Raadsvoorstel Transitievisie Warmte 2024
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Zaaknummer: Onderwerp: Datum raadsvergadering:
0000773526 Transitievisie Warmte 28 mei 2024
Portefeuillehouder: Programma:
R.H. Schoemaker 7. Volksgezondheid en milieu
Publiekssamenvatting Nederland stopt met het gebruik van aardgas. Dat betekent dat ook alle woningen en andere gebouwen in Dijk en Waard uiterlijk in 2050 op een andere, duurzame manier worden verwarmd. De Transitievisie Warmte beschrijft hoe we dit kunnen doen. De visie beschrijft de kansen en uitdagingen hierbij, de uitgangspunten die de gemeente hanteert en de manier waarop de gemeente inwoners helpt om de komende decennia stapsgewijs ‘van het gas af te gaan’. Voorgesteld besluit De gemeenteraad besluit: 1. De Transitievisie Warmte met terugwerkende kracht vast te stellen per 1 januari 2024. 2. Voor de wijkgerichte uitvoering van de Transitievisie Warmte, tot en met 2028 een jaarlijks exploitatiebudget van € 80.000 beschikbaar te stellen en dit te dekken uit de reserve duurzaamheid. Inleiding De Transitievisie Warmte laat zien welke mogelijkheden er zijn om gebouwen zonder aardgas te verwarmen. Daarmee geeft de visie richting en handvatten aan inwoners, de gemeentelijke organisatie, gebouweigenaren zoals bedrijven en verenigingen en aan samenwerkingspartners, zoals woningbouwcorporaties, netbeheerder Liander en de exploitanten van de warmtenetten. Uit het nationale Klimaatakkoord vloeit voort dat elke gemeente verplicht is om een Transitievisie Warmte te hebben. De voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard hadden reeds een Transitievisie Warmte.
De fusie en de vorming van de nieuwe gemeente Dijk en Waard op 1 januari 2022, bracht met zich mee dat de twee visies geharmoniseerd moeten worden tot één beleidsstuk. De oude transitievisies zijn per 1 januari 2024 komen te vervallen. In de nieuwe Transitievisie Warmte zijn de nieuwste inzichten verwerkt. Zo is opnieuw per wijk in kaart gebracht welke oplossing om van het aardgas af te gaan, kansrijk is. Deze kansen zijn een aanknopingspunt om met bewoners hierover het gesprek aan te gaan. Huiseigenaren houden zelf keuzevrijheid over de wijze waarop zij overgaan naar aardgasvrij. In de visie staat ook hoe de gemeente inwoners helpt bij het verduurzamen van hun woningen. Overigens worden nieuwe woningen verplicht aardgasvrij gebouwd, conform landelijke regelgeving. De Transitievisie Warmte is voor een belangrijk deel voortzetting van bestaand beleid en de daaraan gekoppelde uitvoering. Het stuk beschrijft een intensivering in de uitvoering, in de vorm van wijkuitvoeringsplannen (het wijkgericht aardgasvrij maken van woningen). Dit is een intensief traject van meerdere jaren samen met wijkbewoners en andere betrokkenen.
Beoogd effect Stappen maken op weg naar een aardgasvrij Dijk en Waard. Dat betekent dat we stap voor stap minder aardgas gebruiken en dus minder CO2 uitstoten. Tussenstappen zijn daarbij dat steeds meer woningen goed geïsoleerd zijn en er andere maatregelen zijn genomen (denk aan elektrisch koken, vloerverwarming) om uiteindelijk daadwerkelijk over te schakelen op andere, duurzame warmtebronnen. Kader • Klimaatwet • Klimaatakkoord • De Wet algemene regels herindeling (in verband met harmonisering beleid) • Coalitieakkoord Thuis in Dijk en Waard 2023-2026 • Uitvoeringsprogramma CO2-neutraal 2023-2026 Argumenten per beslispunt 1. De Transitievisie Warmte met terugwerkende kracht vast te stellen per 1 januari 2024. 1. Uit het Klimaatakkoord vloeit voort dat de gemeente verplicht is een Transitievisie Warmte te hebben die op 1 januari 2024 van kracht is. 2. De Transitievisies van de voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard zijn per 1 januari 2024 komen te vervallen. 3. De Transitievisie Warmte geeft richting en handvatten aan inwoners over het traject richting aardgasvrij verwarmen van woningen. 4. De Transitievisie Warmte geeft richting en handvatten aan de gemeentelijke organisatie, alle overige gebouweigenaren anders dan particuliere woningbezitters en betrokken partijen zoals netbeheerder Liander en de exploitanten van warmtenetten. 2.
Voor de wijkgerichte uitvoering van de Transitievisie Warmte, tot en met 2028 een jaarlijks exploitatiebudget van € 80.000 beschikbaar te stellen en dit te dekken uit de reserve duurzaamheid. 1. Deze middelen zijn nodig voor het uitvoeren van de wijkgerichte aanpak vanaf 2025, om bewoners te kunnen helpen en te betrekken. 2. De reserve duurzaamheid is bedoeld voor de dekking van lasten in het kader van CO2neutraliteit. Kanttekeningen en risico’s Technische en/of maatschappelijke ontwikkelingen tussen nu en 2050 maken de route naar aardgasvrij mogelijk anders dan in deze visie beschreven. Daarom wordt de visie minstens om de vijf jaar geactualiseerd. Belangrijke ontwikkelingen zijn in ieder geval: • Benodigde wetgeving om als gemeente regie te nemen over het traject naar aardgasvrije gebouwen (ook wel ‘warmtetransitie’ genoemd’). Deze wetgeving (de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie en de Wet collectieve warmte) is in de maak. • Betaalbaarheid en zekerheid voor bewoners. Landelijk wordt gewerkt aan een betere subsidieregeling op de infrastructuur van warmtenetten, waarmee de kosten voor inwoners omlaag kunnen worden gebracht. Bovengenoemde wetgeving is hierbij ook van belang. • De samenhang tussen versterking van het stroomnet en de toename van het aantal elektrische warmtepompen.
De gemeente trekt samen op met netbeheerder Liander bij de warmtetransitie, onder meer in de wijkuitvoeringsplannen. Uitrol van het warmtenet
kan de belasting van het stroomnet verzachten, omdat hierdoor minder elektrisch aangedreven warmtepompen nodig zijn. Alternatieven Een alternatief is om geen Transitievisie Warmte vast te stellen. Dit gaat echter in tegen de uit het Klimaatakkoord voortvloeiende plicht dat elke gemeente een Transitievisie Warmte vaststelt. Bovendien zorgt het ontbreken van een Transitievisie Warmte voor onduidelijkheid over de koers van de gemeente. De koers is belangrijk om de hulp die de gemeente aan inwoners biedt hierop af te stemmen en voor andere partijen die hier rekening mee houden in hun plannen, zoals woningbouwcorporaties. Een alternatief is om geen extra middelen voor de wijkuitvoeringsplannen uit te trekken. Hiermee is er weinig tot geen ruimte om de wijkaanpakken uit te voeren. Zonder wijkaanpakken is de uitrol van een collectieve oplossing – het warmtenet – onmogelijk en wordt het veel moeilijker om inwoners te laten participeren. Bovendien maakt dit ook wijkgerichte coördinatie met andere betrokken partijen, zoals de exploitanten van de warmtenetten en netbeheerder Liander, lastig. Voor andere betrokken partijen kunnen de keuzes in een wijk voor het aardgasvrij maken immers ook van groot belang zijn, omdat zij hun plannen hierop moeten afstemmen en werkzaamheden in de wijk moeten uitvoeren.
Samenwerking en participatie Bij het opstellen van de Transitievisie Warmte is nauw samengewerkt met de woningcorporaties, de exploitanten van de warmtenetten en met netbeheerder Liander. Dit heeft onder meer geresulteerd in het gezamenlijk inventariseren van kansen en uitdagingen en van mogelijke oplossingen per wijk. In de uitvoering van de Transitievisie Warmte is participatie met inwoners cruciaal (zie kopje uitvoering). Voor het opstellen van de visie zijn de ervaringen met inwoners tijdens eerdere trajecten in de warmtetransitie nadrukkelijk meegenomen. Voorbeelden hiervan zijn de trajecten in de Rivierenwijk en Oostertocht in Heerhugowaard, waaruit uit inventarisaties, enquêtes en bijeenkomsten bleek dat inwoners vooral hulp van de gemeente verwachten op het vlak van goede informatie en ontzorging. Financiën De Transitievisie Warmte is voor een belangrijk deel voortzetting van bestaand beleid en de daaraan gekoppelde uitvoering. In de uitvoering vindt een intensivering plaats, in de vorm van wijkuitvoeringsplannen (het wijkgericht aardgasvrij maken van woningen). Het eerste wijkuitvoeringsplan start in 2025. Hiervoor is tot en met 2028, 80.000 euro per jaar extra budget nodig. Het voorstel is om dit te dekken uit de reserve duurzaamheid.
Communicatie Op basis van de Transitievisie Warmte wordt handzame informatie over de visie voor het publiek opgesteld, die onder meer wordt ontsloten via de website en het energieloket van de gemeente. Daarnaast worden gemeentebrede campagnes over energie besparen en de woning aardgasvrij maken, voortgezet.
Uitvoering Uitvoering vindt plaats via de in de Transitievisie Warmte beschreven wijkuitvoeringsplannen en volgens de planning die daarover in de visie is opgenomen. Deze wijkaanpakken zijn intensieve en langjarige trajecten samen met wijkbewoners en andere betrokken partijen. De planning voor wijkaanpakken loopt tot en met 2028. Tijdig zal een planning voor wijken in de daaropvolgende jaren worden gemaakt. Een deel van de acties die voor realisatie van de visie belangrijk zijn, loopt al en wordt uitvoeriger beschreven in het Uitvoeringsprogramma CO2-neutraal. Voorbeelden hiervan zijn het programma om eigenaren van een woning met energielabel D, E, F of G te helpen bij het isoleren, de energiehulp voor lage inkomens en diverse campagnes en informatiebijeenkomsten. Bijlagen, onderdeel van het besluit Transitievisie Warmte gemeente Dijk en Waard