r_Bijlage 5 Ontwerp-wijzigingsbesluit 2018.pdf
Tekst van het document
De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 87 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-144; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Boschhuizerbergen als Natura 2000-gebied is in artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype toegevoegd: H91D0 *Veenbossen 2. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 88 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-145; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Maasduinen als Natura 2000-gebied zijn in artikel 1, tweede lid, de volgende habitattypen toegevoegd: H6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) H9190 Oude zuurminnende eikenbossen op zandvlakten met Quercus robur H91F0 Gemengde oeverformaties met Quercus robur, Ulmus laevis en Ulmus minor, Fraxinus excelsior of Fraxinus angustifolia langs de grote rivieren (Ulmenion minoris) 2.
In het in het eerste lid bedoelde besluit zijn in artikel 1, derde lid, de volgende soorten toegevoegd: H1042 Gevlekte witsnuitlibel (Leucorrhinia pectoralis) H1149 Kleine modderkruiper (Cobitis taenia) H1163 Rivierdonderpad (Cottus gobio) H1166 Kamsalamander (Triturus cristatus) 18
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
3.
De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze.
Artikel 89 1. In het besluit van 25 april 2013 (PDN/2013-147; Stcrt. 2013, 12211) tot aanwijzing van Leudal als Natura 2000-gebied zijn in artikel 1, tweede lid, de volgende habitattypen toegevoegd: H6410 Grasland met Molinia op kalkhoudende, venige, of lemige kleibodem (Molinion caeruleae) H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) H9190 Oude zuurminnende eikenbossen op zandvlakten met Quercus robur 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit zijn in artikel 1, derde lid, de volgende soorten toegevoegd: H1134 Bittervoorn (Rhodeus amarus) H1149 Kleine modderkruiper (Cobitis taenia) H1163 Rivierdonderpad (Cottus gobio) 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 90 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-148; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Swalmdal als Natura 2000-gebied zijn in artikel 1, tweede lid, de volgende habitattypen toegevoegd: H6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) 2.
In het in het eerste lid bedoelde besluit is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1037 Gaffellibel (Ophiogomphus cecilia) 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 91 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-149; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Meinweg als Natura 2000-gebied is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1037 Gaffellibel (Ophiogomphus cecilia) 2. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 92 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-150; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Roerdal als Natura 2000-gebied is in artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype toegevoegd: H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1145 Grote modderkruiper (Misgurnus fossilis) 3.
In het in het eerste lid bedoelde besluit is de instandhoudingsdoelstelling van het volgende habitattype gewijzigd: H91E0 *Bossen op alluviale grond met Alnus glutinosa en Fraxinus excelsior (Alno-Padion, Alnion incanae, Salicion albae) 4. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 93 1. In het besluit van 4 juli 2013 (PDN/2013-152; Stcrt. 2013, 19978) tot aanwijzing van Grensmaas als Natura 2000-gebied is de instandhoudingsdoelstelling van de volgende habitattypen gewijzigd: H6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones 19
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
H91E0
2.
*Bossen op alluviale grond met Alnus glutinosa en Fraxinus excelsior (Alno-Padion, Alnion incanae, Salicion albae) De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze.
Artikel 94 1. In het besluit van 23 mei 2013 (PDN/2013-153; Stcrt. 2013, 14643) tot aanwijzing van Bunder- en Elslooërbos als Natura 2000-gebied zijn in artikel 1, tweede lid, de volgende habitattypen toegevoegd: H6510 Laaggelegen schraal hooiland (Alopecurus pratensis, Sanguisorba officinalis) H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1337 Bever (Castor fiber) 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 95 1. In het besluit van 4 juli 2013 (PDN/2013-154; Stcrt. 2013, 19978) tot aanwijzing van Geleenbeekdal als Natura 2000-gebied is in artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype toegevoegd: H6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones 2. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 96 1. In het besluit van 4 juli 2013 (PDN/2013-155; Stcrt.
2013, 19978) tot aanwijzing van Brunssummerheide als Natura 2000-gebied is in artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype toegevoegd: H9120 Atlantische zuurminnende beukenbossen met Ilex en soms ook Taxus in de ondergroei (Quercion robori-petraeae of Ilici-Fagenion) 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit is uit artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype verwijderd: H2330 Open grasland met Corynephorus- en Agrostis-soorten op landduinen 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 97 1. In het besluit van 4 juli 2013 (PDN/2013-156; Stcrt. 2013, 19978) tot aanwijzing van Bemelerberg & Schiepersberg als Natura 2000-gebied is uit artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype verwijderd: H6510 Laaggelegen schraal hooiland (Alopecurus pratensis, Sanguisorba officinalis) 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1078 *Spaanse vlag (Euplagia quadripunctaria) 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 98 1. In het besluit van 22 juni 2015 (PDN/2015-157; Stcrt.
2015, 0714) tot aanwijzing van Geuldal als Natura 2000-gebied is in artikel 1, tweede lid, het volgende habitattype toegevoegd: H4030 Droge Europese heide 2. In het in het eerste lid bedoelde besluit is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1337 Bever (Castor fiber) 3. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze.
20
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Artikel 99 1. In het besluit van 25 april 2013 (PDN/2013-158; Stcrt. 2013, 12211) tot aanwijzing van Kunderberg als Natura 2000-gebied zijn in artikel 1, tweede lid, de volgende habitattypen toegevoegd: H6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones H7220 * Kalktufbronnen met tufsteenformatie (Cratoneurion) 2. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 100 1. In het besluit van 4 juli 2013 (PDN/2013-159; Stcrt. 2013, 19978) tot aanwijzing van Sint Pietersberg & Jekerdal als Natura 2000-gebied is in artikel 1, derde lid, de volgende soort toegevoegd: H1337 Bever (Castor fiber) 2. De nota van toelichting die onderdeel uitmaakt van het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit wordt gewijzigd op de in de nota van toelichting behorende bij dit besluit aangegeven wijze. Artikel 101 1. De bekendmaking van dit besluit geschiedt in de Staatscourant. 2. Dit wijzigingsbesluit treedt in werking op de dag na de bekendmaking in de Staatscourant.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, w.g. Carola Schouten d.d. 23 februari 2018
Dit ontwerpbesluit en de daarbij behorende Nota van toelichting worden gedurende zes weken ter inzage gelegd. De exacte periode en locatie worden vermeld in de bekendmaking, die onder andere wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Het ontwerpbesluit kan digitaal worden ingezien via de website www.rijksoverheid.nl/natura2000. Een belanghebbende kan binnen zes weken tijdens de terinzagelegging van dit ontwerpbesluit een zienswijze naar voren brengen. Een zienswijze kunt u indienen bij het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, zoals aangegeven in de bekendmaking. Een digitale zienswijze kunt u indienen via internet. Bezoek hiervoor de website www.rijksoverheid.nl/natura2000. Beroep tegen het definitieve aanwijzingsbesluit kan alleen worden ingesteld door een belanghebbende die een zienswijze naar voren heeft gebracht. 21
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Nota van toelichting behorende bij het Wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden vanwege aanwezige waarden (DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging))
INLEIDING Aanleiding voor en doel van het wijzigingsbesluit Vanaf 2008 zijn in Nederland aanwijzingsbesluiten gepubliceerd voor Habitatrichtlijngebieden. Nu dat proces nagenoeg is afgerond, is het belangrijk om na te gaan of er in de gebieden habitattypen en soorten voorkomen die niet zijn opgenomen in de aanwijzingsbesluiten. Uit de bepalingen van de Habitatrichtlijn volgt namelijk dat die waarden (in beginsel) in aanmerking komen om te worden beschermd. Uit de uitleg die de Europese Commissie heeft gegeven4 en uit vaste jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State5 blijkt dat álle habitattypen en soorten die in meer dan verwaarloosbare mate voorkomen, moeten worden aangewezen. Dit ongeacht wat in het Standaardgegevensformulier is vermeld, ongeacht of de waarde er al was bij plaatsing op de Lijst van gebieden van communautair belang6, ongeacht of het een prioritaire waarde is en ongeacht de bijdrage van een gebied aan de landelijke doelen. In 2015 is, naar aanleiding van een analyse ten aanzien van habitattypen die niet in de Habitatrichtlijngebieden aanwezig bleken te zijn, reeds een wijzigingsbesluit voor meerdere gebieden gepubliceerd7, waarbij niet alleen de afwezige waarden werden verwijderd, maar waarbij tegelijk alle (meer dan verwaarloosbaar) aanwezige, maar nog niet aangewezen habitattypen werden toegevoegd.
Dit wijzigingsbesluit 'Aanwezige waarden' is hierop een vervolg, waarbij de aanleiding dit keer dus juist de aanwezigheid is, maar waarbij ook waarden verwijderd worden die afwezig blijken te zijn. Voor dit wijzigingsbesluit zijn alle (definitief gepubliceerde8) aanwijzingsbesluiten in ogenschouw genomen. Bij 99 gebieden bleek sprake te zijn van ten onrechte nog niet aangewezen habitattypen en/of soorten. Die habitattypen en soorten zijn in beginsel integraal door middel van dit wijzigingsbesluit aan de aanwijzingsbesluiten toegevoegd. Er zijn enkele uitzonderingen: − habitattypen of soorten die pas ná publicatie van het aanwijzingsbesluit in het gebied zijn ontstaan, c.q. gevestigd; − habitattypen of soorten die alleen voorkomen in grensgebieden met andere Habitatrichtlijngebieden waar er reeds een instandhoudingsdoelstelling voor bestaat en waar een onderlinge grenswijziging in de rede ligt. De eerste uitzondering vindt zijn oorzaak in de bedoeling van dit wijzigingsbesluit, namelijk in het corrigeren van wat kennelijk niet goed is gegaan bij het publiceren van het aanwijzingsbesluit. De bedoeling van dit wijzigingsbesluit is niet het actualiseren van het aanwijzingsbesluit. In het kader van de voorgenomen evaluatie van Natura 2000 zal worden bezien in hoeverre het noodzakelijk is om de aanwijzingsbesluiten op dit punt te actualiseren.
Voor het beoordelen van de noodzaak tot corrigeren is dus de peildatum van groot belang (zie ook hierna de paragraaf Peildatum). De tweede uitzondering heeft te maken met een voorgenomen wijzigingsbesluit ten aanzien van grenswijzigingen bij Natura 2000-gebieden in de kustregio. Daarbij zal onder andere worden bezien of er een beter werkbare begrenzing kan worden ontworpen bij aangrenzende gebieden, zodat bijvoorbeeld duinhabitats bij gebieden getrokken worden die door duinen worden gekenmerkt. Daar waar dat voorzien wordt, is ervan afgezien om habitattypen of soorten toe te voegen aan gebieden waarvan nu al duidelijk is dat ze de betreffende waarden ná de grenswijziging niet meer zullen bevatten9. Het verwijderen van afwezige waarden is aan strikte randvoorwaarden gebonden, namelijk dat het habitattype of de soort niet alleen ten tijde van het publiceren van het besluit afwezig was, maar ook reeds 4
Zie onder andere: Tweede Kamer, vergaderjaar 2015-2016, 32 670, nr 105. Zie onder andere de uitspraken over Wooldse Veen (201305337/1/R2; 12 maart 2014), Korenburgerveen (201305336/1/R2; 17 september 2014) en Bergvennen & Brecklenkampse Veld (201306279/2/R2; 1 april 2015). 6 Voor de meeste gebieden is dat 2003. 7 'Afwezige waarden', 28 mei 2015, PDN/2015-004. 8 Een noodzakelijke wijziging ten opzichte van het ontwerp-besluit Krammer-Volkerak zal worden meegenomen bij het vaststellen van het definitieve besluit voor dat gebied. 9 Dit betreft: H1110B en H1140B in Waddenzee (001), H1110A, H1140A, H2120, H2160 en H2170 in Noordzeekustzone (007), H2160 in Haringvliet (109) en H2130A, H2160 en H2190B in Voordelta (113). 5
22
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
bij het plaatsen op de Lijst van gebieden van communautair belang. Vanaf die plaatsing is namelijk het verslechteringsverbod (artikel 6, lid 2, HR) ingegaan. Het verdwijnen tussen (meestal) 2003 en de peildatum van de besluiten (2008-2017) kan vanwege dit verbod in beginsel geen reden zijn om een waarde te verwijderen uit een aanwijzingsbesluit. Voor zowel de toevoegingen als de verwijderingen is de best beschikbare kennis gebruikt. Dit is verantwoord in de laatste paragraaf van dit inleidende hoofdstuk. De reikwijdte van dit wijzigingsbesluit is, ten slotte, nog als volgt beperkt: − Het wijzigingsbesluit heeft geen betrekking op vogels. De systematiek ten aanzien van het beschermen van vogelsoorten (conform de Vogelrichtlijn) is wezenlijk anders dan die van habitattypen en habitatsoorten. Het eventueel aanpassen van aanwijzingsbesluiten voor Vogelrichtlijngebieden kan aan de orde komen in het kader van de voorgenomen evaluatie van Natura 2000. − Het wijzigen van grenzen maakt evenmin deel uit van dit wijzigingsbesluit. Leeswijzer De artikelen 1 tot en met 100 van dit wijzigingsbesluit regelen de wijzigingen ten opzichte van de besluiten tot aanwijzing van de erin vermelde Natura 2000-gebieden. Verwezen wordt naar deze nota van toelichting voor een nadere uitwerking. Artikel 101 regelt de bekendmaking en de inwerkingtreding van dit besluit.
Na deze inleidende paragrafen van de Nota van toelichting wordt verder per gewijzigd aanwijzingsbesluit vermeld welke teksten uit die aanwijzingsbesluiten worden gewijzigd. Dit betreft achtereenvolgens: wijziging van de in het gebied aanwezige waarden (paragraaf 4.3), wijziging van de waarden waarvoor het gebied aan de selectiecriteria voldoet (paragraaf 4.4, indien relevant), wijziging van de beschrijving van de verspreiding van habitattypen en soorten in het Habitatrichtlijngebied (paragraaf 4.4), verwijdering en toevoeging van instandhoudingsdoelstellingen voor de verwijderde en toegevoegde waarden (paragraaf 5.3 en 5.4), onderbouwing voor de verwijderde en toegevoegde waarden (bijlage B.1), toepassing van de selectiecriteria voor Habitatrichtlijngebieden en toelichting op de toewijzing van de instandhoudingsdoelstellingen (bijlage B) en wijziging in de beantwoording van eerdere zienswijzen (Bijlage C, indien relevant). Samenvatting In onderstaande tabel worden alle wijzigingen samengevat, zowel de wijzigingen op het niveau van habitattypen en soorten als op het niveau van subtypen die via wijziging van een instandhoudingsdoelstelling zijn opgenomen. Overzicht van de aangebrachte wijzigingen in instandhoudingsdoelstellingen (aangeduid als “doelen”). Natura 2000-gebied 001
Waddenzee
002
Duinen en Lage Land Texel
003 004 005
Duinen Vlieland Duinen Terschelling Duinen Ameland
007 009 010 013
Noordzeekustzone Groote Wielen Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving Alde Feanen
015 016 017
Van Oordt’s Mersken Wijnjeterper Schar Bakkeveense Duinen
018
Rottige Meenthe & Brandemeer
Aard van de wijziging(en) Toevoeging van doelen voor het habitattype H2170 en voor de soorten H1340, H1351 en H1903 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H1320, H6230 en H6430 (subtypen A, B en C) en voor de soort H1364 Toevoeging van doelen voor het habitattype H2110 en voor de soort H1364 Toevoeging van een doel voor de soort H1364 Toevoeging van doelen voor het habitattype H1330 (subtype A) en voor de soort H1364 Toevoeging van een doel voor de soort H1903 Toevoeging van doelen voor de soorten H1149 en H1163 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H7140 (subtype B) en H91D0, en voor de soorten H1149 en H1163 Toevoeging van doelen voor het habitattype H6430 (subtypen A en B), voor het habitatsubtype H7140A (door wijziging van het doel voor habitattype H7140) en voor de soort H1042 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130 en H9190 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2320, H3130 en H3160 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130, H4030, H6230, H7110 (subtype B) en H7150 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6230 en H6430 (subtype A)
23
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
021 022 023 024
Lieftinghsbroek Norgerholt Fochteloërveen Witterveld
025 028
Drentsche Aa-gebied Elperstroomgebied
029 032 034
Holtingerveld Mantingerzand Weerribben
035
De Wieden
036
Uiterwaarden Zwarte water en Vecht
037
Olde Maten & Veerslootslanden
038/ 066068 039
Rijntakken
042 044 045
Sallandse Heuvelrug Borkeld Springendal & Dal van de Mosbeek
047 048 049
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek Lemselermaten Dinkelland
050 051 053
Landgoederen Oldenzaal Lonnekermeer Buurserzand & Haaksbergerveen
054
Witte Veen
057 058
Veluwe Landgoederen Brummen
060 061 062 065 069
Stelkampsveld Korenburgerveen Willinks Weust Binnenveld De Bruuk
070
Lingegebied & Diefdijk-Zuid
071
Loevestein, Pompveld & Kornsche boezem
072 073 074
IJsselmeer Markermeer & IJmeer Zwarte Meer
076
Veluwerandmeren
Vecht- en Beneden-Reggegebied
Verwijdering van het doel voor habitattype H91D0 Toevoeging van een doel voor het habitattype H91D0 Toevoeging van een doel voor de soort H1042 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2320, H3160 en H6230 Verwijdering van het habitatsubtype H7110B (door wijziging van het doel voor habitattype H7110) Toevoeging van doelen voor de soorten H1042 en H1337 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3160, H7110 (subtype B) en H91E0 (subtype C) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130, H5130 en H9120 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130 en H91D0 Toevoeging van een doel voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) Toevoeging van een doel voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430), voor het habitattype H91E0 (subtypen A, B en C) en voor de soorten H1145 en H1163 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6230 en H6430 (subtype A) Verwijdering van het doel voor habitattype H3150 Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430), voor het habitattype H9120 en voor het habitatsubtype H91E0C (door wijziging van het doel voor habitattype H91E0) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2320, H3130, H3150, H3260 (subtype B) en
H91F0 Toevoeging van een doel voor het habitattype H7150 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2330 en H9190 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H9160 (subtype A), H9190 en H91D0 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H4010 (subtype A), H4030, H7150 en H9120 Toevoeging van een doel voor het habitattype H4030 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2310, H2330, H3160, H3260 (subtype A), H5130, H7140 (subtype A), H7230, H9120, H9160 (subtype A), H9190 en H91D0, voor de habitatsubtypen H91E0A en -B (door wijziging van het doel voor habitattype H91E0) en voor de soorten H1096 en H1134 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H4010 (subtype A) en H4030 Toevoeging van een doel voor het habitattype H9190 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2330, H3160, H6230, H6410, H7150 en H9190, en voor de soort H1042 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H5130, H6410, H7120, H7150 en H91E0 (subtype C) Toevoeging van een doel voor het habitattype H91D0 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3160 en H3260 (subtype A) Verwijdering van het doel voor de soort H1831 Toevoeging van doelen voor het habitattype H9120 en voor de soort H1166 Toevoeging van een doel voor de soort H1042 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H4030 en H91E0 (subtype C) Toevoeging van een doel voor de soort H1145 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6230, H6430 (subtype A),
H7140 (subtype A), H7230 en H91E0 (subtype C) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3150 en H6510 (subtypen A en B) en voor de soort H1337 Toevoeging van doelen voor het habitattype H6430 (subtype A), voor het habitatsubtype H91E0C (door wijziging van het doel voor habitattype H91E0) en voor de soort H1337 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H1330 (subtype B) en H3140 Toevoeging van doelen voor het habitattype H3150 en voor de soort H1149 Toevoeging van doelen voor het habitattype H3140, voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) en voor de soort H1134 Verwijdering van het habitatsubtype H6430A (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) Toevoeging van een doel voor het habitattype H6430 (subtypen A en B)
24
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
082
Uiterwaarden Lek
083 084
Botshol Duinen Den Helder-Callantsoog
085
Zwanenwater & Pettemerduinen
087 088
Noordhollands Duinreservaat Kennemerland-Zuid
094
Naardermeer
096
Coepelduynen
097
Meijendel & Berkheide
100
Voornes Duin
101
Duinen Goeree & Kwade Hoek
103
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck
105 109
Zouweboezem Haringvliet
111 112 113 115
Hollands Diep Biesbosch Voordelta Grevelingen
116 117
Kop van Schouwen Manteling van Walcheren
118
Oosterschelde
122
Westerschelde & Saeftinghe
123
Zwin & Kievittepolder
128 130
Brabantse Wal Langstraat
131
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen Vlijmens ven, Moerputten & Bossche Broek Kampina & Oisterwijkse Vennen
132 133
Toevoeging van een doel voor het habitattype H91E0 (subtype A) Verwijdering van het doel voor habitattype H6430 (subtype B) Toevoeging van een doel voor het habitattype H6510 (subtype A) Toevoeging van doelen voor het habitattype H2110, voor de habitatsubtypen H2130A en H2140A (door wijziging van de doelen voor habitattype H2130 respectievelijk H2140), voor het habitattype H2150, voor de habitatsubtypen H2180B en H2190B (door wijziging van de doelen voor habitattype H2180 respectievelijk H2190) en voor de habitattypen H6230 en H7210 Toevoeging van doelen voor het habitattype H2160, voor het habitatsubtype H2180C (door wijziging van het doel voor habitattype H2180) en voor de soort H1903 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2110 en H6430 (subtype C) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2140 (subtype B) en H7210, en voor de soort H1149 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130 en H6430 (subtypen A en B) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H2110 en H2180 (subtype C) en voor habitatsubtype H2190D (door wijziging van het doel voor habitattype H2190) Toevoeging van doelen voor het habitattype H2110, voor het habitatsubtype H2190C (door wijziging van het doel voor habitattype H2190), voor de habitattypen H3140 en H6430A (subtype A) en voor de soorten H1149 en H1166 Toevoeging van doelen voor de habitatsubtypen H2130B en H2190C (door wijziging van de doelen
voor habitattype H2130 respectievelijk H2190) en voor de habitattypen H6430 (subtype B) en H7210 Toevoeging van doelen voor habitattype H1110 (subtype B), voor habitatsubtype H1140B (door wijziging van het doel voor habitattype H1140), voor de habitattypen H2170 en H2180 (subtype C) en voor de soorten H1364 en H1365 Verwijdering van de doelen voor het habitattype H1320 en het habitatsubtype H6430C (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H6430B (door wijziging van het doel voor habitattype H6430) en voor de soort H1163 Toevoeging van een doel voor het habitattype H91E0 (subtypen A en C) Toevoeging van een doel voor de soort H1337 Verwijdering van het doel voor de soort H1134 Toevoeging van doelen voor de soorten H1134, H1145 en H1149 Toevoeging van een doel voor de soort H4056 Toevoeging van doelen voor het habitattype H2120 en voor de soort H1351 Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H2130A (door wijziging van het doel voor habitattype H2130) en voor de soorten H1364 en H1365 Verwijdering van het habitatsubtype H2130B (door wijziging van het doel voor habitattype H2130) Toevoeging van een doel voor het habitattype H1330 (subtype A) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H1330 (subtype B) en H2110, voor het habitatsubtype H2130C (door wijziging van het doel voor habitattype H2130) en voor het habitattype
H2170 Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H1310B (door wijziging van het doel voor habitattype H1310), voor de habitattypen H2130 (subtype A), H2160 en H7210, en voor de soorten H1103, H1351 en H1364 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H1140 (subtype B) en H2130 (subtype A) en voor de soorten H1351 en H1364 Toevoeging van doelen voor het habitatsubtype H1140B (door wijziging van het doel voor habitattype H1140) en voor de habitattypen H2180 (subtypen B en C) en H2190 (subtypen A, B en D) Toevoeging van doelen voor de habitattypen H7150 en H9120 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3130, H3150, H4010 (subtype A), H6430 (subtype A) en H7150 Toevoeging van een doel voor de habitattypen H4030 en H9120 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H3150 en H6230, en voor de soorten H1134 en H1166 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H9120 en H91D0, en voor de soorten H1042 en H1163
25
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
134
Regte Heide & Riels Laag
135
Kempenland–West
136
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux Strabrechtse Heide & Beuven
137 138
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven
139 141 142 144 145
Deurnsche Peel & Mariapeel Oeffelter Meent Sint Jansberg Boschhuizerbergen Maasduinen
147
Leudal
148
Swalmdal
149 150
Meinweg Roerdal
152
Grensmaas
153
Bunder- en Elslooërbos
154 155
Geleenbeekdal Brunssummerheide
156
Bemelerberg & Schiepersberg
157 158 159
Geuldal Kunderberg Sint Pietersberg & Jekerdal
Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6410 en H7140 (subtype A) Verwijdering van het doel voor habitattype H2310 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H9120, H9160 (subtype A), H9190 en H91D0 Toevoeging van een doel voor de soort H1149 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H7150 en H91D0, en voor de soort H1149 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H4010 (subtype A), H4030, H6410, H7150, H9120 en H91E0 (subtype C) en de soorten H1134 en H1337 Verwijdering van het doel voor de soort H1166 Toevoeging van doelen voor de soorten H1134 en H1149 Toevoeging van een doel voor de soort H1337 Toevoeging van een doel voor het habitattype H91D0 Toevoeging van een doel voor het habitattype H91D0 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6430 (subtypen A en C), H9120, H9190 en H91F0, en de soorten H1042, H1149, H1163 en H1166 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6410, H9120 en H9190, en de soorten H1134, H1149 en H1163 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6430 (subtype A) en H9120, en voor de soort H1037 Toevoeging van een doel voor de soort H1037 Toevoeging van doelen voor het habitattype H9120, het habitatsubtype H91E0A (door wijziging van het doel voor habitattype H91E0) en voor de soort H1145 Toevoeging van doelen voor de habitatsubtypen H6430C en H91E0C (door wijziging van de doelen voor habitattype H6430 respectievelijk H91E0) Toevoeging van doelen
voor de habitattypen H6510 (subtype A) en H9120, en voor de soort H1337 Toevoeging van een doel voor het habitattype H6430 (subtype A) Toevoeging van een doel voor het habitattype H9120 Verwijdering van de doelen voor habitattypen H2330 en H6510A Toevoeging van een doel voor de soort H1078 Verwijdering van het doel voor habitattype H6510 (subtype A) Toevoeging van doelen voor het habitattype H4030 en voor de soort H1337 Toevoeging van doelen voor de habitattypen H6430 (subtype C) en H7220 Toevoeging van een doel voor de soort H1337
Peildatum Ten aanzien van de peildatum dient het volgende als toelichting voor alle wijzigingen. De instandhoudingsdoelstellingen zijn in de aanwijzingsbesluiten zelf niet gekwantificeerd (daarvoor moet een habitatkaart of beheerplan worden geraadpleegd). Voor het bepalen van wat in de instandhoudingsdoelstellingen onder 'behoud' dan wel 'uitbreiding' of 'verbetering' moet worden verstaan, is het dus belangrijk te weten wat de uitgangssituatie (of 'nulsituatie') is waarmee deze termen moeten worden vergeleken. Dat is eveneens van belang voor het handhaven van het verslechteringsverbod. De situatie ten tijde van het publiceren van een aanwijzingsbesluit is bepalend voor wat onder 'behoud' moet worden verstaan en vanaf welk niveau 'uitbreiding' en 'verbetering' nagestreefd moet worden. De instandhoudingsdoelstellingen moeten in de onderscheiden gebieden dus zó begrepen worden, dat het behoudsniveau van de habitattypen en Habitatrichtlijnsoorten betrekking heeft op oppervlakte en kwaliteit, respectievelijk omvang en kwaliteit leefgebied en omvang populatie, zoals aanwezig op de datum van aanwijzen. Dit is tevens het niveau van waaraf 'uitbreiding' en 'verbetering' nagestreefd moet worden. Ten aanzien van de met dit wijzigingsbesluit toegevoegde habitattypen en soorten is dat anders.
Aangezien het gaat om een correctie op de oorspronkelijke aanwijzingsbesluiten (en niet om het toevoegen van waarden die zich pas ná die besluiten hebben gevestigd) geldt voor de toegevoegde waarden dezelfde peildatum als voor de reeds eerder beschermde waarden. Die peildatum is dus de datum die in de afzonderlijke artikelen van dit wijzigingsbesluit worden genoemd. Onderbouwing van de wijzigingen De met dit wijzigingsbesluit aangebrachte wijzigingen in de aanwijzingsbesluiten zijn in principe gebaseerd op de volgende bronnen: 26
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
•
•
voor habitattypen: de habitattypenkaarten zoals opgesteld door de provincies, het ministerie van Infrastructuur & Milieu en het ministerie van Defensie. Voor de redenen om habitattypen op de kaarten op te nemen, dan wel (vanwege afwezigheid) niet op de kaarten op te nemen, wordt verwezen naar het voor deze habitattypenkaarten vervaardigde documentatiemateriaal. De habitattypenkaarten geven de situatie weer ten tijde van het publiceren van het aanwijzingsbesluit (en daarmee dus de situatie op de peildata voor dit wijzigingsbesluit). voor soorten: het, ten behoeve van dit wijzigingsbesluit, in opdracht van het ministerie van Economische Zaken opgestelde rapport 'Het voorkomen van Habitatrichtlijnsoorten in Habitatrichtlijngebieden. Advies ten aanzien van wijzigingen in de Natura 2000-aanwijzingsbesluiten' van G.I. Bos-Groenendijk, C.A.M. van Swaay, A.W. Gmelig Meyling, T. Termaat, J. van Deijk, B. Koese, J.T. Smit, R.C.M. Creemers, J. Kranenbarg, O. Bos, M. La Haye, V. Dijkstra, L. Sparrius & B. Odé (De Vlinderstichting, 2017).
Uitzonderingen hierop (en nadere toelichtingen10) betreffen de volgende gevallen: • Afwezigheid van H2190A in Waddenzee (001): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de betreffende wateren niet tot dit type behoren. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. • Afwezigheid van H3120 in Noordzeekustzone (007): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar door middel van luchtfoto-analyse is vastgesteld dat de betreffende locatie reeds voor de aanmelding van het gebied onbegroeid was. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. • Afwezigheid van H2130A in Noordzeekustzone (007): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de betreffende begroeiingen niet tot dit type behoren. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. • Afwezigheid van H1330B in Duinen Vlieland (003): door een doorbraak van de dijk is het op de habitattypenkaart opgenomen, maar niet aangewezen, subtype binnendijks (H1330B) inmiddels het subtype buitendijks (H1330A) geworden.
Omdat de subtypen als zodanig (Europeesrechtelijk gezien) geen afzonderlijk te beschermen eenheden zijn, maar alleen zijn onderscheiden om specifieke kwaliteiten te kunnen beschermen, doet zich de vraag voor of hier sprake is van verslechtering in de zin van artikel 6, lid 2, van de Habitatrichtlijn. Dat is in dit specifieke geval niet zo. De waarde voor de biodiversiteit is in de vorm van subtype A zelfs hoger dan in de vorm van subtype B. Het is dus niet noodzakelijk om de situatie ten tijde van aanwijzen te corrigeren in dit wijzigingsbesluit: het subtype is niet toegevoegd. • Aanwezigheid van H9190 in Van Oordt’s Mersken (015): op de habitattypenkaart is voor dit type een zoekgebied opgenomen; middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat het type inderdaad aanwezig is. • Aanwezigheid van H6230 in Bakkeveense Duinen (017): uit de vegetatiekartering-Mandefjild (2015) blijkt dat dit type ten onrechte op de habitatkaart ontbreekt. • Aanwezigheid van H6430A in Rottige Meenthe & Brandermeer (018): uit de vegetatie- en plantensoortenkartering Rottige Meente (2013) blijkt dat dit type ten onrechte op de habitatkaart ontbreekt.
• Afwezigheid van H91D0 in Lieftinghsbroek (021): de 0,12 ha die met een eerder wijzigingsbesluit was aangeduid als Zompzegge-Berkenbroek blijkt, volgens deskundigen van de provincie Groningen, Natuurmonumenten en Alterra, een vorm van elzenbroekbos te zijn (waarbinnen op circa 2 are berken voorkomen) en daarmee dus niet te kwalificeren voor H91D0. Het habitattype wordt dus verwijderd. • Aanwezigheid van H2320 in Witterveld (023): in Bijlage B.1 van het aanwijzingsbesluit werd vermeld dat kraaiheibegroeiingen alleen als kruidlaag van bossen voorkomen. Uit de habitatkaart (2013) blijkt dat dit een onjuiste veronderstelling is. Met dit wijzigingsbesluit is de tekst van het aanwijzingsbesluit weer conform de aanmelding als Habitatrichtlijngebied (2003) en het ontwerpbesluit (2007). • Afwezigheid van H6510A in Vecht- en Beneden-Reggegebied (039): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen deels niet kwalificeren voor H6510A of (in één geval) door uitzaaiing buiten het natuurlijke verspreidingsgebied (introductie) zijn ontstaan. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
10 Ook worden gevallen gemeld die wel zijn overwogen op basis van de vemelding op een habitattypenkaart, maar die uiteindelijk niet in het besluit zijn overgenomen.
27
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
•
•
•
•
•
•
•
• •
• •
• •
•
•
•
•
•
Aanwezigheid van H91F0 in Vecht- en Beneden-Reggegebied (039): op de habitattypenkaart is voor dit type een zoekgebied opgenomen; middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat het type inderdaad aanwezig is. Afwezigheid van H4030 in Boetelerveld (041): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen niet kwalificeren voor H4030. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2330 in Sallandse Heuvelrug (042): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen niet voorkomen in een zandverstuivingslandschap en om die reden niet kwalificeren voor H2330. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H6510A in Springendal & Dal van de Mosbeek (045): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen niet kwalificeren voor H6510A. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H3130 in Lemselermaten (048): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen niet kwalificeren voor H3130. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
Afwezigheid van H6510A en H7140A in Buurserzand & Haaksbergerveen (053): deze typen zijn op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen niet kwalificeren voor deze typen. Toevoeging in dit wijzigingsbesluit zijn dus niet nodig. Afwezigheid van H6510A in Witte Veen (054): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat de begroeiingen niet kwalificeren voor H6510A. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Aanwezigheid van H6430B in Zwarte Meer (074): de bij de habitatkaart vermelde vermoedelijke aanwezigheid is bevestigd door vegetatieopnamen. Aanwezigheid van H6430A en H6430B in Naardermeer (094): de bij de habitatkaart vermelde mogelijke aanwezigheid van H6430A is bevestigd door veldwaarnemingen; daarbij bleek ook H6430B aanwezig te zijn. Aanwezigheid van H6430A en H6430B in Veluwerandmeren (076): de bij de habitatkaart vermelde vermoedelijke aanwezigheid is bevestigd door vegetatieopnamen. Aanwezigheid van H3140 in Meijendel & Berkheide (097): de begroeiingen blijken niet alleen in vochtige duinvallein voor te komen, maar ook in infiltratiekanalen en om die reden moeten ze afzonderlijk worden aangewezen als H3140.
Aanwezigheid van H1110B in Duinen Goeree & Kwade Hoek (101): op de habitatkaart is subtype A van H1110 opgenomen, maar gezien de ligging is duidelijk geworden dat het om subtype B gaat. Aanwezigheid van H1140B in Duinen Goeree & Kwade Hoek (101): op de habitatkaart is alleen het reeds aangewezen subtype A van H1140 opgenomen, maar gezien de ligging is duidelijk geworden dat het grootste deel van H1140 uit subtype B bestaat. Afwezigheid van H6510A in Oude Maas (108): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de betreffende begroeiingen niet tot dit type behoren. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2130A in Haringvliet (109): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen alleen voorkomen op een aangelegd zandlichaam en om die reden niet kwalificeren voor H2130A. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2170 in Haringvliet (109): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de betreffende begroeiingen niet tot dit type behoren. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
Afwezigheid van H91E0C in Biesbosch (112): dit subtype is op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen kwalificeren voor het reeds aangewezen subtype H91E0A, omdat het (in afwijking van wat de vegetatiecode suggereerde) om wilgenbos blijkt te gaan. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2170 en H6430B in Voordelta (113): deze typen zijn op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de 28
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
•
•
•
•
• •
•
•
•
• •
•
•
•
•
•
betreffende begroeiingen niet tot deze typen behoren. Toevoegingen in dit wijzigingsbesluit zijn dus niet nodig. Afwezigheid van H2130C in Grevelingen (115): dit type is (naast subtype A) op de habitattypenkaart opgenomen, maar uit de vegetatiekundige onderbouwing blijkt dat alle grijze duinen (H2130) tot subtype A behoren. Een toevoeging van subtype C in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2120 in Oosterschelde (118): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen alleen voorkomen op aangelegde locaties en om die reden niet kwalificeren voor H2120. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2170 en H2190B in Oosterschelde (118): deze typen zijn op de habitattypenkaart opgenomen, maar zonder een overtuigende onderbouwing. Door Rijkswaterstaat is vastgesteld dat de betreffende begroeiingen niet tot deze typen behoren, dan wel (in één geval bij H2190B) op een aangelegde locatie voorkomen. Toevoegingen in dit wijzigingsbesluit zijn dus niet nodig. Afwezigheid van H1140A in Westerschelde & Saeftinghe (122): dit type is door een vertaalfout op de habitattypenkaart opgenomen; de locaties blijken alle tot andere habitattypen behoren, vooral H1130. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
Aanwezigheid van H2130A in Westerschelde & Saeftinghe (122): uit veldonderzoek n.a.v. een vegetatieopname blijkt dat dit type ten onrechte op de habitatkaart ontbreekt. Aanwezigheid van H9120 in Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138): op de habitattypenkaart is voor dit type een zoekgebied opgenomen; middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat het type inderdaad aanwezig is. Afwezigheid van H91E0C in Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen alleen voorkomen op veenbodems buiten een beekdal en om die reden niet kwalificeren voor H91E0C. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H91D0 in Groote Peel (140): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken niet te kwalificeren voor H91D0. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H3260B, H6230, H6510A en H91E0A in Maasduinen (145): deze typen zijn op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken niet te kwalificeren voor deze typen. Toevoegingen in dit wijzigingsbesluit zijn dus niet nodig. Aanwezigheid van H6430A, H6430C en H91F0 in Maasduinen (145): uit veldonderzoek door de provincie blijkt dat deze typen ten onrechte op de habitatkaart ontbreken.
Afwezigheid van H91D0 in Sarsven en De Banen (146): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken niet te kwalificeren voor H91D0. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H91E0C in Sarsven en De Banen (146): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen alleen voorkomen op locaties die niet onder invloed van een beek staan en om die reden niet kwalificeren voor H91E0C. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H4030 en H91E0A in Swalmdal (148): deze typen zijn op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken niet te kwalificeren voor deze typen. Toevoegingen in dit wijzigingsbesluit zijn dus niet nodig. Afwezigheid van H91F0 in Bunder- en Elslooërbos (153): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken te behoren tot een naastgelegen, reeds aangewezen habitattype. Toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig. Afwezigheid van H2330 in Brunssummerheide (155): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar het blijkt dat de (vegetatiekundig kwalificerende) begroeiingen alleen voorkomen op locaties op dekzand dat is gestort op het van nature aanwezige Miocene zeezand. Een toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
Het habitattype wordt dus verwijderd. Afwezigheid van H6410 in Brunssummerheide (155): dit type is op de habitattypenkaart opgenomen, maar de begroeiingen blijken te behoren tot een reeds aangewezen habitattype. Toevoeging in dit wijzigingsbesluit is dus niet nodig.
29
Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
•
•
Aanwezigheid van H9120 in Brunssummerheide (155): op de habitattypenkaart is voor dit type een zoekgebied opgenomen; middels veldonderzoek door de provincie is komen vast te staan dat het type inderdaad aanwezig is. Aanwezigheid van H4030 in Geuldal (157): uit veldonderzoek door de provincie blijkt dat dit type ten onrechte op de habitatkaart ontbreekt.
30
Directie Natuur & Biodiversiteit | N&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Springendal & Dal van de Mosbeek (045)
Wijzigingen in de nota van toelichting behorende bij de aanwijzing van Springendal & Dal van de Mosbeek (045) als Natura 2000-gebied (besluit van 4 juli 2013, PDN/2013-045; gewijzigd op 12 december 2014, PDN/2012-04562) In de 1e subparagraaf van paragraaf 4.2 (Natura 2000-waarden waarvoor het gebied is aangewezen) wordt de volgende wijziging aangebracht: − De volgende tekst wordt ingevoegd tussen H9120 en H91E0: H9160 Sub-Atlantische en midden-Europese wintereikenbossen of eiken-haagbeukbossen behorend tot het Carpinion betuli Verkorte naam Eiken-haagbeukenbossen betreft het subtype: H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden) H9190
Oude zuurminnende eikenbossen op zandvlakten met Quercus robur Verkorte naam Oude eikenbossen
H91D0
*Veenbossen Verkorte naam Hoogveenbossen
In paragraaf 5.3 van hoofdstuk 5 (Instandhoudingsdoelstellingen) wordt de volgende wijziging aangebracht: − De volgende tekst wordt ingevoegd tussen de instandhoudingsdoelstellingen voor H9120 en H91E0: H9160 Eiken-haagbeukenbossen Doel Behoud oppervlakte en kwaliteit eiken-haagbeukenbossen, hogere zandgronden (subtype A). Toelichting Het habitattype eiken-haagbeukenbossen, hogere zandgronden (subtype A) komt met geringe oppervlakte voor in het dal van de Mosbeek, bij de molen van Bels, en in het dal van de Onderbeek, in Hazelbekke. Behoud is voldoende omdat er weinig mogelijkheden zijn voor uitbreiding of kwaliteitsverbetering. H9190 Doel Toelichting
Oude eikenbossen Behoud oppervlakte en kwaliteit. Het habitattype komt verspreid voor op relatief hoge ruggen in het zuiden van het gebied. Het gaat zowel om bosbesrijke als om grazige vormen, zowel droog als vochtig. De bomen zelf zijn niet oud, maar de bosgroeiplaatsen wel. Behoud is voldoende omdat er weinig mogelijkheden zijn voor uitbreiding of kwaliteitsverbetering.
H91D0 Doel Toelichting
*Hoogveenbossen Behoud oppervlakte en kwaliteit. Het habitattype komt met goede kwaliteit voor in een slenkvormige laagte in het deelgebied Vasserheide. Gezien de specifieke standplaats en de reeds goede kwaliteit is behoud voldoende.
In bijlage B.1 worden de volgende wijzigingen aangebracht: − Tussen de vierde en de vijfde alinea wordt de volgende tekst ingevoegd: • In aanvulling op de aanmelding als Habitatrichtlijngebied (2003) en het ontwerpbesluit (2007) is het gebied ook aangewezen voor het habitattype eiken-haagbeukenbossen (H9160), hogere zandgronden (subtype A), omdat uit onderzoek blijkt dat dit type in het gebied voorkomt. − De vijfde alinea wordt vervangen door de volgende tekst: • In aanvulling op de aanmelding als Habitatrichtlijngebied (2003), maar conform het ontwerpbesluit (2007) is het gebied ook aangewezen voor het habitattype oude eikenbossen (H9190), omdat uit onderzoek blijkt dat dit type in het gebied voorkomt. − Tussen de vijfde en de zesde alinea wordt de volgende tekst ingevoegd:
62
Het jaartal in het kenmerk is een verschrijving; bedoeld is PDN/2014-045.
148
Directie Natuur & Biodiversiteit | N&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Springendal & Dal van de Mosbeek (045)
•
In aanvulling op de aanmelding als Habitatrichtlijngebied (2003) en het ontwerpbesluit (2007) is het gebied ook aangewezen voor het habitattype hoogveenbossen (H91D0), omdat uit onderzoek blijkt dat dit type in het gebied voorkomt.
In bijlage B.3.1 worden de volgende wijzigingen aangebracht: − De volgende alinea's worden ingevoegd tussen de alinea's met betrekking tot de doelstellingen voor H9120 en H91E0C: H9160A – Eiken-haagbeukenbossen, hogere zandgronden Landelijke doelstelling: uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit N2k-nr
Doel oppervlakte
Natura 2000-gebied
021
Lieftinghsbroek
025
Drentsche Aa-gebied
045 047
Doel kwaliteit
Relatieve bijdrage
Besluit
behoud
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
Springendal & Dal van de Mosbeek
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek
behoud
behoud
B1
aanwijzingsbesluit
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
uitbreiding
behoud
B2
aanwijzingsbesluit
behoud
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
049
Dinkelland
behoud
050
Landgoederen Oldenzaal
062
Willinks Weust
063
Bekendelle
uitbreiding
129
Ulvenhoutse Bos
uitbreiding
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit
131
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
135
Kempenland–West
behoud
verbetering
C
ontwerpwijzigingsbesluit
147
Leudal
uitbreiding
behoud
B1
aanwijzingsbesluit
Het habitattype eiken-haagbeukenbossen, hogere zandgronden (subtype A) komt voornamelijk voor in kleine bosjes in Oost-Nederland. Door het verspreide en versnipperde voorkomen van dit subtype is slechts circa 20% van de landelijke oppervlakte van dit subtype opgenomen in het Natura 2000-netwerk. De landelijke dekking van het habitattype als geheel (subtypen A en B gecombineerd) is aanzienlijk groter (80%), omdat bij de selectie vooral is gelet op het voorkomen in Zuid-Limburg dat nu apart wordt onderscheiden als subtype B. De landelijke staat van instandhouding van dit habitattype is op de aspecten oppervlakte en kwaliteit beoordeeld als “zeer ongunstig”. De landelijke doelstelling sluit hierop aan. Niet in alle gebieden kan de landelijke opgave worden nagestreefd. In enkele gebieden wijkt de doelstelling, op het aspect oppervlakte, af van de landelijke doelstelling. In deze gebieden is de ruimte waar dit habitattype voor zou kunnen komen reeds volledig benut. Ook wordt in enkele gebieden behoud van de kwaliteit beoogd in tegenstelling tot de landelijke doelstelling. Eén van de redenen hiervoor is dat de kwaliteit in het gebied reeds goed is waardoor een behoudsdoelstelling voldoende is, bijvoorbeeld in de gebieden Landgoederen Oldenzaal (050) en Leudal (147); een andere reden is dat er weinig potentie is voor kwaliteitsverbetering, zoals in Dinkelland (049).
H9190 – Oude eikenbossen Landelijke doelstelling: uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit N2k-nr
Natura 2000-gebied
Doel oppervlakte behoud
Doel kwaliteit behoud
Relatieve bijdrage C
Besluit ontwerpwijzigingsbesluit
015
Van Oordt’s Mersken
025
Drentsche Aa-gebied
027
Drents-Friese Wold & Leggelderveld
029
Holtingerveld
behoud
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
030
Dwingelderveld
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
149
Directie Natuur & Biodiversiteit | N&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Springendal & Dal van de Mosbeek (045)
032
Mantingerzand
039
Vecht- en Beneden-Reggegebied
behoud
behoud
C
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit aanwijzingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit
044
Borkeld
behoud
verbetering
C
045
Springendal & Dal van de Mosbeek
behoud
behoud
C
049
Dinkelland
behoud
behoud
C
051
Lonnekermeer
behoud
behoud
C
053
Buurserzand & Haaksbergerveen
behoud
behoud
C
057
Veluwe
uitbreiding
verbetering
A4
aanwijzingsbesluit
131
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit
133
Kampina & Oisterwijkse Vennen
behoud
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
135
Kempenland-West
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
136
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux
behoud
behoud
C
145
Maasduinen
behoud
behoud
C
147
Leudal
behoud
behoud
C
x
wijzigingsbesluit x ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit
Ruim drie kwart van de landelijke oppervlakte van het habitattype oude eikenbossen bevindt zich binnen het Natura 2000-netwerk. De landelijke staat van instandhouding van het habitattype oude eikenbossen is op de aspecten oppervlakte en kwaliteit beoordeeld als “matig ongunstig”. De landelijke doelstelling sluit hierop aan63. In enkele gebieden wordt in tegenstelling tot de landelijke doelstelling behoud van de kwaliteit en/of oppervlakte beoogd. Een reden hiervoor is dat de kwaliteit reeds goed is (bijvoorbeeld Drentsche Aa-gebied (025)). Een andere reden is dat het habitattype over slechts een geringe oppervlakte voorkomt, waardoor er geen potentie is om de kwaliteit te verbeteren (onder andere het gebied Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131)). Daarnaast geldt behoud van de oppervlakte wanneer uitbreiding ten koste gaat van andere waarden, (onder andere in Holtingerveld (029), waar uitbreiding ten koste zou gaan van het habitattype zandverstuivingen (H2330)). H91D0 – *Hoogveenbossen Landelijke doelstelling: uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit N2k-nr
Natura 2000-gebied
010
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving
013
Alde Feanen
018
Rottige Meenthe & Brandemeer
Doel oppervlakte
Doel kwaliteit
Relatieve bijdrage
Besluit
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
uitbreiding
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit
behoud
behoud
B1
aanwijzingsbesluit
022
Norgerholt
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
024
Witterveld
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit
025
Drentsche Aa-gebied
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
029
Holtingerveld
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit x
032
Mantingerzand
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
034
Weerribben
behoud
verbetering
B2
aanwijzingsbesluit
035
De Wieden
behoud
verbetering
B2
aanwijzingsbesluit
045
Springendal & Dal van de Mosbeek
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
046
Bergvennen & Brecklenkampse veld
behoud
behoud
C
wijzigingsbesluit x
049
Dinkelland
behoud
verbetering
C
ontwerpwijzigingsbesluit
63 Staat van instandhouding en landelijke doel gewijzigd: Aanwijzingsbesluit Natura 2000-gebied Drents-Friese Wold & Leggelderveld (Stcrt. 2011, 4458).
150
Directie Natuur & Biodiversiteit | N&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging)
Springendal & Dal van de Mosbeek (045)
053
Buurserzand & Haaksbergerveen
054
Witte Veen
uitbreiding
behoud
B1
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit aanwijzingsbesluit
057
Veluwe
behoud
behoud
C
ontwerpwijzigingsbesluit
061
Korenburgerveen
behoud
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit
091
Polder Westzaan
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit x
092
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske
094
Naardermeer
095 103
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit
uitbreiding
behoud
A1
aanwijzingsbesluit
Oostelijke Vechtplassen
behoud
behoud
C
aanwijzingsbesluit
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck
behoud
behoud
B1
aanwijzingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit
133
Kampina & Oisterwijkse Vennen
behoud
behoud
C
135
Kempenland–West
behoud
behoud
C
136
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit
137
Strabrechtse Heide & Beuven
138
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven
behoud
verbetering
C
uitbreiding
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit ontwerpwijzigingsbesluit
142
Sint Jansberg
behoud
verbetering
C
144
Boschhuizerbergen
behoud
behoud
C
145
Maasduinen
behoud
verbetering
B1
aanwijzingsbesluit
149
Meinweg
behoud
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
150
Roerdal
155
Brunssummerheide
behoud
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
uitbreiding
verbetering
C
aanwijzingsbesluit
Ongeveer twee derde van de landelijke oppervlakte van het habitattype hoogveenbossen bevindt zich binnen het Natura 2000-netwerk. De landelijke staat van instandhouding van het habitattype is op de aspecten oppervlakte en kwaliteit beoordeeld als “matig ongunstig”. De landelijke doelstelling sluit hierop aan. In de gebieden met de grootste ecologische potentie voor herstel van het habitattype en/of waar de grootste bijdrage aan de landelijke doelstelling gerealiseerd kan worden, wordt uitbreiding van de oppervlakte en/of verbetering van de kwaliteit van het habitattype nagestreefd. In de overige gebieden wordt volstaan met behoud van het habitattype. Bijvoorbeeld in het gebied Maasduinen (145) is het areaal waar het habitattype hoogveenbossen voor kan komen al volledig benut, waardoor er geen mogelijkheden voor uitbreiding zijn. Ook in het gebied Rottige Meenthe & Brandemeer (018) wordt behoud van het habitattype beoogd. Hier is, gezien de hydrologie, geringe potentie voor het habitattype. In Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) komt het habitattype verspreid voor met een relatief grote totaaloppervlakte. Uitbreiding zou ten koste gaan van het karakter van het gebied.
In de laagveengebieden Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (092) en Oostelijke Vechtplassen (095) zijn kleine oppervlakten hoogveenbossen aanwezig, evenals in de Limburgse gebieden Meinweg (149) en Roerdal (150). Er is weinig potentie voor ontwikkeling van het habitattype in deze gebieden. In enkele van deze gebieden is echter wel potentie voor kwaliteitsverbetering. In de gebieden met hoogveenkernen komen hoogveenbossen voor rondom de hoogveenkern op de zandbodem (onder andere in de gebieden Witterveld (024), Witte Veen (054), Wooldse Veen (064)). Aangezien de prioriteit in deze gebieden bij de ontwikkeling van hoogveen ligt en de potenties ter verbetering van de kwaliteit en/of uitbreiding van de oppervlakte beperkt zijn, wordt hier slechts in beperkte mate gestreefd naar uitbreiding en/of kwaliteitsverbetering.