Begroting 2024 Dinkelland.pdf
Tekst van het document
Trias Energetica: eerst besparen, dan opwekken Doelstellingen realiseren we via een soort “oploopmodel” en het principe van de Trias Energetica: 1. Beperken van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Energie die niet verbruikt wordt, hoeft ook niet opgewekt te worden. We zetten maximaal in op energie besparen. Door onze eigen gebouwen te verduurzamen en door inwoners en bedrijven daartoe te stimuleren en te faciliteren en door initiatieven op dit terrein te ondersteunen. 2. Maximaal gebruik maken van energie uit duurzame bronnen (zoals zon, wind, water, bodem). We richten ons op de opgave die noodzakelijk is vanuit de RES, met een maximale inzet op zon op dak, aangevuld met de noodzakelijke mix van wind en/of zon op land. We stimuleren en faciliteren gebouweigenaren om warmte duurzaam op te wekken, bijvoorbeeld aan de hand van (hybride) warmtepompen. Voor de productie van warmte willen we ook gebruik maken van het potentieel aan biogas en/of groengas in Dinkelland. We benutten kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken (bv waterstof of geothermie) voordoen. 3. Zo efficiënt mogelijk gebruik van (fossiele) energiebronnen om in de resterende energiebehoefte te voorzien; Sommige woningen zijn lastiger te verduurzamen dan anderen. Ook zullen er bedrijven blijven die behoefte hebben aan gas voor hun productieprocessen.
Biogas en/of groengas kunnen oplossingen bieden voor deze gebouwen. Echter moeten we er rekening mee houden dat we nog lange tijd fossiele energiebronnen nodig hebben; deze zullen dan zo efficiënt mogelijk worden ingezet.
47
Samen aan de slag De energietransitie is een forse opgave waar we gezamenlijk – inwoners, ondernemers én overheid - voor aan de lat staan. We nemen hierbij een pro-actieve houding in en nemen inwoners en ondernemers mee in de opgave die er ligt. We faciliteren en ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de gemeente. Hierbij bewaken we de integraliteit en houden we ook de samenhang met andere beleidsterreinen (landelijk gebied, sociaal domein, volkshuisvesting) in beeld en benutten kansen die zich voordoen. Energie van Noordoost Twente We staan als Noordoost-Twentse gemeenten allemaal voor dezelfde (forse) opgave in de energietransitie. Door krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Een aantal jaren geleden is hiervoor het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente opgestart. Deze samenwerking bouwen we de komende periode verder uit. Klimaatvisie De leefomgeving van de toekomst gaat verder dan alleen de energietransitie. Met de ondertekening van het klimaatakkoord hebben we ons gecommitteerd aan de bredere opgave om uiteindelijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast elektriciteit en warmte gaat het om thema's als klimaatadaptatie, circulaire economie, infrastructuur en mobiliteit, natuur en landschap en de landbouw.
Daartoe gaan we de heldere keuzes maken: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s.
48
Actielijnen Het programma Leefomgeving van de Toekomst kent een dynamische agenda. Jaarlijks leiden nieuwe inzichten tot aanvullingen en wijzigingen. De uitkomsten uit de visie en uitvoeringsagenda kunnen leiden tot aanpassing en aanvulling van de actielijnen. Binnen het programma worden drie actielijnen geformuleerd.
Actielijn 1 Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen & werken
Actielijn 2 Opwek - Duurzame energievoorziening
Actielijn 3 Duurzame mobiliteit
De drie actielijnen vormen samen een specificatie van paragraaf 3.1 Klimaat en duurzaamheid: er tegenaan! uit het college- en raadsakkoord. Paragraaf 3.2 Groen en Bloemen uit het collegeakkoord vindt zijn uitwerking via het Kwaliteitsplan Openbaar Groen (basisbegroting). In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot de onderwerpen:
Versnel verduurzamen van (sociale huur)woningen, bijvoorbeeld door een revolverend fonds voor particulieren
Plan van aanpak en financiële onderbouwing voor de verduurzaming van schoolgebouwen
Haalbaarheidsonderzoek naar de realisatie van energieopslag
Mogelijkheden van subsidies voor klimaatadaptieve maatregelen voor particulieren verkennen, ism waterschap 49
Gebruik maken van subsidie ten behoeve van de waterstofhub
Actuele ontwikkelingen Klimaatvisie De huidige ambities ten aanzien van duurzaamheid en klimaat zijn vertaald naar een programma Leefomgeving van de Toekomst in de begroting 2023 inclusief financiële consequenties. Daarmee is reeds een belangrijk inhoudelijk en financieel kader geboden voor de komende periode. In de begroting 2023 is ook opgenomen dat we werken aan een klimaatvisie, waarin heldere worden gemaakt ten aanzien van de opgaven en ambities die we hebben ten aanzien van de uitvoering van het Klimaatakkoord. Vanuit het Klimaatakkoord liggen de opgaven in de volgende sectoren:
Gebouwde Omgeving
Elektriciteit
Industrie
Landbouw en Landgebruik
Mobiliteit
Per sector wordt in beeld gebracht: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol, wat is de rol van stakeholders? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s. De klimaatvisie is naar verwachting in eind 2023 gereed. Op basis van de gestelde ambities en de te maken keuzes zijn de financiële en personele consequenties beter in beeld. Inmiddels zijn ook vanuit het Rijk middelen beschikbaar gesteld voor uitvoering van het Klimaatakkoord (Regeling CDOKE, zie onderstaand). Vooralsnog is de inschatting dat uitvoering van de klimaatvisie binnen deze middelen alsmede de reeds beschikbare middelen voor het programma Leefomgeving van de Toekomst kan plaatsvinden. De klimaatvisie wordt via een apart raadsbesluit voorgelegd aan de gemeenteraad. Middelen Regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Er zijn eind april 2023 voor de periode 2023-2025 extra financiële middelen van het Rijk beschikbaar voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Deze specifieke uitkering (Brede doeluitkering BDU) is bedoeld voor het binnenhalen van nieuwe collega’s of externe deskundigen met kennis van klimaat en energie de sectoren vanuit het Klimaatakkoord zoals bovenstaand beschreven, met uitzondering van Landbouw en Landgebruik.
Voor Dinkelland is het beschikbare budget budget: € 474.699 (2023), € 479.005 (2024) en € 483.311 (2025) Samenwerking Energie van Noordoost Twente Voor een deel van de opgaven in de energietransitie, in de sectoren elektriciteit en gebouwde omgeving, werken we sinds een aantal jaren samen met de gemeenten Tubbergen, Losser en Oldenzaal in de Energie van Noordoost Twente. Er is een conceptvoorstel gereed voor de voortzetting van de samenwerking in de periode 2024-2026. Het definitief besluit over de samenwerking wordt naar verwachting eind 2023 genomen. Financiering vindt plaats binnen de reeds beschikbare middelen voor het programma Leefomgeving van de Toekomst in combinatie met de middelen van het Rijk (CDOKE). Circulaire economie Het onderwerp Circulaire Economie vormt één van de pijlers van de vrijwillige Twentse milieusamenwerking en is als zodanig vastgelegd in het samenwerkingsprogramma Milieu, Duurzaamheid en Afval (MDA) 2023 en in de gezamenlijke bestuursopdracht MDA 2020-2025. Op 13 April 2023 is door het PHO-MDA besloten dat de sinds 2019 bestaande werkgroep Circulaire Economie doorgroeit naar een Ambtelijk Overleg en dat de ‘Startnotitie Circulaire Economie Twentse gemeenten’ wordt vastgesteld.
50
De Startnotitie vorm het beginpunt van het vervolgtraject met als beoogd resultaat een Koersdocument en Uitvoeringsplan. In het Koersdocument zal richting worden gegeven, doelen worden gesteld en meer focus worden gebracht. Op 18 juli 2023 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen op een plan van aanpak op te stellen om de circulaire economie in de gemeente Dinkelland te bevorderen. Het koersdocument vormt de basis voor invulling en concretisering van dit plan van aanpak. Het plan van aanpak inclusief financiële consequenties wordt aan de raad voorgelegd. Warmtetransitie: Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie en Warmteprogramma (Actielijn 1) Op 30 juni 2023 is het wetvoorstel Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) aan de Tweede Kamer aangeboden. Deze geeft gemeenten de bevoegdheden om de regie over de lokale warmtetransitie te pakken. Met de Wgiw wordt een verplichting aan B&W opgelegd om een warmteprogramma voor de hele gemeente vast te stellen gericht op verduurzaming van bestaande gebouwen. Het warmteprogramma is de juridische vertaling van de warmtevisie. In het warmteprogramma brengt de gemeente per gebied de potentieel beschikbare duurzame warmtealternatieven in beeld en beschrijft per gebied het tijdspad van verduurzaming. Daarop volgt in de regel het opstellen en vaststellen van een uitvoeringsplan.
In een uitvoeringsplan concretiseert de gemeente het warmteprogramma voor een afgebakend gebied. Met het wetsvoorstel krijgen gemeenten tevens een aanwijsbevoegdheid: de mogelijkheid gebieden aan te wijzen die voor een bepaalde datum overgaan op een duurzaam alternatief ter vervanging van aardgas (afkoppeling van het aardgas). Oorspronkelijk zou de wet op 1 juli 2024 in werking treden; de val van het kabinet levert naar verwachting vertraging op in de wetgevingsprocedure. De komende tijd houden we de voortgang in de gaten, gaan we ons oriënteren op hoe we met de nieuwe wetgeving omgaan en betrekken we de gemeenteraden bij de totstandkoming van de aanpak. Tot aan vaststelling van een Warmteprogramma houden we de ingezette lijn van vergroten van bewustwording, vergroten van het draagvlak en enthousiasmeren van de inwoners vast. Daarbij zetten we samen met inwoners en ondernemers het proces in de WUP-wijken voort om woningen/gebouwen van het aardgas af te halen. Boerengas B.V. (Actielijn 2) De NOT gemeenten zijn voornemens om met een voorinvestering van 1 miljoen deel te nemen in Boerengas B.V. Deze voorinvestering zal zich via de een winstpercentage van 8% verdeeld over de drie deelname partners (Energiefonds Overijssel en de verenigde boeren in Boerengas b.v.) terug moeten verdienen.
Daarnaast zal er structureel (zolang er deelgenomen wordt in Boerengas b.v.) een bedrag gereserveerd worden van € 60.000/ jaar voor de bestuurlijke ondersteuning. Afhankelijk van het aantal deelnemende NOT gemeenten zal dat voor de begroting neerkomen op:
1 Miljoen evenredig verdeeld over het aantal deelnemende NOT gemeenten (bij vier deelnemers ¼ Miljoen/gemeente of meer bij minder deelnemende gemeenten)
€ 60.000 evenredig verdeeld over het aantal deelnemende NOT gemeenten (bij vier deelnemers €15.000/gemeente of meer bij minder deelnemende gemeenten)
Ontwikkelingen nieuwe technieken (Actielijn 2) Geothermie: De kansen voor diepe geothermie bevinden zich in de Tubbergen formatie (zandlaag uit het Carboon tijdperk). Deze aardlaag is in het noorden van Twente aangetroffen en is dus ook aanwezig in noordoost Twente. Geothermie is een van de mogelijke alternatieve oplossingen voor de levering van duurzame energie, naast andere duurzame energiebronnen. Deze techniek gaat echter gepaard met significante investeringen, risico’s en technische uitdagingen, maar vooral ook onbekendheid. Daarom worden alle aspecten in kaart te brengen, zodat weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden. Onderzoek en een proefboring zijn nodig om de mogelijkheden van geothermie in deze aardlaag te verkennen. Er lopen gesprekken met de UT en de gemeente Enschede om hier verder invulling aan te geven.
51
Waterstof: Waterstof is een energiedrager, die voor de verdere toekomst wellicht kansen biedt voor het verwarmen van woningen en gebouwen. Via de RES Twente sluiten we aan bij de H2Hub Twente We volgen de ontwikkelingen en zullen in spelen op kansen die zich voordoen. Kernenergie: Op verzoek van de provincie is op basis van de kennissessie, een notitie over de toepassing van kernenergie in Nederland en de perspectieven voor SMRs geschreven. Deze kleine kerncentrales bevinden zich nu in de ontwikkelfase en moeten de zogenaamde ‘demonstratiefase’ nog doorlopen. Hoewel realisatie nog niet direct op korte termijn te verwachten is, volgen we de ontwikkelingen rondom de SMRs . Zodra een volgend concreet stadium bereikt wordt, wordt dit thema weer actief besproken in de Provinciale Staten.
Actielijn 1 werken
Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en
In 2030 zijn twee miljoen Nederlandse woningen van het aardgas af. In 2050 verwarmt, kookt of doucht geen enkel huishouden meer met aardgas. We stappen over op duurzame warmte. Dit is afgesproken in het Nederlandse Klimaatakkoord. Ook bedrijven maken deze ommezwaai, met als doel dat Nederland in 2050 klimaatneutraal is. Gemeenten in Nederland, zo ook gemeente Dinkelland, hebben een grote rol in de overstap naar duurzame warmte. Om de opgave te laten slagen, werken we samen met inwoners aan haalbare en betaalbare oplossingen. We zetten daarbij ook maximaal in op het nemen van energiebesparende maatregelen.
Ons doel In 2050 wonen en werken we energieneutraal en aardgasvrij. Wij ondersteunen inwoners en bedrijven pro-actief in het proces om woningen en gebouwen meer te verduurzamen.
Hoe leveren we een bijdrage aan Verduurzamen – Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en werken We nemen inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties bij projecten en inspanningen in deze actielijn stapsgewijs mee; waarbij de eerste inzet is op bewustwording en informatievoorziening, daarna op advies en afweging om vervolgens tot uitvoering over te gaan. 1. Bewustwording en informatievoorziening Creëren van verdergaand bewustzijn, urgentiebesef en draagvlak onder onze inwoners en ondernemers voor de warmtetransitie door gerichte communicatie voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen. Het energieloket is de basis van onze informatievoorziening. Daarnaast werken we actief samen met lokale groepen (zoals energiecoöperaties) om de kennis actiever en vooral persoonlijker bij de inwoners en ondernemers onder de aandacht te brengen. 2. Advies en afweging. Er komt veel op onze inwoners, ondernemers en instellingen af. De stap om daadwerkelijk te verduurzamen is voor velen ingewikkeld: welke keuzes kun/moet je maken, wat kost het en wat levert het op? We willen inwoners en ondernemers adviseren en ontzorgen in het proces naar haalbare en betaalbare oplossingen in het verduurzamen van hun woning.
We leveren daarvoor een ondersteuningsstructuur (gereedschapskist met verschillende instrumenten en werkwijze), passend bij de eigen specifieke woning en situatie. De instrumenten kunnen op wijkniveau worden ingezet en gemeentebreed. Speciale aandacht is er voor het terugdringen van energiearmoede en het nemen van maatregelen voor de doelgroep die dit het meeste treft. 3. Uitvoering – wijkuitvoeringsplannen. We zetten samen met inwoners en ondernemers het proces in de wijken voort om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen en waar nodig intensiveren we dit. Daarbij kijken we hoe we slim een wijk- of kerngerichte aanpak kunnen combineren met individueel gerichte maatregelen voor alle woningeigenaren in de gemeente. 4. Herijken ambitie en -rolbepaling. Op basis van de opgedane ervaringen in de afgelopen jaren in de wijkuitvoeringsplannen herijken we de warmtevisie en aanpak om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen. 52
Actielijn 2
Opwek - Duurzame energievoorziening
In 2030 moet 50% van de energievoorziening duurzaam zijn opgewekt (en in 2050 volledig). In lijn met die doelstellingen stellen wij voor gemeente Dinkelland ons de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026. Hier willen we samen met inwoners, organisaties en andere gemeenten invulling aan geven. We bundelen de krachten in het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente.
Ons doel We moeten meer energie duurzaam opwekken. In 2030 moet 50% van de energievoorziening duurzaam zijn opgewekt (en in 2050 volledig). In lijn hiermee is voor de gemeente Dinkelland de doelstelling om 40% van het energiegebruik duurzaam op te wekken in 2026.
Hoe leveren we een bijdrage aan Opwek - Duurzame energievoorziening 1. Maatschappelijke acceptatie. Creëren van verdergaand bewustzijn onder onze inwoners over de opgave in de energietransitie. Dit doen we door inwoners meer eigenaar te laten zijn van zowel het probleem als de oplossing. Eigenaarschap van inwoners bereik je niet vanzelf. Goede voorlichting (vergroten van kennis, delen van kennis, voorbeelden en ervaringen), betrekken van inwoners bij processen en projecten en het creëren van handvatten om gedrag te veranderen en inwoners te ontzorgen, zijn noodzakelijk. 2. Vaststellen beleid (en evt. regelingen). Vaststellen van benodigd beleid tbv (grootschalige) duurzame opwek, waaronder het wind- en zonneveldenbeleid. Daarnaast verkennen we de mogelijkheden en behoefte voor het ondersteunen van initiatieven voor duurzame opwek aan de hand van (stimulerings)regelingen. 3. Lokale initiatieven in the lead. Het thema duurzaamheid staat steeds meer op de agenda in de verschillende kernen en het bedrijfsleven. Werkgroepen zijn in opkomst en coöperaties die in kansen denken. De coördinator duurzaamheid heeft een belangrijke functie in de dialoog met inwoners, dorpsraden, werkgroepen en initiatiefnemers. We faciliteren en ondersteunen kansrijke lokale duurzame initiatieven ten behoeve van opwek.
Het Regionaal Energiebedrijf is (in samenwerking met lokale coöperaties) de motor van ontwikkeling van lokale projecten en initiatieven. Lasten lokaal, dan ook lusten lokaal is een belangrijk uitgangspunt, we streven naar een maximale participatiegraad van inwoners/omgeving binnen eventuele toekomstige projecten (minimaal 50%, bij voorkeur 100%). We benutten de kennis en mogelijkheden van partners in het veld (zoals Twence) om realisatie van projecten tot stand te brengen. 4. Regionale en grensoverschrijdende samenwerking. We staan als (NOT-)gemeenten allemaal voor dezelfde forse opgave. Vanuit de krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Vanuit het samenwerkingsverband bundelen we de krachten richting de opgaven vanuit de Regio Twente. We geven invulling aan de Regionale Energie Strategie 2.0, inclusief de vaststelling van de noodzakelijke en gewenste energiemix van wind en zon. 5. Opwek van warmte. Aanjagen, opstarten en faciliteren van biogas in coöperatieve vorm. Door mede aandeelhouder te zijn van de op te richten beheersentiteit ontstaan mogelijk revenuen die ook ingezet kunnen worden voor een andere (duurzame) inspanningen. We onderzoeken de mogelijkheden van geothermie en waterstof en benutten waar mogelijk de kansen.
We volgen nieuwe ontwikkelingen en technieken op de voet en stellen onze acties bij als zich reële kansen voordoen. 6. Opslag. In de verduurzaming van onze energiebehoefte zijn de huidige technieken afhankelijk van niet continue aanwezige hernieuwbare energiebronnen. Energieopslag kan een middel zijn om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. De gemeente wil initiatieven voor energieopslag met een maatschappelijk nut stimuleren.
53
Actielijn 3
Duurzame Mobiliteit
Ons doel Beter organiseren van slimme, duurzame en zorgeloze mobiliteit zonder emissies.
Hoe leveren we een bijdrage aan Duurzame mobiliteit & (Maatschappelijk verantwoord) Inkopen 1. Voorbeeldfunctie. Als gemeente horen we het goede voorbeeld te geven door onze eigen voorzieningen en faciliteiten te verduurzamen. Onder meer stellen we een duurzaam mobiliteitsplan met een route voor het verduurzamen van ons eigen vervoer. 2. Laadinfrastructuur. In lijn met de visie op de laadinfrastructuur wordt uitbreiding van het aantal laadpalen gestimuleerd op de plekken waar dat gewenst is of waar rijders van elektrische auto’s wonen of werken. Voorbeeld daarvan is het overdekken van parkeerplaatsen en deze voorzien van zonnepanelen.
Financiën Leefomgeving van de toekomst Project ontplooiing grensregio’s In de begroting 2023 is een bedrag van €50.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €12.500 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
De coalitieperiode is in 2022 gestart. De uitgaven 2022 zijn op de begroting 2023 in mindering gebracht. Een bedrag van €60.000 is afgesplitst als “NOT Energieloket 3.0”. Voor de jaarschijven 2023 en 2024 jaarlijks €30.000. Een bedrag van €60.000 is afgesplitst als “Stimuleringsregeling energietransitie”. Voor de jaarschijven 2023 en 2024 jaarlijks €30.000. We verwachten uitgaven voor maatwerkaanpak energiearmoede”, kosten samenwerking EV NOT, de motie isolatiesubsidie en NOT Energieloket jaarschijven 2025 en 2026. Tijdens het opstellen van deze begroting werken we, samen met gemeenten uit Noord Oost Twente, aan een voorstel om te komen tot de oprichting van de “Coöperatie Duurzame Energieprojecten Noordoost Twente (CDE-NOT)” en deelname in “Boerengas BV. Afhankelijk van de deelname van 4 of 3 gemeenten gaat het bij besluitvorming om een bedrag tussen de €250.000 en €350.000. Deze zullen als “Deelneming” worden geactiveerd op de balans.
54
Het is dus géén te verwachten uitgave uit de “Projectgelden Leefomgeving van de toekomst“. We moeten er rekening mee houden dat hier structurele uitgaven uit voortkomen. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €350.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Waarvan €290.000 voor de “Projectgelden Leefomgeving van de toekomst”, €30.000 voor het “NOT Energieloket 3.0” en €30.000 voor de “Stimuleringsregeling energietransitie”. In 2024 krijgen we van het Rijk de beschikking over middelen voor isolatiesubsidie.
Werkbudget Leefomgeving van de toekomst In de begroting 2023 is een bedrag van €200.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
We verwachten nog uitgaven voor onder andere de wijkaanpak in Weerselo en Tilligte. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €50.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
Uitvoeringskosten In de begroting 2023 is een bedrag van €800.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €200.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Ondertussen kunnen we een deel van de capaciteit financieren uit een Specifieke uitkering van het Rijk. De Tijdelijke regeling “capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)” is bedoeld voor het binnenhalen van nieuwe collega’s of externe deskundigen met kennis van klimaat en energie. Momenteel bestuderen we hoe we deze middelen optimaal kunnen inzetten. In de loop van 2023 zal duidelijk worden wat de invloed zal zijn op de beschikbaar gestelde middelen van €800.000. De uitvoeringskosten die zijn "voorgefinancierd" via de algemene middelen van €132.000 zullen als eerste ten laste van deze rijksvergoeding moeten worden gebracht. Vooruitlopend op de uitkomst stellen we voor het structurele voordeel van €132.000 als voordeel in deze begroting op te nemen.
55
Programma Leefbare kernen Inleiding Leefbare kernen Het leven van onze inwoners speelt zich grotendeels af in de kernen waarin ze wonen. Daar moet het goed zijn qua wonen, werken en sociaal leven. Deze elementen moeten in balans zijn. Voldoende woningbouwmogelijkheden biedt kansen om binnen onze gemeente te blijven wonen. Inwoners met een sterke verbondenheid aan hun kern leveren een grote bijdrage aan het sociale- en verenigingsleven. De combinatie met voldoende werkgelegenheid biedt vervolgens perspectief op een krachtige kern, waar onze inwoners graag verblijven en onderdeel van willen zijn. In het bijzonder kijken wij hierbij naar de kansen voor onze jeugd. De vitaliteit van Dinkelland in de toekomst wordt immers in belangrijke mate bepaalt door de mogelijkheden die jongeren hebben op het gebied van wonen, werken, recreëren en vrijetijdsbesteding. We realiseren ons dat het leefbaar houden van de kernen een doorlopende inspanning vraagt. In de huidige 4 jaar zullen we vooral inzetten op de meerjarige woningbouwprogrammering, het vitaal houden van verblijfsgebieden en het stimuleren van een gezond ondernemersklimaat. We vertalen onze ambities naar 2 actielijnen:
Voor iedereen een passende woning
Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen
In dit programma maken we ook de afweging hoe om te gaan met de unaniem aangenomen verzamelmotie met betrekking tot de onderwerpen:
Naar behoefte realiseren van alternatieve woonvormen
Inzetten van de sociale hypotheek voor maatschappelijke voorzieningen
Realiseren van openbare watertappunten in de kernen (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)
Actieplan voor het bestrijden van invasieve exoten (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)
Waar nodig het verbeteren van de verkeersveiligheid rondom basisscholen en schoolfietsroutes, met name in het buitengebied (relatie met programma Openbare ruimte & Mobiliteit)
Actielijn 1
Voor iedereen een passende woning
Er is een grote behoefte aan passende woningen. Ook in Dinkelland is de vraag groter dan het aanbod. De meest urgente woningbehoefte ligt bij starters en senioren. Daarop zijn onze nieuwbouwinspanningen vooral gericht. Ons doel is om de huidige onbalans tussen vraag en aanbod van passende woningen te beperken en op te heffen. Kernen zijn verschillend in de behoefte aan woningen. Daarom zijn we in gesprek om te kijken wat bij elke kern past. We willen diversiteit in woningbouw. Het gaat hierbij om huur en koop voor verschillende doelgroepen. Daarbij zien we ook een toename van de vraag naar flexibele woningbouw. We willen inzetten op een actief grondbeleid en creatieve oplossingen onderzoeken voor financiering van plannen, zodat nieuwe woningen voor meer doelgroepen beschikbaar en betaalbaar worden.
Ons doel Wij willen sturen op een meerjarige woningbouwprogrammering. Via ons grondbedrijf treden wij op als ontwikkelaar. Via ons ruimtelijk en planologisch instrumentarium faciliteren wij particuliere initiatiefnemers en projectontwikkelaars. Wij willen het grootste gedeelte van de geprognosticeerde woningbehoefte tot 2030 de huidige bestuursperiode realiseren. Wij stellen op basis van de “harde plancapaciteit” concrete doelen over hoeveel kavels/woningen wij periodiek op de markt brengen (of laten brengen). 56
In 2026 kijken we terug op een woonbeleid dat uitvoeringsgericht is geweest, waarbij:
in elke kern nieuwe mogelijkheden voor woningbouw zijn ontstaan, passend bij de lokale behoefte;
wij de doorstroming in de kernen op gang hebben gebracht;
wij een bijdrage hebben geleverd aan een betere betaalbaarheid van woningen;
wij een begin hebben gemaakt met de woningvraag van de toekomst, 2030 en verder, uitgaande van opgaven voortkomend uit vergrijzing, veroudering van woningen en verduurzaming;
een aanbod met flexibele woonproducten hebben gerealiseerd voor mensen met een urgente woonvraag.
Hoe leveren we een bijdrage aan Voor iedereen een passende woning We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw:
Aan het stuur zitten. We spannen ons via ons grondbedrijf in om nieuwe woningbouwplannen op de markt te brengen. We zijn proactief, verwerven gronden op strategische locaties en zorgen voor een continue planvoorraad en beschikken over een meerjarenprogrammering woningbouw.
Faciliterend. We zijn gesprekspartner voor particuliere initiatiefnemers. We adviseren over de ontwikkelkansen van locaties en geven kaders mee voor welke doelgroepen ontwikkeld moet worden.
Samenlevingsgericht werken met gebieden en doelgroepen. We participeren in ontwikkeltrajecten in de kernen om toekomstbestendig te zijn. Indien vrijkomende locaties ontstaan onderzoeken wij hoe dergelijke locaties kunnen bijdragen aan het woonbeleid.
Financieren. Wij stimuleren de herontwikkeling van inbreidingslocaties, ook wanneer herontwikkeling financieel uitdagend is. Door middels van de stimuleringsregeling kunnen wij een bijdrage leveren aan het haalbaar maken van een herontwikkelingslocatie. Ook onderzoeken wij alternatieve financieringsvormen.
Actuele ontwikkelingen De woningmarkt is in beweging. Hoewel de vraag naar woningen nog steeds groot is zien wij een aantal actuele ontwikkelingen, waardoor wij ons perspectief op woningbouw actualiseren. Daarbij zien wij dat naast een continue woningbouwproductie de behoefte aan een daadkrachtig volkshuisvestingsprogramma toeneemt. Onze volkshuisvestelijke opgaven gaan over het vinden van balans tussen beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit. Aan de hand van deze elementen geven wij sturing aan onze opgaven: Beschikbaarheid:
Actief grondbeleid zowel voor ontwikkeling korte termijn als strategische aankopen voor langere termijn
Voor elke kern perspectief op woningbouw, door zowel gemeentelijke (uitgifte) plannen, als (voornamelijk particuliere) inbreidingsplannen
Kwantitatief woningbouwprogramma waarin we de regionaal afgestemde ruimte voor nieuwbouw maximaliseren
Aandacht voor huisvestingsverordening (lokale toewijzing)
Tijdelijke woningen op tijdelijke woonlocaties
Opgave voor huisvesting statushouders onderdeel van meerjarenprogrammering woningbouw
57
Betaalbaarheid:
Uitgangspunt hanteren ten aanzien van verdeling 30-40-30 (sociaal-betaalbaar-vrij) in nieuwe plannen, maar lokale behoefte prevaleert
Bij particuliere ontwikkelingen sturen op specifieke oppervlakte kavels en appartementen
Aanbestedingsvormen waarbij op prijs de markt wordt uitgedaagd om te komen tot betaalbare woonvormen
Alternatieve woonvormen integreren in planvorming, zoals prefab of flexibel indeelbare woonproducten
Blijvend hanteren van regelingen zoals starterslening en verduurzamingsregelingen
Verkenning en waar mogelijk toepassing alternatieve financieringsvormen
Kwaliteit:
Afstemming met woningbouwstichting voor investeringsopgave sociale woningbouw
Woonruimteverdeling (toewerken naar Urgentieverordening)
Specifiek woonzorgbeleid in verlengde van Woonvisie
Bouwen voor specifieke doelgroepen
Actielijn 2 Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen Het bieden van een economisch perspectief en werkgelegenheid heeft een nauwe relatie met voldoende ontwikkelruimte voor bedrijven en voor plekken waar bedrijven zich vestigen. Daarbij ligt de nadruk op behoud en versterking van het lokale bedrijfsleven. We zien de sociaaleconomische ontwikkelingen binnen onze gemeente niet los van ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen. Er is een gezamenlijk belang voor brede versterking van de economie in Twente. Daarbij staat maatschappelijk verantwoord ondernemen centraal. Wij willen ondernemers stimuleren om zich te richten op nieuwe marktkansen, groei en innovatie met winst voor mens, maatschappij en milieu. Wij betrekken deze visie bij de gesprekken met onze ondernemers en dragen deze boodschap uit in Twents verband.
Ons doel Wij willen een bijdrage leveren aan een sterke economische sector. Wij willen dat ons bedrijfsleven participeert en profiteert van de ontwikkelingen in Noordoost Twente en de regio Twente. Wij verbinden partijen via ons netwerk binnen de 3O’s. Daarnaast herkennen wij in onze gemeente een sterke vorm van vrijetijdseconomie, waarbij wij inzetten op kwalitatief toerisme. In 2026 kijken we terug op:
Nieuw gerealiseerde bedrijventerreinen in de grote kernen.
Sterkere centrumgebieden en een goed onderhouden relatie met onze ondernemers.
Een bijdrage geleverd aan talentontwikkeling via de 3O’s.
Verdere ontplooiing van de grensregio.
Een goede balans tussen de landschapskwaliteiten van ons gebied, de leef- en werkomgeving voor inwoners en de groeimogelijkheden van de toeristische sector;
Geboden mogelijkheden voor marktconforme en gebiedspassende bedrijvigheid;
58
Uitvoering van projecten en ideeën die gericht zijn op toerisme of dagrecreatie als aanvulling op het bestaande aanbod, gericht zijn op interessante doelgroepen of zorgen voor seizoensverlenging;
Ingerichte toeristisch interessante locaties in de kernen en in het buitengebied.
Hoe leveren we een bijdrage aan Voldoende ruimte voor de economie en voor maatschappelijk verantwoord ondernemen We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw:
Ontwikkelen: we ontwikkelen nieuwe bedrijfsgronden zodat onze lokale ondernemers kunnen uitbreiden en nieuwe bedrijven zich kunnen vestigen, ontplooien.
Verbinden. We zetten ons netwerk in om partijen binnen de regio met elkaar te verbinden.
Initiëren. We starten nieuwe projecten met het oog op de toegevoegde waarde voor ondernemers.
Participeren en stimuleren. We participeren in gebiedsprocessen en stimuleren de doorontwikkeling van centrumgebieden. Ook nemen we daarbij als gemeente een actieve ontwikkelende rol in.
Actuele ontwikkelingen Strategische visie Wij hebben eind 2023 de eerste aanzet gemaakt voor een nieuwe economische visie op strategisch niveau. Met een economische visie bepalen we onze koers en ambities voor (idealiter) de periode tot 2030. De markt is onderhevig aan veranderingen en daarom is het belangrijk om vooruit te kijken. De economie van 2030 zal fundamenteel anders zijn dan die van vandaag. Door digitalisering, verduurzaming en innovatieve ontwikkelingen verandert onze omgeving. Daar bereiden we ons op voor. Met deze visie geven we een antwoord op deze ontwikkelingen en willen we bijdragen aan een bloeiende economie. In dit verband willen wij ook nadrukkelijk stilstaan bij wat ons lokaal bindt en wat lokale kernkwaliteiten zijn. Bedrijventerreinen Wat betreft ons economisch perspectief ligt de eerste behoefte bij het kunnen beschikken over nieuwe bedrijfsgronden. We verrichten inspanningen om in de 3 grote kernen nieuwe bedrijventerreinen te kunnen ontwikkelen. De behoefte aan nieuwe bedrijfsgronden is becijferd op basis van lokale (meerjarige) behoefte. Daarover zijn recentelijk in de regio afspraken gemaakt, zodat onze ruimtebehoefte ook in regionaal verband is afgestemd. Inhoudelijk zien wij een uitdaging om nieuwe bedrijvenconcepten planologisch geregeld te krijgen.
We zien dat ondernemers op het raakvlak van detailhandel en bedrijfsmatige activiteiten bedrijfsconcepten doorontwikkelen, waarbij het de vraag is waar dergelijke initiatieven moeten worden gehuisvest (in de centra of op bedrijventerreinen). We ambiëren maatwerk te kunnen leveren. Regionale samenwerking Op bestuurlijk niveau hebben wij in de regio verkend wat onze gezamenlijke ontwikkelkoers kan zijn. Wij zien gecombineerde opgaven waarbij stad en platteland elkaar versterken. Wij willen de kracht en kansen van onze regio benutten en daarbij willen wij de kenmerken en capaciteiten van onze gemeente nadrukkelijk(er) inzetten. Het doel is om gezamenlijk scherp te stellen hoe wij ondersteunend kunnen zijn aan sociaal-economische ontwikkelingen. Wij blijven in 2024 inzetten op regionale samenwerking. Ten aanzien van de 3O's wordt op regionale schaal onverminderd intensief samengewerkt (tussen Overheid, Ondernemers en Onderwijs). Voor 2024 verwachten we vooral een uitrol van de nieuwe Regio Deal. In 2023 is de deal afgerond met de Rijksoverheid en in 2024 zal de uitvoering, die mede is gefinancierd door de Agenda voor Twente, zijn beslag krijgen.
59
De Regio Deal is voor ondernemers een belangrijke kans om bij te dragen aan projecten op gebied van duurzaamheid, zorg, talentbehoud en toekomstbestendigheid van het MKB. Specifiek met met betrekking tot het thema talentbehoud verrichten wij ook eigen onderzoek. Recreatie en toerisme Jaarlijks genieten er veel dagrecreanten en toeristen van een vakantie of een dagje weg in Noordoost Twente. Het aantrekken en ontvangen van de toerist heeft o.a. economische, ecologische en sociale effecten op de gemeente en haar inwoners. Om de komende jaren weloverwogen keuzes te maken, slaan de gemeenten in Noordoost Twente de handen in een om tot een strategische agenda te komen. In de agenda staan zowel de impact van de toerist, als de draagkracht van het gebied voor toeristische groei, centraal. De lusten en lasten van toerisme en recreatie worden afgewogen en vervolgens vertaald in kansen en investeringen. Het gaat hierbij om een vorm van toeristische ontwikkeling waarbij groei mogelijk is, maar wel met respect voor de leefomgeving van inwoners, het landschap en de natuur. Oftewel, kwalitatief toerisme. Wij zetten daarbij in op:
Het vertalen van de resultaten van het onderzoek naar de marktruimte binnen de verblijfsector in Noordoost Twente. Het onderzoek vormt de basis voor de aanpassing van de Nota Verblijfsrecreatie Noordoost Twente. Tevens is het onderzoek gebruikt in de impact- en draagkracht analyse.
Het uitvoeren van impact en draagkracht analyse in Noordoost Twente. De analyse vormt de basis van de strategische agenda en toeristische kansenkaart.
De verkenning naar een organisatorische samenwerking tussen VVV Ootmarsum-Dinkelland en TTI Toeristisch Glinsterend Tubbergen. Uit de verkenning blijkt dat een samenwerking mogelijk is. In 2024 wordt een meerjarenplan opgeleverd inzake deze samenwerking, met de doorsteek naar organisatorische inbedding.
Financiën Leefbare kernen Werkbudget leefbare kernen In de begroting 2023 is een bedrag van €400.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
De coalitieperiode is in 2022 gestart. De uitgaven 2022 zijn op de begroting 2023 in mindering gebracht. Een bedrag van €30.000 is afgesplitst als “werkbudget 3O’s. Over de periode 2023-2026 jaarlijks €7.500. We verwachten in 2023 nog uitgaven voor de binnensportaccommodaties NOT gemeentes. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €80.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Waarvan €72.500 voor het “Werkbudget leefbare kernen” en €7.500 voor het werkbudget 3O’s.
60
Versterking toerisme In de begroting 2023 is een bedrag van €280.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
We verwachten nog uitgaven voor het onderzoek verblijfsrecreatie 2022-2023. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €56.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
Samenwerking centrumondernemers In de begroting 2023 is een bedrag van €30.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €15.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
Werkbudget bedrijfsuitbreiding In de begroting 2023 is een bedrag van €20.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €2.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Project ontplooiing grensregio’s In de begroting 2023 is een bedrag van €50.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €12.500 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.
61
Programma Gemeente en de samenleving Inleiding We zijn als gemeente open, betrouwbaar, duidelijk en transparant en (digitale) gegevens van onze inwoners zijn bij ons in goede handen. We nodigen inwoners vooral uit om mee te doen. Vanuit het uitgangspunt van een participatieve lokale democratie zetten we in op passende en vernieuwende manieren van samenwerking en besluitvorming. Daarbij past een proactieve gemeentelijke informatievoorziening naar onze inwoners.
Actielijn 1 Gemeente en inwoners staan dicht bij elkaar en werken samen Mijn Dinkelland 2030! Het proces MijnDinkelland2030 bouwen we de komende jaren verder uit. Een aantal jaren geleden is het proces MijnDinkelland2030! gestart. Inwoners in alle kernen denken na over de toekomst van hun dorp en samen met hen maken we keuzes. De gesprekken verlopen veelal via de kernraden. Buurtmannen- en buurtvrouwen vervullen een belangrijke rol in als verbindende schakel tussen kern en gemeente. Mooie initiatieven komen tot bloei. Een overzicht van de ontwikkelingen en projecten per kern is terug te vinden in de begrotingsapp: MijnDinkelland2030! Komende jaren (ook in 2023) verwachten we dat meer initiatieven kunnen worden omgezet in concrete ideeën of projecten en inspanningen. Onze buurtmannen en -vrouwen spelen een belangrijke rol als verbindende schakel tussen gemeente en de kernen. Ook de introductie van de kernondersteuner - zoals omschreven in het programma “Iedereen Gezond” geeft een extra impuls aan onze ambities op dit terrein. Participatiebeleid In de gemeente Dinkelland werken we samenlevingsgericht. Werken voor en met de samenleving staat al heel wat jaren hoog op de agenda van onze gemeente. Samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties kijken we naar wat we samen kunnen doen om onze kernen op de lange termijn leefbaar te houden.
Participatie is niet meer weg te denken in onze manier van werken. Ook landelijk is er steeds meer aandacht voor participatie. Er is een wetsvoorstel in de maak: ‘Versterking participatie op decentraal niveau’. Deze wet heeft als doel dat voor zowel de inwoners als voor gemeenten duidelijk is binnen welke kaders inwoners in het beleidsproces participeren en op welke wijze zij in een verschillende fase van het beleidsproces betrokken worden. In een participatieverordening maakt elke gemeenteraad deze zaken expliciet voor zijn gemeente. Het voorstel verplicht tot een uitbreiding/verbreding van de in de Gemeentewet (artikel 150) voorgeschreven inspraakverordening naar een participatieverordening. Het belang van participatie wordt groter door maatschappelijke ontwikkelingen waarbij het vertrouwen in de overheid onder druk staat maar krijgt ook meer kaders via de Omgevingswet. Verder zijn er uitdagingen vanuit duurzaamheid (Regionale Energie Strategie (RES)) en het Sociaal Domein waarin de aan de gemeente gedelegeerde taken in omvang en impact groeien
Ons doel In de gemeente Dinkelland werken we samenlevingsgericht. Samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties kijken we naar wat we samen kunnen doen om onze kernen op de lange termijn leefbaar te houden. We zijn als gemeente open, betrouwbaar, duidelijk en transparant en (digitale) gegevens van onze inwoners zijn bij ons in goede handen.
Hoe leveren we een bijdrage aan gemeente en inwoners staan dicht bij elkaar en werken samen
MijnDinkelland 2030!. Vanuit het proces MijnDinkelland2030! Zetten we meer in op participatie vanuit de kernen zelf en we stimuleren onze inwoners om mee te denken. We bieden ondersteuning om processen en projecten op gang te helpen of verder te brengen. We bezoeken al onze kernen als college en zijn vanuit de functie van “kernwethouder” zichtbaar en aanspreekbaar. 62
Opstellen en uitvoeren participatiebeleid. Gemeenten hebben in principe vrijheid om te beslissen op welke wijze zij inwoners bij de verschillende beleidsfasen betrekken en hoe ze hun visie op participatie vertalen in de participatieverordening. Het is dan ook eerst van belang dat we als gemeenten bepalen hoe we participatie verder vorm willen geven. Daarvoor is participatiebeleid opgesteld en een participatieverordening. Vanuit het participatiebeleid is de optie van uitdaagrecht mogelijk, maar blijft het maatwerk. Het biedt mogelijkheden voor inwoners om gemeentelijke taken over te nemen wanneer zij van mening zijn het zelf slimmer, beter, goedkoper of anders te doen.
Samenlevingsgericht werken - organisatieontwikkeling. Zorgvuldige communicatie, en meer contact met onze inwoners en partners om samenlevingsgericht te kunnen werken, vraagt naast tijd van ambtenaren, ook vaardigheden. Daarin willen we investeren. We investeren in structurele ambtelijke capaciteit om het samenlevingsgericht werken te borgen en van nieuwe impulsen te voorzien.
Actuele ontwikkelingen Samenlevingsgericht Werken In 2024 werken we aan het doel dat Samenlevingsgericht werken nog steviger wordt ingebed in het werk van alledag. Samenlevingsgericht werken vraagt naast tijd van alle medewerkers, ook vaardigheden. Bijvoorbeeld ten aanzien van democratische vernieuwing, participatie, communicatie en polarisatie. Daarin willen we in een volgende fase investeren. Team Samenlevingsgericht werken en team Communicatie, groeien toe naar een coachende, faciliterende en adviserende rol naar alle medewerkers. Daarbij passen zij hun werkwijze aan op de specifieke vraagstukken per team en organisatie onderdeel. We werken aan deze doelen door: Kennisoverdracht Er wordt gewerkt aan het overdragen van kennis vanuit team Samenlevingsgericht werken, team Communicatie, buurtmannen en buurtvrouwen naar de gehele organisatie. Dit betreft het halen en brengen van kennis tussen kernen en organisatie, en kennis over de verschillende kernthema's van het team Mediation, klachten en conflicten Er wordt gewerkt aan het verminderen van de kwetsbaarheid op de thema's mediation, klachten en conflicten, door de centraal georganiseerde aanpak belegd bij 1 expert, te gaan doorontwikkelen naar een netwerkaanpak binnen heel Noaberkracht, met de expert meer in de rol van coach, mentor, kwaliteit- en procesbewaker.
Ondersteuning buurtmannen en buurtvrouwen De werkwijze met buurtmannen en buurtvrouwen wordt voortgezet en verder verstevigd. In afstemming met de buurtmannen en buurtvrouwen worden trainingen of intervisies aangeboden om kennis en vaardigheden te vergroten. De werkwijze voor het halen en brengen van informatie tussen kernen en organisatie, wordt verder versterkt. Bestuur en ambtenaren werken samen voor de Samenleving Bestuurders en medewerkers volgen een training BAS (bestuurlijk ambtelijk samenspel).
Actielijn 2 Een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht Met Noaberkracht hebben we een sterke en krachtige organisatie staan. We zien het als onze verantwoordelijkheid om de kracht en sterkte van Noaberkracht ook voor de toekomst te verzekeren. Dat betekent ook dat we vernieuwend en creatief opereren op een veranderende arbeidsmarkt. Maatschappelijke opgaven worden groter en complexer. Ze vragen door de tijd heen om andere antwoorden, aanpakken en resultaten. 63
Wij willen dan ook dat Noaberkracht voor onze inwoners de komende jaren op elk moment een “state-ofthe-art” -dienstverlening biedt. Daarmee is onze ambitie om de inwoners van Dinkelland nu en in de toekomst passende antwoorden te (blijven) geven op bestaande en nieuwe maatschappelijke vraagstukken.
Ons doel Een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht.
Hoe leveren we een bijdrage aan een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht
We zetten in op het samen met de gemeente Tubbergen versterken van de ambtelijk (strategische) capaciteit van Noaberkracht.
We zetten in op het samen met de gemeente Tubbergen doorontwikkelen van de Noaberkrachtorganisatie, langs verschillende actielijnen .
We participeren actief in het verkennende onderzoek naar de ambtelijke samenwerking tussen Noaberkracht en Oldenzaal en sturen op concrete uitkomsten.
Actuele ontwikkelingen Verkenning samenwerking Oldenzaal In januari 2021 is het rapport van BMC “Toekomstbestendigheid Noaberkracht” opgeleverd. Een belangrijke conclusie was dat Noaberkracht voor de eerstkomende jaren toekomstbestendig is. Maar ook is de inschatting dat de toekomstbestendigheid op de (middel)lange termijn onder druk komt te staan. Op basis van het BMC rapport hebben de 3 gemeenteraden van Dinkelland, Tubbergen en Oldenzaal de opdracht gegeven te verkennen in hoeverre ambtelijke samenwerking tussen deze 3 gemeenten een antwoord kan geven op de vraag "Hoe blijven wij toekomstbestendig?". De verkenning naar de ambtelijke samenwerking is in 2023 afgerond. Besloten is om:
nu te kiezen voor opgavegericht samenwerken om huidige en toekomstige maatschappelijke opgaven van antwoorden te voorzien. Het gaat hierbij om duurzaamheid, energietransitie, migratie, veiligheid en het onderzoek naar samenwerking op het gebied van binnensportaccommodaties;
voor de lokaal uit te voeren opgaven met kracht te blijven inzetten op doorontwikkeling en toekomstbestendigheid van de ambtelijke organisatie;
te onderzoeken wat nodig is om tot een toekomstbestendige informatievoorziening (ICT) te komen in gezamenlijkheid met andere Twentse gemeenten.
Ten aanzien van de doorontwikkeling en toekomstbestendigheid van de ambtelijke organisatie wordt verwezen naar de paragraaf organisatieontwikkeling. Organisatieontwikkeling Veranderingen in de samenleving en nieuwe wet- en regelgeving dwingen af dat Noaberkracht zich als ambtelijke organisatie continue ontwikkelt. Naast de ambities van beide gemeentebesturen voor de samenleving, is het dus ook noodzaak te investeren in de ambtelijke organisatie. Snel veranderende maatschappelijke ontwikkelingen en de roep vanuit de samenleving om democratische vernieuwing vragen om een organisatie die zich organiseert vanuit het basisprincipe "de mens en samenleving centraal". Oftewel Samenlevingsgericht werken. Het bieden van maatwerk, het samenwerken met de samenleving en het continue schakelen op veranderende inhoudelijke thema's en crises. Op dit moment komt Noaberkracht op een punt dat investeringen noodzakelijk zijn voor behoud van kwaliteit en toekomstbestendigheid. Hiervoor is het programma organisatieontwikkeling met een zevental actielijnen opgesteld. 64
Gezien het continue karakter van organisatieontwikkeling zal dit onderwerp de komende jaren als een soort van rode draad door de begroting van Noaberkracht blijven lopen. Zowel inhoudelijk als financieel. Er is in 2023 door Berenschot een Benchmark gedaan waarin de formatie en de kosten van Noaberkracht zijn afgezet tegen andere vergelijkbare gemeenten en samenwerkende gemeentelijke organisaties. Kijkend naar de totale apparaatskosten (primair proces en overhead) per inwoner dan zien we dat deze bij Noaberkracht 11% lager zijn dan gemiddeld bij de referentie organisaties, terwijl de opgave bovengemiddeld is. Kijkend naar de dominante capaciteitsdrijvers dan tekenen we het volgende op:
het ambitieniveau is bovengemiddeld;
de efficiëntie is gemiddeld en bevat op onderdelen ruimte voor verbetering;
er is een hoge graad van harmonisatie;
de opgave is bovengemiddeld en groeit;
de werkdruk is fors.
Om de ervaren werkdruk te objectiveren, is nader onderzoek gedaan naar de capaciteit van Noaberkracht in relatie tot maatschappelijke opgaven en ambities. Een onderzoek naar de passenheid van de capaciteit organisatie breed. In het voorjaar van 2023 is een plan van aanpak opgesteld. In dit plan van aanpak zijn maatregelen opgenomen om allereerst te sturen op de capaciteitsdrijvers. Binnen een aantal organisatieonderdelen tekent zich een zekere disbalans tussen taken/opgaves en capaciteit af. In de komende begrotingen en programmajournaals worden eventuele consequenties in beeld gebracht. Migratieketen Door grootschalige vluchtelingenstromen wordt helder dat de inrichting van de Nederlandse infrastructuur voor vluchtelingen ontoereikend is. Gemeenten krijgen van het rijk een forse opgave hernieuwd vorm te geven aan de migratieketen die landelijke, regionale en lokale kaders kent. Dit gaat een opgave van betekenis zijn voor de gemeente Dinkelland en daarmee voor Noaberkracht. In de begroting 2024 is rekening gehouden met (een deel) personele inzet en die volledig wordt vergoed door het Rijk. De reikwijdte van de opgave bezien vanuit ambtelijke capaciteit in een krappe arbeidsmarkt en financiële consequenties is op dit nog niet ten volle te overzien.
Actielijn 3 Financieel gezond blijven Financieel gezond blijven betekent dat ons uitgangspunt is dat we begrotingen maken die structureel in evenwicht zijn en ervoor zorgen dat de financiële middelen worden gebruikt waarvoor ze bedoeld zijn: de goede dingen doen voor onze samenleving. We zetten in op de realisatie van ambities maar houden ook balans door voorzieningen en afgesproken reserves te borgen. Daarbij sturen we op een efficiënte en effectieve P&C-cyclus en een transparante en goed controleerbare financiële gemeentelijke huishouding. We willen gegeven de gestegen kosten voor onze burgers het 1e jaar van deze bestuursperiode geen OZB-verhoging. Wel indexeren we de belastingen overeenkomstig de bestendige beleidslijn jaarlijks met 2%. We handhaven voor de komende 4 jaar de korting voor gebruikers van het maatschappelijk vastgoed.
Ons doel Een structureel en materieel sluitende (meerjaren)begroting waarbij we de stijging van de lokale lasten zo beperkt mogelijk willen houden.
Hoe leveren we een bijdrage aan financieel gezond blijven We gaan op een realistische en behoedzame manier om met de beschikbare middelen wat betekent dat::
We structurele uitgaven dekken met structurele inkomsten.
We (mogelijke) verliezen en tegenvallers signaleren en verwerken in onze (meerjaren)begroting zodra deze zich aandienen en dat we winsten en meevallers pas verwerken als deze daadwerkelijke zijn gerealiseerd. 65
We indexeren de OZB tarieven zodat er jaarlijks een meeropbrengst van 2% ontstaat.
Voor de tarieven op het gebied van afval en riool gaan we uit van 100% kostendekkendheid.
Actuele ontwikkelingen Nieuwe financieringssystematiek Het rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026. Aangezien er nog steeds geen nieuws is over de nieuwe financieringssystematiek blijft de onzekerheid bij gemeenten over het financiele meerjarige beeld. Dit maakt het opstellen van een deugdelijke meerjarenbegroting bijzonder lastig. Via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is hier aandacht voor gevraagd wat heeft geresulteerd in een toezegging van het Rijk dat de € 1 miljard vanaf 2027 structureel wordt toegevoegd aan het gemeentefonds. Inmiddels blijkt dat deze € 1 miljard inderdaad is opgenomen in de voorjaarnota 2023 van het Rijk en vanaf 2028 ook structureel wordt doorgetrokken. Val kabinet Met de val van het kabinet blijft de onzekerheid over de meerjarige financiële positie van de Nederlandse gemeenten naar verwachting nog wel enige tijd voortduren. Dat betekent voor gemeenten blijvende onzekerheid over de jaren vanaf het zogenaamde ravijnjaar 2026. In het kort gaat het om de volgende punten die ook in de resolutie zijn opgenomen:
Het structureel ophogen van het gemeentefonds en herstellen van het accres vanaf 2026. Rekening houdend met de toegezegde structurele 1 miljard extra vanaf 2026 zit hier nog steeds een tekort van € 3 miljard.
Het definitief schrappen van de opschalingskorting (betreft € 1 miljard)
Een toereikende en stabiele indexering van het gemeentefonds om loon-, prijs- en volumeontwikkelingen op te kunnen vangen, inclusief de stijging van de zorgvraag.
Ontwikkeling Rente Door een zevental renteverhogingen door de Europese Centrale Bank is de depositorente, de rente die banken krijgen als ze hun geld bij de Europese centrale bank stallen, het afgelopen jaar gestegen van 0,5% halverwege 2022 naar 3,25% in mei 2023. Deze verhoging werk door naar bijvoorbeeld de hypotheekrente en de spaarrente maar ook naar de rente die wij als gemeente betalen over onze financieringsbehoefte (kort geld en af te sluiten lange leningen). Vandaar dat wij met ingang van het jaar 2023 werken met een interne rekenrente (de zogenaamde omslag rente) van 3% (was vorig nog 1%).
Financiën Gemeente en de samenleving Actielijn Gemeente en inwoners staan dichtbij elkaar en werken samen
2024
2025
2026
2027
Proces MijnDinkelland2030!
50.000
50.000
50.000
50.000
In de begroting 2023 is een bedrag van €200.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Voor de jaarschijf 2024 is €50.000 beschikbaar gesteld.
66
Basisbegroting Inleiding op de basisbegroting Vanuit wettelijk voorschrift presenteren wij, naast onze programma’s, de begroting en jaarrekening naar taakveld. Ieder programma in de basisbegroting is op eenzelfde wijze opgebouwd en kent de volgende onderdelen:
Portefeuillehouder(s)
Algemeen: algemene omschrijving van het programma.
Vastgestelde beleidsnota's: voor een actueel totaalbeeld van de vastgestelde beleidsnota's en verordeningen verwijzen we u naar: Overheid.nl
Kengetallen: relevante kengetallen per programma.
Verbonden partijen: voor een totaalbeeld van de verbonden partijen die bijdragen aan het realiseren van de doelen binnen het programma verwijzen we u naar de paragraaf Verbonden partijen.
Actuele ontwikkelingen: omschrijving van de ontwikkelingen die spelen binnen het programma.
Beleidsindicatoren: de wettelijk verplichte indicatoren volgens het BBV.
Begroting 2023 - overzicht baten en lasten: weergaven van de baten en lasten per taakveld.
Nieuw beleid uit het collegeakkoord: nieuw beleid en/of in-en extensivering van bestaand beleid dat voortkomt uit het collegeakkoord.
Meerjarig financieel beeld - terugkijken: realisatie 2021, begroting 2022 en begroting 2023 per programma met een toelichting*
Meerjarig financieel beeld - vooruitkijken: begroting 2024 t/m 2026 per programma met een toelichting.
* Ondanks de geringe vergelijkbaarheid van de cijfers nemen wij conform de BBV verplichting wel de vergelijkende realisatie cijfers 2021 en begroting 2022 op.
Programma Bestuur & middelen Portefeuillehouders John Joosten & Richard de Way
Algemeen Het bestuur van onze gemeente wordt gevormd door de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders. In de gemeenteraad zitten 21 inwoners uit onze gemeente. De zetelverdeling is als volgt: Lokaal Dinkelland acht zetels, CDA zeven zetels, VVD drie zetels, Progressief Dinkelland (PvdA en Groen Links) twee zetels en Burgerbelangen Dinkelland één zetel. Het college van Burgemeester en Wethouders wordt naast de burgemeester gevormd door drie wethouders. Voor onze inwoners willen we goed inzichtelijk maken wat we als bestuur van de gemeente Dinkelland doen en waar we het gemeenschapsgeld voor inzetten. Onze gemeentelijke begroting moet in evenwicht zijn. Gemeenschapsgeld genereren wij via de algemene uitkering van het gemeentefonds en door het heffen van gemeentelijke belastingen. Ons uitgangspunt is dat we de lokale lasten zo laag en stabiel mogelijk willen houden. We houden oog voor een gezonde balans tussen de hoogte van de lokale lasten, onze begrotingspositie en onze investeringen. 67
De uitvoering van het gemeentelijke beleid wordt gedaan door onze uitvoeringsorganisatie Noaberkracht Dinkelland Tubbergen. Noaberkracht is een samenwerkingsverband met de gemeente Tubbergen. Er zijn ook maatschappelijke opgaven die om een aanpak vragen die de grenzen van individuele gemeenten overstijgt. In dat geval vinden we het belangrijk om samen te werken met de juiste partners. Op inhoudelijke thema’s zullen wij de bestaande samenwerking binnen de provincie Overijssel, regio Twente, Noordoost Twente en met de gemeente Tubbergen voortzetten.
Kengetallen Binnen het programma Bestuur & middelen maken we gebruik van de volgende kengetallen:
Aantal inwoners: 26.772
Gemiddelde leeftijd: 44,5 jaar
Aantal huishoudens: 10.628
Aandeel alleenwonenden: 27 %
Gemiddeld betaalde ozb: €385
Actuele ontwikkelingen Nieuwe financieringssystematiek Het rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026. Aangezien er nog steeds geen nieuws is over de nieuwe financieringssystematiek blijft de onzekerheid bij gemeenten over het financiele meerjarige beeld. Dit maakt het opstellen van een deugdelijke meerjarenbegroting bijzonder lastig. Via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is hier aandacht voor gevraagd wat heeft geresulteerd in een toezegging van het Rijk dat de € 1 miljard vanaf 2027 structureel wordt toegevoegd aan het gemeentefonds. Inmiddels blijkt dat deze € 1 miljard inderdaad is opgenomen in de voorjaarnota 2023 van het Rijk en vanaf 2028 ook structureel wordt doorgetrokken. Val kabinet Met de val van het kabinet blijft de onzekerheid over de meerjarige financiële positie van de Nederlandse gemeenten naar verwachting nog wel enige tijd voortduren. Dat betekent voor gemeenten blijvende onzekerheid over de jaren vanaf het zogenaamde ravijnjaar 2026. In het kort gaat het om de volgende punten die ook in de resolutie zijn opgenomen: