Nieuwsbrief PAUW septembercirculaire 2022.pdf
Tekst van het document
23 SEPTEMBER 2022
NIEUWSBRIEF
1. Inleiding Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de vertaling van de Miljoenennota, december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De septembercirculaire 2021 is een dag na Prinsjesdag verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de actualisatie van het accres op basis van de Miljoenennota en een eenmalige rijksbijdrage in 2026. We hebben de circulaire voor jou verwerkt in PAUW. In deze nieuwsbrief geven we een toelichting en aanwijzingen voor de verwerking in PAUW. De nieuwsbrief bestaat uit een algemeen deel met informatie, die je nodig hebt om de circulaire te verwerken en een bijlage. Beide onderdelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Belangrijkste onderwerpen: ▪ De accressen vanaf 2023 tot en met 2026 zijn bijgewerkt op basis van de regels van de huidige normeringmethodiek. De mutaties ten opzichte van de stand van meicirculaire 2022 zijn als volgt: Per jaar Cumulatief - 2023: € 389 miljoen € 389 miljoen - 2024: € 90 miljoen € 479 miljoen - 2025: € 44 miljoen € 523 miljoen - 2026: € 60 miljoen € 583 miljoen - 2027: € 82 miljoen -/€ 501 miljoen Door afspraken deze zomer tussen de VNG en BZK zijn er geen wijzigingen in het jaar 2022. ▪ Het volume-accres is voor de jaren 2022 tot en met 2025 vastgezet op de stand van de meicirculaire 2022.
▪ Een voorschot op de onderschrijding van het BTW-compensatiefonds (BCF) plafond 2022 van € 320,9 miljoen. ▪ Een eenmalige rijksbijdrage van € 1 miljard in 2026. ▪ Zeven taakmutaties, waaronder de taakmutatie in verband met Energietoeslag. ▪ Er worden zes nieuwe decentralisatie-uitkeringen gepresenteerd. De grootste mutatie betreft de decentralisatie-uitkering Invoeringskosten Omgevingswet met € 150,9 miljoen in 2022. ▪ In acht bestaande decentralisatie-uitkeringen zijn wijzigingen aangebracht in het macrobudget. ▪ De verdeling van de bedragen per gemeenten wijzigt bij twee decentralisatie-uitkeringen ten opzichte van de meicirculaire 2022. De omvang van deze decentralisatie-uitkeringen wijzigt niet. ▪ In deze circulaire vindt de actualisatie plaats van de maatstaven re-integratie klassiek, medicijngebruik, gemiddeld gestandaardiseerd inkomen, minderheden, minderheden met drempel, uitwonende studenten en personen in zorginstellingen. ▪ In verband met de definitieve compensatie inkomstenderving 2021 voor corona wordt een vooraankondiging gedaan. ▪ Procesmededelingen over de onderzoeksagenda herijking verdeling gemeentefonds. In de nieuwsbrief worden macrobedragen in miljoenen euro genoemd, tenzij anders vermeld. Om te weten hoeveel geld het is voor uw gemeente is een rekenregel te geven, door omrekenen via de uitkeringsfactor. Inergy BV Pelmolenlaan 2 3447 GW Woerden
Smedestraat 2 6411 CR Heerlen
Da Vincilaan 3 6716 WC Ede
0348 45 76 66 info@inergy.nl
kvk 30174889
NIEUWSBRIEF
Voor 2022 is één uitkeringspunt € 20 miljoen en vanaf 2023 is één uitkeringspunt ongeveer € 29 miljoen. Eén uitkeringspunt is voor iedere gemeente anders. Het komt overeen met 0,001 * de uitkeringsbasis van de gemeente (Zie rubriek B, berekeningsrapport PAUW). Tot en met 2022 geldt nog een andere optie, namelijk het aantal inwoners uitgedrukt in euro’s, maar dit is wel afhankelijk van de structuurkenmerken. Vanaf 2023 geldt dit niet meer.
2. SAMENVATTING Accressen Via de normeringsystematiek ‘samen trap op en samen de trap af’ wordt de algemene uitkering van het gemeentefonds geïndexeerd, ook wel het accres genoemd. Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Vervolgens zijn in de septembercirculaire 2022de accressen vanaf 2022 bijgewerkt. Voor alle jaren vanaf 2023 is sprake van een lichte opwaartse bijstelling van het nominale (t.b.v. loon- en prijsstijgingen) van het accres. De cumulatieve mutaties ten opzichte van de meicirculaire 2022 zijn als volgt: Per jaar Cumulatief - 2023: € 389 miljoen € 389 miljoen - 2024: € 90 miljoen € 479 miljoen - 2025: € 44 miljoen € 523 miljoen - 2026: € 60 miljoen € 583 miljoen - 2027: € 82 miljoen -/€ 501 miljoen De bedragen hebben tot en met 2025 een structurele doorwerking. Op de normeringssystematiek zijn sinds de meicirculaire 2022 de volgende wijzigingen van toepassing: ▪ De splitsing in een volume- en een nominaal deel is op basis van de standen bij de Startnota en de loon- en prijsontwikkeling uit de Macro Economische Verkenning (MEV) 2022 van het CPB.
Het jaarlijkse volumedeel (in euro) staat vast en het lpo-deel beweegt mee met de CPB-ramingen naar de stand van de meicirculaire van dat jaar. ▪ Het Rijk en de VNG zijn kort na de meicirculaire 2022 overeengekomen dat het volume-accres voor de jaren 2022 tot en met 2025 wordt bevroren. ▪ Vanaf 2026 wordt het gemeentefonds niet langer via de normeringssystematiek geïndexeerd. Er wordt geen volume-accres meer verstrekt, alleen nog maar een nominaal accres voor de loon- en prijsontwikkeling. De index voor loon-prijsontwikkeling geschiedt op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. We hebben die voor de jaren 2022 t/m 2027 opgenomen in onderstaande tabel.
2
NIEUWSBRIEF
Tabel 1 Loon- en prijsstijging CEP 2022 Loon- en prijsstijging CEP 2022 Loonvoet sector overheid Prijzen netto materiele consumptie Prijzen overheidsinvesteringen Totaal
Gewicht 60% 20% 20% 100%
2022 4,3% 4,1% 5,2% 4,4%
2023 3,3% 5,9% 4,8% 4,12%
2024 4,2% 2,4% 1,9% 3,38%
2025 4,1% 2,4% 1,8% 3,30%
2026 3,9% 1,9% 1,9% 3,10%
2027 3,9% 1,9% 1,9% 3,10%
Vervolgens is in onderstaande tabel de splitsing tussen nominaal en volume deel in beeld gebracht. Tabel 2 Splitsing accres 2022 – 2027 in nominaal deel en volumedeel Gemeentefonds stand septembercirculaire 2022 2022 2023 Grondslag accres in miljoenen 35.256 35.664 Accres in % 8,43% 7,70% Nominaal deel accres in % 4,44% 4,12% Volume deel accres in % 3,99% 3,58% Accres in miljoenen 2.500 2.674 Accres cumulatief in miljoenen 2.500 5.175 Nominaal deel accres in miljoenen 1.315 1.453 Volume deel accres in miljoenen 1.185 1.221
2024 33.938 6,67% 3,38% 3,29% 2.390 7.565 1.255 1.135
2025 34.721 5,91% 3,30% 2,61% 2.130 9.694 1.209 920
2026 32.977 3,26% 3,26% 0,00% -902 8.792 911 1.464
2027 32.041 3,10% 3,10% 0,00% 1.002 9.794 1.002 0
BTW-Compensatie Fonds (BCF) Het BCF-plafond bedraagt € 3,7 miljard voor gemeenten in 2022. Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage. Door de bevriezing van het accres in 2022 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. In deze circulaire bedraagt het voorschot voor het jaar 2022 € 320,9 miljoen, dat wordt verrekend via de uitkeringsfactor met 16,2 punten. In de meicirculaire 2023 vindt de afrekening plaats. De provinciaal toezichthouder staat toe een meerjarige stelpost op te nemen als inschatting op de jaarlijkse onder- of overschrijding van het plafond. Dit ter hoogte van de laatst bekende afrekening. In dit geval is dat € 335,4 miljoen in 2021. Het gemeentelijk aandeel hierin mag je dan structureel ramen vanaf 2023. Die stelpost hoef je nu niet aan te passen. Wel moet je in de septembercirculaire 2022 een mogelijke stelpost voor het jaar 2022 laten vervallen nu het voorschot verstrekt is.
Eenmalige rijksbijdrage Het Rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssytematiek vanaf 2026. In aanloop daarnaartoe stelt het kabinet eenmalig € 1 miljard extra in 2026 beschikbaar. Via de algemene uitkering komt € 924 miljoen beschikbaar. Een bedrag van € 76 miljoen wordt toegevoegd aan het BTW-compensatiefonds.
3
NIEUWSBRIEF
Tijdens het webinar van vrijdag 23 september kwam de vraag aan de orde of dit bedrag als eenmalig moet worden aangemerkt volgens de BBV. We hebben aangegeven geneigd te zijn daar ja op te moeten antwoorden. Diverse deelnemers gaven echter aan dat alles in het gemeentefonds structureel is, dus dit ook. Onze reactie daarop is dat inderdaad alles structureel, tenzij uit de meerjarige opbouwtabel blijkt dat in een later jaar weer een uitname wordt geraamd. Uit pagina 50 van de circulaire blijkt dat dit nu het geval is, in 2027. Maar goed, we zijn geen provinciaal toezichthouder, dus overleg het even op de juiste plek. Sociaal domein Het Rijk, de VNG en het IPO zijn voor de jaren 2024, 2025 en 2026 overeengekomen dat gemeenten zowel de extra rijksbijdragen voor de jeugdzorg als de geplande bezuinigingen voor 100% in de begroting 2023 mogen opnemen (zie ook LIAS Info “Jeugdzorgbijdragen en -bezuinigingen gemeentefonds volledig in te boeken”, 8 augustus 2022). In de begroting 2022 mochten de gemeenten nog 75% opnemen. Verder zijn afspraken gemaakt over een aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen, waarbij de Rijksoverheid de verantwoordelijkheid heeft om deze besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. De afspraken over de extra rijksbijdragen voor de jeugdzorg dienen alleen voor de verwerking in de begroting 2023 en de meerjarenbegroting 2024 - 2026.
Voor de jaren na 2026 blijft onduidelijk of gemeenten 100% mogen ramen of 75%, aangezien deze jaren nog niet opgenomen zijn in de richtlijnen van de provinciaal toezichthouder. In de onderstaande tabel is de gemeente Dordrecht uitgewerkt als voorbeeld: Bedragen x € 1 mln. 1. Basis 2. Dossiers met overeenstemming 3. idem zonder Ministerie van VWS uitvoering hervormingsagenda Inkomensafhankelijke bijdrage Totaal middelen Jeugdzorg 4. Aanvullende maatregelen (besparing) CA 1 Gereserveerd op aanvullende post (AP) norm provinciaal toezichthouders 5. € 1 mln. staat voor Dordrecht gelijk aan:
2023 1.828 -374 pm -9 pm 1.445
1,00 1.445 6.885
Scenario voor de baten van de begroting: 9.948.674 6. Opgenomen bedrag (elders) in begroting Budgettair effect compensatie jeugdzorg voor begroting 2023-2025 9.948.674
2024 1.828 -463 pm
2025 1.828 -570 pm
2026 1.828 -961 pm
2027 1.828 -1.017 pm
2028 1.828 -1.017 pm
pm 1.365
pm 1.258
pm 867
pm 811
pm 811
100 1.265 1,00 1.265 6.885
500 758 1,00 758 6.885
500 367 1,00 367 6.885
511 300 0,75 225 6.885
511 300 0,75 225 6.885
8.709.393
5.218.751
2.526.757
1.549.101
1.549.101
8.709.393
5.218.751
2.526.757
1.549.101
1.549.101
700.000
3.400.000
3.400.000
2.600.000
2.600.000
Scenario voor de lasten van de begroting 7. Lager te ramen uitgaven in de begroting2 Vul hier het bedrag in van de taakmutatie vanuit PAUW meicirculaire 2022, deel 2
9.948.674
1
Het coalitieakkoord vermeldt dat dat ”vanaf 2024 in aanvulling op de huidige hervormingsagenda extra beleidsmaatregelen in de jeugdzorg genomen worden”. Voor de jaren 2024, 2025 en 2026 gaat het om een besparing van respectievelijk 100 miljoen, 500 miljoen en 500 miljoen Vanaf 2027 en structureel gaat het om € 511 miljoen. 2
Voor de jaren 2024 en verder moeten gemeenten rekening houden met de voorgenomen besparingen en in de begroting voor Jeugdzorg een lagere raming opnemen voor de uitgaven.
4
NIEUWSBRIEF
Leeswijzer voor het Excel bestand (zie bovenstaande afbeelding): 1. Het bruto bedrag waar de Commissie van Wijzen vanuit gaat is € 1,828 miljard. 2. Het bedrag van de dossiers bezuinigingen en aftrekposten waar overeenstemming over is, staat voor 2023 op € 374 miljoen en loopt op tot iets meer dan € 1 miljard voor 2026. 3. Er is ook nog een lijst met dossiers waar nog geen overeenstemming over is bereikt. Dat is de ongewisse factor in het geheel. Er kunnen bedragen worden bijgeboekt naar dossiers waar wel overeenstemming over is, wat leidt tot een hogere aftrekpost. 4. Een extra besparing in het jeugddomein van in 2024 € 100 miljoen, oplopend naar € 500 miljoen in 2025 en 2026, en structureel € 511 miljoen vanaf 2027. De besparing is een rijksverantwoordelijkheid. Het Rijk is aan zet om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen als aanvulling op de beoogde Hervormingsagenda. Het gaat om maatregelen waarbij gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden. Diverse provinciaal toezichthouders stellen als eis dat gemeenten expliciet een daling van uitgaven moeten ramen ter waarde van hun aandeel in die € 511 miljoen. Op die manier loopt de extra korting budgettair neutraal. 5. In het Excel bestand vul je in cel D16 het bedrag in van de taakmutatie Jeugdzorg vanuit PAUW meicirculaire 2022, deel 2.
In het voorbeeld ontvangt Dordrecht in 2023 € 9.948.674, dus dat is € 6.885 per € 1 miljoen. 6. De provinciaal toezichthouder gaf toestemming een stelpost op te nemen ‘nog te ontvangen rijksbijdrage jeugdzorg’ van 75% van het gemeentelijk aandeel. Gemeenten die dat geheel of gedeeltelijk als voorschot hebben ingeboekt, moeten in de gele cellen dat bedrag invullen. Het verschil tussen “scenario voor baten van de begroting” en “opgenomen (elders) in begroting” leidt tot een nieuw budgettair effect voor de begroting 2023 – 2025, wat positief of negatief kan uitpakken. 7. Voor de jaren 2024 en verder moeten gemeenten rekening houden met de voorgenomen besparingen (zie punt 4) en in de begroting voor Jeugdzorg een lagere raming opnemen voor de uitgaven. Overige onderwerpen sociaal domein ▪ Participatie: Individuele plaatsing en steun (IPS) Regeling. Voor deze regeling is voor de gemeentelijke doelgroep in totaal € 21,5 miljoen beschikbaar. De gemeenten dragen de helft bij van de uitgaven van de subsidie. Daarom wordt eenmalig in 2023 € 10,75 miljoen uitgenomen uit het gemeentefonds (cluster Participatie).
▪ Uitvoeringskosten SVB PGB Trekkingsrechten: met ingang van 2023 wordt structureel € 27,2 miljoen, waarvan € 20 miljoen uit Wmo en € 7,2 uit Jeugd, uit de algemene uitkering genomen ten behoeve van de uitvoeringskosten van de SVB van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Gezien de onzekerheid over de kostenontwikkeling evalueren de VNG en het ministerie van VWS deze afspraak na vier jaar (in 2026), op basis van de werkelijke uitvoeringskosten van de SVB voor de Jeugdwet en de Wmo. Op basis van de evaluatie kan besloten worden om de structurele uitname uit het gemeentefonds naar boven of beneden bij te stellen. Nu deze mutatie structureel is verwerkt en geen jaarlijkse uitname meer is in de septembercirculaire, kunnen de gemeenten die een meerjarige negatieve stelpost hebben opgenomen deze laten vervallen.
5
NIEUWSBRIEF
▪
▪
▪ ▪ ▪
Verlengde Pleegzorg: het ministerie van BZK, het ministerie van JenV en de VNG hebben gezamenlijk wegingscriteria opgesteld voor de verdeling van de incidentele middelen ten behoeve van de verlengde opvang en begeleiding van alleenstaande minderjarige vluchtelingen. In de septembercirculaire 2022 en in het rekenmodel 2022 is geen informatie beschikbaar over de verdeling van de middelen over de gemeenten. Op basis hiervan vermoeden we dat de gemeenten via de betaalspecificatie van BZK over uitkeringsjaar 2021 of 2022 geïnformeerd worden over het beschikbare bedrag. DU Vrouwenopvang: de verdeling over de gemeenten is ten opzichte van de meicirculaire 2022 gewijzigd als gevolg van geactualiseerde aantallen van de maatstaven van het objectieve verdeelmodel. Daarnaast wordt een vooraankondiging gedaan voor de decembercirculaire 2022 in verband met een uitname in 2022 van een bedrag van € 0,477 miljoen in verband met de specifieke uitkering Specialistische functies aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling. DU Faciliteitenbesluit opvangcentra: in de septembercirculaire wordt een vooraankondiging gedaan voor aanvullende middelen in 2022, die in de decembercirculaire 2022 verwerkt worden. IU Beschermd wonen: de gemeente Bergen op Zoom ontvangt in 2023 een aanvullende bijdrage van € 4,24 miljoen en de verdeling over de gemeenten is gepubliceerd.
DU Maatschappelijke opvang: de verdeling over de gemeenten is ten opzichte van de meicirculaire 2022 gewijzigd als gevolg van het gebruik van actuelere aantallen van de maatstaven.
Decentralisatie- en integratie-uitkeringen In de septembercirculaire zijn zes nieuwe decentralisatie-uitkering opgenomen Het gaat om de volgende DU’s: ▪ Nr. 427 DU Invoeringskosten Omgevingswet € 150,9 miljoen in 2022 ▪ Nr. 428 DU Wet kwaliteitsborging bouw € 24,7 miljoen in 2022. Voor 2023-2026 € 10 miljoen ▪ Nr. 429 DU Samenwerkingskader Scherpenzeel € 77.558 in 2022 ▪ Nr. 430 DU Dichterbij dan je denkt € 16,7 miljoen in 2022 ▪ Nr. 431 DU Leerlingenvervoer Oekraïne € 9,2 miljoen in 2022 ▪ Nr. 432 DU Onderzoek Almere integratie € 27.000 in 2022 Bij drie nieuwe DU’s hebben de mutaties een omvang groter dan € 10 miljoen: ▪ Invoeringskosten Omgevingswet De grootste mutatie betreft de decentralisatie-uitkering Invoeringskosten Omgevingswet. Vanwege de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet ontvangen de gemeenten een bijdrage voor de transitiekosten. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht. ▪ Wet kwaliteitsborging bouw De gemeenten ontvangen in 2022 een bijdrage voor de noodzakelijke voorbereiding die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) vanaf 1 januari 2023. Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage (tot en met 2026) voor het uitvoeren van de Wkb-taken.
6
NIEUWSBRIEF
▪
Dichterbij dan je denkt Doelstelling van de decentralisatie-uitkering is om de match tussen werkgevers en werkzoekenden uit het onbenut arbeidspotentieel te intensiveren. De decentralisatie-uitkering wordt verstrekt aan de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s.
In acht bestaande DU’s zijn wijzigingen opgenomen, waarbij het macrobudget van de uitkering wijzigt. Eén mutatie heeft een omvang groter dan € 10 miljoen: ▪ Maatschappelijke begeleiding Conform artikel 18 van de Wet Inburgering voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Gemeenten ontvangen voor de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden in 2022 een bijdrage. ▪ In twee bestaande DU’s zijn wijzigingen opgenomen, waarbij het macrobudget van de uitkering niet wijzigt. ▪ In de decembercirculaire 2021 is een totaalbedrag van € 10 miljoen beschikbaar gesteld voor Verlengde Pleegzorg AMV’s. De middelen worden verdeeld over de gemeenten naar rato van het aantal alleenstaande minderjarige vluchtelingen, die in 2022 achttien jaar (zijn) (ge)worden zowel in de Opvanggezinnen als in de Kleinschalige Opvang per gemeente. De toelichting op de decentralisatie-uitkering bevind zich in paragraaf 3.3.1 van de septembercirculaire 2022. Echter de genoemde bijlage 3.3.1. ontbreekt in de circulaire nu nog. Deze bijlage bevat de verdeling van de uitkering over de gemeenten. Het betreft een decentralisatie-uitkering van uitkeringsjaar 2021, waardoor we vermoeden dat de bedragen voor de gemeenten alleen zichtbaar zijn in de betaalspecificatie van het ministerie van BZK.
Zodra we beschikken over de informatie zullen we de middelen van deze decentralisatie-uitkering verwerken in PAUW. ▪ Bij de decentralisatie-uitkering brede impuls combinatiefunctionarissen (maatstafnr. 71) wijken we als altijd af van de circulaire c.q. het rekenmodel door 2023 en volgende al op te nemen ter hoogte van de waarden van 2022. ▪ De DU Uitvoeringskosten Klimaatakkoord kent slechts een eenmalig bedrag. Dat komt omdat de middelen worden overgeheveld naar een specifieke uitkering (zgn. SPUK). De verdeling van dat bedrag is ons niet bekend. Voor een toelichting en de mutaties op bestaande IU’s en DU’s verwijzen we naar paragraaf 3 (pagina 23 en volgende) van de septembercirculaire 2022. Taakmutaties In de septembercirculaire 2022 zijn de volgende 7 taakmutaties opgenomen: ▪ Energietoeslag € 550 miljoen eenmalig in 2022 ▪ Landelijke Vreemdelingen Voorzieningen - € 4,4 miljoen in 2022 ▪ Asiel (inburgering) voor de jaren 2022, 2023 en 2024 € 20, € 40 en € 30 miljoen ▪ BRP en BSN naheffing 2021 en bijdrage 2022 - € 1,54 miljoen eenmalig in 2022 ▪ Bijdrage centrale financiering GDI - € 7,583 miljoen structureel vanaf 2023 ▪ Participatie: IPS Regeling - € 10,75 miljoen eenmalig in 2023 ▪ Uitvoeringskosten SVB PGB Trekkingsrechten - € 27,2 miljoen structureel vanaf 2023
7
NIEUWSBRIEF
Aanvullende info correcties 3 taakmutaties uitkeringsjaar 2022 In de meicirculaire 2022 is de verdeling over gemeenten van de taakmutaties eenmalige energietoeslag, prenataal huisbezoek en Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteitsregeling cruciale zorg op basis van de verkeerde gewichten voor het uitkeringsjaar 2022 verwerkt. In plaats van de gewichten van de maatstaven in het betreffende (sub)cluster zijn de gewichten van deze maatstaven in het totale verdeelmodel genomen. Het ministerie van BZK heeft hiervoor op 28 juli 2022 een geactualiseerd taakmutatiebestand voor uitkeringsjaar 2022 geplaatst. In de septembercirculaire 2022 wordt geen melding gedaan van deze correcties. Wel zijn de eindbedragen van de meicirculaire 2022 aangepast in de verdeeltabel 2022 op pagina 38 en volgende. In PAUW hebben we voor verwerking van de septembercirculaire 2022 gezorgd dat de correcties van de 3 taakmutaties apart zichtbaar zijn in de vergelijking met de meicirculaire 2022. Verder is in de analyse van de jaren 2025 tot en met 2027 een reden ‘afrondingsverschillen’ opgenomen. Deze afrondingsverschillen worden veroorzaakt doordat de taakmutatie Asiel (inburgering) ten onrechte zeer beperkte structurele doorwerking heeft na 2024.
8
NIEUWSBRIEF
1. UITGEBREIDERE ANALYSE In dit onderdeel gaan we uitgebreider in op een aantal onderwerpen. Accressen 2022 tot met 2026, inclusief vergelijking ten opzichte van mei 2022 Accres Relevante Uitgaven De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens het systeem van ‘samen de trap op en samen de trap af’ hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van het gemeentefonds. De jaarlijkse toename of afname van het gemeentefonds, voorvloeiend uit de trap op trap af-methode wordt het accres (dat is het Franse woord voor ‘groei’) genoemd, en wordt uitgedrukt in een percentage. Het percentage wordt berekend door de relevante rijksuitgaven in enig jaar te vergelijken met het daaraan voorafgaand jaar. Als de rijksuitgaven achter blijven bij de planning, wordt dat onderbesteding of onderuitputting genoemd. Toelichting op de accres relevante uitgaven: ▪ Er geldt een vuistregel dat een mutatie in de rijksuitgaven leidt tot een mutatie van 10% in het gemeentefonds. Dat wil zeggen als de rijksuitgaven € 100 miljoen stijgen, leidt dat tot een extra voeding van € 10 miljoen. ▪ Mutaties in accressen ten opzichte van een vorige circulaire hebben vanaf het basisjaar alle een structureel karakter en cumuleren dus.
▪ De volumecomponent van het accres van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is voor de periode 2022 tot en met 2025 vastgezet op de stand van de meicirculaire 2022. De VNG heeft op 21 juni 2022 laten weten akkoord te gaan met het voorstel. In de onderstaande tabel worden de accressen 2022 – 2027 weergegeven. De bedragen zijn in miljoenen euro’s: Accres gemeentefonds in miljoenen € Accres stand meicirculaire 2022 Accres stand septembercirculaire 2022 Verschil tussen sept 2022 en mei 2022 Cumulatief verschil
2022 2.500 2.500 0 0
2023 2.285 2.674 389 389
2024 2.299 2.390 90 479
2025 2.085 2.130 45 523
2026 -1.377 -902 475 999
2027 1.082 1.002 -80 919
Eindstand cumulatief septembercirculaire 2022
2.500
5.174
7.564
9.693
8.791
9.793
Uitkeringsfactor in meerjarenraming: lopende en constante prijzen De rijksoverheid neemt in de meerjarenraming een loon/prijsontwikkeling (LPO) op en raamt dus inclusief inflatie. Voor alle gemeenten geldt dat de jaren t en t+1 worden geraamd op basis van lopende prijzen. Ongeveer twee derde van de gemeenten raamt echter tegen constante prijzen omdat ze een stabiel budgettair beeld willen creëren, lasten en baten houden hetzelfde niveau. Bij deze gemeenten wordt vanaf het jaar T+2 het effect van de inflatie uit de uitkeringsfactor gehaald. Het ministerie van BZK biedt de gemeenten, die ramen tegen constante prijzen, op hun website handreikingen in een apart rekenblad om zelf berekeningen te maken.
9
NIEUWSBRIEF
Nieuwe systematiek in PAUW voor berekening van lopende naar constante prijzen Wij bieden, als zakelijke dienstverlener, onze klanten aan om opgaven te berekenen tegen lopende prijzen en constante prijzen. Afgelopen jaren is de prijsmutatie Bbp, een officieel indexcijfer van Centraal Bureau Statistiek (CBS) laag gebleken. De huidige stand is 2,5%, maar nog steeds laag vergeleken bij de huidige inflatie. Met ingang van de septembercirculaire 2022 corrigeren we in PAUW van lopende prijzen naar constante prijzen wat de gemeenten via het loon- en prijsaccres (LPO) voor de loon- en prijsontwikkeling gecompenseerd krijgen. Dat is een sluitend systeem. Wel ontstaat er eenmalig een probleem, aangezien we in de meicirculaire 2022 gecorrigeerd hebben op basis van de prijsmutatie Bbp, die te laag was. In de onderstaande tabel worden de oude systematiek op basis van prijsmutatie Bbp en de nieuwe systematiek op basis van het LPO-accres met elkaar vergeleken. De bedragen zijn in miljoenen euro’s: Vergelijking berekening van lopende prijzen naar constante prijzen Nieuwe systematiek t.b.v. septembercirculaire 2022 Nominaal accres t.b.v. loon- en prijsontwikkeling in procenten Tranche 2024 in miljoenen Tranche 2025 in miljoenen Tranche 2026 in miljoenen Tranche 2027 in miljoenen Cumulatief Bedrag per punt uitkeringsfactor (UF) Aantal punten i.v.m.
correctie van lopende prijzen naar constante prijzen
2024
2025
2026
2027
3,38% 1.255
3,30% 1.255 1.209
3,10% 1.161 1.171 1.137
1.255 28,612 43,9
2.464 28,798 85,6
3.469 29,086 119,3
3,10% 1.128 1.138 1.104 1.139 4.509 29,358 153,6
Oude systematiek t.b.v. meicirculaire 2022 Prijsmutatie Bbp in procenten Tranche 2024 in miljoenen Tranche 2025 in miljoenen Tranche 2026 in miljoenen Tranche 2027 in miljoenen Cumulatief Bedrag per punt uitkeringsfactor (UF) Aantal punten i.v.m. correctie van lopende prijzen naar constante prijzen
2,50% 870
2,50% 870 893
2,20% 870 893 830
870 28,612 30,4
1.763 28,798 61,2
2.593 29,086 89,1
2,20% 870 893 830 812 3.405 29,358 116,0
Verschil tussen de oude systematiek en de nieuwe systematiek In miljoenen Bedrag per punt uitkeringsfactor (UF) Aantal punten verschil tussen oude en nieuwe systematiek
385 28,612 13,5
701 28,798 24,3
876 29,086 30,1
1.104 29,358 37,6
16,7 3,2
18,2 -6,1
20,1 -10,0
17,1 -20,5
Accres in punten uitkeringsfactor (UF), stand septembercirculaire Verschil tussen extra accres en hogere aftrek van lopende naar constante prijzen
Let op Wanneer je toch de prijsmutatie Bbp op basis van de meicirculaire 2022 wilt hanteren, kun je het verschil in punten voor de jaren 2024 tot en met 2027 (13 punten, 24 punten, 30 punten en 37 punten) in PAUW corrigeren bij stap 3 ‘overige waarden’. Het financieel perspectief verbetert. Echter je komt wel ieder jaar in problemen bij het verleggen van het basisjaar, omdat er minder ruimte vrij valt voor de raming van de inflatie.
10
NIEUWSBRIEF
Voor geïnteresseerden hebben we een specificatie van het verloop van de uitkeringsfactoren op de PAUW website geplaatst onder de knop ‘overige informatie’→ rubriek ‘ documenten’ → ‘circulaires’ → 2022 →september. Het verloop van de uitkeringsfactoren tussen september 2022 en mei 2022 met als basisjaar 2022 is als volgt: Omschrijving
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Accressen
0,000
0,013
0,017
0,018
0,020
0,017
Eenmalige rijksbijdrage financieringsmethodiek
0,000
0,000
0,000
0,000
0,032
0,000
Plafond BTW-CF 2022
0,016
0,000
0,000
0,000
0,000
0,000
Bevolkingsdaling
-0,001
0,000
0,000
0,000
0,000
0,000
Ontwikkeling uitkeringsbasis
-0,006
0,008
0,005
0,003
0,001
0,000
Overige ontwikkelingen
0,000
0,001
0,000
0,000
0,001
0,001
Subtotaal mutatie UF op basis van lopende prijzen
0,010
0,022
0,022
0,021
0,054
0,018
Af: nominale ontwikkeling
0,000
0,000
-0,014
-0,024
-0,030
-0,038
Subtotaal mutatie UF op basis van constante prijzen
0,010
0,022
0,008
-0,003
0,024
-0,020
Ontwikkeling van de uitkeringsbasis Bij het begrip ontwikkeling van de uitkeringsbasis praten we over de mutaties van de landelijke aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen, uitkeringsgerechtigden, WOZ-waarden enzovoort. In de veronderstelling dat het te verdelen bedrag niet toeneemt als de hoeveelheid (Q) stijgt, dan zal per maatstaf het maatstafgewicht (P) evenredig moeten dalen. Dat is een ingewikkelde methode en daarom wordt gekozen voor een eenvoudiger oplossing, in casu, de daling van de uitkeringsfactor. Gemeenten kunnen deze korting goedmaken door evenredig te stijgen met de aantallen. Groeigemeenten lukt dat gemakkelijk, de plattelandsgemeenten moeten hier veelal een veer laten, om helemaal niet te spreken over krimpgemeenten. Actualisatie maatstafgegevens. Uitkeringsjaar 2022: Diverse landelijke aantallen zijn bijgesteld. Vooral de ontwikkelingen in het aantal bijstandsontvangers, omgevingsadressendichtheid, bedrijven en de omvang van de OZB-maatstaven hebben een sterke invloed op de uitkeringsfactoren. OZB wordt becijferd op 1 punt. Uitkeringsjaren 2023 en volgende: Stijging van uitkeringsfactor wordt met name veroorzaakt door stijgende WOZ-waarden ten opzichte van de meicirculaire 2022. Dit leidt tot een hogere aftrek door het negatieve rekentarief. Dus een lagere algemene uitkering. Dat wordt gecompenseerd met een hogere uitkeringsfactor van 10 punten.
Slot Wij wensen jou veel succes met de verwerking! Namens jouw PAUW-beheerders, Sonja Valstar Tel. 06 - 82 89 66 43
11
NIEUWSBRIEF
2. Bijlage Aanmaken nieuwe opgave in PAUW, ‘mijn maatstaven’ ▪ Mijn maatstaven. Onder de 1e knop ‘Opgaven en berekeningen’ vind je submenu ‘mijn maatstaven’. Daar zijn alle maatstaven ondergebracht. Je kunt maatstaven uitklikken die je niet gebruikt. Die maatstaven hoef je dan niet te vullen met eenheden als je een nieuwe opgave aanmaakt en ze komen ook niet terug in de overzichten en berekeningen. Zo houd je de rapportje kort en overzichtelijk. Onze ervaring is dat het kan voorkomen dat maatstaven zijn uitgeklikt die echter wel van toepassing zijn voor jou. Denk aan maatstaf 15b en 15c, extra groei jongeren en leerlingen. Daarom gaan steeds meer abonnees ertoe over om alle maatstaven ‘aan’ te staan. Wij hebben hierop ingespeeld door bij een berekenings- rapport en samenvatting analyse de optie in te bouwen waarbij standaard alle nul-waarden niet worden getoond op een rapport. ▪ Inlezen BZK-waarden. Als je een nieuwe opgave aanmaakt heb je de keuze tussen - Type 1: eigen eenheden/waarden, of - Type 2: een opgave met inlezen berekende eenheden/waarden uit het BZK-rekenmodel, of - Type 3: tussenvorm met eigen waarden voor de klassieke maatstaven en BZK-waarden voor de maatstaven sociaal domein. Let op: het is mogelijk voor jou als gebruiker om bij opgaven van type 2 en 3 de ingelezen BZK-waarden te overschrijven.
Weet dan dat bij een volgende opgave de waarden weer worden ingelezen als in het oorspronkelijke bestand tenzij je bij het aanmaken van een nieuwe opgave de vinkbox voor het inlezen van de BZK-berekende eenheden ‘uit’ zet. Wij, de PAUW-beheerders, hebben de voorkeur voor de variant met eigen eenheden/waarden. De eenheden/waarden uit het rekenmodel zijn bij de meicirculaire voor het basisjaar 2021 verouderd en de ontwikkeling in de meerjarenraming bevat landelijke indexen die niet voor uw gemeente van toepassing hoeven zijn. Bekijk de uitkomsten daarvan dus kritisch. ▪ Actieve jaren. Als je een nieuwe opgave aanmaakt, wordt gevraagd de actieve jaren te kiezen. Ze staan in principe allemaal aan, je kunt de oude jaren uit zetten. We raden aan het jaar 2020 aan te laten staan omdat er in dat uitkeringsjaar nog verrekeningen zijn van de DU Vrouwenopvang. Op deze wijze kun je in de analyse de verschillen tonen. ▪ Maatstaf bijstandsontvangers. Bij deze maatstaf is een driejaars gemiddelde van toepassing. Als je wijziging aanbrengt in de oude jaren T-1 en T-2 is het noodzakelijk dat je dit expliciet bevestigt door te drukken op de button ‘opslaan’. ▪ IU/DU. Het aantal stijgt gestaag. Ook deze circulaire weer drie nieuwe. Daarnaast vele wijzigingen van bedragen bij bestaande IU/DU. Bij het aanmaken van een nieuwe opgave worden deze automatisch ingelezen.
Bij stap 1 ‘basisinstellingen’ tref je een vinkboxje aan dat standaard op ‘aan’ staat, sinds release 5.6 van 2019 kun je ze niet meer uitzetten. Dat voorkomt dat je middelen mist waar je wel een beroep op kunt doen.
12
NIEUWSBRIEF
Beleidsmatige analyses, samenvatting analyses. Het is in PAUW mogelijk beleidsmatige analyses uit te voeren over circulaires heen. Het rapport ‘samenvatting van analyses’ is daaraan gekoppeld. Voorwaarde is wel dat u een afgeronde opgave in PAUW heeft aangemaakt van alle tussenliggende circulaires (dus ook de decembercirculaire of de meicirculaire). Een beleidsmatige analyse is alleen dan zichtbaar als een corresponderende opgave is afgerond (met het groene vinkje). Ods-bestanden omgezet naar Excel-bestanden in xls-formaat De rijksoverheid publiceert op haar website geen bestanden meer van een enkele leverancier, maar biedt deze aan in een open documenten structuur. De ervaring leert dat diverse gemeenten die bestanden niet kunnen lezen c.q. bewerken. Vandaar dat wij deze bestanden bij wijze van service in xls-formaat aanbieden. Ze zijn in PAUW te vinden bij de documenten. Tevens hebben we in PAUW bij de documenten (hoofdknop ‘overige informatie’ → documenten → circulaires → 2022 → september). Uiteraard zijn we niet aanspreekbaar op de inhoud, dus ook niet als onverhoopt een koppeling wegvalt. Op de website van de rijksoverheid zijn enkele bestanden ververst na de aanvankelijke publicatie. In onze PAUWapplicatie staan telkens de meest recente versies. Bestand toelichting op maatstaven BZK houdt een bestand bij met toelichting op maatstaven.
Denk aan een definitie, herkomst van gegevens, peildatum, formule, uitkeringsfactor al dan niet van toepassing enzovoort. Hierin zijn daar ook de nieuwe maatstaven van het sociaal domein in opgenomen en is handig als je bijvoorbeeld wilt weten wat bedoeld wordt met het T-risicomodel bij de maatstaf 3i-2 ‘medicijngebruik met drempel’ of het ‘gemiddeld gestandaardiseerd inkomen huishoudens’. Je kunt de juiste pagina van dit bestand aanroepen door bij de maatstaf binnen de opgave te drukken op het vraagteken achter de maatstaf. Stelposten in PAUW Bij het aanmaken van een nieuwe opgave heb je de mogelijkheid om bij stap 3 ‘overige waarden’ stelposten aan te maken. Belangrijk is dat wanneer je een korting op het gemeentefonds wilt ramen, het nodig is in de stelpost voorafgaand aan het bedrag een min-teken te plaatsen. Als je de stelpost opneemt bij stap 3 ‘overige waarden’, worden mutaties ook automatisch zichtbaar in de analyses. Als je de gegevens kopieert van een vorige opgave, gaan ook de stelposten mee. Met de actuele informatie van deze septembercirculaire adviseren we om ook de stelposten in de opgave te checken. Opslaan eenheden bij maatstaven op eigen harde schijf Als je van een opgave de eenheden bij de maatstaven wilt opslaan, dan kun je dat doen bij stap 4 ‘opgave overzicht’.
Rechtsonder in het beeldscherm bevindt zich een knop waarmee de aantallen kunnen worden gedownload naar Excel.
13
NIEUWSBRIEF
Snelle start gids en instructiefilm Het aantal wisselingen van personeel is de afgelopen jaren flink toegenomen. Om de kennis van PAUW in jouw gemeente goed te borgen hebben we de afgelopen periode voor de PAUW applicatie een snelle startgids en een instructiefilm ontwikkeld. Ze zijn te vinden in PAUW onder de hoofdknop ‘overige informatie’: → Snelle startgids → Instructiefilm Volgen baten sociaal domein Er zijn nog steeds gemeenten die een hek om het sociaal domein hebben staan, te weten de nieuwe taken sinds 2015. Ze willen weten wat er binnenkomt via het gemeentefonds, zodat ze de lasten kunnen aanpassen. In PAUW hebben we daar tot en met uitkeringsjaar 2022 een voorziening voor. Bij stap 5 in een opgave is het mogelijk te rekenen op basis van maatstaven en clusters. Ga voor de tweede optie, cluster. Op het berekeningsrapport worden ze zichtbaar. De hoofdclusters hebben een blauwe balk, de subclusters een grijze. Voor elke deeltaak sociaal domein is een subcluster zichtbaar gemaakt. Deze informatie kan niet meer verstrekt worden met ingang van het nieuwe verdeelstelsel per 1 januari 2023. Andere onderwerpen in de circulaire die niet direct betrekking hebben op het gemeentefonds Kortheidshalve wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van de meicirculaire. Geduid wordt op de uitvoering van Klimaat- en Energiebeleid en jaarlijkse weging decentralisatie- en integratie-uitkeringen.
Peiling, uitslag vorige en nieuwe Op de aanmeldpagina van de webapplicatie plaatsen we telkens een peiling. De vorige sinds de meicirculaire was: Ga je vanaf 2024 een stelpost Jeugdzorg opnemen voor 100% van de netto-reeks van de Arbitragecommissie? Aan de peiling hebben 93 abonnees deelgenomen. 40% heeft ontkennend geantwoord. Bereikbaarheid PAUW De volgende mogelijkheden zijn er om ons te bereiken: - Via het algemene mailadres info-lias@inergy.nl - Via het menu ‘contact’ in de PAUW-applicatie - Of bellen naar Sonja Valstar, telefoonnummer 06-82896643 We streven er naar jouw vragen binnen 24 uur te beantwoorden.
14
NIEUWSBRIEF
Aanpalende diensten rond PAUW We bieden rond onze PAUW applicatie verschillende diensten aan die jou misschien minder bekend zijn. Het betreft de volgende: • Als de specialist Gemeentefonds net uitvalt nadat de circulaire uitkomt, kan PAUW jou volledig ontzorgen door de circulaire te verwerken in PAUW, een rapportage te maken voor MT en B&W, de mutaties in het gemeentefonds volledig laten aansluiten op jouw P&C-cyclus; • Als de medewerker onzeker is omtrent de juiste verwerking van de circulaire, kijken we graag met jou mee in de vorm van een second opinion; • Het geven van een dag vullende training op jouw werkplek over gemeentefonds en PAUW. Meestal wordt de training aan 2 tot 4 collega's gegeven waarbij volledig wordt ingezoomd op jouw situatie en wensen. De training heeft het karakter van een workshop en leert jou de gemeentefondscirculaire te lezen; • Het maken van een herindelingsberekening, waarbij gemakkelijk gevolgd kan worden wat de uitkering is van de 'oude' gemeenten versus de uitkering van de nieuwe. Uiteraard maakt de uitkering voor frictiekosten onderdeel uit van de berekening. Webapplicatie LIAS Buig De makers van PAUW hebben in 2017 het initiatief opgepakt om een andere grote geldstroom van de rijksoverheid naar gemeenten inzichtelijk te maken. Het gaat om de BUIG-gelden, de gebundelde uitkeringen van inkomensvoorzieningen.
Platweg de geldstroom die jouw gemeente in staat stelt bijstandsuitkeringen te verstrekken. Deze applicatie is gemaakt samen met adviesbureau APE, het bureau dat een voorloper van het huidige verdeelmodel heeft gemaakt. De Buig-applicatie kent eenzelfde look and feel als PAUW en grotendeels dezelfde functionaliteit met rekenen, analyseren en rapporteren. Ben je benieuwd wat de nieuwe applicatie voor jou kan betekenen, neem dan contact op met Sonja Valstar. Inmiddels gingen 120 abonnees jou voor. Kennisportaal LIAS Info Om uiting te geven aan onze ambitie kennispartner te zijn van onze relaties op het gebied van financiële verhouding tussen overheden zijn we eind 2018 een nieuw initiatief gestart, LIAS Info !! Het is een berichtenservice over het vakgebied financiële verhouding. Dat is groot en de bedragen zijn enorm. Gemeentefonds en Buig-uitkering samen bedragen ± € 42 miljard, en daarnaast nog diverse specifieke uitkeringen. Het gaat al gauw om ± 65% van de gemeentelijke inkomsten. De ontwikkelingen volgen elkaar in rap tempo op. Bijna dagelijks verschijnen er nieuwtjes en rapporten. Voor jou als financieel beleidsambtenaar onmisbare kost om het werk te doen. Op internet is een hoop te vinden, maar het kost veel tijd en moeite op zoek te gaan naar de juiste informatie. En vaak weet je niet eens dat er informatie beschikbaar is.
Dan is het fijn dat een organisatie met vakkundige redacteuren alles verzamelt, en vervolgens de informatie op een gebruiksvriendelijke manier tot je brengt. Het kennisportaal is te bekijken via onze website: www.liasinfo.nl of via de app op de eigen smartphone, en 24/7 bereikbaar. Een redactieraad met landelijke kopstukken levert hoogwaardige en zeer actuele artikelen, vaak voorzien van een duiding. Je kunt reageren op de artikelen en vragen stellen aan de redacteuren. De applicatie biedt een uitgebreide zoekfunctie. Het aantal blijft toe nemen en onze relaties hebben inmiddels 130 abonnementen afgenomen.
15