CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-87 beantwoording schriftelijke vragen VVD bouwen, bouwen, bouwen.pdf

Commissie Sociaal Domein & Bestuur 15 februari 2022, gemeente DinkellandBij agendapunt: 12: Raadsbrief 2021-87 beantwoording schriftelijke vragen VVD-fractie inzake bouwen, bouwen, bouwen1.456 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad van Dinkelland

Zaaknummer 296311

Bijlagen

Onderwerp Datum collegevergadering: 9 november 2021, Raadsbrief 2021 nr. 87

Verzenddatum 9 november 2021

Geachte raads- en commissieleden, Waarover gaat deze brief? Deze brief gaat over de schriftelijke vragen die gesteld zijn door de fractie VVD, met betrekking tot bouwen, bouwen, bouwen. Ons besluit In onze vergadering hebben wij besloten de schriftelijke vragen middels deze raadsbrief te beantwoorden. Toelichting Hieronder vindt u de beantwoording van de vragen Vraag 1 In hoeverre is er in de gemeente Dinkelland sprake van een zogenaamd wooncontingent? Antwoord vraag 1. In het verleden verdeelde de provincie de aantallen op basis van woningbouwprognoses. De prognose was opgenomen in de woonafsprakten Twente (2016) waarin per gemeente de behoefte voor de komende jaren was opgenomen. De woonafspraken Twente (2016) zijn door alle Twentse gemeenten geaccordeerd. En golden voor 4 jaar. Deze insteek was mede ingegeven door het feit dat in het verleden veel gemeenten meer programmeerden dan de behoefte en er knelpunten op de woningmarkt ontstonden. In de praktijk bleken vierjaarlijkse kwantitatieve woonafspraken onvoldoende flexibel om in te kunnen spelen op de woningmarkt.

Met de woonagenda Twente zijn die uitgangspunten om de behoefte van bovenaf te bepalen losgelaten, maar is afgesproken dat gemeenten op basis van een goed onderbouwde lokale kwantitatieve en kwalitatieve behoefteramingen kunnen bouwen voor eigen behoefte qua type en qua aantallen en indien onderbouwd daarop kunnen bijsturen. Extra aandachtspunt is dat het ook gaat over welke woningen je toevoegt (kwaliteit). De provincie heeft daarbij als maximum bepaald dat er voor Twente behoefte is aan 22000 woningen gebouwd tot 2030. De behoefte aan nieuwe woningen gaat uit van een onderbouwing op basis van demografische ontwikkeling, huishoudenontwikkeling en migratie, dit is onderbouwd in de woonvisie en door u als raad 5 juli 2021 vastgesteld. We hebben nu nog geen aanleiding, dat de prognoses tot 2030 dat er tussen de 225- 800 woningen nodig zijn, volkomen onjuist is. In de woonvisie zetten we in om het gros van die behoefte voor 2025 te realiseren. (middellijn (515 woningen), zodat we ruimte hebben in de periode daarna 2025 en wel of niet kunnen bijsturen. Daarbij gaan we tevens uit van een programmering van 130%, zodat voorkomen wordt dat door stagnatie van plannen te weinig woningen worden gebouwd. De provincie Overijssel is akkoord met onze onderbouwing. Als we plannen beoordelen hebben we dus nog steeds te maken met de afweging of ze passen binnen de

behoefte kwalitatief(Type) en kwantitatief (aantallen). Het systeem is iets flexibeler maar de onderbouwing op aantallen is nog steeds nodig. Vraag 2. Onderschrijft het College de zorgen van de starters in Dinkelland? Antwoord vraag 2. We zien de druk op de woningmarkt en hopen via het systeem van monitoren daar beter grip op te krijgen om ook te kijken of de onderbouwde behoefte daadwerkelijk passend is. En begrijpen zeker de zorgen die er leven. Zoals in bijlage 2 van de woonvisie is te lezen is er zowel rekening gehouden met de lokale behoefte als met de migratietrends zonder die migratie was de behoefte uit de woonvisie veel minder groot. Zoals in de woonvisie ook aangekondigd zijn we bezig met het opstellen van een woningmarktmonitor Op basis van deze monitor kunnen we onderbouwen of de daadwerkelijke situatie afwijkt van de situatie uit de woonvisie. . We zijn actief om in elke kern plancapaciteit te ontwikkelen. Tegelijkertijd zien we dat veel plannen in ontwikkeling zijn en dat procedures nog doorlopen moeten worden. Vraag 3.

In hoeverre is het (achteraf gezien) volgens het College een goed idee geweest om het inschrijven voor kavels in Dinkelland af te schaffen? Ziet het College in de huidige situatie mogelijkheden om eigen inwoners meer toekomstperspectief te geven op een kavel met de open inschrijving? Antwoord vraag 3 We zijn in bewust afgestapt al van het principe uitgeven op volgorde van de wachtlijst. De reden was dat de wachtlijsten sterk vervuild zijn en dat bouwgrondzoekenden zich vaak pas melden op het moment dat ze iets willen. We hebben het lotingssysteem in Dinkelland al enkele keren naar volle tevredenheid toegepast en merken dat het merendeel van de kavels ook bij loting naar Dinkellanders gaat. Loting geeft iedereen een gelijke kans en je hoeft niet te wachten op je beurt zoals bij een wachtlijst. Daarnaast kun je bij loting ook nog de kavel van jouw voorkeur kiezen en bij een wachtlijst moet je maar afwachten wat je krijgt. Door de loting wordt de gronduitgifte versneld. Eigen inwoners hebben ten opzichte van mensen buiten de gemeente of dorpen een informatievoorsprong omdat ze weten welke ontwikkelingen eraan komen en zich dan ook tijdig voor de kaveluitgifte kunnen melden. We zien tot op heden ook nagenoeg geen mensen uit het westen die zich melden voor de gemeentelijke kaveluitgifte.

Belangrijk het is wettelijk ook niet toegestaan eigen inwoners voorrang te verlenen op de kaveluitgifte. Vraag 4. Aan welke knoppen kunnen het College en de Raad draaien om de duur van het proces van bestemmingsplanwijziging tot kaveluitgifte te verkorten? Antwoord vraag 4 Voor een bestemmingsplanwijziging en kaveluitgifte bestaan vaste procedures en procedurevoorschriften. Het gaat met name om efficiencywinst in de voorbereiding. De op dit moment lopende 7 gemeentelijke grondbedrijf plannen worden bijvoorbeeld binnen 1 project en met een gezamenlijke projectgroep uitgevoerd waarbij binnen die projectgroep alle vakdisciplines gelijk aan tafel zetten. Voordeel van de projectmatige aanpak is het gelijktijdig wegzetten van onderzoeken en aanbestedingen, hetgeen tijdwinst oplevert. Daarnaast wordt met een projectmatige aanpak de werkzaamheden gestructureerd in de organisatie waardoor de werkzaamheden elkaar in een vlot tempo kunnen opvolgen. 4a Welke lessen zijn er geleerd uit het verleden? Kaveluitgifte Het oude systeem van kaveluitgifte duurde onnodig lang en was inefficiënt. Planontwikkeling: Er ontstaat efficiencywinst als alle vakdisciplines gelijk aan tafel zitten. Sommige onderzoeken moeten in een vroegtijdig stadium worden uitgezet, zodat vertraging aan het eind wordt voorkomen.

Voldoende ambtelijke capaciteit beschikbaar houden om de plannen te beoordelen en te begeleiden. In een voorfase tijd inruimen voor afstemming met omwonenden om zienswijzen zoveel mogelijk te voorkomen. 4b. Wat kan het College doen om inwoners beter op de hoogte te houden van het proces van bestemmingsplanwijziging tot kaveluitgifte? We houden inwoners op de hoogte met de website www.kavelsindinkelland.nl en met persberichten over de verschillende woningbouwplannen, tevens zijn we telefonisch en per mail bereikbaar om een nadere toelichting te geven. Als er daadwerkelijk overgegaan wordt tot kaveluitgifte van een plan dan houden we

hierover een informatieavond. Daarnaast communiceren we actief met de dorpen over de gemeentelijke woningbouwplannen en wordt het dorp aan de voorkant betrokken en hebben inbreng. We zijn benieuwd naar de ideeën uit de raad hierover. 4c Zijn er volgens het College mogelijkheden om de inschrijving voor een kavel in eerste instantie voor een korte periode van bijvoorbeeld één maand open te stellen voor vooraf gemelde geïnteresseerde starters uit Dinkelland? Je mag op basis van de huidige wetgeving geen mensen van buiten de gemeente uitsluiten in de uitgifte of voorrang verlenen. Vraag 5. Hoeveel initiatieven voor inbreidingslocaties zijn er na het vaststellen van de nota inbreidingslocaties bij de gemeente Dinkelland binnengekomen? Hoeveel plannen daarvan zijn er a) inmiddels gerealiseerd, b) nog in uitvoering, c) nog in procedure en d) liggen er nog op de spreekwoordelijke plank om nog in behandeling te worden genomen? Hoeveel van deze initiatieven worden niet in behandeling genomen? Antwoord vraag 5 Om te beginnen met het laatste alle initiatieven worden in behandeling genomen. Na de vaststelling van de nota inbreidingslocaties, dus vanaf 20 januari 2021 zijn er 26 principeverzoeken binnengekomen. Het gaat dan om verzoeken die niet passen binnen het bestemmingsplan.

Na de afronding van het verzoek heeft intiatiefnemer maximaal 1 jaar de tijd om het bestemmingsplan aan te leveren. 14 principeverzoeken worden nog inhoudelijk beoordeeld en of is afstemming over het bouwplan 12 principeverzoeken zijn (positief) beantwoord en zal/is aanvrager bezig om het bestemmingsplan aan te leveren. Het gaat in totaal om ca. 150 woningen. Vraag 6. In hoeverre bestaat er een mogelijkheid voor het organiseren van een raadsbijeenkomst waarbij starters hun zorgen kenbaar kunnen maken aan het College en de Raad? Antwoord vraag 6. We kennen de zorgen die er leven. Dit is ook aan de orde geweest bij het opstellen van de woonvisie, bij diverse gesprekken in kernen. Woningbouw voor starters is ook een van de speerpunten uit de woonvisie .

Waarom deze raadsbrief? Op basis van artikel 35 van het Reglement van Orde kan een raadslid schriftelijke vragen stellen aan het college. Schriftelijke vragen worden door het college beantwoord middels een raadsbrief. Wij stellen u voor deze raadsbrief voor kennisgeving aan te nemen. Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met de raadsgriffier. Deze zal uw vragen aan ons college kenbaar maken.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Dinkelland, de plv. secretaris

de burgemeester

G. van Hofwegen

J.G.J. Joosten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/577/documents/17269