Bijlagenrapport 20220202.pdf
Tekst van het document
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
QS2020-204
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Hazenkoog 35A Bovendijk 35-G 1822 BS Alkmaar 2295 RV Kwintsheul www.vandergoesengroot.nl
Bijlage 4
Aanvullend natuuronderzoek
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
G&G-rapport 2021-90
Inventarisatie beschermde soorten in het kader van de natuurwetgeving
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard Inventarisatie beschermde soorten in het kader van de natuurwetgeving
T.S. van der Meer F. Lang
2021
Opdrachtgever DNS Planvorming B.V.
G&G-rapport 2021-90
Datum Versie
19 oktober 2021 v1
Gecontroleerd door: R. de Beer
Bovendijk 35-G
Hazenkoog 35-A
2295 RV Kwintsheul
1822 BS Alkmaar
www.vandergoesengroot.nl
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
3
Inhoudsopgave 1
2
Inleiding
4
1.1
Aanleiding tot het onderzoek .................................................................................. 4
1.2
Doel van het onderzoek........................................................................................... 5
1.3
Ligging van het plangebied ...................................................................................... 5
1.4
Geplande werkzaamheden ...................................................................................... 5
1.5
Leeswijzer ................................................................................................................ 5
Methode
7
2.1
Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten .................................................... 7
2.2
Vleermuizen ............................................................................................................. 8 2.2.1 Veldbezoeken ............................................................................................................ 8 2.2.2 Relatie met het vleermuisprotocol ......................................................................... 10
3
Resultaten broedvogels 3.1
12
Ransuil en Sperwer ................................................................................................ 12 3.1.1 Ronde 1 (29 maart 2021)......................................................................................... 12 3.1.2 Ronde 2 (16 april 2021) ........................................................................................... 12 3.1.3 Ronde 3 (9 juni 2021, nachtbezoek) ........................................................................ 12
3.2
4
5
Conclusie jaarrond beschermde broedvogels ....................................................... 12
Resultaten vleermuizen
13
4.1
Gewone dwergvleermuis....................................................................................... 13
4.2
Ruige dwergvleermuis ........................................................................................... 15
4.3
Laatvlieger.............................................................................................................. 16
4.4
Rosse vleermuis ..................................................................................................... 17
Effectbeoordeling en maatregelen
18
5.1
Ransuil en Sperwer ................................................................................................ 18
5.2
Vleermuizen ........................................................................................................... 18
5.3
Overige broedvogels .............................................................................................. 18
6
Conclusies en aanbevelingen
20
7
Aanbevolen en geraadpleegde literatuur
22
8
Bijlagen
24
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
4
1
Inleiding 1.1
Aanleiding tot het onderzoek Er bestaan plannen bebouwing aan de Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard, gemeente Heerhugowaard, in de Provincie NoordHolland te slopen en op de vrijgekomen percelen nieuwe bebouwing te realiseren. Het is mogelijk dat vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten (Ransuil en Sperwer) of vleermuizen verblijven in de nabij gelegen bomen of in de te slopen bebouwing. De aanwezigheid van deze potentie werd aangegeven in een eerder uitgevoerde ‘ecologische quickscan’ (zie WABEKE, 2020). Om dit nader te onderzoeken heeft DNS Planvorming B.V. opdracht gegeven aan ecologisch onderzoeks- en adviesbureau Van der Goes en Groot een inventarisatie uit te voeren naar deze soorten. Het onderzoek is uitgevoerd in de periode april-september 2021. De inventarisatie is uitgevoerd door medewerkers van bureau Van der Goes en Groot. Dit rapport doet verslag van het onderzoek.
Ligging van plangebied Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
1.2
5
Doel van het onderzoek Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in het voorkomen en de verspreiding van Ransuil, Sperwer en vleermuizen binnen het plangebied.
1.3
Ligging van het plangebied In Figuur 1 is de ligging van het plangebied aangegeven. Het plangebied ligt in de bebouwde kom van Heerhugowaard. In het plangebied is bedrijfsbebouwing aanwezig. De omgeving bestaat voornamelijk uit dicht bebouwd gebied met woonwijken en direct noordelijk van het plangebied ligt een volkstuinencomplex tussen spoordijken. Circa 700 meter ten westen van het plangebied ligt het waterrijke landschapsreservaat ‘Oosterdel’, wat bestaat uit opgebaggerde veenwoudgronden.
1.4
Geplande werkzaamheden Het voornemen is om de bestaande bedrijfsbebouwing aan de Deimoslaan 1-5 en Hectorlaan 17-31 te slopen en drie appartementengebouwen te realiseren. De ecologisch gevoelige werkzaamheden zullen bestaan uit sloop van gebouwen met benodigd hak- breek- en zaagwerk, het verwijderen van de vegetatie-toplaag, het vergraven van de bodem of de oevers en/of het opbrengen van grond en het kappen en rooien van struiken en bomen. Bij uitvoering van het werk kan door geluid, trillingen, optische verstoring of gebruik van kunstlicht verstoring optreden van (beschermde) soorten.
1.5
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de methode van het onderzoek beschreven. In hoofdstuk 3-4 worden de resultaten beschreven en wordt aangegeven welke soorten zijn aangetroffen binnen en eventueel nabij het plangebied. In hoofdstuk 5 wordt ingeschat in hoeverre deze soorten negatieve effecten kunnen ondervinden door de uit te voeren werkzaamheden welke specifieke maatregelen eventueel noodzakelijk zijn en of een ontheffing van de Wnb noodzakelijk is. Ten slotte bevat hoofdstuk 6 de conclusies met noodzakelijke vervolgstappen. Indien van toepassing worden aanbevelingen gedaan. Hoofdstuk 7 tenslotte, geeft een overzicht van de gebruikte literatuur.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
6
In de bijlages is aanvullende informatie opgenomen over de geldende wetgeving en de gebruikelijke procedures bij een vergunnings- en/of ontheffingsaanvraag. Eventueel zijn (indien relevant) verspreidingskaarten opgenomen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
2
7
Methode 2.1
Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten Alleen vogelsoorten waarvan de nesten jaarrond zijn beschermd, zijn geïnventariseerd. Het betreft in dit geval de Ransuil en Sperwer. Deze soorten komen in de omgeving van het plangebied voor (NDFF 20102020, WABEKE, 2020) en kunnen gevestigd zijn in een boom met groot nest zoals die aanwezig is bij het plangebied. Uiteraard is tijdens de inventarisatie ook gelet op eventueel andere aanwezige jaarrond beschermde broedvogels of andere beschermde soorten. Alle waarnemingen zijn op locatie gekarteerd. De codes zijn gestipt op locatie met behulp van een veldtablet.
2.1.1
Ransuil en Sperwer Het weer beïnvloedt de activiteit van vogels. Bij harde wind, neerslag, lage en ook hoge temperaturen zijn roofvogels en uilen minder actief. Geprobeerd is dergelijke omstandigheden tijdens de veldbezoeken zoveel mogelijk te vermijden. Tijdens de bezoeken waren de weersomstandigheden gunstig. Deze staan samen met de bezoekdatums in Tabel 1. Er zijn twee bezoeken overdag en één nachtbezoek uitgevoerd in de periode van eind april tot begin juni. Tussen de verschillende bezoekrondes overdag lagen minimaal tien dagen. De inventarisaties zijn tijdens goede weersomstandigheden uitgevoerd. Het eerder gevonden nest is steeds gecontroleerd tijdens het onderzoek. Er is gelet op uit het nest stekende staarten, aanwezigheid van kraaien, wegvliegende of roepende vogels. Tijdens het nachtbezoek is gelet op roepende uilen, met name jonge vogels. Ook is gezocht naar sporen die de aanwezigheid van een nestplek aannemelijk maken zoals braakballen, vers loof op de nesten, plukresten of krijtstrepen. In de directe omgeving van het plangebied is ook gekeken naar aanwezige roofvogels.
Bezoekdatums en weersomstandigheden tijdens de veldbezoeken van de broedvogelinventarisatie in het plangebied in 2021
Datum
Tijd
Weersomstandigheden (Bewolking/Wind/Temperatuur (°C)
1
29 maart 2021
09:15-9:45 uur
8/8, 3 Bft, 8°C
2
16 april 2021
9:45-10:45uur
0/8, 1 Bft, 6°C
3
9 juni 2021 (nachtbezoek)
20:30-0:00 uur
0/8, 1 Bft, 18°C
Bezoek
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
8
Ook tijdens het onderzoek naar vleermuizen (zie §2.2) werd gelet op aanwezige uilen.
2.2
Vleermuizen Alle soorten vleermuizen zijn beschermd krachtens de Wnb onder het regime van de Habitatrichtlijn. Het doel van het onderzoek is om de aanwezigheid en de verspreiding van vleermuizen in het plangebied in kaart te brengen. Het onderzoek is uitgevoerd aan de hand van de richtlijnen uit het protocol voor vleermuisinventarisaties, zoals dat is opgesteld door het Vleermuisvakberaad (VLEERMUISVAKBERAAD, 2020). Voorafgaand aan het onderzoek is op grond van uitgevoerde ecologische quickscan, de aanwezige biotopen of bekende voorkomens nagegaan welke vleermuissoorten redelijkerwijs of mogelijk te verwachten zijn binnen het onderzoeksgebied. Het onderzoek is op grond daarvan in dit geval met name gericht op de algemenere gebouw bewonende soorten Gewone dwergvleermuis, Ruige dwergvleermuis en Laatvlieger. Uiteraard zijn ook andere soorten gezocht in het plangebied en zijn eventueel bezoekrondes en/of bezoektijden tussentijds aangepast aan bevindingen tijdens het veldwerk. Bij het aantreffen van ‘bijzondere’ soorten zoals Meervleermuis, Gewone grootoorvleermuis, Watervleermuis, Baardvleermuis, etc., die mogelijk het plangebied gebruiken als verblijfplaats, worden rondes en rondetijden aangepast of worden extra rondes ingepland.
2.2.1
Veldbezoeken Door middel van veldwerk zijn de daadwerkelijke aanwezigheid en verspreiding van vleermuizen in het plangebied onderzocht. Er zijn vijf bezoeken volbracht in de periode mei tot en met september 2021. Het aantal bezoeken is op voorhand op grond van potentie van verwachte soorten en gebruiksfuncties bepaald. Bij onverwachte of afwijkende waarnemingen of grotere en bijzondere verblijfplaatsen wordt altijd een extra veldbezoek ingepland. Het plangebied kan door vleermuizen op verschillende manieren worden gebruikt, bijvoorbeeld als verblijfplaats, als (onderdeel van) een vliegroute of als foerageergebied. Deze gebiedsfuncties zijn tijdens het veldwerk onderzocht. Tijdens een veldverkenning (tijdens de quickscan of tijdens de eerste ronde of rondes) zijn relevante elementen zoals bijvoorbeeld begroeiing en randen daarvan, holtes in bomen, aanwezige lijnvormige beplanting en wateren in beeld gebracht en zijn delen van bebouwing nader op potentie beoordeeld (gaten, spleten, donkere delen).
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
9
Bij dit onderzoek en tijdens alle bezoekrondes is met behulp van een sterke zaklamp bij inspecteerbare delen van het plangebied en bij mogelijke verblijfplaatsen gezocht naar sporen van gebruik zoals keutels op verhardingen, poepstrepen bij gaten, vraatresten. Het terreingebruik door vleermuizen is op grond van de veldverkenning ’s nachts nader onderzocht door middel van langzaam surveilleren en posten met gebruik van batdetectors (beschikbare modellen Pettersson 240x, Echo Meter Touch Pro, M500-384-540usb en Batlogger M). Op de onderzoek locatie was altijd visuele- en audioweergave van de opgevangen pulsen mogelijk en er was altijd de mogelijkheid geluiden en/of pulsen op te nemen met opnameapparatuur (Echo Meter Touch Pro, M500-384-540usb en Batlogger M). Bij het onderzoek werd ook gebruik gemaakt van een nachtkijker (Flir OTM 266). Tijdens alle veldbezoeken is gekeken naar aanwezige vliegroutes en foerageergebieden in het plangebied. Deze gebruiksfuncties zijn vooral te verwachten in luwe delen van het plangebied en langs lijnvormige landschapselementen.
Overzicht van de veldbezoeken ten behoeve van het vleermuisonderzoek in plangebied Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard in 2021 per ronde (“KZ” = kraamkolonie- en zomerverblijfronde en “P” = paarverblijfronde).
Ronde / Datum
Tijd
Duur
Weersomstandigheden
Opzet
KZ1 19 mei
21:35-23:35
2 uur
Droog, bewolking 5/8, wind W-3, 11 °C
avondbezoek kraamkolonies, zomerverblijven, terreingebruik
KZ2 25 juni
22:05-00:05
2 uur
Droog, bewolking 8/8, wind Z-3, 15 °C
avondbezoek kraamkolonies, zomerverblijven, terreingebruik
KZ3 9 juli
03:30-05:30
2 uur
Droog, bewolking 3/8, wind W-2, 16 °C
ochtendbezoek kraamverblijven, zomerverblijven, terreingebruik
P1 1 sept
00:00-02:00
2 uur
Droog, bewolking 8/8, wind N-2, 16 °C
middernachtbezoek paarverblijven, zwermactiviteit, terreingebruik
P2 28 sept
20:25-22:25
2 uur
Droog, bewolking 5/8, wind Z-3, 14 °C
avondbezoek paarverblijven, zwermactiviteit, terreingebruik
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
10
De eerste drie kraam-zomer (KZ1 t/m KZ3) bezoeken aan het begin van de zomer zijn met name gericht geweest op het in kaart brengen van uitvliegen en zwermactiviteit bij kraam- of zomerverblijven. Zwermactiviteit treedt met name aan het einde van de nacht op en wordt onderzocht door op kansrijke plekken te posten en/of door rustig door het plangebied surveilleren. Bij een avondbezoek wordt gepost op kansrijke plekken (uitvlieggaten). De avondrondes zijn vooral ingezet om de activiteit van Laatvlieger te kunnen volgen. De laatste twee bezoeken (P1 en P2) zijn vooral gericht geweest op het vaststellen van paarverblijven en baltsactiviteit. De P1 ronde eind begin september is om middernacht ingezet om baltsactiviteit van Ruige dwergvleermuis later in de nacht in beeld te brengen. Deze P1 ronde is tevens laat ingezet om middernachtelijke zwermactiviteit van Gewone dwergvleermuis vast te kunnen stellen. Deze zwermactiviteit vormt een sterke aanwijzing voor de aanwezigheid van een winterverblijf. Vanwege de grootte van het object en het aantal potentieel geschikte plekken en de positie daarvan voor met name verblijfsgebruik van vleermuizen, is de inventarisatie uitgevoerd door vijf personen. Tijdens de veldbezoeken was geen sprake van substantiële neerslag, werd er niet geïnventariseerd bij een windkracht hoger dan 4 Bft of bij een te lage temperatuur.
Voor een overzicht met informatie van de veldbezoeken zie Tabel 2.
2.2.2
Relatie met het vleermuisprotocol Het vleermuisprotocol is een richtlijn op grond waarvan het onderzoek zo goed mogelijk is uitgevoerd. Dit betekent dat op grond van aanwezige biotopen en potenties in het onderzochte plangebied de uiteindelijke onderzoeksopzet is gemaakt. In het geval van het besproken gebied zijn de hieronder genoemde keuzes gemaakt om de resultaten te optimaliseren. De bebouwing binnen het plangebied is laag, wordt onregelmatig verwarmd en heeft weinig bufferende capaciteit ten aanzien van warmte. Daarom worden geen bijzondere constante en koele microklimaten verwacht ten aanzien van warmte en vocht en is de bebouwing naar verwachting niet geschikt als (massa)winterverblijf voor Gewone dwergvleermuis. Het middernachtzwermen van deze soort wordt daarom niet op voorhand verwacht.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
11
Omdat bovenstaande slechts een inschatting betreft en (massa-) winterverblijf als een belangrijke vast te stellen gebruiksfunctie wordt gezien, is hiernaar tijdens één ronde toch optimaal onderzoek gedaan. Door deze laat uitgevoerde bezoekronde wordt tevens ondervangen dat baltsactiviteit op verschillende momenten in de nacht wisselende intensiteit kan hebben en het plangebied op meerdere momenten in de nacht hierop werd onderzocht. In de andere (najaars-)ronde(s) is ook op nachtelijk zwermgedrag gelet, bij (grote) winterverblijven is dit gedrag ook eerder in de nacht waarneembaar en kan dit gedurende langere tijd doorgaan (tot ver in september).
Het plangebied tijdens onderzoek naar vleermuizen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
12
3
Resultaten broedvogels 3.1
Ransuil en Sperwer
3.1.1
Ronde 1 (29 maart 2021) Tijden de eerste ronde van het onderzoek zijn geen waarnemingen van roofvogels en uilen gedaan. Rondom het aanwezige nest is geen activiteit en zijn geen sporen van beschermde vogels aangetroffen. In het plangebied is ook gezocht naar sporen, maar ook deze zijn niet gevonden.
3.1.2
Ronde 2 (16 april 2021) Tijdens ronde 2 zijn geen indicatieve waarnemingen gedaan wat betreft vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten. Bij aankomst zat er een Ekster op het dak van de bebouwing in het plangebied. Later werd de Ekster ook op het aanwezige nest waargenomen. De Ekster bleek in het onderzochte nest te broeden.
3.1.3
Ronde 3 (9 juni 2021, nachtbezoek) Tijdens het nachtbezoek is gelet op de aanwezigheid van Ransuilen in het plangebied door te posten en te luisteren naar roepende vogels of de roep van om voedsel bedelende jongen. In het plangebied zijn hierbij geen (Rans-)uilen gehoord of gezien.
3.2
Conclusie jaarrond beschermde broedvogels Er werden geen aanwijzingen verkregen dat roofvogels of uilen zijn gevestigd op het aanwezige nest of elders op het terrein. In het onderzochte nest broedde tijdens het onderzoek een Ekster (cat. 5). Omdat de onderzochte roofvogelsoorten ontbreken in het plangebied en de omgeving daarvan, is er geen aparte verspreidingskaart gemaakt.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
4
13
Resultaten vleermuizen In plangebied Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard zijn vier soorten vleermuizen vastgesteld. In Tabel 3 staan de aangetroffen soorten. De relevante verspreidingskaarten van de aangetroffen vleermuizen staan in Bijlage 1.
Vastgestelde soorten vleermuizen met bijbehorende indicatie van de aantallen en gebruiksfuncties in plangebied Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard in 2021.
Soort Gewone dwergvleermuis Ruige dwergvleermuis Laatvlieger Rosse vleermuis
Aantal (indicatie)
Verblijf
Balts in vlucht
Foeragerend
Vliegroute
10 - 20 enkele enkele enkele
ja geen geen geen
ja nee nee nee
ja ja nee ja
nee nee nee nee
Er werden langsvliegende, foeragerende exemplaren en baltsende vleermuizen waargenomen. Tevens werd binnen het plangebied één zomerverblijf gevonden van de Gewone dwergvleermuis. Per soort wordt hieronder het voorkomen van de aangetroffen vleermuizen in het plangebied kort toegelicht en wordt de leefwijze van de waargenomen vleermuizen in Nederland geschetst.
4.1
Gewone dwergvleermuis In het plangebied Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard werd de Gewone dwergvleermuis in alle terreindelen verspreid aangetroffen. De dichtheden en aantallen vleermuizen lagen relatief hoog. De omliggende begroeiing in en net buiten het plangebied werd gedurende de onderzoeksperiode regelmatig gebruikt door foeragerende vleermuizen. Soms waren dieren langere tijd aanwezig. De dieren werden ook jagend nabij lantaarnpalen, boven boomkruinen en rondom de dennen in het plangebied waargenomen. Gezien de mogelijkheden om te foerageren buiten het plangebied en de grootte van het plangebied ten opzichte van (geschiktere) gebieden daarbuiten, is het plangebied wat betreft foerageergebied geen ‘essentieel’ deel van het leefgebied van Gewone dwergvleermuizen. Er werden geen bijzondere gerichte verplaatsingen opgemerkt van Gewone dwergvleermuizen die zouden kunnen wijzen op een belangrijke vliegroute.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
14
Zomerverblijf Gewone dwergvleermuis onder dakstrip, gevonden tijdens de KZ2ronde (rode pijl)
Er werd in de tweede onderzoek ronde een verblijvende Gewone dwergvleermuis aangetroffen aan de noordwestkant van het noordelijke gebouw (nabij Hectorlaan 29). Het ging om een solitair mannetje dat omstreeks 22:30 uitvloog van onder een dakstrip op de gevelrand van de bebouwing. De vleermuis vloog uit van onder de dakstrip aan een muurdeel met zuidelijke expositie in een inham in het gebouw, op ongeveer 6 meter afstand vanaf de noordwestgrens van de bebouwing. Het gebruik van dit verblijf kon in latere rondes niet bevestigd worden. Er wordt uitgegaan van een zomerverblijf, gebruikt door één vleermuis. Mogelijk wordt later in het jaar de verblijfsruimte gebruikt als paarverblijfplaats. Vanwege de positie onder de dakstrip met (te) koud microklimaat lijkt gebruik als winterverblijf zeer onwaarschijnlijk. Ten noorden van het plangebied werd in de bebouwing aan de Hectorlaan 1 een zomerverblijf van 3 Gewone dwergvleermuizen gevonden. Verspreid door het plangebied werden in de P1-ronde tevens enkele in vlucht baltsende Gewone dwergvleermuizen waargenomen. De waarnemingen van deze in vlucht baltsende vleermuizen kon niet worden gekoppeld aan bebouwing binnen het plangebied. De vleermuizen vlogen tijdens het baltsen laag en in een rechte lijn zonder gebouwgericht gedrag of het hoger in de bebouwing aanvliegen van gebouwdelen.
Verondersteld wordt dat de vleermuizen werden aangetrokken door de baltslocaties vanwege de gunstige foerageermogelijkheden. Op de
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90
Deimoslaan en Hectorlaan te Heerhugowaard
15
baltslocaties was sprake van opgaande begroeiing, water, lantaarnpalen en zijn luwere terreindelen aanwezig. Het is gebruikelijk dat (Gewone) dwergvleermuizen later in het jaar zeer frequent sociale geluiden tijdens foerageeractiviteit laten horen. Tijdens de waargenomen baltsactiviteit werden naast baltsgeluiden tevens vangpulsen (versnellende pulsen) van de aanwezige baltsende vleermuizen opgevangen zodat duidelijk was dat de baltslocaties (ook) als foerageergebied worden gebruikt en het (in combinatie met afwezigheid van gebouwgerichte activiteit) waarschijnlijk is dat de dieren niet werden aangelokt door de omringende bebouwing. Algemeen De Gewone dwergvleermuis is de meest verspreide en talrijkste vleermuissoort in Nederland. Deze soort wordt beschouwd als hoofdzakelijk gebouw bewonend. Gedurende het hele jaar worden vooral van buiten toegankelijke spouwmuren en besloten ruimtes achter betimmeringen en daklijsten gebruikt. Nachtelijk zwermgedrag rond een verblijfplaats in voorjaar en zomer duidt op de aanwezigheid van (kraam)kolonies. Door de verborgen leefwijze gedurende de winterperiode zijn overwinterende dieren, die zich dan meestal in kleinere groepen ophouden, vaak onvindbaar. Een sterke aanwijzing voor dergelijke winterverblijven is het voorkomen van zogenaamde middernachtzwermactiviteit in de periode half juli – augustus.
Daarnaast is gedurende de baltsperiode in de nazomer en herfst sprake van paargezelschappen die rond paarverblijfplaatsen kunnen worden waargenomen. Baltsende mannetjes worden ook vaak vliegend waargenomen en zijn dan vaak niet direct aan een paarverblijfplaats te koppelen. Foerageergebieden bevinden zich overwegend in besloten tot halfopen landschap binnen enkele kilometers van de (zomer)verblijven. Het foerageergebied wordt via vaste en veelal beschutte vliegroutes bereikt, zoals bomenlanen, boszomen en watergangen.
4.2
Ruige dwergvleermuis In het plangebied werd de Ruige dwergvleermuis drie maal aangetroffen. De soort werd alleen langsvliegend en foeragerend gezien zonder dat aanwijzingen werden verkregen dat de vleermuizen binding hadden met bebouwing in het plangebied. Vanwege het beperkte gebruik van het plangebied en omdat geen waarnemingen werden gedaan die duiden op belangrijk binding van de soort aan het plangebied, is geen aparte verspreidingskaart opgenomen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2021-90