CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Twents Gastenhoes toelichting en planregels.pdf

Gemeenteraad 28 mei 2024, gemeente DinkellandBij agendapunt: 16: Voorstel inzake vaststellen bestemmingsplan “Twents Gastenhoes Ootmarsum”26.858 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Provinciaal beleid

In de Omgevingsvisie Overijssel wordt ruim aandacht besteed aan de wateraspecten. De ambities zijn, naast de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water, gericht op de verbetering van de kwaliteit van de kleinere wateren, de veiligheid, de grondwaterbescherming, bestrijding van wateroverlast, de kwantiteit en kwaliteit van grond- en oppervlaktewater en waterbeleving zowel in de groene ruimte als stedelijk gebied. 6.1.4

Waterschap Vechtstromen

Door de invoering van de Kaderrichtlijn Water is Nederland verdeeld in vijf deelstroomgebieden. Het deelstroomgebied Rijn-Oost wordt beheerd door de waterschappen Rijn en IJssel, Vechtstromen, Vallei en Veluwe, Drents Overijsselse Delta, en Zuiderzeeland. Om te voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water hebben deze waterschappen een Waterbeheerplan opgesteld. Het waterbeheerprogramma 2022-2027 is op 15 december 2021 vastgesteld door het algemeen bestuur van Vechtstromen. Het waterbeheerprogramma gaat in op alle aspecten van het watersysteembeheer (met uitzondering van het rioleringsbeheer en de drinkwaterzorg). Voor partners en ingezetenen verschaft het programma inzicht in de wijze waarop het waterschap omgaat met het water in het beheergebied. In het Waterbeheerplan is aangegeven hoe het waterschap zijn taken de komende jaren (2016 tot 2021) wil uitvoeren. In het plan zijn doelen en maatregelen gesteld voor de thema's waterveiligheid, voldoende water, schoon water en het zuiveren van afvalwater. Deze zijn gericht op het: voorkomen of beperken van overstromingen, wateroverlast en droogte; beschermen en verbeteren van de kwaliteit van het oppervlaktewater en grondwater en het zorgen voor een goed functionerend regionaal watersysteem. bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

49

het effectief en efficiënt behandelen van afvalwater in de afvalwaterzuiveringsinstallaties.

6.2 Waterparagraaf 6.2.1

Algemeen

Zoals in voorgaande paragrafen uiteen is gezet, wordt in het moderne waterbeheer (waterbeheer 21e eeuw) gestreefd naar duurzame, veerkrachtige watersystemen met minimale risico's op wateroverlast of watertekorten. Belangrijk instrument hierbij is de watertoets, die sinds 1 november 2003 in ruimtelijke plannen is verankerd. In de toelichting op ruimtelijke plannen dient een waterparagraaf te worden opgenomen. Hierin wordt verslag gedaan van de wijze waarop rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishoudkundige situatie (watertoets). Het doel van de watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). Een waterhuishoudkundig plan is opgesteld door Adviesbureau Geofoxx welke is toegevoegd als Bijlage 9. Hieronder volgt de samenvatting en conclusie van het onderzoek. 6.2.2

Waterhuishoudkundig plan

In de nieuwe situatie zal de openbare ruimte op de gehele locatie opnieuw worden ingericht. Hierbij wordt aan de zuidzijde (tussen de bestaande gastenverblijven) een krattenveld gerealiseerd ten behoeve van waterberging, en aan de noordzijde een tweetal wadi’s Binnen het plangebied zal het hemelwater en vuilwater (droogweerafvoer) gescheiden worden afgevoerd. Hierbij is gekozen om het hemelwater middels een riool te laten afstromen naar een krattenveld aan de zuidzijde een wadi’s aan de noordzijde van het plangebied. Het vuilwaterriool wordt aangesloten op het bestaande riool in de Molenstraat. Om het hoogteverschil vanuit het nieuwe gastenverblijf te overbruggen wordt een pompgemaal aangebracht dat het water loost op het vrij-verval riool. Door de ontwikkeling is in het openbaar gebied straks circa 3.277 m² verharding aanwezig. In lijn met de beringseis (40 mm voor de toegevoegde verharding / 20 mm voor de bestaande verharding) is binnen het plangebied 64,5 m³ bergingscapaciteit benodigd. Deze hoeveelheid water kan geborgen worden in de aanwezige wadi’s en het krattenveld op de locatie. Op moment dat grotere hoeveelheden water het hemelwatersysteem instromen, zal overstort plaatsvinden op de sloot, gelegen aan de noordzijde van het terrein.

Aanbevolen wordt om tijdens de uitvoering aandacht te hebben voor de afgegeven bouwpeilen, zoals opgenomen in de tekening in bijlage 1, zodat bij grote hoeveelheden neerslag “water op straat” zoveel mogelijk wordt voorkomen. Binnen het plan is tussen de bestaande bebouwing en het nieuwe gastenverblijf een relatief groot hoogteverschil aanwezig, welke in de openbare ruimte wordt opgevangen door de realisatie van een tweetal trappen. Op basis van de toekomstige inrichting van het plangebied zijn er voldoende ruimte aanwezig om deze te sluiten op de bestaande peilen op aangrenzende percelen. Aandachtspunten De aansluiting van het vuilwater op het gemeentelijk riool wordt uitgevoerd als 160 mm riolering. In overleg met de gemeente kan gekozen worden om te kiezen voor een 250 mm buis, echter zal dit betekenen dat voor de aansluiting in de Molenstraat een extra put (hondenhok constructie) aangebracht zal moeten worden. Qua afvoercapaciteit zal een 160 mm buis voldoende moeten zijn; De wadi’s zijn gemaximaliseerd binnen de beschikbare openbare ruimte. Mogelijk vind nog reductie van het verhard oppervlak plaats door te kiezen voor halfverharding ter plaatse van de parkeervakken; De infiltratiecapaciteit van de bodem is zeer gering.

Daarmee is de keuze voor een gesloten krattenveld zonder waterinfiltratie (wel waterberging) ook gerechtvaardigd ter plaatse van de bestaande gastenverblijven op het zuidelijk terreindeel. Het krattenveld zal middels een geknepen doorlaat water afvoeren op de lager gelegen wadi’s, waar het water alsnog kan infiltreren. Onderhoud kan plaatsvinden middels de toegangsputten, en wijkt niet af van een regulier krattenveld; Drainageleidingen onder de wadi’s worden boven de GHG aangelegd, om roestafzetting in de poriën te voorkomen; Voor de overstort op de noordelijk gelegen sloot zal overleg moeten plaatsvinden met de provincie Overijssel. Gezien de aard van het afstromend water (hemelwater, afstromend middels een zuiverende bodempassage), is lozing op het oppervlaktewater toegestaan binnen de algemene regels binnen de kaders van de zorgplicht: voorkom onnodige verontreiniging tijdens de afstroming6; 50

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Voor voldoende drooglegging wordt een vloerpeil van minimaal 38,6 m NAP geadviseerd voor de toekomstige nieuwbouw. Watertoets Om vast te stellen welke waterbelangen spelen bij de planontwikkeling en welke procedure in het kader van de watertoets moet worden gevolgd, is de digitale watertoets uitgevoerd. De watertoets is opgenomen als bijlage 3 van Bijlage 9.

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

51

52

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Hoofdstuk 7 Juridische aspecten en planverantwoording 7.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.

7.2 Opzet van de regels 7.2.1

Algemeen

In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.

Inleidende regels (begrippen en wijze van meten); Bestemmingsregels; Algemene regels (o.a. afwijkingsregels); Overgangs- en slotregels.

7.2.2

Inleidende regels

Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. Wijze van meten (Artikel 2) Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. 7.2.3

Bestemmingsregels

Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (goot- en bebouwingshoogte, etc.); Nadere eisen: met het oog op het voorkomen van onevenredig aantasting van bepaalde aspecten kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen aan de ondergeschikte punten; Specifieke gebruiksregels: omschrijving van wat in ieder geval onder strijdig gebruik wordt gerekend; Afwijkingen van de gebruiks- en bouwregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven bestemmingen en bouwregels.

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

53

7.2.4

Algemene regels

Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: Anti-dubbeltelregel (Artikel 7) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich voornamelijk voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. Algemene bouwregels (Artikel 8) In de algemene bouwregels is opgenomen dat bepaalde ondergeschikte bouwonderdelen de bouw c.q. bestemmingsgrenzen met 1,00 meter mag overschrijden. Algemene gebruiksregels (Artikel 9) In dit artikel worden de algemene gebruiksregels beschreven. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Dit brengt met zich mee dat de bestemmingsomschrijving van de te onderscheiden bestemming helder en duidelijk moet zijn. Algemene afwijkingsregels (Artikel 10) In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. Overige regels (Artikel 11) In dit artikel zijn de eisen ten aanzien van parkeren opgenomen. 7.2.5

Overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.

7.3 Verantwoording van de regels Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld. 7.3.1

Groen

De gronden ten noorden van het plangebied die niet zijn voorzien van de bestemming 'Horeca' of 'Wonen' zijn voorzien van de bestemming 'Groen'. De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, voet- en fietspaden, in- en uitritten, parkeervoorzieningen en water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Speelvoorzieningen in de vorm van speelplaatsen/ sport- c.q. trapvelden met de hierbij behorende voorzieningen met een oppervlakte groter dan 50 m² zijn niet toegestaan. Op deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd. Voor het overige is aangesloten op de regels van het bestemmingsplan "Ootmarsum Overige Gebieden". 7.3.2

Horeca

De gronden ten oosten van het plangebied ter plaatse van het bestaande hotel zijn voorzien van de bestemming 'Horeca'. De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor horeca categorie 1 en categorie 2 ter plaatse van de aanduiding 'horeca van categorie 2'. Daarnaast zijn de gronden bestemd voor wegen en paden, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en tuinen, erven en terreinen. 54

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Bedrijfsgebouwen dienen binnen het bouwvlak gerealiseerd te worden. Ter plaatse van de maatvoering ‘minimum goothoogte (m), maximum goothoogte (m)’ is de minimum en maximum aan goothoogte aangegeven. Bijbehorende bouwwerken mogen ook buiten het bouwvlak worden gebouwd. Wonen is op de gronden niet toegestaan. Voor het overige is aangesloten op de regels van het bestemmingsplan "Ootmarsum Overige Gebieden". 7.3.3

Wonen

Binnen het plangebied is één bestemmingsvlak met de bestemming Wonen (Artikel 5) opgenomen. De grond is bestemd voor wonen en daaraan ondergeschikt de uitoefening van een aan huis verbonden beroep, speelvoorzieningen, wegen en paden, water(huishoudkundige voorzieningen), openbare nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en tuinen, erven en terreinen. In het bestemmingsvlak ‘Wonen’ is per bouwvlak een hoofdgebouw toegestaan, met dien verstande dat het hoofdgebouw in het bouwvlak moet worden gebouwd. Per bouwvlak in ten hoogste een woning toegestaan, danwel ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' aangegeven aantal. Er zijn regels opgenomen ten behoeve van bijbehorende bouwwerkenen extra regels ten behoeve van de 'specifieke bouwaanduiding – bergingen' en 'specifieke bouwaanduiding – bijbehorende bouwwerken'. Ter plaatse van de maatvoering 'minimum goothoogte (m), maximum goothoogte (m)' is de minimum en maximum aan goothoogte aangegeven. Bijbehorende bouwwerken mogen ook buiten het bouwvlak worden gebouwd. Voor het overige is aangesloten op de regels van het bestemmingsplan "Ootmarsum Overige Gebieden". In de specifieke gebruiksregels zijn voorwaardelijke verplichtingen opgenomen die voorziet in de borging voor de landschappelijke inpassing en de waterberging.

Middels deze voorwaardelijke verplichtingen is de realisering en instandhouding vastgelegd voor de locatie. 7.3.4

Waarde - Archeologie

In voorliggend geval is de geldende dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' conform het bestemmingsplan "Ootmarsum Overige Gebieden" overgenomen. De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de gebieden met een hoge verwachtingswaarde.

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

55

56

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Hoofdstuk 8

Uitvoerbaarheid

8.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Er zijn geen zienswijzen op het plan gekomen. Zodoende is er geenzins sprake van het aanpassen of wijzigen van voorliggend plan. Gesteld wordt dat er sprake is van voldoende draagvlak voor uitvoerbaarheid van het plan.

8.2 Economische uitvoerbaarheid Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. De gemeentelijke kosten worden verhaald op basis van de legesverordening. Er is een anterieure overeenkomst gesloten tussen de initiatiefnemer en de gemeente waarin onder andere de realisatiekosten en eventuele planschade zijn verzekerd. Eventuele planschade komt voor rekening van de initiatiefnemer. Hiermee is het kostenverhaal anderszins verzekerd en is op grond van artikel 6.12 Wro geen exploitatieplan nodig.

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

57

58

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Hoofdstuk 9 zienswijzen

Inspraak, vooroverleg en

9.1 Vooroverleg 9.1.1

Het rijk

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2

Provincie Overijssel

Het plan is in het kader van vooroverleg aan de provincie voorgelegd. 9.1.3

Waterschap Vechtstromen

In het kader van de watertoets heeft er een digitale watertoets plaatsgevonden via de website www.dewatertoets.nl. De uitkomsten van deze watertoets hebben onder andere geleid tot de 'normale procedure'. In paragraaf 6.2.2 is ingegaan op de het plan en de genomen stappen waarmee rekening wordt gehouden met het thema water.

9.2 Inspraak Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In voorliggend geval wordt geen voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd.

9.3 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van 6 weken voor een ieder ter inzage liggen. In deze periode zijn er geen zienswijzen ingediend. Vanwege een wijziging van de toegangsweg is het plangebied in de noorwestelijke hoek aangepast en kleiner gemaakt. Het ontwerpbestemmingsplan is ongewijzigd vastgesteld.

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

59

60

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Bijlagen bij de toelichting

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

61

Bijlage 1

62

Landschapsplan

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Bijlage 2

64

Akoestisch onderzoek

bestemmingsplan Twents Gastenhoes Ootmarsum

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum

-2023

Status: Definitief

AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI MOLENSTRAAT – NUTTERSVOETPAD, OOTMARSUM

Status: Datum: Projectnummer:

Definitief -2023 2022-718

INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Inleiding ....................................................................................................... 4 Hoofdstuk 2 Wettelijk kader ............................................................................................ 5 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Algemeen ............................................................................................................................................... 5 Zone langs wegen .................................................................................................................................. 5 Grenswaarden ....................................................................................................................................... 5 Berekenen geluidsbelasting................................................................................................................... 6 Gemeentelijk geluidsbeleid ................................................................................................................... 7

Hoofdstuk 3 Uitgangspunten ........................................................................................... 9 3.1 3.2

Situatie projectgebied ........................................................................................................................... 9 Verkeersgegevens................................................................................................................................ 10

Hoofdstuk 4 Resultaten................................................................................................. 11 4.1 4.2 4.3 4.4

Berekeningen....................................................................................................................................... 11 Geluidsbelasting .................................................................................................................................. 11 Hogere Waarde.................................................................................................................................... 12 Maatregelen reductie geluidbelasting ................................................................................................. 12

Hoofdstuk 5 Conclusie ................................................................................................... 14 Bijlagen

.................................................................................................................. 15

Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5

Plattegronden ............................................................................................................................. 15 Aangeleverde verkeersgegevens ................................................................................................ 16 Rekenmodel ................................................................................................................................ 19 Itemeigenschappen..................................................................................................................... 20 Resultatentabellen ...................................................................................................................... 21

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

HOOFDSTUK 1

INLEIDING

Voorliggend akoestisch onderzoek heeft betrekking op het perceel gelegen aan de kruising van de Molenstraat en het Nuttersvoetpad te Ootmarsum (gemeente Dinkelland). Het plangebied betreft de gronden van de hotels Twents Gastenhoes en het Villavéllo. Initiatiefnemer is voornemens om de horeca functie van de gebouwen (deels) om te zetten naar een woonfunctie. Om de gebouwen een passend vervolg te geven worden deze verbouwd zodat ze aansluiten op de toekomstige functie. In totaal wordt met dit plan 20 appartementen en 2 vrijstaande woningen gerealiseerd en blijft een driesterren hotel met 16 kamers behouden. De ligging van het projectgebied in Ootmarsum en de directe omgeving wordt in afbeelding 1.1 weergegeven. De rode ster en de rode omlijning geven respectievelijk de locatie en indicatieve begrenzing van het projectgebied weer.

Afbeelding 1.1: Ligging van het projectgebied (Bron:

)

Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling dient een ruimtelijke procedure te worden doorlopen. In het kader van deze procedure is het benodigd de geluidbelasting ter plaatse van de te realiseren woningen te toetsen aan het stelsel van voorkeurswaarde en maximale ontheffingswaarden uit de Wet geluidhinder. Voorliggend onderzoek heeft uitsluitend betrekking op het aspect wegverkeerslawaai. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de regels van het vigerende Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. In voorliggende rapportage zijn de uitgangspunten rekenresultaten en conclusies van het onderzoek beschreven.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

4

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

HOOFDSTUK 2 2.1

WETTELIJK KADER

Algemeen

Artikel 77 van de Wet geluidhinder (Wgh) bepaalt dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, wijzigingsplan, uitwerkingsplan of bij het voorbereiden van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse afwijking akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te worden. Doel van dit onderzoek is de geluidsbelasting aan de gevel van een geluidsgevoelig object als gevolg van de weg te bepalen. Onderzoek is enkel noodzakelijk indien een geluidsgevoelige bestemming zich binnen de wettelijke geluidszone van een weg bevindt. In de volgende paragraaf wordt nader ingegaan op de wettelijke geluidszone van wegen.

2.2

Zone langs wegen

Artikel 74.1 van de Wgh bepaalt dat wegen een wettelijke geluidszone hebben. De breedte van de geluidszone is afhankelijk van het aantal rijstroken en of de weg in stedelijk of in buiten stedelijk gebied is gelegen. In tabel 1 worden de wettelijke geluidszones weergegeven. Aantal rijstroken 1 of 2 3 of 4 5 of meer Tabel 1

Stedelijk gebied 200 m 350 m 350 m

Buiten stedelijk gebied 250 m 400 m 600 m

Wettelijke geluidszones wegen (Bron: wetten.overheid.nl).

De wettelijke geluidszone bevindt zich aan weerszijde van de weg en begint naast de buitenste rijstrook. Eventuele parkeerstroken, voet- en fietspaden en vluchtstroken behoren niet tot de weg. Binnen de zone van een weg dient akoestisch onderzoek plaats te vinden naar de geluidsbelasting op de binnen de zone gelegen woning(en). Bij het berekenen van de geluidsbelasting wordt de Lden-waarde in dB bepaald. De Lden-waarde is het energetisch en naar tijdsduur van de beoordelingsperiode gemiddelde van de volgende waarden: Het geluidsniveau in de dagperiode (tussen 7.00 en 19.00 uur); Het geluidsniveau in de avondperiode (tussen 19.00 en 23.00 uur) + 5 dB; Het geluidsniveau in de nachtperiode (tussen 23.00 en 7.00 uur) + 10 dB. De berekende geluidsbelasting dient aan de voorkeurswaarde en indien nodig aan de uiterste grenswaarde van de Wgh worden getoetst. Op basis van artikel 74.2 van de Wgh gelden de in tabel 1 opgenomen zones niet voor: Wegen die als woonerf zijn aangeduid; Wegen met een maximumsnelheid van 30 km/uur. Het feit dat er voor de hiervoor genoemde gevallen geen wettelijke geluidszone geldt, betekent niet dat een akoestisch onderzoek automatisch niet benodigd is. Indien vooraf aangenomen kan worden dat niet aan de voorkeurswaarde van 48 dB kan worden voldaan, dient een akoestisch onderzoek uitgevoerd te worden.

De geluidsbelasting van de weg kan hierdoor meegenomen worden in de belangenafweging in het kader van ‘een goede ruimtelijke ordening’.

2.3

Grenswaarden

In de Wgh worden eisen gesteld aan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting op gevels van nog niet geprojecteerde woningen of gebouwen die binnen de geluidszone van een weg liggen. Met niet geprojecteerde woningen of gebouwen worden bedoeld: BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

5

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief ‘woningen of gebouwen waarvoor het geldende bestemmingsplan verlening van de omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet toelaat’. De voorkeurswaarde voor de geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt 48 dB. Bij een hogere geluidsbelasting kunnen burgemeester en wethouders een hogere waarde vaststellen. Voor een hogere waarde geldt een maximum, afhankelijk van de ligging van een geluidsgevoelig object. In tabel 2 is de hoogst mogelijke grenswaarde voor woningen als gevolg van wegverkeerslawaai weergegeven. Locatie woning Stedelijk gebied Buitenstedelijk gebied Tabel 2

Hoogst mogelijke waarde wegverkeerslawaai 63 dB (art. 83 lid 2 Wgh) 53 dB (art. 83 lid 1 Wgh)

Hoogst mogelijke grenswaarde wegverkeerslawaai (Bron: wetten.overheid.nl)

Het vaststellen van een hogere waarde is enkel mogelijk indien maatregelen om de geluidsbelasting te reduceren op bezwaren stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Hierbij moet afgewogen worden of de cumulatieve geluidsbelasting (het totaal van de geluidsbelasting van alle wegen gezamenlijk) niet leidt tot een onaanvaardbare geluidsbelasting. Bij het vaststellen van een hogere waarde moet bij de bouwvergunningsaanvraag aangetoond worden dat aan de gestelde geluidseisen (binnenwaarde in de geluidgevoelige ruimten 33 dB) wordt voldaan zoals in artikel 3.1 van het bouwbesluit en in artikel 4.4 van het Besluit geluidhinder genoemd wordt.

2.4

Berekenen geluidsbelasting

De geluidsbelasting moet per weg afzonderlijk berekend worden en aan de voorkeurswaarde getoetst worden. Voordat de geluidsbelasting aan de voorkeurswaarde van 48 dB getoetst wordt, mag de berekende geluidsbelasting op basis van artikel 110g van de Wgh, aangevuld met artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012, worden verminderd. Reden hiervoor is de verwachting dat de geluidsproductie van motorvoertuigen steeds verder af zal nemen. De geluidsbelasting mag in de volgende situaties worden verminderd met: 5 dB voor wegen met een maximumsnelheid tot 70 km/uur; Voor wegen met een maximumsnelheid van 70 km/uur of meer mag de geluidsbelasting worden verminderd met: 4 dB indien de geluidsbelasting zonder reductie 57 dB bedraagt; 3 dB indien de geluidsbelasting zonder reductie 56 dB bedraagt; 2 dB voor overige geluidsbelasting. Uit uitspraak 201304862/3/R2 van de Raad van State blijkt dat het voor wegen met een snelheidsregime van 30 km/uur eveneens is toegestaan de geluidsbelasting met 5 dB te verminderen. Bij lagere snelheden wordt de geluidsemissie voornamelijk door motorgeluid veroorzaakt, bandengeluid speelt een minder grote rol. Toekomstige geluidsreductie is in de toekomst voornamelijk te verwachten door het gebruik van stillere motoren. De aftrek van 5 dB kan daardoor ook toegepast worden bij snelheden van 30 km/uur of minder.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

6

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

2.5

Gemeentelijk geluidsbeleid

2.5.1 Algemeen In het gemeentelijk geluidbeleid wordt aangegeven dat wanneer een geluidbelasting onder de 48 dB niet kan worden gegarandeerd aandacht moet worden besteedt aan 30 km/uur wegen. 2.5.2 Situatie projectgebied De gemeente Dinkelland beschikt over een eigen geluidsbeleid, namelijk het “Gebiedsgericht geluidbeleid van de gemeente Dinkelland” en de “Nota hogere grenswaarden”. Het projectgebied maakt onderdeel uit van het gebiedstype ‘Woongebied’. Voor dit gebiedstype geldt de ambitiewaarde ‘redelijk rustig’ (48 dB) en de bovengrens ‘onrustig’ (53 dB). Tevens is de bovengrenswaarde zeer onrustig (58 dB) mogelijk bij wegen met een verkeersfunctie GOW of ETW-A (gebiedsontsluitingsweg of erftoegangsweg A). Ontheffingscriteria Ieder verzoek om hogere grenswaarde wordt in ieder geval aan de voornoemde criteria getoetst. Daarnaast worden bij de afweging over het toekennen van een verzoek om een hogere grenswaarde ook de ontheffingscriteria betrokken.

Ontheffingsgronden, conform het voormalig Besluit grenswaarden binnen zones langs wegen: nog niet geprojecteerde woningen buiten de bebouwde kom, die: o verspreid gesitueerd worden; o ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid; o door de gekozen situering een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen; o ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing; nog niet geprojecteerde woningen binnen de bebouwde kom, die: o in een dorps- of stadsvernieuwingsplan worden opgenomen; o door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestisch afschermende functie gaan vervullen voor andere woningen - in aantal ten minste de helft van het aantal woningen waaraan de afschermende functie wordt toegekend -, of voor andere gebouwen of geluidsgevoelige objecten; o ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid; o door de gekozen situering een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen; o ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing; geprojecteerde, in aanbouw zijnde of aanwezige woningen en een nog niet geprojecteerde weg, voor zover die weg: o een noodzakelijke verkeers- en vervoersfunctie zal vervullen; o een zodanige verkeersverzamelfunctie zal vervullen, dat de aanleg van die weg zal leiden tot aanmerkelijk lagere geluidsbelastingen van woningen binnen de zone van een

andere weg. Geluidsklasse criteria ‘onrustig’ 1. 2. 3. 4. 5.

indien mogelijk bronmaatregelen (bijvoorbeeld stillere asfalttypen) treffen; indien mogelijk de afstand tussen de geluidsbron en de nieuwe woning(en) vergroten; in ieder geval dient bij woningen/appartementen de buitenruimte (tuin/balkon) te voldoen aan de ambitiewaarde van het betreffende gebied; het stedenbouwkundig ontwerp vormgeven waarbij zoveel mogelijk afscherming voor het achterliggende gebied ontstaat; vanaf de geluidsklasse ‘onrustig’ dient bij een aanvraag om bouwvergunning voor een woning en scholen een bouwakoestisch onderzoek te worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit.

Geluidsklasse criteria ‘zeer onrustig’ 1.

bij appartementen en seniorenwoningen dient minimaal één verblijfsruimte (ruimte voor het verblijven van mensen, dan wel een ruimte waarin de voor een gebruiksfunctie kenmerkende BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

7

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

2. 3. 4.

activiteiten plaatsvinden) in de woning aan de geluidsluwe zijde te worden gesitueerd; bij eengezinswoningen minimaal drie verblijfsruimten in de woning aan de geluidsluwe zijde; wanneer de woning een balkon heeft dan moet deze afsluitbaar zijn, zodat men zelf kan kiezen of men zich wil afzonderen van de hoge geluidsbelasting of niet; bij een aanvraag behorend bij een bouwvergunning voor een woning en scholen dient een bouwakoestisch onderzoek te worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit; buitenruimtes (tuin of balkon) worden bij voorkeur aan de geluidsluwe zijde gesitueerd

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

8

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

HOOFDSTUK 3 3.1

UITGANGSPUNTEN

Situatie projectgebied

Zoals in de aanleiding reeds is aangegeven, worden de gronden gewijzigd van de bestemming horeca naar wonen. Binnen het plangebied zijn meerdere gebouwen gevestigd. Hieronder wordt per gebouw de verbouwing en toekomstige functie besproken. In totaal wordt met dit plan appartementen en 2 vrijstaande woningen gerealiseerd en blijft een driesterren hotel met 16 kamers behouden. A. Het voormalige hotelpand wordt verbouwd waarna er ruimte is voor in totaal 5 woningen (>100 bvo m². Drie woningen bevinden zich op begane grond niveau. Op de eerste en tweede verdieping (of zolder) bevinden zich 2 appartementen. De uitbouw aan de achterzijde van het pand (de huidige keuken), wordt gesloopt. B. De voormalige dependance wordt verbouwd, waarna er ruimte is voor in totaal 6 woningen. Vier woningen (circa 85 m²) op kelder- en begane grond niveau en twee appartementen (86 m²) op de eerste verdieping. C. Het vrijstaande appartementengebouw wordt inpandig verbouwd, waarna die in gebruik wordt genomen als een vrijstaande woning. De uitbouw aan de achterzijde van het pand (tegen de huidige keuken van het Twents gastenhoes aan), wordt gesloopt. Verder zullen er aanpassingen zijn aan de gevels en het dak van het pand. D. De bedrijfswoning verkeert in een goede staat. De bedrijfswoning zal dan ook geen verbouwing ondergaan.

Omdat een bedrijfswoning al dient te voldoen aan de geluidsnormen is het niet nodig deze bij een bestemmingswijziging te toetsen aan de Wet geluidhinder. E. Het huidige hotel Villavéllo blijft in de huidige vorm behouden en hoeft dus niet te worden meegenomen in voorliggend onderzoek. F. Op het huidige weiland worden 8 woningen (circa 95 m²) gerealiseerd en één penthouse (circa 200 m²) op de eerste verdieping. Het gebouw zal qua vorm en uitstraling aansluiten op de naastgelegen gebouwen. In afbeelding 3.1 zijn de locaties van de huidige functies weergegeven. In bijlage 1 zijn de plattegronden bijgevoegd.

Afbeelding 3.1:

Huidige situatie + wijzigingen

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

9

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief Het projectgebied ligt binnen de wettelijke zone van de N349 en de Vasserweg. Er geldt een maximumsnelheid van 50 km/uur op deze weg. De N349 kan beschouwd worden als een gebiedsontsluitingsweg en daardoor is de maximale ontheffingswaarde 58 dB. Naast deze 50 km/uur wegen liggen er ook enkele 30 km/uur wegen nabij het projectgebied. Deze wegen kennen geen wettelijke geluidszone, maar in het kader van goede ruimtelijke ordening kunnen deze wegen worden meegenomen in het onderzoek. In dit geval liggen er uitsluitend erftoegangswegen in de nabije omgeving van het projectgebied. Echter, door de aanzienlijke verkeersintensiteit, is niet uit te sluiten dat er relevante geluidbelasting afkomstig is van de Molenstraat. Deze weg is dan ook meegenomen in voorliggend onderzoek. In de onderstaande tabel is weergegeven welke uitgangspunten voor het hierbij behorende rekenmodel zijn gehanteerd. Locatie projectgebied Hoogst mogelijke waarde wegverkeerslawaai Wgh van toepassing Vermindering geluidsbelasting Tabel 3

Uitgangspunten akoestisch onderzoek

3.2

Verkeersgegevens

Stedelijk gebied 63 dB (Wgh) 58 dB (Gemeentelijk beleid) Ja 5 dB

De weg- en verkeersgegevens zijn afkomstig uit het Regionaal Verkeersmodel Overijssel. Voor de verkeersintensiteit zijn de gegevens van het basisjaar 2020 doorgerekend naar 2033 met een autonome groei van 1,5% per jaar. In bijlage 2 zijn de ingevoerde gegevens weergegeven.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

10

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

HOOFDSTUK 4 4.1

RESULTATEN

Berekeningen

De overdrachtsberekening voor de wegen is uitgevoerd overeenkomstig Standaard Reken Methode 2 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. In het model zijn de begroeide gebieden (bodemfactor 1,0) en de wegen ingeladen (bodemfactor 0,0). Bij de berekening is uitgegaan voor de overige gebieden (voornamelijk erven en tuinen) van een standaard bodemfactor van 0,5. In het model zijn de volgende zaken opgenomen: wegen met intensiteiten; gebouwen inclusief hoogte (PDOK 3D geluidbestand); bodemgebieden (PDOK 3D geluidbestand); rekenpunten op 1,5 meter, 4,5 meter en 7,5 meter op de relevante gevels van de woningen. In bijlage 3 is de uitsnede van het rekenmodel weergegeven en in bijlage 4 zijn de itemeigenschappen weergegeven.

4.2

Geluidsbelasting

Om de geluidbelasting te berekenen zijn er 38 toetspunten geplaatst op de verschillende gevels. In afbeelding 4.1 zijn deze toetspunten weergegeven. Alle resultatentabellen zijn in bijlage 5 toegevoegd.

Afbeelding 4.1

Geplaatste toetspunten (Bron: Geomilieu, BJZ.nu)

De geluidbelasting ten gevolge van de Rondweg bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 49 dB. Met deze waarde wordt niet voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder van 48 dB. Wel wordt voldaan aan de maximale ontheffingswaarde van 63 dB uit de Wet geluidhinder en aan de maximale ontheffingswaarde van 58 dB uit het gemeentelijk geluidbeleid.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

11

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief De geluidbelasting ten gevolge van de Vasserweg bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 37 dB. Met deze waarde wordt voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder en de ambitiewaarde uit het gemeentelijk beleid van 48 dB. De geluidbelasting van de Molenstraat bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 55 dB. Met deze waarde wordt niet voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder van 48 dB. Wel wordt voldaan aan de maximale ontheffingswaarde van 63 dB uit de Wet geluidhinder en aan de maximale ontheffingswaarde van 58 dB uit het gemeentelijk geluidbeleid. De cumulatieve geluidbelasting bedraagt, exclusief reductie, hoogstens 60 dB.

4.3

Hogere Waarde

Een hogere waarde als gevolg van wegverkeerslawaai afkomstig van de Rondweg is in voorliggend geval benodigd. Afwijken van de voorkeurswaarde is alleen mogelijk als bron- en overdrachtsmaatregelen kunnen rekenen op bezwaren van financiële, stedenbouwkundige, verkeerskundige of landschappelijke aard, een binnenniveau van 33 dB gerealiseerd kan worden en wanneer wordt voldaan aan de voorwaarden uit het gemeentelijk geluidbeleid. Voor de Molenstraat is geen hogere waarde benodigd omdat deze weg geen wettelijke geluidszone heeft. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zal wel beschouwd worden welke maatregelen mogelijk zijn om de geluidbelasting te reduceren. In de volgende paragraaf worden mogelijke maatregelen om de geluidsbelasting te reduceren onderzocht.

4.4

Maatregelen reductie geluidbelasting

Om de geluidbelasting te reduceren kan gebruik worden gemaakt van bron-, overdrachts- en gevelmaatregelen, zoals in het vervolg van deze paragraaf beschreven. 4.4.1

Bronmaatregelen

Het geluid van een voertuig wordt veroorzaakt door het motorgeluid en het geluid van de banden. Vooral vrachtwagens zijn de afgelopen jaren veel stiller geworden. In het rekenmodel is hier al rekening mee gehouden. Daarnaast is de verwachting dat voertuigen in de toekomst nog stiller worden. Hier wordt rekening mee gehouden door de in paragraaf 2.4 beschreven aftrek toe te passen. De initiatiefnemer van het bouwplan waar voorliggend onderzoek voor wordt uitgevoerd heeft geen invloed op het reduceren van het geluid van voertuigen. Daarnaast heeft de initiatiefnemer ook geen invloed op de samenstelling van het verkeer, de verkeersintensiteit en het snelheidsregime. Een aanpassing van het wegdektype kan zorgen voor een reductie van het bandengeluid van voertuigen. Het huidige wegdek van de Rondweg betreft Dubbele Deklagen B. Dit wegdek is al zeer geluidreducerend, waardoor het aanpassen van het wegdek geen relevante optie is. Daarnaast is er alleen ter plaatse van het penthouse sprake van een overschrijding, waardoor het aanpassen van het wegdek van de Rondweg in financieel opzicht ook geen optie is. Het wegdek van de Molenstraat zou theoretisch aangepast kunnen worden naar geluidsreducerende klinkers of een stil(ler) asfalttype. Stiller asfalt zou stedenbouwkundig niet wenselijk zijn, omdat het dorpaanzicht dan negatief aangetast wordt.

Voor het aanleggen van stille klinkers zal circa 1.200 m2 vervangen dienen te worden. Met een kostprijs van circa €30,- kost het aanpassen circa €36.000,-. Dit zijn relatief hoge kosten voor de geluidsreductie van 1 woning. 4.4.2

Overdrachtsmaatregelen

Een grotere afstand tussen de gevel en de weg zorgt voor een lagere geluidsbelasting op de gevel. Om een lagere geluidsbelasting van 2 dB te realiseren moet de afstand tussen de gevel en de weg met 50% worden vergroot. In dit project is er echter sprake van voornamelijk transformatie en alleen het realiseren van het appartementen gebouw ter plaatse van het weiland. Het is dus niet mogelijk om een deel van bebouwing te BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

12

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief verplaatsen en het appartementengebouw zal niet anders gesitueerd kunnen worden door de beperkte ruimte in het plangebied. Daarnaast kan er een geluidsscherm geplaatst worden tussen de bron en het geluidgevoelig object. Het plaatsen van een geluidsscherm is vanuit stedenbouwkundig en landschappelijk oogpunt echter onwenselijk. Daarnaast brengt het plaatsen van een geluidscherm hoge kosten met zich mee en zal het de geluidbelasting ter plaatse van de bovenste bouwlaag niet verminderen. Overdrachtsmaatregelen zijn dan ook niet doelmatig. 4.4.3

Gevelmaatregelen

Als een hogere geluidsbelasting wordt toegestaan dient het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd te worden. Artikel 110 lid g van de Wgh bepaalt dat de aftrek bij het vaststellen van de noodzakelijk geluidwering 0 dB bedraagt. De cumulatieve geluidsbelasting exclusief aftrek bedraagt hoogstens 60 dB. Er is dan ook een gevelwering van minimaal 60-33 = 27 dB benodigd om ter plaatse van alle woningen aan de binnenwaarde van 33 dB te kunnen voldoen. Met het plaatsen van HR++ glas kan een geluidwering van 28 dB worden bewerkstelligt. Ten tijde van de vergunningaanvraag moet aangetoond worden of met de getroffen maatregelen wordt voldaan aan dit binnenniveau van 33 dB. 4.4.4

Gemeentelijk geluidbeleid

Het project voldoet aan de hoofdcriteria omdat de toepassingen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting vanwege het wegverkeerslawaai onvoldoende doeltreffend zijn en/of er overwegende bezwaren zijn van stedenbouwkundige, verkeer- en vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Het project voldoet aan de locatie specifieke criteria dat de woningen gebonden zijn aan de bestaande bebouwing en dus grondgebonden zijn. Voor het aanvragen van een hogere waarde stelt de gemeente Dinkelland aanvullende eisen voor de verschillende geluidsklassen. In paragraaf 2.5 zijn deze criteria weergegeven. Geluidsklasse criteria ‘onrustig’ Aan punt 1 en 2 kan niet voldaan zoals blijkt uit bovenstaande alinea’s. Aan punt 3 wordt voldaan aangezien er een geluidsluwe buitenruimte ter plaatse van het penthouse. De bebouwing dient in het huidige ontwerp als voldoende afscherming voor de achterliggende bebouwing, dus ook aan punt 4 wordt voldaan. Om aan punt 5 te kunnen voldoen dient bij een aanvraag om bouwvergunning voor de woningen een akoestisch onderzoek te worden gevoegd en worden getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit. Met het in achtnemen van deze criteria kan een hogere waarde worden verleend. 4.4.5

Conclusie maatregelen

De bron- en overdrachtsmaatregelen die getroffen kunnen worden om aan de voorkeurswaarde te voldoend ontmoeten bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard. Gevelmaatregelen zijn het meest doelmatig en met een gevelwering van minstens 27 dB wordt het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd. Met het plaatsen van de buitenruimtes aan de geluidsluwe zijde en het aanleveren van een bouwakoestisch onderzoek ten tijde van de vergunningverlening wordt voldaan aan de gemeentelijke criteria. Er kan dan ook een hogere waarde verleend van 49 dB als gevolg van het wegverkeerslawaai van de Rondweg worden voor het penthouse.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

13

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

HOOFDSTUK 5

CONCLUSIE

Voorliggend akoestisch onderzoek heeft betrekking op het perceel gelegen aan de kruising van de Molenstraat en het Nuttersvoetpad te Ootmarsum (gemeente Dinkelland). Initiatiefnemer is voornemens om de horeca functie van de gebouwen (deels) om te zetten naar een woonfunctie. In totaal wordt met dit plan 20 appartementen en 2 vrijstaande woningen gerealiseerd. De geluidbelasting ten gevolge van de Rondweg bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 49 dB. De geluidbelasting van de Molenstraat bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 55 dB. Met deze waarde wordt niet voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder van 48 dB. Wel wordt voldaan aan de maximale ontheffingswaarde van 63 dB uit de Wet geluidhinder en aan de maximale ontheffingswaarde van 58 dB uit het gemeentelijk geluidbeleid. De geluidbelasting ten gevolge van de Vasserweg bedraagt, inclusief reductie, hoogstens 37 dB. Met deze waarde wordt voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder en de ambitiewaarde uit het gemeentelijk beleid van 48 dB. De bron- en overdrachtsmaatregelen die getroffen kunnen worden om aan de voorkeurswaarde te voldoen ontmoeten bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard. Gevelmaatregelen zijn het meest doelmatig en met een gevelwering van minstens 27 dB wordt het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd.

Met het aanleveren van een bouwakoestisch onderzoek ten tijde van de vergunningverlening wordt voldaan aan de gemeentelijke criteria. Er kan dan ook een hogere waarde verleend van 49 dB als gevolg van het wegverkeerslawaai van de Rondweg worden voor het penthouse. Er is daarmee sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woningen aangaande het aspect wegverkeerslawaai.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

14

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

BIJLAGEN Bijlage 1

Plattegronden

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

15

G.G.W. 1 95m²

G.G.W. 2 95m²

4x G.G.W

G.G.W. 3 95m²

ca. 90m²

G.G.W. 4 91m²

lift, trap Hotelkamers naar 4 starterswoningen

Won. 1 Won. 2 Won. 3 Won. 4 42+42m² 44+44m² 42+42m² 40+40m² 84m² 88m² 84m² 80m²

4x (starters) woningen

3.0m

2.5m

2.5m

2.5m

0.5m 2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.0m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

Villa Velo 16 hotelkamers

2.5m

2.5m

2.5m 0.5m

G.G.W.10 Kelder 18m² Won. 5 Kelder 87m²

0.5m

1.0m

5.0m

5.5m

5.0m

4.5m

kelder woning

0

5

10

20

50

100m

KELDER NIVEAU SCHAAL 1 A 500

G.G.W. 5 95m²

Aansluiting zie schets Twin

G.G.W. 6 95m²

4x G.G.W ca. 90m²

G.G.W. 7 95m²

G.G.W. 8 91m²

4x (starters) woningen

lift, trap

Won. 1 Won. 2 Won. 3 Won. 4 42+42m² 44+44m² 42+42m² 40+40m² 84m² 88m² 84m² 80m²

Villa Velo 16 hotelkamers

3.0m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

parkeren 0.5m 2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.0m

2.5m

2.5m 0.5m

Kavel ca. 220m²

G.G.W. 9 106m²

G.G.W. 10 120m²

Woning 5 Begane grond 87m²

1.0m

0.5m

5.0m

5.5m

2x G.G.W.

0

5

10

5.0m

4.5m

afval

20

50

100m

BEGANE GROND NIVEAU SCHAAL 1 A 500

1x penthouse Penthouse 200m²

2x appartementen ca. 85m²

App. 1 86m²

App. 2 86m²

Villa Velo 16 hotelkamers

3.0m

2.5m

2.5m

2.5m

0.5m 2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

App.3 70m²

2.5m

2.0m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m 0.5m

App.4 70m²

Woning 5 Eerste verdieping 87 m²

1.0m

0.5m

5.0m

5.5m

5.0m

4.5m

2x appartementen 9300

0

5

9300

10

7000

20

50

100m

EERSTE VERDIEPING NIVEAU SCHAAL 1 A 500

Villa Velo 16 hotelkamers

3.0m

2.5m

2.5m

2.5m

0.5m 2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.0m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m

2.5m 0.5m

zolders Woning 5 Tweede verdieping App.4 52 m² 43m² 1.0m

App.3 36m²

0.5m

5.0m

5.5m

5.0m

4.5m

0

5

10

20

50

100m

TWEEDE VERDIEPING NIVEAU SCHAAL 1 A 500

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

Bijlage 2

Aangeleverde verkeersgegevens

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

16

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

17

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

18

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

Bijlage 3

Rekenmodel

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

19

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Molenstraat – Nuttersvoetpad, Ootmarsum Definitief

Bijlage 4

Itemeigenschappen

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

20

Molenstraat 03

0,00

Relatief

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

0,00

Verdeling

Type Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling

Ms03

Hdef. Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item Relatief Relatief Relatief

Vasserweg Molenstraat01 Molenstraat 02

ISO M. 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Omschr.

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

ISO_H 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

False

Cpl False False False False False 1,5

Cpl_W 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 0

Helling 0 0 0 0 0 W9a

Wegdek W12 W12 W0 W9a W9a 30

V(MR(D)) 50 50 50 30 30 30

V(MR(A)) 50 50 50 30 30 30

V(MR(N)) 50 50 50 30 30

30

V(LV(D)) 50 50 50 30 30

31-3-2023 16:03:07

--

V(MR(P4)) ------

30

30

--

30

V(MV(D)) 50 50 50 30 30 30

V(MV(A)) 50 50 50 30 30 30

V(MV(N)) 50 50 50 30 30

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

V(LV(P4)) -------

V(MV(P4)) -----30

V(ZV(D)) 50 50 50 30 30

V(LV(A)) 50 50 50 30 30

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

V(LV(N)) 50 50 50 30 30

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

30

V(ZV(A)) 50 50 50 30 30 30

V(ZV(N)) 50 50 50 30 30 --

V(ZV(P4)) -----1600,32

Totaal aantal 9381,68 8588,09 4557,41 2015,61 1896,08 6,70

%Int(D) 6,75 6,76 6,82 6,70 6,70

0,62

%Int(N) 0,76 0,77 0,67 0,62 0,62

--

%Int(P4) ------

31-3-2023 16:03:07

3,66

%Int(A) 3,27 3,23 3,23 3,66 3,66

--

--

--

--

%MR(P4) ------

93,06

%LV(D) 87,83 84,84 85,26 94,11 93,87 94,28

%LV(A) 92,86 90,98 91,49 95,16 94,96 92,34

%LV(N) 84,93 81,38 81,99 93,45 93,19

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

%MR(N) -------

%LV(P4) -----3,68

%MV(D) 9,34 11,64 10,76 3,29 3,38 3,01

%MV(A) 5,56 7,03 6,48 2,69 2,76

%MR(D) ------

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

%MR(A) ------

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

4,60

%MV(N) 11,21 13,87 11,94 4,13 4,23 --

%MV(P4) -----3,26

%ZV(D) 2,84 3,52 3,98 2,60 0,62 2,71

%ZV(A) 1,58 1,99 2,02 2,15 2,28 3,05

%ZV(N) 3,86 4,79 6,07 2,43 2,57 --

%ZV(P4) -------

MR(D) ------

--

MR(N) ------

--

MR(P4) ------

31-3-2023 16:03:07

--

MR(A) ------

99,78

LV(D) 556,20 492,54 265,00 127,09 119,25

55,22

LV(A) 284,88 252,37 134,68 70,20 65,90

9,16

LV(N) 60,56 53,82 25,04 11,68 10,96 --

LV(P4) -----3,95

MV(D) 59,15 67,58 33,44 4,44 4,29 1,76

MV(A) 17,06 19,50 9,54 1,98 1,92 0,46

MV(N) 7,99 9,17 3,65 0,52 0,50 --

MV(P4) ------

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

3,50

ZV(D) 17,98 20,44 12,37 3,51 0,79 1,59

ZV(A) 4,85 5,52 2,97 1,59 1,58 0,30

ZV(N) 2,75 3,17 1,85 0,30 0,30 --

ZV(P4) -----83,98

LE (D) 63 85,94 86,17 82,18 84,60 83,46

97,66

LE (D) 250 100,11 100,57 97,14 98,01 96,12

31-3-2023 16:03:07

89,30

LE (D) 125 93,01 93,39 89,83 89,76 88,02

95,79

98,53

92,14

87,19

LE (D) 4k 95,78 95,90 95,81 87,90 86,79 82,93

LE (D) 8k 89,09 89,43 87,64 83,32 81,37

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

LE (D) 2k 100,64 100,79 102,48 92,88 91,90 80,92

LE (A) 63 81,50 81,58 77,56 81,57 81,39 86,10

LE (A) 125 88,17 88,44 85,01 86,59 86,45

LE (D) 500 102,81 102,86 100,51 96,47 95,15

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

LE (D) 1k 104,85 104,82 105,68 99,34 98,48

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

94,28

LE (A) 250 95,01 95,40 91,96 94,63 94,52 92,86

LE (A) 500 98,82 98,70 96,15 93,57 93,38 95,72

LE (A) 1k 101,03 100,84 101,99 96,55 96,32 89,24

LE (A) 2k 96,40 96,40 98,67 90,02 89,81 84,27

LE (A) 4k 91,61 91,57 91,95 85,00 84,80

73,85

LE (N) 63 77,10 77,41 72,81 74,48 74,30

31-3-2023 16:03:07

79,64

LE (A) 8k 84,38 84,59 83,02 80,05 79,93

79,14

87,68

85,46

88,22

LE (N) 1k 95,75 95,82 95,91 89,03 88,81 81,87

LE (N) 2k 91,70 91,94 92,74 82,62 82,41

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

LE (N) 500 93,81 93,96 91,13 86,15 85,95 76,92

LE (N) 4k 86,82 87,04 86,10 77,64 77,44 72,83

LE (N) 8k 80,33 80,74 78,21 73,25 73,12

LE (N) 125 84,28 84,72 80,45 79,63 79,48

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

LE (N) 250 91,45 91,96 87,85 88,06 87,94

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

--

LE (P4) 63 -------

LE (P4) 125 -------

LE (P4) 250 -------

LE (P4) 500 -------

LE (P4) 1k ------

31-3-2023 16:03:07

--

LE (P4) 2k ------

--

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Ms03

--

LE (P4) 4k ------

Naam Rondweg Rondweg Vw Ms01 Ms02

LE (P4) 8k ------

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

31-3-2023 16:03:07

GGW3 + GGW7 GGW3 + GGW7 GGW4 + GGW8 GGW4 + GGW8 GGW4 + GGW8

Penthouse Penthouse Penthouse Woning 1 + app 1 Woning 1 + app 1

Woning 2 Woning 2 Woning 3+ app 2 Woning 3 + app 2 Woning 4

Woning 4 + app 2 Woning 4 App 1 ggw 9 + app 3 ggw 9 + app 3

app 3 ggw 9 ggw 10 + app 4 ggw 10 + app 4 Woning 5

Woning 5 Woning 5 Vrijstaande woning Vrijstaande woning Vrijstaande woning

06 07 08 09 10

11 12 13 14 15

16 17 18 19 20

21 22 23 24 25

26 27 28 29 30

31 32 33 34 35

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

-1,50 1,50 1,50 1,50

1,50 1,50 -1,50 1,50

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

---1,50 1,50

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.

Omschr. GGW1 + GGW 5 + penthouse GGW1 + GGW 5 GGW1 + GGW 5 GGW2 + GGW 6 GGW2 + GGW 6

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

4,50 -4,50 4,50 4,50

4,50 4,50 -4,50 4,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

---4,50 4,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

Hoogte B 4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 7,50 ----

7,50 -7,50 7,50 7,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

------

Hoogte C 7,50 -----

------

------

------

------

------

------

Hoogte D ------

Wegverkeerslawaai (zonder hoogtelijnen) versie van V1-20-02-2023 - V1-20-02-2023 (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Naam 01 02 03 04 05

Groep:

Model:

Itemeigenschappen

------

------

------

------

------

------

Hoogte E ------

------

------

------

------

------

------

Hoogte F ------

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Gevel Ja Ja Ja Ja Ja

31-3-2023 16:03:07

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/830/documents/21807