CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

INSTRUMENTENWIJZER POLITIEKE AVOND bijlage bij RvO Politieke Avond 2022.docx

Gemeenteraad 3 januari 2022, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Vaststellen Reglement van Orde van de gemeenteraad Dijk en Waard3.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage bij Regelement van Orde Politieke Avonden van de gemeente Dijk en Waard 2022

INSTRUMENTENWIJZER POLITIEKE AVOND A. Instrumenten van de raad nr 1

Instrument Initiatiefvoorstel

2

Amendement

(RvO art 28)

Procedure 1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de raadsvoorzitter. Deze brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college en de raad. 2. Een voorstel bevat in ieder geval de volgende informatie: a. een duidelijke omschrijving waar het voorstel over gaat en wat van de raad wordt gevraagd; b. wat de overwegingen zijn geweest om dit voorstel aan de raad voor te leggen; c. wat de consequenties zijn van het raadsbesluit; d. welke alternatieven c.q. andere mogelijke oplossingsrichtingen er zijn. 3. Het college kan binnen twee weken nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. 4. Nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, wordt het voorstel op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst. Als de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst. 5.

De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad oordeelt dat het voorstel samen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp gecombineerd kan worden óf het voorstel eerst dient te worden behandeld in tafelgesprek. Toelichting Een initiatiefvoorstel is een voorstel waarin een raadslid of initiatiefgerechtigde de raad vraagt een besluit te nemen. Het recht van initiatief voor een raadslid is opgenomen in artikel 147a, eerste lid, Gemeentewet. In het tweede en derde lid van artikel 147a Gemeentewet is aangegeven dat de raad regelt op welke wijze indiening en behandeling plaatsvindt. Via dit reglement van orde wordt hier invulling aan gegeven. Het vierde lid van artikel 147a Gemeentewet stelt tenslotte dat, voordat de raad een besluit neemt over het initiatiefvoorstel van een raadslid, het college gelegenheid moet hebben hiertegen wensen en bedenkingen in te kunnen brengen. Daarnaast laat dit reglement van orde ruimte dat ook initiatiefgerechtigden initiatiefvoorstellen kunnen indienen. Dit is gebaseerd op artikel 149 Gemeentewet, het artikel dat ook de basis vormde voor de ‘Verordening op het burgerinitiatiefvoorstel’. 1. Een amendement wordt door een raadslid, gericht aan de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier onder vermelding van naam en fractie. 2.

Als tijdstip van indienen geldt de vrijdag voorafgaande aan de Politieke Avond waar over het amendement wordt gesproken, vóór 11.00 uur 3. Intrekking van een amendement gebeurt door de indiener en is mogelijk tot het moment dat de raad er een besluit over neemt

Toelichting Een amendement is een voorstel van een raadslid tot wijziging van een besluit dat voorligt en onderdeel is van de beraadslaging. Het recht van amendement is neergelegd in artikel 147b Gemeentewet. In combinatie met artikel 147a Gemeentewet dient de raad nadere regels te stellen voor behandeling van amendementen. Hierin voorziet dit reglement van orde. Op basis van artikel 147b van de Gemeentewet is de raad verplicht een amendement te behandelen. 3

Motie (of motie vreemd aan de orde van de dag)

1. Een motie wordt door een raadslid, gericht aan de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier onder vermelding van naam en fractie. 2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp waarop het betrekking heeft. 3. Intrekking van een motie gebeurt door de indiener en is mogelijk tot het moment dat de raad er een besluit over neemt. Toelichting Een motie is een oproep van een raadslid aan het college, de burgemeester, het presidium of andere fracties in de raad. Het kan gaan om het uitspreken van een wens (van inhoudelijke, politieke, procedurele aard), het uitspreken van instemming dan wel afkeuring over bepaalde ontwikkelingen of om het doen van een verzoek. Een motie betreft dus niet een concreet besluit dat op rechtsgevolg is gericht; een motie heeft geen juridische, maar een politieke betekenis. Degene aan wie de motie is gericht, is dan ook niet formeel aan de motie gebonden of tot uitvoering ervan verplicht. Het naast zich neerleggen van een motie is echter wel een uitzonderlijke stap die ook in het licht van het onderling vertrouwen moet worden bekeken. Voor wat betreft de besluitvormingsprocedure wordt opgemerkt dat over een motie een apart besluit wordt genomen.

Voor de beraadslaging over een motie over een aanhangig onderwerp geldt dat deze niet plaatsvindt in afzonderlijke termijnen, maar gelijktijdig met de beraadslaging over het onderwerp waarop de motie betrekking heeft. Voor het indienen van een dergelijke motie geldt een ordetermijn (zie website van de gemeenteraad). Deze is bedoeld om griffie en de Agendacommissie tijd te geven voor het beoordelen van de motie voordat deze aan de agenda kan worden toegevoegd. Een motie vreemd aan de orde van de dag kan op ieder moment worden ingediend en zal, zodra de agenda van de Politieke Avond daartoe ruimte biedt, door de Agendacommissie worden geagendeerd. Of er moet sprake zijn van een motie vreemd aan de orde van de dag die tijdens de beraadslaging in het plenaire gedeelte wordt ingediend. Deze wordt bij die beraadslaging betrokken. In de Gemeentewet wordt één specifieke motie uitgewerkt. Dit betreft de motie van wantrouwen waarbij de raad aangeeft het vertrouwen in een wethouder te hebben verloren (artikel 49 Gemeentewet). Deze motie is van belang, omdat de raad slechts tot ontslagverlening kan overgaan indien tevoren het vertrouwen in de betrokken wethouder(s) is opgezegd. Daarnaast kan op grond van de tekst van artikel 49 Gemeentewet tot ontslag slechts worden overgegaan indien betrokkene na de opzegging van het vertrouwen niet uit eigen beweging onmiddellijk zijn ontslag indient.

In de regel zal een wethouder, nadat de raad de motie van wantrouwen heeft aangenomen, zelf ontslag nemen en dit schriftelijk kenbaar maken aan de raad (artikel 43 Gemeentewet). In juridische zin is de raad niet verplicht de opzegging van het vertrouwen en het ontslag te motiveren. Dit is inherent aan het zuiver politieke karakter van dit instrument.

4

Bijeenroepen van de raad c.q. extra raadsvergadering

1. Raadsleden kunnen overeenkomstig artikel 17, tweede lid, Gemeentewet om een extra raadsvergadering verzoeken. 2. Het verzoek wordt, gericht aan de voorzitter van de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier en bevat in ieder geval: a. de namen van de raadsleden die het verzoek indienen; b. een opgave van redenen waarom de extra vergadering nodig is. Toelichting Ingevolge artikel 17 van de Gemeentewet vergadert de raad zo vaak hij daartoe heeft besloten en voorts indien de burgemeester het nodig oordeelt of indien ten minste een vijfde van het aantal leden van de raad schriftelijk met opgave van redenen daarom vraagt. Indien een verzoek wordt gehonoreerd, zal de voorzitter in overleg met het presidium een dag en tijdstip bepalen waarop de extra vergadering wordt gehouden.

5

Agendavoorstel

1. Een agendavoorstel wordt door een raadslid, gericht aan de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier onder vermelding van naam en fractie. 2. Een agendavoorstel dient in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. de aanleiding voor dit voorstel; helder moet zijn waarover de raad wordt geïnformeerd; b. duidelijk moet zijn of het een informerend en/of consulterend agendavoorstel; c. indien het een consulterend agendavoorstel is, dienen consultatievragen te worden geformuleerd waaruit blijkt welke vragen of dilemma’s er zijn waarover de mening van de raad wordt gevraagd; d. zelfstandig leesbaar; bijlagen worden zoveel mogelijk vermeden en kunnen slechts ter kennisname worden toegevoegd. 3. Indien het agendavoorstel vanwege de actualiteit met urgentie moet worden behandeld op de Politieke Avond wordt dit door het raadslid in het agendavoorstel gemotiveerd. Toelichting Een agendavoorstel is een voorstel tot bespreking van een onderwerp op de de Politieke Avond. Het verzoek kan worden ingediend door een raadslid, de burgemeester, het college, de Agendacommissie, of een initiatiefgerechtigde. Indien een raadslid een agendavoorstel indient dat vanwege de actualiteit met urgentie moet worden behandeld op de Politieke Avond, wordt dit in het agendavoorstel gemotiveerd.

6

Verzoek tot Interpellatie (RvO art 30)

1. 2. 3.

4.

Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de raadsvoorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen. De raadsvoorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. Over verzoeken die ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend of in naar het oordeel van de raadsvoorzitter spoedeisende gevallen, wordt tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.

Toelichting Dit is een zwaarwegend instrument waar op basis van spoedeisendheid inbreuk wordt gemaakt op de bestaande agenda. Het recht van interpellatie is geregeld in artikel 155 Gemeentewet. Dit reglement van orde kan worden beschouwd als de nadere regels waar het tweede lid van artikel 155 Gemeentewet over spreekt. Het interpellatierecht ligt in het verlengde van het mondelinge vragenrecht. Het gaat om een recht van een volksvertegenwoordiger om tijdens een vergadering over een niet geagendeerd onderwerp inlichtingen aan het college of de burgemeester te vragen. Daarvoor is verlof van de raad nodig. Voor het indienen van het verzoek geldt de termijn van artikel 9, tweede lid, van dit reglement van orde. 7

Vragenkwartiertje (RvO art 33)

1.

2. 3.

4.

5.

6. 7.

Op de Politiek Avond is er om 21.45 uur een vragenkwartiertje, tenzij bij de raadsvoorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de agendacommissie bepalen dat het vragenkwartiertje op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenkwartier eindigt. Raadsleden of fractievertegenwoordigers die tijdens het vragenkwartiertje vragen willen stellen, melden dit onder aanduiding van het onderwerp uiterlijk op de dag van de Politieke Avond om 12.00 uur bij de griffier. De vragen dienen in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. de vragen gaan over één onderwerp; b. er mogen maximaal drie vragen worden gesteld; c. in een toelichting worden aanleiding en context beschreven; d. de vragen zijn gericht aan het college; e. de vraagstelling is duidelijk, kort en bondig en politiek van aard; De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden dan wel fractievertegenwoordigers, het college en de burgemeester. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen.

De voorzitter kan aan andere raadsleden of fractievertegenwoordigers het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp Tijdens het vragenkwartiertje worden geen moties ingediend en geen interrupties toegelaten.

Toelichting In het vragenkwartietjes kan een raadslid mondeling vragen stellen aan het college over een actuele kwestie. Daarnaast kan een raadslid ook gebruik maken van het instrument schriftelijke vragen. Het vragenrecht (artikel 155 en 169 Gemeentewet) geeft aan de leden van de raad het recht informatie te vragen over aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het college of de burgemeester behoren. Het karakter van deze vragen is primair van informatieve strekking. Indien de vragensteller van mening is dat de beantwoording van de vragen onvoldoende is of tot een besluit van de raad moet leiden, kan hij andere instrumenten benutten om het onderwerp (verder) op de agenda van de raad te krijgen.

8

Schriftelijke vragen

1.

(RvO art 31)

2.

3. 4.

5. 6.

Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier, waarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. Schriftelijke vragen dienen in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. de vragen gaan over één onderwerp; b. in een korte toelichting worden aanleiding en context beschreven; c. de vragen zijn gericht aan het college en/of de burgemeester; d. de vraagstelling is duidelijk, kort en bondig en politiek vanaard; e. de vragen moeten te beantwoorden zijn. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden.

De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.

Toelichting Beantwoording van schriftelijke vragen door het college vindt zo spoedig mogelijk plaats, maar uiterlijk binnen 30 dagen. Mocht deze termijn niet mogelijk zijn, dan stuurt het college een uitstelbrief waarin de reden voor het uitstel wordt aangegeven en de termijn waarbinnen de beantwoording zal plaatsvinden. 9

Toezegging

1. Een toezegging aan een raadslid of fractievertegenwoordiger moet worden verkregen van een lid van het college. 2. Een toezegging is een toezegging als het woord ‘toezegging’, of een hieraan gelijke vorm, is gezegd. 3. Aan het doen van een toezegging wordt een termijn verbonden waarbinnen aan de toezegging wordt voldaan. 4. De toezeggingen komen op een lijst die de griffier bijhoudt en wekelijks wordt gepubliceerd bij de stukken voor de Politieke Avond. Op deze lijst staat: het onderwerp, de toezegging (incl. datum), naam van betrokken raadslid/fractieassistent en portefeuillehouder en de termijn waarbinnen de toezegging moet zijn nagekomen.

B. Instrumenten van initiatiefgerechtigden (ingezetenen van de gemeente Dijk en Waard van zestien jaar en ouder die met uitzondering van hun leeftijd voldoen aan de vereisten voor het kiesrecht voor de leden van de gemeenteraad alsmede degene die kiesgerechtigd is voor verkiezing van leden van de gemeenteraad) Nr. 1

Instrument Inspreken

Procedure Zie artikel 17 RvO

2

Ingezonden brief

Afhandeling door de griffier Toelichting Een ieder kan een ingezonden brief aan de raad sturen. Deze wordt door de griffier afgehandeld en voor de raadsleden gepubliceerd op het raadsinformatiesysteem. De griffier onderzoekt of de inhoud van de brief aanleiding geeft het college te vragen hierop een reactie te geven of dat deze alleen ter kennisname aan de raad wordt gebracht. De raad kan de afweging maken of men iets met de brief wil doen.

4

Initiatiefvoorstel (burgerinitiatief)

1. Het voorstel wordt door de initiatiefgerechtigde, gericht aan de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier. 2. Het voorstel dient in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. de NAW gegevens van de indiener en de ondertekenaars; b. een duidelijke omschrijving waar het voorstel over gaat en van de raad wordt gevraagd; c. wat de overwegingen zijn geweest om dit voorstel aan de raad voor te leggen; d. wat de consequenties zijn van het raadsbesluit; e. welke alternatieven c.q. andere mogelijke oplossingsrichtingen er zijn. 3. Het voorstel heeft betrekking op een onderwerp dat behoort tot de bevoegdheid van het gemeentebestuur van Dijk en Waard, niet zijnde een vraag over het gemeentelijk beleid, een klacht over het gemeentebestuur of een bezwaar tegen een besluit van het gemeentebestuur. 4. Een voorstel dat betrekking heeft op een onderwerp, waar in de lopende raadsperiode reeds over is beslist door de raad, wordt niet geagendeerd. Toelichting Zie A1

5

Aanbieden petitie

1.De procedure voor het starten van een petitie staat op www.petities.com 2. Een petitie wordt tijdens de Politieke Avond in ontvangst genomen door de vicevoorzitter van de raad. 3. Een in ontvangst genomen petitie kan leiden tot een behandeling op de Politieke Avond. De Agendacommissie zal hierbij maatwerk toepassen waarbij o.a. rekening wordt gehouden met de wens van de initiatiefnemer, het onderwerp waar de petitie betrekking op heeft en de inzet van andere instrumenten die voor burgers en instellingen beschikbaar zijn. Toelichting Het aanbieden van een petitie vindt plaats tijdens de Politieke Avond. Of de petitie een vervolg krijgt op de Politieke Avond is o.a. afhankelijk van de wens van de initiatiefnemer. In de praktijk zal wellicht niet elke initiatiefnemer behoefte hebben aan een dergelijk vervolg. Of staan andere instrumenten voor een initiatiefnemer ter beschikking. Ook moet het onderwerp zich lenen voor een zelfstandige agendering. Als het onderwerp bijv. al deel uitmaakt van de agenda van de Politieke Avond of dat binnenkort zou doen, kan hier aansluiting bij worden gevonden. Het presidium maakt hierin de afweging en past maatwerk toe.

C. Instrumenten college (en burgemeester) Nr.

Instrument

Procedure

1

Raadsvoorstel

1.

(RvO art 29)

2.

Een raadsvoorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, wordt niet ingetrokken zonder toestemming van de raad. Als de raad van oordeel is dat het nodig is een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.

Toelichting Een raadsvoorstel is een voorstel waarin de raad wordt gevraagd een besluit te nemen. Meestal worden deze voorstellen door het college of de burgemeester ingediend (op grond van de bevoegdheid zoals omschreven in artikel 160, eerste lid sub b, Gemeentewet). 2

Raadsinformatie brief

1. Indien het college de raad schriftelijk wil informeren, gebeurt dit via een raadsinformatiebrief. 2. De raadsinformatie brief wordt, gericht aan de raad, gestuurd aan de griffier. 3. Een raadsinformatiebrief dient in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. relevantie: de politieke, maatschappelijke of financiële relevantie waarom de raad wordt geïnformeerd; b. urgentie: een toelichting of en waarom de informatie in de raadsinformatiebrief nuttig of nodig is om te weten; c. context: het leggen van een verband met (lopende) dossiers of besprekingen waarbinnen het sturen van deze raadsinformatiebrief past; d. zelfstandig leesbaar; bijlagen zijn in principe niet toegestaan; e. maximaal 2 A4.

3

Agendavoorstel

1. Een agendavoorstel wordt gericht aan de raad, schriftelijk ingediend bij de griffier 2. Een agendavoorstel dient in ieder geval te voldoen aan de volgende eisen: a. de aanleiding voor dit voorstel; helder moet zijn waarover de raad wordt geïnformeerd; b. duidelijk moet zijn of het een informerend en/of consulterend agendavoorstel; c. indien het een consulterend agendavoorstel is, dienen consultatievragen te worden geformuleerd waaruit blijkt welke vragen of dilemma’s er zijn waarover de mening van de raad wordt gevraagd; d. zelfstandig leesbaar; bijlagen worden zoveel mogelijk vermeden en kunnen slechts ter kennisname worden toegevoegd. Toelichting Zie A5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=a0478c1b-25e5-4326-bc16-3f710aa2222f