Raadsvoorstel Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 (inclusief erratum 12-11)
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Zaaknummer: Onderwerp: Datum raadsvergadering: Agendapunt:
898126 Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 12 november 2024
Portefeuillehouder: Programma:
G.F. Ruiten 0. Bestuur en ondersteuning
Publiekssamenvatting In de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 wordt uiteengezet waaraan Dijk en Waard in 2025 de beschikbare middelen wil besteden. De kadernota 2025 is als basis gebruikt voor het samenstellen van deze programmabegroting. Aan de gemeenteraad van Dijk en Waard wordt de programmabegroting 2025 ter vaststelling aangeboden en de meerjarenraming 2026-2028 ter kennisgeving. Voorgesteld besluit De gemeenteraad besluit: 1. De programmabegroting 2025 vast te stellen en kennis te nemen van de meerjarenraming 2026-2028. 2. Het college opdracht te geven de voorgestelde maatregelen, om te komen tot een sluitende meerjarenraming 2026-2028, uit te werken. 3. Een reserve Oosterdel in te stellen en het exploitatiebudget van € 2,1 miljoen uit jaarschijf 2025 aan de reserve Oosterdel toe te voegen. Inleiding Dijk en Waard is een jonge gemeente met een rijke geschiedenis. We zijn trots op onze dorpen en wijken. We hebben goede voorzieningen zoals scholen, sportvelden, wegen en zorgcentra. We investeren in onze groei. We bouwen nieuwe huizen. We maken wegen veiliger en beter bereikbaar. We verduurzamen en werken aan meer groen. We investeren in sport en onderwijs en zorgen voor hulp dichtbij. Zo is en blijft Dijk en Waard een fijne plek om te wonen, werken en leven.
We bouwen woningen in het Stationskwartier en werken aan nieuwbouw in de Oostrand en Langedijk-West. We voeren het armoedebeleid uit en bouwen aan sportaccommodaties en scholen, zoals SV Vrone, Sportpark De Kabel en IKOC Noord-Scharwoude. Ook bieden we energiesubsidies voor isolatie en breiden we het warmtenet uit. We gaan verder met de ontwikkeling van bedrijventerreinen op de Vaandel en Breekland. Verder investeren wij in het verbeteren van fietsroutes en leggen we in 2025 de spooronderdoorgang bij de Zuidtangent aan. In deze begroting 2025 leggen we uit hoe we dit financieel mogelijk maken. De komende jaren krijgen we aanzienlijk minder geld van de Rijksoverheid. Deze jaren worden ook wel de "ravijnjaren" genoemd. Tegelijk willen we onze groei en positieve ontwikkeling vasthouden. Daarom moeten we keuzes maken en we realiseren ons dat daar pijnlijke keuzes bij zitten voor onze inwoners.
Scherp aan het stuur Ons huishoudboekje op orde houden is door dalende Rijksinkomsten een uitdaging. We ontkomen niet aan bezuinigingen. We hebben onderzoek laten doen naar onze uitgaven in vergelijking met de bijdrage van het Rijk en met vergelijkbare uitgaven van andere gemeenten. De uitkomsten daarvan gebruiken we om onze begroting kritisch tegen het licht te houden. Daarbij houden we rekening met dat we elk jaar geld overhouden in de jaarrekening. In deze begroting gaan we scherper sturen, zodat onze plannen en uitgaven beter overeenkomen. Naast de groei van inwoners zien we ook een groei van onze organisatie. In deze begroting houden we de personeelskosten stabiel en zetten we voor groei en ontwikkeling in op anders werken en organiseren. Sluitende begroting De begroting laat voor 2025 nog een tekort zien. Het college heeft alle ambities en uitgaven nog eens kritisch tegen het licht gehouden, desondanks ontkomen we niet aan twee noodzakelijke aanvullende keuzes. We stellen voor de onroerendezaakbelasting (OZB) met 12,5% te verhogen bovenop de inflatie. Voor woningeigenaren is dit gemiddeld €49 extra per jaar. En we halen geld uit onze algemene reserve. De komende jaren blijven keuzes nodig. En zullen we richting kadernota 2026-2029, meer dan voor het jaar 2025, keuzes moeten maken.
We verkennen bijvoorbeeld of we minder geld kunnen uitgeven aan Jeugdzorg en het onderhoud van onze infrastructuur. Uit het onderzoek blijkt dat wij daar meer geld aan uitgeven dan vergelijkbare gemeenten. Via data onderzoeken we welke factoren van invloed zijn op de hoge uitgaven voor jeugdzorg en welke interventies onderbouwd effect hebben om de stijging van de kosten terug te brengen. Voorstellen hiervoor zullen aan de raad worden voorgelegd. We blijven vooruitkijken. Zo houden we de kwaliteit in Dijk en Waard op peil en werken we vol energie aan de toekomst. In de begroting zijn de eerder door de raad genomen besluiten ten aanzien van de Kadernota en de autonome ontwikkelingen verwerkt. De gemeente Dijk en Waard maakt gebruik van de mogelijkheid om incidenteel geld te gebruiken voor structurele uitgaven. Conform de instructies van de provincie is dit ‘surplus’ ook geboekt. Dit is gedaan voor het volledige bedrag van € 1.634.800. Na boeking van dit ‘surplus’ is er sprake van een structureel begrotingssaldo van € 975.800 (‘overschot’). Beoogd effect • De raad heeft het budgetrecht. Door het vaststellen van de programmabegroting 2025 door de raad, wordt het budget toegekend om de taken van de gemeente in 2025 uit te kunnen voeren.
• Voldoen aan de bepalingen van de Gemeentewet inzake de tijdige vaststelling van de Programmabegroting 2025 door de gemeenteraad en tijdige toezending daarvan (vóór 15 november) aan de toezichthouder (de provincie). Kader • Gemeentewet (artikel 189 e.v.). • Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). • Financiële Verordening Dijk en Waard.
Argumenten per beslispunt 1. De programmabegroting 2025 vast te stellen en kennis te nemen van de meerjarenraming 2026-2028. a) Met de vaststelling van de programmabegroting 2025 door de raad, wordt het budget toegekend om de taken van de gemeente in 2025 uit te kunnen voeren. b) In de programmabegroting zijn de effecten uit de Kadernota 2025 verwerkt. De Kadernota 2025 vormt de basis voor de programmabegroting. De benoemde ambities en het nieuwe beleid zijn verwerkt in de begroting. Hierdoor krijgt de raad een integraal beeld van de financiële uitwerking van het voorgestelde beleid. c) In deze begroting zijn de autonome ontwikkelingen meegenomen. De autonome ontwikkelingen, technisch-administratieve aanpassingen en de verwerking van de meicirculaire 2024 zijn meegenomen in de programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. Hierdoor krijgt de raad een compleet beeld van het financiële perspectief van de gemeente. 2. Het college opdracht te geven de voorgestelde maatregelen, om te komen tot een sluitende meerjarenraming 2026-2028 uit te werken. a. Er zijn nog relatief beperkte bezuinigingen doorgevoerd met effect op onze ambities en ons voorzieningenniveau in het licht van de forse daling van de bijdrage van het Rijk in het gemeentefonds.
Indien het Rijk niet met additionele middelen komt om de gemeentetaken uit te kunnen voeren, zijn wij genoodzaakt verdergaande keuzes te maken met meer impact op het voorzieningenniveau van onze inwoners. De uitkomsten van het BDOonderzoek ondersteunen in het bepalen van de zoekrichtingen. Door het uitwerken van concrete maatregelen kunnen wij keuzes met de bijbehorende consequenties voorleggen aan de raad om te komen tot een structureel sluitende begroting. 3. Een reserve Oosterdel in te stellen en het exploitatiebudget van € 2,1 miljoen uit jaarschijf 2025 aan de reserve Oosterdel toe te voegen. a. In de meerjarenbegroting 2024 is in de exploitatierekening gehouden met de kosten voor een toekomstbestendig Oosterdel. Gezien het meerjarig karakter van deze samenwerking is een bestemmingsreserve toepasselijker. De financiële aanpassing in de begroting 2025 is budgetneutraal.
Kanttekeningen en risico’s 1. Conform de Gemeentewet dient de programmabegroting uiterlijk 15 november 2024 bij de toezichthouder te zijn aangeleverd. Als de programmabegroting 2025 niet vóór 15 november 2024 is vastgesteld, dan stelt de provincie als toezichthouder het regime van preventief toezicht in. 2. De programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 zijn niet sluitend. Voor de beoordeling in welk toezichtregime Dijk en Waard valt, is er op basis van de regels geen aanleiding om over te gaan op actief of preventief toezicht. Om dit zo te houden moeten concreet plannen gemaakt worden om het financiële meerjarenperspectief sluitend te krijgen zodat er geen structurele aanspraak gemaakt hoeft te worden op de reserves van de gemeente. Wij volgen het advies van de VNG (brief 11 juni 2024, kenmerk U202400248) en laten meerjarig het tekort zien. Op deze wijze is het effect van de zogenaamde ‘ravijnjaren’ duidelijk terug te zien in de programmabegroting.
Alternatieven 1. In de programmabegroting is een verdeling van beschikbare financiële middelen gemaakt over de verschillende programma’s. Het is altijd mogelijk om een andere verdeling te maken voor de begrote bedragen die geen autonome ontwikkelingen betreffen. De raad kan hiertoe eventueel via amendementen besluiten. 2. Ingezet kan worden op een voor alle jaren sluitend perspectief. Dit betekent dat er nu een forse bezuinigingsronde moet worden uitgevoerd. Dit gaat ten koste kunnen van gekozen beleid. Aan het begin van het begrotingsproces 2025 zijn we begonnen met een begrotingsanalyse en een benchmark. Op basis van de uitkomsten van deze analyse en de benchmark kunnen we nu gericht acties bepalen waar en hoe we concrete en haalbare bezuinigingen kunnen realiseren. Samenwerking en participatie Over de programmabegroting heeft geen samenwerking of participatie met externe partijen plaatsgevonden. Het vaststellen van de begroting is een recht dat aan de gemeenteraad is voorbehouden. Financiën Dijk en Waard heeft als doelstelling om te komen tot een structureel sluitende begroting met positief oordeel van de provincie. De uitgangspositie blijft echter ongunstig gezien de forse daling van de bijdrage uit het gemeentefonds. Het langere termijnperspectief ten opzichte van de kadernota 2025 is door de voorgestelde maatregelen iets verbeterd, maar nog niet sluitend.
Er wordt voorgesteld om de OZB van Dijk en Waard voor het eerst meer te verhogen dan uitsluitend op basis van de inflatie. Met de verdere kostenontwikkelingen zien we dat de uitdaging om tot een sluitende begroting te komen groter is geworden. We moeten gericht en noodzakelijke keuzes moeten maken om tot een sluitend perspectief te komen. De ontwikkeling van het perspectief is in onderstaand overzicht weergegeven. Bedragen x € 1.000
Saldo voor Kadernota Effect Kadernota Effect begrotingsproces 2025 Begrotingssaldo
2025 -2.964 -3.211 2.290 -3.885
2026 -16.680 -1.722 4.620 -13.782
2027 -15.582 -776 7.019 -9.340
2028 -15.744 -5.932 7.974 -13.702
De aanpassingen die gedaan zijn in het begrotingsproces 2025 staan hieronder op hoofdlijnen gespecificeerd. Een negatief getal betekent een negatief effect op het begrotingssaldo. Bedragen x € 1.000
Specificatie effect begrotingsproces 2025 Prijsindexatie en autonome ontwikkelingen Ontwikkeling OZB verhoging tarief Ontwikkeling OZB a.g.v. groei Onttrekking Algemene Reserve o.b.v. BOFv Afschrijvingen Verwachte ontwikkeling Algemene Uitkering a.g.v. groei Treasury Totaal
2025 -4.853 2.663 260 1.635 1.616
2026 -1.699 2.695 520
2027 -278 2.728 780
2028 308 2.760 1.040
1.230
788
-437
1.250
2.500
3.750
5.000
-281 2.290
-626 4.620
-749 7.019
-698 7.974
Personele gevolgen De begroting kent geen aanvragen voor personele uitbreiding. Er is expliciet gekozen om personele wensen taakstellend binnen de bestaande budgetten op te lossen. Communicatie De Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 worden toegelicht in een persgesprek. Na afloop van dat persgesprek wordt een persbericht verzonden. Na besluitvorming door de raad op 12 november 2024 zullen de Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 op de gemeentelijke website worden gepubliceerd. Uitvoering Na vaststelling van de programmabegroting 2025 zal deze naar de toezichthouder, de provincie Noord-Holland, worden verzonden. Bijlagen, onderdeel van het besluit 1. Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 2. Voorstel in te stellen reserve Oosterdel Bijlagen, ter informatie 3. Ledenbrief VNG (brief 11 juni 2024, kenmerk U202400248)