CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7. Afwegingskader Zonnevelden Heerhugowaard

Gemeenteraad 22 oktober 2024, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Verzoek raadsadvies zonneweide glastuinbouwgebied Alton7.102 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

AFWEGINGSKADER

Zonnevelden Heerhugowaard

Colofon 12 mei 2021 OPDRACHTGEVER

Gemeente Heerhugowaard

VISTA LANDSCHAPSARCHITECTUUR EN STEDENBOUW:

Vista Landschapsarchitectuur en stedenbouw Nieuwendammerkade 28C-10 1022 AB Amsterdam

2 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Inhoud 1. Inleiding

5

1.1 Aanleiding 1.2 Doel 1.3 Leeswijzer

2. Toetsingscriteria

6

2.1 Uitgangspunten toetsingscriteria 2.2 Regionale Energie Strategie zoekgebieden 2.3 Toetsing aansluiting stroomnet netbeheerder 2.4 Toekomstige gebiedsontwikkeling 2.5 Financiële participatie 2.6 Belanghebbenden 2.7 Opruimplicht 2.8 Landschappelijke inpassing 2.9 Het kader in de praktijk

3. Landschappelijke inpassing zoekgebieden

11

3.1 Locaties voor nadere afweging zonnevelden 3.2 Aanpak 3.3 Glastuinbouwgebied Alton 3.4 Noordelijke stadsrand Heerhugowaard

4. Landschappelijke inpassing overige gebieden

25

4.1 Locaties voor nadere afweging zonnevelden 4.2 Droogmakerij Heerhugowaard De Noord 4.3 Droogmakerij Heerhugowaard-Zuid

5. Nadere afweging locaties

35

5.1 Zonnevelden 5.2 Ontwikkeling van het landschap in de tijd 5.3 Gebiedskwaliteiten

Bijlagen

44

Bijlage 1 - Het aanvraagproces Bijlage 2 - Vormgeving van het omgevingsgesprek Bijlage 3 - Inspiratie landschappelijke inpassing

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

3

Gemeentegrens Heerhugowaard

4 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

1. Inleiding 1.1 Aanleiding In het klimaatakkoord van 2019 is er een Nederlandse uitwerking gemaakt van de internationale klimaatafspraken van Parijs uit 2015. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de CO2 uitstoot ten opzichte van 1990 in 2030 met 49% moet verminderen en in 2050 met 95%.1 Om deze doelen te behalen is het onder andere noodzakelijk dat er meer duurzame elektriciteit wordt opgewekt. Dit gebeurt bijvoorbeeld door middel van wind op zee en zonnepanelen op daken. Daarmee kan slechts een deel van het totale energieverbruik in Nederland opgewekt worden. Daarom is het ook nodig om te kijken waar er zonne- en windenergie op land opgewekt kan worden.2 In het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie3 wordt hier in 30 energieregio’s in Nederland invulling aan gegeven. Als onderdeel van dit programma worden er zogenaamde zoekgebieden geformuleerd: hier liggen mogelijk kansen voor de opwek van duurzame energie. Ook de gemeente Heerhugowaard heeft duurzaamheidsambities. De ambitie is om CO2 neutraal te zijn in 2030. Daarom wordt er gezocht naar mogelijkheden om meer duurzame elektriciteit op te wekken binnen de gemeentegrenzen. Hier zijn diverse mogelijkheden voor. Een van de mogelijkheden voor hernieuwbare elektriciteit is zonnevelden. Dit is een aanvulling op de elektriciteit die opgewekt kan worden door middel van zonnepanelen op particuliere- en bedrijfsdaken.

Een zonneveld op land kan op veel verschillende manieren ontworpen worden. Vanwege meerdere functies neemt de druk op 1

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/06/28/klimaatakkoord

NP_RES_Factsheet_Elektriciteit https://regionale-energiestrategie.nl/bibliotheek/b+elektriciteit/1654079.aspx 2

3

www.regionale-energiestrategie.nl

landgebruik steeds verder toe waardoor het niet overal binnen de gemeentegrenzen wenselijk is om een zonneveld te realiseren. In dit afwegingskader staat omschreven voor welke gebieden er kansen liggen voor zonnevelden en aan welke toetsingscriteria initiatieven moeten voldoen. De gemeente beoogt hiermee zonnevelden te realiseren met meerwaarde.

1.2 Doel Het doel van dit beleidskader zonnevelden is tweeledig: • Zonnevelden mogelijk maken in de gemeente Heerhugowaard; • Een weloverwogen, overzichtelijke en objectieve afweging kunnen maken op basis waarvan initiatieven beoordeeld kunnen worden. Daarnaast zal het kader ook inzicht geven aan (potentiële) initiatiefnemers. Op basis van dit kader kunnen initiatiefnemers en de gemeente beoordelen of een initiatief kansrijk is en aan welke eisen het moet voldoen om in aanmerking te komen voor een omgevingsvergunning.

1.3 Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de toetsingscriteria waaraan een initiatief moet voldoen. Hoofdstuk 3 (RES-locaties) en 4 (overige locaties) omschrijven de onderbouwing van de landschapsvoorwaarden en kijken vooruit naar locaties die vanuit landschappelijk oogpunt kansrijk zijn. In hoofdstuk 5 wordt onderbouwd waarom deze locaties mogelijk geschikt zijn voor zonnevelden. In bijlage 1 staat in welke gevallen een omgevingsvergunning voor een zonneveld nodig is en welke stappen doorlopen dienen te worden in het vergunningstraject. Bijlage 2 omschrijft de vormgeving van een omgevingsgesprek. In bijlage 3 zijn inspiratiebeelden voor de landschappelijke inpassing opgenomen.

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

5

2. Toetsingscriteria 2.1 Uitgangspunten toetsingscriteria Met dit afwegingskader kunnen initiatieven aan de hand van de toetsingscriteria in dit hoofdstuk beoordeeld worden. Onderzocht is welke toetsingscriteria er voor zonnevelden gelden en waar initiatieven vanuit landschappelijk oogpunt aan moeten voldoen. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: • Het initiatief ligt in een RES-zoekgebied (zie de kaart op blz. 8). • Het zonneveld veroorzaakt geen (extra) versnippering van het landschap. • Er is sprake van systeem efficiency, waarbij bijvoorbeeld zon en wind worden gecombineerd. • Het initiatief versterkt lokale waarden op het gebied van landschap, ecologie of recreatie. • Het initiatief draagt bij aan één of meerdere speerpunten uit de omgevingsvisie. • Het initiatief ligt langs infrastructuur of in (aansluiting op) bebouwd gebied (zoals beschreven in het rijks en provinciale beleid). Dit afwegingskader wordt elke 2 jaar geactualiseerd net als de Regionale Energie Strategie.

2.2 Regionale Energie Strategie zoekgebieden In het programma Regionale Energiestrategie (RES) wordt in een uitgebreid proces samen met stakeholders en met inwoners onderzocht op welke locaties er kansen liggen voor duurzame energie opwekking. Deze locaties worden de zoekgebieden genoemd. De zoekgebieden die binnen het RES-proces naar voren zijn gekomen geven een eerste indicatie van de gebieden waar een zonneveld mogelijk kansrijk is. Wij gaan ervan uit dat uw initiatief binnen een zoekgebied ligt. Echter, een vergunningsaanvraag voor een initiatief binnen een zoekgebied zal niet automatisch verleend worden en een aanvraag buiten een zoekgebieden zal niet zonder meer afgewezen worden. Voor beide gevallen geldt dat het initiatief aan de toetsings-

criteria in dit afwegingskader zal moeten voldoen. Dit afwegingskader is een verdiepingsslag op de randvoorwaarden die vanuit de RES gesteld worden. Ook zijn de aanbevelingen uit de lokale participatie avonden verwerkt in dit kader. De RES en daarmee ook de zoekgebieden worden om de 2 jaar geactualiseerd. Op de website4 van de energieregio Noord-Holland Noord en de website van de Provincie Noord-Holland kunt u de actuele zoekgebieden vinden.

2.3 Toetsing aansluiting stroomnet netbeheerder Bij de netbeheerder dient de beschikbare capaciteit van het stroomnet getoetst te worden. Indien er niet voldoende capaciteit op het stroomnet is om het piekopwekvermogen van het beoogde zonneveld op te vangen, dient er een oplossing aangedragen te worden. Voorwaarde is dat er een akkoord bereikt is met de netbeheerder of dat er concrete afspraken zijn voor een slimme energienetwerk- oplossing. Er zal een document van de netbeheerder moeten worden aangeleverd dat inzicht geeft in dit aspect.

2.4 Toekomstige gebiedsontwikkeling Er wordt door de gemeente getoetst of er toekomstige ontwikkelingen zijn die bepaalde voorwaarden vergen van het initiatief. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als er in de toekomst een bepaalde ontwikkeling in het gebied is beoogd zoals woningbouw, een bedrijventerrein of recreatiemogelijkheden. Als dit het geval is kunnen er extra voorwaarden of afspraken worden opgenomen in de vergunning. Bijvoorbeeld een tijdelijke vergunning met een maximale termijn van exploitatie. In de afweging om tot bepaling van de maximale termijn te komen wordt de benodigde exploitatietermijn voor een sluitende businesscase ook meegenomen. Mogelijk kan er gezocht worden naar een combinatie van de gebiedsontwikkeling en zonnevelden. https://energieregionhn.nl/documenten#regio-alkmaar en https://maps.noord-holland.nl/ WebViewer/index.html?viewer=RES_Zoekgebieden 4

6 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

2.5 Financiële participatie Er wordt verwacht dat er minstens 50% financiële participatie plaatsvindt door inwoners en/of lokale bedrijven. In het plan dient concreet te worden gemaakt hoe u dit bereikt. Indien het niet lukt om dit te bereiken kunt u ook denken aan een omgevingsfonds5 of een omwonenden regeling.6 In de onderbouwing van het plan beschrijft u hoe de lokale gemeenschap op een blijvende manier voordeel heeft van het initiatief. Voordat de vergunning goed gekeurd kan worden dient contractueel vastgelegd te worden hoe aan deze voorwaarde wordt voldaan.

2.6 Belanghebbenden Het voorliggende beleid is erop gericht hernieuwbare energie mogelijk te maken op een manier waarbij we ook recht doen aan andere belangen in de gemeente. We vinden draagvlak van de omgeving een randvoorwaarde. Bij een plan voor een zonneveld vragen we initiatiefnemers daarom om omwonenden, belanghebbenden en geïnteresseerden uit te nodigen om mee te denken over uw plannen. Uitgangspunt hierbij is dat u samen zoekt naar het creëren van een gedragen invulling van het initiatief, de gemeente kan u hierbij, indien gewenst, ondersteunen.

Door aanwezigheid bij het omgevingsgesprek krijgt de gemeente hiervan een goed beeld. Hoe een initiatiefnemer zo’n omgevingsgesprek kan vormgeven wordt nader toegelicht in bijlage 2.

2.7 Opruimplicht De initiatiefnemer is verplicht de gronden na het verstrijken van de vergunning weer in originele staat te herstellen. De initiatiefnemer dient aan te tonen dat er middelen gereserveerd zijn om dit te kunnen realiseren.

2.8 Landschappelijke inpassing Een zonneveld dient op een goede manier in het landschap ingepast te worden. Welke eisen er precies gelden, verschilt per locatie en is verder uitgewerkt in hoofdstuk 3 en 4.

2.9 Het kader in de praktijk

Als initiatiefnemer kunt u hier invulling aan geven door een omgevingsgesprek te voeren. Het omgevingsgesprek moet in een vroeg stadium plaatsvinden. De gemeente wil graag betrokken zijn bij de invulling van het omgevingsgesprek.

Bij het beoordelen van aanvragen gelden de volgende zaken: • De initiatiefnemer dient te onderbouwen en aan te tonen dat hij aan de toetsingscriteria beschreven in afwegingskader voldoet. • Als de initiatiefnemer niet aan alle voorwaarden kan voldoen en er een dilemma ontstaat in de afweging van de verschillende belangen zal het initiatief worden voorgelegd aan het college. • Als het initiatief buiten een RES zoekgebied ligt wordt het altijd aan de raad voorgelegd. • Als het zonnepark groter is dan 8 hectare zal het voorstel voorgelegd worden aan de raad.

Draagvlak is een voorwaarde voor een vergunning. De initiatiefnemer toont aan op welke wijze en hoeveel draagvlak er gecreëerd is.

Voldoet uw initiatief aan de toetsingscriteria? Bijlage 1 beschrijft welke stappen er doorlopen moeten worden in het aanvraagproces.

Een deel van de opbrengsten komt ten goede aan maatschappelijke doelen in de buurt, zoals een sportclub of wijkvereniging 5

Direct omwonende ontvangen voordeel, bijvoorbeeld in de vorm van verduurzaming van hun woning of korting op groene stroom. 6

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

7

RES-locaties actueel

8 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Glastuinbouwconcentratiegebied Alton

De Draai vanuit het zuiden, met in de achtergrond het RES-gebied voor zon

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

9

Locaties voor nadere afweging zonnevelden Heerhugowaard, zoekgebieden RES

Locaties voor nadere afweging zonnevelden Heerhugowaard, overig gebied

10 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

3. Landschappelijke inpassing zoekgebieden 3.1 Locaties voor nader afweging zonnevelden De kaart op de bladzijde 10 geeft de locaties in de RES weer (blauw en lichtgroen). In aanvulling hierop is ook naar andere locaties gekeken. Deze zijn met een arcering aangeduid. Voor deze locaties is alvast in kaart gebracht welke landschapswaarden van belang zijn, dit om versnippering te voorkomen. In hoofdstuk 3 worden de RES-locaties behandeld, aangevuld met de gearceerde delen die hier direct op aansluiten. De overige 2 locaties (donkergroen en geel), die niet in de RES zijn opgenomen, worden behandeld in hoofdstuk 4. De globale aangeduide locaties in dit hoofdstuk zijn: • Glastuinbouwconcentratiegebied Alton • Noordelijke stadsrand Heerhugowaard

panelen: waterretentie in combinatie met energie opwek door zon of aan bloemrijk grasland tussen de panelen. Kies verder voor grotere concentraties zonnevelden en voorkom daarmee versnippering van het landschap. Verspreid liggende zonnevelden zorgen voor een onrustig landschapsbeeld. De gemeenten bepaalt in goed overleg met de ontwikkelaars gezamenlijk hoe een gebiedsconcept voor zonnevelden eruit kan komen te zien. Schaalvoordelen kunnen zo worden benut en door een goede vormgeving van de zonnevelden kan de maatschappelijke acceptatie worden versterkt. Op de volgende bladzijden zijn criteria en richtlijnen gegeven voor de inpassing van zonnevelden. Deze gelden overigens ook voor Hoofdstuk 4.

3.2 Aanpak Dit hoofdstuk gaat over hoe zon ingepast en vormgegeven kan worden op de hiervoor genoemde locaties waar zonnevelden in principe mogelijk zijn. Wat betreft systematiek sluit dit zoveel mogelijk aan bij de Kwaliteitsimpuls Zonneparken van Provincie Noord-Holland (2019). Op de inhoud is dit verhaal aangevuld met nieuwe inzichten (bijvoorbeeld het ontwikkelen van een gebiedsconcept) en nuanceringen. De genoemde criteria op blz. 12. zijn leidend. Aanknopingspunten per zoekgebied De voorwaarden verschillen per zoekgebied. Dit heeft te maken met het landschap ter plaatse, maar ook met de functie van het gebied. Het is daarom sterk aan te bevelen om steeds te beginnen met een overall gebiedsconcept die de locatie een zekere samenhang en herkenbaarheid geeft. Hierbij is het belangrijk te kijken naar de mogelijkheden voor functiecombinaties. Denk aan drijvende zonneAfwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 11

Inpassing Dit criterium betreft de specifieke kenmerken van de plek. • Stem de omvang van zonnevelden af op de schaal van het landschap, inclusief kavelgroottes; • Zonneweiden kunnen snel een rommelige aanblik geven. Kies voor een simpel ontwerp en volg bestaande structuren (sloten, verkavelingen, hoogteverschillen, begroeiingen). • Houd landschappelijke structuren zichtbaar door op afstand te blijven of deze te accentueren; • Houd rekening met kwetsbare cultuurhistorische objecten door afstand te houden of deze zorgvuldig in te passen. Inrichting Dit criterium betreft de specifieke opstellingen en lay-out van zonnepanelen. • Laat opstellingen de kavelrichting volgen; • Houd de hoogte van opstellingen laag in open landschappen (onder ooghoogte); • Plaats bijkomende elementen zoals omvormers, trafo huisjes, etc op logische en ordelijke wijze, voorkom losse elementen; • Kies voor uniformiteit: zelfde panelen wat betreft kleur, maatvoering en opstelling, richting en hoogte per locatie. Rand De vormgeving van randen is een belangrijk aspect. • Kijk of de rand een ecologische of landschappelijke functie kan krijgen: denk aan water met natuurlijke oevers of bijvoorbeeld bloemrijk grasland; • Voorkom waar mogelijk hekwerken.

Dat kan door de zonneweiden te omzomen met water of hekwerken op te nemen in beplanting of hagen; • Kies op plaatsen waar deze noodzakelijk zijn voor hekwerken met een maaswijdte van minimaal 10 cm in verband met transparantie; • Zorg voor duidelijke rooilijnen waarbinnen de zonnepanelen moeten worden opgesteld.

12 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Bodem Dit criterium betreft het bodemleven. Het bodemleven is afhankelijk van licht, vocht en planten (doorworteling): • Zorg voor voldoende ruimte tussen de panelen zodat vocht en licht de bodem kunnen bereiken. Het kan anders decennia duren lang duren voor het bodemleven zich heeft hersteld. • Zuidopstellingen laten per definitie vocht en licht toe tussen de panelen. Oost-west-opstellingen worden vaak tegen elkaar aangezet. Efficiënt vanuit het oogpunt van energie opwek, maar niet goed voor het bodemleven. Opnemen van open ruimten tussen de panelen is gewenst. • Zorg voor vegetatie onder en rondom de panelen. Kies voor, die is aangepast aan lokale doelsoorten en inheemse planten. Stem het maaiplan en/of begrazingsplan af op het specifieke type vegetatie zodat deze zich optimaal kan ontwikkelen. • Zorg voor natuurinclusiviteit en ecologisch onderhoud en beheer. Zonneweiden kunnen zo bijdragen aan de biodiversiteit door behoud van bijzondere habitats.

Inpassing

Inrichting

Laat opstellingen de kavelrichting volgen.

Richt overhoeken rondom bebouwing in met landschappelijke elementen die aansluiten bij de rand.

Plaats bijkomende elementen zoals omvormers, trafo huisjes, etc op logische en ordelijke wijze.

Richt overhoeken bij onregelmatige kavelvorm in met landschappelijke elementen die aansluiten bij de rand. Voorkom rafelranden. 0,5

0,5

1,64

Houd landschappelijke structuren zichtbaar door op afstand te blijven of deze te accentueren.

35°

Kies voor een simpel ontwerp en volg bestaande structuren.

Altijd 200 m afstand houden tot de dijken.

0,5

0,5

Houd de hoogte van opstellingen laag in open landschappen (onder ooghoogte).

1,64

200m

35°

2,5

2,5

Zuidopstelling: max. hoogte van 2 liggende panelen

150m Altijd 150 m afstand houden tot de linten.

0,5

0,5

1,37

12,63°

0,5

2

Oost-westopstelling: max. hoogte van van 4 liggende panelen. Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 13

Rand

Bodem

Voorzie in natuurlijke, lokale randstructuren en speel in op bestaande landschappelijke elementen. Bijvoorbeeld met bloemrijk grasland.

Neem ruimten op tussen panelen bij oost-westopstellingen.

Voorkom waar mogelijk hekwerken door natuurlijke randstructuren. Bijvoorbeeld water met natuurlijke oevers.

Zorg voor vegetatie onder en rondom de panelen. Natuurinclusief, kruidenrijk grasland.

5m Zorg voor duidelijke rooilijnen. Houd 5 m afstand tot het talud van de sloot.

14 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Zorg voor vegetatie onder en rondom de panelen. Natuurinclusief, kruidenrijk grasland.

G2 BLOEMRIJK GRASLANDMENGSEL VOOR VOEDSELRIJKE EN

Begrazing met schapen tussen en onder de panelen.

KLEIGRONDEN

Bloemenmengsel voor bloemrijk grasland en bermen op voedselrijke- en kleigronden. Minder geschikt voor zware klei. Dit mengsel heeft een ingetogen karakter. Door goed beheer kan er zich een duurzame natuurlijke middelhoge vegetatie ontwikkelen. Kleine ratelaar is toegevoegd aan G2 om grassen te helpen onderdrukken, waardoor de kruiden een betere kans hebben. Een bloemrijk resultaat kunt u vanaf het tweede of derde jaar verwachten. Jaarlijks 1 of meestal 2 keer maaien en bij voorkeur gefaseerd, zodat er steeds delen kunnen bloeien.

• • • • • • • •

jarenlang bloei en kleur hoogte ca. 50-110 cm zonnige plek geschikt voor matig voedselrijke ( klei ) gronden weinig bloei in het eerste jaar permanente invulling jaarlijks 1-2 x maaien en afvoeren voor bijen, vlinders en vogels

MENGSEL G2 BEVAT DE VOLGEN DE SOORTEN Achillea millefolium

- Duizendblad

Anthriscus sylvestris

- Fluitenkruid

Barbarea vulgaris

- Gewoon barbarakruid

Centaurea jacea

- Knoopkruid

Crepis capillaris

- Klein streepzaad

Daucus carota

- Peen

Heracleum sphondylium

- Gewone berenklauw

Leontodon autumnalis

- Vertakte leeuwentand

Leucanthemum vulgare

- Gewone margriet

Pastinaca sativa subsp. sativa

- Pastinaak

ZAAIDICHTHEID

Plantago lanceolata

- Smalle weegbree

Gemiddeld 1 gram per m2. Maximaal 1,5 - 2 gram per m2 voor een bloemrijk resultaat / publieksfunctie.

Prunella vulgaris

- Gewone brunel

Ranunculus acris

- Scherpe boterbloem

Rhinanthus minor

- Kleine ratelaar

ZAAI-INSTRUCTIE

Silene latifolia subsp. alba

- Avondkoekoeksbloem

Zaaien: Jaarrond, maar bij voorkeur in de nazomer of in het vroege voorjaar. Minimum aantal geleverde soorten: 15

Tanacetum vulgare

- Boerenwormkruid

Tragopogon pratensis

- Gele morgenster

Trifolium pratense

- Rode klaver

Vicia cracca

- Vogelwikke

Vicia sativa subsp. nigra

- Smalle wikke

Voor een kleurrijk effect in het eerste seizoen is dun meezaaien (maximaal 20%) van een akkerbloemenmengsel mogelijk, mits de grond vrij is van onkruidzaden. G2 bevat tweejarigen, zoals Pastinaak en Gele morgenster en vooral vaste soorten. Bij een relatief matige voedselrijke bodem zullen Boerenwormkruid en Peen zich goed kunnen ontwikkelen. De meeste soorten zijn redelijk makkelijk. Bij een relatief vochtige situatie komen soorten als Brunel en Scherpe boterbloem goed tot hun recht. G2 is een goed mengsel voor bloembezoekende ‘nuttige’ insecten, zoals zweef- en gaasvliegen.

Boerenwormkruid - Tanecetum vulgare

Voorbeeld voor geschikt kruidig mengsel. Abbendijk 6

telefoon 0516 – 44 11 44

8422 DL Nijeberkoop

e-mail

Nederland

website www.cruydthoeck.nl

zaden@cruydthoeck.nl

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 15

3.3 Glasbouwconcentratiegebied Alton Het Glastuinbouwgebied is in de RES aangewezen als locatie voor de inpassing van zonnevelden. Dat lijkt tegenstrijdig, maar op waterbassins en oppervlaktewater in het gebied is ruimte voor drijvende zonnevelden. Dit is ook een functionele combinatie want de glastuinbouw verbruikt veel energie. Op locaties die nog niet zijn ingevuld zouden zonnevelden tijdelijk mogelijk zijn. Als uit de quickscan of gebiedsvisie van Alton blijkt dat er (delen van) kavels niet nodig zijn voor glastuinbouw, kunnen hier in overleg met de ondernemersvereniging zonnevelden mogelijk gemaakt worden.

Satellietbeeld

Noordscharwouderpolderweg

16 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Themakaarten

Strandwallen Strandvlakten Droogmakerij Zeeklei Kreekruggen

1950 (Topotijdreis)

Landschappen

Veenvlakten

NNN Lokale natuur Druiplanden Kreekruggen Dijken Verdwenen dijken Linten Stolpboerderij

Kwaliteitskaart

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 17

Zonering

18 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Gebiedsimpressie

Waterbassins - Altonstraat

Waterbassins en kassen - Zicht vanaf N242

Water opslag - Noordscharwouderweg

Zuiderbosweg

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 19

3.4 Noordelijke stadsrand Heerhugowaard De stadsrand Heerhugowaard wordt gedomineerd door de Molenweg, de nieuwe Westfrisiaweg en de spoorlijn die elkaar hier diagonaal snijden. Hier is in de RES een zoeklocatie voor zonnevelden aangegeven. Bij deze locatie moet rekening worden gehouden met de volgende aspecten: • In de Lintenvisie is aangegeven dat de linten in een zone van 150 meter aan weerszijden gevrijwaard moeten worden van zonnevelden. Dat is van toepassing op de Middenweg; • De oostelijk dijk en Ringvaart vormen de begrenzing van de droogmakerij Heerhugowaard en zijn daarom een belangrijke landschappelijke grens. Hier dient een zone van 200 meter gevrijwaard te blijven van zonnevelden. Het is een kwetsbare locatie op de overgang van bebouwde kom naar landelijk gebied, die straks mogelijk gedomineerd wordt door zonnevelden en infrastructuur. Ook hier is een sterke landschappelijk regie nodig om ruimtelijke kwaliteit te bereiken. De aanleg van bos kan een bindend concept opleveren voor de ruimtelijke inpassing op deze plek. Zo ontstaat een herkenbare plek die wordt gedomineerd door groen. Het groen kan tevens een functie krijgen als uitloopgebied.

Satellietbeeld

Vanaf de Plemdijk gekeken

20 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Themakaarten

Droogmakerij

1900 (Topotijdreis)

Landschappen

Zeeklei

Dijken

Bomenlaan

Molens

Opgaande beplanting

Stolpboerderij

Kwaliteitskaart

Beplanting

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 21

Zonering

22 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Gebiedsimpressie

Stadsrand langs het spoor

Molenweg

Westfrisiaweg

Westfrisiaweg

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 23

Locaties voor nadere afweging zonnevelden Heerhugowaard, zoekgebieden RES

Locaties voor nadere afweging zonnevelden Heerhugowaard, overig gebied

24 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

4. Landschappelijke inpassing overige gebieden 4.1 Locaties voor nader afweging zonnevelden De gemeente Heerhugowaard heeft de hoge ambitie om in 2030 CO2-neutraal te zijn. Daarom is er alvast vooruit gekeken naar locaties waar landschappelijk gezien kansen zijn voor zonnevelden, om versnippering te voorkomen. Dit zijn gebieden waar alleen vanuit landschappelijk oogpunt mogelijkheden zijn voor zonnevelden. Echter is hier nog geen integrale afweging gemaakt over welke andere functies een plek in dit gebied dienen te krijgen. Bijvoorbeeld functies zoals agrarisch gebruik, biodiversiteit, recreatie en klimaatadaptatie. Als hier initiatieven een aanvraag doen, gaan wij daar mee in gesprek. Als zij een ontwerp aanleveren dat voldoet aan de voorwaarden in het kader, dan wordt het initiatief aan de raad voorgelegd. De raad maakt dan de belangenafweging.

Nota bene: Op de bladzijden 12-15 zijn criteria en richtlijnen gegeven voor de inpassing van zonnevelden. Deze zijn ook van toepassing op dit hoofdstuk.

Vooruitblik op locaties waar zonnevelden landschappelijk mogelijk zijn: • Droogmakerij Heerhugowaard De Noord • Gebied ten noordoosten van de Rustenburgerweg De noordelijke stadsrand Heerhugowaard en het gebied ten noordoosten van de Rustenburgerweg hebben een aparte status. In deze gebieden heeft nog geen participatie plaatsgevonden. Ook heeft in deze gebieden nog geen integrale afweging plaats gevonden over het ruimtegebruik benodigd voor andere functies in dit gebied zoals kringlooplandbouw, biodiversiteit en recreatie. Vanuit duurzaamheidsperspectief en landschappelijke inpassing zien we hier wel mogelijkheden voor initiatieven, onder bepaalde voorwaarden. Deze gebieden kunnen dus mogelijk in een volgende versie van de RES als zoekgebied opgenomen worden. Er zal dan via het RES proces een afweging gemaakt worden over zaken zoals draagvlak. Totdat de volgende RES is vastgesteld zullen we initiatieven in overweging nemen als zij aan alle voorwaarden in dit afwegingskader voldoen. Onderdeel daarvan is dat er lokaal draagvlak moet zijn voor het initiatief.

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 25

4.2 Droogmakerij Heerhugowaard De Noord In de Droogmakerij Heerhugowaard De Noord is een locatie voor zonnevelden aangegeven tussen de Middenweg en de Veenhuizerweg. Dit gebied is niet in de RES aangewezen als zoeklocatie. Zonnevelden zijn hier mogelijk mits rekening wordt gehouden met de volgende aspecten: • In de Lintenvisie is aangegeven dat de linten in een zone van 150 meter aan weerszijden gevrijwaard moeten worden van zonnevelden. Dat is van toepassing op de Middenweg en de Veenhuizerweg; • De provincie heeft in de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie aangegeven dat de noord-zuid-lopende zichtlijn behouden moet blijven. Dat betekent dat zonnevelden in dit gebied niet hoger mogen reiken dan 1.50 meter; • In de polder liggen druiplanden, voormalige eilanden in de Waert. Deze zijn nog te herkennen aan de onregelmatige verkavelingen; • De noordelijke dijk (grotendeels de N241) en Ringvaart vormen de begrenzing van de droogmakerij en zijn daarom een belangrijke landschappelijke grens. Langs de dijk dient een zone van 200 meter gevrijwaard te blijven van zonnevelden; • Last but not least: het gebied vraagt om een sterke landschappelijke regie voor inpassing. De hoofdwetering, de druiplanden en de dwarsloten zouden kunnen worden ontwikkeld tot een blauw raamwerk, voorzien van natuurlijk oevers waarbinnen de zonnevelden een plek kunnen krijgen.

Wellicht kunnen hierin ook enkele kleine moerasbossen terugkeren. De waren kenmerkend voor deze polder, ook in relatie tot de druiplanden.

Satellietbeeld

De watergang de Oostertocht loopt midden door de polder

26 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Themakaarten

Droogmakerij Zeeklei Kreekruggen Veen

1850 (Topotijdreis)

Landschappen

Druiplanden Kreekruggen Dijken Verdwenen dijk Linten Stolpboerderij Zichtlijn

Tocht

Kwaliteiten

Waterwegen

Kavelsloten

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 27

Zonering

28 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Gebiedsimpressie

Molenweg

Veenhuizerweg, halfopen bebouwingslint

Donkereweg

Harlingerstraat

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 29

4.3 Droogmakerij Heerhugowaard-Zuid Ten noorden van de Rustenburgerweg is een locatie voor zonnevelden aangegeven. Dit gebied is niet in de RES aangewezen als zoeklocatie. Zonnevelden zijn hier mogelijk mits rekening wordt gehouden met de volgende aspecten: • In de Lintenvisie is aangegeven dat de linten in een zone van 150 meter aan weerszijden gevrijwaard moeten worden van zonnevelden. Dat is van toepassing op de Rustenburgerweg en de Jan Glijnisweg; • De oostelijk dijk en Ringvaart vormen de begrenzing van de droogmakerij Heerhugowaard en zijn daarom een belangrijke landschappelijke grens. Hier dient een zone van 200 meter gevrijwaard te blijven van zonnevelden. • Langs de dijk liggen nog Druiplanden die zijn de herkennen aan de afwijkende verkaveling. Deze dienen gevrijwaard te blijven van zonnevelden. Zonnevelden zijn hier wellicht een alternatief voor de glasopstanden. Deze zouden bij voorkeur uitgeplaatst kunnen worden naar Alton. Satellietbeeld

Vanaf de Oostdijk gekeken

30 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Themakaarten

Droogmakerij Zeeklei Kreekruggen

1900 (Topotijdreis)

Landschappen

Veen

Druiplanden Kreekruggen Dijken Verdwenen dijk Linten Stolpboerderij Zichtlijn

Kwaliteitskaart

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 31

Zonering

32 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Gebiedsimpressie

Rustenburgerweg, halfopen bebouwingslint

Korteweg

Oostdijk, kijkend op kassengebied

Kreekrug aangrenzend aan de Oostdijk

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 33

Molenweg en Westfrisiaweg, RES zoekgebied tussen infrastructuur

34 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

5. Nadere afweging locaties 5.1 Zonnevelden

5.3 Gebiedskwaliteiten

In dit hoofdstuk gaan we in op de nadere afweging van geschikte locaties voor zonnevelden. Zonnevelden op landbouwgrond nemen een grote vlucht. Deze opwek van duurzame energie draagt bij aan de energietransitie die nodig is om aan het Klimaatakkoord van Parijs te voldoen. In het kader van de Regionale Energiestrategie (RES) Noord-Holland Noord zijn ook voor de gemeente Heerhugowaard zoeklocaties aangegeven. Zie hiervoor afbeelding op blz.8). In dit rapport vindt een nadere afweging plaats van locaties voor nieuwe zonnevelden. De gemeente hecht veel waarde aan een zorgvuldige afweging. Zonnevelden hebben een duidelijke impact op het landschap. Zo neemt het agrarisch areaal af, wat ook tot versnippering kan leiden. Zonnevelden veranderen het karakter van het landschap van een landelijke naar een meer industriële sfeer en kunnen ten koste gaan van de openheid. Het is daarom van groot belang om zorgvuldig te bepalen waar inpassing van zonnevelden acceptabel is op basis van landschap, natuur, recreatie en cultuurhistorie. Verder hebben we rekening te houden met lopende planologische ontwikkelingen, zoals nieuwe woon- en werklocaties.

De kaart op blz. 40 geeft de gebiedskwaliteiten weer die belangrijk zijn in relatie tot de inpassing van zonnevelden. Hieronder volgt een uitleg en beschrijving van deze kwaliteiten. In bepaalde gevallen betekenen de gebiedskwaliteiten dat zonnevelden worden uitgesloten, in andere gevallen gaat het om ‘rekening houden met’ deze gebiedskwaliteiten.

5.2 Ontwikkeling van het landschap in de tijd De reeks historische kaarten geeft een goed beeld van de veranderingen sinds het jaar 1900. De gemeente Heerhugowaard was toen nog overwegend agrarisch gebied. De van oorsprong rationeel verkavelde droogmakerij Heerhugowaard veranderde minder drastisch van structuur dan sommige omliggende landschappen. Wel komt vanaf de jaren zeventig de verstedelijking op gang. Dit loopt door tot de dag vandaag. De Stad van de Zon in Heerhugowaard is een stedelijke uitbreiding in het kader van het VINEX-beleid. Uiteindelijk groeit het gebied uit tot de stedelijke agglomeratie Heerhugowaard, Alkmaar, en Langedijk (HAL gebied). In de jaren negentig ontwikkelt zich steeds meer glastuinbouw op het grondgebied van de gemeente.

Bijzonder Provinciaal Landschap De Veenhuizerpolder heeft, samen met Oterleek, de status van een Bijzonder Provinciaal Landschap. Het Bijzonder Provinciaal Landschap is het regime voor bescherming en waar mogelijk versterking en ontwikkeling van gebieden in Noord-Holland die landschappelijk, aardkundig, ecologisch of cultuurhistorisch van bijzondere waarde zijn. De Veenhuizerpolder is een zogenaamd druipland. Druiplanden of oudlanden waren buitendijkse stukken land of eilanden die bij de drooglegging binnen de ringdijk van de Waert kwamen te liggen. De Waert, ook wel bekend als Grote Waert of Waardermeer is in 1631 drooggelegd en is nu de droogmakerij Heerhugowaard. De Groenedijk beschermde de polder en het dorp Veenhuizen tegen het water van de Waert. De Veenhuizerpolder werd bemalen door de Veenhuizermolen. Deze molen uit omstreeks 1630 is nog steeds intact en staat op de grens met de Berkmeer. Dit landschap van middeleeuwse oorsprong en onregelmatige veenverkaveling zijn van bijzondere cultuurhistorische waarde. Daarom zijn zonneweiden hier uitgesloten. Nota bene: Oterleek is niet gelegen in de gemeente Heerhugowaard.

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 35

Provinciaal Landschap Veenhuizen

Stad van de Zon

Strand van Luna

Waarderhout met dotterbloemen

Historische kaarten

1900 bron: Topotijdreis

1950 bron: Topotijdreis

1985 bron: Topotijdreis

1995 bron: Topotijdreis

37

Themakaarten

Bodemsoorten

Landschappen

Lichte zavel

Strandwallen

Zware zavel

Strandvlakten

Lichte klei

Droogmakerij

Zware klei

Zeeklei

Fijn zand

Kreekruggen

Veen op zand

Veenvlakten

Bebouwing Water

38 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Natuurnetwerk Nederland NNN gebied

Het Natuurnetwerk verandert met de tijd, gronden worden aangekocht door de provincie ter uitbreiding of compensatie.

Gewassen Kolen Gras

Gewaspercelen liggen niet vast. Deze roteren elk jaar. Deze kaart geeft een beeld van welke gewassen je in het gebied kan verwachten en hun relatieve locatie. Glastuinbouw ligt wel vast.

Aardappelen Granen en mais Bollen en planten Fruit Knollen en wortels Glastuinbouw Overige akkerbouw

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 39

Gebiedskwaliteiten

40 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Druiplanden Ook buiten het Bijzonder Provinciaal Landschap zijn nog druiplanden te vinden. Vaak herkenbaar aan de onregelmatige percelen. De druiplanden zijn een cultuurhistorisch waardevol fenomeen. Als landschappelijke relicten herinneren zij aan de tijd voor drooglegging van de droogmakerij Heerhugowaard. Deze voormalige buitendijkse landen en eilanden zijn te vinden op veel plaatsen langs de dijken en bijvoorbeeld als voormalige eilanden tussen de Middenweg en de Veenhuizerweg. Waar mogelijk moeten de druiplanden herkenbaar blijven in het landschap. Natuur Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is als locatie niet beschikbaar voor zonnevelden. Het gaat om enkele NNN-gebieden in de Heerhugowaard tussen het Kanaal Alkmaar Kolhorn, De N241 en de N242. Het bosgebied ’t Waarderhout valt ook onder de NNN. In het Provinciaal Landschap Veenhuizen is een deel aangewezen als weidevogelgebied. Molen in het Provinciaal Landschap de Veenhuizerpolder

Dijken Dijken zijn karakteristieke landschapselementen in het landschap en belangrijke getuigen van de occupatiegeschiedenis van het Noord-Hollandse landschap. Bovendien zijn het belangrijke recreatieve routes. Ze bieden door de hogere ligging en wisselend perspectief een filmische ervaring van het landschap. Ook de molens zijn gekoppeld aan het dijkenlandschap. De Westfriese Omringdijk is de dijk rond het oude zeekleilandschap van West-Friesland. Een deel van de Westfriese Omringdijk vormt de zuidgrens van de gemeente Heerhugowaard. De Westfriese Omringdijk beschermt de Westfriezen al sinds de 13e eeuw tegen water en verbindt verschillende gemeenten en landschappen, ieder deel met een eigen karakter. De dijk is met zijn 126 km lengte een tastbaar icoon van de Westfriese identiteit. Deze identiteit bouwt voort op de strijd tegen het water, de pioniersmentaliteit van de bevolking, de Westfriese onafhankelijkheid in vroegere tijden en het kenmerkende landschap. De Westfriese Omringdijk rijgt verschillende landschapstypen aan elkaar die het resultaat zijn van verschillende fasen van ontginning, drooglegging en aandijkingen. De dijk zelf is door de eeuwen heen, ondanks de ‘permanente ver-

Koolteelt Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 41

bouwing’ van de dijk en ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving, opvallend goed in zijn oorspronkelijke profiel bewaard gebleven. De Westfriese Omringdijk is beschermd als provinciaal monument. De provincie hanteert een ‘Kwaliteistzone van 200 meter’ rondom (aan weerszijden) van de dijk. Tevens hanteert de provincie een ‘Panoramazone’ waarbij men zoveel mogelijk de ruimtelijke relaties tussen de dijk en het open landschap wil beschermen. Ook andere dijken zijn belangrijk. De dijk rondom Heerhugowaard definieert de droogmakerij. Dan zijn er nog de Groene Dijk (de westelijke rand van BPL Veenhuizen) en de noordelijke dijk van BPL Oterleek. Ook deze dijkzones moeten worden vrijgehouden. Dit betekent dat er in een zone van minimaal 200 meter geen zonnevelden worden toegestaan langs deze dijken. Dit sluit ook aan bij het streven om de druiplanden zoveel mogelijk te respecteren. Openheid In Heerhugowaard heeft de provincie een belangrijke zichtlijn aangegeven tussen de Middenweg en de Veenhuizerweg (Leidraad Landschap en Cultuurhistorie West Friesland). Dit betekent dat hier geen zonnevelden kunnen worden aangelegd die hoger zijn dan 1.50 meter. De linten Heerhugowaard heeft een Lintenvisie ontwikkeld. De lange linten zijn karakteristieke ontginningslijnen in het droogmakerijlandschap. De linten verbinden met herkenbare dwarsprofielen bebouwde kom en landelijk gebied.

In de linten ligt een groot aantal monumentale stolpboerderijen. De linten kennen een beschermingszone van 150 meter een weerszijden. Hierbinnen zijn geen zonnevelden toegestaan.

42 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 43

Bijlage 1 - Het aanvraagproces 1.1 Stappen naar een vergunning Om een omgevingsvergunning te kunnen aanvragen voor de realisatie van een zonneveld dienen de volgende stappen doorlopen te worden in het vergunningstraject: 1. Toets of de panelen vergunningsvrij gebouwd kunnen worden 2. Raadpleeg de eisen in het bestemmingsplan 3. Startgesprek met de gemeente 4. Principeverzoek indienen 5. Aanvraag omgevingsvergunning

regels. Indien een aanvraag wordt gedaan voor zonnepanelen op de grond of water, die voldoen aan het bestemmingsplan, geldt de reguliere procedure op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo). Hiervoor geldt een proceduretijd van 8 weken (eenmalig door de gemeente te verlengen met 6 weken en exclusief de tijd die u nodig heeft om een ontvankelijke aanvraag in te dienen). Meer informatie over het aanvragen van een vergunning kunt u vinden op www.omgevingsloket.nl.

Hieronder staat per stap een verdere toelichting.

Op andere locaties en/of indien het een veld betreft dat alleen bedoeld is voor de opwekking van energie als zelfstandige bedrijfsactiviteit, is vaak een omgevingsvergunning nodig waarvoor de uitgebreide procedure van de Wabo moet worden doorlopen of een wijziging van het bestemmingsplan nodig is. U dient dan rekening te houden met een proceduretijd van minimaal 26 weken.4 Bij een uitgebreide procedure of bestemmingsplanwijziging moet een goede ruimtelijke onderbouwing worden ingediend. Het is echter verstandig om dit al eerder in te dienen ten tijde van de behandeling van uw principeverzoek (in paragraaf 2.6 van dit kader leest u daar meer over). Wij adviseren u deze onderbouwing te laten opstellen door een deskundig bureau.

1.2 Vergunningsvrij Zonnepanelen kunnen vergunningsvrij zijn. Of zonnepanelen vergunningsvrij kunnen worden uitgevoerd, bijvoorbeeld door de panelen op een bestaand dak te plaatsen, kunt u door middel van een vergunningencheck nalezen op www.omgevingsloket.nl. Zonnepanelen die op de grond of in het water worden geplaatst zijn altijd vergunningsplichtig. Soms zijn deze wel direct vergunbaar, dat doet zich alleen voor indien het bestemmingsplan hierin voorziet.

1.3 Bestemmingsplan Omdat voor zonnepanelen die op de grond of water worden geplaatst een vergunning nodig is, is het raadzaam om, voor de indiening van een formele aanvraag omgevingsvergunning, te controleren wat er in het bestemmingsplan staat. Naast regels over het toegestane gebruik bevat het bestemmingsplan namelijk ook bouwregels. Het bestemmingsplan is in te zien via www.ruimtelijkeplannen.nl. Met deze informatie kunt u zien of het zonneveld in het bestemmingsplan past. Meestal zijn zonnevelden op bedrijventerreinen toegestaan indien deze ten dienste staan van het aldaar eveneens gevestigde bedrijf en mits ze voldoen aan de bijbehorende bouw-

44 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

1.4 Startgesprek Als een omgevingsvergunning nodig is in afwijking van het bestemmingsplan of een uitgebreide procedure omgevingsvergunning, dan kunt u een startgesprek aanvragen bij de gemeente.5 Dit gesprek dient om op voorhand de potentie in beeld te brengen en de vergunningsprocedure vlot te laten verlopen. U dient eerst zelf de potentie van het initiatief aan de toetsingscriteria in de afwegingskader te toetsen alvorens met de gemeente in gesprek te gaan. In het start4

5

Na invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2022 zal deze procedure korter duren Met leden van het gebiedsteam of, nadat de omgevingswet in is gegaan, via de Omgevingstafel

gesprek verkent u met de gemeente de potentie van uw initiatief. Hierbij wordt onder andere ingegaan op de te voeren procedure, bepaalde voorwaarden en de op te stellen onderbouwing. Naar aanleiding van dit gesprek kunt u besluiten om, eventueel na aanscherping van het initiatief, over te gaan tot een principeverzoek.

1.5 Principeverzoek Deze beleidsnotitie geeft aan onder welke voorwaarden de gemeente zonnevelden mogelijk wil maken. Als een locatie binnen een zogenaamd zoekgebied van de Regionale Energie Strategie6 ligt wil dat niet meteen zeggen dat zonder meer een omgevingsvergunning verleend kan worden. Het is wel een eerste indicatie. Omdat er rekening moet worden gehouden met veel verschillende factoren is het verstandig eerst een principeverzoek in te dienen dat zo ver als mogelijk is uitgewerkt. De gemeente laat u weten hoe groot de kans is dat een omgevingsvergunning verleend kan worden en welke documenten en onderzoeken nodig zijn om een complete aanvraag in te dienen. Is uw verzoek toegewezen, dan wordt u geadviseerd om de aanvraag omgevingsvergunning of wijziging bestemmingsplan met ruimtelijke onderbouwing aan te leveren. De ruimtelijke onderbouwing kunt u het beste door een stedenbouwkundig bureau of specialist op het gebied van ruimtelijke ordening laten uitvoeren. Zij weten precies wat er in zo’n onderbouwing moet staan, zoals de landschappelijke inpassing en de verwachte impact op natuur, water en bodem. Daarnaast kan een dergelijk bureau onze toetsingscriteria hanteren om de onderbouwing te verstevigen. Deze onderbouwing zal na indiening ook ter beoordeling van de Omgevingsdienst 6

https://energieregionhn.nl/

7

Op de gemeentewebsite vindt u de actuele hoogte van de leges

Noord-Holland Noord (OD NHN) worden voorgelegd. Indien de OD NHN positief adviseert en er zijn geen aanvullende onderzoeken meer vereist, dan kunt u de aanvraag omgevingsvergunning indienen of een voorontwerp bestemmingsplan.

1.6 Omgevingsvergunning aanvragen Voor het in behandeling nemen van een aanvraag omgevingsvergunning (of een verzoek tot het wijzigen van het bestemmingsplan) zijn leges verschuldigd op grond van de Legesverordening van de gemeente.7 U dient omwonenden bij de plannen te betrekken. Dat kunt u doen in overleg met de gemeente. Formeel gaat het alleen om mensen en bedrijven die direct belanghebbenden zijn bij het geplande zonneveld, maar om het draagvlak te vergroten worden er meestal meer omwonenden uitgenodigd om mee te denken. Zo voorkomt u mogelijk problemen met bezwaarprocedures die het proces langer laten duren. U kunt omwonenden in elk stadium van uw plan betrekken, zo kunt u op tijd bijsturen om draagvlak te creëren. Als een aanvraag voor een omgevingsvergunning niet past in het bestemmingsplan dan is een goede ruimtelijke onderbouwing nodig. In het Besluit ruimtelijke ordening is, zoals eerder beschreven, aangegeven wat er in een goede ruimtelijke onderbouwing moet staan. Omdat het per locatie verschilt wat u dient te onderzoeken is hieronder een niet limitatieve lijst met de meest voorkomende onderzoeken weergegeven. Het is ten zeerste aanbevolen om een deskundig bureau in de arm te nemen voor het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing en het uitvoeren van de benodigde onderzoeken.

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 45

Een goede ruimtelijke onderbouwing is vormvrij. De onderstaande onderwerpen moeten in ieder geval benoemd worden: • de resultaten of doelen van het project; • uitkomsten van onderzoek en overleg met betrokken gemeenten, waterschappen en diensten van provincie en Rijk; • uitkomsten van inspraak met burgers en maatschappelijke organisaties; • de uitvoerbaarheid van het project, de financiële haalbaarheid en mogelijke planschade; • de gevolgen voor aanwezige of te verwachten monumenten; • de gevolgen voor o.a. de stedenbouw, natuur, inpassing in het landschap en flora- en fauna; • de gevolgen van het project voor de luchtkwaliteit, externe veiligheid, bodem; • de gevolgen voor de waterhuishouding; • de akoestische gevolgen (geluidhinder) voor zover de Wet geluidhinder of Wet milieubeheer dat vereist. Of al deze onderwerpen daadwerkelijk onderzocht moeten worden hangt af van de plaats, omvang en ingrijpendheid van het project. Als er voor de realisatie van een project een milieueffectrapportage moet worden opgesteld, zal een aantal van bovenstaande aspecten al/ook in dat rapport aan de orde komen. Ook in dit stadium kan het zo zijn dat er niet tot vergunningverlening gekomen kan worden. Uit de gevraagde ruimtelijke onderbouwing met bijbehorende onderzoeken moet ook blijken dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

Daarnaast kunnen er ‘overige’ aspecten zijn, die bijvoorbeeld voortkomen uit ingekomen zienswijzen die het college tot een weigering / geen medewerking doen besluiten. Dit is het risico voor de initiatiefnemer.

46 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Bijlage 2 - Vormgeving van het omgevingsgesprek Bepaal de belanghebbenden

Betrek de gemeente

Informeren

Het gesprek met belanghebbenden

Bedenk voor wie uw plan gevolgen heeft. Dat kunnen allerlei gevolgen zijn. Voorbeelden zijn: • Verandering van uitzicht; • Schaduwwerking; • Toename van geluid, trillingen of licht, of • Toename van verkeer De mensen die gevolgen kunnen ervaren van uw plan noemen we belanghebbenden. Bij één of enkele belanghebbenden, ligt een bezoek aan hen voor de hand. In dat bezoek legt u uit hoe het plan eruit ziet en geeft u gelegenheid om op het plan te reageren. Hebben mensen bezwaren tegen uw plan? Kijk dan of er mogelijkheden zijn om de effecten van het plan te voorkomen, te verzachten of te compenseren. Zijn er meerdere belanghebbenden dan is het allereerst zaak om iedereen te informeren. Dat kan met een brief of, als het om een grote groep gaat, met een publicatie. U maakt bekend wat u in hoofdlijnen van plan bent en nodigt mensen uit voor een gesprek. Stem het moment van dat gesprek af op de genodigden. Voor mensen die werken of studeren kan het bijvoorbeeld prettig zijn om een moment te kiezen aan het eind van de middag of op een avond. Houd ook rekening met de schoolvakanties. Geef in de uitnodiging aan wat mensen kunnen doen als ze niet op de geplande bijeenkomst aanwezig kunnen zijn.

De gemeente wil graag weten hoe het omgevingsgesprek verloopt. Neem daarom vooraf contact op met de gemeente. De medewerker van de gemeente die uw plan begeleidt, zal in de meeste gevallen bij het omgevingsgesprek aanwezig willen zijn. Dit is in de rol van toehoorder. Bij de afweging van een planinitiatief wordt meegewogen of: • belanghebbenden tevreden zijn met het plan of opmerkingen hebben over het plan; • er goed naar belanghebbenden is geluisterd; • de belanghebbenden redelijke vragen of verzoeken hebben ingediend; • of er geprobeerd is met deze verzoeken rekening te houden. Door zijn/haar aanwezigheid krijgt de gemeente hiervan een goed beeld. Leg op de afgesproken tijd het plan uit. Geef de aanwezigen gelegenheid te reageren en mee te denken. Kijk of er mogelijkheden zijn om bezwaren te voorkomen of verzachten. Maak zo nodig een tweede afspraak als het plan aangepast wordt. Licht daarover ook de mensen in die niet op de eerste bijeenkomst konden komen.

Als je het niet eens wordt

Het kan natuurlijk ook zo zijn dat u het niet eens wordt. Vraag in dat geval advies aan de medewerker van de gemeente. Bespreek of deze suggesties heeft waar u zelf nog niet aan heeft gedacht. En vraag zo nodig of uw plan ondanks bedenkingen van uw omgeving kans van slagen heeft.

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 47

Bijlage 3 - Inspiratie voor landschappelijke inpassing

48 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Inspiratie landschappelijke inpassing Stadsrand Heerhugowaard

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 49

Inspiratie landschappelijke inpassing Droogmakerij Heerhugowaard De Noord

50 Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard

Inspiratie landschappelijke inpassing Droogmakerij Heerhugowaard-Zuid

Afwegingskader zonnevelden Heerhugowaard 51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=88eb01f7-56c8-4f51-a1c5-dac49dd58f51