CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebericht, 251104 Adviserende sessie met de raad over regioadvies 380kV NHN

Commissie de Binding 4 november 2025, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Oordeelsvormende sessie (adviserende sessie) Regioadvies netuitbreiding 380 kV Noord-Holland Noord - portefeuillehouder Ruiten2.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

COLLEGEBERICHT Informeren gemeenteraad Aan: Van: Datum: Zaaknummer: Onderwerp:

De gemeenteraad Het college van burgemeester en wethouders 28 oktober 2025 00001173830 Adviserende sessie met de raad over regioadvies 380kV NHN

Aanleiding De verwachting is dat de vraag naar elektriciteit in Noord-Holland Noord de komende 10 jaar verdubbelt. Daarbij is in het Klimaatakkoord van Parijs en de nationale Klimaatwet afgesproken dat de CO2 uitstoot omlaag moet. Hiervoor moet het gebruik van fossiele brandstoffen worden afgebouwd. Een van de manieren om dit te doen is om vaker (duurzaam opgewekte) elektriciteit in te zetten als energiebron.

Geschatte toename van de vraag naar elektriciteit aan de onderstations in regio NHN en deel NHZ

Glastuinbouw, datacenters en waterveiligheid zorgen voor een derde van die toename. De rest komt onder andere omdat er steeds meer elektrische auto’s bijkomen en van warmtepompen gebruik gemaakt gaat worden. Ook is er meer opwek van elektriciteit nodig om in deze vraag te voorzien. Om de energievoorziening toekomstbestendig te maken zijn een extra 380kV hoogspanningsverbinding en twee hoogspanningsstations nodig om deze elektriciteit te transporteren. Ook is er extra duurzame opwek nodig in de vorm van windturbines op zee. Hiervoor moeten extra ‘aanlandingen’ komen om de op zee opgewekte elektriciteit te transporteren via het elektriciteitsnet. TenneT is aanvrager van de netuitbreiding. Om dit te realiseren voert het ministerie van KGG (hierna: KGG) in Noord-Holland twee projecten uit: • Verkenning aanlandingen wind op zee (hierna: VAWOZ) en • Netuitbreiding 380 kV Noord-Holland Noord (hierna 380kV). De twee rijksprojecten hebben een samenhang met elkaar (zie bijlage 2). Aanlanding van op zee geproduceerde elektriciteit kan technisch gezien alleen plaatsvinden bij een 380kVhoogspanningsstation en heeft gevolgen voor het achterliggende netwerk. Een keuze binnen het ene project bepaalt dus de mogelijkheden voor de ander. Elke keuze vraagt om ruimte.

Daarnaast hebben deze keuzes invloed op ruimtelijk-economische ontwikkelingen, op landbouw en natuur, op cultureel erfgoed, monumenten en beschermd landschap, op gezonde

leefomgeving en op het water- en bodemsysteem. Het is daarom van belang dat er een integrale afweging wordt gemaakt. Het Rijk beschouwt de 380kV-hoogspanningsverbinding en pVAWOZ van nationaal belang. Daarom heeft het ministerie besloten gebruik te maken van de Rijkscoördinatieregeling. Dit betekent dat de minister uiteindelijk voor het gehele project een projectbesluit en alle andere benodigde besluiten neemt. De rol van gemeenten en overige bestuursorganen is daarmee beperkt. Al ruim twee jaar wordt gewerkt aan deze projecten. Het ministerie van KGG en TenneT hebben belanghebbenden en inwoners geïnformeerd middels bijeenkomsten, webinars, nieuwsbrieven en het inrichten van een website. Ook voor raden vonden diverse regionale bijeenkomsten plaats. Afgelopen september was de meest recente. Kernboodschap Voor aanscherping van het regioadvies zijn de verderop genoemde uitgangspunten/randvoorwaarden belangrijk voor het college. Deze adviserende sessie dient om te sonderen of de geformuleerde uitgangspunten/randvoorwaarden ook door uw raad worden onderschreven: Toelichting Beperkte invloed op het regioadvies De 25 gemeenten in Noord-Holland die door de projecten worden geraakt, de twee betrokken waterschappen en de provincie Noord-Holland (de regio) zijn door het Ministerie van KGG gevraagd een gezamenlijk regioadvies uit te brengen over de projecten (bijlage 1).

In het regioadvies staat waar deze projecten het best een plek kunnen krijgen. De gemeente Dijk en Waard kan (beperkt) sturen en adviseren in het proces van het regioadvies en een zienswijze indienen op het ontwerpbesluit. Het regioadvies heeft geen formele status. Hierin geven de betrokken overheden een voorkeur aan voor een tracé. De 90% versie van het regioadvies ligt nu ter consultatie voor bij de betrokken raden. Deze adviserende sessie dient om bij de raads-/commissieleden te sonderen of de geformuleerde uitgangspunten/randvoorwaarden die volgens het college belangrijk zijn ook door de raad worden onderschreven. Vervolgens worden deze uitgangspunten in één reactie door regio Alkmaar meegegeven aan de provincie met het verzoek om het regioadvies hierop aan te passen in de aanloop naar het definitieve regioadvies. De betrokken colleges krijgen begin december de definitieve versie van het regioadvies voor ondertekening aangeboden. Het college is bevoegd om het regionaal advies te ondertekenen. Of het college overgaat tot ondertekening van het regioadvies is afhankelijk van de aanpassingen in de definitieve versie van het regioadvies. Op 19 december wordt het definitieve regioadvies aan de minister gestuurd. Het Ministerie van KGG is bevoegd gezag voor realisatie van deze projecten.

Alle belanghebbenden, waaronder gemeenten, krijgen de mogelijkheid om in Q2 2026 formele zienswijzen in te dienen op het door KGG vastgestelde ontwerp-voorkeursbesluit van het 380kV tracé. Duiding van de 5 corridors (zie voor groter kaartje bijlage 3) Om de elektriciteit in de Kop van Noord-Holland te krijgen heeft het ministerie van KGG vijf hoofdcorridors en verschillende tussencorridors in onderzoek. Die lopen van het zuiden naar het noorden en globaal van west naar oost en hebben onderscheidende kleuren gekregen. Van west naar oost de kleuren: donkerblauw, groen, geel, rood, lichtblauw. Het groene tracé loopt langs Dijk en Waard. Een belangrijk ruimtelijk uitgangspunt is dat de corridor een bestaande bovengrondse route volgt, zoals een rijks- of provinciale weg, spoorlijn, of 150kV-verbinding.

2

Vanwege de ligging in de duinen is donkerblauw een no-go voor de meeste gemeenten en de provincie. Dit geldt ook voor de lichtblauwe corridor omdat deze grotendeels langs de IJsselmeerkust loopt. In het regioadvies aan de minister wordt dit ook zo beschreven. Daarmee blijven de middelste corridors over: groen, geel en rood. Tussen deze corridors liggen verschillende paarse tussenstukken om van de een naar de ander te schakelen. Er zijn veel onderzoeken naar diverse (milieu-) aspecten uitgevoerd in de planMER en de Integrale Effect Analyse (IEA). De provincie concludeert dat het in de kern neerkomt op het aspect “vergunbaarheid” binnen de corridors. Bepalend daarbij is de wetgeving rond UNESCO en N2000. De Hollandse Waterlinies en de Beemster zijn UNESCO Werelderfgoed. Nog niet alle rapporten zijn klaar of definitief opgeleverd omdat nader onderzoek plaatsvindt. Het standpunt van de provincie is dat binnen UNESCO Werelderfgoed en N2000 niets mogelijk is als er een alternatief aanwezig is vanuit de zogenaamde ADC toets (Alternatieven, Dwingende redenen en Compenseren). De provincie gaat daar vanuit omdat 1. de rode en gele corridor door zowel de Hollandse waterlinies als de Beemster lopen, 2. vanuit natuur rood en geel voor meer draadslachtoffers lijken te zorgen en 3.

door de lengte van de doorsnijding van UNESCO Werelderfgoed rood en geel minder vergunbaar zijn en daarom afvallen. Regio Alkmaar en de zuidelijke gemeenten Zaanstad, Beverwijk en Heemskerk zijn niet overtuigd dat delen van de tracés rood en geel af moeten vallen. Zij vinden dat het tracé dat start in Wijdewormer via een deel geel naar rood naar Middenmeer een volwaardige en haalbare route is en zijn niet overtuigd dat dit voldoende is uitgezocht. Voordeel bij de geel/rode route is dat het voldoet aan het aanvankelijke uitgangspunt dat landschappelijke structuurlijnen worden gevolgd, zoals de A7. Deze gemeenten willen dat er meer onderzoek naar deze route wordt uitgevoerd. In het voorliggende regioadvies ziet de provincie de groene corridor als de minst onhaalbare route. Dit geeft aan dat alle tracés sterke minnen en kleine plussen hebben. De groene corridor volgt in hoofdzaak het tracé van de huidige 150 kV masten tussen Beverwijk en Oterleek, maar wijkt daar ook onverklaarbaar vanaf. Zo wordt ten oosten van Oterleek richting Hoorn niet de bestaande 150 kV mastenrij gevolgd. Ook met het verlaten van het groene tracé door middel van de paarse afslag net ten noorden van woonwijk de Draai in Dijk en Waard wordt het bestaande 150kV tracé verlaten en loopt deels door Veenhuizen (Bijlage 4).

Met deze afslag vanaf het groene tracé komt er een tracé bij in dit kwetsbare gebied met woonkernen. Ook de referentielijnen, die zijn gebruikt voor het onderzoek, wijken ongewenst af van het bestaande 150 kV tracé, zoals een route westelijk van Stompetoren en westelijk van Markenbinnen. Door de ingetekende tracés, afslagen (de paarse verbindingsstukken) en referentielijnen raakt het gebied versnippert door de verspreide ligging van tracés in het gebied Dit is ruimtelijk niet aanvaardbaar. Een meerderheid van de 25 gemeenten heeft eerder gepleit om 380 kV in te passen op de plaats van de huidige 150 kV masten, die dan ondergronds gaan. Het volgen van de 150 kV mastopstelling moet dan ook nadrukkelijker worden opgenomen in het regioadvies.

3

In het huidige proces is in het laatste bestuurlijke overleg door regio Alkmaar gepleit om deze groene corridor verder uit te werken door een alternatief op te nemen, waarbij naast de gehele groene corridor als uitgangspunt ook groen vanaf Oterleek naar rood gaat naar de A7 en dan naar Middenmeer. Hiermee loopt de corridor niet meer langs (en gedeeltelijk door) Dijk en Waard. Dit alternatieve tracé wordt in deze versie van het regioadvies wel benoemd maar nog niet voldoende uitgewerkt. Het groene tracé start in de Wijkerpolder waar de zuidelijke gemeenten (Zaanstad, Beverwijk, Heemskerk) tegen zijn. Hun standpunt is dat het gebied al sterk te lijden heeft onder allerlei ingrepen en ruimtelijke claims en dat deze stapeling leefbaarheid en gezondheid verder onder druk zet. Daarbij kunnen de gehanteerde selectiecriteria ertoe leiden dat deze keuzes dan altijd automatisch neerslaan in het gebied waar geen wettelijke waarden vanuit N2000 gelden en beperkt zijn door UNESCO Werelderfgoed. Regio Alkmaar, Zaanstad, Beverwijk en Heemskerk pleiten er daarom sterk voor om geel naar rood eerst volwaardig te onderzoeken en uit te werken omdat dit een haalbare route lijkt door de bundeling van het tracé met de A7. Voorgestelde uitgangspunten/randvoorwaarden voor het regioadvies Voor aanscherping van het regioadvies zijn onderstaande uitgangspunten/randvoorwaarden belangrijk voor het college.

Deze adviserende sessie dient om te sonderen of de geformuleerde uitgangspunten/randvoorwaarden ook door de raad worden onderschreven: 1. Niet alleen naar technische vergunbaarheid kijken, ook de maatschappelijk beste variant beschouwen door leefbaarheid en gezondheid zwaar mee te wegen in de afweging. 2. Opnemen van flexibiliteit in het proces richting afweging. Er moeten nog onderzoeken worden opgeleverd, zoals over de draadslachtoffers (vogels die tegen de elektriciteitslijnen aanvliegen) en er loopt nog een landelijk Heritage Impact Assessment (HIA) waarin voor alle TenneT projecten de effecten op UNESCO Werelderfgoed worden verkend. Beide zaken zijn erg bepalend voor de haalbaarheid van de corridors. Partijen binnen dit proces, waaronder de gemeenten in regio Alkmaar, pleiten er dan ook sterk voor richting de minister om flexibiliteit op te nemen voor het moment waarop de resultaten bekend worden en erg afwijken van de huidige cijfers. Een nader gesprek met de minister is dan vereist. 3. Het regionale voorkeurstracé vanaf Wijdewormer over Geel naar Rood dient volwaardig uitgewerkt en beschouwd te worden. 4. Groen kan pas geoptimaliseerd worden nadat Rood volwaardig is uitgewerkt en beschouwd. 5. Het basisuitgangspunt hanteren om realisatie zoveel mogelijk buiten het stedelijk gebied te houden; • het groene tracé loopt langs de oostgrens van Dijk en Waard.

• het paarse alternatief voor afbuiging van het tracé net ten noorden van de Draai (in de tekst van het regioadvies P15 genoemd, zie bijlage 4), loopt langs en door de Berkmeerpolder en Veenhuizen, daarna volgt P15 de Langereis. Deze gebieden liggen deels in Dijk en Waard in kwetsbare gebieden met woonkernen. 6. Het basisuitgangspunt hanteren om de bestaande infrastructuur (150kV, A7) te volgen, van dat principe wordt pas van afgeweken zodra er geen alternatieven meer zijn. 7. 380 kV masten langs bestaande 150kV alleen plaatsen als 150 kV op dezelfde plek ondergronds wordt gebracht; • daarmee wordt een dubbele mastenrij voorkomen van zowel 150 kV als 380 kV. • in het huidige regioadvies volgt het paarse tussenstuk P15 bij en in Dijk en Waard niet meer de bestaande 150kV infrastructuur, dus bij keuze voor P15 bestaat de kans dat in dat gebied zowel 150kV als 380kV tracé bovengronds komen. Dit kan vermeden worden door groen via rood te kiezen ter hoogte van Oterleek. 8. Meer prominent opnemen van de alternatieve route van groen via Oterleek naar de A7 over bestaande 150 kV (zie bijlage 4). “Groen via Rood” benoemen als “Groen via Oterleek”. Daarbij tot ‘de afslag in oostelijke richting’ de bestaande 150kV te volgen. De paarse afslag van groen naar rood buigt momenteel ergens tussen Stompetoren en

4

Oterleek af en maakt bij Rustenburg de knik naar boven. Hierdoor worden drie molens ingeklemd door zowel de bestaande 150kV en toekomstige 380kV mastenrij. Dit kan worden vermeden door de afslag direct bij Oterleek te maken en 150kV ondergronds te brengen. Dit is in eerder stadium ook met de provincie zo besproken. Ook hierbij wordt bestaande infrastructuur als uitgangspunt gehanteerd. 9. Ruimhartige compensatie voor partijen die benadeeld worden. Om welke compensatie het gaat kan, als het concept-projectbesluit in Q2 ter inzage wordt gelegd, deel uitmaken van de zienswijze. Vervolg De gemeenten, waterschappen en provincie hebben tot 20 november 2025 de tijd om opmerkingen en aanpassingen volgend uit deze adviserende sessie in te brengen bij de provincie. Dit kan tot aanpassingen leiden van de definitieve versie van het regioadvies. In de tussentijd staat het proces niet stil. Deze komende periode wordt ook gebruikt voor verdere afstemming en nadere gesprekken met de medeoverheden die geraakt worden door deze projecten over de inhoud en lijn in het regionaal advies. Er wordt bestuurlijk gewerkt in het Focusoverleg Energie om vanuit regio Alkmaar input te geven aan het regionaal advies. De definitieve versie van het regioadvies wordt op 3 december aan de afzonderlijke colleges toegezonden ter besluitvorming over ondertekening.

Ook het dagelijks bestuur van de waterschappen en GS besluiten dan. Uiterlijk 19 december levert de provincie het Regioadvies aan bij KGG. Vervolgens is het wachten op de besluiten van KGG. Het ontwerp-voorkeursbesluit van KGG wordt naar verwachting vanaf Q2 2026 ter inzage gelegd voor zienswijzen. Bijlagen 1. Concept Regioadvies 2. Inleiding VAWOZ en 380 kV en proces regioadvies 3. Kaart met 380kV corridors 4. Kaart met Groen over Rood alternatief

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=7ca399f4-36cf-4c3d-b4b7-2a4026c78b34