Begroting 2026 ODRA
Tekst van het document
BEGROTING 2026
OMGEVINGSDIENST REGIO ARNHEM
03
I N H O U D S O P G AV E
04
Voorwoord: 2026: Robuust, verkiezingen en ravijn
06
Inleiding
08
Hoofdstuk 1
013
Hoofdstuk 2
016
Hoofdstuk 3
020
Hoofdstuk 4
022
Hoofdstuk 5
025
Hoofdstuk 6
028
BIJLAGEN Bijlage 1. Overzicht producten
029
Bijlage 2. Overzicht diensten
030
Bijlage 3. Overzicht bijdragen klanten
Omgevingsdienst Regio Arnhem
VOORWOORD
04
05
2026: ROBUUST, VERKIEZINGEN EN RAVIJN Bij dezen de Begroting voor het jaar 2026 van Omgevingsdienst Regio Arnhem. Op het moment van schrijven, weet ik nog niet welke knopen de besturen van de Gelderse omgevingsdiensten hebben doorgehakt. Knopen, die na het verschijnen van het advies van de commissie Van Aartsen en het daaropvolgende Interbestuurlijk programma Versterking VTH (IBP-VTH), vragen om de goede keuzes.
opgaves. We zullen de raadsleden en colleges in 2026 snel bijpraten over de ontwikkelingen in het domein milieu en bouw en onze rol, vergunningen, toezicht en handhaving. We zullen de nieuwe colleges en gemeenteraden het Meerjarenplan van ODRA toelichten en aanbieden om mee te denken over strategieën en oplossingen voor de maatschappelijke uitdagingen waar gemeenten en de provincie voor staan.
Het gaat immers over de toekomst van de omgevingsdiensten en hoe we als Gelderse omgevingsdiensten het meest efficiënt en effectief kunnen zorgen voor de leefomgeving? En hoe we de kwaliteit van onze professionals kunnen verbeteren en met de omgevingsdiensten samen kunnen werken aan standaardisering en uniformering in data en informatievoorziening? Grote vragen die ook in 2026 in de aansturing van onze organisatie en onze bedrijfsvoering raken.
Onze inzet kan wellicht helpen om de gevolgen van de bezuinigingen, het Ravijnjaar 2026, iets te verlichten. We kijken er hoe dan ook naar uit met de huidige en nieuwe colleges samen te werken aan een veilige, schone en gezonde leefomgeving. Ons meedenken begint niet op 1 januari, dat is met de presentatie van deze Begroting begonnen.
Zoals gezegd is de aanleiding de opdracht vanuit het Rijk om robuust te worden, kwalitatief en financieel. Aan de elf gestelde criteria voldoen we als ODRA. We zijn robuust en dat vindt u terug in deze Begroting. Maar van achterover leunen is geen sprake. We staan voor een stevige uitdaging om de volgende stappen te zetten. Daar zullen we onze partners intensief bij betrekken.
ONZE INZET KAN WELLICHT HELPEN OM DE GEVOLGEN VAN DE BEZUINIGINGEN, HET RAVIJNJAAR 2026, IETS TE VERLICHTEN
Ik kijk uit naar continuering van de prettige samenwerking met onze partners. Ruben Vlaander
2026 is voor de tien gemeenten waar wij voor werken, een dubbel bijzonder jaar. In maart gemeenteraadsverkiezingen en vanaf 1 januari moeten de colleges de bezuinigen op het gemeentefonds verwerkt hebben in een sluitende begroting. Ga er maar aanstaan. De nieuwe raadsleden en wethouders beginnen onder een ander gesternte, met minder financiële ruimte en grotere
Begroting | 2026
Omgevingsdienst Regio Arnhem
06
07
In december 2024 is de kadernotitie 2026 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De kadernotitie 2026 vormt het uitgangspunt voor deze begroting 2026 en meerjarenraming 2026-2029 samen met de concept werkplannen voor 2026. De werkplannen 2026 zijn met de partners opgesteld in februari 2025 en gebaseerd/geëxtrapoleerd op de werkplannen 2025. De begroting 2026 is beleidsarm, het Meerjarenprogramma 20252028 vormt net als in 2025 de basis voor de begroting 2026. Bij de toelichtingenop de tabellen worden de uitgangspunten toegelicht waarop de begroting 2026 is gebaseerd. Die bestaan uit de kaders en normen die door het Algemeen Bestuur zijn vastgesteld en gebaseerd op de geldende CAO, verplichtingen, indexeringen en trendontwikkelingen vanuit de realisatie(s) van afgelopen jaar 2024.
INLEIDING
Begroting | 2026
Omgevingsdienst Regio Arnhem
1 08
UITGANGSPUNTEN VOOR DE BEGROTING 2026
Begroting | 2026
09
1.1 PDC - 2025/2026 In april 2024 heeft het bestuur de PDC voor 2025 vastgesteld Deze PDC hanteren we ook voor de begroting 2026.
1.2 TAAKVELDEN EN PROGRAMMA’S Binnen het Gelders Stelsel is de afspraak gemaakt dat onze werkzaamheden worden gecategoriseerd in programma’s en taakvelden. We werken tot nu toe binnen ODRA met drie taakvelden (milieu, bouw en algemeen) en vijf programma’s (vergunningverlening, toezicht en handhaving, advies, stelseltaken, projecten). Ons systeem van ‘beheerste outputfinanciering’ blijft in 2026 overeind. We zien 2025 als jaar om ons te herbezinnen op de financierings- en verantwoordingsmethodiek.
1.3 FINANCIERINGSSTRUCTUUR Sinds 2018 werken we vanuit de afspraken over ‘beheerste outputfinanciering’. Deze methodiek houdt in dat we werken met een mix van financieringen. Per productcategorie geldt een ander regime: • Provinciale programma’s worden afgerekend op basis van nacalculatie van de gewerkte uren. • De werkprogramma’s voor partners en collega OD’s in Gelderland: afgenomen ‘producten’ worden afgerekend met een vaste prijs, de ‘diensten’ met nacalculatie op uren en de gezamenlijke diensten met een vaste prijs voor het geheel. • De diensten aan derden is geheel op nacalculatie basis van de bestede uren. • Materiele kosten (out of pocket) worden veelal 1 op 1 doorbelast zonder toeslag.
door een indexatie en anderzijds door een toename in het aantal diensten bij zowel Bouw als Milieu.
1.4 BENCHMARK: TARIEF OPBOUW EN ANDERE UITGANGSPUNTEN Wij vergelijken ons tarief onder meer met “de handleiding overheidstarieven”, met name waar het gaat over het tarief, de overhead en over het aantal productieve uren per fte. De handleiding overheidstarieven geeft een gemiddelde tariefsopbouw weer, welke gebaseerd is op een breed scala van overheidsdiensten. In de opbouw wordt onderscheid gemaakt tussen gemiddelde kosten voor overhead en personeelskosten (direct = lonen; indirect = bijkomende kosten). We zien bij ons vooral een verschil in de kosten voor huisvesting en kantoorautomatisering. Bij de personeelskosten hebben we ons tarief vergeleken met de loonkosten in de gemiddelde schaal voor onze organisatie. We zien dat ons tarief gelijk is aan het landelijke beeld van overheidsorganisaties. Voor deze Voorjaarsbegroting 2026 is ook gekeken naar de tarieven van andere omgevingsdiensten. De tarieven voor 2026 zijn nog niet bekend. We maken daarom een vergelijking met de tarieven 2025. De tarieven variëren tussen € 90,- voor omgevingsdienst RUD Utrecht, tot € 135, voor omgevingsdienst RUD Noord Limburg. Hierbij moet worden aangetekend dat een aantal diensten een apart tarief gebruiken voor aanvullende diensten. Met een tarief van € 104,- staat de ODRA op de 4e plaats. Er is een groot aantal omgevingsdiensten dat tarieven hanteert boven de € 115,- per uur.
Daarbij moet (zoals in elke benchmark) worden aangetekend dat omstandigheden (bv huisvesting, type werk) kunnen verschillen.
In onderstaande tabel 1 met de kerncijfers van de productie is het kader vanuit de productcategorieën (PDC) weergegeven. De cijfers in de raming 2026 zijn bepaald door extrapolatie van de diensten in de werkpakketten 2025 (vastgesteld op 1 november 2024), met inachtneming van eerder geformuleerde trends in het MJP 20252028. Het aandeel diensten neemt door veranderingen in de PDC 2025 toe naar 61%. De overhead komt uit op 26,8 % van de omzet. Dit is iets hoger dan in 2025, dat komt doordat bij huisvesting wordt rekening gehouden met de huur van een extra verdieping.
Tabel 2: Omzetontwikkeling vanaf 2024 30.000 25.000
26.455
26.485
27.763
27.995
20.000 15.500
We verwachten voor 2028 een omzet van afgerond € 28 miljoen. De stijging ten opzichte van de begroting 2025 wordt enerzijds veroorzaakt
10.000 real. 2024
begr. 2025
KN 2026
begr. VJ2026
Tabel 1: Kerncijfers produc e Begrong 2026 op hoofdlijnen x € 1.000 Baten Producten (obv aantallen) Diensten (obv uren) Gezamenlijke diensten Materiële kosten Rentebaten Vrijval balansposten Totaal baten Lasten Lasten programma’s Lasten overhead Totaal lasten Gem. kengetal producten Tarief per uur Saldo
Realisae 2024 Aantallen in €
8.180 163.980
aantal e 186,3 45,4 231,7
6.406 24,5% 16.208 61,9% 2.310 8,8% 931 3,6% 176 157 26.188 19.274 73,8% 6.841 26,2% 26.121
8,2 95,00 67
Begrong 2025 Aantallen in € 9.186
pm pm
KN 2026 Aantallen In €
8.331 31,5% 15.602 59,0% 2.199 8,3% 333 1,3%
9.186
26.465
Aantallen
8.136 29,3% 16,545 59,6% 2.604 9,4% 355 1,3% 120 3 27.763
9.021
aantal e 182,7 42,0 224,7
x € 1.000 73,7% aantal e 20.463 26,3% 183,7 7.298 42,0 27.762 225,7
8,9 € 104,00
8,3 € 107,00
tov 2025
0
5,1%
1
2,9%
74.216 158.923 22.219
255.358
aantal e x € 1.000 73,7% 181,2 19.501 26,3% 39,1 6.964 220,4 26.465 tov 2024
Capaciteit Begr. (uren) VJ 2026 in €
8,2 € 107,00 tov 2025
7.941 17.005 2.498 355 0 196 27.995
28,4% 60,7% 8,9% 1,3%
x € 1.000 20.483 7.511 27.994
73,2% 26,8%
2,9%
2,9%
1
Omgevingsdienst Regio Arnhem
010
011
Voor 2025 begroten wij een tarief van € 104,-. Voor 2026 verwachten we een stijging met 2,9% ten opzichte van 2025, naar afgerond € 107,-. Voor 2026 wordt door het CPB (mev) een index van 3,8% (bovenop 2025) gehanteerd voor de lonen. Voor materieel geldt gemiddeld 2,7% per jaar.
In tabel 6 en 7 wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de aantallen producten en diensten. In onze huidige producten- en dienstcatalogus (PDC) wordt onderscheid gemaakt tussen diensten (worden op uur-basis afgerekend), producten (via vaste prijs per product) en gezamenlijke diensten; fixed price via een verdeelsleutel.
Tabel 3: Tarief opbouw in relae tot benchmark Tariefopbouw in € Personeelskosten direct Personeelskosten indirect Materieel • huisvesng & facilitair • ict • overige kosten Overhead Beleidsruimte* Totaal • sjging tov voorgaand jaar Aantal produceve uren
Begrong 2024
Begrong 2025
Begrong 2026
Benchmark
€ 73 € 16
€ 76 € 17
€ 78 € 19
€ 71 € 23
10.000
€4 €3 €3 € 10
€3 €4 €4 € 11
€4 €3 €3 € 10
€9 €5 €5 € 19 -€ 6
8.000
€ 99
€ 104 5,10% 1.358
1.400
€ 107 2,9% 1.355
Tabel 6: Ontwikkeling aantal producten
6.000 5.000
€ 107
4.000
1.355
bouw met € 1,6 miljoen (31%) en bij milieu met € 3,5 miljoen (24%). Dit is toe te schrijven aan het prijseffect en een toename van de diensten In de tabellen 4 en 5 is de omzetontwikkeling van de afzonderlijke bij zowel milieu als bouw. Zie ook tabel 4 en bijlage 1. taakvelden en programma’s weergegeven. Bij de programma’s zijn de • In 2024 zijn veel projecten uitgevoerd. We verwachten dat deze trend stelseltaken niet opgenomen. In de grafieken is de omzet (x € 1.000) van zich doorzet. In de begroting 2026 is een stelpost opgenomen voor respectievelijk 2024, begroting 2025 en kadernota 2026 aangegeven. mogelijke projecten van derden. Ten opzichte van de realisatie van de • De omzet in 2026 is vergelijkbaar met 2025, we zien een lichte stijging afgelopen jaren is een conservatieve raming opgenomen. Er is vooral Tabel Omzet taakveld bij 4: milieu. Tenper opzichte van de realisatie 2024 stijgt de omzet uit de rekening gehouden met projecten die al lopen en waarvan we weten dat die zullen doorlopen en projecten waarover verregaande Tabel 4: Omzet per taakveld 20.000 gesprekken lopen. 18.302 18.021 18.000 17.166 20.000 18.021 18.302 16.000 18.000 14.76617.166 14.000 16.000 14.766 12.000 14.000
10.000 12.000 8.000 10.000
Begr. 2025
Bouw
Real.per 2024 Begr. 2025 Tabel 5: Omzet programma
KN 2026 KN 2026
Tabel 5: Omzet per programma 12.000 12.000
5.519 3.831 5.519
2.000
Begr. VJ2026
Milieu
11.328 11.367 10.647 9.803 11.328 11.367 10.647 9.803
5.951 5.951
4.968 4.917 5.125
5.951 5.951
3.913 2.282
Begroting | 2026
Verg. Verg.
T&H T&H
2.793 2.845 2.864
2.793 2.845 2.864 2.282 Advies Advies
4.968 4.917 5.125
3.913
3.651
3.606
3.638
2.416
Bouw
Milieu Begr. 2025
KN 2026
Totaal Begr. VJ2026
170.000
157.717
150.000
128.080 132.958
130.000
135.673 138.421
150.015 154.625
158.923
110.000 90.000 70.000 50.000 17.944 17.057 18.952 20.502
2.416
Bouw
Milieu Begr. 2025
In de begroting 2024 – 2025 is een aantal projecten opgenomen binnen de gezamenlijke diensten. Dit betreffen innovatieprojecten. Daarnaast beschikt ODRA over een vrij innovatiebudget. Dit vrij innovatiebudget maakt deel uit van de stelpost projecten. In deze voorjaarsbegroting 2026 bundelen we deze beide posten tot één innovatiebudget voor 2026 en de jaren daarna.
Begr. VJ2026
3.831
2.000
4.406
1.6 PROJECTEN EN PROGRAMMA’S EN GEZAMENLIJKE DIENSTEN
7.000 7.000
5.383
Real. 2024
Milieu
9.021
Tabel 7: Ontwikkeling aantal uren diensten
10.000
Bouw
Real. 2024
5.535
Real. 2024
30.000
2.000
5.351
3.000 2.000
9.186
6.822
7.000
1.5 TRENDS PER TAAKVELD EN PROGRAMMA EN AANTALLEN PRODUCTEN & DIENSTEN
6.761 6.660 6.644 6.000 8.000 5.062 6.761 6.660 6.644 4.000 6.000 5.062 2.000 4.000
8.957
9.000
KN 2026
Totaal Begr. VJ2026
niet volledig aan projecten toegewezen. Daarom wordt niet het volledige budget voor innovatie zichtbaar in tabel 8. Onder de staf is een stelpost opgenomen, die wordt niet weergegeven in deze tabel. In de stelpost zitten projecten die voortvloeien uit het MJP 2025 – 2028, maar waarover nog geen volledige overeenstemming is bereikt. In de stelpost zijn ook projecten opgenomen die vorig jaar in de innovatieagenda zaten en dit jaar nog doorlopen, zoals verminderen Nox en fijnstof. De provincie is nog niet akkoord met de invulling van dit project, daarom is het nu opgenomen in de stelpost.
In het kader van de ‘robuustheid’ wordt een innovatie budget van > 1% van de omzet aangehouden. Voor 2026 ramen we op basis van de projecten in tabel 8 en de projecten in de stelpost 2,2%. In tabel 8 is een aantal projecten genoemd dat mogelijk in 2026 kan worden opgestart met een indicatie van de omvang. Op de indexering van de tarieven na, is dit budgetneutraal. Het innovatiebudget is nog
Project Project
Omgevingsdienst Regio Arnhem
012
Tabel 8: Innovae agenda onderdeel gezamenlijke diensten Innovae/projectenagenda x € 1.000
Real. 2024
251 Programma Omgevingswet 173 Energie Ontwikkelen effeceve aanpak kleinverbruikers 81 Smuleren circulaire economie Verminderen Nox en fijnstof Tegengaan ZZS Robosering intakeproces Verminderen geluidhinder door bedrijfsact. Bodemenergiesystemen 81 Nader te bepalen / vrij budget innovae Totaal Percentage omzet Omzet
586 2,2% 26.338
Begrong Kadernota 2025 2026 120
100
80 30
80 30
610 2,2% 27.763
210 0,8% 27.995
-50 400 1,5% 26.465
Begrong VJ2026
100 150 250
150 100 30 50
Toelichting tabel innovatie agenda • Ontwikkelen effectieve aanpak kleinverbruikers: Samen met gemeenten werken we aan een aanpak om bedrijven en kantoren te helpen hun fossiele energieverbruik terug te dringen. Dit is geen doorlopend proces, maar een specifieke taak waarbij we energiecontroles breder inzetten om concrete resultaten te boeken. • Verminderen geluidhinder door bedrijfsactiviteiten: Samen met partners ontwikkelen we maatregelen om geluidshinder door bedrijfsactiviteiten en ook evenementen te beperken. Denk aan een gerichte aanpak voor stadsvervoerders en organisatoren van evenementen. • Bodemenergiesystemen: Om grondwaterbeschermingsgebieden beter te beschermen, ontwikkelen we samen met partners een richtlijn voor het verantwoord gebruik van bodemenergiesystemen. Dit helpt ons om deze systemen duurzamer en efficiënter te benutten. • Het project stimuleren circulaire economie is overgegaan naar een reguliere gezamenlijke dienst, advies afval of grondstof, zie hieronder tabel 9. Tabel 9: Overzicht gezamenlijke diensten Gezamenlijke diensten x € 1.000
Thema
Piketdienst Strafrecht Advies afval of grondstof Data- en ketengedreven services Klantadvisering milieu Klantadvisering bouw Gezamenlijke dienst: alg. deel projecten (Guov) Advies uitvoeringsbeleid Stelpost besparingen Subtotaal reguliere gezamenlijke diensten Programma Duurzaamheid:
Realisa e 2024
Begro ng 2025
KN 2026
Begro ng VJ 2026
116 248 0 692 30 413 25 203
117 260 0 731 42 434
121 260 0 724 31 434
429 -194 1.800
424 0 1.994
125 268 101 737 32 591 0 435 0 2.288
1.727 148 50 139 108 444
400 400
610 610
210 210
2.171
2.200
2.604
2.498
energie circulariteit omgevingswet
Programma Omgevingswet: Gezamenlijk deel innovaebudget Subtotaal gezamenlijke programma’s en projecten Totaal gezamenlijke diensten
De gezamenlijke diensten worden met een vaste prijs opgenomen in de werkprogramma’s. Dat geschiedt op basis van de vastgestelde verdeelsleutel, bestaande uit 40% stemverhouding en 60% inwoneraantal. Voor 2025 is deze verdeelsleutel herijkt; vanwege de groei in de bijdrage van Doesburg, Overbetuwe en de Provincie is de verhouding aangepast. De gezamenlijke diensten worden ondergebracht in de betreffende programma’s conform tabel 9. Toelichting tabel 9: gezamenlijke diensten Begroting | 2026
2 013
Toelich ng Alle partners Alle partners Alle partners Alle partners Alle partners Bouw partners Gem. partners Gem. partners Gem. partners Gem. partners Gem. partners Alle partners Alle partners
• De stijging van het budget is voornamelijk een prijseffect. • Advies afval of grondstof: Dit was het oorspronkelijke project ‘Stimuleren circulaire economie’ uit het innovatiebudget en valt vanaf 2026 onder de reguliere gezamenlijke diensten.
UITWERKING FINANCIEEL BELEID EN KADERSTELLING Omgevingsdienst Regio Arnhem
014
In het meerjarenplan is in hoofdstuk 7 het meerjarig financieel beleid (op hoofdlijnen) beschreven. Voor de begroting 2026 is concreet het volgende van belang:
2.1 OUTPUTFINANCIERING: HYBRIDE VORM PROVINCIALE PROGRAMMA’S Wij hanteren voor onze VTH-taken met ingang van 2026 een nieuwe risicobenadering (methodiek). Dit betekent dat we minder sturen op output. Daarnaast heeft de Commissie van Aartsen geconcludeerd dat outputfinanciering niet de juiste benadering is voor omgevingsdiensten, en dat er andere financieringsmodellen nodig zijn die meer rekening houden met de complexiteit en de impact van hun werkzaamheden. De Commissie heeft benadrukt dat de kwaliteit van dienstverlening en de impact op de samenleving en het milieu voorop moet staan. Outputfinanciering kan leiden tot een eenzijdige focus op kwantitatieve output in plaats van op de effectiviteit en relevantie van de diensten die worden geleverd. Dit sluit aan op de grotere focus van de stakeholders op inzet van onze kennis en op onze maatschappelijke bijdragen in plaats van op onze (aantallen) producten. Met het MJP is al een start gemaakt om te komen tot een beter zicht op de publieke waarde van ODRA in relatie tot de maatschappelijke opgaven. We willen 2026 benutten om deze systematiek van het MJP te evalueren en waar nodig te actualiseren of te herijken in combinatie met een verdere doorontwikkeling van de huidige indicatoren voor outcome, input en output: Rijker verantwoorden.
2.2 BESPARINGSDOELSTELLINGEN In december 2023 hebben de partners gevraagd om scenario’s uit te werken voor eventuele besparingen in de begroting, met als achtergrond de verontrustende scenario’s voor de gemeenten in kader van de herstructurering van het gemeentefonds in 2026. Voor de begroting 2026 hebben wij gekeken of de systematiek van risicogericht werken voor onze VTH-taken kan leiden tot een besparing. De eerste conclusies daar zijn dat dit voor 2026 nog niet het geval is. Verder geldt dat veel van de kosten vaste kosten zijn (huisvesting, ICT), en het merendeel van personeelskosten is gebaseerd op de CAO). De laatste mogelijkheid die dan overblijft is het leveren van minder producten en diensten.
2.3 ORGANISATIEONTWIKKELING, DOELMATIG EN EFFICIËNT WERKEN We werken continu aan onze doelmatigheid. Dit doen we onder meer door ons traject ‘rijker verantwoorden/outcome gericht werken’ waarbij we het te berekenen effect vooropstellen. Dat zijn vertrekpunten voor onze procesinrichting, die we zo efficiënt mogelijk inrichten. Daarnaast zijn er in 2026 een aantal organisatorische ontwikkelingen van belang, die gevolgen hebben voor de budgetten. • Voldoen aan informatie-wetten: er is veel nieuwe wetgeving waaraan we moeten voldoen. De AVG en informatiebeveiliging, de wet elektronisch publiceren (Web), de Wet digitale toegankelijkheid (Wdt) en de Wet open overheid (Woo, totaal 23 wetten). Deze wetten hebben impact op hoe wij onze informatie opslaan en aanbieden. Om dit verder te ontwikkelen en implementeren is specifieke kennis nodig. Dit leidt tot een hoger adviesbudget. • Vanaf 2024 is het verplicht dat we onze CO2-emissie meten en rapporteren. Via een nulmeting in 2024 en ons beleid ten aanzien van duurzaamheid hopen we onze CO2-emmissie verder te realiseren. Dit
Begroting | 2026
beleid van duurzaamheid brengt de nodige investeringen met zich mee. • Met het oog op toekomstbestendigheid en robuustheid in de uitvoering van alle taken richten wij ons op de versterking van onze dienst. Daartoe is in 2023 een verkenning voor de samenwerking met ODRN uitgevoerd. Eind 2024 hebben de besturen van beide diensten (ODRA en ODRN) het besluit genomen om een mogelijke fusie nader te onderzoeken. 2.3.1 Kwalitatief hoogwaardig personeel Van alle kosten vormen de personeelskosten het grootste aandeel in de exploitatie, circa 80%. ODRA voert een beleid om continu op vier aspecten de balans te vinden tussen kwaliteit en kosten: • Strategisch personeelsbeleid: We kennen relatief veel medewerkers die bij de oprichting vanuit de partners zijn overgekomen, met een hogere dan gemiddelde leeftijd, veelal salariëring in de eindschalen en diverse garantietoelagen. De natuurlijke uitstroom (pensioen) is op gang gekomen. Daarnaast zien we dat het verloop, door een dynamische arbeidsmarkt, is toegenomen, circa 8% in 2024. We zien dat het moeilijker is in deze arbeidsmarkt personeel vast te houden. • Het werk dat moet worden uitgevoerd, wordt complexer. Het aantrekken en behouden van kwalitatief hoogwaardig personeel zal door de krapte op de arbeidsmarkt in toenemende mate een uitdaging zijn.
Om te voorkomen dat medewerkers hun heil elders zoeken en vervanging er niet is, behalve door steeds kostbaar wordende inhuur, wordt er gekeken naar het functiehuis. • We trekken veel jonge medewerkers aan en leiden ze zelf op. Dit zijn over het algemeen wat langere trajecten, met meer inwerkkosten, maar dit leidt uiteindelijk tot een stabielere en toekomst bestendige organisatie. • Het aandeel van de flexibele schil (externe inhuur) is op dit moment circa 20% van de totale loonkosten. Wij streven naar een flexibele schil van maximaal 15% van de loonkosten. Belangrijke succesfactor voor dit beleid zijn de afspraken die ODRA maakt met haar partners over de structurele werkpakketten en de kwaliteit van de prognoses rond het meerjarige werkaanbod. Met bovenstaande condities zijn we beter in staat om in te zetten op het werven en behouden van vast personeel in plaats van inhuur. 2.3.2. Dienstverleningsconcept We vinden het belangrijk dat er goed zicht is op de uitvoering van onze dienstverlening aan inwoners en ondernemers in de regio. Daartoe werken we sinds 2023 met werkplannen voor verbetering van de dienstverlening, vanuit de visie dat we inwoners en ondernemers behandelen, zoals wij zelf behandeld willen worden: vriendelijk, behulpzaam, geïnteresseerd en vakkundig.
We werken aan begrijpelijke digitale externe informatievoorziening, toegankelijk voor iedereen, ook voor mensen met een beperking. In de begroting is dit vertaald in de budgetten voor bedrijfsvoering, onder meer bij post – en telefonie, receptie, informatievoorziening & archief en facilitair. 2.3.3. Duurzame Huisvesting, Facilitair en ICT Sinds najaar 2022 zijn we gehuisvest in de Airborne Tower, deze huisvesting voldoet aan de eisen van duurzame huisvesting. Bij onze huisvesting lopen we tegen de grens aan, met name op de drukke dagen in de week. We onderzoeken of uitbreiding binnen de Airborne Tower mogelijk is. In de kosten voor 2026 is rekening gehouden met gebruik van een extra verdieping.
015
Voor de huisvesting van de meetdienst, wordt in 2024/ 2025 een oplossing gezocht. De huidige locatie van de werkplaats (aan de Markt in Arnhem) is te klein voor de verwachte groei. Om dit te realiseren is een extra adviesbudget nodig. Daarnaast gaan de huisvestingskosten stijgen vanwege het feit dat de huisvestingskosten op de huidige locatie niet marktconform zijn.
extra secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals een thuiswerkvergoeding.
Op facilitair gebied hebben we een mobiliteitsbeleid geformuleerd, waarbij we de omslag naar minder CO2 uitstoot voor ogen hebben. We stimuleren dat door ons wagenpark te elektrificeren, en door gebruik te maken van e-fietsen (leaseregeling), ook voor woon-werk verkeer.
2.5.2 Doelstelling overhead Ons langjarig doel is om op 25% overhead uit te komen, deze ligt nu op 26,8%. In absolute zin groeit in 2026 de overhead met € 300.000. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door de prijscompensatie en anderzijds door extra budget voor huisvesting vanwege de groei van de ODRA en versterking van de bedrijfsvoering vanwege de noodzaak tot robuustheid. Het aantal fte’s in de bedrijfsvoering is de afgelopen jaren meegegroeid met de omzet. Daarnaast zijn er medewerkers bij gekomen die verband houden met de verzelfstandiging op ICT, huisvesting, post/archief en teamleiding. In 2026 stijgt de personele overhead licht naar 17,5% van de totale capaciteit.
2.3.4. Planning en control & informatiesystemen Efficiëntie bereiken we ook in de informatievoorziening aan onze klanten (partners, derden en subsidiegevers). We zijn bezig om de processen verder te stroomlijnen, mede aan de hand van de richtlijnen om een eigen ‘in control statement’ te kunnen afgeven, dat sinds 2023 verplicht is. Begin 2024 zijn we gestart met een nieuwe aanbesteding voor een integraal bedrijfsvoerings-systeem. Vanuit een opgestelde businesscase bleek dat een nieuw systeem budgetneutraal qua exploitatie kan worden gerealiseerd. Doorgaan met de huidige configuratie leidt tot hogere structurele lasten. Het nieuwe systeem (AFAS) is per 1 januari 2025 in gebruik genomen.
2.4 SAMENWERKING MET DE REGIO We werken niet alleen samen met partners in de veiligheidsketen (brandweer, politie, GGD, waterschappen en openbaar ministerie en gemeenten), maar ook met de andere vijf omgevingsdiensten in Gelderland. Het is samenwerken in het primaire proces (complexe handhaving en -vergunningen, ketensamenwerking, enz.) en op het gebied van ICT (IGO – Data gedreven werken) en bedrijfsvoering (HR, AVG en communicatie/ portaal). De taken zijn onderling verdeeld. De komende jaren wordt samenwerking landelijk van groter belang. De aanleiding hiervoor is het IBP (Interbestuurlijk programma) met focuspunten op de ‘robuustheid’ van omgevingsdiensten en VTH-kwaliteit. De kosten voor de komende jaren zullen gaan verschuiven van bijdragen aan het Gelders Stelsel, naar contributie en bijdragen voor de kennisontwikkeling via Omgevingsdienst-NL.
Het reguliere opleidingen budget: Op basis van de richtlijnen uit het IBP is het opleidingsbudget verhoogd naar 3% van de loonsom. Naast eigen opleidingen gaan we hier de bijdrage aan Omgevingsdienst-NL voor de ‘academie’ uit bekostigen.
2.5.3 Doelstelling externe inhuur In de CAO is voor overheden de inspanningsverplichting opgenomen om het aandeel externe inhuur te reduceren. Vanuit de “robuustheidscriteria” geldt een percentage van 80% medewerkers in vaste dienst. We streven naar 18% inhuur in fte’s en 15% loonkosten. De daling in fte’s zal gering zijn vanwege de gespannen arbeidsmarkt. De daling in loonsom bereiken we door meer eigen personeel in te zetten, met name bij de provinciale programma’s. 2.5.4. Kaderstelling productiviteit(productiviteitsnorm) Zoals aangegeven in paragraaf 1.4 (benchmark overheidstarieven) daalt onze gemiddelde productiviteit per medewerker naar 1.355 uur. In de CAO zijn de (bovenwettelijke) verlof faciliteiten voor medewerkers toegenomen. Productiviteit wordt daarnaast bepaald door ‘verzuim’, opleiding en het opnemen van oude verlofrechten. Voor die laatste categorie is een voorziening gevormd (zie balans) om risico’s voor de realisatie van afgesproken werk via inhuur te kunnen realiseren. Daarnaast sturen we nadrukkelijk op verzuim en op het op peil houden van kennis en vaardigheden.
2.5. KADERSTELLING EN NORMERING In december 2024 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de kaderstelling voor de begroting 2026. De tariefstelling is reeds in paragraaf 1.4 toegelicht. Voor 2026 hanteren we een tarief van € 107 per uur. De kaderstelling bevatte nog een aantal andere normen, die worden hieronder weergegeven. 2.5.1 Normering personeelsbudgetten Personele overhead: De huidige interne bezetting (eind 2024) op bedrijfsvoering/staf/management bedraagt 38 fte. Dit is 20% van de interne bezetting. Binnen bedrijfsvoering en staf worden de volgende activiteiten uitgevoerd secretariaat, communicatie, ICT-beheer en datakwaliteit, post-telefoon-intake, planning en control en HR. Door de groei van de organisatie is er een uitbreiding van teamleiding opgenomen in de begroting. Secundaire arbeidsvoorwaarden: De algemene personeelskosten waren jarenlang genormeerd op 4,0% van de loonsom. Vanaf 2024 is het verhoogd naar 4,4%; dit is nodig in verband met de nieuwe CAO met veel
Omgevingsdienst Regio Arnhem
3 016
BEGROTING 2026
Begroting | 2026
017
In de tabellen 10 en 11 is de begroting vanuit twee invalshoeken weergegeven. Het taaktype (voorheen taakveld)/programma begroting en de verdeling naar kostensoorten (categoriale begroting). De taakveld/ programmabegroting is de resultante van de verwachte werkprogramma’s 2026, ingebracht door de partners. De categoriale begroting wordt gespecificeerd met toelichtingen per kostencategorie.
3.1 BATEN 2025 Tabel 10: Exploitaeoverzicht 2025 baten per klantgroep - taakveld en programma Baten x € 1.000
Realisae 2024
Begrong 2025
KN 2026
Begrong VJ2026
Specificae taaktype 2026 Basistaak Plustaak Plustaak milieu niet-milieu
Partners Provinciale programma’s Ongevingsdiensten Derden Overig baten Overig Baten - verhouding
17.703 5.588 730 534 1.633
17.762 5.562 601 2.120 421
2.403 2.459 348 2.066 408
26.465
18.326 6.016 697 2.284 476 196 27.995
8.975 3.501 349 218 12
26.188
18.418 6.016 66 2.066 476 123 27.763
13.056 47%
7.684 27%
1.616 8.599 2.841
382 859
12
6.444
13.068 47%
7.684 27%
1. Vergunningverlening 4.500 17% 5.524 21% 5.591 20% 5.591 20% 2. Toezicht en Handhaving 11.634 44% 11.329 43% 12.009 43% 12.059 43% 3. Advies 2.933 11% 3.258 12% 3.310 12% 3.706 13% 4. Stelseltaken 5. Algemeen en Projecten 6.873 26% 6.353 24% 6.729 24% 6.444 23% Overig 123 196 248 Baten 26.188 100% 26.465 100% 27.763 100% 27.995 100% - verhouding
7.003 56
196 7.255 26% 3.592 2.602 865 196 7.255 26%
De baten per programma worden bepaald door de PDC. Aan elke dienst of product is een programma en een taakveld gekoppeld. De kosten worden bepaald aan de hand van de verhouding tijdsbesteding op de producten en diensten. De bijdragen per klant zijn opgenomen in bijlage 4. Deze zijn gebaseerd op de conceptwerkprogramma’s 2026 die in februari 2025 met de partners zijn doorgesproken.
3.2 LASTEN 2025 Tabel 11: Lasten; personeel en overige lasten Begrong baten en lasten (categoriaal) x € 1.000
Realisae 2024
Begrong 2025
KN 2026
Begrong VJ2026
% tov 2025
Baten
26.188
26.465
27.763
27.995
6%
18.485 70% 3.318 13%
19.706 3.570
71% 13%
19.748 3.544
71% 13%
7% 7%
2% 555 3% 813 0% 100 0% -50 23.221 88%
591 788 100 -50 24.705
2% 3% 0% 0% 89%
592 790 100 -50 24.725
2% 3% 0% 0% 88%
7% -3%
-9 0% 990 4% 26.121 100% 67
3% 841 3% 900 1% 358 0% 346 0% 126 0% 0 3% 673 26.465 100% 0
3% 898 3% 795 2% 440 1% 312 0% 35 0% 101 2% 476 27.762 100% 1
4% 1.055 3% 795 2% 455 1% 350 0% 35 0% 104 2% 476 27.994 100% 1
25% -12% 27% 1% -72% 0% -29% 6%
67
0
1
1
Lasten Personeel loonkosten • Medewerkers ODRA 17.249 66% • Inhuur externe capaciteit 4.541 17% Personeel overige kosten • Opleidingen 380 1% • Algemene personeelskosten 886 3% • Dotae personeelsvoorzieningen -316 -1% • Harmonisae/detacheringen Totaal personeel 22.740 87% Huisvesng en facilitair ICT Stelselkosten Advieskosten Oveirge kosten Risico’s (onvoorzien) Programmakosten Totaal lasten Saldo voor mutae fondsen Verlof dotae Saldo ter bestemming
824 806 337 433
3% 3% 1% 2%
6%
Omgevingsdienst Regio Arnhem
018
019
3.2.1. Toelichting personeelskosten In tabel 12 is de ontwikkeling van een aantal belangrijke kengetallen rond bezetting en loonkosten in kaart gebracht. In de begroting gaan we uit van de CAO 2024, die loopt tot 1 april 2025 en de loonindexeringen Mev-2025 (laatste versie aug. ‘24). Voor 2025 en 2026 is de loonindex respectievelijk 3,5 en 3,8%.
Gezien het aantal ontwikkelingen die op ODRA afkomt in het kader van wet- en regelgeving, en de ambities om te kunnen inspelen op de maatschappelijke ontwikkelingen, is (naast indexering) een budget benodigd van circa € 350.000, -.
Tabel 12: Personele kengetallen Formae bezeng en personele kengetallen Formae bezeng • Producef • Niet producef Totaal bezeng en formae Loonkosten x € 1.000 Gemiddelde kosten /c (in €) % van de loonsom % sjging gemid loonkosten tov jaar eerder
Intern
Realisae 2024 Extern Totaal % intern
158,7 27,6 186,3 38,2 7,2 45,4 197,0 34,7 231,7 17.249 4.541 21.790 87.566 130.701 94.033 79% 21%
80%
Intern
Begrong 2025 Extern Totaal % intern
155,4 25,9 181,3 37,3 1,9 39,1 192,7 27,8 220,4 18.287 3.515 21.803 94.912 126.643 98.908 84% 16% 5% 6% 4%
86%
Intern
KN 2026 Extern Totaal % intern
156,4 26,3 182,7 42,0 0,0 42,0 198,4 26,3 224,7 19.706 3.570 23.276 99.326 135.634 103.578 85% 15% 5% 7% 5%
86%
Intern
Begrong VJ2026 Extern Totaal % intern
26,2 183,7 157,5 0,0 42,0 42,0 26,2 225,7 199,5 3.544 23.292 19.748 98.991 135.284 103.204 15% 85% 4% 7% 4%
Ten opzichte van realisae 2024 Bezengsverschil in euro’s Prijsverschil in euro’s
219 2.279 2.499
-1.116 120 -996
-567 2.070 1.502
Ten opzichte van begrong 2025 Bezengsverschil in euro’s Prijsverschil in euro’s
647 814 1.460
-197 226 29
520 1.040 1.489
Ten opzichte van Kadernota 2026 Bezengsverschil in euro’s Prijsverschil in euro’s
0 41 41
0 -25 -25
0 16 16
86%
3.3.3 Onvoorzien In hoofdstuk 4 zijn de risico’s beschreven die we voorzien in de komende jaren. Deze zijn divers en op sommige onderdelen omvangrijk. Vanwege de vele onzekere ontwikkelingen in de economie en weten regelgeving stelt ODRA voor om 0,5% van de omzet te reserveren als risico bedrag voor onvoorziene kosten. Daarmee wordt voldaan aan de robuustheidscriteria. Doordat onze omzet stijgt, stijgt de post onvoorzien.
3.4. SAMENVATTING BEGROTING 2026
• Personele overhead In paragraaf 2.5.2 normering overhead, hebben wij een toelichting gegeven bij de ontwikkelingen van de personele overhead.
Toelichting tabel 12; personele kengetallen • Salariskosten In de initiële begroting 2025 gaan we uit van een gemiddelde salarislast van € 98.906, voor 2026 € 103.204. Hierin is de CAO van 2024 verwerkt. De CAO is voor 2025 nog niet vastgesteld, in verband met de looptijd van de huidige CAO tot 1 april 2025. De indexatie is op grond van de mev verwerkt.
3.3 OVERHEAD
• Inhuur Ondanks de krappe arbeidsmarkt hebben we afgelopen jaren (2023 en 2024) de tariefstijgingen voor inhuur beperkt kunnen houden. Door een goede mix van ‘junioren – senioren’ blijven we min of meer stabiel. Natuurlijk rekenen detacheerders de gestegen kosten aan ons door. Vanuit de ‘robuustheidscriteria’ geldt een percentage van 80% medewerkers in vaste dienst. We ramen nu een externe bezetting van 14% bij de uitvoering (productieve fte’s).
Naast de personele overhead (medewerkers bedrijfsvoering, staf en leiding) hebben we de huisvesting, ICT en andere algemene kosten. Het totaal van de overhead (cf. BBV-definitie) gaat in 2026 uitkomen op 26,8%. Hiervan is 17% personeel, en 9% materieel. 3.3.1 Huisvesting en ICT en advieskosten De financiële doelstellingen (besparingen) uit 2022 rond huisvesting en ICT zijn gehaald. De kosten voor huisvesting en ICT stijgen mee met de inflatie. Voor de kosten ICT verwachten we een geringere stijging dan de inflatie. Dit hangt samen met het traject (herinrichting ICT) en verbetering contractenbeheer en een besparing op licenties (AFAS en MSOffice) en telefonie.
Tabel 13: Overhead Overhead specificae (indirecte kosten) x € 1.000
Realisae overhead 2024
Directe kosten real. ‘24
Totaal kosten real. ‘24
Overhead begrong 2025
Directe kosten bg. ‘25
Totaal kosten bg. ‘25
Begrong KN 2026
Directe kosten KN 2026
Totaal kosten KN 2026
Begrong overhead VJ2026
Directe kosten VJ2026
Totaal kosten VJ2026
Subtotaal personeel
4.395
18.768
23.162
4.291
18.929
23.221
4.858
19.848
24.705
4.858
19.867
24.725
Overige overhead • Huisves ng & facilitair • ICT • Advieskosten • Stelselkosten • Onvoorzien en overig Subtotaal overige overhead
827 900 350 361 167 2.605
133 554 687
827 900 350 494 721 3.292
841 900 3146 240 346 2.673
118 453 572
841 900 346 358 799 3.244
898 795 312 300 136 2.441
140 476 616
898 795 312 440 612 3.056
1.055 795 350 315 139 2.654
140 476 616
1.055 795 350 455 615 3.269
Totaal Totale kosten % van de totale kosten
6.999 26.121 26,5%
19.455
26.455
6.964 26.465 26,3%
19.501
26.465
7.298 27.762 26,3%
20.463
27.762
7.511 27.994 26,8%
20.483
27.994
Begroting | 2026
73,5%
73,3%
73,3%
3.3.2 Programmakosten en stelseltaken In de stelseltaken zijn kosten opgenomen die de Gelderse omgevingsdiensten (en ODNL) bij ons in rekening brengen voor de taken die zij voor het hele stelsel uitvoeren. We zien dat de kosten voor het Gelders Stelsel dalen en de kosten voor ODNL gaat stijgen. Het voorstel is om voor de begroting 2026 de kosten gelijk te houden, namelijk afgerond € 0,4 miljoen.
ODRA presenteert een sluitende begroting voor 2026, met een omzet van € 28 miljoen. Samengevat is het volgende proces gevolgd: • In december 2024 zijn de uitgangspunten voor de begroting 2026 door middel van een kadernotitie 2026 vastgesteld in het Algemeen Bestuur. De begroting 2026 is gebaseerd op het meerjarenplan 2025 – 2028 dat we hebben opgesteld samen met de partners. In april 2024 heeft het Algemeen Bestuur een geactualiseerde versie van dit meerjarenplan vastgesteld. • Begin 2025 zijn samen met de partners concept werkprogramma’s 2026 opgesteld. Op basis hiervan is het te leveren aantal producten en diensten bepaald. De producten en diensten zijn gebaseerd op de PDC 2025. Aan de hand van de PDC is de programma en taakveld indeling van de begroting opgesteld. • Voor de provinciale programma’s en de diensten aan omgevingsdiensten en derden is een voorlopig kader bepaald en zijn stelposten opgenomen, voornamelijk gebaseerd op de cijfers van voorlopige realisatie van 2024. Belangrijkste kengetallen: • Het uurtarief voor 2026 wordt met € 3,- verhoogd van € 104,- in 2025 tot € 107,- in 2026. Dit om de structurele effecten van de komende CAO en de inflatie op te vangen. • Het overhead percentage ligt op 26,8% ons meerjarig doel blijft om de overhead op 25% te brengen. • Er wordt meer geïnvesteerd in kennis, competentie en vaardigheden.
Het opleidingen budget is 3% van de loonsom, in lijn met de robuustheidscriteria. • De omvang van de begroting voor 2026 is € 28 miljoen.
73,2%
Omgevingsdienst Regio Arnhem
4 020
021
4.1 STIJGENDE OMZET IN KOMENDE JAREN Onze ambitie is om elk jaar ook de meerjarige ontwikkelingen te kwantificeren. Zowel op programmaniveau als op taakveldniveau. Dit is een uitdagende opgave omdat het op veel punten nog onduidelijk is qua beleid, zowel vanuit de regering, als wel vanuit onze partners. Ondanks dat, is in de tabel een eerste aanzet gegeven voor kwantificering per programma en per kostencategorie. Deze tabel is ten opzichte van de meerjarenbegroting in de kadernotitie 2026 niet geactualiseerd. Wat in de meerjarige ontwikkeling het meest opvalt, is dat we voorzien dat het budget voor vergunningen licht zal dalen, terwijl dat voor toezicht en advies zal toenemen. De verklaring hiervoor is enerzijds dat we deze trend al Baten langer per zien:programma Er wordt meer vergunningsvrij en de roep x € 1.000 om toezicht neemt toe, onder meer vanwege de samenleving die een gezonde en veilige leefomgeving eist en – mede daardoor – ook een toenemend aantal klachten.
Tabel 14: Meerjarige ontwikkeling Baten per programma x € 1.000
Begrong 2025
Begrong 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
1. Vergunningverlening 2. Toezicht en Handhaving 3. Advies 4. Stelseltaken 5. Algemeen en projecten Overige baten
5.524 11.329 3.258
5.591 12.059 3.487
5.462 12.626 3.756
5.336 13.219 4.045
5.214 13.840 4.357
6.353
7.175
7.728
8.323
29.019 3,7%
30.328 4,5%
31.733 4,6%
% verandering
26.465 9,9%
6.662 196 27.995 5,8%
Categoriaal meerjaren x € 1.000
Begrong 2025
Begrong 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
18.182 5.562 2.721
20.021 6.016 2.981
21.331 6.016 2.981
22.736 6.016 2.981
26.465
18.802 6.016 2.981 196 27.995
29.019
30.328
31.733
Lasten x € 1.000
Begrong 2025
Begrong 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
Personeelskosten • volume • prijspeil
23.221 7,2% 3,0%
24.760 3,1% 1,6%
Bedrijfsvoering • huisvesng & facilitair • ict • overige kosten Programmakosten Totaal lasten
2.572 841 900 830 673 26.465
2.794 1.055 795 944 476 28.030
25.393 1,0% 1,6% 2.869 1.083 816 969 489
26.260 1,8% 1,6% 2.947 1.112 839 996 502
27.188 1,9% 1,6% 3.026 1.143 861 1.023 515
28.75
29.708
30.729
0
-35
267
620
1.004
Baten • Partners • Provinciale programma’s • OD’s en derden • Overige baten Totaal baten
Saldo
MEERJARENBEGROTING 2025-2028
Begroting | 2026
Omgevingsdienst Regio Arnhem
5 022
GEPROGNOSTICEERDE BALANS EN FINANCIËLE POSITIE Begroting | 2026
023
5.1 VERWACHTE BALANSPOSITIE De bijgevoegde balans is gebaseerd op de eindbalans 2024, in combinatie met voorgenomen investeringen, vastgestelde afschrijvingen in 2025 t.b.v. de huisvesting en ICT en de voorlopig gerealiseerde mutaties in reserves en voorzieningen in 2025. Balansposten “vlottende activa en vlottende passiva” zijn moeilijk te prognosticeren, daardoor grotendeels stabiel in de prognose gehouden. Baten per programma x€ 1.000 In het jaarverslag 2024 wordt de balans uitgebreid toegelicht. Aangezien dit jaarverslag gelijktijdig met deze begroting 2026 wordt besproken in het Algemeen Bestuur, laten we hier een uitgebreide toelichting achterwege. Tabel 15: Geprognosceerde balans Ac va x € 1.000
Realisa e 31-12-2024
Vaste ac va • Immateriële vaste acva • Materiële vaste acva • Financiële vaste acva
979
Prognose 31-12-2025
Passiva x € 1.000
Prognose 31-12-2026
986
1.008
Realisa e Prognose 31-12-2024 31-12-2025
Prognose 31-12-2026
Vaste passiva • Algemene reserve • Te bestemmen bag saldo • Bestemmingsreserves • Resultaat boekjaar • Voorzieningen • Schulden > 1 jaar
644
712
712
159 67 1.056 500
159 972 500
159 1 850 500
979
986
1.008
Vaste passiva
2.427
2.343
2.222
Vloende ac va • Liquide middelen • Uitzengen met loopjd <1 jaar • Vooruiyt betaalde bedragen • Onderhanden werk
139 6.466 205
363 6.460 205
363 6.474 205
Vloende passiva • Vloende schulden < 1 jaar • Vooruitontvangen subsidies • Overige schulden • Overlopende passiva
1.186 740 3.429 160
1.186 897 3.429 160
1.186 1.054 3.429 160
Vloende ac va
6.811
7.028
7.042
Vloende passiva
5.515
5.672
5.829
Totaal ac va
7.790
8.014
8.050
Totaal passiva
7.941
8.015
8.051
Vaste ac va
Tabel 16: Materiële vaste acva Reserves x € 1.000
Realisae
Mutaes
Prognose
Mutaes
Prognose
Apparatuur en voertuigen Infrastructuur kantoor Meubilair en kantooruitrusng (2 of 4 xxxx) Kantoormeubilair Overig ICT-apparatuur Immatriële acva (soware)
87 400 272 272
-42 -32 -52 -52
45 368 219 219
-41,6 79,4 -14,3 -14,3
4 447 205 205
200 21
-3 135
198 155
36,9 -38,1
234 117
Totaal materiële vaste acva
979
7
986
44
1.008
Tabel 17: Reserves Reserves x € 1.000 Algemene reserve BR provincietaken BR bureau milieumengen
Realisae 31-12-2024
Prognose 31-12-2025
Prognose 31-12-2026
Prognose 31-12-2027
Prognose 31-12-2028
Prognose 31-12-2029
644 80 79
712 80 79
712 80 79
712 80 79
712 80 79
712 80 79
871
891
926
978
Totaal reserve 803 871 *) Onder voorbehoud van besluit partners over GR en bestuursbesluit
*)
Omgevingsdienst Regio Arnhem
024
Tabel 18: Voorzieningen Voorzieningen x € 1.000
Realisae 31-12-2024
Mutaes 2025
Prognose 31-12-2025
Mutaes 2026
Prognose 31-12-2026
404 500 152
-36
-37
-48
368 500 104
-14 -70
331 500 90 -70
1.056
-84
972
-121
850
Stand 31-12-2024
Stand 31-12-2025
Stand 31-12-2026
Algemene Reserve Te bestemmen bag saldo Bestemmingsreserves Resultaat boekjaar Onvoorzien
644
712
712
159 67
159 127
159 1 140
Totaal weerstandsvermogen (ex. bestemmingsres.)
712
838
853
Totaal risico Weerstandsrao Norm
900 72% 80%
900 72% 80%
900 95% 80%
Harmonisae Provincie Gelderland Verlofsparen Personele kosten Frice Totaal voorzieningen
5.2 FINANCIËLE WEERBAARHEID Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate we in staat zijn om tegenvallers op te vangen. In hoofdstuk 6 zijn de risico’s beschreven die we nu voorzien. De geschatte omvang van die risico’s is rond de € 0,9 miljoen. Doordat de partners hebben besloten het batig saldo van 2023 toe te voegen aan de algemene reserve is de ratio naar 95% verbeterd. Daarbij wordt uitgegaan van het gegeven dat de post onvoorzien in de begroting wordt aangewend, zo niet dan valt deze (gedeeltelijk) vrij en verbetert de weerstandsratio in de begroting 2026. Tabel 19: Weerstandsvermogen en financiële kengetallen Weerstandsvermogen x € 1.000
Kengetallen
Stand 31-12-2024
Neo schuldquote -8,6% Neo schuldquote (verstrekte leningen) -8,6% Solvabiliteit 11,8% Structurele exploitaeruimte 0% Liquididteit (current rao) 179,2% Grondexploitae nvt Belasngscapaciteit nvt
Prognose 2025
Prognose 2026
-2,1% -2,1% 13,7%
-2,9% -2,9% 10,9% 0% 123,9% nvt nvt
132,9% nvt nvt
De netto schuldquote geeft inzicht in de verhouding van het vrije vermogen (+ reserves minus vaste activa) ten opzichte van de omzet. Deze schuldquote verbetert de komende jaren.
Met de kasgeldlimiet in de wet Fido is bepaald dat het maximumbedrag voor financiering met kortlopende middelen 8,2% van het begrotingstotaal is (€ 2,3 miljoen). We komen niet boven deze norm uit.
De solvabiliteitsratio en liquiditeit geven inzicht in de mate waarin we in staat zijn om aan de financiële verplichtingen te voldoen. De saldi zijn relatief laag. Het systeem van bevoorschotting aan partners (en de tijdigheid van betalen) is hier debet aan.
Voor de middelen die aangehouden mogen worden op de lopende rekening (BNG), alvorens deze worden overgeheveld naar de rijksschatkist, geldt in principe een limiet van € 1,0 miljoen. We hebben aanvullend een afspraak dat de limiet € 1,75 miljoen is. Hierdoor zijn we beter in staat het betalingsverkeer vorm te geven, zonder saldi over te boeken.
Renterisico beheer en kasgeld limiet De treasury functie binnen ODRA is gebaseerd op de wet Fido. ODRA stuurt op financiering voor de korte termijn en lange termijn. Zoals al aangegeven; de korte termijn financiering hangt sterk samen met het systeem van bevoorschotting aan de partners. Deze werkwijze kan nog meer worden verbeterd om grote afrekeningen van de werkpakketten aan het eind van het jaar te voorkomen.
Begroting | 2026
6 025
RISICO’ S VOOR DE BEGROTING 2026
Omgevingsdienst Regio Arnhem
026
In dit hoofdstuk geven we een beeld van de risico’s die wij nu zien. We komen uit op risico’s (als ze zich tegelijkertijd voordoen) van rond de € 0,9 miljoen. We staan regelmatig stil bij de operationele risico’s. Dan bespreken we met het bestuur of en welke noodzakelijke, mitigerende maatregelen nodig zijn. Daarnaast liggen generieke risico’s permanent op de loer. In de risico benadering van ODRA wordt een aantal categorieën onderscheiden. Hieronder worden ze voor 2026 geduid:
6.1 EXPLOITATIERISICO’S Omzetrisico: Het meest reële risico is dat de werkpakketten (dus omzet) niet worden gehaald, terwijl de (vaste) kosten doorlopen. Dit treedt op als een deel van het vraag-gestuurde werk in de werkpakketten (bv. Vergunningaanvragen bouw, projecten die vertragen) niet wordt gerealiseerd. In de jaarrekening 2024 gaat het 1% minder omzet in de werk- en aanvullende programma’s. Dit mitigeren we door een dynamische capaciteitsplanning te hanteren, waarmee we de werving en inhuur van medewerkers kunnen sturen. Met de huidige krappe arbeidsmarkt wordt die sturing wel steeds lastiger, het wordt moeilijker om personeel vast te houden. Kostenrisico; er zijn twee belangrijke risico’s voor 2025. De inflatie en wat dit betekent voor de CAO en overige kosten. Vooralsnog gaan we uit door de hoge inflatie en looncompensatie dat er een tariefsverhoging van € 3,- per uur nodig is t.o.v. 2025. De onzekerheidsmarges zijn echter enkele procenten. Realisatie kengetallen; De processen zullen door de omgevingswet veranderen. We hebben nieuwe en veranderende activiteiten reeds verwerkt in de PDC voor 2025. Wat de exacte uitwerking doet voor de kengetallen en dus de exploitatie, is nog onduidelijk. Er is al zichtbaar dat op een aantal producten de kengetallen niet adequaat zijn, en moeten worden verhoogd.
027
6.3 FRICTIEKOSTEN Frictiekosten ontstaan meestal als gevolg van grote veranderingen in de organisatie. Bijvoorbeeld als partners besluiten om de niet-wettelijke taken in eigen beheer op te pakken. Ook kunnen grote fricties ontstaan bij medewerkers die (niet meer) passen op het werk dat moet worden uitgevoerd. Voor 2026 verwachten we dat er geen noemenswaardige frictie zal optreden. Wel wordt er nog € 70.000 (0,25% van de omzet) gereserveerd voor personele frictie.
6.4 COMPLIANCE AAN WET- EN REGELGEVING Vooral een risico dat effect heeft op ons imago van betrouwbare overheidsdienst en als we het ‘te bont’ maken, een afkeurende accountantsverklaring. Om compliant te blijven moeten in de bedrijfsvoering investeringen worden gedaan. De WOO (sinds 2022 van kracht) zal nog de nodige energie (en kosten) met zich meebrengen, evenals informatiebeveiliging en AVG. Dit is verwerkt in het budget voor advieskosten.
6.5 LIQUIDITEIT Met de partners is afgesproken dat zij aan het begin van elk kwartaal een kwart van het werkprogramma als voorschot betalen. Zonder dit systeem kunnen wij niet aan onze betalingsverplichtingen voldoen. Ons weerstandsvermogen is dit jaar vastgesteld in de GR en daarmee is er aansluiting met de normstelling vanuit de robuustheidscriteria. De grote investeringen in onze huisvesting in 2022 zijn qua liquiditeit voor een deel afgedekt met een lening bij de BNG. Toekomstige grote vervangingsinvesteringen, de eerste zijn te verwachten in IT-apparatuur in 2026, kunnen eveneens gefinancierd worden met een lening.
6.2 RISICO’S VAN DE TAAKUITVOERING Dit risico betreft de aansprakelijkheid voor fouten en nalatigheid in de uitvoering. Omdat burgers en ondernemers ‘mondiger’ worden en ook als zodanig acteren, wordt dit risico voor ons groter. Het risico is in principe via een verzekering afgedekt.
BIJLAGEN
Daarnaast merken we dat de impact van ons hele handelen meer onder een vergrootglas komt te liggen. Steeds meer berichten in de media over de omgevingsdiensten, onderzoeken naar functioneren van het VTH-stelsel (I&W/ commissie Aartsen) en mogelijk toenemende WOO-verzoeken kunnen impact hebben op ons image en indirect op bedrijfsvoering. We kunnen anticiperen door scherp te blijven focussen op de kwaliteit van onze dienstverlening en het sturen op kosten.
ONDERTEKENING Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van Omgevingsdienst Regio Arnhem van 17 april 2025,
De voorzitter, Joa Maouche
Begroting | 2026
De secretaris, Ruben Vlaander
Omgevingsdienst Regio Arnhem
028
029 Bijlage 2: Overzicht diensten Omschrijving dienst
Bijlage 1: Overzicht producten
Omschrijving product
Totaal producten
Baten 2026 per product x 1.000
%
Aantal producten KN 2026
13 € 1.352 € 416 4 14 € 1.456 € 104 1 10 € 1.040 € 936 9 23 € 2.392 22 € 2.288 11 € 1.144 € 758 8,0 Aandeel bouw aandeel milieu/alg
8 41 62 1.855 471 1.684 311 48 175 4.655 3.891 764
€ 11 € 18 € 93 € 198 € 504 € 1.622 € 765 € 113 € 206 € 3.530 2.603 927
0% 1% 1% 40% 10% 36% 7% 1% 4% 100% 84% 16%
8 41 62 1.855 471 1.724 361 50 175 4.747 3.981 766
8 40 61 1.484 470 1.784 454 51 175 4.527 3.726 765
4 38 29 1.350 374 1.340 105 18 158 3.416 2.833 583
€ 520 € 936 € 2.392 € 4.992 € 832 € 1.040 € 1.040 € 624 € 624 € 936 € 1.144
60 273 258 34 867 143 60 573 23 1.645 125
€ 32 € 263 € 635 € 175 € 742 € 153 € 64 € 368 € 15 € 1.584 € 147
1% 6% 6% 1% 19% 3% 1% 12% 0% 35% 3%
35 273 233 34 979 204
40 296 235 85 933 108
71 242 197 41 1.022 178
583 23 1.645 125
641
333
1.646 130
€ 416 4 12 € 1.248 10,6 € 1.010 Aandeel bouw aandeel milieu/alg
185 120 4.366 1.492 2.874
€ 79 € 154 € 4.411 1.847 2.564
4% 3% 100% 34% 66%
185 120 4.439 1.554 2.885
196 120 4.430 1.589 2.841
925 114 102 98 83 3.406 1.573 1.833
9,7 € 880 Aandeel bouw aandeel milieu/alg
9.021 6.765 2.256
€ 7.941 € 4.450 € 3.491
56% 44%
9.186 6.866 2.320
8.957 6.603 2.354
6.822 7.334 2.358
Kengetal Kostprijs Taakveld 2026 2026
Programma 1. Vergunningverlening Aanpassing omgevingsvergunning mba Intrekkingsbesluit BRIKS Maatwerk milieu Meldingen beh. Besluit bouw en leefomg. Meldingen mba Omgevingsverg. BRIKS cat 1 / Wkb Omgevingsverg. BRIKS cat 2 / gevolgklasse 2 Omgevingsverg. milieubelastende act. Vergunning vuurwerkontbrandingen Totaal (+ gemiddelden)
Programma 2. Toezicht en Handhaving Controle Alcoholwet Controle absest/sloop Controle BRIKS / gevolgklasse 2 Bbl Controle BRIKS / gevolgklasse 3 Bbl Controle Briks categorie 1 Handhavingscontrole Handhavingscontrole - Bouw Hercontrole milieu Hercontrole milieu - ENE Preven eve controle mba Projectcontrole - ENE Projectcontrole - WNB Rapportageverplich ng overig Toezicht vuurwerkevenementen Totaal (+ gemiddelden)
Aantal producten Bg. VJ2026
Milieu Bouw Milieu Bouw Milieu Bouw Bouw Milieu Milieu
Bouw Bouw Bouw Bouw Bouw Milieu Bouw Milieu Milieu Milieu Milieu Milieu Milieu Milieu
5 9 23 48 8 10 10 6 6 9 11
Aantal Aantal producten producten Bg. 2025 Real. 2024
-
Taakveld
Baten ‘26 per dienst x € 1.000
%
Aantal uren KN 2026
Aantal uren Aantal uren Bg. 2025 Real. 2024
Programma 1. Vergunningverlening Bouw • Advies omgevingskwaliteit • Advies omgevingsvergunningen en meldingen mba Milieu Bouw • Begeleiden initiatief BRIKS Milieu • Begeleiden initiatief Bouw • Beoordelinge Bbl Algemeen • Juridische expertise vergunningen Milieu • Omgevingsvergunning mba uitgebreid • Omgevingsvergunning BRKS cat 3/ gevolgklasse 3 Bouw
2.886 664 5.700 1.022 1.643 3.956 2.726 660
€ 309 € 71 € 610 € 109 € 176 € 423 € 292 € 71
15% 3% 30% 5% 9% 21% 14% 3%
2.886 664 4.100 1.022 1.643 3.956 2.776 660
1.906 615 3.153 1.043 1.997 4.074 2.776 660
2.752 528 4.284 917 1.741 4.150 1.199 816
Subtotaal
19.257
€ 2.060
100%
17.707
16.223
16.385
aandeel bouw aandeel milieu/alg
10.889 8.368
787 6.169
57% 43%
9.289 8.418
7.716 8.508
9.592 6.793
Programma 2. Toezicht en Handhaving Algemeen • Bestuurdsdwang uitvoeren Milieu • Controle activitetien in of op de bodem Bouw • Controle bestaande bouw en RO Milieu • Controle bodemsanering Milieu • Controle complex bedrijf Bouw • Controle gevolgklasse 1 / WKB Milieu • Controle graven in de bodem onder de IW Algemeen • Handhavingscontrole nemen Milieu • Handhavingscontrole - PCH Milieu • Hercontrole milieur - PCH Algemeen • Inning Algemeen • Invorderingsbesluit Algemeen • Juridische expertise handhaving Milieu • Keten- en data gedreven toezicht - PCH Milieu • Klachtbehandeling Bouw • Klachtbehandeling bouw Milieu • Preventieve controle mba - PCH Milieu • Projectcontrole Algemeen • Rapportageverplichting EPRTR Milieu • Rapportageverplichting overig - PCH • Rapportbeh. bedrijfsmel. en mel. ongewoon voorxxxx Milieu Milieu • Strafrecht - PCH Milieu • Transportcontrole
124 804 5.551 4.783 11.222 1.804 3.900 12.403 500 1.300 8 29 5.032 800 7.075 184 1.750 2.105 1.252 1.600 1.180 1.350 250
€ 13 € 86 € 594 € 512 € 1.201 € 193 € 417 € 1.327 € 54 € 139 €1 €3 € 538 € 86 € 757 € 20 € 187 € 225 € 134 € 171 € 126 € 144 € 127
1% 4% 29% 25% 58% 9% 20% 64% 3% 7% 0% 0% 26% 4% 37% 1% 9% 11% 7% 8% 6% 7% 1%
124 700 5.551 4.983 11.222 1.854 3.778 12.403 500 1.300 8 29 5.047 800 6.496
254 672 4.424 4.073 10.062 2.412 4.3773 10.476 500 1.300 8 29 5.050 795 5.998
1.750 2.190 1.252 1.600 1.190 1.350 250
1.400 1.848 1.230 1.424 1.208 1.350 250
1.124 2.517 1.156 2.188 476 1.085 65
Subtotaal
65.006
€ 6.956
100%
64.377
59.163
67.067
7.355 57.651
787 6.169
11% 89%
7.405 56.972
6.836 52.327
6.682 60.385
Programma 3. Advies • Adviesrapport leefomgeving • Afhandeling Woo-verzoeken • Beoordeling saneringsevaluatie • Meetadviesrapport leefomgeving • Meetadviesrapport luchtkwaliteit langs wegen
12.173 921 2.258 9.716 1.699
€ 1.302 € 99 € 242 € 1.040 € 182
63% 5% 12% 50% 9%
12.294 921 2.258 9.416 1.699
12.902 679 2.505 9.069 1.699
10.240 818 1.671 8.573 1.749
Subtotaal
26.767
€ 2.864
100%
26.588
26.855
23.051
2.258 24.509
242 2.622
8% 92%
2.258 24.330
2.505 24.350
1.671 21.381
Programma 5. Algemeen en Projecten • Beleids- en bestuursondersteuning • Detachering • Faciliteren participatietraject • Meewerken aan programma of project • Partnerspecifieke werkafspraken • Programma- en projectmanagement • Algemeen
3.132 1.488 370 10.181 507 10.945 21.271
€ 335 € 159 € 40 € 1.089 € 54 € 1.171 € 2.276
7% 3% 1% 21% 1% 23% 44%
3.132 1.488 370 10.181 507 11.045 19.231
3.198 768 370 8.951 2.010 13.246 19.231
3.038 5.189 108 11.721 1.274 10.800 7.391
Subtotaal
47.894
€ 5.125
100%
45.954
47.774
39.521
47.894
€ 5.125
100%
45.954
47.774
39.521
158.923
17.005
154.625
150.015
157.717
20.502 138.421
2.194 14.811
18.952 135.673
17.057 132.958
17.944 128.080
aandeel bouw aandeel milieu/alg
aandeel bouw aandeel milieu/alg
aandeel milieu/alg Totaal uren aandeel bouw aandeel milieu/alg
Begroting | 2026
Aantal uren Bg. VJ2026
13% 87%
1.218 6.513 3.515 13.722 169 3.979 13.722 490 1.060 190 3.784 1.205 8.797
Omgevingsdienst Regio Arnhem
030
031
Bijlage 3: Overzicht bijdragen klanten Gezamelijke diensten Baten per klant x € 1.000
BouwMilieuTotaal producten producten producten x tarief x tarief x tarief
Arnhem 2.608 Doesburg 267 Duiven 19 Lingewaard 823 Overbetuwe 97 Provincie regulier Provincie Bodemtaken Provincie Complexe Handhaving Provincie Aandachtsbedrijven Renkum 606 Rheden 49 Rozendaal 3 Westervoort 8 Zevenaar 34 Partners algemeen Subtotaal partners 4.514
979 68 228 449 534 360
3.587 335 247 1.272 631 360
Bouw Milieu Algemeen Totaal diensten diensten diensten diensten x €107 x €107 x €107 x €107 1.078 98 1 401 33 241 56
154 257 6 44 350
759 306 9 51 383
202 12 1 10 18
3.427
7.941
2.149
OD Achterhoek OD De Vallei OD Nijmegen OD Veluwe OD Rivierenland OD Veluwe IJssel Subtotaal Omgevingsdiensten
64
64
Montferland Nijmegen TMA Staf Overig Subtotaal derden
889 91 135 637 338 210 360 3.259 207 231 5 30 320 -0 6.710 39 39 114 92 60 343
218 115 333
1.065 28 27 615 118 225 1.277 1.369 337 62 1 6 52 5.182
163 2 165
2.058
3.031 217 163 1.653 488 435 600 4.592 1.369 745 306 8 45 390 -0 14.042
Alle Deel Innovae Totaal Overige partners *) partners **) ***) baten ****) 320 47 47 129 115 146
524 47 20 167 51
60 9 9 24 21 27
904 102 76 319 188 174
300 20 35
Begr. VJ2026
Aandeel bouw
Aandeel mil. & alg.
%
7.522 654 486 3.244 1.307 1.268 600 4.612 1.404 1.726 762 40 150 928 -0 24.703
4.210 412 40 1.391 181 300 241 76 35 921 102 11 32 93
3.312 242 446 1.853 1.126 968 360 4.536 1.369 805 660 29 119 834 -0 16.659
30% 3% 2% 13% 5% 5% 2% 19% 6% 7% 3% 0% 1% 4% 0% 100%
91 93 14 33 95
113 41 7 15 42
17 17 3 6 18
221 151 23 54 154
1.127
1.026
210
2.365
355
21 21 21 42 21 -0 125
21 21 21 42 21 -0 125
-0 -0 -0
8
8
8
8
2.276 115 2.399
103 39 278 94 60 573
2.276 115 2.391
8
8.044
124 59 298 135 81 0 697
-0 -0 0
124 59 298 135 81 -0 697
Begrong Verschil bg 2025 22 -> 21
Real. 2024
% tov 2025
0% -3% -7% 0% -2%
7.182 612 473 3.265 1,263 1,241 673 4,156 1,406 1,655 745 37 136 870
6.752 667 482 2,841 1,192 2,133 545 4,521 1,146 1,572 711 56 149 892
6% -8% -2% 15% 6% -40% 23% -8% 23% 5% 5% -35% -9% -2%
0%
23.744
23.660
0%
5% 12% 2% 6% 9% -100% 5%
177 52 132 166 73 1 601
100 59 315 128 71 5 677
77% -11% -58% 30% 4% -87% -11%
8
1%
Aantal Uren producten diensten
KN 2026
% tov VJ2026
3.849 336 321 1.370 837 295
7.517 643 512 3.190 1.332 1.302 626 4.612 1.404 1.733 782 43 151 948 -0 24.795
0% 2% -5% 2% -3% -4%
861 557 10 102 483
28.326 2.026 1.521 15.447 4.561 4.062 5.610 42.914 12.795 6.967 2.857 72 444 3.648
9.021 131.250 960 360 2.595 876 560 5.351
117 53 291 127 74 2 665
2.399
2.058 115 2.181
-34% 2% 121% -24% 1% 158% 11%
8
8 21.271 1.072 22.343
5%
11%
2.111
-3%
10%
2.120
3%
1.594 1.602
-100% 32%
59% 1%
26.465
5%
25.940
2%
Subsidieverstrekkers Subtotaal subsidieverstrekkers Vrijval balans Rentebaten Subtotaal overige baten Totaal klanten % van de omzet
4.514
3.427
7.941 28%
2.213
7.386
5.348
17.005 61%
1.262
*) betreft data- en ketengedreven services, strafrecht, klantadvies milieu en piketdienst **) betreft klantadvies bouw en advies uitvoerigsbeleid ***) betreft stimuleren circulaire economie, verminderen Nox en fijnstof, tegengaan ZZS, robotisering intakeproces en energie ****) betreft meetdienst provincie en out-of-pocketkosten PCH/PAB
Begroting | 2026
3 120
196 1.026
210
2.498 9%
355 1%
196 27.995 8,5
8.044
196 19.755
9.021 158.943
123 27.763
gemiddeld kengetal
Omgevingsdienst Regio Arnhem
032
Begroting | 2026