CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Belastingverordeningen 2023

Gemeenteraad 20 december 2022, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen Belastingverordeningen 20232.453 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Zaaknummer: Onderwerp: Datum raadsvergadering: Agendapunt:

385917 Belastingverordeningen 2023 Invullen door de griffie Invullen door de griffie

Portefeuillehouder: Programma begroting:

F. Hoekstra Programma 0 Bestuur en ondersteuning

Publiekssamenvatting Jaarlijks dienst de raad de belastingverordeningen voor het volgende jaar vast te stellen en de oude in te trekken. De vastgestelde verordeningen voor 2023 door de Raad zijn gebaseerd op verordeningen 2022 en er is zoveel mogelijk aangesloten bij de VNG modelverordeningen. Voorgesteld besluit De gemeenteraad besluit: 1. De volgende verordeningen vast te tellen: a. Verordening Rioolheffing 2023 b. Verordening Afvalstoffenheffing 2023 c. Verordening Marktgelden 2023 d. Verordening Lijkbezorgingsrechten 2023 e. Verordening Campergelden 2023 f. Verordening Liggeld Vaartuigen 2023 g. Verordening Toeristenbelasting 2023 h. Verordening Forensenbelasting 2023 i. Verordening Parkeerbelasting 2023 j. Verordening Sluisgeld 2023 k. Verordening Onroerende zaakbelasting 2023 l. Legesverordening 2023 m. Besluit kwijtscheldingsregels 2023 2. De volgende verordening in te trekken voor zowel voormalig gemeente Heerhugowaard als voor voormalig gemeente Langedijk: a. Verordening Rioolheffing 2022 b. Verordening Afvalstoffenheffing 2022 c. Verordening Marktgelden 2022 d. Verordening Lijkbezorgingsrechten 2022 e. Verordening Campergelden 2022 f. Verordening Liggeld Vaartuigen 2022 g. Verordening Toeristenbelasting 2022 h. Verordening Forensenbelasting 2022 i. Verordening Parkeerbelasting 2022 j. Verordening Sluisgeld 2022 k. Legesverordening 2022 l.

Besluit kwijtscheldingsregels 2022 3. De verordening Onroerende zaakbelasting 2022 van gemeente Dijk en Waard in te trekken.

4. De in de Legesverordening 2023, onder onderdeel Fysieke leefomgeving, artikel 2.1.1.2 genoemde “tabel eenheidsprijzen bouwkosten 2023” vast te stellen. 5. De financiële consequenties te verwerken in de voorjaarsrapportage 2023 en eventueel kadernota 2024 Inleiding De raad dient jaarlijks de belastingtarieven voor het volgende belastingjaar vast te stellen en waar nodig overige aanpassingen van de belastingverordening door te voeren. Beoogd effect Na vaststelling van de verordeningen kunnen vanaf 1 januari 2023 de nieuwe tarieven in rekening worden gebracht bij de betrokkenen. Kader 1. Gemeentewet, artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h; 2. Gemeentewet, artikel 220 tot en met 220h; 3. Gemeentewet, artikel 228a; 4. Gemeentewet, artikel 229, lid 1, aanhef en onderdelen a en b; 5. Gemeentewet, artikel 255; 6. Invorderingswet 1990, artikel 26; 7. Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990; 8. Leidraad Invordering Cocensus; 9. artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet; 10. Wet Milieubeheer, artikel 15.33; Motivering per besluitpunt 1. De in de voorgestelde besluit opgenomen verordeningen vast te stellen: 1.1 Gelet op artikel 216 van de gemeentewet is belastingheffing op basis van die tarieven alleen mogelijk indien de tarieven ook worden opgenomen in de desbetreffende belastingverordening.

1.2 Het is een algemeen rechtsbeginsel dat belastingwetgeving geen terugwerkende kracht kan hebben. Een uitzondering geldt alleen als de terugwerkende kracht in het voordeel van de belastingplichtige is of als voor belastingplichtigen in zodanige mate voorzienbaar was dat sprake is van een bijzondere omstandigheid die een inbreuk wettigt op het op de eisen van de rechtszekerheid berustende rechtsbeginsel dat wetgevende maatregelen alleen voor de toekomst behoren te gelden. Om deze reden dienen de belastingverordeningen 2023 uiterlijk in 2022 en dus in deze vergadering te worden vastgesteld. 1.3 De tarieven voor de rioolheffing zijn reeds gebaseerd op de Programma Stedelijke Waterhuishouding en Riolering (hierna: PSWR) welke ook in deze vergadering voorligt. Dit is de opvolger van het Gemeentelijk Rioleringsplan. 1.4 De gemeentelijke woonlasten bestaan uit OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Deze woonlasten komen jaarlijks terug in diverse ranglijsten van het COELO, de Consumentenbond en de kranten. De woonlasten voor Dijk en Waard komen op basis van de voorliggende verordeningen uit op: Woonlasten 2023

Eigenaar

Huurder

Eenpersoons

Meerpersoons

Eenpersoons

Meerpersoons

OZB

266

266

nvt

nvt

Afvalstoffenheffing

232

290

232

290

Rioolheffing

286

286

nvt

nvt

Totaal

784

842

232

290

De woonlasten voor 2023 van andere gemeenten zijn nog niet bekend. Hieronder een vergelijking met de woonlasten over 2022 Woonlasten 2022 Eigenaar Huurder

Alkmaar Castricum Uitgeest Bergen Dijk en Waard Noord-Holland

Eenpersoons Meerpersoons Rang Eenpersoons Meerpersoons 587 709 8 198 321 783 877 132 438 532 843 970 246 385 512 1023 1117 323 465 559 764 823 67 225 284 807 901 427 329

Rang 75 277 253 299 39

2. De in de voorgestelde besluit opgenomen verordening in te trekken voor zowel voormalig gemeente Heerhugowaard als voor voormalig gemeente Langedijk: In de verordeningen voor 2023 zijn artikelen opgenomen aangaande de intrekking van de verordeningen 2022 voor voormalig gemeente Heerhugowaard en voormalig gemeente Langedijk. Hoewel dit in de verordeningen van 2023 is opgenomen dient de raad hiervoor expliciet een besluit te nemen. 3. De verordening Onroerende zaakbelasting 2022 van gemeente Dijk en Waard in te trekken. In de verordening voor 2023 is een artikel opgenomen aangaande de intrekking van de verordening 2022. Hoewel dit in de verordening van 2023 is opgenomen dient de raad hiervoor expliciet een besluit te nemen. 4. De in de Legesverordening 2023, onder onderdeel fysieke leefomgeving artikel 2.1.1.2 genoemde “tabel eenheidsprijzen bouwkosten 2023” vast te stellen. In onderdeel Fysieke leefomgeving van de legesverordening wordt een verwijzing gemaakt naar de tabel eenheidsprijzen bouwkosten 2023. Voordat heffing voor deze artikelen in kan gaan, moet het betreffende taxatieboekjes worden vastgesteld door de Raad. 5. De financiële consequenties te verwerken in de voorjaarsrapportage 2023 en eventueel kadernota 2024 De financiële vertaling van dit voorstel dient verwerkt te worden in de begroting.

Het eerstvolgende moment hiervoor is de voorjaarsrapportage 2023 (incidenteel) en kadernota 2024 (structureel). Kanttekeningen en risico’s 1.1 Mocht u niet akkoord gaan met de voorgestelde verordeningen, betekent dit, uiteraard afhankelijk van het amendement en welke verordening(en) dit betreft, dat mogelijk de verordening 2022 doorloopt naar 2023. Dit houdt automatisch is dat er in de tarieven geen rekening is gehouden met indexatie of andere tariefswijzigingen, dat bepaalde artikelen mogelijk niet meer van toepassing zijn maar nog wel zijn opgenomen of dat bepaalde artikelen juist niet zijn opgenomen terwijl dit wel wenselijk/noodzakelijk is. Ook kan dit consequenties hebben op de kostendekkendheid en een negatieve uitwerking hebben op de begroting 2023. 1.2. Jaarlijks worden aan het einde van het jaar vanuit het rijk de tarieven vastgesteld voor Rijbewijzen en reisdocumenten. Tot op heden zijn deze nog niet definitief vastgesteld. Zodra deze worden vastgesteld, kunnen ze worden verwerkt in de voorliggende verordening. Dit zal gebeuren via een addendum bij de raad of, als dit qua proces niet meer lukt, via een apart genomen Collegebesluit. De legesverordening geeft het College immers de ruimte om dit soort besluiten te nemen.

1.3 Mocht de verordening riolering niet worden aangenomen heeft dit ook consequenties voor de dotatie in de egalisatievoorziening riolering en zal het kostendekkingsplan, wat is opgenomen in de ook in deze vergadering voorliggende PSWR, wijzigen wat zorgt voor een vertraging van het vaststellen van de PSWR.

Alternatieven Hoewel er in bijgaande verordeningen tarieven zijn opgenomen, heeft de raad de mogelijkheid om bepaalde tarieven anders vast te stellen dan wordt voorgesteld. Dit kan echter consequenties hebben voor de kostendekkendheid en voor de opbrengsten zoals is opgenomen in de begroting 2023. Samenwerking en participatie Er heeft geen samenwerking plaatsgevonden met de inwoners en bedrijven omdat dat niet nodig is voor het opmaken van de verordeningen. Heeft het voorstel financiële gevolgen? Dit voorstel heeft alleen financiële gevolgen voor onderstaande onderdelen: Kwijtscheldingsbesluit De wijziging van het kwijtscheldingsbesluit zorgt voor een toename van de verwachte kwijtscheldingen van € 17.000. Hier is in de begroting 2023 geen rekening mee gehouden. Dit zal daarom moeten worden meegenomen in de voorjaarsrapportage 2023 en de kadernota 2024. Sluisgelden De verhoging van het tarief van sluisgelden geeft een hogere inkomsten van € 1.750. Dit zal daarom moeten worden meegenomen in de voorjaarsrapportage 2023 en de kadernota 2024. Parkeergeldverordening Bij de begroting 2022 was er een financiële maatregel opgenomen van € 100.000 extra inkomsten uit parkeervergunningen. Op basis hiervan zijn in de betreffende belastingverordeningen tarieven opgenomen voor vergunningen en ontheffingen.

Het uitvoeren van de inning van deze tarieven is echter na een motie en amendement on-hold gezet. Voor 2022 is het niet kunnen innen van deze tarieven gedekt uit de algemene reserve. Voor 2023 is dit nog niet verwerkt in de begroting. Daarom wordt voorgesteld om dit op te nemen in de Voorjaarsrapportage 2023 en, afhankelijk van het integraal parkeerbeleid welke in de tweede helft van 2023 ter besluitvorming wordt voorgelegd aan de gemeenteraad, in de begroting 2024. Legesverordening De legesverordening bestaat uit drie onderdelen. 1. Algemene dienstverlening, 2. Fysieke leefomgeving en 3. Europese dienstenrichtlijn. Ten tijde van het schrijven van de begroting 2023 was er nog geen besluit genomen aangaande het wel of niet ingaan van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen per 1 januari 2023. Hierdoor kon in de paragraaf lokale heffingen het tabel kostendekkendheid niet worden gevuld voor het onderdeel fysieke leefomgeving. Aangegeven is dat de kostendekkendheid zou worden betrokken bij het aanbieden van de belastingverordeningen 2023. Inmiddels is duidelijk dat de wet weer is uitgesteld naar 1 juli 2023.

Hoewel Dijk en Waard heel ver was met het aanpassen van de legesverordening onderdeel fysieke leefomgeving naar deze wet, zorgde dit ervoor dat op het laatste moment moest worden overgegaan om dit onderdeel van de legesverordening van 2022 te updaten naar 2023. De nu voorliggende legesverordening is dus gebaseerd op de verordening 2022. Het tarief is geïndexeerd met 1,4%. Dit is hoger dan het onderdeel Algemene dienstverlening. Dit komt omdat de loonkosten voor de verschillende onderdelen verschillen. Op basis hiervan is de volgende kostendekkendheid van toepassing: Kostendekkenheid legesverordening Netto kosten Kosten Inkomsten, excl. heffingen

1. Algemene dienstverlening € 697

2. Fysieke 3. Europese leefomgeving dienstenrichtlijn € 1.412 € 61

Totaal Netto kosten

€ 697

€ 1.412

€ 61

€ 445

€ 1.242

€ 59

€ 445

€ 1.242

€ 59

€ 1.142

€ 2.654

€ 120

Begrote opbrengsten

€ 902

€ 2.602

€ 86

Dekkingspercentage

79%

98%

71%

Toe te rekenen kosten Overhead, incl. toegerekende rente BTW Totaal toe te rekenen kosten Totaal Kosten

1. Algemene dienstverlening De kostendekkendheid is iets hoger dan in de begroting was meegenomen. Dit komt aangezien enkele artikelen en daarmee de aantallen zijn aangepast. Dit zorgt voor een lagere inkomsten van € 5.000. Er wordt voorgesteld om de begroting hierop niet aan te passen. Dit aangezien de werkelijke aantallen altijd anders zullen uitvallen dan begroot en dit een minimaal verschil is. 2. Fysieke leefomgeving De kostendekkendheid komt uit op 98%. De begrote inkomsten zijn € 75.000 hoger dan in de begroting is opgenomen. Dat is een afwijking van 3%. Aangezien enerzijds de werkelijke inkomsten afhankelijk zijn de werkelijke aantal aanvragen en de uitstel van de omgevingswet naar 1 juli 2022 (wat onzekerheid geeft over de begrote inkomsten na ingangsdatum) wordt voorgesteld om de begroting niet bij te stellen. 3. Europese dienstenrichtlijn, De kostendekkenheid komt uit op 71%. Dit is hoger dan in 2022. De kosten voor de exploitatie-, evenementen- en standplaatsvergunning zijn, net als andere jaren, bewust laag gehouden. Hierdoor is er een lagere financiële drempel om te ondernemen in deze sectoren. Voor de evenementenvergunning moet opgemerkt worden dat deze een hogere kostendekkendheid heeft dan andere jaren. Dit komt omdat er kritisch gekeken is naar de benodigde tijd voor een evenementenaanvraag.

De benodigde tijd is naar beneden bijgesteld waardoor de kostendekkendheid hoger is geworden voor dit onderdeel. De begrote inkomsten komen € 10.000 hoger uit dan begroot in 2022. Aangezien enerzijds de werkelijke inkomsten afhankelijk zijn de werkelijke aantal aanvragen wat nog onduidelijk is (ook gezien de ontwikkeling omtrent Covid) wordt voorgesteld om de begroting niet aan te passen. En dit op basis van de werkelijkheid te betrekken bij de najaarsrapportage. Financieel overzicht + = nadeel - = voordeel Verordening Kwijtscheldingsbesluit Sluisgeld Parkeergeldverordening Totaal

Mutatie ten opzichte van de begroting 2022 Voordeel nadeel € 17.000 (S) € 1.750 (S) € 100.000 (I) € 1.750 € 117.000

Voorgesteld wordt om de financiële consequenties te betrekken bij de voorjaarsrapportage 2023 (incidenteel) en kadernota 2024 (structureel). Communicatie ▪ Na vaststelling van de verordeningen worden deze gepubliceerd op rijksoverheid en op Dijkenwaard.cocensus.nl. Daarnaast zal er begin 2023 een stuk in stadsnieuws worden

opgenomen aangaande de beschikkingen voor onroerende belasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Ook zal communicatie naar Cocensus en intern plaatsvinden. Uitvoering ▪ De verordening worden gepubliceerd en ingetrokken op diverse media. Daarnaast zal communicatie naar Cocensus en intern plaatsvinden. ▪ Zoals is aangegeven is de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen uitgesteld naar 1 juli 2023. Dit houdt in dat, indien deze niet opnieuw wordt uitgesteld, de legesverordening in 2023 opnieuw door de raad moet worden vastgesteld voor de tweede helft voor 2023 voor het onderdeel Fysieke leefomgeving. Zodra definitief wordt dat de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen per 1 juli in gaat zal een gewijzigde legesverordening 2023 aan u worden aangeboden. Bijlagen die onderdeel uitmaken van het besluit 1. Verordening Rioolheffing 2023 2. Verordening Afvalstoffenheffing 2023 3. Verordening Marktgelden 2023 4. Verordening Lijkbezorgingsrechten 2023 5. Verordening Campergelden 2023 6. Verordening Liggeld Vaartuigen 2023 7. Verordening Toeristenbelasting 2023 8. Verordening Forensenbelasting 2023 9. Verordening Parkeerbelasting 2023 10. Verordening Sluisgeld 2023 11. Verordening Onroerende zaakbelasting 2023 12. Legesverordening 2023 13. Besluit kwijtscheldingsregels 2023 14. Tabel eenheidsprijzen bouwkosten 2023 Bijlagen ter informatie 15.

Was wordt lijst 16. Kostendekkendheid op hoofdstukniveau

RAADSBESLUIT

Onderwerp: Zaaknummer:

Belastingverordeningen 2023 0000385917

Raadsvergadering: Agendapunt:

Invullen door de griffie Invullen door de griffie

De raad van de gemeente Dijk en Waard; gelet op 1. Gemeentewet, artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h; 2. Gemeentewet, artikel 220 tot en met 220h; 3. Gemeentewet, artikel 228a; 4. Gemeentewet, artikel 229, lid 1, aanhef en onderdelen a en b; 5. Gemeentewet, artikel 255; 6. Invorderingswet 1990, artikel 26; 7. Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990; 8. Leidraad Invordering Cocensus; 9. artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet; 10. Wet Milieubeheer, artikel 15.33; besluit: De gemeenteraad besluit: 1. De volgende verordeningen vast te tellen: a. Verordening Rioolheffing 2023 b. Verordening Afvalstoffenheffing 2023 c. Verordening Marktgelden 2023 d. Verordening Lijkbezorgingsrechten 2023 e. Verordening Campergelden 2023 f. Verordening Liggeld Vaartuigen 2023 g. Verordening Toeristenbelasting 2023 h. Verordening Forensenbelasting 2023 i. Verordening Parkeerbelasting 2023 j. Verordening Sluisgeld 2023 k. Verordening Onroerende zaakbelasting 2023 l. Legesverordening 2023 m. Besluit kwijtscheldingsregels 2023 2. De volgende verordening in te trekken voor zowel voormalig gemeente Heerhugowaard als voor voormalig gemeente Langedijk: a. Verordening Rioolheffing 2022 b. Verordening Afvalstoffenheffing 2022

c. Verordening Marktgelden 2022 d. Verordening Lijkbezorgingsrechten 2022 e. Verordening Campergelden 2022 f. Verordening Liggeld Vaartuigen 2022 g. Verordening Toeristenbelasting 2022 h. Verordening Forensenbelasting 2022 i. Verordening Parkeerbelasting 2022 j. Verordening Sluisgeld 2022 k. Legesverordening 2022 l. Besluit kwijtscheldingsregels 2022 3. De verordening Onroerende zaakbelasting 2022 van gemeente Dijk en Waard in te trekken. 4. De in de Legesverordening 2023, onder onderdeel Fysieke leefomgeving, artikel 2.1.1.2 genoemde “tabel eenheidsprijzen bouwkosten 2023” vast te stellen. 5. De financiële consequenties te verwerken in de voorjaarsrapportage 2023 en eventueel kadernota 2024 Vastgesteld in de openbare vergadering van datum invullen door de griffie De griffier,

De voorzitter,

{{esl:Signer1:Capture:size(320,100)}}

{{esl:Signer2:Capture:size(320,100)}}

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=bb307d04-bf3d-4c86-893b-4b27679b7382