Adviesnota raad Kadernota 2026
Tekst van het document
Adviesnota raad – openbaar Onderwerp
Adviesnota raad kadernota 2026
Zaakdossier
Z/25/057822 - D/25/180954
Portefeuillehouder
Wethouder B. van Veldhuizen
Raadsprogramma
4. Bestuur en organisatie
Datum collegebesluit
27 mei 2025
Afdeling
Staf
Functie
Controller/bedrijfskundig medewerker
Voorstel Inhoudelijk beslispunt De kadernota 2026 vaststellen conform bijgaand concept. Financieel beslispunt
Procedureel beslispunt
Juridische grondslag Artikel 4 van de financiële verordening
Pagina 1 van 4
Inleiding Op grond van artikel 4 van de financiële verordening dient het college jaarlijks voor 15 juni een kadernota aan te bieden aan de gemeenteraad met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. Nu ligt de kadernota 2026 voor. In deze kadernota is o.a. een uiteenzetting opgenomen van: - De in de komende begroting 2026-2029 op te nemen begrotingsvoorstellen; - Het actuele financiële perspectief; - De actuele stand van de algemene reserve; - De te hanteren algemene technische uitgangspunten voor de begroting 2026-2029. Doel / meetbaar effect De kadernota ondersteunt de kaderstellende rol van de gemeenteraad. In casu gaat het om de kaders voor de komende begroting 2026-2029. Deze kaders zijn leidend voor het college bij de opstelling van de conceptbegroting 2026-2029. Argumenten 1.1 Met de aanbieding van de kadernota 2026 wordt voldaan aan de desbetreffende verplichting uit de financiële verordening. Het gaat hier zoals in de inleiding is vermeld om artikel 4 van de financiële verordening waarin is bepaald dat het college jaarlijks voor 15 juni een kadernota dient aan te bieden aan de gemeenteraad met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming.
Kanttekeningen 1.1 In de kadernota zijn geen middelen opgevoerd voor nieuw beleid. Het huidige college rond mede gelet op de aanstaande verkiezingen haar lopende werkzaamheden af en doet nu uitsluitend begrotingsvoorstellen met een onvermijdelijk en onuitstelbaar karakter om zo ook weg vrij te maken voor het in 2026 “nieuw” te vormen college. 1.2 De effecten van de meicirculaire gemeentefonds zijn niet verwerkt. De meicirculaire verschijnt net te laat om meegenomen te kunnen worden in de kadernota. Wel is voorshands al rekening gehouden met de effecten van de voorjaarsnota 2025 van het kabinet (zie begrotingsvoorstellen). Uiteraard worden de (aanvullende) financiële effecten van de mei circulaire 2025 conform de algemene technische uitgangspunten wel in de komende begroting 2026-2029 verwerkt. Indien blijkt dat de effecten van de mei circulaire van significante betekenis zijn voor ons financieel perspectief 2026-2029, zoals uiteengezet in deze kadernota, zullen we u daarover tijdig informeren.
Pagina 2 van 4
Financiën De jaarschijven 2026 en 2027 van de kadernota 2026 zijn op basis van de huidige inzichten structureel sluitend. De jaarschijven 2028 en 2029 laten tekorten zien:
In principe is dit perspectief voldoende voor repressief toezicht, maar dan moeten de bezuinigingsmaatregelen, waartoe bij de begroting 2025 is besloten wel conform en tijdig worden gerealiseerd! Het college van GS heeft bij de beoordeling van de begroting 2025 een drietal vanaf 2026 ingeboekte bezuinigingen vooralsnog als niet reëel beoordeeld, omdat toen nog niet voldoende aannemelijk werd gemaakt dat er voldoende zekerheid bestaat dat de maatregelen tijdig en volledig gerealiseerd zullen worden. Het gaat om: •
Sluiten / beperken subsidie sporthal Beumerskamp / zwembad
•
Afstoten stadhuis
•
Schrappen 0,5 Fte wethouders volgende zittingsperiode
Als deze bezuinigingsmaatregelen in het structurele financiële perspectief buiten beschouwing worden gelaten dan is het structurele resultaat negatief en dus onvoldoende om in aanmerking te komen voor repressief toezicht:
Pagina 3 van 4
De ontwikkeling van de algemene reserve en het weerstandsvermogen is met inbegrip van de effecten van de in de kadernota 2026 opgenomen begrotingsvoorstellen als volgt:
De stand van de algemene reserve is in relatie tot de omvang van de risico's ook in meerjarenperspectief toereikend. Uit de bovenstaande tabel blijkt dat de ratio van het weerstandsvermogen op basis van het huidige financiële perspectief zich tussen de 2,6 en 2,9 begeeft. Een weerstandsvermogen met een ratio van minimaal 2,0 wordt in zijn algemeenheid als voldoende beschouwd.
Uitvoering Planning n.v.t. Communicatie De kadernota 2026 wordt gepubliceerd in ons P&C portaal. Evaluatie n.v.t. Bijlage(n) Kadernota 2026.
Pagina 4 van 4