CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel verordening Jeugd en Wmo (getekend)

Gemeenteraad 10 oktober 2023, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Harmonisatie verordening Jeugd en Wmo2.304 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

DIJK EN RAADSVOORSTEL

Zaaknummer: Onderwerp: Datum raadsvergadering: Agendapunt:

0000613544 Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2024 10 oktober 2023 8b

Portefeuillehouder: Programma begroting:

G.J. Rep & A.M. Groot Programma 6 Sociaal domein

Publiekssamenvatting Met dit voorstel worden de vier oude verordeningen voor jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning van de voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard geharmoniseerd tot één gecombineerde verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning voor Dijk en Waard. Deze verordening regelt de rechten en plichten van inwoners met een hulpvraag (en van hun omgeving) bij hulp en ondersteuning vanuit de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning. De verordening is het juridisch kader waarbinnen de gemeente maatwerkvoorzieningen voor hulp en ondersteuning indiceert. Voorgesteld besluit De gemeenteraad besluit: 1. de verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2024 vast te stellen (bijlage 1) Inleiding De verordeningen Wmo en Jeugdhulp 2015 van de voormalig gemeenten Heerhugowaard en Langedijk dienen naar aanleiding van de fusie naar Dijk en Waard per 1 januari 2022 te worden geharmoniseerd. Dit dient te gebeuren uiterlijk 1 januari 2024 onder de wet Arhi (artikel 28), omdat de oude verordeningen dan van rechtswege komen te vervallen. Met dit voorstel worden de vier verordeningen samengevoegd tot een gecombineerde verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning. De oude verordeningen worden ingetrokken.

Er is gekozen voor een actualisatie van de oude verordeningen, waarbij de wijzigingen van de afgelopen periode (vanuit de praktijk en o.b.v. jurisprudentie) zijn meegenomen. Zoals een aantal inhoudelijke, al dan niet juridisch noodzakelijke, aanpassingen en redactionele verbeteringen. Hierna volgt op termijn nog een tweede traject waarin de verordening nog meer in lijn wordt gebracht met de visie Sociaal Domein. Er is voor een twee-fasen traject gekozen omwille van bedrijfszekerheid; om ruim voor 1 januari 2024 een geldige verordening en beleidsregels te hebben. Het creëren van voorschriften aansluitend op het nieuwe beleid moet bovendien gelijke tred houden met wijzigingen in de uitvoering, inkoop en beleidsvorming. De gecombineerde verordening is in lijn met het Integraal Beleidskader Sociaal Domein (IBK), waarbij de gemeente zoveel mogelijk vanuit een integrale benadering werkt.

Beoogd effect Met het vaststellen van de verordening voldoet de gemeente aan de wet Arhi en wordt beleid en regelgeving op het gebied van jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning in lijn met lokale en landelijke ontwikkelingen en kaders gebracht. Daarnaast wordt een slag gemaakt in het integraal benaderen en oplossen van hulpvragen. Zo borgt en continueert de gemeente de zorg en hulp van goede kwaliteit aan inwoners. Kader Gemeenten hebben de wettelijke plicht om verordeningen op te stellen voor de uitvoering van het sociaal domein. In dit geval voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet. Kaderstellend voor deze verordening zijn: 1. Jeugdwet: artikel 2.9 Jeugd; 2. Wmo: artikel 2.1.3; 3. Wet Arhi: artikel 28; 4. Visie Sociaal Domein gemeente Dijk en Waard; 5. Integraal Beleidskader Sociaal Domein (IBK) gemeente Dijk en Waard; 6. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerhugowaard 2018; 7. Verordening jeugdhulp 2018 Heerhugowaard; 8. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk 2019; 9. Verordening jeugdhulp gemeente Langedijk 2015 Motivering per besluitpunt 1. 1 Voldoen aan wet Arhi Met het tijdig actualiseren/vaststellen van de verordening ontstaat er geen grondslagprobleem.

De verordeningen en beleids- of nadere regels voor de uitvoering van de Jeugdwet en Wmo dienen op 1januari 2024 geharmoniseerd te zijn, omdat dan de oude voorschriften vervallen. Het is daarom noodzakelijk tijdig te besluiten over de nieuwe verordening. 1.2 Inhoudelijke argumenten per belangrijke wijziging in de nieuwe verordening 1_De lijn yanuit het Integraal Beleidskader Sociaal Domein_is doorgevoerd_in de gemeentelijke voorschriften Het Integraal Beleidskader Sociaal Domein (IBK) van gemeente Dijk en Waard dient als kapstok voor de verordening en de beleidsregels. De verordening is in lijn met de doelstellingen uit het beleidskader namelijk: • Passende ondersteuning dichtbij de inwoners (route 2); • Kwalitatieve en beheersbare hulp en ondersteuning (route 3); 2. De verordening voor Jeugd en Wmo is gecombineerd. als een eerste stap in de richting van een integrale verordening De oude verordeningen waren apart opgesteld voor Jeugd en Wmo. Omdat de Jeugdwet en de Wmo ook veel overeenkomsten kennen en we daarnaast streven naar een integrale benadering van wetten en hulpvragen, is er voor gekozen om de nieuwe verordening voor Jeugd en Wmo te combineren. Daar waar de wetten echt verschillen, worden deze verschillen ook als zodanig benoemd in de verordening.

3_ De verordening is hoofdzakelijk gericht op de essentialia (de belangrijkste uitgangspunten)en verdere uitwerking wordt vastgelegd in de beleidsregels Op deze manier bevorderen we de 'houdbaarheid' van de verordening, omdat deze dan minimaal onderhevig is aan beleidsmatige veranderingen. Relevante onderwerpen die in de beleidsregels worden vastgelegd zijn bijvoorbeeld gebruikelijke zorg, pgb (-vaardigheid, -plan, -kosten), financiele tegemoetkoming Wmo en (nadere) kwaliteiteisen aan ondersteuning.

2

4. Bii het doen van onderzoek wordt gewerkt volgens het stappenplan van de Centrale raad van Beroep In dit artikel is opgenomen hoe het onderzoek naar aanleiding van een melding (Wmo 2015) of aanvraag (Jeugdwet) dient te worden gedaan. Er is voor gekozen om in de verordening het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep op te nemen. Zowel in de Jeugdwet als in de Wmo 2015 heeft de Centrale Raad van Beroep bepaald dat bij het onderzoek dit stappenplan moet worden gehanteerd. Door het in de verordening op te nemen is ook duidelijk dat het college dit ook als uitgangspunt hanteert. 5. Het stappenplan van de CRvB dient ook van toepassing te worden verklaard op zorgaanbieders Uit de Jeugdwet volgt dat jeugdhulp beschikbaar is na verwijzing door een huisarts, medisch specialist of jeugdarts. In de praktijk is het de aanbieder die vervolgens bepaalt welke specifieke vorm van jeugdhulp nodig is en wat de omvang en duur daarvan is. In de verordening is opgenomen dat de jeugdhulpaanbieder hierbij het onderzoek doet zoals is benoemd onder punt 4, zodat het onderzoek vanuit de gemeente (indien de toeleiding via de gemeente verloopt) en door de jeugdhulpaanbieders op eenzelfde wijze en daarmee zorgvuldig wordt gedaan. 6.

In de verordening is een grondslag gecreëerd voor het werken volgens 1 gezin, 1 plan voor Jeugd Deze grondslag is opgenomen, om te verstevigen dat er wordt gewerkt volgens het principe 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur. 7De soorten en_hoogtes yan de tarieven yan het persoonsgebonden budget zijn_herijkt yoor Jeugd en Wmo In de nieuwe verordening zijn de pgb-soorten en tarieven geactualiseerd voor Jeugd en Wmo. De pgb-soorten en tarieven zijn hiermee eenduidig en sluiten aan bij de huidige jurisprudentie en huidige tijd. 8. Er worden voorwaarden gesteld ten aanzien van het betrekken van personen uit het sociaal netwerk De mogelijkheid met betrekking tot het stellen van voorwaarden om personen te betrekken uit het sociaal netwerk volgt zowel uit de Jeugdwet (artikel 8.1.1 lid 3 Jeugdwet) als de Wmo 2015 (artikel 2.3.6 lid 4 Wmo 2015). Daar is in deze verordening invulling aan gegeven, omdat deze voorwaarden in de oude verordening ontbraken. Met deze voorwaarden kan worden getoetst of iemand uit het sociaal netwerk ook geschikt is om de juiste zorg/ondersteuning te kunnen bieden. Een nadere uitwerking van deze voorwaarden kan worden opgenomen in beleidsregels. Kanttekeningen en risico's 1. 1 Inhoudelijke kanttekeningen per belangrijke wijziging in de nieuwe verordening 1.

De verordening voor Jeugd en Wmo is gecombineerd, als een eerste stap in de richting van een integrale verordening Door het combineren van Jeugd en Wmo in één verordening is de verordening soms wat lastiger leesbaar. Jeugd en Wmo-voorschriften overlappen voor een groot deel, maar kennen ook verschillen. Er is getracht dit onderscheid zo goed mogelijk helder te maken in de nieuwe verordening.

2. Het stappenplan van de CRvB dient ook van toepassing te worden verklaard op zorgaanbieders Gemeenten kunnen via de verordening voorwaarden stellen aan het toeleidingsproces via de medische verwijsroute en kunnen hierover met jeugdhulpaanbieders afspraken maken in de zorgovereenkomsten. In dat kader zal het regionaal verwijsprotocol mogelijk moeten worden aangepast. Omdat de gemeente dit opneemt in de verordening is het noodzakelijk om de Regionale Netwerkorganisatie (NORA) hier op te wijzen.

3

3. De soorten en hoogtes van de tarieven van het persoonsgebonden budget zijn herijkt voor Jeugd en Wmo De soorten en hoogtes van de pgb-tarieven zijn geactualiseerd en dienen daarbij aan te sluiten bij de meest recente CRvB-uitspraak. Deze uitspraak is zeer recent gedaan (d.d. 16 augustus 2023) en stelt dat het uurtarief van een pgb voor een persoon uit het sociaal netwerk voor huishoudelijke hulp of begeleiding (vanuit de Wmo) aan dient te sluiten bij de bijbehorende CAO, vermeerderd met vakantieuren en de tegenwaarde van verlofuren. Dus het wettelijk minimumloon is niet meer leidend. Dit betekent een grote verandering voor de hoogten van pgb-tarieven voor het netwerk, omdat deze gelijk wordt gesteld aan het niveau van een professional. Voor de Jeugdwet is een soortgelijke uitspraak nog niet gedaan, maar wordt deze wel verwacht. Dat is de reden dat de grondslag voor pgb-tarief voor het netwerk binnen de Jeugdwet nog open staat in de verordening. We zijn in afwachting van deze uitspraak, zodat we de verordening hier op kunnen laten aansluiten. 4.Er worden voorwaarden gesteld ten aanzien van het betrekken van personen uit het sociaal netwerk De CRvB uitspraak onder kanttekening 3 kan leiden tot een toename van het aantal pgbaanvragen vanuit het sociaal netwerk, omdat het pgb-tarief aantrekkelijker wordt.

Door het stellen van voorwaarden aan personen uit het sociaal netwerk, kan er kritischer worden gekeken naar het afgeven van een pgb. Naast de voorwaarden in de verordening, kan hier ook in de beleidsregels nader uitwerking aan worden gegeven. Het stellen en hanteren van voorwaarden bevordert de kwaliteit en rechtmatigheid van het inzetten van het sociaal netwerk voor zorg en ondersteuning. Dit kan leiden tot een afname van pgb-aanvragen. Dat hoeft geen negatief effect te zijn, omdat een pgb veel administratief werk met zich meebrengt, zowel voor inwoner als gemeente. Daarnaast is niet iedereen in staat om een zelfstandig pgb te beheren en is de kwaliteit van de geboden ondersteuning moeilijker te toetsen. Alternatieven Het alternatief op de voorliggende verordening was om een verordening te ontwikkelen aansluitend op het ambitieniveau van nieuw beleid. Bij de start van het opstellen van een nieuwe verordening, was het integraal beleidskader echter nog volop in ontwikkeling. Het beleidskader vormt de kapstok voor ons beleid. Omdat de gemeente verplicht is voor 1 januari 2024 een geharmoniseerde verordening vast te stellen, was het opstellen van een verordening volgens de nieuwe beleidsambities qua tijdpad niet haalbaar. Wij kiezen daarom voor een tussenstap. Een geactualiseerde, gecombineerde verordening, waarbij eenvoudige en noodzakelijke verbeteringen zijn doorgevoerd.

Een ander alternatief is om de verordening niet vast te stellen. Hiermee lopen we echter tegen een grondslagprobleem aan, wanneer verordeningen en beleids- of nadere regels voor de uitvoering van de Jeugdwet en Wmo niet op 1 januari 2024 geharmoniseerd zijn, omdat dan de oude voorschriften vervallen. Dat is uiterst onwenselijk en daarmee geen reëel alternatief. Samenwerking en participatie Voor het opstellen van de verordening was, behalve interne samenwerking, geen externe samenwerking van toepassing. Wel heeft de Cliënten Adviesraad (CAR) zowel in de voorbereidende fase als op het laatste concept haar input gegeven. Deze adviezen zijn waar mogelijk verwerkt. Heeft het voorstel financiële gevolgen? In de basis heeft het harmoniseren van de verordening geen financiële gevolgen. Wel is het mogelijk dat het actualiseren van de pgb-hoogten naar aanleiding van de CRvBuitspraak, zoals benoemd onder kanttekening nummer 3 een financieel effect met zich meebrengt. Het is op dit moment nog niet mogelijk hier een financiële inschatting van te maken. Daarnaast is het een onvermijdelijke juridische ontwikkeling, waar iedere gemeente aan gehouden is.

4

Communicatie De verordening wordt gepubliceerd in het gemeenteblad, waarmee deze bekend wordt gemaakt en waarmee de oude verordeningen worden ingetrokken. De inwoners zullen bij (wijzigingen in de) beschikking op de hoogte worden gesteld van de eventuele gevolgen van de nieuwe verordening. Hierop is de overgangsregeling in de verordening op van toepassing. Uitvoering Het college zal na vaststelling van de verordening door de raad nog overgaan tot het vaststellen van beleidsregels. Hierbij is specifiek aandacht voor de doelstellingen uit het Integraal Beleidskader Sociaal Domein. Voor alle aanpassingen geldt de doelstelling om binnen de daarvoor beschikbare budgetten te blijven en wordt de samenwerking gezocht met de Cliënten Adviesraad (CAR). Na vaststelling van beide gemeentelijke voorschriften dient er nog aandacht te zijn voor de implementatie ervan. De nieuwe verordening en beleidsregels zullen veranderingen met zich meebrengen voor de uitvoering. Veranderingen vragen om anders denken en anders doen. Door middel van een implementatieplan kan in beeld worden gebracht wat de wijzigingen exact zijn waar op dient te worden gestuurd en op welke manier. Dat is een belangrijk onderdeel voor het slagen van deze nieuwe regelgeving- en beleid. Bijlagen die onderdeel uitmaken van het besluit 1.

Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2024 Bijlagen ter informatie 2. Schriftelijke reactie CAR-advies verordening Jeugd en Wmo 3. Belangrijkste wijzigingen verordening Jeugd en Wmo

5

DIJK EN RAADSBESLUIT Onderwerp: Zaaknummer:

Verordening WMO en Jeugd 0000613544

Raadsvergadering: Agendapunt:

10 oktober 2023 8b

De raad van de gemeente Dijk en Waard; gelet op het gegeven dat gemeenten de wettelijke plicht hebben om verordeningen op te stellen voor de uitvoering van het sociaal domein. In dit geval voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet. Kaderstellend voor deze verordening zijn: 1. Jeugdwet: artikel 2.9 Jeugd; 2. Wmo: artikel 2.1.3; 3. Wet Arhi: artikel 28; 4. Visie Sociaal Domein gemeente Dijk en Waard; 5. Integraal Beleidskader Sociaal Domein (IBK) gemeente Dijk en Waard; 6. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerhugowaard 2018; 7. Verordening jeugdhulp 2018 Heerhugowaard; 8. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk 2019; 9. Verordening jeugdhulp gemeente Langedijk 2015

besluit: 1. de verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Dijk en Waard 2024 vast te stellen (bijlage 1 );

Besloten in de openbare vergadering van 10 oktober 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=503d38ad-2fa4-44a4-b75d-8b9abeda3c24