CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2024 Dinkelland.pdf

Gemeenteraad 7 november 2023, gemeente DinkellandBij agendapunt: 3: Voorstel inzake vaststellen ontwerp-begroting 2024 gemeente Dinkelland35.178 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Daarnaast willen wij vanaf 2024, eveneens vooruitlopend op de resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken al wel structurele ruimte in onze meerjarenbegroting reserveren. Het gaat hier om een structureel bedrag van € 100.000.

23

8. Voorgesteld wordt in te stemmen met de uitwerking en toelichting van het onderdeel MJOP Kunstwerken uit de richting "onderhoud en vervanging openbare ruimte" en hiervoor een incidenteel bedrag van € 1,7 miljoen beschikbaar te stellen en dit bedrag toe te voegen aan het onderhoudsfonds wegen en te onttrekken aan de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Daarnaast willen wij vanaf 2024, eveneens vooruitlopend op de resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken al wel structurele ruimte in onze meerjarenbegroting reserveren. De eerste stap hiervoor zetten wij door een structureel budget voor onderhoud kunstwerken vrij te maken van € 100.000. De verdere uitwerking inclusief de benodigde dekking betrekken we bij het opstellen van de perspectiefnota 2025 9. Voorgesteld wordt in te stemmen met de nadere uitwerking van het onderdeel MJOP Kunstwerken uit de richting "onderhoud en vervanging openbare ruimte" en hiervoor vanaf 2024 € 100.000 op te nemen in de meerjarenbegroting.

Kwaliteit openbaar groen Het op niveau houden van onze openbare ruimte vergt onderhoud. Wij hebben de ambitie om onze inzet op het gebied van kwalitatief openbaar groen (KOG) voort te zetten. De afgelopen jaren hebben we deze inzet voorzien van incidentele dekking. Willen we echter toe een duurzame en toekomstbestendige aanpak dan hoort daar structurele dekking bij. Specificatie: Dinkelland KOG (onderbouwing)

2024

2025

2026

Laanboomsnoei

2027 20

Vervangingsbudget voor Spelen

10

10

10

10

Onderhoud monumentale bomen

5

5

5

5

Bokhasi

15

15

15

15

Hotspots op beeldkwaliteitsniveau B Totaal

80 30

30

30

130

10. Voorgesteld wordt in te stemmen met de nadere verdeling van het onderdeel kwaliteit openbaar groen uit de richting "onderhoud en vervanging openbare ruimte" en de genoemde bedragen met ingang van het jaar 2024 op te nemen in de meerjarenbegroting.

24

Behoud en versterken cultuuraanbod

Behouden en versterken cultuuraanbod

Opvolging en uitvoering cultuurbeleid

inc

2024

2025

2026

2027

850

20

20

20

20

20

20

20

20

630

Ondersteuning cultuurparticipatie en culturele evenementen Uitvoeringsprogramma 2023-2028 cultuurregio Twente

70

Bijdrage verbouw bibliotheek Ootmarsum

150

Opvolging en uitvoering cultuurbeleid We hebben de ambities om zoveel mogelijk mensen in Nederland toegang te laten hebben tot cultuur van hoge kwaliteit. Binnen onze gemeente steunen we daarom culturele instellingen in brede zin. Culturele instellingen zijn onderdeel van basisinfrastructuur voor onze inwoners om aan de samenleving te kunnen doen. Daarnaast zien wij cultuur als een onlosmakelijke pijler binnen recreatie en toerisme en daarmee een (economische) dragen voor de aantrekkingskracht van onze gemeente. Als gemeente spelen wij een rol in de publieke financiering van cultuur. We zijn verantwoordelijk voor het lokale cultuurbeleid en voor de voorzieningen van cultuureducatie. Met ons cultuurbeleid van dragen we bij aan de instandhouding, ontwikkeling en verspreiding van kunst en cultuur. Binnen de uitgangspunten van de Rijksoverheid (verbreding en vernieuwing, een sterke culturele sector, cultuur voor iedereen en cultuur is grenzeloos) hebben we ons cultuurbeleid vormgegeven. In het verlengde van het cultuurbeleid zullen we ook beoordelen of onze subsidiestructuur nog aansluit bij het huidige cultuurlandschap. We zijn voornemens om vanaf 2024 de vraagstukken die aan de orde zijn te spiegelen aan ons cultuurbeleid. Ook als het gaat om cultuurvraagstukken met een financiele impact zullen wij een brede afweging maken.

De doorontwikkeling van Natura Docet is één van de vraagstukken met een financiële impact. Een eenmalige bijdrage van € 150.000 aan Natura Docet is middels separaat raadsvoorstel reeds van besluitvorming voorzien. Deze bijdrage is bedoeld om een transtitieperiode te overbruggen, waarin het museum toekomstbestendig moet worden. In 2024 zal het museum orde op zaken moeten stellen. De verwachting is dat uiteindelijk nog steeds een structurele bijdrage noodzakelijk is. De afweging hiervoor zal plaats moeten vinden in het licht van de doelen van het cultuurbeleid en de mate van zelfredzaamheid, professionalisering en consistentie van bestuur (en aansturing). 11. Voorgesteld wordt in te stemmen met de nadere uitwerking van het onderdeel opvolging en uitvoering cultuurbeleid uit de richting "behoud en versterken cultuuraanbod" en het genoemde bedrag van € 480.000 te reserveren binnen de reserve incidentele beschikbare algemene middelen.

25

Ondersteuning cultuurparticipatie en culturele evenementen In de afgelopen jaren werd de gemeente veelvuldig benaderd door inwoners en organisaties met verzoeken om geringe subsidies voor initiatieven op het gebied van cultuur en evenementen. Te denken valt hierbij aan exposities, voorstellingen, evenementen etc. Vaak zijn deze initiatieven niet alleen waardevol voor onze eigen inwoners maar dienen ze ook een toeristisch/recreatief/economisch belang. Tot nog toe werd op basis van willekeur een besluit genomen op deze subsidieverzoeken. In een aantal gevallen was er geen budget beschikbaar en werden verzoeken om die reden afgewezen. Het gaat doorgaans om bedragen van geringe hoogte (max. € 3.000). Momenteel is een nadere regeling in voorbereiding ter financiële ondersteuning van initiatieven op het gebied van cultuurparticipatie en culturele evenementen. 12. Voorgesteld wordt in te stemmen met de nadere uitwerking van het onderdeel ondersteuning cultuurparticipatie en culturele evenementen uit de richting "behoud en versterken cultuuraanbod" en hiervoor ingang van het jaar 2024 een structureel bedrage van € 20.000 op te nemen in de meerjarenbegroting.

Uitvoeringsprogramma 2023-2028 cultuurregio Twente De 14 wethouders Cultuur in Twente hebben samen met het culturele veld en de provincie Overijssel een Uitvoeringsprogramma voor de Cultuurregio Twente opgesteld voor de periode 2023-2028. Cultuurregio Twente is een samenwerking tussen alle 14 Twentse gemeenten op het gebied van cultuur. In het voorgestelde uitvoeringsprogramma staan de thema's en projecten waarop de komende jaren een gezamenlijk programma wordt ontwikkeld en uitgevoerd. Dit programma moet leiden tot een versterking van het cultuuraanbod in Twente en de samenwerking in de regio. De betrokken wethouders in de regio hebben ingestemd. De financiële bijdrage bedraagt voor de gemeente Dinkelland €70.000 voor een periode van 6 jaar. 13. Voorgesteld wordt in te stemmen met de nadere uitwerking van het onderdeel uitvoeringsprogramma 2023-2028 cultuurregio Twente uit de richting "behoud en versterken cultuuraanbod" en het genoemde bedrag van € 70.000 te onttrekken aan de reserve incidentele beschikbare algemene middelen.

Bijdrage verbouw bibliotheek Ootmarsum Nadere uitwerking en besluitvorming heeft inmiddels bij afzonderlijk raadsvoorstel plaatsgevonden.

5. Specifieke mutaties In deze paragraaf staan we stil bij ontwikkelingen die verder gaan dan het bestaande (dus vastgestelde) beleid maar wel degelijk omvangrijke financiële consequenties (kunnen) hebben en ook zeker gezien de politiek bestuurlijke impact de nodige toelichting behoeven. Met betrekking tot de begroting 2024 betreft dit de volgende twee onderwerpen: 

Lokale lasten

Moties

Lokale lasten Lokale lasten zijn de lasten waar je als inwoner voor moet betalen zoals die onroerendezaakbelastingen (OZB), afvalstoffen- en rioolheffing) .In dit onderdeel 'Lokale lasten' geven we in het kort een overzicht van de gevolgen van de besluitvorming uit deze conceptbegroting voor de verschillende tarieven die van belang zijn voor de lokale lasten(druk). 26

Voor het indexeren van de ozb tarieven gaan we op basis van bestaand beleid uit van een jaarlijkse meeropbrengst van 2%. Dit betekent dat de onroerendezaakbelasting voor een woning met een gemiddelde woningwaarde van € 336.000 stijgt van € 414,00 in 2023 naar een bedrag van € 422,25 in 2024. 14. Voorgesteld wordt de OZB tarieven voor het jaar 2024 te verhogen zodat een totale meeropbrengst wordt verkregen van 2,0% ten opzichte van het jaar 2023.

Voor de afvaltarieven hanteren we op basis van bestaand beleid 100% kostendekkendheid. Dat wil zeggen dat we de kosten die we maken voor de afvalinzameling en afvalverwerking doorberekenen in de tarieven. Voor het jaar 2024 worden de verschillende tarieven als volgt vastgesteld: Vastrecht

€ 133

Bedrag per lediging grote bak

€ 10,60

Bedrag per lediging kleine bak

€ 6,50

Chipkaart lediging verzamelcontainer (bovengronds)

€ 0,85

Chipkaart lediging verzamelcontainer (ondergronds)

€ 1,20

De verhoging van het vastrecht met € 38 (van € 133 naar € 171) is voor een bedrag van € 17,50 een gevolg van de introductie van het boxenmodel bij ROVA per 1 januari 2023. Via dit model worden de verschillende typen dienstverlening verantwoord en in rekening gebracht. Over het algemeen verandert het totale kostenniveau van ROVA en het ROVA-resultaat niet door de herziening. Op basis van het nieuwe boxenmodel zijn er een aantal aandeelhoudende gemeenten die voordeel hebben bij het nieuwe boxenmodel. Er zijn er echter die hier ook nadeel van ondervinden, zoals Dinkelland/Tubbergen. Deze gemeenten hebben echter de afgelopen jaren financieel voordeel ondervonden van de oude afrekensystematiek. Het betreft in financiële zin een andere verdeling van kosten. Naast gestegen kosten als gevolg van het nieuwe Boxenmodel brengt ook de gewijzigde oud papier inzameling extra kosten met zich mee. Dit werk voor ongeveer € 13 door in het tarief. Tot slot werkt ook de inflatie door in termen van reguliere prijsaanpassingen. 15. Voorgesteld wordt om voor het jaar 2024 in te stemmen met de verhoging van het vastrecht met € 38 per aansluiting.

De hoogte van het rioolrecht is gebaseerd op het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2019-2023. Belangrijke input voor dit nieuwe GRP zijn de gevolgen van de zogenaamde klimaatadaptie.. De gestegen prijzen (de inflatie) en de hogere rente werken ook door binnen in de ramingen voor onderhoud en vervanging Riool. In totaliteit stijgen de kosten voor het jaar met ongeveer € 328.000 wat zou betekenen dat het tarief zou moeten stijgen met ongeveer € 31 per aansluiting. Gezien de forse schommelingen in de prijsstijgingen, de onzekerheid over de ontwikkeling van de rente en in de wetenschap dat er in 2024 een nieuw GRP wordt opgesteld wordt voorgesteld de helft van de hogere kosten door te vertalen in het rioolrecht en de andere helft van deze kostenstijging ten laste te brengen van de voorziening van de voorziening riool.

27

16. Voorgesteld wordt de hoogte van het rioolrecht voor het jaar 2024 te verhogen met een bedrag van € 15 naar een bedrag van € 280,60 en een bedrag van € 172.000 te onttrekken aan de voorziening riool.

Samenvattend ontstaat het volgende beeld van de verschillende tarieven en de lokale lastendruk voor het jaar 2024: Dinkelland

2022

2023

2024

verschil 2023-2024 in €

in %

OZB (woning € 336.000)

€ 406,00

€ 414,00

422,25

€ 8,25

2,0%

Rioolrecht eigenaar

€ 265,60

€ 265,60

€ 280,60

€ 15,00

5,6%

- vastrecht

€ 115,00

€ 133,00

171,00

€ 38,00

33,0%

- 4 ledigingen restafval (240 liter)

€ 42,40

€ 42,40

€ 42,40

€ 0,00

0,0%

Totaal

€ 829,00

€ 855,00

916,25

€ 61,25

7,2%

Afval

Zoals uit vorenstaande tabel blijkt neemt de lokale lasten druk voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning (gemiddelde waarde € 336.000) toe met € 61. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat er over de aanslag 2023 een eenmalige compensatie is verstrekt van € 26.

Moties Inleiding In deze paragraaf treft u de stand van zaken aan van de verschillende moties die de afgelopen tijd door uw raad zijn vastgesteld. Bij een aantal van deze moties doen wij ook een voorstel hoe om te gaan met deze motie. De volgende moties komen achtereenvolgens aan de orde: o

Verzamelmotie 12 juli 2022

o

Motie Isolatiesubsidie 27 juni 2023

o

Moties stichting ontwikkelingssamenwerking Dinkelland 18 juli 2023

28

Verzamelmotie Tijdens de raadsvergadering van 12 juli 2022 is de perspectiefnota 2022-2026 besproken en behandeld. Tijdens deze raadsvergadering heeft de gemeenteraad in unanimiteit een (verzamel) motie aangenomen met daarin onderwerpen die de gemeenteraad graag meegenomen ziet bij het opstellen van de begroting 2023. Dat hebben wij gedaan door een speciaal hoofdstuk aan de begroting 2023 toe te voegen waarin wij hebben aangegeven hoe we met de verschillende onderwerpen uit deze motie omgaan. In de perspectiefnota 2024 hebben we in vervolg daarop de stand van zaken weergegeven. Bij een aantal van de onderwerpen hebben wij aangegeven dat het betreffende onderwerp is opgenomen in eerdere plannen, in het reguliere werk, in een programma, enz. Daarmee is wat ons betreft dat onderdeel van de verzamelmotie afgedaan en komt het onderwerp dus ook niet meer terug in volgende voortgangsrapportages over de verzamelmotie. Onderwerpen waarvan wij aangeven dat ze in behandeling zijn komen uiteraard wel terug in deze volgende rapportages. In het programmajournaal 2023 hebben we de meest actuele stand van zaken van de onderwerpen uit deze verzamelmotie opgenomen. In deze begroting 2024 volstaan we met die onderwerpen die middels een (nadere) uitwerking besluitvorming vragen.

Watertappunten De gemeenteraad heeft het college middels een unaniem aangenomen motie opdracht gegeven om openbare watertappunten (drinkwaterpunten) in de kernen te realiseren. Medio augustus 2023 is er in Denekamp, Ootmarsum en Weerselo een watertappunt aanwezig. Voor het plaatsen van een watertappunt in de overige 7 kernen is een eenmalig een bedrag nodig van € 38.500. Het watertappunt in Ootmarsum staat op een niet zo goede plek en willen we verplaatsen naar het centrum. Daarvoor is de inschatting dat er eenmalig een bedrag nodig is van € 2.500. Voor het beheer, onderhoud en bemonstering van de waterttappunten zijn we verplicht een onderhoudscontract af te sluiten met Aquador. Daarnaast hebben we te maken met jaarlijkse kosten voor verbruik, vastrecht en belasting. Hiervoor is voor 10 watertappunten in totaal jaarlijks structureel een bedrag nodig van € 10.000. 17. Voorgesteld wordt in te stemmen met de uitwerking van het onderdeel watertappunten uit de verzamelmotie en hiervoor een incidenteel bedrag van € 41.000 beschikbaar te stellen ten laste van de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen en een structureel bedrag van € 10.000 op te nemen in de meerjarenbegroting en ten laste te brengen van het herziene meerjarige saldo.

Motie Isolatiesubsidie Tijdens de raadsvergadering heeft de raad een motie aangenomen om de subsidieregeling isolatie tot het subsidieplafond van € 70.133,- aan te vullen en de middelen hiervoor te dekken uit de reserve incidenteel beschikbare middelen. Gezien de oproep van de raad om deze subsidieregeling isolatie zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 31 juli 2023 aan te vullen is omwille van de snelheid in eerste instantie gekozen voor dekking via de beschikbare middelen voor duurzaamheid. Hierbij is aangegeven dat bij de behandeling van de begroting 2024 in november 2023 wordt bezien of er nog een verrekening moet plaatsvinden via de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen zoals in de motie is aangegeven. 18. Voorgesteld wordt om de dekking van het aanvullen van de subsidieregeling isolatie tot het subsidieplafond van € 70.133 alsnog te laten via de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

29

Motie verhoging bijdrage Stichting Ontwikkelingssamenwerking Dinkelland Tijdens de behandeling van de perspectiefnota 2024 op 18 juli 2023 heeft de raad unaniem een motie aangenomen die oproept tot het structureel verhogen van de jaarlijkse bijdrage aan de Stichting Ontwikkelingssamenwerking Dinkelland. De wens vanuit de raad is een structurele ophoging van de jaarlijkse bijdrage naar € 1 per inwoner. Dit komt neer op een verhoging van het budget met € 15.000 naar een jaarlijkse structurele bijdrage van € 26.500. 19. Voorgesteld wordt in te stemmen met de uitwerking van de motie verhoging bijdrage Stichting Ontwikkelingssamenwerking Dinkelland en hiervoor een structurele verhoging van de bijdrage van € 15.000 op te nemen in de meerjarenbegroting en ten laste te brengen van het herziene meerjarige saldo.

Samenvatting moties In meerjarig perspectief hebben de voorstellen betreffende de hiervoor benoemde en toegelichte moties het volgende (financiele) effect Specifieke mutaties - moties

2024

2025

2026

2027

Watertappunten uit verzamelmotie

10

10

10

10

Motie verhogen bijdrage St. ontwikkeling Samenwerking Dinkelland

15

15

15

15

Totaal specifieke mutaties - moties

25

25

25

25

Het incidentele effect van de voorstellen betreffende de hiervoor benoemde en toegelichte moties betrekken we bij de stand van zaken van de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen in paragraaf 7 van dit hoofdstuk.

6. Geactualiseerd herzien meerjarig saldo Rekening houdend met de aangegeven en toegelichte specifieke mutaties uit de vorige paragraaf ontstaat het volgende herziene meerjarige saldo: Gemeente Dinkelland

2024

2025

2026

2027

herzien meerjarig saldo perspectiefnota 2024

2.246

3.526

912

159

Totaal mutaties bestaand beleid

694

791

-32

888

Totaal uit te werken richtingen

-700

-800

-800

-900

Totaal specifieke mutaties

-25

-25

-25

-25

30

Herzien meerjarig saldo na specifieke mutaties

2.215

3.492

55

122

Puur cijfermatig wijst een eerste blik op het herziene meerjarige saldo uit dat er sprake is van een sluitende begroting 2024 met vanaf het jaar 2026 toenemende onzekerheid. Belangrijk om te weten is dat de provincie als toezichthouder bij een sluitende begroting 2024 niet verder kijkt naar meerjarige saldi. Dit betekent dat we met deze begroting 2024 inclusief de meerjarenbegroting 2025-2027 keurig binnen de gestelde kaders en regels blijven en dus naar verwachting onder het reguliere (repressieve) toezicht blijven vallen. In het kader van het Inter Bestuurlijk Toezicht blijft de gemeente Dinkelland naar verwachting groen kleuren. Daarnaast is het college van mening dat het verantwoord is met deze begroting (inclusief de meerjarenramingen tot en met 2027) de toekomst tegemoet te treden. Deze mening wordt met name gevoed en gesteund door de volgende onderwerpen en ontwikkelingen: Vanaf 2026 houden we rekening met een volledig ingeboekte opschalingskorting en hebben we het negatieve accres zoals dat door het rijk is opgenomen in de circulaires volledig verwerkt. De VNG voert nog steeds druk uit op het Rijk om hier een oplossing voor te vinden. Tijdens de laatste Algemene Leden Vergadering (ALV) van de VNG is een resolutie aangenomen die in het kort gaat om de volgende punten: 

Het structureel ophogen van het gemeentefonds en herstellen van het accres vanaf 2026. Rekening houdend met de toegezegde structurele 1 miljard extra vanaf 2026 zit hier nog steeds een tekort van € 3 miljard.

Het definitief schrappen van de opschalingskorting (betreft € 1 miljard)

Een toereikende en stabiele indexering van het gemeentefonds om loon-, prijs- en volumeontwikkelingen op te kunnen vangen, inclusief de stijging van de zorgvraag.

Vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek heeft het rijk voor de jaren 2026 en 2027 eenmalig een bedrag van € 1 miljard aan het gemeentefonds toegevoegd. Inmiddels is bekend geworden dat dit bedrag vanaf het jaar 2028 structureel wordt. Dit bedrag via de algemene uitkering betekent voor de gemeente Dinkelland een inkomst van € 1.100.000. Met de val van het kabinet blijft de onzekerheid over de meerjarige financiële positie van de Nederlandse gemeenten naar verwachting nog wel enige tijd voortduren. Het inmiddels demissionaire kabinet mag strikt formeel enkel nog lopende zaken afhandelen en geen omstreden zaken meer behandelen. De algemene lijn is dat zo'n kabinet zich moet beperken tot spoedeisende zaken en onderwerpen die politiek niet controversieel zijn. Het demissionaire kabinet heeft inmiddels aangegeven de besluitvorming over de financiering van gemeenten (en dus ook de resolutie) over te laten aan een nieuw kabinet. Vanaf het jaar 2026 houden we rekening met een raming van 75% van de toegezegde extra middelen voor de jeugdzorg. vanuit Rijk, VNG en provincie is aangegeven dat 100% ramen is toegestaan. Dit achten wij gezien de onduidelijkheden in de hervormingsagenda jeugd wat al te optimistisch.

We betrachten hier dus enige behoedzaamheid (eerst zien dan geloven) Ook houden we in meerjarig perspectief rekening met aan lagere algemene uitkering uit het gemeentefonds als gevolg van mogelijke onderuitputting bij het Rijk. Dit risico is tot en met de jaren 2025 te overzien omdat het accres tot en met 2025 is “vastgeklikt”. Vanaf 2026 is ook hier sprake van (voortdurende) onzekerheid. 20. Voorgesteld wordt in te stemmen met het herziene meerjarige saldo en het voordelige saldo van het begrotingsjaar 2024 ten bedrage van € 2.215.000 te storten in de algemene reserve.

31

7. Incidenteel beschikbare middelen waaronder de (belangrijkste) reserves In deze paragraaf zoeken we aansluiting bij de gepresenteerde cijfers uit de perspectiefnota 2024. Met deze cijfers als uitgangspunt gaan we daarna de mutaties benoemen en toelichten zodat het meest recente beeld van de incidenteel beschikbare algemene middelen waaronder de (belangrijkste) reserves ontstaat. Zoals aangegeven nemen we cijfers uit de perspectiefnota 2024 als vertrekpunt. Beschikbare algemene incidentele middelen Algemene reserve - weerstandscapaciteit 1,4

5.460.000

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

16.174.000

Reserve collegeakkoord 2022-2026

4.856.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen perspectiefnota 2024

26.490.000

In deze opzet is (nog) geen rekening gehouden met de € 13 miljoen aan uit te werken richtingen zoals opgenomen in de perspectiefnota 2024 en waarbij een beroep wordt gedaan op de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen (RIBAM). Bij de actualisatie van de RIBAM komen we hier uiteraard op terug. Algemene reserve Rekening houdend met een aantal mutaties op grond van bestaand beleid (grondexploitaties) en een aantal specifieke raadsbesluiten ontstaat het volgende beeld van de algemeen reserve: Algemene reserve - stand perspectiefnota 2024

5.460.000

Bij: saldo programmajournaal 2023

1.623.000

Bij: jaarschijf 2024 uit begroting 2024

2.215.000

Herziene stand algemene reserve

9.298.000

Benodigde weerstandscapaciteit - ratio 1,4

6.440.000

Surplus

2.858.000

De beide positieve mutaties - saldo programmajournaal 2023 en jaarschijf 2024 uit begroting 2024 spreken voor zich en behoeven hier geen nadere toelichting. Voor een toelichting op de benodigde weerstandscapaciteit wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Uitgaande van de, in deze begroting bepaalde, weerstandscapaciteit en de daaraan gekoppelde ratio van 1,4 moet de stand van de algemene reserve ten minste € 6.440.000 zijn. 32

Conform bestaande beleid wordt het meerder (het zogenaamde surplus) “afgeroomd” en gestort in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen. 21. Voorgesteld wordt in te stemmen met het verloop en de opzet van de algemene reserve en het surplus op de algemene reserve ten bedrage van € 2.858.000 “af te romen” en te storten in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen (RIBAM) Inde perspectiefnota 2024 is weergegeven dat de vrije ruimte in deze reserve € 16.174.000 bedraagt. Inmiddels zijn een aantal besluiten genomen en hebben een aantal autonome ontwikkelingen plaatsgevonden wat maakt dat de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen op dit moment het volgende beeld laat zien: RIBAM - stand perspectiefnota 2024 voor uit te werken richtingen/inspanningen

16.174.000

bij: surplus algemene reserve

2.858.000

af: reservering Samen Scholen

-9.000.000

af: eenmalige extra subsidie Natura Docet

-150.000

af: eenmalige bijdrage verbouwing Bibliotheek Ootmarsum

-150.000

af: gevelverlichting markante panden Nicolaasplein

-200.000

af: Verzamelmotie - watertappunten

-41.000

af: Motie isolatiesubsidie

-70.000

Herziene stand

9.421.000

Uit te werken richtingen uit perspectiefnota 2024/opgenomen in begroting 2024 - Extra inzet op preventie Sociaal Domein

-500.000

- Centrumplan Denekamp, revitaliseren Eurowerft

-200.000

- Integraal veiligheidsbeleid

-25.000

- Versnellingsagenda Volkshuisvesting en Economie

-325.000

33

- Samenwerking grensregio Dinkelland - MJOP Kunstwerken

-200.000 -1.700.000

- Opvolging en uitvoering cultuurbeleid

-480.000

- uitvoeringsprogramma 2023-2028 cultuurregio Twente

-70.000

Herziene stand RIBAM na uit te werken richtingen

5.921.000

Het ontstaan van de eerste mutatie genaamd surplus algemene reserve is hiervoor toegelicht. De volgende 4 mutaties zijn alleen voorzien van separate raadsbesluiten. De beide mutaties voortkomend uit moties zijn toegelicht onder de paragraaf specifieke mutaties in het hoofdstuk "van perspectiefnota 2024 naar begroting 2024". De laatste 8 onttrekkingen hebben allemaal betrekking op de uit te werken richtingen vanuit de perspectiefnota 2024. Deze uitwerkingen zijn opgenomen in de paragraaf "uit te werken richtingen uit de perspectiefnota 2024" waar ook de voorstellen zijn opgenomen deze te onttrekken aan de Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen. Vooruitlopend op de definitieve besluitvorming over deze uit te werken richtingen hebben we ten behoeve van de inzichtelijkheid en actualiteit al wel vast rekening gehouden met de aangegeven onttrekkingen. 22. Voorgesteld wordt in te stemmen met de aangegeven mutaties op de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Reserve Collegeakkoord 2022-2026 Er hebben zich sinds het vaststellen van de perspectiefnota 2024 geen mutaties op deze reserve voorgedaan. De stand is en blijft dus € 4.856.000 Herziene stand algemene incidentele middelen Rekening houdend met de aangegeven en toegelichte mutaties op de genoemde reserves ontstaat het volgende beeld van de algemeen incidentele middelen: Beschikbare algemene incidentele middelen Algemene reserve - weerstandscapaciteit 1,4

6.440.000

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen

5.921.000

Reserve collegeakkoord 2022-2026

4.856.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen begroting 2024

17.217.000

34

Inleiding ambitiebegroting Ambitiebegroting Zoals reeds is aangegeven in de algemene inleiding heeft deze begroting het collegeakkoord gemeente Dinkelland 2022-2026 met de naam "Vernieuwen, verbinden en versterken" als basis. Het zogenaamde ambitiedeel van deze begroting is gebaseerd op de volgende 5 opgaven uit dit collegeakkoord: 

Buitengebied in Balans

Iedereen gezond

Leefomgeving van de toekomst

Leefbare kernen

Gemeente en de Samenleving

Deze 5 opgaven zijn in eerste instantie verder beschreven en uitgewerkt in actielijnen en doelen waarna op hoofdlijnen wordt aangegeven hoe we hier een bijdrage aan denken te gaan leveren. Per opgave wordt afgesloten met een financieel overzicht. In dit overzicht zijn ook de beschikbare werkbudgetten opgenomen. Deze behoeven wat algemene toelichting. Binnen het programmabureau wordt een bijdrage geleverd aan het behalen van maatschappelijke effecten. Hier wordt sturing gegeven aan bestuurlijke ambities, veranderopgaven en strategisch inspanningen. Dit komt samen in verschillende programma’s (ambities), waaraan werkbudget is gekoppeld. Het werkbudget wordt ingezet om (externe) advieskosten te dekken en (participatie)processen in de kernen te faciliteren. Daarnaast wordt het werkbudget ingezet voor bekostiging van evenementen, bijeenkomsten, sprekers (en alle bijkomende kosten die daarbij horen). Het werkbudget is in eerste aanleg niet bedoeld als uitvoeringsgeld om projecten zelf te bekostigen. Onder de 5 opgaven wordt indien mogelijk een nadere duiding en verdeling over de jaren gegeven. Dat is echter niet in alle gevallen op voorhand mogelijk om de simpele reden dat we ook afhankelijk zijn van initiatieven vanuit de samenleving en het tempo en enthousiasme waarmee deze initiatieven gaan spelen.

Het beschikbaar hebben van werkbudgetten is met name ook bedoeld om te slagvaardig te kunnen inspelen op de genoemde initiatieven. Om de raad toch op de hoogte van de besteding en bestemming van de werkbudgetten wordt in elk van de komende P&C documenten verslag gedaan van de bestemming en besteding van de werkbudgetten.

35

Programma Buitengebied in Balans Inleiding Buitengebied in balans Dinkelland We zetten in op een economisch sterk buitengebied vanuit de balans tussen agrarisch landgebruik, de kwaliteit van onze natuur en landschap, de groeimogelijkheden van de toeristische sector, de mogelijkheden voor economische activiteiten en de kwaliteit van leef- en werkomgeving voor onze inwoners. Dit in verbinding met bodem, water en lucht. Dat maakt ons buitengebied voor de toekomst sterker en is gunstig voor de leefbaarheid. Onze ambitie is uitdagend maar realistisch als het een samenspel is met onze inwoners, de partners en de gebruikers. We voorzien de ambitie en de hieraan verbonden Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) van een dynamische agenda. Frequent leiden nieuwe inzichten en regelgeving tot aanvullingen en wijzigingen op deze agenda. Indien noodzakelijk worden deze ook financieel vertaald. We realiseren ons dat de transitie van het buitengebied vele jaren, en dus meerdere raadsperioden, in beslag zal nemen. In de huidige 4 jaar zal vooral de veranderrichting worden bepaald en een start worden gemaakt met de concrete Uitvoeringsagenda. We vertalen onze ambities naar twee actielijnen: 

Naar een toekomstige agrarische sector

Ons unieke landschap en natuur worden geborgd

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot het onderwerp: 

Stimuleren van innovatie in de agrarische sector

Actielijn 1

Naar een toekomstbestendige agrarische sector

De toekomst van de agrarische sector en daarmee het landelijk gebied wordt voor een aanzienlijk deel gestuurd en bepaald door Europese wet- en regelgeving. Op nationaal niveau is dit uitgewerkt in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) en door de provincie vertaald in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG, besluitvorming vermoedelijk eind 2023/begin 2024). Dinkelland maakt onderdeel uit van de Gebiedsgerichte aanpak Noordoost-Twente (GGA-NOT). Samen met de vier NOT gemeenten gaan we de transitie inhoud geven waarbij een realistisch perspectief voor de agrariërs een belangrijk uitgangspunt is. Stimuleren van innovatie in de agrarische sector staat hierbij centraal. Het (nu demissionaire) kabinet investeerde fors in de opgaven voor water, natuur en klimaat en in de verduurzaming van de landbouw. De keuzes en investeringen in de landbouw worden gekoppeld aan verduurzaming, kringlooplandbouw, nieuwe verdienmodellen en verbetering van de positie van de boer in de keten. We hebben daarbij nadrukkelijk aandacht voor de transitiekansen van agrariërs, zowel voor agrariërs die blijven als wel stoppen.

Ons doel We gaan als proactieve gebiedspartner een bijdrage leveren aan een economisch perspectief vanuit een balans tussen agrarisch landgebruik, de kwaliteit van onze natuur en landschap, de kwaliteit van de toeristische sector, de mogelijkheden voor economische activiteiten en de kwaliteit van leef- en werkomgeving voor onze inwoners. Dit in verbinding met bodem, water en lucht. Dat maakt ons buitengebied sterker en is gunstig voor de leefbaarheid. In 2026 hebben we de verkregen inzichten en de uitgewerkte plannen vanuit het NPLG omgezet in operationeel beleid gericht op de transitie van de agrarische sector. En in 2026 zijn in deelgebieden zichtbare stappen gezet met betrekking tot zowel het perspectief voor de landbouw als de natuur- en waterdoelen. Via de volgende inspanningen willen we ons doel bereiken: 

We zetten menskracht en middelen in om lokaal en bovenlokaal een proactieve rol te vervullen. We zijn partner in de gebiedsprocessen in NOT.

36

Het agrarisch consulentschap zetten we voort, evenals de inzet van de ervencoach voor de landbouw. Dat geldt ook voor onze betrokkenheid bij de Land Bouwers (voorheen: Mineral Valley Twente) en LEADER. Samen met de provincie, het waterschap, maatschappelijk partners en stakeholders stellen wij het gebiedsprogramma NOT 2023- 2030 op.

We ontwikkelen een gemeentelijke visie op toekomstige economische dragers voor ons buitengebied, passend binnen de kaders die het rijk en de provincie opstellen .

Bedrijfsbezoeken en persoonlijke contacten op het erf zijn een belangrijk onderdeel van onze (persoonlijke) inzet.

We hanteren een aanpak op doelgroepen. We richten ons vooral op transitiekansen van agrariërs en hebben daarbij ook oog voor de sociaal maatschappelijke impact.

Hoe leveren we een bijdrage aan een toekomstbestendige agrarische sector? a. Knoppen bedienen. We leveren de komende jaren een maximale inspanning om de complexe processen in het landelijk gebied soepeler te laten verlopen. Wij zien onszelf als de “verbinder” en “facilitator”. Bestuurlijk en ambtelijk nemen we deel aan elke relevante “tafel” om de collectieve belangen van doelgroepen en de gebiedsopgaven in Dinkelland te behartigen. Daar waar mogelijk gaan we landelijk, provinciaal en lokaal een voortrekkersrol vervullen, passend bij onze taken, verantwoordelijkheden en mogelijkheden. b. Samenlevingsgerichtheid. We bouwen aan duurzame relaties in een krachtenveld waar de belangen ver uit elkaar liggen. We staan naast onze agrariërs/ inwoners en ondersteunen hen bij de keuzes op weg naar een meer duurzame bedrijfsvoering. De Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) NOT is het voertuig voor dialoog en samenspel met onze inwoners. c. Sociaal maatschappelijke impact. We beschouwen voortdurend de effecten van de activiteiten die er plaatsvinden op de impact die het heeft op mens en maatschappij. In het bijzonder hebben we aandacht voor de transitiekansen van de “blijvers” en het bieden van een perspectief op de “stoppers”.

Actuele ontwikkelingen Zoals bekend worden de transitieopgave in het landelijk gebied met name opgepakt door middel van de gebiedsgericht aanpak (GGA), aangestuurd door de Provincie Overijssel. Voor deze GGA zijn gebiedstafels ingericht per regio. Wij nemen deel aan de gebiedstafels Noordoost Twente (NOT), waarbij ook de belangrijkste stakeholders in het gebied zijn aangesloten zoals het Waterschap, de provincie en landbouworganisaties. Ook dragen we actief bij aan de gebiedsdagen die door de provincie georganiseerd worden. Verder zijn we vaste deelnemer in het opgerichte gebiedsteam van NOT, dat momenteel bezig met de voorbereiding van gebiedsprocessen. Dit team pakt concrete casussen en initiatieven voor de transitieopgave op en werkt ze verder uit. Omdat de landelijke en provinciale kaders, middelen en tijdslijnen nog niet helder zijn, is nog niet goed in te schatten wat in een latere fase van ons als gemeente gevraagd wordt. Mogelijke kosten voor de inzet van ambtelijke ondersteuning bij de gebiedsprojecten, zullen (grotendeels) worden vergoed door de provincie vanuit de (rijks-)middelen die beschikbaar gesteld zijn en worden voor de transitieopgave in het landelijke gebied.

Mocht desalniettemin een aanvullend beroep gedaan moeten worden op inzet die niet vanuit het programma en het beschikbaar werkbudget kan worden ingevuld, dan zal hiervoor te zijner tijd een voorstel aan de raad worden voorgelegd. Nog niet helder is wat de nieuwe provinciale staten en gedeputeerde staten gaan betekenen voor de inhoud en het vervolgproces van de concept Provinciaal Plan Landelijk Gebied (PPLG) en de uitwerking daarvan in NOT. De val van het kabinet heeft de onzekerheid vergroot. Hoewel wettelijke termijnen onveranderd blijven, is onduidelijk hoe de landelijke aanpak eruit gaat zien en welke middelen beschikbaar zullen zijn (of blijven). Er treedt hoe dan ook vertraging op. Als gemeente willen we echter niet stil blijven zitten en pakken dat op wat nu kan en passend is bij onze rol en verantwoordelijkheden.

37

We zijn betrokken bij de onlangs opgerichte, interne intaketafel. Op deze intaketafel worden externe initiatieven multidisciplinair besproken. Het belang voor onze ambitie is dat we initiatieven die bijdragen aan het de transitie van het buitengebied maar die niet binnen het staand beleid passen, zo goed mogelijk proberen verder te brengen. Er wordt door ons gewerkt aan een visie op het buitengebied Dinkelland en Tubbergen. Die visie zal de komende jaren richting moeten geven aan structurerende keuzes en onder meer beantwoorden wat economische dragers in het buitengebied kunnen zijn.

Actielijn 2 Ons unieke landschap en natuur worden geborgd We willen de landschapskwaliteiten van Noordoost-Twente en dus ook van Dinkelland behouden en ontwikkelen. We maken ons sterk voor het behoud van ons veelzijdige cultuurlandschap, de natuur en de biodiversiteit.

Ons doel We zetten ons in voor het behoud en vergroten van de kwantiteit en kwaliteit van ons unieke landschap, de natuurwaarden en biodiversiteit. Met verdienmodellen voor grondeigenaren als voorwaarde biedt vergroting van kwaliteit en kwantiteit van natuur, landschap en biodiversiteit een bijdrage aan toekomstperspectief. Dat doen we als gebiedspartner, als kartrekker, als beïnvloeder of als overheid die regels stelt. In 2026 hebben we reële stappen gezet voor verbeteren van kwaliteit van landschapselementen, is de biodiversiteit op gemeentegronden toegenomen en gebruiken we onze netwerken om de waarde van natuur, landschap en biodiversiteit aandacht te geven en te versterken.

Hoe leveren we een bijdrage aan de borging van ons unieke landschap en natuur? 1. N2000. We werken samen met vele partners en stakeholders aan de realisatie van de N2000 opgaven. 2. Inpassen projecten. We werken samen met diverse partijen aan hoge kwaliteit van ontwerp, aanleg en beheer van de landschappelijke inpassing van (energie)projecten. Aan deze landschappelijke inpasbaarheid stellen we hoge eisen. 3. Kennis en informatie. We zetten in op meer voorlichting en educatie over natuur, landschap en biodiversiteit. Dit doen we samen met onze gebiedspartners. 4. Beleidsstrategie. We evalueren, verbeteren en wijzigen indien nodig onze ambities uit de Omgevingsvisie en de Waardenkaart. 5. Knoppen bedienen. Waar kansen liggen gaan we landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal aan de beleidsmatige en strategische knoppen zitten en in deze een voortrekkersrol vervullen. 6. Biodiversiteit. De kansen voor verbetering van biodiversiteit op en aan gemeentegronden worden onderzocht. De onderzoeksresultaten zullen de basis vormen voor een concreet uitvoeringsplan.

Actuele ontwikkelingen Voor de uitvoering van Natura 2000, zijn middelen beschikbaar vanuit de provincie. Ook voor de inzet van ambtelijke ondersteuning in het proces om te komen tot de juiste inrichting en bescherming (d.m.v. PIP) is financiering geregeld vanuit de provincie. De verwachting is dat onze betrokkenheid op dit onderdeel van N2000 projecten vanuit het programma in 2024 zal afnemen, omdat de voorbereiding van projecten dan grotendeels afgerond zal zijn en onze inzet bij de uitvoering in de lijn (reguliere werkzaamheden) zal worden opgepakt. De gemeentelijke belangen zullen dan vanuit de lijnorganisatie vertegenwoordigd worden. Om die reden zijn er geen financiële ontwikkelingen verwacht die aanleiding geven tot een aanvullende claim in 2024. Het project Twente Bloeit zal in 2024 iedere Twentse gemeente vragen om een bijdrage van € 10.000 met als doel het opbouwen van een gebiedsfonds en het opstarten van ecosysteemdiensten in heel Twente. 38

Deze ecosysteemdiensten zorgen voor de verbetering van de biodiversiteit en groenblauwe dooradering, tezamen met een eerlijke beloning voor grondeigenaren die diensten met maatschappelijke waarden uit voeren. Het project is expliciet benoemd in het concept PPLG. Als de inhoud van het PPLG wordt goedgekeurd en middelen worden toegekend, betekent dit een impuls voor de biodiversiteit in ons gebied. Door middel van een pilot in Twente wordt onderzocht of ook marktpartijen kunnen meedoen. Twente Bloeit wordt door de provincie gezien als een voorbeeld werkwijze voor heel Overijssel om de natuur en biodiversiteit te verbeteren. Het "struweelhagen project" wordt eind 2023/begin 2024 in Dinkelland gestart, in samenwerking met Landschap Overijssel. Grondeigenaren kunnen subsidie krijgen voor de aanplant van inheemse hagen. De dekking zal plaatsvinden vanuit het KGO-fonds. Vanuit de Omgevingsvisie en Waardenkaart zal onderzoek gedaan worden naar de veertien landgoederen in Dinkelland en Tubbergen. Landgoederen worden beschouwd als dragers van landschap, cultuurhistorie, natuurwaarden en streekeigenheid in Twente. Daarbij worden de waardevolle elementen en hun samenhang in kaart gebracht en onderzocht hoe deze behouden kunnen blijven. De dekking hiervoor is nog niet rond.

De uitwerking van de aangenomen motie over meer bomen in Dinkelland zal als keuzemodel aan de gemeenteraad voorgelegd worden. Hierin zal ook het verbeteren van de biodiversiteit worden meegenomen.

Financiën Buitengebied in Balans Actielijn Agro In de begroting 2023 is een bedrag van €400.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

We verwachten uitgaven voor de Erfcoaches 2024 en 2025, de gebiedsanalyse en externe inhuur. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €80.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Actielijn Natuur/landschap In de begroting 2023 is een bedrag van €100.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

39

We verwachten uitgaven voor het project “Twente Bloeit” en een “onderzoek naar de landgoederen”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €65.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

40

Programma Iedereen Gezond Inleiding Iedereen Gezond Gezond zijn is veel meer dan niet ziek zijn. Gezondheid gaat over sociale, mentale, financiële (of economische) en fysieke gezondheid. Het doel is dat onze inwoners in 2026: 

Minimaal even gezond en gelukkig zijn (fysiek, mentaal, sociaal en economisch)

En het gevoel van veiligheid behouden ten opzichte van 2021

Wij ontwikkelen een actuele en vernieuwende visie op het sociaal domein. De beschikbare financiële middelen in het gemeentelijke sociale domein worden efficiënt en effectief ingezet, waarbij we prioriteiten stellen, keuzes maken en op zoek gaan naar slimme combinaties. We vertalen onze ambities naar vier actielijnen; 

De zorg voor onze inwoners is op orde

Gezond in je lijf en in je hoofd

Iedereen doet mee

Iedereen is veilig

In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot het onderwerp: 

Meer inzetten op vroegsignalering van armoede, eenzaamheid en jeugdhulp, bijvoorbeeld door de inzet van de buurtsportcoaches

Stimuleren van sportactiviteiten voor oud en jong, bijvoorbeeld door het (mede) realiseren van beweegtuinen

Toegankelijkheid van mensen met een beperking verbeteren

Voorkomen van jonge aanwas in de criminaliteit, bijvoorbeeld door een regionaal preventieprogramma;

Actuele ontwikkelingen Voor de gezondheid van onze inwoners en om de zorg betaalbaar en bereikbaar te houden voor diegenen die het echt nodig hebben, zien we als gemeente een toenemend belang van de inzet op preventie. Door in te zetten op preventie kunnen we de inzet van geïndiceerde, veelal complexere, Wmo, jeugdzorg en participatie terugdringen onder het motto voorkomen is beter dan genezen. Landelijk zien we dit ook terug in onder andere: 

Hervormingsagenda Jeugd

Brede SPUK regeling (specifieke uitkering)/ gezond en actief leven akkoord

Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor ouderen (WOZO)

Integraal Zorg Akkoord (IZA)

Nationaal Preventieakkoord en Nationaal Sportakkoord.

Op regionaal niveau wordt hier op ingespeeld door te komen met een regionale visie op volksgezondheid, en daarop aansluitend een uitvoeringsdocument en concrete doelen voor de GGD Twente voor de komende vier jaar. Tevens wordt gewerkt aan de inkoop van zowel de jeugdzorg als de Wmo. Dat is voor ons als gemeente een moment om te kijken hoe wij ons zorgaanbod willen inregelen, en betaalbaar en bereikbaar willen houden. Het belang van preventie, het voorkomen van een hogere zorgvraag, is daarbij een belangrijk aandachtspunt. 41

In aansluiting op deze landelijke en regionale beleidsontwikkeling zetten wij in op het versterken van de lokale preventie en zorgstructuur. Om dit gericht te kunnen doen is een goede analyse nodig; waar staan we en waar willen we naar toe. In 2023 is hier uitvoering aan gegeven door het ontwikkelen van een sport, cultuur en gezondheidsbeleid en begin 2024 volgt het armoedebeleid. De gemene deler is dat we in de huidige preventie en zorgstructuur de volgende aandachtspunten zien: 

Versterken ondersteuningsnetwerk: op tactisch en uitvoerend niveau het opheffen van het gebrek aan menskracht en het voeren van regie op dit ondersteuningsnetwerk, in te vullend door buurtsportcoach en dorpsondersteuner, die aan de slag gaan op het gebied van preventie.

Verruimen voorliggend preventief aanbod: het belang van lichte vormen van zorg is onmiskenbaar. De resultaten van pilots maken dat duidelijk, bijvoorbeeld bij schoolmaatschappelijk werk op de school, een voorliggende dagbesteding, en lichte ondersteuning voor opvoed en opgroeiproblemen. Bewezen vormen zetten we voort en waar nodig en mogelijk breiden we dit aanbod uit.

Extra inzet op preventie binnen het sociaal domein ( zie 'van perspectiefnota naar begroting' voor een uitgebreidere toelichting) Specificatie uit te werken richtingen / inspanningen

inc

2024

2025

2026

2027

500

450

450

450

450

Extra inzet op preventie binnen het sociaal domein Algemene stelpost die nader moet worden verdeeld

In 2024 zetten we in op preventie ter voorkoming van (de verdere groei van) de geïndiceerde zorg. Dit doen wij door het herijken van het ondersteuningsnetwerk en het zgn. voorliggende aanbod ofwel zorg- en ondersteuningsaanbod waarbij nog geen indicatiestelling nodig is of heeft plaatsgevonden. We zetten de extra middelen t/m 2025 incidenteel in op: 

Wmo gerelateerde voorliggende voorzieningen die een bijdrage leveren aan het verminderen van de toestroom naar de Wmo zorg, zoals huishoudcoach, vervoersontwikkelingen en voorliggende dagopvang bij kulturhusen.

Versterken van de voorliggende voorzieningen jeugd. Momenteel zijn we met een analyse bezig welke problematiek speelt er bij de jeugd en welk preventief aanbod wordt gemist. Vooruitlopend op de de afronding van de totale analyse hebben we ‘laaghangend fruit’ gedetecteerd waarmee we snel kunnen starten (zoals organiseren van beschikbare steungezinnen, het voorkomen van / anticiperen op jeugdzorg die voortvloeit uit echtscheidingsproblematiek en het anders inzetten van het jeugd en jongerenwerk).

Buursportcoaches: op uitvoerend niveau op het gebied van sport en preventie missen wij capaciteit om de gezondheidsdoelstelling waar te kunnen maken. We willen structureel het aantal buurtsportcoaches vergroten, daarvoor zijn ook incidentele middelen nodig om het te implementeren.

Schoolmaatschappelijk werk in de scholen. We zetten de koers van de NPO (Nationaal Programma Onderwijs) middelen door. NPO waren middelen die gemeenten hebben ontvangen om scholen te ondersteunen bij de aanpak van coronavertragingen. Met name op sociaal (emotioneel) vlak zagen wij de achterstanden ontstaan. Als gevolg daarvan zijn de middelen 42

ingezet in het mogelijk van schoolmaatschappelijk werk op de scholen (basisonderwijs, voortgezet onderwijs en Speciaal Basisonderwijs). Hierbij is de schoolmaatschappelijk werker op school aanwezig is, dichtbij en beschikbaar, niet alleen voor de leerkrachten en interne begeleiders, maar ook voor de leerlingen en hun ouders. Met deze extra uren geeft de schoolmaatschappelijk werker aan (ouders van) leerlingen uit het basisonderwijs extra hulp en ondersteuning op meerdere levensgebieden zoals relatieproblemen, scheiding, problemen rondom financiën, verlies van werk, verlies van een dierbare en eenzaamheid onder ouders en/of kind. Doel van de extra ondersteuning is om kinderen in een zo normaal mogelijke en probleemloze gezinssituatie te kunnen laten opgroeien en er daarmee voor te zorgen dat het welbevinden en de leerprestaties van deze kinderen verbeteren. De eventuele mogelijkheden voor structurele dekking van vooral het schoolmaatschappelijk werk betrekken we bij het opstellen van de perspectiefnota 2025. 

Armoedebeleid: momenteel wordt gewerkt aan het armoedebeleid. De evaluaties zijn gereed waarbij inzicht is verkregen in de omvang van de problematiek en inzicht in waar de kansen liggen in het preventief aanpakken en voorkomen van armoede. Vooruitlopend op het definitieve beleidsplan, hebben we 'laaghangend fruit' gedetecteerd waarmee we snel kunnen starten. Eén van de constatering is namelijk dat vooral verborgen armoede een grote uitdaging is, dat vraagt om betere communicatie, inzet op preventie en samenwerking tussen partijen/ organisaties bij vroegsignalering. Een voorbeeld van het laaghangend fruit is 'bereken uw recht'. Dit is een website waarbij inwoners zelf kunnen zien voor welke regelingen zij in aanmerking komen. De samenwerking met Schakel kan hierin verbeterd worden waardoor actief en gericht inwoners benaderd worden.

Structureel zetten we in op: 

Preventiebudget: deze middelen worden ingezet om uitvoering te geven aan het gezondheid, sport, cultuur en armoedebeleid. Op dit moment wordt gewerkt aan het opstellen van vier beleidsnota's: gezondheid, sport, cultuur en armoedebeleid. Een overeenkomst tussen alle beleidsnota's is dat het ondersteuningsnetwerk en het preventieve aanbod niet toereikend is ten opzichte van de ambities.

Doorontwikkeling van buurtsportcoaches als onderdeel van een meer structurele borging van sportbeleid waardoor blijvend gewerkt kan worden aan vitaliteit en dus preventie.

Versterken van het preventieve jeugdhulpaanbod ook in samenwerking met het (speciaal- en praktijk) onderwijs waarmee een deel van de geïndiceerde jeugdzorg kunnen voorkomen.

Doorontwikkeling dorpsondersteuner waarmee we dichtbij en gebiedsgericht eerder zicht krijgen op de problematiek ‘achter de voordeur’.

Wij zetten de Nationaal Programma Onderwijs (NPO) middelen door waardoor de pedagogische gezinsbegeleiding jeugdgezondheid (PGJ) beschikbaar blijft voor gezinnen met beginnende opvoedproblemen. PGJ is een vorm van opvoedingsondersteuning voor gezinnen met enkelvoudige opvoedingsproblematiek. De begeleiding heeft tot doel om vroegtijdig (preventief) samen met ouders en kind(eren) een oplossing te vinden voor opvoedingsproblemen en zo te voorkomen dat problemen verergeren. En wordt ingezet om beter inzicht te krijgen in de aard van de problematiek. Daardoor kan het bijdragen aan adequate verwijzing naar passende hulp (indien nodig).

Actielijn 1 De zorg voor onze inwoners is op orde Onze ambitie is om pro-actiever en zo vroeg mogelijk met onze partners en inwoners (preventief) te werken aan gezondheid. Wij willen korte lijnen tussen de gemeente, zorgaanbieders en zorgontvangers. Met als doel: zorg menselijker, efficiënter, effectiever en dichtbij. Onze inzet richten we op het organiseren en verbeteren van de korte lijnen door middel van een gebiedsgerichte integrale aanpak van de zorg. We werken actief samen met alle partners in het zorgdomein. Bij deze ambitie past onze financiële inzet op de (areaal-)ontwikkelingen, de POH jeugd-GGZ en de coördinator externe verwijzer. 43

Ons doel We spannen ons in om de zorg en ondersteuning beter in te richten vanuit het perspectief van inwoner(s), dichtbij en met de menselijke maat als uitgangspunt.

Hoe leveren we een bijdrage aan het op orde komen van de zorg voor onze inwoners? 

Algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We organiseren de algemene voorzieningen dichtbij, gebiedsgericht en integraal. We nemen daarbij de werkwijze van de dorpsondersteuner in Saasveld als basis. Daarbij positioneren we de kernondersteuner als spil in de kernen op basis van de behoefte in de kernen, met korte lijnen naar Schakel.

Preventief. We werken preventief en zo vroeg mogelijk in meer samenwerking met onze partners en inwoners aan de zorg en ondersteuning voor onze inwoners.

Samenlevingsgericht. We werken samenlevingsgericht. We benutten onze ogen en oren in de wijk beter door pro-actief in gesprek te gaan met onze uitvoerende partners en inwoners. We delen in deze gesprekken trends en ontwikkelingen, zijn alert op de samenhang der dingen en toetsen deze aan ons beleid.

Mantelzorgers. We verbeteren de aandacht en regelingen voor mantelzorgers.

Actielijn 2 Gezond in je lijf en in je hoofd Wij zien een forse opgave als het gaat om overgewicht en alcoholgebruik. Wij willen dat alle inwoners zich bewust zijn van het belang van een gezonde leefstijl. Daarom stimuleren we sport en beweging op basis van maatwerk voor verschillende leeftijdsgroepen. Ook zetten we in op vitale voorzieningen en verenigingen, cultuurbeleving, persoonlijke ontwikkeling en een veilige en gezonde leefomgeving.

Ons doel We leveren, in samenwerking met onze inwoners en partners, een bijdrage aan het bevorderen van een gezondere leefstijl en gezondere leefomgeving voor onze inwoners in 2026 . Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op terugdringen van overgewicht, overmatig alcoholgebruik en mentale gezondheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan Gezond in je lijf en in je hoofd? 

Van inzicht naar strategische sport en cultuuragenda. We hebben zicht op de meest kwetsbare doelgroepen, trends en ontwikkelingen. Deze vormen de basis voor de strategische agenda voor sport en cultuur.

Bevorderen van gezonde leefstijl en omgeving. We gaan aan de slag met het bevorderen van de gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving. Het accent ligt op sport, cultuur, jongeren en overgewicht en overmatig alcoholgebruik. We brengen het aanbod voor deze doelgroepen in beeld. Daarna ontwikkelen we samen met de betrokken partners en naar behoefte van de samenleving meer/ betere (collectieve) voorzieningen, ondersteuning en/of interventies.

Efficienter en effectiever gebruik van voorzieningen. We zetten in op vitale verenigingen, efficiënter en effectiever gebruik van bestaande voorzieningen en toegankelijke en betaalbare voorzieningen op het gebied van sport en cultuur.

Actielijn 3 Iedereen doet mee Een toegankelijke en inclusieve samenleving betekent dat iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mogelijk meedoet aan de maatschappij. Elke inwoner moet de mogelijkheid hebben mee te doen en zich te ontwikkelen. We zien daarbij vooral een opgave op het gebied van eenzaamheid en armoede. Wij willen vroeger zicht krijgen op gevallen van –verborgen- armoede en dreigende armoede, eenzaamheid, uitsluiting en isolatie. Dit door preventief te werken en proactief onze rol te pakken.

44

Ook zetten we in op een betere benutting van bestaande mogelijkheden en faciliteiten voor jongeren en senioren voor ontmoeting en deelname aan activiteiten. We zorgen ervoor dat het voor onze inwoners gemakkelijker wordt om de weg te vinden naar diensten en algemene voorzieningen.

Ons doel We spannen ons in voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mee kan en mag doen aan de maatschappij. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op inwoners in armoede en eenzaamheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan het uitgangspunt iedereen doet mee? 

Van inzicht naar een strategische inclusie agenda. We hebben zicht op verschillende vormen van armoede en eenzaamheid per kern of doelgroep. We hebben hierbij aandacht voor de identiteit en cultuur van de betreffende kern. Op basis hiervan stellen we een inclusieve agenda op, met accenten op eenzaamheid en armoede.

Ondersteunen van initiatieven. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een inclusievere samenleving

Preventief en proactief. We gaan samenlevingsgericht, pro-actief in gesprek met organisaties en inwoners over bestaande activiteiten en voorzieningen, over trends en ontwikkelingen binnen het sociale domein. We stimuleren hen waar mogelijk initiatief te nemen om het aanbod af te stemmen op nieuwe (kwetsbare) doelgroepen, waarbij bestaande faciliteiten beter worden benut, toegankelijk zijn en waar nodig nieuwe activiteiten en voorzieningen worden toegevoegd.

Actielijn 4 Iedereen is veilig Dinkelland is al jarenlang een van de veiligste gemeentes van ons land. Dit willen we graag zo houden. Bij veiligheid spelen diverse vraagstukken: woonoverlast, (jeugd-)criminaliteit, verkeersveiligheid, huiselijk geweld en ondermijnende criminaliteit. Dit complexe terrein kent dus veel vraagstukken, partijen en instrumenten en dus ook vele verbindingen met ander gemeentelijk en regionaal beleid. We brengen focus aan op en geven de speerpunten van ons beleid vorm. We luisteren daarbij naar signalen uit de samenleving. We willen dat al onze inwoners veilig kunnen wonen, leven en werken.

Ons doel Wij willen één van de veiligste gemeenten van Nederland blijven. Wij hebben vertrouwen in onze huidige aanpak en in de cultuur die onze inwoners in zich dragen. Wij willen de komende periode de nadruk leggen op een viertal overstijgende thema’s, gebaseerd op de laatste burgerpeiling veiligheid (2021). In 2026 kijken we terug op: 

Een meer integrale aanpak van veiligheidsvraagstukken

Een strategisch meerjarenperspectief op het thema veiligheid

Uitlijning van onze lokale inspanningen met regionale inspanningen

Hoe leveren we een bijdrage aan Iedereen is veilig We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op veiligheid: 

Strategische agenda: wij sturen op strategisch niveau. De uitkomsten van de burgerpeiling Veiligheid zijn leidend bij het vormen van onze strategische agenda. Wij zijn koersvast in het volgen van deze agenda en gebruiken onze koers om ook deze vraagstukken op andere overlegtafels te agenderen (veiligheidspartners).

45

Rollen en bevoegdheden. wij geven inzicht in waar verantwoordelijkheden liggen. Welke bevoegdheden heeft de raad? Welke besluiten neemt de burgemeester? Wat is de verhouding tussen gemeentelijke taken, regionale taken en overstijgende verantwoordelijkheden (politie).

Actuele ontwikkelingen De gemeente heeft de regie op het gebied van lokale veiligheid. Om dit goed in te vullen is een integraal veiligheidsbeleid van belang, waarmee we als gemeente sturing geven aan de lokale opgaven voor het behouden van een veilige leefomgeving. Met ons veiligheidsbeleid geven we onze (strategische) agendapunten en thema's voor de komende jaren aan. Daarnaast geven wij inzicht in de rol die wij aannemen, ook in relatie tot onze veiligheidspartners. De basis is gelegd voor een integrale aanpak op het gebied van veiligheid. In samenwerking met het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) hebben we de urgente thema's die spelen in het veiligheidsdomein in beeld gebracht. De opbrengst heeft samen met de uitkomsten van onze burgerpeiling en onze regionale prioriteiten geleid tot de eerste contouren van een Integraal Veiligheids Plan (IVP). Na vaststelling van het IVP (eerste kwartaal 2024) zullen we jaarplannen opstellen aan de hand waarvan we tot uitvoering komen.

Financiën Iedereen Gezond Werkbudget Iedereen Gezond In de begroting 2023 is een bedrag van €50.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €50.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Projectgeld kernondersteuner In de begroting 2023 is een bedrag van €12.500 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €12.500 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

46

Programma Leefomgeving van de toekomst Inleiding Leefomgeving van de toekomst Wij willen een leefomgeving die ook voor onze komende generaties duurzaam, veilig en gezond is. De bodem, het water en de lucht, de natuur, gebouwen en wegen en paden zijn allemaal onderdeel van onze leefomgeving. Door klimaatverandering komt onze leefomgeving onder druk te staan. We zullen ons moeten aanpassen aan veranderende weersomstandigheden zoals hitte, droogte en het vaker voorkomen van hevige neerslag. We moeten anders omgaan met energie en grondstoffen en ons maximaal inzetten om een energietransitie tot stand te brengen gericht op het terugdringen van het verbruik van grondstoffen en het stimuleren van het hergebruik. We doen dit proactief en we doen het samen; de gemeente met haar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties . We bundelen als Noordoost-Twentse gemeenten de krachten in de Energie van Noordoost-Twente. Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat er in 2030 55% minder CO2 uitstoot moet zijn en 50% van de energie duurzaam moet zijn opgewekt. In lijn met die doelstellingen stellen wij voor gemeente Dinkelland ons de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026. Dat is ambitieus en hiervoor moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/726/documents/20333