Bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27.pdf
Tekst van het document
Welstandsnota De landelijke linten in het buitengebied hebben een sterk wisselende kwaliteit en wordt gekenmerkt door een mix van (historische) boerderijen en burgerwoningen. De gemeente Dinkelland hecht een grote waard aan het
Figuur 14. Ambities Welstandsnota
agrarische karakter. De gemeente wil voor deze verschillende landschappen zorgdragen voor een beperkte conservatie dan wel versterking van het ensemble binnen de linten. Het welstandsbeleid is voornamelijk gericht op het behouden en versterken van de kwaliteit van (historische) hoofdbebouwing. Het welstandsbeleid voor de bijschuren op de kavels moeten dit beeld versterken maar mogen de bedrijfsvoering niet beperken. Het ontwerp voor de nieuwbouw dient te voldoen aan de relevante criteria uit de welstandsnota. Toetsing hieraan vindt plaats bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de bouw van de rood voor roodwoning. Nota Omgevingskwaliteit Dinkelland en Tubbergen De essentie van het welstandsbeleid is de gebiedsgerichte benadering. Op elk beleidsniveau zijn gebiedsspecifieke kenmerken te benoemen. Deze benadering stelt de gemeente in staat om de samenhang tussen verschillende beleidsvelden inzichtelijk te maken en daarmee de samenhang tussen het welstandsbeleid en ander beleid en andersom. De kenmerken van een gebied zijn in het kader van het welstandsbeleid bepalend voor de samenstelling van gebiedsgerichte criteria. De gebiedsgerichte benadering levert een heldere beschrijving en beeld op van de specifieke karakteristieken van een deelgebied. Voor het welstandsbeleid richt deze benadering zich
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
met name op de specifieke kenmerken van een gebied voor de bebouwing, maar in breder verband zijn uit deze benadering eveneens die kenmerken te distilleren die belangrijk zijn voor ander gemeentelijk ruimtelijk beleid. Deze benadering biedt kansen voor een brede basis voor gebiedsgericht beleid op alle ruimtelijke beleidsvelden. Hieronder wordt op de relatie van welstand met een aantal andere ruimtelijke beleidsvelden ingegaan.
* Welstand en het bestemmingsplan Het welstandsbeleid moet een kader bieden voor de toetsing van een aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen aan redelijke eisen van welstand. In deze nota worden criteria benoemd die eraan bijdragen dat de toekomstige bebouwing past in de omgeving. De criteria worden onder andere geformuleerd vanuit een visie op de toekomst van het gebied en vanuit een beeld van de aanwezige waarden. Aspecten die aan de orde komen betreffen zowel niet-ruimtelijk relevante aspecten zoals kleur en materiaalgebruik, als ruimtelijk relevante aspecten zoals hoogte, omvang en situering van de gebouwen. Er is dus een relatie met het bestemmingsplan. Welstand kan kwalitatieve eisen aan een gebouw stellen, bijvoorbeeld het materiaalgebruik ten opzichte van de naastgelegen woning. Het bestemmingsplan kan alleen kwantitatieve (ruimtelijk relevante) eisen stellen, zoals bijvoorbeeld de maximale nok- en goothoogte. * Welstand en openbare ruimte en groenbeleid De openbare ruimte en groengebieden worden binnen een gemeente over het algemeen begrensd door bebouwing. Bebouwing waarover welstand in het geval van aanpassingen en veranderingen adviseert om de kwaliteit van die bebouwing en vooral ook de samenhang tussen bebouwing binnen een gebied zoveel mogelijk te waarborgen. De kwaliteit van die bebouwing heeft effect op de omgeving waarin dat gebouw staat.
Omdat in
GROENDESIGN Creatieve vormgeving
het welstandsbeleid slechts in geringe mate kan worden ingegaan op de kwaliteiten van de openbare ruimte en groen, namelijk slechts op die aspecten waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen vereist is, is het dan ook de kunst dat bij de wens tot een integraal kwaliteitsbeleid er voldoende afstemming plaatsvindt tussen de nota omgevingskwaliteit met daarin vastgelegd de kwaliteiten voor de bebouwing en daarnaast beleidsnota’s waarin de kwaliteiten vastgelegd zijn van de openbare ruimte en groen. Landschapsontwikkelingsplan gemeente Dinkelland 2007 De doelstelling van het plan is richtlijnen te formuleren voor de inrichting van het landschap. Het landschapsontwikkelingsplan kan worden gezien als handreiking voor landschappelijke inpassing. Het plan is mede richtinggevend om te beoordelen of ontwikkelingen landschappelijk aanvaardbaar zijn. De ontwikkelingsrichting in het LOP wordt bepaald door: De verschillen tussen de landschapstypen; Gaafheid, kenmerkendheid of potenties van de landschapstypen; Het reconstructiebeleid Noordoost Twente (streefbeeld 2015) en de zoneringen; Wel of geen onderdeel van de PEHS (incl. ecologische verbin dingszones); De mate van verstedelijkingsdruk. De ontwikkelingsrichtingen zijn beschreven per landschappelijke eenheid.
Deze gebieden vormen een eenheid door overeenkomsten in de geologische, geomorfologische, hydrologische en bodemkundige situatie. Het beleid is gericht op het behoud en herstel van het oude cultuurlandschap.
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
11
Gemeentelijk beleid
* Welstand en omgevingskwaliteit in groter verband Het handhaven en liefst versterken van de omgevingskwaliteit is een belangrijk uitgangspunt in het ruimtelijk beleid. Beleid voor omgevingskwaliteit betekent: aandacht schenken aan cultuurhistorie en ruimtelijke identiteit, het creëren van een aantrekkelijke omgeving met ruimtelijke diversiteit in landschap, stedenbouw en architectuur en het verantwoord omgaan met natuur en ecologische waarden. Welstand is slechts één van de beleidstakken die zich bezighoudt met het ruimtelijk kwaliteitsbeleid. Het welstandsbeleid staat niet op zich. Het is deels verankerd in en deels gebaseerd op beleidslijnen uit andere beleidsvelden.
ORGERINK
5. Inrichtingsvoorstel erf
Erfbosje kappen t.b.v. zichtlijn
5.1 Bezoek erf Frensdorferweg 7-9
De initiatiefnemer - fam. Ten Dam - zal het nieuwe erf landschappelijk in moeten richten. De landschappelijke inpassing van het erf wordt in paragraaf 1 t/m 6 toegelicht met een verwijzing naar het inrichtingsplan op de één na laatste pagina. Op 17 maart 2018 is het erf bezocht. Het erf ligt in het essenlandschap. De voorgestelde maatregelen in dit hoofdstuk versterken de eigenschappen van het landschapstype. 5.2 Positionering van de gebouwen De bedrijfswoning wordt gesloopt omdat deze wordt verplaatst richting de kikkerpoel. De bedrijfswoning wordt gepositioneerd tussen de bestaande en te handhaven schuren en het erfbosje bestaande uit inlandse eiken. De bedrijfswoning komt buiten de geluidscontouren te staan van de Frensdorferweg waardoor een nader geluidsonderzoek waarschijnlijk niet nodig zal zijn. De onderlinge afstand tussen de woningen is voldoende waardoor de 12 privacy rondom de beide woningen gebaarworgd kan blijven door de aanplant van een haag en een bomengroep. 5.3 Ontsluitingsweg woningen Het erf aan de Frensdorferweg heeft in totaal 3 inritten. Dit aantal wordt terug gebracht naar 2 inritten, zie figuur 16. De beide woningen worden ontsloten middels de bestaande inritten. Eén van de 2 inritten zal eveneens gebruikt gaan worden als bedrijfsinrit om bij de schuren te kunnen komen.
5.4 Materialisatie ontsluitingswegen De beide ontsluitingswegen worden voorzien van elementverharding, namelijk betonklinkers. De vrijkomende klinkers worden hergebruikt bij de ontsluiting van de nieuwe woning en schuren.
Bijgebouw bestaand
Nieuwe positie bedrijfswoning
2
Onderstaande boom kappen
Onderstaande boom kappen
Bijgebouw bestaand
Onderbegroeiing ka t.b.v. zichtlijn Te slopen schuren
Inrit verwijderen
1 Woning bestaand Te verplaatsen bedrijfswoning
Bestaand inrit handhaven
Knotlinde verplaatsen naar deze positie
Figuur 15. Positonering gebouwen
Landschapstype: Essenlandschap
Bestaand inrit handhaven
Project
Landschapsont Planlocatie
5.5 Bestaand groen Het bestaande groen op het erf bestaat een bosje met inlandse eiken ten oosten van het erf. De houtsingel - die eveneens langs de kikkerpoel loopt - is weliswaar van een andere grondeigenaar maar deze houtopstand zorgt wel voor een belangrijke inpassing van het erf. Ten westen van het erf rondom de bestaande woning staan een aantal grote inlandse eiken die met name aan weerszijden van de ontsluitingsweg staan.
Frensdorferweg Getekend door
Niels Borgerink Laatste gewijzigd op
12-12-2018
A3 staand
Contact: Telefoon: (0541) 72 Mobiel: (06) - 531 E-mail: info@borge
1 : 750
w w w.borger
Datum
16-02-2018 Paginaformaat
Schaal
Figuur 16. Eén van de 2 bedrijfsinritten verdwijnt
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
Bezoekadres/Pos Ootmarsumsestraat
Nabij de kikkerpoel staan een aantal knotwilgen. Om de doorzicht te realiseren vanaf de Frensdorferweg richting de kikkerpoel dient een bestaande erfbosje gekapt te worden, evenals beplanting langs de Frensdorferweg. Een tweetal mooie overstaanders blijven gehandhaafd, zie figuur 17.
ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving
Figuur 17. Het betreffende erfbosje wat verwijderd dient te worden
Figuur 18. Ligusterhaag - element 2
Figuur 19. Zomereiken - element 1
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
Inrichtingsvoorstel erf
13
5.6 Landschappelijke inpassing van het erf De te verplaatsen bedrijfswoning wordt gepositioneerd tussen de te handhaven schuren en het erfbosje ten oosten van het erf. Om privacy te kunnen creëren wordt er een haag (element 2) aangeplant tussen de schuren. Een drietal forse zomereiken worden als verlengstuk van de bestaande bomen aangeplant.
5.7 Bezoek erf Kerkweg 27
2
[Z= <Null>] straatwerk 21
knik
W
ate
3
rga
ng
om
leg
ge
n Compensatiewoning
9
4,
Bijgebouw 100m2
5.8 Positionering van de gebouwen De vrijkomende woning wordt gepositioneerd ten noordoosten van het erf, Watergang op de rand van de ‘groen kamer’, zie figuur 9. Hetnatuurvriendelijk bijgebouw wordt tussen in landschap realiseren. de nieuwe woning en de bestaande schuur gepositioneerd, Oevers met rietvegetatie en zoals in figuur en berkenopslag 20 ook duidelijk te zien is. Het kenmerkelzenvan dit landschapstype is dat de regulier onderhouden gebouwen compact gepositioneerd staan met de gevels naar elkaar toe gedraaid zodat er een erf ontstaat. Zodra met het erf betreedt zal de sfeer van een erfensemble aanwezige zijn. De nieuwe woning wordt achter de blauwe lijn van de geurnorm geplaatst en op 15 meter afstand van de weg i.v.m. de geluidscontouren. Hierdoor is een nader geluidsonderzoek waarschijnlijk niet nodig.
[Z= <Null>] straatwerk 20
16 ,3
9 [Z= <Null>] straatwerk 19
[Z= riool
Rioo
l
<Null>]
6 [Z= <Null>] hoekschuu r
[Z= hoek 4
<Null>] schuur
[Z= hoek 5
orm
Bijgebouw bestaand
[Z= <Null>] vastpunt
<Null>] schuur
[Z= <Null>] hoekwonin 14
g [Z= <Null>] hoekwonin 15
g
[Z= <Null>] hoekwonin 16
g [Z= straat
<Null>]
7
[Z= <Null>] hoekwonin 17
g
[Z= <Null>] hoekwonin
hoek
18
3
[Z=
g
[Z= 2
<Null>] schuur
urn
13
22
<Null>]
3
Woning bestaand Bestaande vijver handhaven
[Z= <Null>] hoekwonin 23
14
g
[Z= straat
<Null>]
12
5.9 Ontsluitingsweg woningen De beide woningen worden ontsloten middels één inrit. Het bestaande inrit wordt verlegd waardoor de beide woningen ter hoogte van de vijver/ poel ontsloten worden. De aanwezige verharding rondom de bestaande woning zal grotendeels gehandhaaft blijven. De toegangsweg richting de nieuwe woning wordt voorzien van betonnen klinkers in een heidekleur, zie figuur 21. De verharding wordt minimaal aangebracht zodat de woning in het groen komt te staan. Het secundaire inrit blijft gehandhaaft. 5.10 Omlegging waterschapsbeek De komende jaren gaat het waterschap een aantal watergangen overdragen aan de aanliggende grondeigenaren. Het gesprek met het waterschap is met name op gang gekomen door een waterhuishoudingsprobleem nabij de Kerkweg. De watergang wordt over een lengte van circa 45 meter onderduikerd waarbij er een duiker is verzakt. Hierdoor stroomt het water niet goed door. De oplossing hiervoor hebben we gezocht aan de zuid- en westkant van het perceel. De waterschapsbeek wordt omgeleid over het eigen terrein. Hierdoor wordt de probleemlocatie vermeden en tegelijkertijd wordt er een natuurlijke strook ontwikkeld op het eigen terrein. Een sfeerillustratie is bijgevoegd onder figuur 22.
1
Ge
De initiatiefnemer - fam. Ten Dam (zoon) - zal het nieuwe erf landschappelijk in moeten richten. De landschappelijke inpassing van het erf wordt in paragraaf 7 t/m 12 toegelicht met een verwijzing naar het inrichtingsplan op de laatste pagina. Op 17 maart 2018 is het erf bezocht. Het erf ligt in het jonge heide- en broekontginningslandschap. De voorgestelde maatregelen in dit hoofdstuk versterken de eigenschappen van het landschapstype.
[Z= hoek 26
<Null>] woning
[Z= straat
<Null>]
8
[Z= hoek 25
<Null>] zitje
[Z= straat [Z= <Null>] hoekwonin 24
<Null>]
9
g
[Z= 1
Huidig inrit verplaatsen
<Null>]
4
Figuur 20. Positonering gebouwen
5
Figuur 21. Klinkerverharding heide richting de nieuwe woning
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving
Figuur 22. Natuurvriendelijke oever
5.12 Landschappelijke inpassing van het erf Rondom de nieuwe woning en schuur worden een aantal bomen (element 1) aangeplant en het erfbosje (element 2) wordt vergroot. Dit om de ‘groene kamer’ - zie figuur 9 - intact te laten danwel te versterken. Om de privacy bij de nieuwe woning te kunnen waarborgen wordt er een haag (element 3) evenwijdig aan de Kerkweg aangeplant. Bosplantsoen (element 4) wordt aangeplant op de plek van het voormalige inrit, zodat de zichtlijn vanaf de Kerkweg op de bestaande woning wordt gemaskeerd. Om de natuurvriendelijke oever van de omgelegde watergang landschappelijk aan te kleden worden er een aantal knotwilgen (element 5) aangeplant, zie figuur 23.
Figuur 23. Knotwilgen langs de natuurvriendelijke oever - element 5
Verplaatsing bedrijfswoning - fam. Ten Dam - Frensdorferweg 7-9 te Tilligte - oktober 2020
Inrichtingsvoorstel erf
15
5.11 Bestaand groen Het bestaande groen op het erf bestaat uit de bomenrij langs de secundaire toegangsweg. Langs de primaire toegangsweg staan inlandse eiken die - op een aantal bomen na met een slechte kwaliteit - behouden blijven. Uitheemse beplanting ter hoogte van de nieuwe woning en schuur worden verwijderd. Het gaat om een aantal coniferen en een laurierhaag.
Figuur 24. Landschapsontwerp Frensdorferweg 7-9 te Tilligte
Woning bestaand
2: Haag 25 meter Gewone liguster - Ligustrum ovalifolium > 125 stuks Plantmaat 80-100, enkele rij, 5st/m1
1: Bomenrij Zomereik - Quercus robur > 3 stuks Aanplanten in een groep van 3 Plantmaat 14-16, tussenafstand 5 meter
Overzicht beplantingsplan
Bijgebouw bestaand
1
Schaal
Paginaformaat
Datum
Laatste gewijzigd op
Getekend door
1 : 750
A3 staand
16-02-2018
12-12-2018
Niels Borgerink
Landschapstype: Essenlandschap
Onderbegroeiing kappen t.b.v. zichtlijn
Onderstaande boom kappen
w w w . b o r g e rin k g r o e n d e sig n . nl
Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl
Bezoekadres/Postadres: Ootmarsumsestraat 133 7634 PN Tilligte
Frensdorferweg Tilligte
Planlocatie
Landschapsontwerp Ten Dam
Project
Inrit verwijderen
Onderstaande boom kappen
Bestaand inrit handhaven
Te slopen schuren
Nieuwe positie bedrijfswoning
Knotlinde verplaatsen naar deze positie
Te verplaatsen bedrijfswoning
2
Bestaand inrit handhaven
Bijgebouw bestaand
Erfbosje kappen t.b.v. zichtlijn
Herstel biotoop poel t.b.v. boomkikkers. Talud oostzijde flauwer ontgraven en overtollige grond afvoeren.
Overzicht beplantingsplan 1: Bomengroep Winterlinde - Tilia cordata > 4 stuks Zomereik - Quercus robur > 2 stuks Aanplanten met willekeurige plantafstanden Plantmaat 14-16, tussenafstand 12 - 20 meter 2: Erfbosje 300m2 Zoete kers - Prunus avium > 2 stuks 14-16 Vuilboom - Frangula alnus > 50 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 50 stuks Gewone vogelkers - Prunus padus > 25 stuks Liguster - Ligustrum ovalifolium > 50 stuks Gewone kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 50 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 50 stuks Plantmaat 80-100, aanplanten in driehoeksverband 1st/m2 3: Haag > 25 + 42 meter Veldesdoorn > Acer campestre > 335 stuks Plantmaat 80-100, aanplant in enkele rij, 5st/m1 4: Erfbosje 25m2 Gelderse roos - Viburnum opulus > 5 stuks Gewone vogelkers - Prunus padus > 5 stuks Gewone liguster - Ligustrum ovalifolium > 5 stuks Gewone kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 5 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 5 stuks Plantmaat 80-100, aanplanten in driehoeksverband 1st/m2
2
[Z= <Null>] straatwerk 21
knik
W
ate
3
rga
ng
om
leg
ge
n
Compensatiewoning
9
4,
5: Knotbomenrij Schietwilg - Salix alba > 9 stuks Aanplanten met willekeurige plantafstanden Plantmaat 10-12
Bijgebouw 100m2 [Z= <Null>] straatwerk 20
16
,3
1
9
Watergang natuurvriendelijk in landschap realiseren. Oevers met rietvegetatie en elzen- en berkenopslag regulier onderhouden
[Z= <Null>] straatwerk 19
Rio [Z= riool
<Null>]
6
[Z= hoek 4
<Null>] schuur
<Null>] schuur
[Z= <Null>] hoekwoning 14
[Z= <Null>] hoekwoning 15
[Z= <Null>] hoekwoning 16
[Z= <Null>] hoekwoning
[Z= hoek
18
3
[Z= 2
<Null>] schuur
<Null>]
Ge
[Z= straat 7
[Z= <Null>] hoekwoning 17
urn o
[Z= hoek 5
rm
Bijgebouw bestaand
[Z= <Null>] vastpunt 22
ol
<Null>]
3
Woning bestaand Bestaande vijver handhaven
[Z= <Null>] hoekwoning 23
[Z= straat
<Null>]
12
[Z= hoek 26
<Null>] woning
[Z= straat
<Null>]
8
[Z= hoek 25
<Null>] zitje
[Z= straat [Z=
<Null>]
9
<Null>] hoekwoning 24
[Z= 1
Huidig inrit verplaatsen
<Null>]
4 Landschapstype: Oude hoevenlandschap Project
Landschapsontwerp Ten Dam Planlocatie
5
Kerkweg 27 Tilligte Getekend door
Niels Borgerink Laatste gewijzigd op
25-10-2020 Datum
16-03-2018 Paginaformaat
A3 liggend Schaal
1:600
Bezoekadres/Postadres: Ootmarsumsestraat 133 7634 PN Tilligte Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl w w w . b o r g e ri n k g r o e n d e sig n . nl
Figuur 25. Landschapsontwerp Kerkweg 27 te Tilligte
Bijlage 3 Erfinrichtingsplan Frensdorferweg
bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27
67
Overzicht beplantingsplan 1: Bomenrij Zomereik - Quercus robur > 3 stuks Aanplanten in een groep van 3 Plantmaat 14-16, tussenafstand 5 meter 2: Haag 25 meter Gewone liguster - Ligustrum ovalifolium > 125 stuks Plantmaat 80-100, enkele rij, 5st/m1
Herstel biotoop poel t.b.v. boomkikkers. Talud oostzijde flauwer ontgraven en overtollige grond afvoeren.
Erfbosje kappen t.b.v. zichtlijn
Bijgebouw bestaand
Nieuwe positie bedrijfswoning
2
Onderstaande boom kappen
Onderstaande boom kappen
Bijgebouw bestaand Te slopen schuren
Onderbegroeiing kappen t.b.v. zichtlijn
Inrit verwijderen
1 Woning bestaand Te verplaatsen bedrijfswoning
Bestaand inrit handhaven
Knotlinde verplaatsen naar deze positie
Bestaand inrit handhaven
Landschapstype: Essenlandschap Project
Landschapsontwerp Ten Dam Planlocatie
Frensdorferweg Tilligte Getekend door
Niels Borgerink Laatste gewijzigd op
12-12-2018
Bezoekadres/Postadres: Ootmarsumsestraat 133 7634 PN Tilligte
A3 staand
Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl
1 : 750
w w w . b o r g e rin k g r o e n d e sig n . nl
Datum
16-02-2018 Paginaformaat
Schaal
Bijlage 4
Erfinrichtingsplan Kerkweg
bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27
69
Overzicht beplantingsplan 1: Bomengroep Winterlinde - Tilia cordata > 4 stuks Zomereik - Quercus robur > 2 stuks Aanplanten met willekeurige plantafstanden Plantmaat 14-16, tussenafstand 12 - 20 meter 2: Erfbosje 300m2 Zoete kers - Prunus avium > 2 stuks 14-16 Vuilboom - Frangula alnus > 50 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 50 stuks Gewone vogelkers - Prunus padus > 25 stuks Liguster - Ligustrum ovalifolium > 50 stuks Gewone kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 50 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 50 stuks Plantmaat 80-100, aanplanten in driehoeksverband 1st/m2 3: Haag > 25 + 35 meter Veldesdoorn > Acer campestre > 300 stuks Plantmaat 80-100, aanplant in enkele rij, 5st/m1
[Z = <N u ll> s tr aa ] tw e 21 rk kn
W
ik
a te
rg a
4: Erfbosje 25m2 Gelderse roos - Viburnum opulus > 5 stuks Gewone vogelkers - Prunus padus > 5 stuks Gewone liguster - Ligustrum ovalifolium > 5 stuks Gewone kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 5 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 5 stuks Plantmaat 80-100, aanplanten in driehoeksverband 1st/m2
2 ng
om
le g
ge
3
n
Compensatiewoning
5: Knotbomenrij Schietwilg - Salix alba > 9 stuks Aanplanten met willekeurige plantafstanden Plantmaat 10-12
Bijgebouw 100m2 [Z = <N u ll> s tr aa ] tw e 20 rk
1
Watergang natuurvriendelijk in landschap realiseren. Oevers met rietvegetatie en elzen- en berkenopslag regulier onderhouden
[Z = <N u ll> s tr aa ] tw e 19 rk
[Z =
r io
ek
6
[Z =
ho 4
ek
ek
[Z =
ho
ek
ek
<N
u ll> ] sch uu r
<N u ll> ] wo n in g
[Z =
ho 16
ek
<N u ll> ] wo n in g [Z =
s tr
ek
<N u ll> ] wo n in g
[Z =
ho 18
ek
[Z =
<N u ll> ] wo n in g
ho 3
2
[Z =
<N
u ll>
ol
ek
<N
u ll> ] sch uu r
aa
<N t
u ll>
]
Ge
7
[Z =
ho 17
]
u ll> ] sch uu r
<N u ll> ] wo n in g
15
u ll>
o rm
[Z =
ho 5
[Z =
ho 14
Rio
<N
<N
Bijgebouw bestaand
[Z = <N u ll> va s tp ] un 22 t
ol
<N u ll> ] sch uu r
u rn
[Z =
ho 13
]
3
Woning bestaand [Z =
ho 23
ek
Bestaande vijver handhaven
<N u ll> ] wo n in g
[Z = <N u ll> s tr aa ] t 12
[Z =
ho 26
ek
<N
u ll> ] wo n in g
[Z =
s tr 8
[Z =
ho 25
ek
aa
<N t
u ll>
]
<N
u ll> z itje ]
[Z =
s tr [Z =
ho 24
ek
<N wo
9
aa
<N t
u ll>
]
u ll> ] n in g
1
[Z =
<N
u ll>
Huidig inrit verplaatsen
]
[Z = <N u ll> s tr aa ] t 10
[Z = <N u ll> s tr aa ] t 11
4
Landschapstype: Oude hoevenlandschap Project
Landschapsontwerp Ten Dam
5
Planlocatie
Kerkweg 27 Tilligte Getekend door
Niels Borgerink Laatste gewijzigd op
20-02-2021 Datum
16-03-2018 Paginaformaat
A3 liggend Schaal
1:600
Bezoekadres/Postadres: Ootmarsumsestraat 133 7634 PN Tilligte Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl w w w . b o r g e ri n k g r o e n d e sig n . nl
Bijlage 5
Geuronderzoek
bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27
71
het woon- en leefklimaat een beoordeling van het woon- en leefklimaat inzake de ontwikkeling op de locatie Kerkweg 27 te Tilligte
Locatie: Kerkweg 27 7634 PL Tilligte
Opgesteld door:
18-5-2021
1 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
De voorgenomen ontwikkeling op de locatie betreft de bouw van een compensatiewoning door middel van sloop van bebouwing aan de Frensdorferweg 7-9. In figuur 1 is de ontwikkellocatie weergegeven. Dit is een uitsnede uit het Landschapsontwerpplan dat onderdeel uitmaakt van het bestemmingsplan.
Figuur 1 Ontwikkellocatie
2 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
In de nabijheid van de ontwikkellocatie ligt het agrarisch bedrijf van de heer Kloese. Zie figuur 2.
Figuur 2 Omgeving ontwikkellocatie
De aanwezigheid van het agrarisch bedrijf in de directe omgeving maakt dat de effecten van dit bedrijf op de ontwikkellocatie in beeld gebracht moeten worden. Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen en er is door Rombou namens de heer Kloese een zienswijze ingediend. Naar aanleiding van die zienswijze is er de nodige afstemming geweest tussen de familie Ten Dam en de heer Kloese. Dat heeft geresulteerd in een brief d.d. 23 maart 2021 waarin de heer Kloese zich akkoord verklaard met de aangepaste positie van de compensatiewoning. De aangepaste positie is opgenomen in figuur 1 en voorzien van de kadastrale x- en y-coördinaten. In figuur 3 is dit expliciet weergegeven zodat er geen discussie over is waar de compensatiewoning komt te staan.
3 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
Figuur 3 positie compensatiewoning met x- en y-coördinaten
Deze positie is opgenomen in de geurberekening vanuit de vigerende vergunning van de heer Kloese. Dat resulteert in de volgende geurbelasting ( de complete berekening zit als bijlage bij deze notitie):
Geur gevoelige locaties: Volgnummer
GGLID
Xcoordinaat
Ycoordinaat
Geurnorm
Geurbelasting
7
Kerkweg 27 bestaand
261 735
492 580
14,0
10,5
8
CZ
261 768
492 626
14,0
13,2
9
CO
261 775
492 631
14,0
13,6
10
CN
261 768
492 641
14,0
12,5
11
CW
261 761
492 635
14,0
12,2
Tussen de inrichting en het geurgevoelig object worden de afstanden die in het Activiteitenbesluit of Wgv genoemd worden, aangehouden. Volgens vaste jurisprudentie mag dan in beginsel worden aangenomen dat bij het geurgevoelig object een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. Indien tussen de inrichting en een geurgevoelig object niet de in het Activiteitenbesluit of Wgv genoemde afstanden worden aangehouden, mag dit niet zonder meer worden aangenomen. In een dergelijk geval dient te worden gemotiveerd waarom ter plaatse van het geurgevoelig object niettemin een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd.
4 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
Dat is hier niet aan de orde; aan de te hanteren afstanden wordt meer dan ruimschoots voldaan ( meer dan 100 meter terwijl 50 meter is vereist). De geurbelasting is op de compensatiewoning op het oostelijk hoekpunt 13,6. De toegestane geurbelasting is maximaal 14. Het bedrijf van de heer Kloese kan zich nog ontwikkelen tot maximaal de geurnorm 14. Daarmee zijn de ontwikkelmogelijkheden begrenst, maar is daarmee ook een garantie dat het woon- en leefklimaat niet kan verslechteren. Daarmee is volgens vaste jurisprudentie het woon- en leefklimaat aanvaardbaar. Concluderend: er is een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de voorgestane ontwikkelingen op de locatie Kerkweg 27 te Tilligte. Deze ontwikkelingen belemmeren ook niet de ontwikkelingen van het bedrijf van de heer Kloese. Doordat het bedrijf zich maximaal kan ontwikkelen tot de geurnorm 14 is dit een garantie dat het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie aanvaardbaar blijft.
Bijlage: V-stacks berekening vigerende vergunning van de heer Kloese
5 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
Bijlage: V-stacks berekening vigerende vergunning van de heer Kloese
6 een beoordeling van het woon- en leefklimaat op de ontwikkellocatie Kerkweg 27 te Tilligte
Gegenereerd op: 22-02-2021 met V-STACKS Vergunning versie 2010 (c) KEMA Nederland B.V.
Gemaakt op: 22-02-2021
16:44:51
Naam van het bedrijf: Kerkweg 27 - positie woning coördinaten 22-2-2021
Berekende ruwheid: 0,12 m Meteo station: Eindhoven
Brongegevens: Volgnr.
BronID
X-coord.
Y-coord.
EP Hoogte
Gem.geb. hoogte
EP Diam.
EP Uittr. snelh.
E-Aanvraag
1
Stal A
261 879
492 500
1,5
4,0
0,50
0,40
0
2
Stal B
261 921
492 503
6,0
3,9
0,35
4,00
8 487
3
Stal C
261 912
492 531
4,2
3,4
0,40
4,00
2 438
4
Stal D
261 892
492 519
5,3
3,7
0,40
4,00
2 622
5
Stal F
261 884
492 551
3,8
3,7
0,38
4,00
2 760
6
Stal L
261 899
492 485
5,4
4,5
2,48
1,72
15 456
Geur gevoelige locaties: Volgnummer
GGLID
Xcoordinaat
Ycoordinaat
Geurnorm
Geurbelasting
7
Kerkweg 27 bestaand
261 735
492 580
14,0
10,5
8
CZ
261 768
492 626
14,0
13,2
9
CO
261 775
492 631
14,0
13,6
10
CN
261 768
492 641
14,0
12,5
11
CW
261 761
492 635
14,0
12,2
Bijlage 6 Advies geuronderzoek omgekeerde werking
bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27
79
Advies geur Bevoegd gezag Kenmerk Aan Van Onderwerp/ Locatie
: : : : :
Gemeente Dinkelland
Datum Zaaknummer
: :
27 oktober 2021 Z2021-ODT-019878
Gemeente Dinkelland Elise Goossen Collegiaal toetser : Reinier van Dijk Advies afstand geur Kerkweg 48 tot bouwblok van ontwerp bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7-9 en Kerkweg 27 Tilligte
Conclusie - Door het voorgenomen, aangepaste plan (fictief emissiepunt en toetspunt beoogd bouwblok) zullen de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf aan de Kerkweg 48 niet (aanvullend) worden belemmerd; - Het is aannemelijk dat ter hoogte van het voorgenomen plangebied sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor wat betreft het aspect geur. Advies - Procedure voortzetten waarbij het gestelde in dit advies in acht wordt genomen. Inleiding Gemeente Dinkelland is voornemens bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7-9 en Kerkweg 27 in Tilligte vast te stellen. In de directe nabijheid van het voorgenomen plangebied is een veehouderij gelegen (Kerkweg 48). Voor een goede ruimtelijke ordening is het, op grond van de Wet ruimtelijke ordening, noodzakelijk inzichtelijk te maken of de geurhinder afkomstig van agrarische bedrijven beperkingen oplevert voor het toekomstige gebruik van het plangebied. Hierbij dient te worden onderzocht wat de kwaliteit van de leefomgeving(klimaat) binnen het plangebied is. Daarnaast is het ook noodzakelijk om inzicht te verkrijgen of de vaststelling van het voorgenomen plan leidt tot belemmering van de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf gelegen aan de Kerkweg 48 in Tilligte. In een eerder stadium is de kwaliteit van de leefomgeving in het plangebied reeds vaststgesteld.
ODT is gevraagd te bepalen op welke afstand tot voornoemd agrarisch bedrijf de betreffende woning kan worden gerealiseerd zonder dat de ontwikkelingsmogelijkheden van voornoemde veehouderij worden belemmerd. Betrokken documenten De volgende stukken zijn betrokken in het onderzoek: een beoordeling van het woon- en leefklimaat inzake de ontwikkeling op de locatie Kerkweg 27 te Tilligte (Bestandsnaam 2021-05-18 notitie woon- en leefklimaat met bijlage (002) DD-2021-0021844 D2021-ODT-224900) OD Twente Haven Zuidzijde 30 7607 EW Almelo Postbus 499 7600 AL Almelo KVK 71101241 BTW NL858579509B01 IBAN NL48 BNGH 028 5175 416 BIC BNGHNL2G
Kerkweg 27 -positie woning coördinaten 22-2-2021 (Bestandsnaam: 2021-0222 V-stacks nieuwe positie woning 5 meter naar achteren DD-2021-0021843 D2021-ODT-224894) i i i i B i i ,F 7-9 27 (Bestandsnaam: 2021 03 24 Gem. Dinkelland - akkoord locatie woning.pdf) Mogelijke positie compensatiewoning Kerkweg 27 (Bestandsnaam: DMS: 202107-22 mogelijke positie compensatiewoning Kerkweg 27) Zienswijze Kerkweg agrarier (Documentnummer: D2021-ODT-248465)
Wettelijk kader Op 1 januari 2007 is de Wet geurhinder en veehouderij (verder: Wgv) in werking getreden. De Wgv is het exclusieve toetsingskader voor de beoordeling van geurhinder afkomstig van dierenverblijven bij veehouderijen. De Wgv stelt normen voor maximale geurbelasting op geurgevoelige objecten of minimaal vereiste afstanden tussen veehouderijen en geurgevoelige objecten. Binnen de Wgv zijn geurgevoelige objecten onderverdeeld in twee categorieën, te weten objecten gelegen binnen de bebouwde kom en objecten gelegen buiten de bebouwde kom. Gemeente Dinkelland is op grond van bijlage 1 van de Meststoffenwet gelegen binnen een concentratiegebied. Binnen een concentratiegebied geldt een geurbelasting op een geurgevoelig object welke is gelegen binnen de bebouwde kom van maximaal 3,0 OUE/m3. In geval het geurgevoelige object is gelegen buiten de bebouwde kom mag de geurbelasting maximaal 14,0 OUE/m 3 bedragen. De (toekomstige) woning is te beschouwen als object gelegen buiten de bebouwde kom met een maximaal toelaatbare geurbelasting van 14,0 OUE/m 3. Voor bedrijven waar dieren worden gehouden waarvoor geuremissiefactoren gelden vaste afstanden tot woningen van derden. Tussen dergelijke bedrijven en geurgevoelige objecten gelegen in de bebouwde kom geldt een vaste afstand van 100 meter.
De minimale afstand tot een geurgevoelig object gelegen buiten de bebouwde kom bedraagt 50 meter. De Wgv biedt voor gemeentes de mogelijkheid tot het opstellen van een geurverordening. In de verordening kan de gemeente besluiten om afwijkende waarden voor geurbelasting of afwijkende vaste afstanden vast te stellen. De gemeente Dinkelland heeft genoemde verordening opgesteld (Verordening geurhinder, 13 mei 2016) en is geldig binnen de daartoe aangewezen gebieden van de gemeente. Op grond van de verordening gelden er van de Wgv afwijkende vaste afstanden en afwijkende geurnormen voor bedrijven waar dieren worden gehouden waarvoor een geuremissiefactor is vastgesteld. In figuur 1 zijn de geurnormen en afstanden weergegeven zoals vastgesteld in de gemeentelijke verordening.
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 2 van 8
Figuur 1 Wettelijke geurnormen en afstanden en bandbreedte verordening (Bron: Geurgebiedsvisie ten behoeve van de verordening geurhinder en veehouderij gemeente Dinkelland 2015)
Goede ruimtelijke ordening (geur) In de Wgv wordt niet expliciet ingegaan op de gevolgen van geuremissie voor ruimtelijke planontwikkeling. Vanuit het principe van 'goede ruimtelijke ordening', zoals genoemd in de Wet ruimtelijke ordening, is het echter noodzakelijk bij de beoordeling van de gevolgen voor het plangebied en zijn omgeving, rekening te houden met de milieubelasting die (agrarische) bedrijven veroorzaken. Deze belasting vloeit voort uit de rechtsgeldige omgevingsvergunning milieu. In beginsel mag niet binnen geurhindercontouren van veehouderijen worden gebouwd. Voor de beoordeling van de geurinvloed op het plangebied worden daarom de normen uit de Wgv omgekeerd gehanteerd. Met andere woorden: Er wordt beoordeeld of betreffende agrarische bedrijven na realisatie van het plan (nog steeds) kunnen voldoen aan het gestelde in de Wgv. Als dit niet het geval is, dan kan het plan niet zondermeer doorgang vinden. Deze beoordelingswijze wordt ook wel Omgekeerde werking genoemd. Aanvullend hierop dient in het kader van een goede ruimtelijke ordening een goed leefklimaat voor toekomstige gebruikers van het plangebied te worden gegarandeerd. Hierbij moet tevens rekening worden gehouden met de geurbelasting als gevolg van de veelheid aan veehouderijen in de omgeving (achtergrondbelasting).
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 3 van 8
Opzet onderzoek (omgekeerde werking) Het onderzoek bestaat uit de volgende stappen: Stap 1) Als eerste is inzicht verschaft in de geurbelasting die optreedt ter hoogte van de reeds bestaande woning en de beoogde locatie van de nieuwe woning. Hierbij zijn de vergunde rechten van het bedrijf aan de Kerkweg 48 op de hoek van het bouwblok geprojecteerd. Indien de berekende geurbelasting ter hoogte van de bestaande woning groter is dan 14 OU/m 3 dan kan worden geconcludeerd dat het niet mogelijk is om het volledig bouwblok te benutten voor het houden van de vergunde dieren. Stap 2) Vervolgens is een geurberekening uitgevoerd waarbij de maximaal toelaatbare geurbelasting op de reeds bestaande woning alsmede de vergunde situatie van het bedrijf aan de Kerkweg 48 als uitgangspunt is gehanteerd. Vervolgens is de locatie van van het (fictieve) emissiepunt op het bouwblok van het bedrijf aan de Kerkweg 48 bepaald. Dit fictieve emissiepunt komt feitelijk overeen met de locatie op het bouwblok waar de vergunde dieren theoretisch gehouden kunnen worden zonder dat de geurbelasting op de bestaande woningen groter is dan 14 OU/m 3. Stap 3) Daarna is de vergunde veebezetting geprojecteerd op het nieuwe fictieve emissiepunt en is bepaald op welke punten binnen het plangebied eveneens de maximaal toelaatbare geurconcentratie optreedt.
Indien de nieuwe woning buiten deze punten wordt gerealiseerd kan worden gesteld dat er geen sprake is van het (aanvullend) beperken van de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf aan de Kerkweg 48. Uitgangspunten onderzoek Rekenmodel Om de geurinvloed te kunnen bepalen is het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning ontwikkeld door VROM. Dit model biedt de mogelijkheid om de geurbelasting ter hoogte van voor geurgevoelige objecten te bepalen. In casu is het model V-stacks vergunning dan ook gehanteerd voor de beoordeling. Bronnen In de directe omgeving van het plangebied is een veehouderij gelegen aan de Kerkweg 48. Voor dit bedrijf is op 5 juli 2012 een vergunning verleend op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, onderdeel milieu. Deze vergunning is verleend
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 4 van 8
voor het houden van:
Figuur 2 aantallen dieren conform vergunning verleend 5 juli 2012
Deze veebezetting veroorzaakt op basis van de geuremissiefactor welke voor deze diercategorie is opgenomen in de Regeling geurhinder en veehouderij een geuremissie van 31.181,60 OUE/S1.
Aantal
stalnr diersoort 3 2 369 106 114 120 960
A A B C D F L
RAV-code
paarden > 3 jr paarden < 3 jr vleesvarkens vleesvarkens vleesvarkens BWL 2004.05 V1 vleesvarkens vleesvarkens BWL 2010.26 chemische luchtwasser 30% geurreductie
Geurmissiefactor OUE/sec/ dier
Emissie in OUE/S
K1 K2 D 3.100.1 D 3.100.1 D 3.7.2.1 D 3.100.1
23,00 23,00 17,90 23,00
0,00 0,00 8487,00 2438,00 2040,60 2760,00
D 3.2.14.2
16,10
15456,00 Totaal
31.181,60
Tabel 1 berekening geuremissie Kerkweg 48 op basis van vergunning 5 juli 2012
Overige invoergegevens Geur is onder andere afhankelijk van meteorologische omstandigheden. Om deze reden dient in het rekenprogramma V-Stacks het meest representatieve meteostation geselecteerd te worden. Voor de gemeente Dinkelland is dat het meteostation Eindhoven. Naast de meteorologische omstandigheden zijn omgevingskenmerken van belang bij de verspreiding van geur. Hierbij gaat het met name om de ruwheidslengte van het gebied. Voor de ruwheid kent het programma twee mogelijkheden: een door V-Stacks gegenereerde ruwheid; een door de gebruiker opgegeven ruwheid. 1
In de notitie 'het woon- en leefklimaat' van 18 mei 2021 is sprake van een afwijkende emissie betreffende stal D ten opzichte van omgevingsvergunning van 12 september 2011. In de notitie van 2021 wordt gerekend met een geuremissiefactor van 23 OUE/sec/dier (dit geeft bij 114 vleesvarkens een emissie van 2.622 OU E/s). In de aanvraag omgevingsvergunning uit 2011 wordt een geuremissiefactor van 17,9 OU E/sec/dier gehanteerd (geeft totaal 2.040,60 OUE/s). In onderhavig onderzoek is uitgegaan van een emissie van 23 OUE/sec/dier.
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 5 van 8
In de handreiking, behorende bij het programma V-Stacks, wordt aanbevolen de door het programma gehanteerde ruwheidslengte uit het ruwheidsbestand als uitgangspunt te hanteren. Voor deze beoordeling is aangesloten bij deze aanbeveling. Voor de overige instellingen is aangesloten bij de defaultwaarden van het rekenprogramma. Stap 1 Om de geurbelasting ter hoogte van de bestaande woning en het nieuw beoogde bouwblok te kunnen bepalen zijn toetspunten in het rekenprogramma ingevoerd. Deze toetspunten (rode punten in figuur 7) zijn genummerd 7 tot en met 12. Nummers 11 en 12 betreft de bestaande woning. Vervolgens is de vergunde emissie van het bedrijf aan de Kerkweg 48 op de hoek van het bouwblok neergelegd (nummers 1 tot en met 6).
Figuur 7: Indicatie ontwerp bestemmingsplan, bron- en toetspunten worst case emissiepunt hoek bouwblok Kerkweg 48
In onderstaande tabel is de berekende geurbelasting weergegeven:
Tabel 2 rekenresultaten berekening V-stack vergunning worst case emissiepunt hoek bouwblok Kerkweg 48
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 6 van 8
Uit de rekenresultaten volgt dat de geurbelasting op de bestaande woning 16,5 OUE/m 3 bedraagt. Ter hoogte van de oorspronkelijk beoogde locatie van de nieuwe woning bedraagt de geurbelasting 19,2 OUE/m3. Uit vorenstaande volgt dat dat het bedrijf aan de Kerkweg 48, reeds in de bestaande situatie niet het volledige bouwblok kan benutten voor het houden van de vergunde dieren. Stap 2 In stap 2 is een geurberekening uitgevoerd waarbij de maximaal toelaatbare geurbelasting op de reeds bestaande woning alsmede de vergunde situatie van het bedrijf aan de Kerkweg 48 als uitgangspunt is gehanteerd. Vervolgens is de locatie van het i i emissiepunt in het bouwblok van Kerkweg 48 bepaald (coördinaten 261884,492558). Feitelijk vormt dit punt binnen het bouwblok de locatie waar de vergunde dieren nog zouden kunnen worden gehouden zonder dat er sprake is van een overschrijding van de maximaal toelaatbare geurbelasting op de bestaande woning aan de Kerkweg 27. In figuur 8 is de locatie van het fictieve emissiepunt (blauw) weergegeven. Stap 3 Vervolgens is in verschillende stappen de plek binnen het plangebied bepaald waar de maximaal toelaatbare geurconcentratie optreedt. In figuur 8 is deze worst caseberekening weergegeven, de locaties van de fictieve bronnen (Kerkweg 48) zijn in blauw weergegeven, de fictieve bronnen zijn genummerd 1 tot en met 6.
De toetspunten (groene punten in figuur 8) zijn genummerd 7 tot en met 12. Nummers 11 en 12 betreft de bestaande woning.
Figuur 8: Indicatie ontwerp bestemmingsplan, bron- en toetspunten locatie fictief emissiepunt Kerkweg 48
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 7 van 8
In onderstaande tabel is de berekende geurbelasting voor de worst case situatie (fictief emissiepunt) weergegeven:
Tabel 3 rekenresultaten berekening V-stack vergunning worst case fictief emissiepunt Kerkweg 48
Uit de rekenresultaten volgt dat de geurbelasting op de toetspunten van de locatie van de nieuwe woning (het fictieve bouwblok) maximaal 13,9 OUE/m 3 bedraagt. Volgnummer 7, bron '27 nieuw COsch' is hierbij maatgevend, deze heeft als coördinaten 261746,492629. Indien de nieuwe woning buiten dit punt wordt gerealiseerd kan worden gesteld dat er geen sprake is van het (aanvullend) beperken van de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf aan de Kerkweg 48. Resumé In het kader van het vaststellen van de afstand tussen een tweede woning in het ontwerp 'Bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7-9 en Kerkweg 27' en een bedrijf aan de Kerkweg 48 is een geuronderzoek uitgevoerd. Hierbij is rekening gehouden met de bestaande rechten en ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf gelegen aan de Kerkweg 48 in Tilligte. Het bouwblok van Kerkweg 48 kan in de huidige bestaande situatie, bij het houden van de reeds vergunde dieren, niet volledig benut worden. Daarom is de locatie op het bouwblok van het bedrijf aan de Kerkweg 48 in Tilligte bepaald waarbij de maximale toelaatbare geurbelasting op de bestaande woning niet wordt overschreden (coördinaten 261884,492558). Vervolgens is de toelaatbare locatie van de nieuwe woning bepaald zonder dat het bedrijf aan de Kerkweg 48, aanvullend wordt beperkt in zijn ontwikkelingsmogelijkheden.
Indien de nieuwe woning buiten dit punt (261746,492629) wordt gerealiseerd kan worden gesteld dat er geen sprake is van het (aanvullend) beperken van de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijf aan de Kerkweg 48.
Z2021-ODT-019878
Omgevingsdienst Twente
Pagina 8 van 8
Bijlage 7 Bodemonderzoek Frensdorferweg
88
bestemmingsplan Buitengebied, Frensdorferweg 7 en 9 en Kerkweg 27
RAPPORT VERKENNEND BODEMONDERZOEK conform NEN 5740 en NEN 5707 Frensdorferweg 9 - Tilligte
Opdrachtgever: Aannemersbedrijf Niehof BV Locatie: Frensdorferweg 9 Tilligte Januari 2019
Kruse Milieu BV Bezoekadres: Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren
Internet: info@krusegroep.nl www.krusegroep.nl
Postadres: Postbus 51 7650 AB Tubbergen
Bankgegevens: ABN AMRO: NL34ABNA0501538739
Tel: 0546 - 63 96 63
KvK: 06068751 BTW-nr: NL 8019.25.125.B01
Rapport Verkennend Bodemonderzoek conform NEN 5740 en NEN 5707 Frensdorferweg 9 - Tilligte
Opdrachtgever: Aannemersbedrijf Niehof BV Disseroltweg 52 7635 NG Lattrop-Breklenkamp Locatie: Frensdorferweg 9 Tilligte Projectcode: 18080216 Rapportagedatum: 18 januari 2019 Auteur: ing. H. Stevelink Kruse Milieu BV
INHOUD Pagina 1
Inleiding
1
2.1 2.2 2.3
Locatiegegevens Beschrijving huidige situatie Vooronderzoek Bodemsamenstelling en geohydrologie
2 2 2 3
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Uitvoering bodemonderzoek Onderzoeksstrategie Veldwerkzaamheden Analyses Toetsing chemische analyses Toetsing asbestanalyses
4 4 5 5 6 7
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Resultaten Algemeen Veldwerkzaamheden Resultaten en toetsing van de chemische analyses Bespreking resultaten chemische analyses Resultaten van de asbestanalyses
8 8 8 10 10 11
5
Samenvatting, conclusies en aanbevelingen
12
6
Literatuur en bronvermelding
14
2
3
4
Bijlagen I II III IV V
Regionale ligging locatie Situatieschets met weergave boorlocaties 2018 Boorstaten Legenda boorstaten Resultaten chemische analyses Toetsing chemische analyses Resultaten asbestanalyses Verklaring van enkele gebruikte termen en afkortingen
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
1
Inleiding
Dit rapport beschrijft het verkennend bodemonderzoek, dat in opdracht van Aannemersbedrijf Niehof BV op een terreindeel aan de Frensdorferweg 9 in Tilligte door Kruse Milieu BV is uitgevoerd. De aanleiding van dit onderzoek is de geplande nieuwbouw van een woning. Het bodemonderzoek is noodzakelijk in het kader van de aanvraag van de omgevingsvergunning. Derhalve dient de milieukundige kwaliteit van de bodem bekend te zijn. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een standaard vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN 5725. Uit de resultaten van dit vooronderzoek is gebleken dat de locatie als onverdacht kan worden beschouwd. De onderzoeksopzet gaat uit van - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, augustus 2015; - de aanvulling NEN 5707/C1, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, augustus 2016.
De doelstelling van het onderzoek op een onverdachte locatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater. Het veldwerk is uitgevoerd in december 2018 en januari 2019 conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Hierbij wordt verklaard dat Kruse Milieu BV financieel en juridisch onafhankelijk is van de opdrachtgever. In dit rapport worden de resultaten besproken van het veld- en het laboratoriumonderzoek. De gemeten gehalten in de grond worden vergeleken met de achtergrondwaarden (AW 2000) en de interventiewaarden om vast te stellen of er al dan niet verontreinigingen aanwezig zijn. De in het grondwater gemeten gehalten worden vergeleken met de streef- en interventiewaarden. Tevens worden de resultaten met betrekking tot asbest vergeleken met de wetgeving inzake asbest in bodem en puin, welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 1 van 14
2
Locatiegegevens 2.1
Beschrijving huidige situatie
Algemeen De onderzoekslocatie is gelegen aan de Frensdorferweg 9 in Tilligte. Het te onderzoeken deel van het terrein heeft de RD-coördinaten x = 261.622 en y = 492.746 en is kadastraal bekend als gemeente Denekamp, sectie K, nummer 402 (ged.). De Frensdorferweg is ten zuiden van de onderzoekslocatie gelegen. Bebouwing en verharding De onderzoekslocatie is deels bebouwd met de te slopen mestvarkensstal. Het gedeelte van de stal is in 1994 aangebouwd. Op het dak van deze varkensschuur liggen golfplaten die mogelijk (deels) asbesthoudend zijn. Het terrein rondom de stal is verhard met klinkers. Ten noorden en ten zuidoosten van de erfverharding is het terrein onverhard (groen). Ten noorden van de locatie is een kikkerpoel aanwezig. Onderzoekslocatie De aanleiding van het bodemonderzoek is de voorgenomen nieuwbouw van een bedrijfswoning. De huidige woning aan de Frensdorferweg 9 en de varkensstal zullen hiervoor gesloopt worden. In het kader van de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevingsvergunning dient onderzoek te worden uitgevoerd naar de bodemkwaliteit op het te bebouwen terreindeel. De onderzoekslocatie omvat circa 460 m². In bijlage I is de regionale ligging van de locatie en een situatieschets met de boorlocaties weergegeven. 2.2
Vooronderzoek
Het vroegere gebruik van het terrein is van belang, omdat bronnen van verontreiniging aanwezig geweest kunnen zijn. Er is navraag gedaan bij de opdrachtgever (Aannemersbedrijf Niehof BV) en bij gemeente Dinkelland. Tevens is door de heer P. Haverkort van Kruse Milieu BV een archiefonderzoek uitgevoerd bij de gemeente Dinkelland. De volgende informatie is verzameld: - De onderzoekslocatie heeft al jaren de huidige (agrarische) bestemming. - Voor zover bekend is er op het te bebouwen terreindeel nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel. In de te behouden schuur ten zuidwesten op ruim 25 meter van de onderzoekslocatie is een bovengrondse dieseltank aanwezig met een inhoud van 600 liter. - Het te onderzoeken deel van het terrein is voor zover bekend nooit gebruikt voor werkzaamheden of (bedrijfs)activiteiten, die verontreinigend kunnen zijn. - Voor zover bekend is het te onderzoeken terreindeel in het verleden niet opgehoogd en hebben er geen dempingen van lager gelegen delen of sloten plaatsgevonden. - Er bevinden zich asbestverdachte golfplaten op de te slopen varkensstal die zich deels op de onderzoekslocatie bevindt. Het hemelwater van de asbestverdachte dakplaten watert niet af op onverhard terrein, waardoor er geen sprake is van asbestverdachte druppelzones.
Voor zover bekend bevindt zich geen asbest in de bodem op de onderzoekslocatie. De locatie niet gelegen aan een asbestweg. Op de asbestsignaleringskaart van de provincie Overijssel is weergegeven dat er een grote kans is op de aanwezigheid van asbest in de bodem. - Er is nog niet eerder een bodemonderzoek uitgevoerd op het terrein.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 2 van 14
2.3
Bodemsamenstelling en geohydrologie
Op basis van literatuurstudie is de onderstaande regionale geohydrologische situatie afgeleid: - Het maaiveld bevindt zich circa 21 meter boven NAP. - De locatie is gelegen in het bekken van Lattrop, ten oosten van de stuwwal bij Ootmarsum en ten noorden van de stuwwal bij Oldenzaal. - De dikte van de kwartaire afzettingen bedraagt ter plekke 50 meter. De basis van het bekken wordt gevormd door kleiige tertiaire afzettingen. Het bekken bestaat voornamelijk uit fluvioglaciale afzettingen, die veelal fijnzandig en slibhoudend zijn. In vrijwel het gehele gebied komen waarschijnlijk afdekkende lagen voor, die uit slibhoudende zanden en kleien van de Eemformatie bestaan. De dikte van deze afdekkende lagen varieert. - De grondwaterspiegel bevindt zich ongeveer 2.0 meter onder het maaiveld. Het freatische grondwater stroomt in noordwestelijke richting. - Er bevindt zich geen waterwingebied in de directe omgeving van het terrein. De locatie ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied. Op circa 800 meter ten oosten van de onderzoekslocatie stroomt de Dinkel en op circa 700 meter ten (zuid)westen van de locatie stroomt de Enkterbeek. De invloed hiervan op het freatische grondwater is niet onbekend.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 3 van 14
3
Uitvoering bodemonderzoek 3.1
Onderzoeksstrategie
De onderzoeksopzet gaat uit van - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, augustus 2015; - de aanvulling NEN 5707/C1, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, augustus 2016. Op basis van de beschikbare informatie omtrent het historisch en huidig gebruik van de locatie, kan de onderzoekslocatie als niet verdacht worden beschouwd. De hypothese “onverdachte locatie” uit NEN 5740 wordt voor de locatie gebruikt. Deze hypothese gaat ervan uit dat op een locatie geen of slechts licht verhoogde gehalten worden gemeten. De bovengrond op de locatie wordt als verdacht beschouwd voor aanwezigheid van asbest. Hiervoor wordt de hypothese “verdachte locatie” uit NEN 5707 gebruikt. In de normen NEN 5740 en NEN 5707 zijn voor onverdachte en verdachte locaties richtlijnen gegeven voor een systematisch veldonderzoek, de bemonsteringsstrategie en de uit te voeren analyses.
De gekozen onderzoeksstrategie is voldoende intensief voor het verkrijgen van inzicht in de bodemkwaliteit ten behoeve van een omgevingsvergunning, bestemmingsplanwijziging of eigendomsoverdracht. Bij percentages bodemvreemd materiaal van meer dan 50% is er geen sprake van bodem. Eventuele funderingslagen (asfalt- en puingranulaat) vallen buiten de scope van dit onderzoek. Het opgeboorde materiaal wordt wel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. In geval er sprake is van meer dan 50% bodemvreemd materiaal/puin is norm NEN 5897 van toepassing, “Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat” NNI Delft, augustus 2015. Bij het verkennend bodemonderzoek worden de volgende uitgangspunten in acht genomen: - in door mensen bewoonde gebieden kunnen door jarenlang gebruik van de grond verhoogde gehalten aan PAK en/of zware metalen voorkomen. Deze worden over het algemeen aangeduid als lokale achtergrondwaarden. Deze gehalten zijn vaak gerelateerd aan het voorkomen van puin- en/of kooldeeltjes in de bodem - in humeuze of veenhoudende bodems worden regelmatig verhoogde gehalten minerale olie waargenomen. Deze gehalten worden veroorzaakt door humuszuren en overig organisch materiaal, dat van nature aanwezig is en door een florisilbehandeling niet geheel wordt verwijderd.
Tijdens chemische analyses worden deze verbindingen gedetecteerd als de zware fractie van minerale olie (C27 tot C40). Bij veenbodems betreft het gehalten van 50 tot 100 mg/kg droge stof; bij humeuze bodemlagen gaat het om bijdrages van 10 tot 50 mg/kg droge stof. Deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden - in het grondwater kunnen van nature verhoogde gehalten aan zware metalen en fenolen voorkomen. Deze worden doorgaans aangeduid als natuurlijke achtergrondwaarden. Een voorbeeld wordt gevormd door (sterk) verhoogde arseengehalten in gebieden, die zeer ijzerrijk zijn. Door kwel kunnen bij hoge grondwaterstanden eveneens verhoogde gehalten aan arseen in de grond ontstaan. Ook deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 4 van 14
3.2
Veldwerkzaamheden
Het onderzoek is uitgevoerd volgens de onderzoeksstrategie voor onverdachte locaties uit NEN 5740 en voor verdachte locaties uit NEN 5707. Beide onderzoeksstrategieën worden met elkaar gecombineerd. Bij de boringen en monsternemingen is gewerkt volgens de geldende NEN- en NPR-voorschriften, alsmede conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Op een terreindeel van circa 460 m² worden in totaal 4 boringen verricht, waarvan 2 tot 0.50 meter en 2 tot 2.0 meter diepte of tot de grondwaterspiegel. Ten behoeve van het asbestonderzoek worden de grondboringen tot een diepte van 0.5 meter vervangen door gaten met een lengte en een breedte van minimaal 0.3x0.3 meter. Conform de onderzoeksstrategie VED-HE uit NEN 5707 dienen in totaal 4 inspectiegaten gegraven te worden. Er wordt doorgeboord tot op de ondergrond (ongeroerde bodem) met een maximum diepte van 2.0 meter min maaiveld. Het opgegraven materiaal wordt uitgezeefd over 20 mm en visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De gaten worden handmatig met een schop gegraven. Voor het meten van het grondwaterpeil en het nemen van een grondwatermonster wordt één diepe boring overeenkomstig NEN 5766 afgewerkt tot een peilbuis.
Wanneer binnen 5.0 meter onder het maaiveld geen grondwaterhoudende bodemlaag wordt aangetroffen, blijft het plaatsen van een peilbuis achterwege. Van elk inspectiegat en iedere boring wordt de samenstelling van de bodem beschreven volgens NEN 5104. Het opgeboorde materiaal wordt tevens beoordeeld door zintuiglijke waarneming op verontreinigingskenmerken zoals afwijkende geur en/of kleur. 3.3
Analyses
De chemische analyses worden uitgevoerd door Eurofins Analytico BV te Barneveld, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor analyses conform de AS3000-protocollen. De asbestmonsters worden onderzocht door ACMAA Laboratoria BV, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor vezelonderzoek. Voor het uitvoeren van deze analyses worden in een verkennend onderzoek van deze omvang 2 (meng)monsters samengesteld en er wordt 1 grondwatermonster genomen. De samenstelling van de mengmonsters vindt plaats op basis van de zintuiglijke waarnemingen, de bodemopbouw en/of posities van de boringen. De samenstelling van de mengmonsters staat vermeld in paragraaf 4.2 in tabel 2. De monsters worden volgens de voorschriften uit NEN 5740 onderzocht. In tabel 1 is weergegeven welke chemische analyses worden uitgevoerd.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 5 van 14
Tabel 1: Analysepakket per (meng) monster. Monster
Analysepakket
Bovengrond (1x) Ondergrond (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, PCB, PAK (10), organische stof, lutum en droge stof
Bovengrond (1x)
Asbest en droge stof
Grondwater (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, vluchtige aromaten (BTEX), naftaleen, styreen en gechloreerde koolwaterstoffen (oplosmiddelen standaardpakket), zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting
Algemene opmerkingen - Op de grondmengmonsters wordt standaard een florisilbehandeling uitgevoerd om verstoring van de analyse op minerale olie door natuurlijke humuszuren tegen te gaan. - De zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting, van het grondwater worden in het veld gemeten. Filtratie van het grondwater voor de metalenanalyse vindt eveneens in het veld plaats. Indien visueel asbestverdachte materialen worden waargenomen, wordt per gat een materiaal(verzamel)monster samengesteld. 3.4
Toetsing chemische analyses
De resultaten van de chemische analyses uit het bodemonderzoek worden beoordeeld aan de hand van de gecorrigeerde achtergrond-, streef- en interventiewaarden voor verontreinigingen in de bodem uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en tabel 1 van bijlage B, Regeling bodemkwaliteit van het ministerie van I&M. De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgelegd in de Regeling bodemkwaliteit (Staatsblad, 22 november 2012). De interventiewaarden voor grond en grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering. De toetsing aan de eisen in de Wet Bodembescherming en de Circulaire Bodemsanering is beoogd om te beoordelen of er sprake is van een ernstig gevaar voor de volksgezondheid en/of het milieu. Hierbij worden de volgende waarden onderscheiden: achtergrondwaarde (AW) voor grond: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van de grond; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; streefwaarde (S) voor grondwater: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van het grondwater; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; interventiewaarde bodem (I): het niveau waarbij de functionele eigenschappen van de bodem voor mens, plant of dier ernstig verminderd zijn of ernstig bedreigd worden; bij overschrijding wordt gesproken van een sterke verontreiniging.
tussenwaarde (T): Gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- of streefwaarde en de interventiewaarde, dus (A+I)/2 (grond) of (S+I)/2 (grondwater). Wanneer bij een verkennend onderzoek een component met concentratie boven deze waarde wordt gevonden is in principe een nader onderzoek nodig.
Kruse Milieu BV
Project: 18080216
Pagina 6 van 14