CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2026 Dinkelland definitief.pdf

Commissie Sociaal Domein & Bestuur 4 november 2025, gemeente DinkellandBij agendapunt: 3: Voorstel inzake vaststellen begroting 2026 gemeente Dinkelland33.817 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Besluiten en voorstellen RIBAM

24

RIBAM

€

Stand P-nota 2026

7.347.500

Bij: surplus algemene reserve

2.036.000

Bij: Programmajournaal 2025 - vrijval reserve collegeakkoord 2022-2026

630.000

Bij: Programmajournaal 2025 - vrijval reserve Migratie

200.000

Bij: Begroting 2026 - opbrengst verbeteren toekomstbestendigheid

1.740.000

Af: Begroting 2026 - overbrengen archieven naar archiefbewaarplaats

-300.000

Af: eenmalige extra dotatie reserve groot onderhoud gemeentelijke gebouwen

-643.000

Herziene stand RIBAM

11.010.500

Het surplus op de algemene reserve is toegelicht onder de algemene reserve en behoef hier geen verdere toelichting. Datzelfde geldt feitelijk ook voor de beide mutaties vanuit het programmajournaal 2025. Dit programmajournaal is in de raadsvergadering van oktober 2025 vastgesteld. De beide mutaties op grond van de begroting 2026 zijn eerder in deze begroting benoemd en toegelicht en behoeven hier op deze lak geen verdere toelichting. De extra eenmalige dotatie van € 643.000 in de reserve groot onderhoud gebouwen ten laste van de RIBAM betreft een collegebesluit van 30 september 2025 waarover besluitvorming door de gemeenteraad wordt gevraagd middels een separaat geagendeerd voorstel. Voor de volledigheid hebben wij de gevolgen van dit voorstel al wel meegenomen in de begroting 2026.

Claims RIBAM Bij de start van onze beschrijving over de RIBAM hebben we de claims die op eerdere momenten op de RIBAM zijn gelegd er even uit gehaald. Deze brengen we nu weer in beeld.

25

Claims

€

Af: Fietsverbinding Bornsestraat Af: uitwerken moties Legtenbergstraat en Motie Itterbergstraat

-2.750.000

Totaal claims

-2.750.000

Herziene stand RIBAM na claims

8.260.500

De claim genaamd "fietsverbinding Bornsestraat" is bewust in de tabel laten staan (zonder bedrag) om aan te geven dat de toekomstige besluitvorming over de aanleg van het fietspad Bornsestraat zal worden gedekt vanuit de reguliere exploitatie waardoor de eerder ingestelde claim van € 3 miljoen kan komen te vervallen. Hierdoor ontstaat dus meer vrije ruimte binnen de RIBAM. Daarmee realiseren we niet alleen een stevige reguliere buffer maar creëren we ook ruimte voor een programmabudget voor een nieuwe Raads-/college periode die medio 2026 zal aanvangen. 13. Voorgesteld wordt in te stemmen met de aangegeven mutaties op de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Potentiële investering RIBAM Inleiding potentiële investering Tot slot brengen wij een zogenaamde potentiële investering betreffende de gemeentelijke bijdrage MFA Saasveld in beeld onder de RIBAM. De Stichting Soasel op Volle Kracht (SOVK) is zo’n 7 jaar geleden in het kader van Mijn Dinkelland 2030 gestart met een uitgebreid participatietraject over de toekomst van Saasveld. Om Saasveld ook in de toekomst leefbaar en vitaal te houden, is er gekeken naar de huidige en gewenste situatie en scenario’s. Er is behoefte aan meer faciliteiten om (sport)activiteiten te organiseren, krachten te bundelen, meer laagdrempelig samenzijn en meer synergie tussen inwoners, organisaties en professionals. Dit met als doel om saamhorigheid en verbondenheid te stimuleren en om de leefbaarheid van Saasveld te behouden en versterken, ook in de toekomst. Daarom wil Saasveld een MultiFunctionele Accommodatie (verder: MFA) realiseren die deze doelen mede mogelijk maakt. Het eindbeeld van Saasveld daarbij is dat de MFA in de toekomst ook ruimte biedt aan onderwijshuisvesting, kinderopvang en buitenschoolse opvang. Echter, om de haalbaarheid te vergroten is gekozen voor een fasering. Fase 1 bestaat daarbij uit sport, cultuur en welzijn.

Kosten De investeringskosten voor fase 1 van de MFA bedragen circa € 8,3 miljoen. Saasveld gaat zelf een bedrag van € 2 miljoen investeren (zelfwerkzaamheid, acties, lening). Een bedrag van € 2,5 miljoen wordt verkregen via subsidies en bijdragen. De gemeente Dinkelland wordt gevraagd om een bijdrage van € 3,8 miljoen euro. Onderdeel van deze fase 1 en de hiervoor genoemde bijdrage is de vervanging van de huidige gemeentelijke gymzaal.

26

Potentiële investering Wij merken de gevraagde gemeentelijke bijdrage voor de MFA Saasveld in eerste instantie aan als een potentiële investering. Het college werkt aan een voorstel dat nog tijdens de huidige collegeperiode separaat aan de raad wordt aangeboden. Voorgesteld wordt kennis te nemen van de potentiële investering en in te stemmen met het voorstel van het college om te komen met een separaat voorstel met daarin de omvang en de condities van de mogelijke gemeentelijke bijdrage.

Reserve Collegeakkoord 2022-2026 In de herziene stand van deze reserve is rekening gehouden met de besluitvorming uit het programmajournaal 2025 waar in het kader van de actualisatie van deze reserve is besloten tot een vrijval van € 630.000. Herziene stand algemene incidentele middelen Rekening houdend met de aangegeven en toegelichte mutaties op de genoemde reserves ontstaat het volgende beeld van de algemene incidentele middelen: Beschikbare algemene incidentele middelen

€

Algemene reserve - weerstandscapaciteit 1,4

5.600.000

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

8.260.500

Reserve collegeakkoord 2022-2026

4.076.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen begroting 2026

17.936.500

27

Inleiding ambitiebegroting Ambitiebegroting Zoals reeds is aangegeven in de algemene inleiding heeft deze begroting het collegeakkoord gemeente Dinkelland 2022-2026 met de naam "Vernieuwen, verbinden en versterken" als basis. Het zogenaamde ambitiedeel van deze begroting is gebaseerd op de volgende 5 opgaven uit dit collegeakkoord: •

Buitengebied in Balans

•

Iedereen gezond

•

Leefomgeving van de toekomst

•

Leefbare kernen

•

Gemeente en de Samenleving

Deze 5 opgaven zijn in eerste instantie verder beschreven en uitgewerkt in actielijnen en doelen waarna op hoofdlijnen wordt aangegeven hoe we hier een bijdrage aan denken te gaan leveren. Per opgave wordt afgesloten met een financieel overzicht. In dit overzicht zijn ook de beschikbare werkbudgetten opgenomen. Deze behoeven wat algemene toelichting. Binnen het programmabureau wordt een bijdrage geleverd aan het behalen van maatschappelijke effecten. Hier wordt sturing gegeven aan bestuurlijke ambities, veranderopgaven en strategische inspanningen. Dit komt samen in verschillende programma’s (ambities), waaraan werkbudget is gekoppeld. Het werkbudget wordt ingezet om (externe) advieskosten te dekken en (participatie)processen in de kernen te faciliteren. Daarnaast wordt het werkbudget ingezet voor bekostiging van evenementen, bijeenkomsten, sprekers (en alle bijkomende kosten die daarbij horen). Het werkbudget is in eerste aanleg niet bedoeld als uitvoeringsgeld om projecten zelf te bekostigen. Onder de 5 opgaven wordt indien mogelijk een nadere duiding en verdeling over de jaren gegeven. Dat is echter niet in alle gevallen op voorhand mogelijk om de simpele reden dat we ook afhankelijk zijn van initiatieven vanuit de samenleving en het tempo en enthousiasme waarmee deze initiatieven gaan spelen.

Het beschikbaar hebben van werkbudgetten is met name ook bedoeld om te slagvaardig te kunnen inspelen op de genoemde initiatieven.

28

Programma Buitengebied in Balans Inleiding Buitengebied in balans Dinkelland We zetten in op een economisch sterk buitengebied vanuit de balans tussen agrarisch landgebruik, de kwaliteit van onze natuur en landschap, de groeimogelijkheden van de toeristische sector, de mogelijkheden voor economische activiteiten en de kwaliteit van leef- en werkomgeving voor onze inwoners. Dit in verbinding met bodem, water en lucht. Dat maakt ons buitengebied voor de toekomst sterker en is gunstig voor de leefbaarheid. Onze ambitie is uitdagend, maar realistisch als het een samenspel is met onze inwoners, de partners en de gebruikers. We voorzien de ambitie en de hieraan verbonden Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) van een dynamische agenda. Frequent leiden nieuwe inzichten en regelgeving tot aanvullingen en wijzigingen op deze agenda. Indien noodzakelijk worden deze ook financieel vertaald. We realiseren ons dat de transitie van het buitengebied vele jaren, en dus meerdere raadsperioden, in beslag zal nemen. In de huidige 4 jaar zal vooral de veranderrichting worden bepaald en een start worden gemaakt met de concrete Uitvoeringsagenda. We vertalen onze ambities naar twee actielijnen: •

Naar een toekomstige agrarische sector

•

Ons unieke landschap en natuur worden geborgd

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot het onderwerp: •

Stimuleren van innovatie in de agrarische sector

Actielijn 1

Naar een toekomstbestendige agrarische sector

De toekomst van de agrarische sector en daarmee het landelijk gebied wordt voor een aanzienlijk deel gestuurd en bepaald door Europese wet- en regelgeving. Op nationaal niveau is dit uitgewerkt in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) en door de provincie vertaald in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG). Dinkelland maakt onderdeel uit van de Gebiedsgerichte aanpak NoordoostTwente (GGA-NOT). Samen met de drie NOT-gemeenten gaan we de transitie inhoud geven waarbij een realistisch perspectief voor de agrariërs een belangrijk uitgangspunt is. Stimuleren van innovatie in de agrarische sector staat hierbij centraal. Het kabinet investeert fors in de opgaven voor water, natuur en klimaat en in de verduurzaming van de landbouw. De keuzes en investeringen in de landbouw worden gekoppeld aan verduurzaming, kringlooplandbouw, nieuwe verdienmodellen en verbetering van de positie van de boer in de keten. We hebben daarbij nadrukkelijk aandacht voor de transitiekansen van agrariërs, zowel voor agrariërs die blijven als voor agrariërs stoppen.

Ons doel We gaan als proactieve gebiedspartner een bijdrage leveren aan een economisch perspectief vanuit een balans tussen agrarisch landgebruik, de kwaliteit van onze natuur en landschap, de kwaliteit van de toeristische sector, de mogelijkheden voor economische activiteiten en de kwaliteit van leef- en werkomgeving voor onze inwoners. Dit in verbinding met bodem, water en lucht. Dat maakt ons buitengebied sterker en is gunstig voor de leefbaarheid. In 2026 hebben we de verkregen inzichten en de uitgewerkte plannen vanuit het NPLG omgezet in operationeel beleid gericht op de transitie van de agrarische sector. En in 2026 zijn in deelgebieden zichtbare stappen gezet met betrekking tot zowel het perspectief voor de landbouw als de natuur- en waterdoelen. Via de volgende inspanningen willen we ons doel bereiken:

•

We zetten menskracht en middelen in om lokaal en bovenlokaal een proactieve rol te vervullen. We zijn partner in de gebiedsprocessen in NOT.

29

•

Het agrarisch consulentschap zetten we voort, evenals de inzet van de ervencoach voor de landbouw. Dat geldt ook voor onze betrokkenheid bij de Land Bouwers (voorheen: Mineral Valley Twente) en LEADER. Samen met de provincie, het waterschap, maatschappelijk partners en stakeholders stellen wij het gebiedsprogramma NOT 2023-2030 op.

•

We ontwikkelen een gemeentelijke visie op toekomstige economische dragers voor ons buitengebied, passend binnen de kaders die het Rijk en de Provincie opstellen.

•

Bedrijfsbezoeken en persoonlijke contacten op het erf zijn een belangrijk onderdeel van onze (persoonlijke) inzet.

•

We hanteren een aanpak op doelgroepen. We richten ons vooral op transitiekansen van agrariërs en hebben daarbij ook oog voor de sociaal-maatschappelijke impact.

Hoe leveren we een bijdrage aan een toekomstbestendige agrarische sector? a. Knoppen bedienen. We leveren de komende jaren een maximale inspanning om de complexe processen in het landelijk gebied soepeler te laten verlopen. Wij zien onszelf als de “verbinder” en “facilitator”. Bestuurlijk en ambtelijk nemen we deel aan elke relevante “tafel” om de collectieve belangen van doelgroepen en de gebiedsopgaven in Dinkelland te behartigen. Daar waar mogelijk gaan we landelijk, provinciaal en lokaal een voortrekkersrol vervullen, passend bij onze taken, verantwoordelijkheden en mogelijkheden. b. Samenlevingsgerichtheid. We bouwen aan duurzame relaties in een krachtenveld waar de belangen ver uit elkaar liggen. We staan naast onze agrariërs/ inwoners en ondersteunen hen bij de keuzes op weg naar een meer duurzame bedrijfsvoering. De Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) NOT is het voertuig voor dialoog en samenspel met onze inwoners. c. Sociaal-maatschappelijke impact. We beschouwen voortdurend de effecten van de activiteiten die plaatsvinden op de impact die de effecten hebben op mens en maatschappij. In het bijzonder hebben we aandacht voor de transitiekansen van de “blijvers” en het bieden van een perspectief op de “stoppers”.

Actuele ontwikkelingen De val van het kabinet Schoof leidt opnieuw tot vertraging en voortdurende onzekerheid over een langere termijnvisie op het landelijk gebied. Tegelijkertijd blijven de opgaven op het gebied van stikstof, water en klimaat onverminderd groot en worden die voor de natuur alleen maar groter. Mede door de onzekerheid en de vele opgaven stoppen melkveehouders, zien we agrarische erven en grondgebruik veranderen en is her en der sprake van sociaal-economische en mentale problematiek. Om die redenen kiest deze gemeente ervoor om niet stil te blijven zitten. We willen blijven werken aan onze relaties, onze agrariërs zo goed mogelijk informeren en ondersteunen, in gesprek blijven met de verschillende stakeholders in het gebied, onze belangen en zorgen op zo veel mogelijk de relevante tafels inbrengen en kansen pakken waar die zich aandienen. Ook in 2026 zetten we onze inspanningen en activiteiten van de afgelopen jaren zo goed mogelijk voort. Daar komt bij dat de vier gemeenten in Noordoost-Twente een gezamenlijke visie op het buitengebied willen laten opstellen. Een dergelijke visie geeft richting aan ontwikkelingen, helpt bij het maken en uitleggen van keuzes, zorgt voor een duidelijkere positionering van ons gebied binnen Nederland. Voor het opstellen van die visie wordt een extern bureau ingehuurd.

Dit alles passend binnen het resterende werkbudget voor Buitengebied in Balans.

Actielijn 2 Ons unieke landschap en natuur worden geborgd We willen de landschapskwaliteiten van Noordoost-Twente en dus ook van Dinkelland behouden en ontwikkelen. We maken ons sterk voor het behoud van ons veelzijdige cultuurlandschap, de natuur en de biodiversiteit.

30

Ons doel We zetten ons in voor het behoud en vergroten van de kwantiteit en kwaliteit van ons unieke landschap, de natuurwaarden en biodiversiteit. Met verdienmodellen voor grondeigenaren als voorwaarde biedt vergroting van kwaliteit en kwantiteit van natuur, landschap en biodiversiteit een bijdrage aan toekomstperspectief. Dat doen we als gebiedspartner, als kartrekker, als beïnvloede of als overheid die regels stelt. In 2026 hebben we reële stappen gezet voor het verbeteren van kwaliteit van landschapselementen, is de biodiversiteit op gemeentegronden toegenomen en gebruiken we onze netwerken om de waarde van natuur, landschap en biodiversiteit aandacht te geven en te versterken.

Hoe leveren we een bijdrage aan de borging van ons unieke landschap en natuur? 1. Natura 2000. We werken samen met vele partners en stakeholders aan de realisatie van de N2000 opgaven. 2. Inpassen projecten. We werken samen met diverse partijen aan hoge kwaliteit van ontwerp, aanleg en beheer van de landschappelijke inpassing van (energie)projecten. Aan deze landschappelijke inpasbaarheid stellen we hoge eisen. 3. Kennis en informatie. We zetten in op meer voorlichting en educatie over natuur, landschap en biodiversiteit. Dit doen we samen met onze gebiedspartners. 4. Beleidsstrategie. We evalueren, verbeteren en wijzigen indien nodig onze ambities uit de Omgevingsvisie en de Waardenkaart. 5. Knoppen bedienen. Waar kansen liggen gaan we landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal aan de beleidsmatige en strategische knoppen zitten en in deze een voortrekkersrol vervullen. 6. Biodiversiteit. De kansen voor verbetering van biodiversiteit op en aan gemeentegronden worden onderzocht. De onderzoeksresultaten zullen de basis vormen voor een concreet uitvoeringsplan en voor projecten in samenwerkingen met onze inwoners en gebiedspartners.

Actuele ontwikkelingen De val van het kabinet Schoof leidt opnieuw tot vertraging en voortdurende onzekerheid over een langertermijnperspectief voor het landelijk gebied. Tegelijkertijd blijven de opgaven op het gebied van stikstof, water en klimaat onverminderd groot en worden die voor natuur alleen maar groter. Mede door de onzekerheid en de vele opgaven stoppen melkveehouders, zien we agrarische erven en grondgebruik veranderen en is op menig agrarisch erf sprake van sociaaleconomische en mentale problematiek. Om die redenen kiest deze gemeente ervoor om niet stil te blijven zitten. We willen blijven werken aan onze relaties, onze agrariërs zo goed mogelijk informeren en ondersteunen, in gesprek blijven met de verschillende stakeholders in het gebied, onze belangen en zorgen op zo veel mogelijk de relevante tafels inbrengen en kansen pakken waar die zich aandienen. Ook in 2026 zetten we onze inspanningen en activiteiten van de afgelopen jaren zo goed mogelijk voort. Daar komt bij dat de vier gemeenten in Noordoost-Twente een gezamenlijke visie op het buitengebied willen laten opstellen. Een dergelijke visie geeft richting aan ontwikkelingen, helpt bij het maken en uitleggen van keuzes, zorgt voor een duidelijkere positionering van ons gebied binnen Nederland. Voor het opstellen van die visie wordt een extern bureau ingehuurd.

Dit alles passend binnen het resterende werkbudget voor Buitengebied in Balans.

31

Programma Iedereen Gezond Inleiding Iedereen Gezond Gezond zijn is veel meer dan niet ziek zijn. Gezondheid gaat over sociale, mentale, financiële (of economische) en fysieke gezondheid. Het doel is dat onze inwoners in 2026: •

Minimaal even gezond en gelukkig zijn (fysiek, mentaal, sociaal en economisch)

•

En het gevoel van veiligheid behouden ten opzichte van 2021

Wij ontwikkelen een actuele en vernieuwende visie op het sociaal domein. De beschikbare financiële middelen in het gemeentelijke sociale domein worden efficiënt en effectief ingezet, waarbij we prioriteiten stellen, keuzes maken en op zoek gaan naar slimme combinaties. We vertalen onze ambities naar vier actielijnen: •

De zorg voor onze inwoners is op orde

•

Gezond in je lijf en in je hoofd

•

Iedereen doet mee

•

Iedereen is veilig

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot het onderwerp: •

Meer inzetten op vroegsignalering van armoede, eenzaamheid en jeugdhulp, bijvoorbeeld door de inzet van de buurtsportcoaches

•

Stimuleren van sportactiviteiten voor oud en jong, bijvoorbeeld door het (mede) realiseren van beweegtuinen

•

Toegankelijkheid van mensen met een beperking verbeteren

•

Voorkomen van jonge aanwas in de criminaliteit, bijvoorbeeld door een regionaal preventieprogramma

Actuele ontwikkelingen Toegang tot zorg en ondersteuning Toegang tot zorg en ondersteuning is van onschatbare waarde. Iedereen moet toegang hebben tot goede zorg, hulp en ondersteuning. Dat is belangrijk voor een gezonde en sterke samenleving. Maar de druk op zorg en ondersteuning staat al geruime tijd onder druk: er zijn meer inwoners die hulp nodig hebben, terwijl er te weinig beschikbare professionals zijn. Zonder ingrijpen dreigen zorg, hulp en ondersteuning vast te lopen en kan het voorzieningenniveau, dicht bij de inwoners, mogelijk afnemen. Landelijke ontwikkelingen Op landelijk niveau zijn de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet om de zorg toekomstbestendig te maken: •

Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) richten zich op het versterken van preventie en samenwerking in de zorg.

•

Op 3 juli 2025 is dit verder uitgewerkt in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Dit akkoord wil zorg en ondersteuning voor iedereen toegankelijk houden door nauwe samenwerking tussen het medisch en sociaal domein.

•

Er wordt ingezet op de beweging van zorg naar gezondheid en een gezond, actief leven voor iedereen. Gemeenten spelen hierin een sleutelrol.

Ook de hervormingsagenda Jeugd sluit hierbij aan. Deze agenda benadrukt het versterken van de sociale basis, om zware jeugdzorg te voorkomen en ondersteuning bereikbaar te houden.

32

Regionale ontwikkelingen In het vastgestelde regiobeeld Twente zien we een aantal belangrijke trends, namelijk: •

Sterke vergrijzing.

•

Hoog percentage inwoners met overgewicht en overmatig alcoholgebruik, boven het landelijk gemiddelde, met een verwachte verdere stijging de komende jaren.

•

Toenemend personeelstekort in de sector zorg en welzijn in de regio en met name op zorg en ondersteuning.

•

Meer inwoners hebben moeite met rondkomen.

•

De mentale gezondheid staat onder druk, vooral bij jongvolwassenen.

Het regioplan Twente, mede opgesteld door Twentse Koers, speelt hierop in door te investeren in preventie en het versterken van de sociale basis. Lokale aanpak 2026 Ook lokaal wordt binnen het programma Gezondheid volop ingezet op preventie en het versterken van de sociale basis. We willen deze beweging doorzetten om een kansrijke leefomgeving te creëren om in te leven. •

Sociaal en maatschappelijk werk: In 2026 willen we de sociale basis en de lokale toegang tot zorg en ondersteuning versterken. Hier ligt een grote uitdaging. We willen de sociale basis gebiedsgericht en zo inrichten dat het aansluit bij de vraag en inspeelt op trends en ontwikkelingen, zoals o.a. beschreven in de hervormingsagenda en onze nota’s gezondheid, sport en bewegen.

•

Ketenaanpak: gemeenten moeten volgens het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) een ketenaanpak realiseren om gezondheid en preventie structureel te versterken. Dit betekent dat zorg, welzijn, sport, onderwijs en andere partners sámen werken aan één integrale aanpak. Het doel is gezondheidsproblemen eerder te signaleren en te voorkomen, in plaats van achteraf te behandelen. Door de hele keten – van preventie tot zorg – te verbinden, blijft de zorg toegankelijk, betaalbaar en dichtbij inwoners. Zo wordt ingezet op een gezonder en veerkrachtiger Nederland. Een aantal onderdelen zoals valpreventie, Kind en Volwassenen naar Gezond Gewicht, Welzijn op recept en Kansrijke Start zijn verplicht. In 2026 gaan we hiermee aan de slag.

•

In de Wmo bieden we nu vooral zorg op indicatie. Er zijn kansen om meer algemene voorzieningen te realiseren, zodat minder inwoners zorg nodig hebben op indicatie. Het anders inrichten van het leerlingenvervoer is daar een voorbeeld van. Deze pilot blijven we voortzetten. Wij zien echter nog meer mogelijkheden om de verschuiving van zorg op indicatie naar voorliggende voorzieningen mogelijk te maken. Gezien de wachtlijsten en de toenemende kosten is dit ook noodzakelijk.

•

Mentale gezondheid: uit meerdere gezondheidsonderzoeken blijkt een toename van mentale gezondheidsproblematiek. Ook van partners horen we een toenemende zorg op dit thema. In 2026 gaan we samen met partners (o.a. via het LEA) de situatie in Dinkelland in beeld brengen en om te komen tot passende vervolgstappen.

•

Gezonde leefomgeving: De omgeving waarin inwoners opgroeien, wonen en werken is bepalend voor hun gezondheid. In 2026 willen we – in lijn met de gezondheidsnota – inzetten op het ontwikkelen van een gezonde leefomgeving. Een gezonde leefomgeving is schoon, veilig, groen en sociaal. Dit betekent: o

Minder overlast en gezondheidsrisico’s. Denk hierbij aan verminderen van hittestress en schone luchtkwaliteit.

o

Meer plekken om elkaar te ontmoeten.

o

Ruimte voor groen en natuur en om te sporten, spelen en ontspannen.

33

o

Sterke sociale leefomgeving, hierbij gaat het om de onderlinge relaties, sociale samenhang en het gevoel van veiligheid en betrokkenheid in een buurt of dorp. Een sterke sociale omgeving draagt bij aan mentale gezondheid, vermindert eenzaamheid en vergroot de veerkracht van inwoners

Door hierin te investeren, zorgen we voor gezondere inwoners, lagere kosten, een sterkere gemeenschap en prettige omgeving om in te wonen, werken en recreëren. Leefbaarheidsfonds: De kracht van de onze samenleving De kracht van onze samenleving zit in inwoners en organisaties die zich actief inzetten voor hun omgeving. Deze inzet is essentieel bij het versterken van de sociale basis en een gezonde leefomgeving. Het leefbaarheidsfonds is een belangrijk middel waarmee nieuwe initiatieven worden aangejaagd. Om nieuwe initiatieven ook in 2026 te kunnen blijven stimuleren, is het fonds met €150.000 verhoogd.

Actielijn 1 De zorg voor onze inwoners is op orde Onze ambitie is om proactiever en zo vroeg mogelijk met onze partners en inwoners (preventief) te werken aan gezondheid. Wij willen korte lijnen tussen de gemeente, zorgaanbieders en zorgontvangers. Met als doel: zorg menselijker, efficiënter, effectiever en dichtbij. Onze inzet richten we op het organiseren en verbeteren van de korte lijnen door middel van een gebiedsgerichte integrale aanpak van de zorg. We werken actief samen met alle partners in het zorgdomein. Bij deze ambitie past onze financiële inzet op de (areaal-)ontwikkelingen, de POH jeugd-GGZ en de coördinator externe verwijzer.

Ons doel We spannen ons in om de zorg en ondersteuning beter in te richten vanuit het perspectief van inwoner(s), dichtbij en met de menselijke maat als uitgangspunt.

Hoe leveren we een bijdrage aan het op orde komen van de zorg voor onze inwoners? •

Algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We organiseren de algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We nemen daarbij de werkwijze van de dorpsondersteuner in Saasveld als basis. Daarbij positioneren we de kernondersteuner als spil in de kernen op basis van de behoefte in de kernen, met korte lijnen naar Schakel.

•

Preventief. We werken preventief en zo vroeg mogelijk in meer samenwerking met onze partners en inwoners aan de zorg en ondersteuning voor onze inwoners.

•

Samenlevingsgericht. We werken samenlevingsgericht. We benutten onze ogen en oren in de wijk beter door proactief in gesprek te gaan met onze uitvoerende partners en inwoners. We delen in deze gesprekken trends en ontwikkelingen, zijn alert op de samenhang van zaken en toetsen deze aan ons beleid.

•

Mantelzorgers. We verbeteren de aandacht en regelingen voor mantelzorgers.

Actielijn 2 Gezond in je lijf en in je hoofd Wij zien een forse opgave als het gaat om overgewicht en alcoholgebruik. Wij willen dat alle inwoners zich bewust zijn van het belang van een gezonde leefstijl. Daarom stimuleren we sport en beweging op basis van maatwerk voor verschillende leeftijdsgroepen. Ook zetten we in op vitale voorzieningen en verenigingen, cultuurbeleving, persoonlijke ontwikkeling en een veilige en gezonde leefomgeving.

Ons doel 34

We leveren, in samenwerking met onze inwoners en partners, een bijdrage aan het bevorderen van een gezondere leefstijl en gezondere leefomgeving voor onze inwoners in 2026. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op terugdringen van overgewicht, overmatig alcoholgebruik en mentale gezondheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan Gezond in je lijf en in je hoofd? •

Van inzicht naar strategische sport en cultuuragenda. We hebben zicht op de meest kwetsbare doelgroepen, trends en ontwikkelingen. Deze vormen de basis voor de strategische agenda voor sport en cultuur.

•

Bevorderen van gezonde leefstijl en omgeving. We gaan aan de slag met het bevorderen van de gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving. Het accent ligt op sport, cultuur, jongeren en overgewicht en overmatig alcoholgebruik. We brengen het aanbod voor deze doelgroepen in beeld. Daarna ontwikkelen we samen met de betrokken partners en naar behoefte van de samenleving meer/ betere (collectieve) voorzieningen, ondersteuning en/of interventies.

•

Efficiënter en effectiever gebruik van voorzieningen. We zetten in op vitale verenigingen, efficiënter en effectiever gebruik van bestaande voorzieningen en toegankelijke en betaalbare voorzieningen op het gebied van sport en cultuur.

Actielijn 3 Iedereen doet mee Een toegankelijke en inclusieve samenleving betekent dat iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mogelijk meedoet aan de maatschappij. Elke inwoner moet de mogelijkheid hebben mee te doen en zich te ontwikkelen. We zien daarbij vooral een opgave op het gebied van eenzaamheid en armoede. Wij willen vroeger zicht krijgen op gevallen van (verborgen) armoede en dreigende armoede, eenzaamheid, uitsluiting en isolatie. Dit door preventief te werken en proactief onze rol te pakken. Ook zetten we in op een betere benutting van bestaande mogelijkheden en faciliteiten voor jongeren en senioren voor ontmoeting en deelname aan activiteiten. We zorgen ervoor dat het voor onze inwoners gemakkelijker wordt om de weg te vinden naar diensten en algemene voorzieningen.

Ons doel We spannen ons in voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mee kan en mag doen aan de maatschappij. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op inwoners in armoede en eenzaamheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan het uitgangspunt iedereen doet mee?

35

•

Van inzicht naar een strategische inclusieagenda. We hebben zicht op verschillende vormen van armoede en eenzaamheid per kern of doelgroep. We hebben hierbij aandacht voor de identiteit en cultuur van de betreffende kern. Op basis hiervan stellen we een inclusieve agenda op, met accenten op eenzaamheid en armoede.

•

Ondersteunen van initiatieven. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een inclusievere samenleving.

•

Preventief en proactief. We gaan samenlevingsgericht, proactief in gesprek met organisaties en inwoners over bestaande activiteiten en voorzieningen, over trends en ontwikkelingen binnen het sociale domein. We stimuleren hen waar mogelijk initiatief te nemen om het aanbod af te stemmen op nieuwe (kwetsbare) doelgroepen, waarbij bestaande faciliteiten beter worden benut, toegankelijk zijn en waar nodig nieuwe activiteiten en voorzieningen worden toegevoegd.

36

Programma Leefomgeving van de toekomst Inleiding Leefomgeving van de toekomst Wij willen een leefomgeving die ook voor onze komende generaties duurzaam, veilig en gezond is. De bodem, het water en de lucht, de natuur, gebouwen en wegen en paden zijn allemaal onderdeel van onze leefomgeving. Door klimaatverandering komt onze leefomgeving onder druk te staan. We zullen ons moeten aanpassen aan veranderende weersomstandigheden zoals hitte, droogte en het vaker voorkomen van hevige neerslag. We moeten anders omgaan met energie en grondstoffen en ons maximaal inzetten om een energietransitie tot stand te brengen gericht op het terugdringen van het verbruik van grondstoffen en het stimuleren van het hergebruik. We doen dit proactief en we doen het samen; de gemeente met haar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. We bundelen als Noordoost-Twentse gemeenten de krachten in de Energie van Noordoost-Twente. Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat er in 2030 55% minder CO2-uitstoot moet zijn en 50% van de energie duurzaam moet zijn opgewekt. In lijn met die doelstellingen stellen wij voor gemeente Dinkelland de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026. Dat is ambitieus en hiervoor moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden.

Trias Energetica: eerst besparen, dan opwekken Doelstellingen realiseren we via een soort “oploopmodel” en het principe van de Trias Energetica: 1. Beperken van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Energie die niet verbruikt wordt, hoeft ook niet opgewekt te worden. We zetten maximaal in op energie besparen. Door inwoners en bedrijven daartoe te stimuleren en te faciliteren en door initiatieven op dit terrein te ondersteunen, maar ook door ons in te zetten voor de verduurzaming van onze eigen gebouwen. 2. Maximaal gebruik maken van energie uit duurzame bronnen (zoals zon, wind, water, bodem). We richten ons op de opgave die noodzakelijk is vanuit de RES, met een maximale inzet op zon op dak, aangevuld met de noodzakelijke mix van wind en/of zon op land. We onderzoeken verschillende warmtebronnen en -technieken, om inwoners te faciliteren in het maken van de juiste duurzame warmteoplossing. Denk aan individuele en collectieve warmteoplossingen, maar we willen ook gebruik maken van het potentieel aan biogas en/of groengas in Dinkelland. We benutten kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken (bijv. geothermie) voordoen. 3. Om te voorzien in de resterende energiebehoefte, zo efficiënt mogelijk gebruik van (fossiele) energiebronnen. Sommige woningen zijn lastiger te verduurzamen dan anderen.

Ook zullen er bedrijven blijven die behoefte hebben aan gas voor hun productieprocessen. Biogas en/of groengas kunnen oplossingen bieden voor deze gebouwen. Echter moeten we er rekening mee houden dat we nog lange tijd fossiele energiebronnen nodig hebben; deze zullen dan zo efficiënt mogelijk worden ingezet.

37

Samen aan de slag De energietransitie is een forse opgave waar we gezamenlijk – inwoners, ondernemers én overheid - voor aan de lat staan. We nemen hierbij als gemeente een proactieve houding in en nemen inwoners en ondernemers mee in de opgave die er ligt. We faciliteren en ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de gemeente. Hierbij bewaken we de integraliteit en houden we ook de samenhang met andere beleidsterreinen (landelijk gebied, sociaal domein, volkshuisvesting) in beeld en benutten kansen die zich voordoen. Actielijnen Het programma Leefomgeving van de toekomst kent een dynamische agenda. Jaarlijks leiden nieuwe inzichten tot aanvullingen en wijzigingen. In juni 2024 is het klimaatprogramma 2024-2050 vastgesteld. Hierin zijn de opgaven en ambities vastgelegd die we hebben ten aanzien van de uitvoering van het Klimaatakkoord inclusief een uitvoeringsprogramma. Op basis van het vastgestelde klimaatprogramma zijn de in de begroting opgenomen actielijnen aangepast en geactualiseerd of aangevuld.

De ambities en inspanningen ten aanzien van de bovengenoemde hoofdsectoren vanuit het Klimaatakkoord vinden als volgt hun plek: - Actielijn 1 (Verduurzamen): “Gebouwde Omgeving” en “Industrie en bedrijvigheid” - Actielijn 2 (Opwek): “Elektriciteit” - Actielijn 3 (Duurzame mobiliteit en Infrastructuur): “Mobiliteit” Gezien de keuzes binnen “Landbouw en Landgebruik” krijgen deze een plek binnen de algemene koppelkansen. In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot de onderwerpen: - Versneld verduurzamen van (sociale huur)woningen, bijvoorbeeld door een revolverend fonds voor particulieren - Plan van aanpak en financiële onderbouwing voor de verduurzaming van schoolgebouwen - Haalbaarheidsonderzoek naar de realisatie van energieopslag - Mogelijkheden van subsidies voor klimaatadaptieve maatregelen voor particulieren verkennen, i.s.m. het waterschap - Gebruik maken van subsidie ten behoeve van de waterstofhub

Actuele ontwikkelingen Circulaire economie Het onderwerp Circulaire Economie vormt één van de pijlers van de vrijwillige Twentse milieusamenwerking en is als zodanig vastgelegd in het samenwerkingsprogramma Milieu, Duurzaamheid en Afval (MDA) 2023 en in de gezamenlijke bestuursopdracht MDA 2020-2025. Er is een ‘Startnotitie Circulaire Economie Twentse gemeenten’ opgesteld dat de basis is voor een Koersdocument en Uitvoeringsplan. Het Koersdocument is eind 2024 door het college vastgesteld. Het koersdocument vormt de basis voor invulling en concretisering van het lokale ambitieplan circulaire economie voor de gemeente Tubbergen. Deze wordt naar verwachting eind 2025 voorgelegd aan het college inclusief uitvoeringsplan en financiële consequenties. Koppelkansen

38

Doelstellingen uit het klimaatakkoord staan niet op zichzelf en hebben in veel gevallen ook een relatie hebben met opgaven in andere domeinen. We zetten daarom in op koppelkansen om zowel de opgaven vanuit het klimaatakkoord maar ook andere opgaven te versterken of te versnellen. We zetten onder andere in op koppelkansen met opgaven uit de agrarische sector, openbare ruimte en de fysieke leefomgeving (wonen, nieuwbouw en bestaande (bedrijfs)gebouwen). We realiseren een kansenkaart waarbij we nagaan hoe we bij bestaande ontwikkelingen en plannen met kleine aanpassingen een groot effect kunnen bereiken.

Actielijn 1 werken

Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en

In 2030 zijn twee miljoen Nederlandse woningen van het aardgas af. In 2050 verwarmt, kookt of doucht geen enkel huishouden meer met aardgas. We stappen over op duurzame warmte. Dit is afgesproken in het Nederlandse Klimaatakkoord. Ook bedrijven maken deze ommezwaai, met als doel dat Nederland in 2050 klimaatneutraal is. Gemeenten in Nederland, zo ook gemeente Dinkelland, hebben een grote rol in de overstap naar duurzame warmte. Om de opgave te laten slagen, werken we samen met inwoners aan haalbare en betaalbare oplossingen. We zetten daarbij ook maximaal in op het nemen van energiebesparende maatregelen.

Ons doel In 2050 wonen en werken we energieneutraal en aardgasvrij. In 2030 willen we de eerste stappen hebben gezet richting aardgasvrije wijken. Geen uitstoot van broeikasgassen vanuit bedrijven in de gemeente Dinkelland in 2050.

Hoe leveren we een bijdrage aan Verduurzamen – Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en werken We werken met de volgende pijlers om ons doel te bereiken: 1. Bewustwording en informatievoorziening: Creëren van meer bewustzijn, besef van urgentie en draagvlak voor de warmtetransitie door gerichte communicatie met inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen. Het energieloket is de basis van onze informatievoorziening. Daarnaast werken we actief samen met lokale groepen (zoals energiecoöperaties) om de kennis actiever en vooral persoonlijker bij de inwoners en ondernemers onder de aandacht te brengen. 2. Advies en afweging: Er komt veel op onze inwoners, ondernemers en instellingen af. De stap om daadwerkelijk te verduurzamen is voor velen ingewikkeld: welke keuzes kun/moet je maken, wat kost het en wat levert het op? We willen inwoners en ondernemers adviseren en ontzorgen in het proces naar haalbare en betaalbare oplossingen in het verduurzamen van hun woning. We bieden verschillende instrumenten en een handelingsperspectief, passend bij de eigen specifieke woning en situatie. De instrumenten kunnen op wijkniveau worden ingezet en gemeentebreed. Speciale aandacht is er voor het terugdringen van energiearmoede en het nemen van maatregelen voor de doelgroep die dit het meeste treft. 3.

Uitvoering en buurtgerichte aanpak: We zetten de buurtgerichte aanpak voort en zetten samen met inwoners en ondernemers buurtprojecten en –processen in om woningen/gebouwen van het aardgas af te halen, waarbij we ook de ruimte hebben om te experimenteren. Daarbij kijken we ook hoe we slim een buurtgerichte aanpak kunnen combineren met individueel gerichte maatregelen voor alle woningeigenaren in de gemeente. 4. Herijken ambitie en rolbepaling: Op basis van kennis en ervaring uit de afgelopen jaren herijken we de warmtevisie naar een warmteprogramma en aanpak om bestaande woningen/gebouwen aardgasvrij te maken. 5. Faciliteren en stimuleren bij verduurzamen bedrijven en bedrijventerreinen: We willen ondernemers stimuleren en faciliteren om hun bedrijven te verduurzamen. Ook stimuleren wij duurzame initiatieven waardoor schaalvergroting en/of een gezamenlijke aanpak mogelijk is.

Actuele ontwikkelingen 39

Warmtetransitie: Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) en Warmteprogramma Op 23 april 2024 is het wetsvoorstel ‘Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw)’ aangenomen in de Tweede Kamer. Deze geeft gemeenten de bevoegdheden om de regie over de lokale warmtetransitie te pakken. Met de Wgiw wordt een verplichting aan B&W opgelegd om een Warmteprogramma vast te stellen (een zogenaamd verplicht programma) gericht op verduurzaming van bestaande gebouwen. Het Warmteprogramma zal worden opgenomen in het omgevingsplan waardoor het juridisch bindend wordt. De herziening van de Warmtevisie naar Warmteprogramma vindt plaats in samenwerking met de Noordoost-Twentse gemeenten. Vaststelling van het Warmteprogramma is voorzien eind 2026. Het is de juridische vertaling van de warmtevisie waarin de gemeente per gebied de potentieel beschikbare duurzame warmtealternatieven, het tijdspad van verduurzaming met de bijbehorende maatregelen en (financiële) consequenties in beeld brengt. Voor dit moment zijn deze nog niet te overzien en mede ook afhankelijk van de middelen en kaders vanuit het Rijk.

Haalbaarheidsonderzoek naar warmteoplossingen in Weerselo De verdere uitvoering van de buurtgerichte aanpak vraagt om een onderzoek naar de verschillende warmteoplossingen in Weerselo, zodat we inwoners concreter kunnen adviseren in welke maatregelen zij kunnen treffen om hun woning te verduurzamen. In het onderzoek worden zowel individuele als collectieve warmteoplossingen onderzocht (waaronder micro- en kleinschalige warmtenetten – voor 2 huishoudens of meer), maar ook duurzame gassen en de kansen voor geothermie. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek worden de vervolgstappen en consequenties in beeld gebracht. Het onderzoek vormt tevens input voor het warmteprogramma. Sprintsessies duurzame bedrijventerreinen We zetten ons in om meer samenwerking te stimuleren tussen bedrijven op bedrijventerreinen op het gebied van energie. We hebben hiervoor een subsidie ‘sprinten naar een duurzaam bedrijventerrein Gemeente Tubbergen’ die aansluit bij de provinciale subsidie. We willen ons blijven inzetten voor het slimmer gebruiken van energie om zo een goed ondernemersklimaat te kunnen blijven realiseren. Op basis van de deelname en de animo wordt het vervolg en de consequenties bepaald. Soortenmanagementplan Dinkelland (SMP) In 2025/2026 stelt de gemeente Dinkelland een (pré)-Soortenmanagementplan (SMP) op.

Dit plan biedt een gebiedsgerichte aanpak om wettelijk beschermde diersoorten, zoals vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen, te beschermen bij onderhoud, renovatie en (ver)bouw van gebouwen. Op basis van een (pré)-SMP kan de provincie Overijssel een gebiedsgerichte vergunning verlenen aan gemeente Dinkelland, waardoor het (ook voor inwoners) niet nodig is om voor elke ingreep zoals een isolatiemaatregel een aparte vergunning aan te vragen. Met het SMP voldoen we aan de Omgevingswet, dragen we bij aan biodiversiteit in de kernen én versnellen we woningverbetering en verduurzaming. De kosten voor het opstellen van het SMP zijn reeds gedekt via subsidies Rijk, provincie en dekking uit de programmagelden Leefomgeving van de Toekomst. De aanvullende of structurele kosten voor monitoring, beheer en aanvullende voorzieningen worden bepaald op basis van de uitkomsten van het onderzoek en t.z.t. voorgelegd om op te nemen in de reguliere onderhoudsbudgetten voor openbare ruimte en vastgoed.

Actielijn 2

Opwek - Duurzame energievoorziening

In Nederland is het doel om in 2030 met zon en wind op land 35 TWh aan elektriciteit op te wekken. Binnen de RES Twente hebben de partners een gezamenlijk doel van 1,5 TWh gesteld voor de opwek van elektriciteit op basis van wind- en zonne-energie. In de gemeente Dinkelland werken wij samen met de gemeenten Tubbergen, Losser en Oldenzaal om onze doelstellingen te bereiken. In de RES Twente 1.0 is afgesproken dat deze gemeenten samen 225 GWh aan duurzame energie willen opwekken in 2030.

Ons doel In 2030 willen we 50% van onze elektriciteit duurzaam opwekken. Wij zetten maximaal in op zon op dak, windenergie binnen voor Dinkelland acceptabele (gezondheids)normen, biogas en nieuwe technieken voor energieopwekking.

Hoe leveren we een bijdrage aan Opwek - Duurzame energievoorziening

40

We werken met de volgende pijlers om ons doel te bereiken: 1. Maatschappelijke acceptatie. Creëren van verdergaand bewustzijn onder onze inwoners over de opgave in de energietransitie. Dit doen we door inwoners meer eigenaar te laten zijn van zowel het probleem als de oplossing. Eigenaarschap van inwoners bereik je niet vanzelf. Goede voorlichting (vergroten van kennis, delen van kennis, voorbeelden en ervaringen), betrekken van inwoners bij processen en projecten en het creëren van handvatten om gedrag te veranderen en inwoners te ontzorgen, zijn noodzakelijk. 2. Bronnen voor opwek van energie. We zetten allereerst in op zoveel mogelijk zon op dak. Daarnaast richten we ons ook op inzet van biogas. We willen de potentie van biogas optimaal benutten door lokale hubs van mono-vergisting te ondersteunen en aan te sluiten bij de regionale ontwikkelingen. We onderzoeken de mogelijkheden van geothermie en waterstof en benutten waar mogelijk de kansen. We volgen nieuwe ontwikkelingen en technieken op de voet en stellen onze acties bij als zich reële kansen voordoen. 3. Lokale initiatieven in the lead. We faciliteren en ondersteunen kansrijke lokale duurzame initiatieven ten behoeve van een duurzame energievoorziening.

Lasten lokaal, dan ook lusten lokaal is een belangrijk uitgangspunt, we streven naar een maximale participatiegraad van inwoners/omgeving binnen eventuele toekomstige projecten (minimaal 50%, bij voorkeur 100%). We benutten de kennis en mogelijkheden van partners in het veld om realisatie van projecten tot stand te brengen. 4. Regionale en grensoverschrijdende samenwerking. We staan als (NOT-)gemeenten allemaal voor dezelfde forse opgave. Vanuit de krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan wanneer iedere gemeente dit voor zich zou doen. Vanuit het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente bundelen we de krachten richting de opgaven vanuit de Regio Twente en de Regionale Energie Strategie. 5. Opslag van energie. In de verduurzaming van onze energiebehoefte zijn de huidige technieken afhankelijk van niet-continue aanwezige hernieuwbare energiebronnen. Energieopslag kan een middel zijn om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. De gemeente wil initiatieven voor energieopslag met een maatschappelijk nut stimuleren.

Actuele ontwikkelingen Biogas We blijven als gemeente positief over de inzet van biogas en groengas. Er is NOT breed een inventarisatie uitgevoerd over de rol en wijze van ondersteuning door de gemeente bij biogas projecten. Wisselend rijksbeleid en een ingewikkeld stikstofdossier zorgt ervoor dat biogasprojecten moeilijk van de grond komen. We stimuleren en faciliteren lokale projecten die ondanks alle moeilijkheden toch mogelijkheden zien. Daarnaast sluiten we aan bij een nog te vormen Twentebrede coalitie, waarvoor Dinkelland ook bestuurlijk trekker is. Motie alternatieve invulling van opgave CO2-reductie: nieuwe technieken en ontwikkelingen De gemeenteraad heeft in december 2023 een motie aangenomen waarin het college opgeroepen om er bij de provincie Overijssel op aan te dringen dat de gemeente meer vrijheid krijgt om de energiestrategie samen met inwoners invulling te geven, waarbij de wettelijke doelstelling van 55% CO2 reductie tot 2030 centraal moet staan en niet het opleggen van de manieren waarop broeikasreductie tot stand moet komen. Dat betekent dat we de komende jaren nog sterker inzetten op het benutten van kansen die zich voordoen ten aanzien van nieuwe technieken en ontwikkelingen op dit gebied:

41

• Geothermie: Geothermie is een van de mogelijke alternatieve oplossingen voor de levering van duurzame energie, en levert een fundamentele bijdrage aan de opgave CO2-reductie. Uit modellen is reeds gebleken dat de potentie van geothermie in Dinkelland zelfs groter is dan de totale warmtebehoefte in onze gemeente. Uiteindelijk is het doel om betaalbare, duurzame warmte te kunnen leveren aan inwoners en bedrijven. Er is echter nog veel nodig om de potentie te kunnen benutten. De kansen voor diepe geothermie bevinden zich onder andere in de Tubbergen formatie (zandlaag uit het Carboon tijdperk). Deze aardlaag is in het noorden van Twente aangetroffen en is dus ook aanwezig in noordoost Twente. Deze techniek gaat gepaard met significante investeringen, risico’s en technische uitdagingen, maar vooral ook onbekendheid. Daarom worden alle aspecten in kaart gebracht, zodat weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden. Hiervoor is begin 2025 een seismologisch onderzoek gestart voor de omgeving van Denekamp om de mogelijkheden van geothermie in beeld te brengen. Naar verwachting komen de resultaten hiervoor In het derde kwartaal van 2025 beschikbaar. Daarna zal verder onderzocht moeten worden met welke partijen samengewerkt kan worden om geothermie in Dinkelland verder te brengen. Daarna kan de technische en economische haalbaarheid nog meer in detail onderzocht worden.

Ook de haalbaarheid van een warmtenet voor de levering van de warmte aan de inwoners zal daarbij een rol spelen, immers geothermie en een warmtenet zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. • Waterstof: Waterstof is een energiedrager, die voor de verdere toekomst wellicht kansen biedt voor het verwarmen van woningen en gebouwen, en mogelijk voor opslag van energie. Via de RES Twente sluiten we aan bij de H2Hub Twente. We volgen de ontwikkelingen en zullen in spelen op kansen die zich voordoen. • Kernenergie: Op verzoek van de provincie is op basis van de kennissessie, een notitie over de toepassing van kernenergie in Nederland en de perspectieven voor SMR's geschreven. Deze kleine kerncentrales bevinden zich nu in de ontwikkelfase en moeten de zogenaamde ‘demonstratiefase’ nog doorlopen. Hoewel realisatie nog niet direct op korte termijn te verwachten is, volgen we de ontwikkelingen rondom de SMR's. Zodra een volgend concreet stadium bereikt wordt, wordt dit thema weer actief besproken in Provinciale Staten.

Actielijn 3

Duurzame Mobiliteit

Ons doel Beter organiseren van slimme, duurzame en zorgeloze mobiliteit zonder uitstoot.

Hoe leveren we een bijdrage aan Duurzame mobiliteit & (Maatschappelijk verantwoord) Inkopen We willen toewerken naar duurzame mobiliteit, zonder uitstoot. Dit doen we door zelf het goede voorbeeld te geven als gemeente en voorop te lopen in de transitie naar duurzame mobiliteit. Ook faciliteren we onze inwoners bij de overgang naar duurzaam vervoer. We werken met de volgende pijlers om ons doel te bereiken: 1. Voorbeeldfunctie. Als gemeente horen we het goede voorbeeld te geven door onze eigen mobiliteit te verduurzamen. Onder meer stellen we een duurzaam mobiliteitsplan met een route voor het verduurzamen van ons eigen vervoer. 2. Versterken laadinfrastructuur. Op basis van de laadvisie proberen we in alle kernen de mogelijkheid te bieden voor mensen om op een openbare locatie hun elektrische voertuig op te laden. Op zoveel mogelijk openbare parkeerterreinen in alle kernen willen we de mogelijkheid bieden om elektrisch te laden. We gaan inzetten op het overdekken parkeerplaatsen met zonnepanelen en laadpunten.

42

Programma Leefbare kernen Inleiding Leefbare kernen Het leven van onze inwoners speelt zich grotendeels af in de kernen waarin ze wonen. Daar moet het goed zijn qua wonen, werken en sociaal leven. Deze elementen moeten in balans zijn. Voldoende woningbouwmogelijkheden biedt kansen om binnen onze gemeente te blijven wonen. Inwoners met een sterke verbondenheid aan hun kern leveren een grote bijdrage aan het sociale en verenigingsleven. De combinatie met voldoende werkgelegenheid biedt vervolgens perspectief op een krachtige kern, waar onze inwoners graag verblijven en onderdeel van willen zijn. In het bijzonder kijken wij hierbij naar de kansen voor onze jeugd. De vitaliteit van Dinkelland in de toekomst wordt immers in belangrijke mate bepaald door de mogelijkheden die jongeren hebben op het gebied van wonen, werken, recreëren en vrijetijdsbesteding. We realiseren ons dat het leefbaar houden van de kernen een doorlopende inspanning vraagt. In de huidige vier jaar zullen we vooral inzetten op de meerjarige woningbouwprogrammering, het vitaal houden van verblijfsgebieden en het stimuleren van een gezond ondernemersklimaat. We vertalen onze ambities naar twee actielijnen: •

Voor iedereen een passende woning

•

Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot de onderwerpen: •

Naar behoefte realiseren van alternatieve woonvormen

•

Inzetten van de sociale hypotheek voor maatschappelijke voorzieningen

•

Realiseren van openbare watertappunten in de kernen (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)

•

Actieplan voor het bestrijden van invasieve exoten (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)

•

Waar nodig het verbeteren van de verkeersveiligheid rondom basisscholen en schoolfietsroutes, met name in het buitengebied (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)

Actielijn 1

Voor iedereen een passende woning

Er is een grote behoefte aan passende woningen. Ook in Dinkelland is de vraag groter dan het aanbod. De meest urgente woningbehoefte ligt bij starters en senioren. Daarop zijn onze nieuwbouwinspanningen vooral gericht. Ons doel is om de huidige onbalans tussen vraag en aanbod van passende woningen te beperken en op te heffen. Kernen zijn verschillend in de behoefte aan woningen. Daarom zijn we in gesprek om te kijken wat bij elke kern past. We willen diversiteit in woningbouw. Het gaat hierbij om huur en koop voor verschillende doelgroepen. Daarbij zien we ook een toename van de vraag naar flexibele woningbouw. We willen inzetten op een actief grondbeleid en creatieve oplossingen onderzoeken voor financiering van plannen, zodat nieuwe woningen voor meer doelgroepen beschikbaar en betaalbaar worden.

Ons doel

43

Wij willen sturen op een meerjarige woningbouwprogrammering. Via ons grondbedrijf treden wij op als ontwikkelaar. Via ons ruimtelijk en planologisch instrumentarium faciliteren wij particuliere initiatiefnemers en projectontwikkelaars. Wij willen het grootste gedeelte van de geprognosticeerde woningbehoefte tot 2030 in de huidige bestuursperiode realiseren. In 2026 kijken we terug op een woonbeleid dat uitvoeringsgericht is geweest, waarbij: •

in elke kern nieuwe mogelijkheden voor woningbouw zijn ontstaan, passend bij de lokale behoefte;

•

wij de doorstroming in de kernen op gang hebben gebracht;

•

wij een bijdrage hebben geleverd aan een betere betaalbaarheid van woningen;

Hoe leveren we een bijdrage aan Voor iedereen een passende woning We willen als gemeente als volgt werken aan het perspectief op woningbouw: •

Aan het stuur zitten. We spannen ons via ons grondbedrijf in om nieuwe woningbouwplannen op de markt te brengen. We zijn proactief, verwerven gronden op strategische locaties en zorgen voor een continue planvoorraad en beschikken over een meerjarenprogrammering woningbouw.

•

Faciliterend. We zijn gesprekspartner voor particuliere initiatiefnemers. We adviseren over de ontwikkelkansen van locaties en geven kaders mee voor welke doelgroepen ontwikkeld moet worden.

•

Samenlevingsgericht werken met gebieden en doelgroepen. We participeren in ontwikkeltrajecten in de kernen om toekomstbestendig te zijn. Indien vrijkomende locaties ontstaan onderzoeken wij hoe dergelijke locaties kunnen bijdragen aan het woonbeleid.

Actuele ontwikkelingen Ook in 2026 houdt de vraag naar woningen aan. Daarom zetten wij onze inspanningen op volkshuisvesting voort en geven wij uitvoering aan ons volkshuisvestingsprogramma. Het speerpunt blijft het herstellen van de balans tussen vraag en aanbod, waarbij we ons richten op de drie hoofdthema's: beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit. Om woningen beschikbaar te maken, zetten we in op actief grondbeleid, zowel voor de korte als de lange termijn. Elke kern krijgt een vernieuwde doorkijk op woningbouw. We willen daarbij samen met de kernen bepalen waar de behoefte ligt op lokaal niveau, om zo nog meer maatwerk te verrichten. We voeren een regionaal afgestemd bouwprogramma uit, waarin we koersen op een bevolkingsgroei van tenminste 10% gemeentebreed (over langere termijn). Daarin krijgt ook de huisvesting van aandachtsgroepen een vaste plek. Betaalbaarheid staat eveneens centraal. We sturen op een evenwichtige verdeling van woningtypen, versnellen de realisatie van betaalbare woningen en maken bij particuliere ontwikkelingen afspraken over kavels en meerlaagse bouw. Via aanbestedingen dagen we de markt uit om betaalbare oplossingen te bieden. Daarnaast werken we aan de kwaliteit van wonen in onze gemeente. Samen met de woningcorporatie voorzien we in sociale woningbouw en zorgen we voor een rechtvaardige woonruimteverdeling, met oog voor regionale afspraken.

Ons woonzorgbeleid vormt de basis voor de huisvestingsopgave van specifieke zorg gerelateerde doelgroepen.

Actielijn 2 Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen

44

Het bieden van een economisch perspectief en werkgelegenheid heeft een nauwe relatie met voldoende ontwikkelruimte voor bedrijven en voor plekken waar bedrijven zich vestigen. Daarbij ligt de nadruk op behoud en versterking van het lokale bedrijfsleven. We zien de sociaaleconomische ontwikkelingen binnen onze gemeente niet los van ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen. Er is een gezamenlijk belang voor brede versterking van de economie in Twente. Wij willen ondernemers stimuleren om zich te richten op nieuwe marktkansen, groei en innovatie met winst voor mens, maatschappij en milieu. Wij betrekken deze zienswijze bij de gesprekken met onze ondernemers en dragen deze boodschap uit in Twents verband.

Ons doel Wij willen een bijdrage leveren aan een sterke economische sector. Wij willen dat ons bedrijfsleven participeert en profiteert van de ontwikkelingen in Noordoost-Twente en de regio Twente. Wij verbinden partijen via ons netwerk binnen de 3O’s. Daarnaast herkennen wij in onze gemeente een sterke vorm van vrijetijdseconomie, waarbij wij inzetten op kwalitatief toerisme. In 2026 kijken we terug op: •

Nieuw gerealiseerde bedrijventerreinen in de grote kernen.

•

Sterkere centrumgebieden en een goed onderhouden relatie met onze ondernemers.

•

Een bijdrage geleverd aan talentontwikkeling via de 3O’s.

•

Verdere ontplooiing van de grensregio.

•

Een goede balans tussen de landschapskwaliteiten van ons gebied, de leef- en werkomgeving voor inwoners en de groeimogelijkheden van de toeristische sector;

•

Geboden mogelijkheden voor marktconforme en gebiedspassende bedrijvigheid;

•

Uitvoering van projecten en ideeën die gericht zijn op toerisme of dagrecreatie als aanvulling op het bestaande aanbod, gericht zijn op interessante doelgroepen of zorgen voor seizoensverlenging;

•

Ingerichte toeristisch interessante locaties in de kernen en in het buitengebied.

Hoe leveren we een bijdrage aan Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen We willen als gemeente als volgt werken aan het perspectief op woningbouw: •

Ontwikkelen: we ontwikkelen nieuwe bedrijfsgronden zodat onze lokale ondernemers kunnen uitbreiden en nieuwe bedrijven zich kunnen vestigen, ontplooien.

•

Verbinden. We zetten ons netwerk in om partijen binnen de regio met elkaar te verbinden.

•

Initiëren. We starten nieuwe projecten met het oog op de toegevoegde waarde voor ondernemers.

•

Participeren en stimuleren. We participeren in gebiedsprocessen en stimuleren de doorontwikkeling van centrumgebieden. Ook nemen we daarbij als gemeente een actieve ontwikkelende rol in.

Actuele ontwikkelingen In 2026 willen we beginnen met de uitvoering van de economische visie die richting geeft aan de periode tot 2030. Deze visie speelt in op grote veranderingen zoals digitalisering, verduurzaming en innovatie en legt de nadruk op het benutten van lokale kwaliteiten. Zo wil de gemeente inspelen op een economie die de komende jaren sterk zal doorontwikkelen. Daarnaast wordt ingezet op regionale samenwerking. Stad en platteland worden gezien als complementair en de gemeente wil samen met andere partners de kracht van de regio benutten. Het doel is gezamenlijk bij te dragen aan sociaaleconomische ontwikkelingen en de positie van de regio te versterken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/951/documents/24280