Bijlage Marteronderzoek
Tekst van het document
Memo Betreft: Locatie: Datum: Ecoloog: Steller:
Marteronderzoek Nauertogt nr. 22 te Broek op Langedijk 3 februari 2022 06-27564247 F.Neuteboom
Inleiding Voor de planlocatie de Nauertogt nr. 22 te Broek op Langedijk wordt ruimtelijke ontwikkeling op locatie voorbereid. De plannen betreffen de bouw van woningen op het perceel en de aanleg van een brug om de locatie te verbinden met de aangelegen nieuwbouwwijk. De reeds aanwezige woning en de omliggende tuin op het perceel blijven behouden. Op november 2021 is door een ecoloog van bureau Els & Linde een bezoek gebracht aan de planlocatie om een goed oordeel te geven over de potentieel aanwezige beschermde planten en dieren. Ter plekke is beoordeeld of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn, die schade kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Daarbij is gezocht naar sporen van dieren en is op basis van de begroeiing en de opbouw van het landschap, geschat of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn. De effecten werden beoordeeld als gevolg van de veranderde omgeving en het veranderde gebruik. Verder werd geanalyseerd of de werkzaamheden die noodzakelijk zijn om de veranderingen te bereiken een effect kunnen veroorzaken.
Ligging van de planlocatie
Spechtstraat 59 - 1 223 NX Hilversum - 06 – 27564247 - vanderlinden@elsenlinde.nl Els & Linde B.V.: KvK 1 1 068807 - Fiscaalnummer 81 87.47.637 - NL71 RABO 01 08344673. Els & Linde techniek vof: KvK 63899825 - Fiscaalnummer NL855445920B01 - NL93 RABO 0306041 626
Resultaat oriënterend onderzoek In het oriënterend onderzoek is geconcludeerd dat de aanwezigheid van kleine marterachtigen (wezel, hermelijn en bunzing) niet uitgesloten kon worden binnen de planlocatie. Er is namelijk geschikt habitat voor deze soorten aanwezig binnen de planlocatie.
Wet natuurbescherming Vanaf 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht. Voor de wet is de provincie het bevoegd gezag voor het verkrijgen van een ontheffing voor beschermde soorten. De wet geeft de provincies een beperkte mogelijkheid voor een eigenstandig beleid door het al dan niet geven van een vrijstelling voor een aantal soorten; waaronder de kleine marterachtigen. Noord-Holland heeft in dat kader besloten de wezel, hermelijk en bunzing te beschermen. In dat kader is het nodig te inventariseren of de marterachtigen daadwerkelijk voorkomen binnen het plangebied.
Techniek onderzoek naar marters Voor de inventarisatie van de kleine marters (wezel, hermelijk en bunzing) zijn verschillende technieken beschikbaar. In het voorliggende geval is gekozen voor het uitleggen van sporenbuizen. Om voldoende inspanning te verrichten zijn twee aspecten van belang: het aantal sporenbuizen dat wordt uitgelegd en de tijdsduur dat de sporenbuizen in het veld aanwezig zijn. Per hectare moeten voldoende sporebuizen worden uitgezet, de norm is ongeveer vier sporenbuizen per hectare. Een sporenbuis bestaat uit een inktkussen met aan weerszijde een witgeverfde strook waarop de pootafdrukken komen. De diameter van de buis is afhankelijk van de soort waarvoor deze is bedoeld; er zijn twee maten, één voor de bunzing en één voor de hermelijk en wezel. De marterachtigen hebben een groot leefgebied en de lage dichtheid over het landschap. De dieren exploreren met enige regelmaat hun gehele homerange. Om een voldoende grote kans op aanwezigheid te kunnen vaststellen moeten de sporenbuizen minimaal vier weken in het veld blijven liggen. De buizen worden geplaatst langs lijnvormige elementen met voldoende dekking (hoog gras, bosrand, opgeslagen materiaal etc.).
Ligging van de marterbuizen binnen de planlocatie (inzet: foto van het perceel van bovenaf (bron: google maps)
Inventarisatie Gedurende een periode van zeven weken (9 december 2021 tot 25 januari 2022) is gezocht naar de aanwezigheid van de kleine marters. Hiervoor zijn twee soorten sporenbuizen gebruikt, welke geschikt zijn voor de bunzing en geschikt voor werzel/hermelijk. Op het perceel zijn vier sets marterbuizen geplaatst. De sporebuizen zijn uitgelegd op plekken waar de marters dekkeing of voedsel vinden. De dieren zijn van nature nieuwsgierig en wormen zich door de buizen. Hier laten ze pootafdrukken achter die vervolgens geanalyseerd worden om te kijken of deze marterachtigen aanwezig zijn binnen de planlocatie. Waarnemingen en conclusie Op 25 januari 2022 zijn de marterbuizen opgehaald en gecontroleerd op prenten. Op geen van de buizen zijn prenten van marterachtigen aangetrofffen. De conclusie is daarom dat de aanwezigheid van marterachtigen binnen de planlocatie kunnen worden uitgesloten. Er hoeft met de verdere ontwikkeling geen rekening te worden gehouden met deze dieren.
Foto’s van de marterbuizen