CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beheerplan civiele kunstwerken 2023-2027 Doesburg

Gemeenteraad 26 januari 2023, gemeente DoesburgBij agendapunt: Beheerplan Civiele Kunstwerken 2023-202711.775 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ook kan bij vervangen gestuurd worden op duurzaamheid. Er moet bekeken worden of bijvoorbeeld een (goedkopere) houten fietsbrug vervangen kan worden voor een (duurdere) duurzamere composietbrug (minder CO2uitstoot bij productie).

Beheerplan Civiele kunstwerken

34

6.

FINANCIEEL

…

……

In dit hoofdstuk worden de maatregelen die in het voorgaande hoofdstuk benoemd worden, financieel doorgelicht. Tevens wordt middels het bepalen van de theoretische levensduur de vervangingswaarde van alle civiele kunstwerken bepaald. Dit geeft een inzicht in de toekomstige vervangingskosten t/m het jaar 2099. 6.1

ONDERHOUDSBEGROTING

…………………

…

6.1.1 Uitgangspunten onderhoudsbegroting Voor de overzichten van de onderhoudskosten per kunstwerk (periode 2023-2027) wordt verwezen naar de inventarisatie rapportage in bijlage 1 met geconstateerde maatregelen per kunstwerk uit paragraaf 5.3 uitgaande van 36 civiele kunstwerken. De raming is deterministisch opgebouwd en zijn gemaakt op voorlopig ontwerp (VO)-niveau (Variatiecoëfficiënt ca. 20-30%), conform SSK-raming CROW publicatie 137 met als uitgangspunt de referentie maatregellijst uit bijlage 15. Voor de genoemde bedragen in de ramingen gelden de volgende uitgangspunten: • Inclusief aankoop materiaal, lonen, kosten materieel (directe kostenmaatregel); • Inclusief ontheffingen BLBI meldingen (waterschap) en kleine verkeersmaatregelen; • Gebaseerd op maatregellijst en frequenties met prijspeil 2018; • Exclusief B.T.W; • Exclusief engineering; • Exclusief mogelijke bijzondere hulpmiddelen (steigers, hoogwerker enz.) • Exclusief indirecte levensduurkosten hieronder vallen; • Algemene kosten; • Winst en risico; • Engineeringskosten binnen levensduurkosten. Daarnaast dient onderstreept te worden dat de werkelijke onderhoudskosten kunnen afwijken van de in de rapportages aangegeven kosten, omdat deze ook afhankelijk zijn van de marktsituatie, economische omstandigheden, de aanbestedingsprocedure etc.

Beheerplan Civiele kunstwerken

35

6.1.2. Samenvatting onderhoudsraming De onderhoudsbehoefte in de periode 2023 t/m 2027 van het totale areaal directe kosten incl. benodigde inspecties en nadere onderzoeken bedraagt € 301.264,00 = (excl. 19% BTW met een variatiecoëfficiënt ca. 20% - 30%). In de onderstaande tabel is een samenvatting te vinden van de onderhoudskosten groot en klein onderhoud voor de jaren 2023 t/m 2027. Voor een onderbouwing wordt verwezen naar bijlage 5.

Totaal onderhoudskosten 2023-2027 Kosten klein- en groot Gemiddelde Onderhoudsjaar onderhoud onderhoudskosten 2023 € 94.785,00 € 60.252,80 2024 € 55.802,00 € 60.252,80 2025 € 47.800,00 € 60.252,80 2026 € 45.285,00 € 60.252,80 2027 € 57.592,00 € 60.252,80 Eind totaal € 301.264,00 € 301.264,00

6.2

VERVANGINGSBEGROTING

………………

…

6.2.1 Uitgangspunten vervangingsbegroting In bijlage 6 is per kunstwerk de vervangingskosten gepresenteerd. Dit betreft hier een deterministische raming op Initieel Ontwerp (IO)-niveau conform CROW publicatie 137 met als uitgangspunt de CUR117:2015 (gehouden inventarisatie en opname) op basis van een op een vervanging van het object op basis van theoretische levensduur conform referentie maatregellijst uit bijlage 15. Variatiecoëfficiënt (bandbreedte 30-40%) volgt uit uniforme eenheidsprijzen conform referentie maatregellijst gericht op directe uitvoeringskosten voor vervanging één op één. Indirectie kosten vallen ook onder deze bandbreedte als ontheffingen/vergunningen, einde levensduur onderzoeken, Engineering ontwerp opstellen, sloop, voorbereiding administratie en toezicht, winst en risico, marktwerking enz. In bijlage 6 staat aangegeven hoe de totale waarde is opgebouwd, zie excel incl. grafieken met doorkijk vervangingsreeks t/m 2099,

Beheerplan Civiele kunstwerken

36

6.2.2. Samenvatting vervangingsbegroting In de gemeente Doesburg zijn tijdens de verschillende bouwperioden ook vele civiele kunstwerken aangelegd of gebouwd. Dit heeft tot gevolg dat ook de vervanging in eenzelfde korte periode noodzakelijk zal zijn. Op enig moment geeft dit een grote belasting op de gemeentelijke begroting. Per type kunstwerk is de vervangingswaarde bepaald. Dit omdat met de aanleg van civiele kunstwerken hoge kosten gemoeid zijn. Dit heeft enerzijds te maken met maatwerk voor de situatie waarin het kunstwerk moet worden aangelegd, de functie (verkeersbrug of voetgangersbrug) en de periode waarvoor men het kunstwerk aanlegt. De theoretische levensduur varieert sterk per functie en materiaal en is derhalve per type kunstwerk en per type materiaal uitgesplitst. Bij de berekeningen voor de vervangingswaarden is enkel uitgegaan van de vervanging van het element zelf, eventuele aanpassingen in wegen en terreinen zijn hier niet in meegenomen. Kunstwerken waar het veilig gebruik met regulier klein of groot onderhoud niet meer te garanderen is, moeten worden vervangen. Deze kunstwerken zijn aan het einde van de theoretische levensduur. De kunstwerken die tijdens de looptijd van dit beheerplan moeten worden vervangen staan in de onderstaande tabel. In de tabel wordt uitgegaan van een 1 op 1 vervanging van het bestaande kunstwerk.

Als wordt gekozen voor een andere uitvoering van het kunstwerk kan dit kostenverhogend werken. De vervangingswaarde van het totale areaal directe kosten bedraagt € 11.690.000, = (excl. 19% BTW met een variatiecoëfficiënt ca. 30% - 40%). Totaal zijn zes objecten theoretisch aan vervanging toe voor 2030 met een geraamd bedrag van €700.000,- (excl. BTW en excl. bandbreedte). In de onderstaande tabel zijn de civiele kunstwerken met de vervangingswaarde te vinden. De civiele kunstwerken in deze tabel zijn volgens de theoretisch levensduur t/m 2029 aan vervanging toe.

CK nummer Locatie Omschrijving object 1 De Bleek Keermuur langs Particuliere tuin 18 Koepoortwal Muur met de functie van grondkering 24 Meipoortwal Keermuren nabij Patrimonium 27 Halve Maanweg Grondkering tbv parkeerplaatsen 33 Zanderskamp Brug over vijver, voet - fietsbrug 35 Breedestraat Muur ter afscheiding Totaal vervaningswaarde t/m 2029

Beheerplan Civiele kunstwerken

Categorie Bouwjaar Vervangingsjaar Vervangingswaarde 01 - Keermuur metselwerk 1968 2023 € 230.000 01 - Keermuur metselwerk 1960 2025 € 150.000 02 - Keermuur betonelementen 1970 2025 € 20.000 04 - Houten Damwand 2000 2025 € 120.000 05 - houten fiets-voetbrug 1980 2024 € 70.000 01 - Keermuur metselwerk 1968 2023 € 110.000 € 700.000

37

Uit de bovenstaande grafieken is af te leiden dat in 2040-2049 een piek ontstaat voor het vervangen van de civiele objecten. 14 civiele kunstwerken hebben dan het einde van de (theoretische) levensduur bereikt. De piek qua vervangingskosten is echter in de periode van 2050-2059.

De beheerder zal aan de hand van (visuele) inspecties een afweging moeten maken om civiele kunstwerken aan het einde van de (theoretisch) levensduur te vervangen of te repareren/renoveren. Indien gekozen wordt voor herstelreparaties (renovatie), kan de theoretische levensverwachting (vervangingsjaar) van het kunstwerk verschoven worden. Zo kunnen pieken voorkomen en verspreid worden.

Beheerplan Civiele kunstwerken

38

6.3

ACHTERSTALLIG ONDERHOUD

………………

…

In hoofdstuk 5 is uitgebreid ingegaan op de onderhoudstoestand van de 36 civiele kunstwerken. Hieruit blijkt dat er momenteel sprake is van een kleine achterstand in het onderhoud. De achterstand in het onderhoud is vooral terug te vinden in rotte onderdelen, achterstand in reinigingswerk, vandalisme, afboeren beton en wegvallen voegwerk. De onderhoudskosten om het achterstallige onderhoud bij te werken zijn meegenomen in het totaalbedrag van de onderhoudskosten voor het jaar 2020. Het bedrag om het achterstallige onderhoud weg te werken bedraagt een (eenmalige) investering van circa € 34.532,20 (totaal onderhoudskosten 2023 – gemiddelde onderhoudskosten 2023-2027 = € 94.785,00 € 60.252,80).

6.4

BENODIGD BUDGET

………………

…

Bij het doorrekenen van de financiële middelen is uitgegaan van een gemiddelde uitgave per jaar. Gezien de bouwtermijn van de kunstwerken is het wenselijk de financiële behoefte op te bouwen in een fondsvorming, om een te grote belasting op de gemeentelijke begroting in de toekomst te voorkomen. 6.4.1 Gemiddelde jaarlijkse onderhoudskosten 2023-2027 In de financiële doorrekening uit paragraaf 6.1 zijn de kosten van het onderhoud tot en met 2027 inzichtelijk gemaakt. Om jaarlijks groot-, klein onderhoud en (her)inspectie uit te voeren is een bedrag van € 60.252,80 per jaar berekend (van 2023 tot en met 2027). 6.4.2 Gemiddelde jaarlijkse onderhoudskosten 2020-2024 Uit paragraaf 6.2 blijkt dat tot en met 2029 zes civiele kunstwerken theoretisch aan vervanging toe zijn. De totale vervangingswaarde van deze zes kunstwerken bedraagt €700.00,-. Voor het jaar 2023-2027 komt dit neer op een gemiddeld bedrag van €70.000,per jaar.

6.5

BESCHIKBAAR BUDGET ………………

…

In het verleden werden de civiele kunstwerken (CK) en (overige) objecten in de openbare ruimt onderhouden via het Fonds openbare ruimte VJ 2007 (bijlage 16). In dit fonds zijn geen vervangingswaarden meegenomen. Indien een object aan vervanging toe was diende er budget vrijgemaakt te worden. In totaal werd met €27.550,- per jaar het groot- en klein onderhoud uitgevoerd. Let op: niet alle civiele kunstwerken (bv Turfhaven) zijn meegenomen in het fonds.

Beheerplan Civiele kunstwerken

39

7.

CONCLUSIE

…

…

…

In overleg met de beheerder van de civiele kunstwerken is besloten om voor ‘klein onderhoud’ op niveau ‘redelijke’ te onderhouden (niveau B van de COW-publicaties). Om veel calamiteiten, kapitaalvernietiging, functieverlies en juridische aansprakelijkheid bij ongelukken te voorkomen zal ‘groot onderhoud’ minimaal op een ‘matig’ onderhoudsniveau, niveau C van de CROW-publicaties, onderhouden worden. Het is aan te bevelen om het echter niet tot niveau ‘matig’ te laten komen. Wanneer in op niveau ‘redelijk’ groot onderhoud wordt gepleegd blijft de prijs-kwaliteitsverhouding relatief laag. Hierdoor kom je niet voor onverwachte hoge kosten te staan. De kunstwerken gaan langer mee zonder te kort te doen aan de veiligheid en functionaliteit. Om de civiele kunstwerken te kunnen onderhouden op deze onderhoudsniveaus en te kunnen vervangen aan het einde van de theoretisch levensduur zijn financiële middelen nodig. Volgens de deterministisch opgebouwde ramingen uit bijlage 5 en 6 dienen de volgende financiële middelen gereserveerd te worden van 2023 t/m 2027.

Onderhoudsjaar Kosten achterstallig onderhoud Gemiddelde onderhoudskosten Gemiddelde vervangingskosten

2023 € 34.532,20 €60.253,80 €70.000,00

2024

2025

2026

2027

€60.252,80 €70.000,00

€60.252,80 €70.000,00

€60.252,80 €70.000,00

€60.252,80 €70.000,00

Totaal

€164.785,00

€130.252,80

€130.252,80

€130.252,80

€130.252,80

Het beschikbare budget van € 27.550,- uit het Fonds openbare ruimte VJ 2007 (bijlage 16) voor het (groot en klein) onderhoud van de objecten in de openbare ruimte wordt in de nieuwe berekeningen van de gemiddelde onderhoudskosten (per jaar) ruim overschreden met een bedrag van € 32.702,80. Kanttekening hierbij is dat niet alle elementen (zoals de CK in de Turfhaven) zijn meegenomen in het Fonds. Echter zijn er wel objecten meegenomen in het bedrag van het Fonds, die nu niet zijn meegenomen in het beheerplan.

Beheerplan Civiele kunstwerken

40

8.

AANBEVELINGEN

…

……

In dit hoofdstuk worden enkele aanbevelingen gedaan betreft de vervolgstappen. Tevens wordt inzichtelijk gemaakt welk proces de beheerder periodiek moet herhalen om het beheerplan te actualiseren.

8.1

BEHEERPROCES …………

…

Het is noodzakelijk dat de gemeente de beheergegevens van de kunstwerken op orde heeft. Geadviseerd wordt om te voorzien in de beheersoftware. Daarmee kan een actueel en betrouwbaar inzicht gegeven worden in de te verwachten onderhoudskosten en het te beheren areaal. Daarnaast is het een bewijsmiddel waarmee verantwoord wordt dat de gemeente aan de zorgplicht voldoet. De volgende stappen beschrijven het beheerproces van de Civieltechnische kunstwerken. 1.

Actualisatie: Bijwerken areaal, verwerken uitgevoerd onderhoud. Areaal aanvullen met nieuwe objecten en coderen.

2.

Informatie: Jaarlijks uitvoeren van een visuele inspectie zodat planningen eventueel bijgesteld kunnen worden. Jaarlijkse schouw is tevens een verplichting vanuit de zorgplicht. 5 jaarlijks moet de visuele inspectie vervangen door een externe, globale inspectie. De inspecteurs die deze globale inspectie uitvoeren moeten ook de nieuwe maatregeltoets opstellen.

3.

Planvorming: Naar aanleiding van de schouw zal geprioriteerd worden welke maatregelen (groot onderhoud) het komende jaar prioriteit heeft.

4.

Beheerplan: Vanuit de maatregel voortkomend uit de schouw kan de meerjarenbegroting geactualiseerd worden. Met alle verzamelde areaalgegevens en eventuele aanpassingen van beleidskaders kan het beheerplan geactualiseerd en vastgesteld worden. Uit de schouw kan blijken dat een civiel kunstwerk, dat (bijna) de theoretische levensduur heeft bereikt, nog functioneel en veilig is. De beheerder kan dan besluiten om het vervangingsjaar op te schuiven en te actualiseren. Bij vervanging dient aangesloten te worden bij beleidsargumenten als circulariteit en duurzaamheid.

5.

Onderhouden: Onderhouden van civieltechnische kunstwerken is specialistisch werk. Door de grote diversiteit aan materialen is het lastig om het complete maatregelenpakket in één raamcontract te omvatten. Om de kwaliteit en deskundigheid van de inschrijvers te kunnen garanderen, kan voorafgaand een

Beheerplan Civiele kunstwerken

41

voorselectie plaatsvinden op basis waarvan verschillende aannemers uitgenodigd worden om in te schrijven. Kleine onderhoudsmaatregelen, zoals het vervangen van een dekplank of het aanstraten van een toerit kan worden uitgevoerd door de buitendienst. Terugkerend klein onderhoud, bijvoorbeeld het reinigen van civiele kunstwerken of het conserveren/schilderen van onderdelen van een brug, leent zich prima voor een raamcontract voor middellange termijn (bijvoorbeeld 5 jaar). Door enkel schilderwerk in het contract op te nemen kan de kwaliteit worden gecontinueerd. Hierdoor blijven de kosten beheersbaar. Tevens kan door dit contract apart op de markt te brengen, dit onderhands, maar lokaal aanbesteed worden. Slijtlagen, op zowel kunststof als houten dekken, kunnen ook naar aanleiding van de maatregeltoets in raamcontract voor 5 jaar aanbesteed worden.

Indien besloten wordt om jaarlijkse inspectie uit te besteden dienen er extra middelen (budget) beschikbaar gesteld te worden. Deze middelen zijn niet meegenomen in de financiële doorrekening van dit beheerplan.

8.2

BEHEEROVEREENKOMSTEN …………

…

Wanneer niet duidelijk is wie de eigenaar van een civiel kunstwerk is, door bijvoorbeeld het kunstwerk op de erfgrens ligt of er recht van opstal nodig is, dient een beheerovereenkomst opgesteld te worden. Hierin worden afspraken gemaakt betreft eigendom, beheer en onderhoud. In de gemeente Doesburg zijn voor sommige civiele kunstwerken (nog) geen afspraken vastgelegd betreft het eigendom, beheer en onderhoud zoals de stalen damwand bij de turfhaven of in ieder geval niet bekend tijdens het opstellen van dit beheerplan. In het verleden zijn mogelijk mondelinge afspraken gemaakt. Het is aan te bevelen om (alsnog) formele afspraken vast te leggen in een beheerovereenkomst en deze toe te voegen aan het beheerplan. Het is aan te bevelen om een beheerovereenkomst op te stellen of te achterhalen van de volgende civiele kunstwerken:

•

CK 14: Trappen naar woningen Bleekerskade

-> VVE

•

CK 20: Geluidsmuur N317

-> Provincie Gelderland

•

CK 21: Bekleding tunnel Van Middachtenweg

-> Provincie Gelderland

•

CK 28: Kademuur Turfhaven

-> WRIJ

•

CK 31: Stalen damwand Turfhaven

-> WRIJ

Beheerplan Civiele kunstwerken

42

•

8.3

CK 36: Trap Hoogestraat (eigendom vanaf 2022)

-> VVE

(OVERIGE) ELEMENTEN OPENBARE RUIMTE

…

…

De overige elementen betreffen vooral geleide- en afscheidingsmuren/hekwerken deze elementen vallen niet binnen de kadering van de civiele kunstwerken. De (overige) elementen openbare ruimte (EO) zijn daarom niet meegenomen in dit beheerplan en de financiële doorrekening. De overige elementen zijn wel meegenomen in de inventarisatie in bijlage 1. Ook zijn ze inzichtelijk gemaakt op kaart in bijlage 4. De maatregelen die getroffen moeten worden om de EO te onderhouden zijn (deels) uitgewerkt in bijlage 13. Het is aan te bevelen om een separaat plan op te stellen betreft deze elementen. In het separate plan zullen de kosten van het onderhoud en de vervangingswaarden inzichtelijk gemaakt moeten worden. Indien de kosten inzichtelijk zijn, zal bekken moeten worden of het mogelijk is om afscheidingsmuren (met een fundering) onder gebouwbeheer te laten vallen en de hekwerken, balustrades, e.d. onder het onderhoud van straatmeubilair.

Beheerplan Civiele kunstwerken

43

BIJLAGE 1: Inventarisatie rapport / visuele inspectie 2019

Beheerplan Civiele kunstwerken

44

BIJLAGE 2: Beheerovereenkomst IJsselkade WRIJ

Beheerplan Civiele kunstwerken

45

BIJLAGE 3: Beheerovereenkomst VvE fietsvoetgangersbrug Binnentuin IJsselkade

Beheerplan Civiele kunstwerken

46

BIJLAGE 4: Overzichtstekening CK en EO in de gemeente Doesburg

Beheerplan Civiele kunstwerken

47

BIJLAGE 5: Excel raming onderhoudskosten 2023-2027

Beheerplan Civiele kunstwerken

48

BIJLAGE 6: Excel raming vervangingskosten 2023-2099

Beheerplan Civiele kunstwerken

49

BIJLAGE 7: Uitwerking Juridisch kader

Beheerplan Civiele kunstwerken

50

BIJLAGE 8: Inrichting ontwerp, veranderend gebruik en duurzaamheidsasp ecten.

Beheerplan Civiele kunstwerken

51

BIJLAGE 9: Nadere inspectie Aanlegsteiger Contre Escarpe

Beheerplan Civiele kunstwerken

52

BIJLAGE 10: Nadere inspectie brug van Brakellaan

Beheerplan Civiele kunstwerken

53

BIJLAGE 11: Nadere inspectie brug van Zanderskamp

Beheerplan Civiele kunstwerken

54

BIJLAGE 12: Onderhoud en beheerplan Turfhaven

Beheerplan Civiele kunstwerken

55

BIJLAGE 13 Maatregelen per Element openbare ruimte. Gecategoriseerd op element

Beheerplan Civiele kunstwerken

56

BIJLAGE 14 Overeenkomst onderhoud leuningen IJsselkade (EO)

Beheerplan Civiele kunstwerken

57

BIJLAGE 15 Maatregelenlijst referentie

Beheerplan Civiele kunstwerken

58

BIJLAGE 16 Fonds openbare ruimte VJ 2007

Beheerplan Civiele kunstwerken

59

Beheerplan Civiele Kunstwerken 2023-2027

Beheerplan Civiele kunstwerken

60

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=3b819fec-e4e2-40fc-a5f1-6e07ef6ff6eb