Verordening commissie Bezwaarschriften (raadsvoorstel-concept raadsbesluit).pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer: Datum vergadering: Datum voorstel: Nummer: Onderwerp:
290044 30 november 2021 12 oktober 2021 A Verordening behandeling bezwaarschriften 2021
Voorgesteld raadsbesluit 1. Vast te stellen de Verordening behandeling bezwaarschriften 2021. 2. In te trekken de (vorige) Verordening behandeling bezwaarschriften. Samenvatting van het voorstel De huidige Verordening behandeling bezwaarschriften dient te worden aangepast. Dit in verband met reeds gemaakte interne (werk)afspraken en afspraken die met de leden van de bezwaarschriftencommissie zijn gemaakt wat betreft de (her)benoeming van commissieleden en verslaglegging van de hoorzitting. Tevens is het wenselijk om bij deze aanpassing de verordening te actualiseren. Dit op basis van de modelverordening van de VNG. Aanleiding voor het voorstel De huidige Verordening behandeling bezwaarschriften dient te worden aangepast. Dit in verband met reeds gemaakte interne (werk)afspraken en afspraken die met de leden van de bezwaarschriftencommissie (hierna: de commissie) zijn gemaakt wat betreft de (her)benoeming van commissieleden en verslaglegging van de hoorzitting. Beoogd resultaat van het voorstel De verordening in lijn maken met de huidige werkzaamheden en toekomstbestendig maken. Argumentatie De Verordening behandeling bezwaarschriften wordt op een aantal punten aangepast. Hieronder de belangrijkste aanpassingen. Artikel 5: Zittingsduur Op basis van de huidige verordening worden leden van de commissie (inclusief de voorzitters) voor een termijn van vier jaar benoemd.
Tevens zijn zij herbenoembaar. Ook een herbenoeming is voor een termijn van vier jaar. De verordening bevat geen beperkingen ten aanzien van het aantal herbenoemingen. De huidige leden van de commissie zijn allen in 2018 door het bestuur van Noaberkracht tot 15 juli 2022 herbenoemd. Bij deze herbenoeming is door het bestuur aangegeven dat het bestuur graag wil werken met een schema van aftreden. Dit is ook besproken met de leden van de commissie. Zij zijn gezamenlijk gekomen tot een benoemingsduur van vier jaar met een daaropvolgende herbenoemingsperiode van vier jaar. Op het moment van (her)benoeming stopt dan de helft van het aantal leden. Er wordt bij de herbenoeming in 2022 eenmalig een uitzondering hierop gemaakt. Anders zou in 2022 namelijk de gehele commissie moeten worden vervangen. Dit is geen wenselijke situatie in verband met de continuïteit van de commissie. Bovenstaande werkwijze is ook als zodanig in de nieuwe verordening opgenomen. In het najaar van 2021 zal in overleg met de huidige leden worden bepaald wie nog één keer voor een termijn van vier jaar wordt herbenoemd. Artikel 6: Aanvang van de procedure Als een bezwaarschrift wordt ingediend, wordt in het kader van de "andere aanpak" gekeken of de kwestie kan worden opgelost zonder tussenkomst van de commissie. In de verordening is dit aangegeven als schikken in de minne.
In de huidige verordening is aangegeven dat dit een taak van de commissie is. Dit is echter niet (meer) het geval. De inzet van de "andere aanpak" wordt namelijk niet door de commissie gedaan, maar door het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen waartegen bezwaar is ingediend. In de nieuwe verordening is dit aangepast. Artikel 8: Vooronderzoek De huidige verordening bevat niet expliciet de mogelijkheid dat de commissie bij een deskundige advies
en/of inlichtingen kan inwinnen en dat een deskundige voor een hoorzitting kan worden uitgenodigd. Voor de commissie is het wenselijk om deze mogelijkheid in de verordening op te nemen voor zaken waarbij specifieke expertise wenselijk kan zijn. Hierbij moet met name gedacht worden aan bezwaarzaken op het gebied van de Jeugdwet, waarbij een minderjarige afzonderlijk kan worden gehoord door een expert op het gebied van het horen van minderjarigen. Artikel 15: Verslaglegging In artikel 7:7 van de Algemene wet bestuursrecht is bepaald dat van het horen bij de commissie een verslag moet worden gemaakt. Uit de totstandkoming van deze bepaling blijkt dat hiermee een schriftelijk verslag wordt bedoeld. Er zijn een aantal rechterlijke uitspraken waarin (de plicht van) het maken van een schriftelijk verslag aan de orde is gekomen. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in een uitspraak van 27 maart 2019 dat het ontbreken van een verslag van de hoorzitting bij de commissie met artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht kan worden gepasseerd. Dit op voorwaarde dat belanghebbenden hierdoor niet zijn benadeeld. Hierbij is het van belang dat uit het advies van de commissie kan worden afgeleid wat de standpunten van partijen tijdens de hoorzitting zijn geweest en dat van de hoorzitting een digitaal audioverslag is gemaakt.
Gelet hierop is er ruimte voor andere vormen van verslaglegging in plaats van het schriftelijke verslag waar de huidige verordening in voorziet. Van het opstellen van een schriftelijk verslag van de hoorzitting door de secretaris van de commissie is in november 2019 afgestapt. De reden hiervoor is het (weer) onderbrengen van de advisering over bezwaarschriften Participatiewet bij de commissie Dinkelland en Tubbergen met ingang van september 2019. Deze taak was voorheen ondergebracht bij Almelo. Deze nieuwe taak betekende een uitbreiding van de werkzaamheden voor het secretariaat van de commissie zonder een uitbreiding van het aantal fte. Mede in verband hiermee is er daarom voor gekozen om vanaf november 2019 bij alle kamers van de commissie (Variakamer Dinkelland, Variakamer Tubbergen en Zorgkamer Dinkelland Tubbergen) de hoorzitting op te nemen. Hiermee is het schriftelijk uitwerken van een verslag van de hoorzitting komen te vervallen, tenzij hierom specifiek wordt verzocht. De werkwijze die vanaf november 2019 wordt gehanteerd, is in de nieuwe verordening opgenomen. Externe communicatie De voorzitters van de drie kamers van de commissie zijn meegenomen in de aanpassingen. Financiele paragraaf Er zijn geen financiële consequenties.
Uitvoering Alle bestuursorganen van de gemeente Dinkelland (de raad, de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders) die besluiten nemen waartegen bezwaar kan worden ingediend, dienen de nieuwe verordening vast te stellen. Als al deze bestuursorganen de nieuwe verordening hebben vastgesteld, wordt deze bekend gemaakt in het digitale Gemeenteblad. Tevens zal deze op www.overheid.nl worden gepubliceerd. Evaluatie In het geval het wenselijk is de verordening aan te passen, zal dit ter besluitvorming aan alle bestuursorganen van de gemeente Dinkelland worden voorgelegd. Dit kan zijn bij gewijzigde (interne) afspraken en/of bij gewijzigde wet- en regelgeving. Harmonisatie Dinkelland-Tubbergen De gemeente Dinkelland en Tubbergen kennen een gezamenlijke bezwaarschriftencommissie met drie kamers (Variakamer Dinkelland, Variakamer Tubbergen, Zorgkamer Dinkelland Tubbergen). Het bestuur van Noaberkracht benoemt de leden van de commissie. De leden van een kamer zijn tevens plaatsvervangend lid van de overige kamers. In de gemeenten Dinkelland en Tubbergen worden jaarlijks veel besluiten genomen. Tegen de meeste van deze besluiten kan bezwaar worden ingesteld bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen. Het gaat om de volgende bestuursorganen: de raad, de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders.
Ook het bestuur van Noaberkracht kan besluiten nemen waartegen bezwaar kan worden ingediend. Gelet hierop dienen al deze bestuursorganen van Dinkelland, Tubbergen en Noaberkracht afzonderlijk de Verordening behandeling bezwaarschriften 2021 vast te stellen en de oude verordening in te trekken. Besluitvorming hieromtrent is bij beide gemeenten respectievelijk het bestuur van Noaberkracht inmiddels in gang gezet.
Burgemeester en wethouders van Dinkelland, de secretaris
de burgemeester
E.M. Grobben
J.G.J. Joosten
Raadsbesluit Datum: Nummer: Onderwerp:
30 november 2021 B Verordening behandeling bezwaarschriften 2021
De raad van de gemeente Dinkelland, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 5 oktober 2021, nr. A; gelet op het advies van de commissie Sociaal Domein en Bestuur van 23 november 2021; gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht besluit 1. Vast te stellen de Verordening behandeling bezwaarschriften 2021. 2. In te trekken de (vorige) Verordening behandeling bezwaarschriften. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 30 november 2021
De raadsgriffier,
De voorzitter,