CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - GGD monitor Dinkelland.pdf

Commissie Sociaal Domein & Bestuur 12 maart 2024, gemeente DinkellandBij agendapunt: 6: Voorstel inzake vaststellen kadernota armoede en schulden 2024-202827.617 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Dinkelland Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen

1. Gezond van lijf en leden 1.1 Ervaren gezondheid 1.2 Lichaamsgewicht 1.3 Langdurige ziekte of aandoening 1.4 Beperkt in dagelijks leven vanwege gezondheidsproblemen 1.5 Zorgen over vergeetachtigheid 1.6 Corona

2. Beweeg je fit! 2.1. Voldoet aan de beweegrichtlijn 2.2. Wekelijkse sporter 2.3. Lid sportvereniging

3. Weet wat je eet 3.1. Schijf van Vijf 3.2. Gezonde en gevarieerde voeding 3.3. Minimaal 1,5 liter vocht

4. Genieten of gewoonte 4.1. Alcohol 4.2. Roken 4.3. Drugs 4.4. Gehoorbescherming

5. Tijd om op te laden 5.1. Slapen 5.2. Ontspanning

6. Vaardigheden voor gezondheid 6.1. Risico laaggeletterdheid 6.2. Gezondheidsvaardigheden 6.3. Digitale vaardigheden

7. Levenskracht 7.1. Gelukkig voelen 7.2. Zinvol leven 7.3. Regie over eigen leven 7.4. Veerkracht en mentale weerbaarheid 7.5. Risico op angststoornis of depressie 7.6. Stress 7.7. Oordeel homoseksualiteit en genderidentiteit

8. Zelf doen 8.1. Functionele beperkingen 8.2. Huishoudelijke activiteiten 8.3. Vallen 8.4. Slaap- of kalmeringsmiddelen

9. Samen ben je niet alleen 9.1. Noaberschap 9.2. Vrijwilligerswerk 9.3. Eenzaamheid 9.4. Mantelzorg 9.5. Wet maatschappelijke ondersteuning

10. Oost west, thuis best? 10.1. Oordeel woning 10.2. Levensloopbestendig wonen 10.3. Groen in de buurt 10.4. Geluidshinder, slaaphinder en geurhinder 10.5. Gezondheidsklachten door de hitte

11. Gezond rondkomen 11.1 Moeite met rondkomen 11.2. Financiële problemen 11.3. Noodzakelijke uitgaven

12. Ingrijpende gebeurtenissen 12.1 Ingrijpende gebeurtenissen 12.2. Huiselijk geweld 12.3. Seksuele handelingen tegen zin in 12.4. Ouderenmishandeling

13. Gevolgen corona 13.1 Corona gehad 13.2. Ziek gevoeld door corona 13.3. Zelfgerapporteerde invloed coronacrisis

Over het onderzoek Bronnenlijst

1. Gezond van lijf en leden Fysieke gezondheid

Het functioneren van ons lichaam is onderdeel van onze gezondheid. Dit hoofdstuk geeft inzicht in fysieke aspecten als lichaamsgewicht, langdurige ziekte en vergeetachtigheid. Ook is er aandacht voor hoe inwoners van Dinkelland hun gezondheid zelf ervaren en of ouderen zich zorgen maken over vergeetachtigheid. Daarnaast is uitgevraagd of mensen corona hebben gehad.

1.1 Ervaren gezondheid De ervaren gezondheid, ook wel subjectieve gezondheid of gezondheidsbeleving genoemd, weerspiegelt het eigen oordeel over de gezondheid. 84% ervaart gezondheid als (zeer) goed

Het percentage mensen in Dinkelland dat de gezondheid als (zeer) goed ervaart is gelijk gebleven in vergelijking met vier jaar geleden: (2016: 85%). 84% van de mensen beoordeelt de eigen gezondheid als (zeer) goed, zie figuur 1.1. Dit is vergelijkbaar met Twente (80%). (zeer) goed gaat wel (zeer) slecht 15%%

84%%

Figuur 1.1 Ervaren gezondheid 18 jaar en ouder - Dinkelland totaal.

Goed ervaren gezondheid lager bij ouderen

Het percentage mannen (85%) dat zijn gezondheid als (zeer) goed ervaart is hoger dan de ervaren gezondheid van vrouwen (82%). Meer volwassenen (88%) dan ouderen (72%) beoordelen de eigen gezondheid als (zeer) goed. De ervaren gezondheid naar leeftijdscategorie is weergegeven in figuur 1.2.

18-34 jaar

93%

35-49 jaar

93%

50-64 jaar

80%

65-74 jaar

78%

75-84 jaar

66%

85+ jaar

62% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

Figuur 1.2 (Zeer) goed ervaren gezondheid - naar leeftijd

79% Lage SES

68% Laaggeletterd

88% Hoge SES

86% Geletterd

Figuur 1.3 (Zeer) goed ervaren gezondheid - naar SES en mate geletterdheid

80%

90%

100%

1.2 Lichaamsgewicht In de gezondheidsmonitor zijn lichaamslengte en gewicht uitgevraagd. Op basis hiervan is de Body Mass Index (BMI) berekend. De BMI laat zien of je een gezond gewicht hebt in verhouding tot je lengte. Het dient als maat voor het al dan niet voorkomen van overgewicht. Een waarde tussen 18,5 en 25 geeft een gezond gewicht weer. De zelfrapportage in de gezondheidsmonitor kan een vertekening geven van de werkelijkheid. Evenveel overgewicht in Dinkelland in vergelijking met Twente

52% van de mensen in Dinkelland heeft overgewicht. Dit is vergelijkbaar met 4 jaar geleden (2016: 48%) en gelijk aan Twente (53%).

2.517 mensen in Dinkelland hebben obesitas.

Mannen hebben vaker overgewicht

58% van de mannen heeft overgewicht, vergeleken met 46% van de vrouwen. Ouderen (62%) hebben vaker overgewicht dan volwassenen (49%). Overgewicht naar leeftijdscategorie is weergegeven in figuur 1.4.

18-34 jaar

40%

35-49 jaar

50%

50-64 jaar

55%

65-74 jaar

64%

75-84 jaar

60%

85+ jaar

58% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

Figuur 1.4 Overgewicht (BMI ≥ 25) - naar leeftijd

60% Lage SES

58% Laaggeletterd

42% Hoge SES

51% Geletterd

Figuur 1.5 Overgewicht (BMI ≥ 25) - naar SES en mate geletterdheid

1.3 Langdurige ziekte of aandoening

60%

70%

80%

Een langdurige ziekte of aandoening duurt (naar verwachting) zes maanden of langer. Langdurige ziekten gelijk gebleven

Het aantal mensen van 18 jaar en ouder in Dinkelland dat een langdurige ziekte of aandoening heeft (25%) is gelijk gebleven in vergelijking met vier jaar geleden (2016: 28%). Het percentage is lager dan in Twente (31%). Meer vrouwen (26%) dan mannen (24%) hebben een langdurige ziekte of aandoening. En meer ouderen (39%) dan volwassenen (20%). De aanwezigheid van langdurige ziekten naar leeftijdsgroep is weergegeven in figuur 1.6.

18-34 jaar

10%

35-49 jaar

17%

50-64 jaar

29%

65-74 jaar

34%

75-84 jaar

48%

85+ jaar

36% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

Figuur 1.6 Langdurige ziekten en aandoeningen - naar leeftijd

27% Lage SES

39% Laaggeletterd

23% Hoge SES

23% Geletterd

Figuur 1.7 Langdurige ziekten en aandoeningen - naar SES en mate geletterdheid

45%

50%

55%

1.4 Beperkt in dagelijks leven vanwege gezondheidsproblemen 29% van de mensen in Dinkelland geeft aan (ernstig) beperkt te zijn in het dagelijks leven vanwege gezondheidsproblemen. Dit is vergelijkbaar met Twente (31%). Er is een verschil tussen mannen (26%) en vrouwen (32%). Ouderen (50%) zijn vaker beperkt in het dagelijks leven door gezondheidsproblemen dan volwassenen (21%).

40%

21%

Lage SES

Hoge SES

49%

25%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 1.8 (Ernstig) beperkt in dagelijks leven door gezondheidsproblemen - naar SES en mate geletterdheid

1.5 Zorgen over vergeetachtigheid Onder de ouderen in Dinkelland geeft 41% aan zichzelf vergeetachtig te vinden. Het percentage ouderen dat aangeeft zich daar (een beetje tot veel) zorgen over te maken is 41%, zie figuur 1.9. Er zijn geen verschillen naar geslacht. Figuur 1.10 geeft per leeftijdsgroep de percentages weer van de ouderen die zichzelf vergeetachtig vinden en zich hier zorgen over maken. Maakt zich zorgen om vergeetachtigheid Maakt zich geen zorgen om vergeetachtigheid

41%%

59%%

Figuur 1.9 Zorgen om vergeetachtigheid bij ouderen

65-74 jaar

34%

75-84 jaar

85+ jaar

50%

38%

30% 32% 34% 36% 38% 40% 42% 44% 46% 48% 50% 52% 54% 56% 58%

Figuur 1.10 Maakt zich zorgen over vergeetachtigheid - naar leeftijd

43% Lage SES

53% Laaggeletterd

37% Hoge SES

34% Geletterd

Figuur 1.11 Ouderen met zorgen over hun vergeetachtigheid - naar SES en mate geletterdheid

1.6 Corona 6% van de mensen in Dinkelland denkt het coronavirus te hebben gehad, maar dit is niet bevestigd met een test. Daarnaast geeft 2% aan het coronavirus te hebben gehad, waarbij dit is bevestigd met een test. Van de mensen die corona gehad hebben geeft 26% aan hier redelijk tot ernstig ziek van te zijn geweest. Dit is vergelijkbaar met Twente (35%). Ouderen voelen zich minder vaak ziek door corona

De ouderen die corona hebben gehad, voelen zich minder vaak redelijk tot ernstig ziek door corona (28%) dan volwassenen (25%). Figuur 1.12 geeft dit weer per leeftijdscategorie. Mannen (17%) voelen zich minder vaak redelijk tot ernstig ziek dan vrouwen (38%). Bij mensen uit de risicogroep laaggeletterdheid is dit 29%, bij mensen zonder risico op laaggeletterdheid is dit 23%. Bij mensen met een lage SES is dit 16% en bij mensen met een hoge SES 22%.

18-34 jaar

20%

35-49 jaar

48%

50-64 jaar

15%

65-74 jaar

39%

75-84 jaar

18%

85+ jaar

14% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

Figuur 1.12 Redelijk tot ernstig ziek voelen door corona - naar leeftijd

40%

45%

50%

55%

2. Beweeg je fit! Lichamelijke activiteit

Lichaamsbeweging zorgt voor een goede lichamelijke en mentale gezondheid. Het heeft een positief effect op de conditie, het welzijn en de weerstand. Overdag bewegen kan helpen om ’s nachts beter te slapen. Ook kan bewegen helpen om rust te krijgen in je hoofd. Regelmatig bewegen verkleint de kans op gezondheidsproblemen. Beweeg je fit gaat over lichamelijke activiteit naar en op werk, school en in het huishouden. Ook zijn activiteiten als wandelen, fietsen, tuinieren, sporten en zitgedrag uitgevraagd. 2.1 Voldoet aan de beweegrichtlijn Het advies van de Gezondheidsraad aan volwassenen en ouderen is om tenminste 2,5 uur per week matig intensief te bewegen (bijvoorbeeld wandelen of fietsen). Aanbevolen wordt om niet te veel stil te zitten en minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten te doen, voor ouderen gecombineerd met balansoefeningen. Dit staat omschreven in de Beweegrichtlijnen 2017. Voorheen kende Nederland drie normen voor gezond bewegen: de Nederlandse Norm Gezond Bewegen, de Fitnorm en de Combinorm. Deze normen waren al in gebruik sinds 1998 en toe aan een update. Wetenschappelijke inzichten van de afgelopen 20 jaar zijn verwerkt in de vernieuwde Beweegrichtlijnen 2017. Volwassenen voldoen het vaakst aan beweegrichtlijn

Van de mensen in Dinkelland voldoet 56% aan de beweegrichtlijn. Dit is vergelijkbaar met 2016 (53%). Vergelijking met Nederland is niet mogelijk. Van de mannen voldoet 60% aan de beweegrichtlijn en 52% van de vrouwen. Volwassenen (61%) voldoen vaker aan de beweegrichtlijn dan ouderen (43%). Figuur 2.1 toont dit per leeftijdscategorie.

18-34 jaar

60%

35-49 jaar

57%

50-64 jaar

64%

65-74 jaar

52%

75-84 jaar

36%

85+ jaar

13% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

Figuur 2.1 Voldoen aan beweegrichtlijn - Dinkelland totaal

48% Lage SES

48% Laaggeletterd

62% Hoge SES

58% Geletterd

Figuur 2.2 Voldoen aan beweegrichtlijn - naar SES en mate geletterdheid

60%

70%

80%

2.2 Wekelijkse sporter Van de mensen in Dinkelland sport 58% wekelijks. Dit is vergelijkbaar met 2016, toen sportte 57% van de Twentenaren wekelijks. Van de mannen sport 57% wekelijks, bij de vrouwen is dit 59%. Volwassenen (65%) sporten vaker wekelijks dan ouderen (38%). Het lijkt er dan ook op dat mensen minder vaak wekelijks sporten naarmate zij ouder worden, zie figuur 2.3.

18-34 jaar

74%

35-49 jaar

61%

50-64 jaar

60%

65-74 jaar

43%

75-84 jaar

36%

85+ jaar

6% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

Figuur 2.3 Wekelijkse sporter - naar leeftijd

12.163 van de mensen in Dinkelland sporten wekelijks

42% Lage SES

40% Laaggeletterd

74% Hoge SES

61% Geletterd

Figuur 2.4 Wekelijkse sporter - naar SES en mate geletterdheid

60%

70%

80%

90%

2.3 Lid sportvereniging Deelname aan sport- en beweegactiviteiten is niet alleen goed voor de gezondheid, maar bevordert ook de maatschappelijke participatie en het welbevinden. 42% lid sportvereniging

Van de mensen in Dinkelland is 42% lid van een sportvereniging, wat vergelijkbaar is met het percentage in 2016 (43%). Er is een verschil tussen mannen (47%) en vrouwen (36%). Volwassenen (47%) zijn vaker lid van een sportverenging dan ouderen (27%). Lidmaatschap per leeftijdscategorie is weergegeven in figuur 2.5.

18-34 jaar

62%

35-49 jaar

44%

50-64 jaar

36%

65-74 jaar

31%

75-84 jaar

23%

85+ jaar

11% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

Figuur 2.5 Lidmaatschap sportvereniging - naar leeftijd

28% Lage SES

29% Laaggeletterd

55% Hoge SES

44% Geletterd

Figuur 2.6 Lidmaatschap sportvereniging - naar SES en mate geletterdheid

60%

70%

80%

3. Weet wat je eet Voeding en vocht

Je lichaam haalt bouwstoffen uit voeding. Als je gezond eet en drinkt, krijg je voedingsstoffen binnen die je nodig hebt om goed te functioneren en je fit te voelen. Gezonde voedingsstoffen dragen bij aan je weerstand, zorgen ervoor dat je lekkerder in je vel zit en voorkomen dat je bepaalde ziektes krijgt. Daarnaast kan gezonde voeding bijdragen aan een gezond gewicht. Een hulpmiddel om gezond te eten is de Schijf van Vijf1. Dit hoofdstuk gaat in op hoeveel mensen de Schijf van Vijf kennen en hoe het Twentse voedingspatroon eruitziet. Voor ouderen is daarnaast het vochtgebruik inzichtelijk gemaakt. 3.1 Schijf van Vijf De Schijf van Vijf is een wetenschappelijk onderbouwd voorlichtingsmodel dat laat zien wat de essentie van gezond eten is. Als je eet volgens de Schijf van Vijf, nuttig je vooral producten die gezondheidswinst opleveren en krijg je alle voedingsstoffen binnen die je nodig hebt. 50% probeert volgens Schijf van Vijf te eten

Van de mensen in Dinkelland geeft 11% aan de Schijf van Vijf niet te kennen, 39% kent de Schijf van Vijf wel, maar gebruikt deze niet en 50% probeert volgens de Schijf van Vijf te eten (zie figuur 3.1). Kent en gebruikt Schijf van Vijf Kent Schijf van Vijf niet Kent maar gebruikt Schijf van Vijf niet

39%% 50%%

11%%

Figuur 3.1 Kennis en gebruik Schijf van Vijf - Dinkelland totaal Vrouwen proberen vaker volgens de Schijf van Vijf te eten

Het kennen van de Schijf van Vijf kan helpen om gezond te eten. Hierin zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen. 36% van de mannen en 64% van de vrouwen probeert volgens de Schijf van Vijf te eten. Er is geen verschil tussen volwassenen (49%) en ouderen (51%). Voor een overzicht naar leeftijd zie figuur 3.2. Er zijn geen verschillen in het proberen te eten volgens de Schijf van Vijf naar SES.

18-34 jaar

37%

35-49 jaar

53%

50-64 jaar

57%

65-74 jaar

53%

75-84 jaar

50%

85+ jaar

50% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

Figuur 3.2 Proberen te eten volgens Schijf van Vijf - naar leeftijd

46% Laaggeletterd

50% Geletterd

Figuur 3.3 Schijf van Vijf - naar mate geletterdheid

45%

50%

55%

60%

65%

70%

3.2 Gezonde en gevarieerde voeding Gezond, gevarieerd en regelmatig eten zorgt ervoor dat je alle voedingsstoffen binnenkrijgt die je lichaam nodig heeft. Onder deze norm vallen volgens het Voedingscentrum onder andere veel groente en fruit, volkoren producten, minder vlees en meer plantaardig voedsel2. Het advies is om te variëren met vis, peulvruchten, noten en vegetarische producten, en genoeg zuivel te eten, zoals melk, yoghurt en kaas3. Groot deel van de mensen in Dinkelland voldoet niet aan de dagelijkse voedingsnorm

Een groot deel van de mensen in Dinkelland voldoet geen zeven dagen per week aan de hierboven genoemde voedingsnormen. Wanneer gekeken wordt hoeveel mensen minimaal 5 dagen per week wel voldoen aan de individuele normen, liggen de percentages aanzienlijk hoger. Zo eet 76% minimaal 5 dagen in de week volkorenproducten (tegenover 55% dagelijks) en 89% zuivelproducten (tegenover 70% dagelijks). Voor een uitgebreid overzicht zie tabel 3.1.

18.454 mensen in Dinkelland eten 5 dagen per week groente en 15.309 eten 5 dagen per week fruit

Vrouwen en ouderen eten op verschillende onderdelen vaker gezond

Uit tabel 3.1 komt naar voren dat vrouwen, in vergelijking met mannen, vaker fruit en groente eten, minder vaak vlees eten en vaker dagelijks volkoren producten en vaker dagelijks zuivel eten. Ook zijn er een aantal verschillen tussen volwassenen en ouderen. Het valt op dat ouderen in vergelijking met volwassenen vaker fruit eten, vaker minimaal vijf dagen groente eten, vaker minimaal twee keer per week vis eten, minder vaak vlees eten, vaker volkoren producten eten en vaker zuivel eten. Er zijn verschillen naar SES. Minimaal vijf dagen per week fruit eten, dagelijks groente en minimaal vijf dagen groente eten wordt vaker gedaan door hoge SES dan door lage SES, zie tabel 3.1. Fruit Groente

63%

18-34 jaar

88% 72%

35-49 jaar

90% 74%

50-64 jaar

86% 54%

65-74 jaar

33% 69%

75-84 jaar

57% 63%

85+ jaar

49% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

Figuur 3.4 Dagelijkse groente- en fruitconsumptie - naar leeftijd

70%

80%

90%

100%

Tabel 3.1 Voedingspatroon Dinkelland Mannen%

Vrouwen%

Volwassenen%

Ouderen%

Lage SES%

Hoge SES%

Totaal%

Eet dagelijks fruit

33

55

38

60

49

45

44

Eet minimaal 5 dagen per week fruit

66

81

70

83

75

75

73

Eet dagelijks groente

35

49

41

42

36

52

42

Eet minimaal 5 dagen per week groente

84

92

88

89

83

93

88

Eet minimaal 2x per week vis

26

27

25

31

28

28

27

Eet dagelijks vlees

23

11

19

10

15

15

17

Eet maximaal 5 dagen per week vlees

53

67

57

67

59

63

60

Eet minimaal 2x per week peulvruchten

37

34

34

40

32

36

35

Eet dagelijks volkoren producten

53

57

52

63

57

50

55

Eet minimaal 5 dagen per week volkoren producten

75

77

73

84

78

72

76

Eet dagelijks zuivel

64

76

67

77

71

68

70

Eet minimaal 5 dagen per week zuivel

88

90

88

93

89

90

89

36% Lage SES

37% Laaggeletterd

52% Hoge SES

43% Geletterd

Figuur 3.5 Dagelijks groente eten - naar SES en mate geletterdheid

3.3 Minimaal 1,5 liter vocht De Gezondheidsraad volgt in haar richtlijnen voor goede voeding, het advies van het Voedingscentrum om per dag minstens 1,5 liter vocht te drinken. Voldoende vocht is voor ouderen extra van belang. Op hogere leeftijd (> 70 jaar) kan de vochtbalans verstoord raken door een verminderd functioneren van de nieren en een afnemend dorstgevoel. Ook kan de eetlust afnemen, waardoor men via de voeding niet voldoende vocht meer binnenkrijgt. Daarom is bij ouderen gevraagd naar vochtinname. 78% van de ouderen drinkt minimaal 1,5 liter vocht per dag

Het percentage ouderen dat aangeeft dagelijks minimaal 1,5 liter vocht te drinken is 78%. Van de mannen drinkt 80% 1,5 liter vocht per dag. Bij de vrouwen is dit 76%. Voldoende vocht drinken lijkt af te nemen bij ouderen met de leeftijd, zie figuur 3.6. Er is geen verschil bij ouderen in dagelijks minimaal 1,5 liter vocht drinken naar SES.

65-74 jaar

81%

75-84 jaar

85+ jaar

75%

69%

60% 62% 64% 66% 68% 70% 72% 74% 76% 78% 80% 82% 84% 86% 88% 90% 92%

Figuur 3.6 Dagelijks minimaal 1,5 liter vocht drinken - naar leeftijd bij ouderen

75% Laaggeletterd

80% Geletterd

Figuur 3.7 Dagelijks minimaal 1,5 liter vocht drinken - naar mate geletterdheid bij ouderen

4. Genieten of gewoonte Alcohol, roken, drugs en gehoorbescherming

Alcohol, roken, drugs… Een genot of een gewoonte van mensen uit Dinkelland? Alcohol, roken en drugs kunnen gezondheidsrisico’s met zich meebrengen. Genieten van een glaasje wijn of bier bij het eten, of tijdens een avondje uit. Blijft het bij een enkel glas of zijn we ons niet altijd bewust van de gewoonte om bij steeds meer gelegenheden alcohol te drinken? En als je dan een avondje uit bent of een ander moment waar hard geluid is, ben je er bewust van dat gehoorschade blijvend is en tref je daar maatregelen voor? Het hoofdstuk “Genieten of gewoonte?” bespreekt alcoholgebruik en roken onder mensen in Dinkelland. Bij volwassenen is daarnaast het gebruik van drugs en gehoorbescherming uitgevraagd. 4.1 Alcohol Aan volwassenen en ouderen is gevraagd of zij wel eens alcohol drinken. 86% van de mensen in Dinkelland heeft in de afgelopen twaalf maanden wel eens alcohol gedronken, zoals bier, wijn of sterke drank. Het alcoholgebruik naar leeftijdscategorie is weergegeven in figuur 4.1.

18-34 jaar

94%

35-49 jaar

90%

50-64 jaar

84%

65-74 jaar

82%

75-84 jaar

73%

85+ jaar

55% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Figuur 4.1 Afgelopen 12 maanden alcohol gedronken - naar leeftijd Hoewel veel mensen een glaasje alcohol op zijn tijd kunnen waarderen, adviseert de Gezondheidsraad om geen alcohol te drinken, of in ieder geval niet meer dan één glas per dag4. 31% van de mensen uit Dinkelland geeft aan dat ze niet drinken, of maximaal één glas alcohol per dag. Vier jaar geleden was dit percentage vergelijkbaar; 30% van de mensen uit Dinkelland gaf aan niet te drinken of maximaal één glas per dag. In Twente houden mensen zich minder vaak aan het advies van de Gezondheidsraad, daar drinkt 40% niet of maximaal één glas per dag. Er is een groot verschil tussen mannen en vrouwen. Vrouwen (47%) houden zich vaker aan het advies dan mannen (16%). Volwassenen (25%) drinken minder vaak niet of maximaal één glas per dag dan ouderen (47%). Meer overmatig en zwaar alcoholgebruik bij mannen

Van overmatig alcoholgebruik is sprake wanneer meer dan veertien glazen per week gedronken worden door mannen en meer dan zeven glazen per week door vrouwen5. In Dinkelland is 26% van de bevolking een overmatige drinker van alcohol. Dit is vergelijkbaar met 2016 (26%) en meer dan gemiddeld in Twente (19%). Een man die zes glazen alcohol of een vrouw die vier glazen alcohol bij één gelegenheid drinkt, behoort tot de categorie zware drinkers6. 18% van de mensen in Dinkelland is een zware drinker, dit is vergelijkbaar met 2016 (18%). Er zijn meer zware drinkers in Dinkelland dan in Twente (10%). Mannen drinken vaker overmatig (35%) en zwaar (29%) dan vrouwen (overmatig 17%; zwaar 6%). Meer volwassenen (22%) dan ouderen (7%) zijn zware drinkers. Zware en overmatige drinkers naar leeftijdscategorie zijn weergegeven in figuur 4.2.

Overmatig alcoholgebruik Zwaar alcoholgebruik

52%

18-34 jaar

44% 18%

35-49 jaar

10% 16%

50-64 jaar

11% 24%

65-74 jaar

10% 13%

75-84 jaar

5% 6%

85+ jaar

70%

65%

60%

55%

50%

45%

40%

35%

30%

25%

20%

15%

10%

5%

0%

0%

Figuur 4.2 Zware en overmatige drinkers - naar leeftijd

22% Laaggeletterd

27% Geletterd

Figuur 4.3 Overmatig drinken - naar mate geletterdheid Verdieping Twentse cijfers Twentse rokers zijn vaker overmatige drinkers

Uit een verdiepend onderzoek met de Twentse data blijkt dat er een relatie is tussen mensen die alcohol drinken en roken. Twentenaren die roken hebben vaker gedronken in de afgelopen twaalf maanden. Van de rokers heeft 84% in de afgelopen twaalf maanden alcohol gedronken. Voor de mensen die nog nooit gerookt hebben is dit 77%. Van de Twentenaren die aangeven te roken, is 30% een overmatige drinker. Voor mensen die nog nooit gerookt hebben is dit 13%. Van de mensen die aangeven gestopt te zijn met roken, drinkt 36% niet of maximaal één glas per dag. Voor rokers is dit 31%, en mensen die nooit gerookt hebben 46%. Zie figuur 4.4.

Figuur 4.4 Alcoholgebruik afgelopen 12 maanden - naar roker of niet

4.2 Roken Roken is ongezond. En niet alleen voor de roker zelf, maar ook voor degenen die meeroken. Roken gaat gepaard met een lagere kwaliteit van leven en levert, vergeleken met andere risicofactoren, een hoge bijdrage aan de ziektelast. De sterftekans van rokers is aanzienlijk hoger dan van niet-rokers. 16% van de mensen in Dinkelland rookt (wel eens)

16% van de mensen in Dinkelland rookt (wel eens). Het aantal rokers is gelijk gebleven (2016: 17%) en is gelijk aan het percentage rokers in Twente (17%). Mannen (20%) roken vaker dan vrouwen (12%), en volwassenen (18%) vaker dan ouderen (9%). Per leeftijdscategorie is dit weergegeven in figuur 4.5. Van de rokers geeft 1% aan wel eens een elektronische sigaret (esmoker, sisha-pen) te gebruiken. Dit is lager dan in Twente (2%).

18-34 jaar

21%

35-49 jaar

19%

50-64 jaar

16%

65-74 jaar

12%

75-84 jaar

4%

85+ jaar

25%

24%

23%

22%

21%

20%

19%

18%

17%

16%

15%

14%

13%

12%

11%

10%

9%

8%

7%

6%

5%

4%

3%

2%

1%

0%

11%

Figuur 4.5 Rookt (wel eens) - naar leeftijd Ook is er gevraagd aan de niet-rokende mensen in Dinkelland of zij vroeger wél hebben gerookt. Het stoppen met roken zorgt ervoor dat je conditie beter wordt, je hebt weer minder kans op hart- en vaatziekten en na het stoppen gaat je levensverwachting omhoog. In Dinkelland geeft 33% aan vroeger gerookt te hebben.

14% Lage SES Figuur 4.6 (Wel eens) roken - naar SES

18% Hoge SES

4.3 Drugs Hoewel de meeste mensen de gevaren van drugs kennen, worden er toch verschillende drugs gebruikt. 4% van de volwassenen in Dinkelland geeft aan één of meerdere soorten drugs te hebben gebruikt in de afgelopen twaalf maanden. 3% geeft aan softdrugs te hebben gebruikt en 2% harddrugs in de afgelopen twaalf maanden. Van de mannen heeft 5% drugs gebruikt in de afgelopen 12 maanden. Bij de vrouwen is dit 3%. 4% van de mannen en 1% van de vrouwen gebruikt softdrugs. Voor harddrugs liggen deze percentages op 2% (mannen) en 2% (vrouwen). Figuur 4.7 toont het drugsgebruik per leeftijdscategorie. SES en risico op laaggeletterdheid hebben geen invloed op drugsgebruik. Deze vraag over drugs is niet aan ouderen (65+) gesteld. Softdrugs Harddrugs 6% 18-34 jaar %

3% 35-49 jaar %

0% 50-64 jaar % 0%

1%

2%

3%

4%

5%

6%

7%

8%

Figuur 4.7 Drugsgebruik volwassenen - naar leeftijd

4.4 Gehoorbescherming Schade aan het gehoor kan geleidelijk maar ook acuut ontstaan. Gehoorschade is onherstelbaar. Het dragen van oordoppen kan dit voorkomen. Aan volwassenen is gevraagd of ze gehoorbescherming gebruiken op plekken waar op dat moment hard geluid is. 16% van de volwassenen in Dinkelland gebruikt nooit gehoorbescherming

16% van de volwassenen in Dinkelland zegt nooit gehoorbescherming (zoals oordoppen) te gebruiken op plekken waar op dat moment hard geluid is. Vrouwen gebruiken vaker nooit gehoorbescherming (21%) dan mannen (12%). De plekken waar het meest gehoorbescherming wordt gebruikt is op festivals/concerten of ander grote evenementen (22%), werk (27%) en discotheken of cafébezoek (9%).

5. Tijd om op te laden Slaap en ontspanning

Goed slapen en ontspannen hebben net als gezond eten en voldoende bewegen een positieve invloed op onze gezondheid. Gedurende slaap herstelt je lichaam zich, zowel lichamelijk als geestelijk. Wie goed en lekker slaapt, wordt uitgerust wakker, voelt zich fitter, en is productiever7. Slecht slapen kan het risico verhogen op ziektes als obesitas, diabetes, depressie en beroerte. Daarnaast kan het je dagelijks functioneren belemmeren8. Wat betreft ontspanning is af en toe wat stress of spanning goed en nuttig voor je lichaam, want dit zorgt voor energie en focus. Maar te lang, te veel stress zorgt ervoor dat je hersenen minder functioneren. Wat te voorkomen is door je hersenen voldoende rustmomenten te geven9. Dit hoofdstuk gaat in op hoe goed inwoners van Dinkelland over het algemeen slapen en of zij voldoende ontspanning en vrije tijd ervaren. Bij volwassenen is ook gevraagd of slecht slapen invloed heeft op het dagelijks leven. 5.1 Slapen Van de mensen uit Dinkelland geeft 47% aan goed te slapen, 43% slaapt redelijk goed, 8% redelijk slecht en 1% geeft aan slecht te slapen (zie figuur 5.1). Er zijn verschillen tussen mannen en vrouwen in kwaliteit van slaap. 54% van de mannen uit Dinkelland en 41% van de vrouwen uit Dinkelland geeft aan goed te slapen. Bij volwassenen is dit 49% en bij ouderen 43%. Goed Redelijk goed Redelijk slecht

8%%

Slecht

47%%

43%%

Figuur 5.1 Goed en slecht slapen - Dinkelland totaal Slecht slapen en invloed op dagelijkse activiteiten

Van de volwassenen (18 t/m 64 jaar) geeft 2% aan dat slecht slapen meestal of altijd een negatieve invloed heeft op de dagelijkse activiteiten (als percentage van de gehele populatie).

45% Lage SES

39% Laaggeletterd

50% Hoge SES

49% Geletterd

Figuur 5.2 Goed slapen - naar SES en mate geletterdheid

5.2 Ontspanning Van de mensen uit Dinkelland geeft 80% aan dat er in hun leven (meestal) voldoende tijd is voor ontspanning. Daarnaast geeft 17% van de mensen uit Dinkelland van 18 jaar en ouder aan dat zij het (meestal) moeilijk vinden om tijd voor zichzelf vrij te maken. 72% vindt dat er (meestal) een goede balans is tussen dagelijkse werkzaamheden en vrije tijd. Figuur 5.3 geeft een overzicht van de verschillende antwoorden - naar leeftijd - op de drie bovenstaande vragen. Ervaart juiste balans Tijd voor jezelf vrijmaken moeilijk Voldoende ontspanning

18-34 jaar 35-49 jaar 50-64 jaar 65-74 jaar 75-84 jaar

100%

90%

80%

70%

60%

50%

40%

30%

20%

10%

0%

85+ jaar

Figuur 5.3 Ontspanning en vrije tijd - naar leeftijd

Ruim 18.874 mensen uit Dinkelland vinden dat ze goed slapen

Willen mensen uit Dinkelland hun leefstijl aanpassen? Als afsluiting van de voorgaande leefstijlhoofdstukken wordt ingegaan op de vraag of inwoners van Dinkelland van plan zijn om hun manier van leven aan te passen. En zo ja, op welke gebieden. 64% van de mensen uit Dinkelland wil leefstijl aanpassen

Het percentage mensen uit Dinkelland dat aangeeft op één of meer gebieden zijn of haar leefstijl aan te willen passen is 64%. Van de mannen geeft 64% aan iets te willen veranderen aan hun manier van leven, van de vrouwen is dit 63%. 69% van de volwassenen heeft de wens zijn of haar leefstijl aan de passen, van de ouderen is dit 50%. Het lijkt erop dat de wens om je leefstijl aan te passen afneemt naarmate de inwoners van Dinkelland ouder worden, zie figuur 5.4 voor een uitgebreid overzicht per leeftijdscategorie.

18-34 jaar

71%

35-49 jaar

71%

50-64 jaar

66%

65-74 jaar

56%

75-84 jaar

42%

85+ jaar

39% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

Figuur 5.4 Wil op één of meer gebieden de leefstijl aanpassen - naar leeftijd

55%

70%

Lage SES

Hoge SES

53%

65%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 5.5 Wil op één of meer gebieden de leefstijl aanpassen - naar SES en mate geletterdheid Afvallen en meer bewegen meest genoemde aanpassingen

33% van de mensen uit Dinkelland geeft aan te willen afvallen, 30% wil meer bewegen of sporten en 16% wil graag gezonder eten. Aanpassingen aan de leefstijl zijn weergegeven in figuur 5.6.

Minder alcohol drinken

7%

Stoppen met roken

7%

Meer bewegen / sporten

30%

Gezonder eten

16%

Gewicht verliezen / afvallen

33%

Persoonlijke problemen oplossen

6%

Meer met andere mensen omgaan

6%

Rustiger aandoen

20%

Iets anders

Figuur 5.6 Overzicht gebieden leefstijl aanpassen - Dinkelland totaal

6. Vaardigheden voor gezondheid Gezondheidsvaardigheden, risico op laaggeletterdheid en digitale vaardigheden

40%

38%

36%

34%

32%

30%

28%

26%

24%

22%

20%

18%

16%

14%

12%

8%

10%

6%

4%

2%

0%

4%

Gezondheid gaat over het vermogen om je aan te passen aan de uitdagingen die zich in je leven voordoen, en hier zoveel mogelijk eigen regie op te voeren. Om zoveel mogelijk regie te kunnen voeren, heb je gezondheidsvaardigheden nodig. Dit zijn onder andere vaardigheden om informatie over je gezondheid te vinden, te begrijpen, te beoordelen en te gebruiken bij het nemen van beslissingen over jouw gezondheid10. Deze vaardigheden hangen nauw samen met geletterdheid: kunnen lezen, schrijven en/of rekenen. Niet iedereen is even gezondheidsvaardig en een deel van deze groep mensen is daarnaast laaggeletterd. Vaak hebben zij daardoor ook moeite met het gebruik van een computer of smartphone. Uit onderzoek is bekend dat laaggeletterden of mensen met lage gezondheidsvaardigheden meer kans hebben op een slechtere gezondheid en vroegtijdig overlijden dan mensen die gezondheidsvaardig en geletterd zijn11. Dit hoofdstuk geeft inzicht in het niveau van gezondheidsvaardigheden, hoeveel inwoners risico lopen op laaggeletterdheid, en hoe het is gesteld met de digitale bekwaamheid. 6.1 Risico op laaggeletterdheid Risico op laaggeletterdheid is in de vragenlijst gemeten met de Taalzelftest12. Aan de hand van elf stellingen wordt bepaald of iemand risico loopt op laaggeletterdheid. Van de mensen uit Dinkelland loopt minstens 15% een risico op laaggeletterdheid.

Mogelijk ligt dit percentage in de praktijk hoger, omdat de verwachting is dat een deel van de mensen die moeite hebben met lezen en schrijven de vragenlijst uit dit onderzoek niet hebben ingevuld. Vandaar het gebruik van de term “minstens”. 15% van de vrouwen loopt een risico op laaggeletterdheid, voor mannen is dit 15%. 9% van de volwassenen en 33% van de ouderen heeft een risico op laaggeletterdheid.

18-34 jaar

8%

35-49 jaar

5%

50-64 jaar

12%

65-74 jaar

24%

75-84 jaar

38%

85+ jaar

75% 0%

10%

20%

30%

40%

Figuur 6.1 Risico laaggeletterdheid - naar leeftijd

Minstens 3.146 mensen uit Dinkelland zitten in de risicogroep laaggeletterd

32% Lage SES

3% Hoge SES

Figuur 6.2 Risico laaggeletterdheid - naar SES

50%

60%

70%

80%

90%

6.2 Gezondheidsvaardigheden Het niveau van gezondheidsvaardigheden is gemeten aan de hand van zes items uit de European Health Literacy Survey (HLSEU-Q6). Van de mensen uit Dinkelland is 7% onvoldoende gezondheidsvaardig, 46% is matig gezondheidsvaardig en 47% is voldoende gezondheidsvaardig (zie figuur 6.3). Voldoende Matig Onvoldoende

7%%

47%%

46%%

Figuur 6.3 Niveau van gezondheidsvaardigheden - Dinkelland Ouderen vaker onvoldoende gezondheidsvaardig

6% van de mannen en 9% van de vrouwen is onvoldoende gezondheidsvaardig. 2% van de volwassenen en 21% van de ouderen is onvoldoende gezondheidsvaardig. De mate van gezondheidsvaardigheid lijkt af te nemen met toename van de leeftijd. Waar gemiddeld 2% van de 18 tot 64-jarigen nog onvoldoende scoort, scoort 27% van de 75 tot 84-jarigen onvoldoende, tot 33% bij de 85+’ers (zie figuur 6.4).

18-34 jaar

1%

35-49 jaar

1%

50-64 jaar

4%

65-74 jaar

16%

75-84 jaar

27%

85+ jaar

Figuur 6.4 Onvoldoende gezondheidsvaardig - naar leeftijd

40%

38%

36%

34%

32%

30%

28%

26%

24%

22%

20%

18%

16%

14%

12%

10%

8%

6%

4%

2%

0%

33%

17%

3%

Lage SES

Hoge SES

33%

3%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 6.5 Onvoldoende gezondheidsvaardig - naar SES en mate geletterdheid

6.3 Digitale vaardigheden Het overgrote deel van de mensen uit Dinkelland is digitaal vaardig (92%). 8% van de mensen uit Dinkelland is niet voldoende digitaal vaardig. Bij mannen is dit 6% en bij vrouwen 9%. Leeftijd is eveneens van invloed op digitale vaardigheid. 3% van de volwassenen en 24% van de ouderen is onvoldoende digitaal vaardig. Voor een uitgebreid overzicht naar leeftijdscategorie, zie figuur 6.6.

18-34 jaar

1%

35-49 jaar

1%

50-64 jaar

5%

65-74 jaar

14%

75-84 jaar

33%

85+ jaar

71% 0%

10%

20%

30%

40%

Figuur 6.6 Onvoldoende digitaal vaardig - naar leeftijd

50%

60%

70%

80%

90%

22% Lage SES

37% Laaggeletterd

2% Hoge SES

3% Geletterd

Figuur 6.7 Onvoldoende digitaal vaardig - naar SES en mate geletterdheid

7. Levenskracht Welbevinden en kijk op het leven

Zingeving, geluksgevoel en mentaal welbevinden maken deel uit van je (brede) gezondheid. Bij zingeving gaat het om het leiden van een voor jou betekenisvol leven, en vertrouwen hebben in de toekomst. Uit onderzoek blijkt dat zingeving één van de meest gezond makende factoren is13. Het geeft kracht en maakt je weerbaar. Naast zingeving kijkt dit hoofdstuk naar ervaren geluk en geeft het inzicht in de mentale gezondheid van mensen uit Dinkelland. Behalve thema’s als regie over het leven, veerkracht en mentale weerbaarheid, is er aandacht voor stress en risico op angst en depressie. Tot slot wordt gekeken naar de tolerantie ten opzichte van homoseksualiteit en genderidentiteit. 7.1 Gelukkig voelen Eén van de indicatoren voor de kwaliteit van leven is de mate van geluk die mensen ervaren. Volwassenen en ouderen is gevraagd naar hun geluksgevoel. Hierbij is een indeling gemaakt in de categorieën onvoldoende (5 of lager), voldoende (6 of 7) en goed (een 8 of hoger). 67% van de mensen uit Dinkelland beoordeeld zijn of haar geluksgevoel als goed (zie figuur 7.1), dit is vergelijkbaar met in 2016 (2016: 70%). 68% van de ouderen geeft het geluksgevoel een “goed”, voor volwassenen is dit 67%. 63% van de mannen en 71% van de vrouwen beoordeelt het geluksgevoel als goed. 80% 70%

67%

60% 50% 40% 30%

28%

20% 10% 5% 0% Goed

Voldoende

Figuur 7.1 Oordeel gelukkig voelen - Dinkelland totaal

67% Lage SES

63% Laaggeletterd

69% Hoge SES

68% Geletterd

Figuur 7.2 Oordeel “goed” voor geluk - naar SES en mate geletterdheid

Onvoldoende

7.2 Zinvol leven Om de ervaren zingeving in beeld te brengen is in deze monitor gebruik gemaakt van drie stellingen. Deze gaan over “zinvol leven”, “een doel voor ogen hebben” en “vertrouwen hebben in de toekomst”. 93% van de mensen uit Dinkelland vindt dat zij een zinvol leven leiden. In 2016 lag dit percentage gelijk, namelijk 90%. Daarbij geeft 88% aan een doel te hebben in het leven en 82% van de mensen uit Dinkelland heeft vertrouwen in de toekomst. Figuur 7.3 geeft een overzicht van de uitkomsten per leeftijdscategorie. Zinvol leven 18-34 jaar

95% 86% 91%

35-49 jaar

96% 90% 90%

50-64 jaar

80%

65-74 jaar

73%

75-84 jaar

85+ jaar

61% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

92% 86%

83%

68% 73% 80%

90% 90%

90%

91%

90% 100%

Figuur 7.3 Zinvol leven, doel in het leven en vertrouwen in de toekomst - naar leeftijd

17.196 mensen uit Dinkelland hebben vertrouwen in de toekomst

87% Laaggeletterd

94% Geletterd

Figuur 7.4 Ervaart leven zinvol - naar mate geletterdheid

Doel in het leven Vertrouwen in de toekomst

7.3 Regie over eigen leven Zelfregie betekent dat je zo veel mogelijk zelf je leven kan bepalen en inrichten, juist ook op momenten dat je steun of begeleiding nodig hebt. Het gaat over de ruimte die je hebt om zelf te handelen en beslissingen te nemen. Ziekte en lichamelijke beperkingen, maar ook psychische problemen of weinig sociale contacten kunnen je belemmeren in het inrichten van je eigen leven. 16% van de mensen uit Dinkelland ervaart veel regie over zijn of haar leven, in vergelijking met 13% in Twente. 76% ervaart matige regie en 8% geeft aan onvoldoende regie te ervaren (zie figuur 7.5). In vergelijking met 2016 is het aantal inwoners met veel regie op het leven afgenomen (2016: 24%). Daarnaast ervaart 18% van de mannen veel regie over hun leven en 13% van de vrouwen. Het lijkt erop dat de mate van zelfregie afneemt naarmate mensen uit Dinkelland ouder worden, zie figuur 7.6. Veel Matig 8%%

Onvoldoende

16%%

76%%

Figuur 7.5 Mate van regie op leven - Dinkelland totaal

18-34 jaar

19%

35-49 jaar

17%

50-64 jaar

16%

65-74 jaar

Figuur 7.6 Ervaart veel regie op eigen leven - naar leeftijd

9% Lage SES

2% Laaggeletterd

24% Hoge SES

18% Geletterd

Figuur 7.7 Ervaart veel zelfregie - naar SES en mate geletterdheid

22%

21%

20%

19%

18%

17%

16%

15%

14%

13%

12%

11%

9%

10%

7%

6%

5%

4%

3%

7% 2%

85+ jaar 1%

7%

0%

75-84 jaar

8%

12%

7.4 Veerkracht en mentale weerbaarheid Gezondheid gaat over het vermogen om je aan te passen aan de uitdagingen die zich in je leven voordoen en hier zoveel mogelijk eigen regie op te voeren. Veerkracht en mentale weerbaarheid zijn hierin belangrijke vaardigheden. In de gezondheidsmonitor is door middel van tien stellingen uitgevraagd hoe iemand omgaat met uitdagingen, veranderingen en onverwachte tegenslagen in het leven. Niet iedereen beschikt over evenveel veerkracht en mentale weerbaarheid. 56% van de mensen uit Dinkelland scoort gemiddeld op veerkracht, 25% scoort hoog en 19% laag (zie figuur 7.8). Deze uitkomsten zijn vergelijkbaar met 2016. Daarnaast is 78% van de inwoners van Dinkelland voldoende weerbaar. Hoog Gemiddeld Laag 19%% 25%%

56%%

Figuur 7.8 Mate van veerkracht - Dinkelland totaal Mannen scoren vaker hoog op veerkracht (30%) dan vrouwen (21%). 82% van de mannen zijn voldoende weerbaar, tegenover 74% van de vrouwen. Ook leeftijd is van invloed op veerkracht en weerbaarheid. Volwassenen zijn vaker weerbaar (80%) en hebben vaker een hogere veerkracht (26%) dan ouderen (respectievelijk 71% en 24%). Zie figuur 7.9 voor de uitkomsten per leeftijdsgroep. Veerkracht hoog Voldoende weerbaar

27%

18-34 jaar

83% 28%

35-49 jaar

79% 24%

50-64 jaar

79% 24%

65-74 jaar

75% 23%

75-84 jaar

65% 22%

85+ jaar

Figuur 7.9 Hoge veerkracht en voldoende weerbaarheid - naar leeftijd

100%

90%

80%

70%

60%

50%

40%

30%

20%

10%

0%

70%

19%

13%

Lage SES

Hoge SES

38%

15%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 7.10 Lage veerkracht - naar SES en mate geletterdheid

7.5 Risico op angststoornis of depressie Vanwege de invloed op de kwaliteit van leven en het belang van preventie is deze monitor, net als in 2016, dieper ingegaan op het (mogelijk) voorkomen van psychische klachten. Hierbij is gebruik gemaakt van de Kessler Psychological Distress Scale (K10) die het risico op een angststoornis of depressie in beeld brengt door te vragen naar de mate waarin bepaalde gevoelens in de afgelopen maand zijn voorgekomen. In de vragenlijst is gevraagd naar vermoeidheid, zenuwachtigheid, rusteloosheid, hopeloosheid, onrust, somberheid, depressiviteit en eigenwaarde. 60% van de inwoners van Dinkelland loopt geen of laag risico op een angststoornis of depressie. 36% loopt een matig risico en 4% van de inwoners loopt hoog risico (zie figuur 7.11). Het hoog risisco op een angststoornis of depressie is lager dan de cijfers van Twente 6%. De cijfers van een hoog risisco op een angststoornis of depressie van 2016 (2016: 2%) zijn vergelijkbaar met de uitkomsten van 2020 (2020: 4%). Hoog Matig Geen of laag

36%%

60%%

Figuur 7.11 Risico op angststoornis of depressie - Dinkelland totaal Leeftijd van invloed op risico op angststoornis of depressie

3% van de mannen en 5% van de vrouwen loopt hoog risico op een angststoornis of depressie. Van de volwassenen loopt 5% hoog risico op een angststoornis of depressie, bij ouderen ligt dit op 3%. Voor een uitgebreid overzicht van uitkomsten per leeftijdscategorie zie figuur 7.12.

18-34 jaar

5%

35-49 jaar

4%

50-64 jaar

5%

65-74 jaar

3%

75-84 jaar

1%

85+ jaar

3% 0%

1%

2%

3%

4%

Figuur 7.12 Hoog risico op angststoornis of depressie - naar leeftijd

5%

6%

7%

6%

3%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 7.13 Hoog risico op angststoornis of depressie - naar SES en mate geletterdheid

7.6 Stress Aan inwoners van Dinkelland is gevraagd of zij de afgelopen vier weken (heel) veel stress hebben ervaren. Dit is 13% in Dinkelland en 16% gemiddeld in Twente. Daarnaast ervaart 12% van de vrouwen (heel) veel stress tegenover 14% van de mannen. Leeftijd is eveneens van invloed op de ervaren stress. Ouderen ervaren minder stress (4%) dan volwassenen (16%). Voor een overzicht per leeftijdscategorie zie figuur 7.14.

18-34 jaar

15%

35-49 jaar

20%

50-64 jaar

14%

65-74 jaar

5%

75-84 jaar

4%

85+ jaar

Figuur 7.14 (Heel) veel stress ervaren - naar leeftijd

5%

19%

Lage SES

Hoge SES

Figuur 7.15 (Heel) veel stress ervaren - naar SES

De meest genoemde stressor is werk, gevolgd door familie, gezondheid en geldzaken

25%

24%

23%

22%

21%

20%

19%

18%

17%

16%

15%

14%

13%

12%

11%

10%

9%

8%

7%

6%

5%

4%

3%

2%

1%

0%

5%

7.7 Oordeel homoseksualiteit en genderidentiteit Om een beeld te krijgen van de Twentse houding ten opzichte van homoseksualiteit, is gevraagd wat mensen vinden van twee mannen of twee vrouwen die met elkaar zoenen. 9% van de mensen uit Dinkelland geeft aan het (helemaal) niet goed te vinden wanneer twee vrouwen met elkaar zoenen. Wanneer twee mannen met elkaar zoenen, keurt 17% dit af. Als een man en een vrouw met elkaar zoenen vindt 6% dit (helemaal) niet goed. Wat opvalt is dat meer mannen (23%) dan vrouwen (10%) het afkeuren wanneer twee mannen met elkaar zoenen. Naast geslacht is ook leeftijd van invloed. Ouderen (26%) vinden het vaker dan volwassenen (26%) (helemaal) niet goed. Vrouw en vrouw zoenen Man en man zoenen

18-34 jaar

Man en vrouw zoenen 35-49 jaar 50-64 jaar 65-74 jaar 75-84 jaar

100%

90%

80%

70%

60%

50%

40%

30%

20%

10%

0%

85+ jaar

Figuur 7.16 Zoenen tussen zelfde en verschillend geslacht (helemaal) niet goed - naar leeftijd

19% Lage SES

28% Laaggeletterd

16% Hoge SES

15% Geletterd

Figuur 7.17 Vindt twee mannen die met elkaar zoenen (helemaal) niet goed - naar SES en mate geletterdheid Vrouwen meer tolerant, ouderen en mannen minder

Waar geslacht gaat over de fysieke biologische verschillen tussen mannen en vrouwen, gaat gender(identiteit) over iemands persoonlijke beleving van geslacht. Bij veel mensen komt de genderidentiteit overeen met hun biologische geslacht. Maar er zijn ook mensen voor wie dit niet zo is. Denk bijvoorbeeld aan mensen die biologische mannelijke eigenschappen hebben, maar zich (gedeeltelijk) vrouw voelen. Of andersom. In de monitor is onderzocht hoe tolerant inwoners van Dinkelland zijn tegenover deze mensen. Hiervoor is gevraagd wat iemand vindt van mannen die zich vrouw voelen, en vrouwen die zich man voelen. 9% van de mensen uit Dinkelland vindt het (helemaal) niet goed als een man zich vrouw voelt, of een vrouw zich man (9%). Mannen en vrouwen oordelen verschillend: 14% van de mannen vindt het (helemaal) niet goed als een vrouw zich man voelt, tegenover 3% van de vrouwen. In de meeste gemeenten is leeftijd ook van invloed op de mate van tolerantie. 13% van de ouderen vindt het (helemaal) niet goed als een vrouw zich man voelt, tegenover 7% van de volwassenen. Figuur 7.18 geeft een overzicht per leeftijdscategorie.

Man voelt zich vrouw Vrouw voelt zich man

9% 9%

18-34 jaar 35-49 jaar

7% 7%

50-64 jaar

7% 6%

65-74 jaar

12% 12%

75-84 jaar

12% 12%

40%

38%

36%

34%

30%

28%

26%

24%

22%

20%

18%

16%

14%

12%

8%

10%

6%

4%

2%

0%

32%

34% 32%

85+ jaar

Figuur 7.18 Oordeel (helemaal) niet goed wanneer man zich vrouw voelt of vrouw zich man voelt - naar leeftijd

11% Lage SES

19% Laaggeletterd

8% Hoge SES

7% Geletterd

Figuur 7.19 Oordeel (helemaal) niet goed wanneer een vrouw zich man voelt - naar SES en mate geletterdheid

8. Zelf doen Functionele en huishoudelijke beperkingen

Je dagelijks kunnen redden en goed voor jezelf kunnen zorgen vormen een belangrijke basis voor de gezondheid. Kan je zonder moeite een stuk lopen en kan je een gesprek goed volgen en voeren? Kan je zelfstandig boodschappen doen, stofzuigen en gebruik maken van eigen of openbaar vervoer? Functionele beperkingen of moeite hebben met huishoudelijke werkzaamheden kunnen zelfredzaamheid in de weg staan. Met toename van de leeftijd, neemt de kans op vallen ook toe. Vallen kan pijnlijk zijn, leiden tot beperkingen in mobiliteit en in dagelijkse bezigheden. Slaap- en kalmeringsmiddelen kunnen helpen bij onrust, angst en slaapproblemen. Maar kunnen er ook voor zorgen dat de gebruiker versuft raakt en valt. Het hoofdstuk “Zelf doen” gaat in op functionele beperkingen. Voor ouderen is daarnaast zelfstandigheid in huishoudelijke werkzaamheden, het gebruik van slaap- of kalmeringsmiddelen en de frequentie van vallen in kaart gebracht.

8.1 Functionele beperkingen Beperkingen in horen, zien en mobiliteit (bukken, tillen, lopen) zijn onderzocht door te vragen of iemand meer, minder of geen moeite heeft met: Een gesprek volgen in een groep Een gesprek voeren met 1 persoon Lezen van kleine lettertjes in de krant Herkennen van een gezicht op 4 meter afstand Een voorwerp van 5 kg dragen over een afstand van 10 meter Bukken en iets van de grond pakken 400 meter aan één stuk lopen 12% van de inwoners uit Dinkelland heeft één of meer functionele beperkingen. Dit is vergelijkbaar met 2016, toen had 12% van de inwoners uit Dinkelland één of meer functionele beperkingen. Gemiddeld in Twente heeft 16% van de mensen een beperking. 16% van de vrouwen hebben minimaal één beperking met horen, zien of mobiliteit, bij mannen is dit (9%). Het hebben van beperkingen lijkt op te lopen met de leeftijd, zoals te zien in figuur 8.1.

18-34 jaar

2%

35-49 jaar

7%

50-64 jaar

13%

65-74 jaar

14%

75-84 jaar

33%

85+ jaar

52% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

45%

50%

55%

60%

65%

70%

Figuur 8.1 Eén of meer functionele beperkingen - Dinkelland totaal De meeste beperkingen zijn er op het gebied van mobiliteit. 7% van de inwoners van Dinkelland heeft problemen met mobiliteit, 4% heeft problemen met zien en 4% heeft gehoorproblemen. De verschillen tussen volwassenen en ouderen zijn groot, zie figuur 8.2.

Volwassenen Ouderen 3% Horen 7%

4% Zien 5%

3% Mobiliteit

Figuur 8.2 Beperkingen bij horen, zien en mobiliteit - Dinkelland totaal

22% Lage SES

28% Laaggeletterd

5% Hoge SES

9% Geletterd

Figuur 8.3 Functionele beperkingen - naar SES en mate geletterdheid

20%

19%

18%

17%

16%

15%

14%

13%

11%

12%

9%

10%

8%

7%

6%

5%

4%

3%

2%

1%

0%

18%

8.2 Huishoudelijke activiteiten Men kan ook beperkingen ervaren bij het uitvoeren van huishoudelijke activiteiten, zoals eten koken, boodschappen doen, wassen en strijken. Dit zijn de Huishoudelijke Dagelijkse Levensverrichtingen (HDL). Of men moeite heeft met HDL is alleen gevraagd aan ouderen. 23% van de ouderen kan één of meer HDL niet geheel zelfstandig meer uitvoeren. Dit was in 2016 25%. Het moeite hebben met huishoudelijke activiteiten neemt bij de ouderen toe met de leeftijd (figuur 8.4).

65-74 jaar

11%

75-84 jaar

35%

85+ jaar

52%

0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

45%

50%

55%

60%

65%

70%

Figuur 8.4 Eén of meer HDL niet zelfstandig of alleen met moeite kunnen uitvoeren Voor de diverse HDL zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen. Deze verschillen hebben niet alleen met zelfredzaamheid, maar kunnen ook met rolverdeling te maken hebben. De verschillen tussen mannen en vrouwen zijn te zien in figuur 8.5. Man Vrouw

9%

Kan geen zwaar huishoudelijk werk doen

19% 16%

Kan geen bedden verschonen of opmaken

12% 14%

Kan geen administratie doen

21% 19%

Kan geen kleren wassen en strijken

2% 7%

Kan geen gebruik maken van eigen of openbaar vervoer

Figuur 8.5 HDL niet zelfstandig of met moeite uit kunnen voeren

24%

22%

20%

18%

16%

14%

12%

10%

8%

6%

4%

2%

0%

12%

30%

15%

Lage SES

Hoge SES

40%

14%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 8.6 HDL-beperkingen - naar SES en mate geletterdheid

8.3 Vallen Voor mensen van alle leeftijden is vallen het meest voorkomende privé-ongeval, waarbij men letsel kan oplopen. Door de vergrijzing stijgt het aantal privé-valongevallen (i.e. alle valongevallen die niet in het verkeer, een arbeidssituatie of tijdens sport plaatsvinden) bij ouderen al jaren. De stijging van het aantal valincidenten komt ook omdat ouderen langer thuis wonen. Met de vergrijzing zullen deze valincidenten blijven toenemen. Een groot deel van de ouderen met een valongeval moeten zich hiervoor medisch laten behandelen. Naast lichamelijk letsel kan een val onzekerheid en angst veroorzaken14. Vallen is alleen aan ouderen gevraagd. 19% van de ouderen uit Dinkelland is de afgelopen drie maanden gevallen. Dit is verglijkbaar met vier jaar geleden, toen gaf 21% van de ouderen gevallen te zijn in de afgelopen drie maanden. Vrouwen (20%) vallen meer dan mannen (17%). De oudste leeftijdsgroep valt het meest (zie figuur 8.7).

65-74 jaar

15%

75-84 jaar

24%

85+ jaar

21%

0%

2%

4%

6%

8%

10%

Figuur 8.7 Vallen in de afgelopen drie maanden

12%

14%

16%

18%

20%

22%

24%

26%

28%

26% Laaggeletterd

14% Geletterd

Figuur 8.8 Gevallen in de afgelopen drie maanden - naar SES en mate geletterdheid

8.4 Slaap- of kalmeringsmiddelen Slaap- en kalmeringsmiddelen kunnen helpen bij onrust, angst en slaapproblemen15. Na inname verminderen angsten en spanning en word je rustig en slaperig. 9% van de ouderen heeft in de afgelopen twee weken op doktersvoorschrift slaap- of kalmeringsmiddelen gebruikt. Het gebruik neemt, net als vallen, toe met de leeftijd. Vrouwen gebruiken deze medicatie vaker (12%) dan mannen (5%).

10% Laaggeletterd

8% Geletterd

Figuur 8.9 Gebruik slaap-of kalmeringsmiddelen - naar mate geletterdheid

9. Samen ben je niet alleen Sociale verbinding en zorgen voor elkaar

Het gevoel erbij te horen en contact hebben met anderen is een diepe behoefte van mensen en een belangrijk onderdeel van onze gezondheid. Mensen zijn sociaal verbonden met bijvoorbeeld hun familie, vrienden, buurt en met collega’s. Of bijvoorbeeld via een club of vereniging. Naast verbondenheid biedt een sociaal netwerk een basis voor steun en hulp als dat nodig is. En familie of vrienden kunnen helpen in de nodige zorg. “Samen ben je niet alleen” gaat over noaberschap in Twente, over je inzetten voor de buurt en vrijwilligerswerk. Ook gaat dit hoofdstuk in op eenzaamheid, mantelzorg en of mensen gebruiken maken van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). 9.1 Noaberschap In Twente kennen we de traditie van “noaberschap”; de ongeschreven burenplichten. Noabers zorgden voor elkaar. Hoe zit dit tegenwoordig? Bij 86% van de mensen in Dinkelland speelt noaberschap een rol in het leven. Bij 39% van de mensen in Dinkelland speelt noaberschap nog steeds een grote rol in het leven. Er is geen verschil tussen mannen en vrouwen in de mate waarop noaberschap een rol in het leven speelt. Bij ouderen (90%) speelt noaberschap vaker een rol in het leven dan bij volwassen (85%).

88%

86%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 9.1 Noaberschap - naar mate geletterdheid Daarnaast voelt 94% van de mensen in Dinkelland zich betrokken bij (sommige) mensen die in de buurt wonen. Ouderen zeggen vaker betrokken te zijn bij (sommige) mensen in de buurt dan volwassenen, 96% van de ouderen tegenover 93% van de volwassenen. Er is geen verschil tussen mannen en vrouwen in betrokkenheid.

Voor 8.179 mensen uit Dinkelland speelt naoberschap een grote rol

In de afgelopen twaalf maanden heeft 67% van de mensen in Dinkelland een beetje of veel voor de buurt gedaan. Zoals onderhoud in de buurt of een buurtfeest organiseren. Bij mannen was dit 73% en bij vrouwen 60%. Wanneer er naar leeftijd gekeken wordt, is te zien dat van de volwassenen in Dinkelland 69% iets voor de buurt gedaan heeft. Bij ouderen was dit 60%.

58% Lage SES

70% Hoge SES

60% Laaggeletterd

68% Geletterd

Figuur 9.2 Een beetje tot veel doen voor de buurt - naar SES en mate geletterdheid

9.2 Vrijwilligerswerk Vrijwilligerswerk is onbetaald werk in georganiseerd verband, wat je kan uitvoeren in bijvoorbeeld een sportclub, (religieuze) vereniging of school. In Dinkelland geeft 39% aan dat ze vrijwilligerswerk doen, dit percentage is vergelijkbaar met het gemiddelde in Twente. In 2016 was dit 48%. Er is geen verschil tussen mannen en vrouwen in het doen van vrijwilligerswerk. Ouderen (44%) doen vaker vrijwilligerswerk dan volwassenen (37%).

30% Lage SES

45% Hoge SES

29% Laaggeletterd

41% Geletterd

Figuur 9.3 Vrijwilligerswerk - naar SES en mate geletterdheid Aan de groep 18 tot 64-jarigen is gevraagd waarom ze geen vrijwilligerswerk doen. De grootste groep die geen vrijwilligerswerk doet, geeft aan dat niet te doen omdat ze er geen tijd voor kunnen vrijmaken (38%). Ook geeft 21% aan liever tijd aan iets anders te besteden en 21% wil er niet aan vast zitten.

9.3 Eenzaamheid Er zijn veel mensen in Nederland die zich eenzaam voelen, jong én oud. Oorzaken zijn bijvoorbeeld een verhuizing, ontslag of langdurig ziek zijn. Er is sprake van eenzaamheid als er een verschil ontstaat tussen gewenste en gerealiseerde sociale relaties. Omdat het sterk afhangt van de eigen beoordeling, kunnen mensen zich eenzaam voelen met veel mensen om zich heen, of helemaal niet eenzaam zijn met een klein sociaal netwerk. In Dinkelland voelt 38% van de inwoners zich matig tot (zeer) ernstig eenzaam. Dit is lager dan het gemiddelde in Twente (46%). Deze 38% is een lager dan ten opzichte van 2016: toen voelde 29% van de mensen uit Dinkelland zich matig tot (zeer) ernstig eenzaam. Bij de mannen voelt 37% zich matig tot (zeer) ernstig eenzaam, bij vrouwen is dit 40%. In Dinkelland voelt 35% van de volwassenen zich matig tot (zeer) ernstig eenzaam en 47% van de ouderen, zie respectievelijk figuur 9.4 en 9.5. Niet Matig Ernstig Zeer ernstig

30%%

65%%

Figuur 9.4 Eenzaamheid bij volwassenen Niet Matig Ernstig

7%%

Zeer ernstig

38%%

Figuur 9.5 Eenzaamheid bij ouderen

53%%

48%

34%

Lage SES

Hoge SES

54%

35%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 9.6 Eenzaamheid - naar SES en mate geletterdheid

9.4 Mantelzorg Mantelzorg is zorg die gegeven wordt aan een bekende uit de eigen omgeving, zoals partner, (groot)ouders, kinderen, buren of vrienden. Mantelzorg wordt als zodanig aangemerkt, wanneer het minimaal drie maanden duurt en/of minimaal acht uur per week gegeven wordt. 17% van de mensen uit Dinkelland is op dit moment mantelzorger. In Twente is dit 17%. In 2016 werd evenveel mantelzorg gegeven 16%. Vrouwen (24%) geven vaker mantelzorg dan mannen (10%). Het geven van mantelzorg verschilt naar leeftijd, zie figuur 9.7.

18-34 jaar

7%

35-49 jaar

22%

50-64 jaar

27%

65-74 jaar

16%

75-84 jaar

14%

85+ jaar

17% 0%

2%

4%

6%

8% 10% 12% 14% 16% 18% 20% 22% 24% 26% 28% 30% 32% 34%

Figuur 9.7 Geeft mantelzorg - naar leeftijd

10% Laaggeletterd

18% Geletterd

Figuur 9.8 Geeft mantelzorg - naar mate geletterdheid

Daarnaast geeft 15% van de ouderen in Dinkelland aan zelf mantelzorg te krijgen, in 2016 was dit 14%. Vrouwen (17%) krijgen vaker mantelzorg dan mannen (13%).

22%

10%

Lage SES

Hoge SES

29%

8%

Laaggeletterd

Geletterd

Figuur 9.9 Mantelzorg ontvangen - naar SES en mate geletterdheid Het langdurig geven van zorg kan leiden tot zware fysieke en/of mentale belasting van de mantelzorger. Van de mantelzorgers geeft 9% aan tamelijk zwaar belast tot overbelast te zijn door het geven van zorg. Dit is vergelijkbaar met 2016 (4%). In Twente geeft 11% aan tamelijk zwaar belast tot overbelast te zijn. Er is hierbij geen verschil tussen mannen en vrouwen, en ook niet tussen volwassenen en ouderen. Wel zitten er verschillen tussen de verschillende leeftijdsgroepen, zie figuur 9.10.

18-34 jaar

0%

35-49 jaar

10%

50-64 jaar

10%

65-74 jaar

3%

75-84 jaar

8%

85+ jaar

29% 0%

2%

4%

6%

8% 10% 12% 14% 16% 18% 20% 22% 24% 26% 28% 30% 32% 34%

Figuur 9.10 Zwaar belast of overbelast door het geven van mantelzorg - naar leeftijd

9.5 Wet maatschappelijke ondersteuning De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zorgt dat mensen zo lang mogelijk in hun eigen woning kunnen blijven wonen. Ook helpt de Wmo mensen met een beperking mee te laten doen aan de samenleving. Voorbeelden van Wmo-hulp zijn huishoudelijk hulp, vervoer of aanpassingen in de woning. Aan de 65+’ers is gevraagd of ze bekend zijn met de Wmo. 72% van de 65-plussers in Dinkelland geeft aan er bekend mee te zijn, 20% maakt daadwerkelijk gebruik van de Wmo. Van de vrouwen geeft 28% aan gebruik te maken van de Wmo en bij mannen is dit 13%. Het gebruik maken van Wmo-hulp loopt op met de leeftijd, zie figuur 9.11. Er is geen verschil in het aantal mensen dat Wmo-hulp gebruikt naar SES en risico op laaggeletterdheid. Het vaakst wordt er gebruik gemaakt van huishoudelijke hulp (58%). Daarna wordt vervoer/regiotaxi het vaakst gebruikt (20%) en vervolgens aanpassing in woning (12%).

65-74 jaar

7%

75-84 jaar

35%

85+ jaar

55%

0%

5%

10%

15%

20%

25%

Figuur 9.11 Gebruik van WMO - naar leeftijd

30%

35%

40%

45%

50%

55%

60%

65%

70%

10. Oost west, thuis best? Woonsituatie en gezonde leefomgeving

Het prettig voelen in je woning en vanuit de omgeving weinig hinder ervaren, dragen bij aan een goede gezondheid. De fysieke leefomgeving gaat zowel om de omgeving binnen- als buitenshuis. Zie je jezelf oud worden in je huidige woning? Voldoende groen in de buurt kan uitnodigen tot gezond gedrag. Hinder door geluid of geur kan juist een negatief effect hebben op gezondheid en zelfs tot slaapverstoring leiden. Daarnaast kan aanhoudend warm weer gezondheidsrisico’s met zich meebrengen, daarom is het belangrijk om verkoeling te kunnen vinden in of rondom je huis. Het hoofdstuk “Oost west, thuis best” bespreekt tevredenheid over woning en groen in de buurt, de mate van geluidshinder en eventuele slaapverstoring hierdoor en ook gezondheidsklachten wegens zomerhitte. Daarnaast is bij ouderen levensloopbestendig wonen uitgevraagd en bij volwassenen geurhinder. 10.1 Oordeel woning Ruim 85% van de mensen uit Dinkelland beoordeelt hun woning met een 8 of hoger. Ouderen geven vaker een goed voor hun huis dan volwassenen, zoals te zien is in figuur 10.1. Volwassenen Ouderen 83% Goed 89%

13% Voldoende 8%

3% Onvoldoende 3% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Figuur 10.1 Oordeel woning - naar leeftijd

17.825 mensen uit Dinkelland beoordelen hun woning met een 8 of hoger

10.2 Levensloopbestendig wonen Er is gevraagd aan 65+’ers of ze vinden dat hun woning geschikt is om ouder in te worden. 11% van de ouderen vindt de woning niet geschikt om ouder in te worden en wil naar een andere woning verhuizen. Aan deze mensen is gevraagd aan welke kenmerken de nieuwe woning moet voldoen. De drie meest genoemde eisen zijn: woning moet gelijkvloers zijn (88%), woning moet dichtbij voorzieningen liggen (68%) en woning moet twee slaapkamers hebben (78%). 15% van de mensen uit Dinkelland vindt de woning niet geschikt om ouder in te worden en wil op een later moment aanpassingen aan het huis doen. De volgende drie kenmerken worden het vaakst genoemd die problemen kunnen opleveren bij het langer thuis blijven wonen: trappen in huis (79%), onderhoud van het huis of tuin is te zwaar (53%) en geen steunen/beugels in de badkamer of toilet (41%).

10.3 Groen in de buurt

93% van de mensen uit Dinkelland vindt dat er voldoende groen in de buurt is. 96% van de mensen uit Dinkelland vindt dat er genoeg wandelmogelijkheden en 98% vindt dat er genoeg fietsmogelijkheden in de buurt zijn. Uit onderzoek is bekend dat mensen die in een groene buurt wonen zich gezonder voelen16. Daarnaast stimuleert een groene omgeving tot bewegen17. Wanneer de buurt groen is, geeft 75% van de mensen uit Dinkelland aan meer te bewegen (zie figuur 10.2). Volwassenen Ouderen

96%

Voldoende mogelijkheden in de buurt om te wandelen

97% 98%

Voldoende mogelijkheden in de buurt om te fietsen

98% 73%

Wandelt/fietst meer door groen in buurt

82% 93%

Voldoende groen in buurt

98%

94%

90%

86%

82%

78%

74%

70%

66%

62%

94%

Figuur 10.2 Oordeel over groen en beweegmogelijkheden in buurt - Dinkelland totaal

10.4 Geluidshinder, slaapverstoring en geurhinder Blootstelling aan (ongewenst) geluid kan uiteenlopende effecten op de gezondheid hebben, zoals hinder en slaapverstoring, maar ook gehoorbeschadiging. De effecten van geluid op de gezondheid zijn gedeeltelijk afhankelijk van de eigenschappen van het geluid, zoals intensiteit, frequentie (toonhoogte) en duur. 41% van de mensen uit Dinkelland ervaart op één of meer gebieden geluidshinder. Mensen uit Dinkelland hebben het meeste last van brommers en scooters (23%), dit is hetzelfde als in 2016 (22%).

35%

46%

Lage SES

Hoge SES

Figuur 10.3 Last van geluidshinder - naar SES Van de geluidsbronnen zorgen brommers/scooters (11%), buren (11%) en wegverkeer <50km/u (9%) vanwege hun geluid voor de meeste slaapverstoring. In totaal geeft 23% van de mensen uit Dinkelland aan slaapverstoring te ervaren door één of meer bronnen. Van de volwassenen ervaart 22% slaapverstoring, bij ouderen is dit 25%. Aan de volwassenen is gevraagd of ze in de afgelopen twaalf maanden geurhinder hebben ervaren. Hiervan zegt 41% dat ze geurhinder hebben ervaren. In figuur 10.4 zijn de bronnen weergegeven waar de inwoners van Dinkelland geurhinder door ervaren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/820/documents/21249