt tot een ratio van 0.5. Kengetallen In overeenstemming met Artikel 26 van de Wettelijke regels begroting (BBV) worden hier de voor VGGM van toepassing zijnde kengetallen opgenomen. Kengetallen

Jaarverslag 2025

Jaarverslag 2024

Jaarverslag 2023

Netto schuldquote

16,4%

14,9%

16,2%

Solvabiliteitsratio

17,2%

23,1%

16,0%

Structurele exploitatieruimte

1,2%

2,7%

0,0%

Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlasten ten opzichte van de eigen middelen. Dit geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De netto schuldquote van 16,4 blijft ruim onder dit gestelde maximum. Solvabiliteitsratio Naast een buffer tegen optredende risico’s wordt eigen vermogen benut voor de financiering van investeringen. Investeringen worden ook gefinancierd met vreemd vermogen (leningen). Een gezonde verhouding tussen vreemd en eigen vermogen (solvabiliteit) draagt bij aan een doeltreffende en efficiënte vervulling van de publieke functie van VGGM. Deze solvabiliteit wordt uitgedrukt in een ratio. De ratio per ultimo 2025 bedraagt 17,2 % (per eind 2024: circa 23,1%). Volgens de VNG-norm van minimaal 20% is dit financieel ongezond waarbij de kanttekening wordt gemaakt dat VGGM een 100% wettelijke garantstelling van Gemeenten heeft voor verplichtingen. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een veiligheidsregio heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.

Structurele uitgaven en inkomsten zijn binnen VGGM in evenwicht.

7.2

Onderhoud kapitaalgoederen

Kapitaalgoederen zijn goederen waarvoor investeringen nodig zijn. Dit gaat om zaken die regelmatig onderhoud vergen. Binnen VGGM zijn de belangrijkste kapitaalgoederen gebouwen en inrichting, wagenpark (inclusief bepakking) en beschermende kleding en - middelen.

Versie april 2026

Pagina 62

Wagenpark (inclusief bepakking) Beleid is dat het onderhoud van rijdend brandweermaterieel en bepakking in belangrijke mate in eigen beheer wordt uitgevoerd. Daarnaast is het onderhoud van de ambulances uitbesteed met langdurige contracten. Dat gebeurt in overeenstemming met de eigen onderhoudsplanning. Beschermingsmiddelen en beschermende kleding Beschermingsmiddelen en beschermende kleding worden direct na een incident gereinigd en geïnspecteerd. Bij eventuele schade vindt reparatie of vervanging plaats. Voor vervanging en onderhoud is budget beschikbaar.

7.3

Verbonden partijen

Verbonden partijen zijn partijen waarin VGGM een bestuurlijk en/of financieel belang heeft en waarvoor VGGM financiële risico’s loopt om doelen te realiseren (bedragen in € x 1.000).

Naam

Stichting Publieke

Vestigingsplaats

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

Begrotingssaldo

1/1/25

31/12/25

1/1/25

31/12/25

Arnhem

226

226

1.152

474

0

Arnhem

350

100

1.591

2.284

0

Apeldoorn

108

108

25

8

0

Hattem

2.781

3.156

5.348

5.911

0

2025

Gezondheid GelderlandMidden Stichting Veilig Thuis Gelderland-Midden Stichting het Veluws Bosbrandweer Comité (stand betreft jaar 2024) Stichting Brandweeropleidingen Gelderland Overijssel (BOGO)2

Stichting Publieke Gezondheid Gelderland-Midden Doelstelling De activiteiten van Stichting Publieke Gezondheidszorg Gelderland-Midden bestaan uit het uitvoeren van de aan de stichting opgedragen taken in het kader van de jeugdgezondheidszorg voor 0 tot 4-jarigen in de regio Gelderland-Midden. Bestuurlijk en financieel belang Het bestuur van de stichting wordt gevormd door de directeur Publieke Gezondheid van VGGM. De volledige kosten van de stichtingen worden jaarlijks doorbelast aan VGGM. Mate van invloed op bedrijfsvoering Een grote mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via het bestuur.

2

Het boekjaar van Stichting BOGO loopt van 1 september tot en met 31 augustus. De opgenomen bedragen corresponderen met de jaarrekening over de periode 2024/2025.

Versie april 2026

Pagina 63

Risicoanalyse De stichting is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid. VGGM neemt personele capaciteit af bij deze stichting, waarbij alle kosten bij VGGM in rekening worden gebracht. De risico’s van deze stichting komen met name voort uit personele aangelegenheden.

Stichting Veilig Thuis Gelderland-Midden Doelstelling In 2017 is onder bestuurlijke verantwoordelijkheid van VGGM de Stichting Veilig Thuis Gelderland-Midden in het leven geroepen. De activiteiten van de stichting bestaan uit het uitvoeren van de aan de stichting opgedragen taken op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling zoals genoemd in de Wmo 2015 voor de regio Gelderland-Midden. En verder uit het verrichten van al hetgeen daarmee verband houdt of daarvoor bevorderlijk kan zijn. Bestuurlijk en financieel belang Het bestuur van de stichting wordt gevormd door de directeur Publieke Gezondheid van VGGM. Voorts heeft VGGM met de stichting een regeling inzake kosten gemene rekening in relatie tot de bedrijfsvoeringsactiviteiten. Mate van invloed op bedrijfsvoering Een grote mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via het bestuur. Risicoanalyse De stichting is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid. De risico’s van deze stichting komen met name voort uit de gevolgen van de nieuwe meldcode, de nieuwe werkwijze die vanaf 2019 van toepassing is en uit personele aangelegenheden.

Veluwse Bosbrandweer Comité Doelstelling De stichting is een samenwerking van twintig gemeenten op de Veluwe en heeft als doel het voorkomen en beperken van bos- en natuurbranden op de Veluwe. Bestuurlijk en financieel belang Het bestuur van de stichting bestaat uit twee leden. Het stichtingsbestuur benoemt de leden. VGGM heeft één lid in het bestuur. De stichting heeft een raad van toezicht bestaande uit twee leden. VGGM heeft één lid in de raad van toezicht. Mate van invloed op bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via het lid in het bestuur. Risicoanalyse De stichting is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid. VGGM betaalt namens de aangesloten gemeenten een jaarlijkse bijdrage die gebaseerd is op de begroting. Het risico bestaat dat de werkelijke activiteiten groter zijn dan begroot en dus aan het einde van het jaar een afrekening plaatsvindt.

Versie april 2026

Pagina 64

Stichting Brandweeropleidingen Gelderland Overijssel (Stichting BOGO) Doelstelling Het bevorderen van de opleiding, oefening en training van brandweermedewerkers. Hieronder vallen geen commerciële en marktgerichte activiteiten. Stichting BOGO is gevestigd in Hattem. Bestuurlijk en financieel belang Het algemeen bestuur van de stichting bestaat uit negen leden. Het stichtingsbestuur benoemt de bestuursleden. De directeur Brandweer van VGGM heeft zitting in het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur bestaat uit drie leden van het algemeen bestuur. Na liquidatie van de stichting komt het aanwezig batig saldo ter beschikking van de deelnemende samenwerkingsverbanden. VGGM staat niet garant voor de eventuele tekorten van Stichting BOGO. Mate van invloed op bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via de twee leden in het bestuur. Risicoanalyse De stichting is een verbonden partij met eigen rechtspersoonlijkheid en zonder overwegende zeggenschap. VGGM betaalt niet een jaarlijkse bijdrage, maar neemt diensten (cursussen) af. De eventuele onrechtmatige transacties door Stichting BOGO werken niet door naar VGGM.

Overige partijen Naast bovenstaande verbonden partijen bestaat een aantal andere samenwerkingsverbanden waarin bestuurders of directieleden van VGGM een invloedbepalende functie bekleden. Eveneens worden aan deze samenwerkingsverbanden contributies en/of bijdragen voor gezamenlijke initiatieven voldaan. Het gaat om de volgende verbanden: GGD GHOR Nederland De Directeur Publieke Gezondheid van Gelderland-Midden is lid van de landelijke DPG-raad Ambulancezorg Nederland (AZN) VGGM is lid van deze organisatie en de DPG wordt afgevaardigd naar de ledenvergaderingen Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) De voorzitter van het algemeen bestuur van VGGM is ook bestuurslid van dit samenwerkingsverband voor de veiligheidsregio’s Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) De WVSV kent een Algemene Vergadering die bestaat uit de 25 voorzitters van de veiligheidsregio’s. De bestuurders van de WVSV zijn lid van het algemeen bestuur (AB) van de eigen veiligheidsregio waar zij als burgemeester aan verbonden zijn. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s (expertisebureau) en Stichting Waarborgfonds Dit expertisebureau werkt voor alle 25 veiligheidsregio’s en alle medewerkers daarin. De landelijke regeling geldt voor alle medewerkers die onder de CAR(-UWO) Veiligheidsregio's vallen.

Het expertisebureau is een kennisplatform voor de veiligheidsregio's rondom goed werkgeverschap na dienstongevallen.

Versie april 2026

Pagina 65

Het expertisebureau beschikt over een vergunning van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Tevens staat het Expertisebureau onder toezicht van een Raad van Advies, bestaande uit een afvaardiging van algemeen directeuren en directeuren bedrijfsvoering van de veiligheidsregio’s. Het Waarborgfonds is vrijgesteld van toezicht door De Nederlandsche Bank (DNB) mits een Raad van Toezicht is geïnstalleerd. De Raad van Toezicht is ingesteld en voorziet in de noodzakelijke specifieke deskundigheid die daarmee in het Waarborgfonds is geborgd. Daarnaast zijn er beperkingen gesteld aan de financiële omvang van het fonds. De 25 veiligheidsregio’s dragen gezamenlijk zorg voor de financiering. Dit geschiedt door deelname aan beide stichtingen. Het Waarborgfonds geeft dekking voor aanspraken voor zover deze niet zijn verzekerd. Een deel van de aanspraken is nog verzekerd via een collectieve ongevallenpolis. De kosten van het Expertisebureau Risicobeheer en de inleg in het Waarborgfonds worden betaald uit de premies die de veiligheidsregio’s eerder betaalden voor hun ongevallenverzekering. Het Waarborgfonds heeft als doel om binnen 5 jaar een verzekeringstechnische voorziening op te bouwen van € 5 miljoen. In het eerste jaar (2024) heeft het Waarborgfonds een voorziening opgebouwd van ruim € 3 miljoen.

Daarnaast is gewerkt aan het inrichten van de schadeafhandeling en bedrijfsvoering van de stichting ERVRS en het Waarborgfonds. Het schadeverloop in het eerste jaar is bovendien gunstiger dan de prognose, zoals in de businesscase is opgenomen. Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland VNOG) Voor de Meldkamer Oost-Nederland (MKON) onderdeel gezamenlijke Meldkamer Brandweer/Multi (MKBM) is een convenant afgesloten. VGGM heeft een financieel en bestuurlijk belang binnen de meldkamer, maar de meldkamer is onderdeel van de VNOG en heeft geen formele entiteit. Daarom is de meldkamer niet opgenomen als verbonden partij. Stichting FLO Ambulance De stichting draagt zorg voor de coördinatie van kennisdeling van de FLO-overgangsregeling, fungeert als helpdesk en zorgt voor afstemming met VWS en verzekeraars. In de verbanden hierboven gaat het allemaal om onbezoldigde functies.

Versie april 2026

Pagina 66

7.4

Financiering

Het Algemeen bestuur heeft op 25 november 2015 een aangepast treasury-statuut vastgesteld. Ten aanzien van de financiering van de kapitaalbehoefte van VGGM wordt gebruik gemaakt van de faciliteiten van de BNG-bank. In 2019 een langlopende lening afgesloten van € 15.000.000 met een looptijd van 15 jaar die zorgt voor een goede basis in de kapitaalbehoefte. Wet financiering decentrale overheden In onderstaand overzicht wordt de werkelijke omvang van de kasgeldlimiet getoetst aan de wettelijke norm van Wet fido. Kasgeldlimiet Bedragen x € 1.000 Omvang begroting per 1 januari (=grondslag)

1e kwt

2e kwt

3e kwt

4e kwt

157.318

157.318

157.318

157.318

in procenten van de grondslag

8,20%

8,20%

8,20%

8,20%

in bedrag

12.900

12.900

12.900

12.900

1. Toegestane kasgeldlimiet

2. Omvang vlottende schuld (+/+) 3. Vlottende middelen (-/-)

0

0

0

0

23.788

1.052

27.349

19.932

-23.788

-1.052

-27.349

-19.932

Toets kasgeldlimiet 4. Totaal netto vlottende schuld (2-3) Toegestane kasgeldlimiet (1)

12.900

12.900

12.900

12.900

Ruimte (+) / Overschrijding (-) (1-4)

36.688

13.952

40.249

32.832

Op basis van deze toetsing wordt aan de Wet fido voldaan. Indien in twee opeenvolgende kwartalen de limiet wordt overschreden, wordt niet aan de Wet fido voldaan. Renterisico kort- en langlopende financiering Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld (korter dan 1 jaar) per kwartaal tot 8,2% van de totale lasten van de programmabegroting. Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening langer dan 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar worden aangepast. Het Rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Het maximale bedrag aan aflossing en herfinanciering bedroeg daardoor in 2025 € 31,5 miljoen. VGGM blijft hier ruimschoots binnen.

Versie april 2026

Pagina 67

Renterisiconorm Bedragen x € 1.000 Omvang begroting per 1 januari (=grondslag)

2025 157.318

Renterisiconorm in procenten van de grondslag

20%

in bedrag

31.464

Renteherziening op leningen o/g

0

Aflossingen

0

Risicobedrag

0

in procenten van de begroting

0,00%

Ruimte (+) / Overschrijding (-)

31.464

Financiering Per november 2019 is bij de BNG bank een vijftien jaar lopende geldlening aangetrokken van € 15 miljoen tegen 0,54%. In bijlage 4 is het verloopoverzicht van de leningenportefeuille opgenomen. Het gemiddelde rentepercentage van de leningenportefeuille per ultimo 2025 bedraagt 0,54%. Renteomslag De rentelasten worden toegerekend aan de producten met het renteomslag-percentage. Dat percentage is voor 2025 vastgesteld op 0,525%. Financieringsresultaat Het financieringsresultaat bestaat uit het verschil tussen het totaal van de betaalde rente en het totaal van de ontvangen rente plus de doorgerekende rente over de vaste activa. Het financieringsresultaat over 2025 bedraagt € 596k. Renteschema (2025 Jaarverslag)

2025

Bedragen x € 1.000 Rentebaten en rentelasten a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering

101

b. Externe rentebaten

507

Saldo rentelasten en rentebaten

-406

c1. Rentetoerekening aan grondexploitaties

0

c2. Rentetoerekening aan projectfinanciering

0

c3. De rentebaat van door verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is

0

aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

-406

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

-406

e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-190

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

-596

Versie april 2026

Pagina 68

7.5

Bedrijfsvoering

Voor de strategische en operationele ontwikkelingen in het kader van de bedrijfsvoering wordt verwezen naar de toelichting in het Programma Bedrijfsvoering. In deze paragraaf wordt specifiek gefocust op de ontwikkelingen in het kader van de rechtmatigheid. VGGM heeft onderzoek uitgevoerd in het kader van het financieel rechtmatig handelen van de organisatie en daarmee is de wettelijk verplichte rechtmatigheidsverantwoording onderbouwd. Dit is in 2025 voor het eerst volledig binnen de capaciteit van VGGM personeel uitgevoerd. Bij meerdere processen zijn vergelijkbare bevindingen met voorgaand jaar. Dit betreft enerzijds de sturingsinformatie die nog niet optimaal is wat leidt tot acceptabele bevindingen bij de begrotingsrechtmatigheid. Anderzijds zijn bevindingen te herleiden naar een aantal belangrijke kernpunten in de inrichting van de administratieve organisatie en interne beheersing. Bij meerdere processen en procedures zijn algemene kaders of handreikingen opgesteld die organisatie breed gelden. Echter, medewerkers zijn vaak nog niet bekend met deze kaders en handreikingen rondom controle, registratie en archivering van de onderbouwing van prestatieleveringen. Dit maakt onderdeel uit van het implementatieproces van AFAS. De controle van prestatielevering wordt in het nieuwe proces gefaciliteerd maar de verandering is nog niet voor de volledige organisatie doorgevoerd.

Hierdoor is het mogelijk dat de verantwoordelijkheid voor controle van prestatielevering wordt gedelegeerd door beoordelaars en budgethouders naar anderen. Hierdoor komt het voor dat prestatielevering na goedkeuring van facturen pas wordt vastgesteld of achterwege is gelaten, daargelaten of de prestatie wel of niet is geleverd. Dit leidde bij de uitvoering van de verbijzonderde interne controle ertoe dat er gezocht is naar aanvullende bewijsstukken waaruit aannemelijk gemaakt kan worden dat prestaties ten behoeve van de VGGM zijn geleverd. Hierin zijn verbeteringen geconstateerd met de implementatie van de contractbeheer module en het inkoopproces in AFAS. Het inkoop tot betalingen proces in AFAS wordt doorontwikkeld in 2026. De ontwikkelingen hebben tot een verbeterde controle op inkopen geleid met als resultaat dat de organisatie onrechtmatigheden beter inzichtelijk heeft. Hierbij zijn meerdere bevindingen geconstateerd in de administratieve organisatie en interne beheersing. Niet altijd zijn alle inkoopdossiers volledig gearchiveerd. De archivering voor inkooptransacties is versnipperd binnen de organisatie waarbij verschillende systemen en methodieken van archivering worden gehanteerd.

Hierdoor ontstaat het risico dat bij inkooptansacties niet de juiste inkoopprocedure is gevolgd, dat deze aansluiten bij de voorwaarden in afgesloten contracten en dat er niet (tijdig) geconstateerd wordt dat een opdracht (opnieuw) moet worden aanbesteed. Verder zijn niet altijd overwegingen om af te wijken van het (interne) inkoopbeleid afdoende gedocumenteerd en beschreven. Hierbij wordt al dan niet bewust afgeweken van interne en externe wet- en regelgeving. Ook dit heeft geleid tot aanbestedingsonrechtmatigheden. De situatie wordt actief verbeterd via de implementatie van de contractbeheer module, het opleiden van medewerkers om met de juiste kaders en handreikingen te werken, en periodieke controles uit te voeren op de contractdata in AFAS. Het temporiseren van de versterkingsgelden leidt tot keuzes in focus van de organisatie. Hierbij is nadrukkelijk gekozen voor de verbetering via het S.B.B. project en de implementatie van AFAS. Dit heeft als gevolg het uitblijven van structurele capaciteit in het bedrijfsvoeren. Hierdoor worden onder andere individuele aanbestedingsonrechtmatigheden vanuit het inkoopproces vertraagd opgepakt en weggewerkt. De casuïstiek is opgenomen in de aanbestedingskalender om op te volgen in 2026 en verder. Dit is vergelijkbaar met de situatie in boekjaar 2024.

Versie april 2026

Pagina 69

Op basis van bovenstaande bevindingen is geconstateerd dat de beheers omgeving niet op het gewenste niveau is. Deze leiden tot rechtmatigheidsbevindingen die in de rechtmatigheidsverantwoording worden toegelicht. Bovenstaande bevindingen zijn meegenomen in de doorontwikkeling van AFAS waarbij ook de koppeling wordt gemaakt met de ontwikkelingen in het kader van S.B.B. betreffende de strategie, beleidsstukken en processen van de organisatie.

7.6

Woo

De Wet open overheid (Woo) heeft als doel de transparantie van de overheid te vergroten en de toegang tot overheidsinformatie te verbeteren. Binnen de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden zijn in 2025 belangrijke stappen gezet om aan de eisen van deze wet te voldoen. De Woo kent twee hoofddimensies: actieve en passieve openbaarmaking. Daarnaast is verbetering van de informatiehuishouding een essentieel aspect om de transparantie over besluitvorming én openbaarmaking goed te kunnen ondersteunen. Actieve openbaarmaking Een belangrijk onderdeel van de Woo is actieve openbaarmaking: het proactief publiceren van overheidsinformatie zonder dat hier een specifiek verzoek voor nodig is. In 2025 is dit uitgewerkt door middel van het identificeren van relevante informatiecategorieën, het vastleggen van verantwoordelijkheden binnen de processen en het verkennen van technische mogelijkheden voor anonimiseren en publiceren. Passieve openbaarmaking Naast actieve openbaarmaking is er ook sprake van passieve openbaarmaking: het beschikbaar stellen van informatie op verzoek van burgers, bedrijven of andere belanghebbenden. In 2025 is een Woo-contactpersoon aangewezen die als centraal aanspreekpunt fungeert voor Woo-verzoeken.

Daarnaast is een procesvoorstel uitgewerkt om een efficiënte en eenduidige afhandeling van Woo-verzoeken te borgen en een Woo-redacteur aangesteld, om aan te sluiten op de Woo-index. Verbetering van de informatiehuishouding Een goed functionerende informatiehuishouding is een randvoorwaarde voor zowel actieve als passieve openbaarmaking. Er zijn diverse initiatieven ontplooid om de informatiehuishouding binnen de organisatie te verbeteren. Er is een structurele afstemming ingericht tussen de CISO, de Functionaris Gegevensbescherming en het team Informatiebeheer. Daarnaast zijn voorbereidingen getroffen voor de instelling van een Strategisch Informatie Overleg (SIO) waarmee strategische keuzes op het gebied van informatiebeheer beter afgestemd kunnen worden. Met deze initiatieven is in een stevige basis gelegd voor verdere professionalisering van de informatiehuishouding en de naleving van de Wet open overheid.

Versie april 2026

Pagina 70

8. Jaarrekening 8.1

Balans en toelichting

Voor resultaatbestemming Bedragen x € 1.000 ACTIVA

31-dec-25

31-dec-24

684

684

Vaste activa Materiele vaste activa Grond Gebouwen

2.487

2.699

Vervoermiddelen

26.782

27.970

Machines, apparaten en installaties

13.146

11.932

Onderhanden werk

3.245

0 46.344

43.285

Waarborgsommen

85

61

Totaal vaste activa

46.430

43.346

107

81

Financiële vaste activa

Vlottende activa Voorraden

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen

1.171

1.924

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist

19.909

5.591

77

391

Rekening courant niet financiële instellingen Overige vorderingen

6.544

5.180 27.701

13.086

Liquide middelen Banksaldi

22

Kas

2

16 3 24

19

Overige nog te ontvangen/vooruitbetaald

4.492

5.463

Totaal vlottende activa

32.324

18.649

TOTAAL ACTIVA

78.753

61.995

Overlopende activa

Versie april 2026

Pagina 71

Voor resultaatbestemming Bedragen x € 1.000 PASSIVA

31-dec-25

31-dec-24

Algemene reserves

9.582

7.546

Bestemmingsreserves

2.772

Gerealiseerd resultaat

1.152

2.728 4.059

Vaste passiva Eigen vermogen

Voorzieningen

13.506

14.331

6.600

5.961

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse leningen

15.000

Totaal vaste passiva

15.000 15.000

15.000

35.106

35.292

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Overige kasgeldleningen Overige schulden

0

5.000

8.957

5.784 8.957

10.784

Overlopende passiva Verplichtingen in het begrotingsjaar opgebouwd die in het volgend begrotingsjaar tot betaling komen

12.437

9.969

Overige vooruit ontvangen bedragen

22.252

5.950 34.689

15.919

Totaal vlottende passiva

43.646

26.703

TOTAAL PASSIVA

78.753

61.995

Versie april 2026

Pagina 72

Overzicht van baten en lasten Realisatie

Begroting

2e Gew. Begr.

Realisatie

Bedragen x € 1.000

2024

2025

2025

2025

Programma Crisisbeheersing

4.917

6.802

6.305

6.162

Programma Brandweer

43.891

46.528

44.602

46.165

Programma GGD

40.981

38.719

45.754

45.026

Programma Ambulancezorg

32.292

31.192

33.260

33.794

Programma Bedrijfsvoering

26.188

27.611

27.397

27.683

Lasten

148.270

150.852

157.318

158.830

Gemeentelijke bijdrage

82.742

87.607

85.957

85.957

Lokaal aanbod

10.031

8.748

10.834

10.763

Rijksbijdragen

16.872

11.517

14.840

15.740

Zorgverzekeraars

31.454

31.874

33.551

33.564

Overige baten

13.924

10.881

12.618

14.493

Baten

155.022

150.627

157.800

160.517

0

0

0

0

Resultaat voor bestemming

6.752

-225

482

1.687

Mutatie reserves

-2.693

225

-482

-534

Resultaat na bestemming

4.059

0

0

1.153

Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

4.059

0

0

1.152

Overzicht baten en lasten

Doorbelasting

Resultaat na belasting

8.2

Waarderingsgrondslagen

Gehanteerd stelsel De jaarrekening is samengesteld op basis van het ‘Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten’ (BBV). Boekjaar en vergelijkende cijfers Het boekjaar loopt gelijk met het begrotingsjaar en beslaat de periode van 1 januari tot en met 31 december. Als vergelijkende cijfers zijn de begroting en 2e geactualiseerde begroting, vastgesteld in het AB van 19 november 2025, over 2025 en de realisatiecijfers 2024 opgenomen. Activa Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn onderverdeeld in de categorieën: Grond, Gebouwen, Vervoermiddelen, Machines, apparaten en installaties en Onderhanden werk. Waardering vindt plaats tegen historische kostprijs, verminderd met cumulatieve afschrijvingen die gebaseerd zijn op de verwachte economische levensduur. Bij de waardering is rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze vermindering naar verwachting duurzaam is. Voor de verschillende categorieën van materiële vaste activa gelden verschillende afschrijvingstermijnen. Deze zijn afhankelijk van de te verwachten economische levensduur of externe voorschriften.

Versie april 2026

Pagina 73

Financiële vaste activa De financiële vaste activa betreffen waarborgsommen in verband met aangegane verplichtingen en zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorraden De voorraden zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs. Vorderingen De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van een noodzakelijke geachte voorziening voor het risico van oninbaarheid. De voorziening is bepaald aan de hand van een percentage van het openstaande saldo ouder dan negentig dagen. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Passiva Voorzieningen Een voorziening wordt gevormd voor een in rechte afdwingbare verplichting of een feitelijke verplichting waarbij een grote mate van onzekerheid bestaat over de omvang van het bedrag en tijdstip van afwikkeling. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. de voorzienbare uitgave. Schulden met een rentetypische looptijd van één jaar en langer De onderhandse leningen zijn opgenomen tegen nominale waarden verminderd met de eventueel gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva bestaan uit kortlopende schulden, vooruit ontvangen bedragen en overlopende passiva met een resterende looptijd van minder dan een jaar en zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Grondslagen voor resultaatbepaling Toerekeningbeginsel Bij het opstellen van de resultatenrekening is het toerekeningbeginsel gehanteerd: De baten en lasten, worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Op grond van het voorzichtigheidsbeginsel worden verliezen genomen zodra zij voorzienbaar zijn. Op grond van het realisatiebeginsel worden (positieve) resultaten pas verantwoord indien deze gerealiseerd zijn. Op grond van het matchingbeginsel worden de kosten van een bepaalde activiteit genomen in de periode waarin de opbrengsten van deze activiteit worden verantwoord. Kosten gemaakt voor een opbrengst die pas in een volgende periode wordt gerealiseerd, zijn per balansdatum geactiveerd. Personeelslasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende

Versie april 2026

Pagina 74

arbeidsonkosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Normenkader Rechtmatigheidsverantwoording Het normenkader voor de rechtmatigheidsverantwoording betreft de inventarisatie van de voor de verantwoording relevante regelgeving, van andere overheden en van de VGGM zelf. Bij regelgeving die niet afkomstig is vanuit de VGGM, moet onder meer gedacht worden aan: • Europese richtlijnen. • Wetten in formele zin. • Algemene Maatregelen van Bestuur. • Ministeriële regelingen. Het normenkader is geactualiseerd per 10 september 2025 en aangepast op basis van nieuwe wet- en regelgeving. De inventarisatie van regelgeving bestaat uit externe- en regelgeving gevormd door VGGM. Onder VGGM-regelgeving worden verordeningen, algemeen bestuur en dagelijks bestuur besluiten verstaan. Het normenkader heeft de reikwijdte zoals gespecificeerd in de geldende Kadernota rechtmatigheid. Het normenkader is geoperationaliseerd in het toetsingskader voor de controle van de interne beheersing in het kader van de financiële rechtmatigheid.

Versie april 2026

Pagina 75

8.3

Toelichting op de balans

Vaste activa Materiele vaste activa Het verloop van de materiele vaste activa is als volgt: Grond

Gebouwen

Vervoermiddelen

Machines, apparaten en installaties

Onderhanden werk

Totaal

684

7.753

47.553

27.876

0

83.866

Cumulatieve afschrijving

0

5.054

19.583

15.944

0

40.581

Boekwaarde 31-12-2024

684

2.699

27.970

11.932

0

43.285

0

0

0

0

0

0

Investeringen

0

44

2.239

4.963

3.245

10.491

Afschrijvingen

0

-256

-3.357

-3.564

0

-7.177

Desinvestering AW

0

0

-791

-657

0

-1.448

Desinvestering CA

0

0

721

472

0

1.193

Bijdragen van derden

0

0

0

0

0

0

Afwaarderingen

0

0

0

0

0

0

0

-212

-1.187

1.213

3.245

3.059

684

7.797

49.001

32.182

3.245

92.909

Cumulatieve afschrijving

0

5.310

22.218

19.036

0

46.565

Boekwaarde 31-12-2025

684

2.487

26.782

13.146

3.245

46.344

Bedragen x € 1.000

Aanschafwaarde

Mutatie boekwaarde: Activa in aanbouw 2024 naar investeringen

Aanschafwaarde

Afschrijvingstermijnen Gebouwen worden in 40 jaar afgeschreven, renovaties in 25 jaar, semipermanente nieuwbouw in 15 jaar en de inrichtingskosten in 10 jaar. Afhankelijk van het soort vervoermiddel bedraagt de afschrijvingstermijn 20, 15, 7, 6 of 5 jaar. Inventaris wordt afhankelijk van het betreffende item afgeschreven tussen de 3 (bijvoorbeeld deel-ICT) en 10 jaar (bijvoorbeeld ademlucht apparatuur). Grond Betreft de grond van de hoofdstandplaats ambulancezorg IJsseloord Arnhem. Gebouwen In 2025 zijn verbouwingen aan een tweetal panden uitgevoerd: Brandweer - Lunteren (€ 10.000) Ambulancezorg - Meander (€ 5.000)

Versie april 2026

Pagina 76

Vervoermiddelen In 2025 zijn door de brandweer 2 natuurbrandvoertuigen met bepakking, 2 haakarmvoertuigen, 1 multiinzetbare bus en vijf (elektrische) dienstauto’s (€ 2.239.000) regulier vervangen. Machines, apparaten en installaties In 2025 heeft reguliere vervanging van ICT-middelen zoals hardware, laptops en smartphones plaatsgevonden (€ 1.880.000). Daarnaast hebben reguliere investeringen plaatsgevonden in onder andere presentatiemiddelen, meubilair en medicijn-koelkasten, opleidingsattributen (€ 445.000). Daarnaast zijn vervangingen van ademluchttoestellen (€ 207.000), kleding (€ 367.000), bepakking/redgereedschap voor diverse brandweervoertuigen (€ 1.967.000), inventaris voor ambulances (€ 125.000) als grootste componenten. Onderhanden werk Per ultimo 2025 is er geen sprake van onderhanden werk.

Financiële vaste activa Waarborgsommen De financiële vaste activa bestaat uit gestorte waarborgsommen, in totaliteit € 85.000 (2024: €61.000). In 2025 is een waarborgsom gestort voor de nieuwe locatie aan de Vlaardingerweg te Arnhem in verband met covid vaccinaties. Openstaande waarborgsommen betreffen met name huur-waarborgen van consultatiebureaus Jeugdgezondheidszorg en het centraal oefenmiddelen magazijn van de brandweer. Voor de uitvoering van covid vaccinaties is een nieuwe locatie betrokken aan de Vlaardingerweg te Arnhem

Vlottende activa Voorraden De totale vaccinvoorraad voor de reizigersspreekuren bedraagt € 107.000 (jaar 2024: € 81.000). Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Deze balanspost bestaat uit vorderingen op deelnemende gemeenten en overige openbare lichamen. De vorderingen zijn onderling afgestemd. Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Per december 2013 is VGGM verplicht te Schatkistbankieren bij het Rijk. Het drempelbedrag bedraagt 2,0% van het begrotingstotaal zijnde dan € 3.150.000, hieraan is elk kwartaal voldaan. Rekening courant niet financiële instellingen VGGM heeft een rekening-courantverhouding met de Stichting PG, waarop alle verrekeningen in Stichting PG verband plaatsvinden. Overige vorderingen De overige vorderingen kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Versie april 2026

Pagina 77

Bedragen x € 1.000

31-12-2025

31-12-2024

704

96

Debiteuren overige

1.718

1.437

Debiteuren ambulancezorg

4.122

3.647

Totaal

6.544

5.180

Debiteuren verbonden partijen

Van de openstaande debiteuren staat per 10-02-2026 nog € 1.898.000 open. Dit zijn grotendeels openstaande posten op Zorgverzekeraars over de facturatie van het ambulancevervoer december 2025. Te verrekenen Ambulancezorg Vanaf 2016 kent de ambulancezorg één met zorgverzekeraars af te spreken totaalbudget. De tarieven voor een inzet zijn vervolgens voor het gehele land uniform. De vaststelling van het definitieve budget geschiedt op nacalculatiebasis in overleg met zorgverzekeraars. Om het verschil tussen de werkelijk in rekening gebrachte inzetten en het totaalbudget te egaliseren is met betrekking tot nog te verrekenen tariefopbrengsten deze balanspost gecreëerd. Ultimo 2025 is deze post € 42.000 groot en zal conform NZA-beschikkingen worden verrekend met de zorgverzekeraars. Deze post is opgenomen onder debiteuren overige. Tot en met het jaar 2024 is beschikt. Liquide middelen Betreffende de saldi van de bank en kas per balansdatum. De banksaldi zijn direct opeisbaar.

Overlopende activa De overlopende activa hebben betrekking op nog te ontvangen, inclusief nog te factureren, en vooruitbetaalde bedragen. Bedragen x € 1.000

31-12-2025

31-12-2024

Nog te ontvangen bedragen

3.052

4.070

Vooruitbetaalde posten

1.429

1.392

11

0

4.492

5.462

Overige transitoria Totaal

De vooruitbetaalde post bestaat grotendeels uit vooruitbetaalde facturen aan crediteuren voor onder andere verzekeringspremies en softwarelicenties. De verantwoorde nog te ontvangen bedragen zijn als volgt te specificeren: Nog te ontvangen bedragen Bedragen x € 1.000

31-12-2024

Toevoeging

Besteding

31-12-2025

EU/Rijk

829

431

829

431

Deelnemende gemeenten

414

209

414

209

Belastingdienst, BPM/Motorrijtuigenbelasting

224

0

224

0

Diverse overige Nog te ontvangen bedragen

272

120

272

120

1.739

760

1.739

760

Totaal

Versie april 2026

Pagina 78

Nog te factureren bedragen Bedragen x € 1.000

31-12-2024

Toevoeging

Besteding

31-12-2025

EU/Rijk

22

0

22

0

Deelnemende gemeenten

49

0

49

0

Overige Nog te factureren bedragen

2.260

2.292

2.260

2.292

Totaal

2.331

2.292

2.331

2.292

Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van het eigen vermogen is als volgt: Saldo

Res.

Onttrekking

Toevoeging

31-12-

Best.

2025

2025

31-12-2025

2024

2024

Algemene reserve

1.453

1.547

0

0

3.000

Reserve Aanvaardbare kosten AGM

2.923

0

-113

0

2.810

Reserve Rijksbijdragen

3.170

0

-119

722

3.772

Algemene reserves

7.546

1.547

-232

722

9.582

Reserve Onderhoud kazernes

756

0

-126

0

630

Reserve Activa Brandweer Ede

343

0

-46

0

297

Reserve Arbeidshygiëne Brandweer

85

0

-85

0

0

Reserve Doorontwikkeling JGZ

173

0

-173

0

0

Reserve Jeugdgezondheidszorg

884

0

0

173

1.058

Reserve Onderhoud

110

0

-17

0

93

Reserve Bevolkingszorg

132

0

-132

0

0

Reserve Wonen met Zorg

244

0

0

101

345

0

0

0

200

200

0

0

0

150

150

Bestemde reserves

2.728

0

-580

624

2.772

Nog te bestemmen resultaat

4.059

0

-4.059

1.152

1.152

Totaal Eigen vermogen

14.331

1.547

-4.870

2.498

13.506

Bedragen x € 1.000

Saldo

consultatiebureaus

Reserve Veilige Energietransitie (VET) Reserve PL Huisvesting

In de vergadering van het algemeen bestuur van 19 november 2025 is de nota ‘Reserves en voorzieningen’ ter besluitvorming voorgelegd en vastgesteld. Voor een uitgebreide beschrijving van de reserves verwijzen we naar deze nota. De algemene reserve bestaat naar aanleiding van het advies van de auditcommissie en de betreffende nota uit 3 reserves: de algemene reserve, de reserve aanvaardbare Kosten (RAK) en de reserve rijksbijdragen. De laatste 2 reserves werden vorig boekjaar verantwoord onder de bestemde reserves. Algemene bedrijfsreserve De algemene bedrijfsreserve wordt gebruikt om exploitatieoverschotten en verliezen te compenseren en de risicoparagraaf af te dekken. De hoogte van de algemene reserve is gelijk aan het door het AB vastgestelde

Versie april 2026

Pagina 79

weerstandsvermogen volgens de Nota Weerstandsvermogen & Risicobeheersing (per besluit d.d. november 2024 is de € 3.000.000). Reserve Aanvaardbare kosten AGM De financiering van de ambulancezorg geschiedt op basis van aanvaardbare kosten. Overschrijdingen en onderscheidingen in enig jaar dienen te worden afgewikkeld via deze reserve. In 2025 wordt € 113.000 onttrokken aan de reserve AGM (jaar 2024: € 89.000). Reserve Rijksbijdragen Deze reserve dient als weerstandsvermogen voor de dekking van de genoemde risico’s en eventuele toekomstige verplichtingen die samenhangen met de taken die worden bekostigd uit de Rijksbijdragen. Dit is financiering vanuit het Rijk die niet naar andere decentrale overheden mag vloeien. In 2025 is € 119.000 onttrokken en € 722.000 toegevoegd. Reserve Onderhoud kazernes – gebruikersdeel Reserve bestemd ter dekking van de onderhoudskosten aan de diverse brandweerkazernes. In 2025 is € 126.000 onttrokken (jaar 2024: € 11.000). Reserve Activa brandweer Ede Gelijktijdig met de overname van activa in december 2013 van de gemeente Ede is de bestemmingsreserve activa meegekomen. In 2025 is € 46.000 onttrokken (jaar 2024: € 3.000).

Reserve Arbeidshygiëne Brandweer Bij de bespreking van de halfjaarrapportage 2015 is door het algemeen bestuur besloten een budget vrij te maken voor innovatie gericht op het vergroten van de arbeidshygiëne omdat naast reguliere activiteiten (zoals bijvoorbeeld sneller vervangen van brandweerkleding) ook geëxperimenteerd moet kunnen worden in de repressieve handelswijze. In 2025 is € 85.000 onttrokken (jaar 2024: toegevoegd € 3.000) en daarmee volledig besteed. Reserve Doorontwikkeling JGZ De reserve Doorontwikkeling JGZ is samengevoegd met de reserve Jeugdgezondheidszorg. Reserve Jeugdgezondheidszorg In de bestemming van het resultaat JGZ 0-4 jaar 2016 is budgettaire ruimte opgebouwd voor het overdragen van de medewerkers JGZ 0-4 jaar uit de stichting Publieke Gezondheid Gelderland-Midden naar VGGM en de doorontwikkeling van de JGZ. In 2024 heeft een overgang plaatsgevonden van het merendeel van de medewerkers van de stichting PG. In 2024 en 2025 konden de bijkomende lasten nog gedragen worden in de exploitatie. In de komende jaren zal hiervoor de reserve worden aangewend. In 2025 is het bedrag van de reserve doorontwikkeling toegevoegd aan deze reserve (€ 173.000) en komt daarmee op € 1.058.000. Reserve Onderhoud consultatiebureaus Reserve bestemd voor het onderhoudswerkzaamheden van de diverse consultatiebureaus.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=2fc73b92-5242-446a-b5f1-48568efb2502