Raadsvoorstel Uitwerking Toekomstvisie Museum BroekerVeiling
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer: Onderwerp: Datum raadsvergadering: Agendapunt:
0000272163 Uitwerking Toekomstvisie Museum BroekerVeiling Invullen door de griffie Invullen door de griffie
Portefeuillehouder: Programma begroting:
N. Langedijk Programma 5 Sport, cultuur, recreatie en openbare ruimte
Publiekssamenvatting Gemeente Dijk en Waard werkt samen met Museum BroekerVeiling aan de toekomstbestendigheid van het museum. Het veilinggebouw, de lighallen en de omgeving zijn van cultuur-historische waarde en zijn nauw verbonden met de identiteit van de nieuwe gemeente Dijk en Waard. Het ontbreekt het museum aan voldoende financiële inkomsten. Om het museum voor de toekomst te behouden is een langetermijnvisie nodig en bijbehorende uitwerking op financieel, economisch en toeristisch gebied. Daarom is in augustus 2020 het traject voor de toekomstvisie Museum BroekerVeiling gestart. Daaruit is de visie ‘Museum BroekerVeiling – ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw’ voortgekomen. In de visie is de ‘vaarroute’ voor een toekomstbestendig museum beschreven. Als uitwerking op deze visie heeft bureau Berenschot drie toekomstbestendige scenario’s voor het Museum BroekerVeiling gemaakt. Op basis daarvan wordt voorgesteld het scenario 3 ‘Museum als verrijking’ vast te stellen. Het museum wordt daarmee incidenteel en structureel financieel door de gemeente Dijk en Waard ondersteund om deze ontwikkeling de komende jaren door te kunnen maken. Voorgesteld besluit De gemeenteraad besluit: 1. Te opteren voor scenario 3 (museum als verrijking) uit het rapport ‘verfijningsonderzoek toekomst Museum BroekerVeiling’ van 13 april 2022. 2.
De uitvoering van de visie in twee fases op te knippen, waarbij: a. Scenario 2 het uitgangspunt vormt voor de stappen die de komende 2 jaar gezet worden. b. Scenario 3 het uitgangspunt vormt om het ambitieniveau stap voor stap (indicatief 2024 t/m 2026) verder op te schroeven. 3. De transitie samen met het museum in een stuurgroep en kerngroep te monitoren en evalueren, en daarbij: a. Het museum te vragen een projectplan te maken, met daarin in ieder geval de volgende onderdelen: ▪ Planning (in tijd en financieel). ▪ KPI voor toetsing op haalbaarheid en behaalde doelen (tussentijdse mijlpalen). ▪ Voorgestelde governance vanuit het museum op beheersing van het ontwikkelproces. ▪ Overzicht meerwaarde voor inwoners. ▪ Samenwerking met instellingen/activiteiten. ▪ Ideeën voor verhoging eigen inkomsten met daarbij mogelijke fasering naar begin van het project van mogelijke inkomstenbronnen (inclusief mogelijke verschuiving van activiteiten van scenario 3 naar scenario 2). ▪ Overzicht van de bijdrage aan citymarketing van Dijk en Waard. b. De stuurgroep halfjaarlijks de voortgang van de realisatie en bijbehorende financiën te laten beoordelen.
c. De stuurgroep de raad daarover minimaal 1x per jaar te laten informeren. 4. In lijn met de knip in twee fases de volgende gemeentelijke exploitatiesubsidie beschikbaar te stellen: a. Vanaf 2022 jaarlijks €370.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 2. b. In 2024/2025 een evaluatie aan de raad voor te leggen om te bepalen of de exploitatiesubsidie aangepast zal worden naar jaarlijks €390.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 3. 5. Een eenmalige bijdrage van €1,8 miljoen beschikbaar te stellen voor het dekken van de incidentele kosten voor de realisatie van scenario 2. Bij realisatie van scenario 2 en voldoende perspectief voor de realisatie van scenario 3 zal de raad een evaluatie en een aanvullend voorstel krijgen voor de benodigde middelen voor realisatie van scenario 3. 6. Voor deze incidentele kosten een ‘Reserve doorontwikkeling Museum Broekerveiling’ in te stellen en deze te dekken vanuit de algemene reserve dan wel het jaarresultaat 2022. Inleiding Museum BroekerVeiling is de oudste doorvaargroenteveiling ter wereld. Op deze historische plek in Broek op Langedijk is in 1887 het veilen bij afslag ontstaan. De herinnering wordt levend gehouden door het historische veilinggebouw en de markante lighallen. Ondanks dat het museum relatief veel bezoekers trekt, gaat het niet goed.
Er is geen financiële ruimte voor vernieuwing, aankopen, beheer en behoud collectie, marketing en tentoonstellingen. Als er niets gedaan wordt, glijdt het museum verder af, zal het aantal bezoekers fors dalen en is er sprake van kapitaalvernietiging. Om die reden had het museum een prominente plek in het collegeprogramma 2018-2022 van Langedijk. In 2019 heeft de raad van Langedijk besloten geld vrij te maken voor een toekomstvisie. De urgentie is in 2020 versterkt door de coronacrisis. Het college en de gemeenteraad van Langedijk wilde niet alleen (financiële) steun geven op korte termijn, maar ook samen met het museum naar de lange termijn kijken. Daarom is in augustus 2020 het traject voor de toekomstvisie Museum BroekerVeiling gestart. Museum BroekerVeiling – ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw
Het traject in 2020/2021 heeft de visie: ‘Museum BroekerVeiling – ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw’ opgeleverd (door Studio Louter). In de visie is de ‘vaarroute’ voor een toekomstbestendig museum beschreven. Doel is een combinatie van een toegankelijk museum voor lokale inwoners en een ervaring met regionale aantrekkingskracht. In juni 2021 heeft de gemeenteraad van Langedijk besloten de visie als aan te merken als vertrekpunt voor nadere uitwerking en daarbij uit te gaan van de scenario’s ‘vrijwilligersmuseum’ en ‘regionaal museum’. De visie is als bijlage 5 toegevoegd. Verfijningsonderzoek Museum BroekerVeiling (Berenschot)
De opdracht van de uitwerking is, na het doorlopen van een aanbestedingsprocedure, in september 2021 aan adviesbureau Berenschot verleend. Het doel van de uitwerking was twee toekomstbestendige scenario’s voor het Museum BroekerVeiling, met een onderscheid in ambitie, bedrijfsvoering (financiën) en profilering. Tijdens het proces is daar een derde scenario aan toegevoegd, omdat scenario 1 van Studio Louter op twee manieren kon worden opgevat. De uitwerking is als bijlage 1 toegevoegd. In de toekomstvisie geschreven door Studio Louter staan de inhoudelijke visie en het museumconcept centraal. Berenschot heeft de scenario’s op een aantal punten aangescherpt en zich vervolgens geconcentreerd op het in kaart brengen van de financiële consequenties, de routekaart en kansen & aandachtspunten voor de uitvoering. De toekomstvisie (Studio Louter) en de uitwerking van Berenschot kunnen dan ook niet los van elkaar gezien worden. In bijlage 4 zijn de samenvattingen van beide onderzoeken opgenomen.
2
Beoogd effect Een lokaal verankerd toekomstbestendig museum met regionale aantrekkingskracht waar het verhaal verteld wordt over de lange traditie van innovatie door de tuinders in het Rijk der Duizend Eilanden. Een museum waar de focus in de bedrijfsvoering ligt op het vertellen van het museale verhaal, op een manier die voldoende bezoekers trekt om een professionele organisatie draaiende te houden. Een open, modern museum waar de verhalen van toen vandaag tot leven komen. Het museum speelt daarmee een grote rol in de identiteit van de gemeente Dijk en Waard en is een belangrijke publiekstrekker. Kader Rollen en taken gemeente en museum: de huidige situatie ▪ Eigenaar gebouw ‘Het Heden’: Stichting de Geestman (verhuurt aan museum). ▪ Eigenaar gebouw ‘Het Verleden’ (afmijnlokaal en lighallen): Gemeente Dijk en Waard. Deze gebouwen zijn Rijksmonument; de gemeente is verantwoordelijk voor (groot) onderhoud. ▪ Eigenaar terrein: Gemeente Dijk en Waard. ▪ Museum krijgt jaarlijks €65.000 voor het dagelijks onderhoud van het terrein, de lighallen en het afmijnlokaal. ▪ De afgelopen jaren heeft het museum beperkte incidentele subsidies ontvangen van de gemeente voor specifieke projecten. Bijvoorbeeld voor het verbeteren van de digitale entree en voor cultureel varen en fietsen (samen met Poldermuseum, Kaasmuseum en De Museum Molen).
▪ Het museum heeft corona ondersteuning in de vorm van maatwerk leningen ontvangen. 2021: Besluit uitwerking toekomstvisie
Op 29 juni 2021 heeft de gemeenteraad van Langedijk het volgende besluit genomen: De toekomstvisie 'Museum BroekerVeiling - ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw’ aan te merken als vertrekpunt voor nadere uitwerking en daarbij uit te gaan van de ‘vrijwilligersmuseum’ en ‘regionaal museum’. Zie bijlage 6 voor het volledige voorstel en besluit. 2022: Museum BroekerVeiling in de begroting 2022 van Dijk en Waard
Museum BroekerVeiling is als categorie 2 (bestuurlijk voornemen) opgenomen in de lijst met opgaven en ontwikkelingen van de programmabegroting 2022 van de gemeente Dijk en Waard. Toen de begroting gemaakt werd, was er nog geen concreet bedrag bekend, waardoor het als p.m. is opgenomen. 2022: Museum BroekerVeiling in het coalitieakkoord
Tijdens het traject van de uitwerking van de visie zijn de gemeenten Langedijk en Heerhugowaard gefuseerd tot Dijk en Waard. In het Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Meedoen in Dijk en Waard - Iedereen doet ertoe’ is opgenomen dat het college streeft naar een toekomstbestendig Museum Broekerveiling. Het college kiest in ieder geval voor het voortzetten van de bestaande opzet met de daarbij noodzakelijke eenmalige financiële investeringen en benodigde jaarlijkse exploitatiesubsidie (scenario consolidatie) en wil het museum doorontwikkelen naar een museum met een regionale uitstraling. Nb: het scenario consolidatie heet in de eindversie van het rapport van Berenschot ‘de basis op orde’. Motivering per besluitpunt 1. Te opteren voor scenario 3 (museum als verrijking) uit het rapport ‘verfijningsonderzoek toekomst Museum BroekerVeiling’ van 13 april 2022. ▪
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het raadsbesluit door Langedijk van 29 juni 2021 De raad heeft het college toen verzocht ‘te onderzoeken onder welke condities de onderdelen uit de visie uitvoerbaar zijn’.
3
▪
Alle ingrediënten zijn al decennialang aanwezig en hoeven dus niet aangelegd te worden. Het verhaal van de doorvaarveiling en het gebied van de Duizend Eilanden is uniek en maakt onderdeel uit van erfgoed Nederland. Het veilinggebouw en de lighallen zijn een Rijksmonument en de enige gebouwen die nog over zijn van de landbouw- en veilingcultuur van Noord-Holland. Deze positie is uniek en moet gekoesterd worden.
▪
Een modern museum BroekerVeiling draagt bij aan een groot aantal maatschappelijke en economische doelen Het heeft een belangrijke historische, culturele, sociale, economische en landschappelijke waarde. Het draagt bij aan de identiteit en sociale cohesie (vrijwilligers) van Dijk en Waard en heeft een grote toeristische en recreatieve potentie. Daarmee heeft het museum niet alleen belang voor bezoekers van buiten de gemeente, maar juist ook voor alle inwoners van Dijk en Waard.
▪
Het museum kan als vliegwiel fungeren in scenario 3 (Museum als verrijking) De museale beleving krijgt een extra impuls door aantrekkelijke kunstobjecten/installaties, er is financiële ruimte om exposities te vernieuwen, het museumterrein wordt beter ontsloten en er is ruimte voor randprogrammering (in samenwerking met omwonenden, maatschappelijke organisaties, andere culturele instellingen en het bedrijfsleven). Dit alles trekt extra bezoekers naar het museum en biedt kansen op marketingvlak en educatie. Een kwalitatief en onderscheidend museum trekt publiek dat naast het museumbezoek ook andere bestedingen doet in de omgeving. Ook kunnen andere bedrijven en organisaties, zoals het Poldermuseum, meeliften op het bereik en aantrekkingskracht van het museum. Daarmee worden ook de kansen voor regionale samenwerking verder vergroot en wordt de culturele infrastructuur als geheel versterkt. Mooi voorbeeld van een reeds ingezette samenwerking is het Cultureel varen en fietsen (samen met Poldermuseum, kaasmuseum en De Museum Molen).
▪
Het Bestuur en De Raad van Toezicht staat achter de uitkomsten Op 13 april 2022 heeft de Raad van Toezicht van het museum een brief gestuurd naar het college en de gemeenteraad van Dijk en Waard. Daarin geven zij aan dat ze blij zijn met de constructieve samenwerking in het gelopen traject voor de toekomstvisie en steun in de coronaperiode. Ze kijken dan ook positief naar de toekomst. In de brief pleiten ze als Bestuur en Raad van Toezicht voor scenario 3. Ze beseffen zich dat het om veel geld gaat, maar volgens hen wordt dan gekozen voor de beste toekomst van het museum en daarmee voor de regio, de gemeente en niet in de laatste plaats haar bewoners.
2. De uitvoering van de visie in twee fases op te knippen, waarbij: a. Scenario 2 het uitgangspunt vormt voor de stappen die de komende 2 jaar gezet worden. b. Scenario 3 het uitgangspunt vormt om het ambitieniveau stap voor stap (indicatief 2024 t/m 2026) verder op te schroeven. ▪
De basis moet eerst op orde zijn Achterstallig onderhoud moet worden opgelost en de uitgedunde organisatie verstevigd. Er zijn noodzakelijke investeringen in de vaste presentatie nodig. Ook kan er gestart worden met de jaarlijkse afschrijving/reserveringen voor toekomstig onderhoud en vernieuwing. Als de basis op orde (scenario 2) is, kan de stap gemaakt worden naar scenario 3 (museum als verrijking). Onderdelen uit scenario 3 die inkomsten op leveren, kunnen in overleg met de stuurgroep naar voren gehaald worden. De op te richten stuurgroep zal in 2024/2025 bepalen of het museum voldoende op koers is om de stap naar de uitvoering van scenario 3 te kunnen zetten (en de daarbij behorende exploitatiesubsidie te ontvangen). De routekaart van pagina 44 van het rapport van Berenschot vormt de basis voor de uitvoering. Door de uitvoering op deze manier op te pakken, is het mogelijk dat het museum openblijft voor bezoekers.
4
3. De transitie samen met het museum in een stuurgroep en kerngroep te monitoren en evalueren, en daarbij: a. Het museum te vragen een projectplan te maken, met daarin in ieder geval de volgende onderdelen. ▪ Planning (in tijd en financieel). ▪ KPI voor toetsing op haalbaarheid en behaalde doelen (tussentijdse mijlpalen). ▪ Voorgestelde governance vanuit het museum op beheersing van het ontwikkelproces. ▪ Overzicht meerwaarde voor inwoners. ▪ Samenwerking met instellingen/activiteiten. ▪ Ideeën voor verhoging eigen inkomsten met daarbij mogelijke fasering naar begin van het project van mogelijke inkomstenbronnen (inclusief mogelijke verschuiving van activiteiten van scenario 3 naar scenario 2). ▪ Overzicht van de bijdrage aan citymarketing van Dijk en Waard. b. De stuurgroep halfjaarlijks de voortgang van de realisatie en bijbehorende financiën te laten beoordelen. c. De stuurgroep de raad daarover minimaal 1x per jaar te laten informeren. ▪
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het raadsbesluit door Langedijk van 29 juni 2021 De raad heeft het college toen verzocht ‘te onderzoeken welke organisatievorm passend is’.
▪
Deze werkwijze geeft de gemeente grip op de volgende onderdelen: 1. Bijdragen gefaseerd ter beschikking stellen. 2. De gemeente houdt grip op het proces (stap naar scenario 3 en risico’s & onzekerheden toetsen). 3. De gemeente houdt grip op de uitgaven. 4. Er worden afspraken gemaakt over zaken anders dan de financiën en museale ontwikkelingen. Zie bijlage 2 (toelichting financiële verwerking toekomstplannen Museum Broekerveiling) voor een uitgebreidere toelichting.
4. In lijn met de knip in twee fases de volgende gemeentelijke exploitatiesubsidie beschikbaar te stellen: a. Vanaf 2022 jaarlijks €370.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 2. b. In 2024/2025 een evaluatie aan de raad voor te leggen om te bepalen of de exploitatiesubsidie aangepast zal worden naar jaarlijks €390.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 3. ▪
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het raadsbesluit door Langedijk van 29 juni 2021 De raad heeft het college toen verzocht ‘tot een onderbouwd perspectief te komen voor een mogelijke gemeentelijke bijdrage passend binnen de financiële kaders van Dijk en Waard’.
▪
Zonder gemeentelijke bijdrage kan de visie niet uitgevoerd worden Door de wankele financiële positie is het museum niet in staat om zelf de benodigde uitgaven te doen. De precieze bijdrage voor 2022 zal worden afgestemd met het museum. Uitgangspunt is een bijdrage in de kosten die gemaakt moeten worden om het gevraagde projectplan (met behulp van een externe) op te stellen. Daarbij wordt ook gekeken naar de relatie met de coronasteun die het museum van het rijk ontvangen heeft, zodat terugbetaling daarvan (door een hogere gemeentelijke bijdrage) voorkomen wordt.
▪
De hoogte van de exploitatiesubsidie is gekoppeld aan het gerealiseerde scenario. De raad krijg een evaluatiemoment. Er zal getoetst worden of de ontwikkeling naar scenario 3 voldoende zekerheid zal bieden, voordat de structurele subsidie verhoogd wordt.
▪
Een dergelijke gemeentelijke bijdrage aan musea is gangbaar In tegenstelling tot referentiemusea opereert Museum BroekerVeiling op dit moment bijna geheel zonder subsidie (3%) en leunt het vooral op de eigen inkomsten (97%). Uit de 5
benchmarkgegevens blijkt dat bij scenario 3 dat zou verschuiven naar 26%-74%. Dat ligt meer in lijn met de benchmark (34%-66%). Het zorgt voor een gezondere en meer toekomstbestendige situatie, waarbij het museum zich kan focussen op haar museale kerntaken. Het subsidiepercentage blijft overigens ook dan ruim onder het gemiddelde van de referentiemusea. Als regionale indicatie: het Stedelijk Museum in Alkmaar (65.000 bezoekers) krijgt jaarlijks een exploitatiesubsidie van circa €3,0 miljoen. Uit de Benchmarkgegevens blijkt ook dat de gemeente Dijk en Waard (en voorheen de gemeente Langedijk en de gemeente Heerhugowaard) in vergelijking met de referentiegemeenten relatief weinig besteedt aan cultuur per inwoner. Als indicatie: Cool Kunst en Cultuur krijgt €2,2 miljoen subsidie per jaar voor (o.a.) het uitvoeren van theater, cultuureducatie en events. 5. Een eenmalige bijdrage van €1,8 miljoen beschikbaar te stellen voor het dekken van de incidentele kosten voor de realisatie van scenario 2. Bij realisatie van scenario 2 en voldoende perspectief voor de realisatie van scenario 3 zal de raad een evaluatie en een aanvullend voorstel krijgen voor de benodigde middelen voor realisatie van scenario 3. ▪
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het raadsbesluit door Langedijk van 29 juni 2021 De raad heeft het college toen verzocht ‘te onderzoeken hoe invulling kan worden gegeven aan een startkapitaal voor de transitie’.
▪
Cofinanciering door subsidies bedraagt naar verwachting 25%. De totale incidentele kosten zoals berekend door Berenschot bedragen €2,0 miljoen voor scenario 2. Er zijn diverse culturele, toeristische, recreatieve, duurzame en andere subsidies beschikbaar bij verschillende instanties die ingezet kunnen worden. Er kan alleen aanspraak gemaakt worden op subsidies als het museum de overige kosten kan dekken. Op basis van hun ervaringen heeft het museum aangegeven dat circa 25% gedekt kan worden door subsidies en eventueel bijdragen van derden. Daarmee resteert een bedrag van € 1,5 miljoen. Omdat in het gevraagde projectplan nadrukkelijk gevraagd zal worden naar de mogelijkheid om activiteiten die mogelijk extra middelen kunnen genereren naar voren te halen van scenario 3 naar scenario 2 en er mogelijk sprake is van frictiekosten(de last gaat voor de baat uit) is een bedrag van € 300.000 opgenomen voor dit scenario. Als scenario 2 is gerealiseerd en er is voldoende zicht op realisatie van scenario 3 zal een nieuw voorstel ter dekking van de incidentele kosten aan de raad worden voorgelegd.
6. Voor deze incidentele kosten een ‘Reserve doorontwikkeling Museum Broekerveiling’ in te stellen en deze te dekken vanuit de algemene reserve dan wel het jaarresultaat 2022. ▪
▪
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het raadsbesluit door Langedijk van 29 juni 2021 De raad heeft het college toen verzocht ‘te onderzoeken hoe invulling kan worden gegeven aan een startkapitaal voor de transitie’. Het instellen van een reserve levert de volgende voordelen: 1. Minder druk op structurele begroting van de gemeente. 2. Efficiënt proces. 3. Flexibel in uitvoering en temporisering. 4. Meer mogelijkheden op verschuiving activiteiten. 5. Meer zicht op totale kosten. 6. Niet direct overmaken alle middelen maar mogelijkheid tot grip door de gemeente. Zie bijlage 2 (toelichting financiële verwerking toekomstplannen Museum Broekerveiling) voor een uitgebreidere toelichting. Kanttekeningen en risico’s ▪ In het rapport van Berenschot is een risicoanalyse opgenomen. Gedurende de voorbereiding, tijdens het transitieproces en in de bedrijfsvoering na de zogenaamde “heropening” of doorstart van het museum kunnen zich uiteenlopende risico’s
6
voordoen. Op de pagina’s 47 t/m 51 zijn grootste risico’s en beheersmaatregelen per fase beschreven. Door gedurende het transitietraject periodiek de voortgang en de bijbehorende financiën te bespreken met het museum houden we samen vinger aan de pols om risico’s te beperken en beheersen. ▪ In de eenmalige gemeentelijke bijdrage zijn de investeringen in het omliggende gebied niet meegenomen. Het verhaal van het museum heeft een sterke verbinding met het cultuurhistorische landschapsreservaat Oosterdelgebied. Het onderhoud van het gebied is een opgave, waardoor het voortbestaan van het gebied op langere termijn onder druk komt te staan. Het is echter niet zo dat het gebied nu dezelfde acute hulpvraag heeft als het museum. Er is voor het Oosterdelgebied een goed doordacht plan nodig in samenwerking met de Staatsbosbeheer (eigenaar), het Hoogheemraadschap (beheerder water), Stichting Veldzorg (beheerder eilanden) en Museum BroekerVeiling (gebruiker). Er is daarom een eigenstandig traject ingezet. Het college zet zich in voor het opstellen van een samenwerkingsovereenkomst met de genoemde partijen met als doelstelling het gebied te behouden met een goede balans tussen natuur, cultuurhistorie en recreatief medegebruik.
Door de fasering in het proces met het museum, kunnen we ook blijven monitoren op de stappen die in het Oosterdelgebied gezet worden en indien nodig daar in bijsturen. Alternatieven Op basis van de uitwerking van de visie zijn er twee alternatieven: ▪ Scenario 1 Informatiecentrum: Dit alternatief is niet aantrekkelijk, omdat potenties van het gebouw niet volledig benut worden, het bijna geheel afhankelijk is van vrijwilligers, alleen van april t/m oktober open is en er alsnog een relatief grote jaarlijkse bijdrage van de gemeente (€240.000) tegenover staat. Het is daarmee in functie een sterk uitgeklede vorm van de huidige situatie en het is niet meer als museum aan te merken. ▪ Scenario 2 de basis op orde: Dit scenario is op veel punten minder aantrekkelijk dan scenario 3 - museum als verrijking. Enerzijds omdat de jaarlijkse gemeentelijke bijdrage bijna gelijk is aan scenario 3. Dat komt omdat er minder bezoekers worden verwacht, waardoor de eigen inkomsten lager zijn. Bovendien heeft het museum in dit scenario een veel minder prominente rol in de regio en levert het veel minder een bijdrage aan de identiteit en aantrekkingskracht van de nieuwe gemeente. ▪ Niets doen: Dan zal het museum noodgedwongen (op korte termijn) moeten sluiten, omdat het geen middelen heeft om investeringen te doen.
Daarmee verliest de gemeente een belangrijk trekpleister voor toeristen en voorziening voor inwoners. De gemeente blijft daarmee nog wel verantwoordelijk voor de lighallen en het afmijnlokaal (Rijksmonument). Samenwerking en participatie Studio Louter heeft de visie in afstemming met de klankbordgroep, lokale partijen en bewonersgroepen opgesteld. Er zijn toen locatiedagen gehouden, gesprekken gevoerd met ondernemers, betrokken teams binnen WLH en gesprekken met stakeholders zoals Staatsbosbeheer, Hoogheemraadschap, de Loods Herbestemming NH en Stichting Veldzorg. De plannen zijn toen zowel besproken tijdens een stakeholdersmiddag als tijdens een bewonersavond. Berenschot heeft voor de uitwerking van de visie aanvullend een aantal stakeholders gesproken, waaronder Veldzorg, de provincie Noord-Holland, de Raad van Toezicht van het museum en betrokken medewerkers en wethouders binnen de gemeente Langedijk, Heerhugowaard en Dijk en Waard. Er is bewust gekozen om het vrij recente participatieproces niet nog een keer over te doen.
7
Heeft het voorstel financiële gevolgen? Ja, het voorstel brengt kosten met zicht mee. Kosten en dekking Type kosten Eenmalige kosten
Bedrag € 1,8 miljoen*
Dekking Algemene reserve
Opmerkingen In reserve doorontwikkeling museum
Structurele exploitatie bijdrage** - Basis op orde (scenario 2)
€ 370.000
-
€ 390.000
Jaarlijks exploitatiesaldo Jaarlijks exploitatiesaldo
Bijdrage totdat stap naar scenario 3 wordt gemaakt Bijdrage voor onderhouden scenario 3
Museum als verrijking (scenario 3)
*75% van 2,0 miljoen zoals opgekomen in het rapport van Berenschot aangevuld met een bedrag van €300.000 ter dekking van frictiekosten mogelijke kosten voor het naar voren halen van activiteiten die eigen middelen kunnen genereren. ** De structurele jaarlijkse kosten stijgen netto met €305.000 voor scenario 2 en met €325.000 voor scenario 3, omdat de gemeente de afgelopen jaren reeds €65.000 per jaar bijdroeg aan het dagelijks onderhoud van het gebouw ‘Het Verleden’.
Communicatie Het college communiceert actief over het vaststellen van dit besluit ‘Uitwerking Toekomstvisie voor Museum BroekerVeiling’ via een persbericht. Dit wordt tevens verspreid via Gemeentenieuws Dijk en Waard, website dijkenwaard.nl en social media. Kernboodschap Gemeente Dijk en Waard werkt samen met Museum BroekerVeiling aan de toekomstbestendigheid van het museum. Het veilinggebouw, de lighallen en de omgeving zijn van cultuur-historische waarde en zijn nauw verbonden met de identiteit van de nieuwe gemeente Dijk en Waard. Het ontbreekt het museum aan structurele financiële inkomsten. Om het museum voor de toekomst te behouden is een langetermijnvisie nodig en bijbehorende uitwerking op financieel, economisch en toeristisch gebied. Bovendien vormt het museum samen met het cultuurhistorisch landschapsreservaat Oosterdelgebied en omgeving het groene hart van gemeente Dijk en Waard. Uitvoering De uitvoering van de visie is een samenwerking van het museum en de gemeente Dijk en Waard. Een projectplan van het museum (beslispunt 3a) vormt het startpunt. Er wordt een ambtelijke kerngroep en een stuurgroep ingesteld voor de beoordeling van dit plan en de monitoring gedurende het proces. Bijlagen die onderdeel uitmaken van het besluit 1. Bijlage 1: Rapport verfijningsonderzoek toekomst Museum BroekerVeiling - Berenschot – 13 april 2022 2.
Bijlage 2: Toelichting financiële verwerking toekomstplannen Museum Broekerveiling – 21 juni 2022 Bijlagen ter informatie 3. Bijlage 3: Brief Raad van bestuur en Raad van Toezicht Museum Broekerveiling – 13 april 2022 4. Bijlage 4: Samenvattingen onderzoeken Toekomstvisie Museum BroekerVeiling 5. Bijlage 5: Museum BroekerVeiling – ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw - Studio Louter - 28 januari 2021 6. Bijlage 6: Raadsbesluit Toekomstvisie Museum BroekerVeiling – Gemeente Langedijk - 29 juni 2021
8
RAADSBESLUIT Onderwerp: Zaaknummer:
Uitwerking Toekomstvisie Museum BroekerVeiling 0000272163
Raadsvergadering: Agendapunt:
Invullen door de griffie Invullen door de griffie
De raad van de gemeente Dijk en Waard; gelet op - de toekomstvisie 'Museum BroekerVeiling - ErVAAR een traditie van innovatie in groente en tuinbouw’ en het raadsbesluit daarover op 29 juni 2021 door de gemeenteraad van Langedijk; - de begroting 2022 van Dijk en Waard’; - en, het coalitieakkoord 2022-2026 - Meedoen in Dijk en Waard - Iedereen doet ertoe; besluit: De gemeenteraad besluit: 1. Te opteren voor scenario 3 (museum als verrijking) uit het rapport ‘verfijningsonderzoek toekomst Museum BroekerVeiling’ van 13 april 2022. 2. De uitvoering van de visie in twee fases op te knippen, waarbij: a. Scenario 2 het uitgangspunt vormt voor de stappen die de komende 2 jaar gezet worden. b. Scenario 3 het uitgangspunt vormt om het ambitieniveau stap voor stap (indicatief 2024 t/m 2026) verder op te schroeven. 3. De transitie samen met het museum in een stuurgroep en kerngroep te monitoren en evalueren, en daarbij: a. Het museum te vragen een projectplan te maken, met daarin in ieder geval de volgende onderdelen: ▪ Planning (in tijd en financieel). ▪ KPI voor toetsing op haalbaarheid en behaalde doelen (tussentijdse mijlpalen). ▪ Voorgestelde governance vanuit het museum op beheersing van het ontwikkelproces. ▪ Overzicht meerwaarde voor inwoners. ▪ Samenwerking met instellingen/activiteiten.
▪ Ideeën voor verhoging eigen inkomsten met daarbij mogelijke fasering naar begin van het project van mogelijke inkomstenbronnen (inclusief mogelijke verschuiving van activiteiten van scenario 3 naar scenario 2). ▪ Overzicht van de bijdrage aan citymarketing van Dijk en Waard. b. De stuurgroep halfjaarlijks de voortgang van de realisatie en bijbehorende financiën te laten beoordelen. c. De stuurgroep de raad daarover minimaal 1x per jaar te laten informeren. 4. In lijn met de knip in twee fases de volgende gemeentelijke exploitatiesubsidie beschikbaar te stellen: a. Vanaf 2022 jaarlijks €370.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 2. b. In 2024/2025 een evaluatie aan de raad voor te leggen om te bepalen of de exploitatiesubsidie aangepast zal worden naar jaarlijks €390.000 voor de gemeentelijke exploitatiesubsidie zoals opgenomen in scenario 3.
5. Een eenmalige bijdrage van €1,8 miljoen beschikbaar te stellen voor het dekken van de incidentele kosten voor de realisatie van scenario 2. Bij realisatie van scenario 2 en voldoende perspectief voor de realisatie van scenario 3 zal de raad een evaluatie en een aanvullend voorstel krijgen voor de benodigde middelen voor realisatie van scenario 3. 6. Voor deze incidentele kosten een ‘Reserve doorontwikkeling Museum Broekerveiling’ in te stellen en deze te dekken vanuit de algemene reserve dan wel het jaarresultaat 2022.
Vastgesteld in de openbare vergadering van datum invullen door de griffie De griffier,
De voorzitter,
2