Jonkmansweg 5 Deurningen ontwerp omgevingsvergunning.pdf
Tekst van het document
ONTWERP
OMGEVINGSVERGUNNING
Jonkmansweg Zaaknummer
: ZD-2023-002371 :8313759 : DD-2024-0023604
OLO nummer Documentnummer
Burgemeester
en
wethouders
beschikken
op de aanvraag
ontvangen
op
en
plaatselijk
het
volgende project
bestaande
5 Deurningen
van
de
gemeente
(geanonimiseerd) EN}
van
bekend uitte
Dinkelland
voeren
uit de activiteiten
:_27 december
2023
:_Jonkmansweg
5
:
hetverplaatsen
:_
Handelen
Deumingen
van
kuilvoerplaten
in strijd met
regels RO
Aanleg datum
besluit
verzenddatum
Zaaknummer
:
-_<wordt gevuld door INF> besluit
ZD-2023-002371
:
Locatie
:
<wordt gevuld door INF>
Jonkmansweg
5
Deurningen
Pagina
1 van
13
INHOUDSOPGAVE De volgende onderdelen horen bij en maken deel uit van de omgevingsvergunning met zaaknummer ZD-2023-002371, verleend voor het verplaatsen van kuilvoerplaten voor de locatie Jonkmansweg 5 Deurningen.
Inhoud MOTIVERING. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 1 HET GEBRUIKEN VAN GRONDEN OF BOUWWERKEN IN STRIJD MET EEN BESTEMMINGSPLAN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 1. 1 1. 2 1. 3 1. 4
INLEIDING. TOETSING AAN BESTEMMINGSPLAN. BUITENPLANSE AFWIJKINGEN. CONCLUSIE.
. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .
. . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .
. .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .
5 5 5 6
2 HET UITVOEREN VAN EEN WERK, GEEN BOUWWERK ZIJNDE, OF VAN WERKZAAMHEDEN, IN GEVALLEN WAARIN DAT BIJ EEN BESTEMMINGSPLAN, BEHEERSVERORDENING, EXPLOITATIEPLAN OF VOORBEREIDINGSBESLUIT IS BEPAALD. . 7 2. 1 2. 2 2. 3 2. 4
INLEIDING. TOETSING EN OVERWEGING. RESUME. CONCLUSIE.
. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . . . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .
. .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .
7 7 7 7
VOORSCHRIFTEN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 3 HET GEBRUIKEN VAN GRONDEN OF BOUWWERKEN IN STRIJD MET EEN BESTEMMINGSPLAN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 3. 1
ALGEMEEN.
Zaaknummer
. . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . .. . . . .. . . . .. . .
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 2 van 13
8
PROCEDURE EN BESLUIT Aanvraag Op 27 december 2023 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen voor het verplaatsen van kuilvoerplaten voor de locatie Jonkmansweg 5 Deurningen. De aanvraag is bij ons geregistreerd onder nummer ZD-2023-002371.
Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven: het verplaatsen van kuilvoerplaten. Er wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven activiteiten: Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan Het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald.
Procedure Deze beschikking is voorbereid met de uitgebreide voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3. 3 van de Wabo. De aanvraag is getoetst aan paragraaf 2. 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Tevens is de aanvraag getoetst aan het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor).
Bevoegd gezag Gelet op bovenstaande projectbeschrijving, alsmede op het bepaalde in artikel 2. 4 van de Wabo, hoofdstuk 3 van het Bor en de daarbij horende bijlage, zijn wij het bevoegd gezag om de integrale omgevingsvergunning te verlenen of (gedeeltelijk) te weigeren. Ontvankelijkheid Artikel 2. 8 van de Wabo biedt de grondslag voor een geharmoniseerde regeling van de indieningsvereisten. Dit betreft de gegevens en bescheiden die bij een aanvraag van een
omgevingsvergunning moeten worden verstrekt om tot een ontvankelijke aanvraag te komen. De regeling is uitgewerkt in paragraaf 4. 2 van het Bor, met een nadere uitwerking in de Ministeriële regeling omgevingsrecht. Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aan de hand van de Mor getoetst op ontvankelijkheid. Daarbij is gebleken dat een aantal gegevens ontbrak. De aanvrager is hierop in de gelegenheid gesteld om aanvullende gegevens te leveren. Op 20 juni 2024 hebben wij de aanvullende gegevens ontvangen. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag alsmede de latere aanvulling daarop voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen.
Beoordeling van de aanvraag De aanvraag is getoetst aan paragraaf 2. 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Hierbij is in het bijzonder rekening gehouden met het bepaalde in: -artikel 2. 12 Wabo voor planologisch strijdig gebruik; -artikel 2. 18 van de Wabo; Deze beoordelingen zijn opgenomen in het onderdeel “Motivering”. Voor zover aan de vergunning voorwaarden moeten worden verbonden zijn deze opgenomen in het onderdeel “Voorschriften”. Ter informatie is in het onderdeel “Informatie” algemene informatie opgenomen over van toepassing zijnde regelgeving en zijn (voor zover van toepassing) formulieren toegevoegd om de voortgang van de activiteit weer te geven.
Activiteit milieu De aanvraag heeft betrekking op een inrichting. Voor de gevraagde wijziging / uitbreiding is op 27 december 2023 een melding op grond van het Activiteitenbesluit ingediend. Op 26 januari 2024 is de melding beoordeeld en akkoord bevonden zodat voor het onderdeel milieu geen vergunning is vereist.
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 3 van 13
Bijgevoegde documenten De volgende documenten maken onderdeel uit van het besluit: 1. 2. 3.
8313759_1703687701838_publiceerbareaanvraag. pdf Situatie_V6_Jonkmansweg5_26-06-2024 09072024 ROB Jonkmansweg 5 Deurningen
Rechtsmiddelen De aanvraag en de ontwerpbeschikking met bijbehorende stukken worden op grond van de Algemene wet bestuursrecht gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Iedereen kan schriftelijke zienswijzen binnen de termijn van terinzagelegging richten aan het gemeentebestuur van Dinkelland, Postbus 11, 7590 AA te Denekamp en dienen voor het einde van de termijn te worden ingediend, dan wel ter post te zijn bezorgd. Mondelinge zienswijzen kunt u binnen de genoemde periode indienen, nadat daarvoor een afspraak is gemaakt met één van de medewerkers via het algemene telefoonnummer 0541-854100.
Besluit Gelet op het bovenstaande en hetgeen overwogen is onder het onderdeel “Motivering” hebben wij besloten: de vergunning te verlenen overeenkomstig de aanvraag; aan de vergunning voorwaarden te verbinden zoals opgenomen onder het onderdeel
“Voorschriften”.
Namens burgemeester en wethouders van gemeente Dinkelland,
G. Kleijssen Manager Fysieke leefomgeving
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 4 van 13
MOTIVERING 1
HET GEBRUIKEN VAN GRONDEN OF BOUWWERKEN IN STRIJD MET EEN BESTEMMINGSPLAN
1. 1
Inleiding
De omgevingsvergunning moet worden geweigerd indien de activiteit als bedoeld in artikel 2. 1, eerste lid, onder c Wabo niet voldoet aan de in artikel 2. 12 Wabo gestelde toetsingsaspecten. Een toetsing aan deze aspecten heeft plaatsgevonden.
1. 2
Toetsing aan bestemmingsplan
Het bouwplan is gelegen in het bestemmingsplan ‘’Buitengebied 2010’’ en het facetbestemmingsplan parkeren gemeente Dinkelland, in de bestemming ‘’Agrarisch -1’’. Geconstateerd wordt dat de kuilvoerplaten buiten het bouwperceel wordt gebouwd. De aanvraag voldoet daarmee niet aan de regels van het geldende bestemmingsplan.
1. 3
Buitenplanse afwijkingen
Met toepassing van artikel 2. 12, eerste lid sub a onder 3 van de Wabo kan afgeweken worden van de in het bestemmingsplan aangegeven regels t. b. v. 3. 2. 2 lid a, indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Uit de ingediende ruimtelijke onderbouwing (09072024 ROB Jonkmansweg 5 Deurningen) volgt dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De ruimtelijke onderbouwing maakt deel uit van dit besluit. Beleidsruimte Bij het bepalen van de keuze om wel of geen medewerking te verlenen aan een verzoek om een afwijking van het bestemmingsplan hebben wij een ruime beleidsvrijheid om te bepalen of een bepaalde ontwikkeling met de daarbij horende maatvoeringen uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening acceptabel is. Een dergelijk besluit is immers in belangrijke mate afhankelijk van de inzichten die bij ons bestaan over de wenselijk geachte planologische ontwikkelingen in het betrokken gebied. Bepaalde beoordelingsmarges mogen echter niet worden overschreden en het recht mag ook niet onjuist worden toegepast. Tevens dienen de in geding zijnde (individuele) belangen op een zorgvuldige wijze te zijn afgewogen.
Belangenafweging Instemmen met de aanvraag levert in onze optiek een wenselijke planologische situatie op, welke wij vanuit een ruimtelijk oogpunt aanvaardbaar achten. Het overschrijden van het vastomlijnde planologisch toetsingskader achten wij in dit specifieke geval dan ook aanvaardbaar. Daarbij hebben wij tevens de belangen van de omwonenden in ogenschouw genomen. Het mogelijk maken van het gevraagde bouwplan levert, gelet op hetgeen is overwogen in de ruimtelijke onderbouwing, geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat van de naaste omwonenden op.
1. 4 Verklaring van geen bedenkingen gemeenteraad Op grond van artikel 2. 27 Wabo wijst het Bor of een bijzondere wet categorieën van gevallen aan
waarvoor geldt dat een omgevingsvergunning niet wordt verleend dan nadat een daarbij aangewezen bestuursorgaan heeft verklaard dat het daartegen geen bedenkingen heeft.
Op grond van artikel 6. 5 Bor en het Delegatiebesluit gemeente Dinkelland is een verklaring van geen bedenking (hierna VVGB) vereist van de gemeenteraad indien: sprake is van een toevoeging van een woning in het buitengebied; sprake is van verplaatsing van bebouwing op meer dan 30 meter buiten het bouwvlak; sprake is van (het uitbreiden van) niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied; c. d. sprake is van de vestiging van een intensief veehouderijbedrijf, zoals gedefinieerd in artikel 1 van het bestemmingsplan Buitengebied. a.
b.
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 5 van 13
Omdat sprake is van bebouwing op meer dan 30 meter buiten het bouwvlak is er conform het Delegatiebesluit 2017 een verklaring van geen bedenkingen nodig alvorens een besluit genomen kan worden op grond van artikel 2. 12 lid 1 onder a sub 3 Wabo. De gemeenteraad heeft overwogen dat de gevraagde ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Op datum advies heeft de gemeenteraad een ontwerpverklaring afgegeven waaruit blijkt dat er geen bedenkingen zijn tegen het verlenen van de gevraagde vergunning. Hierbij heeft de gemeenteraad tevens besloten dat deze ontwerpverklaring als de definitieve verklaring van geen bedenkingen wordt aangemerkt, indien er geen zienswijzen zijn ontvangen. De verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad is als bijlage opgenomen bij dit besluit.
1. 5
Conclusie
Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit, zijn er ten aanzien van deze activiteit geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren.
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 6 van 13
2
HET UITVOEREN VAN EEN WERK, GEEN BOUWWERK ZIJNDE, OF VAN WERKZAAMHEDEN, IN GEVALLEN WAARIN DAT BIJ EEN BESTEMMINGSPLAN, BEHEERSVERORDENING, EXPLOITATIEPLAN OF VOORBEREIDINGSBESLUIT IS BEPAALD
2. 1
Inleiding
De omgevingsvergunning moet worden geweigerd indien de activiteit als bedoeld in artikel 2. 1, eerste lid, onder b, van de Wabo niet voldoet aan de in artikel 2. 11 van de Wabo gestelde toetsingsaspecten. Een toetsing aan deze aspecten heeft plaatsgevonden.
2. 2
Toetsing en overweging
De werkzaamheden voor het aanbrengen grond en verharding voor kuilvoerplatenplaats in een gebied waarvoor het bestemmingsplan ‘’Buitengebied 2010’’ is vastgesteld. De genoemde werkzaamheden vallen binnen de bestemming ‘’Agrarisch -1’’. In het bestemmingsplan zijn regels opgenomen om te voorkomen dat de in dit besluit bedoelde grond minder geschikt wordt voor de verwezenlijking van de ter plaatse geldende of beoogde bestemming. Daarom is in het bestemmingsplan bepaald dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning bepaalde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren. In artikel 3. 6. 1. lid g. van het bestemmingsplan wordt bepaald dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning oppervlakte aan te brengen anders dan voor het ontsluiten van percelen en veldschuren. Voorliggend plan voorziet in de bouwmogelijkheden voor de verplaatsing van kuilvoerplaten naar een locatie direct aansluitend aan het agrarisch bouwvlak van een bestaand agrarisch bedrijf. Dit ten behoeve van de efficiëntere bedrijfsvoering en verbetering van de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse. De situering van de nieuwe kuilvoerplaten op deze locatie is gekozen, omdat deze de minste impact
heeft
op het aanwezige landschap en er een betere routing ontstaat, ook met het oog op een toekomstige voerrobot. Binnen het huidig bouwvlak is daarbij geen ruimte meer beschikbaar, aangezien deze
benut wordt door de benodigde bedrijfsbebouwing. Het agrarische bedrijf zal op een verantwoorde wijze worden ingepast in het landschap. Er is hiermee sprake van een zorgvuldig ruimtegebruik passend binnen dit artikel van de omgevingsverordening. Geconcludeerd wordt dat de in dit plan besloten ontwikkeling voldoet aan artikel 4. 5 van de Omgevingsverordening.
2. 3
Resume
De vergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de natuurlijke en landschappelijke waarden, de waarden van de historische buitenplaatsen, de geomorfologische, cultuurhistorische en archeologische waarden. Een maatregel verdere verdroging van de gebied tegen te gaan is in ieder geval aan te merken als een maatregel in het kader van kader van bos- en natuurbeheer. De genoemde werkzaamheden hebben geen negatieve invloed op de hierboven genoemde van belang zijnde waarden. Het voldoet aan de randvoorwaarden van de bestemmingsvoorschriften.
2. 4
Conclusie
Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op de aangevraagde activiteit geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren. In deze beschikking zijn voorschriften opgenomen.
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 7 van 13
VOORSCHRIFTEN
3
HET GEBRUIKEN VAN GRONDEN OF BOUWWERKEN IN STRIJD MET EEN BESTEMMINGSPLAN
3. 1
Algemeen
1.
De basis voor deze voorschriften is het landschappelijke inpassingsplan wat ingediend is door aanvrager zoals opgenomen in bijlage 1.
2.
Ten behoeve van een duurzame landschappelijke inpassing van de bebouwing dienen de maatregelen die zijn opgenomen in het plan te worden uitgevoerd en in stand gehouden te worden.
3.
Kuilvoerplaten (I )zijn binnen 12 maanden, na aanvang werkzaamheden ten behoeve van de nieuwe kuilvoerplaten, (J) verwijderd.
4.
De aanplant volgens plan dient plaats te vinden uiterlijk binnen 2 jaar na het onherroepelijk worden van deze vergunning.
5.
Tijdens bouwwerkzaamheden ter plekke dient aanwezige beplanting, zowel bestaande als nieuwe aanplant, voldoende beschermd te zijn tegen beschadigingen en bodemverdichting.
6.
De te planten bomen en struiken moeten voldoen aan de volgende voorwaarden: a.
b. c.
d.
Sortiment, plantafstrand en aantallen zoals opgenomen in het landschappelijke inpassingsplan; Minimale plantmaten zoals opgenomen in het landschappelijke inpassingsplan. De genoemde maten van de beplanting zijn standaard handelsmaten in centimeters; De beplanting moet voorzien zijn van een Naktuinbouw standaard certificeringslabel ‘EG-kwaliteit’ Leveringsdocument dient aanvrager te bewaren; De genoemde certificeringslabels, leveringsdocumenten en afleverbonnen moet op verzoek getoond worden aan het bevoegd gezag.
7.
De nieuw aangeplante beplanting dient beschermd te zijn door een deugdelijke afscheiding tegen beschadigingen door machines, grondbewerking, weidend vee, wildvraat, bodemverdichting etc.
8.
Jaarlijks dient niet geslaagde aanplant te worden vervangen. Dit geldt gedurende drie jaar na de eerste aanplant en ook gedurende drie jaar na vervanging van niet geslaagde aanplant.
9.
Indien aanvrager het college van B&W verzoekt om intrekking van (een deel van) deze vergunning, zal de instandhoudingsverplichting voor de maatregelen uit het landschappelijke inpassingsplan van kracht blijven onder de geldende regelgeving (o. a. Wet Natuurbescherming, Kapverordening).
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 8 van 13
Bijlagen Bijlage 1 Landschappelijke inpassing
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 9 van 13
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 10 van 13
Bijlage 2: Praktisch advies voor een geslaagde aanplant van (fruit)bomen en houtsingels.
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 11 van 13
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 12 van 13
Zaaknummer
: ZD-2023-002371
Locatie : Jonkmansweg 5 Deurningen
Pagina 13 van 13