Omgevingsplan Grotestraat 4 Rossum Bijlagen bij de motivering_Bijlage 9 Nader soortenonderzoek
Tekst van het document
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum Projectnummer: 2024-0637 Datum: 22-10-2024 Versie 1.0 Opdrachtgever: Horich B.V. Yorrick Grobben
Ben ten Oever
Adviseur Ecologie
Projectleider Ecologie
y.grobben@lycens.nl
b.tenoever@lycens.nl
M 06 573 185 03
M 06 160 074 42
Inhoudsopgave 1. Inleiding .................................................................................................................................... 4 2. De ontwikkeling ...................................................................................................................... 5 2.1. Plangebied ............................................................................................................................................................ 5 2.2. Voorgenomen activiteiten ................................................................................................................................. 6 2.3. Onderzoeksgebied .............................................................................................................................................. 8
3. Het onderzoek ......................................................................................................................... 9 3.1. Methode ................................................................................................................................................................. 9 3.2. Bezoeken ............................................................................................................................................................. 10 3.3. Resultaten ........................................................................................................................................................... 11 3.4. Wettelijke consequenties ............................................................................................................................... 13
4. Conclusie................................................................................................................................ 15
3
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
1.
Inleiding
Er zijn concrete plannen voor de realisatie van woningen aan Grotestraat 4 te Rossum (Overijssel). Om ruimte te creëren dient een deel van een bestaand pand gesloopt te worden. In het kader van de Zorgplicht (Art. 11.27, Bal) dient, wanneer negatieve effecten op beschermde flora- en faunasoorten op voorhand niet uit te sluiten zijn, een quickscan ecologisch onderzoek uitgevoerd te worden om de aanwezige en potentieel aanwezige, beschermde natuurwaarden in beeld te brengen. Uit de quickscan kwam naar voren dat de aanwezigheid van een verblijfplaats van vleermuizen en een nestplaats van huismussen en gierzwaluwen in de bebouwing niet uitgesloten kunnen worden en er gericht onderzoek noodzakelijk is. Vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen en hun verblijfplaatsen/nestplaatsen zijn strikt beschermd en mogen alleen negatief beïnvloed worden indien een vergunning van de Omgevingswet is verkregen. Om volledig inzicht te krijgen in de betekenis van de bebouwing/beplanting voor de betreffende diersoorten is besloten gericht onderzoek te verrichten naar deze soorten, conform Vleermuisprotocol 2021, Kennisdocument Huismus (Bij12, versie 2.1, februari 2023) en Kennisdocument Gierzwaluw (Bij12, versie 2.0, juli 2023). In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de ontwikkeling. In hoofdstuk 3 wordt het onderzoek beschreven.
Daarbij komt de onderzoeksmethode, de bezoeken, de resultaten van het onderzoek en de wettelijke consequenties in het kader van de Omgevingswet aan bod. In hoofdstuk 4 komt de conclusie aan de orde.
4
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
2.
De ontwikkeling
2.1.
Plangebied
Situering Het plangebied is gesitueerd aan de Grotestraat 4 te Rossum. De locatie ligt in de aan de rand ten oosten van de woonkern Rossum en wordt omgeven door zowel stedelijk als landelijk gebied. In figuur 2.1 wordt de globale ligging van het plangebied weergegeven op een topografische kaart.
Figuur 2.1: Globale ligging van het plangebied
Beschrijving Het plangebied bestaat uit een café partycentrum met aan de zuidoostzijde parkeerplaatsen waar paardenkastanjes en lindes staan. In het noordwestelijke gedeelte van de bebouwing bevindt zich het café welke bestaat uit witte bakstenen buitengevels met luchtspouw. Het dak is gedekt met dakpannen. Daarnaast beschikt het pand over een windveer. Op deze windveer zijn kantpannen aanwezig waarvan enkele niet nauw aansluiten. Wel is er ruimte tussen de loodslab en de dakpannen aanwezig en is er een deel in de hoek gelegen waar zich geen dakpannen bevinden. Er bevinden zich enkele kozijnen in elke windrichting welke nauw aansluiten op de buitengevel. Aan de oostzijde bevindt zich een opening in de buitengevel. Verder bevat het pand gevelbetimmering aan de noordwest- en zuidoostzijde welke nauw aansluiten op de buitengevel en bevindt er zich een uitbouw aan de oostzijde. In figuur 2.2 wordt de begrenzing van het plangebied weergegeven.
5
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
Figuur 2.2: Begrenzing van het plangebied
2.2.
Voorgenomen activiteiten
Initiatiefnemer is voornemens een deel van het café partycentrum te slopen en nieuwbouw te realiseren in de vorm van 5 starterswoningen, 4 appartementen en 5 levensloopbestendige woningen. Er worden i.v.m. de kastanjebloedingsziekte enkele paardenkastanjes geveld en vervangen door een duurzaam soort. Ook worden er enkele lindes gekapt en vindt er grondverzet plaats. Na het realiseren van de nieuwbouw zal er verharding worden aangelegd en worden de gevelde bomen elders in het plangebied gecompenseerd oor een duurzaam soort. Figuur 2.3 geeft de te slopen bebouwing met een rood kruis weer. Figuur 2.4 geeft een impressie van het wenselijke eindbeeld weer.
6
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
Figuur 2.3: Verbeelding van de te slopen bebouwing met een rood kruis
Figuur 2.4: Verbeelding van het wenselijke eindbeeld
7
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
De volgende flora- en fauna-activiteiten worden getoetst op relevantie t.a.v. de Omgevingswet: •
slopen bebouwing;
•
rooien beplanting;
•
verwijderen verharding;
•
bouwrijp maken bouwplaats;
• •
bouwen woningen; aanleggen verharding en beplanting.
2.3.
Onderzoeksgebied
Om de effecten van de voorgenomen activiteiten goed in beeld te kunnen brengen, is het van belang ook buiten het plangebied te kijken. In voorliggend geval grenst het plangebied aan openbare ruimte. Vanwege de werkzaamheden wordt het onderzoeksgebied vastgesteld door het plangebied met 15 meter te verruimen (zie figuur 2.5).
Figuur 2.5: Begrenzing van het plangebied en het onderzoeksgebied
8
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
3.
Het onderzoek
3.1.
Methode
Vleermuizen Het onderzoek naar vleermuizen is uitgevoerd conform het vleermuisprotocol 2021. Voor het in kaart brengen van vleermuizen is zowel visueel als auditief geïnventariseerd. Met behulp van een Echo Meter Touch 2 met opname- en vertragingsfunctie en een Batlogger M is de echolocatie die vleermuizen uitzenden voor ons hoorbaar gemaakt. Op basis van frequentie, klank en ritme zijn met zekerheid de soorten bepaald. Door de dieren ook zoveel mogelijk visueel waar te nemen is de determinatie geverifieerd en is het gedrag (en daarmee vaak de functie van het gebied) vastgesteld. Dit onderzoek is specifiek gericht op het in kaart brengen van verblijfplaatsen, soortsamenstelling en gebiedsgebruik. Tijdens het onderzoek is ook gebruik gemaakt van een warmtebeeldcamera (Pulsar Helion xq28). Een dergelijke camera is van grote meerwaarde bij het waarnemen met zwermende dieren, tijdens de baltsperiode en voor het waarnemen van vleermuizen met een extreem zachte sonar, zoals de gewone grootoorvleermuis. Het onderzoek is opgezet om duidelijkheid te krijgen over de functie van de bebouwing als verblijfplaats voor vleermuizen. Het onderzoek is afgestemd op het mogelijk voorkomen van de volgende soorten: gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger, gewone grootoorvleermuis, rosse vleermuis en meervleermuis. Het gebouw lijkt geschikt als zomer-, kraam-, en paarverblijfplaats.
Het onderzoek is uitgevoerd door te posten met een batdetector bij de te slopen bebouwing. De onderzoekers hebben het onderzoeksgebied te voet bezocht waarbij specifiek gelet is op uit- en invliegende dieren en baltsende mannelijke gewone- en ruige dwergvleermuizen in het najaar. Per bezoek waren twee onderzoekers aanwezig. Gelet op de omvang van het object is dat voldoende om een goed beeld te krijgen van mogelijk aanwezige vleermuizen. Huismussen Het onderzoek naar de huismus is uitgevoerd conform de richtlijnen zoals die zijn opgenomen in het kennisdocument Huismus (Bij12, versie 2.1, februari 2023). Er zijn drie gerichte bezoeken aan het onderzoeksgebied gebracht, waarvan er één in de periode 1 april – 15 mei, en twee in de periode 10 maart – 20 juni. Deze bezoeken zijn afgelegd in de ochtend. Daarbij is gelet op territorium indicerend gedrag, zoals tjilpende mannetjes, voervluchten en hoorbaar bedelende jongen. Het onderzoek is uitgevoerd door één onderzoeker. Deze onderzoeker heeft het onderzoeksgebied te voet onderzocht. Daarbij is gebruik gemaakt van een verrekijker. Ook tijdens de overige bezoeken is gelet op de aanwezigheid van huismussen. Gierzwaluw Het onderzoek naar de gierzwaluw is uitgevoerd conform de richtlijnen zoals die zijn opgenomen in het kennisdocument Gierzwaluw (Bij12, versie 2.0, juli 2023).
Het onderzoek naar de aanwezigheid van een nest van een gierzwaluw moet op basis van waarnemingen van het in- of uitvliegen vanaf 15 mei tot en met 15 juli worden uitgevoerd, maar de meest geschikte periode is 1 juni tot en met 15 juli. Er zijn drie gerichte bezoeken aan het onderzoeksgebied gebracht op 4 juni, 26 juni en 11 juli. Deze bezoeken zijn afgelegd in de avond. Het onderzoek is uitgevoerd door twee onderzoekers. Deze onderzoekers hebben het onderzoeksgebied te voet onderzocht. Daarbij is gebruik gemaakt van een verrekijker en het afspelen van geluid van mogelijke nestplaatsen. Ook tijdens de overige bezoeken is gelet op de aanwezigheid van gierzwaluwen.
9
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
3.2.
Bezoeken
Vleermuizen Voor het in beeld brengen van de betekenis van de bebouwing voor vleermuizen zijn vijf verschillende bezoeken aan het onderzoeksgebied gebracht. De bezoeken in juni en juli zijn uitgevoerd voor het in kaart brengen van kraam- en zomerverblijven, het bezoek in augustus en september is uitgevoerd voor het vaststellen van paarverblijven van de gewone dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis. Gezien de onderzoek duur van zes uur bij deze bezoeken zijn deze bezoeken opgedeeld in twee rondes van drie uur, uitgevoerd door twee keer twee andere ecologen. In tabel 3.1 worden de verschillende bezoekdata weergegeven. Tabel 3.1: Bezoekschema vleermuisonderzoek in het onderzoeksgebied Datum
Tijdstip
Zon op/ zon onder
Aantal onderzoekers
Doel
Weersomstandigheden
04-06-2024
21:30-00:00
21:48
2
Zomerverblijfplaatsen
Halfbewolkt, Tb 16⁰C Te 14⁰C,
& kraamkolonies
droog, wind 1 Bft
Zomerverblijfplaatsen
Lichtbewolkt, Tb 19⁰C Te 18⁰C,
& kraamkolonies
droog, wind 0-1 Bft
Zomerverblijfplaatsen
Heldere hemel, Tb 12⁰C Te 10⁰C,
& kraamkolonies
droog, wind 1 Bft
Paar- & massawinter
Zwaar bewolkt, Tb 19⁰C Te 14⁰C,
verblijfplaatsen
droog, wind 0-1 Bft
Paar- & massawinter
Bewolkt, Tb 16⁰C Te 13⁰C, droog,
verblijfplaatsen
wind 0-1 Bft
26-06-2024 15-07-2024 21-08-2024 10-09-2024
21:58-00:00 03:30-05:30 20:30-02:00 20:00-02:00
21:58 05:29 20:44 19:59
2 2 2x2 2x2
Huismussen De bebouwing in het onderzoeksgebied is driemaal onderzocht in het voorjaar 2024. Het onderzoeksgebied is in de ochtend bezocht op 8 mei, 3 juni en 13 juni 2024. In tabel 3.2 worden de bezoekdata weergegeven met bijbehorende gegevens. Tabel 3.2: Bezoekschema huismusonderzoek Datum
Tijdstip
Zon op/ zon onder
Aantal onderzoekers
Doel
Weersomstandigheden
08-05-2024
10:00-11:00
05:48
1
Nestplaatsen
Halfbewolkt, Tb 16⁰C Te 18⁰C, droog,
03-06-2024
08:00-09:00
05:15
1
Nestplaatsen
13-06-2024
08:00-09:00
05:10
1
Nestplaatsen
wind 0-1 Bft Halfbewolkt, Tb 12⁰C Te 13⁰C, droog, wind 2 Bft Lichtbewolkt, Tb 11 Te 12⁰C, droog, wind 2 Bft
Gierzwaluw De bebouwing in het onderzoeksgebied is driemaal onderzocht in het voorjaar en zomer van 2024. In tabel 3.2 worden de bezoekdata weergegeven met bijbehorende gegevens. Tabel 3.2: Bezoekschema gierzwaluwonderzoek Datum
Tijdstip
Zon op/ zon onder
Aantal onderzoekers
Doel
Weersomstandigheden
04-06-2024
20:18-22:18
21:48
2
Nestplaatsen
Halfbewolkt, Tb 16⁰C Te 15⁰C, droog,
26-06-2024
20:28-22:28
21:58
2
Nestplaatsen
11-07-2024
20:21-22:21
21:51
2
Nestplaatsen
wind 1 Bft Lichtbewolkt, Tb 20⁰C Te 18⁰C, droog, wind 0-1 Bft Lichtbewolkt, Tb 18⁰C Te 17⁰C, droog, wind 0-1 Bft
Overige soorten Tijdens de veldbezoeken is ook gekeken naar andere beschermde soorten met een rust- of voortplantingsplaats in en nabij het onderzoeksgebied.
10
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
3.3.
Resultaten
Vleermuizen
Verblijfplaatsen Tijdens alle bezoeken zijn er enkele vleermuizen waargenomen (figuur 3.1). Tijdens het derde bezoek is er om 05:00 uur een gewone dwergvleermuis het gebouw zien betreden (figuur 3.2). Verder zijn er tijdens de overige bezoeken geen verblijfplaatsen waargenomen. Wel is er tijdens de vijfde ronde tussen 00:00 en 01:00 constant baltsgedrag waargenomen van een gewone dwergvleermuis aan de zuidelijk zijde van het plangebied. Mannetjes vliegen tijdens de balts vaak roepend rond waarbij ze veelal vaste trajecten gebruiken. Dit maakt het lastig om de exacte locatie van de paarverblijfplaats te traceren. Door het waarnemen van de baltsactiviteit rondom de zuidelijke zijde is het aannemelijk dat de gewone dwergvleermuis een paarverblijfplaats in de woning bezet gezien er geen holtes in de bomen aanwezig zijn. Vermoedelijk bevindt zich een paarverblijfplaats in de zuidgevel van de woning op de locatie van de zomerverblijfplaats.
Figuur 3.1: Resultaten verspreidingsonderzoek vleermuizen
11
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
Figuur 3.2: verblijfplaats gewone dwergvleermuis
Foerageergebied Tijdens alle veldbezoeken werden 1 tot 3 foeragerende gewone dwergvleermuizen waargenomen. Deze vleermuizen foerageerden rond de bomen in het zuiden en noorden van het onderzoeksgebied. Naar verwachting zal het verwijderen van de bomen leiden tot een marginaal verlies van foerageerbiotoop. In de directe omgeving van het onderzoeksgebied blijft voldoende opgaande beplanting behouden waar vleermuizen kunnen foerageren. Het onderzoeksgebied wordt dan ook niet als essentieel foerageergebied beschouwd.
Vliegroute Er zijn vele vliegbewegingen van de gewone dwergvleermuis in het onderzoeksgebied waargenomen. Hoofdzakelijk ging het om waarschijnlijk dezelfde dieren welke aan het foerageren waren. Tijdens het vierde veldbezoek is er een laatvlieger langs zien en horen vliegen aan de westelijk zijde van het onderzoeksgebied. In stedelijk gebied is dit typerend voor vliegbewegingen van vleermuizen doordat veel verschillende lijnvormige elementen gebruikt worden als vliegroute. Door de aanwezigheid van diverse elementen rondom het onderzoeksgebied worden de elementen binnen het onderzoeksgebied niet als essentieel beschouwd. Huismussen Er zijn geen aanwijzingen wat doen blijken dat huismussen een nestplaats in de bebouwing van het onderzoeksgebied bezetten. Er zijn weliswaar baltsende mannetjes en foeragerend vrouwtjes gezien en gehoord in de vegetatie van het onderzoeksgebied, maar deze nestelen vermoedelijk onder de dakpannen bij huisnummer zeven en vijftien aan de overkant van de Grotestraat. Hier zijn namelijk ook baltsende huismussen waargenomen op de daken van de woningen. Er zijn geen voervluchten naar de bebouwing in het onderzoeksgebied waargenomen en zijn er geen baltsende mannetjes op het dak van de bebouwing in het onderzoeksgebied waargenomen. De groenelementen in het onderzoeksgebied maken wel onderdeel uit van het leefgebied van de huismus.
Het onderzoeksgebied wordt niet als essentieel leefgebied beschouwd, aangezien er voldoende andere groenelementen in de directe omgeving van de vermoedelijke nestplaatsen aanwezig zijn. Figuur 3.3 laat de waarnemingen in en rondom het onderzoeksgebied zien op een topografische kaart.
12
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
Figuur 3.3: Resultaten verspreidingsonderzoek vogels
Gierzwaluw Tijdens de bezoeken is er weinig activiteit van gierzwaluwen waargenomen. Er zijn enkel hoog overvliegende dieren gezien. Dit zijn foeragerende dieren waarvan de nestplaats in de omgeving aanwezig is, maar niet in de directe omgeving of in het onderzoeksgebied. Er zijn namelijk geen laagvliegende- of in-/uitvliegende dieren waargenomen, ook zijn er geen gierende gierzwaluwen gehoord. Figuur 3.3 geeft de waarnemingen van hoogvliegende dieren in en rondom het onderzoekgebied weer. Overige soorten Er zijn tijdens het veldwerk geen aanwijzingen gevonden dat overige beschermde diersoorten een rust- of voortplantingsplaats bezetten in het onderzoeksgebied.
3.4.
Wettelijke consequenties
Vleermuizen Vleermuizen en hun verblijfplaatsen zijn beschermd en mogen alleen met een vergunning negatief beïnvloed worden. Voor het uitvoeren van voorgenomen activiteiten dient een vergunning te worden aangevraagd. In totaal is met zekerheid één zomer-/paarverblijfplaats aangetroffen in de woning. Om een vergunning te kunnen krijgen dient onder andere sprake te zijn van een wettelijk belang. Tevens dient gewerkt te worden buiten de kwetsbare periode. Het onderzoeksgebied maakt geen onderdeel uit van een essentiële vliegroute en het onderzoeksgebied heeft geen functie als essentieel foerageergebied voor vleermuizen.
13
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
Huismussen In het onderzoeksgebied worden geen nestplaatsen aangetast en er gaat geen essentieel leefgebied verloren. Het slopen van de bebouwing en het rooien van beplanting in het onderzoeksgebied leidt niet tot wettelijke consequenties in het kader van de Omgevingswet voor de huismus. Gierzwaluw Er zijn enkel hoogvliegende dieren waargenomen boven het onderzoeksgebied. Op basis van het uitgevoerde onderzoek wordt uitgesloten dat de gierzwaluw een vaste nestplaats in het onderzoeksgebied bezit en dat het onderzoeksgebied essentieel leefgebied vormt. Het slopen van de bebouwing en het rooien van beplanting in het onderzoeksgebied leidt niet tot wettelijke consequenties in het kader van de Omgevingswet voor de gierzwaluw. Overige soorten Binnen het onderzoeksgebied zijn diverse vogelsoorten waargenomen. Werkzaamheden die kunnen leiden tot het verstoren/vernielen van vogelnesten dienen buiten de voortplantingsperiode van vogels uitgevoerd te worden. De meest geschikte periode om de voorgenomen activiteiten uit te voeren is september-februari.
14
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024
4.
Conclusie
In het voorjaar, de zomer en het najaar van 2024 is de bebouwing in het onderzoeksgebied onderzocht op de aanwezigheid van een verblijfplaats van vleermuizen en op nestplaatsen van vogelsoorten. Het onderzoek is uitgevoerd volgens het daarvoor geldende protocol en kennisdocument en is volledig en onder gunstige weersomstandigheden uitgevoerd. Uit het nader onderzoek naar vleermuizen is gebleken dat er één verblijfplaats (zomer en paar) van de gewone dwergvleermuis in de onderzochte bebouwing is vastgesteld. Om werkzaamheden uit te mogen voeren, met nadelige gevolgen voor de vleermuizen en hun verblijfplaatsen, dient een vergunning aangevraagd te worden. Daarnaast dient gewerkt te worden buiten de kwetsbare periode. Er wordt geen essentiële vliegroute of essentieel foerageergebied aangetast. Uit het onderzoek is gebleken dat er geen nestplaats de huismus en/of de gierzwaluw in de onderzochte bebouwing vastgesteld. Tevens vormt het onderzoeksgebied geen essentieel foerageergebied of leefgebied voor de huismus en/of gierzwaluw. Het slopen van de bebouwing en het rooien van beplanting leidt niet tot wettelijke consequenties in het kader van de wet- en regelgeving voor de huismus en gierzwaluw.
15
Nader Soortenonderzoek Grotestraat 4, Rossum
22-10-2024