CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2024 Dinkelland.pdf

Commissie Sociaal Domein & Bestuur 12 juli 2023, gemeente DinkellandBij agendapunt: 8: Voorstel inzake vaststellen Perspectiefnota 2024 gemeente Dinkelland26.294 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Het doel van dit rapport is om inzicht te krijgen in de technische staat, het benodigde onderhoud en de instandhoudingskosten van deze gemeentelijke objecten. Uit dit onderzoek is gebleken dat de algemene (technische) staat/conditie van de geïnspecteerde objecten redelijk is. De betonnen bruggen hebben de slechtste staat van onderhoud. Vijf kunstwerken meten met prioriteit worden vervangen. Ook is gebleken dat aanvullend onderzoek en inspectie noodzakelijk om te kunnen tot een MOP . De verwachting is De resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken zullen ongeveer medio 2024 bekend zijn. Op basis daarvan kan medio 2024 een voorstel worden opgesteld met ook de benodigde middelen vanaf 2025. Vooruitlopend hierop is financiële ruimte nodig voor noodzakelijke vervanging en (achterstallig) onderhoud. In eerste instantie is een incidenteel bedrag van € 1,7 miljoen benodigd om de noodzakelijke vervangingen en het achterstallige (groot) onderhoud de komende twee jaar (2024 en 2025) te kunnen uitvoeren. Daarnaast willen wij vanaf 2024, eveneens vooruitlopend op de resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken al wel structurele ruimte in onze meerjarenbegroting reserveren. Behouden en versterken cultuuraanbod Wij zien cultuur als verbindend element in onze samenleving én als onderdeel van ons toeristische aanbod.

Cultuurparticipatie en structurele ondersteuning van culturele evenementen willen wij versterken. Daarbij leveren wij een bijdrage aan cultuuragenda Twente voor de komende jaren. Ook verwachten wij te moeten investeren in maatschappelijke voorzieningen, waarbij een de huisvesting van de Bibliotheek in Ootmarsum en een duurzaam toekomstperspectief voor Natura Docet centraal staan.

Voorgesteld wordt in te stemmen met de uit te werken richtingen / inspanningen en deze te betrekken bij het opstellen van de begroting 2024 waar verdere besluitvorming plaatsvindt of bij separaat raadsvoorstel als de omstandigheden (voortgang) daarom vragen.

7. Incidenteel beschikbare middelen waaronder de (belangrijkste) reserves In deze paragraaf zoeken we aansluiting bij de gepresenteerde cijfers uit de begroting 2023. Met deze cijfers als uitgangspunt gaan we daarna de mutaties benoemen en toelichten zodat het meest recente 29

beeld van de incidenteel beschikbare algemene middelen waaronder de (belangrijkste) reserves ontstaat. Zoals aangegeven nemen we cijfers uit de begroting 2023 als vertrekpunt. Beschikbare algemene incidentele middelen Algemene reserve - weerstandscapaciteit 1,4

5.460.000

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

12.118.000

Reserve collegeakkoord 2022-2026

6.543.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen begroting 2023

24.121.000

Algemene reserve Rekening houdend met een aantal mutaties op grond van bestaand beleid (grondexploitaties) en een aantal specifieke raadsbesluiten ontstaat het volgende beeld van de algemeen reserve: Algemene reserve - stand uit begroting 2023

5.460.000

Bij: saldo jaarverantwoording 2022

3.274.000

Bij: resultaten grondcomplexen 2022

-1.233.000

Bij: voordellig saldo septembercirculaire 2022

457.000

Af: afwaardering aankkop grond kerkweg Deurningen

-99.000

Bij: voordelig saldo jaarschijf 2023 uit perspectiefnota 2024

1.225.000

Herziene stand algemene reserve perspectiefnota 2024

9.084.000

Benodigde weerstandscapaciteit - ratio 1,4

5.460.000

Surplus

3.624.000

Het voordelige saldo van de jaarverantwoording 2022 en de resultaten vanuit de grondcomplexen over het jaar 2022 worden op grond van bestaand beleid verrekenen met de algemene reserve. In november 2022 heeft een grondaankoop aan de Kerkweg in Deurningen plaatsgevonden. Het gaat hier om de aankoop van strategische gronden met een oppervlakte van circa 17.588 m2 ten behoeve van toekomstige woningbouwontwikkeling in Deurningen. Inmiddels blijkt dat de getaxeerde waarde wat lager ligt dan de verwervingswaarde waardoor een afboeking heeft moeten plaatsvindenz. 30

Uitgaande van de, in deze begroting bepaalde, weerstandscapaciteit en de daaraan gekoppelde ratio van 1,4 moet de stand van de algemene reserve ten minste € 5.460.000 zijn. Conform bestaande beleid wordt het meerder (het zogenaamde surplus) “afgeroomd” en gestort in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Voorgesteld wordt in te stemmen met het verloop en de opzet van de algemene reserve en het surplus op de algemene reserve ten bedrage van € 3.624.000 “af te romen” en te storten in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen (RIBAM) In begroting 2023 is weergegeven dat de vrije ruimte in deze reserve € 12.118.000 bedraagt. Inmiddels zijn een aantal besluiten genomen en hebben een aantal autonome ontwikkelingen plaatsgevonden wat maakt dat de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen op dit moment het volgende beeld laat zien: Reserve incidenteel beschikbare algemene middelen stand begroting 2023

12.118.000

bij: surplus algemene reserve

3.624.000

af: noodfonds energielasten 2022

-100.000

bij: compensatie omgevingswet uit septembercirculaire 2022

400.000

af: amendement begroting 2023 noodfonds energie

-100.000

af: amendement begroting 2023 verhoging leefbaarheidsfonds

-350.000

af: bijdrage Thijplein Rossum

-201.000

af: bijdrage Ijsbaan Enschede

-27.000

bij: vrijval werkbudgetten MEP

333.000

bij: restant uitvoeringsplan SD uit 2022

114.000

bij: restant stelpost Corona uit 2022

475.000

af: samenhangende objectenregistratie

-112.000

31

Herziene stand RIBAM

16.174.000

Het surplus op de algemene reserve is hiervoor toegelicht en de daarop volgende mutaties tot en met de bijdrage aan de Ijsbaan Enschede zijn allen voorzien van separate raadsbesluiten. De mutaties betreffende de vrijval werkbudgetten MEP en het restant uitvoeringsplan Sociaal Domein zijn budgetten uit de vorige raadsperiode. Reeds eerder is afgesproken dat deze zogenaamde werkbudgetten tergvloeien naar de algemeen middelen als ze niet meer worden aangewend en er ook geen verplichtingen meer bestaan. Het restant van de stelpost Corona is toegelicht in de jaarverantwoording 2022 waar ook is aangegeven dat deze stelpost bij ongewijzigde omstandigheden wordt toegevoegd aan de algemene middelen. Dat doen we dus nu. De onttrekking betreffende de samenhangende objectenregistratie vloeit voort uit de begroting 2024 van Noaberkracht. Het betreft hier een incidenteel kostencomponent van € 200.000 (aandeel Dinkelland € 112.000) die we dekken uit de reserve.

Voorgesteld wordt in te stemmen met de aangegeven mutaties op de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Uit te werken richtingen In dien we de incidentele bedragen gekoppeld aan de uit te werken richtingen betrekken bij de gepresenteerde stand van de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen (RIBAM) dan ontstaat het volgende beeld: Herziene stand RIBAM perspectiefnota 2024

16.174.000

Extra inzet op preventie binnen het sociaal domein

-500.000

Extra inzet en versnellingsacties binnen programma leefbare kernen

- 550.000

Versterken economische en toeristische positie

-400.000

Extra reservering samen scholen

-9.000.000

Onderhoud en vervanging openbare ruimte

-1.700.000

Behouden en versterken cultuuraanbod

- 850.000

Totaal uit te werken richtingen Stand RIBAM na uit te werken richtingen

-13.000.000 3.174.000

32

Reserve Collegeakkoord 2022-2026 Met het uitvoeren van coalitieakkoord worden ook de middelen uit deze reserve aangesproken. In het jaar 2022 is voor een bedrag van € 298.000 een beroep gedaan op deze reserve. Deze zijn toegelicht in de jaarverantwoording 2022. Hierdoor komt de stand van deze reserve per 1 januari 2023 uit op een bedrag van € 6.245.000. Tijdens de behandeling van de begroting 2023 in november 2022 is een amendement aangenomen betreffende de verhoging van het leefbaarheidsfonds. In financiële zin betekent dit een verschuiving van de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen naar de reserve collegeakkoord. Het gaat om een bedrag van € 350.000. Daarnaast is de jaarschijf 2023 van het coalitieakkoord opgenomen in de begroting 2023 en zijn de lasten daarvan op begrotingsbasis ten bedrage van € 1.689.000 onttrokken aan deze reserve. Dit maakt dat we uitgaan van een stand van deze reserve eind 2023 van € 4.906.000. Herziene stand algemene incidentele middelen Rekening houdend met de aangegeven en toegelichte mutaties op de genoemde reserves ontstaat het volgende beeld van de algemeen incidentele middelen: Beschikbare algemene incidentele middelen Algemene reserve - weerstandscapaciteit 1,4

5.460.000

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

3.174.000

Reserve collegeakkoord 2022-2026

4.906.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen perspectiefnota 2024

13.540.000

Inleiding ambitiebegroting Ambitiebegroting Zoals reeds is aangegeven in de algemene inleiding heeft deze perspectiefnota het collegeakkoord gemeente Dinkelland 2022-2026 met de naam "Vernieuwen, verbinden en versterken" als basis. Het zogenaamde ambitiedeel van deze perspectiefnota is gebaseerd op de volgende 5 opgaven uit dit collegeakkoord: 

Buitengebied in Balans

Iedereen gezond

Leefomgeving van de toekomst

Leefbare kernen

Gemeente en de Samenleving

33

Deze 5 opgaven zijn in eerste instantie verder beschreven en uitgewerkt in actielijnen en doelen waarna op hoofdlijnen wordt aangegeven hoe we hier een bijdrage aan denken te gaan leveren. Per opgave hebben we in deze perspectiefnota de meest actuele ontwikkelingen benoemd en toegelicht. Op onderdelen heeft dit geleid tot een aantal nader uit te werken richtingen en inspanningen. Bij de opgaven Leefomgeving van de toekomst en Positieve gezondheid benoemen en beschrijven we deze actuele ontwikkelingen in de kop van de opgave. Voor de overige drie opgaven benoemen en beschrijven we de actuele ontwikkelingen per actielijn. Per opgave wordt afgesloten met een financieel overzicht. In deze perspectiefnota volstaan we met een herhaling van de beschikbaar gestelde middelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 zoals opgenomen in de begroting 2023. In dit overzicht zijn ook de beschikbare werkbudgetten opgenomen. Binnen het programmabureau wordt een bijdrage geleverd aan het behalen van maatschappelijke effecten. Hier wordt sturing gegeven aan bestuurlijke ambities, veranderopgaven en strategisch inspanningen. Dit komt samen in verschillende programma’s (ambities), waaraan werkbudget is gekoppeld. Het werkbudget wordt ingezet om (externe) advieskosten te dekken en (participatie)processen in de kernen te faciliteren.

Daarnaast wordt het werkbudget ingezet voor bekostiging van evenementen, bijeenkomsten, sprekers (en alle bijkomende kosten die daarbij horen). Het werkbudget is in eerste aanleg niet bedoeld als uitvoeringsgeld om projecten zelf te bekostigen. Onder de 5 opgaven wordt indien mogelijk een nadere duiding en verdeling over de jaren gegeven. Dat is echter niet in alle gevallen op voorhand mogelijk om de simpele reden dat we ook afhankelijk zijn van initiatieven vanuit de samenleving en het tempo en enthousiasme waarmee deze initiatieven gaan spelen. Het beschikbaar hebben van werkbudgetten is met name ook bedoeld om te slagvaardig te kunnen inspelen op de genoemde initiatieven. Om de raad toch op de hoogte van de besteding en bestemming van de werkbudgetten zeggen we toe dat in elk van de komende P&C documenten (en met name het programmajournaal) verslag wordt gedaan van de bestemming en besteding van de werkbudgetten.

Programma Buitengebied in Balans Inleiding Buitengebied in balans Dinkelland We zetten in op een economisch sterk buitengebied vanuit de balans tussen agrarisch landgebruik, de kwaliteit van onze natuur en landschap, de groeimogelijkheden van de toeristische sector, de mogelijkheden voor economische activiteiten en de kwaliteit van leef- en werkomgeving voor onze inwoners. Dit in verbinding met bodem, water en lucht. Dat maakt ons buitengebied voor de toekomst sterker en is gunstig voor de leefbaarheid. Onze ambitie is uitdagend maar realistisch als het een samenspel is met onze inwoners, de partners en de gebruikers. We voorzien de ambitie en de hieraan verbonden Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) van een dynamische agenda. Frequent leiden nieuwe inzichten en regelgeving tot aanvullingen en wijzigingen op deze agenda. Indien noodzakelijk worden deze ook financieel vertaald. We realiseren ons dat de transitie van het buitengebied vele jaren, en dus meerdere raadsperioden, in beslag zal nemen. In de huidige 4 jaar zal vooral de veranderrichting worden bepaald en een start worden gemaakt met de concrete Uitvoeringsagenda. We vertalen onze ambities naar twee actielijnen: 

Naar een toekomstige agrarische sector

Ons unieke landschap en natuur worden geborgd

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot het onderwerp: 

Stimuleren van innovatie in de agrarische sector

34

Actielijn 1 Naar een toekomstbestendige agrarische sector De toekomst van de agrarische sector en daarmee het landelijk gebied wordt voor een aanzienlijk deel gestuurd en bepaald door Europese wet- en regelgeving. Op nationaal niveau is dit uitgewerkt in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) en door de provincie vertaald in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (afgerond in 2023). Dinkelland maakt onderdeel uit van de Gebiedsgerichte aanpak Noordoost-Twente (GGA-NOT). Samen met de vier NOT gemeenten gaan we de transitie inhoud geven waarbij een realistisch perspectief voor de agrariërs een belangrijk uitgangspunt is. Stimuleren van innovatie in de agrarische sector staat hierbij centraal. Het kabinet investeert fors in de opgaven voor water, natuur en klimaat en in de verduurzaming van de landbouw. De keuzes en investeringen in de landbouw worden gekoppeld aan verduurzaming, kringlooplandbouw, nieuwe verdienmodellen en verbetering van de positie van de boer in de keten. We hebben daarbij nadrukkelijk aandacht voor de transitiekansen van agrariërs, zowel voor agrariërs die blijven als wel stoppen.

Ons doel We gaan als proactieve gebiedspartner een bijdrage leveren aan een economisch perspectief voor het buitengebied in zijn algemeenheid en de agrarische sector in het bijzonder. We richten ons vooral op het opstellen en uitvoeren van een Uitvoeringsagenda. In deze agenda wordt nadere richting gegeven aan het perspectief van het buitengebied. In 2026 hebben we de verkregen inzichten en de uitgewerkte plannen vanuit het NPLG omgezet in operationeel beleid gericht op de transitie van de agrarische sector. En in 2026 zijn er in deelgebieden zichtbare stappen gezet met betrekking tot zowel het perspectief voor de landbouw als de natuur- en waterdoelen. Via de volgende inspanningen willen we ons doel bereiken: 

We zetten menskracht en middelen in om lokaal en bovenlokaal een voortrekkersrol te vervullen. We zijn partner in de NOT-Gebiedsprocessen.

Het agrarisch consulentschap zetten we voort, evenals de rol van de ervencoach voor de landbouw. Dat geldt ook voor onze betrokkenheid bij Mineral Valley Twente en LEADER. Samen met de provincie, het waterschap, maatschappelijk partners en stakeholders stellen wij de NOT Gebiedsagenda 2023- 2030 op.

We ontwikkelen een gemeentelijke visie op toekomstige economische dragers voor ons buitengebied.

Bedrijfsbezoeken en persoonlijke contacten op het erf zijn een belangrijk onderdeel van onze (persoonlijke) inzet.

We hanteren een aanpak op doelgroepen. We richten ons vooral op transitiekansen van agrariers en hebben daarbij ook oog voor de sociaal maatschappelijke impact.

Hoe leveren we een bijdrage aan een toekomstbestendige agrarische sector? a. Knoppen bedienen. We gaan de komende jaren een maximale inspanning leveren om de complexe processen in het landelijk gebied soepeler te laten verlopen. Wij zien onszelf als de “verbinder” en “facilitator”. Bestuurlijk en ambtelijk nemen we deel aan elke relevante “tafel” om de collectieve belangen van Dinkellandse doelgroepen en de gebiedsopgaven te behartigen. Daar waar mogelijk gaan we landelijk, provinciaal en lokaal een voortrekkersrol vervullen. b. Samenlevingsgerichtheid. We bouwen aan duurzame relaties in een krachtenveld waar de belangen ver uit elkaar liggen. We staan naast onze agrariërs/ inwoners en ondersteunen hen bij de keuzes op weg naar een meer duurzame bedrijfsvoering. De Gebiedsgerichte Aanpak NOT GGA is het voertuig voor dialoog en samenspel met onze inwoners. 35

c.

Sociaal maatschappelijke impact. We beschouwen voortdurend de effecten van de activiteiten die er plaatsvinden op de impact die het heeft op mens en maatschappij. In het bijzonder hebben we aandacht voor de transitiekansen van de “blijvers” en het bieden van een perspectief op de “stoppers”.

Actuele ontwikkelingen Zoals bekend zal de transitieopgave in het landelijk gebied met name worden opgepakt door middel van de gebiedsgericht aanpak (GGA), aangestuurd door de Provincie Overijssel. Voor deze GGA zijn gebiedstafels ingericht per regio. Wij nemen deel aan de gebiedstafel Noordoost Twente (NOT), waarbij ook de belangrijkste stakeholders in het gebied zijn aangesloten zoals het Waterschap, provincie en de landbouworganisaties. Aan de gebiedstafels worden concrete casussen en initiatieven voor de transitieopgave opgepakt en uitgewerkt. Op dit moment zijn de gebiedstafels nog in opbouw, waardoor het niet goed is in te schatten welke inzet, naast de huidige vaste deelname aan dit overleg, nodig zal zijn vanuit onze gemeente op het moment dat initiatieven binnen onze gemeente worden opgepakt. Mogelijke kosten voor de inzet van ambtelijke ondersteuning bij deze projecten, zullen (grotendeels) worden vergoed door de Provincie vanuit de (Rijks-)middelen die beschikbaar gesteld zijn en worden voor de transitieopgave in het landelijke gebied. Mocht er desalniettemin een aanvullend beroep gedaan moeten worden op inzet die niet vanuit het programma en het beschikbaar werkbudget kan worden ingevuld, dan zal hiervoor te zijner tijd een voorstel aan de raad worden voorgelegd.

Actielijn 2 Ons unieke landschap en natuur worden geborgd We willen de landschapskwaliteiten van Noordoost-Twente en dus ook van Dinkelland behouden en ontwikkelen. We maken ons sterk voor het behoud van ons veelzijdige cultuurlandschap, de natuur en de biodiversiteit.

Ons doel We gaan ons inzetten voor het behoud en vergroten van de kwantiteit en kwaliteit van ons unieke landschap, de natuurwaarden en biodiversiteit. Met verdienmodellen voor grondeigenaren als voorwaarde biedt vergroting van kwaliteit en kwantiteit van natuur, landschap en biodiversiteit een bijdrage aan toekomstperspectief. Dat doen we als gebiedspartner, als kartrekker, als beïnvloeder of als overheid die regels stelt. In 2026 hebben we reële stappen gezet voor verbeteren van kwaliteit van landschapselementen, is de biodiversiteit op gemeentegronden toegenomen en gebruiken we onze netwerken om de waarde van natuur, landschap en biodiversiteit aandacht te geven en te versterken.

Hoe leveren we een bijdrage aan de borging van ons unieke landschap en natuur? 1. N2000. We werken samen met vele partners en stakeholders aan de realisatie van de N2000 opgaven. 2. Inpassen projecten. We werken samen met diverse partijen aan hoge kwaliteit van ontwerp, aanleg en beheer van de landschappelijke inpassing van (energie)projecten. Aan deze landschappelijke inpasbaarheid stellen we hoge eisen. 3. Kennis en informatie. We gaan meer inzet plegen op voorlichting en educatie over natuur, landschap en biodiversiteit. Dit doen we samen met onze gebiedspartners. 4. Beleidsstrategie. We evalueren, verbeteren en wijzigen indien nodig onze ambities uit de Omgevingsvisie en de Waardenkaart. 36

5. Knoppen bedienen. Waar kansen liggen gaan we landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal aan de beleidsmatige en strategische knoppen zitten en in deze een voortrekkersrol vervullen. 6. Biodiversiteit. de kansen voor verbetering van biodiversiteit op en aan gemeentegronden worden onderzocht. De onderzoeksresultaten zullen de basis vormen voor een concreet uitvoeringsplan.

Actuele ontwikkelingen Voor de uitvoering van Natura 2000, zijn middelen beschikbaar vanuit de provincie. Ook voor de inzet van ambtelijke ondersteuning is financiering geregeld vanuit de provincie. De verwachting is dat onze betrokkenheid vanuit het programma in 2024 zal afnemen, omdat de voorbereiding van projecten dan grotendeels afgerond zal zijn en onze inzet bij de uitvoering in de lijn (reguliere werkzaamheden) zal worden opgepakt. Om die reden zijn er geen financiële ontwikkelingen verwacht die aanleiding geven tot een aanvullende claim in 2024.

Financiën Buitengebied in Balans Voor de actielijn naar een toekomstbestendige agrarische sector is een incidenteel werkbudget van 400.000 geraamd. De geprogrammeerde bestedingen zijn gerelateerd aan de transitieopgaven van het buitengebied. Het bestedingsritme is sterk afhankelijk van de GGA-NOT die naar verwachting begin 2024 op stoom gaat komen. Actielijn Agro

In geld

2023

2024

2025

2026

10%

20%

30%

40%

€ 40.000

€ 80.000

€ 120.000

€ 160.000

De activiteiten voor 2023 zullen vooral in het teken staan van de voorbereidingen voor het opstellen van uitvoeringsagenda’s. Er zal veel gepraat worden aan allerlei grotere en kleinere tafels om randvoorwaarden en eisen te formuleren die voor alle stakeholders het fundament vormen voor de beoogde transitie. Uiteindelijk draait het in de kern om het bieden van een perspectief. Voor de actielijn ons unieke landschap en natuur worden geborgd is een incidenteel werkbudget van 100.000,- geraamd. De geprogrammeerde bestedingen zijn overwegend gerelateerd aan de transitieopgaven van het buitengebied. Het bestedingsritme is sterk afhankelijk van de GGA-NOT die in eind 2023 begin 2024 op stoom gaat komen.

Actielijn Natuur/landschap

In geld

2023

2024

2025

2026

20%

20%

30%

30%

€ 20.000

€ 20.000

€ 30.000

€ 30.000

37

Programma Iedereen Gezond Inleiding Iedereen Gezond Gezond zijn is veel meer dan niet ziek zijn. Gezondheid gaat over sociale, mentale, financiële (of economische) en fysieke gezondheid. Het doel is dat onze inwoners in 2026: 

Minimaal even gezond en gelukkig zijn (fysiek, mentaal, sociaal en economisch)

En het gevoel van veiligheid behouden ten opzichte van 2021

Wij ontwikkelen een actuele en vernieuwende visie op het sociaal domein. De beschikbare financiële middelen in het gemeentelijke sociale domein worden efficiënt en effectief ingezet, waarbij we prioriteiten stellen, keuzes maken en op zoek gaan naar slimme combinaties. We vertalen onze ambities naar vier actielijnen; 

De zorg voor onze inwoners is op orde

Gezond in je lijf en in je hoofd

Iedereen doet mee

Iedereen is veilig

Actuele ontwikkelingen De zorgkosten nemen toe, meer inwoners maken gebruik van geïndiceerde zorg. Voor de gezondheid van onze inwoners en om de zorg betaalbaar en bereikbaar te houden voor diegene die het echt nodig hebben, zien we een toenemend belang van de inzet op preventie. Landelijk zien we dit onder andere terug in : 

de hervormingsagenda Jeugd

de brede spuk/ gezond en actief leven akkoord

het integraal zorgakkoord

nationaal preventie en sportakkoord.

Op regionaal niveau wordt hier op ingespeeld door te komen met een regionale visie op volksgezondheid, met uitvoeringsdocument met concrete doelen voor GGD Twente onder deze visie voor de komende vier jaar. Tevens wordt gewerkt aan de inkoop van zowel de jeugdzorg als de Wmo. Dat is voor ons als gemeente een moment om te kijken hoe wij ons zorgaanbod willen inregelen, betaalbaar en bereikbaar willen houden. Waarbij het belang van preventie, het voorkomen van een hogere zorgvraag een belangrijk item is. In opvolging aan deze ontwikkelingen willen we lokaal inzetten, op daar waar onze invloed het grootst is, het versterken van de lokale preventie en zorgstructuur. In de huidige preventie en zorgstructuur missen we met name op tactisch en uitvoerend niveau menskracht (zoals een buurtsportcoach) die aan de slag gaan op het gebied van preventie. Tevens missen we of zien we bij onder andere pilots op scholen het belang van lichte vormen van zorg zoals schoolmaatschappelijk werk op de school, een voorliggende dagbesteding, lichte ondersteuning voor opvoed en opgroeiproblemen. Dit vraagt om extra middelen om vanuit een gezamenlijke visie om de lokale preventie en zorgstructuur dichtbij, vanuit een menselijke maat in te richten. 38

Actielijn 1 De zorg voor onze inwoners is op orde Onze ambitie is om pro-actiever en zo vroeg mogelijk met onze partners en inwoners (preventief) te werken aan gezondheid. Wij willen korte lijnen tussen de gemeente, zorgaanbieders en zorgontvangers. Met als doel: zorg menselijker, efficiënter, effectiever en dichtbij. Onze inzet richten we op het organiseren en verbeteren van de korte lijnen door middel van een gebiedsgerichte integrale aanpak van de zorg. We werken actief samen met alle partners in het zorgdomein. Bij deze ambitie past onze financiële inzet op de (areaal-)ontwikkelingen, de POH jeugd-GGZ en de coördinator externe verwijzer.

Ons doel We spannen ons in om de zorg en ondersteuning beter in te richten vanuit het perspectief van inwoner(s), dichtbij en met de menselijke maat als uitgangspunt.

Hoe leveren we een bijdrage aan het op orde komen van de zorg voor onze inwoners? 

Algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We organiseren de algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We nemen daarbij de werkwijze van de dorpsondersteuner in Saasveld als basis. Daarbij positioneren we de kernondersteuner als spil in de kernen op basis van de behoefte in de kernen, met korte lijnen naar Schakel.

Preventief. We werken preventief en zo vroeg mogelijk in meer samenwerking met onze partners en inwoners aan de zorg en ondersteuning voor onze inwoners.

Samenlevingsgericht. We werken samenlevingsgericht. We benutten onze ogen en oren in de wijk beter door pro-actief in gesprek te gaan met onze uitvoerende partners en inwoners. We delen in deze gesprekken trends en ontwikkelingen, zijn alert op de samenhang der dingen en toetsen deze aan ons beleid.

Mantelzorgers. We verbeteren de aandacht en regelingen voor mantelzorgers.

Actielijn 2 Gezond in je lijf en in je hoofd Wij zien een forse opgave als het gaat om overgewicht en alcoholgebruik. Wij willen dat alle inwoners zich bewust zijn van het belang van een gezonde leefstijl. Daarom stimuleren we sport en beweging op basis van maatwerk voor verschillende leeftijdsgroepen. Ook zetten we in op vitale voorzieningen en verenigingen, cultuurbeleving, persoonlijke ontwikkeling en een veilige en gezonde leefomgeving.

Ons doel We leveren, in samenwerking met onze inwoners en partners, een bijdrage aan het bevorderen van een gezondere leefstijl en gezondere leefomgeving voor onze inwoners in 2026. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op terugdringen van overgewicht, overmatig alcoholgebruik en mentale gezondheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan Gezond in je lijf en in je hoofd? 

Van inzicht naar strategische sport en cultuuragenda. We hebben zicht op de meest kwetsbare doelgroepen, trends en ontwikkelingen. Deze vormen de basis voor de strategische agenda voor sport en cultuur.

Bevorderen van gezonde leefstijl en omgeving. We gaan aan de slag met het bevorderen van de gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving. Het accent ligt op sport, cultuur, jongeren en overgewicht en overmatig alcoholgebruik. We brengen het aanbod voor deze doelgroepen in beeld. Daarna ontwikkelen we samen met de betrokken partners en naar behoefte van de samenleving meer/ betere (collectieve) voorzieningen, ondersteuning en/of interventies.

39

Efficiënter en effectiever gebruik van voorzieningen. We zetten in op vitale verenigingen, efficiënter en effectiever gebruik van bestaande voorzieningen en toegankelijke en betaalbare voorzieningen op het gebied van sport en cultuur.

Actielijn 3 Iedereen doet mee Een toegankelijke en inclusieve samenleving betekent dat iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mogelijk meedoet aan de maatschappij. Elke inwoner moet de mogelijkheid hebben mee te doen en zich te ontwikkelen. We zien daarbij vooral een opgave op het gebied van eenzaamheid en armoede. Wij willen vroeger zicht krijgen op gevallen van –verborgen- armoede en dreigende armoede, eenzaamheid, uitsluiting en isolatie. Dit door preventief te werken en proactief onze rol te pakken. Ook zetten we in op een betere benutting van bestaande mogelijkheden en faciliteiten voor jongeren en senioren voor ontmoeting en deelname aan activiteiten. We zorgen ervoor dat het voor onze inwoners gemakkelijker wordt om de weg te vinden naar diensten en algemene voorzieningen.

Ons doel We spannen ons in voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mee kan en mag doen aan de maatschappij. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op inwoners in armoede en eenzaamheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan het uitgangspunt iedereen doet mee? 

Van inzicht naar een strategische inclusie agenda. We hebben zicht op verschillende vormen van armoede en eenzaamheid per kern of doelgroep. We hebben hierbij aandacht voor de identiteit en cultuur van de betreffende kern. Op basis hiervan stellen we een inclusieve agenda op, met accenten op eenzaamheid en armoede.

Ondersteunen van initiatieven. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een inclusievere samenleving

Preventief en proactief. We gaan samenlevingsgericht, pro-actief in gesprek met organisaties en inwoners over bestaande activiteiten en voorzieningen, over trends en ontwikkelingen binnen het sociale domein. We stimuleren hen waar mogelijk initiatief te nemen om het aanbod af te stemmen op nieuwe (kwetsbare) doelgroepen, waarbij bestaande faciliteiten beter worden benut, toegankelijk zijn en waar nodig nieuwe activiteiten en voorzieningen worden toegevoegd.

Actielijn 4 Iedereen is veilig Dinkelland is al jarenlang een van de veiligste gemeentes van ons land. Dit willen we graag zo houden. Bij veiligheid spelen diverse vraagstukken: woonoverlast, (jeugd-)criminaliteit, verkeersveiligheid, huiselijk geweld en ondermijnende criminaliteit. Dit complexe terrein kent dus veel vraagstukken, partijen en instrumenten en dus ook vele verbindingen met ander gemeentelijk en regionaal beleid. We brengen focus aan op en geven de speerpunten van ons beleid vorm. We luisteren daarbij naar signalen uit de samenleving. We willen dat al onze inwoners veilig kunnen wonen, leven en werken.

Ons doel Wij willen één van de veiligste gemeenten van Nederland blijven. Wij hebben vertrouwen in onze huidige aanpak en in de cultuur die onze inwoners in zich dragen. Wij willen de komende periode de nadruk leggen op een viertal overstijgende thema’s, gebaseerd op de laatste burgerpeiling veiligheid (2021). In 2026 kijken we terug op: 

Een meer integrale aanpak van veiligheidsvraagstukken

Een strategisch meerjarenperspectief op het thema veiligheid

Uitlijning van onze lokale inspanningen met regionale inspanningen 40

Hoe leveren we een bijdrage aan Iedereen is veilig We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op veiligheid: 

Strategische agenda: wij sturen op strategisch niveau. De uitkomsten van de burgerpeiling Veiligheid zijn leidend bij het vormen van onze strategische agenda. Wij zijn koersvast in het volgen van deze agenda en gebruiken onze koers om ook deze vraagstukken op andere overlegtafels te agenderen (veiligheidspartners).

Rollen en bevoegdheden. wij geven inzicht in waar verantwoordelijkheden liggen. Welke bevoegdheden heeft de raad? Welke besluiten neemt de burgemeester? Wat is de verhouding tussen gemeentelijke taken, regionale taken en overstijgende verantwoordelijkheden (politie).

Financiën Iedereen Gezond Programma Iedereen Gezond

2023

2024

2025

2026

Werkbudget

50.000

50.000

50.000

50.000

Projectgeld kernondersteuner

12.500

12.500

12.500

12.500

0

0

0

0

Leefbaarheidsfonds

150.000

0

0

0

Totaal

212.500

62.500

62.500

62.500

Mantelzorg

Werkbudget Iedereen Gezond Het werkbudget dat beschikbaar is gesteld voor de ambitie Iedereen Gezond van € 200.000 wordt in eerste instantie evenredig verdeeld over de vier jaren. Kernondersteuner In het programma Iedereen Gezond vindt de implementatie van de kernondersteuner plaats. Hiervoor is incidenteel projectgeld van € 50.000 beschikbaar. Dit bedrag wordt in eerste instantie evenredig verdeeld over de vier jaren. De structurele middelen zijn geborgd bij de basisbegroting programma Sociaal domein. Mantelzorg Vanuit het Rijk heeft de gemeente Dinkelland een decentralisatie-uitkering ontvangen van € 50.000 in 2022. Dit bedrag is toegevoegd aan de reserve collegeakkoord en kan worden ingezet voor het programma Iedereen Gezond. Leefbaarheidsfonds Voor het leefbaarheidsfonds wordt een bedrag van € 150.000 beschikbaar gesteld in het jaar 2023. Jaarlijks zullen we voorstellen het restant over te hevelen naar het volgende jaar. Afhankelijk van het aantal initiatieven en de omvang van de initiatieven is lastig in te schatten in welk jaar welk bedrag benodigd zal zijn.

41

Sportconsulent De doorontwikkeling van de sportconsulent is een inspanning in het programma Iedereen Gezond. De structurele middelen hiervoor zijn geborgd in het Programma Sociaal domein.

Programma Leefomgeving van de toekomst Inleiding Leefomgeving van de toekomst Wij willen een leefomgeving die ook voor onze komende generaties duurzaam, veilig en gezond is. De bodem, het water en de lucht, de natuur, gebouwen en wegen en paden zijn allemaal onderdeel van onze leefomgeving. Door klimaatverandering komt onze leefomgeving onder druk te staan. We zullen ons moeten aanpassen aan veranderende weersomstandigheden zoals hitte, droogte en het vaker voorkomen van hevige neerslag. We moeten anders omgaan met energie en grondstoffen en ons maximaal inzetten om een energietransitie tot stand te brengen gericht op het terugdringen van het verbruik van grondstoffen en het stimuleren van het hergebruik. We doen dit proactief en we doen het samen; de gemeente met haar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties . We bundelen als Noordoost-Twentse gemeenten de krachten in de Energie van Noordoost-Twente. Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat er in 2030 55% minder CO2 uitstoot moet zijn en 50% van de energie duurzaam moet zijn opgewekt. In lijn met die doelstellingen stellen wij voor gemeente Dinkelland ons de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026. Dat is ambitieus en hiervoor moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden.

Trias Energetica: eerst besparen, dan opwekken Doelstellingen realiseren we via een soort “oploopmodel” en het principe van de Trias Energetica: 1. Beperken van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Energie die niet verbruikt wordt, hoeft ook niet opgewekt te worden. We zetten maximaal in op energie besparen. Door onze eigen gebouwen te verduurzamen en door inwoners en bedrijven daartoe te stimuleren en te faciliteren en door initiatieven op dit terrein te ondersteunen. 2. Maximaal gebruik maken van energie uit duurzame bronnen (zoals zon, wind, water, bodem). We richten ons op de opgave die noodzakelijk is vanuit de RES, met een maximale inzet op zon op dak, aangevuld met de noodzakelijke mix van wind en/of zon op land. We stimuleren en faciliteren gebouweigenaren om warmte duurzaam op te wekken, bijvoorbeeld aan de hand van (hybride) warmtepompen. Voor de productie van warmte willen we ook gebruik maken van het potentieel aan biogas en/of groengas in Dinkelland. We benutten kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken (bv waterstof of geothermie) voordoen. 3. Zo efficiënt mogelijk gebruik van (fossiele) energiebronnen om in de resterende energiebehoefte te voorzien; Sommige woningen zijn lastiger te verduurzamen dan anderen. Ook zullen er bedrijven blijven die behoefte hebben aan gas voor hun productieprocessen.

Biogas en/of groengas kunnen oplossingen bieden voor deze gebouwen. Echter moeten we er rekening mee houden dat we nog lange tijd fossiele energiebronnen nodig hebben; deze zullen dan zo efficiënt mogelijk worden ingezet.

42

Samen aan de slag De energietransitie is een forse opgave waar we gezamenlijk – inwoners, ondernemers én overheid - voor aan de lat staan. We nemen hierbij een pro-actieve houding in en nemen inwoners en ondernemers mee in de opgave die er ligt. We faciliteren en ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de gemeente. Hierbij bewaken we de integraliteit en houden we ook de samenhang met andere beleidsterreinen (landelijk gebied, sociaal domein, volkshuisvesting) in beeld en benutten kansen die zich voordoen. Energie van Noordoost Twente We staan als Noordoost-Twentse gemeenten allemaal voor dezelfde (forse) opgave in de energietransitie. Door krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Een aantal jaren geleden is hiervoor het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente opgestart. Deze samenwerking bouwen we de komende periode verder uit. Klimaatvisie De leefomgeving van de toekomst gaat verder dan alleen de energietransitie. Met de ondertekening van het klimaatakkoord hebben we ons gecommitteerd aan de bredere opgave om uiteindelijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast elektriciteit en warmte gaat het om thema's als klimaatadaptatie, circulaire economie, infrastructuur en mobiliteit, natuur en landschap en de landbouw.

Daartoe gaan we de heldere keuzes maken: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s.

43

Actielijnen Het programma Leefomgeving van de Toekomst kent een dynamische agenda. Jaarlijks leiden nieuwe inzichten tot aanvullingen en wijzigingen. De uitkomsten uit de visie en uitvoeringsagenda kunnen leiden tot aanpassing en aanvulling van de actielijnen. Binnen het programma worden drie actielijnen geformuleerd. 

Actielijn 1 Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen & werken

Actielijn 2 Opwek - Duurzame energievoorziening

Actielijn 3 Duurzame mobiliteit

De drie actielijnen vormen samen een specificatie van paragraaf 3.1 Klimaat en duurzaamheid: er tegenaan! uit het college- en raadsakkoord. Paragraaf 3.2 Groen en Bloemen uit het collegeakkoord vindt zijn uitwerking via het Kwaliteitsplan Openbaar Groen (basisbegroting).

Actuele ontwikkelingen Klimaatvisie De huidige ambities ten aanzien van duurzaamheid en klimaat zijn vertaald naar een programma Leefomgeving van de Toekomst in de begroting 2023 inclusief financiële consequenties. Daarmee is reeds een belangrijk inhoudelijk en financieel kader geboden voor de komende periode. In de begroting 2023 is ook opgenomen dat we werken aan een klimaatvisie, waarin heldere worden gemaakt ten aanzien van de opgaven en ambities die we hebben ten aanzien van de uitvoering van het Klimaatakkoord. Vanuit het Klimaatakkoord liggen de opgaven in de volgende sectoren: 44

Gebouwde Omgeving

Elektriciteit

Industrie

Landbouw en Landgebruik

Mobiliteit

Per sector wordt in beeld gebracht: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol, wat is de rol van stakeholders? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s. De klimaatvisie met uitvoeringsagenda is naar verwachting in het najaar 2023 gereed. Op basis van de gestelde ambities en te maken keuzes zullen de financiële en personele consequenties beter in beeld zijn en vertaald worden naar de begroting 2024. De reeds beschikbare gelden vanuit de begroting alsmede de middelen die vanuit het Rijk beschikbaar gesteld zijn vanuit de CDOKE (zie onderstaand), worden hierbij meegenomen. De klimaatvisie wordt via een apart raadsbesluit voorgelegd aan de gemeenteraad. Middelen Regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Er zijn eind april 2023 voor de periode 2023-2025 extra financiële middelen van het Rijk beschikbaar voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Deze specifieke uitkering (Brede doeluitkering BDU) is bedoeld voor het binnenhalen van nieuwe collega’s of externe deskundigen met kennis van klimaat en energie de sectoren vanuit het Klimaatakkoord zoals bovenstaand beschreven, met uitzondering van Landbouw en Landgebruik. Voor Dinkelland is het beschikbare budget per jaar als volgt:

Jaar Budget

2023

2024

2025

€ 474.699

€ 479.005

€ 483.311

Ontwikkeling Samenwerking Energie van Noordoost Twente Voor een deel van de opgaven in de energietransitie, in de sectoren elektriciteit en gebouwde omgeving, werken we sinds een aantal jaren samen met de gemeenten Tubbergen, Losser en Oldenzaal in de Energie van Noordoost Twente. Mede op basis van de toegenomen taken en opgaven vanuit het Klimaatakkoord alsmede de ambities van de gemeenten, wordt bekeken op welke wijze de samenwerking wordt voortgezet, op welke taken de Energie van Noordoost Twente wordt ingezet en wat daarvoor nodig is aan capaciteit en middelen. Deze worden in relatie gebracht tot de consequenties die voortkomen uit de klimaatvisie en vertaald in de begroting 2024. Circulaire economie Het onderwerp Circulaire Economie vormt één van de pijlers van de vrijwillige Twentse milieusamenwerking en is als zodanig vastgelegd in het samenwerkingsprogramma Milieu, Duurzaamheid en Afval (MDA) 2023 en in de gezamenlijke bestuursopdracht MDA 2020-2025. Op 13 April 2023 is door het PHO-MDA besloten dat de sinds 2019 bestaande werkgroep Circulaire Economie doorgroeit naar een Ambtelijk Overleg en dat de ‘Startnotitie Circulaire Economie Twentse gemeenten’ wordt vastgesteld. De Startnotitie vorm het beginpunt van het vervolgtraject met als beoogd resultaat een Koersdocument en Uitvoeringsplan.

In het Koersdocument zal richting worden gegeven, doelen worden gesteld en meer focus worden gebracht. De gemeente Dinkelland heeft nog geen concrete ambities vastgesteld ten aanzien van de Circulaire Economie. Het koersdocument zal een basis vormen om deze ambities verder

45

te concretiseren. Op basis van de nog vast te stellen ambities en keuzes zullen de financiële en personele consequenties beter in beeld zijn en vertaald worden naar de begroting 2024.

Actielijn 1 Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en werken In 2030 zijn twee miljoen Nederlandse woningen van het aardgas af. In 2050 verwarmt, kookt of doucht geen enkel huishouden meer met aardgas. We stappen over op duurzame warmte. Dit is afgesproken in het Nederlandse Klimaatakkoord. Ook bedrijven maken deze ommezwaai, met als doel dat Nederland in 2050 klimaatneutraal is. Gemeenten in Nederland, zo ook gemeente Dinkelland, hebben een grote rol in de overstap naar duurzame warmte. Om de opgave te laten slagen, werken we samen met inwoners aan haalbare en betaalbare oplossingen. We zetten daarbij ook maximaal in op het nemen van energiebesparende maatregelen.

Ons doel In 2050 wonen en werken we energieneutraal en aardgasvrij. Wij ondersteunen inwoners en bedrijven pro-actief in het proces om woningen en gebouwen meer te verduurzamen.

Hoe leveren we een bijdrage aan Verduurzamen – Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en werken We nemen inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties bij projecten en inspanningen in deze actielijn stapsgewijs mee; waarbij de eerste inzet is op bewustwording en informatievoorziening, daarna op advies en afweging om vervolgens tot uitvoering over te gaan. 1. Bewustwording en informatievoorziening Creëren van verdergaand bewustzijn, urgentiebesef en draagvlak onder onze inwoners en ondernemers voor de warmtetransitie door gerichte communicatie voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen. Het energieloket is de basis van onze informatievoorziening. Daarnaast werken we actief samen met lokale groepen (zoals energiecoöperaties) om de kennis actiever en vooral persoonlijker bij de inwoners en ondernemers onder de aandacht te brengen. 2.

3.

4.

Advies en afweging. Er komt veel op onze inwoners, ondernemers en instellingen af. De stap om daadwerkelijk te verduurzamen is voor velen ingewikkeld: welke keuzes kun/moet je maken, wat kost het en wat levert het op? We willen inwoners en ondernemers adviseren en ontzorgen in het proces naar haalbare en betaalbare oplossingen in het verduurzamen van hun woning. We leveren daarvoor een ondersteuningsstructuur (gereedschapskist met verschillende instrumenten en werkwijze), passend bij de eigen specifieke woning en situatie. De instrumenten kunnen op wijkniveau worden ingezet en gemeentebreed. Speciale aandacht is er voor het terugdringen van energiearmoede en het nemen van maatregelen voor de doelgroep die dit het meeste treft. Uitvoering – wijkuitvoeringsplannen. We zetten samen met inwoners en ondernemers het proces in de wijken voort om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen en waar nodig intensiveren we dit. Daarbij kijken we hoe we slim een wijk- of kerngerichte aanpak kunnen combineren met individueel gerichte maatregelen voor alle woningeigenaren in de gemeente. Herijken ambitie en -rolbepaling. Op basis van de opgedane ervaringen in de afgelopen jaren in de wijkuitvoeringsplannen herijken we de warmtevisie en aanpak om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen.

Actielijn 2 Opwek - Duurzame energievoorziening In 2030 moet 50% van de energievoorziening duurzaam zijn opgewekt (en in 2050 volledig). In lijn met die doelstellingen stellen wij voor gemeente Dinkelland ons de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026. Hier willen we samen met inwoners, organisaties en andere gemeenten invulling aan geven. We bundelen de krachten in het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente.

46

Ons doel We moeten meer energie duurzaam opwekken. In 2030 moet 50% van de energievoorziening duurzaam zijn opgewekt (en in 2050 volledig). In lijn hiermee is voor de gemeente Dinkelland de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026.

Hoe leveren we een bijdrage aan Opwek - Duurzame energievoorziening 1. Maatschappelijke acceptatie. Creëren van verdergaand bewustzijn onder onze inwoners over de opgave in de energietransitie. Dit doen we door inwoners meer eigenaar te laten zijn van zowel het probleem als de oplossing. Eigenaarschap van inwoners bereik je niet vanzelf. Goede voorlichting (vergroten van kennis, delen van kennis, voorbeelden en ervaringen), betrekken van inwoners bij processen en projecten en het creëren van handvatten om gedrag te veranderen en inwoners te ontzorgen, zijn noodzakelijk. 2. Vaststellen beleid (en evt. regelingen). Vaststellen van benodigd beleid tbv (grootschalige) duurzame opwek, waaronder het wind- en zonneveldenbeleid. Daarnaast verkennen we de mogelijkheden en behoefte voor het ondersteunen van initiatieven voor duurzame opwek aan de hand van (stimulerings)regelingen. 3. Lokale initiatieven in the lead. Het thema duurzaamheid staat steeds meer op de agenda in de verschillende kernen en het bedrijfsleven. Werkgroepen zijn in opkomst en coöperaties die in kansen denken. De coördinator duurzaamheid heeft een belangrijke functie in de dialoog met inwoners, dorpsraden, werkgroepen en initiatiefnemers. We faciliteren en ondersteunen kansrijke lokale duurzame initiatieven ten behoeve van opwek.

Het Regionaal Energiebedrijf is (in samenwerking met lokale coöperaties) de motor van ontwikkeling van lokale projecten en initiatieven. Lasten lokaal, dan ook lusten lokaal is een belangrijk uitgangspunt, we streven naar een maximale participatiegraad van inwoners/omgeving binnen eventuele toekomstige projecten (minimaal 50%, bij voorkeur 100%). We benutten de kennis en mogelijkheden van partners in het veld (zoals Twence) om realisatie van projecten tot stand te brengen. 4. Regionale en grensoverschrijdende samenwerking. We staan als (NOT-)gemeenten allemaal voor dezelfde forse opgave. Vanuit de krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Vanuit het samenwerkingsverband bundelen we de krachten richting de opgaven vanuit de Regio Twente. We geven invulling aan de Regionale Energie Strategie 2.0, inclusief de vaststelling van de noodzakelijke en gewenste energiemix van wind en zon. 5. Opwek van warmte. Aanjagen, opstarten en faciliteren van biogas in coöperatieve vorm. Door mede aandeelhouder te zijn van de op te richten beheersentiteit ontstaan mogelijk revenuen die ook ingezet kunnen worden voor een andere (duurzame) inspanningen. We onderzoeken de mogelijkheden van geothermie en waterstof en benutten waar mogelijk de kansen.

We volgen nieuwe ontwikkelingen en technieken op de voet en stellen onze acties bij als zich reële kansen voordoen. 6. Opslag. In de verduurzaming van onze energiebehoefte zijn de huidige technieken afhankelijk van niet continue aanwezige hernieuwbare energiebronnen. Energieopslag kan een middel zijn om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. De gemeente wil initiatieven voor energieopslag met een maatschappelijk nut stimuleren.

Actielijn 3

Duurzame Mobiliteit

Ons doel Beter organiseren van slimme, duurzame en zorgeloze mobiliteit zonder emissies.

47

Hoe leveren we een bijdrage aan Duurzame mobiliteit & (Maatschappelijk verantwoord) Inkopen 1. Voorbeeldfunctie. Als gemeente horen we het goede voorbeeld te geven door onze eigen voorzieningen en faciliteiten te verduurzamen. Onder meer stellen we een duurzaam mobiliteitsplan met een route voor het verduurzamen van ons eigen vervoer. 2. Laadinfrastructuur. In lijn met de visie op de laadinfrastructuur wordt uitbreiding van het aantal laadpalen gestimuleerd op de plekken waar dat gewenst is of waar rijders van elektrische auto’s wonen of werken. Voorbeeld daarvan is het overdekken van parkeerplaatsen en deze voorzien van zonnepanelen.

Financiën Leefomgeving van de toekomst Programma Leefomgeving van de toekomst

2023

2024

2025

2026

350.000

350.000

400.000

400.000

Actielijn 1

200.000

200.000

250.000

250.000

Actielijn 2

150.000

150.000

150.000

150.000

Actielijn 3

NB

NB

NB

NB

50.000

50.000

50.000

50.000

200.000 (I)

200.000 (I)

200.000 (I)

200.000 (I)

132.000 (S)

132.000 (S)

132.000 (S)

132.000 (S)

Projectgelden Specificatie:

Werkbudget

Uitvoeringskosten

NB. Uitvoeringskosten Er is een onderzoek gedaan naar de uitvoeringslasten van het klimaatakkoord, vertaald in een rapport ‘uitvoeringslasten klimaatakkoord” Deze geeft een helder beeld van de taken voor gemeenten voor de komende periode tot en met 2030. Op basis van de nog op te stellen klimaatvisie en de daarin gestelde ambities en te maken keuzes zullen de financiële en personele consequenties beter in beeld zijn. In de begroting 2024 kan dit leiden tot significantie mutaties. De kaders en middelen die vanuit het Rijk gesteld zijn worden hierin meegenomen. In het regeerakkoord zijn reeds substantiële bedragen opgenomen voor uitvoering van het klimaatakkoord, variërend van 300 miljoen in 2023 tot 800 miljoen in 2025. Daadwerkelijke toewijzing per gemeente moet nog volgen. NB. Projectgelden Voor uitvoering van de inspanningen is 1,5 miljoen euro aan incidentele middelen beschikbaar. In de actielijnen wordt een specificatie en indicatie gegeven de budgetten per actielijn. Vanuit de op te stellen visie en de daarin te maken keuzes zal een voorstel komen voor het daadwerkelijk benodigde uitvoeringsbudget.

48

Programma Leefbare kernen Inleiding Leefbare kernen Het leven van onze inwoners speelt zich grotendeels af in de kernen waarin ze wonen. Daar moet het goed zijn qua wonen, werken en sociaal leven. Deze elementen moeten in balans zijn. Voldoende woningbouwmogelijkheden biedt kansen om binnen onze gemeente te blijven wonen. Inwoners met een sterke verbondenheid aan hun kern leveren een grote bijdrage aan het sociale- en verenigingsleven. De combinatie met voldoende werkgelegenheid biedt vervolgens perspectief op een krachtige kern, waar onze inwoners graag verblijven en onderdeel van willen zijn. In het bijzonder kijken wij hierbij naar de kansen voor onze jeugd. De vitaliteit van Dinkelland in de toekomst wordt immers in belangrijke mate bepaalt door de mogelijkheden die jongeren hebben op het gebied van wonen, werken, recreëren en vrijetijdsbesteding. We realiseren ons dat het leefbaar houden van de kernen een doorlopende inspanning vraagt. In de huidige 4 jaar zullen we vooral inzetten op de meerjarige woningbouwprogrammering, het vitaal houden van verblijfsgebieden en het stimuleren van een gezond ondernemersklimaat. We vertalen onze ambities naar 2 actielijnen: 

Voor iedereen een passende woning

Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen

Actielijn 1 Voor iedereen een passende woning Er is een grote behoefte aan passende woningen. Ook in Dinkelland is de vraag groter dan het aanbod. De meest urgente woningbehoefte ligt bij starters en senioren. Daarop zijn onze nieuwbouwinspanningen vooral gericht. Ons doel is om de huidige onbalans tussen vraag en aanbod van passende woningen te beperken en op te heffen. Kernen zijn verschillend in de behoefte aan woningen. Daarom zijn we in gesprek om te kijken wat bij elke kern past. We willen diversiteit in woningbouw. Het gaat hierbij om huur en koop voor verschillende doelgroepen. Daarbij zien we ook een toename van de vraag naar flexibele woningbouw. We willen inzetten op een actief grondbeleid en creatieve oplossingen onderzoeken voor financiering van plannen, zodat nieuwe woningen voor meer doelgroepen beschikbaar en betaalbaar worden.

Ons doel Wij willen sturen op een meerjarige woningbouwprogrammering. Via ons grondbedrijf treden wij op als ontwikkelaar. Via ons ruimtelijk en planologisch instrumentarium faciliteren wij particuliere initiatiefnemers en projectontwikkelaars. Wij willen het grootste gedeelte van de geprognosticeerde woningbehoefte tot 2030 de huidige bestuursperiode realiseren. Wij stellen op basis van de “harde plancapaciteit” concrete doelen over hoeveel kavels/woningen wij periodiek op de markt brengen (of laten brengen). In 2026 kijken we terug op een woonbeleid dat uitvoeringsgericht is geweest, waarbij: 

in elke kern nieuwe mogelijkheden voor woningbouw zijn ontstaan, passend bij de lokale behoefte;

wij de doorstroming in de kernen op gang hebben gebracht;

wij een bijdrage hebben geleverd aan een betere betaalbaarheid van woningen;

wij een begin hebben gemaakt met de woningvraag van de toekomst, 2030 en verder, uitgaande van opgaven voortkomend uit vergrijzing, veroudering van woningen en verduurzaming;

een aanbod met flexibele woonproducten hebben gerealiseerd voor mensen met een urgente woonvraag. 49

Hoe leveren we een bijdrage aan Voor iedereen een passende woning We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw: 

Aan het stuur zitten. We spannen ons via ons grondbedrijf in om nieuwe woningbouwplannen op de markt te brengen. We zijn proactief, verwerven gronden op strategische locaties en zorgen voor een continue planvoorraad en beschikken over een meerjarenprogrammering woningbouw.

Faciliterend. We zijn gesprekspartner voor particuliere initiatiefnemers. We adviseren over de ontwikkelkansen van locaties en geven kaders mee voor welke doelgroepen ontwikkeld moet worden.

Samenlevingsgericht werken met gebieden en doelgroepen. We participeren in ontwikkeltrajecten in de kernen om toekomstbestendig te zijn. Indien vrijkomende locaties ontstaan onderzoeken wij hoe dergelijke locaties kunnen bijdragen aan het woonbeleid.

Financieren. Wij stimuleren de herontwikkeling van inbreidingslocaties, ook wanneer herontwikkeling financieel uitdagend is. Door middels van de stimuleringsregeling kunnen wij een bijdrage leveren aan het haalbaar maken van een herontwikkelingslocatie. Ook onderzoeken wij alternatieve financieringsvormen.

Actuele ontwikkelingen De woningmarkt is in beweging. Hoewel de vraag naar woningen nog steeds groot is zien wij een aantal trends en ontwikkelingen, waardoor wij ons perspectief op woningbouw moeten actualiseren. 

Door een stijging van de (hypotheek)rente en verhoging van materiaalkosten en arbeid is de betaalbaarheid van woningen verder onder druk komen te staan. Het tot uitvoering brengen van ons woningbouwprogramma wordt hierdoor een grotere uitdaging. Wij blijven inzetten op het bieden van perspectief voor elke kern, waarbij differientiatie in woningbouwaanbod centraal staat. Daarnaast willen wij versnellen op een aantal thema's. Zie versnellingsagenda hieronder.

De Woningstichting heeft haar portefeuillestrategie aangepast. Waar men eerder uitging van het afstoten van vastgoed heeft men nu het beleid verlegd naar het bijbouwen van nieuwe sociale huurwoningen en verduurzamen van bestaand vastgoed. Dit draagt bij aan de doelstellingen van onze woningbouwopgave. Wij zullen in meer woningbouwplannen kunnen voorzien in sociale huur.

Wij zien dat de huisvesting van statushouders steeds lastiger wordt, ook in relatie tot de stijgende vraag naar sociale huurwoningen door reguliere woningzoekers. Daarbij zien wij dat de taakstelling voor huisvesting van statushouders elk half jaar hoger wordt. Een groter aanbod aan sociale huurwoningen zal op termijn kunnen voorzien in deze woonvraag. In tussentijd verkennen wij ook mogelijkheden van transformatie van bestaand vastgoed. Daarnaast zien wij in de breedte van woningzoekenden met spoed (spoedzoekers) een aanvullende behoefte aan alternatieve woonvormen. Wij betrekken in onze planvorming verschillende woonvormen zoals CPO, hofjeswonen, flex en prefab.

Met betrekking tot onze volkshuisvestelijke opgaven zien wij voor ouderen een verschuiving van beleid. De Rijksoverheid beweegt toe naar een aanpak waarbij alleen voor de zwaarste (zorg)indicatiestelling integrale huisvesting met zorg kan worden geboden. Dat betekent dat in de toekomst (nog) meer moet worden ingezet op het thuis kunnen blijven wonen met zorg op afroep c.q. beschikbaar in directe omgeving. Zorgverleners geven aan dat verspreide ligging van de zorgvraag in de toekomst problematisch wordt. Deze ontwikkeling moet worden betrokken bij onze volkshuisvestelijk opgave en zo mogelijk leiden tot clustering van woningen in woongebieden met zorg.

50

Versnellingsagenda Wij zijn voornemens om te versnellen op het behalen van onze doelstellingen. Wij willen middelen aanwenden voor zelfstandige projectleiding en onderzoek, waarbij hoofdzakelijk wordt ingegaan op: 

nieuwe financieringsvormen om de betaalbaarheid van woningen te vergroten;

aanbestedingsvormen om de markt meer te betrekken bij het realiseren alternatieve woonvormen, zoals duplex en prefab;

woonarrangementen van de toekomst waarin middels nieuwe woonvormen en constructies zelfstandig kunnen blijven wonen centraal staat.

Actielijn 2 Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen Het bieden van een economisch perspectief en werkgelegenheid heeft een nauwe relatie met voldoende ontwikkelruimte voor bedrijven en voor plekken waar bedrijven zich vestigen. Daarbij ligt de nadruk op behoud en versterking van het lokale bedrijfsleven. We zien de sociaaleconomische ontwikkelingen binnen onze gemeente niet los van ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen. Er is een gezamenlijk belang voor brede versterking van de economie in Twente. Daarbij staat maatschappelijk verantwoord ondernemen centraal. Wij willen ondernemers stimuleren om zich te richten op nieuwe marktkansen, groei en innovatie met winst voor mens, maatschappij en milieu. Wij betrekken deze visie bij de gesprekken met onze ondernemers en dragen deze boodschap uit in Twents verband.

Ons doel Wij willen een bijdrage leveren aan een sterke economische sector. Wij willen dat ons bedrijfsleven participeert en profiteert van de ontwikkelingen in Noordoost Twente en de regio Twente. Wij verbinden partijen via ons netwerk binnen de 3O’s. Daarnaast herkennen wij in onze gemeente een sterke vorm van vrijetijdseconomie, waarbij wij inzetten op kwalitatief toerisme. In 2026 kijken we terug op: 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/713/documents/19866