Bijlage 3 Breekland 2 Beeldkwaliteitsplan
Tekst van het document
Beeldkwaliteitsplan Bedrijvenpark Breekland 2 Oudkarspel 4 juni 2025
Inhoud 1. Inleiding
3
2. Beeldkwaliteit
4
3. Uitstraling en kavels
6
4. Architectuurprincipes
14
5. Terreininrichting
24
Bijlage 1. Kavelpaspoorten
32
Bijlage 2. Detaillering
40
Colofon
45
2
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
1. Inleiding Inleiding Dit Beeldkwaliteitsplan is onderdeel van de Gebiedsvisie van het Bedrijvenpark Breekland 2 in Oudkarspel. Het Beeldkwaliteitsplan fungeert als toetsdocument voor bouwplannen en bevat een aantal concrete regels omtrent het bouwen op de kavel en de terreininrichting van de kavel.
Diepsmeerpark Breekland 2
Breekland 1
eerw
km Ker eg
Leeswijzer In hoofdstuk 1 wordt een uitleg gegeven wat Beeldkwaliteit voor Breekland 2 betekend en hoe toetsing van bouwplannen plaats vindt. Hoofdstuk 2 behandeld de indeling van de verschillende typen kavels. In hoofdstuk 3 wordt de positie en massa van de gebouwen op de kavels in de context van het hele bedrijventerrein gezet. De uitstraling en materialisering van het bouwwerk komt aan de orde in hoofdstuk 4. De uitstraling en ordelijke inrichting van het terrein wordt beschreven in hoofdstuk 5. Daarnaast zijn er een tweetal bijlagen opgenomen in dit Beeldkwaliteitsplan. De bijlagen hebben betrekking op: 1) kavelpaspoort en 2) detaillering.
g
swe
man
Hop
g
rwe
mee
s Diep
v
ale inci
Pro
weg
4
N50
Locatie Breekland 1 en 2
Bent u na het doornemen van dit Beeldkwaliteitsplan geïnteresseerd geraakt in een kavel op Breekland 2, neem dan contact op met de accountmanager bedrijven (zie ook www.breekland.nl).
Sweco - januari 2025
3
2. Beeldkwaliteit ke telij Wes
Parkeerplaats grote voertuigen (optioneel)
weg rand
Bestaande grondwal
Fietsverbinding en noodontsluiting Diepsmeerpark Wandelroute
weg
ns pma
Ho
Zichtas naar omgeving
Rijweg met grasbermen en bomen
ie
Lorr
kel
Zoekgebied collectieve functies, waaronder energiehub
Stre
Landschappelijke loper
Zoeklocatie horecavoorziening
uit Sch
eerw
Sloot
and
lm Koo
eg
Diepsmeerweg (fietsroute)
km Ker
Waterpartij
p
cho
ems
z Boe
Bedrijfskavels
nk
ppla
Loo
Groene singel rond bedrijvenpark
Fiets-/wandelverbinding 4
N50
Planoverzicht & concept
4
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
De beeldkwaliteit van een bedrijventerrein begint bij de ruimtelijke structuur van het planconcept en de inrichting van de openbare ruimte. Daar wordt door de gemeente en het parkmanagement voor gezorgd. Het creëren van samenhang tussen de individuele bouwwerken op het bedrijventerrein is de volgende stap om een herkenbare en duurzame kwaliteit voor Breekland 2 tot stand te brengen. Daarom gelden eenduidige regels voor invulling van de kavels, de gebouwen die daar op worden gebouwd en voor de inrichting van de terreinen. Alle onderdelen zijn even belangrijk en bepalen samen de kwaliteit.
Toevoegen duurzaamheid en architectonische kwaliteit Afwijken van het toetsingskader is mogelijk als de plankwaliteit, duurzaamheid, principes voor circulariteit en/of de architectuur naar het oordeel van de commissie van uitzonderlijke kwaliteit zijn en als voorbeeld kunnen dienen. Dergelijk initiatieven worden toegejuicht. Een afwijking moet dan wel goed gemotiveerd worden. In positieve gevallen kan onder begeleiding van de CRK afgeweken worden van de geldende regels. Het voorstel moet aansluiten bij ambities en kenmerken van Breekland 2, goed worden ingepast in de omgeving en van overtuigende en hoogwaardige architectonische kwaliteit zijn.
Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Om de beeldkwaliteit te waarborgen en de ontwikkelende partijen te helpen tot goede plannen te komen, worden de bouw- en inrichtingsplannen op Breekland begeleidt en getoetst door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) van de gemeente Dijk en Waard. Nog voordat een omgevingsvergunning wordt ingediend, kan middels het planteam een planinitiatief worden getoetst in de CRK. Voor Breekland 2 wordt toegewerkt naar een hoog niveau en uitstraling van de vormgeving en detaillering van de bouwwerken en terreinen. Het inschakelen van een (geregistreerde) architect is daarom aan te bevelen om in goede communicatie met de CRK tot het gewenste plan te komen. De plannen die worden voorgelegd en besproken zijn integraal. Dat betekent dat de positionering van het gebouw op de kavel, de architectuur en vormgeving van het gebouw en de inrichting van het terrein van het begin af aan onderdeel van de toetsing zijn. Naast duurzaamheid, materialen en detaillering van het bouwwerk wordt ook gevraagd naar welke soorten planten worden toegepast, welk bestratingsmateriaal er wordt aangebracht, hoe rijbewegingen van vrachtwagens zijn voorzien, en welke duurzaamheids- en klimaatadaptatiemaatregelen er zijn genomen in de terreininrichting. Hiervoor wordt aanbevolen om een tuin- en landschapsarchitect of -ontwerper te betrekken.
Sweco - januari 2025
5
3. Uitstraling en kavels
Voorbeeldverkaveling (indicatief) perceelsgrenzen (indicatief)
6
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
In het document ‘Gebiedsvisie Bedrijvenpark Breekland 2 Oudkarspel’ is het planconcept met inpassing, ruimtelijke structuur en de openbare ruimte van het bedrijvenpark toegelicht. In dit Beeldkwaliteitsplan wordt daarop voortgebouwd aan de hand van de volgende principes:
‘In een heldere groene landschappelijke structuur staan aantrekkelijke en uitnodigende bedrijfsgebouwen met zichtbare functies’ ‘Samenhangende, functionele en helder vormgegeven bedrijfsgebouwen met transparante en uitnodigende gevelpartijen zorgen voor een warm welkom en ‘een kijk achter de schermen’’ ‘Aantrekkelijke, groene en natuurinclusieve terreinen benadrukken de ligging van het bedrijvenpark in het landschap’
Uitstraling van het bedrijvenpark Breekland 2 wordt gezien als onderdeel van het productielandschap van de gemeente Dijk en Waard en bouwt voort op het bestaande bedrijventerrein Breekland. Het is goed ingepast in het omliggende agrarische land met heldere lijnen en een efficiënte indeling die past bij het ruilverkavelingslandschap. Breekland 2 vormt binnen dit landschap samen met het Diepsmeerpark en het bestaande bedrijventerrein een specifieke eenheid. Deze eenheid wordt naast de inpassing en ruimtelijke structuur gecreëerd door een samenhangen tussen de bedrijfsgebouwen. De overgang van het agrarische landschap en het bedrijventerrein wordt gevormd door een robuuste groene erfafscheiding in combinatie met vaste rooilijnen. Dit zorgt voor lange, heldere lijnen die passen bij de maat van het ruilverkavelingslandschap. Vanaf de N504 is het zicht op Breekland 2 transparant, je kunt zien wat voor terrein het is en wat er gebeurt, net als op de omliggende akkerlanden. Binnen het bedrijvenpark worden ook rechte rooilijnen gecreëerd en worden kavels ingepast binnen hagen.
Door eenheid in hoofdvorm en kleurtoepassingen van de bedrijfsgebouwen wordt de samenhang op Breekland verder versterkt. De basiskenmerken daarvoor zijn een: duidelijk vorm van een ‘doos’ (grijstinten) met daarin een verbijzondering, een strakke moderne vormgeving met heldere keuzes voor de gevelopeningen die ook in detaillering worden doorgezet (Breekland, stand van zaken, 2018)*. Elk bedrijf op Breekland 2 zorgt ervoor dat door de opbouw van het volume en/of door gevelopeningen er een transparante uitstraling ontstaat, zodat wat er binnen gebeurt subtiel vertaald wordt naar de buitenzijde. Zorgvuldig vormgegeven installaties dragen bij de leesbaarheid van het bedrijf én aan de duurzame uitstraling van het bedrijventerrein als geheel. Daarnaast kenmerkt elk bedrijf zich net als het hele bedrijvenpark door groen en draagt zo bij aan de biodiversiteit en natuurinclusiviteit van het geheel.
* in dit beeldkwaliteitsplan zijn een aantal referentiebeelden opgenomen van bouwwerken op het bestaande Breekland. Deze worden gezien als realistische bron voor inspiratie voor gebouwen op Breekland 2.
Sweco - januari 2025
7
Kavels Bouwvlak bedrijven Het bouwvlak wordt bepaald door de minimale afstand van het gebouw tot de erfgrens. Het bouwvlak wordt gedefinieerd door een calamiteitenzone en/of een parkeerzone. Voor alle kavels geldt in hoofdlijnen dezelfde regels, zoals hieronder beschreven. Per kaveltypen worden de geldende regels en afwijkingen beschreven in de bijlage ‘‘kavelpaspoorten’’. Calamiteitenzone tussen bedrijven: een afstand van minimaal 2,5 m ingesteld tussen het bouwvlak en de erfgrens van onderlinge kavels, zodat de hulpdiensten voldoende toegang hebben. Deze zone dient vrij te worden gehouden van bebouwing en/of opstallen. Tussen gebouwen ontstaat zo een minimale afstand van 5 meter.
Bebouwingspercentage bedrijven Bedrijventerrein: Voor alle kavels geldt hetzelfde minimum bebouwingspercentage; minimaal 50% van het kaveloppervlak moet worden bebouwd. De ruimtelijke voorwaarde daarbij zijn: • gebouw en terrein zijn op elkaar afgestemd; • de terreininrichting is aangenaam en geordend; • parkeren en logistiek zijn opgelost op eigen terrein; • opslag en losse elementen zijn in het gebouw opgenomen of achter de uiterste gevellijn geplaatst; • er is ruimte voor groen(e gevels).
Parkeren: een zone van 12 m tussen het bouwvlak (de rooilijn) en de rijweg van de kavel waarin geparkeerd kan worden en de toegang voor laden en lossen wordt verzorgd. De zone bestaat uit een haag (1m) een parkeerplaats (5m) en vrij ruimte om in te parkeren (6m) Groen: op de kavelgrens aan de rijweg dient een haag te worden geplant. Deze haag zorgt voor een groene uitstraling van het bedrijventerrein en houdt geparkeerde auto’s gedeeltelijk uit het zicht. Voor de verschillende kaveltypen gelden aanvullende regels voor groen aan de randen. Dit komt terug bij de kavelpaspoorten. Zone voor opslag en losstaande installaties: opslag vindt plaats binnen het volume van het gebouw, doch in ieder geval in de zone achter de uiterste gevellijn (binnen het bouwvlak) als dit niet binnen het gebouw kan worden opgelost.
bebouwingspercentage minimaal 50%
Calamiteitenzone
8
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Bebouwingspercentage
Afwijkingsbevoegdheid Er bestaat de mogelijkheid om, onder voorwaarden, voor de naar de rijweg gekeerde gevels extra bebouwing te realiseren buiten het aangegeven bouwvlak over minimaal 30% en maximaal 60% van de gevellengte en een maximale diepte van 6 m. De extra uitbreiding dient bij te dragen aan één of meer van de volgende aspecten: • het creëren van groen aan de rijweg • het versterken van de transparantie en dieptewerking in de gevel; • het accentueren van de (gebouw) entree; • het benadrukken van locatie specifieke eigenschappen.
Afwijkingsbevoegdheid
Afwijkingsbevoegdheid gecombineerd met groen
Sweco - januari 2025
9
Kaveltypes Middenkavels
Zichtkavels
Zoeklocatie horecavoorziening
Parkkavels
Zone voor bedrijven, collectieve voorzieningen / dubbelbestemming
Perceelsgrenzen (indicatief)
Diepsmeerwegkavels
10
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Massa Gebouwen staan vrij op de kavel met één hoofdmassa per perceel; entreepartijen en kantoorgedeelten zijn vormgegeven als accenten binnen deze volume. Er wordt naar een zo eenduidig mogelijke massa op het bouwvlak toegewerkt. Dat betekent dat installaties, fietsenstalling, opslag etc., zo veel als mogelijk binnen het volume van het gebouw worden mee-ontworpen. Kaveltypes en positionering Binnen de verkaveling kan een onderscheid gemaakt worden naar verschillende kaveltypes, al naar gelang hun specifieke locatie op Breekland 2. De gebouwen zijn met de voorgevel gericht op de belangrijkste weg of openbare ruimte. Voor alle kaveltypes gelden dezelfde basisregels voor architectuur (zie hoofdstuk 4) met eigen nuances (zie bijlage 1 ‘Kavelpaspoort’). Het gebouw, de positie van het gebouw op de kavel, en de inrichting van de kavel zijn in balans en integraal ontworpen. Groen is meeontworpen en is onderdeel van het geheel. Gebouwen op hoekkavels hebben een gevel die zich op beide rijwegen richt. Zichtkavels (N504) De zichtkavels liggen langs de provinciale weg N504 en een rijweg. De representatieve zijde van deze kavels is georiënteerd op de provinciale weg. Inzet: beeldbepalend voor uitstraling van Breekland richting de N504. Hier presenteert Breekland de bedrijvigheid aan de omgeving.
Er wordt een heldere, rustige en rechte gebouwenrand met gevelopeningen gecreëerd op een vaste rooilijn.
Diepsmeerwegkavels De Diepsmeerwegkavels zijn meer kleinschalige kavels (vergelijkbaar met agrarische erven van het ruilverkavelingslandschap) die aan de Diepsmeerweg én aan een rijweg grenzen. Er geldt een lengtebreedte verhouding; de kavels zijn nooit breder dan dat ze diep zijn. De representatieve zijde van deze kavels ligt in ieder geval aan de Diepsmeerweg. Op de Diepsmeerkavels kunnen naast bedrijven ook collectieve voorzieningen of dubbelbestemmingen worden ontwikkeld. Inzet: beeldbepalend voor uitstraling en continuïteit van de Diepsmeerweg. Warme en open representatie langs deze weg met accenten in de gevel. Middenkavels De middenkavels bieden ruimte aan meer grootschalige bedrijven. De kavels grenzen aan de openbare ruimte, de rijweg of landschappelijke loper. Inzet: een representatieve gevel met groen/bomen aan de rijweg om de groene uitstraling van het bedrijvenpark kracht bij te zetten en voor een prettige ruimtelijke geleding van de rijwegen. Parkkavels De parkkavels liggen met een zijde naar de rijweg en met de achterzijde naar het park. Op de randen naar het park wordt een aangenaam groenbeeld gecreëerd. Inzet: een representatieve groene gevel met groen/bomen aan de rijweg als overgang naar het park.
In bijlage 1 ‘Kavelpaspoort’ zijn de regels voor de verschillende kaveltypes verder uitgewerkt.
Sweco - januari 2025
11
Bouwhoogte maximaal 10 meter
perceelsgrenzen (indicatief)
maximaal 12,5 meter Eventuele afwijking hoogte nader te bepalen
12
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Bouwhoogte De bedrijfsgebouwen passen bij de schaal van het landschap. De bouwhoogte is afgestemd op de groeihoogte van de bomen rond het bedrijvenpark. Incidenteel zijn afwijkingen toegestaan centraal binnen Breekland 2. De afwijkingen in hoogte moeten passen binnen het ruimtelijk concept en architectuur van Breekland. De maximale bouwhoogte is begrensd. De bouwhoogtes die zijn vastgelegd op Breekland 1 bepalen de maximale bouwhoogte op Breekland 2. Langs de Diepsmeerweg, het Diepsmeerpark en de Hopmansweg bedraagt deze maximaal 10 meter en voor de zichtkavels en middenkavels geldt een maximale bouwhoogte van 12,50 meter.
Sweco - januari 2025
13
4. Architectuurprincipes De functie en het functioneren van het bedrijf wordt duidelijk in de vormgeving van het volume van het gebouw en in het realiseren van uitnodigende gevels die toegankelijkheid uitstralen, én transparant zijn over de activiteiten die er plaatsvinden. Gebouwen zijn ingetogen door een heldere vormgeving en samenhangende kleur- en materiaalgebruik. Het gebouw reageert op het omliggende groen en zoekt daarmee een interactie, ook op eigen terrein. Circulair en duurzaam bouwen wordt aangemoedigd. Uitstraling en volume In de gebouwvorm wordt gestreefd naar samenhang. Aan de basis van alle gebouwen staat een helder volume en eenduidige hoofdvorm. Dat sluit aan bij de functionaliteit en het karakter van de loodsen die veelal worden aangetroffen op bedrijventerreinen, zoals het al ontwikkelde deel van Breekland. De hoofdvorm is hoekig en functioneel, heeft een heldere doorlopende daklijn en één dominante kleur. Het gebouw bestaat uit heldere eenduidige vlakken en zorgvuldig ingedeelde en afgewerkte wanden met een hoogwaardige uitstraling. De gebouwen krijgen toegankelijkheid, transparantie en differentiatie door het volume vervolgens te bewerken en reliëf en diepte aan het gebouw toe te voegen. Deze zijn ondergeschikt en ondersteunend aan de hoofdvorm zodat het volume heldere samenhang behoud.
Zijgevels worden mee-ontworpen; details als ramen, kozijnen, deuren, laad-en los-deuren, etc. zijn ritmisch aangebracht of opgevangen binnen een samenhangend versprongen vlak in de gevel of overhoeks doorgezette gevelopening (zie bijlage 2 detaillering). De toegankelijkheid van gebouwen wordt versterkt door met groen en bomen aan te sluiten op de openbare ruimte. De gebouwvoet staat ‘in het bedrijvenpark’. Groen en bomen worden actief ingezet om het gevelbeeld te verrijken en te verlevendigen en de entree te accentueren.
14
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Eenduidige hoofdvorm is de basis van ieder gebouw
Geleding en gevelopeningen
Gebouwvoet sluit aan op de openbare ruimte
Sweco - januari 2025
15
Geleding en gevelopeningen Gebouwen krijgen structuur, oriëntatie en accenten door het toepassen van uitsparingen in een volume, een duidelijke teruglegging van het gevelvlak en helder uitspringende gebouwdelen aan het volume toe te voegen. De daklijn van het bouwwerk moet daarbij doorlopen om het volume helder te houden. De uitsparingen worden ingevuld met eenduidige vlakken, helder van samenstelling zowel in materiaal en kleur als in detaillering. In de bijlage detaillering wordt nader ingegaan op het creëren van eenduidige vlakken. Het gebouw reageert op zijn omgeving door bijvoorbeeld het uitlichten van de entree, de hoek of de gevel. Ter ondersteuning van de toegankelijkheid, sociale veiligheid en de ruimtelijke beleving hebben de gevels van de gebouwen openingen aan de zijdes grenzend aan de openbare ruimte. Deze openingen bevinden zich op ooghoogte en beslaan minimaal 40% van de lengte van de gevel.
Uitsparing
Door de tweezijdige ligging aan de openbare ruimte hebben hoekkavels twee representatieve zijden. Een accent op de hoek zorgt voor een gebouwvolume dat vanuit de 2 randen te ervaren is. De afwijkingsbevoegdheid (zie H3) kan gebruikt worden om interactie te creëren tussen de voorgevel en de omgeving/openbare ruimte door deze buiten het bouwvlak te plaatsen. Teruglegging gevelvlak
Uitspringend gebouwdeel (gebruik makend van de afwijkingsbevoegdheid)
Principes voor geleding en gevelopeningen
16
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Uitsparing
Teruglegging gevelvlak
Uitspringend gebouwdeel (gebruik makend van de afwijkingsbevoegdheid)
Principes voor geleding en gevelopeningen van hoekkavels
Gebouwen kunnen reageren op de omgeving met een accent en openingen
Sweco - januari 2025
17
Grote bouwwerken Van bouwwerken met een gevel langer dan 60 meter wordt het volume nader geleed. Geleding vindt op eenduidige manier plaats, passend bij de gevelopeningen aan de openbare ruimte. Een eenduidige hoofdvorm blijft daarbij uitgangspunt. Waar hoogteverschillen ontstaan wordt de overgang met heldere lijnvoering opgevangen. De detaillering van de geleding is uitgevoerd met materiaal en kleur van het hoofdvolume of gevelopeningen. Bij grote bouwwerken sluit over een lengte van 60% van de gevel met groen en bomen aan op de openbare ruimte. Dit wordt actief ingezet om het gevelbeeld te verrijken en te verlevendigen. Dit kan gecombineerd worden met de toepassing van de afwijkingsbevoegdheid. Uitsparing
Voorbeeldgeleding bij grote bouwwerken
18
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Teruglegging gevelvlak
Uitspringend gebouwdeel (gebruik makend van de afwijkingsbevoegdheid)
Sweco - januari 2025
19
Kleur, materiaal en groen Het hoofdvolume van een gebouw heeft één kleur. De kleur van het gebouw bevindt zich in de range van lichtere tinten om opwarming van gebouw en omgeving tijdens warme perioden te reduceren. Gebruik plaatmateriaal: metaalkleur, lichtgrijs, grijs. Per kaveltype kan er onderscheid zijn in dit palet (zie kavelpaspoorten). Er dient te worden gezocht naar een afwisseling tussen de kleur en materialisatie van naastliggende gebouwen, zodat een prettige menging van kleurtonen op het terrein ontstaat. Onder voorwaarden is het mogelijk om het basisvolume van één natuurlijk onbewerkt materiaal (zoals hout, glas of cortenstaal) te voorzien.
Uitsparing
De vlakken die ontstaan door geleding, gevelopeningen in het hoofdvolume en andere details, krijgen een andere kleur of materialisatie met onbewerkte natuurlijke materialen zoals hout, cortenstaal, beton, glas en eventueel baksteen (gemêleerd lichtbruin). • De uitvoering moet tot heldere eenduidige vlakken leiden. • Uitsparingen lenen zich ook goed voor het toepassen van glas. Glas, op deze wijze toegepast, is transparant en helder van toon, geen getint glas of spiegelglas. Vlakken kunnen ook ingevuld worden met levend groen. Groene daken en gevels dragen, naast de uitstraling als bedrijven’park’, bij aan klimaatadaptatie, temperatuurregulering en biodiversiteit. Toepassing van groen aan gevels wordt nader toegelicht in bijlage 2 ’Detaillering’.
Teruglegging gevelvlak
Uitspringing
Kleurgebruik hoofdvolume range grijs (bij benadering): ral: 7040-7047)
20
Principes voor kleur, materiaal en groen; vlakken die door geleding ontstaan krijgen een kleur
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Onbewerkte materialen en groen geven kleur aan een gebouw bij uitsparingen en geleding
Sweco - januari 2025
21
Detaillering Aandacht gaat uit naar de uitwerking van detaillering van de aansluiting van het gebouw op het maaiveld, aansluitingen van gevelhoeken van het gebouw, gevelopeningen, de entree van het gebouw, en bij materiaalovergangen. In bijlage 2 ‘Detaillering’ wordt daarnaast dieper ingegaan op draaiende delen en kozijnen, buitenzonwering, groene gevels en regenwater. Installaties Technische installaties zoals zonnepanelen, koeling, waterreservoirs, trafo’s en warmtebuffers worden mee-ontworpen in de volumeopbouw van het gebouw. Installaties op het dak worden achter een verhoogde rand ingepast door het doortrekken van de gevel, waarmee bedrading, constructie en stellages uit het oog worden ontnomen en er een rustig beeld ontstaat. Technische installaties zoals een energiehub of grootschalige batterijsystemen, krijgen een functionele en onopvallende uitstraling (grijs/metaal/zwart/wit). Als deze installaties uit meerdere vormen, verbindingen en volumes zijn samengesteld, worden deze ingepast binnen een eenduidig vormgegeven transparant scherm met technische uitstraling (geperforeerd metaal, strekmetaal, en dergelijke) of een duurzame uitstraling zoals bijvoorbeeld hout. Regels voor terreininrichting (H6) gelden ook op kavels met technische installaties.
Inpassing installaties
22
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Reclame Reclame dient te voldoen aan de eisen die de gemeente stelt in de Nota ruimtelijke kwaliteit Dijk en Waard. Op Breekland gelden er aanvullende eisen om de beeldkwaliteit te bewaken. • Er is maximaal één reclame-uiting toegestaan op het gebouw. Ze zijn altijd ondergeschikt aan het gebouw en zijn in verhouding met de detaillering van het gebouw. Relateer reclame bij voorkeur aan de hoofdentree van het pand, behalve bij zichtlocaties. Hier mag reclame ook gericht zijn op de N504 of de Diepsmeerweg. • Reclame bestaat uit losse letters gemonteerd op de gevel. De lettergrootte relateert aan de bouwhoogte van het gebouw en bedraagt niet meer dan 10% ervan. Reclame-uitingen zijn van binnenuit verlicht.
Reclame op de gevel
Sweco - januari 2025
23
5. Terreininrichting
Perceelsafscheidingen Singel Landschappelijke beplanting Hagen
24
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
De terreininrichting dient integraal te worden mee-ontworpen bij de vormgeving van het gebouw en inrichting van een kavel. Opslag, stalling en andere losse elementen vindt plaats binnen het volume of achter de uiterste gevellijn. Dit zorgt voor een netjes en verzorgd beeld aan de zijde van de openbare ruimte. Door groenstructuren te verbinden aan bijvoorbeeld gevelopeningen ontstaat een samenspel tussen gebouw en omgeving. Groen Ten behoeve van de biodiversiteit, duurzaamheid, verkoeling en het vasthouden van regenwater wordt het eigen terrein zo groen mogelijk ingericht. Waar geen noodzaak is voor verharding wordt voor een groen alternatief gekozen zoals bomen, bloem- en kruidenrijk gras, heesters, vaste planten of een combinatie daarvan. Het toepassen van bomen heeft de voorkeur omdat hiermee naar verhouding veel klimaateffect wordt verkregen door schaduwwerking op gevels en verharding en de toepassing als zonwering. Bij de toepassing van planten en bomen wordt gelet op de landschappelijke waarde en de waarde voor de biodiversiteit. Bomen zijn inheems en gebiedseigen en dragen bij voorkeur bloesem en vrucht (bijvoorbeeld meidoorn, lijsterbes, sierappel). Planten zijn bij voorkeur meerjarig en worden in een rijk geschakeerde en gevarieerde samenstelling (bloei, kleur, etc.) aangeplant. Voor de toepassing van soorten wordt verwezen naar bijlage 1 van de Gebiedsvisie.
Samenspel tussen gebouw en omgeving; verbinding gevels aan groen in de openbare ruimte.
Landschappelijke beplanting op de kavels
Sweco - januari 2025
25
Groene perceelafscheiding Alle percelen in Breekland 2 krijgen een singel, haag of lage heesters als begrenzing van het perceel aan de openbare weg. Dit draagt bij aan het groene karakter van het bedrijventerrein en verhoogd de representativiteit. Daarnaast dienen zij als afbakening van de openbare ruimte. Een voordeel is ook dat de haag of heesters het zicht ontneemt aan de auto’s, zodat deze het beeld niet domineren. Beheeraspecten van het groen worden nader bepaald met het parkmanagement. Singels
• •
•
•
Singels zijn verplicht voor de bedrijven de grenzen aan de Hopmansweg. De singels sluiten wat betreft sortiment aan bij huidige singels langs het bedrijvenpark. Langs de waterpartij aan de N504 wordt een natuurlijke oever gerealiseerd met een landschappelijke beplanting met een open structuur van losse bomen en heesters die passen bij een natte omgeving. Hagen zijn verplicht voor bedrijven aan de rijwegen van Breekland. Ze bevinden zich op de grens van het eigen perceel als onderdeel van de 12 meter zone voor het gebouw. De hagen zullen worden geplant en onderhouden vanuit het parkmanagement. De hoogte en de breedte van de haag bedragen 1 meter, het sortiment bestaat uit soorten, zoals veldesdoorn, liguster of meidoorn. Waar bij het toepassen van de afwijkingsbevoegdheid groen wordt doorgetrokken tot aan de gevel, worden hagen (met hekwerken) naar binnen getrokken, haaks op de gevel.
Voor de toepassing van soorten wordt verwezen naar bijlage 1 van de Gebiedsvisie.
Landschappelijke beplanting
Haag
Haag bij toepassen afwijkingsbevoegdheid
Principes voor groene perceelsafscheidingen
26
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Hekwerken Bedrijven plaatsen geen hekwerk als erfafscheiding, om te voorkomen dat deze de uitstraling van Breekland 2 domineren. Indien een erfafscheiding noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering dan staat deze op de gevellijn. Erfafscheidingen op de gevellijn zijn nauw afgestemd op de architectuur van het gebouw en sluiten aan bij het met kleur- en materiaalgebruik daarvan. Als een erfafscheiding op de gevellijn aantoonbaar niet voor de veiligheid voldoet wordt deze direct achter de haag, landschappelijke beplanting of singel geplaatst. Erfafscheidingen direct achter de haag, landschappelijke beplanting of singel zijn spijlenhekwerken en dienen ten minste over de eerste 12 meter van de zijdelingse erfgrens doorgetrokken te worden. Het spijlenhekwerk is laag met een maximale hoogte van 2,00 meter, het materiaal is staal en de kleur is antraciet.
Erfafscheiding op de gevellijn
Als gebruik wordt gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid ten aanzien van het bouwvolume, dan heeft een laag spijlenhekwerk van 1 meter hoog de voorkeur, in gelijke uitvoering als het hoge spijlenhekwerk. Erfafscheidingen op minder prominente plekken, zoals de zijkanten en tussen bedrijven (12 meter vanaf de erfgrens aan de voorzijde) moeten worden uitgevoerd als gaashekwerk. De maximale hoogte bedraagt 2,00 meter, het materiaal staal en de kleur is antraciet.
Erfafscheiding direct achter haag
Erafscheiding op de gevellijn mee-ontworpen met architectuur van het gebouw
Spijlenhekwerk
Principes voor hekwerken
Sweco - januari 2025
27
Opslag, stalling, installaties en andere losse elementen De opslag van goederen, het stallen van fietsen, oplaadpunten voor electische fietsen, rookplekken, het plaatsen van installaties, batterijen, etc., vindt plaats binnen het volume van het gebouw en uit het zicht. Als dit niet mogelijk is wordt dit opgelost achter de uiterste gevellijn (binnen het bouwvlak): • Niet binnen een afstand van 12 meter tot de erfgrens naast een rijweg. • Niet binnen een afstand van 5 meter tot de erfgrens van een buurerf. • Bij zichtlocaties niet tussen het gebouw en de perceelsgrens • Eenduidig vormgegeven en achter een transparant scherm: geperforeerd metaal, strekmetaal, hout of een andere daar op lijkende toepassing, ingepast, overeenkomstig de detaillering en materiaaltoepassing van het gebouw, een groen, begroeid scherm, een transparant bomenscherm. • Uit het beeld genomen achter een schijngevel of erfscheiding, mits deze op de gevellijn staat en afgestemd is op de architectuur van het gebouw en aansluit bij het kleur- en materiaalgebruik daarvan.
Opslag binnen het volume
Opslag achter een schijngevel of erfafscheiding
Voor trafohuisjes geldt een uitzondering, omdat deze vrijwel altijd op de erfgrens aangebracht worden. • Trafohuisjes worden voor de bereikbaarheid achter de haag en naast de inrit geplaatst en ingepast binnen een haag, aansluitend op de soort haag op de perceelsgrens. Voor trafo’s voor openbaar gebruik is het ook de ambitie deze in te passen binnen een haag of ander opgaand groen. • Trafo’s hebben een functionele en onopvallende uitstraling (zie beleid trafohuisjes gemeente Dijk en Waard)
Trafohuisje achter de haag en naast de inrit
Principes voor opslag, stalling, installaties en andere losse elementen
28
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Parkeren Een kavel kan voor een groot deel bebouwd worden (minimumpercentage 50%). Dit geeft de mogelijkheid intensief en effectief met grond en middelen op te gaan. Parkeren is onderdeel van het ruimtegebruik en kan bijvoorbeeld plaatsvinden: • op maaiveld onder het gebouw; • op het gebouw; • en (half) verdiept onder het gebouw. Als geparkeerd wordt op maaiveld is ruimte op de hele kavel, met uitzondering van de calamiteitenzone. Parkeerplaatsen in de parkeerzone aan de voorzijde van de kavel staan haaks op het gebouw en direct achter een haag. Er dient rekening te worden gehouden met een afstand van 2,5 meter tot de zijdelingse perceelgrens in verband de ontsluiting in het geval van calamiteiten.
Op maaiveld onder het gebouw
In aantallen dient parkeren te voldoen aan de normeringen zoals opgenomen in het gemeentelijk parkeerbeleid. Op het gebouw
Verdiept onder het gebouw
Op maaiveld
Principes voor parkeren
Sweco - januari 2025
29
Erfverharding Verharding van de percelen is samenhangend in materiaal- en kleurgebruik met de rest van Breekland. De verharding is duurzaam en waar mogelijk waterdoorlatend. Kavels worden doelmatig verhard (niet overdadig); waar geen noodzaak is voor verharding wordt voor een groen alternatief gekozen.
Betonstraatstenen
Grasbetontegels
T3-stenen
open verharding voor parkeerplaatsen
Erfverharding op de bedrijfspercelen dient te worden aangelegd in betonstraatstenen, T3-stenen of Streetprint asfalt. Kleur: grijs, kleurecht. Betonstraatstenen en T3-stenen die worden aangeduid met kleurecht zijn voorzien van een slijtlaag van gebroken natuursteen en zijn daardoor blijvend mooi. De parkeerplaatsen dragen bij aan het groene aanzien van het bedrijventerrein. Daarnaast biedt het kans om zoveel mogelijk hemelwater te infiltreren in de bodem, eventueel met een waterbergend cunet. Het uitgangspunt is daarom dat parkeren gebeurd met open verharding met groen of grind dat aansluit bij de kleurstelling van de erfverharding. Bij hoge uitzondering kunnen parkeerplaatsen verhard worden met betonstraatstenen. Deze moeten in een afwijkende (donkerdere) kleur worden aangelegd, antraciet en kleurecht.
30
Streetprint asfalt Erfverharding op Breekland
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Inritten en laden & lossen Alle kavels worden voor de auto en vrachtwagen ontsloten vanaf de ontsluitingswegen. Ten behoeve hiervan wordt ter plaatse van de grasbermen in het openbaar gebied een oprit aangelegd tussen de feitelijke erftoegang en de rijbaan. Per perceel wordt één inrit toegestaan. Een 2e inrit, is slechts bespreekbaar indien sprake is van een groot perceel en het verder noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering en/of gebouwinrichting. Inritten liggen zodanig ver uit elkaar dat er tussen twee inritten van hetzelfde perceel aan de ontsluitingsweg twee bomen geplaatst kunnen worden. De afstand tussen de inritten van aan elkaar grenzende percelen is zodanig dat er ruimte is voor ten minste één boom. Een inrit heeft een maximale breedte van 6 meter ter plaatse van de erfgrens welke evenwijdig is aan de openbare weg. Een bredere inrit, met een maximum van 10 meter, is toegestaan wanneer dit noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering. Voetgangersentrees met een breedte van maximaal 1,5 meter zijn ook toegestaan. Deze worden ontsloten vanaf het voetpad.
rijweg Principe inritten, laden en lossen
Parkeren en logistiek is opgelost op eigen terrein. Vervoersbewegingen (draaien en keren) en parkeren dienen op eigen terrein plaats te vinden. Aandacht moet uitgaan naar de afstemming van het ontwerp van het gebouw en de bereikbaarheid met (verschillende typen) vrachtwagens om ongewenst gebruik van de wegen en inritten te voorkomen. Met name bij het positioneren van loadingdocks en specifiek de verdiepte ligging daarvan. Een hellingbaan voor laden en lossen wordt niet direct aan de openbare ruimte gelegd, zodat bij het manoeuvreren niet de gehele zijstraat belast wordt. Dit betekent dat de hellingbaan veelal achter de parkeerzone moet wordt geplaatst. Bij het voorleggen van het inrichtingsplan moet met standaard rijcurves aangetoond worden dat de hellingbaan op de juiste positie ligt en de zijstraat niet onnodig wordt belast.
Vervoersbewegingen op eigen terrein
Sweco - januari 2025
31
Bijlage 1. Kavelpaspoorten Middenkavels
De middenkavels zijn meer grootschalige kavels die aan de openbare ruimte, de rijweg en landschappelijke loper, grenzen. De oriëntatie van de gebouwen is gericht op de rijweg. Deze gevel dient representatief te zijn. De gebouwentree bevindt zich idealiter in de gevel aan de rijweg. Het is van belang om samenhang te creëren tussen het gebouw en de terreininrichting. Om tot een zekere detaillering te komen langs de rijwegen wordt de architect uitgedaagd om in deze gevel voldoende gevelopeningen te maken. Dit kan bij gebouwentree’s en kantoordelen. Daarnaast kan de afwijkingsmogelijkheid worden gebruikt om geveldelen en entreepartijen 6 meter buiten de rooilijn te bouwen. Tussen de erfgrens en de gevel wordt daarbij groen aangebracht, aansluitend op het openbaar groen. Dit zet de groene uitstraling van het bedrijvenpark kracht bij en zorgt voor een prettige ruimtelijke geleding van de rijwegen.
Regels bouwvlak (afstand tot erfgrens): Achter-/zijkanten aansluiting andere kavels: 2,50 m calamiteitenzone Voorkant: 12,0 m parkeerzone
Regels Representatieve zijden: rijweg, fiets- en wandelpaden
Extra aandacht: • Samenhangende inrichting tussen gebouw en terrein, en een groene terreininrichting. • Groen wordt als middel ingezet voor de (aangename) representatie aan de openbare ruimte. • Evenwijdig aan de landschappelijke loper vindt groen aansluiting bij de natuurlijke uitstraling van daarvan. • Een haag in ieder geval aan de voorzijde van het terrein, op de overgang van privé naar openbaar. • Gebouwen gelegen op een hoekkavel hebben een representatieve gevel aan beide van de zichtbare zijden aan de openbare ruimte. • De gevelopening aan de openbare ruimte beslaat minimaal 40% van het geveloppervlak. • Er kan gebruik gemaakt worden van de afwijkingsbevoegdheid; maximaal 6 meter buiten de rooilijn van 12 meter over een gevellengte van minimaal 30% en maximaal 60%.
32
Regels positie ontsluiting, opslag, fietsenstalling, installaties en andere mogelijke kleinere gebouwde elementen: • De ontsluiting voor auto’s, fietsers en voetgangers vindt plaats vanaf de rijweg. • Parkeren en logistieke bewegingen vinden plaats op eigen terrein. • Opslag, installaties, stalling, etcetera worden binnen het bouwvolume opgelost, doch in ieder geval in de zone achter de uiterste gevellijn (binnen het bouwvlak) of achter het gebouw als dit niet binnen het gebouw kan worden opgelost. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte met een eenduidig vormgegeven (begroeid) scherm, afgestemd op de architectuur van het gebouw en op of achter de rooilijn. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte bij grotere bouwwerken en grotere kavels wordt dit gedaan (in combinatie) met een transparant bomenscherm op de rooilijn.
Regels bebouwingspercentage en hoogte: Percentage: min. 50% bebouwd Maximale bouwhoogte: 12,50 meter.
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Schematische weergave bouwregels voor de middenkavels
Sweco - januari 2025
33
Zichtkavels (N504)
De zichtkavels liggen langs de provinciale weg N504 en een rijweg. Aan beide zijden zorgen accenten in de gevels dat het bedrijf gepresenteerd wordt aan de omgeving. Om tot een zekere detaillering te komen, wordt de architect uitgedaagd om in beide gevels voldoende gevelopeningen te maken en de gevel plasticiteit te geven. De representatieve zijde van deze kavels is georiënteerd op de provinciale weg N504. Hier presenteert Breekland de bedrijvigheid aan de omgeving. Er wordt een rechte gebouwenrand met gevelopeningen gecreëerd op een vaste rooilijn. Het grootste deel van de rooilijn is bebouwd zodat een brede gevellijn ontstaat. Aan deze zijde geldt geen afwijkingsbevoegdheid om een heldere gevellijn te ontwikkelen. Zorg gaat uit naar een rustig beeld langs de N504 door losse elementen en opslag tussen de bebouwing en de N504 niet toe te staan. Binnen het bedrijvenpark aan de rijweg is het wel mogelijk om het terrein te optimaliseren via de afwijkingsbevoegdheid en het aangezicht en aansluiting op het groenbeeld te versterken. Tussen de erfgrens en de gevel wordt daarbij groen aangebracht, aansluitend op het openbaar groen. Dit zet de groene uitstraling van het bedrijvenpark kracht bij en zorgt voor een prettige ruimtelijke geleding van de rijwegen. Regels Representatieve zijden: de N504 en aan de rijweg
Extra aandacht: • Samenhangende inrichting tussen gebouw en terrein, en een groene terreininrichting. • Ontwikkel landschappelijke beplanting aan de zichtzijde van de N504. • Een haag in ieder geval aan de rijweg, op de overgang van privé naar openbaar. • De bedrijfsgebouwen hanteren aan de N504 dezelfde rechte rooilijn. • De rooilijn aan de N504 is minimaal voor 70% bebouwd. • Zorg voor een rustig beeld in de zone tussen de representatieve gevel en de N504. • Geen parkeren, opslag en andere objecten tussen de voorgevel
34
• •
en erfgrens aan de zijde van de N504. De gevelopeningen aan de N504 beslaan minimaal 60% van het geveloppervlak. De gevelopening aan de openbare ruimte beslaat minimaal 40% van het geveloppervlak.
Regels positie ontsluiting, opslag, fietsenstalling, installaties en andere mogelijke kleinere gebouwde elementen: • De ontsluiting voor auto’s, fietsers en voetgangers vindt plaats vanaf de rijweg. • Parkeren en logistieke bewegingen vinden plaats op eigen terrein. • Opslag, installaties, stalling, et cetera worden binnen het bouwvolume opgelost, doch in ieder geval in de zone achter de gevellijnen (binnen het bouwvlak) tussen de N504 en de rijweg. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte met een eenduidig vormgegeven (begroeid) scherm, afgestemd op de architectuur van het gebouw en op of achter de rooilijn. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte bij grotere bouwwerken en grotere kavels wordt dit gedaan (in combinatie) met een transparant bomenscherm op de rooilijn. Regels bouwvlak (afstand tot erfgrens): Achter-/zijkant aansluiting andere kavels: 2,50 m calamiteitenzone Aan rijweg weg: 12,0 m parkeerzone Zichtzijde: gebouwgevels dicht tegen de erfgrens op rechte rooilijn in verlengde van de bestaande gebouwen aan de N504. Regels bebouwingspercentage en hoogte: Percentage: min. 50% bebouwd Maximale bouwhoogte: 12,50 meter.
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Schematische weergavebouwregels voor de zichtkavels
Sweco - januari 2025
35
Diepsmeerwegkavels
De Diepsmeerwegkavels zijn meer kleinschalige kavels, vergelijkbaar met agrarische erven van het ruilverkavelingslandschap. Deze kavels hebben een tweezijdige ligging, enerzijds aan de Diepsmeerweg, de recreatieve fietsroute over het bedrijventerrein, en anderzijds aan een rijweg. De representatieve zijde van deze kavels ligt in ieder geval aan de Diepsmeerweg met een warme en open uitstraling en met accenten in de gevel. Op de Diepsmeerkavels kunnen naast bedrijven ook collectieve voorzieningen of dubbelbestemmingen worden ontwikkeld. Om tot een zekere detaillering te komen, wordt de architect uitgedaagd om in beide gevels voldoende gevelopeningen te maken en de gevel plasticiteit te geven. Aan de zijde van de Diepsmeerweg geldt geen afwijkingsbevoegdheid om een rustige gevellijn te ontwikkelen. Zorg gaat uit naar een rustig beeld langs de Diepsmeerweg door losse elementen tussen de bebouwing en de Diepsmeerweg niet toe te staan. Binnen het bedrijvenpark aan de rijweg is het wel mogelijk om het terrein te optimaliseren via de afwijkingsbevoegdheid en het aangezicht en aansluiting op het groenbeeld te versterken. Tussen de erfgrens en de gevel wordt daarbij groen aangebracht, aansluitend op het openbaar groen. Dit zet de groene uitstraling van het bedrijvenpark kracht bij en zorgt voor een prettige ruimtelijke geleding van de rijwegen.
Regels Representatieve zijden: de Diepsmeerweg en aan de rijweg
Extra aandacht: • Er geldt een lengte-breedte verhouding; de kavels zijn nooit breder dan dat ze diep zijn. • Samenhangende inrichting tussen gebouw en terrein, en een groene terreininrichting. • Een haag in ieder geval aan de rijweg, op de overgang van privé naar openbaar. • Zorg voor een rustig beeld in de zone tussen de representatieve gevel en de Diepsmeerweg. • Het gebouw staat op minimale korte afstand van de erfgrens aan de Diepsmeerweg, er worden geen andere objecten geplaatst tussen bouwwerk en erfgrens. • Een groene ruimte (gras, tuin/haag/bomen) tussen
36
•
• • • •
de gebouwgevel en de erfgrens aan de zijde van de Diepsmeerweg. Materiaalgebruik: in ieder geval van de gevels aan Diepsmeerweg: begroeid en/of biobased in combinatie met onbewerkte natuurlijke materialen zoals hout en glas. Architecten en ontwikkelende partijen worden aangemoedigd om het hele bouwwerk in deze materialen uit te voeren. De gevelopening aan de openbare ruimte beslaat minimaal 40% van het geveloppervlak. De gevelopeningen aan de Diepsmeerweg bestaan voor minimaal 60% uit glas. Gebouwen gelegen op een hoekkavel hebben een representatieve gevel aan beide van de zichtbare zijden aan de openbare ruimte. Voor een eventuele horecavoorzieningkan ook lichtbruine baksteen worden toegepast en is een zadeldak of lessenaarsdak toegestaan.
Regels positie ontsluiting, opslag, fietsenstalling, installaties en andere mogelijke kleinere gebouwde elementen: • De ontsluiting voor auto’s, fietsers en voetgangers vindt plaats vanaf de rijweg. • Parkeren en logistieke bewegingen vinden plaats op eigen terrein. • Opslag, installaties, stalling, etcetera worden binnen het bouwvolume opgelost, doch in ieder geval in de zone achter de gevellijnen (binnen het bouwvlak) tussen de Diepsmeerweg en de rijweg. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte met een eenduidig vormgegeven (begroeid) scherm, afgestemd op de architectuur van het gebouw en op of achter de rooilijn. Regels bouwvlak (afstand tot erfgrens): Achter-/zijkanten aansluiting andere kavels: 2,50 m calamiteitenzone Voorkant: 12,0 m parkeerzone Regels bebouwingspercentage en hoogte: Percentage: min. 50% bebouwd Maximale bouwhoogte: 10 meter.
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Schematische weergave bouwregels voor de Diepsmeerwegkavels
Sweco - januari 2025
37
Parkkavels
De parkkavels liggen met een zijde naar de rijweg en met de achterzijde naar het park. Op de randen naar het park wordt een aangenaam groenbeeld gecreëerd. De oriëntatie van de gebouwen is gericht op de rijweg. Gebouwen op de parkkavels hebben een representatieve, begroeide gevel met groen/bomen aan de rijweg als overgang naar het park. De gebouwentree bevindt zich idealiter in de gevel aan de rijweg. Het is van belang om samenhang te creëren tussen het gebouw en de terreininrichting. Om tot een zekere detaillering te komen langs de rijwegen wordt de architect uitgedaagd om in deze gevel voldoende gevelopeningen te maken. Dit kan bij gebouwentree’s en kantoordelen. Daarnaast kan de afwijkingsmogelijkheid worden gebruikt om geveldelen en entreepartijen 6 meter buiten de rooilijn te bouwen. Tussen de erfgrens en de gevel wordt daarbij groen aangebracht, aansluitend op het openbaar groen. Dit zet de groene uitstraling van het bedrijvenpark kracht bij en zorgt voor een prettige ruimtelijke geleding van de rijwegen. Regels Representatieve zijden: drijweg, fiets- en wandelpaden
Regels positie ontsluiting, opslag, fietsenstalling, installaties en andere mogelijke kleinere gebouwde elementen: • De ontsluiting voor auto’s, fietsers en voetgangers vindt plaats vanaf de rijweg. • Parkeren en logistieke bewegingen vinden plaats op eigen terrein. • Opslag, installaties, stalling, etcetera worden binnen het bouwvolume opgelost, doch in ieder geval in de zone achter de uiterste gevellijn (binnen het bouwvlak) of achter het gebouw als dit niet binnen het gebouw kan worden opgelost. • Afwerking zichtbare opslag vanaf de openbare ruimte met een eenduidig vormgegeven (begroeid) scherm, afgestemd op de architectuur van het gebouw en op of achter de rooilijn. Regels bouwvlak (afstand tot erfgrens): Achter-/zijkanten aansluiting andere kavels: 2,50 m calamiteitenzone Voorkant: 12,0 m parkeerzone Regels bebouwingspercentage en hoogte: Percentage: min. 50% bebouwd Maximale bouwhoogte: 10 meter.
Extra aandacht: • Samenhangende inrichting tussen gebouw en terrein, en een groene terreininrichting. Groen wordt als middel ingezet voor de (aangename) representatie aan de openbare ruimte. • Begroeide gevels (minimaal 30%) aan de rijweg. • Een haag in ieder geval aan de voorzijde van het terrein, op de overgang van privé naar openbaar. • Een haag of tuin met opgaande beplanting aan de zijde van wandelpaden. • Een singel op de erfgrens aansluitend op het Diepsmeerpark. • Evenwijdig aan de landschappelijke loper vindt groen aansluiting bij de natuurlijke uitstraling van daarvan. • De gevelopening aan de openbare ruimte beslaat minimaal 40% van het geveloppervlak. • Gebouwen gelegen op een hoekkavel hebben een representatieve gevel aan beide van de zichtbare zijden aan de openbare ruimte. • Er kan gebruik gemaakt worden van de afwijkingsbevoegdheid; maximaal 6 meter buiten de rooilijn van 12 meter over een gevellengte van minimaal 30% en maximaal 60%.
38
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Schematische weergave bouwregels voor de parkkavels
Sweco - januari 2025
39
Bijlage 2. Detaillering Draaiende delen en kozijnen
Draaiende delen en kozijnen worden zo uitgewerkt dat er eenduidige vlakken ontstaan die helder samengesteld zijn door een verdiepte ligging van minimaal 15 centimeter en bij roldeuren minimaal 30 centimeter. Contrasten tussen gevels en kozijnen worden voorkomen. Bij de kleurstelling zijn de volgende opties mogelijk: • • •
Aansluiten bij de kleurstelling van het hoofdvolume waarbinnen ze vallen. Aansluiten bij de ondersteunende kleur van het gevelvlak of uitsparing waarbinnen ze zijn opgenomen. Een gedempte kleur, zijnde: grijs, antraciet, zilver, metaal of houtkleurig.
Zelfde kleur als het volume
Opvangen binnen samenhangend versprongen vlak
Gedempte kleuren Ritmisch aanbrengen
Overhoeks doorgezet Eenduidige vlakken en uitstnijdingen
40
Voorbeelden van zijgevels
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Buitenzonwering
Het ontwerp van het gebouw draagt bij aan het beperken van de koel- en warmtebehoefte. In de zomer – bij hoogstaande zon – wordt warmtetoetreding zoveel mogelijk voorkomen. In de winter – bij laagstaande zon – wordt warmtetoetreding gestimuleerd. Dit kan door toepassen van bomen dat in de winter z’n blad verliest, groene gevels of door bouwkundige maatregelen zoals zonwering, lamellen en overstekken. Als mogelijk wordt groen gebruikt voor zonwering. Een lokaal bekende en veelgebruikte toepassing zijn leilindes aan de voorgevel van stolpen. Groen kan ook een aanvulling zijn op een zonwerende constructie (bijvoorbeeld klimplanten of plantenbakken). Dit geeft ook meer verkoeling.
Door middel van overstek
Als gekozen wordt voor zonwerende constructies, zijn deze integraal onderdeel zijn van de architectuur. Dit kan bijvoorbeeld door de zonwering onderdeel te maken van het (bewerkte) volume, in de vorm van een overstek of pergola, of door de zonwering als paneel voor de ramen te plaatsen. Mogelijkheden buitenzonwering • Als onderdeel van de groeninrichting. • Als onderdeel van volume (bv. pergola / scherm). • Door middel van overstek. • Direct op de raampartij (bv. luiken / lamellen of groene gevel).
Als onderdeel van volume
Als los element aansluitend op (ondersteunende) kleur en materiaal Referentiebeelden buitenzonwering
Voorbeelden van buitenzonwering
Sweco - januari 2025
41
Groene, natuurinclusieve gevels en daken
Groene gevels en groene daken leveren een bijdrage aan de biodiversiteit, klimaatadaptatie, en aan een aantrekkelijke uitstraling. Ook kan hiermee oriëntatie aan het gebouw gegeven worden. Groene daken zijn waardevol voor koeling, het vasthouden van water, en voor de biodiversiteit (daken lager dan 25 meter). Mogelijkheden zijn onder meer: • Daktuinen, vooral aantrekkelijk bij lagere daken waar kantoren of kantines op uitkijken. • Sedumdaken, vrij eenvoudig te onderhouden, algemeen toegepast en geschikt voor vrijwel alle platte daken, ook waar installaties aanwezig zijn.
Geveltuinsystemen
Voor het realiseren van groene gevels zijn diverse mogelijkheden: • (Klim)planten aan de gevel die in volle grond staan (kamperfoelie, Hedera, wilde wingerd, blauwe regen, etc.). • Grondwal met beplanting als bloemrijk gras en vaste planten. • Groene balkons en vides. • Meer geavanceerde groene gevels waarin planten in bakken of geveltuinsystemen aan de gevel zijn gehangen. Het heeft de voorkeur dat als gekozen wordt voor groene gevels de eventueel benodigde constructies of ingrepen (zoals staaldraden, rekken, plantbakken, pergola etc.) passend zijn bij de architectuur. Het toepassen van groen heeft ook een positief effect op dieren. Zo wordt leef- en foerageerruimte voor insecten, vogels en zoogdieren toegevoegd. Gebouwen geven ook de mogelijkheid voor vogels en insecten om een broed- of schuilgelegenheid te vinden. Dit kan door ingebouwde insectenhotels (insectenstenen, of houten elementen) en broed- en schuilplaatsen voor vogels (holle stenen of nestkasten). Deze elementen vormen details die mee-ontworpen zijn in de gevel.
42
Plantenbakken en groene balkons en vides
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Regenwater
Regenwater wordt zo veel als mogelijk vastgehouden en/of vertraagd afgevoerd, bijvoorbeeld door groene daken of door buffers op het terrein of ondergrondse buffering. • •
Deze maatregelen worden passend bij het gebouw of het terrein ingericht. Regenpijpen en - goten worden als onderdeel van de gevel mee-ontworpen (verholen) en niet los aan de gevel geplaatst.
Natuurinclusieve gevels (insecten hotels en nestkasten)
Klimplanten in constructies
Grondwal met beplanting
Klimplant aan gebouw
Constructies voor groen aan gevels
Sweco - januari 2025
43
44
Beeldkwaliteitsplan Breekland 2 - Oudkarspel
Colofon Opdrachtgever: Gemeente Dijk en Waard Parelhof 1 Postbus 390 1700 AJ Heerhugowaard tel. 14 072 www.dijkenwaard.nl
TITEL:
Beeldkwaliteitsplan
SUBTITEL:
Breekland 2 Oudkarspel
PROJECTNUMMER:
51023371
DOCUMENTNUMMER:
NL25-648800269-125181
VERSIE:
4
DATUM:
4 juni 2025
AUTEUR(S):
Durk de Vries, Adriaan Bicker en Dylan Avis
CONTACT:
SWECO NEDERLAND B.V. Kruseman van Eltenweg 1 1817 BC Alkmaar +31 88 811 66 00 www.sweco.nl
Sweco - januari 2025
45