Begroting 2022 ODRA
Tekst van het document
SAMEN AAN DE SLAG VOOR EEN GEZONDE, VEILIGE EN DUURZAME LEEFOMGEVING BEGROTING 2022 MEERJARENRAMING 2023-2025
IN HO UD
Voorwoord De impact van ‘ja, mits’
04
Dynamische jaren
06
. Ontwikkelingen in bedrijfsvoering
Taakvelden en programma’s . Omgevingswet . Wet kwaliteitsborging . Bodemtaken . Maatschappelijke opgaven . Provinciale bedrijven . Reguliere ontwikkelingen - raming 2023- 2025
Kaders voor begroting 2022 – 2025
09
013
. Werkprogramma’s . Opzet projectsturing . Meerjarenraming . Begroting 2022 in hoofdlijnen . Programma’s begroting en toelichting
Toelichting op begroting en balans
017
. Programma begroting . Staat van baten en lasten . Overhead . Geprognotiseerde balans 2020 . Bedrijfsvoeringsprocessen
Meerjarenbegroting . Bijlage 1 – Overzicht bijdragen per partner . Bijlage 2 – Overzicht van kengetallen en kostprijzen . Bijlage 3 - Overzicht van diensten
Colofon De Begroting 2022 van de Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) is een weerslag van onze collectieve prestaties en is geschreven door teamleiders, management, staf en communicatie (eindredactie). De foto’s zijn van Karin Veenendaal (karinveenendaal.nl) en StudioBont (studio-bont.nl) heeft het jaarverslag vormgegeven. We verspreiden ons jaarverslag naar onze partners, raadsleden en statenleden en publiceren dit verslag opodra.nl/ overons Voor reacties of vragen communicatie@odra.nl.
030
04
05
DE IMPACT VAN ‘JA, MITS’ Ruben Vlaander
VOO RWO ORD
Als we beginnen aan 2022, beginnen we aan een periode van nieuwe wetgeving voor de fysieke leefomgeving. Wetgeving die ons en onze partners direct raakt. De Omgevingswet; van ‘nee, tenzij’ naar ‘ja, mits’. Sceptici beweren dat het niet veel uitmaakt. Om een typisch Hollands gezegde aan te halen; of je door de kat gebeten wordt of door de hond, gebeten word je toch. Deze cynische opvatting past mij niet. De verandering die de wetgever voor ogen heeft, gaat verder dan het geciteerde gezegde. We kunnen de impact van de Omgevingswet niet afdoen met ‘het zal wel’ en ‘we zien wel’ of varianten van deze zes woorden. De bedoeling is minder verstikkende regelgeving en bureaucratie en meer vrijheid voor de initiatiefnemer van bijvoorbeeld een bouwproject. De initiatiefnemer zal minder last hebben van het ‘ambtelijk meedenken’, en meer ruimte voor zijn initiatief gaan ervaren. Maar meer vrijheid is niet hetzelfde als minder verantwoordelijkheid. De Omgevingswet verlegt de verantwoordelijkheid van de overheid naar de initiatiefnemer. Je zou kunnen zeggen dat de emancipatie die in andere delen van het overheidsbeleid en de samenleving verder is, nu ook in
het fysieke domein zijn intrede doet. Hoe dan ook. De Omgevingswet heeft impact op onze organisatie en de rol die medewerkers hebben in vergunningverlening, toezicht en handhaving. Enigszins populair en wat plat gezegd verandert de rol van ODRA-medewerkers van afvinken, via meedenken en adviseren, in vonken. Dat doet een beroep op een andere houding en andere vaardigheden van mede werkers. In opleiden en coachen hebben we afgelopen jaar veel energie gestoken. We zijn er klaar voor, al zullen we in de praktijk nog best diepe- en minder diepe valkuilen tegenkomen. Dat is niet erg, dat hoort bij de dynamiek van deze tijd, zolang de ladder maar binnen handbereik is, komen we uit de kuil. Het gaat om de kwaliteit van de leefomgeving. Dat bedenken wij niet alleen, dat vinden we ook prominent terug in het rapport van de commissie Van Aartsen (Om de leefomgeving). Van Aartsen onderzocht de stand van zaken in milieutoezicht en handhaving. De staatssecretaris van Milieu, mevrouw Van Veldhoven wil verbeteringen en daarin hebben de omgevings diensten een cruciale rol in. De zorg voor een gezonde en veilige leefomgeving is de kern van onze activiteiten.
Voor het milieu, voor de natuur, voor de stedelijke omgeving, maar vooral voor de volgende generatie, voor omwonenden, medewerkers van bedrijven, kamerbewoners en bezoekers van horeca en evenementen. Dat is onze primaire opdracht. Wij zullen ons inzetten om daar duurzaamheid, via bijvoorbeeld energie-advies en het project circulaire economie, aan toe te voegen. We weten ons gesteund in deze ambitie door onze partners en opdrachtgevers. We werken met en voor hen aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. De verwachting is dat het nieuwe Kabinet de adviezen van Van Aartsen c.s. mee zal nemen in het beleid voor de komende jaren. Wij zullen actief meedenken over de toekomst bestendigheid van het Gelders Stelsel en de verbeteringen in milieu toezicht en handhaving.
Thuiswerken heeft bijvoorbeeld consequenties voor onze nieuwe huisvesting die we in 2023 hopen te betrekken. Het kantoor van de toekomst, de mobiliteit van onze medewerkers, de software en hardware, nieuwe manieren van werken in het kader van de Omgevingswet; het zijn veranderingen die we in 2022 invoeren. De impact van ‘ja, mits’ vraagt om nieuw en persoonlijk leiderschap. Van onze organisatie, van onze medewerkers. We gaan voort op de doorontwikkeling die we in maart 2020 hebben ingezet. In 2022 komen we een paar stappen dichterbij ons einddoel: een betrouwbare partner met zichtbare toegevoegde maatschappelijke waarde en omgevingsbewuste professionals op wie omwonenden, ondernemers en partners kunnen bouwen en vertrouwen. We zijn altijd uit op verbinding en zetten ‘de bedoeling’ centraal - een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving -, van binnen naar buiten en van buiten naar binnen.
Samenwerken zit in ons DNA en is, naast vertrouwen, verantwoordelijkheid en vakmanschap, een van onze vier kernwaarden. Samenwerken doen we met onze partners, maar zeker ook met andere stakeholders in het Gelders Stelsel, en met omwonenden via omgevingsdialogen en participatie, in de veiligheidsketen met Openbaar Ministerie, politie, inspecties en bij voorkeur ook met andere opsporings- en uitvoeringsdiensten. Wij denken in ketens als het om veiligheid en de aanpak van ondermijning gaat, wij denken in dialoog als het om de leefomgeving gaat. ODRA wil van maatschappelijke meerwaarde zijn. Hoe we dat doen, staat in de Begroting 2022 beschreven. Daarom zullen we nog meer dan voorheen informatie willen en moeten delen. We investeren in ICT-systemen die dat mogelijk maken. Maar met systemen alleen zijn we er niet. Bellen, elkaar opzoeken, feedback geven en -vragen, sparren, disciplines en deskundigheid bij elkaar brengen is minstens zo belangrijk om de kwaliteit van onze diensten en producten naar een hoger niveau te tillen. In deze processen is online vergaderen niet meer weg te denken, want we zullen niet langer vijf dagen per week van negen tot vijf op kantoor aan een ‘eigen bureau’ zitten. Die tijd is voorbij. Thuiswerken is niet meer weg te denken en levert ook veel op voor onze medewerkers.
Ruben Vlaander Directeur Omgevingsdienst Regio Arnhem
DE INITIATIEFNEMER ZAL MINDER LAST HEBBEN VAN HET ‘AMBTELIJK MEEDENKEN’, EN MEER RUIMTE VOOR ZIJN INITIATIEF GAAN ERVAREN.
Begroting 2022
Omgevingsdienst Regio Arnhem
06 DYNAMISCHE JAREN
We gaan een aantal dynamische jaren tege-
BE GRO TING 2022
moet. In de Begroting 2022 maken we dat zichtbaar. Het is voor ons soms nog moeilijk om exact in te schatten wat de structurele effecten zijn op de begroting van die ont
2022 is vooral gebaseerd op actualiseren van de Begroting 2021. We hebben de realisatie van de werkpakketten in 2020 zijdelings betrokken. De dynamiek van het werkveld vraagt van ons nog meer dan normaal om flexibiliteit en wendbaarheid. Samen met onze partners staan we voor een aantal belangrijke veranderingen, zoals de implementatie en borging van de Omgevingswet, de Wet Kwaliteits borging voor de bouw (Wkb), de aanpak van ondermijning en bijdragen leveren aan energietransitie en circulaire economie. Niet alleen een gezonde en veilige leefomgeving, maar liefst ook een duurzame, als het aan ons ligt.
wikkelingen. Neemt niet weg dat we een sluitende begroting presenteren. De Begroting 2022 is vooral gebaseerd op actualiseren van de Begroting 2021.
07
Daarnaast hebben we de opgave om binnen de financiële kaders te blijven. Onze partners, de tien gemeenten, zijn daar duidelijk over. Zij voelen de gevolgen van de coronapandemie alle dagen. Van ons wordt verwacht een bijdrage te leveren aan hun besparingsdoelstellingen door de kosten te reduceren en de tariefstelling. Met deze begroting laten wij zien hoe wij deze opgave invullen. Dit is zichtbaar in het tarief dat wij hanteren voor 2022; we verhogen ons tarief niet. We passen geen indexering toe en in de meerjarenbegroting zal de kosten reductie op de overhead zichtbaar worden. De Begroting 2022 en de Meerjarenbegroting is opgesteld met de kennis van nu en in onzekerheid over de effecten van de coronapandemie en de geschetste ontwikkelingen (met name de Omgevingswet). In de hoofdstukken waar wij alle ontwikkelingen verder toelichten, is expliciet aandacht besteed aan de financiële risico’s en onzekerheden die nog niet zijn uitgekristalliseerd.
2020 was een bijzonder jaar. We hebben reguliere VTH-A activiteiten stop gezet. Dat is de impact van de lockdown. Denk aan evenementen toezicht, horecacontroles, vuurwerk. We hebben in 2020 echter een toename van het aantal aanvragen voor bouwvergunningen gezien. Dat is een positief effect van de BENG-norm (Bijna Energie Neutraal Gebouw). We gaan in deze begroting uit van een economie die herstelt en opgang komt. Dat zullen we onder meer zien in (blijvend hoge) aantallen vergunningaanvragen (bouw) en een verwachte toename van het aantal meldingen (milieu) als gevolg van bedrijvigheid in de regio, zowel door burgers als bedrijven. We zullen het ook merken in het aantal meldingen van overlast en klachten, aantekenen van bezwaren en Wob-verzoeken.
Ontwikkelingen in bedrijfsvoering In 2021 zijn we gestart met het vormgeven van nieuwe regelingen en zoeken naar nieuwe huisvesting. Op hoofdlijnen zijn deze ontwikkelingen in de begroting gekwantificeerd, maar zijn nog niet volledig uitgewerkt. Als deze ontwikkelingen in de loop van 2021 leiden tot meer duidelijkheid over de financiële consequenties én als dit leidt tot substantiële veranderingen in de begroting 2022, dan wel de bijdragen van partners, stellen wij voor om in het late najaar 2021 nog eens naar deze begroting te kijken, aan te passen of te wijzigen. Organisatieontwikkeling Wij borduren ook in 2022 voort op de in 2020 in gang gezette ont wikkeling naar oplossingsgerichte dienstverlener met maatschappelijke meerwaarde. We investeren continu in samenhang bij vraagstukken die zich in de praktijk voordoen en acteren zoveel mogelijk integraal. Dat doen we door intensivering van contacten met opdrachtgevers,
instellingen en bedrijven, operationeel en bestuurlijk en in opleiding van onze medewerkers. Kwaliteit VTH Per 1 juli 2019 zijn nieuwe VTH-kwaliteitscriteria (VTH-KC) vast gesteld. We hebben tijd om deze criteria te internaliseren, van inzicht en overzicht in 2020, naar organisatierobuustheid in 2021. Dat houdt niet op. In 2022 blijven we investeren in de ontwikkeling van medewerkers en het eigen maken van de kwaliteitsnormen. Voldoen aan de VTH-KC heeft een directe relatie met in-, door-, en uitstroom van medewerkers. Mensen gaan en komen. Het wel of niet kunnen voldoen aan de gestelde normen is een flexibel gegeven. Onze scholingsinspanningen en ons wervingsproces hebben effect. We zijn steeds beter in staat te voldoen aan zowel de robuustheidsals procesnormen van de VTH-kwaliteitscriteria. Verder hebben we volop aandacht voor de kwaliteit van de gegevens in de systemen door digitalisering, toetsing en actualisatie van het inrichtingenbestand. Processen worden gestroomlijnd, zowel voor de uitvoering als voor de ondersteuning. We werken actief samen met de zes omgevingsdiensten in Gelderland. Samen Sterk De provincie Gelderland heeft in 2019 gevraagd om toezicht en handhaving op de provinciale complexe inrichtingen programmatisch te organiseren en bij ODRA te beleggen.
In 2020 is op initiatief van de provincie samen met ODRA en ODRN, het totale provinciale taken pakket (VTH) onder de loep genomen en onder gebracht in het programma Samen Sterk voor verdere professionalisering van de VTH-taken. Wij maken in 2021 de start met het toezicht en handhaving op Aandachtsbedrijven (PAB). Vergunningverlening complexe bedrijven valt onder aansturing van ODRN. Rijker verantwoorden Met ingang van 2020 zijn wij overgegaan op een beheerste vorm van outputfinanciering. In de jaarrekening 2020, die tegelijk met deze
Naast risico’s die samenhangen met de ontwikkelingen in de wet- en regelgeving, staan we samen voor de uitdaging om de grote maatschappelijke opgaven en de transitie naar duurzame energie en circulaire economie mede vorm te geven. Maar ook klimaatadaptatie, woondeal, criminaliteit en ondermijning brengen dynamiek met zich mee. We werken deze taken en verantwoordelijkheden verder uit in de werkpakketten, maar veel van deze taken zijn vooraf moeilijk exact te plannen en te begroten. Dat betekent dat we met voortschrijdend inzicht in de projecten die we opstarten, te maken hebben met financiële onzekerheden. Maar ook aan onze reguliere taken zijn risico’s verbonden. De belangrijkste risico’s zijn de volume fluctuaties bij de levering van producten en diensten. Vanwege de aanhoudende coronapandemie zijn deze moeilijker in te schatten dan in voorgaande jaren. We verwachten dat corona voor de Begroting 2022 geringe effecten heeft en dat we teruggaan naar een productieniveau van vóór de pandemie. De Begroting
Begroting 2022
Omgevingsdienst Regio Arnhem
08
09 TAAKVELDEN EN PROGRAMMA’S Omgevingswet We hebben de zeven omgevingsdiensten in Gelderland afgesproken dat onze werk zaamheden onder verdelen in programma’s en taakvelden. We kennen drie taakvelden (milieu, bouw en algemeen) en vijf programma’s(vergunningverlening, toezicht en handhaving, advies, stelseltaken, projecten en programma’s). De Omgevingswet confron-
Aan de slag met Omgevingswet: het vergt van ons de nodige voorbereidingen en is de grootste uitdaging voor de komende jaren. Zowel voor onze partners, als voor onze eigen organisatie: het is een gezamenlijke opgave. Onze partners werken aan een omgevingsvisie en een omgevingsplan. Deze plannen zijn voor ons in de uitvoering belangrijke kaders. We leiden toezichthouders op voor risico- en informatie gestuurd toezicht en vergunningverleners voor integraal afhandelen van een aanvraag. De samenwerking met de collega’s binnen ODRA en met collega’s van de gemeentelijke afdelingen Ruimtelijke Ordening en Economische zaken wordt intensiever. Binnen ODRA loopt het Programma Omgevingswet met als doel dat we klaar zijn als de wet van kracht wordt en onze partners kunnen bedienen. Uitgaande van inwerkingtreding op 1 januari 2022, zetten we in 2022 in op: • Evalueren van werkafspraken (extern en intern); • Adviseren over omgevingsplan en adviseren over verplichte programma`s; • Betrokken zijn bij toepasbare regels en vragenbomen t.b.v. dienstverlening.
teert ons met deze historisch vastgestelde indeling. En dat wringt soms, want deze indeling is steeds minder valide vanwege de integrale aanpak die wij voorstaan. Bij de uitwerking van de Producten en Diensten
begroting wordt gepubliceerd, zijn de resultaten weergegeven. In februari 2021 is een onderzoek gestart naar de risico’s van output financiering. We willen weten welke van de vooraf onderkende risico’s hebben zich voorgedaan en hoe zijn (en worden) deze gemitigeerd? Onderdeel van het onderzoek is een kwantitatieve analyse op ken getallen van producten. Circa twee-derde van de omzet is de levering van producten tegen een vast tarief. Op basis van een jaar ervaring, kan er aanleiding zijn om deze bij te stellen. In de zomer 2021 stellen we een nieuwe PDC op, waarin zowel de uitkomsten van dit onderzoek, als de veranderingen voortkomende uit de Omgevingswet worden verwerkt. In principe is dit input voor de begroting 2023 - bij geringe wijzigingen - of voor een aangepaste begroting 2022 - bij majeure veranderingen. Ook is in 2021 een studie opgestart naar de mogelijkheden om meer op de beoogde effecten - de bedoeling - van onze taken te kunnen sturen. Dit onderzoek draagt de titel ‘Rijker verantwoorden’, een verandertraject dat andere omgevingsdiensten in Gelderland ook oppakken. Als dit onderzoek en de pilots succesvol zijn, zal dit worden opgenomen in onze planning -en control cyclus. Sluitende Begroting Wij presenteren voor 2022 een sluitende begroting. In februari 2021 is samen met de partners de omvang van de werkprogramma’s 2022 op hoofdlijnen vastgesteld.
Dit hebben we gedaan door extrapolatie van
Begroting 2022
catalogus 2022, die naar verwachting in de de omvang werkpakketten 2021 en realisatie 2020, in combinatie met inhoudelijke trendanalyses en geschetste ontwikkelingen. Wij hanteren in onze uitgangspunten een maximale indexering die gelijk is aan de CPB-index van gemiddeld 1,5%. Deze indexering passen we toe op de kostenontwikkeling in de begroting, maar niet op het tarief dat wordt berekend voor de producten. Dat is onze manier om bij te dragen aan de financiële positie van onze partners. Wij vinden hiervoor de ruimte in de exploitatie, door besparingen op huisvesting en ICT, maar ook door een evenwichtiger personeelsbeleid (andere verhouding interne medewerkers en externe inhuur). Daarnaast hebben we een aantal trajecten in gang gezet die structureel de overheadkosten verlagen: project herhuisvesting, ICT en ‘in the cloud’ werken. Op termijn behoort een substantiële besparing tot de mogelijkheden. We nemen aan dat de beschreven ontwikkelingen geen grote financiële gevolgen hebben, daarmee is het meerjarig beeld 2023 – 2025 dat ODRA een positief saldo (> 2%) op de begroting kan bereiken.
zomer 2021 af is, kan het zijn dat we met een aangepast voorstel komen. Vooralsnog is voor de begroting ‘de matrix’ van programma’s en taakvelden gebruikt.
Risico’s voor begroting Op het moment van schrijven van deze begroting is nog veel in ontwikkeling en onvoldoende concreet om de effecten voor onze partners volledig te kwantificeren. Denk aan de effecten van het DSO op de efficiency van de werkprocessen of de invloed van méér integraal werken. Het financiële risico voor onze partners bestaat vooral uit ‘verschuivingen’; producten en diensten (PDC) veranderen in aard en omvang. We gaan er voorlopig vanuit dat we budgetneutraal de overstap maken. In de zomer van 2021 herzien wij onze PDC op de dan bekende inzichten in de effecten van de Omgevingswet. Die worden meegenomen in de werkpakketten voor 2022. In 2020 is budget gereserveerd voor opleidingen Omgevingswet. Dit budget zal grotendeels worden aangewend in 2021. De opleidingen die in 2022 doorlopen bekostigen we uit bovengenoemde budget.
Wet kwaliteitsborging De Wet kwaliteitsborging (Wkb) gaat naar verwachting vanaf 1 januari 2022 staps gewijs in. De Wkb heeft gevolgen voor ons en onze partners. We bereiden ons samen met de vier omgevingsdiensten in Gelderland die ook bouwtaken hebben, voor op de Wkb. We kijken onder meer naar wat de invloed van privatisering is op capaciteit en taken van ODRA. We hebben berekend dat onze capaciteit met 0,5 fte afneemt op de werkzaamheden in de privatisering voor gevolgklasse 1 - eenvoudige bouwwerken, woningbouw, industriebouw met maximaal twee woonlagen. We verwachten een toename van de capaciteit, omdat taken terugkomen. De omvang daarvan is op dit moment moeilijk in te schatten en moeilijk te kwantificeren. Ook voor de betreffende gemeenten heeft de Wkb gevolgen en dan met name voor de leges. De leges voor vergunningen voor bouwactiviteit in gevolgklasse 1 vervalt naar verwachting deels. De taken die erbij komen voor de omgevingsdiensten kunnen niet direct door de leges worden gedekt. Voor bouwwerken in deze gevolgklasse 1 moet vanaf de inwerkingtreding van de Wkb een private kwaliteitsborger worden ingeschakeld. Een mogelijk aandachtspunt is dat deze meer kost dan het tarief van ODRA.
Omgevingsdienst Regio Arnhem
010 De gemeenten blijven bevoegd gezag en blijven verantwoordelijk voor de handhaving, toezicht bestaande bouw, monumenten en omgevingsveiligheid. Dat zijn taken die wij in de regel uitvoeren.
dat per jaar 1,5% energiebesparing met een totale energiebesparing van 7,5% in 2020 gerealiseerd moet zijn. Wij hebben de voorbije jaren met onze partners aan de uitvoering van het GEA gewerkt.
Risico’s voor begroting De berekende capaciteitsafname hebben we, waar deze concreet te definiëren is, meegenomen in de begroting. Maar ook hier geldt dat uit de verdere voorbereiding en het onderzoek de concrete effecten duidelijk gaan worden, zoals omvang van de overheveling naar de private sector en de effecten van de andere werkwijze bij ODRA. De verwachte teruglopende legesinkomsten zijn voor partners van invloed op de financiering voor de uitvoering van bouwtaken door ODRA.
De EML-controles hebben we separaat in de werkprogramma’s opgenomen. Binnen het project vallen ook de werkzaamheden voor de bedrijven die zich in het kader van de informatieplicht (van kracht per 1 juli 2019) na 2020 nog niet hebben gemeld. Over deze ‘achterblijvers’ hebben alle gemeenten medio februari een brief van het Rijk ontvangen. De oproep is om vooral toezicht te blijven houden.
Bodemtaken Met ingang van de Omgevingswet verschuift het bevoegd gezag bij gevallen van ernstige bodemverontreiniging van provincie naar gemeenten (dan wel OD’s). Dit heeft impact op het Wbb-bodem toezicht (Wet bodembescherming) en de beoordeling van sanerings evaluaties die wij voor de provincie uitvoeren. De gemeenten in ons werkgebied krijgen in het kader van de Omgevingswet taken over van de provincie. ODRA zal in dit taakveld blijven opereren, maar dan met de gemeenten als opdrachtgever. Niet alles verandert, want de provincie blijft bevoegd gezag voor de gevallen van grondwaterverontreiniging en afhandeling van de spoedlocaties. 1 januari 2022 is nog sprake van overgangsrecht, waardoor de provincie bevoegd gezag blijft voor de op dat moment beschikte saneringsplannen/BUS-meldingen waarvan de sanering in uitvoering is. Daarnaast zal de transitie van de bodemtaken met name in het eerste jaar leiden tot een sterke stijging van informatie verzoeken (door het nieuwe bevoegd gezag). Wij verwachten in 2022 nog geen daling van de capaciteit aan bodemexpertise. Risico’s overgang Voor uitvoeren van bodemadviestaken kunnen gemeenten kiezen dit in eigen beheer te doen of de taken over te dragen aan een omgevingsdienst. Bodemtoezichttaken zijn een basistaak en worden uitgevoerd door een omgevingsdienst. In 2021 wordt de ‘warme’ overdracht van taken verder voorbereid.
In de begroting (bijlage ‘Bijdrage per klant’) is de post voor de overdracht bodemtaken apart gelabeld bij de provincie en bij derden. Op dit moment is niet in te schatten welk deel waar terecht komt, evenals dat het onzeker is of het totaal van activiteiten voor ons afneemt.
Klimaatadaptatie Ook de komende jaren blijven de implicaties van de klimaatopgave en de groei van de circulaire economie onze aandacht vragen. Vraag stukken zijn bijvoorbeeld de initiatieven die duurzame energie met behulp van biomassa installaties willen opwekken, de impulsen om te komen tot energie neutrale gebouwen, de ontwikkelingen rondom de duurzame recycling van elektrische apparaten (zogeheten “Wheelabex”) en de mogelijkheden in de wet- en regelgeving om afvalstoffen als grondstof te gebruiken. Circulaire economie Naast energie zetten we in 2022 expliciet in op circulaire economie. Gekoppeld aan de (beleids)opgaven van onze partners. Het doel van dit project is gericht op de structurele inbedding van circulaire economie in onze dienstverlening. Het exacte doel gaan we in de loop van 2021 formuleren. Ook de precieze resultaten moeten we nog formuleren. Denk hierbij aan aanpassing van bestaande, of vormgeven van nieuwe producten en diensten. Ondermijning en Theseus Met het Project Theseus beogen de deelnemende partners onder mijning op bedrijventerreinen te ontdekken en/of te voorkomen, en/of tegen te gaan.
Dit gebeurt door een flexteam in te zetten dat: • gemeenten en ketenpartners actief ondersteunt met het uitvoeren van preventieve controleacties op bedrijventerreinen; • gemeenten een beeld geeft van de bedrijventerreinen door de preventieve controles en data-analyses; • gemeenten ondersteunt bij het integraal werken bij de aanpak en preventie van ondermijning op bedrijventerreinen; • gemeenten helpt bij het vergroten van de weerbaarheid en bewust wording bij ondernemers.
Provinciale bedrijven
We hebben met elkaar een paar stevige maatschappelijke opgaven te verhapstukken. Dat is voor 2022 niet anders. Denk aan energie transitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, woondeal en onder mijning. Dat werken we uit in de werkpakketten en lichten we hierna toe.
Per 1 januari 2020 is ODRA verantwoordelijk voor de uitvoering van het programmaplan ‘Toezicht en handhaving provinciale complexe bedrijven’ met de provincie als bevoegd gezag. Begin 2021 hebben we ook het programma ‘Aandachtsbedrijven’ onder onze hoede. Beide programma’s leiden tot substantiële verandering in kosten en omzet bij ODRA, voornamelijk vanwege intensivering (op de kwaliteit) en omdat activiteiten die voorheen bij andere omgevingsdiensten waren begroot, nu via de begroting van ODRA lopen.
Energietransitie Vanuit het Rijk en binnen de provincie Gelderland (Gelders Energie akkoord – GEA) wordt richting gegeven aan de energietransitie. In Gelderland wordt met het GEA ingezet op ‘klimaatneutraal zijn’ in 2050. Voor de doelgroep ‘bedrijfsleven’ is de doelstelling geformuleerd
Complexe handhaving Met ingang van 1 januari 2020 is Omgevingsdienst Regio Arnhem binnen het Gelders Stelsel volledig verantwoordelijk voor de uitvoering van het programma Toezicht en handhaving provinciale complexe bedrijven (niet BRZO). Doelen van het programma zijn:
Maatschappelijke opgaven
Begroting 2022
011 Programma Complexe handhaving 1. Kwaliteit van de uitvoering verbeteren
2. Kwaliteit van de informatie verbeteren
3. Efficiency verbeteren
• Professionaliseren uitvoering • Gelijk behandelen van bedrijven • Toepassen Landelijke handhavingsstrategie (LHS) • Rouleren toezichthouders
• Provinciale toezichtstaak scherp in beeld • Prioriteren provinciale toezichtstaken • Bijstellen Uitvoeringsprogramma en handhavingsbeleid op basis van ervaringen
• Specialistische aanpak per branche • Intensiever contact met vergunningverleners • Intensiever contact opdrachtgever en uitvoerders
Gedeputeerde provincie Gelderland en opdrachtgeversteam
Complexe bedrijven Bijvoorbeeld: • Afvalbedrijf • Vergister • IJzergieterij • Papierfabriek • Kleinchemie
In het kort • Provincie Gelderland • 51 gemeenten • 7 omgevingsdiensten • ± 400 complexe bedrijven: bij 60% is de provincie bevoegd gezag bij 40% is de gemeente bevoegd gezag
Programmateam Complexe handhaving
Samenspel met:
Complex bedrijf
• Programma Aandachtsbedrijven • Programma Complexe vergunningverlening
Pool van toezichthouders Branche-aanpak
Omgeving Wethouder gemeente
Ketenpartners • Brandweer • Openbaar Ministerie • Waterschap • Gemeente(n) • Omgevingsdiensten
• Verbeteren kwaliteit toezicht en handhaving; • Verbeteren effectiviteit en efficiency; • Uniformiteit /level-playing-field; Deze zijn uitgebreid beschreven in een separaat programmaplan. De programmamanager is eindverantwoordelijk voor de uitvoering van het programma. Binnen dit programma valt het toezicht en de hand having op 170 provinciale bedrijven (niet BRZO). De toezichthouders ‘complex’ van de Gelderse Omgevingsdiensten vormen de medewerkerspool. Zij staan aan de lat voor de daad werkelijke uitvoering van de taken binnen het uitvoeringsprogramma. Een schil van specialisten binnen ODRA adviseert en ondersteunt hen bij de uitvoering van de taken. Voor de begroting van 2022 is gekozen voor het extrapoleren van het programmaplan van 2021, waarbij wel rekening is gehouden met de autonome groei van het aantal bedrijven maar nog niet met de effecten van de Omgevingswet (omdat deze effecten op de bevoegdheid bij bedrijven, evenals de inwerkingtredingsdatum) nog niet zeker zijn. Aandachtsbedrijven Aandachtsbedrijven zijn bedrijven met complexe (meervoudige) problematiek, die niet binnen de reguliere uitvoering van VTH-taken kunnen worden opgelost. In 2020 heeft provincie Gelderland samen met ODRA en ODRN besloten om voor het provinciale takenpakket programmatisch samen te werken. Deelprogramma Aandachtsbedrijven
IN 2021 IS GESTART MET EEN NIEUW PROGRAMMA AANDACHTSBEDRIJVEN ONDER AANSTURING VAN ODRA. is een van de pilotprogramma’s. In 2021 is gestart met een nieuw programma Aandachtsbedrijven onder aansturing van ODRA. ODRA is verantwoordelijk en werkt voor uitvoering samen met ODRN. In opdracht van provincie Gelderland. Doelen van het programma zijn: • Aandachtsbedrijven terug naar regulier proces (minder problematiek rondom aandachtsbedrijven); • Geen voorkombare problematiek en bestuurlijke zorgen over aandachtsbedrijven. Dit bereiken we met de volgende activiteiten(diensten): • Omgevingsscans; • Projectmatige aanpak aandachtsbedrijven; • Professionaliseren met projectleiders: procesregie, integraliteit en bestuurlijke advisering.
Omgevingsdienst Regio Arnhem
012 KADERS VOOR BEGROTING 2022 - 2025
Deelprogramma Aandachtsbedrijven Doelen
Aanpak
Deelprogramma Aandachtsbedrijven
• Aandachtsbedrijven terug naar regulier proces (minder problematiek rondom aandachtsbedrijven) • Geen voorkombare problematiek en geen voorkombare bestuurlijke zorgen over aandachtsbedrijven
1. Omgevingsscans 2. Projectmatige aanpak aandachtsbedrijven 3. Professionaliseren met projectleiders: procesregie, integraliteit en bestuurlijke advisering
Omgevingsdienst Regio Arnhem is verantwoordelijk en werkt voor uitvoering samen met Omgevingsdienst Regio Nijmegen. In opdracht van Provincie Gelderland.
1. Omgevingsscans
2. Projectmatige aanpak aandachtsbedrijven
Signalen uit de reguliere uitvoering WABO VTH-taken kunnen aanleiding geven voor een integrale scan van de problematiek rondom een bedrijf. Hieruit volgt een advies aan de opdrachtgever om het bedrijf al dan niet als aandachtsbedrijf aan te pakken.
Doelstellingen • Kwalitatief goed projectplan aanwezig • Kwalitatief goede uitvoering van project
Doelstellingen • Maandelijks overleg tussen programmamanagers en terugkoppeling naar opdrachtgever • Omgevingsscans integraal en met (bestuurlijk) advies
Werkprogramma 2022 In de vorige hoofdstukken hebben we de uitgangspunten en ontwikkelingen voor de
Gedeputeerde provincie Gelderland en opdrachtgeversteam omgevingsdiensten
Aandachtsbedrijf: meervoudige (complexe) problematiek
Reguliere uitvoering WABO VTH-taken provinciale bedrijven • Deelprogramma Vergunningverlening • Programma Complexe handhaving • Programma BRZO
begroting 2022 geformuleerd. In dit hoofd-
concrete kaders, normen en bedragen voor de
3. Professionaliseren met projectleiders: procesregie, integraliteit en bestuurlijke advisering Doelstellingen • Uniforme werkwijze • Projectleiders voldoen aan rolbeschrijving
Reguliere ontwikkelingen (raming 2023- 2025)
Een groot deel van de omzetgroei ten opzichte van 2020 wordt veroorzaakt door het programma Aandachtsbedrijven. Evenals bij het programma Complexe handhaving, zijn de geldstromen van de provincie Gelderland en de betrokken omgevingsdiensten omgebogen. De geldstromen voor beide programma’s lopen via ODRA. Voor de meerjarenbegroting gaan we ervan uit dat de groei in de reguliere activiteiten zich stabiliseert ten opzichte van 2021, rekening houdend met eerder geschetste onzekerheden. Hieronder is aangeven welke impact, in kwantitatieve zin, boven staande ontwikkelingen hebben voor ons en onze meerjarenbegroting. • Het aantal initiatieven (vergunningaanvragen, ruimtelijke initiatieven etc.) is sterk conjunctuur afhankelijk. Afgelopen jaren hebben we een groei gezien door het gunstige economische tij. Voor de periode 2022 – 2025 is dit onzeker;
Binnen de reguliere werkprogramma’s nemen de gezamenlijke diensten een bijzondere positie in. Hierover is afgesproken dat de kosten op vaste prijsbasis via een verdeelsleutel (in 2019 vastgesteld) worden doorbelast. De verdeelsleutel is voor 2022 ongewijzigd. We hebben wel een aantal inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van de realisatie 2020 en Begroting 2021 ingevoerd. Naast de reguliere activiteiten zijn in de Begroting 2022 de twee provinciale programma’s Complexe handhaving en Aandachtsbedrijven opgenomen. Deze programma’s vallen buiten het systeem van onze outputfinanciering. Deze twee programma’s worden als dienst bij de provincie in rekening gebracht.
Omgeving
De afgelopen jaren hebben we een forse groei doorgemaakt in het aantal medewerkers en omzet. Naast de realisatie van de werk programma’s is een groot aantal aanvullende opdrachten bij ons neergelegd. Zowel incidenteel (projecten) als structureel. We houden er rekening mee dat ook in 2022 aanvullend werk wordt gevraagd.
Sinds 2020 wordt het reguliere werkprogramma gefinancierd door een ‘beheerste output financiering’. Beheerst, omdat niet al onze activiteiten worden gefinancierd op basis van productprijzen. Circa één derde van de begroting bestaat uit de levering van diensten op basis van uren (nacalculatie) en circa twee derde is gebaseerd op vaste productprijzen.
stuk zijn deze uitgewerkt en vertaald in
(meerjaren)begroting en voor bedrijfsvoering. Projectteam: procesregie door projectleider en -medewerkers
Wethouder gemeente
013
Daarnaast kennen wij inkomsten uit de doorbelasting van materiële kosten. Het gaat dan om kosten die veelal niet voortkomen uit ons eigen productieproces, maar uit de inkoop van goederen en diensten bij andere partijen. Dat zijn onder meer de kosten voor Wabo, voor Meten & advies, diensten van andere omgevingsdiensten voor toezicht en handhaving provinciale complexe bedrijven, complexe vergunningen en piketdiensten (opruimen – en schoonmaakkosten).
Opzet projectsturing • De aanvragen vragen om een multidisciplinaire aanpak (ook met het oog op de Omgevingswet). Dit leidt tot een andere aanpak, maar niet persé tot verhoging van de werkpakketten. We zien wel een trend waarbij sprake is van een groei van het aantal complexe/ maatschappelijke relevante dossiers. Deze vragen om een projectmatige- en integrale benadering; • Ook brengt de Omgevingswet met zich mee dat meer nadruk gaat komen op onze kennis en expertise vooraan in de beleidscyclus. Denk aan signalen vanuit toezicht over wat zich in gebieden afspeelt. Of inbreng van adviseurs externe veiligheid, geluid of bodem; • De verwachting is dat het aantal meldingen van overlast en milieuklachten groeit. Het is moeilijk om te voorspellen wat de groei is in 2022. Maar als de evenementenbranche weer open mag, is een inhaalslag met het aantal evenementen best reëel; • Het aantal zienswijzen, bezwaar- en beroepzaken zal in lijn zijn met de ontwikkeling van de economie. We weten uit ervaring dat het aantal Wob-verzoeken stijgt.
Eind 2020 en begin 2021 hebben wij in samenspraak met een werkgroep van partners samenwerkingsafspraken gemaakt over programma’s, projecten en innovatie. 2 februari 2021 is met onze partners afgesproken dat zij periodiek (vier keer per jaar) in een themagericht overleg vergadert over de programma’s en projecten. Tijdens deze overleggen adviseren de partners ons over programma’s en projecten en volgen zij de voortgang. We programmeren volgens een vaste cyclus, op basis (of als onderdeel) van de P&C-cyclus. • Wij doen voorstellen voor programma’s en projecten, inventariseren voorstellen van partners en stellen een totaalpakket voor; • In februari van jaar 1 worden de contouren voor het volgende jaar gedeeld met het Algemeen Bestuur; • In de zomermaanden volgt de detaillering: - uiterlijk half september jaar 1 worden begrotingen en projectplannen concreet voor jaar 2; - uiterlijk 1 november is de deadline voor werkplannen, waar programma’s en projecten onderdeel van uitmaken; - vanaf 1 november organiseren wij de benodigde capaciteit. • In de projectplannen staat het hoe, en hoe de partners betrokken zijn in een project. Hiernaast werken wij vanaf 2022 met een innovatiebudget van 100K, waarmee wij flexibel kunnen inspelen op actuele ontwikkelingen. Over de besteding van het budget leggen we tijdens het begrotingsjaar en achteraf verantwoording af.
Begroting 2022
Omgevingsdienst Regio Arnhem
014 Meerjarenraming Onze ambitie is om elk jaar ook de meerjarige ontwikkelingen te kwantificeren. Zowel op programmaniveau als op taakveldniveau. Dit is een moeilijk proces en we zijn daar maar gedeeltelijk in geslaagd. Het blijft moeilijk om de ontwikkelingen in het kader van de Omgevingswet, Wet kwaliteitsborging en de overdracht van bodemtaken exact te kwantificeren voor 2022. Laat staan voor de jaren na 2022. De batenkant van onze begroting is daarom een extrapolatie van 2020-2021 op basis van de reguliere trends. Aan de kostenkant is wel een gedeeltelijke kwantificering van het ingezette beleid op te stellen. Wij bedoelen: • Voornemen rond herhuisvesting (eind 2022-medio 2023 een ander pand); • ICT-transitie (systemen in ‘the cloud’ – en mobiele apparatuur); • Duurzamer personeelsbeleid (onder meer reizen en thuiswerken); • Structurele COVID19 effecten. Tijdens het opstellen van deze begroting is het rapport Om de leef omgeving – Omgevingsdiensten als gangmaker voor het bestuur (commissie Van Aartsen) over het functioneren van de omgevingsdiensten uitgebracht. Indien aanbevelingen uit het rapport worden overgenomen en geïmplementeerd, kan dat effect hebben op hoe we nu werken en georganiseerd zijn. Misschien wel zodanig dat de gepresenteerde Meerjarenbegroting volledig moet worden herzien.
Tarief, kostprijs, indexering Voor het vaststellen van de kostprijzen van de producten en het uurtarief voor diensten, hanteren wij consistent de methodiek op basis van outputfinanciering en vastgestelde kostprijsmethodiek. Vanaf de begroting 2020 werken wij voor het bepalen van de kostprijs met een referentiemethodiek voor het uurtarief. Vanuit deze benchmark de ‘handleiding overheidstarieven’ ontstaat inzicht in de tariefsopbouw op onderdeelniveau, bijvoorbeeld de huisvesting- en ICT kosten en de kosten van het salarisgebouw. Wij richten ons beleid zo in dat we de komende jaren toegroeien naar deze benchmark. In 2022 wordt dat bereikt door kostenbesparing in de overhead. Toelichting op de tariefontwikkeling • Personeelskosten: wij zitten gemiddeld boven de benchmark qua directe personeelskosten. Eén van de oorzaken is dat wij relatief meer specialisten in dienst hebben dan benchmark breed. Daarnaast geldt dat we meer ‘vergrijst’ zijn, waardoor de gemiddelde anciënniteit hoog is, veel medewerkers zitten aan het einde van hun schaal;
Tarief opbouw Personeelskosten direct Personeelskosten indirect Materieel - huisvesting & facilitair - ict - overige kosten Overhead Beleidsruimte Totaal - aantal productieve uren
Realisae 2020
Begrong 2021
€ 64 € 14
€ 63 € 14
€4 €6 €2
€13
€ 90 1.401
€5 €6 €4
€16 € 92 1.395
• Beleidsruimte: dit deel van de benchmark wordt door ons feitelijk ingevuld bij direct personeel. In de benchmark is dit geoormerkt voor specifiek organisatie-gebonden werk; • Materieel: de effecten van het ingezette beleid om de overheadkosten - met name huisvesting en ICT - te reduceren worden hier zichtbaar. Vooral bij ICT ramen we een kostenreductie waardoor we op de benchmark norm uitkomen; • Productieve uren: de landelijke benchmark gaat uit van 1.418 uur productie per fte. Wij gaan in de begroting uit van 1.400 uur declarabel voor internen en 1.600 uur declarabel voor externe inhuur. Tarieven producten De kostprijs van een product wordt bij ons bepaald door het zogenaamde kengetal (= verwachte gemiddelde tijdsbesteding voor de realisatie van een product) te vermenigvuldigen met het uurtarief. De vastgestelde productprijzen en de begrote aantallen producten zijn in de bijlage opgenomen. Onze kengetallen zijn voor de begroting 2022 ongewijzigd ten opzichte van 2020 en begroting 2021. Wij zijn gestart met een analyse op de gerealiseerde kengetallen 2020. De uitkomsten daarvan verwachten wij medio 2021 duidelijk te hebben. Indien dit leidt tot grote aanpassingen, zal dit in een aanvullende begroting worden aangeboden. Wij passen in 2022 nog geen tariefdifferentiatie toe. De hierboven genoemde analyse biedt ook aanknopingspunten voor een extra onderzoek hiertoe.
We verwachten dat dit een plaats kan krijgen in de begroting 2023.
015 Het algemene gedeelte onder de noemer van het project; • Gezamenlijke diensten: dit zijn onze structurele activiteiten met een gezamenlijk karakter, veelal al van oudsher een onderdeel van de begrotingen (ketentoezicht, strafrecht, piketdienst, enz.); • Innovatie: voor 2022 hebben we afgesproken dat een innovatiebudget werkelijkheid wordt. Met dat budget kan onderzoek gedaan worden naar nieuwe ontwikkelingen en kunnen we eventuele pilots bekostigen. Deze pilots worden niet vooraf in kaart gebracht (in deze begroting of werkprogramma’s), maar gedurende het begrotingsjaar voorgelegd en verantwoord aan het bestuur. Het gaat in 2022 om maximaal € 100.000.
Indeling begroting In vervolg op bovenstaande, hanteren we voor de totstandkoming van de Begroting 2022 de volgende uitgangspunten en normeringen: • Ons financieringssysteem (outputfinanciering) leidt tot drie standaard productgroepen in deze begroting: producten, diensten en gezamenlijke diensten (waaronder een apart budget voor innovatie). Output financiering geldt voor de reguliere werkzaamheden, met als basis de concept werkpakketten van de partners; • Twee programma’s wijken af, die worden gefinancierd op basis van nacalculatie en gemaakte uren. Dat betreft het programma Complexe Handhaving (PCH) en programma Aandachtsbedrijven (PAB). Onze opdrachtgever heeft nog geen besluit genomen of en wanneer deze programma’s worden omgezet in outputfinanciering;
• Programma-indeling van de Gelderse Omgevingsdiensten is nog steeds leidend. Daarnaast wordt per programma onderscheid gemaakt per taakveld. We zien wel een ontwikkeling (door de integraliteit van de Omgevingswet) dat dit minder goed past als indeling en dus als begrotings- en verantwoordingsprincipe; • De BBV-Richtlijnen zijn toegepast. Dat wil zeggen: - personele- en materiële kosten worden direct toegerekend aan programma’s en taakvelden op basis van verrichte activiteiten; - kosten voor overhead (kosten van het stafbureau en team bedrijfsvoering en management) worden separaat in de begroting vermeld en toegerekend aan de programma’s op basis van de verhouding van de bestede tijd. • We hanteren een normering voor de kosten: - loonkosten zijn gebaseerd op de gemiddelde loonkosten per functie, uitgaande van de gemiddelde werkelijke periodiciteit. Daarmee is een relatie aangebracht tussen het werkprogramma en benodigde capaciteit, kwaliteit, functieniveau en loonkosten; - opleidingskosten en algemene personeelskosten zijn begroot als percentage van de loonsom, respectievelijk 2% en 3,5%; - overheadkosten (huisvesting, facilitair en ICT) zijn begroot op basis van de werkelijke contractwaarde (voornamelijk met de gemeente Arnhem/De Connectie en ICT-leveranciers), met de verwachte indexering én de verwachte veranderingen in huisvesting -en ICT beleid.
Gezamenlijke diensten Wij hebben drie groepen van activiteiten waarvoor een gezamenlijke financiering door de partners (en andere participanten) is afgesproken. Voor alle drie groepen geldt dat deze op basis van een vaste productprijs met de afgesproken verdeelsleutel in rekening wordt gebracht. De sleutel is in 2019 vastgesteld: 60% inwoneraantal en 40% stemverhouding zoals opgenomen in de Gemeenschappelijke Regeling. De stemverhouding hebben we niet aangepast. De inwoneraantallen zijn geactualiseerd (CBS-cijfers). Dat betekent dat een herverdeling is ingevoerd. De groepen gezamenlijke activiteiten betreffen: • Projecten: projecten en programma’s die wij uitvoeren kennen veelal een individueel onderdeel en activiteiten die voor de betreffende deelnemers relevant zijn. Het individuele gedeelte is opgenomen in de werkpakketten (bijvoorbeeld EML-controles bij programma energie). Begrong 2022
Benchmark
€ 67 € 14
€ 56 € 15
€4 €4 €3
€11 € 92 1.400
€8 €4 €4
€16 €5 € 92 1.418
In deze tabel kan door afrondingsverschillen het vermelde totaal ongelijk zijn aan de som van de Begrotingcomponenten. 2022
Omgevingsdienst Regio Arnhem
016 Begroting 2022 in hoofdlijnen
PROGRAMMA’S - BEGROTING EN TOELICHTING
Hieronder werken we de initiële Begroting 2022 uit in productie doelen, conform ons systeem van outputfinanciering. We geven vanaf paragraaf 3.3 een toelichting op de indeling van de programma’s en taakvelden. Begrong 2022 op hoofdlijnen x 1.000
017
Aantallen
Realisae 2020
Vergunningverlening reguliere activiteiten In dit hoofdstuk werken we per programma
Aantallen
Begrong 2021
Aantallen
Begrong 2022
verder uit wat we willen bereiken, wat we daar voor doen, welke indicatoren we hanteren en
Baten - levering producten in aantallen - levering diensten in uren - collectieve diensten - overige diensten Totaal baten Lasten - lasten programma’s - lasten overhead Totaal lasten Saldo
13.251 70.055
aantal fte 126,6 28,7 155,3
10.264 54% 6.375 33% 1.621 8% 898 5% 19.158 13.653 5.335 28% 18.988
13.905 *52.810
aantal fte 130,7 31,8 162,5
170
10.762 59% 4.918 27% 1.600 9% 1.066 6% 18.347 12.749 5.598 31% 18.347 0
12.589 91.775
aantal fte 152,8 32,3 185,1
9.962 48% 8.443 41% 1.529 7% 650 3% 20.584
welke kosten dit alles met zich meebrengt.
15.400 5.184 25% 20.584
Stelseltaken en Algemeen & projecten.
• 41% van de omzet is gekoppeld aan de levering van diensten. In de 91.775 uur zijn afgerond 38.000 uur voor het programma’s Complexe handhaving (PCH) en 11.500 uur voor programma Aandachtsbedrijven (PAB) opgenomen. Voor de realisatie van de (werk)programma’s verwachten wij afgerond 220.000 uur nodig te hebben, dat wil zeggen 153 fte.
Vergunningverlening, Handhaving, Advies,
0
* excl. Uren PCH
Kerntabel productiedoelen We hebben voor 2022 een sluitende begroting. We begroten een omzet (en kosten) van €20,6 miljoen. • 48% van de omzet wordt gegenereerd met een levering van bijna 12.600 producten aan onze klanten. Hiervoor geldt een gemiddelde prijs van €791 per product (kengetal 8,6 gemiddeld). Dit is exclusief de geleverde producten binnen het programma complexe handhaving, daar zijn 3.036 producten begroot, maar worden op uur-basis afgerekend;
We hebben in totaal vijf programma’s:
Toelichting: De begrote cijfers 2022 zijn niet geheel vergelijkbaar met de begroting 2021 en realisatie 2020. In de begroting 2021 zijn de uren van de programma’s PCH en PAB nog niet opgenomen. Het betreft namelijk de initiële begroting 2021, die begin 2020 is opgesteld, zonder zicht te hebben op deze programma’s. Dit zal nog in een begrotingsactualisatie worden bijgesteld.
WE BEGROTEN EEN OMZET (EN KOSTEN) VAN €20,6 MILJOEN.
Toelichting: Productiedoelen De belangrijkste producten in dit programma zijn: • Omgevingsvergunningen (eenvoudig tot complex) 46% van het totaal; • Sloopmeldingen - 31% van het totaal; • Beoordeling melding activiteiten besluit 11% van het totaal; We verwachten dat de productie in het programma Vergunningen stabiel is ten opzichte van 2021. Iets lager dan de realisatie 2020. In 2020 waren er incidenteeel veel bouwaanvragen. Dat is een gevolg van de invoering van de BENG norm. De belangrijkste diensten in het programma zijn: • Vooroverleg op vergunningen - 42% van het aantal uren: (bouw 28%, milieu 14%); • Beoordeling Briks aspect - 25% van het totaal; • Bezwaren en beroepen behandelen - 17% van het totaal; We verwachten een toename van het aantal te leveren diensten, mede gebaseerd op de realisatie 2020.
Voor alle partners van ODRA verzorgen we de vergunningverlening milieu. Het is een basistaak. Vergunningaanvragen en meldingen beoordelen we op juistheid en volledigheid. We zorgen ervoor dat ze binnen de wettelijke termijnen worden afgehandeld. Wabo-procedures behandelen we zoveel mogelijk integraal. Als schakel in de keten zoeken wij daarbij nadrukkelijk aansluiting op de ‘loketten’ van de partners. In 2022 is – naar verwachting – de Omgevingswet van kracht. Onder de Omgevingswet worden minder activiteiten vergunning-plichtig. Het accent ligt derhalve niet op het ‘toetsen’, maar veelal op het ‘adviseren’. Dit leidt tot verschuivingen tussen producten en diensten, niet tot substantiële veranderingen qua hoogte van de begroting. Bouwtaken Voor de gemeentes Arnhem, Lingewaard, Renkum en provincie Gelderland verzorgen wij de meldingen en vergunningverlening die te maken hebben met bouwen. Daarbij geven we ook adviezen op het gebied van constructietechniek, welstandstoets en monumentenzorg. Bij planologische afwijkingen zoeken we afstemming met de partners. Voor de gemeenten Renkum en Lingewaard behandelen we ook de bezwaar- en beroeps procedures. Ons uitgangspunt is dat we de burger en ondernemer professioneel en effectief willen ondersteunen bij de voorbereiding van zijn (bouw)planontwikkeling. In de voorbereiding leveren we advies over de te zetten stappen.
Hierbij zullen wij, mede door de implementatie van de Wet kwaliteitsborging (Wkb), nog nadrukkelijker de samenwerking zoeken met de initiatiefnemers en de kwaliteitsborger. Ons doel is om de aanvraagfase zo kort en soepel mogelijk te laten verlopen. De aanvragen worden vervolgens beoordeeld op juistheid en volledigheid. We zorgen ervoor dat deze aanvragen binnen de wettelijke termijnen afgehandeld zijn, meldingen beoordelen we op juistheid en volledigheid. Vergunningen voor complexe bedrijven worden uitgevoerd door de ODRN. Wij werken samen met ODRN om de vergunningen en toezicht op elkaar af te stemmen. De kosten voor de vergunningen complexe bedrijven belasten wij een op een door aan onze partners.
Programma Vergunningen
Beoogd resultaat
Productie
95-105% van de werkprogramma’s + aanvullende opdrachten gerealiseerd
prod. 4.254 uren 10.515
prod. 4.062 uren 8.102
prod. 4.083 uren 9.337
Tijdigheid
Verlenen vergunningen (Wabo) binnen de wettelijke termijn
86%
90%
90%
Kwaliteit
Medewerkers voldoen aan kwaliteitscriteria
95%
90%
90%
Klanttevredenheid
Klanten zijn (zeer) tevreden over de dienstverlening
85%
80%
80%
Financiёle realisatie
Binnen budget
Ja
Ja
Ja
- kosten (x € 1.000) - baten(x € 1.000)
Realisa e 2020
Saldo € 300 € 4.273 € 4.573
Doel 2022
Ini ёle begro ng 2021
Saldo € 131 € 4.131 € 4.263
Saldo € 117 € 4.450 € 4.567
* In de bijlage zijn ale begrote producten en diensten opgenomen Begroting 2022
Omgevingsdienst Regio Arnhem
018 Binnen het programma vergunningen valt 81% van de producten en 54% van de diensten in het taakveld bouw. Dus 19% respectievelijk 46% in de taakvelden milieu en algemeen. Toezicht en Handhaving: reguliere activiteiten Voor al onze partners voeren we milieutoezicht- en handhaving bij bedrijven uit en behandelen we klachten over bedrijven. Het toezichtprogramma, zoals opgenomen in de werkprogramma’s, is leidend. Naast het toezicht op bedrijven wordt door ons ook toezicht uitgeoefend op bodemactiviteiten. Hier gaat het om toezicht op de uitvoering van bodemsaneringen en het toepassen van grond. Preventief toezicht op (bedrijfsmatige) activiteiten in de leefomgeving verkleint de kans op ongevallen, incidenten of zelfs rampen aanzienlijk. Onze toezichthouder is ook zichtbaar, daarmee ziet de omgeving dat wij verantwoordelijkheid nemen en dat draagt bij aan vertrouwen bij bedrijven en omgeving. Toezicht en handhaving is daarom ook een cruciale schakel in de reguleringsketen.
van onze partners (LHS). We staan voor het zoveel mogelijk bevorderen en realiseren van spontaan naleefgedrag bij bedrijven die onder toezicht staan. Door branche- en gebiedsgericht te werken zorgen we op een zo efficiënt mogelijke wijze voor uniformiteit, maar ook voor meer kwaliteit van toezicht. We zorgen ervoor dat we zorgvuldig informatie registreren. De informatie gebruiken we voor het maken van analyses voor het verder verbeteren van de veiligheid en leefbaarheid van de leefomgeving. We volgen trends en ontwikkelingen, zodat we voldoende geëquipeerd zijn om bedrijven aan te spreken en/of te adviseren. Binnen het programma toezicht en handhaving valt 19% van de producten en 28% van de diensten in het taakveld bouw. Dus 81% respectievelijk 72% in de taakvelden milieu en algemeen. Advies reguliere activiteiten Wij beschikken over bijzondere expertises om partners en andere opdrachtgevers gericht en gedegen te adviseren. Wij leveren adviezen
Onze inzet is erop gericht om het naleefgedrag van bedrijven te verbeteren en overtredingen ongedaan te maken. Veelal door controles op wettelijke voorschriften, maar ook steeds meer door informeren en adviseren. Wij zijn transparant, oplossingsgericht én autonoom. Bij een overtreding volgen we de vastgestelde sanctiestrategie (Landelijke handhavingsstrategie). Ook zullen we resultaten meer delen; het toezicht meer zichtbaar maken zodat daar een preventieve werking van uit kan gaan. Behalve toezicht, leveren we ook juridische producten en diensten: het sluitstuk van de VTH-keten. Het gaat hier om juridische vraagstukken en de juridische component van handhavingsprocedures. Door in gesprek te blijven met de verzoekers (mediation) proberen we de best mogelijke oplossing te bewerkstelligen. Te bereiken resultaten- output en kosten / baten We werken in overeenstemming met de in 2020 vastgestelde risico analyse voor toezicht, zo kunnen we efficiënt en effectief onze middelen inzetten. Daarnaast volgen we de strategie voor handhaving
Toelichting: De doelen van de KPI’s hebben ten opzichte van 2020 en 2021 een kleine aanpassing. Er waren nog geen kwaliteitsdoelen ten tijde van de begroting 2021 en enkele kpi’s zijn vervallen. Productiedoelen De belangrijkste producten in dit programma zijn: • Klachtafhandelingsrapporten - 24% van het aantal producten; • Controle rapporten preventief milieutoezicht - 17% van het totaal; • Controle rapporten Briks - 12% van het totaal; • Bodem gerelateerde producten - 12% van het totaal; • Juridische producten, handhavingsrapporten tot invordering besluiten - 8%; Van alle producten worden 2.940 producten binnen het programma PCH gerealiseerd in 2022. In de realisatie 2020 en begroting 2021 waren deze nog niet meegenomen.
Beoogd resultaat
Productie
95-105% van de werkprogramma’s + aanvullende opdrachten gerealiseerd
prod. 8.999 uren 5.357
prod. 9.773 uren 9.311
prod. 11.396 uren 14.715
Tijdigheid
% van de klachtmeldingen is binnen 2 weken afgehandeld
53%
80%
80%
Kwaliteit
- % medewerkers. voldoen aan VTH - % volledige naleving - % opgegeven overtredingen
95% 72% 91%
90% 60% 85%
90% 60% 85%
Klanttevredenheid
Klanten zijn (zeer) tevreden over de dienstverlening - controles - klachtafhandeling
77% 89% 60%
80% gemiddeld
80% gemiddeld
Financiёle realisatie
Binnen budget
Nee
Nee
Nee Saldo € -272 € 10.029 € 9.757
Realisa e 2020
* Inclusief 2940 producten PCH, die op uurbasis worden afgerekend. NB: Begroting 2022 In de bijlage zijn alle begrote producten en diensten opgenomen
op basis van expertise op het gebied van geluid, trillingen, licht, emissies naar lucht, luchtkwaliteit, externe veiligheid, bodem en integrale omgevingsadvisering. Onze expertise is zowel bij concrete initiatieven, bij vergunningprocedures of handhavingstrajecten, als bij de start van de beleidscyclus van belang voor onze partners. Dat draagt bij aan integrale planvorming. Naast advies op genoemde gebieden, voeren wij als het gaat om lucht, licht, geluid en trillingen, zowel binnen de provincie als daarbuiten, metingen uit en beoordelen wij op verzoek rapporten van derden. Het programma advies valt geheel (100%) binnen het taakveld milieu. Stelseltaken Wij zijn de coördinerende omgevingsdienst als het gaat om de complexe handhaving binnen het Gelders Stelsel. Daarnaast participeren wij in werk- en expertgroepen binnen het Gelders Stelsel op het gebied van ketenhandhaving, ondermijning en BSBm.
Programma Advies
Beoogd resultaat
Productie
90% uren is aangeleverd
Kwaliteit
100% Medewerkers voldoen aan geaccriditeerd kwaliteitscriteria Jaarlijks wordt team meten & advies geaccrediteerd
Financiёle realisatie
Binnen budget - kosten (x € 1.000) - baten(x € 1.000)
Toelichting: Binnen het programma advies is één kpi gedefinieerd, namelijk dat de medewerkers voldoen aan de kwaliteitseisen. Specifiek geldt dat onze medewerkers van de ‘meetdienst’ jaarlijks worden geaccrediteerd. Productiedoelen Binnen het programma advies worden geen producten geleverd. De begroting van de diensten is substantieel hoger dan in 2020; oorzaak zijn de uren voor de programma’s PCH en PAB. De belangrijkste diensten bestaan uit: • Meetadviesrapport - 43% van de uren; • Adviesrapport milieu-activiteit - 41% van de uren.
Realisa e 2020 uren 15.813
Nee
Saldo € 227 € 1.228 € 1.455
Ini ёle begro ng 2021
Doel 2022
uren 19.616
uren 18.718
90% Accreditatie
90% Accreditatie
Nee
Nee
Saldo € 16 € 1.753 € 1.769
Saldo - € 22 € 1.787 € 1.764
De belangrijkste diensten in het programma zijn: • Controle Briks bestaande bouw - 28% van het aantal uren; • Bezwaren en beroepen behandelen - 30% van het aantal uren; • Inzet toezichthouders (PCH) - 18% van het aantal uren; • Strafrecht complex - 9% van het aantal uren.
Programma Toezicht &
- kosten (x € 1.000) - baten (x € 1.000)
019
Saldo € 956 € 6.888 € 7.844
Doel 2022
Ini ёle begro ng 2021
Saldo € 0 € 8.313 € 4.263
Programma Stelseltaken
Beoogd resultaat
Productie
Programma PCH Programma PCH Coordinatie PCH Overig stelseltaken
prod. 2.833 uren 32.995
Kwaliteit
Programma PCH of criteria in programmaplan
Doelen gehaald
Financiёle realisatie
Binnen budget
Nee Saldo- € 1.001 € 4.133 € 3.132
- kosten (x € 1.000) - baten(x € 1.000)
Realisae 2020
uren 61
Iniёle begrong 2021
Doel 2022
De regulieren diensten PCH zijn ondergebracht in de reguliere programma’s
PCH is ondergebracht in de reguliere programma’s (t&h en advies)
uren 4.100 688
uren 3.300 597
Ja
Ja Saldo - € 109 € 289 € 179
Saldo - € 41 € 363 € 322
Toelichting: De cijfers van 2020, Begroting 2021 en Begroting 2022 zijn niet geheel vergelijkbaar. In 2020 is de gehele realisatie van het programma opgenomen onder stelseltaken, dit is gedaan omdat ook de aanvullende begroting hierover in dat programma was opgenomen (zie jaarrekening ODRA 2020). Voor 2022 passen we de reguliere begrotingssystematiek toe. De coördinatie valt onder stelseltaken, de reguliere activiteiten onder de betreffende programma’s. De overige stelseltaken betreffen de uren voor de (door)ontwikkeling van DAT (diepgaand administratief toezicht) en LMA (landelijk meldpunt afval).
Omgevingsdienst Regio Arnhem
020 Algemeen en projecten
021 TOELICHTING OP BEGROTING EN BALANS
De in dit programma opgenomen projecten zijn toegelicht in paragraaf 2.2. De belangrijkste zijn: Energie, Circulaire economie, Ondermijning, Omgevingswet.
In dit hoofdstuk belichten we de Begroting
Programma begroting
2022 vanuit een aantal invalshoeken. Achter-
De in hoofdstuk 2 en 3 vermelde uitgangspunten en ontwikkelingen en beoogde productieresultaten hebben we op basis van de uitgangspunten van output financiering vertaald in onderstaande tabellen. Ook geven we de taakvelden weer en maken we een vergelijking met de realisatie 2020 en initiële Begroting 2021.
Programma Projecten
Beoogd resultaat
Productie
90% van het aantal begrote producten én 90% uren is geleverd
prod. 0 uren 5.503
prod. 70 uren 14.993
prod. 146 uren 26.176
eenvolgens is dat de invalshoek programma
Kwaliteit
Medewerkers voldoen aan kwaliteitscriteria
90%
90%
90%
begroting, waarin we de opbrengsten per
Financiёle realisatie
Binnen budget - kosten (x € 1.000) - baten(x € 1.000)
Realisae 2020
Nee Saldo - € 312 € 2.465 € 2.153
Iniёle begrong 2021
Nee Saldo - € 38 € 3.860 € 3.823
Doel 2022
Nee Saldo € 218 € 3.956 € 4.174
programma en project weergegeven in relatie tot de realisatie 2019 en de Begroting 2020.
Drie taakvelden Wij hanteren in de begroting drie taakvelden: bouw en milieu en algemeen. Het taakveld algemeen betreft producten en diensten die voor beide taakvelden gelden, zoals de juridische diensten (handhaving) en projectleiding. De bekostiging van de programma’s vindt plaats door de partners en overige klanten.
Het betreft een totaaloverzicht van de in Toelichting: Binnen dit programma is één kpi gedefinieerd, nl. medewerkers voldoen aan de kwaliteitseisen. We hebben 146 producten begroot, bestaande uit vuurwerk – en EPRTR rapporten. De belangrijkste diensten in dit programma zijn: • Programma- en Projectleiding - 44% van de begrote uren; • Project-ondersteuning - 17% van de begrote uren; • Kennisontwikkeling in programma aandachtsbedrijven; • Beleidsondersteuning - 9% van de begrote uren. Het programma projecten valt geheel (100%) binnen het taakveld milieu en algemeen.