Programma Stedelijk water en Riolering gemeente Dijk en Waard 2022-2027
Tekst van het document
• • •
Gebruiksbesluit
(vergunning en melding).
Wet milieubeheer
(milieuvergunning en meldingsplicht).
Wet ruimtelijke ordening
(afwijking bestemmingsplan, aanlegvergunning).
Monumentnewet Mijnbouwwet Wet verontreiniging oppervlaktewateren
(monumentenvergunning). (mijnbouwmilieuvergunning). (indirecte lozingen). 51
• •
Flora- en Faunawet Natuurbeschermingswet
(ontheffing). (handeling in een beschermd gebied met gevolgen voor habitat en soorten).
•
Diverse gemeentelijke en provinciale verordeningen
(zoals de reclame-, kap-, inrit- en sloopvergunning en de aanlegvergunning).
B.6 (NATIONAAL) WET INFORMATIE UITWISSELING ONDERGRONDSE NETTEN (2008) Om de ernst en de hoeveelheid van graafincidenten in Nederland in te perken is in 2008 de Wet informatieuitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (Wibon) oftewel de Grondroerdersregeling van kracht geworden. De regeling verplicht zorgvuldiger graven en informatieuitwisseling tussen grondroerders (de gravers) en de kabel- en leidingbeheerders. Informatie-uitwisseling voorafgaand aan de graafwerkzaamheden verloopt via een digitaal loket bij het Kadaster.
B.7 (NATIONAAL) BASISREGISTATIE ONDERGROND Informatie over activiteiten in de Nederlandse ondergrond moet beter worden vastgelegd. Overheden dienen gegevens over de ondergrond centraal te registreren in een basisregistratie ondergrond (BRO). Dit zorgt voor lagere onderzoekskosten, helpt bij het opstellen van ruimtelijke plannen en bespaart overlast en kosten bij uitvoering van werkzaamheden. De wet verplicht het Rijk, Provincies, Gemeenten en Waterschappen om nieuwe gegevens over de ondergrond centraal te registreren. Ondernemers en inwoners krijgen gratis toegang tot de gegevens. De basisregistratie bouwt voort op de bestaande landelijke systemen. Dit zijn Data en Informatie Nederlandse Ondergrond van de Geologische Dienst Nederland, onderdeel van TNO, en het Bodem Informatie Systeem van Alterra. De registratie zal zorgen dat gegevens vollediger zijn, sneller beschikbaar en eenvoudiger te gebruiken. Het beheer ervan is met het oog op de benodigde expertise in handen van TNO. De basisregistratie ondergrond wordt de komende jaren stapsgewijs ingevuld. Er wordt gestart met gegevens over sonderingen, grondwater en mijnbouw. Deze informatie is onder meer van belang bij het plannen en uitvoeren van bouwprojecten, het verzorgen van drinkwatervoorziening en het winnen van natuurlijke hulpbronnen.
B.8 (NATIONAAL) WET OP DE LIJKBEZORGING EN BESLUIT OP DE LIJKBEZORGING In de Wet op de lijkbezorging (Wlb) zijn bepalingen opgenomen omtrent begraving. Artikel 5 Besluit op de lijkbezorging 1. De afstand tussen de graven onderling bedraagt ten minste dertig centimeter. 2. Boven de kist of het omhulsel bevindt zich een laag grond van ten minste vijfenzestig centimeter. 3. Ten hoogste drie lijken mogen boven elkaar worden begraven, mits boven elke kist of ander omhulsel een laag grond van ten minste dertig centimeter dikte wordt aangebracht, die bij een volgende begraving niet mag worden geroerd. Ten aanzien van de bovenste kist of het bovenste omhulsel is het tweede lid van toepassing. 4. De graven bevinden zich ten minste dertig centimeter boven het niveau van de gemiddeld hoogste grondwaterstand. 5. Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing op bestaande graven. 6. Dit artikel is niet van toepassing op grafkelders. De belangrijkste bepaling in relatie tot grondwater is die van het vierde lid. In samenhang met het derde lid kan worden vastgesteld hoe diep het grondwaterpeil moet zijn als er in meerdere lagen boven elkaar wordt begraven. 52
B.9 (NATIONAAL) NATIONAAL WATERPLAN 2016-2021 Het Nationaal Waterplan (NWP) is het rijksplan voor het waterbeleid voor de periode 2016-2021. Het NWP beschrijft welke maatregelen nodig zijn om Nederland ook in de toekomst veilig en leefbaar te houden. Ook de (economische) kansen die water biedt komen in het NWP aan bod. In de bijlage van het NWP zijn stroomgebiedbeheerplannen opgenomen. Deze geven aan hoe de waterkwaliteit in een bepaald gebied kan verbeteren. Nederland ligt in de stroomgebieden Rijn (Waal), Maas, Schelde en Eems.
B.10 (NATIONAAL) BESTUURSAKKOORD WATER In het Bestuursakkoord Water hebben overheden en drinkwaterbedrijven afspraken gemaakt over verbetering van de organisatie van het waterbeheer. Deze afspraken leiden tot meer transparantie, duidelijke verantwoordelijkheden, minder bestuurlijke drukte, optimalisatie in transport en zuivering van afvalwater, een beheersbaar programma voor de waterkeringen en het realiseren van slimme samenwerkingsvormen. Hierdoor blijft waterbeheer betaalbaar. In het Addendum BAW staan aanvullende afspraken over de volgende onderwerpen: • • • •
Bruikbare en toegankelijke data en informatie binnen de watersector. Cybersecurity binnen de watersector. Samenwerking tussen gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven. Implementatie Omgevingswet in de waterketen.
B.11 (NATIOAAL) BESLUIT BEGROTING EN VERANTWOORDING PROVINCIES EN GEMEENTEN Ten behoeve van meer transparantie heeft de commissie BBV (commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) richtlijnen opgesteld voor de bepaling van de rioolheffing. De commissie BBV spoort gemeenten en provincies aan om deze aanbevelingen te volgen omdat dat naar haar oordeel bijdraagt aan het inzicht in de financiële positie.
B.12 (NATIONAAL) DELTAPLAN RUIMTELIJKE ADAPTATIE Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is een gezamenlijk plan van gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk. Het Deltaplan RA versnelt en intensiveert de aanpak van wateroverlast, hittestress, droogte en de gevolgen van overstromingen.
B.13 (NATIONAAL) OMGEVINGSWET Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Zodat het straks bijvoorbeeld makkelijker is om bouwprojecten te starten. De Crisis- en herstelwet (Chw) maakt dit nu al mogelijk, bijvoorbeeld door bestaande regels aan te passen. Naar verwachting treedt de Omgevingswet in 2022 in werking.
B.14 (NATIONAAL) DRINKWATERWET EN DRINKWATERBESLUIT De Drinkwaterwet en het Drinkwaterbesluit gaan vooral over de drinkwaterkwaliteit van het kraanwater in Nederland. De overheid heeft hiervoor kwaliteitseisen vastgelegd, bijvoorbeeld over hoeveel stoffen en organismen er maximaal in het kraanwater mogen voorkomen. In de Drinkwaterwet is een specifieke zorgplicht, gericht aan alle bestuursorganen opgenomen om te zorgen voor de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. Daarnaast hebben ook installateurs ermee te maken. Zij mogen 53
bijvoorbeeld alleen goedgekeurde producten zoals kranen en leidingen gebruiken en die op een bepaalde manier toepassen om te voorkomen dat het kraanwater vervuild raakt.
NADERE INFORMATIE? Nadere informatie over waterbeleid kunt u vinden op: • • • • • • • •
54
helpdeskwater.nl infomil.nl riool.net stowa.nl wetten.overheid.nl samenwerkenaanwater.nl ruimtelijkeadaptatie.nl omgevingswet.nl
Bijlage C Ontwikkelingen Het gemeentelijke waterbeheer staat niet op zich, maar is continu in beweging door diverse uitdagingen en ontwikkelingen. De belangrijkste zijn onderstaand beschreven.
Klimaatverandering Het klimaat is aan het veranderen en dit leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer en dit brengt grote uitdagingen met zich mee voor de hemelwater- en grondwaterzorg. Het (hemel) watersysteem en de afvalwaterketen moet de neerslag zo goed als mogelijk kunnen verwerken. Het besef groeit dat dit niet meer uitsluitend met grotere rioolbuizen is op te vangen, maar dat een integrale aanpak noodzakelijk is. We zullen in het kader van klimaatadaptatie een afweging moeten maken tussen het accepteren of beperken van schade door wateroverlast bij extreme buien. Deze aanpak richt zich op afstemming binnen de waterketen, in de openbare ruimte (klimaatadaptatie) en op particulier terrein. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) zijn doelstellingen opgenomen om in 2020 klimaatrobuust te handelen en in 2050 een klimaatbestendige leefomgeving te hebben.
Participatie en bewustzijn We kunnen de gebouwde omgeving niet in één keer klimaatbestendig en waterrobuust maken. Aangezien meer dan vijftig procent van de gebouwde omgeving in handen is van particulieren/ private partijen, ligt het voor de hand om gezamenlijk op te trekken. Opgaven worden daarom steeds vaker integraal opgepakt en gekoppeld aan andere ruimtelijke ontwikkelingen (werk-met-werk maken). Op deze worden niet alleen niet alleen (potentiële) problemen opgelost, maar wordt tevens de leefbaarheid van de omgeving verhoogd. Hierbij is het van belang dat er tijdig wordt gecommuniceerd wat en over welke periode er qua werkzaamheden op inwoners en bedrijven afkomt. Om dit tijdig te kunnen doen is het in kaart brengen van de kwaliteit van het huidige rioolsysteem belangrijk. Zo kan er worden ingespeeld op de Omgevingswet, waarin participatie wordt bevorderd door minder regels en meer speelruimte in de omgevingsvisie en omgevingsplannen. Hiermee wordt het geheel voor burgers en bedrijven inzichtelijker en transparanter.
Uitputting energie en grondstoffen Wereldwijd worden grondstoffen schaarser of raken zelfs helemaal uitgeput, waardoor de noodzaak groeit van een transitie van een lineaire naar een circulaire economie. Dit betekent onder meer dat de Nederlandse energiehuishouding duurzamer en minder afhankelijk van eindige fossiele brandstoffen moet worden. Afvalwater en reststromen worden daardoor steeds waardevoller, zowel vanuit het oogpunt van verduurzaming, maatschappelijke verantwoordelijkheid of een economisch rendabele business case voor een circulaire toepassing. Ze kunnen onder andere bijdragen aan het opwekken van energie en terugwinnen van waardevolle grondstoffen, zoals fosfaat, stikstof, kalium en bouwstenen voor bio-plastics. De huidige investeringsagenda van de kabinetsformatie is gericht op 100% energieneutraal en klimaatbestendig maatschappelijk vastgoed in 2040 en 100% hernieuwbare energie in 2050.
Energietransitie De openbare ruimte gaat veranderen. Zo zal met de verandering naar een aardgasloze samenleving een nieuwe ondergrondse energie-infrastructuur ontstaan, waarbij ook afvalwater steeds meer leverancier wordt van energie en grondstoffen. Met het ontkoppelen van gasleidingen en de (mogelijke) aanleg van ondergrondse warmwaterleidingen gaat de straat open. Dit biedt kansen om de onder- en bovengrondse infrastructuur kostenefficiënt te vernieuwen en samen meerwaarde te creëren (werk-met-werk maken). Wij erkennen deze efficiëntieslag, maar stellen hierin de randvoorwaarde dat kwaliteit van het huidige ondergronds systeem, zoals het rioleringsstelsel goed in kaart gebracht moet worden. Op deze manier kan er beter gestuurd worden op wanneer bepaalde delen vervangen moeten worden en welk budget hieraan gehangen wordt.
Biodiversiteit De waterkwaliteit in Nederland is een zorgpunt. Door een slechte waterkwaliteit loopt de biodiversiteit gevaar en wordt waterzuivering steeds moeilijker en duurder. Met name sloten, beken, grachten en kleine plassen staan onder druk. Samen zijn deze wateren goed voor een derde van het oppervlaktewater binnen Nederland. Goede waterkwaliteit is cruciaal voor de biodiversiteit. Zo zijn vogels al de ijsvogel en insecten als 55
libellen afhankelijk van schone wateren. Die zorgen voor voedsel en een verblijfplek. Voor de mens zijn biodiversiteit en schoon water ook van levensbelang: het is de basis van ons voedselsysteem, zorgt ervoor dat we veilig kunnen zwemmen en betaalbaar kraanwater hebben van hoge kwaliteit. Een deel van de vervuiling komt door mest en bestrijdingsmiddelen. Dat komt in het water terecht, deels rechtstreeks en deels via het grondwater. Ook overstortingen vanuit riolering zijn een bron van vervuiling. Doordat er steeds vaker extreme neerslag valt, komen overstortingen vaker voor.
Vitaliteit Bij langdurige uitval van de water infrastructuur, bijvoorbeeld door een langdurige stroomstoring of een massale hack, kan maatschappelijke ontwrichting optreden. In dat geval is sprake van een aanzienlijk verstorend effect, veel slachtoffers, grote (economische) schade en aantasting van vitale belangen. Bovendien kan adequaat herstel van deze infrastructuur zeer lang gaan duren en zijn er geen reële alternatieven voorhanden, terwijl grote groepen personen hier afhankelijk van zijn. Wanneer een verstoring of uitval van een proces maatschappelijke ontwrichting kan veroorzaken is dit proces vitaal. Ten tijde van het opstellen van dit plan wordt op rijksniveau van verschillende soorten van infrastructuur op vitaliteit beoordeeld. Voor drinkwater (winning en distributie) is dit al gebeurd. Drinkwaterbedrijven laten dit doorwerken in onder andere hun leveringsplannen. Het volledige proces van afvalwater wordt nog beoordeeld. Afhankelijk van de uitkomst heeft dit mogelijke consequenties voor de inrichting van de waterketen.
Omgevingswet Een belangrijke ontwikkeling binnen de planperiode van dit PSWR is de komst van de Omgevingswet. Deze wordt naar verwachting per 1 juli 2022 van kracht. De Omgevingswet stelt, veel meer dan de traditionele ruimtelijke ordening, de fysieke omgeving centraal. Leefbaarheid en gezondheid spelen hiermee een meer nadrukkelijke rol in de belangenafweging tussen mobiliteit, water, groen, bebouwing etc. Met het in werking treden van de Omgevingswet in 2022 zal het PSWR naar verwachting facultatief worden en opgaan in de omgevingsvisie, het omgevingsplan en programma’s. In dit GRP hebben we geanticipeerd op de komst van de Omgevingswet door rekening te houden met de beoogde opzet van de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en de bijbehorende uitvoeringsagenda.
Figuur 24 Overzicht Omgevingswet (Bron: gebaseerd op schema Gemeente Zwolle/BRO adviseurs)
56
Met de komst van de Omgevingswet worden regels vastgelegd in een Omgevingsplan. De kern van de Omgevingswet gaat over ruimte geven (loslaten en vertrouwen) en over een andere verdeling van verantwoordelijkheden tussen overheid en samenleving. De Omgevingswet beoogt meer ruimte te geven voor ideeën van initiatiefnemers. Het maakt niet uit of de gemeente, een bewoner, ondernemer, projectontwikkelaar of maatschappelijke organisatie het initiatief neemt. De Omgevingswet geeft meer ruimte om lokale afwegingen te maken en om de belangen van direct betrokkenen in die afwegingen te betrekken door middel van participatie. De wet zegt alleen dat er participatie moet plaatsvinden, maar schrijft bewust niet voor hoe dat moet. Dit geeft ons als gemeente de ruimte om een werkwijze te ontwikkelen die past binnen de lokale context. Met het in werking treden van de Omgevingswet in 2022 komt de verplichting tot het opstellen van een PSWR te vervallen. Naar verwachting zal de planvorm vanaf deze datum geleidelijk overgaan in een programma dat naast de andere programma’s invulling geeft aan de Omgevingsvisie. Met dit PSWR sorteren we hierop voor. In dit PSWR zal regelmatig een kader als onderstaand terug te vinden zijn waarin de link met de Omgevingswet wordt gelegd.
57
Bijlage D Evaluatie Heerhugowaard In deze bijlage evalueren we de in het Gemeentelijk Rioleringsplan Heerhugowaard 2016-2020 geplande activiteiten, zodat we hieruit lering kunnen trekken voor de planperiode. De volgende vragen staan hierbij centraal: • • • • •
Welke werkzaamheden zijn verricht? Hoe is er samengewerkt? Was de personele capaciteit voldoende? Hoe hoog was de rioolheffing? Hoe is er geïnspecteerd?
Vanuit deze vragen wordt een samenvatting gegeven van de terugblik en aandachtspunten voor de volgende planperiode.
Welke werkzaamheden zijn verricht? In onderstaande tabellen dient in de kolom “status” de bijbehorende symbolen uit de legenda toegevoegd te worden om de stand van zaken inzichtelijk te krijgen. Indien niet voldaan is aan de doelstelling dient in de kolom “toelichting” een toelichting te worden gegeven. Legenda: Uitgevoerd In uitvoering In voorbereiding Heroverwogen/niet meer van toepassing Uitgesteld
Activiteiten 2016-2020
Periode Geplande omvang (€)
Status Werkelijke omvang Toelichting (€)
Planvorming Opstellen nieuw GRP Beheerplan
2020
€ 20.000
€ 19.050
Jaarlijks € 200.000
Actualisatie grondwatermodel 2019
€ 25.000
€ 25.674
Actualisatie kostendekkingsplan Onderzoek en monitoring
2018
€ 10.000
€0
Inspectie en reiniging vuilwaterriolering Inspectie en reiniging hemelwaterriolering Inspectie elektrische installaties Meetplan grondwater
Jaarlijks
€ 95.000
€ 94.505
Jaarlijks
€ 45.000
€ 40.000
Jaarlijks
€ 12.000
€ 5.712
Jaarlijks
€ 5.000
€ 4.268
Grondwateradvies
Jaarlijks
€ 5.000
€ 5.600
Diverse adviezen afvalwater Jaarlijks
€ 5.000
€ 4.385
58
Uitgesteld tot GRP
Activiteiten 2016-2020
Periode
Diverse adviezen hemelwater Jaarlijks
Geplande omvang (€)
Status
Werkelijke omvang Toelichting (€)
€ 5.000
€ 5.000
Onderhoud Straatreinigen
Jaarlijks
€ 231.855
€ 375.815
Bermen
Jaarlijks
€ 160.000
€ 160.000
Drainage
Jaarlijks
€ 45.000
in kosten straatreinigen
Kolken
Jaarlijks
€ 45.000
in kosten straatreinigen
Mechanische riolering
Jaarlijks
€ 109.000
€ 169.149
Vrijverval vuilwater
Jaarlijks
€ 50.000
€ 163.954
Vrijverval hemelwater
Jaarlijks
€ 25.000
€ 34.662
Algemeen vuilwater
Jaarlijks
€ 2.000
€ 3.315
Algemeen hemelwater
Jaarlijks
€ 2.720
€ 3.353
Algemeen grondwater
Jaarlijks
€ 8.750
€ 6.321
Dagelijks vuilwater
Jaarlijks
€ 13.913
€ 16.728
Dagelijks hemelwater
Jaarlijks
€ 10.315
€ 14.010
Herstraten groot onderhoud wijken
Jaarlijks
€ 126.203
€ 123.509
Herstelwerkzaamheden
Jaarlijks
€ 144.000
€ 159.255
Groot onderhoud
Jaarlijks
€ 50.000
€ 50.000
incl. stroomkosten
Vervangings- en verbeteringsmaatregelen Verbetering
Vervanging Groot onderhoud
2016-2020 € 75.000
Vrijvervalriolering
2016-2020 € 9.491.100
59
Gemalen e/m 2018-2019 € 182.481 (Ruysdaelstraat, Mesdagstraat, Middenweg, Zeis-Doorbraak) Drukriolering e/m 2016-2020 € 87.624 (Beukenlaan, Bickerstraat, De Vork, Keinsmerwiel, Metuisstraat) Randvoorzieningen e/m (BBL 2018 € 11.831 Mesdagstraat) Drainage / dt-riolering
2016-2020 € 1.350.000
Uitbreidingsinvesteringen (De 2016-2020 € 8.922.257 Draai, De Vaandel, HHWZuid, Stadshart)
Hoe is er samengewerkt? De samenwerking in de regio Alkmaar is goed. De afgelopen planperiode is er met name samengewerkt op het gebied van onderzoek, planvorming en kennisdeling. Zo zijn er gezamenlijk klimaatstresstesten uitgevoerd en is er een regionaal klimaatadaptatieplan opgesteld. Verder is er een regionale droogte studie uitgevoerd en zijn er stappen gezet om data digitaal te ontsluiten. Om de data goed op orde te krijgen, zijn in de regio twee data-specialisten aangetrokken. We kunnen voor de hele regio peilbuisgegevens en beheerbestanden bekijken. De lokale grondwatermodellen zijn wel in het bezit en beheer van de individuele gemeenten. Ook het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) zit goed in de regionale samenwerking. Wij hebben de samenwerking met HHNK in de gemeente Heerhugowaard als prettig ervaren in de afgelopen planperiode. Uitvoeringsactiviteiten worden niet regionaal, maar soms wel per werkorganisatie gedaan. Als gemeente Heerhugowaard hebben we nauw samengewerkt met de gemeente Langedijk, waaronder bij het schrijven van bestekken en het uitvoeren van inspecties. Uitdaging bij het gezamenlijke bestek was dat er nog verschillende uitgangspunten gehanteerd werden. Met de fusie tot een gemeente Dijk en Waard in het vooruitzicht is de verwachting dat deze verschillen niet meer zullen optreden.
Was de personele capaciteit voldoende? In de afgelopen periode hebben we de noodzakelijke acties kunnen uitvoeren die we hadden gepland. Er zijn door personeelstekorten ook acties blijven liggen zoals het uitvoeren van onderzoeken en het organiseren van bewustzijn campagnes (bijvoorbeeld in samenwerking met tuincentra, Educatieschip Watervlo, operatie Steenbreek, regentonacties). Bovendien zijn we in de voormalige gemeente Heerhugowaard wat achter gaan lopen met het uitvoeren van inspecties. Dit heeft echter niet tot problemen geleid.
Hoe hoog waren de rioolheffing en het saldo in de voorziening? In onderstaande tabel is de geplande heffing (zonder indexatie) en de werkelijke heffing opgenomen. Jaar Gepland heffingstarief Werkelijk heffingstarief 2016 € 147,86 € 155,58 2017
€ 154,17
€ 161,94
2018
€ 160,76
€ 169,55
2019
€ 167,62
€ 179,89
2020
€ 174,78
€ 192,12
2021
€ 182,30
€ 205,91
60
De Werkelijke heffing is hoger uitgevallen dan het geplande tarief. In het besluitproces is het tarief en jaarlijkse stijgingspercentage veranderd (o.a. verhoging van structurele exploitatiekosten voor andere wijze van onkruidbestrijding wat deels op de riolering doorbelast wordt), zie https://gemeentebestuur.heerhugowaard.nl/Documenten/raads--en-commissiestukken-en-bijlagen/m2020.pdf Daarnaast is jaarlijkse indexatie toegepast; volgens CBS voor Grond-, weg- en waterbouw (GWW). • • • • •
2016 155,58 7,3%. 2017 161,94 4,1%. 2018 168,56 4,1%. 2019 175,45 4,1%. 2020 182,62 4,1%.
Hoe is er geïnspecteerd? In de periode t/m 2010 is 55% van het rioolstelsel geïnspecteerd. In 2015 tot en met heden zijn de kernen Broekhorn en de Draai nieuw aangelegd en alleen nog gelden als opleveringsinspecties. De wijken industrieterrein, Edelstenenwijk, Schildersbuurt en Bomenbuurt zijn in de jaren 2018/2019 en 2020 opnieuw geïnspecteerd. Uit de inspectiegegevens blijkt dat de meest voorkomende schadebeelden te maken hebben met instabiliteit veroorzaakt door scheuren in of beschadigingen aan de buiswand en voor het industrie terrein is ook het lozingsgedrag een boosdoener. Daarnaast zijn er problemen met de waterdichtheid, hoofdzakelijk veroorzaakt doordat verbindingen in het systeem niet meer sluiten. Dit komt doordat buizen onderling van elkaar zijn verplaatst als gevolg van bijvoorbeeld onregelmatige zettingen. Hier hebben we bijna niet te maken met riool dat bóven de grondwaterstand ligt. Ligt het riool ónder de grondwaterstand dan kunnen zandinspoelingen optreden. Dit kan leiden tot (plotselinge) verzakkingen van het bovenliggende wegdek en stabiliteitsverlies van de buis. Andere gevolgen kunnen een onnodige belasting van de rioolwaterzuivering en grondwaterstanddalingen zijn. Tot slot zijn er enkele problemen geweest met de afstroming van de riolen, veroorzaakt door wortel ingroei of een instekende inlaat.
In de komende planperiode vinden nieuwe inspecties in de overige kernen plaats. De Middenweg in Heerhugowaard noord en gedeelte van de Molenwijk. Verder zullen er incidentele kleine gebiedjes dat nog ontbreekt in de data worden aangevuld. Vrijvervalriolering
Lengte
Percentage
Geïnspecteerd totaal
321 km
55%
Vrijvervalriolering: inspectiejaren Lengte
Percentage
Ouder dan 10 jaar
108 km
19%
Tussen 5 en 10 jaar
124 km
21%
Jonger dan 5 jaar
125 km
22%
61
Bijlage E Evaluatie Langedijk In deze bijlage evalueren we de in het Gemeentelijk Rioleringsplan Langedijk 2016-2020 geplande activiteiten, zodat we hieruit lering kunnen trekken voor de planperiode. De volgende vragen staan hierbij centraal: • • • • •
Welke werkzaamheden zijn verricht? Hoe is er samengewerkt? Was de personele capaciteit voldoende? Hoe hoog was de rioolheffing? Hoe is er geïnspecteerd?
Vanuit deze vragen wordt een samenvatting gegeven van de terugblik en aandachtspunten voor de volgende planperiode.
Welke werkzaamheden zijn verricht? In onderstaande tabellen dient in de kolom “status” de bijbehorende symbolen uit de legenda toegevoegd te worden om de stand van zaken inzichtelijk te krijgen. Indien niet voldaan is aan de doelstelling dient in de kolom “toelichting” een toelichting te worden gegeven. Legenda: Uitgevoerd In uitvoering In voorbereiding Heroverwogen/niet meer van toepassing Uitgesteld
Onderstaande maatregelen komen uit GRP 2016-2020, in 2018 is het kostendekkingsplan van de gemeente Langedijk geactualiseerd en zijn verschuivingen in uitgaven ten opzichte van de planning meegenomen bij het berekenen van de nieuwe heffing.
Activiteiten 2016-2020
Periode Geplande omvang (€)
Status Werkelijke omvang (€)
Toelichting
Planvorming Opstellen nieuw GRP
2020
Opstellen nieuw BRP
2019
Jaarprogramma
jaarlijks
€ 50.000 € 40.000
€ 19.050
Opgestart met HHW voor fusiegemeente Dijk en Waard
€ 41.100
Opgeleverd in 2020, met BRP+ voorzien van klimaatstresstest neerslag
€ 10.000
Nieuw beleid
62
jaarlijks
€ 10.000
€ 2.207
Jaarplannen worden in de vorm van opdrachten rechtstreeks weggezet bij IB of Stadsbedrijf Bijdrage t.b.v. regionale samenwerking klimaatadaptatie
Actualisatie kostendekkingsplan
2019
€ 10.000
Activiteiten 2016-2020
Periode Geplande omvang (€)
€ 6.000 Status Werkelijke omvang (€)
In 2018 reeds uitgevoerd Toelichting
Onderzoek en monitoring Inmetingen
Jaarlijks
€ 7.500
€ 2.250
Berekeningen
Jaarlijks
€ 10.000
€ 6.060
Diverse berekeningen
Monitoren (riolering en grondwater)
Jaarlijks
€ 30.000
€ 23.482
Beheer gw-meetnet en opstellen gw-model
Inspecties
Jaarlijks
€ 83.200
€ 15.447
Vanwege mislukte aanbesteding slecht deels uitgevoerd
Analyses
Jaarlijks
Kolkenreiniging en bijdrage straatvegen aan Stadsbedrijf HHW
€ 5.000 Onderhoud Reinigen*
Jaarlijks
€ 47.200
€ 44.954
Onderhoud gemalen
Jaarlijks
€ 80.000
€ 49.523
Aansluitleidingen
Jaarlijks
€ 85.750
€ 58.841
Onderhoud vanuit inspecties Jaarlijks
€ 100.000
€ 33.187
Vanwege minder uitgevoerde inspecties ook minder onderhoud
Vervangings- en verbeteringsmaatregelen Vervangingen vrijvervalriolering
Riolering Spoorstraat is vervangen
Afkoppelen bij vervangingen
Bij projecten Spoorstraat, Hulststraat, Voorburggracht, Oosterstraat en Oranjebuurt is extra hemelwaterriool gelegd. Extra regenwatervoorziening Dijkpad
Klimaatmaatregelen (voorlopig) Herinrichtingen openbare ruimte
Genoemde projecten zijn ook heringericht
Integrale projecten
Diverse projecten uitgevoerd
Doorgeschoven vervangingen
Riolering Voorburggracht,Oosterstraat en Oranjebuurt is vervangen
63
Gemalen bouwkundig
Rioolgemaal Rietgans is vervangen en Rioolgemaal Zaagmolenweg is vervangen voor rioolgemaal Kasteelstraat. IN project Hulststraat is rioolgemaal geplaatst. Er zijn een aantal pompen vervangen
Gemalen elektromechanisch Persleidingen Activiteiten 2016-2020
Periode Geplande omvang (€)
Status Werkelijke omvang (€)
Toelichting
Drukriolering bouwkundig Drukriolering elektromechanisch
Er zijn een aantal pompen vervangen
Hoe is er samengewerkt? De samenwerking in de regio Alkmaar is goed. De afgelopen planperiode is er met name samengewerkt op het gebied van onderzoek, planvorming en kennisdeling. Zo zijn er gezamenlijk klimaatstresstesten uitgevoerd en is er een regionaal klimaatadaptatieplan opgesteld. Verder is er een regionale droogte studie uitgevoerd en zijn er stappen gezet om data digitaal te ontsluiten. Om de data goed op orde te krijgen, zijn in de regio twee data-specialisten aangetrokken. We kunnen voor de hele regio peilbuisgegevens en beheerbestanden bekijken. De lokale grondwatermodellen zijn wel in het bezit en beheer van de individuele gemeenten. Ook het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) zit goed in de regionale samenwerking. Wij hebben de samenwerking met HHNK in de gemeente Heerhugowaard als prettig ervaren in de afgelopen planperiode. Uitvoeringsactiviteiten worden niet regionaal, maar soms wel per werkorganisatie gedaan. Als gemeente Langedijk hebben we nauw samengewerkt met de gemeente Heerhugowaard, waaronder bij het schrijven van bestekken en het uitvoeren van inspecties. Uitdaging bij het gezamenlijke bestek was dat er nog verschillende uitgangspunten gehanteerd werden. Met de fusie tot een gemeente Dijk en Waard in het vooruitzicht is de verwachting dat deze verschillen niet meer zullen optreden.
Was de personele capaciteit voldoende? In de afgelopen periode hebben we de noodzakelijke acties kunnen uitvoeren die we hadden gepland. Er zijn door personeelstekorten ook acties blijven liggen zoals het uitvoeren van onderzoeken en het organiseren van bewustzijn campagnes (bijvoorbeeld in samenwerking met tuincentra, Educatieschip Watervlo, operatie Steenbreek, regentonacties).
Hoe hoog waren de rioolheffing en het saldo in de voorziening? In onderstaande tabel is de geplande heffing en de werkelijke heffing opgenomen. De werkelijke heffing komt nagenoeg overeen met de geplande heffing. Er is ook een tussentijdse actualisatie geweest van het kostendekking plan in 2018. Jaar Gepland heffingstarief Werkelijk heffingstarief 2016 € 243,00 € 242,64
64
2017
€ 272,00
€ 274,68
2018
€ 306,96
€ 306,96
2019
€ 326,17
€ 326,16
2020
€ 346,59
€ 346,56
2021
€ 368,28
€ 368,28
Hoe is er geïnspecteerd? In de periode t/m 2020 is meer dan 94% van de regenwater-, vuilwater- en gemengde riolering geïnspecteerd. De geconstateerde schades worden indien noodzakelijk meteen na de constatering aangepakt. Er zijn weinig klachten over het functioneren van de riolering. In principe worden alle riolen geïnspecteerd. De niet geïnspecteerde riolering betreft voornamelijk regenwaterstelsels, riolering in achtertuinen, kleine diameters en nieuw opgenomen riolering. Het regenwaterriool in Mayersloot wordt in 2021 geïnspecteerd. Vrijvervalriolering
Lengte
Percentage
Geïnspecteerd totaal
193 km
94%
Vrijvervalriolering: inspectiejaren Lengte
Percentage
Ouder dan 10 jaar
22 km
11%
Tussen 5 en 10 jaar
89 km
44%
Jonger dan 5 jaar
171 km
84%
65
Bijlage F Beheer- en onderhoudsstrategie Zie risicomatrix op volgende pagina.
66
70
Onze referentie: D10032023:120 - Datum: 5 januari 2022
Bijlage G Kostendekking
7
Bijlage H Reacties
Colofon PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2022-2027 REGIO ALKMAAR DEELRAPPORT GEMEENTE DIJK EN WAARD KLANT Gemeente Dijk en Waard AUTEUR Michel Moens, Zita Hegger PROJECTNUMMER C06031.000160 ONZE REFERENTIE D10032023:120 DATUM 2021 - 2022 STATUS Definitief VRIJGEGEVEN DOOR
Jeroen Rijsdijk Leidinggevend adviseur
Arcadis. Improving quality of life