Bestemmingsplan Tilligte, Varwick.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Tilligte, Varwick
Status: vastgesteld
Status: Datum: IMRO-Code: Auteur(s):
vastgesteld NL.IMRO.1774.TILBPVARWICK-VG01
Tilligte, Varwick
Inhoudsopgave Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging van het plangebied 1.3 De bij het plan behorende stukken 1.4 Huidig planologisch regime 1.5 Leeswijzer
7 7 7 7 8 9
Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied 2.1 Huidige situatie plangebied
11 11
Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1 Gewenste ontwikkeling 3.2 Verkeer en parkeren
13 13 13
Hoofdstuk 4
Beleidskader
15
Hoofdstuk 5
Milieu- en omgevingsaspecten
17
Hoofdstuk 6 Juridische aspecten en planverantwoording 6.1 Inleiding 6.2 Opzet van de regels 6.3 Verantwoording van de regels
19 19 19 20
Hoofdstuk 7
21
Economische uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 8 Inspraak, vooroverleg en zienswijzen 8.1 Vooroverleg 8.2 Inspraak 8.3 Zienswijzen
23 23 23 23
Regels
25
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
27 27 30
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels Wonen
31 31
Hoofdstuk 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels
35 35 36 37 38 39
Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
41 41 42
2
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Bijlagen bij de regels
43
Bijlage 1
44
Staat van Bedrijfsactiviteiten
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
3
4
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Toelichting
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
5
6
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 1
Inleiding
1.1 Aanleiding Voorliggend bestemmingsplan heeft betrekking op een deel van het groenbestemmingsvlak grenzend aan de noordoostkant van de woonpercelen Varwick 6 t/m 13 en de Kerkweg 24 (hierna: plangebied). Voorliggende ontwikkeling betreft het herstellen van een planologische omissie waarbij de te ruim opgenomen groenbestemming wordt gecorrigeerd. Door middel van voorliggende bestemmingsplanherziening wordt de groenbestemming ter plaatse gewijzigd naar de woonbestemming. De gronden binnen het plangebied worden reeds als zodanig gebruikt, daarnaast zijn er reeds enkele bouwwerken aanwezig. Door het opnemen van de woonbestemming ter plaatse wordt de planologische situatie in overeenstemming gebracht met de feitelijke situatie. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridische planologische kaders, waarbij wordt aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.
1.2 Ligging van het plangebied Het plangebied ligt op de achtererven van de woonpercelen aan de Varwick en de Kerkweg. De ligging van het plangebied in Tilligte en ten opzichte van de directe omgeving wordt in afbeelding 1.1 weergegeven. De rode omlijning geven de locatie en indicatieve begrenzing van het plangebied weer.
Afbeelding 1.1: Ligging van het plangebied (Bron: PDOK)
1.3 De bij het plan behorende stukken Het bestemmingsplan 'Tilligte, Varwick' bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.1774.TILBPVARWICK-VG01) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen). Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
7
1.4 Huidig planologisch regime 1.4.1
Algemeen
Het plangebied ligt binnen de begrenzing van de bestemmingsplannen "Tilligte" (vastgesteld op 26 februari 2013), "Facetbestemmingsplan parkeren Dinkelland" (vastgesteld op 29 mei 2018) en "Paraplubestemmingsplan kernen gemeente Dinkelland" (vastgesteld op 5 juli 2021). In het kader van voorliggende ontwikkeling is met name het bestemmingsplan "Tilligte" van belang. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van het geldende bestemmingsplan "Tilligte" opgenomen. Het plangebied is hierop indicatief met rode omlijning weergegeven.
Afbeelding 1.2: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Tilligte" (Bron: ruimtelijkeplannen.nl) 1.4.2
Bestemmingen
Op basis van het geldende bestemmingsplan geldt ter plaatse van het plangebied de bestemming 'Groen'. Hierna wordt beknopt ingegaan op de deze bestemming. Groen De voor 'Groenvoorzieningen' aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor groenvoorzieningen. In de bouwregels binnen deze bestemming is opgenomen dat op deze gronden geen gebouwen mogen worden gebouwd. 1.4.3
Strijdigheid
In de huidige situatie is er reeds sprake van bijgebouwen ter plaatse van de bestemming 'Groen'. Dit is in strijd met de bouwregels van deze groenbestemming. Het voornemen betreft een bestemmingswijziging waarin de bestemming 'Groen' ter plaatse van het plangebied wordt gewijzigd in de bestemming 'Wonen'. De ontwikkeling betreft het herstellen van een planologische omissie waarbij de bestemmingsgrens van de woonbestemming gecorrigeerd wordt. De planologische situatie wordt hiermee in overeenstemming gebracht met de feitelijke situatie. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het benodigde juridisch planologische kader waarmee de voorgenomen 8
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
ontwikkeling mogelijk kan worden gemaakt.
1.5 Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op de huidige situatie in het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt de voorgenomen ontwikkeling beschreven. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. In de hoofdstukken 6 en 7 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de economische uitvoerbaarheid van het plan. Hoofdstuk 8 gaat in op de inspraak en het vooroverleg.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
9
10
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 2
Beschrijving plangebied
2.1 Huidige situatie plangebied Het plangebied bevindt zich aan de noordkant van de woonpercelen aan de Kerkweg en de Varwick. In afbeelding 1.1 en 1.2 is de begrenzing van het plangebied reeds indicatief aangegeven. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar de verbeelding. In de huidige situatie wordt het plangebied gebruikt als achtererf van de woningen. Concreet gaat het om de woonpercelen Varwick 6, 7, 8, 9, 10 11, 12 en 13 en de Kerkweg 24. In de huidige situatie zijn er ter plaatse van het plangebied reeds enkele bijgebouwen ten dienste van de woningen gebouwd. Ten zuiden van het plangebied bevinden zich de voorgenoemde woonpercelen. Ten noorden van het plangebied bevindt zich een groenstrook met daarachter agrarische (cultuur)gronden. In afbeeldingen 2.1 en 2.2 zijn respectievelijk een luchtfoto en een straatbeeldfoto van de huidige situatie van het plangebied weergegeven.
Afbeelding 2.1: Luchtfoto huidige situatie plangebied (Bron: PDOK)
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
11
Afbeelding 2.2: Huidige situatie groenstrook en achtererven gezien vanaf de Kerkweg (Bron: Google Streetview)
12
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 3
Planbeschrijving
3.1 Gewenste ontwikkeling Door middel van voorliggende bestemmingsplanherziening wordt de groenbestemming ter plaatse gewijzigd naar de woonbestemming. De gronden binnen het plangebied worden reeds als zodanig gebruikt, daarnaast zijn er reeds enkele (delen van) bijgebouwen behorend bij de woonpercelen aanwezig. Door het opnemen van de woonbestemming ter plaatse wordt de planologische situatie in overeenstemming gebracht met de feitelijke situatie. De in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling gaat uitsluitend uit van een planologische wijziging.
Afbeelding 3.1 Planverbeelding van de toe te voegen woonbestemming (Bron: BestM)
3.2 Verkeer en parkeren Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die daardoor ontstaat. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de gemeentelijke 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018'. Specifiek voor verkeersgeneratie en parkeren heeft het CROW de publicatie, 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, publicatie 381 (december 2018)' opgesteld. Voorliggende ontwikkeling gaat uit van het herstellen van een planologische omissie waarbij de bestemmingsgrens van een woonbestemming achter diverse percelen aan de Varwick in Tilligte gecorrigeerd wordt. Het betreft een bestemmingswijziging waarbij de bestemming 'Groen' ter plaatse wordt gewijzigd naar de woonbestemming. De ontwikkeling heeft dan ook geen invloed op de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie in en rondom het plangebied.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
13
14
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 4
Beleidskader
Voorliggende ontwikkeling gaat uit van het herstellen van een planologische omissie waarbij de bestemmingsgrens van een woonbestemming achter diverse percelen aan de Varwick in Tilligte gecorrigeerd wordt. Het betreft een functiewijziging waarbij de bestemming 'Groen' ter plaatse wordt vervangen door de woonbestemming. Het rijks-, provinciaal-, regionaal- en gemeentelijk beleid laten zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. In het kader van beleidstoetsing is een nadere verantwoording dan ook niet noodzakelijk.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
15
16
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 5 Milieu- en omgevingsaspecten Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. Bovendien is een bestemmingsplan vaak een belangrijk middel voor afstemming tussen de milieuaspecten en ruimtelijke ordening. Voorliggende ontwikkeling gaat uit van het herstellen van een planologische omissie waarbij de bestemmingsgrens van een woonbestemming achter diverse percelen aan de Varwick in Tilligte gecorrigeerd wordt. Het betreft een functiewijziging waarbij de bestemming 'Groen' ter plaatse wordt vervangen door de woonbestemming. In het kader van milieukundige uitvoerbaarheid behoeven de thema's: geluid, bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, ecologie, archeologie & cultuurhistorie, Besluit milieueffectrapportage en water dan ook geen uitgebreide aandacht. Dit vanwege het feit dat: er geen nieuwe geluidgevoelige objecten, danwel zware geluidsmakers (in het kader van de Wgh) worden gerealiseerd. Het aspect geluid zorgt daarom niet voor belemmeringen (geluid); er geen verandering plaatsvindt in het gebruik van de bodem.
De bodem wordt reeds voor woondoeleinden wordt gebruikt. De gronden zijn daarnaast aangeduid als AW2000. Door de kleinschalige impact en de bekende bodemkwaliteiten zijn deze gronden geschikt voor de functie wonen (bodem); het plan 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging. Daarnaast wordt er geen gevoelige bestemming gerealiseerd in het kader van het 'Besluit gevoelige bestemmingen' (luchtkwaliteit); uit de inventarisatie van de Risicokaart blijkt dat er geen risicobronnen aanwezig zijn in en rond het plangebied. Het aspect externe veiligheid vormt daarom geen belemmering voor voorliggend initiatief (externe veiligheid). de functie 'Wonen' geen milieubelastende functie betreft. Omgekeerd worden de omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering beperkt, temeer omdat er geen sprake is van nieuwe milieugevoelige functies op een kortere afstand dan nu het geval is (milieuzonering); het plangebied niet in de nabijheid van een Natura-2000 gebied, danwel NNN-netwerk ligt. Tevens betreft de ontwikkeling enkel een functiewijziging wat geen invloed heeft op de in het plangebied eventueel aanwezige beschermde plant- en diersoorten (ecologie); er geen bodemingrepen plaatsvinden (archeologie); het plangebied op basis van de Rijksmonumenten en Werelderfgoedkaart van Atlas Leefomgeving, geen bijzondere cultuurhistorische waarden kent.
Er is geen sprake van afbreuk van enige cultuurhistorische waarden (cultuurhistorie); er geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in het besluit MER (besluit milieueffectrapportage); met de voorgenomen ontwikkeling wordt er een functiewijziging gerealiseerd waarbij er geen sprake is van fysieke ingrepen die invloed hebben op de waterhuishouding in en rondom het plangebied (water).
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
17
18
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 6 Juridische aspecten en planverantwoording 6.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.
6.2 Opzet van de regels 6.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.
Inleidende regels (begrippen en wijze van meten); Bestemmingsregels; Algemene regels (o.a. afwijkingsregels); Overgangs- en slotregels.
6.2.2
Inleidende regels
De inleidende regels bevatten de begrippen en de wijze van meten. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: Begrippen: In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. Wijze van meten: Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. 6.2.3
Bestemmingsregels
De bestemmingsregels bevatten de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (goot- en bebouwingshoogte, etc.); Specifieke gebruiksregels: omschrijving van wat in ieder geval onder strijdig gebruik wordt gerekend; Afwijkingen van de gebruiks- en bouwregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven bestemmingen en bouwregels. 6.2.4
Algemene regels
De algemene regels bevatten de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: Anti-dubbeltelregel: Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
19
voorkomen. Deze verdichting kan zich voornamelijk voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. Algemene bouwregels: In de algemene bouwregels is opgenomen dat bepaalde ondergeschikte bouwonderdelen de bouw c.q. bestemmingsgrenzen met 1,00 meter mag overschrijden. Algemene gebruiksregels: In dit artikel worden de algemene gebruiksregels beschreven. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Dit brengt met zich mee dat de bestemmingsomschrijving van de te onderscheiden bestemming helder en duidelijk moet zijn. Algemene afwijkingsregels: In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. Overige regels: In dit artikel zijn de eisen ten aanzien van parkeren opgenomen. 6.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
6.3 Verantwoording van de regels Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. 6.3.1
Wonen
Binnen het plangebied is de groenbestemming gewijzigd naar de woonbestemming. Deze gronden zijn bestemd voor wonen en daaraan ondergeschikt speelvoorzieningen, wegen en paden, water(huishoudkundige voorzieningen), openbare nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en tuinen, erven en terreinen. Gezien er in de huidige situatie geen bouwmogelijkheden voor hoofdgebouwen op de achtererven van de percelen zijn, is opgenomen dat hoofdgebouwen binnen het plangebied niet zijn toegestaan. Binnen het plangebied zijn uitsluitend bouwwerken behorend tot de woning toegestaan. Daarnaast is opgenomen dat de woonbestemming in dit bestemmingsplan en aangrenzende woonbestemmingen van andere bestemmingsplannen, als één woonbestemming moeten worden beschouwd. Dit om te voorkomen dat door voorliggende bestemmingsplanherziening per abuis de toegestane oppervlakte van aan- en bijgebouwen wordt vergroot.
20
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het voorliggend wordt in het kader van de economische haalbaarheid opgemerkt dat het hier gaat om een gemeentelijk plan. Het plan wordt gefinancierd uit gemeentelijke middelen. Het is niet noodzakelijk een exploitatieplan vast te stellen. Er zijn naast procedurele kosten geen andere kosten verbonden aan de vaststelling van dit plan. Het plan is economisch uitvoerbaar.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
21
22
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 8 zienswijzen
Inspraak, vooroverleg en
8.1 Vooroverleg 8.1.1
Het rijk
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 8.1.2
Provincie Overijssel
Gezien de aard en omvang van voorliggende ontwikkeling wordt het plan niet in het kader van vooroverleg aan de provincie voorgelegd. 8.1.3
Waterschap Vechtstromen
Gezien de aard en omvang van voorliggende ontwikkeling wordt het uitvoeren van een watertoets niet noodzakelijk geacht. Het plan wordt dan ook niet in het kader van vooroverleg aan het waterschap voorgelegd.
8.2 Inspraak Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In voorliggend geval wordt geen voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd.
8.3 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn er geen zienswijzen binnengekomen. Het plan is daardoor ongewijzigd vastgesteld.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
23
24
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Regels
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
25
26
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
Artikel 1 Begrippen 1.1
plan
Het bestemmingsplan "Tilligte, Varwick" met identificatienummer NL.IMRO.1774.TILBPVARWICK-VG01 van de gemeente Dinkelland. 1.2
bestemmingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
bestemmingsplan "Tilligte"
Het bestemmingsplan "Tilligte" met idenitificatienummer NL.IMRO.1774.TILBPTILLIGTE-0401 van de gemeente Dinkelland. 1.4
aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5
aanduidingsgrens
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.6
aan-huis-verbonden beroep
Een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerp-technisch, of hiermee gelijk te stellen gebied, dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten aan particulieren. 1.7
aan-huis-verbonden bedrijf
Het uitoefenen van kleinschalige bedrijvigheid dat door zijn beperkte omvang in of bij een woonhuis wordt uitgeoefend, waarbij het woonhuis in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. 1.8
bebouwing
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.9
bestaand
Legaal aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 1.10
bestaand bouwwerk
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een vergunning voor het bouwen, met uitzondering van (het deel van) de bouwwerken die niet legaal gebouwd zijn. 1.11
bestaand gebouw
Een gebouw dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een vergunning voor het bouwen, met uitzondering van (het deel van) de gebouwen die niet legaal gebouwd zijn. 1.12
bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
27
1.13
bestemmingsvlak
Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.14
bijbehorend bouwwerk
Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. Een aangebouwd bijbehorend bouwwerk is tevens bouwkundig ondergeschikt aan het hoofdgebouw. Een vrijstaand bijbehorend bouwwerk is tevens functioneel ondergeschikt aan het hoofdgebouw. 1.15
bouwen
Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.16
bouwgrens
De grens van een bouwvlak. 1.17
bouwlaag
Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een kelder, zolder en vliering. 1.18
bouwperceel
Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.19
bouwperceelgrens
De grens van een bouwperceel. 1.20
bouwvlak
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.21
bouwwerk
Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.22
dak
Iedere vorm van bovenbeëindiging van een gebouw. 1.23
gebouw
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.24
(hoek)erker
Een uitbouw met beperkte omvang, gerealiseerd voor een naar de weg of openbaar groen gekeerde gevel van het hoofdgebouw. 1.25
hoofdgebouw
Een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.
28
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
1.26
huishouden
Een zelfstandig dan wel samenwonend persoon of personen die binnen een complex van ruimten gebruik maken van dezelfde voorzieningen, zoals keuken, sanitaire voorzieningen en entree, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan. Bedrijfsmatige kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen. 1.27
inwoning
Wonen in een (ondergeschikt) deel van een als medegebruiker van het pand. 1.28
mantelzorg
Het bieden van zorg aan een ieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband. 1.29
overkapping
Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder dan wel met ten hoogste één wand. 1.30
parkeren
Een geparkeerd voertuig is een voertuig dat langer stilstaat dan nodig is voor het in- en uitstappen of voor het laden en lossen. 1.31
peil
voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein ter plaatse van de bouw; 1.32
stallen
In een garage of andere bewaarplaats zetten. 1.33
voertuig
vervoermiddel dat dient om goederen of personen over land te vervoeren. 1.34
voorgevel
De naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die door de ligging, de situatie ter plaatse en/of de indeling van het gebouw als voorgevel moet worden aangemerkt. 1.35
wonen
Het gehuisvest zijn in een woning. 1.36
woning
Een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijke huishouding.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
29
Artikel 2 Wijze van meten Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
de dakhelling:
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.2
de goothoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.3
de inhoud van een bouwwerk:
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.4
de bouwhoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.5
de oppervlakte van een bouwwerk:
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.6
de afstand tot de zijdelingse perceelgrens:
de afstand tussen de zijdelingse perceelgrenzen en het punt van het op dat bouwperceel voorkomend gebouw waar die afstand het kortst is.
30
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
Artikel 3 Wonen 3.1
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; met daaraan ondergeschikt: b. c. d. e. f. g. h. i. 3.2
de uitoefening van een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit; speelvoorzieningen; wegen en paden; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; openbare nutsvoorzieningen; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; tuinen, erven en terreinen. Bouwregels
3.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen' bestemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd voor zover dit in overeenstemming is met het bepaalde in artikel 3.1; met dien verstande dat de woonbestemming in dit bestemmingsplan en de aangrenzende woonbestemmingen zoals opgenomen in het bestemmingsplan "Tilligte", als één woonbestemming moeten worden beschouwd. 3.2.2 Woning Het bouwen van hoofdgebouwen is niet toegestaan. 3.2.3 Bijbehorende bouwwerken bij de woning Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen ten minste 3 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; b. in afwijking van het gestelde onder a, dient een carport ten minste 1 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de gezamenlijke oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken mag, mits het bebouwingspercentage van het perceel maximaal 50 bedraagt, voor zover gelegen buiten het bouwvlak: 1. ten hoogste 85 m² bedragen; 2. bij percelen groter dan 400 m² maximaal 100 m² bedragen; 3. tenzij de bestaande oppervlakte meer bedraagt dan onder 1 of 2 is gesteld, dan mag de bestaande oppervlakte ten hoogste 350 m² bedragen; 4.
de oppervlakte van aan- en bijgebouwen gelegen in aan deze bestemming grenzende bestemmingsplannen met de bestemming 'Wonen' zoals opgenomen in het bestemmingsplan "Tilligte" mee wordt gerekend bij de toepassing van dit artikel. d. de goothoogte maximaal 3 meter mag bedragen, met dien verstande dat bij een dakhelling van 0 graden tot 10 graden (platte dakconstructie) de hoogte maximaal 0,3 meter boven de bovenkant van de eerste verdiepingsvloer mag bedragen; e. de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste de bouwhoogte van het hoofdgebouw verminderd met 1 m bedragen; f. bij vrijstaande woningen aan één zijde een afstand van tenminste 2 meter tot de zijdelingse perceelsgrens in acht moet worden genomen. g. in afwijken van het gestelde onder a mogen de grenzen van het bouwvlak naar de buitenzijde worden overschreden door erkers, luifels, balkons en ingangspartijen, met dien verstande dat: 1. de overschrijding ten hoogste 1 meter mag bedragen; 2. de breedte maximaal 2/3 deel van de breedte van de betreffende gevel van het hoofdgebouw mag bedragen en de breedte van hoekerkers maximaal 50%. Deze bouwdelen dienen minimaal 0,50 m uit de zijgevel te zijn gesitueerd, met uitzondering van hoekerkers; bestemmingsplan Tilligte, Varwick
31
3. indien bestaande gevelopeningen dit noodzakelijk maken en dit uit architectonisch oogpunt noodzakelijk is, de breedte maximaal 3/4 deel van de breedte van de betreffende gevel van het hoofdgebouw mag bedragen en de breedte van hoekerkers maximaal 2/3. De bouwdelen dienen minimaal 0,50 m uit de zijgevel te zijn gesitueerd, met uitzondering van hoekerkers; 4. de bouwhoogte ten hoogste 4 meter mag bedragen of indien de woning of dat woongebouw een hogere verdiepingsvloer bevat maximaal tot 0,25 meter boven de vloer van de eerste verdieping van die of dat woongebouw; 5. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens ten minste 2 m mag bedragen. Bij twee aan elkaar gekoppelde erkers bij een dubbel blok die tegelijk worden aangevraagd, is de voorgeschreven afstand van 2 meter tot de zijdelingse perceelgrens niet van toepassing; 6. ten hoogste 1 (hoek)erker per woning met uitzondering van een woning welke op een hoek van twee straten is gelegen waarbij sprake is van twee voorgevelrooilijnen mag voor beide voorgevelrooilijnen een (hoek)erker worden gebouwd van de betreffende gevel. 3.2.4 Bijbehorende bouwwerken bij hoekperceel In afwijking van het bepaalde in artikel 3.2.3 onder a en b mag bij een hoekperceel voor één van de twee naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan bebouwing opgericht worden, met dien verstande dat: a.
een bijbehorend bouwwerk voor de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt gebouwd, mits: 1. het een hoeksituatie betreft waarbij sprake is van twee naar de weg gekeerde gevels van het hoofdgebouw; 2. het bijbehorend bouwwerk tenminste 3 m achter één naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt gebouwd, met dien verstande dat een carport ten minste 1 m achter één naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt gebouwd; 3. ten hoogste één naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt overschreden, welke gezien de ligging niet als logische voorgevelrooilijn kan worden aangemerkt; 4. het bijbehorend bouwwerk ten minste 2 m uit het openbaar gebied wordt gebouwd, waarbij de voorgevelrooilijn van aansluitende bebouwing niet wordt overschreden. 3.2.5 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1 m bedragen met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen op een afstand van meer dan 3 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan, ten hoogste 2 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van kunstobjecten of speeltoestellen mag ten hoogste 5 m bedragen; c.
de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2 m bedragen.
3.3
Afwijken van de bouwregels
3.3.1 Afstand perceel bijbehorend bouwwerk Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.2.4 a onder 4 in die zin dat de afstand van een bijbehorend bouwwerk tot één van de zijdelingse perceelgrenzen wordt verkleind tot 0 meter, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.3.2 Hoogte bouwwerk geen gebouw zijnde Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.2.5 onder c ten behoeve van bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met dien verstande dat: a. de hoogte niet meer bedraagt dan 10 meter; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
32
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1 Aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit Binnen deze bestemming is gebruik van een deel van de woning, aanbouwen, uitbouwen en/of bijgebouwen ten behoeve van de uitoefening van een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit toegestaan, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning tot maximum van 50 m2 mag worden gebruikt voor aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit; b. het beroep of bedrijf dient door een bewoner van de woning te worden uitgeoefend; c. het gebruik mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluitings- en parkeersituatie ter plaatse waarbij voor de parkeersituatie geldt dat op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid aanwezig dient te zijn; d. het gebruik dient qua aard, milieubelasting en uitstraling te passen in een woonomgeving; e. alleen beroepen of bedrijven zijn toegestaan die in de van deze planregels deel uitmakende Bijlage 1 "Staat van bedrijfsactiviteiten" zijn aangeduid als milieucategorie 1, of beroepen en bedrijven die gezien de gevolgen daarvan voor de omgeving redelijkerwijs met deze bedrijven kunnen worden gelijkgesteld; f.
het geen horeca-activiteiten en/of prostitutieactiviteiten en/of detailhandel betreft, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en wel in verband met de ter plaatse uitgevoerde bedrijfsactiviteit en behoudens internetwinkels; g. er geen buitenopslag plaatsvindt; opslag vindt uitsluitend binnen de woning en de daarbij behorende aan- en uitbouwen en bijgebouwen plaats. 3.4.2 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijvigheid, met uitzondering van het bepaalde in artikel 3.4.1; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden; d. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van detailhandel; Onder het gebruik wordt tevens verstaan het laten gebruiken. 3.5
Afwijken van de gebruiksregels
3.5.1 Mantelzorg Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.2 onder a in die zin dat vrijstaande bijgebouwen worden gebruikt ten behoeve van mantelzorg, mits: a. b. c. d.
er aantoonbaar sprake is van een zorgbehoefte, welke tijdelijk van aard is; er sprake blijft van één huishouden; de oppervlakte van de afhankelijke woonruimte mag niet meer dan 75 m² bedragen; geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
3.5.2 Bed-and-breakfast Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.2 onder c in die zin dat de gronden en bouwwerken in combinatie met het wonen worden gebruikt voor logiesverstrekking in de vorm van bed-and-breakfast, mits: a. de logiesverstrekking plaatsvindt binnen het bestaande hoofdgebouw. Er wordt uitgegaan van een bestaande entree (deur); b. er maximaal twee kamers gerealiseerd worden voor maximaal 5 personen; c. er geen keukenblok in de wooneenheden wordt gemaakt; d. het parkeren op het eigen erf plaatsvindt; e. er geen extra inrit wordt aangelegd in verband met de vestiging; f. de vestiging alleen is toegestaan aan een verkeersontsluiting van voldoende omvang; g. er geen sprake is van onevenredige schade voor de aangrenzende bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; h. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
33
34
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 3
Algemene regels
Artikel 4 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
35
Artikel 5 Algemene bouwregels 5.1
Algemeen
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, liftkokers, lichtkappen, zonnepanelen, erkers, luifels, balkons en overstekende daken, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 meter bedraagt. 5.2 Bouwregels ten aanzien van bijbehorende bouwwerken bij hoofdgebouwen / bedrijfswoningen 5.2.1 Algemene bouwregels Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij hoofdgebouwen / bedrijfswoningen gelden de volgende regels: a. een bijbehorend bouwwerk wordt ten minste 1 m achter één naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per hoofdgebouw ten hoogste 50% van het bouwperceel bedragen met een maximum van 250 m², met dien verstande dat wanneer de bestaande oppervlakte groter is, dit bestaande oppervlak als maximum geldt; c. de goothoogte mag ten hoogste 3 m bedragen, met dien verstande dat bij een dakhelling van 0 graden tot 10 graden (platte dakconstructie) de hoogte ten hoogste 0,3 m boven de bovenkant van de eerste verdiepingsvloer mag bedragen; d. de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk dient ten minste 1 m lager zijn dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw; e.
bij vrijstaande hoofdgebouwen aan één zijde een afstand van ten minste 2 m tot de zijdelingse perceelsgrens in acht moet worden genomen; f. in afwijking van het gestelde onder a mogen de grenzen van het bouwvlak naar de buitenzijde worden overschreden door erkers, luifels, balkons en ingangspartijen, met dien verstande dat: 1. de overschrijding ten hoogste 1 m mag bedragen; 2. de breedte van erkers maximaal 2/3 deel van de breedte van de betreffende gevel van het hoofdgebouw mag bedragen; 3. ten hoogste 1 (hoek)erker per voorgevel van een hoofdgebouw is toegestaan; 4. de bouwhoogte ten hoogste 4 m mag bedragen of indien het hoofdgebouw een hogere verdiepingsvloer bevat ten hoogste tot 0,25 m boven de vloer van de eerste verdieping van dat hoofdgebouw / die bedrijfswoning; 5. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens dient ten minste 2 m mag bedragen. Bij twee aan elkaar gekoppelde erkers bij een halfvrijstaande hoofdgebouwen, is de voorgeschreven afstand van 2 m tot de zijdelingse perceelgrens niet van toepassing.
5.2.2 Bijbehorende bouwwerken vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) In afwijking van het bepaalde in lid 5.2.1 sub a mogen vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, met dien verstande dat er sprake is van een bijbehorend bouwwerken die noodzakelijk zijn als gevolg van aanpassingen om het hoofdgebouw duurzaam te maken.
5.2.3 Bijbehorende bouwwerken bij hoekperceel In afwijking van het bepaalde in lid 5.2.1 sub a mogen bij een hoekperceel vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, met dien verstande dat: a. het een hoeksituatie betreft waarbij sprake is van twee naar de weg gekeerde gevels van het hoofdgebouw; b. ten hoogste één naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt overschreden, welke gezien de ligging niet als een logische voorgevelrooilijn kan worden aangemerkt; c. het bijbehorend bouwwerk ten minste 1 m achter de andere naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan gebouwd; d. het bijbehorend bouwwerk ten minste 2 m uit het openbaar gebied wordt gebouwd, waarbij de voorgevelrooilijn van aansluitende bebouwing niet wordt overschreden.
36
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Artikel 6 Algemene gebruiksregels 6.1
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen: a. het gebruik van de onbebouwde grond als stort- en opslagplaats van al dan niet aan het gebruik onttrokken goederen en materialen, anders dan als tijdelijke opslag ten behoeve van het normale gebruik en onderhoud; b. de stalling en/of opslag van aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken voer-, vaar- en/of vliegtuigen; c. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting en/of prostitutiebedrijf; d. het gebruik van de gronden als standplaats voor kampeermiddelen. e. het gebruik van bijbehorende bouwwerken ten behoeve van permanente bewoning; f. het gebruik van bijbehorende bouwwerken ten behoeve van de huisvesting van seizoenarbeiders dan wel elders werkzaam zijnde arbeiders; g. het gebruik van vrijstaande gebouwen, niet zijnde woningen, voor wonen;
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
37
Artikel 7 Algemene afwijkingsregels 7.1
Afwijken maatvoering
7.1.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van de bij recht in de bestemmingsregels gegeven maten, afmetingen en percentages, tot ten hoogste 10% van die maten, afmetingen en percentages. 7.1.2 Meetverschil Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van de bij recht in de bestemmingsregels gegeven maten, afmetingen en percentages in die zin dat bouwgrenzen worden overschreden indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft. 7.1.3 Bouwhoogte bouwwerken geen gebouw zijnde Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van de bestemmingsregels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde in die zin dat: a. b. c. d. e.
er geen onevenredige aantasting plaatsvinden van de binnen het plangebied aanwezige waarden; de bouwhoogte van informatiezuilen mag worden vergroot tot 5 m; de bouwhoogte van kunstobjecten mag worden vergroot tot 8 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag worden vergroot tot 10 m; de bouwhoogte van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en van zend-, ontvang- en/of sirenemasten mag worden vergroot tot ten hoogste 40 m, mits: 1. de noodzaak tot plaatsing wordt aangetoond; 2. de te plaatsen mast (deels) door bomen gecamoufleerd wordt dan wel dat bij de plaatsing wordt aangesloten bij bestaande gebouwen en andere verticale elementen; 3. door middel van een landschapsplan aansluiting wordt gezocht bij de omliggende omgeving en/of landschapselementen; 4. het principe van site-sharing wordt toegepast; 5. door de plaatsing de beeldkwaliteit van de omgeving niet wordt verstoord; 6. er afstemming plaatsvindt met de Nota antennebeleid gemeente Dinkelland (2008);
38
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Artikel 8 Overige regels 8.1
Uitsluiting aanvullende werking Bouwverordening
De voorschriften van de Bouwverordening ten aanzien van onderwerpen van stedenbouwkundige aard, blijven overeenkomstig het gestelde in artikel 9 lid 2 van de Woningwet buiten toepassing, behoudens ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. b. c. d. e. 8.2
de bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer; de bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten; het bouwen bij hoogspanningsleidingen en ondergrondse hoofdtransportleidingen; de parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden; de ruimte tussen bouwwerken. Parkeergelegenheid
8.2.1 Specifieke parkeerregels bouwen en gebruik Bij de uitoefening van de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en/of voor het gebruik van en gebouw dan wel het wijzigen van het gebruik van een onbebouwd terrein geldt de regel dat de inrichting van de bij het bouwplan behorende en daartoe bestemde gronden zodanig moet plaatsvinden dat er voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van het parkeren of stallen van voertuigen wordt gerealiseerd. 8.2.2 Gemeentelijk parkeerbeleid Voor lid 8.2.1 geldt dat voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' en dat indien deze beleidsregel gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging. 8.2.3 Afmetingen parkeerplaatsen De in lid 8.2.1 bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan als de afmetingen voor parkeren in de lengterichting van de weg en voor parkeren in de dwarsrichting van de weg voldoen aan de afmetingen die zijn neergelegd in bijlage V van de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' en dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging.
8.2.4 Afwijken Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 8.2.1. Het bevoegd gezag neemt hierbij, conform het beleid als bedoeld in lid 2, in overweging of er op andere wijze in de benodigde parkeer- of stallingruimte, wordt voorzien, zoals omschreven in het de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' en dat indien deze beleidsregel gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging; b. de afmetingen in lid 8.2.3 indien de feitelijke inrichting daartoe aanleiding geeft. 8.2.5 Voorwaarden afwijken De in lid 8.2.4 genoemde omgevingsvergunning wordt uitsluitend verleend onder de voorwaarde dat geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de openbare ruimte; b. het woon- en leefklimaat; c. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 8.2.6 Specifieke gebruiksregel Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de bestemming zonder de aanleg en instandhouding van de gerealiseerde voorzieningen als bedoeld in dit artikel.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
39
40
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
Artikel 9 Overgangsrecht 9.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in sublid a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het sublid a. met maximaal 10%. c. Sublid a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in sublid a., te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in sublid a., na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Sublid a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
41
Artikel 10
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het Bestemmingsplan Tilligte, Varwick van de gemeente Dinkelland.
42
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Bijlagen bij de regels
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
43
Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten
44
bestemmingsplan Tilligte, Varwick
Bijlage 1 - Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 4.2
CATEGORIE
OMSCHRIJVING nummer
SBI-2008
01 011, 012, 013 011, 012, 013, 016 011, 012, 013 011, 012, 013 011, 012, 013 0113 0113 0163 011 0141, 0142 0143, 0145 0143 0145 0146 0147 0147 0147 0147 0147 0149 0149 0149 0149 0149 0149 0149 0150 016 016 016 016 016 0162 02 02 021, 022, 024 03 03 0311 0312 032 032 032 08 08 089 06 06 061, 062 061 08 08 0812
-
0 1 2 3 4 5 6 7 0 1 2 0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5 6
0 1 2 3 4 -
0 1 2 0 1 0
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen)
2
Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van rundvee Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen - overige dieren Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
3.1 2 3.1 2 2
BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven
3.1
VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven Vis- en schaaldierkwekerijen - oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven - visteeltbedrijven
2 2 2 2 3.2 2 2 3.2 3.1 3.1 4.1 4.1 4.1 4.1 3.2 4.1 3.2 3.1 3.2 2 2 3.2
3.2 3.1 3.2 3.1
TURFWINNING Turfwinningbedrijven
3.2
AARDOLIE- EN AARDGASWINNING Aardolie- en aardgaswinning: - aardoliewinputten
4.1
WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D. Steen-, grit- en krijtmalerijen (open lucht):
0812 0893 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101 101, 102
1 0 1 3 4 5 6 7
108 102 102 102 102 102 102 1031 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039
8 0 2 3 4 5 6 0 1 2 0 1 2 3 4 5
104101 104101 104101 104102 104102 104102 1042 1042 1042 1051 1051 1051 1051 1052 1052 1061 1061 1061 1061 1062 1062 1062 1091
0 1 2 0 1 2 0 1 2 0 3 4 5 1 2 0 1 2
1091 1091 1091 1092 1071 1071 1071 1072
3 5 6
10821
0
10821
2
0 1 2 0
0 1 2
- algemeen Zoutwinningbedrijven VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaarmaaltijden met p.o. < 2.000 m² Visverwerkingsbedrijven: - conserveren - roken - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van aardappelproducten - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen - met koolsoorten - met drogerijen - met uienconservering (zoutinleggerij) Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Margarinefabrieken: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Zuivelprodukten fabrieken: - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j - overige zuivelprodukten fabrieken Consumptie-ijsfabrieken: p.o.
> 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. >= 500 t/u - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken Zetmeelfabrieken: - p.c. < 10 t/u - p.c. >= 10 t/u Veevoerfabrieken: - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m²
4.1 3.2
3.2 4.2 3.2 3.1 3.1 3.1 3.1 4.1 4.2 4.2 3.2 3.1 4.2 3.1 3.2 3.2 3.2 4.2 4.2
4.1 4.2 4.1 4.2 4.1 4.2 3.2 4.2 4.2 3.2 2 4.2 4.1 4.1 4.1 4.2
4.2 4.1 4.2 4.1 2 3.2 3.2
3.2
10821 10821 10821 10821 1073 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089 110101 110102 110102 110102 1102 t/m 1104 1105 1106 1107 12 12 120 13 13 131 132 132 132 133 139 1393 139, 143 14 14 141 141 142, 151 19 15 151,152 151 152
3 4 5 6 0 2
0 1 2
0 1 2
0 1 2
- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: - p.c. < 5.000 t/j - p.c. >= 5.000 t/j Vervaardiging van wijn, cider e.d. Bierbrouwerijen Mouterijen Mineraalwater- en frisdrankfabrieken VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels Weven van textiel: - aantal weefgetouwen < 50 - aantal weefgetouwen >= 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
2 4.2 3.2 2 3.1 3.2 4.1 4.1 4.1 3.2 4.2 4.1 4.2 4.1 4.2 2 4.2 4.2 3.2
4.1
3.2 3.2 4.2 3.1 3.1 4.1 3.1
-
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont
3.1 2 3.1
-
VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederfabrieken Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken
4.2 3.1 3.1
16 16101 16102 16102 16102 1621
0 1 2
162
0
162 162902 17
1
17
-
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen Houtconserveringsbedrijven: - met creosootolie - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN
3.2 4.1 3.1 3.2 3.2 3.1 2
1711 1712 1712 1712 1712 172 17212 17212 17212 58 58 581 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814 182 19 19 19202 19202 19202 20 20 2011 2012 2012 2012 20141 20141 20141 20141 20141 20149 20149 203 2110 2110 2120 2120 2120 2041 2042 2052 2052 205902 205903 205903 2060 22 22 221101 221102 221102 221102 2219 222 222 222
0 1 2 3 0 1 2 -
A B
Vervaardiging van pulp Papier- en kartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u - p.c. 3 - 15 t/u - p.c. >= 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken Golfkartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u - p.c. >= 3 t/u
4.1 3.1 4.1 4.2 3.2 3.2 4.1
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media
1 3.2 3.2 2 1 2 2 2 1
AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT/KWEEKSTOFFEN Smeeroliën- en vettenfabrieken Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie Aardolieproduktenfabrieken n.e.g.
3.2 4.2 4.2
A B C 0 0 1 A0 A1 B0 B1 B2 0 1 0 1 0 1 2
0 1 A B
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN Vervaardiging van industriële gassen: Kleur- en verfstoffenfabrieken Anorg. chemische grondstoffenfabrieken: - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" Organ. chemische grondstoffenfabrieken: - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" Methanolfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synth.): - p.c. < 50.000 t/j Verf, lak en vernisfabrieken Farmaceutische grondstoffenfabrieken: - p.c. < 1.000 t/j Farmaceutische produktenfabrieken: - formulering en afvullen geneesmiddelen - verbandmiddelenfabrieken Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken Parfumerie- en cosmeticafabrieken Lijm- en plakmiddelenfabrieken: - zonder dierlijke grondstoffen Fotochemische produktenfabrieken Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken Overige chemische produktenfabrieken n.e.g. Kunstmatige synthetische garen- en vezelfabrieken